Vastgesteld - RB Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Hardenberg 2026
Tekst van het document
Raadsbesluit
Verordening rechtspositie raads-
en
commissieleden Hardenberg
2026 Zaaknummer:
1145045
De raad van de gemeente Hardenberg ;
gelezen het voorstel van het presidium d. d. 13 januari 2026 ; gelet op de artikelen 95 , eerste en tweede lid , 96 , eerste en tweede lid , 98 , 99 en 147 van de Gemeentewet , de artikelen 3.1.7 , 3.1.9 , eerste lid , 3.3.2 , 3.3.3 , tweede lid , 3.3.8 , van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers ;
Besluit: Vast te stellen de volgende verordening:
Verordening Rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Hardenberg 2026 Artikel 1. Definitiebepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. commissielid: lid van een commissie , bedoeld in de artikelen 82 , 83 en 84 van de Gemeentewet dan wel plaatsvervangend lid ook wel genoemd schaduwfractielid , bedoeld in de Regeling oriënterende rondes , dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd ; b. griffier: de griffier , bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet ; c. raadslid: lid van de gemeenteraad ; d. besluit: Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers ; e. regeling: Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers. Artikel 2. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden 1. Voor reizen als bedoeld in artikel 3. 1 van de Regeling en artikel 3. 1. 7 van het Besluit worden aan een raads- of commissielid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer ; b. bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten , veerkosten en tolkosten. 2. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. 1 van 3
3. Als een raadslid of commissielid een functionele beperking heeft , kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld. 4. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen gemaakt voor de uitoefening van de functie ,
worden ten laste van de gemeente vergoed. Artikel 3. Verzekering raadsleden voor arbeidsongeschiktheid , ouderdom en overlijden 1. Het college van burgemeester en wethouders sluit ten behoeve van de raadsleden één of meer collectieve verzekeringen af , waarbij wordt voorzien in de opbouw van een ouderdomspensioen en in geldelijke voorzieningen bij arbeidsongeschiktheid en overlijden in overeenstemming met artikel 3.1.9 , eerste lid van het Besluit. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op een raadslid dat is benoemd in een plaats die is opengevallen als gevolg van tijdelijk ontslag van een raadslid wegens zwangerschap en bevalling of ziekte , op grond van artikel X12 van de Kieswet. Artikel 4. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raadsen commissieleden 1. Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3. 3. 3 van het Besluit , dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier. 2. Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. 3. De griffier beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken op voorwaarde dat hij van oordeel is dat de prijs/kwaliteitverhouding van de desbetreffende scholing redelijk is.
Bij twijfel legt hij de aanvraag voor aan de fractievoorzitters van alle in de raad vertegenwoordigde politieke fracties , die beslissen op basis van meerderheid van stemmen. Artikel 5. Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden 1. Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie door het college te bepalen informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld bedoeld in artikel 3. 3. 2 van het Besluit. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast. 2. Een raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Artikel 6. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel 1. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31 , eerste lid , onderdeel f , van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen , tegemoetkomingen en verstrekkingen , genoemd in artikel 3. 3. 8 van het Besluit. 2. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31 , eerste lid , onderdeel f , van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen , tegemoetkomingen en verstrekkingen , genoemd in deze verordening , voor zover deze worden gerekend tot een
2 van 3
vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld onderdelen
Artikel 7.
a tot
met
en
in artikel
h, van de Wet op de Loonbelasting
1964.
Betaling vaste vergoedingen
Tenzij het Besluit of de Regeling anders bepalen, vindt de betaling van
commissieleden, bedoeld
een
vergoeding per bijgewoonde vergadering.
Artikel 8. 1.
2.
in artikel 3.4.1
het Besluit
van
de
halfjaarlijks plaats
vergoeding inachtneming
met
van
Betaling en declaratie van onkosten
Tenzij het Besluit of de Regeling anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond in aanmerking komen plaats door: van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming a.
betaling
uit
gemeentelijke middelen, op basis van toegezonden factuur, of
b.
betaling
vooruit
Een
aanvraag
van
een
geldt 3.
31a, tweede lid,
om
eigen middelen. een vergoeding van de onkosten als bedoeld
wanneer
aan
de gemeente
uit
declaratieformulier
niet
rechtstreeks
een
de
Het declaratieformulier
en
bewijsstukken.
vergoeding en
de
een
Het vereiste
forfaitair
bedrag
om
in dit artikel
gaat vergezeld
bewijsstukken
te
overleggen
betreft.
bewijsstukken worden binnen één maand
factuurdatum
na
of
betaling door raads- of commissieleden ingediend bij de griffier. Artikel 9. De
Intrekking oude verordening
Verordening rechtspositie raads-
en
commissieleden gemeente
Hardenberg
2019 wordt
ingetrokken. Artikel 10.
Inwerkingtreding verordening treedt in werking
Deze
het Gemeenteblad
van
1 januari
waarin
ingang van de dag na de datum van publicatie deze verordening wordt geplaatst en werkt terug tot en met met
2026.
Artikel 11. Citeertitel Deze
verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Hardenberg 2026. Aldus
vastgesteld
3 februari
in de
openbare vergadering
van
de raad
van
de gemeente
Hardenberg
van
2026.
De
raad voornoemd,
de
griffier,
(geanonimise rd)
F.G.S. Droste
de voorzitter,
(geanonimiseerd) M.W.
Offinga
3 van
3
Toelichting grondslagen In dit document kunt u secties vinden die onleesbaar zijn gemaakt. Deze informatie is achterwege gelaten op basis van de Wet open overheid (Woo). De letter die hierbij is vermeld correspondeert met de bijbehorende grondslag in onderstaand overzicht.
J Art. 5.1 lid 2 sub e Het belang van de openbaarmaking van deze informatie weegt niet op tegen het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen