RV Besluiten Omgevingswet over omgevingsplan en omgevingsvergunning
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zaaknummer: Behandelaar: E-mail:
389921 Dries Doornweerd Dries.Doornweerd@hardenberg.nl
College:
17 oktober 2023
Raad:
12 december 2023
Onderwerp: Besluiten Omgevingswet over omgevingsplan en omgevingsvergunning WIJ STELLEN DE GEMEENTERAAD VOOR OM TE BESLUITEN: 1. over het aanvragen van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit: a. de raad als adviseur op te laten treden bij activiteiten die zijn opgenomen in bijlage A; b. bij activiteiten die zijn opgenomen in bijlage A, participatie van en overleg met derden verplicht te stellen, voordat een aanvraag waarvoor het college van burgemeester en wethouders bevoegd gezag is, kan worden ingediend; 2. over het omgevingsplan: a. de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders onder de voorwaarden zoals opgenomen in bijlage B; b. de bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders; c. te bepalen dat de raad geïnformeerd wordt over de genomen besluiten zoals genoemd onder 2a en 2b; 3. vast te stellen een coördinatiebesluit onder de voorwaarden zoals opgenomen in bijlage C; 4. te bepalen dat dit besluit in werking treedt op 1 januari 2024. Inleiding De Omgevingswet bundelt en moderniseert de wetten voor de leefomgeving. Hierbij gaat het onder meer om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur.
De Omgevingswet staat voor een goed evenwicht tussen benutten en beschermen van de leefomgeving. En het beoogt een samenhangende aanpak van de leefomgeving. Ruimte voor lokaal maatwerk en een betere en snellere besluitvorming. Deze wet treedt op 1 januari 2024 in werking. Voor de inwerkingtreding moet een aantal besluiten genomen worden om de overgang naar deze wet zo soepel mogelijk te laten verlopen. Uw raad is hierover eerder geïnformeerd tijdens een informatiebijeenkomst Omgevingswet op 3 oktober 2023. Dit voorstel heeft betrekking op de besluiten die samenhangen met: • een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit; • het omgevingsplan en een voorbereidingsbesluit; • de coördinatie van procedures van het omgevingsplan en van een aanvraag omgevingsvergunning. Vrijwel alle voorgestelde besluiten kennen een gelijkwaardige variant onder de huidige wetgeving. In die zin hebben ze een sterk technisch karakter.
1
Doelen Het vooruitlopen op de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Waarmee beoogt is de overgang naar de Omgevingswet zo soepel mogelijk te laten verlopen. De Omgevingswet zelf heeft als doel het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Argumenten De Omgevingswet bepaalt dat de gemeenteraad een omgevingsplan vaststelt. Een omgevingsplan is de opvolger van het bestemmingsplan, maar dan met een ruimere werking. Van dit omgevingsplan kan worden afgeweken met een omgevingsvergunning. De Omgevingswet noemt dit een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Het college van burgemeester en wethouders (hierna college) is bevoegd te besluiten over een omgevingsvergunningaanvraag, zoals nu ook het geval is. De wet geeft de gemeenteraad de mogelijkheid om te bepalen wanneer advies van de raad nodig is over dit soort vergunningaanvragen. Verder kan het college besluiten om voor deze specifieke vergunningaanvraag een langere proceduretijd toe te passen. Ook biedt de wet de gemeenteraad de mogelijkheid voor dit soort vergunningaanvragen gevallen aan te wijzen waarvoor participatie verplicht is. Wij lichten deze mogelijkheden als volgt toe.
1.a door advies te geven blijft uw raad betrokken De gemeenteraad kan bepalen dat hij advies geeft over een vergunningaanvraag voor het afwijken van het omgevingsplan. Daarvoor kan de raad gevallen van afwijkactiviteiten aanwijzen. Het advies hierover is bindend. Het college kan niet afwijken van het raadsadvies over de vergunningaanvraag. Deze mogelijkheid doet sterk denken aan de verklaring van geen bedenkingen (VVGB) door uw raad bij aanvragen omgevingsvergunningen onder het huidige recht. Bij deze VVGB hoort een lijst met categorieën van gevallen. Uw raad heeft de afgelopen jaren meerdere keren gebruik gemaakt van een VVGB. Voor het opstellen van een lijst met gevallen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, is gebruik gemaakt van de lijst die geldt voor de VVGB en van voorbeelden van de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten). De lijst treft u aan in bijlage A van het besluit. De genoemde gevallen zeggen niets over de haalbaarheid van een aanvraag. Ze geven alleen aan dat over deze activiteiten uw raad een advies uitbrengt. Een aanvraag kan ook betrekking hebben op een activiteit, waarvoor uw raad al beleid heeft vastgesteld. Bijvoorbeeld “Erven met Kwaliteit”. Voldoet een aanvraag aan dit beleid, dan hoeft een aanvraag niet meer voor advies aan uw raad te worden voorgelegd. Uw raad heeft immers de randvoorwaarden al aangegeven.
Deze mogelijkheid is opgenomen bij de verschillende activiteiten die zijn genoemd in bijlage A. 1.b uitgebreide procedure garandeert voldoende behandeltijd De Omgevingswet regelt dat op een aanvraag om een omgevingsvergunning de gewone procedure van toepassing is. Dat betekent een proceduretijd van 8 weken met een mogelijkheid tot verlenging. De wet biedt het college de mogelijkheid om op een vergunningaanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, de uitgebreide procedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht
2
toe te toepassen. Daarmee bedraagt de proceduretijd maximaal 26 weken. Momenteel is deze procedure van toepassing op vergunningaanvragen voor het afwijken van het bestemmingsplan. U zult begrijpen dat de adviesmogelijkheid van uw raad voor dit soort vergunningaanvragen, niet binnen 8 weken kan worden afgewikkeld. Daarom zal ons college bij een omgevingsvergunningaanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, waarover uw raad adviseert, de uitgebreide procedure toepassen. Die mogelijkheid biedt de wet. Daarmee kan uw raad tijdig en adequaat uw adviesrecht over vergunningaanvragen vorm geven binnen de gestelde proceduretijd. 1.c uw raad kan bepalen wanneer aanvrager derden moet betrekken Participatie is het in een vroegtijdig stadium betrekken van derden volgens de Omgevingswet. Deze wet bepaalt dat een aanvrager van een omgevingsvergunning zelf inschat of hij over de aanvraag participatie inzet. Een aanvrager kan dat dus ook niet doen en hoeft dat niet te motiveren, volgens de wetgever. Voor een omgevingsvergunningaanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit kan dat anders zijn. De wet geeft uw raad namelijk de mogelijkheid om gevallen van activiteiten aan te wijzen voor dit soort aanvragen, waarvoor participatie verplicht is. Voor deze mogelijkheid stellen wij u voor aan te sluiten bij de eerdergenoemde lijst met gevallen waarover uw raad bindend adviseert.
De meeste van deze gevallen hebben veelal betrekking op een aanzienlijke verandering in de fysieke leefomgeving, waar de omwonenden vaak iets van vinden. Op deze wijze krijgt uw raad over de aanvragen waarover u adviseert, ook zicht op hoe de omgeving tegen een aanvraag aankijkt. Voordat een initiatiefnemer een aanvraag indient, is hij verplicht met derden te overleggen. Bij het indienen van de aanvraag moet aanvrager aangeven wat hij aan participatie gedaan heeft en wat het resultaat daarvan is. De wet staat niet toe dat de gemeente regelt hoe dat moet plaatsvinden. Om aanvragers op weg te helpen, bieden wij een folder participatie “van plan naar aanvraag samen met de omgeving” aan. Deze treft u aan als bijlage D. 2. besluiten die samenhangen met het omgevingsplan Het omgevingsplan kan worden gezien als opvolger van het bestemmingsplan, maar dan met een ruimere werking. Uw raad is het bevoegde gezag dat een omgevingsplan en de wijzigingen daarvan vaststelt. Het instrument voorbereidingsbesluit komt terug in de Omgevingswet. Ook voor dit besluit is uw raad bevoegd. Voor beide besluiten biedt de Omgevingswet de mogelijkheid om deze over te dragen aan ons college. Wij lichten dit voor u toe. 2.a delegeren kleine aanpassingen om het omgevingsplan snel actueel te houden Het vaststellen van delen van het omgevingsplan kan uw raad delegeren aan ons college.
Wij stellen u voor van deze mogelijkheid onder voorwaarden gebruik te maken uit het oogpunt van efficiency en het slagvaardig actueel houden van het omgevingsplan. Het betreffen vooral technische aanpassingen van het omgevingsplan. Zoals het verplicht opnemen van omgevingsvergunningen in het omgevingsplan. Of om de wijzigingsbevoegdheid die ons college nu heeft op grond van bestemmingsplannen. De onderdelen waarop ons voorstel betrekking op heeft treft u aan in bijlage B van het besluit.
3
Wij stellen u daarom voor het vaststellen van delen van het omgevingsplan aan ons college te delegeren. Wanneer wij gebruik maken van deze bevoegdheid, informeren wij uw raad. 2.b delegeren voorbereidingsbesluit om snel te kunnen handelen Het voorbereidingsbesluit kent u. Deze keert terug in de Omgevingswet. Het is bedoeld om te voorkomen dat ongewenste ontwikkelingen het omgevingsplan doorkruisen. Vaak vraagt de toepassing van een voorbereidingsbesluit om een snelle inzet. In de periode daarna vindt de voorbereiding van een wijziging van het omgevingsplan plaats, waar uw raad het besluit over neemt. Wij stellen u voor de bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit aan ons college te delegeren. Ook in dit geval informeren wij uw raad wanneer wij gebruik maken van deze bevoegdheid. 3. coördineren van procedures omgevingsplan en omgevingsvergunning versnelt de behandeling De Wet ruimtelijke ordening maakt het mogelijk om een procedure voor een bestemmingsplan gelijk te laten lopen met een procedure voor een omgevingsvergunning. De regelgeving noemt dat coördineren. Uw raad heeft al eerder een coördinatiebesluit genomen. En deze mogelijkheid is diverse malen toegepast. Onder de Omgevingswet is deze coördinatiemogelijkheid geregeld in de Algemene wet bestuursrecht.
Omdat deze constructie een bijdrage levert aan een adequate realisatie van ruimtelijke ontwikkelingen, willen wij deze mogelijkheid voor gelijktijdige behandeling houden. Risico's en kanttekeningen Besluiten voorkomen vertragingen De voorstellen zijn gericht op efficiency-maatregelen. Het buiten gebruik laten van de wettelijke mogelijkheden, vertraagt veelal de beoogde ruimtelijke ontwikkeling voor aanvragers en belanghebbenden, maar ook voor de gemeente. Werelddoelen van de Verenigde Naties (SDG) Dit voorstel draagt bij aan de volgende werelddoelen: - Past niet bij de SDG-doelen Toelichting werelddoelen VN Dit technisch juridische voorstel past niet bij de SDG-doelen. De Omgevingswet zelf sluit wel daarbij aan en kent twee maatschappelijke doelstellingen: • De wet moet bijdragen aan het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. • De wet moet bijdragen aan het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving om maatschappelijke functies te vervullen Financiën Dit voorstel heeft geen financiële gevolgen. Verwerking persoonsgegevens Er worden geen persoonsgegevens gebruikt.
4
Communicatie Dit besluit wordt bekend gemaakt in het blad De Toren en in het Gemeenteblad. Uitvoering Het toepassen van dit besluit gebeurt nadat deze in werking is getreden.
Burgemeester en wethouders van de gemeente Hardenberg, Loco-secretaris,
Burgemeester,
J. Jonker
M.W. Offinga
Bijlagen - Bijlage A gevallen van activiteiten adviesrecht raad en verplichte participatie - Bijlage B voorwaarden delegatiebesluit Omgevingsplan - Bijlage C voorwaarden coördinatiebesluit Omgevingswet - Bijlage D folder participatie
5
Raadsbesluit Zaaknummer:
389921
Onderwerp: Besluiten Omgevingswet over omgevingsplan en omgevingsvergunning De raad van de gemeente Hardenberg; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 17 oktober 2023; gelet op de artikelen 2.8, 4.14, 16.15a, 16.55 van de Omgevingswet en artikel 3.21 van de Algemene wet bestuursrecht; Besluit: 1. over het aanvragen van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit: a. de raad als adviseur op te laten treden bij activiteiten die zijn opgenomen in bijlage A; b. bij activiteiten die zijn opgenomen in bijlage A, participatie van en overleg met derden verplicht te stellen, voordat een aanvraag waarvoor het college van burgemeester en wethouders bevoegd gezag is, kan worden ingediend; 2. over het omgevingsplan: a. de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders onder de voorwaarden zoals opgenomen in bijlage B; b. de bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders; c. te bepalen dat de raad geïnformeerd wordt over de genomen besluiten zoals genoemd onder 2a en 2b; 3. vast te stellen een coördinatiebesluit onder de voorwaarden zoals opgenomen in bijlage C; 4. te bepalen dat dit besluit in werking treedt op 1 januari 2024.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Hardenberg van 12 december 2023. De raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
F.G.S. Droste
M.W. Offinga 6