Ontslagbrief gemeenteraad H. Mensink-Vrieling
Tekst van het document
Heidi Mensink
-
Vrieling
Gemeenteraadslid
het CDA
voor
(geanonimiseerd) le (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (N i
(geanonimiseerd)
30 maart 2025
J
College
van
Gemeente
Burgemeester Hardenberg
Stephanuspark 7772
HZ
en
Wethouders
1
Hardenberg
Betreft:
Ontslag
Geacht
College van Burgemeester en Wethouders,
Met deze
als
gemeenteraadslid
brief wil ik
u
officieel
informeren
mijn
over
de
besluit
om
1 mei
2025
mijn
functie als
te leggen. Na gemeenteraadslid gemeente Hardenberg per zorgvuldige overweging heb ik besloten dat mijn persoonlijke situatie momenteel dusdanig veel aandacht vraagt, dat het niet langer haalbaar is om de benodigde tijd en energie te investeren in mijn politieke werk. Dit heeft geleid tot mijn besluit om mijn zetel in de gemeenteraad per 1 mei 2025 op te geven. van
Ruim
neer
7
jaar heb ik met veel interesse en inzet mijn bijdrage als CDA-raadslid binnen de gemeente Hardenberg geleverd. Ik ben dankbaar voor het vertrouwen dat ik heb gekregen van zowel de inwoners als mijn collega-raadsleden. Het was een eer om mijn gemeente te mogen vertegenwoordigen en bij te dragen aan de besluitvorming.
Graag
maak
ik van deze
Wethouders,
gelegenheid gebruik de medewerkers
het
College van Burgemeester
griffie gemeente als mijn tijd samenwerking gedurende gemeenteraadslid. Ik verzoek
de
en
om
mijn ontslag
de
in de
te
bedanken
en
voor
de
eerstvolgende raadsvergadering formeel te verwerken en alle nodige administratieve stappen te ondernemen. Indien nodig ben ik beschikbaar voor een persoonlijk gesprek om de formele afhandeling van mijn ontslag te u
vriendelijk
van
bespreken. Met
vriendelijke groet,
Heidi Mensink Gemeenteraadslid
voor
CDA, gemeente Hardenberg
Toelichting grondslagen In dit document kunt u secties vinden die onleesbaar zijn gemaakt. Deze informatie is achterwege gelaten op basis van de Wet open overheid (Woo). De letter die hierbij is vermeld correspondeert met de bijbehorende grondslag in onderstaand overzicht.
J Art. 5.1 lid 2 sub e Het belang van de openbaarmaking van deze informatie weegt niet op tegen het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen