CConstaterende datHardenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van Zienswijzen

gemeenteraad 2 juli 2024, gemeente HardenbergBij agendapunt: Verklaring van geen bedenkingen in het kader van de aanvraag omgevingsvergunning voor het ruimtelijk mogelijk maken van een inrichting voor het wassen van grind, de opslag hiervan en het verhandelen van zand en grind afkomstig van elders en het (om)bouwen van de installatie en voorzieningen die hiervoor nodig zijn op het perceel plaatselijk bekend Gemeente Hardenberg, kadastraal bekend Ambt-Hardenberg, sectie G, nummer 29624.093 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notitie zienswijzen

1 van 13

Overzicht gevolgde procedure Het ontwerpbesluit omgevingsvergunning voor het onderdeel: •

Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan (artikel 2.1, eerste lid onder c Wabo). Hiervoor is een ontwerp verklaring van géén bedenkingen verleend door de gemeenteraad van Hardenberg

Heeft vanaf 20 oktober 2022 gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Tijdens deze termijn kon iedereen schriftelijk dan wel mondeling zienswijzen naar voren brengen. De laatste dag van de termijn was 30 november 2022. Onderdeel van deze ter inzage ontwerpbeschikking was de door de raad van 13 september 2022 verleende ontwerp verklaring van geen bedenkingen.. Naar aanleiding van de zienswijzen en de beoordeling van de AIM-melding zijn er een aantal wijzigingen doorgevoerd in de diverse stukken, behorend bij de omgevingsvergunning en ten opzichte van de stukken, behorend bij de ontwerp verklaring van geen bedenkingen. Deze wijzigingen zijn van ondergeschikte aard, omdat de aard en de omvang van de wijzigingen ten opzichte van het ontwerpplan gering zijn. Tevens wijzigt de ruimtelijke uitstraling van de werkzaamheden die aangevraagd worden door deze wijzigingen niet. De aard en omvang van de werkzaamheden van het bedrijf blijven hetzelfde als de uitgangspunten die genomen zijn bij de ontwerp-omgevingsvergunning. Uit de aan de omgevingsvergunning ten grondslag liggende onderzoeken blijkt dat de aanvraag voldoet aan de diverse wettelijk geldende (milieu)eisen. Gelet hierop is de ruimtelijke onderbouwing ook geactualiseerd. De geactualiseerde ruimtelijke onderbouwing wordt als bijlage 1 bij deze Nota van Zienswijzen gevoegd. I.

Zienswijzen

Er zijn drie zienswijzen ontvangen. Vanwege de Wet bescherming persoonsgegevens worden de voor-en achternaam van de natuurlijke personen, niet zijnde gemachtigden die de zienswijzen hebben ingediend, weggelaten. De zienswijzen zijn ingediend door de volgende partijen: 1. Susan Schaap Advocatenkantoor namens een omwonende. Ingediend op 28 november 2022 en aangevuld bij brieven van 10 januari 2023 en 10 april 2023. 2. K3 namens de besloten vennootschap A.J. Slaat Zand &Grind B.V. (hierna: ‘Slaat’) 3. Boels Zanders Advocaten namens de voormalige eigenaren van het zand- en grindbedrijf aan de Sibculoseweg 102 te Sibculo. In deze nota zijn de zienswijzen geanonimiseerd samengevat en van een reactie voorzien. Daarbij is ook vermeld op welke onderdelen de betreffende zienswijzen aanleiding hebben gegeven tot het wijzigen van de ontwerpbeschikking dan wel de ruimtelijke onderbouwing en of de zienswijzen van invloed zijn op het afgeven van een definitieve VVGB. II.

Samenvatting zienswijzen Susan Schaap Advocatenkantoor namens een omwonende brengt de volgende zienswijzen naar voren: 2 van 13

1.

Op basis van een door Gedeputeerde Staten van Overijssel (hierna: ‘GS’) verleende ontgrondingenvergunnning bestaat de verplichting om op de locatie van de aanvraag een landschapsplan uit te voeren. De afgifte van de verklaring van geen bedenkingen zou haaks staan op de door GS verleende ontgrondingenvergunning. Dit standpunt is nader onderbouwd in de aanvullende zienswijze van 10 januari 2023

2.

Het nut en de noodzaak voor Slaat om zich te vestigen aan de plas (in een beoogd natuurgebied) is niet meer aanwezig. Het bedrijf mag immers geen gebruik maken van de plas en dat was nu juist de achtergrond van de illegale vestiging van het bedrijf. Het bedrijf past op een bedrijventerrein waarop bedrijvigheid categorie 3.2 is toegestaan. De gemeente beschikt over voldoende ruimte op deze terreinen om het bedrijf te verplaatsen.

3.

Aanvrager beschikt ten onrechte niet over een Wnb-vergunning en deze kan ook niet worden verleend. In de zienswijze van 10 april 2023 is dit standpunt nader onderbouwd. Indiener verzoekt in dit verband om verschillende voor de inrichting verleende milieuvergunningen in te trekken.

4.

Aanvrager beschikt ten onrechte niet over een omgevingsvergunning voor een milieuactiviteit. De milieuactiviteit hangt onlosmakelijk samen met de aangevraagde activiteit. Dit standpunt is nader onderbouwd met de aanvullende zienswijze van 10 januari 2023.

5.

De aanvraag is in strijd met de provinciale omgevingsverordening.

6.

De aanvraag is in strijd met gemeentelijk beleid.In de aanvullende zienswijze van 10 januari 2023 stelt indiener zich in dit kader op het standpunt dat de gemeente heeft ingestemd met het provinciaal Beleidskader Bouwgrondstoffen.

7.

Er is geen sprake van een bestaand legaal bedrijf.

8.

Er is sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De behoefte aan deze nieuwe stedelijke ontwikkeling is ten onrechte niet onderzocht. Dit standpunt is nader onderbouwd in de aanvullende zienswijze van 10 januari 2023.

9.

Vanwege de aangevraagde capaciteit van de inrichting is sprake van een grote lawaaimaker.

10.

De planologische inpassing van Slaat leidt voor wat betreft het aspect geluid niet tot een goed woon-en leefklimaat en een goede ruimtelijke ordening.

11.

Op basis van het door Slaat aangeleverde luchtkwaliteits-en stikstofdepositieonderzoek kan niet worden geconcludeerd dat de emissiebijdrage van Slaat voldoet aan de in de Wm gestelde grenswaarden voor NO2, PM10 en PM 2.5.

12.

Indiener verzoek om het ter plaatse vigerende bestemmingsplan aan te passen.

K3 brengt namens Slaat de volgende zienswijze naar voren: 3 van 13

13.

Slaat verzoekt om de termijn van voorschrift 4 van zes naar twaalf maanden te verlengen met als onderbouwing dat Slaat de grondwal wil realiseren door middel van hergebruik van gronden.

Boels Zanders Advocaten brengt namens de voormalige eigenaren van het zand-en grindbedrijf aan de Sibculoseweg 102 de volgende zienswijze naar voren: 14.

III.

Indieners geven aan dat de zienswijze op zich niet is gericht tegen de ontwerp omgevingsvergunning en voorschrift 4. Indieners vrezen dat de landschappelijke inrichting van het bedrijf niet gewaarborgd zou zijn, mocht de omgevingsvergunning vernietigd worden. Zij stellen voor om maatwerkvoorschriften te stellen o.b.v. de zorgplicht van artikel 2.1, eerste en vierde lid van het Abm. Het belang is erin gelegen dat de aanwijzing van GS van Overijssel dan komt te vervallen.

Reactie Susan Schaap Advocatenkantoor namens een omwonenden brengt de volgende zienswijzen naar voren: 1.

Op basis van een door Gedeputeerde Staten van Overijssel (hierna: ‘GS’) aan de voormalige eigenaren van het zand-en grindbedrijf aan de Sibculoseweg 102 verleende ontgrondingsvergunning bestaat de verplichting om op de locatie van de aanvraag een landschapsplan uit te voeren. De afgifte van de verklaring van geen bedenkingen zou haaks staan op de door GS verleende ontgrondingenvergunning. Dit standpunt is nader onderbouwd in de aanvullende zienswijze van 10 januari 2023 Reactie op onderdeel 1 In de zienswijze bedoelde ontgrondingsvergunning van 10 september 2007 hebben GS het volgende voorschrift opgenomen. :

Deze ontgrondingsvergunning zag voor een deel op het terrein waarop de onderhavige vergunningaanvraag ziet. Bij besluit van 27 januari 2022 hebben GS een aanwijzing aan de voormalige eigenaren van het zand-en grindbedrijf aan de Sibculoseweg 102 gegeven waarbij een begunstigingstermijn van zes maanden is aangehouden. Deze termijn is bij besluit van 30 juni 2022 verlengd. Bij besluit van 27 januari 2022 is de begunstigingstermijn gewijzigd met de volgende motivering: 4 van 13

Uit het besluit van 26 oktober 2022 wordt afgeleid dat GS de aanwijzing zal intrekken als de onderhavige vergunning wordt verleend. Nu, zoals uit het onderstaande zal blijken, er geen aanleiding is om de vergunning niet te verlenen, is er geen aanleiding om de zienswijze op dit punt gegrond te verklaren. 2.

Het nut en de noodzaak voor Slaat om zich te vestigen aan de plas (in een beoogd natuurgebied) is niet meer aanwezig. Het bedrijf zal immers geen gebruik maken van de plas en dat was nu juist de achtergrond van de illegale vestiging van het bedrijf. Het bedrijf past op een bedrijventerrein waarop bedrijvigheid categorie 3.2 is toegestaan. De gemeente beschikt over voldoende ruimte op deze terreinen om het bedrijf te verplaatsen. Reactie op onderdeel 2 Vooropgesteld wordt dat moet worden beslist op de aanvraag, zoals deze is ingediend en dus ook voor de locatie, zoals deze is ingediend. Dat volgt uit vaste rechtspraak. Indien een project op zichzelf voor ons aanvaardbaar is, kan het bestaan van alternatieven slechts dan tot het onthouden van medewerking nopen, indien op voorhand duidelijk is dat door verwezenlijking van de alternatieven een gelijkwaardig resultaat kan worden bereikt met aanmerkelijk minder bezwaren (vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 13 maart 2019, ECLI:NL:RVS:2019:787, onder 7.2). Uit die vaste rechtspraak blijkt ook dat het aan degene is die stelt dat er alternatieven zijn om deze alternatieven te benoemen en aannemelijk te maken dat op voorhand duidelijk is dat verwezenlijking van het alternatief een gelijkwaardig resultaat met aanmerkelijk minder bezwaren oplevert. Daarin is indiener niet geslaagd.

De enkele stelling dat de gemeente over voldoende ruimte op bedrijventerreinen zou beschikken waar Slaat zich zou kunnen vestigen, is daarvoor onvoldoende. 5 van 13

Bovendien miskent indiener dat Slaat wel degelijk gebruik maakt van de zandwinplas. Hierover is in de ruimtelijke onderbouwing het volgende opgenomen: ‘Er wordt geen proceswater vanuit de inrichting geloosd. Wel is er gedurende de tijd sprake van waterverlies (voornamelijk door verdamping uit het bezinkbassin en verlies bij het wassen). Periodiek is het daardoor nodig water uit de naastgelegen zandwinplas te onttrekken. Dit betreft kleine hoeveelheden, waarvoor geen watervergunning nodig is.’ Zie p. 5 ruimtelijke onderbouwing 8 april 2024

3.

Aanvrager beschikt ten onrechte niet over een Wnb-vergunning en deze kan ook niet worden verleend. In de zienswijze van 10 april 2023 is dit standpunt nader onderbouwd. Reactie op onderdeel 3 Slaat maakt gebruik van het zogenoemde intern salderen. Ten behoeve van de vergunningverlening heeft Slaat door K3 op basis van de thans voorgeschreven versie van AERIUS-calculator een nieuwe verschilberekening laten uitvoeren. Deze verschilberekening en de daarbij gevoegde notitie met de uitgangspunten d.d. 8 april 2024 wordt als bijlage 2 bij deze Nota van Zienswijzen gevoegd. Uit rechtspraak van de Afdeling volgt dat intern salderen niet vergunningplichtig is. Anders dan indiener stelt, is dan ook geen Wnb-vergunning benodigd. Dat betekent ook dat de natuuractiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder i van de Wabo in dit geval niet aanhaakt in de zin van artikel 2.2aa van het Bor, zoals Slaat ook stelt in de ruimtelijke onderbouwing. Naar aanleiding van de aanvullende zienswijze van indiener van 10 april 2023 zijn deskundigen van het advies & ingenieursbureau EcoGroen (hierna: ‘EcoGroen’)gevraagd om te reageren op deze aanvullende zienswijze. De deskundigen van EcoGroen hebben hun reactie gegeven in een memo van 16 mei 2023. Dit memo wordt als bijlage 3 bij deze Nota van Zienswijzen gevoegd.

Uit dit memo blijkt dat de ecologen van Ecogroen van mening zijn dat de zienswijze niet slaagt. Wel adviseren zij - zekerheidshalve - om het volgende na te gaan: ‘Zekerheidshalve wordt geadviseerd om te controleren of er voor de deellocatie gelegen binnen de gemeente Twenterand een omgevings- of natuurvergunning is verleend op basis van intern salderen waarbij de Hinderwetvergunning 1993 is gebruikt als referentiesituatie. Daarnaast wordt ook geadviseerd om te onderzoeken of de Hinderwetvergunning de enige vergunde situatie is voor de deellocatie gelegen binnen de gemeente Twenterand. Op deze manier kan eventueel dubbel gebruik van de bestaande rechten op basis van de Hinderwetvergunning 1993 worden vastgesteld of uitgesloten.’ 6 van 13

‘Geadviseerd wordt om zekerheidshalve te beoordelen of een nieuwe omgevings- of natuurvergunning nodig is om de gestopte activiteiten met betrekking tot het winnen van zand weer opnieuw op te starten of te hervatten. Wanneer een nieuwe omgevings- of natuurvergunning niet vereist is, is intern salderen volgens de rechtbank Oost-Brabant mogelijk. Wanneer een nieuwe omgevings- of natuurvergunning wél vereist is, is de volgende stap om te bepalen of voldaan kan worden aan de overige voorwaarden zoals gesteld in de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant. Naar onze inschatting is het aannemelijk dat de bestaande rechten op basis van de Hinderwetvergunning 1993 nog niet eerder passend zijn beoordeeld als bedoeld in artikel 6 lid 3 van de Habitatrichtlijn. Wanneer de afwijkende lijn van de rechtbank Oost-Brabant wordt aangehouden, dan is de kans is aanwezig dat slechts met de bestaande rechten op basis van de Hindwetvergunning gesaldeerd kan worden als onderbouwd wordt dat dit niet leidt tot significante gevolgen voor de instandhoudingsdoelen van omliggende Natura 2000-gebieden.’

Beide aspecten zijn gecontroleerd. Daaruit blijkt dat de Hinderwetvergunning uit 1993 de enige vergunde situatie is voor de deellocatie gelegen binnen de gemeente Twenterand. Daarnaast volgt de Afdeling de bedoelde uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant niet, zodat geen aanleiding is om de bedoelde beoordeling uit te voeren. Indiener verzoekt in dit verband nog om verschillende voor de inrichting verleende milieuvergunningen in te trekken. Hierover wordt opgemerkt dat indiener een dergelijk verzoek eerder heeft ingediend. Dit verzoek is afgewezen. Indiener heeft tegen het besluit tot afwijzing van dit verzoek bezwaar gemaakt. Het bezwaar is ongegrond verklaard. Tegen het besluit op bezwaar is beroep ingesteld. Het beroep is inmiddels gemotiveerd langs de lijn van de onderhavige zienswijze. Die motivering geeft geen aanleiding om hierover thans anders te oordelen. 4.

Aanvrager beschikt ten onrechte niet over een omgevingsvergunning voor een milieuactiviteit. De milieuactiviteit hangt onlosmakelijk samen met de aangevraagde activiteit. Dit standpunt is nader onderbouwd met de aanvullende zienswijze van 10 januari 2023. Reactie onderdeel 4 Indiener is van oordeel dat Slaat ook een omgevingsvergunning voor een milieuactiviteit had moeten aanvragen, omdat de door Slaat aangevraagde installatie - kort gezegd - technisch bezien - nog steeds in staat is om meer dan 100.000 ton grind per jaar te verwerken. Indiener had dezelfde argumenten aangevoerd in een bezwaarprocedure naar aanleiding van de afwijzing van een verzoek om handhavend op te treden wegens het inwerking hebben van een inrichting zonder omgevingsvergunning voor een milieuactiviteit. Uit bijgevoegd advies dat de Omgevingsdienst heeft opgesteld in het kader van deze bezwaarprocedure, blijkt dat de zienswijze ongegrond is en dat de inrichting onder het Activiteitenbesluit valt (bijlage 4). Het bezwaar is bij besluit van 16 mei 2023 ongegrond verklaard. Tegen het besluit op bezwaar is beroep ingesteld. Het 7 van 13

beroepschrift is inmiddels gemotiveerd. Die motivering geeft thans geen aanleiding om hierover anders te oordelen. Bovendien blijkt uit de telgegevens van het kalenderjaar 2023 dat de capaciteit onder de 100.000 ton grind per jaar blijft (bijlage 5). 5.

De aanvraag is in strijd met artikel 2.1.5 van de provinciale omgevingsverordening Reactie onderdeel 5 In de Omgevingsverordening Overijssel 2017 was het volgende bepaald: ‘In de toelichting op bestemmingsplannen wordt onderbouwd dat de nieuwe ontwikkelingen die het bestemmingsplan mogelijk maakt, bijdragen aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit conform de geldende gebiedskenmerken.’ Hoe de toets aan deze bepaling moet worden uitgevoerd is beschreven in de toelichting bij artikel 2.1.5 van de Omgevingsverordening Overijssel 2017. Op de in die toelichting omschreven wijze is in par. 4.2 van de ruimtelijke onderbouwing gemotiveerd dat de aanvraag in overeenstemming is met het provinciaal beleid en daarmee met artikel 2.1.5 van Omgevingsverordening Overijssel 2017. Daaruit volgt ook dat, anders dan indiener in de zienswijze stelt, de aangevraagde aanplant van een houtwal op een grondwal goed past in de ambities voor het agrarisch cultuurlandschap, omdat hiermee het contrast tussen de grote open ruimtes en de verdichte zones wordt versterkt. Ook volgt daaruit dat is onderkend dat Donkerte een belangrijke kwaliteit is van de omgeving van het plangebied. Door een terughoudende omgang met verlichting (en gerichte verlichting) en het concentreren van de werkzaamheden overdag heeft het initiatief geen negatieve impact op deze gebiedskwaliteit.

Het voorgaande volgt ook uit het Ruimtelijk Kwaliteitsplan, dat als bijlage 4 bij de ontwerpvergunning ter inzage is gelegd. Tot slot wordt opgemerkt dat de provincie geen opmerkingen over de door indiener gestelde strijdigheid heeft gemaakt naar aanleiding van de terinzagelegging van de ontwerpvergunning.

6.

De aanvraag is in strijd met gemeentelijk beleid. In de aanvullende zienswijze van 10 januari 2023 stelt indiener zich in dit kader op het standpunt dat de gemeente heeft ingestemd met het provinciaal Beleidskader Bouwgrondstoffen. Reactie onderdeel 6 In de ruimtelijke onderbouwing is ingegaan op de verhouding van de aanvraag tot Omgevingsvisie Landstad Hardenberg. Wij verwijzen naar par. 4.3.4 van de ruimtelijke onderbouwing. Daaruit blijkt dat de aanvraag in overeenstemming is met de Omgevingsvisie Landstad Hardenberg. 8 van 13

Een instemming van de gemeente met het provinciaal Beleidskader Bouwgrondstoffen doet daar niet aan af. De raad heeft te beslissen op de aanvraag die voorligt en is van oordeel dat er geen strijd is met de goede ruimtelijke ordening. Daarbij is het belang van Slaat bij voortzetting van het bedrijf betrokken en dat belang vergt dat - zonodig - wordt afgeweken van het provinciaal Beleidskader Bouwgrondstoffen. Hierbij merkt de raad op dat van de zijde van de provincie juist kan worden ingestemd met inwilliging van de aanvraag. 7.

Er is geen sprake van een bestaand legaal bedrijf Reactie onderdeel 7 Het is juist dat geen sprake is van een planologisch legaal bedrijf. De aanvraag dient er immers voor om de strijdigheid met het bestemmingsplan planologisch in te passen. Slaat is, anders dan indiener stelt, wel een bestaand bedrijf. Het bedrijf is immers in werking. Er is op dit punt, anders indiener stelt, dus geen strijd met de Omgevingsvisie Landstad Hardenberg.

8.

Er is sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De behoefte aan deze nieuwe stedelijke ontwikkeling is ten onrechte niet onderzocht. Dit standpunt is nader onderbouwd in de aanvullende zienswijze van 10 januari 2023. Reactie onderdeel 8 In de ruimtelijke onderbouwing is gemotiveerd dat geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, omdat de aanvraag slechts een beperkte functiewijziging inhoudt. Gelet op de aard en omvang van de functiewijziging, valt deze functiewijziging niet aan te merken als een nieuwe stedelijke ontwikkeling.

9.

Vanwege de aangevraagde capaciteit van de inrichting is sprake van een grote lawaaimaker. Reactie onderdeel 9 Zie reactie onderdeel 4.

10.

De planologische inpassing van Slaat leidt voor wat betreft het aspect geluid niet tot een goed woon-en leefklimaat en een goede ruimtelijke ordening. Indiener heeft ter onderbouwing van dit standpunt een rapport van Buro Tideman overgelegd. Reactie onderdeel 10 Mede naar aanleiding van deze zienswijze heeft Slaat aan geluidsdeskundigen van Witteveen + Bos gevraagd om hierover te rapporteren. Slaat heeft bij ons een rapport d.d. 1 december 2023 ingediend. In dit rapport wordt geconcludeerd dat uit berekeningen blijkt dat na het treffen van maatregelen door Slaat wordt voldaan aan de richtwaarden van de Handreiking Industrielawaai. Dit rapport wordt als bijlage 6 bij deze Nota van Zienswijzen gevoegd.

9 van 13

Van belang is dat bij de woning van indiener voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau een richtwaarde van 45 dB(A) in de dagperiode en is 39 dB(A) berekend. Voordat er maatregelen werden getroffen werden overschrijdingen berekend van maximaal 5dB(A). Voor indiener is dat dus een verbetering. Voor wat betreft het maximale geluidsniveau per etmaalperiode is voor indiener berekend dat wordt voldaan aan de streefwaarde. De maximale geluidsniveaus zijn bovendien ruimschoots lager dan de maximaal vergunbare 70dB(A) De geluidsniveaus ten gevolge van indirecte hinder zijn ruimschoots lager dan de voorkeursgrenswaarde. Tweemaal per jaar is er een incidentele bedrijfssituatie. De geluidsniveaus in de omgeving zijn dan 1 tot 2 dB(A) hoger. Gezien de beperkte toename en frequentie vinden wij dat het woon-en leefklimaat van onder meer indiener daardoor niet onevenredig wordt aangetast. 11.

Op basis van het door Slaat aangeleverde luchtkwaliteits-en stikstofdepositieonderzoek kan niet worden geconcludeerd dat de emissiebijdrage van Slaat voldoet aan de in de Wm gestelde grenswaarden voor NO2, PM10 en PM 2.5. Reactie onderdeel 11 Naar aanleiding van deze zienswijze heeft aanvrager deskundigen van Witteveen+ Bos een nieuw rapport d.d. 3 februari 2023 laten opstellen met daarbij gevoegd een concept beantwoording van de zienswijzen (zie bijlage 7 bij deze Nota van Zienswijzen). Dit rapport is beoordeeld door de ODIJ. Dit heeft geleid tot het indienen van een nieuw rapport door de aanvrager d.d. 28 juni 2023 (zie bijlage 8 bij deze Nota van Zienswijzen). Dit nieuwe rapport is beoordeeld door de ODIJ en Antea. In bijgevoegd memo van 22 augustus 2023 komen de ODIJ en Antea tot de conclusie dat kan worden voldaan aan de grenswaarden voor NO2, PM10 en PM 2.5 uit de Wet milieubeheer (zie bijlage 9 bij deze Nota van Zienswijzen). Het rapport van 28 juni 2023 wordt daarom aan de omgevingsvergunning ten grondslag gelegd. De ruimtelijke onderbouwing is op dat punt ook aangepast.

12. Indiener doet een verzoek tot aanpassing van het bestemmingsplan. Reactie onderdeel 12 Het verzoek tot aanpassing van het bestemmingsplan is apart in behandeling genomen, omdat niet duidelijk was of indiener had bedoeld een aanvraag in te dienen bij de raad tot herziening van het bestemmingsplan, of dat hij had bedoeld een aanvraag in te dienen bij het college tot gebruikmaking van de wijzigingsbevoegdheid. Dit verzoek is inmiddels ingetrokken. K3 brengt namens Slaat de volgende zienswijze naar voren:

10 van 13

13. Slaat verzoekt om de termijn van voorschrift 4 van zes naar twaalf maanden te verlengen met als onderbouwing dat Slaat de grondwal wil realiseren door middel van hergebruik van gronden. Reactie onderdeel 13 Op zich wordt er door de gemeente in zijn algemeenheid welwillend tegen het duurzaam hergebruik van grond aangekeken. Toch is er geen aanleiding om het verzoek van Slaat in te willigen. Daarbij is afgewogen dat, zoals Slaat ook in de aanvraag heeft uiteengezet (zie de ruimtelijke onderbouwing en het ruimtelijk kwaliteitsplan), de grondwal dient om het plan ruimtelijk in te kunnen passen. De ruimtelijke kwaliteit (ecologie en voorkomen verstorende werking voor de omgeving) van het landschap wordt versterkt en de bedrijfsactiviteiten worden zo goed mogelijk ingepast. Zonder grondwal is het bedrijf zichtbaar voor bewoners van een aantal woningen die aan de overkant van de plas zijn gelegen en zonder grondwal zijn de bedrijfsactiviteiten beter hoorbaar. Die situatie doet zich al geruime tijd voor. Het belang van de omwonenden om op korte termijn een einde te maken aan deze reeds lang bestaande situatie wordt zwaarder gewogen dan het belang bij het duurzaam hergebruik van grond. Om die reden wordt het verzoek van Slaat om de termijn van voorschrift 4 van zes naar twaalf maanden te verlengen afgewezen.

Boels Zanders Advocaten brengt namens de voormalige eigenaren van het zand-en grindbedrijf aan de Sibculoseweg 102 de volgende zienswijze naar voren: 14. Indieners geven aan dat de zienswijze op zich niet is gericht tegen de ontwerp omgevingsvergunning en voorschrift 4. Indieners vrezen vooral voor vernietiging van de omgevingsvergunning (inclusief voorschrift 4). De landschappelijke inrichting van het bedrijf zou dan niet zijn geborgd. Zij stellen voor om maatwerkvoorschriften te stellen o.b.v. de zorgplicht van artikel 2.1, eerste en vierde lid van het Abm. Het belang is erin gelegen dat de aanwijzing van GS van Overijssel dan komt te vervallen. Reactie onderdeel 14 Geconstateerd wordt dat de zienswijze er niet op is gericht om de vergunning niet te verlenen. Desondanks wordt hierover het volgende opgemerkt. Zoals onder onderdeel 1 is besproken, wordt uit het besluit van 26 oktober 2022 afgeleid dat GS de aan indieners gegeven aanwijzing zullen intrekken als de onderhavige vergunning wordt verleend. Indieners hoeven dan geen gevolg meer te geven aan de aanwijzing. Ook strekt de genoemde zorgplicht niet zover dat op basis daarvan een landschappelijke inpassing als maatwerkvoorschrift kan worden opgelegd. IV.

Conclusie 11 van 13

1.1.

De door Susan Schaap Advocatenkantoor namens de omwonende ingediende zienswijze en de door Slaat ingediende wijzigingen geven aanleiding om volgende stukken, die onderdeel uitmaakten van het ontwerpbesluit, aan te passen/aan te vullen: •

bijlage 0

Overzicht bijlagen d.d. 3 april 2024

•

bijlage 3

Ruimtelijke onderbouwing d.d. 23 mei 2024

•

bijlage 5

Akoestisch onderzoek d.d. 1 december 2024

•

bijlage 7

Luchtkwaliteitsonderzoek d.d. 28 juni 2023

•

bijlage 11

Niet-technische samenvatting d.d. 5 december 2023

•

bijlage 12

Inrichtingstekening (kleur) d.d. 20 november 2023

•

bijlage 18a

technische tekening overzicht (kleur) d.d. 20 november 2023

•

bijlage 18I

Technische tekening loods (kleur) d.d. 20 november 2023

•

bijlage 25

Stikstofnotitie d.d. 8 april 2024

•

bijlage 28

Briefrapport Grondwaterkwaliteit d.d 24 november 2023

•

bijlage 29

Overzicht bodem Slaat d.d. 15 februari 2024

•

bijlage 30

Processchema waterstromen d.d. 6 december 2024

Dit is ook gemotiveerd in de omgevingsvergunning. De zienswijze geeft geen aanleiding om de verklaring van geen bedenkingen te weigeren. 1.2.

De overige zienswijzen geven geen aanleiding om aanpassingen door te voeren dan wel de verklaring van geen bedenkingen te weigeren.

1.3.

Bij deze Nota van Zienswijzen worden de volgende bijlagen gevoegd: Bijlage 1: Ruimtelijke onderbouwing d.d. 23 mei 2024 Bijlage 2: Memo van met verschilberekening d.d. 8 april 2024 Bijlage 3: Memo 16 mei 2023 EcoGroen Bijlage 4: Advies Omgevingsdienst d.d. 24 april 2023 Bijlage 5: Telgegevens kalenderjaar 2023 Bijlage 6: Rapport Witteveen + Bos d.d. 1 december 2023 Bijlage 7: Rapport Witteveen + Bos d.d. 3 februari 2023 12 van 13

Bijlage 8: Rapport Witteveen + Bos d.d. 28 juni 2023 Bijlage 9: Memo ODIJ em Antea d.d. 22 augustus 2023

13 van 13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14212127/2