CConstaterende datHardenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

Motivering en Regels TAM-omgevingsplan Langewijk 148 Dedemsvaart (geanonimiseerd)

gemeenteraad 13 januari 2026, gemeente HardenbergBij agendapunt: Vaststelling wijziging omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart (bouw 5 woningen)24.915 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

89 alinea's met “omgevingsplan”: 1 5 30 61 63 65 68 73 74 78 82 83 93 95 99 101 102 106 118 130 134 149 153 172 194 203 209 215 216 217 224 230 246 251 273 282 295 311 315 318 …

TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart

Inhoudsopgave

Raadsbesluit Motivering

5 7

Hoofdstuk 1 Inleiding Aanleiding 1. 1 Ligging van het plangebied 1. 2 Het omgevingsplan 1. 3 De bij het besluit horende stukken 1. 4 Leeswijzer 1. 5

8 8 8 9 10 11

Wijziging van de fysieke leefomgeving Hoofdstuk 2 Huidige situatie 2. 1 Toekomstige situatie 2. 2

12 12 13

Beleidskader Hoofdstuk 3 Rijksbeleid 3. 1 Provinciaal beleid 3. 2 3. 3 Gemeentelijk beleid

15 15 17 23

Bescherming van gezondheid en milieu Hoofdstuk 4 4. 1 Geluid 4. 2 Bodemkwaliteit 4. 3 Luchtkwaliteit 4. 4 Geur

28 28 31 32 33 34

4. 5

Trillingen

Bescherming van de waterbelangen (watertoets) Hoofdstuk 5 5. 1 Algemeen 5. 2 Waterparagraaf 5. 3 Conclusie

36 36 36 39

Waarborgen van de veiligheid (externe veiligheid) Hoofdstuk 6 Wettelijk kader 6. 1 6. 2 Situatie plangebied 6. 3 Conclusie

40 40 41 42

Hoofdstuk 7

Bescherming van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed 7. 1 Cultureel erfgoed 7. 2 Ladder voor duurzame verstedelijking 7. 3 Welstand Natuurbescherming Hoofdstuk 8 Wettelijk kader 8. 1 8. 2 Situatie plangebied 8. 3 Conclusie

Hoofdstuk 9

43 43 45

46 47 47

48 51

Behouden van de staat en werking van infrastructuur en

voorzieningen Beperkingengebieden 9. 1 Kabels en leidingen 9. 2

52 52 52

Hoofdstuk 10 Milieueffectrapportage Wettelijk kader 10. 1 10. 2 Situatie plangebied 10. 3 Conclusie

53 53 53

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 2

54

Hoofdstuk 11 Uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid 11. 1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 11. 2

55 55 55

Hoofdstuk 12

57

Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8

Evenwichtige toedeling van functies aan locaties Akoestisch onderzoek wegverkeerlawaai Verkennend bodemonderzoek Watertoets Onderzoek externe veiligheid

QS flora & fauna AERIUS-berekening Vleermuis- en steenmarteronderzoek Participatielogboek

Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2 Artikel 3

59 60 113 172 178 192 246 280 290 299

Algemene bepalingen Begripsbepalingen Meet- en rekenbepalingen Toepassingsbereik Doelen

300 300 301 302 303

Artikel 5

Functies en activiteiten Woongebied

304 304

Hoofdstuk 3 Artikel 6

Gebiedsaanduidingen Overige zone - afwijkende waarde geluid

308 308

Hoofdstuk 4 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10

Algemene regels Parkeeractiviteiten Planologische gebruiksactiviteiten Ruimtelijke bouwactiviteiten Verrichten van werken en werkzaamheden

309 309 311 312 314

Hoofdstuk 5 Artikel 11

Procesregels Algemene bepalingen

315 315

Hoofdstuk 6 Artikel 12 Artikel 13

Overgangsrecht- en slotbepalingen Overgangsrecht Slotregel

317 317 319

Artikel 4

Hoofdstuk 2

Bijlagen bij de regels Bijlage 1 Bijlage 2

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 3

321 322 325

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 4

Raadsbesluit

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 5

Dummy vaststellingsbesluit

Motivering

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 7

Hoofdstuk 1 1. 1

Inleiding

Aanleiding

Aan de Langewijk 148 t/m 148a en Oude Zuidwolderstraat ong. in Dedemsvaart is een voormalig uitvaartcentrum met bedrijfswoning aanwezig. De initiatiefnemer heeft deze locatie gekocht en is van plan deze te herontwikkelen. Hierbij is het de bedoeling om het uitvaartcentrum te slopen en daarna vijf rijwoningen te bouwen. De voormalige dienstwoning blijft behouden en wordt omgezet naar een reguliere woning.

Op grond van het omgevingsplan van de gemeente Hardenberg is de voorgenomen ontwikkeling niet mogelijk. Dit komt doordat binnen de huidige maatschappelijke functie geen reguliere woningen toegestaan zijn. Voor het mogelijk maken van deze ontwikkeling is derhalve een omgevingsplanwijziging noodzakelijk. Voorliggend plan voorziet in de

benodigde omgevingsplanwijziging.

1. 2

Ligging van het plangebied

Ligging Het plangebied staat kadastraal bekend als gemeente Avereest sectie H en perceelnummer 2934. In figuur 1. 1 is de globale ligging (rode ster) van het plangebied ten opzichte van Dedemsvaart opgenomen. ,

Figuur 1. 1: globale ligging plangebied (bron: PDOK) Begrenzing TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 8

In figuur 1. 2 is een luchtfoto opgenomen waarop de begrenzing van het plangebied in het blauw wordt weergegeven. Aan de noord- en oostzijde wordt het plangebied begrensd door bestaande woningen. Aan de zuidzijde wordt het plangebied begrensd door de Langewijk en aan de westzijde door de Oude Zuidwolderstraat. ,

Figuur 1. 2: begrenzing plangebied (bron: Kadastrale kaart)

1. 3

Het omgevingsplan

Huidige planologische situatie Het plangebied ligt binnen de begrenzing van het omgevingsplan van de gemeente Hardenberg. Op te merken is dat er diverse tijdelijke onderdelen van toepassing zijn op het plangebied. Voor wat betreft de planologische mogelijkheden binnen het plangebied dienen de tijdelijke onderdelen 'Bestemmingsplan Dedemsvaart' en 'Bestemmingsplan Dedemsvaart (herziening)' te worden geraadpleegd. Daarnaast is het tijdelijke onderdeel 'Facetherziening parkeren Hardenberg' relevant voor het plangebied aangezien hierin parkeerregelgeving opgenomen is. ,

In figuur 1. 3 is de geldende plankaart opgenomen waarop het plangebied globaal aangegeven is met een paarse druppel. De functie 'Maatschappelijk' is op het plangebied van toepassing. Daarnaast geldt de functieaanduiding 'uitvaartcentrum'. Hiermee zijn de gronden binnen het plangebied hoofdzakelijk bedoeld voor religie verenigingsleven cultuur onderwijs opvoeding recreatie gezondheidszorg bejaardenzorg dienstverlening alsook ondergeschikte horeca het wonen in bestaande dienstwoningen en tevens voor een uitvaartcentrum. ,

,

,

,

,

,

,

,

,

Strijdigheid Binnen de huidige functie zijn er geen reguliere woningen toegestaan. Hierdoor zijn zowel de bouw als gebruik van de beoogde woningen in strijd met het omgevingsplan van de gemeente Hardenberg. Ook het regulier bewonen van de bestaande bedrijfswoning is niet toegestaan en is in strijd met het omgevingsplan. TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 9

,

Door middel van het voorliggende TAM-omgevingsplan wordt een passende set juridische regels voor het plangebied opgesteld om de beoogde woningen mogelijk te maken. TAM staat voor Tijdelijke Alternatieve Maatregel. In afwachting van het volledig functioneren van de landelijke website en de gemeentelijke omgevingsplansoftware kunnen plannen op basis van de oude software op www. ruimtelijkeplannen. nl worden gezet. Juridisch maakt het plan deel uit van het omgevingsplan. ,

Figuur 1. 3: uitsnede geldende plankaart (bron: Omgevingsloket Regels op de kaart) ,

1. 4

De bij het besluit horende stukken

Het onderhavige TAM-IMRO omgevingsplan 'TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart' bestaat naast deze motivering uit de volgende stukken. bijlagen bij de motivering; regels; bijlagen bij de regels; verbeelding (identificatie NL. IMRO. 0160. 0000TAM0031-VG01). ,

,

Op de verbeelding zijn de functies van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een motivering. De motivering geeft een duidelijk beeld van het TAM-omgevingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het TAM-omgevingsplan. ,

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 10

1. 5

Leeswijzer

Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 ingegaan op de huidige en gewenste situatie. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het beleidskader. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de bescherming van de gezondheid en het milieu. Hoofdstuk 5 gaat in op de waterbelangen waarna hoofdstuk 6 ingaat op het waarborgen van de veiligheid waaronder externe veiligheid. Hoofdstuk 7 gaat in op de bescherming van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed. De bescherming van de natuur komt in hoofdstuk 8 aan bod. Hoofdstuk 9 gaat in op het behoud van de staat en werking van infrastructuur en voorzieningen. In hoofdstuk 10 wordt de milieueffectrapportage behandeld. Hoofdstuk 11 gaat in op de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid. Ten slotte wordt in hoofdstuk 12 de algemene conclusie getrokken waarin wordt beoordeeld of het plan voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. ,

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 11

Hoofdstuk 2 2. 1

Wijziging van de fysieke leefomgeving

Huidige situatie

In de huidige situatie van het plangebied is er nog bebouwing aanwezig behorende bij een voormalig uitvaartcentrum. Dit uitvaartcentrum was van de Coöperatie Dela die meerdere vestigingen heeft in Nederland. Bij de bedrijfswoning is een tuin met beplanting aanwezig. Verder is op enkele struiken na het plangebied geheel verhard met bestrating en bebouwing. ,

De ontsluiting van het verkeer van en naar het plangebied vindt hoofdzakelijk plaats op de Langewijk. Dit is een weg waar er 50 km/u op gereden mag worden. Deze weg is verbonden met de Oude Zuidwolderstraat en het plangebied. De Oude Zuidwolderstraat is een doodlopende weg en heeft een snelheidsregime van 30 km/u. De onderlinge afstand tussen het plangebied en de locatie waar de N377 opgereden kan worden bedraagt circa 280 meter. Deze weg is in verbinding met andere kernen binnen de gemeente en kan via de Langewijk eenvoudig en snel worden bereikt. ,

In de nabije omgeving van het plangebied zijn meerdere voorzieningen aanwezig zoals een supermarkt snackbar diverse winkels en kantoren. Ook zijn er meerdere woningen aanwezig. Eind 2023 is aan de overzijde van de Oude Zuidwolderstraat (zie westzijde van het plangebied) een woningbouwplan planologisch mogelijk gemaakt in plaats van het voormalige bouwcentrum. Het plan is echter nog niet uitgevoerd. ,

,

,

,

In figuur 2. 2 wordt het plangebied weergegeven door middel van een vogelvlucht foto. In figuur 2. 3 wordt een zijaanzicht op het plangebied weergegeven vanaf de Langewijk.

Figuur 2. 2: vogelvlucht foto plangebied (bron: Cyclomedia)

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 12

Figuur 2. 3: zijaanzicht op het plangebied vanaf de Langewijk (bron: Cyclomedia)

2. 2

Toekomstige situatie

In de toekomstige situatie van het plangebied wordt het uitvaartcentrum gesloopt en de parkeerplaatsen verwijderd. Aangezien het uitvaartcentrum wordt gesloopt is een bedrijfswoning niet meer nodig. De bestaande bedrijfswoning wordt daarom omgezet naar een reguliere woning. Gezien deze passende vervolgfunctie wordt leegstand en verval van het pand voorkomen. Bovendien wordt gezorgd voor doorstroom aangezien de woning bewoond kan worden door derden. ,

,

Nadat het uitvaartcentrum gesloopt is en de parkeerplaatsen verwijderd zijn zullen er vijf rijwoningen worden gerealiseerd met bijbehorende parkeerplaatsen en groenvoorzieningen. De woningen zullen worden aangesloten op het bestaande stedenbouwkundige structuur en vormt daarmee een mooie aanvulling op het woningbouwplan tegenover het plangebied. ,

De beoogde woningen krijgen een gebruiksoppervlak van circa 80 m² per woning. Op de verdieping komen twee ruime slaapkamers een badkamer en een vrij indeelbare zolder. Hiermee zijn de woningen zeer geschikt voor zowel starters als jonge gezinnen. ,

De prijzen van de woningen liggen nog niet vast dit hangt af van prijs- en marktontwikkelingen. Echter is het de bedoeling dat de woningen voor starters en jonge gezinnen een aantrekkelijke en een betaalbare prijs krijgen. Door o. a. de woningen standaard op te leveren met een keuken en sanitair kan hieraan worden bijgedragen. ,

Verder worden de woningen minimaal ontwikkeld conform de BENG-eisen (Bijna Energie Neutrale Gebouwen). Dit betekent dat de woningen aan de meest actuele duurzaamheidsnormen zullen voldoen waaronder gasloos. Omdat de woningen gasloos gebouwd zullen worden zullen voor het opwekken van energie voor het opwarmen van de woningen en het verwarmen van tapwater in de woningen er zonnepanelen en een warmtepomp geplaatst worden. ,

,

Verder krijgen de nieuwe woningen een maximale bouwhoogte van circa 92 meter en een maximale goothoogte van circa 4 meter. Naast de woningen wordt een parkeerterrein met zeven parkeerplaatsen aangelegd. Dit parkeerterrein zal net als in de huidige situatie via de Oude Zuidwolderstraat bereikbaar zijn. De parkeerplaatsen worden aangelegd door middel van grasbetontegels. Hiermee kan het hemelwater beter worden geïnfiltreerd. In figuur 2. 4 is ,

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 13

een situatietekening opgenomen , waarop de toekomstige inrichting van het plangebied wordt weergegeven. In figuur 2. 5 is een impressie opgenomen van de beoogde woningen.

Figuur 2. 4: situatietekening plangebied (bron: Bouwbureau Twente)

Figuur 2. 5: impressie beoogde woningen (bron: Building Design Architectuur)

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 14

Hoofdstuk 3 3. 1

Beleidskader

Rijksbeleid

3. 1. 1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) biedt een duurzaam perspectief voor de Nederlandse leefomgeving. Hiermee kunnen we inspelen op de grote uitdagingen die voor ons liggen. De NOVI biedt een kader geeft richting en maakt keuzes waar dat kan. Tegelijkertijd is er ruimte voor regionaal maatwerk en gebiedsgerichte uitwerking. Omdat de verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid voor een groot deel bij provincies gemeenten en waterschappen ligt kunnen inhoudelijke keuzes in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt. Met de NOVI zet de Rijksoverheid een proces in gang waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. ,

,

,

Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie. 2. Duurzaam economisch groeipotentieel. 3. Sterke en gezonde steden en regio's. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot dat belangen soms botsen. Het streven vanuit de NOVI is combinaties te maken en win-win situaties te creëren. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van de ruimte. 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling tussen concurrentiekracht en leefbaarheid verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere. 3.

Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. ,

,

,

3. 1. 2

,

Instructieregels Rijk (Amvb's)

Het omgevingsplan bevat op basis van artikel 4. 2 van de Omgevingswet voor het gehele grondgebied van de gemeente in ieder geval de regels die nodig zijn met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. In afdeling 5. 1 van het Besluit kwaliteit leefomgeving zijn de instructieregels opgenomen voor het stellen van regels in het omgevingsplan. Hieronder zijn de hoofdonderwerpen opgesomd waarvoor het Besluit kwaliteit leefomgeving instructieregels bevat: waarborgen van veiligheid (paragraaf 5. 1. 2); beschermen van waterbelangen (paragraaf 5. 1. 3); beschermen van gezondheid en milieu (paragraaf 5.1.4) waaronder instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht trillingen geluid en geur en bodemkwaliteit; beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed (paragraaf 5.1.5) waaronder de ladder voor duurzame verstedelijking; ,

,

,

,

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 15

het behoud van ruimte voor toekomstige functies (paragraaf 5. 1. 6) voor autowegen buisleidingen natuur- en recreatiegebieden; het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten (paragraaf 5.1.7) waaronder landsverdediging en nationale veiligheid elektriciteitsvoorziening rijksvaarwegen en luchtvaart fiets- en wandelroutes aanwijzing van woningbouw categorieën; het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (paragraaf 5. 1. 8). ,

,

,

,

,

,

Daarnaast bevat afdeling 5. 2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving instructieregels voor de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving. Daarbij gaat het onder meer om het voorkomen van belemmeringen van gebruik en beheer van spoorwegen en rijkswegen. In heel bijzondere gevallen kunnen B&W de Minister vragen om een ontheffing van bepaalde instructieregels te verlenen. Dit volgt uit afdeling 5. 3 van het Besluit kwaliteit leefomgeving. Zie stap 11f van hoofdstuk 3. In de onderbouwing moet worden ingegaan op de bovengenoemde onderwerpen wanneer deze relevant zijn voor de betreffende ontwikkeling. Per onderwerp dient een toetsing plaats te vinden. ,

3. 1. 3

Toetsing van het initiatief aan de uitgangspunten van het rijksbeleid Toetsing aan de NOVI Het huidige woningtekort en de toename van het aantal inwoners en huishoudens vraagt een groei van de woningvoorraad (vooral in en bij de stedelijke regio’s) in een fijne leefbare omgeving. Tussen 2019 en 2035 moet de woningvoorraad met circa 11 miljoen woningen worden vergroot. De primaire verantwoordelijkheid voor de gebouwde omgeving de woningvoorraad en de leefbaarheid ligt bij gemeenten en provincies. Het Rijk is systeemverantwoordelijk. Het is de rol van het Rijk om de kaders te stellen te stimuleren eventueel te sanctioneren waar nodig middelen ter beschikking te stellen – bijvoorbeeld via de huurtoeslag hypotheekrenteaftrek of de regeling woningbouwimpuls voor gemeenten – en met gemeenten en provincies samen te werken om (bovenlokale inclusief grensoverschrijdende) knelpunten op te lossen en realisatie van de nationale belangen te waarborgen. ,

,

,

,

,

,

,

,

De voorgenomen ontwikkeling voorziet in de herontwikkeling van een maatschappelijke functie waarbij vijf rijwoningen gerealiseerd worden in plaats van het uitvaartcentrum. Zoals is beschreven ligt de primaire verantwoordelijkheid voor de gebouwde omgeving en de woningvoorraad bij de gemeenten en provincies. In de navolgende paragrafen wordt de voorgenomen ontwikkeling getoetst aan het provinciale- en gemeentelijke beleid. Daarin wordt aangetoond dat het plan past binnen het provinciale- en gemeentelijke beleid ten aanzien van wonen. Concreet voorziet het plan in zowel woningen voor starters als voor jonge gezinnen. De woningen zijn ook geschikt voor senioren die een grote woning hebben en kleiner willen wonen. Daarmee worden meerdere doelgroepen gediend en past het plan binnen de prioriteiten van de NOVI en kan geconcludeerd worden dat er geen sprake is van strijd met het rijksbeleid. ,

Toetsing aan de Instructieregels Rijk (AMvB's) In de hoofdstukken 4 tot en met 10 wordt aangetoond dat wordt voldaan aan de instructieregels uit het Besluit kwaliteit leefomgeving. Daarmee wordt aangetoond dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 16

,

3. 2

Provinciaal beleid

3. 2. 1 Omgevingsvisie Overijssel De Omgevingsvisie Overijssel is het integrale provinciale beleidsplan voor de fysieke leefomgeving van Overijssel. De hoofdambitie van de Omgevingsvisie is een toekomstvaste groei van welvaart en welzijn met een verantwoord beslag op de beschikbare natuurlijke hulpbronnen en voorraden. Leidende thema's voor de Omgevingsvisie zijn: 1. Duurzaamheid; 2. Ruimtelijke kwaliteit. Enkele belangrijke beleidskeuzes waarmee de provincie haar ambities wil realiseren zijn: door meer aandacht voor herstructurering wordt ingezet op een breed spectrum aan woon- werk- en mixmilieus; dorpen en steden worden gestimuleerd hun eigen kleur te ontwikkelen; zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik; deze methode gaat ervan uit dat eerst het gebruik van de ruimte wordt geoptimaliseerd dan de mogelijkheid van meervoudig ruimtegebruik wordt onderzocht en dan pas de mogelijkheid om het ruimtegebruik uit te breiden wordt bekeken; ruimtelijke plannen ontwikkelen aan de hand van gebiedskenmerken en keuzes voor duurzaamheid. ,

,

,

Omgevingsverordening Overijssel

3. 2. 2

De provincie beschikt over een palet aan instrumenten waarmee zij haar ambities realiseert. Het gaat er daarbij om steeds de meest optimale mix van instrumenten toe te passen zodat effectief en efficiënt resultaat wordt geboekt voor alle ambities en doelstellingen van de Omgevingsvisie. De keuze voor inzet van deze instrumenten is bepaald aan de hand van een aantal criteria. In de Omgevingsvisie is bij elke beleidsambitie een realisatieschema opgenomen waarin is aangegeven welke instrumenten de provincie zal inzetten om de verschillende onderwerpen van provinciaal belang te realiseren. ,

Eén van de instrumenten om het beleid uit de Omgevingsvisie te laten doorwerken is de Omgevingsverordening Overijssel van de provincie Overijssel. De Omgevingsverordening richt zich - net zo breed als de Omgevingsvisie Overijssel - op de fysieke leefomgeving in de provincie Overijssel. Dit betekent dat regels worden gesteld op het gebied van de ruimtelijke ordening infrastructuur watersystemen water bodem landschappen natuur en cultureel erfgoed. Daarmee geeft de provincie invulling aan de opdracht van artikel 2. 6 van de Omgevingswet om één omgevingsverordening vast te stellen met daarin alle provinciale regels voor de fysieke leefomgeving in Overijssel. ,

,

,

,

,

,

3. 2. 3

Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel De opgaven kansen beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities voor de provincie zijn in de Omgevingsvisie Overijssel geschetst in ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving. Om de ambities van de provincie waar te maken bevat de Omgevingsvisie een uitvoeringsmodel. Dit model is gebaseerd op drie niveaus te weten: generieke beleidskeuzes; ontwikkelingsperspectieven; gebiedskenmerken. ,

,

,

,

Deze begrippen worden hieronder nader toegelicht.

Generieke beleidskeuzes Generieke beleidskeuzes zijn keuzes die bepalend zijn voor de vraag of ontwikkelingen mogelijk zijn. In deze fase wordt beoordeeld of er sprake is van een behoefte aan een TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 17

bepaalde voorziening. Ook wordt in deze fase het zgn. principe van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik gehanteerd. Hierin komt er kort gezegd op neer dat eerst bestaand bebouwd gebied wordt benut voordat er uitbreiding in de groene omgeving kan plaatsvinden. ,

Andere generieke beleidskeuzes betreffen de reserveringen voor waterveiligheid randvoorwaarden voor externe veiligheid grondwaterbeschermingsgebieden bescherming van de ondergrond (aardkundige en archeologische waarden) landbouwontwikkelingsgebieden voor intensieve veehouderij begrenzing van Nationale Landschappen Natura 2000-gebieden Natuurnetwerk Nederland en verbindingszones enzovoorts. De generieke beleidskeuzes zijn normstellend en betreffen randvoorwaarden waarmee iedereen rekening moet houden. ,

,

,

,

,

,

,

Ontwikkelingsperspectieven Als uit de beoordeling in het kader van de generieke beleidskeuzes blijkt dat de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling aanvaardbaar is vindt een toets plaats aan de ontwikkelingsperspectieven. In de Omgevingsvisie is een spectrum van zes ontwikkelingsperspectieven beschreven voor de groene en stedelijke omgeving. Deze ontwikkelingsperspectieven schetsen een ruimtelijk perspectief voor een combinatie van functies en geven aan welke beleids- en kwaliteitsambities leidend zijn. De ontwikkelingsperspectieven geven zo richting aan waar wat ontwikkeld zou kunnen worden. De ontwikkelingsperspectieven zijn richtinggevend. Dit betekent dat er ruimte is voor lokale afweging: een gemeente kan vanwege maatschappelijke en/of sociaal-economische redenen in haar Omgevingsvisie of omgevingsplan een andere invulling kiezen. Die dient dan wel te passen binnen de – voor dat ontwikkelingsperspectief – geldende kwaliteitsambities. Daarbij dienen de nieuwe ontwikkelingen verbonden te worden met de bestaande kenmerken van het gebied conform de Catalogus Gebiedskenmerken (de derde stap in het uitvoeringsmodel). ,

,

Gebiedskenmerken Op basis van gebiedskenmerken in vier lagen (natuurlijke laag laag van het agrarisch cultuurlandschap stedelijke laag en lust- en leisurelaag) gelden specifieke ,

,

kwaliteitsvoorwaarden en –opgaven voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het is de vraag 'hoe' een ontwikkeling invulling krijgt. Onder gebiedskenmerken worden de ruimtelijke kenmerken van een gebied of gebiedstype verstaan die bepalend zijn voor de karakteristiek en kwaliteit van dat gebied of gebiedstype. Aan de hand van de drie genoemde niveaus kan worden bezien of een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk is en er behoefte aan is waar het past in de ontwikkelingsvisie en hoe het uitgevoerd kan worden. ,

,

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 18

Figuur 3. 1: Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel (Bron: provincie Overijssel)

3. 2. 4 Toetsing van het initiatief aan het Uitvoeringsmodel van de Omgevingsvisie Overijssel Generieke beleidskeuzes Bij de afwegingen in de eerste fase 'Of - generieke beleidskeuzes' zijn artikel 4. 4 (Principe van concentratie) artikel 4. 5 (Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik) artikel 4. 8 (ontwikkelen met ruimtelijke kwaliteit) artikel 4. 9 (onderbouwing ruimtelijke kwaliteit) en artikel 4. 14 (Woonafspraken) uit de Omgevingsverordening Overijssel van belang. Hierna wordt nader ,

,

,

op de artikelen ingegaan.

Artikel 4. 5 Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik Lid 1 Omgevingsplannen maken alleen extra ruimtebeslag voor stedelijke functies in de Groene Omgeving mogelijk aansluitend op bestaand bebouwd gebied en als aannemelijk gemaakt is dat: a. er voor deze opgave in redelijkheid geen ruimte beschikbaar is binnen het bestaande bebouwd gebied; b. de ruimte binnen het bestaand bebouwde gebied ook niet geschikt te maken is door herstructurering en transformatie; en c. mogelijkheden voor meervoudig ruimtegebruik binnen het bestaand bebouwd gebied optimaal zijn benut. Toets Het plangebied ligt binnen bestaand bebouwd gebied. Door het plangebied te ontwikkelen wordt geen extra beslag gelegd op de Groene Omgeving. Aan artikel 4. 5 uit de Omgevingsverordening Overijssel wordt voldaan.

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 19

Artikel 4. 8 (ontwikkelen met ruimtelijke kwaliteit) In omgevingsplannen worden alleen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt die de ruimtelijke kwaliteit versterken. Toets De voorgenomen herontwikkeling maakt het mogelijk om vijf nieuwe woningen te realiseren ter plaatse van het voormalige uitvaartcentrum waarbij het parkeren op eigen terrein wordt opgelost. Deze woningen sluiten qua volume aan op het woningbouwplan aan de overzijde van het plangebied dat eind 2023 mogelijk is gemaakt. De bestaande bedrijfswoning aan de Langewijk blijft behouden en wordt omgezet naar een reguliere woning. Hierdoor krijgt het pand een passende functie voor de toekomst en kan het worden bewoond door derden waarmee leegstand en eventueel verval worden voorkomen. Dit is wenselijk voor het gebied aangezien het pand geldt als één van de 'dragers' van de identiteit langs de Langewijk. ,

,

,

Om te waarborgen dat het pand ook na de realisatie van de nieuwe woningen een belangrijke positie behoudt in het straatbeeld zal de voorgevelrooilijn van de nieuwe woningen iets terugliggen ten opzichte van dit pand. Doordat het toevoegen van nieuwbouw nieuwe kwaliteiten voor het gebied met zich meebrengt rekening wordt gehouden met de bestaande kwaliteiten van het gebied en wordt aangesloten op de bestaande stedenbouwkundige structuur wordt verwacht dat de ruimtelijke en stedenbouwkundige kwaliteit van het gebied door dit plan wordt versterkt. ,

,

,

Gelet op het vorenstaande wordt aan artikel 4. 8 uit de Omgevingsverordening Overijssel voldaan. Artikel 4. 14 Woonafspraken Lid 1

Omgevingsplannen staan alleen toe dat nieuwe woningen worden gerealiseerd als de bouw van deze woningen past binnen de geldende woonafspraken zoals deze zijn gemaakt door de regio en vastgelegd in bestuurlijke afspraken tussen provincie en gemeenten. ,

Lid 2 Nieuwe woningen zijn nog te realiseren woningen waarvoor nog geen omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit is afgegeven. Toets Op basis van de 'Actualisatie Woondeal West-Overijssel 2025 t/m eind 2030' waar de gemeente Hardenberg één van de ondergetekenden is blijkt dat over de periode 2022 tot en met eind 2030 minimaal 28. 200 nieuwe woningen gerealiseerd moeten worden. Voorliggend plan maakt vijf nieuwe woningen mogelijk en de omzetting van een bestaande bedrijfswoning naar een reguliere woning. Hiermee komen er zes woningen beschikbaar op de woningmarkt en wordt er een steentje bijgedragen aan het verwezenlijken van de wens om eind 2030 minimaal 28. 200 woningen gerealiseerd te hebben. Gelet op het vorenstaande wordt aan artikel 4. 14 uit de Omgevingsverordening Overijssel voldaan. ,

,

Ontwikkelingsperspectieven De opgaven kansen beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities voor de provincie zijn geschetst in ontwikkelingsperspectieven voor de stedelijke omgeving omdat het plangebied binnen bestaand stedelijk gebied ligt. De ontwikkelingsperspectieven geven zo richting aan waar wat ontwikkeld zou kunnen worden. In figuur 3. 2 is een fragment van de kaart van de ontwikkelingsperspectieven behorende bij de Omgevingsvisie weergegeven. Het plangebied is hierop aangegeven met een rode markering. Hieruit blijkt dat voor het plangebied het ontwikkelingsperspectief 'Woon- en werklocaties buiten de stedelijke netwerken' geldt. ,

,

,

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 20

,

Figuur 3. 2: Fragment ontwikkelingsperspectievenkaart locatie is omlijnd (bron: provincie Overijssel)

,

Omgevingsvisie Overijssel de ,

De steden en dorpen buiten de stedelijke netwerken mogen altijd bouwen voor de lokale behoefte aan wonen werken en voorzieningen inclusief lokaal gewortelde bedrijvigheid mits onderbouwd en regionaal afgestemd. Herstructurering en transformatie van de woonwerk- voorzieningen- en mixmilieus moeten deze vitaal en aantrekkelijk houden en de diversiteit aan milieus versterken. Herstructurering en transformatie bieden kansen om te anticiperen op klimaatverandering (bijvoorbeeld door ruimte voor groen natuur en water te reserveren). Van belang is de stedelijke ontwikkeling altijd af te stemmen op de kenmerken van het watersysteem bijvoorbeeld in laaggelegen gebieden bij bouw- en evacuatieplannen rekening houden met risico’s op overstroming of wateroverlast. Herstructurering en transformatie kunnen ook bijdragen aan de energietransitie (door het nemen van energie-efficiënte maatregelen en/of het opwekken van duurzame energie door bijvoorbeeld het aanwezige dakoppervlak te benutten). ,

,

,

,

,

,

,

Toets De ontwikkeling vindt plaats binnen bestaand stedelijk gebied en met de nieuwe woningen kan er voorzien worden in de lokale behoefte aan betaalbare woningen. Door een passende vervolg functie te geven aan een uitvaartcentrum dat de activiteiten staakt en alles aan een andere partij overgedragen heeft wordt leegstand voorkomen en blijft het gebied daardoor zowel leefbaar als aantrekkelijk zonder dat dit ten koste gaat van andere functies in de omgeving. Hierbij wordt rekening gehouden met klimaatadaptatie door de nieuwe parkeerplaatsen met grasbetontegels aan te leggen waardoor het hemelwater beter geïnfiltreerd kan worden. Daarnaast kan er een bijdrage geleverd worden aan de energietransitie aangezien in de woningen voor het opwekken van energie installaties zullen worden geplaatst. De overtollige energie wordt teruggeleverd aan de energiemaatschappij die deze kan doorverkopen aan derden. ,

,

,

,

Gelet op het vorenstaande wordt geconcludeerd dat onderhavig plan niet in strijd is met de ambities van het geldende ontwikkelingsperspectief. TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 21

Gebiedskenmerken De 'Natuurlijke laag' de 'Laag van het agrarisch cultuurlandschap' en 'de laag van beleving' hebben geen specifieke kenmerken voor het plangebied en blijven daarom verder buiten beschouwing. Hierdoor wordt enkel ingegaan op de stedelijke laag. ,

Stedelijke laag In figuur 3. 3 is een uitsnede opgenomen van de stedelijke laag. Het plangebied is met een rode markering aangegeven. De stedelijke laag kent aan het plangebied het kenmerk 'Woonwijken 1955 - nu' toe. Daarnaast kent de stedelijke laag aan het plangebied het kenmerk 'Informele trage netwerk' toe. Dit is in figuur 3. 4 weergegeven.

Figuur 3. 3: stedelijke laag Omgevingsvisie Overijssel (bron: provincie Overijssel) ,

Figuur 3. 4: stedelijke laag Omgevingsvisie Overijssel (bron: provincie Overijssel) ,

De woonwijken van 1955 tot nu zijn planmatig opgezette uitbreidingswijken op basis van TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 22

collectief idee en grotere bouwstromen. Als ontwikkelingen plaats vinden binnen de naoorlogse woonwijken dan voegt nieuwe bebouwing zich in de aard maat en het karakter van het grotere geheel (patroon van o. a. wooneenheden en parken) maar is als onderdeel daarvan wel herkenbaar. De groenstructuur is onderdeel van het wijkontwerp. een

,

,

,

Het informele trage netwerk is het ‘langzame’ netwerk (wandelpaden fietspaden ruiterpaden vaarroutes) van de provincie dat delen van het agrarisch cultuurlandschap en het natuurlijke laag toegankelijk en ervaarbaar maakt. De oude zandwegen en paden vormen het basisstramien. Als ontwikkelingen plaats vinden in de gebieden die in de directe invloedssfeer van stad en dorp liggen (b. v. bedrijventerreinen woonwijken) dan dragen deze ontwikkelingen bij aan behoud en verkleining van de maaswijdte van het padennetwerk. Nieuwe mogelijkheden voor lange afstands- wandel- en fietsroutes worden benut. ,

,

,

,

,

,

,

Toets De nieuwe woningen sluiten aan op het woningbouwplan tegenover het plangebied en passen qua aard maat en karakter in dit gebied. De herontwikkeling vindt plaats binnen het plangebied en heeft geen effect op de verkeersstromen. Verder is binnen het plangebied of in de omgeving geen sprake van een groenstructuur die door deze ontwikkeling kan worden geschaad. Gelet hierop wordt er geen afbreuk gedaan aan de kenmerken en ambities voor de stedelijke laag. ,

3. 2. 5 Conclusie provinciaal beleid Geconcludeerd kan worden dat de in dit voorliggende bestemmingsplan besloten planologische wijziging volledig in overeenstemming is met het in de Omgevingsvisie Overijssel verwoorde en in de Omgevingsverordening verankerde provinciaal ruimtelijk beleid.

3. 3

Gemeentelijk beleid

3. 3. 1

Omgevingsvisie Landstad Hardenberg

3. 3. 1. 1 Algemeen Sinds 2021 beschikt de gemeente Hardenberg over een eigen omgevingsvisie. In deze visie is het verhaal van de gemeente Hardenberg voor het heden en de komende 20 jaar uitgewerkt. Deze omgevingsvisie is samengesteld met participatie van vele stakeholders uit allerlei sectoren.

3. 3. 1. 2 Ambitie Hardenberg staat voor grote uitdagingen. Een groeiende bevolking en economie zijn voor een grensregio niet vanzelfsprekend. Integendeel. Dit vraagt om blijvende inspanningen en investeringen. De gemeente kan niet doorbouwen zoals het groot is geworden. Het gebruik van het platteland verandert. Dat vraagt om ontwikkeling van bebouwing die samengaat met ruimtelijke kwaliteit landschap en natuur. Stad en land vullen elkaar steeds meer aan en houden elkaar in balans. Samen vertellen zij het verhaal van de functieverandering van het Hardenbergse platteland. Of-of-denken maakt plaats voor en-en-denken. De gemeente wil de kwaliteiten van het buitengebied versterken door stedelijke elementen aan te brengen. Tegelijkertijd blijft de gemeente werken aan het binnenstedelijk woon- en leefklimaat met vitale en bruisende centra in Hardenberg en Dedemsvaart. ,

3. 3. 1. 3 Thema's De visie is vertaald in vier thema's voor ontwikkeling. Dit betreffen de volgende: 1. Hardenberg in balans: over de verscheidenheid van het landelijk gebied. 2. Hardenberg voor elkaar: over stedelijke ontwikkeling een vitale samenleving en leefbare kernen. 3. Hardenberg knooppunt: over een vitale economie en goede bereikbaarheid. 4. Hardenberg duurzaam: over de energietransitie klimaatadaptatie en een circulaire ,

,

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 23

economie. Binnen elk thema heeft de gemeente ambities en staat de gemeente voor opgaven. Samen vormen ze de agenda voor toekomstige samenwerkingen. In dit geval zijn met name de thema's 'Hardenberg voor elkaar' en Hardenberg duurzaam' relevant aangezien voorliggend plan een stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt en bij kan dragen aan de ambities van de gemeente ten aanzien van energietransitie klimaatadaptatie en een circulaire economie. ,

,

Hardenberg voor elkaar Dit thema is onder te verdelen in vier delen: 1. Aantrekkelijk wonen. 2. Bouwen aan de stad. 3. Zorg voor elkaar. 4. Gezonde leefomgeving.

Gezien de voorgenomen ontwikkeling is hierbij met name het aspect 'Aantrekkelijk wonen' van belang. De gemeente heeft daarbij de volgende ambities: Naast de eigen inwoners moet er minimaal aan 1. 000 nieuwe huishoudens een plaats geven worden.

Jongeren vasthouden of naar de gemeente laten terugkeren om te wonen en werken. Hoger opgeleiden met jonge gezinnen verleiden om te komen naar de gemeente Hardenberg en hier wonen en werken. Flexibel inspelen op nieuwe ontwikkelingen op het gebied van wonen (adaptieve

aanpak). Zoeken naar mogelijkheden voor wonen in het landelijk gebied. Zoeken naar mogelijkheden voor huisvesting van tijdelijke werknemers uit het buitenland. Hardenberg duurzaam Dit thema is onder te verdelen in vier delen: 1. Samen bouwen aan een duurzame toekomst. 2. Energietransitie. 3. Klimaatadaptatie. 4. Circulariteit In dit thema heeft de gemeente de volgende ambities: Informeren werken aan bewustwording en iedereen betrekken bij het samen bouwen aan een duurzame toekomst. Minder energie verbruiken meer duurzame energie opwekken huizen duurzaam opwarmen zonder aardgas. Samen aan de slag met klimaatadaptatie in de leefomgeving van de gemeente. Gezamenlijke zorg naar de leefomgeving van de gemeente. Samenwerken met de andere overheden voor een goede klimaatadaptatie. De stappen uit de DPRA-methodiek volgen. Bevorderen van het efficiënter gebruik van grondstoffen. Ondersteunen van de zoektocht naar nieuwe productiemethoden en het circulair ontwerpen van nieuwe producten. ,

,

,

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 24

3. 3. 1. 4 Toetsing van het initiatief aan de gemeentelijke omgevingsvisie 'Landstad Hardenberg' Met het voorliggende plan wordt een uitvaartcentrum zonder vervolgfunctie gesaneerd en vervangen door de realisatie van vijf rijwoningen. Deze woningen sluiten qua volume aan op het woningbouwplan aan de overzijde van het plangebied dat eind 2023 mogelijk is gemaakt. De bestaande bedrijfswoning aan de Langewijk blijft behouden en wordt omgezet naar een reguliere woning aangezien deze niet langer nodig is ten behoeve van het uitvaartcentrum. Hiermee wordt bewoning door derden mogelijk gemaakt. Dit voorkomt leegstand en vaak het gevolg hiervan verval van het pand. Het plan draagt dus zowel bij aan het behoud van de leefbaarheid van de kern als het voorkomen van de aantasting van de ruimtelijke kwaliteit. Dit is wenselijk voor het gebied aangezien het pand geldt als één van de 'dragers' van de identiteit langs de Langewijk. Door het toevoegen van vijf nieuwbouw woning waarbij de bestaande ruimtelijke kwaliteit gerespecteerd wordt wordt er zowel voorzien in de behoefte aan extra woningen als de ruimtelijke kwaliteit verder versterkt. Geconcludeerd wordt dat het plan daarom passend is binnen de thema ‘Hardenberg voor Elkaar’ en het onderdeel 'Aantrekkelijk Wonen'. ,

,

,

,

,

Verder worden de woningen gasloos gebouwd en er zullen zonnepanelen worden geplaatst op de woningen om te voorzien in de energiebehoefte voor het huishouden. Hierbij wordt er minimaal voldaan aan de BENG eisen maar de bewoners kunnen ervoor kiezen om de woningen volledig energieneutraal te maken door extra zonnepanelen te plaatsen. Hierdoor ontstaat vaak een overschot aan energie die kan worden teruggeleverd aan een energiemaatschappij. Hiermee is het plan passend binnen de thema 'Hardenberg duurzaam' en de onderdelen 'Samen bouwen aan een duurzame toekomst' en 'Energietransitie'. ,

,

Vanuit de omgevingsvisie 'Landstad Hardenberg' zijn er dan ook geen belemmeringen voor voorliggend plan.

3. 3. 2 Woonbeleid gemeente Hardenberg Op 21 december 2022 is de regionale woondeal West Overijssel getekend. De woondeal gaat over meerdere onderdelen maar in het kort samengevat in ieder geval over de doelstellingen van deze regio West-Overijssel om de komende jaren tot de bouw van voldoende passende woningen te komen waarmee het woningtekort in deze regio kan worden opgelost. De opgave/ambitie van de gemeente Hardenberg sluit kwantitatief aan bij de opgave vanuit de woondeal. De autonome opgave binnen West Overijssel is 28. 200 woningen t/m 2030. De gemeenten zetten in op een opgave/ambitie van 40. 000 woningen. ,

,

De gemeente Hardenberg gaat haar woon(zorg)beleid actualiseren. In lijn met het wetsvoorstel Versterking Regie Volkshuisvesting gaat de woonzorgvisie in op het woningbouwprogramma betaalbaarheid verduurzaming en leefbaarheid. Maar ook op de huisvesting van aandachtsgroepen en de zorg- en ondersteuningsbehoefte van deze groepen. Om gefundeerde keuzes te kunnen maken is actueel inzicht nodig in de woningbehoefte op zowel korte als langere termijn. De gemeente heeft daarom samen met Vechtdal Wonen in het najaar van 2024 een woningmarktonderzoek laten uitvoeren naar de woningbehoefte en opgave ten aanzien van aandachtsgroepen. Doel van het onderzoek is om inzicht te krijgen in de woningbehoefte en de woonzorgvraag van verschillende doelgroepen. ,

,

Belangrijkste conclusies met betrekking tot woningbehoefte zijn als volgt: Uitbreidingsbehoefte van +2. 080 tot +2. 910 woningen tot 2031. Op basis van Primos 2023 is de woningbehoefte in de periode tot 2031 geraamd op +2. 080 woningen. In de periode tussen 2024 en 2040 gaat het om +3. 860 woningen. Dit aantal beschouwen we als de minimale woningbehoefte in de komende jaren. Aanvullend is er een migratievariant doorgerekend die in lijn ligt het met gemiddelde migratiesaldo in de afgelopen jaren. Uitgaande van scenario ‘migratie’ is er ruimte om TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 25

tot 2031 +2. 910 woningen toe te voegen. Tussen 2024 en 2040 gaat het in totaal om +4. 690 woningen.

Op basis van de gemeentelijke prognose is een doorrekening gemaakt van de verwachte ontwikkeling in de verschillende kernen. Voor Dedemsvaart gaat het om een woningbouwbehoefte tussen 2024 en 2040 in totaal om +770 woningen.

3. 3. 2. 1 Toetsing van het plan aan het woonbeleid van de gemeente Hardenberg Voorliggend plan voorziet in de behoefte aan meer woningen in Dedemsvaart. De woningen krijgen een gebruiksoppervlak van circa 80 m² per woning. Op de verdieping komen twee ruime slaapkamers een badkamer en een vrij indeelbare zolder. Hiermee zijn de woningen zeer geschikt voor zowel starters als jonge gezinnen. De prijzen van de woningen liggen nog niet vast dit hangt af van prijs- en marktontwikkelingen. De bedoeling is dat de woningen voor betaalbaar zijn voor beide doelgroepen. ,

,

Daarnaast wordt de bestaande bedrijfswoning omgezet naar een reguliere woning waardoor derden de woning kunnen bewonen. Hiermee wordt een passende vervolgfunctie gegeven aan een pand dat niet meer ten behoeve van een bedrijfsvoering noodzakelijk is. Dit voorkomt leegstand en dat het pand daardoor in verval raakt. Tevens wordt de doorstroming op de woningmarkt bevorderd aangezien door de omzetting de woning deze door derden bewoond kan worden. ,

,

Geconcludeerd wordt dat voorliggend plan niet in strijd is met het woonbeleid van de gemeente Hardenberg.

3. 3. 3

Parkeernormennota Hardenberg

3. 3. 3. 1 Algemeen Er moet rekening worden gehouden met de mogelijke extra verkeersgeneratie en parkeerbehoefte die ontstaat door een nieuwe ontwikkeling. In de 'Parkeernormennota Hardenberg' is bepaald hoeveel parkeerplaatsen er nodig zijn. Dit is afhankelijk van de locatie en soort ontwikkeling. Er wordt uitgegaan van gemiddelden. Verder wordt er binnen de gemeente Hardenberg uitgegaan van de verstedelijkingsgraad 'weinig stedelijk' en wordt de kern Dedemsvaart aangemerkt als 'centrum'. Het aantal verkeersbewegingen wordt bepaald door gebruik te maken van de kencijfers uit het CROW. Ook hier wordt uitgegaan van 'weinig stedelijk' en 'centrum'.

3. 3. 3. 2 Verkeersgeneratie De toevoeging van vijf nieuwe rijwoningen leidt op basis van de kencijfers uit het CROW tot een toename van 36 verkeersbewegingen in het gebied. Echter komt er ook een uitvaartcentrum te vervallen en daarmee ook de bijbehorende verkeersbewegingen. Het precieze aantal verkeersbewegingen kan niet bepaald worden a. d. h. v. de cijfers van het CROW. Geacht wordt dat een beperkte toename in het aantal verkeersbewegingen eenvoudig en veilig via de huidige ontsluiting afgewikkeld kan worden.

3. 3. 3. 3 Parkeren Voor rijwoningen geldt op grond van de gemeentelijke parkeernormennota een parkeernorm van 16 parkeerplaats per woning waarin het aandeel bezoekersparkeren meegenomen is. Dit aandeel bedraagt 02. Voor vijf rijwoningen komt dit neer op zeven parkeerplaatsen voor de bewoners van de woningen en één parkeerplaats voor bezoekers. ,

,

,

Gelet op het feit dat er vlakbij een groot parkeerterrein van de Lidl is gelegen en er langs de Langewijk langsparkeerstroken zijn wordt geacht dat het bezoekersparkeren niet op eigen terrein opgelost hoef te worden. ,

Aangezien op eigen terrein zeven parkeerplaatsen voor de bewoners van de vijf rijwoningen gerealiseerd worden in de vorm van een parkeerkoffer en de bestaande inrit van de om te zetten bedrijfswoning behouden blijft waar voldoende ruimte voor parkeren is voor de TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 26

bewoners van deze woning wordt geacht dat er in voorliggend plan rekening gehouden wordt met voldoende parkeerplaatsen. ,

3. 3. 3. 4 Conclusie Gelet op het vorenstaande wordt er voldaan aan het parkeerbeleid van de gemeente Hardenberg.

3. 3. 4 Conclusie toetsing aan het gemeentelijke beleid Geconcludeerd wordt dat voorliggend plan in overeenstemming is met de uitgangspunten uit het gemeentelijk beleid.

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 27

Hoofdstuk 4

Bescherming van gezondheid en milieu

Op basis van paragraaf 5. 1. 4 houdt een omgevingsplan rekening met de bescherming van de gezondheid en het milieu waaronder in ieder geval begrepen: geluid; bodemkwaliteit; de kwaliteit van de buitenlucht; ,

geur en;

trillingen. In voorliggend geval zijn de aspecten geur en trillingen niet van belang aangezien sprake is van een ontwikkeling die plaatsvindt binnen de stedelijke kern en in de nabijheid geen spoorwegen aanwezig zijn. ,

4. 1

Geluid

4. 1. 1

Wettelijk kader Veel activiteiten in de fysieke leefomgeving hebben te maken met geluid; ze veroorzaken geluid(hinder) of worden eraan blootgesteld. Daarom worden er regels gesteld aan geluid. Deze regels gaan over het beheersen van geluid door wegen spoorwegen en industrieterreinen enerzijds en de bescherming van geluidgevoelige gebouwen en locaties anderzijds. In deze paragraaf komt aan de orde op welke wijze bij de activiteit rekening wordt gehouden met het aspect geluid. ,

Geluidsgevoelige gebouwen In artikel 3. 21 van het Besluit kwaliteit leefomgeving zijn de geluidsgevoelige gebouwen aangewezen. Het betreft gebouwen waaronder een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat een woonfunctie heeft. De geluidsnormen hebben betrekking op het geluid op ,

de gevel van een geluidsgevoelig gebouw en hebben primair als doel het beschermen van de gezondheid door het stellen van eisen aan het geluid op en rond de woningen waar mensen langdurig verblijven en slapen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de voorgevel zijgevel en achtergevel. Onder geluidgevoelige gebouwen wordt verstaan: woningen Onderwijsgebouwen (behoudens voorzieningen zoals een gymnastieklokaal). Ziekenhuizen en verpleeghuizen en daarmee gelijk te stellen voorzieningen zoals verzorgingstehuizen psychiatrische inrichtingen medische centra poliklinieken medische kleuterdagverblijven etc. ,

,

,

,

,

,

,

Geluid door wegen spoorwegen en industrieterreinen Paragraaf 5. 1. 4. 2a van het Besluit kwaliteit leefomgeving gaat over het toelaten van een ,

nieuw geluidgevoelig gebouw bij wegen spoorwegen en industrieterreinen alsook het geluid veroorzaakt door wegen spoorwegen en industrieterreinen op geluidgevoelige gebouwen gelegen binnen een geluidaandachtsgebied. ,

,

Een geluidaandachtsgebied is een locatie langs een weg spoorweg of rond een industrieterrein waarbinnen het geluid hoger kan zijn dan de standaardwaarde zoals opgenomen in de tabel in artikel 5. 78t van het Besluit kwaliteit leefomgeving. Mocht er door een gemeente nog geen geluidaandachtsgebied in het omgevingsplan zijn opgenomen dan gelden de afstanden uit artikel 17. 5 Omgevingsregeling: voor een weg bestaande uit een of twee rijstroken en een maximumsnelheid van 30 ,

,

,

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 28

km/u of minder: 100 meter; voor een weg , bestaande uit een of twee rijstroken , waarvoor een onbekende maximumsnelheid van meer dan 30 km/u geldt , en een spoorweg , bestaande uit een twee sporen: 200 meter; voor een weg , bestaande uit drie of meer rijstroken , en een spoorweg , bestaande uit drie of meer sporen: 350 meter.

of

In het Besluit kwaliteit leefomgeving zijn eisen gesteld aan de maximaal toelaatbare geluidbelasting op de gevel van een geluidgevoelig gebouw. Onderstaande tabel laat de standaardwaarden en grenswaarden zien (tabel 5. 78t / 5. 78u Besluit kwaliteit

leefomgeving). Geluidbronsoort Provinciale wegen Rijkswegen

Gemeentewegen Waterschapswegen Lokale spoorwegen

Hoofdspoorwegen Industrieterreinen

Standaardwaarde 50 L den

Grenswaarde 65 L den

53 L den

70 L den

55 L den

70 L den

50 L den 40 L night

60 L den 50 L night

Een nieuw geluidgevoelig gebouw kan zonder meer worden toegelaten als het geluid niet hoger is dan de standaardwaarden. Meer geluid dan de standaardwaarde kan echter als aanvaardbaar beoordeeld worden (artikel 5. 78u tot en met 5. 78ad Besluit kwaliteit leefomgeving). Een grenswaarde is een uiterste grens waar niet van mag worden

afgeweken. Bij geluid tussen de standaardwaarde en de grenswaarde zal beschouwd moeten worden welke maatregelen mogelijk zijn om de geluidbelasting te verlagen tot de standaardwaarden. Het bevoegd gezag kan alleen geluid tot en met de grenswaarde op de gevel van een geluidgevoelig gebouw toestaan als ze: 1. geluidbeperkende maatregelen niet mogelijk zijn; 2. de overschrijding van de standaardwaarde zoveel mogelijk beperkt zijn door het treffen van geluidbeperkende maatregelen; 3. bij voorwaarde 1 en 2 geluidbeperkende maatregelen overwogen zijn die financieel doelmatig en tegen het treffen geen overwegende bezwaren van stedenbouwkundige verkeerskundige vervoerskundige landschappelijke of technische aard bestaan; 4. het gecumuleerd geluid de grenswaarde niet overschrijdt; 5. het gezamenlijke geluid is bepaald en de grenswaarde niet overschrijdt; 6. besluit tot het treffen van geluidwerende maatregelen. ,

,

,

Er zal bij de voorbereiding van een omgevingsplan of omgevingsvergunning onderzoek moeten worden gedaan naar de geluidbelasting op de gevels van geluidgevoelige objecten wanneer deze zich binnen het geluidaandachtsgebied van een industrieterrein wegen en/of spoorwegen bevinden. ,

,

,

Geluid door activiteiten In het Besluit kwaliteit leefomgeving onder paragraaf 5. 1. 4. 2. 1 zijn regels voor het aspect geluid opgenomen die gelden voor milieubelastende activiteiten die geluid voortbrengen. Deze instructieregels zijn van toepassing op het moment dat een TAM-IMRO op een locatie een geluidbelastende activiteit of een geluidgevoelig gebouw planologisch mogelijk maakt. Daarmee gelden de instructieregels zowel bij het toestaan van de activiteit als bij het toestaan van geluidgevoelige gebouwen in de nabijheid van de activiteit. ,

Met uitzondering van het geluid van woonactiviteiten zijn de instructieregels van deze paragraaf van toepassing op het geluid van alle denkbare activiteiten. Het gaat hierbij niet ,

TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 29

alleen om geluid van bedrijven en/of instellingen maar bijvoorbeeld ook geluid afkomstig van locaties waar openbare voorzieningen zijn voorzien zoals groen of speeltuinen. De instructieregels zijn ook van toepassing op geluid afkomstig van een locatie waar woningen met een bedrijf aan huis zijn toegelaten. Dat betekent dat het geluid dat afkomstig is van het wonen niet wordt beoordeeld maar het geluid van de bedrijfsmatige activiteiten wel. In artikel 5. 65 van het Besluit kwaliteit leefomgeving zijn standaardwaarden opgenomen die aan de eis van aanvaardbaarheid voldoen. Overigens kan een gemeente gemotiveerd afwijken van de standaardwaarden mits aan de aanvaardbaarheid eis kan worden voldaan. In afdeling 8. 5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving staan beoordelingsregels voor de omgevingsvergunning milieubelastende activiteit. Ten slotte voor een aantal milieubelastende activiteiten geldt een vergunningplicht op basis van hoofdstuk 3 van het Bal. ,

,

,

,

De instructieregels zijn niet van toepassing op tijdelijk gebouwen (minder dan 10 jaar) en op geluid afkomstig van doorgaand verkeer op wegen en spoorwegen.

4. 1. 2

Situatie plangebied

Wegverkeer- railverkeer- en industrielawaai ,

Wegverkeerslawaai Door Munsterhuis Geluidsadvies is op 16 juni 2025 een akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai verricht. Het onderzoek is als Bijlage 1 opgenomen bij deze motivering. Uit dit onderzoek blijkt het volgende: Uit de resultaten blijkt dat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB ten gevolge van de N377 wordt overschreden ter plaatse van de west- noord- en oostgevel van meerdere woningen. De hoogste geluidbelasting bedraagt 51 dB. De standaardwaarde van 53 dB ten gevolge van de gemeentelijke wegen wordt niet overschreden. Maatregelen om de geluidbelasting t. g. v. de N377 terug te dringen tot aan de voorkeursgrenswaarde stuit naar verwachting op overwegende bezwaren van financiële en stedenbouwkundige aard. Het is realistisch om een hogere waarde toe te staan van 51 dB t. g. v. de N377. Uit de berekeningen blijkt dat het gezamenlijk geluid op de gevel de 53 dB overschrijdt ter plaatse van alle gevels. Daarmee wordt voor alle woningen niet voldaan aan het maximaal toelaatbare binnenniveau uit het Besluit bouwwerken leefomgeving. Extra geluidwerende voorzieningen ten gevolge van wegverkeerslawaai zijn voor de woningen noodzakelijk. Dit zal in een gevelweringsonderzoek moeten worden aangetoond.

De conclusie van het onderzoek is dat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB ter plaatse van meerdere woningen overschreden wordt en dat hierdoor niet voldaan wordt aan het maximaal toelaatbare binnenniveau uit het Besluit bouwwerken leefomgeving. Door middel van het vastleggen van een hogere grenswaarde van 51 dB en het treffen van extra geluidwerende voorzieningen kan mogelijk voldaan worden aan het maximaal toelaatbare binnenniveau. Om dit aan te tonen is een gevelweringsonderzoek noodzakelijk. ,

Spoorweglawaai In de nabije omgeving van het plangebied bevinden zich geen spoorwegen. Lawaai als gevolg van spoorwegen is derhalve niet aanwezig waardoor nadere toetsing aan spoorweglawaai niet noodzakelijk is. ,

Industrielawaai In de nabije omgeving van het plangebied bevindt zich geen gezoneerd industrieterrein. Lawaai als gevolg van een gezoneerd industrieterrein is niet aanwezig waardoor nadere toetsing aan industrielawaai niet noodzakelijk is. ,

Solitaire bedrijvigheid Met de uitvoering van dit project worden nieuwe geluidgevoelige gebouwen mogelijk TAM-omgevingsplan TAM-omgevingsplan Oude Zuidwolderstraat 1b 1c 1d 1e en 1f en Langewijk 148 Dedemsvaart | PAGINA 30

gemaakt. Er is in de nabije omgeving echter geen bedrijvigheid met activiteiten die kunnen leiden tot geluidhinder. Functies die aanwezig zijn betreffen een kantoor en winkels. Deze hebben geen activiteiten die voor het plangebied tot geluidhinder kunnen leiden. Dit betekent dat ter plaatse van de nieuwe woningen sprake zal zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Daarnaast is er geen sprake van een belemmering van de ontwikkelingsmogelijkheden van bestaande bedrijven. ,

4. 1. 3

Conclusie

Vanuit het aspect 'Geluid' zijn er geen belemmeringen voor de uitvoerbaarheid van voorliggend plan mits een hogere waarde wordt vastgelegd en voldaan wordt aan het maximaal toelaatbare binnenwaarde uit het Besluit bouwwerken leefomgeving. Deze voorwaarden zijn opgenomen in de bijbehorende planregels. ,

4. 2

Bodemkwaliteit

4. 2. 1

Wettelijk kader Wanneer ontwikkelingen plaatsvinden m. b. t. de fysieke leefomgeving is het van belang om te weten of de bodemkwaliteit geschikt is voor de beoogde functie en/of activiteit. De bodemkwaliteit mag geen gezondheidsrisico opleveren voor gebruikers van de bodem. In deze paragraaf wordt omschreven hoe bij voorliggend plan rekening zal worden gehouden met het aspect bodem. Voor het toelaten van een bouwactiviteit op een bodemgevoelige locatie moet worden getoetst aan paragraaf 5. 1. 4. 5. 1 van het Besluit kwaliteit leefomgeving. Deze paragraaf bevat regels voor het tegengaan van bouwen op verontreinigde bodem. De instructieregels zijn mede gesteld met het oog op het beschermen van de gezondheid en van het milieu in het bijzonder van de bodemkwaliteit. Een bodemgevoelige locatie is in ieder geval een locatie waarop een bodemgevoelig gebouw is toegelaten op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit. Tot een bodemgevoelige locatie hoort ook een aaneengesloten terrein direct grenzend aan een bodemgevoelig gebouw. ,

Uit artikel 5. 89g van het Besluit kwaliteit leefomgeving volgt dat deze paragraaf van toepassing is op o. a. een bodemgevoelig gebouw en definieert het als een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat de bodem raakt en waar personen meer dan twee uur per dag aaneengesloten aanwezig zullen zijn. Deze paragraaf is niet van toepassing op bijbehorende bouwwerken tot 50 m². Waarden voor de toelaatbare kwaliteit van de bodem voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie worden opgenomen in het definitieve omgevingsplan (art. 5. 89i Besluit kwaliteit leefomgeving). Deze waarden kunnen per gebied of per gebruiksfunctie verschillen. Bij een overschrijding van een vastgestelde waarde (zie art. 5. 89i Besluit kwaliteit leefomgeving) is het bouwen van een bodemgevoelig gebouw alleen toegelaten als de in het omgevingsplan voorgeschreven sanerende of andere beschermende maatregelen worden getroffen (art. 5. 89K Besluit kwaliteit leefomgeving art. IIIa onder 2 Aanvullingsbesluit ,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16412420/1