Bijlagen behorende bij toelichting bestemmingsplan 'Dedemsvaart, herontwikkeling locatie Concordia'
Tekst van het document
De veldwerkzaamheden van Sigma Bouw & Milieu zijn verricht onder het procescertificaat BRL SIKB 2000 (Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek) waarvoor Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd en erkend door het ministerie van I&W. In het kader van het onderhavige onderzoek zijn de protocollen 2001 (plaatsen van handboringen en peilbuizen t.b.v. het nemen van grond- en grondwatermonsters) en 2002 (het nemen van grondwatermonsters) van toepassing. Sigma Bouw & Milieu verklaart bij deze volledig onafhankelijk te zijn in de uitvoering van het onderzoek en op geen enkele wijze gerelateerd te zijn aan de eigenaar van het te onderzoeken terrein.
1.2
Aanleiding van het bodemonderzoek
Aanleiding tot de uitvoering van dit verkennend milieukundig bodemonderzoek vormt een geplande herinrichting en de geplande woningbouw op de onderzoekslocatie.
1.3
Doel van het onderzoek
Het verkennend bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 heeft tot doel inzicht te verkrijgen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en vast te stellen of er sprake is van bodemverontreiniging. Aan de hand van dit onderzoek wordt inzicht verkregen in hoeverre het bodemgebruik van de locatie heeft geleid tot verontreiniging. Op basis van de onderzoeksresultaten kan een milieuhygiënische beoordeling worden gegeven ten aanzien van de beoogde c.q. de toekomstige gebruiksmogelijkheden van de locatie. Indien uit de onderzoeksresultaten blijkt dat er sprake is van bodemverontreiniging zal worden beoordeeld of vervolgonderzoek noodzakelijk geacht wordt.
januari ’21
3
verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Langewijk 146 te Dedemsvaart
1.4
Referentiekader van het onderzoek
Teneinde de kwaliteit van de grond op de onderhavige locatie juist in te schatten is de onderzoeksopzet van het bodemonderzoek gebaseerd op de onderzoeksstrategie voor verkennend bodemonderzoek, onderzoeksnorm NEN 5740+A1 (literatuur 1). 1.5
Opbouw van het rapport
In het voorliggende rapport komen de volgende aspecten aan de orde: • vooronderzoek, (hoofdstuk 2) • veldonderzoek, (hoofdstuk 3) • chemisch-analytisch onderzoek, (hoofdstuk 4) • conclusies en aanbevelingen, (hoofdstuk 5).
januari ’21
4
verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Langewijk 146 te Dedemsvaart
2.1
Hypothese en onderzoeksstrategie
Volgens de onderzoeksnorm NEN 5740 dient, m.b.t. de aanwezigheid van eventuele bodemverontreiniging, vooraf een onderzoekshypothese te worden opgesteld. De hypothese kan worden opgesteld op basis van bekende (historische) gegevens, uit de betrokken informatie kan blijken dat de onderzoekslocatie, vooraf, als “verdacht” of “onverdacht” wordt aangemerkt. Op basis van de historische informatie uit het vooronderzoek blijkt dat op de locatie aan de Langewijk 146 te Dedemsvaart geruime tijd een bouwmaterialenhandel is gevestigd. Op de locatie bevindt zich een bestaand winkelpand met showroom en aangebouwde woning en een tweetal opslagloodsen. Inpandig bevindt zich beton- en asfaltverharding. Het buitenterrein is vrijwel geheel verhard met asfalt en betonklinkers. Ten zuiden van het winkelpand bevindt zich een parkeerplaats. De opdrachtgever voornemens om de bestaande bebouwing op de locatie af te breken en op de locatie woningbouw te realiseren. Het onderhavige onderzoek heeft betrekking op het onbebouwde terreindeel zoals opgenomen in bijlage 2. Op de locatie is geruime tijd, vanaf rond 1978, een bouwstoffenhandel gevestigd. In de verkoopruimte en showroom vindt verkoop van kleinere bouwmaterialen plaats. In de verkoopruimte worden tevens kitten, verf ed. in kleine verpakkingen verkocht. In de twee loodsen wordt vn. hout opgeslagen.
Op het buitenterrein vindt tevens opslag van bouwmaterialen plaats. Ten zuiden van de meest noordelijk gelegen loods was in het verleden een kleine werkplaats gesitueerd. In deze ruimte was in het verleden opslag van 75 liter dieselolie in vaten. Voordat de locatie als bouwmaterialenhandel in gebruik is genomen was op de locatie een houtzagerij en schaverij gevestigd. Volgens informatie van de gebruiker van de locatie is de locatie vanaf 1904 in gebruik geweest door een dakpannenfabriekje, hierover is geen verdere informatie bekend. Er is geen andere informatie omtrent evt. (voormalige) (bedrijfs)matige activiteiten op de onderzoekslocatie (t.p.v. het onderzoeksgebied). Er is geen andere informatie over (voormalige) potentieel verdachte deellocaties (bronnen), (voormalige) bodembedreigende activiteiten of evt. (voormalige) potentieel bodembedreigende calamiteiten t.p.v. de onderzoekslocatie (t.p.v. het onderzoeksgebied). Het terreindeel t.p.v. de vm. werkplaats met vm. opslag van dieselolie in een vat is in dit onderzoek als een potentieel verdachte deellocatie beschouwd en in dit onderzoek separaat onderzocht. Het onderzoek t.p.v. de vm.
werkplaats met dieselolieopslag is uitgevoerd volgens de onderzoeksstrategie voor verdachte locatie met een diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HE-NL) (verdachte bovengrond), volgens NEN 5740+A1, paragraaf 5.6, (literatuur 1). Gezien het algemeen bedrijfsmatige gebruik van de locatie is het overige deel van plangebied in eerste aanleg als milieuhygiënisch "verdacht" aangemerkt. Op basis van deze hypothese is het bodemonderzoek t.p.v. het overige deel van plangebied uitgevoerd conform de bijbehorende onderzoeksstrategie, volgens NEN 5740+A1, paragraaf 5.6 strategie voor een verdachte locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging (VED-HE-NL), verdachte bovengrond (literatuur 1). De ondergrond en het grondwater is in dit onderzoek onderzocht volgens de strategie voor een onverdachte locatie, (ONV-NL) paragraaf 5.1 van de NEN-5740.
januari ’21
13
verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Langewijk 146 te Dedemsvaart
asbest Tijdens de locatie-inspectie is aandacht geschonken aan de aanwezigheid van asbest op het maaiveld, hierbij is op het maaiveld geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Het opgeboorde monstermateriaal (grond) is zintuiglijk beoordeeld op de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal. Op basis van de zintuiglijke waarnemingen zijn in het opgeboorde monstermateriaal plaatselijk puinresten waargenomen. Voor zover visueel te beoordelen zijn de waargenomen puinresten in het opgeboorde materiaal herkenbaar als gebroken metselpuin. De herkomst van dit puin is bij ons niet bekend. Onder de asfaltverharding bevindt zich een laag puin. Volgens informatie van de gebruiker is deze laag aangebracht tijdens de aanleg van de asfaltverharding. Het opgeboorde monstermateriaal (grond) is zintuiglijk beoordeeld op de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal. Op basis van zintuiglijke waarnemingen van het opgeboorde puinhoudende monstermateriaal is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen (indicatieve waarneming). Hierbij wordt opgemerkt dat in dit onderzoek handboringen zijn uitgevoerd met een 5 cm edelman boor de trefkans op het aantreffen van asbesthoudend materiaal (t.g.v. verdringing van materiaal) is kleiner dan bij het graven van inspectiegaten volgens NEN-5707+C2. Bij het graven van proefgaten of proefsleuven ontstaat een beter beeld van eventueel aanwezig bodemvreemd materiaal.
Met nadruk wordt vermeld dat onderzoek naar de aanwezigheid van asbest in de bodem/puin geen onderdeel uitmaakt van het onderhavige onderzoek dat volgens NEN-5740+A1 is uitgevoerd. Het onderhavige onderzoek kan daarom geen uitspraak doen over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem op de onderhavige locatie. Opgemerkt dient te worden dat geen asbestanalyses van grond en/of puin e.d. hebben plaatsgevonden. Asbestanalyses maken geen deel uit van verkennend bodemonderzoek in het kader van de NEN-5740+A1. Tevens wordt opgemerkt dat de zintuiglijke beoordeling op asbest en de locatie-inspectie niet opgevat dient te worden als een onderzoek uitgevoerd op basis van NEN-5707+C2 (asbestonderzoek in grond) en/of NEN-5897+C2 (monsterneming en analyse van asbest in onbewerkt bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat). Alleen een asbestonderzoek volgens NEN-5707+C2 / NEN-5897+C2 geeft meer zekerheid over de aanwezigheid van asbest in de bodem resp. puin. De chemische samenstelling van eventueel aanwezig verhardingsmateriaal is niet in dit onderzoek onderzocht.
januari ’21
18
verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Langewijk 146 te Dedemsvaart
4.2
Toetsingscriteria
grond en grondwater (NEN-5740+A1) Om de kwaliteit van de bodem en de mate van verontreiniging te kunnen beoordelen, zijn de analyseresultaten van grondmonsters getoetst aan de geldende toetsingswaarden; 1) de achtergrondwaarde (AW-2000) zoals opgenomen in bijlage B van “de Regeling Bodemkwaliteit” (Staatscourant 22335, 02 november 2012) (literatuur 5) 2) de interventiewaarde zoals opgenomen in tabel 1 van “de Circulaire Bodemsanering”, (Staatscourant 16675, 27 juni 2013) (literatuur 6) De toetsing van de meetresultaten is uitgevoerd middels BoToVa, de Bodem Toets Validatie Service van de overheid voor grond, grondwater en waterbodem. BoTova gaat uit van het wettelijk kader dat per 1 juli 2013 van kracht is. In de BoToVa toetsing worden de meetwaarden gecorrigeerd/teruggerekend voor de “standaard bodem” (humus=10% en lutum=25%). Generiek toetsingskader Voor de beoordeling van de analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters wordt gebruik gemaakt van de achtergrondwaarden grond zoals opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit, de streefwaarden grondwater en interventiewaarden grond en grondwater zoals opgenomen in de Circulaire bodemsanering.
Achtergrondwaarde (AW-2000): De achtergrondwaarde (AW-2000) geeft de kwaliteit weer die 'van nature' voorkomt in de bodem van natuur- en landbouwgronden waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. De achtergrondwaarden zijn opgenomen in het Besluit Bodemkwaliteit en zijn gebaseerd op het onderzoek ‘Achtergrondwaarden 2000’. Hierin zijn gehalten vastgesteld van een groot aantal stoffen in bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland. De achtergrondwaarde (AW-2000) geeft het niveau aan waarbij sprake is van duurzame bodemkwaliteit. Bij overschrijding van de achtergrondwaarde is er sprake van bodemverontreiniging. Tussenwaarde/bodemindex-waarde >0,5: De gemiddelde waarde van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde (S+I)/2, hierna te noemen 'tussenwaarde'(T), wordt gehanteerd om aan te geven dat bij overschrijding de kans aanwezig is dat er sprake is van een ernstige verontreiniging, ofwel dat nader onderzoek noodzakelijk is. De tussenwaarde heeft geen wettelijke status maar is een indicatieniveau voor het uitvoeren van aanvullend onderzoek. De tussenwaarde geeft het concentratieniveau aan waarboven onder bepaalde omstandigheden risico’s voor mens en milieu aan de orde kunnen zijn. De tussenwaarde is zodoende een indicatiewaarde voor nader onderzoek.
Bij overschrijding van de T-waarde of bodemindex waarde (>0,5) dient aanvullend/nader bodemonderzoek in overweging genomen te worden. Een nader onderzoek wordt uitgevoerd indien er een vermoeden bestaat dat er sprake is van een ernstig geval van bodemverontreiniging. Interventiewaarde: De interventiewaarde (I) geeft aan dat bij overschrijding van deze waarde de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant en dier ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd. Is er sprake van een ernstige bodemverontreiniging en wordt de interventiewaarde in meer dan 25 m3 grond of 100 m3 grondwater (bodemvolume) overschreden, dan kan er noodzaak zijn tot sanering. De saneringsurgentie wordt bepaald door blootstellingsrisico's van mens, dier en plant en de verspreidingsrisico's van de betreffende stoffen (actuele risico’s). De interventiewaarden zijn gebaseerd op de risico's voor de volksgezondheid en het milieu (onderzoek RIVM). Bij de beoordeling van bodemverontreiniging aan de hand van de genoemde toetsingswaarden spelen nog een aantal aspecten een rol. Rekening dient te worden gehouden met het feit dat de mobiliteit van stoffen in de bodem en daardoor de verspreiding van stoffen afhankelijk is van diverse bodemkenmerken.
Daarnaast speelt de bestemming en het gebruik van de locatie in de huidige situatie alsmede de toekomstige situatie, een grote rol bij de beoordeling van de risico's voor het milieu. januari ’21
21
verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Langewijk 146 te Dedemsvaart
4.3
Analyseresultaten en interpretatie
In deze paragraaf zijn de resultaten van de chemische analyses van de grond- en grondwatermonsters, gerelateerd aan toetsingswaarden, weergegeven in tabelvorm. Na elke tabel worden de onderzoeksresultaten besproken. In bijlage 4 zijn van alle uitgevoerde analyses de analysecertificaten van Omegam opgenomen. 4.3.1
Milieuhygiënische kwaliteit grond
boven- en ondergrond (0.0-2.0 m-mv) In tabel 14 t/m 16 wordt een volledig overzicht weergegeven van de analyseresultaten getoetst aan de toetsingswaarde. tabel 14: gemeten gehaltes (mg/kg d.s.) in grond met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Project Certificaten Toetsing Toetsversie
OPID 23936177#20-M9625-Langewijk 146 Dedemsvaart 1117626 T.12 - Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb BoToVa 3-1-2000 Toetsdatum: 22 december 2020 12:47
Parameters
Toetsing
Analyse Eenheid Lutum/Humus Organische stof % (m/m ds) Lutum % (m/m ds) Droogrest droge stof % Metalen ICP-AES barium (Ba) mg/kg ds cadmium (Cd) mg/kg ds kobalt (Co) mg/kg ds koper (Cu) mg/kg ds kwik (Hg) (niet vluchtig) mg/kg ds lood (Pb) mg/kg ds molybdeen (Mo) mg/kg ds nikkel (Ni) mg/kg ds zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie minerale olie (florisil clean mg/kg ds Polycyclische koolwaterstoffen naftaleen mg/kg ds fenantreen mg/kg ds anthraceen mg/kg ds fluoranteen mg/kg ds benzo(a)antraceen mg/kg ds chryseen mg/kg ds benzo(k)fluoranteen mg/kg ds benzo(a)pyreen mg/kg ds benzo(ghi)peryleen mg/kg ds indeno(1 2 3-cd)pyreen mg/kg ds Sommaties som PAK (10) mg/kg ds Polychloorbifenylen PCB - 28 mg/kg ds PCB - 52 mg/kg ds PCB - 101 mg/kg ds PCB - 118 mg/kg ds PCB - 138 mg/kg ds PCB - 153 mg/kg ds PCB - 180 mg/kg ds PCB - 28 mg/kg ds PCB - 52 mg/kg ds PCB - 101 mg/kg ds PCB - 118 mg/kg ds PCB - 138 mg/kg ds PCB - 153 mg/kg ds PCB - 180 mg/kg ds Sommaties som PCBs (7) mg/kg ds som PCBs (7) mg/kg ds Organochloorbestrijdingsmiddelen 2 4-DDD (o p-DDD) mg/kg ds 4 4-DDD (p p-DDD) mg/kg ds 2 4-DDE (o p-DDE) mg/kg ds 4 4-DDE (p p-DDE) mg/kg ds 2 4-DDT (o p-DDT) mg/kg ds 4 4-DDT (p p-DDT) mg/kg ds aldrin mg/kg ds dieldrin mg/kg ds endrin mg/kg ds telodrin mg/kg ds isodrin mg/kg ds heptachloor mg/kg ds heptachloorepoxide (cis) mg/kg ds heptachloorepoxide (trans mg/kg ds alfa-endosulfan mg/kg ds
alfa - HCH mg/kg ds beta - HCH mg/kg ds gamma - HCH (lindaan) mg/kg ds delta - HCH mg/kg ds hexachloorbenzeen mg/kg ds endosulfansulfaat mg/kg ds hexachloorbutadieen mg/kg ds chloordaan (cis) mg/kg ds chloordaan (trans) mg/kg ds Sommaties som DDD mg/kg ds som DDE mg/kg ds som DDT mg/kg ds som drins (3) mg/kg ds som c/t heptachloorepoxid mg/kg ds som chloordaan mg/kg ds som OCBs (landbodem) mg/kg ds
AW
januari ’21
T
I
Monster 6531634 Monster 6531635 Monster 6531636 MM1 01: 35-50 02: 15-45 03: 0-40 04: 15-50 MM2 06: 35-50 09: 35-50 13: 7-45 14: 7-50 MM3 12: 30-45 15: 0-50 18: 0-30 Max. Bodemindex 0 076 Max. Bodemindex 0 006 Max. Bodemindex 3 338 Toetsoordeel Overschrijding AchtergrondToetsoordeel Voldoet aan Achtergrondw Toetsoordeel Overschrijding Interventiew Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index 22 1
10 25
0 0
09 1
10 25
0 0
56 1
10 25
0 0
90 4
90 4
@
0
94
94
@
0
80 5
80 5
@
0
190 06 15 40 0 15 50 15 35 140
555 68 102 5 115 18 075 290 95 75 67 5 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
< 20 < 0.2 <3 51 < 0.05 < 10 < 1.5 <4 31
< 54 < 0.24 < 7.4 10 < 0.05 < 11 < 1.0 <8 73
@ -
0 0 0 0 0 0 0 0 0
< 20 < 0.2 37 66 < 0.05 < 10 < 1.5 <4 < 20
< 54 < 0.24 13 14 < 0.05 < 11 < 1.0 <8 < 33
@ -
0 0 0 0 0 0 0 0 0
40 0 58 17 33 0 33 41 15 35 150
160 0 86 60 61 0 46 61 15 100 330
@ 1.4 AW(WO) 4.0 AW(IND) 1.5 AW(IND) 3.1 AW(WO) 1.2 AW(WO) 1.0 I 2.3 AW(IND)
0 0 021 0 257 0 14 0 009 0 023 0 1 0 328
190
2595
5000
< 35
< 110
-
0
< 35
< 120
-
0
340
610
3.2 AW(NT)
0 087
< 0.05 < 0.05 < 0.05 0 09 < 0.05 0 06 < 0.05 0 05 < 0.05 < 0.05
< 0.035 < 0.035 < 0.035 0 09 < 0.035 0 06 < 0.035 0 05 < 0.035 < 0.035
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
< 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05
< 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0 69 20 63 31 15 15 97 11 68 96
0 69 20 63 31 15 15 97 11 68 96
0 44
0 44
0
0 35
< 0.35
0
130
130
< 0.001 0 001 0 004 0 003 0 006 0 004 0 002
< 0.0032 0 0045 0 018 0 014 0 027 0 018 0 0091
0 0 0 0 0 0 0
< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 0 001 < 0.001 < 0.001
< 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 0 005 < 0.0035 < 0.0035
< 0.001 0 003 0 003 0 008 0 006 0 006 0 002
< 0.0012 0 0054 0 0054 0 014 0 011 0 011 0 0036
0 029
0 051
< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 0 001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.002 < 0.001 < 0.001 < 0.001
< 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 0 0018 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0025 < 0.0012 < 0.0012 < 0.0012
0 001 0 001 0 002 0 002 0 001 0 001 0 015
< 0.0025 < 0.0025 0 003 < 0.0038 < 0.0025 < 0.0025 0 027
15
0 02 0 02
20 75
0 51 0 51
40
1 1
0 32
0 0007
2 00035
4
0 0009 0 001 0 002 0 003
2 00045 8 5005 0 801 0 6015
4 17 16 12
0 0085
1 00425
2
17 01 12 0 95 2 0075 2 001 2 001
34 23 17 4 4 4
0 003
0 02 01 02 0 015 0 002 0 002 04
0 021
0 094
-
4.7 AW(IND) 0 076
0 005
0 026
-
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 3.1 I
3 338
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
1.3 AW(WO) 0 006 2.6 AW(IND) 0 032
-
@ @ -
-
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
22
verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Langewijk 146 te Dedemsvaart
tabel 15: gemeten gehaltes (mg/kg d.s.) in grond met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Parameters
Toetsing
Analyse Eenheid Lutum/Humus Organische stof % (m/m ds) Lutum % (m/m ds) Droogrest droge stof % Metalen ICP-AES barium (Ba) mg/kg ds cadmium (Cd) mg/kg ds kobalt (Co) mg/kg ds koper (Cu) mg/kg ds kwik (Hg) (niet vluchtig) mg/kg ds lood (Pb) mg/kg ds molybdeen (Mo) mg/kg ds nikkel (Ni) mg/kg ds zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie minerale olie (florisil clean mg/kg ds Polycyclische koolwaterstoffen naftaleen mg/kg ds fenantreen mg/kg ds anthraceen mg/kg ds fluoranteen mg/kg ds benzo(a)antraceen mg/kg ds chryseen mg/kg ds benzo(k)fluoranteen mg/kg ds benzo(a)pyreen mg/kg ds benzo(ghi)peryleen mg/kg ds indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg ds Sommaties som PAK (10) mg/kg ds Polychloorbifenylen PCB - 28 mg/kg ds PCB - 52 mg/kg ds PCB - 101 mg/kg ds PCB - 118 mg/kg ds PCB - 138 mg/kg ds PCB - 153 mg/kg ds PCB - 180 mg/kg ds Sommaties som PCBs (7) mg/kg ds
AW
januari ’21
T
I
Monster 6531637 Monster 6531638 Monster 6531639 MM4, 05: 30-50, 10: 35-50, 11: 35-50, 16: 7-50 MM5, 07: 40-50, 08: 7-50, 21: 0-50, 22: 7-50, 23: 7-50 MM6, 06: 50-100, 06: 110-150, 06: 150-200, 07: 100-15 Max. Bodemindex 0,034 Max. Bodemindex 0,039 Max. Bodemindex 0,792 Toetsoordeel Voldoet aan Achtergrondw Toetsoordeel Overschrijding AchtergrondToetsoordeel Overschrijding Achtergrond Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index 0,8 1
10 25
91,6
91,6
@
0 0
1,3 1
10 25
0
91,2
91,2
@
0 0
0,5 1
10 25
0 0
0
87,6
87,6
@
0
190 0,6 15 40 0,15 50 1,5 35 140
555 6,8 102,5 115 18,075 290 95,75 67,5 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
< 20 < 0.2 5,9 19 < 0.05 < 10 < 1.5 5 24
< 54 < 0.24 21 39 < 0.05 < 11 < 1.0 15 57
@ 0 0 1.4 AW(WO) 0,034 0 0 0 0 0 0
< 20 < 0.2 4,6 8,4 < 0.05 24 < 1.5 6 36
< 54 < 0.24 16 17 < 0.05 38 < 1.0 18 85
@ 0 0 1.1 AW(WO) 0,006 0 0 0 0 0 0
< 20 < 0.2 <3 <5 < 0.05 < 10 < 1.5 <4 < 20
< 54 < 0.24 < 7.4 < 7.2 < 0.05 < 11 < 1.0 <8 < 33
@ -
0 0 0 0 0 0 0 0 0
190
2595
5000
< 35
< 120
-
0
< 35
< 120
-
0
< 35
< 120
-
0
0,08 0,51 0,18 0,52 0,17 0,24 0,17 0,2 0,13 0,12
0,08 0,51 0,18 0,52 0,17 0,24 0,17 0,2 0,13 0,12
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0,09 0,57 0,1 0,77 0,27 0,32 0,22 0,28 0,19 0,22
0,09 0,57 0,1 0,77 0,27 0,32 0,22 0,28 0,19 0,22
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0,06 4,2 1,4 8,1 3,8 4,2 3,3 3,4 2 2
0,06 4,2 1,4 8,1 3,8 4,2 3,3 3,4 2 2
2,3
2,3
3
3
32
32
< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001
< 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035
0 0 0 0 0 0 0
< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001
< 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035
0 0 0 0 0 0 0
< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001
< 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035
0,005
< 0.024
0,004
0,005
< 0.024
0,004
0,005
< 0.024
1,5
0,02
20,75
0,51
40
1
1.5 AW(WO) 0,021
-
2.0 AW(WO) 0,039
-
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 1.6 T(IND)
0,792 0 0 0 0 0 0 0
-
0,004
23
verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Langewijk 146 te Dedemsvaart
tabel 16: gemeten gehaltes (mg/kg d.s.) in grond met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Parameters
Toetsing
Analyse Eenheid Lutum/Humus Organische stof % (m/m ds) Lutum % (m/m ds) Droogrest droge stof % Metalen ICP-AES barium (Ba) mg/kg ds cadmium (Cd) mg/kg ds kobalt (Co) mg/kg ds koper (Cu) mg/kg ds kwik (Hg) (niet vluchtig) mg/kg ds lood (Pb) mg/kg ds molybdeen (Mo) mg/kg ds nikkel (Ni) mg/kg ds zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie minerale olie (florisil clean mg/kg ds Polycyclische koolwaterstoffen naftaleen mg/kg ds fenantreen mg/kg ds anthraceen mg/kg ds fluoranteen mg/kg ds benzo(a)antraceen mg/kg ds chryseen mg/kg ds benzo(k)fluoranteen mg/kg ds benzo(a)pyreen mg/kg ds benzo(ghi)peryleen mg/kg ds indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg ds Sommaties som PAK (10) mg/kg ds Polychloorbifenylen PCB - 28 mg/kg ds PCB - 52 mg/kg ds PCB - 101 mg/kg ds PCB - 118 mg/kg ds PCB - 138 mg/kg ds PCB - 153 mg/kg ds PCB - 180 mg/kg ds Sommaties som PCBs (7) mg/kg ds Legenda @ xI x AW(NT) x AW(IND) x AW(WO) x T(IND) N.B.
AW
T
I
Monster 6531640 Monster 6531641 MM7, 05: 90-110, 05: 120-150, 05: 150-200, 08: 150-20 MM8, 08: 100-150 Max. Bodemindex 0,004 Max. Bodemindex Toetsoordeel Voldoet aan Achtergrondw Toetsoordeel Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index Ana.Res. Std.Res. 0,9 1
10 25
86
86
0,221 Overschrijding Achtergrond T.Oordeel B.Index
0 0
2,6 1
10 25
0 0
@
0
85,3
85,3
@
0
190 0,6 15 40 0,15 50 1,5 35 140
555 6,8 102,5 115 18,075 290 95,75 67,5 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
< 20 < 0.2 <3 <5 < 0.05 < 10 < 1.5 <4 < 20
< 54 < 0.24 < 7.4 < 7.2 < 0.05 < 11 < 1.0 <8 < 33
@ -
0 0 0 0 0 0 0 0 0
51 0,21 <3 7,5 0,09 69 < 1.5 7 66
200 0,35 < 7.4 15 0,13 110 < 1.0 20 150
@ 2.1 AW(WO) 1.1 AW(WO)
0,014 0 0 0 0 0,125 0 0 0,017
190
2595
5000
< 35
< 120
-
0
40
150
-
0
< 0.05 < 0.05 < 0.05 0,19 0,09 0,11 0,08 0,1 0,08 0,09
< 0.035 < 0.035 < 0.035 0,19 0,09 0,11 0,08 0,1 0,08 0,09
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
< 0.05 1 0,31 2,5 1 1,4 1 1,2 0,92 1,1
< 0.035 1 0,31 2,5 1 1,4 1 1,2 0,92 1,1
0,84
0,84
0
10
10
< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001
< 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035
0 0 0 0 0 0 0
< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001
< 0.0027 < 0.0027 < 0.0027 < 0.0027 < 0.0027 < 0.0027 < 0.0027
0,005
< 0.024
0,004
0,005
< 0.019
1,5
0,02
20,75
0,51
40
1
-
-
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 7.0 AW(IND) 0,221 0 0 0 0 0 0 0 -
0
Geen toetsoordeel mogelijk > Interventiewaarde x maal Achtergrondwaarde (Niet toepasbaar) x maal Achtergrondwaarde (Industrie) x maal Achtergrondwaarde (Wonen) x maal Tussenwaarde (Industrie) <= Achtergrondwaarde De vermelde tussenwaarde is door MijnLab berekend en is niet afkomstig uit BoToVa
januari ’21
24
verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Langewijk 146 te Dedemsvaart
vm. werkplaats bovengrond (0.0-0.5 m-mv) Bovengrondmengmonster MM1 bevat een verhoogd gehalte PCB’s (som 7) t.o.v. de achtergrondwaarde. Het verhoogd gemeten gehalte PCB’s (som 7) is op basis van zintuiglijke waarnemingen niet te relateren aan evt. bodemvreemde afwijkingen in het opgeboorde monstermateriaal. PCB's (polychloorbifenylen) staan al tientallen jaren in de belangstelling als bedreiging voor de volksgezondheid. Dat danken ze aan een slechte afbreekbaarheid, een neiging tot stapelen in dierlijk (en dus ook humaan) vetweefsel en uiteenlopende toxische eigenschappen. Verspreiding van persistente verontreinigingen gaat hoofdzakelijk via de lucht, ze komen vervolgens terecht op gewassen, de bodem en in water. Door hun lipofiele eigenschappen (vetoplosbaar) treedt vervolgens stapeling op in met name dierlijk vetweefsel. PCB’s zijn geen natuurlijk voorkomende stoffen. De aanwezigheid van PCB's in het milieu is met name het gevolg van industriële productie en het gebruik van PCB's van ongeveer 1930 tot 1980. Polychloorbifenylen (PCB’s) zijn op zeer uiteenlopende manieren toegepast: als isolatie vloeistof in transformatoren en condensatoren, als hydraulische- of warmtegeleidingsvloeistoffen, koelvloeistof, smeermiddel en weekmaker in kunststoffen, en verder in verf, inkt, lak, kit, lijm, koolstofvrij kopieerpapier en bestrijdingsmiddelen.
Aangezien productie en gebruik van PCB's sinds 1985 volledig zijn verboden, zijn dit soort PCB-houdende producten al lange tijd niet meer in de handel. Het in bovengrondmengmonster MM1 gemeten gehalte polychloorbifenylen (PCB) is op basis van zintuiglijke waarnemingen vooralsnog niet eenduidig te relateren. overige onbebouwde deel van het plangebied bovengrond (0.0-0.5 m-mv) Bovengrondmengmonster MM2 bevat een verhoogd gehalte PCB’s (som 7) t.o.v. de achtergrondwaarde. Het verhoogd gemeten gehalte PCB’s (som 7) is op basis van zintuiglijke waarnemingen niet te relateren aan evt. bodemvreemde afwijkingen in het opgeboorde monstermateriaal. Bovengrondmengmonster MM3 bevat een verhoogd gehalte nikkel (zware metalen) en polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s, som 10) t.o.v. de interventiewaarde en een verhoogd gehalte cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, zink (zware metalen), minerale olie en PCB’s (som 7) t.o.v. de achtergrondwaarde. De verhoogd gemeten gehalten polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s), nikkel, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, zink (zware metalen), minerale olie en PCB’s (som 7) zijn op basis van zintuiglijke waarnemingen niet te relateren aan evt. bodemvreemde afwijkingen in het opgeboorde monstermateriaal. Bovengrondmonster MM4 bevat een verhoogd gehalte kobalt (zware metalen), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) t.o.v.
de achtergrondwaarde. De verhoogd gemeten gehalten kobalt (zware metalen) enpolycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) zijn op basis van zintuiglijke waarnemingen niet te relateren aan evt. bodemvreemde afwijkingen in het opgeboorde monstermateriaal. Bovengrondmonster MM5 bevat een verhoogd gehalte kobalt (zware metalen), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) t.o.v. de achtergrondwaarde. De verhoogd gemeten gehalten kobalt (zware metalen) en polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) zijn op basis van zintuiglijke waarnemingen niet te relateren aan evt. bodemvreemde afwijkingen in het opgeboorde monstermateriaal.
januari ’21
26
verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Langewijk 146 te Dedemsvaart
In gebieden welke reeds langere tijd door de mens in gebruik zijn (o.a. langdurige bewoning of menselijk gebruik) worden vaker verhoogde gehalten aan o.a. zware metalen, PAK’s en minerale olie in de grond gemeten. In algemene zin wordt opgemerkt dat antropogene beïnvloeding van een locatie in de meeste gevallen een negatief effect heeft op de kwaliteit van de bodem. Zware metalen bezitten veelal een geringe mobiliteit in de bodem en hechten zich met name aan sliben kleideeltjes. Zware metalen komen van nature in bepaalde concentraties in de bodem voor. Deze concentraties kunnen verhoogd voorkomen in het stedelijk milieu. De afgifte vindt onder andere plaats door dakpannen, dakgoten, kabels en leidingen, verkeer en afval. Ook depositie van zware metalen op de bodem door industriële activiteiten is een mogelijke oorzaak van verhoogde concentraties. Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) ontstaan bij de onvolledige verbranding van koolstofbevattende materialen. Het zijn teerachtige stoffen die ontstaan bij de onvolledige verbranding van koolstofhoudende materialen als hout, fossiele brandstoffen, tabak of levensmiddelen. De aanwezigheid van PAK’s in de bodem zijn vaak het gevolg van de aanwezigheid van teerhoudende of koolstofhoudende stoffen, zoals bv. koolas, verbrandingsresten of teerresten.
ondergrond (0.5-2.0 m-mv) Ondergrondmengmonster MM6 bevat een verhoogd gehalte polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s, som 10) t.o.v. de tussenwaarde /bodemindex-waarde (>0.5). Het verhoogd gemeten gehalte polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) is op basis van zintuiglijke waarnemingen niet te relateren aan evt. bodemvreemde afwijkingen in het opgeboorde monstermateriaal. Ondergrondmengmonster MM7 bevat geen van de onderzochte stoffen verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde. Bovengrondmonster MM8 (puinhoudende grond) bevat een verhoogd gehalte lood, zink (zware metalen), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) t.o.v. de achtergrondwaarde. De verhoogd gemeten gehalten lood, zink (zware metalen) en polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) zijn op basis van zintuiglijke waarnemingen mogelijk, deels, te relateren aan de zintuiglijk waargenomen puinresten in de ondergrond.
Opmerking: Wanneer het gehalte van een parameter beneden de rapportagegrens van AS3000 ligt mag er, conform de Wijziging Regeling Bodemkwaliteit (Stc. 122, 27 juni 2008), voor de betreffende parameter vanuit worden gegaan dat deze voldoet aan de achtergrondwaarde (AW2000). Op basis van de circulaire bodemsanering 2009 zijn de toetsingswaarden voor barium (zware metalen) tijdelijk ingetrokken. Indien er op een locatie sprake is van een antropogene bron kan het gemeten gehalte barium indicatief worden getoetst aan de voormalige interventiewaarde.
januari ’21
27
verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Langewijk 146 te Dedemsvaart
4.3.2
Milieuhygiënische kwaliteit grondwater
In tabel 18 wordt een volledig overzicht weergegeven van de analyseresultaten getoetst aan de toetsingswaarde. tabel 18: gemeten gehaltes (µg/l) in grondwater met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Project Certificaten Toetsing Toetsversie
OPID 24101551#20-M9625-Langewijk 146 Dedemsvaart 1120850 T.13 - Beoordeling kwaliteit van grondwater volgens Wbb BoToVa 2-1-2000 Toetsdatum: 22 december 2020 12 55
Parameters
Toetsing
Analyse Eenheid S Metalen ICP-MS (opgelost) barium (Ba) µg/l 50 cadmium (Cd) µg/l 0,4 kobalt (Co) µg/l 20 koper (Cu) µg/l 15 Kwik (Hg) (niet vluchtig) µg/l 0,05 lood (Pb) µg/l 15 molybdeen (Mo) µg/l 5 nikkel (Ni) µg/l 15 zink (Zn) µg/l 65 Minerale olie minerale olie (florisil clean µg/l 50 Vluchtige aromaten benzeen µg/l 0,2 ethylbenzeen µg/l 4 naftaleen µg/l 0,01 o-xyleen µg/l styreen µg/l 6 tolueen µg/l 7 xyleen (som m+p) µg/l Sommaties aromaten som xylenen µg/l 0,2 Vluchtige chlooralifaten 1,1,1-trichloorethaan µg/l 0,01 1,1,2-trichloorethaan µg/l 0,01 1,1-dichloorethaan µg/l 7 1,1-dichlooretheen µg/l 0,01 1,1-dichloorpropaan µg/l 1,2-dichloorethaan µg/l 7 1,2-dichloorpropaan µg/l 1,3-dichloorpropaan µg/l cis-1,2-dichlooretheen µg/l dichloormethaan µg/l 0,01 monochlooretheen (vinylchµg/l 0,01 tetrachlooretheen µg/l 0,01 tetrachloormethaan µg/l 0,01 trans-1,2-dichlooretheen µg/l trichlooretheen µg/l 24 trichloormethaan µg/l 6 Sommaties som C+T dichlooretheen µg/l 0,01 som dichloorpropanen µg/l 0,8 Vluchtige gehalogeneerde alifaten - divers tribroommethaan (bromof µg/l Legenda @ xS N.B.
T
I
Monster 6540737 Pb1, 01-Pb 1: 200-300 Max. Bodemindex Toetsoordeel Ana.Res. Std.Res.
Monster 6540738 Pb5, 05-Pb 5: 200-300 0,026 Max. Bodemindex Voldoet aan Streefwaarde Toetsoordeel T.Oordeel B.Index Ana.Res. Std.Res.
0,417 Overschrijding Streefwaard T.Oordeel B.Index
337,5 3,2 60 45 0,175 45 152,5 45 432,5
625 6 100 75 0,3 75 300 75 800
< 20 < 0.2 2,5 11 < 0.05 <2 <2 <3 < 10
-
0 0 0 0 0 0 0 0 0
< 20 < 0.2 14 40 < 0.05 3,9 5,3 6,7 16
2.7 S 1.1 S -
0 0 0 0,417 0 0 0,001 0 0
325
600
< 50
-
0
< 50
-
0
15,1 77 35,005
30 150 70
-
300 1000
0 0 0 0 0 0 0
< 0.2 < 0.2 < 0.02 < 0.1 < 0.2 < 0.2 < 0.2
-
153 503,5
< 0.2 < 0.2 < 0.02 < 0.1 < 0.2 < 0.2 < 0.2
0 0 0 0 0 0 0
35,1
70
0,2
-
0
0,2
-
0
150,005 65,005 453,5 5,005
300 130 900 10
-
400
500,005 2,505 20,005 5,005
1000 5 40 10
262 203
500 400
-
0 0 0 0,006 0 0 0 0 0 0 0,026 0,002 0,006 0 0 0
< 0.1 < 0.1 < 0.2 < 0.1 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.1 < 0.2 < 0.2 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.2 < 0.2
-
203,5
< 0.1 < 0.1 < 0.2 < 0.1 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.1 < 0.2 < 0.2 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.2 < 0.2
-
0 0 0 0,006 0 0 0 0 0 0 0,026 0,002 0,006 0 0 0
10,005 40,4
20 80
0,1 0,4
-
0,007 0
0,1 0,4
-
0,007 0
630
< 0.2
@
0
< 0.2
@
0
-
-
-
-
-
-
Geen toetsoordeel mogelijk <= Streefwaarde x maal Streefwaarde De vermelde tussenwaarde is door MijnLab berekend en is niet afkomstig uit BoToVa
januari ’21
28