Bijlagen behorende bij toelichting bestemmingsplan 'Buitengebied Hardenberg, Bruchterbeekweg 18 Brucht'
Tekst van het document
Bruchterbeekweg 18, Brucht
bestemmingsplan Bruchterbeekweg 18, Brucht
Inhoudsopgave
Bijlagen bij toelichting
3
Bijlage 1
Ruimtelijk kwaliteitsplan
4
Bijlage 2
Akoestisch rapport
26
Bijlage 3
Bodemonderzoek
33
Bijlage 4
Watertoets
182
Bijlage 5
Ecologisch onderzoek
188
Bijlage 6
Nader ecologisch onderzoek
215
Bijlage 7
Aeriusberekening
220
2
Inhoudsopgave (vastgesteld)
bestemmingsplan Bruchterbeekweg 18, Brucht
Bijlagen bij toelichting
Bijlagen bij toelichting (vastgesteld)
3
bestemmingsplan Bruchterbeekweg 18, Brucht
Bijlage 1 Ruimtelijk kwaliteitsplan
4
Bijlagen bij toelichting (vastgesteld)
ruimtelijk kwaliteitsplan Bruchterbeekweg 18 Brucht
colofon Door:
dé Erfontwikkelaar b.v. Radewijkerweg 9 7791 RJ Radewijk
2
Telefoonnummer
06 24 88 38 28
herbert@erfontwikkelaar.nl
Internet
www.erfontwikkelaar.nl
Project
2056
Auteur
H. Oldehinkel
Datum laatst gewijzigd
20 november 2023
Bestandsnaam
2056-BBW-001
Aantal pagina’s
21
3 Inhoudsopgave colofon
2
introductie
4
het erf aan de bruchterbeekweg 18
6
te slopen
8
vigerend beleid
10
ontstaan van het landschap
12
bebouwing langs de bruchterbeekweg
14
inpassing kavels
16
sfeerbeelden van het erf
20
introductie
dé Erfontwikkelaar b.v. heeft het voorliggende ruimtelijk kwaliteitsplan opgesteld in het kader van een ontwikkeling aan de Bruchterbeekweg 18 te Brucht. Het plan bestaat uit het saneren van landschapsontsierende bebouwing waarbij één compenatiewoning middels de beleidsnotitie ‘Erven met kwaliteit’ kan worden bestemd. Aangezien het vanuit milleuoogpunt niet wenselijk is om ter plekke terug te bouwen wordt zowel de bestaande boerderij (deze is bouwkundig in zeer slechte staat) als de compensatiewoning ten zuiden van het bestaande erf gebouwd. De gemeente heeft hier reeds een positief principeakkoord op gegeven. Naast de sloop van ca. 419 m2 landschapsontsierende bebouwing wordt tevens de bestaande boerderij gesloopt. Om ter compensatie een extra woning te bouwen moet netto minimaal 850 m2 aan landschapsontsierende bebouwing met asbest worden gesloopt. De overige sloopmeters zijn middels een overdrachtsbewijs uit de sloopbank gekocht. Het gemeentelijk beleid in deze beoogt dat de bestaande kwaliteit een belangrijke rol speelt bij het versterken van de karakteristiek van het gebied. De gemeente heeft hiervoor de LandschapsIdentiteitskaarten als beleidskader.
4
5
Bruchterbeekweg
locatie
introductie
Het erf aan de Bruchterbeekweg 18 kent een woonbestemming. Er vinden hier al jaren geen agrarische activiteiten meer plaats. Hierdoor kennen de opstallen geen gebruikswaarde meer. Eigenaar is voornemens om alle landschapsontsierende opstallen te slopen. Het is om milleukundige redenen niet wenselijk ter plekke terug te bouwen. Het nieuwe erf zal daarmee te dicht op het industrieterrein en de biovergister aan de Duitslandweg worden gesitueerd. Het erf bestaat naast de landschapsontsierende bebouwing (voormalige stallen) uit een boerderij. De boerderij kent geen karakteristieke hoofdvorm en is in bouwkundige slechte staat. Ook de boerderij wordt gesloopt. Naast het saneren van de landschapsontsierende bebouwing zal de overtollige verharding worden opgeruimd. Het erf wordt weer agrarische grond. De bestaande waardevolle bomen blijven behouden.. Er is gekozen om het nieuwe erf in de structuur van de bebouwing aan de Bruchterbeekweg te positioneren. Hiervoor wordt het bestaande erf verschoven richting de Bruchterbeekweg. Voor deze locatie is een erfinrichtingsplan opgesteld waarbij de landschappelijke waarden versterkt worden.
6
7
gehele erf saneren
herbouwlocatie
Bruchterbeekweg 18 (slooplocatie) en locatie te bouwen woningen
overzicht te slopen
Legenda 1. Te slopen woning (150 m2) 2. Te slopen landschapsontsierende schuren (totaal 420 m2) 3. Op te ruimen (half-) verharding 550 m2
2 1
3 2
De 420 m2 aan te slopen opstallen zijn in te zetten voor 'Erven met kwaliteit'. Aangezien er bij de her te bouwen woning een bijgebouw van 150 m2 mag worden gebouwd moet er van het bruto te slopen oppervlakte 150 m2 worden afgetrokken.
2
Netto kan er dus 420 -150 = 270 m2 worden gebruikt. Vanaf de Stobbeplasweg 2 te Slagharen wordt 546 m2 ingezet en vanaf de Fransenweg 1 te Schuinesloot nog 50 m2. Door 270+546+50 = 866 m2 binnen de gemeente Hardenberg te slopen wordt ruim voldaan aan de minimale sloopeis van 850 m2
8
Bruchterbeekweg 18 (slooplocatie)
laat je erf groeien!
9
boerderij (slopen)
landschapsontsierende bebouwing (slopen)
Bruchterbeekweg 18 (slooplocatie)
vigerend beleid
TOEKOMST: Ontwikkelingsrichting: gemengd gebied Functies: wonen, (verbrede) landbouw en economie (bedrijven)
OMGEVINGSVISIE OVERIJSSEL De Provincie Overijssel stuurt op ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid. Bestaande kwaliteiten moeten worden beschermd en er moeten verbindingen worden gelegd tussen deze bestaande kwaliteiten en nieuwe ontwikkelingen. Dat wil zeggen dat nieuwe ontwikkelingen moeten bijdragen aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Voor het behoud en het versterken van de ruimtelijke kwaliteit vormen essentiële gebiedskenmerken het uitgangspunt.
GEBIEDSKENMERKEN: Middels een verdeling in 4 lagen zijn de gebiedskenmerken binnen de Omgevingsvisie toegelicht: • De natuurlijke laag • De laag van het agrarisch-cultuur landschap • De stedelijke laag • De laag van de beleving
TOELICHTING: Dekzandvlakte en jonge heide en broekontginningslandschap De dekzandgronden beslaan een groot gedeelte van de oppervlakte van de provincie. Kenmerkend voor het jonge heide- en broekontginningslandschap waren oorspronkelijk de grote oppervlakte aan – voormalige – natte en droge heidegronden. Deze waren functioneel verbonden met het essen- en oude hoevenlandschap; hier werd geweid en werden
10
de plaggen gestoken voor in de stal; in de stal bemeste plaggen dienden als structuurverbeteraar en bemesting voor de akkergronden op de essen. Ten opzichte van omliggend essen- en hoevenlandschap zijn de landbouwontginningen relatief grote open ruimtes, deels omzoomd door boscomplex. Erven liggen als blokken aan de weg geschakeld. Wegen zijn lanen met lange rechtstanden. Vaak zijn het 'inbreidings'landschappen met rommelige driehoekstructuren als resultaat. Als ontwikkelingen plaats vinden in de agrarische ontginningslandschappen, dan dragen deze bij aan behoud en versterking van de dragende lineaire structuren van lanen, bosstroken en waterlopen en ontginningslinten met erven en de kenmerkende ruimtematen. VISIENOTA BUITENGEBIED HARDENBERG Visienota Buitengebied Hardenberg De Visienota Buitengebied van de gemeente Hardenberg (2006) is een ruimtelijke visie voor het buitengebied van de gemeente Hardenberg. Het perceel Bruchterbeekweg valt in gebied 4: Vechtdal GEBIEDSKENMERKEN: Landschapstype: Essen- en kampenlandschap Landschapskenmerken: Veel bosgebied en houtwallen Huidige functies: Agrarische bedrijven, overwegend veeteelt
LANDSCHAPSIDENTITEITSKAARTEN: RHEEZE – DIFFELEN EN OMGEVING. In de LIK worden de specifieke kenmerken en kwaliteiten van het deelgebied vastgelegd, welke de basis vormen van zowel het bestemmingsplan als de structuurvisie en het landschapsontwikkelingsplan. Uit het LIK (en het achtergronddocument) zijn die zaken aangehaald welke bruikbaar zijn voor het plan en de inrichting van het plangebied. Het plangebied ligt in het besloten heideontginningslandschap STERK: verspreide bebouwing langs wegen omgeving Brucht en Bergentheim strak rechtlijning wegenpatroon rechthoekige grootschalige verkaveling verspreid liggende bosjes weinig wegbeplanting erven aan de weg rechthoekige erven in de verkavelingsrichting, met kopgevel naar de weg erfbeplanting besloten landschap rondom Brucht-Bergentheim
11
dekzand besloten heideontginningslandschap
natuurlijke laag
jong heide- en broekontginningslandschap
laag van het agrarisch cultuurlandschap
landschapsidentiteitskaart
ontstaan van het landschap
Het plangebied maakt onderdeel uit van het besloten heide ontginningslandschap. Veelal staan de woningen of boerderijen uitgelijnd aan de Bruchterbeekweg. Ofschoon deze beek gekanaliseerd is, is het landschap grotendeels gelijk gebleven. De opstrekkende verkaveling herinnert aan het van oorsprong veel opener landschap. Tweede helft 20e eeuw is er aan de zuidzijde van de Bruchterbeekweg een waterwinningbedrijf gerealiseerd. Hiermee is ook bos aangeplant. Het landschap is hiermee verdicht. Aan de noordzijde is ook in de tweede left van de 20e eeuw industrieterrein aangelegd. De Bruchterbeekweg wordt daarnaast doorsneden door het kanaal Almelo-de Haandrik, de Twenteweg en de spoorlijn Coevorden-Zwolle. Daarmee kent het gebied een eigen identiteit. De zuidzijde bestaat uit bos. Hier was een voormalige waterleidingbedrijf gevestigd. De verscheidenheid aan woningtypen kan als kwaliteit gezien worden. Veelal staan er op de erven schuren die bij de woningen horen. Het gebied kent maar enkele (agrarische-) bedrijven. De meeste erven hebben een woonfunctie. De erven in de omgeving kenmerken zich door de sterke relatie met het landschap. De erven kennen veelal een groene rand in de vorm van houtsingels/ hagen of bomen. De meeste erven liggen direct aan de Bruchterbeekweg. Enkele erven liggen meer naar het noorden. (waarschijnlijk omdat dit hogere zandruggen in het landschap waren).
Op de historische kaart van 1900 is te zien dat de wegen toen dwars door het gebied liepen. (noord-zuid).
12
situatie Bruchterbeekweg 2021
13
situatie Bruchterbeekweg 1950
situatie Bruchterbeekweg 1900
bebouwing langs de bruchterbeekweg
woningen kennen eveneens een divers maar landelijk beeld dat aansluit op het uitgangpunt vanuit de buurtschappennota. Indien het bouwen op de slooplocatie niet wenseijk is kan gekozen worden om de compensatiewoninge elders te realiseren. Bijvoorbeeld als onderdeel van een lintbebouwing. Lintbebouwing is een langgestrekte strook bebouwing die binnen de gemeente Hardenberg met name in de veenontginningen en in mindere mate in de heideontginningen voorkomen.
De landschapsidentiteitskaart geeft als kwaliteit aan: erven aan de weg rechthoekige erven, in de verkavelingsrichting, met kopgevel naar de weg erfbeplanting
In 2014 is de buurtschappennota geschreven. Hier wordt uitgebreid ingegaan op bouwen in het lint.
De erven langs de Bruchterbeekweg kenmerken zich door een eenduidige opbouw van een bescheiden siertuin aan de straatzijde en naast de woningen. De oostzijde is meer groen ingericht met bomen/struweel.
“Door een verantwoorde en optimale benutting van bestaande lintbebouwingen en bebouwingsstructuren, kan de eventuele realisatie van nieuwe uitleggebieden voor planmatige woningbouw enigszins worden beperkt. Dit verbetert in algemene zin de ruimtelijke kwaliteit.
De woningen staan niet op gelijke afstand van de weg. In verband met geluid kunnen de woningen niet meer zo dicht op de weg gebouwd worden als van oorsrong bedoelt was. De verschillende afstand tussen de woningen en de Bruchterbeekweg kan als kwaliteit gezien worden.
woning met wolfskap
Ruimtelijke kwaliteit wordt ook bepaald door de bouwmassa van eventuele nieuwe woonbebouwing. Het uitgangspunt is dat vrijstaande woningen moeten worden gebouwd, in landelijke bouwstijl met dominante kapvormen, (1/3 deel staande gevel en 2/3 dakvlak, ofwel het agrarisch silhouet). Rijenbouw of hoogbouw is niet acceptabel.” Dit uitgangspunt zal ook binnen het plangebied toe te passen zijn. Kijken we naar de Bruchterbeekweg dan valt op dat vanaf het noorden er een lintbebouwing is ontstaan van met name boerderijen. Daarnaast zijn er enkele woningen later gebouwd. Deze nieuwere
14
woning in het verlengde met Bruchterbeekweg
15
lintbebouwing langs de Bruchterbeekweg
landelijke woning verder van de weg
woonboerderij
woonboerderij
inpassing kavels
Vanuit de landschapsidentiteitskaarten wordt de rechtlijnige verkaveling als een kwaliteit gezien. Daarbij staan de woningen gelijk of haaks op de Bruchterbeekweg. Kenmerkend zijn de sobere erven met groen tussen de kavels in de vorm van hagen en bomen. De woningen worden getoetst aan de welstandsnota en kunnen een maximale inhoud van 750 m3 krijgen. Binnen het bestemmingsplan is een afwijkingsbevoegdheid opgenomen om een grotere woning (tot 1000 m3) te bouwen. Echter is dit afhankelijk van het concrete bouwplan van de woning en de landschappelijke inpassing. Op beide erven kan eveneens een bijgebouw van maximaal 100 m2 komen. Deze moet ‘achter’ de voorgevel van de woning staan en mag apart of inpandig worden uitgevoerd.
Het erf wordt ingepast middels een bomenrij aan de oostzijde van het erf. Op het erf worden (fruit-) bomen geplant. De onderlinge afscheiding bestaat uit een streekeigen haag van maximaal 2 (m) hoog. De tuin van de noordelijke kavel krijgt eveneens een lage haag. De zuidelijke kavel zal geen haag als afscherming kennen. Hiermee blijft de diversiteit behouden en wordt voorkomen dat er een te eenvormig rijtje huizen ontstaat. (dit is te stedelijk).
bouwlocatie
Voor de ziudelijke woning wordt een boomgaard aangelegd. Daarmee presenteren beide woningen zich als één erf in het landschap. Tussen de het erf op nr. 20 en het 'nieuwe erf' blijft een doorkijk. De bomen op het bestaande erf blijven behouden.
Er is rekening gehouden met het zicht van de buren op nummer 20. Door de woningen achter deze woning te bouwen behoudt men het vrije uitzicht. De nieuwe woningen komen hiermee ook in het 'ritme' van bebouwing.
16
bouwlocatie
8 2
8
4 3
5 7 6
Bruchterbeekweg 20
laat je erf groeien! overzicht ontwikkeling Bruchterbeekweg
herbert
bestand
2056
1 : 500 1.0
9
www.erfontwikkelaar.nl telnr: 06 24 88 38 28
Bruchterbeekweg 16
schaal
9. Bomen in losse setting
versie
8. Bijgebouw met mogelijkheid voor zonnepanelen
Erfinrichtingsplan Bruchterbeekweg 18 Brucht
7. Boomgaard voor schuurwoning zodat erfgedachte ontstaat
a3
6. Nieuw inrit naar erf
formaat
5. Beukenhaag als accent voorerf boerderijwoning
1 (3)
Bruchterbeekweg 18
4. Gezamenlijke erf
tekeningno
1
3. Compensatiewoning in schuurarchitectuur
datum
2. Her te bouwen boerderij-woning
door
1. Alle opstallen opruimen bomen behouden
30 augustus 2023
project
Legenda
2056-eip-1.vwx
17
sfeerbeelden van het erf
18
berkenrij
hagen op het voorerf
walnoot
hollandse linde
fruitbomen op het erf
bomen op het erf
herbert
2. Aanplant Hollandse linde - Tilia x vulgaris Aanplantmaat 14-16 Eindbeeld is een solitair
2056
bestand door
datum
1. Aanplant hoogstam fruitbomen Malus/Pyrus/Prunus (bij voorkeur oud Hollandse soorten) Aanplantmaat 12-14 met een onderlinge afstand van 6-10 (m) Totaal 6 stuks met als eindbeeld een boomgaard
30 augustus 2023
project
Legenda
2056-eip-1.vwx
19
1
laat je erf groeien! landschapsmaatregelen boerenerf
1 : 500 1.0
5
www.erfontwikkelaar.nl telnr: 06 24 88 38 28
2
schaal
4
versie
6. Bestaande bomen behouden
Erfinrichtingsplan Bruchterbeekweg 18 Brucht
3
a3
5. Aanplant veldesdoorn - Acer campester Aanplantmaat 80-100 met 5 st/m1 planten in driehoeksverband Eindbeeld is een geschoren haag van maximaal 1 (m) hoog langs de weg en max. 2 (m) tussen de kavels
formaat
4. Aanplant zwarte els - Alnus glutinosa Aanplantmaat 12-14 totaal 6 st. Plantafstand 7-10 (m) Eindbeeld is een boomgroep
1 (3)
3. Aanplant ruwe berk - Betula pendula Aanplantmaat 12-14 met een onderlinge afstand van 8-10 (m) Eindbeeld is een losse bomenrij van 8 stuks
tekeningno
6
kwaliteitsimpuls groene omgeving
20
Met de kwaliteitsimpuls Groene Omgeving biedt de provincie Overijssel beleidsruimte aan gemeenten voor ontwikkelingen in de groene ruimte. Nieuwe ontwikkelingen moeten mogelijk zijn onder voorwaarde dat ze bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving. In het buitengebied is ruimte voor grootschalige uitbreidingen en nieuwe ontwikkelingen mits die gelijk opgaan met verbeteringen van de ruimtelijke kwaliteit. Ruimtelijke kwaliteit wordt gerealiseerd door naast bescherming vooral in te zetten op het verbinden van bestaande gebiedskwaliteiten en nieuwe ontwikkelingen, waarbij bestaande kwaliteiten worden beschermd en versterkt en nieuwe kwaliteiten worden toegevoegd. De methodiek voor het bepalen van de balans tussen ontwikkelingsruimte en de gevraagde investering in de groene omgeving, is gericht op het volgende: hoe meer de ontwikkeling als gebiedsvreemd te beschouwen is en /of hoe groter de schaal en impact op de ruimtelijke kwaliteit is, des te zwaarder weegt dat aan de ontwikkelingskant van de balans en hoe hoger de aanvullende kwaliteitsprestaties dan dienen te zijn. Als het gaat om een gebiedsvreemde ontwikkeling van een grote schaal en met een grote impact op de omgeving, dan zal een forse investering in het landschap nodig zijn. Om te beoordelen of medewerking kan worden verleend aan het verzoek, wordt het volgende model gevolgd:
GEBIEDSEIGEN ONTWIKKELING Het ontwikkelingsperspectief voor het plangebied voorziet primair in het bieden van ruimte aan (verbrede) agrarische bedrijven en wonen. (mixlandschap). In voorliggend geval is dan ook sprake van een gebiedseigen functie. Tevens draagt het initiatief bij aan het sociaal en economisch vitaal houden van het buitengebied..
SCHAAL EN IMPACT OP DE OMGEVING De activiteiten zullen plaatsvinden op een plek aansluitend op bestaande bebouwing.(voorwaarde uit de beleidsnotitie 'Erven met kwaliteit'. Er is geen sprake van een waardevolle doorkijk. De schaal en impact op de omgeving is daarmee klein of zelfs positief te beoordleen. EIGEN BELANG EN MAATSCHAPPELIJK BELANG Er is sprake van een eigen belang. Het is een particulier initiatief. Ook is er een maatschappelijk belang. Op het erf staan landschapsontsierende bebouwing met asbest. Middels de sloop van het geheel en het opruimen van de verharding en gebiedsvreemde beplanting rondom de boerderij zal de ruimtelijke kwaliteit van het gehele gebied verbeteren. Dit is goed voor de leefomgeving en het landschap. TEGENPRESTATIE Al met al worden er boven op de basisinspanning aanvullende kwaliteitsprestaties gevraagd, die bijdragen aan de versterking van de gebiedskenmerken uit het landschapsontwikkelingsplan en de ontwikkelingsrichting uit de ontwikkelingsvisie. Deze tegenprestatie zal bestaan door het slopen van netto 866 m2 landschapsontsierende bebouwing binnen de gemeente Hardenberg.
laat je erf groeien
bestemmingsplan Bruchterbeekweg 18, Brucht
Bijlage 2 Akoestisch rapport
26
Bijlagen bij toelichting (vastgesteld)
Akoestiek Bouwfysica Brandveiligheid Geluid Milieu
MEMO Datum:
5 september 2023
Onze referentie:
22210085.M01a
Betreft:
Bestemmingsplanwijziging Bruchterbeekweg 18 – onderzoek industrielawaai
Behandeld door:
J. Dijkstra (projectleider)
Inleiding Voor het perceel Bruchterbeekweg 18 te Brucht wordt een bestemmingswijziging voorbereid. Dit in verband met een beoogde herindeling van het perceel, waarbij de bestaande woning wordt gesloopt en herbouwd en aanvullende voorzien is in de bouw van een extra woning. Een overzicht van de de te realiseren situatie is gegeven in het als figuur 1 bij deze memo gevoegde erfinrichtingsplan.
Geluidzone De beide te realiseren woningen liggen binnen de akoestische invloedssfeer van de in het kader van de Wet geluidhinder geluidgezoneerde industrieterreinen Nieuwe Haven / Bruchterweg / Broeklanden. De ligging van de 50 dB(A) zonegrens is weergegeven in afbeelding 1.
Noorman Hendriks Partners BV Hoofdvestiging en postadres Paterswoldseweg 808 9728 BM Groningen
Vestiging Apeldoorn Laan van Westenenk 162 7336 AV Apeldoorn
T 050 525 09 92 E info@noormanadvies.nl I www.noormanadvies.nl
Bank rek.nr. NL05 INGB 0005 9657 21 BTW NL008482627.B01
Kvk nr 02042874 | Lid NLingenieurs | ISO 9001 gecertificeerd
www.noormanadvies.nl
Afbeelding 1:
Overzicht van de situatie
Locatie nieuw te bouwen woningen
50 dB(A) zonegrens
Grenswaarden Wet geluidhinder In de Wet geluidhinder (Wgh) zijn grenswaarden gegeven met betrekking tot de toelaatbare geluidbelasting (vanwege een geluidgezoneerd industrieterrein) op geluidgevoelige bestemmingen binnen de geluidzone. Op basis van de Wgh bedraagt de toelaatbare geluidbelasting, uitgedrukt als etmaalwaarde, bij voorkeur niet meer dan Letmaal = 50 dB(A). Een hogere geluidbelasting tot ten hoogste Letmaal = 55 dB(A) is toelaatbaar, mits het binnenniveau voldoet aan ten hoogste 35 dB(A) etmaalwaarde.
Gevelgeluidwering De minimale gevelgeluidwering van een nieuw te bouwen woning dient op grond van het Bouwbesluit 2012 tenminste 20 dB(A) te bedragen. Het toelaatbare binnenniveau vanwege industrielawaai bedraagt op grond van het besluit 35 dB(A).
22210085.M01a
pagina 2 van 4
www.noormanadvies.nl
Voor de nieuw te realiseren woningen betekent dit dat bij een geluidbelasting Letmaal ≤ 55 dB(A) het te verwachten binnenniveau ten hoogste 55 – 20 = 35 dB(A) etmaalwaarde bedraagt en daarmee voldoet aan de normstelling als vastgelegd in zowel het Bouwbesluit 2012 als de Wgh. Een nader onderzoek naar de gevelgeluidwering en/of het treffen van aanvullende geluidwerende maatregelen is bij een geluidbelasting tot en met 55 dB(A) etmaalwaarde niet nodig.
Geluidbelasting en woon- en leefklimaat In het verleden is voor de bestaande woning aan de Bruchterbeekweg 18 een hogere grenswaarde vastgesteld van Letmaal = 54 dB(A). Uit een door de Omgevingsdienst IJsselland uitgevoerd akoestisch onderzoek (kenmerk Z2023-00001776, memo d.d. 17-02-2023) volgt voor de nu te realiseren situatie een geluidbelasting van maximaal Letmaal = 51 dB(A). Deze waarde is inclusief 1,5 dB(A) groeiruimte voor de toekomstige ontwikkelingen en uitbreidingen van bedrijven op het industrieterrein. De resultaten van het onderzoek zijn weergegeven in tabel 1. Tabel1: Rekenresultaten gecumuleerde geluidbelasting inclusief 1,5 dB(A) groeiruimte op de gevels. (Conform onderzoek Omgevingsdienst IJsselland) Waarneempunt P01 Noorgevel woning 1 P02 Oostgevel woning 1 P03 Zuidgevel woning 1 P04 Westgevel woning 1 P05 Noorgevel woning 2 P06 Oostgevel woning 2 P07 Zuidgevel woning 2 P08 Westgevel woning 2
Etmaalwaarde (LAr,LT) in dB(A) H=1,5 meter
H=4,5 meter
49 48 37 44 49 48 38 46
51* 50 39 45 51* 50 40 48
* Rood: Overschrijding van de voorkeurswaarde.
Omdat de wijze van het zonebeheer aan veranderingen onderhevig is, beveelt de omgevingsdienst in haar rapportage aan om bij het vaststellen van de verhoogde grenswaarde uit te gaan van de maximaal af te geven grenswaarde van 55 dB(A). Gezien de eerder genoemde minimale eis van het bouwbesluit (minimale geluidswering van 20 dB(A) in een nieuw te bouwen woning) zal deze verhoogde grenswaarde niet leiden tot een binnenniveau boven de 35 dB(A). Qua milieugezondheidkwaliteit is een geluidbelasting tussen 50 en 55 dB(A) etmaalwaarde te karakteriseren als ‘vrij matig’ (bron: rapport “Gezondheidseffectscreening, Milieu en gezondheid in ruimte-
22210085.M01a
pagina 3 van 4
www.noormanadvies.nl
lijke planvorming”, januari 2018, GGD GHOR Nederland). Dit is gelet op de ligging binnen de geluidzone inherent aan de situatie. Mede gelet op het binnenniveau (niet hoger dan 35 dB(A) etmaalwaarde) kan het akoestisch woon- en leefklimaat als acceptabel worden beoordeeld. Het aanvullend treffen van bronmaatregelen ter beperking van de geluidbelasting is niet mogelijk (de geluidzone is een vaststaand gegeven). In theorie kan middels overdrachtsmaatregelen en/of aanpassingen in het bouwplan de geluidbelasting op geluidgevoelige ruimten van de nieuw te bouwen woningen worden beperkt. Dergelijke maatregelen worden, mede gelet op de relatief beperkte geluidbelasting, als te ingrijpend voor het bouwplan beoordeeld.
Conclusie Voor de bouw van de beide woningen dient een hogere waarde procedure te worden doorlopen. In aansluiting op hetgeen hieromtrent door de Omgevingsdienst IJsselland is aangegeven bedraagt de voor beide woningen vast te stellen hogere waarde Letmaal = 55 dB(A). Het vaststellen van deze hogere waarde heeft geen gevolgen voor de bedrijven op het geluidgezoneerde industrieterrein omdat er al rekening is gehouden met een groeiruimte van 1,5 dB(A) voor mogelijke toekomstige ontwikkelingen en uitbreidingen van bedrijven op het industrieterrein. Daarbij komt 4 dB(A) ruimte voor veranderingen in het zonebeheer die tot afwijkingen in de berekening kunnen leiden. Rekening houdend met de op grond van het Bouwbesluit 2012 minimaal te realiseren gevelgeluidwering wordt binnen de woningen voldaan aan het toelaatbare binnenniveau van ten hoogste 35 dB(A) etmaalwaarde. Het akoestisch woon- en leefklimaat is als acceptabel te beoordelen. Nadere maatregelen ter beperking van de geluidbelasting zijn niet nodig.
Noorman Bouw- en milieu-advies
22210085.M01a
pagina 4 van 4
www.noormanadvies.nl
Figuren
22210085 Figuur 1 (verkleind naar A4-formaat)
Powered by TCPDF (www.tcpdf.org)
bestemmingsplan Bruchterbeekweg 18, Brucht
Bijlage 3 Bodemonderzoek
Bijlagen bij toelichting (vastgesteld)
33
Verkennend Bodemonderzoek
Project:
2021-328
Locatie:
Bruchterbeekweg 18 te Brucht
Opdrachtgever:
F. Lammers Bruchterbeekweg 12 7696 BA Brucht
Datum:
31 mei 2022
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
Verkennend Bodemonderzoek Bruchterbeekweg 18 te Brucht
Opdrachtgever:
F. Lammers Bruchterbeekweg 12 7696 BA Brucht
Adviesbureau:
Dumea Milieu Bornsestraat 24 7597 NE Saasveld
Status: Versie: Datum versie: Projectnummer:
Definitief 1 31 mei 2022 2021-328
Auteur:
Joost Stevelink*
Paraaf:
Kwaliteitscontrole:
Niek Hesselink*
Paraaf:
Veldwerkers:
Joost Stevelink, Mark Morsink (in opleiding)*
*De vermelde personen zijn akkoord met de openbaring van zijn of haar persoonsgegevens in het kader van de AVG-privacy wetgeving.
2021-328
31-5-2022
Pagina 2 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
Inhoudsopgave Pagina 1
Inleiding
4
2
Vooronderzoek
5
3
4
5
2.1 Locatie gegevens
5
2.2 Algemene informatie locatie
5
2.3 Directe omgeving locatie
6
2.4 Eerder uitgevoerd (bodem)onderzoek
6
2.5 Regionale bodemopbouw en geohydrologie
6
2.6 Vooronderzoek PFAS
7
2.7 Vooronderzoek 5707 Asbest
7
2.8 Visuele inspectie bodemoppervlak op asbest
7
Onderzoeksprogramma
8
3.1 Hypothesestelling
8
3.2 Onderzoeksopzet
9
3.3 Analysestrategie
9
Onderzoeksresultaten
12
4.1 Bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen
12
4.2 Analyseresultaten
14
4.3 Toetsing van de hypothese
16
4.4 Toetsing aan de noodzaak tot vervolgonderzoek
17
Samenvatting en conclusie
BIJLAGE I: BIJLAGE II: BIJLAGE III: BIJLAGE IV: BIJLAGE V: BIJLAGE VI:
2021-328
18
Situering van de locatie Situering van de locatie (schaal 1: 2000) Overzichtstekening boorpunten Boorstaten Analysecertificaten en Overschrijdingstabellen Foto's
31-5-2022
Pagina 3 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
1 Inleiding In opdracht van F. Lammers heeft Dumea Milieu een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie Bruchterbeekweg 18 te Brucht. De regionale ligging van de locatie is weergegeven in bijlage I. In onderhavig onderzoek is het verkennend bodemonderzoek uitgebreid met een asbest in grondonderzoek. Aanleiding van het onderzoek is in het kader van voorgenomen bestemmingswijziging, sloop- en nieuwbouwactiviteiten. Doel van het onderzoek is het door middel van een steekproef conform het soort bodemonderzoek, nagaan van de huidige kwaliteit van de grond op de locatie. Het onderzoek is niet bedoeld om de exacte aard en omvang van een eventuele verontreiniging aan te geven. Het verkennend onderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen: - NEN 5725 Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek (NEN5725:2017); - NEN 5740 Bodem - Landbodem - strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond (NEN5740:2009+A1:2016); - NEN 5707 Bodem – Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem.
(NEN 5707+C2:2017) - NEN 5897 Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat (NEN5897+C2:2017) - VKB Protocol 2001 “Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen” - VKB Protocol 2002 “Het nemen van grondwatermonsters” - VKB Protocol 2018 “Locatie inspectie en monsterneming van asbest in bodem"
Dumea Milieu is een handelsnaam van Terra Agribusiness. Het procescertificaat van Terra Agribusiness en het hierbij behorende keurmerk (BRL SIKB 2000) zijn van toepassing op de activiteiten inzake het milieukundig veldwerk, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, en de overdracht van de monsters aan een erkend laboratorium. Om de onafhankelijkheid van het onderzoek te waarborgen, verklaart Terra Agribusiness op geen enkele wijze gelieerd te zijn aan de te onderzoeken projectlocatie, zowel in juridische, financiële of personele sfeer. De opbouw van dit rapport wordt als volgt weergegeven: - vooronderzoek naar historie en bodemgesteldheid; - opstellen van een hypothese; - opstellen van een onderzoeksstrategie; - resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek; - conclusies, aanbevelingen en samenvatting. In geval van klachten kan de opdrachtgever zich wenden tot Dumea Milieu en zo nodig tot de certificerende-instelling (Normec).
2021-328
31-5-2022
Pagina 4 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
2 Vooronderzoek Conform het onderzoeksprotocol NEN 5725 is ten behoeve van de onderzoeksstrategie op de locatie een vooronderzoek uitgevoerd. De onderstaande informatie is afkomstig uit:
Tabel 1 Bronnen vooronderzoek Bron
Omschrijving
www.ahn.nl
AHN (Algemeen Hoogtebestand Nederland)
www.bodemloket.nl
Bodemloket van Nederland
www.topotijdreis.nl
Historische kaarten
www.dinoloket.nl
Ondergrond gegevens van Nederland
BAG viewer
Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG)
Gemeente Hardenberg
Historische informatie van de locatie
Informatie Opdrachtgever
F. Lammers
Inspectie onderzoekslocatie
Visueel inspectie van de locatie
2.1 Locatie gegevens Gegevens over de locatie zijn weergegeven in onderstaande tabel
Tabel 2 Locatiegegevens Kadastrale gemeente
Bruchterbeekweg 18 te Brucht Ambt-Hardenberg
Sectie
AB
Percelen
816, 949
Oppervlakte van de onderzoekslocatie
<10000 m2
Eigenaar/ gebruiker
-
Korte beschrijving van de onderzoekslocatie
De onderzoekslocatie bestaat uit een erf met opstallen
Bebouwing
Op de onderzoekslocatie staan meerdere opstallen
Verharding
De onderzoekslocatie is gedeeltelijk verhard met klinkers en beton
Adres onderzoekslocatie
2.2 Algemene informatie locatie De locatie aan Bruchterbeekweg 18 te Brucht betreft een voormalig (kleinschalig) agrarisch bedrijf met enkele schuren. Op de locatie staat een woonboerderij met enkele opstallen. Initiatiefnemer is voornemens de bestaande bebouwing te slopen en het woonperceel te verplaatsen om daar nieuw te bouwen. De onderzoekslocatie bestaat uit het gehele erf, de inrit van half-verharding en een gedeelte landbouwgrond (zie bijlage III). Op historische kaarten is vanaf 1929 bebouwing op de locatie te zien. Volgens het BAG-register is de huidige woonboerderij gebouwd in 1920. De opstallen zijn volgens het register eveneens gebouwd in 1920. De opstallen bevatten asbesthoudende dakbedekking. Op de locatie hebben zich in het verleden, voor zover bekend, geen calamiteiten en/of bedrijfsactiviteiten voorgedaan die van invloed zijn geweest op de bodemkwaliteit van onderhavige onderzoekslocatie. Tevens is er voor zover bekend, op de locatie nooit opslag aanwezig geweest van chemicaliën of brandstoffen zoals huisbrandolie of diesel. Vanaf de weg loopt een pad van half-verharding naar het erf. Er is verder geen bodemrelevante informatie van de onderzoekslocatie bekend bij de geraadpleegde bronnen.
2021-328
31-5-2022
Pagina 5 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
2.3 Directe omgeving locatie De onderzoekslocatie is gelegen in het buitengebied van Brucht. De omgeving bestaat voornamelijk uit agrarische bedrijven, landbouwpercelen en woonhuizen. De directe omgeving wordt op historische kaarten aangeduid als "Beekzicht". Er is geen bodemrelevante informatie van de directe omgeving van de onderzoekslocatie bekend welke mogelijk invloed heeft gehad op de bodemkwaliteit ter plaatse van onderzoekslocatie. 2.4 Eerder uitgevoerd (bodem)onderzoek Voor zover bekend zijn er in het verleden op de locatie geen bodemonderzoeken uitgevoerd. 2.5 Regionale bodemopbouw en geohydrologie De regionale geohydrologische bodemopbouw is weergegeven in onderstaande figuur.
Figuur 1 Geologisch opbouw landelijk model DGM v2.2
De boorlocatie bevindt zich circa 10 meter boven NAP. De regionale grondwaterstroming is noordwestelijk.
2021-328
31-5-2022
Pagina 6 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
2.6 Vooronderzoek PFAS PFAS komt op verschillende manieren in het grond- en grondwatersysteem in Nederland terecht. Bij lokaal gebruik en calamiteiten leidt dit tot het 'klassieke' bron-grondwaterpluim beeld. Het meest verdacht voor PFAS in het milieu zijn die locaties waar PFAS worden geproduceerd. Ook brandweer-oefen-plaatsen waar met grote regelmaat brandblusschuim is toegepast, zijn verdacht. Er zijn echter ook vele andere toepassingen van PFAS die kunnen leiden tot een grondof grondwaterverontreiniging. In het handelingskader van het Expertisecentrum PFAS zijn alle bedrijfsactiviteiten en toepassingen beschreven waar PFAS wordt gebruikt en de kans dat daarbij PFAS in het milieu vrijkomt. Uit historisch onderzoek van onderhavig onderzoekslocatie blijkt dat geen van de beschreven toepassingen uit het handelingskader plaats heeft gevonden op of nabij de onderzoekslocatie. Op basis van de verkregen informatie kan gesteld worden dat de onderzoekslocatie als onverdacht gedefinieerd kan worden met betrekking tot PFAS in de bodem. 2.7 Vooronderzoek 5707 Asbest Uit de verkregen historische informatie blijkt dat vanaf circa 1920 bebouwing op de locatie aanwezig is. Het is aannemelijk dat tijdens (ver)bouwwerkzaamheden asbest in de gebouwen verwerkt is. De daken van de schuren bevatten of hebben (deels) asbesthoudende dakbedekking bevat.
Er zijn acht druppelzones waar het lekwater van de asbesthoudende dakbedekking rechtstreeks in de onbeschermde bodem terechtkomt. Door het (jarenlange) gebruik als agrarisch erf wordt de locatie als verdacht beschouwd met betrekking tot de aanwezigheid van asbest in de bodem. 2.8 Visuele inspectie bodemoppervlak op asbest Op 9-5-2022 & 12-5-2022 is de locatie visueel geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbest. De maaiveldinspectie is uitgevoerd conform de NEN 5707. Het maaiveld van de onderzoekslocatie is verdeeld in stroken van ongeveer 1m breed en is strook voor strook in 2 richtingen haaks op elkaar geïnspecteerd. In onderstaande tabel zijn de resultaten van de maaiveldinspectie beknopt weergegeven.
Tabel 3 Maaiveldinspectie NEN 5707 & NEN 5897 Aandachtsgebied
Opmerking
Oppervlakte geïnspecteerde locatie
<10000
Conditie toplaag
Droog
Beperkingen van de inspectie
Neerslag: geen, >25% vegetatie, >25% verharding
Weersomstandigheden
Zicht: > 50m
Asbestverdacht materiaal op maaiveld aangetroffen?
Ja
Opmerking
De maaiveldinspectie werd beperkt door de vegetatie en verharding. Inspectie-efficientie: <50%, de waarde van de inspectie is onvoldoende om het verdachte gebied in te perken en een kwantitatieve uitspraak te doen over het asbestgehalte in de toplaag.
Resultaat maaiveld inspectie Er is ter plaatse van de opstallen asbestverdacht materiaal op het maaiveld aangetroffen.
2021-328
31-5-2022
Pagina 7 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
3
Onderzoeksprogramma
3.1
Hypothesestelling
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Op basis van de resultaten van het vooronderzoek zijn voor de locatie één of meer hypotheses geformuleerd ten aanzien van grond en grondwaterverontreiniging. Op basis van het historisch vooronderzoek blijkt dat de locatie een (voormalige) agrarische bedrijfslocatie betreft. Naar aanleiding van de bevindingen van het historisch vooronderzoek wordt de locatie als verdacht beschouwd en wordt als best passende strategie VED-HE gehanteerd. De bovengrond van de onderzoekslocatie kan als verdacht worden beschouwd met betrekking tot de chemische parameters alsmede asbest. In het kader van de NEN5740 en NEN5707 dient de bovengrond onderzocht te worden conform onderzoeksstrategie VED-HE. De ondergrond kan als onverdacht beschouwd worden. Het gedeelte landbouwgrond kan op basis van het vooronderzoek als onverdacht worden beschouwd met betrekking tot de chemische parameters alsmede asbest. In het kader van de NEN5740 dient de boven- en ondergrond te worden onderzocht conform onderzoeksstrategie ONV-NL. Tijdens het veldwerk wordt de locatie geïnspecteerd en zullen de boringen zintuiglijk worden beoordeeld. Bij zintuiglijk bijzondere waarnemingen kan de strategie nog worden aangepast. De volgende deellocaties en hypotheses worden aangehouden:
Tabel 4 Deellocaties en hypothese NEN5740 Locatie Erfgedeelte Landbouwgrond
Hypothese
Verdachte stoffen
Opmerking
Verdacht (VED-HE) Onverdacht (ONV-NL)
Zware metalen, PAK -
< 3000 m2 < 7000 m2
Verkennend bodemonderzoek NEN 5707 & NEN 5897 Het asbest in grondonderzoek heeft tot doel het globaal vaststellen van het gemiddelde asbestgehalte van de deellocatie (ruimtelijke eenheid) en het vaststellen van de globale omvang van een eventueel aanwezige asbestverontreiniging. De half-verharding wordt onderzocht conform de NEN5897, paragraaf 6.5.2. De druppelzones worden onderzocht conform de strategie VED-HE van de NEN5707.
Tabel 5 Deellocaties en hypothese NEN5707 & NEN 5897 Locatie Erfgedeelte Half-verharding Druppelzone 1 Druppelzone 2 Druppelzone 3 Druppelzone 4 Druppelzone 5 Druppelzone 6 Druppelzone 7 Druppelzone 8
2021-328
Hypothese Verdacht (VED-HE) Verdacht Verdacht (VED-HE) Verdacht (VED-HE) Verdacht (VED-HE) Verdacht (VED-HE) Verdacht (VED-HE) Verdacht (VED-HE) Verdacht (VED-HE) Verdacht (VED-HE)
Verdachte stoffen Asbest in grond Asbest in puin Asbest in grond Asbest in grond Asbest in grond Asbest in grond Asbest in grond Asbest in grond Asbest in grond Asbest in grond
31-5-2022
Opmerking <7000 m1 <800 m2 <100 m1 <100 m1 <100 m1 <100 m1 <100 m1 <100 m1 <100 m1 <100 m1
Pagina 8 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
3.2 Onderzoeksopzet De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 9 en 12 mei 2022 (plaatsing peilbuizen en monstername grond), en 20 mei 2022 (monstername grondwater). De positie van de boorlocaties zijn weergegeven in bijlage III.
Tabel 6 Onderzoeksopzet NEN 5740
1 2
Locatie
Ondiepe boringen1
Erfgedeelte Landbouwgrond
11 12
Diepe boringen2
Peilbuizen
2 3
1 1
Analyses grond
Analyses water
3x st. grond AS3000 4x st. grond AS3000
1x st. grondwater AS3000 1x st. grondwater AS3000
Ondiepe boringen standaard tot 0,5 m-mv. Diepe boringen tot de grondwaterstand met een minimum van1,0 m-mv en een maximum van 2,0 m-mv.
Tabel 7 Onderzoeksopzet NEN 5707 & NEN 5897 Locatie Erfgedeelte Half-verharding Druppelzone 1 Druppelzone 2 Druppelzone 3 Druppelzone 4 Druppelzone 5 Druppelzone 6 Druppelzone 7 Druppelzone 8
Proefgaten ondiep1 11 5 2* 2* 2* 2* 2* 2* 2* 2*
Proefgaten met diepe boring2 2 -
Analyses asbest in grond3 3 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1
Ondiep proefgat standaard 0,3m x 0,3m x 0,5m (lxbxh). Standaard proefgat van 0,3m x 0,3m x 0,5m (lxbxh) diep doorgeboord met edelmanboor Ø 12cm. 3 Analyse conform NEN5898; aantal analyses asbest in materiaal op basis van zintuiglijke waarnemingen in het veld. * Druppelzones standaard 2,0m x 0,30m x 0,10 (lxbxh). 2
3.3 Analysestrategie Ten behoeve van het analytisch onderzoek zijn op het laboratorium mengmonsters samengesteld. In de onderstaande tabel is de samenstelling van de monsters verwerkt. De aangetroffen situatie ten tijde van de uitvoering van de veldwerkzaamheden gaf geen aanleiding tot het aanpassen van de onderzoeksstrategie.
Tabel 8 Analyse onderzochte monsters NEN 5740 BM1
Traject (m-mv) 0,00 - 0,50
BM2
0,00 - 0,50
BM3
0,00 - 0,50
BM4
0,00 - 0,50
BM5
0,00 - 0,50
Analyse monster
2021-328
Deelmonsters
Analyse
2 (0,00 - 0,50) 3 (0,00 - 0,50) 4 (0,00 - 0,50) 5 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 7 (0,05 - 0,50) 8 (0,00 - 0,50) 9 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 14 (0,05 - 0,50) 36 (0,00 - 0,50) 37 (0,00 - 0,50) 38 (0,00 - 0,50) 39 (0,00 - 0,50) 40 (0,00 - 0,50) 41 (0,00 - 0,50) 50 (0,00 - 0,50) 51 (0,00 - 0,50) 42 (0,00 - 0,50) 43 (0,00 - 0,50) 44 (0,00 - 0,50) 45 (0,00 - 0,50) 46 (0,00 - 0,50) 47 (0,00 - 0,50) 48 (0,00 - 0,50) 49 (0,00 - 0,50)
AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
Arseen (As) (AS3000), AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
Arseen (As) (AS3000), AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
31-5-2022
Pagina 9 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
OM1
0,50 - 2,00
OM2
0,50 - 2,00
OM3
0,50 - 2,00
1 (0,50 - 1,00) 1 (1,00 - 1,50) 1 (1,50 - 2,00) 3 (0,50 - 1,00) 3 (1,00 - 1,50) 3 (1,50 - 2,00) 9 (0,50 - 1,00) 9 (1,00 - 1,50) 9 (1,50 - 2,00) 36 (0,50 - 1,00) 36 (1,00 - 1,50) 36 (1,50 - 2,00) 37 (0,50 - 1,00) 37 (1,00 - 1,50) 37 (1,50 - 2,00) 42 (0,50 - 1,00) 42 (1,00 - 1,50) 42 (1,50 - 2,00) 49 (0,50 - 1,00) 49 (1,00 - 1,50) 49 (1,50 - 2,00)
AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb
In verband met de aangetroffen roesthoudende lagen in de bovengrond ter plaatse van het perceel landbouwgrond is de parameter arseen toegevoegd aan het analysepakket. Analyse monster
Traject (m-mv)
Analyse
Pb1wm1 Pb36wm1
2,50 - 3,50 2,00 - 3,00
NEN 5740gw standaardpakket (AS3000) NEN 5740gw standaardpakket (AS3000)
Alle monsters ten behoeve van de NEN 5740 zijn geanalyseerd door AL-West Agrolab BV. Alle analyses zijn AS3000 erkende verrichtingen.
Motivatie analysestrategie erfgedeelte Conform de NEN5740 strategie VED-HE-NL, dienen er 3 grondmonsters in de verdachte laag geanalyseerd te worden. Op basis van het historische gebruik van de locatie is de bovengrond de meest verdachte laag. Op basis van zintuiglijke waarnemingen en het beoogde gebruik van de onderzoekslocatie is besloten om 3 mengmonsters van de bovengrond (BM1, BM2 en BM3) en tevens 1 mengmonster van de ondergrond (OM1) te analyseren.
2021-328
31-5-2022
Pagina 10 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
Tabel 9 Analyse onderzochte monsters NEN 5707 & NEN 5897 Analyse monster MM1
Traject (m-mv) 0,00 - 0,50
MM2
0,00 - 0,50
MM3
0,00 - 0,50
MM4
0,00 - 0,15
DZ1
0,00 - 0,10
DZ2
0,00 - 0,10
DZ3
0,00 - 0,10
DZ4
0,00 - 0,10
DZ5
0,00 - 0,10
DZ6
0,00 - 0,10
DZ7
0,00 - 0,10
DZ8
0,00 - 0,10
mvmmv
0,00 - 0,01
Deelmonster
Analyse
2 (0,00 - 0,50) 3 (0,00 - 0,50) 4 (0,00 - 0,50) 5 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 7 (0,05 - 0,50) 8 (0,00 - 0,50) 9 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 14 (0,05 - 0,50) 31 (0,00 - 0,15) 31 (0,00 - 0,15) 32 (0,00 - 0,15) 32 (0,00 - 0,15) 33 (0,00 - 0,15) 33 (0,00 - 0,15) 34 (0,00 - 0,15) 34 (0,00 - 0,15) 35 (0,00 - 0,15) 35 (0,00 - 0,15) 15 (0,00 - 0,10) 16 (0,00 - 0,10) 17 (0,00 - 0,10) 18 (0,00 - 0,10) 19 (0,00 - 0,10) 20 (0,00 - 0,10) 21 (0,00 - 0,10) 22 (0,00 - 0,10) 23 (0,00 - 0,10) 24 (0,00 - 0,10) 25 (0,00 - 0,10) 26 (0,00 - 0,10) 27 (0,00 - 0,10) 28 (0,00 - 0,10) 29 (0,00 - 0,10) 30 (0,00 - 0,10) Mvmmv (0,00 - 0,01)
Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest NEN5898 (10 kg)
Asbest NEN5898 (25 kg)
Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest NEN5898 (10 kg) Asbest mat.verzamelm.NEN5896
Alle monsters ten behoeve van de NEN 5707 zijn geanalyseerd door ACMAA Laboratorium te Deurningen.
Gezien de zintuiglijke waarnemingen kan gesteld worden dat de homogeniteit van de verschillende inspectiegaten voldoende aanwezig is.
2021-328
31-5-2022
Pagina 11 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
4
Onderzoeksresultaten
4.1 Bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen In bijlage V zijn de visuele waarnemingen in de vorm van boorprofielen weergegeven. Veldwaarnemingen De bovengrond bestaat uit matig fijn zand, zwak humeus. De ondergrond bestaat eveneens uit matig fijn zand. In de onderstaande tabel zijn de zintuiglijk waargenomen bijzonderheden weergegeven:
Tabel 10 Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Boring/Gat 1 2 3 4 5 8 10 13 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51
Diepte boring (m -mv) 3,50 0,50 2,00 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 0,10 3,00 2,00 0,50 0,50 0,50 0,50 2,00 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 2,00 0,50 0,50
Traject (m -mv) 2,50 - 3,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 0,00 - 0,10 2,80 - 3,00 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
laagjes veen sporen baksteen, zwak wortelhoudend sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen, zwak wortelhoudend zwak wortelhoudend zwak wortelhoudend zwak wortelhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend, zwak wortelhoudend zwak puinhoudend, zwak wortelhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend, zwak wortelhoudend zwak puinhoudend, zwak wortelhoudend zwak puinhoudend, zwak wortelhoudend zwak puinhoudend, zwak wortelhoudend zwak puinhoudend, zwak wortelhoudend zwak puinhoudend, zwak wortelhoudend zwak puinhoudend, zwak wortelhoudend zwak puinhoudend, zwak wortelhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend sterk leemhoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend zwak roesthoudend
Ter plaatse van de zuidoostelijke opstallen zijn meerdere asbestverdachte materialen aangetroffen op het maaiveld (zie bijlage III). Het maaiveld ter plaatse bestaat uit blad, strooisel afkomstig van bomen, niet-zijnde bodem. In en op deze laag zijn meerdere asbestverdachte materialen aangetroffen. Deze opstallen zijn vervallen en in zeer slechte staat. Inpandig liggen ook meerdere asbestverdachte materialen. Ter plaatse van de moestuin zijn tevens enkele asbestverdachte materialen aangetroffen. In de inspectiegaten ter plaatse van de opstallen en moestuin zijn zintuiglijk geen bijzonderheden aangetroffen.
2021-328
31-5-2022
Pagina 12 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
Ter plaatse van de overige deellocaties zijn geen asbestverdachte materialen aan het oppervlak, in de inspectiegaten en boringen aangetroffen. Plaatselijk zijn in enkele inspectiegaten laagjes straatzand aangetroffen. Deze laagjes zijn dusdanig gering van omvang en in zwakke mate aanwezig dat hier geen separate laag van onderscheiden kan worden. Het pad van half-verharding bestaat uit matig grof grind tot een diepte van circa 0,15 m-mv. In deze inspectiegaten zijn zintuiglijk geen bijzonderheden waargenomen. Tussen de bestaande opstallen is beperkte ruimte aanwezig en er zijn veel (bouw- en sloop)materialen gesitueerd ter plaatse. Van enkele inspectiesleuven was het niet mogelijk om deze direct onder de lekstroom te plaatsen. De sleuven zijn direct geplaatst waar het mogelijk was. De mengmonsters BM1 en MM1 zijn samengesteld uit de individuele licht baksteenhoudende grondmonsters van de bovengrond westelijk van het erf. De mengmonsters BM2 en MM2 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond centraal gelegen van het erf. De mengmonsters BM3 en MM3 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond inpandig. De mengmonsters BM4 en MM4 zijn samengesteld uit de individuele matig puinhoudende grondmonsters van de bovengrond ter plaatse van de noordelijke gelegen opstallen.
De mengmonsters BM4 en BM5 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond ter plaatse van de landbouwgrond. Het mengmonster MM4 is samengesteld uit de individuele monsters van de half-verharding. Het mengmonster OM1 is samengesteld uit de individuele grondmonsters van de ondergrond van het erfgedeelte. De mengmonsters OM2 en OM3 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de ondergrond van het landbouwgrond. De mengmonsters van de druppelzones (DZ1 t/m DZ8) betreffen de druppelzones van de opstallen (zie bijlage III). Grondwater De filterbuis wordt minimaal een halve meter beneden de grondwaterspiegel geplaatst, waarna de dichte buis tot iets boven maaiveld wordt gemonteerd en afgedicht met bentoniet om instroom van oppervlaktewater te voorkomen. In onderstaande tabel zijn de gegevens betreffende de grondwaterbemonstering opgenomen:
Tabel 11 Metingen grondwater Peilbuis Pb1wm1 Pb36wm1
Filterdiepte (m -mv) 2,50 - 3,50 2,00 - 3,00
Grondwaterstand (m -mv) 1,82 1,48
pH (-) 5,5 5,4
EC (µS/cm) 207 441
Troebelheid (NTU) 25,3 5,02
Geen van de gemeten waarden wijkt duidelijk af van de waarde, welke gezien de natuurlijke omstandigheden verwacht kan worden.
2021-328
31-5-2022
Pagina 13 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
4.2 Analyseresultaten De resultaten van de chemische analyses zijn weergegeven in bijlage V. Alle monsters ten behoeve van de NEN 5740 zijn geanalyseerd door AL-West Agrolab. Deze analyses zijn allen AS3000 erkende verrichtingen. Alle monsters ten behoeve van de NEN 5707 & NEN 5897 zijn geanalyseerd door ACMAA Laboratorium te Deurningen.
Tabel 12 Toetsingskader Wbb Concentratie ≤ AW-waarde (of < detectielimiet) * > AW-waarde ≤ T-waarde > T-waarde ≤ I-waarde
Betekenis Niet verontreinigd Licht verontreinigd Matig verontreinigd
> I-waarde
Sterk verontreinigd
Opmerking Geen aanvullend onderzoek nodig Geen aanvullend onderzoek nodig Mogelijk nader bodemonderzoek noodzakelijk Nader bodemonderzoek noodzakelijk; mogelijk sprake van ernstige bodemverontreiniging
Code * ** ***
* Voor grondwater geldt de streefwaarde Toelichting: De AW-waarden zijn achtergrondwaarden en zijn referentiewaarden voor een multifunctionele bodem. De halve som van de AW- en I-waarden ((AW+I)/2 = T-waarde) is een toetsingswaarde waarboven er een vermoeden is van ernstige bodemverontreiniging. Door middel van aanvullend onderzoek moet dit vermoeden worden getoetst. De I-waarden zijn de ‘interventiewaarden’. Als de I-waarde voor een stof wordt overschreden in meer dan 25 m3 grond of in meer dan 100 m3 grondwater (bodemvolume), dan wordt gesproken van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
2021-328
31-5-2022
Pagina 14 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
Tabel 13 Analyseresultaten NEN 5740 Monster
Traject (m-mv)
BM1
0,00 - 0,50
BM2
0,00 - 0,50
BM3
0,00 - 0,50
BM4
0,00 - 0,50
BM5
0,00 - 0,50
OM1
0,50 - 2,00
OM2
0,50 - 2,00
OM3
0,50 - 2,00
Pb1wm1 Pb36wm1
2,50 – 3,50 2,00 – 3,00
Samenstelling 2 (0,00 - 0,50) 3 (0,00 - 0,50) 4 (0,00 - 0,50) 5 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 7 (0,05 - 0,50) 8 (0,00 - 0,50) 9 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 14 (0,05 - 0,50) 36 (0,00 - 0,50) 37 (0,00 - 0,50) 38 (0,00 - 0,50) 39 (0,00 - 0,50) 40 (0,00 - 0,50) 41 (0,00 - 0,50) 50 (0,00 - 0,50) 51 (0,00 - 0,50) 42 (0,00 - 0,50) 43 (0,00 - 0,50) 44 (0,00 - 0,50) 45 (0,00 - 0,50) 46 (0,00 - 0,50) 47 (0,00 - 0,50) 48 (0,00 - 0,50) 49 (0,00 - 0,50) 1 (0,50 - 1,00) 1 (1,00 - 1,50) 1 (1,50 - 2,00) 3 (0,50 - 1,00) 3 (1,00 - 1,50) 3 (1,50 - 2,00) 9 (0,50 - 1,00) 9 (1,00 - 1,50) 9 (1,50 - 2,00) 36 (0,50 - 1,00) 36 (1,00 - 1,50) 36 (1,50 - 2,00) 37 (0,50 - 1,00) 37 (1,00 - 1,50) 37 (1,50 - 2,00) 42 (0,50 - 1,00) 42 (1,00 - 1,50) 42 (1,50 - 2,00) 49 (0,50 - 1,00) 49 (1,00 - 1,50) 49 (1,50 - 2,00) Pb1 Pb36
Verhogingen Min. olie*
-
-
-
-
-
-
-
Ba*
* verhoging groter dan streefwaarde ** verhoging groter dan tussenwaarde *** verhoging groter dan interventiewaarde
2021-328
31-5-2022
Pagina 15 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
Tabel 14 Analyseresultaten NEN 5707 & NEN 5897 Monster MM1
Traject (m-mv) 0,00 - 0,50
MM2
0,00 - 0,50
MM3
0,00 - 0,50
MM4
0,00 - 0,15
DZ1
0,00 - 0,10
DZ2
0,00 - 0,10
DZ3
0,00 - 0,10
DZ4
0,00 - 0,10
DZ5
0,00 - 0,10
DZ6
0,00 - 0,10
DZ7
0,00 - 0,10
DZ8
0,00 - 0,10
mvmmv
0,00 - 0,01
Samenstelling 2 (0,00 - 0,50) 3 (0,00 - 0,50) 4 (0,00 - 0,50) 5 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 7 (0,05 - 0,50) 8 (0,00 - 0,50) 9 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 14 (0,05 - 0,50) 31 (0,00 - 0,15) 31 (0,00 - 0,15) 32 (0,00 - 0,15) 32 (0,00 - 0,15) 33 (0,00 - 0,15) 33 (0,00 - 0,15) 34 (0,00 - 0,15) 34 (0,00 - 0,15) 35 (0,00 - 0,15) 35 (0,00 - 0,15) 15 (0,00 - 0,10) 16 (0,00 - 0,10) 17 (0,00 - 0,10) 18 (0,00 - 0,10) 19 (0,00 - 0,10) 20 (0,00 - 0,10) 21 (0,00 - 0,10) 22 (0,00 - 0,10) 23 (0,00 - 0,10) 24 (0,00 - 0,10) 25 (0,00 - 0,10) 26 (0,00 - 0,10) 27 (0,00 - 0,10) 28 (0,00 - 0,10) 29 (0,00 - 0,10) 30 (0,00 - 0,10) Mvmmv
Matrix Asbest in grond
Resultaat Bevat geen asbest
Asbest in grond
Bevat geen asbest
Asbest in grond
Bevat geen asbest
Asbest in puin
Bevat geen asbest
Asbest in grond
Bevat geen asbest
Asbest in grond
Bevat geen asbest
Asbest in grond
1,3 mg/kg ds*
Asbest in grond
Bevat geen asbest
Asbest in grond
Bevat geen asbest
Asbest in grond
14 mg/kg ds
Asbest in grond
18 mg/kg ds
Asbest in grond
Bevat geen asbest
Asbestmateriaal
Cement met cellulosevezels 3,5% chrysotiel, 1,05% crocidoliet
Het resultaat in bovenstaand tabel is het gewogen asbestgehalte berekend door het gehalte aan serpentijn asbest te vermeerderen met 10 maal het gehalte aan amfibool asbest. * Van de zeeffractie <0,5 mm is maximaal 10 gram kwalitatief beoordeeld en deze bevat asbestverdachte vezels.
4.3
Toetsing van de hypothese
Onderdeel
Deellocatie
NEN 5740 NEN 5740 NEN 5707 NEN 5897 NEN 5707 NEN 5707 NEN 5707 NEN 5707 NEN 5707 NEN 5707 NEN 5707 NEN 5707
Erfgedeelte Landbouwgrond Erfgedeelte Half-verharding Druppelzone 1 Druppelzone 2 Druppelzone 3 Druppelzone 4 Druppelzone 5 Druppelzone 6 Druppelzone 7 Druppelzone 8
2021-328
Gestelde hypothese
Hypothese verworpen of aangenomen
Verdacht Onverdacht Verdacht Verdacht Verdacht Verdacht Verdacht Verdacht Verdacht Verdacht Verdacht Verdacht
Grotendeels verworpen Grotendeels aangenomen Verworpen Verworpen Verworpen Verworpen Grotendeels verworpen Verworpen Verworpen Grotendeels verworpen Grotendeels verworpen Verworpen
31-5-2022
Pagina 16 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
4.4
Toetsing aan de noodzaak tot vervolgonderzoek
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740
Erfgedeelte Er zijn geen concentraties in de grond en het grondwater boven de tussenwaarde aangetroffen, dit houdt in dat er geen aanleiding bestaat voor het laten uitvoeren van een nader onderzoek.
Landbouwgrond Er zijn geen concentraties in de grond en het grondwater boven de tussenwaarde aangetroffen, dit houdt in dat er geen aanleiding bestaat voor het laten uitvoeren van een nader onderzoek. Verkennend bodemonderzoek NEN5707 & NEN 5897
Erfgedeelte Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In de mengmonsters is analytisch geen asbest aangetoond. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.
Half-verharding Ter plaatse van de half-verharding zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In het mengmonster is analytisch geen asbest aangetoond. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.
Druppelzones Ter plaatse van de druppelzones zijn twee inspectiesleuven gegraven. In de mengmonsters is analytisch geen asbest aangetoond of de gewogen asbestgehalten zijn ruim lager dan de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.
2021-328
31-5-2022
Pagina 17 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
5 Samenvatting en conclusie Op een locatie gelegen aan Bruchterbeekweg 18 te Brucht, kadastraal bekend gemeente: AmbtHardenberg, Sectie: AB, nummer(s): 816, 949 is op 9 en 12 mei 2022 een verkennend bodemonderzoek conform NEN5740 en 5707/5897 uitgevoerd. De locatie aan Bruchterbeekweg 18 te Brucht betreft een voormalig (kleinschalig) agrarisch bedrijf met enkele schuren. Op de locatie staat een woonboerderij met enkele opstallen. Initiatiefnemer is voornemens de bestaande bebouwing te slopen en het woonperceel te verplaatsen om daar nieuw te bouwen. De onderzoekslocatie bestaat uit het gehele erf, de inrit van half-verharding en een gedeelte landbouwgrond (zie bijlage III).
Verkennend bodemonderzoek NEN5740 Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn boringen en inspectiegaten uitgevoerd ten behoeve van een bodemonderzoek conform de NEN5740 en NEN5707.
Erfgedeelte In de bovengrondmengmonsters BM2 en BM3 zijn geen verhogingen aangetroffen. In het bovengrondmengmonster BM1 is een lichte verhoging minerale olie aangetroffen. In het ondergrondmengmonster OM1 zijn eveneens geen verhogingen aangetroffen. In het grondwatermonster Pb1wm1 zijn geen verhogingen aangetroffen.
Landbouwgrond In de bovengrondmengmonsters BM4 en BM5 zijn geen verhogingen aangetroffen. In de ondergrondmengmonsters OM2 en OM3 zijn eveneens geen verhogingen aangetroffen. In het grondwatermonster Pb36wm1 is een lichte verhoging barium aangetroffen.
Verkennend bodemonderzoek NEN5707 "asbest in bodem" & NEN5897 “asbest in puin” Tijdens de maaiveld- inspectie zijn ter plaatse van de zuidoostelijke opstallen en de moestuin meerdere asbestverdachte materialen op het maaiveld aangetroffen.
Erfgedeelte Ter plaatse van de locatie zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In de mengmonsters MM1, MM2 en MM3 is analytisch geen asbest aangetoond.
Half-verharding Ter plaatse van de half-verharding zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In het mengmonster MM4 is analytisch geen asbest aangetoond.
Druppelzones Ter plaatse van de druppelzones zijn twee inspectiesleuven gegraven en is er een mengmonster samengesteld. In de mengmonsters van DZ1, DZ2, DZ4, DZ5 en DZ8 is analytisch geen asbest aangetoond. De mengmonsters van DZ3, DZ6 en DZ7 zijn licht asbesthoudend; de gewogen asbestgehalten zijn ruim lager dan de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek. Tevens zijn in de fractie <0,5mm asbestverdachte vezels aangetroffen van DZ3. Dit geeft aanleiding tot een SEM-analyse. Echter wordt de interventiewaarde al overschreden of er wordt niet verwacht dat door middel van een SEM-analyse de interventiewaarde zal worden overschreden.
2021-328
31-5-2022
Pagina 18 van 25
Verkennend bodemonderzoek Bruchterbeekweg 12 te Brucht
Geadviseerd wordt om het aanwezige asbest op het maaiveld en in het strooisel van blad, middels handpicking of afgraven van het strooisel, te verwijderen.
Algemeen Op basis van onderhavig onderzoek wordt een nader bodemonderzoek voor deze locatie niet noodzakelijk geacht. De onderzoekslocatie wordt vanuit milieuhygiënisch oogpunt, na sanering van de asbestverdachte materialen, voor dit onderdeel geschikt geacht voor het beoogde gebruik. Als grond van de locatie vrijkomt, moet er rekening mee worden gehouden dat deze niet zonder meer elders toepasbaar is. Op hergebruik van grond is het “Besluit bodemkwaliteit” van toepassing. De toepassing van grond elders moet worden gemeld via het ‘meldpunt bodemkwaliteit’. Naast het “Besluit bodemkwaliteit” dient opgemerkt te worden dat in het kader van de “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS houdende grond en baggerspecie” ook onderzoek naar PFAS noodzakelijk is.
Hoewel het verrichte veld- en laboratoriumonderzoek volgens de geldende normen zijn uitgevoerd, dienen de onderzoeksresultaten met enige voorzichtigheid te worden gehanteerd. Door de bodem steekproefsgewijs te onderzoeken is ernaar gestreefd om een representatief beeld te krijgen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en het grondwater. Het is echter nooit uit te sluiten dat er lokaal afwijkingen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem in het grondwater voorkomen. Het uitgevoerde onderzoek is verkennend en betreft een momentopname.
2021-328
31-5-2022
Pagina 19 van 25
BIJLAGE I Situering van de locatie
Omgevingskaart
Deze kaart is noordgericht. Hier bevindt zich de onderzoekslocatie
BIJLAGE II Situering van de locatie
Kadastrale kaart
Uw referentie: 328
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens