CConstaterende datHardenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3a Duurzaamheidsleidraad Slagharen Noord

gemeenteraad 16 december 2025, gemeente HardenbergBij agendapunt: Besluit tot gedeeltelijke wijziging van het Omgevingsplan Hardenberg voor nieuwbouwwijk ’Slagharen Noord’6.683 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Duurzaamheidsleidraad Slagharen Noord

1

Inhoudsopgave 1.Introductie

1.1. Duurzame gebiedsontwikkeling bij de gemeente Hardenberg 1.2. Waarom aan de slag met duurzame gebiedsontwikkeling in Slagharen Noord 1.3. Slagharen Noord: ervaring opdoen met duurzame gebiedsontwikkeling

2. De duurzaamheidsleidraad 2.1. Doel duurzaamheidsleidraad 2.2. Totstandkoming duurzaamheidsleidraad 2.3. Van ambities naar prestaties 2.4. Leeswijzer

Bijlagen

1: Proces tot aan duurzaamheidsleidraad 2: Integraliteit duurzaamheidskader 3: Bouwadaptief programma van eisen 4: Resultaten analyse met GPR Stedenbouw 5: GPR Gebouw profielen 6: Voorbeelden procesaanpak

3. Duurzaamheidskader 3.1. Energie 3.2. Circulariteit 3.3. Mobiliteit 3.4. Natuur en biodiversiteit 3.5. Klimaatadaptatie 3.6. Gezondheid 3.7. Sociale waarde

4. Proces

4.1. Toelichting proces 4.2. Implementatie ontwerpeisen gebied 4.3. Implementatie prestatie-eisen gebouw 4.4. Aanpak ontwikkelaars 4.5. Projectfasering

2

1. Introductie 1.1. Duurzame gebiedsontwikkeling bij de gemeente Hardenberg

De gemeente Hardenberg heeft een forse woningbouwopgave de komende jaren: er zullen ongeveer 3500 nieuwe woningen worden gebouwd de komende 20 jaar. Op deze manier draagt Hardenberg bij aan de grote vraag naar woningen in de regio. De woningen worden voor een belangrijk deel gerealiseerd in nieuw te ontwikkelen gebieden in verschillende kernen van de gemeente. Naast de noodzaak van een versnelde woningbouwproductie zal de gemeente Hardenberg ook bijdragen aan belangrijke beleidsagenda’s op het gebied van duurzaamheid. Landelijke afspraken uit het Klimaatakkoord en de ambitie naar een circulaire economie in 2050 vragen concrete invulling in de huidige woningbouwontwikkeling. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de CO2-emissies in 2030 zijn gereduceerd met 49% en met 95% in 2050. Dit vraagt onder meer stevige inzet op het verduurzamen van de energievoorziening. Het beperken van de energievraag is via de wettelijke eisen voor de energieprestatie al op een vergaand niveau gebracht. De productie van duurzame energie is via de Regionale Energie Strategie (RES) uitgewerkt. Bij nieuwbouwontwikkelingen zetten we maximaal in op duurzame energie op gebouw- én gebiedsniveau. Via de Circulaire Bouwagenda worden belangrijke impulsen gegeven voor het ontwikkelen van een circulaire bouweconomie. Circulair bouwen kan op verschillende manieren worden ingevuld.

In het landelijke platform CB23 werken veel deskundigen aan de ontwikkeling van methodieken om circulair bouwen beter te definiëren en meetbaar te maken. Dit platform is op initiatief van enkele grote opdrachtgevers, waaronder ProRail en Rijkswaterstaat. Op de website van het initiatief staat: “Platform CB’23 wil bouw-breed partijen met circulaire ambities met elkaar verbinden, zowel in de GWWsector als in de woning- en utiliteitsbouw. Het streven is om vóór 2023 nationale, bouwsector-brede afspraken op te stellen over circulair bouwen.”

Deze twee belangrijke beleidsagenda’s leiden tot minder belasting van het milieu en moeten ervoor zorgen dat de klimaatverandering wordt gestopt en het gebruik van primaire grondstoffen wordt verminderd. Naast deze twee belangrijke ambities zullen we in de gebouwde omgeving ook rekening moeten houden met de gevolgen van klimaatverandering en de teruggang van biodiversiteit. Klimaatadaptatie en natuurinclusief bouwen zijn thema’s die in belang toenemen. Maatregelen hiervoor zorgen niet alleen voor het voorkomen van schade, maar ook voor meer omgevingskwaliteit. Mobiliteit is een volgend belangrijk thema dat impact heeft in de wijze waarop wijken worden ingericht. De toename van elektrische auto’s en het autodelen vragen om andere oplossingen dan gewoonlijk. De elektrische auto zal op termijn een belangrijke schakel gaan vormen in het energiesysteem op wijkniveau. Via moderne batterijtechnologie vormt de auto straks een buffer voor duurzaam opgewekte elektriciteit. Autodeelconcepten zorgen mogelijk voor minder parkeerdruk. Naast de meer fysieke thema’s zijn gezondheid en sociale waarde twee onderwerpen die een belangrijke bijdrage leveren aan het welzijn van mensen. Door deze twee onderwerpen nadrukkelijk mee te nemen zorgt de gemeente Hardenberg voor de randvoorwaarden die het de bewoners makkelijk maakt om gezond en in verbinding met hun omgeving te leven.

Tot slot zijn de Social Development Goals (SDG’s), waar verschillende duurzaamheidsdoelen integraal in worden samengebracht een belangrijk thema voor Hardenberg. De SDG’s geven voor de gemeente Hardenberg richting aam de verduurzamingsopgave Door op duurzame wijze gebieden te ontwikkeling brengt zij onderstaande doelen in de praktijk.

3

1.2. Waarom aan de slag met duurzame gebiedsontwikkeling in Slagharen Noord In Slagharen Noord gaat Hardenberg proactief aan de slag met duurzame gebiedsontwikkeling. Hier zijn, naast de in paragraaf 1.1 beschreven beleidsagenda’s, twee andere redenen voor: 1. Ambities in de Omgevingsvisie. De gemeente Hardenberg onderkent de noodzaak om bij te dragen aan de nationale doelstellingen duurzaamheidsdoelstellingen. Ambities op het gebied van duurzame gebiedsontwikkeling beschrijft de gemeente in haar Omgevingsvisie. In het document ‘WE30827 Duurzame gebiedsontwikkeling Slagharen Noord - startnotitie_def.pdf’ is dit verder toegelicht. Deze ambities op het gebied van duurzame gebiedsontwikkeling moeten vertaald worden naar de praktijk. 2. Eisen provincie. De ontwikkeling van Slagharen Noord tot woonwijk kan alleen wanneer het voldoet aan de harde eis van de provincie dat de wijk duurzaam wordt gerealiseerd. Deze eis is gesteld bij ontwikkelingen die plaatsvinden in het buitengebied.

1.3. Slagharen Noord: ervaring opdoen met duurzame gebiedsontwikkeling

De ontwikkeling van Slagharen Noord grijpen we aan als proefproject om ervaring op te doen met duurzame gebiedsontwikkeling. Tijdens het proces ontwikkelen we op basis van bestuurlijk vastgestelde ambities kaders voor de verdere uitwerking van het plan. Tegelijk ontwikkelen we een werkwijze die repeteerbaar is voor andere gebiedsontwikkelingen in de gemeente Hardenberg. In deze notitie, in de vorm van een duurzaamheidsleidraad, zijn de ambities beschreven die van toepassing zijn op de ontwikkeling van Slagharen Noord. Deze ambities zijn via een interactief proces uitgewerkt in concrete kaders. Tevens is gekeken naar de wijze waarop de gemeente werkt aan de ontwikkeling van dit gebied. Doel daarbij is na te gaan op welke momenten duurzaamheidsaspecten aan de orde zijn en hoe deze in het proces geborgd kunnen worden.

4

2. De duurzaamheidsleidraad 2.1. Doel duurzaamheidsleidraad

De leidraad heeft, zoals gezegd, twee doelen: (1) concrete kaders te bieden op het gebied van duurzaamheid. (2) een aanpak bieden hoe deze kaders worden gebruikt om duurzaamheid gedurende het proces te toetsen en aantoonbaar in de praktijk te brengen. De duurzaamheidsleidraad is bedoeld als handvat voor het projectteam van Slagharen Noord. De input in de duurzaamheidsleidraad wordt verwerkt in officieel vastgelegde documenten, als een stedenbouwkundig programma van eisen en een kavelpaspoort. Hiermee wordt de input uit de duurzaamheidsleidraad bindend gemaakt. Zie voor meer informatie over dit proces hoofdstuk 4.

2.2. Totstandkoming duurzaamheidsleidraad Voor de ontwikkeling van Slagharen Noord zijn ambities en eisen voor duurzaamheid uitgewerkt die in de verdere uitwerking van de gebiedsontwikkeling worden meegenomen. Om tot deze ambities en eisen te komen zijn gesprekken gevoerd met alle betrokken disciplines van de gemeente. In twee bijeenkomsten zijn in gezamenlijkheid keuzes gemaakt en is gekeken hoe deze in het verdere proces meegenomen moeten worden. Een uitgebreidere toelichting van dit proces is te vinden in bijlage 1. Vervolgens zijn de stedenbouwkundige ontwerpvarianten geanalyseerd op het gebied van duurzaamheid, zowel op gebieds- als op gebouwniveau. Op basis van deze verkenningen zijn de definitieve prestaties voor gebied en gebouw vastgesteld. Deze vormen de maatlat voor het verdere ontwikkelproces.

2.3. Van ambities naar prestaties

We werken dus vanuit inhoudelijke ambities aan deze gebiedsontwikkeling. De ambities zijn vertaald naar minimale eisen per thema. In het ontwerp- en realisatieproces is toetsing van de ontwerpen en de inhoudelijke keuzes die per fase worden gemaakt cruciaal. Hiervoor gebruiken we GPR als hulpmiddel: GPR Stedenbouw om de duurzaamheidsprestaties op gebiedsniveau inzichtelijke te maken; GPR Gebouw om dat voor de woningen en eventueel andere opstallen te doen. Voor elk thema zijn dan ook in ieder geval eisen op het gebied van GPR vastgelegd. GPR staat van oorsprong voor Gemeentelijke Praktijk Richtlijn. Op initiatief van de gemeente Tilburg is in 1995 gestart met de ontwikkeling van deze meetmethode voor duurzaam bouwen. Inmiddels is GPR een breed geaccepteerd en veel toegepast hulpmiddel bij het realiseren van duurzame gebouwen en gebieden. In bijlage 4 zijn op basis van de eerste stedenbouwkundige modellen de resultaten van GPR Stedenbouw weergegeven. Voor GPR Gebouw zijn we uitgegaan van de typen woningen die in het gebied worden gerealiseerd. Ook hiervoor zijn minimale GPR-scores bepaald waaraan deze woningen moeten voldoen. De resultaten daarvan zijn opgenomen in bijlage 4.

5

Figuur 1: Opbouw GPR Gebouw versie 4.4

Figuur 2: Opbouw GPR Stedenbouw versie 1.6 Energie

Ruimtelijke inrichting

Gezondheid

Gebruikskwaliteit

Toekomstwaarde

Vermindering energievraag

Ruimte en grondgebruik

Geluid

Mobiliteit

Toekomstgerichtheid

Energieprestatie (EPL)

Natuur

Luchtkwaliteit

Functionaliteit

Flexibiliteit

Water

Externe veiligheid

Belevingswaarde

Gebruikswaarde

Bebouwing en infrastructuur

Hinder en comfort

Energiebesparende maatregelen op Gebiedsniveau

6

2.4. Leeswijzer De duurzaamheidsleidraad bevat naast de introductie twee zaken: een duurzaamheidskader (hfst 3) en een procesaanpak (hfst 4). Het duurzaamheidskader bevat het inhoudelijke kader. Met andere woorden wat we willen bereiken. De procesaanpak bevat het proces dat doorlopen moet worden om de doelen te bereiken. Met andere woorden hoe we willen dat bereiken.

2.4.1. Duurzaamheidskader

Het kader beslaat zeven verschillende duurzaamheidsthema’s: 1 Energie 2 Circulariteit 3 Mobiliteit 4 Natuur en biodiversiteit 5. Klimaatadaptatie 6. Gezondheid 7. Sociale waarde Per thema is toegelicht hoe hoog het ambitieniveau voor dit thema is. Er zijn drie ambitieniveaus: 1. Voldoen aan wet- en regelgeving 2. Enkele aanvullende maatregelen nemen 3. Een koploperspositie innemen

De ambitieniveaus, ambities zijn in gezamenlijkheid door de projectgroep bepaald (zie bijlage 1). De eisen zijn geformuleerd op basis van de input van dezelfde projectgroep, op basis van ervaringen bij andere succesvolle duurzame gebiedsontwikkelingsprojecten, op basis van landelijke leidraden en op basis van de input in GPR Gebouw en GPR Stedenbouw. Het duurzaamheidskader is thematisch uitgewerkt, maar vormt een integraal geheel. In bijlage 2 is de integraliteit van deze eisen zichtbaar gemaakt. Alle eisen zijn hier onder elkaar weergegeven, en bij elke eis is “aangevinkt” op welke duurzaamheidsthema’s deze eis een positief effect heeft. In deze bijlage zijn de eisen ook genummerd.

2.4.2. Procesaanpak Ook het proces tot implementatie is met de projectgroep bepaald (zie bijlage 1). Ook hierbij is gebruik gemaakt van ervaringen bij eerdere succesvolle duurzame gebiedsontwikkelingsprojecten. De procesaanpak omvat de stappen vanaf vastlegging van deze duurzaamheidsleidraad tot het daadwerkelijk realiseren van de duurzaamheidsambities in dit gebied.

Het duurzaamheidskader bevat per thema verder het volgende: • Een duurzaamheidsambitie. Dit is een meer abstracte uitspraak van dat wat we willen bereiken en is daarmee richtinggevend. • Ontwerpeisen gebied. Dit is een vertaling van de ambitie naar verifieerbare ontwerpeisen op gebiedsniveau. • Prestatie-eisen gebouw. Dit is een vertaling van de ambitie naar verifieerbare prestatie-eisen op gebouwniveau.

7

Figuur 3: Kernbegrippen in de duurzaamheidsleidraad

Duurzaamheidsleidraad

De leidraad heeft twee doelen: (1) concrete kaders bieden op het gebied van duurzaamheid (2) een aanpak bieden hoe deze kaders worden gebruikt om duurzaamheid gedurende het proces te toetsen en aantoonbaar in de praktijk te brengen.

Duurzaamheidskader

Een thematische uitwerking van wat wordt bereikt op het gebied van duurzaamheid.

Procesaanpak

Het proces dat doorlopen moet worden om het wenselijke resultaat te bereiken.

Per thema Duurzaamheidsambitie

Een abstracte maar richtinggevende uitspraak van dat wat we willen bereiken.

Ontwerp-eisen gebied Een vertaling van de ambitie naar verifieerbare ontwerpeisen op gebiedsniveau.

Prestatie-eisen gebouw

Een vertaling van de ambitie naar verifieerbare prestatieeisen op gebouwniveau.

8

3. Duurzaamheidskader 3.1. Energie

Op het gebied van energie is Hardenberg voor Slagharen Noord ambitieuzer dan een standaard gebiedsontwikkeling en is gekozen voor ambitieniveau 2: aanvullende maatregelen treffen ten opzichte van het wettelijk minimum. Niet BENG (BijnaEnergieNeutraleGebouwen; het bouwbesluit) maar energieneutraal en deels zelfs nul-op-de-meter. De huidige ontwikkelingen op het gebied van energiekosten maken het verdedigbaar om energieneutrale woningen te ambiëren. Voor de rijwoningen, die door woningcorporaties worden ontwikkeld en verhuurd, wordt de ambitie op nul-op-de-meter gezet. Dit ligt in lijn met de prestatieafspraken die tussen Hardenberg en corporatie Vechtdal Wonen zijn gemaakt. Hierbij nemen we de voorwaarden mee die zijn opgenomen in de Regeling energieprestatievergoeding huur. De gekozen ambities op het gebied van energie dragen ook bij aan de ambitie van de gemeente Hardenberg om in 2030 30% van de gebruikte energie zelf op te wekken (zoals benoemd in het document ‘Meerjarenprogramma_Duurzaam_Hardenberg_.pdf’)

Figuur 4: Voorbeeld duurzame energievoorziening

9

Energie Ambitie: Een energieneutrale wijk met nul-op-de-meter sociale huurwoningen. Ontwerpeisen gebied: Eis Geclusterde parkeervoorzieningen aan de randen van het gebied gecombineerd met opwek van zonne-energie en deelmobiliteit. Voorkomen van een hitte-eiland effect door effectief en kwalitatief groen (om actieve koeling te voorkomen). Het gebied scoort minimaal een 10,0 op het thema ‘energie’ in GPR Stedenbouw.

Prestatie-eisen gebouwen: Eis

Indicator

Prestatie

Aantonen via

Alle vrijstaande woningen en meergezinswoningen zijn minimaal energieneutraal.

BENG2

0 kwh/m2.jr

BENG-berekening

Alle sociale huurwoningen zijn minimaal nul-op-de-meter.

BENG1 = 0 BENG3 >100%

Te bepalen o.b.v. BENG berekening [kwh/m2.jr]

BENG-berekening Zie ook Regeling Energieprestatie vergoeding (EPV)

Alle woningen scoren minimaal een score 9,0 op het thema ‘energie’ in GPR Gebouw.

GPR Gebouw

9

GPR Gebouw berekening

Overige eisen: Uitvoeren van een energiescan en ontwikkelen van een energievisie om te bepalen of een collectieve warmtevoorziening passend is.

10

3.2. Circulariteit

Zoals in het document ‘Meerjarenprogramma_Duurzaam_Hardenberg_.pdf’ is beschreven is circulariteit een nieuw thema voor de gemeente Hardenberg. Het is een thema waar de gemeente mee aan de slag wil. Daarom worden in het project Slagharen Noord eerste stappen gezet richting circulair bouwen en is gekozen voor ambitieniveau 2. Om circulariteit te operationaliseren en te bepalen waar op wordt ingezet worden de vijf strategieën van circulair bouwen gebruikt, zie de afbeelding hiernaast. De MilieuPrestatie Gebouw (MPG) is door de landelijke overheid aangewezen als instrument om te sturen op een lage milieu-impact en de circulariteit van gebouwen. Op dit moment mogen nieuwbouwwoningen maximaal een MPG-score van 0,8 hebben. Er zijn veel ontwikkelingen wat betreft de MPG. Mogelijk is de maximale MPG-score per 2025 0,5. Ook is er aandacht voor een methodiek waarin energie en materialen integraal worden beoordeeld. Een betere prestatie op het gebied van energie zorgt namelijk voor een slechtere MPG-score, door de hoge milieu-impact van zonnepanelen. Vanuit het project Slagharen Noord wordt gestuurd op een lagere MPG dan nu verplicht is. Voor dit project is gekozen voor een maximale MPG-score van 0,7, omdat ook een goede energieprestatie wordt geambieerd. Op basis van ontwikkeling wat betreft de MPG kan dit eventueel gedurende het project nog verder worden aangescherpt.

Figuur 5: Strategieën circulair bouwen

11

Circulariteit Ambitie: In de wijk worden circulaire (hernieuwbare en hergebruikte) materialen toegepast in de gebouwen en in de openbare ruimte. Ontwerpeisen gebied: Eis Al het vrijkomend materiaal (sloop maar ook hout en organisch materiaal) wordt zoveel mogelijk hergebruikt binnen het gebied. Het gebied scoort minimaal een 8,0 score op het thema ‘ruimtelijke kwaliteit’ in GPR Stedenbouw.

Prestatie-eisen gebouwen: Eis

Indicator

Prestatie

Aantonen via

Alle woningen hebben een MPG van maximaal 0,7.

MPG

0,7 €/m2

MPG-berekening

Alle woningen scoren minimaal een 6,5 op het thema ‘milieu’ in GPR Gebouw.

GPR Gebouw

6,5

GPR Gebouw berekening

12

Mobiliteit

Het gebied Slagharen Noord leent zich er niet voor om koploper te worden op het gebied van duurzame mobiliteit. De wens is wel om stappen zetten, ook door de sterke relatie van duurzame mobiliteit met gezond en natuurinclusief bouwen. Daarom is gekozen voor ambitieniveau 2,5. In haar Omgevingsvisie beschrijft de gemeente Hardenberg het belang van een gezonde en natuurinclusieve leefomgeving, met de ambitie om landschap en natuur te versterken en positieve gezondheid te bevorderen. Een meer duurzaam mobiliteitsconcept past hier heel goed in. Dit betekent ook dat het gebruik van fietsen en wandelen wordt gestimuleerd, en het gebruik van (een tweede) auto wordt ontmoedigd. Dit resulteert in een ander parkeerbeleid in Slagharen Noord. Bij vrijstaande woningen en 2onder-1-kap woningen is ruimte voor een parkeerplek, voor de rest gebeurt parkeren geclusterd aan de rand van het gebied.

Figuur 6: Voorbeeld parkeerplek elektrische auto

13

Mobiliteit Ambitie: Een autoluw gebied met voorzieningen voor emissieloze deelmobiliteit en opwek van zonne-energie. Ontwerpeisen gebied: Eis Bij vrijstaande woningen en 2-onder-1-kap woningen is ruimte voor één parkeerplek per woning. Parkeerplekken voor rijwoningen en appartementen, eventuele tweede auto’s (van bewoners van vrijstaande woningen en 2-onder-1 kap woningen) en bezoekers zijn geclusterd aan de randen van het gebied en “verstopt” in groen. De geclusterde parkeerplekken zijn gecombineerd met voorzieningen voor emissieloze deelmobiliteit en opwek van zonne-energie. Fietsen en wandelen wordt optimaal gestimuleerd en gefaciliteerd door minimaal voldoende ruimte voor langzaam verkeer een wandel- en fietsverbinding naar het groene uitloopgebied en de langzaamverkeersroute naar Slagharen Centrum. Het gebied scoort minimaal een 8,0 score op ‘gebruikskwaliteit’ in GPR Stedenbouw.

14

3.3. Natuur en biodiversiteit

Zoals benoemd wordt in de Omgevingsvisie van de gemeente Hardenberg beschreven dat de gemeente de ambitie heeft om landschap en natuur te versterken. Het project Slagharen Noord ligt in een landelijk gebied, en is daarmee erg geschikt om volop in te zetten op natuur en biodiversiteit. Er is daarom gekozen voor ambitieniveau 3.

Figuur 7: Voorbeeld natuurinclusieve woning

15

Natuur en biodiversiteit Ambitie: Het gebied heeft een dragende groenstructuur met een zeer hoge biodiversiteit Ontwerpeisen gebied: Eis Het gebied voldoet aan de ‘groennorm’: voor elke woning is 75 m2 groen te bereiken binnen 500 meter loopafstand en/of 5 km fietsafstand. Het horizontale en verticale oppervlak wordt in samenhang met de groenblauwe structuren in de bredere omgeving ingericht en creëert een hoogwaardige habitat voor ten minste gebouw bewonende soorten. (Eis B1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3). Er zijn sterke groene verbindingen met hoogwaardige beplanting met de natuur in de omgeving en het plangebied is groen omzoomd. Het gebied scoort minimaal een 8,0 score op ‘gebruikskwaliteit’ in GPR Stedenbouw.

Prestatie-eisen gebouwen: Eis

Indicator

Prestatie

Het horizontale en verticale oppervlak wordt in samenhang met de groenblauwe structuren in de bredere omgeving ingericht en creëert een hoogwaardige habitat voor ten minste gebouw bewonende soorten. (Eis B1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

Zie ‘Bouwadaptief programma van Eisen’. (Bijlage 3)

Alle woningen scoren minimaal een 6,5 op het thema ‘milieu’ in GPR Gebouw.

GPR Gebouw

6,5

16

Aantonen via

GPR Gebouw berekening

3.4. Klimaatadaptatie

In de Omgevingsvisie van de gemeente Hardenberg staat beschreven dat de gemeente aan de slag gaat met klimaatadaptatie in de omgeving. Ook vanuit de landelijke overheid wordt gestuurd op plannen op dit gebied. Er is aandacht voor droogte, hitte, wateroverlast en waterveiligheid. In het ‘Meerjarenprogramma_Duurzaam_Hardenberg_.pdf’ benoemt de gemeente dat klimaatadaptatie een relatief nieuw onderwerp voor hen is, maar tegelijkertijd zijn er in de gemeente veel initiatieven om met dit onderwerp aan de slag te gaan. Wel heeft Hardenberg al de nodige input uitgewerkt op het gebied van klimaatadaptief bouwen, bijvoorbeeld in het document ‘2022-09-08 Klimaatadaptatie openbare ruimte - 4 klein.pdf’. De input in dit document kan ook gebruikt worden voor Slagharen Noord. Ook heeft een excursie en workshop met het thema klimaatadaptief bouwen plaatsgevonden. Het is belangrijk de gemeentebrede ontwikkelingen wat betreft klimaatadaptief bouwen en de duurzame ontwikkeling van Slagharen Noord goed aan elkaar te blijven linken.

Figuur 8: Voorbeeld natuurspeelplaats

Doordat het een buitengebied betreft leent het project Slagharen Noord zich er bovendien heel goed voor om klimaatadaptief te ontwerpen en daarom is gekozen voor ambitieniveau 3.

17

Klimaatadaptatie Ambitie: Het gebied is klimaatadaptief: hittestress, wateroverlast en droogte worden zoveel mogelijk beperkt. Ontwerpeisen gebied: Eis In het plangebied treedt geen schade op aan bebouwing en voorzieningen bij extreem hevige neerslag (1/250 jaar, 90 mm/u). (Eis N2 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3). De inrichting van het plangebied is afgestemd op de verwachte grondwaterstanden en de zoetwaterbeschikbaarheid tijdens droogte. (Eis D1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3). In het plangebied wordt 50% (circa 450 mm in ‘normale’ jaren) van de jaarlijkse neerslag geïnfiltreerd. (Eis D2 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3). Tenminste 50% schaduw in het plangebied op de hoogste zonnestand voor verblijfsplekken en gebieden waar langzaam verkeer zich verplaatst. (Eis H1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3). Opwarming van stedelijk gebied verminderen: 40% van alle oppervlakken wordt warmtewerend of verkoelend ingericht. (Eis H2 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3). Maatregelen die schade door bodemdaling tegengaan en kosteneffectief zijn over de levensduur van 60 jaar worden in het ontwerp opgenomen. (Eis BO1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3). Het gebied scoort minimaal een 8,0 score op ‘gebruikskwaliteit’ in GPR Stedenbouw.

18

Klimaatadaptatie Ambitie: Het gebied is klimaatadaptief: hittestress, wateroverlast en droogte worden zoveel mogelijk beperkt. Prestatie-eisen gebouwen: Eis

Indicator

Prestatie

Een groot deel van de neerslag (50 mm) van een korte hevige buit (1/100 jaar, 70 mm in 1 uur) op privaat terrein wordt op dit terrein opgevangen en vertraagd afgevoerd. De berging is niet eerder dan in 24 uur leeg en is in miaximaal 48 uur weer beschikbaar, of wordt gestuurd. (Eis N1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

Zie ‘Bouwadaptief programma van Eisen’. (Bijlage 3)

Opwarmingen van stedelijk gebied verminderen: 40% van alle oppervlakte wordt warmtewerend of verkoelend ingericht. (Eis H2 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

Zie ‘Bouwadaptief programma van Eisen’. (Bijlage 3)

Koeling van gebouwen leidt niet tot opwarming van de (verblijfs-)ruimte in de directe omgeving. (Eis H3 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

Zie ‘Bouwadaptief programma van Eisen’. (Bijlage 3)

Alle woningen scoren minimaal een 7,5 op het thema ‘toekomstwaarde’ in GPR Gebouw.

GPR Gebouw

7,5

19

Aantonen via

GPR Gebouw berekening

3.6. Gezondheid

In de Omgevingsvisie van de gemeente Hardenberg heeft gezondheid een belangrijke plek, met de ambitie om het Vechtdal uit te bouwen tot de ‘regio van het gezonde leven’. Hoe dit een plek krijgt bij de ontwikkeling van nieuwe gebieden is nog niet concreet gemaakt. Voor het project Slagharen Noord is bepaald dat er op het gebied van gezondheid meer wordt gedaan dan de standaard en dat ambitieniveau 2 wordt aangehouden.

Figuur 9: Voorbeeld buitensportplek

20

Gezondheid Ambitie: De leefomgeving is comfortabele wijk nodigt uit tot bewegen. Ontwerpeisen gebied: Eis Tenminste 50% schaduw in het plangebied op de hoogste zonnestand voor verblijfsplekken en gebieden waar langzaam verkeer zich verplaatst. (Eis H1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3). Opwarming van stedelijk gebied verminderen: 40% van alle oppervlakken wordt warmtewerend of verkoelend ingericht. (Eis H2 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3). Fietsen en wandelen wordt optimaal gestimuleerd en gefaciliteerd door minimaal voldoende ruimte voor langzaam verkeer een wandel- en fietsverbinding naar het groene uitloopgebied en de langzaamverkeersroute naar Slagharen Centrum en faciliteiten voor fietsparkeren. De buitenruimte is aantrekkelijk en biedt ruimte aan recreatief wandelen (bijvoorbeeld door middel van een ommetjes). Het gebied voldoet aan de ‘groennorm’: voor elke woning is 75 m2 groen te bereiken binnen 500 meter loopafstand en/of 5 km fietsafstand. Er zijn sterke groene verbindingen met hoogwaardige beplanting met de natuur in de omgeving en het plangebied is groen omzoomd. Het gebied scoort minimaal een 9,0 score op ‘gezondheid’ in GPR Stedenbouw.

21

Gezondheid Ambitie: De leefomgeving is comfortabele wijk nodigt uit tot bewegen. Prestatie-eisen gebouwen: Eis

Indicator

Prestatie

Opwarmingen van stedelijk gebied verminderen: 40% van alle oppervlakte wordt warmtewerend of verkoelend ingericht. (Eis H2 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

Zie ‘Bouwadaptief programma van Eisen’. (Bijlage 3)

Koeling van gebouwen leidt niet tot opwarming van de (verblijfs-)ruimte in de directe omgeving. (Eis H3 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

Zie ‘Bouwadaptief programma van Eisen’. (Bijlage 3)

Alle woningen scoren minimaal een 8,0 op het thema ‘gezondheid’ in GPR Gebouw.

GPR Gebouw

8

Aantonen via

GPR Gebouw berekening

22

3.7. Sociale waarde

De gemeente Hardenberg is een sociale en betrokken gemeenschap. Sociale waarde verdient dan ook een plek in het project Slagharen Noord. Er is niet voor gekozen om het plan volledig in co-creatie uit te werken, en daarom wordt ambitieniveau 2 aangehouden.

Figuur 10: Voorbeeld speeltuin

23

Sociale waarde Ambitie: Veiligheid en ontmoeting worden optimaal gefaciliteerd Ontwerpeisen gebied: Eis In het gebied wordt ruimte gereserveerd voor een openbare ontmoetingsplek, bij voorkeur voorzieningen met meervoudige waarde, zoals een pluktuin, moestuin of natuurspeelplaats. Het gebied scoort minimaal een 8,0 score op ‘gebruikskwaliteit’ in GPR Stedenbouw.

Prestatie-eisen gebouwen: Eis

Indicator

Prestatie

Aantonen via

Alle woningen scoren minimaal een 8,0 op het thema ‘gebruikskwaliteit’ in GPR Gebouw.

GPR Gebouw

8

GPR Gebouw berekening

24

25

4. Proces 4.1. Toelichting proces Nu de ambities zijn bepaald en de minimale eisen zijn geformuleerd hebben we concrete kaders voor de verdere uitwerking van het plan. Het is daarbij van groot belang dat de beoogde ambities worden gerealiseerd. Dat vraagt borging en toetsing gedurende het ontwerp- en realisatieproces. Een belangrijk deel van de ambities hebben betrekking op de openbare ruimte. Daar is de gemeente zelf verantwoordelijk voor het behalen van de doelen. GPR Stedenbouw is daarbij het hulpmiddel om te meten wat de impact van keuzes zijn. Om ook de prestaties voor de woningen gerealiseerd te krijgen is het nodig heldere voorwaarden te stellen bij verkoop van kavels. Hier hanteren we minimale GPR Gebouwscores die kavelkopers moeten realiseren en enkele aanvullende, kwantitatieve eisen. In de volgende paragrafen beschrijven we de wijze waarop de sturing en borging van duurzaamheid ingeregeld wordt. In bijlage 6 zijn voorbeelden te vinden van procesaanpakken bij andere, succesvolle duurzame gebiedsontwikkelingsprojecten.

4.2. Implementatie ontwerpeisen gebied In hoofdstuk 2 zijn de duurzaamheidsambities per thema geformuleerd. De voorlopige stedenbouwkundige ontwerpen zijn met behulp van GPR Stedenbouw getoetst op de duurzaamheidsprestaties. In de drie varianten van voorlopige stedenbouwkundige ontwerpen zijn zaken met betrekking tot duurzaamheid nog niet ver uitgewerkt.

Daarom zijn de verschillen op dit moment minimaal. Daarnaast is de score van de varianten hierdoor nog relatief laag. Een berekening waarin alle duurzaamheidsambities uit Deze leidraad zijn verwerkt laat zien welke maximale scores in GPR Stedenbouw voor dit gebied haalbaar zijn. Op basis van deze “maximale” berekening zijn de eisen wat betreft GPR Stedenbouw in het inhoudelijke kader van deze leidraad vastgesteld. In de ontwerp en realisatiefase worden de stedenbouwkundige ontwerpen verder uitgewerkt richting een Programma van eisen voor de kavels, woningen en het openbaar gebied. De ontwerp-eisen gebied worden hierin geïntegreerd. Met tussentijdse berekeningen in GPR Stedenbouw wordt gemonitord wanneer de uitwerking van duurzaamheid in de stedenbouwkundige ontwerpen voldoet aan de eisen. Dit doen we in samenhang met van de andere ruimtelijke aspecten, zoals ontsluiting en bereikbaarheid, verkaveling. De eindproducten van de ontwerpfase worden op financiële haalbaarheid getoetst. Het resultaat van het stedenbouwkundig ontwerp vertalen we naar planologische en juridische kaders in het bestemmingsplan/omgevingsplan. Daarbij zal voor de duurzaamheidsaspecten gekeken worden naar de mogelijkheden deze ook in de regels op te nemen. De aspecten die niet afdwingbaar zijn nemen we op in de toelichting op het bestemmingsplan.

26

4.3. Implementatie prestatie-eisen gebouw Een groot deel van de kavels in Slagharen Noord wordt aan particulieren uitgegeven. Om ervoor te zorgen dat prestatie-eisen voor gebouwen, zoals geformuleerd in hoofdstuk 2, gerealiseerd worden nemen we voorwaarden voor de verkoop van kavel op in een kavelpaspoort. De prestatie-eisen voor gebouwen uit het duurzaamheidskader worden dus concrete voorwaarden waaraan de kavelkopers zich moeten houden. Deze prestatie-eisen voor gebouwen hebben uiteraard een relatie met de ontwerp-eisen gebied die in het bestemmingsplan/omgevingsplan voor het openbare gebied zijn beschreven. De gemeente biedt begeleiding aan voor de kavelkopers om hen te ondersteunen in de zoektocht naar maatregelen waarmee zij aan de voorwaarden kunnen voldoen. Hiervoor maken we afspraken met het Duurzaambouwloket dat in opdracht van de gemeente werkt aan de verduurzaming van de gebouwde omgeving. Zij geven inmiddels ook advies bij nieuwbouwprojecten en krijgen opdracht de kavelkopers te ondersteunen bij de verdere uitwerking van hun bouwplannen. Uiteindelijk zullen bij de toetsing van de omgevingsvergunning ook de duurzaamheidsprestaties worden gecontroleerd. Deze taak is belegd bij de afdeling VTH.

4.4. Aanpak ontwikkelaars In Slagharen Noord Bij de realisatie van de woningen zal in enkele gevallen een projectontwikkelaar een aantal woningen realiseren (het gaat hierbij enkel om ontwikkeling van woningen, niet de openbare ruimte). Ontwikkeling middels een projectontwikkelaar zal vooral betrekking hebben op de sociale huurwoningen en de rijtjeswoningen. Het Didam-arrest laat zien dat gemeenten verplicht zijn een transparant proces te organiseren bij de verkoop van grond aan ontwikkelaars. Daarom zal voor dit deel van de ontwikkeling een tender worden uitgeschreven met als doel de beste aanbieding uit de markt te krijgen. Daarbij zal een realistische balans in de prijs/kwaliteit verhouding worden uitgevraagd. We ontwikkelen heldere en verifieerbare gunningscriteria voor duurzaam bouwen.

Hierbij gaan we uit van de volgende aspecten: 1 We vragen naast GPR-prestaties en overige ontwerp- en prestatie eisen ook een duurzaamheidsvisie waarin is onderbouwd hoe de prestaties tot stand komen 2 We hanteren een minimale GPR-prestatie, geven enkele knock out criteria mee (vereiste maatregelen) en belonen prestaties die hoger uitkomen dan de minimale prestaties 3 Duurzaamheid krijgt voldoende gewicht in het beoordelingsmodel 4 We hanteren heldere indieningsvereisten, zodat de aanbiedingen goed te vergelijken zijn 5 De beloofde prestaties zijn de basis voor de verdere afspraken die in het koopcontract worden uitgewerkt 6 We nemen een financiële sanctie op voor het niet realiseren van de afgesproken prestaties

27

4.5. Projectfasering Op de volgende bladzijde is het proces dat voor de ontwikkeling van Slagharen Noord wordt doorlopen schematisch weergegeven. Daarbij is ook aangegeven welke actie nodig is om de duurzaamheidsambities te verankeren in het proces. - Initiatieffase In deze fase (die vooraf is gegaan aan de huidige fase waarin we de duurzaamheidskansen hebben uitgewerkt) zoekt de gemeente naar een geschikte locatie om een geconstateerde woningbouwbehoefte te kunnen realiseren. Op basis van een eerste inschatting bepaalt de gemeente de haalbaarheid. Voor Slagharen Noord is de opdracht geformuleerd een woonwijk te ontwikkelen gericht op de behoefte aan grondgebonden woningen voor starters, gezinnen en senioren. Ook zijn er meerdere onderzoeksvragen geformuleerd, waaronder de vraag om duurzaamheid voor deze ontwikkeling uit te werken. - Definitiefase In de definitiefase werkt de gemeente het plan verder uit in een stedenbouwkundig ontwerp en formuleert het de kwaliteitscriteria voor zowel het gebied als de gebouwen. De producten die in deze fase worden opgeleverd geven antwoord op de geformuleerde onderzoeksvragen. Deze leidraad gaat in op de specifieke duurzaamheidsaspecten voor de ontwikkeling van Slagharen Noord. - Ontwerpfase Op basis van het vastgestelde stedenbouwkundig plan werken we aan het ontwerp van de openbare ruimte.

Uitgangspunten worden concreet gemaakt en eventuele dilemma’s we tegenkomen worden besproken en opgelost.

Dat kan ertoe leiden dat bepaalde uitgangspunten die zijn geformuleerd in het stedenbouwkundig plan in de ontwerpfase een andere invulling krijgen. De consequenties van deze aanpassingen moeten overigens wel voldoen aan de duurzaamheidsprestaties die in de definitiefase als ondergrens zijn vastgesteld. Dat vraagt een gedegen afweging om te voorkomen dat de duurzame kwaliteit van het plan uit het zicht raakt. Elke tussenfase van het ontwerp toetsen we daarom met GPR Stedenbouw - Realisatiefase Nadat het ontwerpproces volledig is doorlopen start de gemeente met de uitvoering. Het gebied wordt bouwrijp gemaakt en de bestekken voor de realisatie van het ontwerp worden uitgewerkt. Deze fase is cruciaal in relatie tot de gewenste kwaliteit. Eventuele afwijkingen die in deze fase worden voorgesteld mogen niet leiden tot een slechtere duurzaamheidsprestatie, tenzij hier dwingende redenen voor zijn. Zoals eerder aangegeven zullen concrete eisen ervoor zorgen dat de kwaliteit van de woningen voldoet aan de vastgestelde duurzaamheidsambities. De kavelkopers moeten aan de hand van een GPR-berekening aantonen dat hun woning voldoet. Deze zal tegelijk met de aanvraag Omgevingsvergunning moeten worden ingediend en zal door de gemeente worden gecontroleerd.

28

Figuur 11: Schematische weergave proces Slagharen Noord

Initiatieffase

•Woningbehoefte peilen •Locatie verwerven •Startnotitie + opdracht formuleren: Duurzaamheid als onderzoeksvraag

Definitiefase

•Uitwerken programma, integraal en interdisciplinair •Uitwerken duurzaamheidskansen en vertalen naar prestaties (Duurzaamheidsleidraad) • Opstellen GREX •Uitwerken stedenbouwkundig plan •Start uitwerking bestemmingsplan  Opnemen borging kwaliteit

Ontwerpfase

•Uitwerken ruimtelijk kwaliteitsplan •Beeldkwaliteit •Inrichtingsplan •Verkavelingsplan •DO openbare ruimte en beheertoets Uitvoeren toets duurzaamheidsprestaties Bouwrijp maken

Realisatiefase

Bestekken openbare ruimte Technische voorbereiding Verkoopstrategie bepalen - kavelpaspoort en/of - gunningscriteria

29

30

BIJLAGEN

31

Bijlage 1: Proces tot aan duurzaamheidsleidraad Om te komen tot deze duurzaamheidsleidraad te komen is een proces gevolgd met de projectgroep van Slagharen Noord, aangevuld met enkele medewerkers van Slagharen Noord. De stappen in dit proces zijn hieronder besproken.

Op basis van de stemming (zie figuur 5 op de volgende pagina) is per duurzaamheidsthema het definitieve ambitieniveau bepaald. Op basis van het ambitieniveau en de kansen uit bijeenkomst 1 kon een ambitie per thema worden geformuleerd. Vervolgens zijn eisen geformuleerd om deze ambitie in de praktijk te brengen.

Interviews en analyse van beleid

Het proces is gestart met interviews met leden van de projectgroep en de enkele medewerkers van andere disciplines binnen de gemeente. Daarnaast is een uitgebreide analyse van beleid van de gemeente Hardenberg uitgevoerd. Doel van deze fase was het in kaart brengen van de context waarin Slagharen Noord wordt ontwikkeld zodat duidelijk is wat vanuit de betrokkenen en het beleid het gewenste resultaat zou moeten zijn.

Bijeenkomst 1

In de eerste bijeenkomst is per duurzaamheidsthema gebrainstormd over duurzaamheidskansen voor Slagharen Noord. Hiermee is inzichtelijk gemaakt wat allemaal zou kunnen op het gebied van duurzaamheid in dit project.

Bijeenkomst 2

Tijdens de tweede bijeenkomst is per duurzaamheidsthema gestemd over het ambitieniveau. Er zijn drie ambitieniveaus: 1. Voldoen aan wet- en regelgeving 2. Enkele aanvullende maatregelen nemen 3. Een koploperspositie innemen

32

Bijlage 1: Proces tot aan duurzaamheidsleidraad

Figuur 5: Resultaten stemming ambitienvieau

33

Bijlage 2: Integraliteit duurzaamheidskader Toelichting bijlage 2

In bijlage 2 zijn overzichten te vinden van alle ontwerp-eisen gebied en alle prestatie-eisen gebouw. De eisen zijn onder elkaar weergegeven en genummerd. In elk schema is zichtbaar gemaakt op welk duurzaamheidsthema elke eis betrekking heeft, door middel van een vinkje. Zo wordt de integraliteit van elke eis zichtbaar gemaakt.

34

Bijlage 2: Integraliteit duurzaamheidskader #

Ontwerpeisen gebied

Energie

1

Geclusterde parkeervoorzieningen aan de randen van het gebied gecombineerd met opwek van zonne-energie en deelmobiliteit.

✓

2

Voorkomen van een hitte-eiland effect door effectief en kwalitatief groen (om actieve koeling te voorkomen).

✓

3

Al het vrijkomend materiaal (sloop maar ook hout en organisch materiaal) wordt zoveel mogelijk hergebruikt binnen het gebied.

4

Bij vrijstaande woningen en 2-onder-1-kap woningen is ruimte voor één parkeerplek per woning.

✓

✓

✓

5

Parkeerplekken voor rijwoningen en appartementen, eventuele tweede auto’s (van bewoners van vrijstaande woningen en 2-onder-1 kap woningen) en bezoekers zijn geclusterd aan de randen van het gebied en “verstopt” in groen.

✓

✓

✓

6

Fietsen en wandelen wordt optimaal gestimuleerd en gefaciliteerd door minimaal voldoende ruimte voor langzaam verkeer een wandel- en fietsverbinding naar het groene uitloopgebied en de langzaamverkeersroute naar Slagharen Centrum.

✓

✓

✓

✓

✓

7

Het gebied voldoet aan de ‘groennorm’: voor elke woning is 75 m2 groen te bereiken binnen 500 meter loopafstand en/of 5 km fietsafstand.

✓

✓

✓

✓

8

Het horizontale en verticale oppervlak wordt in samenhang met de groenblauwe structuren in de bredere omgeving ingericht en creëert een hoogwaardige habitat voor ten minste gebouw bewonende soorten. (Eis B1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

✓

✓

✓

✓

9

Er zijn sterke groene verbindingen met hoogwaardige beplanting met de natuur in de omgeving en het plangebied is groen omzoomd.

✓

✓

✓

10

In het plangebied treedt geen schade op aan bebouwing en voorzieningen bij extreem hevige neerslag (1/250 jaar, 90 mm/u). (Eis N2 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

✓

✓

✓

11

De inrichting van het plangebied is afgestemd op de verwachte grondwaterstanden en de zoetwaterbeschikbaarheid tijdens droogte. (Eis D1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

✓

✓

✓

[tekst]

Circular iteit

Mobilit eit

Natuur & biodiversit eit

✓

✓

✓

✓

Klimaat adaptat ie

Sociale waarde

Gezond heid

✓ ✓

✓

✓

✓

35 ✓

Bijlage 2: Integraliteit duurzaamheidskader #

Ontwerpeisen gebied

12

In het plangebied wordt 50% (circa 450 mm in ‘normale’ jaren) van de jaarlijkse neerslag geïnfiltreerd. (Eis D2 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage[tekst] 3).

13

Tenminste 50% schaduw in het plangebied op de hoogste zonnestand voor verblijfsplekken en gebieden waar langzaam verkeer zich verplaatst. (Eis H1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

14

Opwarming van stedelijk gebied verminderen: 40% van alle oppervlakken wordt warmtewerend of verkoelend ingericht. (Eis H2 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

15

Maatregelen die schade door bodemdaling tegengaan en kosteneffectief zijn over de levensduur van 60 jaar worden in het ontwerp opgenomen. (Eis BO1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

16

In het gebied wordt ruimte gereserveerd voor een openbare ontmoetingsplek, bij voorkeur voorzieningen met meervoudige waarde, zoals een pluktuin, moestuin of natuurspeelplaats.

17

Het gebied scoort minimaal een 10,0 op het thema ‘energie’ in GPR Stedenbouw.

18

Het gebied scoort minimaal een 8,0 score op het thema ‘ruimtelijke kwaliteit’ in GPR Stedenbouw.

19

Het gebied scoort minimaal een 9,0 score op ‘gezondheid’ in GPR Stedenbouw.

20

Het gebied scoort minimaal een 8,0 score op ‘gebruikskwaliteit’ in GPR Stedenbouw.

21

Het gebied scoort minimaal een 8,5 score op ‘toekomstwaarde’ in GPR Stedenbouw.

Energie

Circular iteit

✓

Mobilit eit

Natuur & biodiversit eit

Klimaat adaptat ie

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

✓

Sociale waarde

Gezond heid

✓

✓

✓

✓

✓ ✓

✓

✓ ✓

36

✓ ✓

✓ ✓

Bijlage 2: Integraliteit duurzaamheidskader Energie

#

Prestatie-eisen gebouw

1

Alle vrijstaande woningen en meergezinswoningen zijn minimaal energieneutraal. [tekst]

Circular iteit

Mobilit eit

Natuur & biodiversit eit

Klimaat adapta tie

Sociale waarde

Gezond heid

✓ ✓

2

Alle sociale huurwoningen zijn minimaal nul-op-de-meter.

3

Alle woningen hebben een MPG van maximaal 0,7.

4

Het horizontale en verticale oppervlak wordt in samenhang met de groenblauwe structuren in de bredere omgeving ingericht en creëert een hoogwaardige habitat voor ten minste gebouw bewonende soorten. (Eis B1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

✓

✓

✓

✓

5

Een groot deel van de neerslag (50 mm) van een korte hevige buit (1/100 jaar, 70 mm in 1 uur) op privaat terrein wordt op dit terrein opgevangen en vertraagd afgevoerd. De berging is niet eerder dan in 24 uur leeg en is in miaximaal 48 uur weer beschikbaar, of wordt gestuurd. (Eis N1 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

✓

✓

✓

✓

6

Opwarmingen van stedelijk gebied verminderen: 40% van alle oppervlakte wordt warmtewerend of verkoelend ingericht. (Eis H2 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

✓

✓

✓

✓

7

Koeling van gebouwen leidt niet tot opwarming van de (verblijfs-)ruimte in de directe omgeving. (Eis H3 van het ‘Bouwadaptief Programma van Eisen’ – zie bijlage 3).

✓

✓

✓

✓

8

Het gebied scoort minimaal een 8,5 score op ‘toekomstwaarde’ in GPR Stedenbouw.

✓

✓

9

Alle woningen scoren minimaal een score 9,0 op het thema ‘energie’ in GPR Gebouw.

10

Alle woningen scoren minimaal een 6,5 op het thema ‘milieu’ in GPR Gebouw.

✓

✓

11

Alle woningen scoren minimaal een 8 op het thema ‘gezondheid’ in GPR Gebouw.

✓ ✓

12

Alle woningen scoren minimaal een 8 op het thema ‘gebruikskwaliteit’ in GPR Gebouw.

✓

13

Alle woningen scoren minimaal een 7,5 op het thema ‘toekomstwaarde’ in GPR Gebouw.

✓ ✓

✓

✓ ✓ ✓

37

✓

Bijlage 3: Bouwadaptief programma van eisen Toelichting bijlage 3

Het Bouwadaptief Programma van Eisen is een uitgebreide leidraad om klimaatadaptie in nieuwbouwprojecten een plek te geven. Het programma van eisen is voorgekomen uit een convenant klimaatadaptief bouwen dat de provincie Zuid-Holland met een grote overheden, organisatie (waaronder Bouwend Nederland en Neprom) en marktpartijenn heeft opgesteld. Inmiddels zijn de instrumenten die voortgevloeid zijn uit dit convenant breed beschikbaar en overstijgen zij inmiddels ook het niveau van de provincie Zuid-Holland. Vanuit de landelijke overheid wordt ook gewerkt aan leidraden voor natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen. Bestaande convenanten zoals deze leveren hier mogelijk input voor.

38

Bijlage 3: Bouwadaptief programma van eisen Het volledige Bouwadaptief programma van eisen is te vinden via de website De eisen van dit programma zijn hieronder en op de volgende pagina’s opgesomd. Eisen neerslag

Eisen droogte

39

Bijlage 3: Bouwadaptief programma van eisen Eisen hittestress

Eisen bodemdaling

40

Bijlage 3: Bouwadaptief programma van eisen Eisen biodiversiteit

Eisen overstromingen

41

Bijlage 4: Resultaten analyse GPR Stedenbouw WE30827 - Analyse GPR Stedenbouw Slagharen Noord.pdf GPR Stedenbouw 1.5.01_SN_Slagzicht en maximale variant.pdf GPR Stedenbouw 1.5.01_SN_De Slagen en Slaghoven.pdf

42

Bijlage 5: GPR Gebouw profielen [wordt nog toegevoegd]

43

Bijlage 6: Voorbeelden procesaanpak Presentatie van ambitie naar praktijk - voorbeelden procesaanpak duurzame gebiedsontwikkeling.pdf

44

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16219692/2