Bijlage 3 Voorwaarden delegatiebesluit Omgevingsplan
Tekst van het document
Bijlage B, behorende bij besluitonderdeel 2a, voorwaarden delegatiebesluit omgevingsplan Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd delen van het omgevingsplan vast te stellen, wanneer: 1. de delen van het omgevingsplan die op grond van het overgangsrecht als omgevingsplan gelden en betrekking hebben op de delen van bestemmingsplannen die een wijzigingsbevoegdheid en/of een uitwerkingsplicht (artikel 3.6 Wet ruimtelijke ordening) bevatten, met nakoming van de hieraan gestelde voorwaarden; 2. het in overeenstemming brengen van het omgevingsplan met een omgevingsvergunning voor een voortdurende buitenplanse omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 4.17 van de Omgevingswet; 3. het wijzigen van het omgevingsplan met regels die in overeenstemming zijn met een door de gemeenteraad vastgesteld beleidskader; 4. het beleidsneutraal overzetten van regels uit het Invoeringsbesluit Omgevingswet naar het omgevingsplan (Bruidsschat Omgevingsplan); 5. het beleidsneutraal overzetten van onderdelen uit gemeentelijke verordeningen naar het omgevingsplan; 6. het juridisch-technisch en redactioneel aanpassen en corrigeren van verschrijvingen en verkeerde verwijzingen, voor zover deze geen wezenlijke wijzigingen voor de fysieke leefomgeving tot gevolg hebben.