Bijlage 3 - Natuurwaardenonderzoek flora en fauna (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Het foerageergebied blijft intact. Een nader onderzoek foerageergebied is dan ook niet noodzakelijk. Het habitat laat zich het beste omschrijven door stedelijke omgeving. Advies / conclusie Ten aanzien van vleermuizen worden mogelijk schadelijke handelingen flora en fauna activiteit zoals bedoeld in de Omgevingswet verwacht. Nader onderzoek gebouwbewonende vleermuizen wordt noodzakelijk geacht. Geadviseerd word aan te sluiten bij het geldende SMP. 27
NATUURWAARDENONDERZOEK 52219 – KERKWEG 14 BERGENTHEIM HARDERWIJK
Toelichting vleermuizen Verblijfplaats Een object (gebouw boom bunker grot kast en dergelijke) waarin een of meerdere vleermuizen verblijven (overdag of ’s winters met enige regelmaat). Zomerverblijfplaats: Een verblijfplaats die gebruikt wordt door vleermuizen die niet in winterslaap zijn waarvan niet aangetoond is dat het een kraamverblijfplaats dan wel een paarverblijfplaats is. ,
,
,
,
,
Kraamverblijfplaats Een verblijfplaats van een kraamgroep met vrouwtjes met jongen. Paar(verblijf)plaats Een verblijfplaats of de omgeving daarvan waar ten minste een baltsend mannetje of meerdere vleermuizen overdag verblijven en paren of komen zwermen. Welk gedrag is waar te nemen is afhankelijk van de soort. Te herkennen aan zwermgedrag en/of baltsroepen. (Zwermen bij het invliegen komt bij meer verblijfsfuncties voor. ) ,
,
Winterverblijfplaats Een verblijfplaats waar in de winter een of meerdere vleermuizen in winterslaap (hybernation) gaan. Het betreft bij soorten die jaarrond in hun leefgebied blijven nogal eens een voormalige paarplaats of een andere verblijfplaats. Er zijn bij soorten als gewone dwergvleermuis massa winterverblijfplaatsen en winterverblijfplaatsen voor kleinere groepen te onderscheiden. Vliegroute Een vaste route van een vleermuis of een groep foerageergebied of tussen verblijfplaatsen visa versa.
van
vleermuizen vanaf
een
verblijfplaats
naar een
Migratieroute Een vaste route van zomerleefgebied naar winterverblijfplaats of winterleefgebied en visa versa. Foerageergebied Een gebied waar een vleermuis of een groep van vleermuizen foerageert.
28
NATUURWAARDENONDERZOEK 52219 – KERKWEG 14 BERGENTHEIM HARDERWIJK
Zoogdieren Soorten
van
Habitatrichtlijn en de Verdragen van Bern en Bonn
Tijdens het veldbezoek zijn geen vaste verblijfplaatsen van overige zoogdieren die zijn opgenomen Habitatrichtlijn en de Verdragen van Bern en Bonn aangetroffen.
op
Bever en otter In het plangebied zijn geen sporen van de otter (Lutra lutra) of bever (Castor fiber) aangetroffen. Het voorkomen van beide soorten kan hiermee redelijkerwijs worden uitgesloten. In de diverse databases zijn geen verspreidingsgegevens bekend nabij het plangebied. Vanwege het karakter van het plangebied is het habitat voor deze soort ongeschikt. Hamster hazelmuis en noordse woelmuis ,
Het verspreidingsgebied van de hamster (Cricetus cricetus) en hazelmuis (Muscardinus avellanarius) is beperkt tot Zuid-Limburg. Voor de noordse woelmuis (Microtus oeconomus) geldt dat deze soort een zeer natte kruidenrijke vegetatie behoeft en dat de verspreiding zich beperkt tot de lage natte delen van Nederland. Derhalve kan worden gesteld dat binnen het plangebied geen van de genoemde soorten voorkomen. In de diverse databases zijn geen verspreidingsgegevens bekend nabij het plangebied.
,
,
Slaapmuizen Het verspreidingsgebied van de eikelmuis (Eliomys quercinus) beperkt zich tot specifieke gebieden in ZuidLimburg. De soort kan voor het plangebied worden uitgesloten. In de diverse databases zijn geen verspreidingsgegevens bekend nabij het plangebied. Ware muizen Het verspreidingsgebied van de grote bosmuis (Apodemus flavicollis) beperkt zich tot de oostgrens van Nederland en ligt ver buiten het plangebied. In de diverse databases zijn geen verspreidingsgegevens bekend nabij het plangebied. Voor de overige ware muizen geldt dat zij door de provincie voor ruimtelijke ingrepen zijn vrijgesteld van de Omgevingswet. Spitsmuizen Het verspreidingsgebied van de veldspitsmuis (Crocidura leucodon) betreft Twente en Zeeuws-Vlaanderen. De veldspitsmuis is gebonden aan kleinschalig agrarisch cultuurlandschap dat niet te intensief beheerd wordt. Hij komt voor in overgangsvegetaties lintvormige landschapselementen opgaande kruidenvegetaties en overhoekjes. En ook in aanliggende braakliggende of niet begraasde kruidenvegetaties zoals boomgaarden kan de soort worden aangetroffen. In gebouwen komt hij zelden voor. Het is dan ook niet aannemelijk dat de veldspitsmuis aanwezig is op de planlocatie. Bij het raadplegen van NDFF en dergelijke databases kwamen geen waarnemingen op en nabij de planlocatie naar voren.
De waterspitsmuis (Neomys fodiens) is gebonden aan schone wateren met een rijke oevervegetatie. Derhalve kan worden gesteld dat beide soorten niet in het plangebied voorkomen. Voor de overige spitsmuizen geldt dat zij door de provincie voor ruimtelijke ingrepen zijn vrijgesteld van de Omgevingswet. In de diverse databases zijn geen verspreidingsgegevens bekend nabij het plangebied. ,
,
,
,
,
29
NATUURWAARDENONDERZOEK 52219 – KERKWEG 14 BERGENTHEIM HARDERWIJK
Woelmuizen De verspreiding van de molmuis (Arvicola scherman) is beperkt tot Noord-Brabant. Sporen zijn van deze soort niet aangetroffen. De planlocatie leent zich niet voor deze soort. De overige onder dit beschermingsregime vallende woelmuizen zijn door de provincie voor ruimtelijke ingrepen vrijgesteld van de Omgevingswet. Een nader onderzoek molmuis wordt niet noodzakelijk geacht. Eekhoorn Tijdens het veldbezoek werden geen nesten van de eekhoorn (Sciurus vulgaris) of knaagsporen aangetroffen. Het plangebied vertoont geen essentiële functie voor de eekhoorn. In de diverse databases zijn er geen verspreidingsgegevens bekend nabij het plangebied. Haasachtigen egel en vos ,
Sporen zijn van deze soort niet aangetroffen. In de diverse databases zijn er geen verspreidingsgegevens bekend nabij het plangebied. Deze soorten uitgezonderd de egel zijn door de provincie voor ruimtelijke ingrepen vrijgesteld van de Omgevingswet. Gelet op de inrichting van het plangebied en de geplande ontwikkeling zullen er naar verwachting geen individuen gedood worden dan wel verblijfplaatsen van de egel verloren gaan. ,
,
Marterachtigen Op het perceel zijn geen sporen van marterachtigen aangetroffen in de vorm van prooiresten of verblijfplaatsen. Potentiële holen waar de kleine marters gebruik van zou kunnen maken zijn niet waargenomen. De planlocatie kent geen rommelhoekjes / schuilhoeken. Daarnaast kan gesteld worden dat ecologische verbindingszones voor marterachtigen op en naar de planlocatie niet aanwezig zijn. Gesteld kan worden dat marterachtigen op de planlocatie naar alle waarschijnlijkheid niet kunnen voorkomen. De drie V’s (verblijfplaats veiligheid/dekking en voedsel) zijn niet aanwezig. De werkzaamheden betreffen het bestaande bouwblok hetgeen ongeschikt is voor deze soorten. Een nader onderzoek marterachtigen wordt dan ook niet noodzakelijk geacht. ,
,
Overige zoogdieren De in Nederland voorkomende zoogdieren betreffen of zeezoogdieren of slechts zelden in Noord-Brabantse bossen waargenomen soorten (de wilde kat (Felis silvestris) en lynx (Lynx lynx) en de in Nederland gevestigde wolf (Canis lupus)) ofwel in het bos of open veld levende grote hoefdieren. In de diverse databases zijn geen verspreidingsgegevens bekend nabij het plangebied. Het is aannemelijk dat overige zoogdieren niet voorkomen op de planlocatie. Advies / Conclusie Ten aanzien van zoogdieren worden de Omgevingswet verwacht.
geen
schadelijke handelingen flora en fauna activiteit zoals bedoeld in
30
NATUURWAARDENONDERZOEK 52219 – KERKWEG 14 BERGENTHEIM HARDERWIJK
Overige Soorten Reptielen en amfibieën De kleine watersalamander (Lissotriton vulgaris) gewone pad (Bufo bufo) bruine kikker (Rana temporaria) bastaardkikker (Pelophylax esculentus) en meerkikker (Pelophylax ridibundus) zijn door de provincies voor ruimtelijke ingrepen vrijgesteld van de Omgevingswet. De planlocatie leent zich niet voor reptielen of amfibieën door de afwezigheid van verbindingszones en waterlichamen. De ingreep heeft geen invloed op het habitat van deze soorten. ,
,
,
Vissen De beschermde vissen zijn rivieroptrekkende zoutwater soorten die niet of nauwelijks in Nederland worden aangetroffen. De beekdonderpad (Cottus rhenanus) beekprik (Lampetra planeri) elrits (Phoxinus phoxinus) en gestippelde alver (Alburnoides bipunctatus) zijn soorten van schone heldere continu stromende beken en zijn (grotendeels) beperkt tot de provincie Noord-Brabant. De beekprik komt ook elders op de hogere zandgronden voor en van de elrits bevindt zich een geïsoleerde populatie op de Veluwe. De kwabaal (Lota lota) is een soort van grote wateren en riviertjes. Dergelijke leefgebieden komen in het plangebied ook niet ,
,
voor.
Vlinders en libellen In het plangebied komen geen voedselarme wateren of vegetaties voor die geschikt zijn als leefgebied voor onder dit beschermingsregime vallende libellen en dag- of nachtvlinders. Overige ongewervelden Het oeveraas (Palingenia longicauda) de juchtleerkever (Osmoderma eremita) en Bataafse stroommossel (Unio crassus) zijn uit Nederland verdwenen. Van de vermiljoenkever (Cucujus cinnaberinus) is slechts een populatie nabij Maarheeze (Noord-Noord-Brabant) bekend. Omdat veensloten en vennen met schoon water ontbreken in het plangebied kan het voorkomen van andere overige ongewervelden redelijkerwijs worden uitgesloten. Het plangebied bevindt zich buiten het bekende verspreidingsgebied van de Europese rivierkreeft (Astacus astacus) en het vliegend hert (Lucanus cervus). In de diverse databases zijn geen verspreidingsgegevens bekend nabij het plangebied. ,
Conclusie / Advies Ten aanzien van overige soorten worden in de Omgevingswet verwacht.
geen schadelijke
handelingen flora en fauna activiteit zoals bedoeld
31
NATUURWAARDENONDERZOEK 52219 – KERKWEG 14 BERGENTHEIM HARDERWIJK
6. 3 Houtopstanden Op de planlocatie worden geen bomen gekapt zoals bedoeld in het onderdeel houtopstanden Omgevingswet. Overtreding op dit onderdeel Omgevingswet is niet aan de orde.
van
de
De omgevingswet regelt de bescherming van houtopstanden. Een bij wet beschermde houtopstand betreft een zelfstandige eenheid van bomen boomvormers struiken hakhout of griend buiten de bebouwde kom die een oppervlakte grond beslaat van tien are of meer of bestaat uit een rijbeplanting die meer dan twintig bomen omvat gerekend over het totaal aantal rijen. Voor het kappen (van een deel) van een beschermde houtopstand geldt meld- en herplantplicht. Er geldt een verbod op de kap als het voornemen daartoe niet (maximaal een jaar en minimaal een maand) vooraf is gemeld bij bevoegd gezag. Binnen drie jaar moet dezelfde grond op bosbouwkundig verantwoorde wijze zijn herbeplant. De gemeenteraad stelt de grens bebouwde kom Omgevingswet vast. Het bevoegd gezag is meestal de provincie waar (het grootste deel van) de ingreep plaatsvindt soms is dat het Rijk. Provinciale staten kunnen in de provinciale verordening regels opnemen over de melding en de herplant zoals herplant op andere gronden dan waar de (deels) gevelde opstand stond. ,
,
,
,
,
,
,
,
Deze regel geldt niet voor: 1.
Houtopstanden binnen de bij besluit van de gemeenteraad vastgestelde grenzen kom;
2.
Houtopstanden op erven of in tuinen;
3.
Fruitbomen en windschermen
4.
Naaldbomen kennelijk bedoeld om te dienen als kerstbomen indien niet ouder dan twintig jaar;
5.
Kweekgoed;
6.
Uit populieren of wilgen bestaande:
om
van
de bebouwde
boomgaarden;
,
,
a.
Wegbeplantingen;
b.
Beplantingen langs waterwegen
c.
Eenrijige beplantingen langs landbouwgronden;
,
en
7.
Het dunnen van een houtopstand;
8.
Uit populieren wilgen essen of elzen bestaande beplantingen die kennelijk zijn bedoeld productie van houtige biomassa indien zij: ,
,
voor
de
,
a.
Ten minste
eens per tien jaar worden
geoogst;
b.
Bestaan uit minstens tienduizend stoven per hectare per beplantingseenheid zijnde een aaneengesloten beplanting die niet wordt doorsneden door onbeplante stroken breder dan twee meter en ,
,
c.
Zijn aangelegd na 1 januari 2013.
32
NATUURWAARDENONDERZOEK
52219
Verantwoording Literatuur / bronnen
Omgevingswet Omgevingsverordening Fauna
(geanonimiseerd) merci
150416
Rapport
Effectafstanden_Natura_2000.pdf
Materiaal
Camera
Zaklamp Thermometer
Windmeter
Verrekijker Endoscoop Ladder
(5 meter)
UV-lamp Internet
www.rvo.nl
www.bijze.nl wwww.verspreidingsatlas.nl www.zoogdiervereniging.nl www.ndff.nl
www.synbiosys.alterra.nl/natura2000 https://atlasnatuurlijkkapitaal.nl/kaarten www.natura2000.nl
www.planviewer.nl
33
NATUURWAARDENONDERZOEK 52219 – KERKWEG 14 BERGENTHEIM HARDERWIJK
Bijlagen
34
NATUURWAARDENONDERZOEK 52219 – KERKWEG 14 BERGENTHEIM HARDERWIJK
35
NATUURWAARDENONDERZOEK 52219 – KERKWEG 14 BERGENTHEIM HARDERWIJK
36
NATUURWAARDENONDERZOEK 52219 – KERKWEG 14 BERGENTHEIM HARDERWIJK
Vrijgestelde soorten per provincie Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
n
le
G
dn l as i er F
D
O
dn lao v lFe
Aardmuis
Microtus agrestis
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Bosmuis
Apodemus sylvaticus
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Bunzing
Mustela putorius
Dwergmuis
gen in ro
Zoogdieren
e
s
htn
j i sr
re
ev
lar dlee d G
n
th c e tr U
t dr dr an di dna o oo ba u ll o r N N B Z Ho -
x
-
dn lae e Z
dr dna oo ll N Ho
dro No
x
-
-
eB
tien tr . ) a a 1 ibsrn A N 33 . iB Z R M E
tmrav(
x5
x
x
x
Micromys minutus
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Dwergspitsmuis
Sorex minutus
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Egel
Erinaceus europaeus
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Eekhoorn
Sciurus vulgaris
Gewone bosspitsmuis
Sorex araneus
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Haas
Lepus europeus
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Hermelijn
Mustela erminea
x5
x
x
x
Huisspitsmuis*
Crocidura russula
x
x
x
x
x
x
x
x
Konijn
Oryctolagus cuniculus
x
x
x
x
x
x
x
x
Molmuis
Arvicola scherman
Ondergrondse woelmuis
Pitymys subterraneus
x
x
x
Ree
Capreolus
x
x
x
Rosse woelmuis
Clethrionomys glareolus
x
x
x
Steenmarter
Martes foina
Tweekleurige bosspitsmuis
Sorex coronatus
x
x
x
x
x
x
x
x
Veldmuis*
Microtus arvalis
x
x
x
x
x
x
x
x
Vos
Vulpes vulpes
x
x
x
x
x
x
x
x
Wezel
Mustela nivalis
x
x5
x
Wild zwijn
Sus scrofa
Woelrat
Sus scrofa
x
x
x x
x
x
x
x
x
x
x
x
x x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x2
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Amfibieën en reptielen Bruine kikker
Rana temporaria
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Gewone pad
Bufo bufo
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Hazelworm
Anguis fragilis
Kleine watersalamander
Lissotriton vulgaris
Levendbarende hagedis
Zootoca vivipara
Meerkikker
Pelophylax ridibundus Pelophylax klepton esculentus
Middelste groene kikker / bastaardkikker
x3 x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x4
* voor deze soorten daarnaast algemene vrijstelling in/op gebouwen en bijbehorende erven Wnb 3. 10 3e lid x1 = vrijstelling geldt in de periode maart- april en juli tot en met november x2 = vrijstelling geldt in de periode 15 augustus tot en met februari x3 = vrijstelling geldt in de periode juli , augustus en september x4 = vrijstelling geldt in de periode 15 augustus tot en met 15 oktober x5 = de vrijstelling voor deze soorten wordt ingetrokken met de inwerkingtreding van de Omgevingsverordening 2022
37
NATUURWAARDENONDERZOEK 52219 – KERKWEG 14 BERGENTHEIM HARDERWIJK
Disclaimer Deze rapportage is vervaardigd op verzoek van de opdrachtgever zoals hierboven aangegeven. Niets uit deze rapportage mag met uitzondering van de opdrachtgever worden vermenigvuldigd of openbaar gemaakt worden door middel van scanning druk internet kopie of andere wijze zonder schriftelijke toestemming van Ecofect B.V. noch mag het zonder deze toestemming voor een ander doel gebruikt worden dan waarvoor het vervaardigd is. Ecofect B. V. is niet aansprakelijk voor vervolgschade alsmede schade die voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van de werkzaamheden of andere gegevens verkregen. De opdrachtgever vrijwaart Ecofect B. V. voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. Omdat ecologisch onderzoek een momentopname is kan de aanwezigheid van beschermde soorten soms niet worden uitgesloten of bevestigd. Daarnaast is de natuurwetgeving aan verandering en jurisprudentie onderhevig. Wij zijn echter niet aansprakelijk voor de gevolgen van onverwacht verschijnende of verdwijnende flora of fauna noch voor de gevolgen van veranderende wetgeving of jurisprudentie. ,
,
,
,
,
,
,
,
,
© 2024 Ecofect B. V. ; Nunspeet
38