Bijlage 2 behorende bij toelichting "Bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Landgoed De Groote Scheere"
Tekst van het document
Scheerseweg 1 Holthone
gemeente Hardenberg Legenda Handhaven bestaand hoofdgebouw en kapschuur Bestaande kapschuur, oppervlakte ca. 160 m2 Nieuw aan te leggen greppel voor afkoppeling van hemelwaterafvoer Weide
Te handhaven bestaande bakenbomen Te handhaven bestaande bomen Nieuwe bomenrij Haag
Schetsontwerp
meters
012345
10
15
20
25
m a a r t 2020
Landschappelijke inpassing Scheerseweg 1 Landschapanalyse Volgens de LIK Gramsbergen valt de Scheerseweg 1 binnen het essen- en hoevenlandschap. Voor de erven binnen dit landschapstype geldt dat deze zich kenmerken door een onregelmatige erfopbouw met losse strooiing van de gebouwen op het erf. Verder zijn er grote bomen, verspreid op het erf aanwezig. De wegen zijn grillig van vorm en volgen vaak de oude hoogtelijnen in het landschap. Kenmerkend is verder dat de gebouwen vrij dicht op de weg staan en de voorerven beperkt zijn. Historisch gezien kwamen er ook veel kleine bijgebouwtjes voor op het erf. Historische ontwikkeling
Situatie rond 1890 en 1900
Situatie rond 1970 en 2015
Buro SRO Oost BV Sweerts de Landasstraat 50 6814 DG ARNHEM
026 – 35 23 125 arnhem@buro-sro.nl www.buro-sro.nl
KvK: 50835645 BTW: NL8229.48.540.B01 IBAN: NL95INGB0005519647
De Scheerseweg 1 is een bijzondere locatie. De boerderij, ook wel Bentinckhoeve genoemd, lag eerst prominent aan een weg richting het Landhuis zoals op de kaart van 1890 is te zien. Ten zuiden van de boerderij stond een grote schuur in lijn met de boerderij. Deze dichtst bij het Landhuis gelegen boerderij is in 1899 ‘omgedraaid’ opdat de oostgerichte, nieuwe pronkgevel zichtbaar werd vanuit het Landhuis, in plaats van de deel met het vee en de mestvaalt. Het verhaal gaat dat dit op uitdrukkelijk verzoek van de barones is gebeurd, zij wenste vanuit het Landhuis en de tuinen een fraai aanzicht. Op de kaart van 1900 is dit dan ook goed te zien. In de architectuur is destijds gekozen voor een relatief pontificale gevel in twee bouwlagen met ingezwikte (klok-achtige) gevelbeëindiging bij het dak (en sobere kroonlijst). Het voorhuis is ook smaller gemaakt dan de Deel en heeft daarmee statige, hoge zijgevels, meer als een ‘huis’, dat als een architectonisch gaaf specimen zichtbaar was vanuit het Landhuis, alles afgedekt met grijze oude holle pannen. De architectuur van deze oude boerderij wijkt dan ook sterk af van de meer eenvoudige hallenhuistypes die de Grote Scheere domineren. Rond 1970 verandert de structuur van de ontsluiting en wordt de Scheerseweg belangrijker. Het erf komt hierdoor verder van de hoofdontsluiting af te liggen en ligt aan een kruispunt van paden en wegen.
Ten zuiden is de kapschuur rond 1950 gebouwd, deze is ook nu nog aanwezig. Rond 2015 zijn de doorgaande wegen en paden vervaagd. Een grote ligboxenstal is gebouwd waarbij de strakke gevellijn van de bebouwing door een kleine aanbouw enigszins is doorbroken. Op de zuidoosthoek van het voorhuis prijkt een zeer oude mooie Esdoorn. Toekomstige situatie De grote ligboxenstal is in het kader van rood voor rood gesloopt. Hiermee is het erf weer verkleind tot de situatie zoals het erf in de jaren 50 er ook ongeveer uitzag. De voersilo’s zijn verwijderd, zodat aan de wegzijde een weide ontstaat waarachter het erf ligt. Vanwege de bijzondere ontstaansgeschiedenis van het erf wordt voor de landschappelijke inpassing niet voor een klassieke opzet gekozen die je normaal gesproken ziet. De ligging aan een oud doorgaand pad wordt gehandhaafd door de oude ontsluitingsweg in ere te herstellen en weer langs de boerderij richting het landhuis te laten leiden. Door het doortrekken van de losse bomenrij in lijn met de bebouwing wordt de ligging aan de historische erfontsluiting benadrukt. De oude hoofdingang ter plaatse van de voormalige ligboxenstal wordt afgewaardeerd en on-/half verhard uitgevoerd om de hiërarchie op het erf te benadrukken. De lage hagen kaderen het erf en de tuin in zonder overheersend te zijn in het beeld. Het erf mag gezien worden.
De erfbeplanting is gemengd en van inheemse oorsprong. Er wordt aangesloten bij de kenmerkende soorten van het essen- en hoevenlandschap. Voor de bomenrij zijn dat de soorten: zomereik, gewone es en/of ruwe berk. De lage hagen bestaan uit: (haag)beuk, meidoorn of veldesdoorn.
Buro SRO
pagina 2 van 2