Beeldkwaliteitsplan "Hardenberg Marslanden Ydenhoogte"
Tekst van het document
Hardenberg Marslanden | Ydenhoogte Beeldkwaliteitplan
a t e l i e r
DUTCH
2 8 - n o vember- 2 0 2 2
Inhoudsopgave 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 3 1.2 Wettelijk kader 3 1.3 Ruimtelijke context 4 1.4 Ruimtelijk concept 5 1.5 Essentiekaart 5 1.6 Verkaveling Ydenhoogte 6
2 Openbare ruimte 7 2.1 Visie één visie | vijf nuances
8
- De Brink 9 - Woonstraten 10 - Autovrije tussentraat 11 - Randzone 12 - Hoofdstraat 13
2.2 Parkeren 14 2.3 Materialisering openbare ruimte 17 2.4 Spelen 18 2.5 Opvang hemelwater 19
3 Bebouwing 20 3.1 Beeldregie 21 3.2 Kavel en positionering 22 - De Brink 23 - Het Dorp 24 - De Randzone 25
3.3 Gevelmateriaal, kleur en arch. elementen 26 3.4 Daktype en dakgoot 28 3.5 Erfscheidingen 29 3.6 Specials 32 3.7 Duurzaamheid 33
2
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
1. Inleiding Colnerhoogte
1.1 Aanleiding Dit beeldkwaliteitplan heeft betrekking op het deelgebied Ydenhoogte in Hardenberg Marslanden. In het Bestemmingsplan Hardenberg, Ydenhoogte en Leehoogte, zijn (bouw)regels opgesteld waar de toekomstige bebouwing in dit ontwikkelgebied aan moet voldoen. Ten aanzien van de in dit beeldkwaliteitsplan genoemde criteria geldt dat in alle gevallen het bestemmingsplan leidend is. Naast het bestemmingsplan ligt ook het reeds opgestelde stedenbouwkundig plan ten grondslag van dit beeldkwaliteitplan en dienen deze altijd complementair aan elkaar gezien te worden. De beeldkwaliteits-criteria zijn opgesteld ten behoeve van de uitstraling van de openbare ruimte en de onderlinge samenhang van de bebouwing. Via een aantal van deze criteria wordt er gestuurd op ruimtelijke kwaliteit. Deze beoordeling is gekoppeld aan bepaalde gebieden en hun kenmerken. Dit beeldkwaliteitplan geeft opdrachtgevers, ontwerpers en bouwers, vooraf informatie waaraan bouwplannen moeten voldoen en beoogt een inspiratiebron zijn om een hoge kwaliteit te realiseren.
plein
In
fo
Informele groenzone
School-, en Sportlocatie
rm
el
e
gr
oe
nz
on
e
Leehoogte plein
Dit beeldkwaliteitplan wordt opgesteld voor de Ydenhoogte, maar de criteria en sfeerimpressie zullen tevens als basis dienen voor de opvolgende hoogtes. Waar nodig kunnen in een latere fase specifieke regels voor de opvolgende Hoogtes worden toegevoegd.
1.2 Wettelijk Kader In 2011 is voor de gemeente Hardenberg een nieuwe welstandsnota opgesteld. Door de gemeenteraad is een stadsbouwmeester benoemd. Deze heeft als taak alle aanvragen voor een omgevingsvergunning te beoordelen op redelijke eisen van welstand. Zowel op zichzelf als in relatie tot de omgeving en de verwachte ontwikkelingen daarin. Het gaat daarbij niet alleen om het ontwerp zelf, maar ook om kleur-, materiaalgebruik en detaillering. De stadsbouwmeester werkt samen met een gemeentelijk welstandsadviseur.
Ydenhoogte
Het plangebied is in de huidige welstandsnota aangemerkt als “niveau 0”. Er zijn derhalve geen nadere welstandscriteria geformuleerd, wat onvoldoende is om sturing te geven aan het realiseren van een woongebied. Daarom is dit beeldkwaliteitplan opgesteld. Dit beeldkwaliteitplan fungeert als gebiedsgericht welstandskader voor dit specifieke plangebied en is daarmee een aanvulling van de welstandscriteria die voor dit gebied gelden.
plein
entree Principeschets: Ontwikkeling toekomstige ‘hoogtes’ Marslanden 3
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
marspark
1.3 Ruimtelijke context totaalontwikkeling Marslanden De ontwikkeling van de Ydenhoogte is onderdeel van de totaalontwikkeling Marslanden. Marslanden sluit aan op de landelijke omgeving van Heemse en Collendoorn, en onderscheidt zich van andere woonmilieu’s en het stadscentrum binnen Hardenberg. Het stadscentrum heeft deels een besloten, stenig en kleinschalig karakter en kent een grote diversiteit aan architectuur. In Heemse en in Collendoorn is de bebouwing ondergeschikt aan de open ruimte van de Es en het omliggende lanschap. In Marslanden komt een synergie tot stand tussen de stedelijke sfeer van het stadscentrum en de landelijke sfeer van Heemse en van Collendoorn. De overgang van stad naar land wordt in Marslanden vormgegeven. Binnen Marslanden komt een verscheidenheid aan woonmilieus tot stand, die in onderlinge samenhang deze overgang van stad naar land geleidelijk tot stand brengen. In de ontwerppraktijk betekent dat onder meer dat groenpartijen vanuit het buitengebied de gebouwde omgeving binnendringen, waarbij het karakter van het groen gaandeweg verandert van meer landelijk naar meer stedelijk. De hoofdplanstructuur van Marslanden wordt gevormd door het landschappelijk raamwerk. De buitenranden presenteren zich naar hun omgeving, deze randen vormen het gezicht van Marslanden.
Het binnengebied van het raamwerk is opgebouwd uit verkeersruimten en groenzones die de deelgebieden van elkaar scheiden. Het stedenbouwkundige ontwerp voor Marslanden is dus opgebouwd uit verschillende woonsferen binnen dit landschappelijk raamwerk. Elk van deze ‘woonmilieus’ heeft een eigen stedenbouwkundige opzet, de wijze van verkaveling, met als gevolg dat elke woonbuurt een eigen, typerende identiteit kent, die met de verkavelingswijze samenhangt.
Havezate Es
polderlandschap
De Velden
Colnerhoogte
DE HOOGT ES Marshoogte
Leehoogte
De Cirkel II Ydenhoogte
Zwolle - N34 - Emmen Hardenberg centrum
totaalontwikkeling Marslanden 2012 4
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
1.4 Ruimtelijk concept Ydenhoogte
1.5 Essentiekaart
Het woonmilieu van de Ydenhoogte is geïnspireerd op de opzet van een historische dorpskern met een vertaling en inpassing naar de opgaves van nu. Elke hoogte, en dus ook de Ydenhoogte, heeft midden in het deelgebied een brinkvormige openbare ruimte, waar de voornaamste straten van die hoogte samenkomen. De Brink fungeert daardoor als centrale plek. Die functie wordt door de bebouwing benadrukt. De bebouwingsdichtheid rondom de Brink is de hoger dan in de rest van de desbetreffend hoogte. Hoe verder naar de rand van de hoogte toe, hoe geringer de bebouwingsdichtheid wordt. Ook dat geleidelijk aflopen van de bebouwingsdichtheid is in overeenstemming met het traditionele bebouwingspatroon van brinkdorpen. Doordat het stratenpatroon niet orthogonaal is, ontstaan er knikken en verspringingen in de straten en de tussen de bouwblokken. Één wat bredere hoofdstraat per hoogte voor een snelle afwikkeling van het autoverkeer.
Het concept voor Ydenhoogte is vertaald naar een essentiekaart waar de hoofdprincipes van het plan ruimtelijk worden weergegeven. Te zien is dat de Brink een prominente rol speelt in het hart van de wijk, en dat de groene randen een zachte overgang naar de omgeving en het Marspark creëren. De speelplekken zijn zo verdeeld dat ze voor kinderen makkelijk bereikbaar zijn en zich in de autovrije straten van het plan bevinden. De woonvelden hangen door middel van een rondweg en korte straatjes aan de hoofdontsluiting, waar rustige en groene woonstraten ontstaan zonder doorgaand verkeer. Dit creëert tevens een heldere en overzichtelijke ontsluiting van de wijk.
Naast deze stedenbouwkundige uitgangspunten die kwaliteiten van een oude dorpskern overnemen is het plan geoptimaliseerd naar de hedendaagse opgave. De maatvoering van de uitgiftevelden zijn gebaseerd op logische kavelmaten. Parkeren wordt deels in parkeerkoffers gepositioneerd om het blik in het straatbeeld te verminderen. Groene tussenstraatjes zorgen naast een prettige verblijfskwaliteit ook voor de mogelijkheid om hemelwater oppervlakkig op te vangen binnen het plangebied.
brink
woonstraat
buurtontsluiting
l
de
en
Eugenboersdijk
lav
BRINK
fietsroute
woonvelden
brede groenstrook
speelplek
MARSPARK
ruimtelijk concept Ydenhoogte 5
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
essentiekaart Ydenhoogte |
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
groene tussenstraat
1.6 Verkaveling Ydenhoogte Bij het opstellen van het BKP is de stedenbouwkundige verkaveling Ydenhoogte van oktober 2022 als basis genomen. In dit BKP worden de uitgangspunten en principes voor de beeldkwaliteit vastgesteld. Kleine veranderingen/ optimalisaties in de verkaveling blijven hierdoor mogelijk, de principes blijven gehandhaafd.
Stedenbouwkundig plan oktober 2022 6
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
Stedenbouwkundig plan Oktober 2022
O p e nba re R uim te
2.1 Visie | één uitstraling, vijf nuances Binnen de wijk Ydenhoogte komt een éénduidige uitstraling voor de gehele wijk. De wijk krijgt een groene uitstraling, zonder dat dit de functionaliteit verstoort. Door het creëren van een aantal parkeerkoffers wordt het ‘blik in de straat’ verminderd, maar kan toch iedereen dicht bij zijn huis parkeren. Het plan bevat een vijftal typen openbare ruimte aan te wijzen die wat betreft gebruik van elkaar verschillen. Dit zijn de nuances die met name het verschil van ‘verblijfsruimte’ en ‘verkeersruimte’ benadrukken. De vijf verschillende typen openbare ruimte zijn: 1 De groene brink 2 Woonstraten 3 Autovrije woonstraten 4 Randzone 5 Hoofdontsluitingsweg
1 | De groene brink
2 | Woonstraten
3 | Autovrije woonstraten
2 4
3 3 2
2
1 3
3
4
5 3 4
3 4 | Randzone
2
positie vijf nuances 8
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
principes vijf nuances |
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
5 | Hoofdstraat
De Brink De Brink vormt het hart van de Ydenhoogte en is dé belangrijkste verblijfsruimte van de wijk. De Brink ligt centraal in de wijk en met een maat van grofweg 30 meter bij 100 meter geeft de Brink lucht en ruimte aan de wijk. Gezien de Brink de belangrijkste verblijfsruimte wordt is deze vrij van autoverkeer en parkeren, is deze groen ingericht en er zijn speelplekken. Eventuele doorgang voor calamiteiten/pakketdiensten/verhuiswagens blijft wel mogelijk, door middel van een overrijdbare groenstrook langs het trottoir.
A
vereist
gewenst
• de brink is groen ingericht
• overrijdbare groenstrook voor calamiteiten, pakketdiensten en verhuiswagens
• de brink is vrij van autoverkeer en parkeren • de kavels hebben geen voorerfafscheiding
• subtiele nuance in legverband van stoepzone, om openbaar en privé te scheiden • op eigen terrein kunnen geveltuintjes worden aangelegd
De woningen rond de Brink staan relatief dicht op de openbare ruimte (maximaal 1.5 meter, afhankelijk van de kavelvorm), met een ‘stoepzone’ als overgang tussen de woning en de openbare ruimte. Deze private ruimte is naar eigen keuze in te vullen d.m.v. bestrating, een geveltuintje of een combinatie van deze.
Profiel A : De Brink
brink als centrale ontmoetingsplek wijk 9
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
wonen aan een groene brink
‘stoepzone’ voor de woningen langs
overrijdbare groenstrook
De Woonstraten De woonstraten zijn functioneel, maar groen ingericht. De straten zijn tweerichtings verkeer. Parkeren gebeurt hoofdzakelijk als langsparkeren langs de stoep of langs een groenstrook. Het groen is zoveel als mogelijk aan elkaar verbonden om snippergroen te voorkomen.
vereist
gewenst
C
• de woonstraten zijn groen ingericht
• snippergroen voorkomen
B
• straten zijn twee richtingverkeer
• groen zo inrichten dat foutief parkeren wordt tegengegaan
• in de woonstraten is uitsluitend langsparkeren toegestaan
In een aantal straten, daar waar aan één zijde van de weg zich alleen vrijstaande woningen en twee-onder-een kappers bevinden, komt er slechts aan één zijde van de weg een trottoir en parkeerplaatsen. Dit resulteert in een royale groenstrook door de gehele straat die alleen gekruist wordt door de inritten naar de kavels.
profiel B : woonstraat twee-zijdig langsparkeren
profiel C : woonstraat één-zijdig langsparkeren
brede groenvlakken parallel aan de inritten 1 0
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
De autovrije tussenstraat Verspreid door de wijk bevinden zich de ‘autovrije tussenstraatjes’. Dit zijn korte stukjes woonstraat waar geen auto’s kunnen komen of de auto te gast is. Deze tussenstraatjes dienen meerdere doelen. Niet alleen zorgen ze voor een goede ontsluiting van de wijk voor fietsers en voetgangers, ook creëren ze kleine verblijfsplekken en speelplekken voor de omwonenden en bieden de doorsteekjes ruimte om het regenwater oppervlakkig af te voeren richting het omliggende groen.
D
vereist
gewenst
• groene tussenstraatjes zijn autovij
• woningen grenzend aan de tussenstraatjes hebben een tweezijdige oriëntatie
• de groene tussenstraatjes worden ingericht met speelplekken
• net als in heel Marslanden wordt hemelwater oppervlakkig afgevoerd • weelderige beplanting
Profiel D : autovrije tussenstraat
1 1
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
De Randzone
vereist • breed talud
F
Grenzend aan de omliggende groenzone liggen de woningen afwisseld met de voorkanten danwel achterkanten naar het groen/water. Aan de voorkant ligt een straat (twee-richtingsverkeer). Door het programma van voornamelijk vrijstaande woningen en twee-onder-één-kap woningen is de parkeerdruk hier relatief laag, immers de meeste bewoners parkeren op eigen terrein. Het bezoekersparkeren vindt plaats aan de rand in het groen, dit om minder verharding te hoeven realiseren. Nader is te onderzoeken of deze parkeerplekken in half-open verharding uitgevoerd kunnen worden.
E
gewenst
• parkeren vindt plaats aan de rand in het groen
• parkeerplaatsen in de randzone worden gematerialiseerd met halfopen verharding
Daar waar op achterkanten aan het water grenzen worden andere eisen gesteld betreffende de beeldkwaliteit (zie 3.2 Erfafscheiding). geen bouwwerken mogelijk in lage tuinzone
mogelijkheid:talud houten damwand of vergelijkbaar
Profiel E: openbare randzone, tweerichtingsweg
1 2
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
Profiel F:private randzone, hoog een laag tuindeel
De Hoofdstraat Door de Ydenhoogte heen loopt, in het verlengde van de straat ‘Kervel’, de hoofdontsluitingsweg die niet alleen de Ydenhoogte maar ook de naastgelegen buurten van de wijk Marslanden ontsluit met de omgeving. Deze straat is van een hogere orde en heeft zodoende een breder profiel. Dit geeft ruimte voor een brede hoofdgroenstrook die de weg door de wijk heen begeleidt. Gekozen is om het profiel asymmetrisch te maken, dat wil zeggen het groen naar één zijde te concentreren. Dit geeft de ruimte om ook bomen van een grotere orde te plaatsen. Aan de andere kant blijft nog steeds ruimte over voor een groenstrook van die zich ‘om de parkeerplaatsen heen vouwt’. Deze groenstrook wordt ingeplant met lage inheemse heesters om zo het zicht op de geparkeerde auto’s te verminderen.
G
vereist
gewenst
• hoofdstraat heeft een breedere opzet dan woonstraten
•grote inheemse groenstroken en grote bomen
• langsparkeren
• de straat heeft een asymmetrisch profiel
• de waterafvoerende groenstrook is gevuld met beplanting (niet alleen geschoren talud)
Profiel G : tweerichtingsweg hoofdontsluiting
Brede groenstrook (inc afwatering) 1 3
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
Brede groenstrook ( ruimte voor grote bomen)
2.2 Parkeren Het parkeren zal voor een aanzienlijk deel in de openbare ruimte plaatsvinden. Er wordt gestreefd naar een spreiding van plekken én parkeervormen, zodat nergens het ‘blik op straat’ domineert.
vereist
gewenst
• geen openbaar parkeren op de Brink
• parkeerplaatsen worden waar mogelijk ingepakt en afgeschermd met hagen
• parkeren op eigen terrein bevindt zich voor de garage of naast de woning
Parkeerkoffers
Om het parkeren deels uit de woonstraten te houden komen er een aantal parkeerkoffers in de wijk, met name rond de Brink. Dit maakt het mogelijk om de Brink op deze manier geheel autovrij te krijgen. In de openbare parkeerkoffers komen naast de parkeerplekken ook groenvakken. Dit zowel voor een groene uitstraling als om hittestress tegen te gaan. De parkeerplaatsen in de koffers worden in half open legverband uitgevoerd of met grasbetonstenen. De exacte uitwerking van de materialisatie volgt in het inrichtingsplan.
• parkeerplaatsen in de randzone en parkeerkoffers worden gematerialiseerd met halfopen verharding
Woonstraten
In de woonstraten is het uitgangspunt langsparkeren. Daar waar zich vooral vrijstaande en twee-onder-één kapwoningen bevinden volstaat het parkeren aan één zijde van de straat. Bij rijwoningen wordt de parkeerdruk op de openbare ruimte groter en zal er geparkeerd worden aan twee zijdes van de straat. Haaksparkeren is alleen als uitzondering toegestaan. De parkeerplekken worden uitgevoerd in een standaard elementenverharding. Nader te bepalen in het inrichtingsplan.
parkeerkoffer achter/of aan de zijkant van de woningen
Parkeren aan de Rand
Aan de randen van het plangebied zal veelal op eigen terrein geparkeerd worden, met 2 parkeerplekken op eigen terrein. De openbare parkeerkplekken zullen daarom hoofdzakelijk voor het bezoekersparkeren dienen. De parkeerplekken liggen in het groen en worden in een half open materialisatie uitgevoerd. Deze vallen op deze manier ‘visueel weg’ in de landschappelijke rand. Parkeren eigen terrein
parkeren in de straat (langsparkeren)
parkeerkoffers achter de woningen (bomen, gras en halfopen verharding waar mogelijk)
Parkeren op eigen terrein bevindt zich voor de garage of naast de woning. (niet voor de voorgevel). Voor twee-onder-één kappers is er minimaal ruimte om 2 parkeerplekken achter elkaar te plaatsen. Voor vrijstaande woningen is er in de meeste gevallen ruimte om 2 auto’s naast elkaar te parkeren.
parkeren aan groenzone 1 4
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
parkeren aan het groen (in half-open verharding)
langs parkeerplaatsen in straat ‘inpakken’ in groen waar mogelijk
Parkeren YDENHOOGTE 20221024
Parkeren
Type
A Rijwoning sociaal huur B Beneden- bovenwoning C Rijwoning goedkope koop D Rijwoning vrije sector E Twee-onder-een-kap woning middelduur F Twee-onder-een-kap woning duur G Vrijstaande woning projectmatig H Vrijstaande woning PO kavels
aantal
parkeernorm
2 8 w o n. 1 8 w o n. 4 3 w o n. 4 4 w o n. 4 0 w o n. 52 won. 12 won. 2 4 w o n. 261 won.
1,2 p.p./won. 1,2 p.p./won. 1,6 p.p./won. 1,6 p.p./won. 1,8 p.p./won. 1,8 p.p./won. 1,9 p.p./won. 1,9 p.p./won.
eigen terrein
openbaar
1,3 p.p./won. 1,3 p.p./won. 1,8 p.p./won. 1,8 p.p./won.
1,2 p.p./won. 1,2 p.p./won. 1,6 p.p./won. 1,6 p.p./won. 0,5 p.p./won. 0,5 p.p./won. 0,3 p.p./won. 0,3 p.p./won.
benodigd parkeren openbaar
34 p.p. 22 p.p. 69 p.p. 70 p.p. 20 p.p. 26 p.p. 4 p.p. 7 p.p. 251 p.p. openbaar
251 p.p. in tekening 268 p.p eigen terrein
parkeerbalans
half open verharding elementenverharding
1 5
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
Parkeren referentiebeelden halfverharding (exacte keuze nader te bepalen in inrichtingsplan) Grasbetonsteen NCB (new city basic)
Half open legverband
Hydro-lineo steen
1 6
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
2.3 Materialisering openbare ruimte Uitstraling In de structuurvisie is vastgesteld dat de Ydenhoogte een andere uitstraling krijgt dan de reeds ontwikkelde buurten van de totaalontwikkeling Marslanden. Uiteindeijk wordt de exacte materialisering in het inrichtingsplan uitgewerkt in samenspraak met de gemeentelijke afdelingen (inclusief beheer), echter geven we in dit BKP al wel een aanzet en denkrichting voor de materialisatie. Deze geven een goed beeld van de beoogde uistraling die past bij de hoogte.
Duurzaamheid en klimaatadaptatie. Niet alleen de uitstraling is van belang, ook duurzaamheid en klimaatadaptatie wordt een steeds belangrijker aspect bij de aanleg van nieuwe woonwijken, ook de openbare ruimte is daarbij zeer belangrijk. Hierbij kan gedacht worden aan waterdoorlatende elementenverharding, molgoten om het water naar de groenstroken af te voeren en parkeerplaatsen uitgevoerd in half-open steen of half open legverband.
vereist
gewenst
• de wegen en de brink worden gematerialiseerd met gebakken klinkers
• parkeerplaatsen in half open verharding
• het trottoir wordt aangelegd in betontegel
• verharding (alleen) waar moet, groen waar het kan
Voor alle producten zijn vergelijkbare alternatieven mogelijk uiteindelijke materialisatie wordt in inrichtingsplan vastgesteld
Bestrating
Molgoten
Trottoir
(gebakken) Klinker keiformaat roodbruin, keperverband
(gebakken) Klinker
Betontegel grijs mix 150x300mm Halfsteens of 300x300mm
Betonklinker Keiformaat roodbruin elleboogverband (kleur aansluitend op rijbaan)
Asfalt
Verkeersdrempel
Parkeren half(open)verharding
Lijngoot wadi’s (als nodig)
Voetpaden door groen (marspark)
Straatbanden
Doorgeklinkerd, geen ‘band’ boven
Hydrolineo of vergelijkbaar
Lijngoot (mogelijkheid n.t.b.)
halfverharding Graustabil
Betonband kleur|standaard grijs (kleur aansluitend op trottoirtegel)
1 7
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
Parkeren standaardparkeerplekken
50km/h weg
2.4 Spelen | natuurlijk en duurzaam Speelplekken lenen zich ervoor om extra kwaliteit te geven aan de buurt. Dat wil zeggen niet alleen het spelen zelf, maar ook extra groen, duurzaamheid, koelte, kunst of een ontmoetingsplek. Deze functies kunnen elkaar versterken en moeten hand in hand ontworpen worden. Er moet gestreefd worden naar een gedifferentieerd speelaanbod in de buurt. De speelplekken in Ydenhoogte bevinden zich met name in de autovrije tussenstraatjes en op de Brink. De inrichting is maatwerk en de aard van de plekken zal per locatie verschillen. Dit zal onder andere afhangen van welke doelgroep wordt bediend, welke type spel wordt aangeboden en welke extra opgave er aan gekoppeld kan worden. Om de speelplekken een onderscheidend karakter te geven en aan te laten sluiten op de identiteit van de buurt is de toepassing van hout, en andere natuurlijk ogende materialen, voor de hand liggend.
vereist
gewenst
• kleine speelplekken door de wijk voor de allerjongsten (0-6)
•
voetgangersbruggetjes naar de landschappelijke randzone (marspark)
•
speeltoestellen bepalen door middel van participatie
• speelplekken in de randzone voor de jeugd (6-12) • plek voor oudere jeugd in de landschappelijke randzone (12+) • speeltoestellen zijn van hout of andere natuurlijk ogende, duurzame materialen
natuurlijk spelen in het marspark (zoekgebied. exacte locatie ntb.) Indicatie mogelijke locaties speelplekken 1 8
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
natuurlijke speeltoestellen (gevarieerde leeftijd)
2.5 Hemelwaterafvoer | wadi structuur Oppervlakkige hemelwaterafvoer Om een duurzame, toekomstbestendige en robuuste afvoer van het regenwater realiseren wordt er zoveel als mogelijk het regenwater binnen het plangebied opgevangen. Dit wordt gerealiseerd door het maken van wadi’s. De wadi’s vangen het water op waarna het water vertraagd de grond in kan trekken. De wadi’s zijn zoveel als mogelijk aan elkaar gekoppeld om zo een robuust stysteem aan te leggen. De wadi’s worden uitgevoerd met zogenoemde slok-op’s. Deze zorgen ervoor dat bij grote piekbuien de wadi’s niet overstromen maar het overtollige water afgevoerd wordt naar het IT-riool. De buurtgroentjes en de Brink dienen een multifunctioneel doel. Hier komen de opvang van water, het verminderen van hittestress en spelen samen. De wadi’s worden niet alleen ‘technisch’ aangelegd met gemaaid gras, maar worden (deels) ingeplant met een weelderige beplanting. Dit wordt bij het inrichtingsplan verder uitgewerkt.
Referentiebeelden ingeplante wadi’s met speelaanleidingen 1 9
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
B e bouw ing
3.1 Beeldregie | oriëntatie en specials Om de kwaliteiten van het ruimtelijke ontwerp maximaal te benutten moet bij de invulling van de bouwvelden goed gekeken worden naar het raamwerk. In het raamwerk bevinden zich ruimtelijke elementen die met extra zorg ontworpen dienen te worden. Denk aan zicht-assen, hoofdroutes, verblijfplekken etc. Specials In het plan zijn enkele specials aanwezig. Dit is bebouwing die ruimtelijk afwijkt van zijn omgeving en de wijk kwalitatief tot een hoger niveau brengt. Een special brengt variatie, identiteit en hiërarchie in de wijk. Denk aan een in het oog springende gekeimde woning, uit de rooilijn springend of een speciale dakvorm. Tweezijdige oriëntatie Op veel hoeken is het belangrijk dat de woning een tweezijdige oriëntatie krijgt. Dit zijn hoeken op zichtassen of gelegen aan belangrijke verkeersstromen. Ramen, erkers of voordeuren zorgen ervoor dat er geen ‘blinde’ zijgevels ontstaan. Op deze manier ontstaat er contact tussen de groene tussenstraat en de woning, waarmee toezicht en levendigheid wordt gecreëerd. In de kavels moet ruimte worden gereserveerd voor bredere tuinen, erkers of andere architectonische elementen.
voorbeeld van tweezijdige oriëntatie
oplopende dichtheid
voorbeeld van tweezijdige oriëntatie
twee zijdige oriëntatie (geen blinde gevels) oriëntatie woning special Voorbeeld van special 2 1
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
orientatie bebouwing en specials Ydenhoogte
3.2 Kavel en positionering | drie verschillende regimes Betreft de bebouwingstypologie en positionering van de bebouwing zijn er grofweg drie sferen aan te wijzen. De Brink, het Dorp en de Randzone. Deze zijn gerelateerd aan de oplopende dichtheid vanaf de rand richting de Brink die midden in het plan ligt.
De Brink
Rond de Brink zal een hogere dichtheid ontstaan door het programma van hoofdzakelijk rijwoningen en een aantal beneden- bovenwoningen. Deze dichtheid bouwt zich af richting het omliggende groen. Het programma in de Randzone bestaat voornamelijk uit vrijstaande- en twee-onder-één kapwoningen. Deze woningen hebben logischerwijs ook een ruimere kavel. Aan de Brink komen de woningen dichter op de erfgrens te staan, om een ‘stoepzone’ te realiseren. Afbouwend naar de rand komen de rooilijnen ook verder van de erfgrens te liggen.
Het Dorp
De Randzone
(wit keimwerk alleen incidenteel toegestaan) 2 2
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
Kavel en positionering | De Brink Afstand rooilijnen De woningen aan de Brink hebben een directe relatie met de brink. Deze overgangszone is ontworpen als ‘stoepzone’ en biedt ruimte voor de bewoner om een bankje, plantenbak etc. neer te zetten of een geveltuintje aan te leggen. Men woont dus direct aan de Brink, en kan de stoepzone ‘eigen’ maken.
De Brink
vereist
gewenst
• woningen hebben een directe relatie met de brink
• stoepzone biedt ruimte voor een geveltuintje of bankje, plantenbak etc.
• maximaal 8 rijwoningen aaneengesloten aan elkaar, met bij meer dan 6 rijwoningen een naar voren uitstekend accent van de woning
Verschillende bouwmassa’s kunnen ten opzichte van elkaar een licht variërende rooilijn te hebben. Er kan ook binnen één bouwvolume gevarieerd worden met de rooilijn (verspringing binnen een rijtje woningen).
• bijgebouwen grenzend aan de brink zijn volledig onderdeel van de architectuur
Positionering bijgebouwen/garages Er grenzen in principe geen aan-, bijgebouwen of garages aan de Brink. Als er, bijvoorbeeld bij de specials, wel bijgebouwen aan de Brink grenzen zijn deze volledig onderdeel van de architectuur.
typologieën
rooilijnen
- voornamelijk rijwoningen - ruimte voor bebo’s - incidentele special - maximaal 8 rijwoningen aaneengesloten aan elkaar - bij meer dan 6 aaneengesloten rijwoningen een verspringing 2 3
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
- stoepzone, woningen grenzen aan de Brink (ca 1m1 eigen terrein aan voorkant)
H a r d e n b e r g
oriëntatie
- aaneengesloten bebouwig - oriëntatie op de Brink
Kavel en positionering | Het Dorp Rooilijnen Alle woningen hebben een voortuin. Verschillende bouwmassa’s dienen ten opzichte van elkaar zoveel mogelijk een variërende rooilijn te hebben. Ook binnen één bouwvolume kan gevarieerd worden met de rooilijn (verspringing in een rijtje woningen).
Het Dorp
vereist
gewenst
• alle woningen hebben een voortuin
• lichte verspringingen in bouwmassa’s/rooilijnen wenselijk
• bijgebouwen conform landelijk beleid vergunningsvrij bouwen
• erkers aan de voorkant van de bebouwing
Positionering bijgebouwen/garages Bijgebouwen en garage moeten altijd conform de vergunningsvrije bouwregels gebouwd worden (landelijk beleid). Wenselijk is dat deze bijgebouwen van hetzelfde materiaal als het hoofdgebouw zijn. Van belang is dat er altijd genoeg ruimte overblijft om voor de garage te parkeren. Aan- en uitbouwen Aan de voorkant zijn erkers en accenten mogelijk, en gewenst. Deze mogen door de grens van de voorgevelrooilijn steken.
typologieën
rooilijnen
- mix van rijwoningen en twee-onder-een-kap woningen - maximaal 8 rijwoningen aaneensloten aan elkaar* *uitzondering naar 10 aaneengesloten rijwoningen mogelijk bij een smalle beukmaat. 2 4
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
- alle woningen krijgen een voortuin - verspringingen in de rooilijn wenselijk
oriëntatie
- oriëntatie op de straat - bij de groene tussenstraatjes is de oriëntatie op het groen belangrijker dan op de straat. Ramen, erkers of voordeuren zorgen ervoor dat er geen ‘blinde’ zijgevels ontstaan.
Kavel en positionering | De Randzone Rooilijnen Alle woningen hebben een voortuin. Verschillende bouwmassa’s dienen ten opzichte van elkaar zoveel mogelijk een variërende rooilijn te hebben. Ook is een verspringing mogeijk binnen de bouwmassa’s zelf.
De Randzone
vereist
gewenst
• alle woningen hebben een voortuin
• lichte verspringingen in bouwmassa’s
• bijgebouwen conform landelijk beleid vergunningsvrij bouwen
• erker of accent aan de voorkant van de bebouwing
• maximaal 2 dezelfde volumes en architectonische eenheden naast elkaar
Positionering bijgebouwen/garages Bijgebouwen en garage moeten altijd achter de voorgevelrooilijn gebouwd worden (conform vergunningsvrij bouwen), en dienen van het zelfde materiaal als het hoofdgebouw te zijn. Van belang is dat er altijd genoeg ruimte overblijft om voor de garage te parkeren. Aan- en uitbouwen Aan de voorkant zijn erkers en accenten mogelijk, en gewenst. Deze mogen door de grens van de voorgevelrooilijn steken.
typologieën
rooilijnen
- voornamelijk vrijstaande- en twee-onder-één-kap woningen - maximaal twee dezelfde architectonische eenheden naast elkaar. (voorwaarden: onderscheid in kap, kleur, raamindeling, accenten etc.) 2 5
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
- verspringingen in de rooilijnen - alle woningen een voortuin
oriëntatie
- losse volumes, maximaal 2 dezelfde volumes naast elkaar
3.3 Gevelmateriaal & kleur en architectonische elementen Gevelmateriaal & kleur • breed palet van baksteen met diversiteit aan aardetinten (lichtbruin tot rood-bruin spectrum) • gekeimde woningen mogelijk als uitzondering (specials, zie 3.6)
vereist
gewenst
• maximaal 4 woningen op rij met exact dezelfde steenkleur
• gekeimde woningen als uitzondering
• maximaal 2 woningen op rij met dezelfde architectonitsche uitstraling
• erker of accent aan de voorkant van de bebouwing • tuitgevel, geaccentueerd entree, trasraam, rollaag of naar eigen inbreng
Ritmiek • betreft de architectuur staan er maximaal 2 eenheden die er architectonisch exact hetzelfde uit zien naast elkaar • betreft steenkleur zijn er maximaal 4 woningen naast elkaar met exact dezelfde steenkleur • architectuur door de wijk heen is familiair en niet pandgewijs Architectonische elementen • tuitgevels mogelijk • entree accentueren met omlijsting/bloemkozijn of afdakje • trasraam, in andere baksteenkleur of cement • ramen voorzien van rollaag (hanenkam of andere vorm ook mogelijk) Dakkapellen • Dakkapellen grenzend aan het openbaar gebied dienen meeontworpen te worden. • Bij gebruik van baksteen/steenstrips dienen deze aan te sluiten op het materiaal van de gevel. Bij gebruik van hout of houten uitstraling dient de kleur wit te zijn of qua kleur aan te sluiten op de getimmerde dakgoot en/of kleur van de kozijnen. • dakkapellen mogen niet ‘gekoppeld’ worden aan naastgelegen dakkappelen. Dakkappel behoort tot één woning.
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
eenheid rondom de brink
voorbeeld detail aansluiting dakgoot-kopgevel ritmiek + samenhang van bebouwing versterkt door: baksteenkleur, doorgestoken draagmuur, variatie in goothoogte etc.
voorbeeld tuitgevel 2 6
diversiteit aan ‘aardetinten’ door de wijk
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
rollaag (hanenkam)
rollaag (hanenkam)
rollaag
2 manieren om entree te ‘verbijzonderen’
bloemkozijn rondom deur als entree accent
trasraam cement 2 7
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
trasraam baksteen
3.4 Daktype en dakgoot
vereist • dakpannen in antraciettinten
Algemeen • twee lagen met kap • dakpan kleur zwart/antraciet pallet (i.v.m. zonnepanelen) • na maximaal 6 geschakelde woningen een verspringing in de goothoogte, gevelrooilijn, of daktype (zie kavel en positionering).* • *bij de uitzondering voor het rijtje van 10woningen is de verspringing niet nodig. • dakgoten zijn getimmerd of zink
• na maximaal 6 geschakelde woningen een verspringing in gevel, goothoogte, of daktype* *bij de uitzondering voor het rijtje van 10woningen is de verspringing niet nodig.
De Brink • een mix van kopgevels en langskappen • platte daken incidenteel mogelijk als (hoek)accent bij aangewezen specials • geen overstek bij kopgevels-zijgevels Het Dorp • hoofdzakelijk langskappen, incidentele kopgevels, mansardedaken of andere dakvormen • platte-, lessenaars en sheddaken niet mogelijk • geen overstek bij kopgevels-zijgevels De Rand • mix van langs-, dwarskappen en andere dakvormen (mansarde-, en schilddaken) • platte-, lessenaars en sheddaken niet mogelijk • dakkappellen liggen los in het dakvlak Dakbedekking, matte donkere tinten
2 8
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
3.5 Erfafscheiding Erfafscheidingen hebben een grote invloed op de uitstraling en samenhang binnen het plangebied. Daarom zijn er enkele regels opgesteld voor de erfafscheidingen grenzend aan de openbare ruimte. Afhankelijk van de openbare ruimte waaraan de kavel ligt en de orientatie van de woning zijn een aantal type erfafscheidingen vastgesteld. Eventuele bergingen en poorten kunnen in dezelfde vormtaal opgenomen worden. Op de achterkanten gelegen uit het zicht of rug aan rug tegen een andere kavel is minder regie nodig. Stoepzone Woningen aan de Brink krijgen aan de voorkant een ‘stoepzone’. Dit is een zone die qua materialisatie aansluit op de openbare ruimte van de Brink. hierdoor krijgt men het gevoel direct aan de Brink te wonen. De stoepzone biedt de bewoners de ruimte om de voorkant van hun woning zich eigen te maken. Denk aan het plaatsen van een bakje, bloempotten etc. De scheiding tussen het openbare deel van de Brink en deze stoepzone wordt zeer subtiel vormgegeven. Denk aan het gebruik van een ander legverband of ‘strek’ die de scheiding insinueert. Lage haag aan voorkant woningen Op de Brink na komt in alle gevallen vóór de voorgelvelrooilijn een erfafscheiding in de vorm van een lage haag/beplanting (maximaal 1 meter hoog). Deze wordt aangeplant in de woonrijpfase door de ontwikkelende partij.
Hoge haag tussen ‘lage tuin’ en openbare ruimte Op een klein aantal plekken grenst een kavel aan het water én aan de openbare ruimte. De erfafscheidingen zijn hier erg kwetsbaar. Hier dient dan ook een hoge haag te komen, deze gaat over in een lage haag ter hoogte van de woning. Zijtuinen aan openbare ruimte De overige zijtuinen worden groen uitgevoerd in de vorm van een hekwerk met (klim)beplanting (hedera, of andere klimplant die goed aanslaat op deze bodem). Hagen zijn hier ook mogelijk. Daar waar bergingen aan de openbare ruimte grenzen worden deze in het ontwerp meegenomen en in hout uitgevoerd. Met name bij de parkeerkoffers is dit van belang.
stoepzone ‘de brink’
hekwerk met groen
lage haag
hekwerk met groen i.c.m. houten bergingen
hoge haag
Type erfscheidingen 2 9
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
vereist
gewenst
• Op alle grenzen (exc. de Brink) privé-openbaar komt een erfafscheiding
• beplanting zo volwassen mogelijk aanleggen.
• geen blinde/gesloten muren en dichte houten schermen
• hagen in plaats van hedera
• erfafscheidingen maximaal 0,80 m hoog aan de voorzijde en maximaal 2,00m hoog aan de zijkant en achterzijde • opnemen van bergingen, poorten en garages in de hoge erfafscheiding groene hoge erfafscheidingen aan zij en achterkanten
stoepzone aan de brink 3 0
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
lage hagen aan voorkant van de woningen
lage haag aan voorkant woningen |
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
hekwerk met hedera voor zijkanten grenzend aan openbaar gebied.
Erfafscheiding | grenzend aan water Tuinen in de randzone bestaan uit een hoge- en een lage tuin. De lage tuin ligt lager dan de hoge tuin en hier zijn geen bouwwerken en bijgebouwen toegestaan. Het is wenselijk om de relatie met het water te versterken in de aanleg van de (lage)tuin.
vereist
gewenst
• lage tuin aan het water
•
• in de lage tuin zijn bouwerken en bijgebouwen niet toegestaan
•
aandacht voor goede relatie met het water bij ontwerp/ aanleg van de (lage)tuin taluud natuurlijk ingeplant
houten vlonder + schuttingen lopen niet door in ‘lage tuin’ geen bouwwerken mogelijk in lage tuinzone
mogelijkheid talud, houten damwand of vergelijkbaar
relatie met het water
hoge tuin
lage tuin
natuurlijke overgang natuurlijke overgang
relatie met water + natuurlijke beplanting 3 1
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
houten trap op talud
3.6 Specials Op een aantal plekken binnen het plangebied zijn specials aangeven. Dit zijn zichtbare plekken in de wijk die een belangrijk punt in de wijk markeren. Denk aan een entree van de wijk, op een zichtlijn of op de Brink.
vereist
gewenst
• op de aangewezen locaties is extra aandacht voor architectuur
• erker, vergroot volume, vergroot hoekraamelement
Op deze plekken is extra aandacht voor de architectuur gewenst, en is ook een andere bouwvolume mogelijk. Denk aan een vergroot volume, 3 lagen plat dak, een in het oog springende erker, raamkozijn over 2 lagen of anderszins opvallend architectonisch element.
special door architectonisch element (erker)
specials door vergroting van volume (hoek-rijwoning) 3 2
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
meeontworpen bijgebouw H a r d e n b e r g
specials binnen het plangebied
3.7 Duurzaamheid Zonnepanelen Met name voor de daken gericht op het zuiden is het interessant om naar de toepassing van PV-panelen te kijken. Zo kan de wijk duurzaam worden zonder dat het ten koste gaat van de beeldkwaliteit. Voor zonnepanelen gelden de volgende richtlijnen: • frames in allblack, aansluitend op pankleur • waar mogelijk bij voorkeur aan achterzijde woningen • volgen het ritme van de individuele woning, als eenduidige rechthoekige velden op ruime afstand van de dakranden
vereist
gewenst
• (positie) zonnepanelen in architectonisch ontwerp meenemen
• nestkasten en vogelstenen
• kleur van zonnepanelen sluit aan op pankleur • zonnepanelen in grote vlakken en volgen het ritme van de individuele woning Natuurinclusieve voorbeelden voor gebouwen
1. Neststenen voor vogels
Gebouwen bieden planten en dieren een ideaal onderkomen. Woningen, maar ook kantoren, hotels, scholen of bruggen. Met relatief goedkope inpassingen wordt de lokale biodiversiteit een stuk groter. De maatregelen kunnen worden toegepast op nieuwbouw of op bestaande bebouwing, bijvoorbeeld bij een renovatie.
• diverse beplanting • geveltuinen en groene gevels • tegengaan verstening
• hemelwater wordt zo veel mogelijk bovengronds afgevoerd
Gebouwen voor mens en dier
Flora en fauna Ook voor de flora en fauna kan veel gedaan worden bij de woningen en op de prive-kavels. Een aantal aspecten waar gedacht aan kan worden zijn: • nestkasten/vogelstenen/vleermuiskasten • regenton • diverse beplanting • hemelwater wordt zo veel mogelijk bovengronds afgevoerd • natuurvriendelijke erfafscheiding
• regenton
Vogelsoorten die in stedelijk gebied broeden zijn vaak afhankelijk van vaste nestplaatsen in gebouwen. Voor nieuwbouw zijn er speciale inbouwneststenen. Neststenen kunnen zichtbaar of onzichtbaar in of aan de gevel worden aangebracht, ook kunnen faunaflats worden geplaatst in de openbare ruimte. Elke vogelsoort gebruikt zijn eigen specifieke neststeen. Er zijn neststenen/ kasten voor:
aanwezig is binnen een afstand van vijf meter van de nestlocatie. Bijvoorbeeld gevelgroen en/of een haag of (stekelige) struik. In dit groen vinden deze soorten dekking en voedsel (insecten). Combineer een nestteen voor huismussen en spreeuwen daarom met een groene gevel (7), een geveltuin
(8) en/of een vijver (11). Voor de huiszwaluw moet er water en klei in de buurt van de nestlocatie zijn.
Hoge gebouwen ■ Huismus ■ Gierzwaluw ■ Huiszwaluw ■ Boerenzwaluw ■ Spreeuw ■ Witte kwikstaart ■ Zwarte roodstaart ■ Slechtvalk
De slechtvalk broedt graag op hoogte. Gebouwen die hoger zijn dan tachtig meter zijn geschikt als broedplaats voor de slechtvalk. De nestkast moet aan de noordoostzijde op de bebouwing worden aangebracht; richting zuidwest is niet mogelijk vanwege de wind. Een laagje houtsnippers of kleine kiezelstenen in de nestkast bevordert het broedsucces. Ook de gierzwaluw broedt graag hoog. Neststenen voor gierzwaluwen kunnen tot 40 meter hoog worden ingemetseld.
Waar plaatsen Plaats de neststenen aan de noordoostzijde van de gevel (en niet boven ramen). De nesten krijgen dan niet teveel zon. Gierzwaluwen en huismussen zijn koloniebroeders. Plaats daarom ten minste zes stenen bij elkaar. Gierzwaluwen en huiszwaluwen hebben een vrije aanvliegroute nodig van ten minste vier meter van de steen tot aan de grond. De aanvliegroute mag niet worden geblokkeerd, bijvoorbeeld door een bouwwerk of een boom. Plaats stenen of inbouw daarom bij voorkeur op een hoek of op de kopse kant van het gebouw. Voor de huismus is een hoogte van drie meter al voldoende. Onder schuine dakpandaken kunnen vogelvides worden geplaatst bij de onderste rij pannen op het
Bruggen Boerenzwaluw, huiszwaluw en kwikstaart nestelen ook onder bruggen. Maar wel op verschillende hoogtes. De specificaties staan in het overzicht op bladzijde 46. www.bij12.nl > zoek op ‘gierzwaluw’ > Kennisdocument-Gierzwaluw www.checklistgroenbouwen.nl www.vogelbescherming.nl > In mijn tuin > Tuinadvies nodig?
dak, ter hoogte van de dakvoet. De huismus kan zo een nest maken onder de dakpannen. Plaats nestkommen voor huiszwaluwen bij voorkeur onder een dakgoot of overstek.
vogelsteen
zonnepanelen in grote vlakken en sluiten aan op de pankleur
Omgeving
Neststeen huismus
Voor de huismus en de spreeuw is het essentieel dat er ten minste drie meter hoog opgaand groen Vogelvide onder dakpannen
8
natuurinclusieve voorzieningen in erfafscheiding (egeldoorgang, inscectenvriendelijk etc.) 3 3
B e e l d k w a l i t e i t p l a n
|
Y d e n h o o g t e
H a r d e n b e r g
Natuurinclusief bouwen en ontwerpen in twintig ideeën
oppervlakkig hemelwaterafvoer
Natuurinclusief bouwen en ontwerpen in twintig ideeën
9
wateropvang/regenton
atelier
DUTCH
Architectuur Stedenbouw Landschap De Steiger 24 | 1351 AB Almere Postbus 1181 | 1300 BD Almere T 036 - 533 34 24 | M 06 - 5380 1133 info@atelierdutch.nl | www.atelierdutch.nl
28 11 2022 S-HAR-2012024 Rob van der Velden Sander Maurits Nathalie Koren