CConstaterende datHardenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

Actualisatie DSV Hardenberg 2022-2026

gemeenteraad 21 november 2023, gemeente HardenbergBij agendapunt: Vaststelling evaluatie en actualisatie van de Detailhandelsstructuurvisie gemeente Hardenberg4.361 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Actualisatie Actualisatie detailhandelsstructuurvisie detailhandelsstructuurvisie gemeente gemeente Hardenberg Hardenberg 2022-2026 2022-2026 Juli 2023| ‘s-Hertogenbosch 29-3-2022 | ‘s-Hertogenbosch

2

Inhoud Inleiding Aanleiding

3 4

Visie op totale detailhandelsstructuur Visie op hoofdlijnen De gewenste hoofdstructuur detailhandel Visie op gewenste detailhandelsstructuur

5 6 7 9

Visie per winkelgebied Hardenberg-centrum Dedemsvaart-centrum Buurtwinkelcentra Hardenberg Boodschappencentra in kleine kernen Perifere detailhandel Verspreide bewinkeling Relevante thema’s bij verspreide bewinkeling

10 11 13 16 17 18 19 20

Toetsingskader en uitvoeringsstrategie Toetsingskader voor nieuwe initiatieven Visie is geen blauwdruk: ruimte voor flexibiliteit en maatwerk Uitvoeringsstrategie en -programma

21 22 23 24

3

Inleiding

4

Aanleiding De gemeente Hardenberg heeft in 2017 de huidige Detailhandelsstructuurvisie (DSV) inclusief uitvoeringsprogramma vastgesteld. Dat beleid liep eind 2021 af. Ondertussen gaan de landelijke trends in de (online) detailhandel door, versneld door de effecten van de maatregelen door de coronapandemie. Dit heeft gevolgen voor het bezoek aan winkelgebieden en omzetten in de fysieke winkels. Per branche lopen de ontwikkelingen sterk uiteen, van groei bij Supermarkten, Persoonlijke verzorging, Tweewielers, Woninginrichting en Doe-het-zelf, tot daling in Mode, Speelgoed en Media. Onderkend wordt dat deze ontwikkelingen continu veranderen. Daarnaast heeft jurisprudentie naar aanleiding van de Europese Dienstenrichtlijn invloed op de beleidskaders. Ook regionaal en provinciaal spelen de nodige (beleids)ontwikkelingen rondom detailhandel. Tenslotte is de centrumvisie van Dedemsvaart geactualiseerd. Die wordt naar verwachting najaar 2023 vastgesteld. Alles bij elkaar reden om de huidige DSV te evalueren en actualiseren met betrokken partijen. Evaluatie en actualisatie van de detailhandelsstructuurvisie 2017 Deze notitie is de actualisatie van de DSV Hardenberg. Eind 2021 heeft er de evaluatie plaatsgevonden. De uitkomsten van deze evaluatie zijn opgenomen in een aparte notitie. Die notitie geldt als onderlegger voor deze actualisatie.

Daarin zijn onderliggende analyses uitgevoerd, belangrijke trends en (beleids-)ontwikkelingen beschreven en zijn de ontwikkelingen sinds de vorige DSV inzichtelijk gemaakt. Deze actualisatie is het beleidskader op het gebied van winkels en winkelcentra in de gemeente Hardenberg. Het betreft een actualisatie waarbij de focus ligt op de punten waar het bestaande beleid wordt aangescherpt/gewijzigd. En tot slot een uitvoeringsstrategie en programma, ofwel een set van maatregelen om deze structuurvisie tot uitvoering te brengen.

5

Visie op totale detailhandelsstructuur

6

Visie op hoofdlijnen Doel Een vitale en aantrekkelijke detailhandelsstructuur van complementaire winkelgebieden qua aanbod en verzorgingsgebied verspreid over de gemeente. Hardenberg biedt hiermee zowel bewoners als toeristen/recreanten een ruime keuze, dicht bij huis in een compact, comfortabel en aantrekkelijke (winkel)omgeving. Algemene uitgangspunten Uitgangspunt 1:

Met deze actualisatie bestendigen we de koers die met de DSV 2017 is ingezet. Aangescherpt op onderdelen conform actuele ontwikkelingen, Dienstenrichtlijn en Omgevingswet.

Uitgangspunt 2:

Het beleid draagt bij aan vitale winkelgebieden, een verspreid voorzieningenniveau en een helder ondernemings- en investeringsklimaat.

Uitgangspunt 3:

Ontwikkelingen in de detailhandel kunnen niet los worden gezien van andere centrumfuncties. Er wordt ingezet op een integrale benadering, participatie en op uitvoering van het beleid. Met een uitvoeringsprogramma en samenwerking met partijen wordt het doel consequent nagestreefd.

Uitgangspunt 4:

De visie is geen blauwdruk, maar biedt ruimte voor flexibiliteit en afwegingsruimte voor maatwerk (mits goed onderbouwd). Met als doel een evenwichtige toedeling van functies waarmee gewenste ontwikkelingen worden gestimuleerd en ongewenste ontwikkelingen worden voorkomen.

Uitgangspunt 5:

Het primaat van het detailhandelsbeleid blijft bij de centrumgebieden van Hardenberg en Dedemsvaart. Op deze gebieden ligt de focus qua keuzes en middelen omdat hier de leegstand en markttrends de grootste impact hebben.

7

De gewenste hoofdstructuur detailhandel

8

De gewenste hoofdstructuur detailhandel Binnen de totale detailhandelsstructuur van de gemeente Hardenberg onderscheiden we vier typen winkelgebieden: Recreatief winkelgebied met regionale verzorgingsfunctie Een compleet winkelgebied voor ‘winkelen’, ontmoeting, verblijven en vermaak. Horeca, evenementen, cultuur en leisure in combinatie met winkels maakt dat bezoekers hier langere tijd verblijven. Deze centra hebben ook een verzorgingsfunctie voor de dagelijkse aankopen door centrumbezoekers en -bewoners, en om te wonen, werken of recreëren. Boodschappencentrum-plus met (boven)lokale verzorgingsfunctie Een compact en functioneel winkelgebied gericht op de dagelijkse boodschappen en frequente niet-dagelijkse aankopen, ondersteund door een beperkt horeca-aanbod en aanvullende functies. Boodschappencentrum met eigen verzorgingsfunctie Dit zijn winkelcentra voor de dagelijkse aankopen in de buurten van Hardenberg of kleine kernen ondersteunend aan de centrumgebieden. In het kader van de leefbaarheid is een goede spreiding gewenst gezien het grote oppervlakte van de gemeente. Naast de boodschappenfunctie vervullen ze een beperkte aanvullende dagelijkse behoefte (bijvoorbeeld snackbar, kapsalon of overige buurt/dorpsfuncties).

Doelgerichte, perifere winkelgebieden met regionale verzorgingsfunctie Deze zijn gericht op volumineuze en doelgerichte aankopen die niet inpasbaar zijn in de overige winkelgebieden: Doe-het-zelf, Woninginrichting en Tuinartikelen.

9

Visie op gewenste detailhandelsstructuur Hardenbergcentrum

.

Dedemsvaartcentrum

. .

Met name dagelijks

Doe het zelf, Tuin, Wonen, min. 1.000m² wvo

Doe het zelf, Tuin, Wonen, min. 1.000m² wvo

Aantrekkelijker maken en compactiseren

Consolideren en waar mogelijk optimaliseren bestaand aanbod

Consolideren

Benutten, schrappen indien onbenut blijft

Transformatie waar mogelijk

Ja, binnen kernwinkelgebied

Alleen ter optimalisatie van bestaande verzorgingsfunctie

Ja, volumineuze goederen

Nee, bestaande plancapaciteit, alleen via vrijstelling

Nee, alleen specifieke vormen als uitzondering

Type branchering

Dagelijks- en nietdagelijks, horeca, leisure en verblijfsfuncties

Dagelijks- en frequent niet-dagelijks: horeca, leisure en verblijf zijn ondersteunend

Uitbreiding

Verspreid

Grootschalige volumineuze goederen

Koopcentrum: boodschappencentrum-plus

Ja, binnen kernwinkelgebied

.

Mercator (PDV)

Grootschalige volumineuze goederen

Recreatief winkelen

Beleidskoers

Haardijk (PDV)

Sterke clusters dagelijks en kern- of buurtverzorgend

Typering

Aantrekkelijker maken en compactiseren

Dorps- en buurtcentra

Divers

Divers

10

Visie per winkelgebied

11

Hardenberg-centrum Visie Hardenberg-centrum moet zich blijven ontwikkelen als hét winkel- en verblijfsgebied waar men vanuit de regio heen gaat voor recreatief winkelen, ontmoeten, beleven en verblijven. Zij versterkt haar positie door een compact kernwinkelgebied met een duidelijke routing en daaromheen onderscheidende deelgebieden. Wijzigingen ten opzichte van beleid 2017 Het beleid blijft ongewijzigd voor Hardenberg-centrum. Ook de transformatiegebieden blijven ongewijzigd: De Spinde is sinds 2017 aangepakt, bij de Europaweg / Bruchterweg blijft transformatie de intentie. Nieuwe initiatieven • Nieuwe detailhandel ontplooit zich binnen het kernwinkelgebied. • Behoud flexibiliteit: alleen als is aangetoond dat inpasbaarheid in het kernwinkelgebied niet mogelijk is (ook niet door transformatie, invulling van leegstand of vanwege andere ruimtelijke motieven) kan een initiatief landen in één van de aanloopgebieden, op zo kort mogelijke afstand van het kernwinkelgebied. • Rekening houden met mengconcepten (blurring) van detailhandeldiensten-cultuur-leisure, met horeca als nevenactiviteit. Aandachtspunten voor toekomstige ontwikkeling • •

Verdere versterking van de belevingswaarde, verbetering van de routing en het zichtbaar maken van het lokale DNA (incl. de Vecht). Door te denken vanuit de bezoekerseconomie¹ ontstaan kansen om detailhandel & horeca met recreatie & toerisme te verbinden ter versterking van het centrum waarin detailhandel belangrijk blijft.

¹ Zie evaluatie detailhandelsstructuurvisie pagina 30

Uitgangspunten Hardenberg-centrum Uitgangspunt 1: Hardenberg-centrum is het regionale hoofdwinkelcentrum voor recreatief winkelen, waarbij aandacht noodzakelijk is voor de dynamiek in de supermarktbranche. Die blijft belangrijk voor de trekkracht van het centrum¹ Uitgangspunt 2: Hardenberg-centrum is meer dan een winkelgebied. We zetten in op een totale centrumbeleving, waarin ook functies als horeca, cultuur, leisure, ambulante handel, evenementen, markt en diensten de ruimte krijgen. Nog meer dan voorheen verschuift de functie van winkelgebied naar belevings- en verblijfsgebied. Uitgangspunt 3: De compactiseringsopgave blijft overeind. Door verplaatsing en transformatie wordt leegstand teruggedrongen tot niveau frictie-leegstand (±3-5%). ¹ Zie evaluatie detailhandelsstructuurvisie pagina 20 en 28

12

Afbakening en gewenste ruimtelijk-functionele opbouw Hardenberg-centrum Centrumgebied Afgebakend deel van de stad met een grote diversiteit aan centrumfuncties, waaronder detailhandel, horeca, dienstverlening, cultuur, leisure, maar ook de woonfunctie. Combinatie van kernwinkelgebied, aanloopgebieden en omliggende gebieden. Het kaartje van 2017 is iets aangepast voor de Kastanjehof en directe omgeving in verband met een mogelijke herinvulling. Kernwinkelgebied Een gebied binnen het centrumgebied met een hoge concentratie aan winkels, horeca en commerciële dienstverlening. De plint is aaneengesloten. Aanloopgebied De winkel- en horecafunctie is niet dominant. Overige commerciële en niet-commerciële functies kunnen hier domineren inclusief wonen op maaiveld. Woonmilieu met doelgerichte detailhandel Nadruk ligt op het woonmilieu. Bij voorkeur verkleurt de detailhandel naar doelgericht: Stop&go, In/Om Huis. Verder gemengd met wonen, diensten, werken. Mengmilieu (geen detailhandel) Dit is een mengmilieu waar detailhandel niet meer gewenst is. In dit gebied kunnen bestaande vers-winkels nabij een solitaire supermarkt gevestigd blijven. Woonmilieu Hier prevaleert de woonfunctie. Supermarkt Solitaire supermarkt.

13

Dedemsvaart-centrum Visie Het accent verschuift naar een compact en functioneel koopcentrum voor de dagelijkse behoeften (boodschappen) en niet-dagelijkse behoeften (winkelen) met een lokale tot bovenlokale verzorgingsfunctie. Detailhandel wordt aangevuld met andere centrumfuncties. Comfort, gemak, bereikbaarheid en voldoende en gratis parkeren ‘voor de deur’ zijn basisvoorwaarden voor Dedemsvaart-centrum. Het centrum moet ook meer sfeer en belevingswaarde krijgen. In verband met de verkeersveiligheid wordt het ‘shared space principe’ losgelaten. Wijzigingen ten opzichte van beleid 2017 Markt, Julianastraat-Zuid, Wisseling en Wilhelminastraat (tot Prins Bernhardstraat) worden gerekend tot het kernwinkelgebied, met daarbinnen de aanduidingen Winkelen en Boodschappen. Ten noorden van de ‘Zone Mix’ wordt ingezet op Wonen. Nieuwe initiatieven • Detailhandel ontplooit zich in de gebieden ‘Winkelen’ en ‘Boodschappen’. • Behoud flexibiliteit: alleen als is aangetoond dat inpasbaarheid in de gebieden 'Boodschappen' en 'Winkelen' niet mogelijk is (ook niet door transformatie, invulling van leegstand of vanwege andere ruimtelijke motieven) kan detailhandel landen in het mixgebied. •

Er wordt rekening gehouden met mengconcepten (blurring) van detailhandel-diensten-cultuur-leisure, met horeca als nevenactiviteit. Aandachtspunten voor toekomstige ontwikkeling Modernisering van de bestaande supermarkten wordt zoveel mogelijk gefaciliteerd in het gebied ‘Boodschappen’.

Uitgangspunten Dedemsvaart-centrum Uitgangspunt 1: Door krimp van recreatief winkelaanbod Mode&Luxe en Vrije Tijd verschuift het accent naar een koopcentrum voor de frequente behoeften, met een (boven)lokale verzorgingsfunctie (Boodschappencentrum-plus). Uitgangspunt 2: Functies als horeca, cultuur, markt, zorg en diensten worden zoveel mogelijk geconcentreerd. Uitgangspunt 3: De compactiseringsopgave blijft ook in de nieuwe centrumvisie overeind. Door verplaatsing en transformatie wordt leegstand teruggedrongen tot niveau frictieleegstand.

14

Afbakening en gewenste ruimtelijk-functionele opbouw Dedemsvaart-centrum Centrumgebied Afgebakend deel van de stad met een diversiteit aan centrumfuncties. Combinatie van de zones Winkelen, Boodschappen en Mix. Kernwinkelgebied: Winkelen In dit gebied ligt de focus op een concentratie van winkelen, horeca, verblijven en recreëren. Voor de inwoner en bezoeker van Dedemsvaart is het helder dat dit samen met het deelgebied boodschappen - het kernwinkelgebied is. De voetganger is de belangrijkste gebruiker van de openbare ruimte. Die kan zonder obstakels van winkel naar winkel lopen. Er is een relatie met de vaart. De Wisseling wordt écht onderdeel van dit gebied en vormt samen met de Marktstraat de schakel tussen de Markt en Julianastraat. Kernwinkelgebied: Boodschappen In dit centrumdeel prevaleert de boodschappenfunctie met supermarkten en dagelijkse speciaalzaken, aangevuld met overige centrumfuncties. Dedemsvaart heeft een ruim verzorgingsgebied, naast de eigen inwoners komen veel bezoekers naar Dedemsvaart om boodschappen te doen. In de centrumvisie wordt ingezet op het versterken van deze functie en daarmee het faciliteren van ontwikkelingen. Er liggen kansen voor drie supermarkten waar vóór de deur kan worden geparkeerd.

Er is geen sprake van een volledige herontwikkeling van dit gebied maar een versterking van wat er nu is, met een nadrukkelijke verbetering van de verkeersveiligheid en plotsgewijze ontwikkelkansen voor de toekomst.

15 14

Afbakening en gewenste ruimtelijk-functionele opbouw Dedemsvaart-centrum Mix De zone Mix is het overgangsgebied tussen het winkelgebied aan de zuidzijde van het centrum en de Julianastraat-Noord. Functies mengen hier waardoor sprake is van een gemixt centrumdeel. Het gebied functioneert nu grotendeels zoals beoogd. Door de verandering naar wonen in de Julianastraat Noord krijgt dit deel van het centrum de functie van aanloopstraat, met een mix van wonen, winkels en horeca. Wonen De Julianastraat-Noord is het deelgebied waar wordt ingezet op de woonfunctie. Winkels hebben elders in het centrum een plek gekregen. Solitaire supermarkt Ten noorden van de zone ‘Wonen’ ligt een solitaire supermarkt.

16

Buurtwinkelcentra Hardenberg Visie De verzorgingsfunctie van Baalderveld, Marslanden en Heemse/Norden/Hazenbos blijft zoveel mogelijk gericht op de eigen buurt. Zo blijven de boodschappencentra complementair aan de overkoepelende dagelijkse verzorgingsfunctie van Hardenberg-centrum voor haar hele kern en regio. Wijzigingen ten opzichte van beleid 2017 Geen Nieuwe initiatieven Er spelen geen initiatieven maar dat kan veranderen. Aandachtspunten voor toekomstige ontwikkeling Modernisering met gepaste uitbreiding van supermarkten zal worden gefaciliteerd. Speciale aandacht is nodig voor Heemse/Norden/Hazenbos om daar een steunpunt voor de dagelijkse boodschappen te behouden.

Uitgangspunten buurtwinkelcentra Hardenberg Uitgangspunt 1: Behoud van het bestaande verzorgingsniveau. Modernisering van bestaand aanbod is mogelijk maar vergroting van het verzorgingsgebied is niet gewenst. Uitgangspunt 2: Er wordt ingezet op een goede spreiding van de dagelijkse voorzieningen over de wijken van Hardenberg, op acceptabele afstand van de woning. Uitgangspunt 3: Er wordt gestreefd naar concentratie met andere wijkverzorgende functies zoals horeca, zorg, maatschappelijk, diensten en standplaatsen.

17

Boodschappencentra in kleine kernen Visie De detailhandelsfunctie vervult een belangrijke rol voor het voorzieningen in de kernen (Balkburg, Bergentheim, De Krim, Gramsbergen en Slagharen) waarbij onderkend wordt dat dit onder druk staat. Gezien de grote afstanden in de gemeente is een goede spreiding van het dagelijks aanbod belangrijk, in een mix met andere dorpsvoorzieningen. Wijzigingen ten opzichte van beleid 2017 Geen Nieuwe initiatieven Aanbod en openbare ruimte in de dorpscentra Bergentheim, De Krim, Gramsbergen en Slagharen is op orde. In Balkbrug ligt een opgave om het centrum aantrekkelijker in te richten en de supermarkt uit te breiden. In Slagharen worden ideeën uitgewerkt in het centrumplan. Aandachtspunten voor toekomstige ontwikkeling In het belang van het voorzieningenniveau in de dorpen is aandacht nodig voor het ondernemerschap. In Balkbrug en Slagharen is sprake van leegstand. Als die structureel is vraagt dat om een transformatieaanpak.

Uitgangspunten boodschappencentra kleine kernen Uitgangspunt 1: Behoud van bestaande voorzieningen en verzorgingsniveau. Modernisering van bestaand aanbod kan, er is geen ruimte voor grote toevoegingen, ook niet voor een tweede eigentijdse supermarkt in een dorp als bijvoorbeeld sprake is van verplaatsing uit een andere kern. Een kleine (extra) supermarkt zal geen probleem zijn als de behoefte aantoonbaar is. Uitgangspunt 2: Sommige dorpen spelen in op de toeristisch-recreatieve potentie in de directe omgeving. Dan is speciale aandacht nodig voor het verblijfsklimaat met eigen evenementen, terrassen, standplaatsen e.d.

Perifere detailhandel (PDV) en thematische grootschalige detailhandel

18

Visie Gemeente biedt mogelijkheden om in te spelen op de marktdynamiek voor PDV. Wijzigingen ten opzichte van beleid 2017 • Branchering verbreden van Tuincentra naar Tuinartikelen en van Bouwmarkt naar Doe-het-zelf, aansluitend op de praktijk. • De ondergrens 1.000-1.500 m2 wvo is onduidelijk, dit wordt 1.000 m2 wvo. • Branchevreemd assortiment is maximaal 10% van m2 wvo én 100 m2 wvo, en altijd gerelateerd aan de bedrijfsactiviteiten. Geen shop-in-shop met apart afrekenpunt. • Aanvullende thematische, grootschalige detailhandel zoals Outdoor en Tweewielers blijft op basis van flexibiliteit en afwegingsruimte toegestaan maar wordt bezien op consequent en noodzakelijk beleid: zo wordt voor andere branches precedentwerking voorkomen. Uitgangspunt blijft dat aangetoond wordt dat deze niet inpasbaar is in of grenzend aan bestaande centra, ook niet door transformatie. Maatvoering is minimaal 1.000 m2 wvo én minimaal 80% van de m2 wvo wordt ingericht voor uitstalling van volumineuze artikelen zoals tweewielers en tenten. Maximaal 200 m2 wvo is voor kleinschaliger, branche-gerelateerd assortiment. • De vrijstellingsmogelijkheid binnen bestemmingsplan Mercator (2007) is onbenut. Die mogelijkheid geldt alleen voor PDV-bedrijven met een binding met de eigen kern en met een verzorgingsfunctie die zich beperkt tot bovenlokaal: aantoonbaar via klantenherkomstcijfers en ondernemingsplan.

Vestiging van bedrijven met een streekverzorgende functie is voorbehouden aan Haardijk. Nieuwe initiatieven • Nieuwe initiatieven worden zoveel mogelijk gefaciliteerd op en rond de concentratielocatie Haardijk. Dat betekent dat nieuwe PDV op een andere locatie in Hardenberg alleen mogelijk is als aangetoond is dat de ruimtelijke kansen op en rond Haardijk ontbreken.

Aandachtspunten voor toekomstige ontwikkeling • Vooralsnog wordt vastgehouden aan concentratie op Haardijk.

Uitgangspunten perifere detailhandel Uitgangspunt 1: Alleen winkels met groot oppervlak voor uitstalling vanwege aard en omvang van volumineuze goederen kunnen zich vestigen in een PDVconcentratiegebied. Volumineuze goederen zijn: Auto’s-boten-caravans, Tuinartikelen, Doe-het-zelf, Grove bouwmaterialen, Keukens-sanitair en Woninginrichting. Dit om te voorkomen dat zich branches vestigen die in de centrumgebieden van Hardenberg en Dedemsvaart inpasbaar en wenselijk zijn. Uitgangspunt 2: Om grootschaligheid van volumineus assortiment te borgen geldt een ondergrens van 1.000 m² wvo: dat is Dienstenrichtlijn-proof en sluit aan bij de praktijk. Uitgangspunt 3: De Omgevingswet vereist dat het beleid rekening houdt met flexibiliteit en afwegingsruimte. Conform de Dienstenrichtlijn gaan regels niet verder dan nodig.

19

Verspreide bewinkeling Visie • Een deel van de detailhandel valt buiten de gewenste structuur. Het is onwenselijk als dit aanbod versterkt wordt. • Verspreide bewinkeling wordt niet meer versterkt en wordt afgebouwd waar mogelijk. In de overige kleine kernen is aandacht nodig voor behoud van de dagelijkse winkels in verband met de leefbaarheid. De markt doet hier haar werk. Wijzigingen ten opzichte van beleid 2017 •

•

In 2017 is dat niet concreet benoemd maar verspreide bewinkeling wordt bij voorkeur verplaatst naar de gewenste structuur (bestaande winkelgebieden). Uitbreiding van verspreid aanbod is alleen mogelijk als aangetoond wordt dat verplaatsing naar de gewenste structuur niet mogelijk is.

Nieuwe initiatieven • Onder de genoemde voorwaarden mag verspreide bewinkeling alleen beperkt uitbreiden bij een urgent ruimtelijk probleem (verkeer/expeditie, veiligheid / leefbaarheid), bij innovatie of duurzaamheid, en met rekenschap van de verwachte effecten op de gewenste detailhandelsstructuur en leegstand. Aandachtspunten voor toekomstige ontwikkeling •

Ontwikkelingen met verspreide bewinkeling worden altijd bezien vanuit de gewenste detailhandelstructuur.

Uitgangspunten verspreide bewinkeling Uitgangspunt 1: Bestaand verspreid aanbod wordt beperkt c.q. teruggedrongen. Uitgezonderd zijn ABC-branches (auto-boot-caravan inclusief motoren), grove bouwmaterialen of detailhandel in brand- en explosiegevaarlijke en milieuverstorende stoffen. Die kunnen zich verspreid op de bedrijventerreinen vestigen maar bij voorkeur in elkaars nabijheid. Uitgangspunt 2: Voor kringloop, webshop, pick-up points of nevenactiviteiten gelden specifieke regels, met het oog op het voorkomen van ongewenste ontwikkelingen buiten de detailhandelsstructuur. Uitgangspunt 3: De gemeente investeert in extra handhaving van de beleidsregels.

20

Relevante thema’s bij verspreide bewinkeling Kringloopwinkels • Bij hoofdactiviteit ‘Verkoop aan consumenten’ is het detailhandel, bij hoofdactiviteit ‘Inname en opknappen van goederen’ houdt het kringloopbedrijf verband met detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit. • Bestaande kringloopwinkels worden geconsolideerd, nieuwe initiatieven volgen de beleidsregels voor detailhandel. • Nieuwe kringloopwinkels worden ingepast in de gewenste structuur • Uitzondering zijn kringloopwinkels die primair volumineuze goederen (meubelen) aanbieden: daarvoor gelden dezelfde voorwaarden als voor de PDV-branches (beperkt branchevreemd assortiment) Webwinkels en Pick up points •

•

Dit beleid blijft ongewijzigd. Een webshop of pick up point behoort tot reguliere detailhandel als consumenten ter plaatse komen. Pick up points of bezorgpunten worden ingepast op locaties waar detailhandel is toegestaan, zoals in de winkelgebieden, op PDV-locaties (bouwmarkt-servicebalie) of een stationswinkel. Webshops zonder consument-aantrekkende functie zijn niet relevant voor het detailhandelsbeleid. Die moeten voldoen aan de bestemming van de betreffende locatie (bijv. bedrijf, kantoor, woning, agrarisch).

Kleinschalige bedrijvigheid aan huis Dit beleid blijft ongewijzigd. Waar in 2017 dit met name voor kapsalons aan huis gold is extra aandacht nodig voor schoonheidssalons. Dit is in het belang van een sterke detailhandelsstructuur en de leefbaarheid in de woonomgeving. Flitsbezorging als hoofdactiviteit Webshops met alleen bezorgdiensten vanuit een pand zijn geen detailhandel.

Warenmarkt Binnen de gemeente zijn warenmarkten in Hardenberg-centrum (maandag), en Dedemsvaart-centrum (woensdag). Een groot deel van de marktbezoekers combineert hun bezoek aan de markt met een bezoek aan de nabijgelegen winkels en horeca. Een sterke warenmarkt kan dan ook de attractiviteit van een winkelgebied, op een bepaalde dag, vergroten. Om het perspectief van de weekmarkten verder te versterken moeten allereerst de randvoorwaarden op orde zijn (voldoende ruimte, bereikbaar, parkeergelegenheid en kruisbestuiving met winkels). Daarnaast zal de markt zich blijvend moeten vernieuwen. De markt moet inspelen op de trends, ontwikkelingen, sterke punten en kansen om een sterke positie te behouden. De menselijke maat, advies, sociaal contact en vakmanschap van de markt leent zich bij uitstek om zich te onderscheiden van webshops en grote winkelketens. Vanuit die eigen kernkwaliteiten kan de markt inspelen op de groeiende aandacht voor food, proeven, beleven en verblijven. Detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit Detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit bij locaties waar productie plaatsvindt is mogelijk. Dat mogen alleen ter plaatse vervaardigde producten zijn aansluitend op de hoofdactiviteit. Hiervoor geldt eveneens maximaal 10% van het totale bedrijfsoppervlak met een maximum van 100 m2 wvo.

Bij nieuwe kringloopbedrijven op bedrijventerrein wordt afgestemd over de bedrijfsvoering en daarbinnen de consumentenverkoop en assortiment. Er wordt aangetoond dat ze niet inpasbaar zijn binnen de gewenste structuur.

21

Toetsingskader en uitvoeringsstrategie

22

Toetsingskader voor nieuwe initiatieven Initiatief

Past het initiatief binnen het bestemmingsplan c.q. omgevingsplan?

Aan de hand van het toetsingskader wordt invulling gegeven aan de omgang met nieuwe detailhandelsinitiatieven. Hiervoor geldt dat er een zekere spanning zit tussen juridische zekerheid (visie als toetsingskader) en flexibiliteit (visie als dynamisch document). Een goede balans hiertussen is belangrijk. Nieuwe initiatieven dragen in potentie bij aan een sterke detailhandelsstructuur. Hierbij geldt de juiste initiatieven op de juiste plaats. Het toetsingskader is een visuele vertaling van de kaders in de visie, met ruimte voor flexibiliteit.

Betreft de beoogde locatie het centrum van Hardenberg of Dedemsvaart?

Ligt het initiatief binnen het kernwinkelgebied?

Betreft de beoogde locatie een ondersteunend centrum in een van de 5 kernen of in de wijkwinkelcentra van Hardenberg?

Betreft het initiatief een uitbreiding van de boodschappenfunctie binnen eigen verzorgingsgebied?

Voldoet het initiatief aan de voorwaarden?: Ligt beoogde locatie op Haardijk of Mercator?

1. Binnen ruim afgebakend concentratiegebied 2. Perifere branches in volumineuze goederen 3. Minimaal 1.000m2 wvo 4. Beperkt branchevreemd assortiment 5. Aantoonbare behoefte (Ladder) 6. Mercator: voorwaarden vrijstellingsmogelijkheid

23

Visie is geen blauwdruk: ruimte voor flexibiliteit en maatwerk Uitzonderingen op het beleid De omgevingswet vraagt flexibiliteit, afwegingsruimte en evenredige verdeling van functies en locaties. Er is een gefundeerde motivatie noodzakelijk om af te kunnen wijken van voortgaand toetsingskader. Dat moeten zwaarwegende ruimtelijke redenen zijn. We noemen het oplossen van een urgent ruimtelijk probleem (verkeer, expeditie, veiligheid / leefbaarheid), bij innovatie of duurzaamheid, met rekenschap van de verwachte effecten op de gewenste detailhandelsstructuur en leegstand. Dit geldt bijvoorbeeld voor de gebieden rondom de kernwinkelgebieden. Daar kunnen zich initiatieven ontplooien als aangetoond is dat inpasbaarheid in het kernwinkelgebied niet mogelijk is, ook niet door transformatie of herinvulling van leegstand, of vanwege andere ruimtelijke motieven. Dit kan dan alleen in één van de aanloopgebieden op zo kort mogelijke afstand van het kernwinkelgebied. Soms zijn planinitiatieven op meerdere locaties aan elkaar verbonden waarbij per saldo geen plancapaciteit toegevoegd wordt. Dat vraagt maatwerk. Bij verplaatsing of uitbreiding van bestaande ondernemers wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met saldering van bestaande plancapaciteit, de netto toevoeging is dan zo beperkt mogelijk.

Uitbreidings-, verplaatsings- of nieuwbouwwensen voor alle vormen van detailhandel (zie relevante thema’s op p. 19) zijn op de verspreide locaties alleen mogelijk als aangetoond is dat inpassing in één van de binnenstedelijke winkelgebieden of op Haardijk (detailhandel in volumineuze goederen) onmogelijk is. Dan moeten alsnog de behoefte en ruimtelijke effecten van extra detailhandelsmeters onderbouwd worden. Dit geldt ook in het geval zich een nieuwe branche met volumineus assortiment aandient voor een locatie buiten de binnenstedelijke winkelgebieden. Dan kunnen er aanvullende publiek-private afspraken gemaakt worden in de vergunningverlening. De ruimtelijke uitstraling sluit aan op die van detailhandel met een volumineus assortiment. Door zo te handelen voert de gemeente een consequent en noodzakelijk beleid.

24

Uitvoeringsstrategie en -programma Uitvoeringsstrategie In Hardenberg wordt intensief samengewerkt met ondernemers en andere marktpartijen in het belang van een toekomstbestendige detailhandelsstructuur. Actualisatie van de detailhandelsstructuurvisie uit 2017 helpt daarbij. Actuele inzichten worden meegenomen in de samenwerking en in de centrumactieplannen. Zo worden de bestaande samenwerking en intensieve contacten voortgezet met een bijgesteld uitvoeringsprogramma. Er is behoefte aan maatwerk en herijking van de inzet van instrumenten en budgetten. Het is een uitvoeringsvorm waarin overheid en marktpartijen gezamenlijk optrekken en sturen op de verschillende acties en projecten. De rollen worden als volgt geduid: Rol overheid: Kaderstellend aan de hand van duidelijke beleidsregels, handelend naar de visie en bieden van een helder ondernemings- en investeringsklimaat. Behoud van leefbaarheid en vitaliteit in de winkelgebieden staat centraal. Sparringpartner die faciliteert, goed communiceert, verbindt en verantwoordelijkheid neemt in ‘eigen’ acties, naast haar publiekrechtelijke rol zoals met de bestemmings- of omgevingsplannen. Deze visie en uitvoeringsprogramma spelen hierin een belangrijke rol met harde en zachte maatregelen. Handhaafbaarheid is belangrijk.

Rol marktpartijen: ondernemen/investeren, samenwerken en acties uitvoeren. Marktinitiatieven zijn per slot van rekening leidend om de detailhandelsstructuur te kunnen vernieuwen. Samen vervullen de projectleiders van de centrumgebieden, accountmanagement, Centrummanagement en de ondernemersverenigingen en vastgoedeigenaren een belangrijke rol in de onderlinge afstemming. Zo wordt gezamenlijk gehandeld naar het toekomstperspectief voor de detailhandel en de winkelgebieden.

Gewenste ontwikkelingen stimuleren • • • •

Actualisatie van het centrumplan in Hardenberg zoals in Dedemsvaart. In Hardenberg gericht op verhogen belevingswaarde en verblijfsklimaat van het centrum. In Dedemsvaart gericht op compact, comfortabel en gemak, en aanvullend sfeer en belevingswaarde. Gemeentelijke subsidie als maatwerk inzetten in Hardenberg en Dedemsvaart – voor de aanpak van leegstand (bevordering van transformatie op locaties buiten kernwinkelgebied) en ter versterking van het centrum conform gewenste structuur. Gemeentelijke subsidie voor kleine kernen met detailhandelsfunctie inzetten ter versterking van openbare ruimte en belevingswaarde. Anticiperen op bedrijfsovername en opvolging. Actieve rol van alle samenwerkingspartners hierin.

Ongewenste ontwikkelingen tegengaan • • • •

Bestemmingsplan/omgevingsplan in lijn brengen met gewenste detailhandelsstructuur en nieuwe detailhandelsmogelijkheden erbuiten beperken. Afwijkingsmogelijkheden, dubbelbestemmingen, overbodige en onbenutte plancapaciteit worden zo mogelijk geschrapt, met specifiek aandacht voor Mercator. Van belang is daarbij rekening te houden met voorzienbaarheid zodat planschade voorkomen wordt. Nieuwe initiatieven worden getoetst aan het nieuwe beleid om ontwikkelingen die haaks op het beleid staan te voorkomen. Effectiviteit van beleid monitoren. In het kader van de omgevingswet en de Dienstenrichtlijn is het belangrijk frequent het beleid te monitoren en eventueel bij te stellen. In 2026 wordt een evaluatie uitgevoerd.

Samenwerking • • • •

Huidige samenwerking voortzetten incl. ondernemersfonds of Bedrijven Investerings Zone (BIZ) Proactieve houding gemeente. In gesprek met ondernemers, vastgoedeigenaren en bewonersorganisaties over gewenste ontwikkelingsrichting en bij marktinitiatieven. Bezoekerseconomie: kansen verkennen met sector toerisme en recreatie ter versterking van gezamenlijk aanbod richting bezoeker. Kennisuitwisseling en inspiratiesessies organiseren omtrent trends & ontwikkelingen, gastvrijheid, werving van personeel, effecten coronapandemie etc.

25

RIEN ROMIJN r.romijn@wijzijnginder.nl BRECHTJE SCHILDKAMP b.schildkamp@wijzijnginder.nl

Dit rapport is met uiterste zorgvuldigheid tot stand gekomen op basis van deskundig onderzoek. Onderhavig rapport bevat een weergave en interpretatie van (delen van de) onderzoeksresultaten. Het is anderen toegestaan om (delen van) het rapport en gehanteerde methodieken en modellen te kopiëren, distribueren, vertonen, op te voeren zolang Ginder als maker van het werk wordt vermeld en het werk niet commercieel wordt gebruikt.

GINDER Brugstraat 1a 5211 VS ’s-Hertogenbosch T: 088 210 02 00 E: info@wijzijnginder.nl I: wijzijnginder.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13365439/3