9. BIJLAGE 4. Milieuhygiënisch vooronderzoek Kortejacht 1 Dedemsvaart 20222296
Tekst van het document
Milieuhygiënisch vooronderzoek Kortejacht 1 te Dedemsvaart
Kadastrale gegevens: gemeente Avereest, sectie L, nummer 4008
Projectnummer: Datum:
20222296 25 januari 2023
Milieuhygiënisch vooronderzoek Kortejacht 1 te Dedemsvaart
Kadastrale gegevens: gemeente Avereest, sectie L, nummer 4008
Opdrachtgever AROM - Juridisch Adviesbureau Laan door de Veste 1 5708 ZZ Helmond Auteur
Adviesbureau
H. van der Schoot
MILON bv
Rembrandtlaan 4 5462 CH Veghel
info@milon.nl / www.milon.nl 073 – 5477253 Status
definitief Datum
25 januari 2023
Projectnummer 20222296
Versie 1
Kwaliteitscontrole ing. M. Bergmans
Inhoudsopgave 1 Inleiding .............................................................................................................................................. 3 1.1 Algemeen .............................................................................................................................. 3 1.2 Aanleiding en doel............................................................................................................. 3 1.3 Opbouw van het rapport ................................................................................................ 3 1.4 Onafhankelijkheid en betrouwbaarheid .................................................................... 3 2 Milieuhygiënisch vooronderzoek .............................................................................................. 4 2.1 Algemeen .............................................................................................................................. 4 2.2 Afbakening en locatiegegevens ................................................................................... 4 2.3 Terreininspectie ................................................................................................................... 6 2.4 Gebruik en potentiële bronnen ....................................................................................
6 2.5 Uitgevoerde bodemonderzoeken ............................................................................... 7 2.6 Bodemkwaliteitskaart, bodemopbouw en geohydrologie ................................ 8 3 Conclusies en hypothese ............................................................................................................ 10 Bijlagen Bijlage 1: Topografische overzichtskaart Bijlage 2: Situatietekening Bijlage 3: Foto’s Bijlage 4: Eerder uitgevoerde bodemonderzoeken en sanering
1
Inleiding
1.1
Algemeen
1.2
Aanleiding en doel
MILON bv te Veghel heeft in opdracht van AROM - Juridisch Adviesbureau een milieuhygiënisch vooronderzoek uitgevoerd ter plaatse van Kortejacht 1 te Dedemsvaart. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de vigerende Nederlandse Norm NEN 5725.
Het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd in verband met de voorgenomen bestemmingsplanwijziging waarbij de bestaande bedrijfswoning wordt omgezet naar een burgerwoning en het gehele perceel de bestemming wonen krijgt. Het doel van het vooronderzoek is inzicht krijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen op de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van mogelijke verontreinigingen. 1.3
Opbouw van het rapport
In onderhavige rapportage komen de volgende aspecten aan de orde: resultaten van het vooronderzoek (hoofdstuk 2); conclusies en hypothese (hoofdstuk 3).
De bijbehorende topografische overzichtskaart, tekening en foto’s zijn als bijlagen in deze rapportage opgenomen. 1.4
Onafhankelijkheid en betrouwbaarheid
Het onderzoek is geheel onafhankelijk uitgevoerd. MILON is geen eigenaar van de onderzoekslocatie en is, met uitzondering van de uitvoering van het onderzoek, financieel niet gelieerd aan de opdrachtgever. Het onderzoek is met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen uitgevoerd. Hierbij wordt opgemerkt dat een vooronderzoek slechts bestaat uit een dossieronderzoek en een terreinverkenning, er worden geen boringen worden verricht en geen analyses uitgevoerd. Daarom kan niet geheel uitgesloten worden dat op de locatie een verontreiniging aanwezig is die bij dit onderzoek niet is aangetroffen. MILON acht zich niet aansprakelijk voor eventueel hieruit voortvloeiende (financiële) schade.
Projectnummer: 20222296
Pagina 3 van 10
2
Milieuhygiënisch vooronderzoek
Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5725:2017 nl Bodem - Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek. 2.1
Algemeen
Het doel van het vooronderzoek is inzicht krijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen ter plaatse van de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van mogelijke verontreinigingen. Om dit doel te bereiken wordt relevante informatie over de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. Uiteindelijk dienen in het vooronderzoek de onderzoeksvragen uit de NEN 5725 beantwoord te worden. Ten behoeve van het vooronderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd: Informatie opdrachtgever en eigenaar; Informatie overheid inzake bodemonderzoeken, ophooglagen, vergunningen, (voormalige) brandstoftanks en andere mogelijke relevante informatie; Bodemloket; Historisch topografisch kaartmateriaal, topotijdreis; Actuele luchtfoto’s (Google Earth); Grondwaterkaart van Nederland/Atlas leefomgeving; Kadaster; DINOloket. Onderdeel van het vooronderzoek is een terreininspectie. De resultaten van deze inspectie zijn opgenomen in onderhavig hoofdstuk. De inspectie is uitgevoerd op 2 januari 2023 door de heren W. (Wesley) Deenen en R. (Reinoud) de Jong. Beide zijn ervaren en erkende veldmedewerker en medewerker van MILON. 2.2
Afbakening en locatiegegevens
Het onderzoeksgebied voor het vooronderzoek is geografisch afgebakend tot de onderzoekslocatie en de aangrenzende percelen tot 25 meter vanaf de grens van de onderzoekslocatie. In verticale richting is de locatie afgebakend tot 5 meter beneden maaiveld. Gezien het doel van het onderzoek wordt deze afbakening voldoende geacht. In tabel 1 zijn de locatiegegevens weergegeven. De regionale ligging van de onderzoekslocatie is weergegeven op de topografische overzichtskaart in bijlage 1 en de luchtfoto in figuur 1 en 2. Tabel 1: Overzicht locatiegegevens Adres locatie
Kortejacht 1 te Dedemsvaart
Kadastrale gegevens locatie
gemeente Avereest, sectie L, perceelnummer 4008
Bebouwing
bedrijfswoning met opslag- en werkplaats
Oppervlakte locatie (in m )
circa 2.112
Oppervlakte bebouwd (in m2)
circa 615
Verhardingen
klinkers, asfalt
2
Projectnummer: 20222296
Pagina 4 van 10
Figuur 1: luchtfoto met globale ligging onderzoekslocatie (geel omrand).
Bron: Q-Gis
Figuur 2: luchtfoto meet kadastrale nummers.
Bron: Perceelloep.nl
Projectnummer: 20222296
Pagina 5 van 10
De onderzoekslocatie ligt ten noorden aan de rand van Dedemsvaart. En ten zuiden van de N377 van Balkburg richting Slagharen. De directe omgeving bestaat hoofdzakelijk uit weilanden met daarbij horende boerderijen. De openbare weg Kortejacht loopt over het oostelijke gedeelte van het perceel (zie tekening in bijlage 2) 2.3
Terreininspectie
Op 2 januari 2023 is een inspectie van het terrein uitgevoerd door de heer R. de Jong en W. Deenen, ervaren veldwerkers en medewerkers van MILON. Tijdens de terreininspectie is er geconstateerd dat er asbestverdachte golfplaten aanwezig zijn op een gedeelte van de werkplaats. Aan de daken hangen wel dakgoten welke het hemelwater afvoeren richting de sloot in de noordwestelijk hoek van het perceel. Het dak vertoond wat schade en stukken van het dak liggen op het maaiveld. Daarnaast is er puin waargenomen op het maaiveld. Op dit moment vindt er opslag en reparatie van elektrische apparaten plaats. Verder zijn er geen bijzonderheden waargenomen of waarnemingen gedaan die kunnen duiden op een bodemverontreiniging. In de voormalige werkplaats worden (niet bodembedreigende) goederen opgeslagen en lijkt er geen (hobbymatig) garagebedrijf actief te zijn. Voor een indruk van de locatie wordt verwezen naar de locatiefoto’s in bijlage 3. 2.4
Gebruik en potentiële bronnen
Op historisch topografisch kaartmateriaal is op de onderzoekslocatie vanaf 1900 tot 1960 al bebouwing aanwezig, vermoedelijk woningen. Uit het kaartmateriaal blijken tussen 1960 en 1980 diverse uitbreidingen van de bebouwing. Voor 1900 was er sprake van een akkerland. Op de onderzoekslocatie is vanaf 1965 tot 1972 een transportbedrijf aanwezig. Het garagebedrijf is vanaf 1973 op het terrein gevestigd. Vanaf 1961 is er een benzinepomp installatie aanwezig. Vanaf 1979 tankstation voor benzine, superbenzine en diesel. In 1992 zijn de ondergrondse tanks en tankinstallatie verwijdert. Vanaf 1996 is het garagebedrijf meer hobby matig in bedrijf (volgens milieuverslag). Niet bekend is vanaf wanneer de locatie in gebruik is genomen voor opslag en onderhoud van elektrische apparaten. Voor zover bekend zijn op of nabij de onderzoekslocatie naast de voormalige tanks met pompinstallatie en het garagebedrijf geen verdachte locaties aanwezig of aanwezig geweest en zijn geen potentieel bodem belastende activiteiten uitgevoerd. Asbest Gezien de bouwjaren en verbouwingen van de bebouwing kan niet worden uitgesloten dat asbesthoudende materialen in het pand aanwezig zijn (geweest). Het wordt echter niet waarschijnlijk geacht dat asbesthoudende materialen vanuit het pand in de bodem terecht zijn gekomen.
Op het dak zijn asbestverdachte dakplaten aanwezig welke verweerd en plaatselijk afgebroken zijn. Asbestverdacht materiaal is aanwezig op het maaiveld. Binnen de onderzoekslocatie hebben, voor zover bekend, geen sloopactiviteiten en/of geen calamiteiten plaatsgevonden, waarbij asbest op of in de bodem is geraakt. Tijdens het locatiebezoek is asbestverdacht materiaal op het maaiveld aangetroffen. Dit betreft materiaal welke waarschijnlijk van het dak afkomstig is.
Projectnummer: 20222296
Pagina 6 van 10
Foto 1
Foto 2
Foto 3
Foto 4
Foto 5
Foto 6
pagina 1 van 2
Foto 7
Foto 8
Foto 9
Foto 10
Foto 11
pagina 2 van 2
PFAS De afkorting PFAS staat voor poly- en perfluoralkylstoffen. Dit zijn door de mens gemaakte stoffen die van nature niet in het milieu voorkomen. Sinds 8 juli 2019 is het ‘Tijdelijk handelingskader PFAS’ in werking getreden en in december 2021 is het ‘Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie’ vastgesteld. Vastgesteld is dat grond in Nederland verdacht is op het diffuus voorkomen van PFAS boven de bepalingsgrens via atmosferische depositie als het gaat om bovengrond of als grond is geroerd. Daarnaast betreffen PFAS zeer mobiele stoffen die slecht adsorberen aan de vaste bodem en in een zandige bodem gemakkelijk kunnen uitlogen naar de ondergrond. PFAS accumuleert in de vaste bodem rond de grondwaterstand door de oppervlakte-actieve eigenschappen. PFAS kan dus ook in de bodem voorkomen rond het grondwaterniveau. Er zijn op locatie geen directe bronnen bekend voor PFAS-verontreiniging. Algemeen is bekend dat door depositie PFAS in de bodem voorkomt in Nederland. Indien aan- en afvoer van grond plaatsvindt dan is het noodzakelijk onderzoek naar PFAS in de bodem te verrichten. 2.5
Uitgevoerde bodemonderzoeken
Binnen de onderzoekslocatie zijn verschillende bodemonderzoeken uitgevoerd. In de directe omgeving is geen bodemonderzoek uitgevoerd. Tijdens de terreininspectie wordt er door de eigenaar verteld dat er in 2014 door een potentiële koper ook een bodemonderzoek is uitgevoerd. De eigenaar heeft van dit onderzoek geen exemplaar van de rapportage ontvangen. Deze rapport is ook niet bekend bij de gemeente of omgevingsdienst. De beschikbare onderzoeken zijn opgenomen in bijlage 4. De onderzoeken zijn hieronder samengevat. 1.
Rapport verkennend milieukundig bodemonderzoek bedrijfsterrein Korte Jacht 1 te Dedemsvaart, projectnummer 104491, Centraal Bodemkundig Bureau, augustus 1993 Ten behoeve van verkoop van het bedrijfsterrein aan de Korte Jacht 1 te Dedemsvaart is een verkennend bodemonderzoek volgens de NVN-5740 richtlijnen voor 'niet verdachte lokaties' uitgevoerd. Op basis van het verrichte bodemonderzoek worden de volgende opmerkingen gemaakt: - Tijdens de veldwerkzaamheden zijn bij boring P1 oliegeuren waargenomen. - Uit analyseresultaten van de grondmengmonsters van de bovengrond blijkt dat de concentraties onderzochte stoffen onder en rond de A-waarden zijn gemeten. - Uit analyseresultaten van het grondmonster van de ondergrond blijkt dat de concentratie minerale olie rond de A-waarde is gemeten. - Uit de analyseresultaten blijkt dat in de grondwatermonsters de concentraties onderzochte stoffen onder en rond de A-waarden zijn gemeten. Conclusie: De concentraties verontreinigende stoffen in de bodem vormen geen risico's voor de toekomstige gebruikers van het terrein. Vanuit milieuhygiënisch oogpunt gezien zijn er geen belemmeringen voor de voorgenomen verkoop en het toekomstig gebruik als bedrijfsterrein.
2.
Verkennend en afperkend bodemonderzoek NEN 5470 inclusief asbest NEN5707/5897 Te realiseren leiding tracé Noord Stegeren & Bergje te Dedemsvaart, projectnummer 195240/AM, Mateboer milieutechniek B.V., 12 november 2019.
Projectnummer: 20222296
Pagina 7 van 10
Het verkennend- en afperkend onderzoek is uitgevoerd voor het aanleggen van een leidingtracé. Deellocatie B ligt ten westen van de weg Korte Jacht tussen huisnummers 1 en 7 in. Boring B01 en B101 liggen ten hoogte van huisnummer 1. Verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) Deellocatie B In het mengmonster MMB03 van de ondergrond (traject: 0,5 – 1,0 m –mv.) is de component lood verhoogd aangetoond ten opzichte van de interventiewaarde. Tevens zijn overschrijding ten opzichte van de achtergrondwaarde aan koper, zink, PAK en minerale olie aangetoond. De overige onderzochte componenten zijn niet verhoogd aangetoond. Het mengmonster MMB03 van de ondergrond (traject: 0,5 – 1,0 m –mv.) is, in verband met de interventiewaarde overschrijding aan lood uitgesplitst (analyse op lood van de individuele grondmonsters). In deelmonster B01-3 van de ondergrond (traject: 0,5 – 1,0 m –mv.) is lood verhoogd aangetoond ten opzichte van de interventiewaarde. In deelmonsters B02-3 van de b ondergrond (traject: 0,5 – 1,0 m –mv.) is het component lood niet verhoogd aangetoond In het grondwatermonster B03-1-1 van de ondergrond (filter: 1,6 – 3,1 m –mv.) zijn geen van de onderzochte componenten verhoogd aangetoond. Verkennend onderzoek asbest (NEN 5707/5897) Deellocatie B Ter plaatse van deellocatie B is in het mengmonster ASB1 van de grond analytisch een gehalte van 0,2 mg/kg d.s.
aan hechtgebonden chrysotiel asbest aangetoond (bovengrens betreft 0,2 mg/kg d.s.). De norm voor nader onderzoek (=50 mg/kg d.s. aan gewogen asbest) wordt ter plaatse van deellocatie B niet overschreden. 3.
Evaluatie tijdelijk uitplaatsen BUS sanering, identificatienummer Z2020-00447, Mateboer milieutechniek B.V., 06 februari 2020. De scheidende lagen grond zijn in een tijdelijk depot opgeslagen langs het leidingtracé. Na het leggen van de kabel is de ontgraven grond in hetzelfde bodemprofiel herschikt. Er is geen grond afgevoerd.
Uit de rapporten blijkt dat de voormalige tanks, pompinstallatie en de garageactiviteiten tot 1993 niet hebben geleid tot bodemverontreiniging. Ten westen van de weg is er wel een interventiewaarde overschrijding aangetoond van lood. Deze verontreiniging bevindt zich in het traject van 0,5 – 1,0 m-mv en is verder niet onderzocht of ingekaderd om de omvang te kunnen bepalen. 2.6
Bodemkwaliteitskaart, bodemopbouw en geohydrologie
De onderzoekslocatie heeft een globale hoogteligging van circa 6,21 m+NAP. De gegevens van de bodemopbouw zijn verkregen van DINOloket (uitgifte portaal van TNO, Geologische Dienst Nederland). Vanaf maaiveld tot circa 7,74 m-mv bestaat de bodem uit de formatie van Boxtel (zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus; leem, lokaal zandig, lokaal humeus; klei, siltig tot zandig; veen, klei). Hieronder is tot circa 21,52 m-mv de formatie van Kreftenheye (zand, matig fijn tot uiterst grof, lokaal grindig; grind, zandig; klei, siltig tot zandig, lokaal humeus) aanwezig. Hieronder is de formatie van Urk (zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, met weinig fijn zand en grind en een spoor klei, zandige klei en veen) aanwezig.
Projectnummer: 20222296
Pagina 8 van 10
Volgens opgave van de Atlas Leefomgeving ligt het onderzoeksgebied niet in een waterwingebied, grondwaterbeschermingsgebied of boringvrije zone. Het aanwezig zijn van ongeregistreerde onttrekkingen in de directe omgeving is niet bekend. Voor zover bekend wordt binnen het onderzoeksgebied geen grondwater onttrokken. Uit de bodemkwaliteitskaart van Bodemkwaliteitskaart regio IJsselland in opdracht van Gemeente Hardenberg blijkt dat de onderzoekslocatie is gelegen in een gebied waarin de bodemkwaliteit naar verwachting voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse Wonen. De onderzoekslocatie is gelegen in de bodemfunctieklasse Industrie. Uit de bodemkwaliteitskaart PFAS van Omgevingsdienst IJsselland blijkt dat in de gehele regio IJsselland PFAS relatief homogeen diffuus voorkomt in gehalten onder de achtergrondwaarden en daarmee niet bepalend is voor de zonering en classificatie. Op basis van de aangetroffen gehalten is vrij grondverzet binnen de regio mogelijk ten aanzien van PFAS. Het onderzoek is vastgelegd in een technisch rapport (Bodemkwaliteitskaart PFAS Regio IJsselland, Tauw, kenmerk R001-1272549EVF-V01-srb-NL, november 2019). De beleidsregels zijn opgenomen in een notitie (N001-1272549-EVF-V01-mfv-NL, Tauw, 14 november 2019).
Projectnummer: 20222296
Pagina 9 van 10
3
Conclusies en hypothese
MILON te Veghel heeft in opdracht van AROM Juridisch Adviesbureau te Helmond een milieuhygiënisch vooronderzoek volgens NEN 5725 uitgevoerd ter plaatse van Kortejacht 1 te Dedemsvaart. Het vooronderzoek is uitgevoerd in verband met de voorgenomen bestemmingsplanwijziging waarbij de bestaande bedrijfswoning wordt omgezet naar een burgerwoning en het gehele perceel de bestemming wonen krijgt. Hieronder worden de bijzonderheden beschreven. Bedrijfsactiviteiten Op de onderzoekslocatie is een transportbedrijf en garagebedrijf met een benzinepomp en later een tankstation aanwezig geweest. In 1992 zijn de ondergrondse tanks en tankinstallatie verwijdert. In 1993 is ten behoeve van verkoop van het terrein een verkennend bodemonderzoek verricht. Hierbij zijn geen concentraties verontreinigende stoffen in de bodem aangetoond welke risico’s vormen voor de toekomstige gebruikers van het terrein. Vanuit milieuhygiënisch oogpunt gezien waren er geen belemmeringen voor de voorgenomen verkoop en het toekomstig gebruik als bedrijfsterrein. Vanaf 1996 is het garagebedrijf meer hobby matig in bedrijf (volgens milieuverslag). Niet bekend is vanaf wanneer de locatie in gebruik is genomen voor opslag en onderhoud van elektrische apparaten. Tijdens het locatiebezoek lijkt er geen (hobbymatig) garagebedrijf actief te zijn.
Asbestverdachte materialen en afvoer hemelwater van asbesthoudend dak Tijdens de inspectie is geconstateerd dat er asbestverdachte golfplaten aanwezig zijn op een gedeelte van de werkplaats. Aan de daken hangen wel dakgoten welke het hemelwater afvoeren richting de sloot in de noordwestelijk hoek van het perceel. Het dak vertoond wat schade en stukken van het dak liggen op het maaiveld. Daarnaast is er puin waargenomen op het maaiveld. Loodverontreiniging In een eerder uitgevoerd bodemonderzoek voor het aanleggen van een leidingtracé is op de locatie, in deelmonster B01-3 van de ondergrond (traject: 0,5 – 1,0 m –mv.), een loodgehalte aangetoond boven de interventiewaarde. De loodverontreiniging is niet nader onderzocht, de verontreiniging is niet afgeperkt en de omvang is niet bepaald. Voor de aanleg van het leidingtracé is de grond tijdelijk uitgeplaatst. Na het leggen van de kabel is de ontgraven grond in hetzelfde bodemprofiel herschikt. Er is geen grond afgevoerd. Op basis van voorgaande informatie kan niet vastgesteld worden dat de bodemkwaliteit geschikt is voor het beoogde gebruik zijnde wonen met tuin. Een bodem- en asbestonderzoek is noodzakelijk. Ter plaatse van het voormalige garagebedrijf en het buitenterrein kan worden verricht volgens de strategie voor een heterogeen verdachte locatie (VED-HE).
Geadviseerd wordt het overige terrein ook mee te nemen in het bodemonderzoek. Ter plaatse van de aangetoonde loodverontreiniging dient een nader bodemonderzoek volgens NTA 5755 te worden uitgevoerd waarbij de ernst en omvang van de loodverontreiniging wordt vastgesteld. Afhankelijk van de resultaten en eventuele risico’s is kan een bodemsanering noodzakelijk zijn. Ter plaatse van afwatering van hemelwater vanaf een asbesthoudend dak en daar waar asbesthoudend materiaal op de bodem aanwezig is dient een asbestonderzoek conform NEN 5707 verricht te worden. Indien in de bodem asbesthoudende of asbestverdachte materialen (bijvoorbeeld puin) op of in de bodem of andere bronnen voor asbestverontreiniging worden aangetroffen dan is hier ook asbestonderzoek nodig. Projectnummer: 20222296
Pagina 10 van 10
Bijlage 1: Topografische overzichtskaart
Projectnummer: 20222296
Pagina 11 van 10
Topografische overzichtskaart met ligging onderzoekslocatie Deze kaart is noordgericht
Ligging onderzoekslocatie
Bijlage 2: Situatietekening
Projectnummer: 20222296
Pagina 12 van 10
4022 62-L-4022
5269 62-L-5269
6
4275 62-L-4275
3683 62-L-3683
4282 62-L-4282
5939 62-L-5939
4008 62-L-4008
t Kortejach
1-1a
5075 62-L-5075
5271 62-L-5271
5270 62-L-5270
5666 62-L-5666
LEGENDA onderzoekslocatie
Betreft
Vooronderzoek
Locatie
Kortejacht 1 Dedemsvaart
perceelsgrens
N
5268
bestaande bebouwing
62-L-5268
Plaats
asbestdak met goot Figuur
Ligging onderzoekslocatie zuiver in advies & onderzoek
0
5
10
15
20
25 meter Bijlage Project
schaal 1:500
2 20222296
Formaat Schaal
A3 1:500
Rembrandtlaan 4, 5462 CH Veghel T 073-5477253 - E info@milon.nl AAN DEZE TEKENING KUNNEN GEEN RECHTEN WORDEN ONTLEEND
Bijlage 3: Foto’s
Projectnummer: 20222296
Pagina 13 van 10
Foto 1
Foto 2
Foto 3
Foto 4
Foto 5
Foto 6
pagina 1 van 2
Foto 7
Foto 8
Foto 9
Foto 10
Foto 11
pagina 2 van 2
Bijlage 4: Eerder uitgevoerde bodemonderzoeken en sanering
Projectnummer: 20222296
Pagina 14 van 10
l 2 2 O O 7
Aanmelding bedrijvenregeling Behorend bij artikel 12van het Besluit financiële bepalingen bodemsanering
Voor eigenaren enerfpachters van in gebruik zijnde bedrijfsterreinen is door het Ministerie van g
Volkshuisvesting, Ruimte^lijke Ordening en Milieubeheer (VROM) eensubsidieregeling ontwikkeld voor de kosten
l
van sanering van debodem.
o
Dit is dezogenoemde Bedrijvenregeling. Wanneeru als eigenaar of erfpachter aan bepaalde voorwaarden
o
voldoet kunt u in aanmerking komen voor een bijdrage van de overheid in de saneringskosten. Desubsidieregeling is vastgelegd in het Besluit financiële bepalingen bodemsanering.
0
3
^! 6
4
2
Indien u gebruik wilt maken van de mogelijkheid om subsidie aan te vragen in het kader van de Bedrijvenregeling dient uzichvóór l januari 2008 aan te melden bij deProvincie Overijssel. Deze aanmelding dient schriftelijk te gebeuren. Ukunt van dit formulier gebruik maken. Meer informatie overde Bedrijvenregeling is te verkrijgen via de website www.meldbedrijvenreqelinq.nl.
Dit formulier is niet bedoeld voor het doen van een feitelijke aanvraagom subsidie. Zonder aanmelding of zonder subsidieaanvraag hebt u geen recht op een bijdrage.
^
Het is niet nodig dat op dit moment al het gehele geval van bodemverontreiniging in beeld is gebracht of dat een saneringsplan is opgesteld.
Er dient een bodemonderzoek te worden meegestuurd bij deze aanmelding. Dit is minimaal een
inventariserend onderzoek BSB of een verkennend onderzoek volgens NEN5740. Eventueel aanwezige rapportages van verdergaand onderzoek dienen eveneens te worden vermeld en aangeboden. Ookals u deelneemt aan de BSB-operatie moet ude aanmelding (laten) doen. Dit gaat niet automatisch. Nabinnenkomst van de aanmelding ontvangt ueen bericht van ontvangst. Aandeze aanmelding kunnen geen rechten op subsidie worden ontleend.
Bedrijfslocatiegegevens
Naam
^A,
i L
\
^~ ^_
f"i^W^*^™B^a^^^r^^i -^A^^
Adres
T^__ _
___
_
^^^n^X
Postcode enwoonplaats Gemeente Telefoon / mobiel E-mailadres
^i^^|^a
Naam contactpersoon
^\4
_____
_____ __ _____ _______________ ____
. A.^A^^VA^^.^W-^^^-Wi^^^A^*>
Type bedrijf
O^w^V^o V^^oJlr^W
(^^Q^g^^^W^p^t'
\J .^Q^i
Kadastrale gegevens bedrijfsperceel Gemeente
Sectie ennummer
P\ \^]^^j^T.^H.JL^^
\~^\c^xj^dL^t^?..^^^W^g.^^
^"^t
L Ltn
Gegevens^G^Teigenaar / D erfpachter (s.v.p. aanvinken wat vantoepassing is) Naam
H . A .^^V^A^^.Q^*________________
Adres Postcode enwoonplaats
Telefoon / mobiel E-mailadres
"^T-~^t^3 i
^G f ^S< L'\
- ___ _
/r Y
_________
y^^- -^__ ___ _______ _____
__
________________________
Reeds uitgevoerd bodemonderzoek Naam en kenmer^k rapport
\ o ^u ^4 O^t \
Naam en kenmerk rapport
Naam en kenmerk rapport
Te verwachten tijdstipvanvervolgonderzoek / sanering Nader bodemonderzoek Saneringsplan
Uitvoering sanering
Is de locatie al eerder gemeld aanhet bevoegd gezag? Indien ^ja,geef de locatiecode
Ondertekening *
4^v
Plaats Datum Naam
^-t^l
-
U _
Handtekening
Dit formulier met taodemonderzoek(en) zendenaan het bevoegd gezag: Gedeputeerde Staten vanOverijssel^,teamWBBS, t.a.v. mevrouw In 't Veld, Antwoordnummer 800, 8000 VBZwolle (postzegel niet nodig!)
* De aanmelding kan ook namensde eigenaar of erfpachter worden gedaan, namensdeze en ter instemming, voorzien van zijn handtekening of door middel van een volmacht.
^*
_^> Stichting BSB Overijssel Covert Flinckstraat 1
bodemsanering bedrijfsterreinen
80^21 ETZ\v. Po^ctbus 630 8000 AP Zwolle
l^f-.l : 038 4^5? 82 80
Fa^x: 038^-4^52 8281 E-mail: bsb^zw<&^>wx^s.nl
__________ t.a.v. de heer H. __________ Korte Jacht 1, 7701 AX Dedemsvaart
^O^ns kenmerk: Betre^f^t locatie:
exit, geen verontreiniging Korte Jacht 1,7701 AX Dedemsvaart Zwolle, 13 augustus 2002.
Geachte heer ___________ Op uw terrein is een bodemonderzoek uitgevoerd door CBB in augustus 1993 (documentnummer 104491). Deze rapportage hebbenwij ontvangen, gecopiëerd en zenden wij u hierbij retour. In het verkennend bodemonderzoek zijn geen verontreinigingen aangetoond boven de zogenoemde Tussenwaarden. Uit invulling van de onderzoeksgegevens in de BSBurgentiesystematiek blijkt dat de locatie in de klasse 'exit: geen verontreiniging' terechtkomt. Dit betekent dat in het kader van de BSB-operatie geen verdere acties noodzakelijk zijn. Opgemerkt wordt dat deze zogenoemde 'exit-code' van de BSB geen 'schone^-grondverklaring' is. Immers er zijn lichte verontreinigingen aangetoond. Wanneer het gebruik van het terrein wijzigt is het mogelijk dat de gemeente aanvullende eisen gaat stellen. Wij verzoeken u dan contact op te nemen met de gemeente. Vertrouwende u hiermee voldoende te hebbengeïnformeerd. Met vriendelijke groeten, Stichting BSB-Overijssel
ir. D____ ___ ____ directeur
con________ 038 - 45.28.280
Inschri^jvin^g^enr. K.v.K. Ens^chede: ^410309^40
Stichting BSB Overijssel Gover! Fünckstraai 1
bodemsanering
bedrijfsterreinen
8021 ET 2woll^e
Postbu^s 8000 APZwolle Tel.: 038 - 452 82 80 Fax; 038^-452 82 81 i
H.A. __________ heer H.A.___________
KORTEJACHT
1
7701 AX DEDEMSVAART Enschede, 8-8-2002
T.a.v. de heer/movrouw __________ Het bijgaande wordt u zonder begeleidend schrijventoegezonden. [y|
Volgens afspraak. Met verzoek contact op te nemen. Ter informatie. Ter ondertekening. Naar aanleiding van uw brief/uw tel.d.d ....
[^V] ^Onder dankzegging retour. Op verzoekvan
Naar aanleiding van
Met vrie^ndelij^ke groet^,^ }
l^^1
Ir. D. ___ ___ ____
Dr^s.^W.P.M^,van de __________ |^X I
Ing. J.G.M, ___ ______
Ing. G.A. _________
M^w. O. _______
Inschnjvmgsnr. K.v.K. En^schede: 41030^940
m;
ii. bsb^zw('^"w;
/
bod^r: .
IIKI. J.G
< ,'ui
:
.
i
ijfstei leinen
^M. Uiri l.^i^?c^;<
ni^ciiJ
,SU,:hlmy^BSB i'«^w il l li^nclv.il.-i.il l ^W.'\l l
-'w^ol!^'^
1'r^c.^stiLi-, l' H] ^HtKJtJ ,"! ' l.'l
^u ,.:
;,' ' ; ^Mii .,
il „ .r, f;;-,;
l m;i[i hu-ül^iir^n i,,^«-'h^-,l,^HV^<-^M|-,-.I-| n|
* Autobedrijf H.A. __________ T.a.v. de heer H. __________ Korte Jacht l 7701 AX DEDEMSVAART CSZS ^- \o
\
ingenieursbureau
'O /\ ^é^ l V ^U
laboratorium voor analytisch, chemisch en
BODEMKUNDIG
microbiologisch
BUREAU
Deve,De^ven^ter - Breda
onderzoek
Vestiging Deventer: Gotlandstraat 13 - 7^418 AZ Deventer - Holland - Telefoon 05700 - 20500 - Fax 05700 - 20707 Vestiging Breda
: Huifakkerstr. 79 - 4815NE Breda
- Holland - Telefoon
076-^415^-105 ^- Fax
076-417272
ingenieursbureau
,
laboratorium voor
analytisch, chemisch en
BUREAU
Deventer - Breda
microbiologisch
onderzoek
Autobedrijf H.A.__________ T.a.v. de heer H.__________
Korte Jacht l 7701 AX DEDEMSVAART
Tel: 05230-12595 Fax: 05230-16613 Relatienr.: 104491 Uw ref: HB Onze ref: GB/GB nr: 104491
betreft:
Deventer, 3 augustus 1993
RAPPORT VERKENNEND MILIEUKUNDIG BODEMONDERZOEK BEDRIJ^FSTERREIN KORTE JACHT l TE DEDEMSVAART
Geachte heer ___________
Hierbij ontvangt u ons rapport van het verkennend milieukundig bodemonder^-^ zoek op een lokatie in Dedemsvaart, gem. Avereest. Bij eventuele vragen kunt u contact opnemen met de heer ing. G.J. ______ van ons bureau. Wij vertrouwen erop u hiermee van dienst te zijn geweest. Met vriendelijke groet,
CE__________ODEMKUNDIG BUREAU DE__________REDA B.V. _
A.J.M. va^ji der _______ directeur
Vestiging Deventer: G^oll^anrktr^a.il 1^3,7^11^RAZ Po^Mbu^i 807, 7100 AV ^Deventer^, Holl^and r>.9^?^381 38.1 Tel^efoon OS700 ^20^500 - Fdx OS700 20707 - R^abob^ank r^, N^P Br^rd^a79, . 1^RlHoll^and Vestiging Breda: H^uif^akkc-r^str^a^al Tel^efoon 07^6 ^11 ^MOS F^dx 0/6-^11^727^?- ARN Amrobdnk 16.^^1.8^3.^88^6 rKam^er ^i^Vil van K^oophand^el l
o o o 3 3 l 6
7
RAPPORT VERKENNEND MILIEUKUNDIG BODEMONDERZOEK Bedrijfsterrein Korte Jacht l Dedemsvaart gemeente Avereest
augustus1993
OPDRACHTGEVER:
Autobedrijf H.A. __________ Korte Jacht l
7701 AX DEDEMSVAART CONTACTPERSOON: De heer H. __________ Tel: 05230-12595 Fax: 05230-16613
l' 2 2 O O 7
3
/
o o o
INHOUDSOPGAVE
3 g 4 8
1.
2.
3.
INLEIDING 1.1 Inleiding
4
AANLEIDING EN DOEL VAN HET ONDERZOEK 2.1 Aanleiding 2.2 Doel van het onderzoek
5 5
LOKATIE GEGEVENS 3.1 Beschrijving terrein
6
3.2 Historische gegevens 3.3 Geohydrologische gegevens
4.
6 7
DEFINITIE BODEMONDERZOEK 4.1 Algemeen 4.2 Strategie
5.
UITVOERING BODEMONDERZOEK 5.1 Veldwerkzaamheden
6.
7.
8.
8 8
9
5.2 Chemische analyses
10
RESULTATEN BODEMONDERZOEK 6.1 Resultaten 6.2 Toelichting op de toetsing
12 13
6.3 Interpretatie
14
SAMENVATTING EN CONCLUSIE
7.1 Samenvatting 7.2 Conclusie
15 15
LITERATUUR
16
BIJLAGEN: 1. Boorprofielbeschrijvingen 2. Analyse^resultaten 3. Verklaring gebruikte termen
TEKENINGEN: Overzichtstekening 104491 ^-1 Situatietekening 104491-2
9
9
l.
INLEIDING
/ o o 3
1.1 Inleiding
3
Dit document beschrijft het verkennend milieukundig bodemonderzoek op het bedrijfsterrein gelegen aan de Korte Jacht l te Dedemsvaart, dat door het Centraal Bodemkundig Bureau Deventer-Breda (CBB) is uitgevoerd.
Aanleiding en doel van het onderzoek worden beschreven in § 2. Uitgaande van de lokatiegegevens, welke zijn toegelicht in § 3 gaan we verder in op de visie van het CBB op de aanpak van het onderzoek. Dit gebeurt in §4.
In § 5 wordt verslag gedaan van de uitvoering van het bodemonderzoek. In § 6 worden de analyse-resultaten van het chemisch laboratoriumonderzoek vergeleken met de richtwaarden uit de toetsingstabel uit de leidraad bodembe-
scherming. Tevens vindt interpretatie van de onderzoeksresultaten plaats. De rapportage wordt in § 7 afgerond met de samenvatting en de conclusie over de geschiktheid van de bodem voor het beoogde gebruik.
l 3
2.
AANLEIDING EN DOEL VAN HET ONDERZOEK
2.1
Aanleiding
6 ^g
Aanleiding voor het onderzoek zijn plannen tot verkoop van het terrein als bedrijfsterrein. Naar aanleiding van de eis dat een onderzoeksrapport inzake de gesteldheid van de bodem deel uitmaakt van de verkoopakte, is door Autobedrijf H.A. __________ aan het CBB opdracht verleend voor het uitvoeren van een bodemonderzoek op het betreffende terrein.
2.2
Doel van het onderzoek Het onderzoek heeft tot doel via monstername en analyse een indicatie te
krijgen van de eventuele verontreinigingen van de grond en het ondiepe grondwater en daarmee de situatie op de lokatie vast te leggen en te bepalen in hoeverre deze een beletsel of beperking kunnen vormen voor de voorgenomen verkoop en het toekomstig gebruik als bedrijfsterrein.
l' 2 2 O O 7
^* o o o 3
3.
LOKATIEGEGEVENS
3.1
Beschrijving terrein
i
Het betreffende terrein is gelegen aan de Korte Jacht l te Dedemsvaart.
De lokatie heeft een oppervlakte van circa 2.100 m2.
De ligging van de lokatie is weergegeven in tekening 104491-1. Op de lokatie is garagebedrijf H.A. __________ gesitueerd. In de werkplaats op het terrein vinden onderhouds- en reparatiewerkzaamheden aan voertuigen plaats.
Op het terrein bevond zich een tankinstallatie voor diesel en benzine. Naast een pompeiland waren hier 2 ondergrondse brandstoftanks aanwezig. De tankinstallatie is in 1992 verwijderd. Op het midden van het terrein is een woonhuis en een showroom aanwezig. Naast deze showroom lag een bovengrondse tank voor afgevoerde olie. Deze is ook verwijderd.
De situatie van de lokatie is weergegeven in tekening 104491-2. Bij de terreinverkenning uitgevoerd in juli 1993 werden geen bijzonderheden, buiten hetgeen bekend uit de tekening, waargenomen.
3.2
Historische gegevens
Vanaf 1965 tot 1972 was een transportbedrijf op het terrein aanwezig. Het garagebedrijf is vanaf 1973 op het terrein gesitueerd.
l'
^9
3.3
Geohydrolo^gische gegevens
o
^^ ^a
De geologische formatie rond de lokatie in Dedemsvaart is volgens de grondwaterkaart van Nederland als volgt te schematiseren:
3 l
6
Het maaiveld bevindt zich op circa 7 m + NAP.
5 2
Dedemsvaart ligt in een grotendeels afgegraven veengebied behorende tot de Formatie van Griendts-veen. Het eerste watervoerende pakket bestaat uit fijnzandige afzettingen van
de Formatie van Twente en de grofzandige afzettingen van de Formatie van Kieftenheije.
De scheidende laag is opgebouwd uit de Formatie van Drenthe en bestaat uit kleiïge en zandige sedimenten. Het tweede watervoerende pakket wordt gerekend tot de Formaties van Harderwijk en/of Enschede.
Het freatisch grondwater bevindt zich op circa 1,5 m-maaiveld. Het gebied is gekenmerkt door kunstmatige peilbeheersing van het grondwater. De stro-
mingsrichting wordt sterk beïnvloed door lokale watergangen en is vermoedelijk in noordwestelijk richting.
^9 o o o 3
4.
DEFINITIE BODEMONDERZOEK
4.1
Algemeen
3 l
^e 3
Het onderzoek wordt grotendeels uitgevoerd volgens de opzet voor verkennend milieukundig bodemonderzoek (NVN-5740). De veldwerkzaamheden en het laboratoriumonderzoek worden voor zover mogelijk conform de in de NVN 5740 genoemde NEN- en NPR-richtlijnen uitgevoerd. Tevens worden de voorlopige praktijkrichtlijnen voor het verrichten van
onderzoek naar bodemverontreiniging (V.P.R.) in acht genomen. Het onderzoek bij de tankinstallatie wordt zoveel mogelijk volgens de richtlijnen uit het ^'werkprogramma milieumaatregelen bij tankstations' van het ministerie van VROM uitgevoerd.
J
8 9 3 9
/
o
o 3 i 5
4
4.2
Strategie
Op grond van de voorinformatie wordt het terrein rondom de voormalige tankinstallatie als verdacht aangemerkt. Bij verdachte lokaties wordt op grond van de hypothese ten aanzien van de ruimtelijke verdeling van de verontreiniging een onderzoeksstrategie opgesteld, waarbij het onderzoek zich expliciet richt op de vermoedelijk aanwezige verontreinigende stoffen en de plaatsen waar deze worden verwacht.
De volgende onderzoeksstrategie is uitgewerkt: ^H
Bij de voormalige tankinstallatie worden 2 boringen verricht. De boringen worden in principe doorgezet tot minimaal 0,5 meter beneden de actuele grondwaterstand. Van de genomen monsters zullen bodemmonsters worden geselecteerd voor analyse op minerale olie. Bij de selectie van de grondmonsters wordt rekening gehouden met de zintuiglijke waarnemingen en met de diepte ligging van de monsters. Tevens wordt de kwaliteit van het grondwater onderzocht. Het verkennend onderzoek wordt op het overig deel van het terrein uitgevoerd volgens een systematische monsterneming en een vast pakket te analyseren stoffen.
..
Verhoogde concentraties minerale olie, PAK en zware metalen in de bodem zijn ten gevolge van de bedrijfsprocessen op het terrein niet uit te sluiten. De gehaltes van deze stoffen worden met een standaardpakket bepaald. Bij de veldwerkzaamheden wordt onderscheid gemaakt tussen onderzoek van bovengrond^, de ondergrond en het grondwater. Op basis van bovenstaande gegevens en de verstrekte tekening is een bemonstering- en analyseplan opgesteld en uitgewerkt (zie § 5).
^l
i2
-
i»
]; 8
9
9
5.
UITVOERING
BODEMONDERZOEK
5.1
Veldwerkzaamheden
o
^n
° 3 3 l
6 J
^5
De Veldwerkzaamheden zijn in juli 1993 uitgevoerd. In totaal zijn 7 boringen verricht en zijn 2 peilbuizen geplaatst. De lokaties en nummering van de boringen zijn in tekening 104491-2 weergegeven. De boringen zijn uitgevoerd tot ± 0,5 m minus maaiveld. Van deze boringen zijn 6 boringen doorgezet tot ± 2 m minus maaiveld. Van deze boringen zijn,
in verband met het plaatsen van de peilbuizen, de boringen PI en P2 doorgezet tot een diepte van ± 3.8 m minus maaiveld. De boringen zijn uitgevoerd met een edelmanboor en beneden de grondwaterspiegel met een puls. Bij de uitvoering van de boorwerkzaamheden is geen werkwater gebruikt. De zintuiglijke waarnemingen van het bodemmateriaal tijdens de Veldwerkzaamheden zijn als volgt samen te vatten:
- af^wijkende samenstelling bodemmateriaal: puinresten bij boring PI en 3 - afwijkende kleuren bodemmateriaal:
geen afwijkingen waargenomen i
- afwijkende geuren bodemmateriaal: oliegeuren bij boring PI
i - olie-op-water-proef: geen oliefilms waargenomen. Om representatieve grondwatermonsters te verkrijgen is, na het plaatsen van
de peilbuizen en voor de monstername, een hoeveelheid water uit de peilbuizen afgepompt gelijk aan circa drie maal de natte boorgat inhoud.
De grondwatermonsters zijn minimaal een week na het plaatsen van de peilbuizen genomen. Tijdens de monstername is van het grondwater de zuurgraad (pH) en het geleidingsvermogen (EC) bepaald. De gemeten waarden zijn in bijlage 2 weergegeven. Hieruit blijkt dat de zuurgraad van de watermonsters normaal is te noemen. De geleidbaarheid van de watermonsters is normaal.
\
l !
5.2
Chemische analyses
Ten behoeve van de chemische analyses zijn de volgende grondmengmonsters van de bovengrond samengesteld: mengmonster 1: uit boring l, 8 en P2 mengmonster 2: uit boring 3, 14 en 12 mengmonster 3: uit boring PI
0,0 0^,0 1^,5
0,5 m minus maaiveld 0,5 m minus maaiveld 2,0 m minus maaiveld
De grondmengmonsters en de grondwatermonsters zijn geanalyseerd op de analysepakketten zoals weergegeven in onderstaande tabellen.
Tabel 1: Analyse grondmengmonsters grondmengmonster 1, 2, 3
Zware metalen (As,Cd,Cr,Cu,Pb, Zn,Ni,Hg}
*
EOCL
^*
PAK
*
Minerale olie
(GC)
^*
Tabel 2: Analyse grondwatermonsters grondwater monster PI, P2
-
Zware metalen (As,Cd, Cr, Cu , Pb,Zn, Ni, Hg}
*
EOCL
*
Vluchtige aromatische koolwaterstoffen (inclusief naftaleen)
*
Vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen
^*
Fenolindex
^*
l 2 2 O O
12
6.
RESULTATEN
6.1
Resultaten
BODEMONDERZOEK
o o 3
3
Bij de beoordeling van de analyse-resultaten aan de hand van de richtwaarden uit het toetsingskader spelen de lokale verontreinigingssituatie en het toekomstig gebruik van de bodem een belangrijke rol. Onder de lokale verontreinigingssituatie worden die factoren verstaan, die van belang zijn voor de mate van en de mogelijkheid tot verspreiding van de verontreiniging naar de omgeving.
De resultaten worden beoordeeld aan de hand van het toetsingskader voor concentraties van diverse verbindingen in de bodem (Leidraad bodembescherming van het ministerie van VROM). Een lokatie wordt als verontreinigd beschouwd als in een (meng)monster stoffen aanwezig zijn in concentraties hoger dan de toetsingswaarden (in het algemeen de A-waarden). Indien een overschrijding van de toetsingswaarde op een groepsparameter
betrekking heeft (EOC1 of fenolindex) dient met specifieke analysemethoden te worden nagegaan hoe het met de individuele parameters is gesteld.
l' 2
i
^»
2 8 9 3
/ o o
0 ^3 1
6.2
Toelichting op de toetsing
Zware metalen: In de mengmonsters van de bovengrond en van de ondergrond zijn de concentraties zware metalen onder en rond de A-waarden gemeten.
5
8
In de grondwatermonsters zijn de concentraties zware metalen onder en rond de A^-waarden gemeten.
Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK): In de mengmonsters van de bovengrond zijn PAK aangetroffen in concentraties onder en rond de A-waarden. Minerale olie: Minerale olie is in de onderzochte bovengrondmengmonsters niet aangetoond. In het monster van de ondergrond is minerale olie rond de A-waarden geme-
ten.
EOCL: Deze somparameter is in de onderzochte bodemmonsters niet verhoogd. Vluchtige aromatische koolwaterstoffen (grondwater): Deze stoffen zijn niet aangetoond. Vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen (grondwater): Deze stoffen zijn niet aangetoond.
Fenolindex (grondwater): Deze parameter is niet verhoogd.
^l'
^J
o
^ï
i
o
14
6.3
o
33 3
Interpretatie
Uit de analyse-resultaten blijkt dat in de monsters van de bovengrond de concentraties onderzochte stoffen onder of rond de A-waarden zijn gemeten.
i
6
^'l 9
In het monster van de ondergrond is minerale olie rond de A-waarde gemeten.
"^i
Bij dit monster zijn ook geurwaarnemingen gedaan tijdens de veldwerkzaamheden. De concentraties overige onderzochte stoffen in het monster van de ondergrond zijn onder de A-waarden zijn gemeten. In het grondwater zijn de concentraties onderzochte stoffen onder of rond de A-waarden gemeten.
Vanuit milieuhygiënisch oogpunt gezien zijn er geen belemmeringen voor de voorgenomen verkoop en het toekomstig gebruik als bedrijfsterrein.
. .
l' 2 2 O
°
15
2
"1
*1
/ o o °
^3 i
7.
SAMENVATTING
7.1
Samenvatting
g
EN CONCLUSIE
Ten behoeve van verkoop van het bedrijfsterrein aan de Korte Jacht l te
^o
Dedemsvaart is een verkennend bodemonderzoek volgens de NVN-5740
richtlijnen voor 'niet verdachte lokaties' uitgevoerd. Op basis van het verrichte bodemonderzoek worden de volgende opmerkingen
gemaakt: ^- Op de lokatie is garagebedrijf ____ __________ gesitueerd. - Tijdens de veldwerkzaamheden zijn bij boring PI oliegeuren waargenomen. r
- Uit analyse-resultaten van de grondmengmonsters van de bovengrond blijkt dat de concentraties onderzochte stoffen onder en rond de A-waarden zijn gemeten.
- Uit analyse-resultaten van het grondmonster van de ondergrond blijkt dat de concentratie minerale olie rond de A-waarde is gemeten.
- Uit de analyse-resultaten blijkt dat in de grondwatermonsters de concentraties onderzochte stoffen onder en rond de A-waarden zijn gemeten.
7.2
Conclusie
—'
De concentraties verontreinigende stoffen in de bodem vormen geen risico's voor de toekomstige gebruikers van het terrein. ^"l Vanuit milieuhygiënisch oogpunt gezien zijn er geen belemmeringen voor de voorgenomen verkoop en het toekomstig gebruik als bedrijfsterrein.
.-
j
l' 2 2 O
o
16
7
2
8.
LITERATUUR
]
g i ~"|
Dienst grondwaterverkenning TNO, Grondwaterkaart van Nederland (Delft 1987) Nederlands Normalisatie Instituut, Nederlandse Voornorm Bodem, zoeksstrategie bij verkennend onderzoek NVN-5740 (Delft, 1991).
Ministerie van VROM, Leidraad bodembescherming ('s-Gravenhage, 1991).
^l
3 J ^3 l
:
onder-
J
8 1 2
^ü 2 0 0
^ 728BOORPROFIELBESCHRIJVINGEN
Bij lage 1
^Project 104491
Omschrijving
Zintuiglijk waarneembare verontreinigingen
9
^13Boring 9
] ]
l-1
/ 0 0 0 3 3 1 6 6
P1
2
^3 '] l
Diepte (cm -mv)
0-08 08 - 40 40 - 50 50 - 100 100 - 150 150^- 200 200 - 370 370
KLINKER
, grijs/geel
MATIG FIJN ZAND ,
VEEN
, zwart
MATIG FIJN ZAND , MATIG FIJN ZAND ,
, donker bruin
MATIG FIJN
, donker bruin , donker bruin
ZAND ,
MATIG FIJN ZAND
5^X fijn puin lichte oliegeur matige oliegeur
, grijs geel
,
einde boring
grondwaterspiegel op 1,4 m-mv filter peilbuis van 2,7 tot 3,7m-mv
P2
O ^- 03 03 - 60 60 - 130 130 - 200 200 - 375 375
TEGEL
,
,
MATIG FIJ^N ZAND , , grijs ZEER FIJ^N ZAND ^.uiterst humcus, zwart MATIG FIJN ZAND , , geel/bruin MATIG FIJN ZAND , , grijs/geel einde boring
grondwaterspiegel op 1,4 ^m-mv
filter peilbuis van 2,75 tot 3,75 m-mv O - 08 08 - 30 30 - 80 80 - 110 110 - 160 160 - 200 200
^KLINKER MATIG FIJN ZAND MATIG FIJN ZAND VEEN ,ster zandig ZEER FIJN ZAND ZEER FIJN ZAND
O - 05 05 - 100 100 - 120 12
BETON MATIG FIJN ZAND MATIG FIJN ZAND ei^nde boring
O - 10 10 - 30 30 - 100 100 - 150 150 - 200 200
BETON , MATIG FIJN ZAND , , donker bruin10 % fi jn puin MATIG FIJN ZAND , , bruin/geel ZEER FIJN ZAND .uiterst humeus, zwart MATIG FIJN ZAND , , rood/bruin einde boring
i;
einde boring
grijs donker grijs
O -
08
KLINKER
08 -
50
100 - 150 150 - 200 200
MATIG FIJN ZAND MATIG FIJN ZAND MATIG FIJN ZAND MATIG FIJN ZA^ND einde boring
O - 08 08 - 50 50
MATIG FIJN ZAND ,zeer humeus einde boring
bruin
O 50
MATIG FIJN ZAND .matig humeus einde boring
donker bruin
50 - 100
5 t/m11
grijs/geel donker bruin z^wart rood bruin geel
50
KLI^NKER
, wit/geel , geel/bruin , geel/bruin
, bruin
,
BOORPROFIELBESCHRUVI^NGE^N
Bij^lage 1
Project
Borin^g
Diepte {cm -mv)
Omschrijving
Zintuigtijk waarneembare verontreinigingen
13
O 50
50
MATIG FIJN ZAND ,matig humeus einde boring
O -
05
TEGEL
i..
05 - 50 50 - 130
15
l
bruin/geel
MATIG FIJN ZAND
,sterk zandig
VEEN
donker bruin
130 - 200
MATIG
200
einde boring
O - 05 05 - 70 70 - 130 130 - 200
TEGEL MATIG FIJN ZAND ,
200
einde boring
FIJN ZAND
^zwart rood bruin
MATIG FIJN ZAND ,sterk humeus
grijs/geel zwart
MATIG FIJN ZA^ND ,
rood bruin
p
[l j I
r'^N ^M
LT
^- ^GRONDWAT^ER-
;
BOD^E^MKUNDfC BUREAU
O^MHC^BT - ftts^i
^-JOON)
onderzoekpakket
03-08-93 BOVENGROND
analysenumner
0180
monsteraanduiding
H. __________ KORTE JACHT l
11
7701 AX
ligging perceel
BOVENGROND 0-50 m^m l
monsternemer
HVD
ons^kenmerk
AV
^monstername diepte
Hierbij treft u de resultaten van het voor u uitgevoerde onderzoek met daarbij het advies aan.
Identificatie n
o
CD
D
0)
^w'
^n
C^O
^3^£
"
^*-
^^^a
o
in
^n
o ^*^*
90
c
o
3
CD 1
5 ^5
M
^X
n
>
^W
l
^Eg
PAK verbindingen (mg/kg ds^)
^3
CO
^r^ü
DEDEMSVAART
Geachte relatie,
Zware metalen (mg/kg ds)
^D
N)h>
__________
104491
relatienurrmer datum verzending
l
1 <
i
As
Cd
5 < 0.^4 17 ^30 50
0.^4 5 20
n
z
7^* O
g
o
l
Cr
Cu 5
56 250 800
7 < 18 100 500
^7^S ^X
0
IM
^f
Ü
ft
Hg
Pb
^Ni
0.2
14 <
0.2 2 10
5^A 150 600
^TT
«^B
O. C^l
w n
N
^f^»
CD
C^D
CD
^3
3
O
O
N
n
n
n
^o
^w
^n'
^Ü
n
1
o
0
n
^n'
^J
^J
D
^v ^o <^*
1 ^3
^n
^3
1 D
n ^5 n
^c
o -i 0
^n
n
D
^3
^» n
3 nr^+ ^n ^i ^n
^3
o^s^
< ^»
-^*.
^3
'
3 O
O
C^D
^T3
^9
^"S - 1
o < n
- .— ca ^-<W -1 ^
n
^n
D ^M
f^6
^O
^3
3 0^1
ca 3
^3- C (^B O (D -1 3 t
o
3
^3 a n
CD
7^*
3 (D <Q ^"J <tT ^a. o^u ^*
^T O
a
^3 10
O
n ^^^~ D H ^o—
l/l -i -^>^ ^— . ^n
Zn 5
13 100 500
22 <
50
61 500
50 1000
3000
5000
^J
< 0.0^'
0.09
0.01
0.19
0.07
0.07
0.03
0.06
0.10
0.09
0.71 < 0.10
0.01
0.01 10 100
0.01 10 100
0.01 10 100
0.1 5 50
0.01 5 50
1 5 50
0.01
5 50
1 5 50
1 10 100
1 20 200
1 10
A,B,C: Indicatieve waarden uit de toetsingstabel voor de beoordeling van de concentratieniveaus van diverse verontreinigende stoffen in de bodem. Voor nadere toelichting, zie bijlage 3.
--4QOf^o'
X
0.1 8 80
l
l
l
^p ^-JOON)
104491 03-08-93 BOVENGROND 0181 BOVENGROND
relatienunmer datum verzending
onderzoekpakket analysenummer monsteraanduiding
l
__________ H. __________
11
KORTE JACHT l 7701 AX
DEDEMSVAART
monstername diepte
0-50
ligging perceeL
Geachte relatie,
monsternemer
mm 2 HVD
ons kenmerk
AV
Hierbij treft u de resultaten van het voor u uitgevoerde onderzoek met daarbij het advies aan. Zware metalen (mg/kg ds)
Identificatie
^ï
PAK verbindingen (mg/kg ds)
^—.1^°^D
^3
n
IQ
^o
o
3
01
^W
ra
en
3 O
II
n 3^-
ro c
C^A
^o
o
^*^?
0) Q.
en
O
^**
=T
en
[p
^»^*
n
As
87
3
2 <
5< 17 30 50
^D 3-
^X
o
O
^c
=
^3
~^>
^T^T
Cd
Cr
Cu
Hg
0.4
5
0.5 5 20
56 250 800
N
o o
CL
Pb
20 <
0.2
14 <
18 100 500
0.2 2 10
55 150 600
^?r
^M
fO
3
T^T
Ni
^TT ia a. ^a ^v
'-'
ca nra N
3
a n
re c^o
^3
ra
3
re
3
o
O
O
O
re
ti
D
tfl
re o
re o
re
(^9
^u 01
re re
c
re 3 a>
3
<^t
n ^n n
o
CD
0>
3
n
O rf
^r^e
ra
03
-i
n 3-
v> n re
3- C fT>
O
ra^n
3
Q.
3 Dl ^X
03
re
^m a
TJ ^P^O
^TO
re re
-i ^w re n re a.
re^3^"
3
3
3 '
^3
< 0.01
0.05
0.01
0.06
0.06
0.03
0.04
0.09
0.05
0.01
0.02
0.02
0.02
10 100
10 100
Z 5 50
0.02
10 100
0.2 5 50
0.01
5 50
2 5 50
3
^o
— ^r^t-
o
^T^T^3^m (O ^-j
TJ 3
3
^U '
3 ^3
^to o re 3^-m
—^«a
^I^t
< er
01
01
^v
0.06
0.46
< 0.10
2 10 100
1 20 200
0.1 8 80
re —
i
Zn 5
13 100 500
33 < 62 500
3000
50
^v
^^
50 1000 5000
^y
A,B,C: Indicatieve waarden uit de toetsingstabel voor de beoordeling van de concentratieniveaus van diverse verontreinigende stoffen in de bodem. Voor nadere toelichting, zie bijlage 3.
o"^so^^^0"^ii—U4^U4OOO
5 50
1 10
ra
__________
relatienurrmer
104491
datum verzending
03-08-93
onderzoekpakket
BOVENGROND
analysenurmier
0182
^monsteraandui ding
monsternemer
ONDE^RGROND 50 - 200 ^mm 3 HVD
ons kenmerk
AV
monstername diepte ligging perceel
H. __________ KORTE JACHT l 7701 AX DEDEMSVAART
11
Geachte relatie, Hierbij treft u de resultaten van het voor u uitgevoerde onderzoek met daarbij het adviesaan.
Z^war^e metalen (mg/kg ds)
^D
ta
^n
^3
D
0}
^n
o
^n
^n*
^3^-
(O
o
c c
^w
^*^«
U^)
l
o
^»^e
> ^w n ^n As
79
3
|o
PA^K verbindingen (mg/kg ds)
Identificatie
^X
^4<
n O.
n
S
Cd
O
Cr
5 < 0.^4 18 30 50
7^"^i
0
i'
0.5
5 20
z ^*
4
56 250 800
^7^*.
"^5^B
^f
Cu
Hg
8.
^*
Pb
Ni
^N
*-. ^—. ^3^T(D <o Q. ^Cl
<f>
O
^T^T
n
^3
CD
ï o"
^n
m
(D
^V
^>/
^x.
a>
^5 ^5
ca
D
0
^U
^3 o ^w
^D
II
M
n
^«
(/>
^3
> ^3
01
c
O 0)
o
^3
D
^s
^3^"
O ^r^t-
(D -1
1
(^B (^D
c^u
^3
O
n
n»
^D -^h
CD
^3
^3
n 3 o
O D
a
T3
ca ^n» ^T^3^D -1 0
< ^"
^T)
^3^» 7^*
^A-^3 n -t
<^a
=^T C' ^n o ^n-t
0.03
0.04
0.08
0.16
0.45 < 0.10
4 5 50
4 10 100
1 20 200
^XW -J ^ ^=r ^n n cö" ^r^a a. fO —
t^»
0.01
0.01
0.01
0.04
0.03
0.03
0.01
0.0^4
0.0^4
0.04
4
0.04
10 100
10 100
10 100
0.4 5
0.01
5 50
5 50
5 50
1 10
I^S^)
^3 B) X
< n n
^n ^n
^n
^3^D
O <Qf^» ^3m
5.
f^»
O
^D ^DJ
<o^-
a_ ^n ta
^^ ^n
Zn
10 <
0.2
25 <
5
55
52
19 100 500
0.2 2 10
57
150
13 100 500
6^4 500 3000
50 1000 5000
600
^m
^o II o n e^n
^v
A,B,C: Indicatieve waarden uit de toetsingstabel voor de beoordeling van de concentratieniveaus van diverse verontreinigende stoffen in de bodem. Voor nadere toelichting, zie bijlage 3.
50
0.1 8 80
Minerale olie
(mg/t)
Fenolindex
(^/tg/l)
1 o
^o i^n
i^n in o
Alifatische Chloor ^k^ust
kolwatersf e
gechlor d
__
HW Q _ ^H^W
_
___a^Ko _ __
O
___ < ________3
__
^X
^P B
_____U
8
O
_
^: -
p^*
__ ^W
v
1,2 Dichloorethaan
n
CM
r-jr-.- o
O
O
V
1,1 Dic^hloor-
ethaan 1,1,2
Trichloor-
Tetrachloor-
methaan
O
f\l
f^«ji l r^1,
O O
fM
0
O
o
CM
l\l 1 i ^0
O
0
-in
V
Trichloor-
Vluchtig
fM
O
fM O
1,1,1 Trichloorethaan
e
(^V^
O
ethaan
methaan
O
-^N-
(Totaal)
(^jig/l
O
^*-I^A
Extreheerbare Organohalogeen Verbindingen (^jig/l)
)
o o
O
f\J ^-^C
(tetra)
Tetrachlooretheen (per)
fM
fM
O
o
v r\j o
o
0
fM
0
0
0
v
Trichlooretheen (tri)
o v
Naftaleen
fM 0 0 ^*- 1^/1
O
(M
fM^b^-
O
O
O
^M^
v
^0)
-1
0
O
^01
fM
Heta- en ^) paraxylenen jp
o
Cl
fM Cl
r\j o o
fM O
^*O
^nj f 1 0 . f\| ^-O
(.>
Orthoxyleen
^u
^o
^C' ^ï-
.—
V
Ethylbenzeen a ^01
O
v
c^"
.1
O
^M
Totaa^l aromaten
r^vj
(^U 1 J 0
O
O
m —i
fM ^4
4-^>
-C
4^1 Cl fM
f^vi in
^0
Tolueen
O
Benzeen
fM - in o
u >
ro
O
C -^c
V
Zink
r-^:
c
^^ ^o
O O 0 in 0 0
S^£
fM
-^DO
in Nikkel
1 v
o^> <
H l
^^
^u^iCO Q
^K
i^w
^T^I- o ^2^r^- W ^o^a ^<^r l Oo^B o n ^K^H^<^W ^H o Oo ^&
o Lood -a
*^*ra
53
ra
C
01
Oi
^.
(M
«- tn o
v ^£,
^i
Chroom ^£
>
Cad^mium ^g
- o o
^ai^w
T)
.^r U^"^g
IS*
O
^3^U^
^^ r^y"~
v o
o oo ^M
T-
D)
41 'E T3^— c^- ai ro 0 n
EC
s
tE to^o^ — ^*- -^*
^D^C (O^c C5 Co D) Co O to Ê E — E
PH
^K ^ï
t.^4-^-
^x
O
^O)^L_
v
n
^SJ
«- in o
^in ^i.^"!
^Koper^3
^Arseen^»
i^'
o
^ar
0)
>a> >
eo 0
r\j in
^X
^« m ^LJ
c
l
104491 03-08-93 GRONDWATER 0106 WATER
relatienunmer datum verzending onderzoekpakket
analysen^unner monsteraanduiding
J
__________ H. __________ KORTE JACHT l 7701 AX DEDEMSVAART
12
monstername diepte
Geachte relatie,
monsternemer
P l EEK
ons kenmerk
AV
Hierbij treft u de resultaten van het voor u uitgevoerde onderzoek met daarbij het advies aan.
ligging perceel
Vluchtige aromatische verbindingen (^^g/l)
Zware metalen (/im/l)
Vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen ^(^j^ig/l)
Tota
Benze Tolue Ethylbenz Orthoxyle parxylen aromate tale
n
l
^"D
m ^n
o
^D O.
Arse
o
;^"; o a n
o
n
o o
Q.
^
PH 6.6
EC
0.3^4 <
w
Cd 10 < 0.1
10 30 100
1.5 2.5 10
Cr
Pb
Cu 3 < 1 50
200
1^< 15 50 ^200
15 < 15 50 200
Nik e
^M
_
Zn
^T^T
l
-
Na
Meta
f
-
n
n
n
n
e
n n
n
n
^n -i ^J(^B —n
Tethe n etrac metha Tric Tetrac
^M
n
h
(
th
mh e
^no
-t
n
O
n'
o
n >
^« o -t- n -^H O 0)
^1
O
O ^r^t ^S o -l O
^iO
01 o 3 i
< 0.2 <
0.2 <
0.2 <
0.2 <
0.2 <
1.0 <
0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.2 <
15 50 200
150 200
0.2 1
5
0.2 20 60
0.2 20
800
0.2 15 50
0.2 20 60
30 100
0.2 7 30
0.2 10 50
0.2 10 50
0.2 10 50
0
0.2 10 50
0.2 10 50
0.2
10 50
1<
0.2 10
15
50
70
Mineral
inde
oli
e
x
l
(
(Q ^v.
^-^*.
^n»
1< 1 15 70
A,B,C: Indicatieve waarden uit de toetsingstabel voor de beoordeling van de concentratieniveaus van diverse verontreinigende stoffen in de bodem. Voor nadere toelichting, zie bijlage 3.
^.(^Of^j^4^4^£>COi^S^j
e
^"T
o^3- o^3^" ^3-O o^3- o^oi^T^TD^tnD ( ( D" 01 o 01 O ^^^r^t^^^n 3 3 ' 3 ' 3 ' 3 '
81
0.2 10 50
e
( l
^P
^r^t
5
60
Verbindge Organoh Extrahe
Feno
l
i 1^^1-^» ^l
5
5 15 50
— 50 200 600
BIJLAGE 3: VERKLARING GEBR^UIKTE TERMEN
De toetsingswaarde voor de gehaltes van de chemische componenten worden binnen de Leidraad Bodembescherming als volgt gedefinieerd: A-waarde referentiewaarde, deze komt overeen met de gemiddelde achtergrondconcentratie waarin een chemische component in de Nederlandse bodem kan voorkomen. Het zijn indicatieve waarden waarboven wel en waaronder niet sprake is van een aantoonbare verontreiniging. Deze waarden zijn
afhankelijk van de bodemsamenstelling. In de leidraad bodembescherming worden daarom per bodemsoort referentiewaarden voor diverse chemische componenten aangegeven, rekening houdend met het lutum- en organisch stofgehalte. B-waarde signaalwaarde, wanneer het gehalte van een chemische component deze waarde overschrijdt, kan een nader onderzoek gewenst zijn, afhankelijk van de omstandigheden ter plaatse, blootstellingsrisico's e.d. C-waarde saneringsindicatie, wanneer het gehalte van een chemische component deze waarde overschrijdt, kan een sanering nodig zijn afhankelijk van de omstandigheden ter plaatse,blootstellingsrisico's e.d. De eigen termen met betrekking tot het beoordelen van de gehaltes van de chemische componenten zijn als volgt gedefinieerd: licht verhoogd gehalte: matig verhoogd gehalte: sterk verhoogd gehalte:
geha^lte ligt tussen de A- en B-waarde gehalte ligt tussen de B- en C-waarde gehalte ligt boven de C-waarde
LEGENDA:
ligging lokatie
AUTOBEDRIJF H. __ __________
Verkennend milieukundig bodem-
onderzoek Tankstation Korte .Jacht 1 te Dedemsvaart Tek. 104491
- 1
Overzichtstekening
juli 1993 Schaal
CBB Deventer - Breda B.V.
1: 50000
.'—h
^M^f^f-IB
WOOI^WU1S
KIOSK
i
! ^v'
«..
Ui:
^—
LEGENDA:
AUTOBEDRIJF H.A. __________
c
Verkennend milieukundig bodemonderzoek Tankstation Korte Jacht l te Dedemsvaart
O
lokatie boring lokatie peilbuis
Tek. 104491
- 2
Overzichtstekening
juli 1993 Schaal
CBB Deventer - Breda B.V.
1: 2500
WERKPLAATS
O
^m ^P_
^u^a o. 11 '
e
e
15
n^- ^p>
ï-;^l^j :
SHOW^ROOM
1
^^
! : i ^>^^
^i^i ; i^i»
'
i
^J 3-* ' H»
*
^+ —i ^-
Ó»´¼·²¹ Ì·¶¼»´·¶µ «·¬°´¿¿¬»² ÞËÍ ¿²»®·²¹ ß¼³·²·¬®¿¬·»ª» ¹»¹»ª»² ø·²ª«´´»² ¼±±® ±ª»®¸»·¼÷ ¼¿¹
³¿¿²¼
¶¿¿®
Ü¿¬«³ ª¿² ±²¬ª¿²¹¬ ²«³³»®
Þ»¸¿²¼»´²«³³»®
¤
ܱ·»®
¤
Í¿²»®·²¹´±½¿¬·» É¿²²»»® ©±®¼¬ ¹»¬¿®¬ ³»¬ ¼» ©»®µ¦¿¿³¸»¼»²á
²
Ê·¶º ©»µ»² ²¿ ·²¼·»²»² ³»´¼·²¹
Ê·¶º ©»®µ¼¿¹»² ²¿ ·²¼·»²»² ³»´¼·²¹
â
¤ Õ±®¬»¶¿½¸¬ Ó»¼»³¾´·µ
Ô±½¿¬·»²¿¿³
ͬ®¿¿¬
Ø«·²«³³»®
¤ Õ±®¬»¶¿½¸¬
ß¼®»
¤ï
б¬½±¼»
¤¿
д¿¿¬ È
¤ Ü»¼»³ª¿¿®¬
Õ¿¼¿¬®¿´» ¹»³»»²¬»
Í»½¬·»
Ò«³³»®
¤ Ü»¼»³ª¿¿®¬
¤
Ô
¤ ìîéë
¤
ììîë ³ ¤
è ³ ¤ ³»ª®ò ßò Ôò Þ¿µµ»®
¤ Ü»¼»³ª¿¿®¬
¤
Ô
¤ ìððè
¤
îïïî ³ ¤
ïî ³ ¤ ܸ®ò Øòßò Þ«·¬»²¸«·
¤
¤
¤
¤
³ ¤
³ ¤
¤
¤
¤
¤
³ ¤
³ ¤
¤
¤
¤
¤
³ ¤
³ ¤
¤
¤
¤
¤
³ ¤
³ ¤
¤
¤
¤
¤
³ ¤
³ ¤
¤
¤
¤
¤
³ ¤
³ ¤
¤
¤
¤
¤
³ ¤
³ ¤
¤
¤
¤
¤
³ ¤
³ ¤
¤
¤
¤
¤
³ ¤
³ ¤
é
Õ¿¼¿¬®¿´» ¹»¹»ª»²
̱»ª±»¹·²¹
é
ð
ï
ß
»·¹»²¿¿® ñ »®º°¿½¸¬»®
â λ½»²¬» µ¿¼¿¬®¿´» ¹»¹»ª»² øµ¿¼¿¬®¿´» µ¿¿®¬ ³»¬ »·¹»²¼±³ª»®¸±«¼·²¹»² ²·»¬
¤
Í¿²»»®¼»® øÞ»¼®·¶º÷Ò¿¿³
ݱ²¬¿½¬¹»¹»ª»² ¿²»»®¼»®
¤ Í·»® Ô»·¼·²¹ »² Ó±²¬¿¹» ݱ²¬¿½¬°»®±±²
â
¤ ܸ®ò Ìò Û²¹»´ Í¿²»»®¼»® ·
× »® °®¿µ» ª¿² »»² ´¿²¼¾±¼»³á
Û·¹»²¿¿® ª¿² 77² ±º ³»»®¼»®» ª¿² ¼» °»®½»´»² ²
ß²¼»®ô ²¿³»´·¶µ
²
¶¿
²»»
²
¶¿
²»»
²
¶¿
²»»
²
¶¿
²»»
Û®º°¿½¸¬»® ª¿² 77² ±º ³»»®¼»®» ª¿² ¼» °»®½»´»²
ر±º¼¿¿²²»³»®
ª»®±²¬®»·²·¹·²¹·¬«¿¬·»á
¼» ½¿¬»¹±®·» Ì·¶¼»´·¶µ «·¬°´¿¿¬»²á
Í·¬«»®·²¹ »² ¹»¾®«·µ ¿²»®·²¹´±½¿¬·» Ü» ¿²»®·²¹´±½¿¬·» · ¹»´»¹»² ·² »»² ¾»½¸»®³·²¹¹»¾·»¼á Ʊ ¶¿ô ©»´µ ±±®¬ ¾»½¸»®³·²¹ó ¹»¾·»¼
¶¿
²
²»»
¤ Ù»¾®«·µ
Ø«·¼·¹
̱»µ±³¬·¹
²
²
øÉ±²»² ³»¬÷ ³±»¬«·² ±º ª±´µ¬«·² ɱ²»² ³»¬ ø·»®÷¬«·² д¿¿¬»² ©¿¿® µ·²¼»®»² °»´»² Ò¿¬««® Ô¿²¼¾±«© Ù®±»² ³»¬ ²¿¬««®©¿¿®¼»² Ѫ»®·¹ ø±°»²¾¿¿®÷ ¹®±»² Þ»¾±«©·²¹ ø·²½´ò ©±²»² ¦±²¼»® ¬«·²÷ ײº®¿¬®«½¬««® Þ»¼®·¶º¬»®®»·²ô ·²¼«¬®·» Ѫ»®·¹ ²¿³»´·¶µô
Ó»´¼·²¹ Ì·¶¼»´·¶µ «·¬°´¿¿¬»² ÞËÍ ¿²»®·²¹
ײº®¿¬®«½¬««® »² Ó·´·»«
Ë·¬¹»ª±»®¼ ¾±¼»³±²¼»®¦±»µ × »® »»² ª±±®±²¼»®¦±»µ
²
¶¿
²»»
× »® »»² ª»®µ»²²»²¼ ±²¼»®¦±»µ
²
¶¿
²»»
× »® ¿¾»¬ ±²¼»®¦±»µ «·¬¹»ª±»®¼
²
¶¿
²»»
× »® ¿²¼»®±±®¬·¹ ±²¼»®¦±»µ «·¬¹»ª±»®¼ ø¾·¶ª±±®¾»»´¼ ²¿¼»® ±²¼»®¦±»µ÷á
¶¿
²
²»»
Ê»®±²¬®»·²·¹·²¹·¬«¿¬·»
¼» ¿²»®·²¹ô ¼·» ·² ¼» ¹®±²¼ ª±±®µ±³»² ·² »»² ¹»¸¿´¬» ¹®±¬»® ¼¿² ¼» ·²¬»®ª»²¬·»©¿¿®¼» ¦·¶² ø·² ³¹ñµ¹ò¼÷ò
â ײ¼·»² ¿¾»¬ ª±±®µ±³¬ ¾±ª»² ¼»
ͬ±º
Ó¿¨ò ݱ²½»²¬®¿¬·» ³¹ñµ¹
¤ Ô±±¼
¤ íéð
¤
¤
¤
¤
¤
¤
·²¬»®ª»²¬·»©¿¿®¼»ô ª»®³»´¼ ¼¿² ¸»¬ ¹»©±¹»² ¹»¸¿´¬»ò ɱ®¼¬ ¬±¬ ±²¼»® ¸»¬ ¹®±²¼©¿¬»®²·ª»¿« ±²¬¹®¿ª»²á
¶¿
× ¼» µ©¿´·¬»·¬ ª¿² ¸»¬ ¹®±²¼©¿¬»® ±²¼»®¦±½¸¬á
¶¿
²
²»» ²»»
ͬ±º
Ó¿¨ò ݱ²½»²¬®¿¬·» «¹ñ×
¤
¤
¤
¤
¤
¤
¤
¤
¦·¶² ø·² «¹ñ´÷æ
ß¿²´»·¼·²¹ ¿²»®·²¹ É¿¬ · ¼» ¿¿²´»·¼·²¹ ª±±® ¼» ©»®µ¦¿¿³¸»¼»²á
²
ß¿²´»¹ ñ ±²¼»®¸±«¼ ñ ª»®©·¶¼»®»² µ¿¾»´ ñ ´»·¼·²¹»²
ß¿²´»¹ ñ ±²¼»®¸±«¼ ñ ª»®©·¶¼»®»² ®·±´»®·²¹»²
ß¿²´»¹ ñ ±²¼»®¸±«¼ ñ ª»®©·¶¼»®»² ¼«·µ»®
ß¿²´»¹ ñ ±²¼»®¸±«¼ ñ ª»®©·¶¼»®»² º«²¼»®·²¹»²
ß¿²´»¹ ñ ±²¼»®¸±«¼ ñ ª»®©·¶¼»®»² µ»´¼»® ß®½¸»±´±¹·½¸» ±°¹®¿ª·²¹ ñ ±²¼»®¦±»µ ß²¼»® ·²º®¿¬®«½¬«®»»´ ©»®µô ²¿³»´·¶µ
4 van 8
8
Saneringsaanpak
8.1 Maximale ontgravingsdiepte t.o.v. huidig maaiveld
|
8.2 Betre het een reeds gesaneerde locatie voorzien van een isolatielaag (lee aag of aaneengesloten afdeklaag)?
■ ja
meter ■ nee
8.3 Zo ja, wat is de code (GLOBIS/squit) van de saneringslocatie? 8.4 De hoeveelheid verontreinigde grond die wordt ontgraven is
|
8.5 Vindt er opslag van verontreinigde grond in een tijdelijk depot plaats?
■ ja
■ nee
8.6 Wordt alle grond weer teruggeplaatst ■ ja in ontgravingspro el?
■ nee
9 9a
m3
Saneringsuitvoering
Termijn uitvoering en kosten Dag
maand
jaar
9a.1 Wat is de geplande startdatum?
> Aanvullend op deze melding dient tevens uiterlijk vijf werkdagen vantevoren een melding start sanering te worden gedaan bij het bevoegd gezag > Starten met de werkzaamheden mag pas vijf weken na indienen van de melding. Alleen indien wordt voldaan aan alle hieronder genoemde voorwaarden, mag reeds na vijf werkdagen worden begonnen met de werkzaamheden: - De bodem is verontreinigd tot de ontgravingsdiepte. - Er is geen isolatielaag aanwezig die moet worden hersteld. - De verontreinigde grond die wordt ontgraven wordt na a oop volledig teruggebracht in de ontgraving, met uitzondering van eventueel niet terug te plaatsen overtollige grond indien deze hoeveelheid niet meer bedraagt dan 25 m3.
9a.2 Wordt de sanering onder milieukundige begeleiding uitgevoerd?
■ ja
■ nee
> Milieukundige begeleiding is verplicht indien aan één of meerdere van de volgende voorwaarden wordt voldaan:
- een deel van de verontreinigde grond moet worden afgevoerd, met uitzondering van eventueel niet terug te plaatsen overtollige grond indien deze hoeveelheid niet meer bedraagt dan 25 m3; - op de saneringslocatie reeds een isolatielaag in de vorm van een lee aag of andere duurzame afdeklaag aanwezig is en de ontgraving dieper reikt dan deze isolatielaag; - de ontgraving dieper reikt dan de verontreinigde bodemlaag en daardoor selectief moet worden ontgraven.
9a.3 Geplande einddatum alle saneringswerkzaamheden? 9a.4 De kosten (incl BTW) van de werkzaamheden bedragen 9b
Dag
maand
jaar
€
Grondverzet en afvoer Kwaliteitklasse
9b.1 De hoeveelheden grond die worden verzet bedragen per soort (in m3):
9b.2 De bestemming van de afgevoerde grond is (indien van toepassing):
Afvoeren
Terugplaatsen
Aanvoeren
> i-waarde
|
m3 |
m3 |
Industrie
|
m3 |
m3 |
m3
Wonen
|
m3 |
m3 |
m3
< AW2000
|
m3 |
m3 |
m3
< Lokale Maximale Waarden
|
m3 |
m3 |
m3
Bestemming1
Naam ontvanger (indien bekend) of type bestemming
Hoeveelheid m3
|
|
|
m3 |
ton
|
|
|
m3 |
ton
|
|
|
m3 |
ton
1 Reiniger, stortplaats, toepassing elders (onder Bbk)
Hoeveelheid ton d.s.
Ó»´¼·²¹ Ì·¶¼»´·¶µ «·¬°´¿¿¬»² ÞËÍ ¿²»®·²¹
ײº®¿¬®«½¬««® »² Ó·´·»«
Ê»®¹«²²·²¹»² »² ³»´¼·²¹»² Ü» ª±´¹»²¼» ª»®¹«²²·²¹»² ¦·¶² ®»´»ª¿²¬ »² ¦·¶²ñ©±®¼»² ¿¿²¹»ª®¿¿¹¼
Ü» ª±´¹»²¼» ³»´¼·²¹»² ¦·¶² ®»´»ª¿²¬ »² ¦·¶²ñ©±®¼»² ¹»¼¿¿²
É¿¬»®ª»®¹«²²·²¹
¶¿
²
²ª¬
ß¿²´»¹ª»®¹«²²·²¹
¶¿
²
²ª¬
ѳ¹»ª·²¹ª»®¹«²²·²¹
¶¿
²
²ª¬
ß²¼»®»ô ²¿³»´·¶µ
¶¿
²
²ª¬
Ô±¦·²¹ ±° ¹»³»»²¬»´·¶µ ®·±±´
¶¿
²
²ª¬
Ô±¦·²¹ ±° ±°°»®ª´¿µ¬»©¿¬»®
¶¿
²
²ª¬
λ·²·¹¾¿¿®¸»·¼ ¹®±²¼
¶¿
²
²ª¬
ÕÔ×Ý øÉ×ÑÒ÷
²
É»¬ ³·´·»«¾»¸»»® ø¬·¶¼»´·¶µ ¼»°±¬÷
ß²¼»®»ô ²¿³»´·¶µ
¶¿
²ª¬
¶¿
²
²ª¬
¶¿
²
²ª¬
¶¿
²
²ª¬
¶¿
²
²ª¬
Þ·¶´¿¹»² Þ·¶ ¼» ³»´¼·²¹ ¼·»²»² ¼» ª±´¹»²¼» λ½»²¬» µ¿¼¿¬®¿´» µ¿¿®¬ ³»¬ ¼¿¿®±° ¿¿²¹»¹»ª»² ¼» ½±²¬±«® ª¿² ¼» ¹»¿²»»®¼» ´±½¿¬·» ¾·¶´¿¹»² ø·² »²µ»´ª±«¼÷ ¬» ©±®¼»² ¹»ª±»¹¼ô ·²¼·»² ª¿² ¬±»°¿·²¹æ Í·¬«¿¬·»¬»µ»²·²¹ø»²÷ ª¿² ¼» ¿²»®·²¹´±½¿¬·» ³»¬ ¼¿¿®±° ¿¿²¹»¹»ª»² øª±±® ¦±ª»® ®»´»ª¿²¬÷æ ײ¼·»² ¾·¶¹»ª±»¹¼ô ª«´ ¿¿²µ®«·¸±µ¶» ·²
²
¶¿
²
¶¿
²
¶¿
²
¶¿
²ª¬
²
¶¿
²ª¬
ó
²
¶¿
²ª¬
ó
²
¶¿
²ª¬
ó
²
¶¿
²ª¬
ó
Þ»¹®»²¦·²¹ ª¿² ¿²»®·²¹´±½¿¬·»
ó ó
Ô·¹¹·²¹ ª¿² ¼»°±¬ ª±±® ¬·¶¼»´·¶µ» ±°´¿¹ ª»®±²¬®»·²·¹¼» ¹®±²¼
Ѳ¼»®¦±»µ®¿°°±®¬»² ±ª»® ¼» ¿²»®·²¹´±½¿¬·»æ
ó
ß²¼»®» ±²¼»®¦±»µ»² ø¾·¶ªò ²¿¼»® ±²¼»®¦±»µ÷ô ²¿³»´·¶µ
¶¿
²
²ª¬
Ѫ»®·¹» ª¿² ¾»´¿²¹ ¦·¶²¼» ·²º±®³¿¬·» ó
Ѳ¼»®¬»µ»²¼ ³¿½¸¬·¹·²¹¼±½«³»²¬
¶¿
²
²ª¬
ó
Ѫ»®·¹»ô ²¿³»´·¶µ