2. Notitie 'Maatwerkregels en -voorschriften voor het Omgevingsplan'
Tekst van het document
Notitie Contactpersoon
Sanne Kruize-Smouter
Datum
12 januari 2024
Kenmerk
N002-1291303ESM-V02-sss-NL
Voorbeeldregels omgevingsplan voor hergebruik van met PFAS en/of drins verontreinigde grond in de gemeente Hardenberg Deze conceptregels zijn opgesteld aan de hand van de voorbeeldregels van Bodembeheer van de Toekomst. In de nummering en opbouw is aangesloten bij de structuur welke hiervoor gehanteerd is. Dit betekent dat in hoofdstuk 4 de geometrische begrenzing van gebieden aangewezen wordt, oftewel voor welk gebied de regels gelden. In hoofdstuk 5 staan de regels voor de milieubelastende activiteiten. Deze regels werken in aanvulling of afwijking op de algemene regels van de Rijksregels. In het omgevingsplan worden de Rijksregels niet herhaald.
In dit document staan meerdere tekstvakken. Deze tekstvakken zijn bedoeld om de gemaakte keuzes/openstaande punten bij de regels nader toe te lichten. Voordat de regels in het omgevingsplan gezet worden, dienen de tekstvakken verwijderd te worden. Deze regels betreffen slechts voorbeeldregels welke als basis gebruikt kunnen worden in het omgevingsplan van de gemeente. Tevens dienen deze regels nog gecheckt te worden door een (omgevingsplan)jurist. Hoofdstuk 4 Aanwijzingen in de fysieke leefomgeving Afdeling 4.7 Infrastructuur en openbare ruimte Artikel 4.6 (aanwijzing en geometrische begrenzing bodembeheergebieden) 1. Er zijn ‘herkomstgebieden grond’ en ‘toepassingsgebieden grond’ voor het in dit omgevingsplan of met een maatwerkvoorschrift afwijken of aanvullen van de kwaliteitseisen voor het toepassen van grond of baggerspecie op of in de landbodem van de volgende artikelen van het Besluit activiteiten leefomgeving: a. artikel 4.1273: en b. artikel 4.1275; 2. De in het eerste lid genoemde herkomstgebieden grond en toepassingsgebieden grond gelden ook voor gereinigde grond welke van oorsprong afkomstig is uit deze gebieden.
Kenmerk
N002-1291303ESM-V02-sss-NL
Artikel 4.6, lid 1 is overgenomen naar het voorbeeld van Bodembeheer van de Toekomst. Lid 2 is toegevoegd om te duiden wat gebiedseigen gereinigde grond is. Om dit artikel in werking te laten gaan, is een geometrische begrenzing benodigd van de gebieden (op kaart). Hiernaar dient verwezen te worden in bijlage II. Belangrijk is om benoemde zones of gebruiksfuncties terug te laten komen op de kaart of ten minste duidelijk te definiëren. Een initiatiefnemer moet weten welke regels waar gelden en dus wat de begrenzing is.
Artikel 4.7 (aanwijzing en geometrische begrenzing bodemfunctieklassen) Er zijn locaties die zijn ingedeeld in de bodemfunctieklasse: a. landbouw/natuur b. wonen c. industrie Artikel 4.7 maakt de bodemfunctiekaart onderdeel van het omgevingsplan. Om dit artikel in werking te laten gaan, is een geometrische begrenzing benodigd (op kaart). Hiernaar dient verwezen te worden in bijlage II. Als specifieke gebruiksfuncties niet geografisch begrensd zijn, dan dient de definitie van deze functies (en daarmee de begrenzing) opgenomen te zijn in dit omgevingsplan of een apart beleidsdocument, waarnaar wordt verwezen vanuit dit artikel. Hoofdstuk 5 Activiteiten Afdeling 5.4 Milieubelastende activiteiten § 5.4.7 Toepassen van grond of baggerspecie Artikel 5.4.46a (milieu: afwijken van kwaliteitseisen) Met het oog op het beschermen van het milieu is het toepassen van grond of baggerspecie van een kwaliteit die voor som drins en overige organochloorbestrijdingsmiddelen niet voldoet aan de kwaliteitseisen, bedoeld in artikel 4.1272, eerste lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving, toegestaan als de toe te passen grond of baggerspecie: a. voor de andere stoffen voldoet aan die kwaliteitseisen b.
afkomstig is uit het ‘herkomstgebied grond en baggerspecie De Rollepaal’ en binnen het ‘toepassingsgebied grond en baggerspecie De Rollepaal’ bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, aanhef en onder a, wordt toegepast; en c. voor drins en overige organochloorbestrijdingsmiddelen voldoet aan de kwaliteitseisen in tabel 5.4.46a die gelden voor de zone waar de grond of baggerspecie wordt toegepast
2/5
Kenmerk
N002-1291303ESM-V02-sss-NL
tabel 5.4.46a afwijkende kwaliteitseisen Zones
Kwaliteitseisen (voor standaardbodem, uitgedrukt in µg/kg droge stof)
De Rollepaal (Dedemsvaart)
Som drins 500 µg/kg d.s. Chloordaan (som) 100 µg/kg d.s. DDT (som) 1.000 µg/kg d.s. DDE (som) 1.300 µg/kg d.s. DDD (som) 34.000 µg/kg d.s. α-Endosulfan 100 µg/kg d.s. α-HCH 500 µg/kg d.s. β-HCH 500 µg/kg d.s. γ-HCH (Lindaan) 500 µg/kg d.s. Heptachloor 100 µg/kg d.s. Heptachloorepoxide (som) 100 µg/kg d.s. Som OCB’s 500 µg/kg d.s.
Deze normen gelden voor gebiedseigen grond of bagger, daar het een verruiming van de toepassingseis is. De benoemde zones in tabel 5.4.46a dienen geometrisch begrensd zijn om dit artikel in werking te laten treden. Anders is het voor initiatiefnemers niet duidelijk wanneer deze aangepaste normen gelden.
Artikel 5.4.46b (milieu: afwijken van kwaliteitseisen) Met het oog op het beschermen van het milieu is het, in aanvulling op artikel 4.1272 van het Besluit activiteiten leefomgeving en het Handelingskader PFAS (december 2021), toegestaan om grond of baggerspecie waarin PFOA en PFOS aanwezig zijn toe te passen als de toe te passen grond of baggerspecie, a. voor de andere stoffen voldoet aan de kwaliteitseisen, bedoeld in artikel 4.1272 van het Besluit activiteiten leefomgeving; of de kwaliteitseisen voor de andere stoffen zoals geformuleerd in de Nota Bodembeheer (Regio IJsselland), welke onderdeel zijn van het tijdelijk deel van dit omgevingsplan b. afkomstig is uit de ‘herkomstgebieden grond en baggerspecie ‘De Rollepaal’, ‘De Marke III’, De Marke IV’, ‘’t Refter’ en ’Kuilen IV’ en binnen het ‘toepassingsgebied grond en baggerspecie ‘herkomstgebieden grond en baggerspecie ‘De Rollepaal’, ‘De Marke III’, De Marke IV’, ‘’t Refter’ en ’Kuilen IV’ bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, aanhef en onder a, wordt toegepast; en c. wordt toegepast op een locatie als bedoeld in artikel 4.6, tweede lid, waar de bodem al voor het toepassen aantoonbaar en vergelijkbaar diffuus met de stof was verontreinigd; en d. voor PFOS en PFOA voldoet aan de kwaliteitseisen in tabel 5.4.46b die gelden voor de zone waar de grond of baggerspecie wordt toegepast
3/5
Kenmerk
N002-1291303ESM-V02-sss-NL
tabel 5.4.46b afwijkende kwaliteitseisen Zones
Kwaliteitseisen (voor standaardbodem, uitgedrukt in µg/kg droge stof)
De Rollepaal (Dedemsvaart)
PFOA 29 µg/kg d.s. PFOS 30 µg/kg d.s.
De Marke III (Mariënberg)
PFOA 29 µg/kg d.s. PFOS 30 µg/kg d.s.
De Marke IV (Mariënberg)
PFOA 29 µg/kg d.s. PFOS 30 µg/kg d.s.
’t Refter (Sibculo)
PFOA 29 µg/kg d.s. PFOS 30 µg/kg d.s.
Kuilen IV (Bruchterveld)
PFOA 29 µg/kg d.s. PFOS 30 µg/kg d.s.
Deze normen gelden voor gebiedseigen grond of bagger, daar het een verruiming van de toepassingseis is zoals geformuleerd in het Handelingskader PFAS. In deze regel is een verwijzing opgenomen naar het gebiedsspecifieke beleid welke in het tijdelijk deel van het omgevingsplan staat. Hiertoe dient een verwijzing naar de Nota opgenomen te worden waar dit beleid in geformuleerd staat. De benoemde zones dienen geometrisch begrensd te zijn om dit artikel in werking te laten treden. Anders is het voor initiatiefnemers niet duidelijk wanneer deze aangepaste terugsaneerwaarden gelden. De normen zijn een verstrenging van het gebiedsspecifieke beleid zoals in de Nota is vastgesteld. Doordat de normen alleen gelden voor de benoemde gebieden binnen de gemeente Hardenberg, kan er geen (met PFAS) verontreinigde grond van buiten deze gebieden worden aangevoerd. Er is daardoor op gebiedsniveau sprake van stand-still. De benoemde zones in tabel 5.4.46b dienen geometrisch begrensd zijn om dit artikel in werking te laten treden. Anders is het voor initiatiefnemers niet duidelijk wanneer deze aangepaste normen gelden.
Artikel 5.4.48 (milieu: afwijken van kwaliteitseisen bij grootschalige toepassing) Met het oog op het beschermen van het milieu is het grootschalig toepassen van grond of baggerspecie van een kwaliteit die voor som drins, PFOA en PFOS niet voldoet aan de kwaliteitseisen, bedoeld in artikel 4.1274, tweede lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving, toegestaan als de toe te passen grond of baggerspecie: a. voor de andere stoffen voldoet aan die kwaliteitseisen b. afkomstig is uit het ‘herkomstgebied grond en baggerspecie de gemeente Hardenberg’ en binnen het ‘toepassingsgebied grond en baggerspecie de gemeente Hardenberg’, bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, aanhef en onder b, wordt toegepast; en c. voldoet aan de kwaliteitseisen die zijn opgenomen in tabel 5.4.48
4/5
Kenmerk
N002-1291303ESM-V02-sss-NL
Tabel 5.4.48: afwijkende kwaliteitseisen bij grootschalige toepassingen Zones
Kwaliteitseisen (voor standaardbodem, uitgedrukt in µg/kg droge stof)
De gemeente Hardenberg
Som drins 500 µg/kg d.s. PFOA 29 µg/kg d.s. PFOS 30 µg/kg d.s.
Deze normen gelden voor gebiedseigen grond of bagger, daar het een verruiming van de toepassingseis is. De benoemde zones in tabel 5.4.48 dienen geometrisch begrensd zijn om dit artikel in werking te laten treden. Anders is het voor initiatiefnemers niet duidelijk wanneer deze aangepaste normen gelden. Doordat er geen risico’s voor de functie industrie zijn voor toepassing van grond die voldoet aan de norm uit tabel 5.4.48, is het toepassen van deze grond in de kern van een GBT een duurzame oplossing. Doordat deze verruiming alleen geldt voor grond afkomstig uit de gemeente Hardenberg, is er op gemeenteniveau sprake van stand-still. Het risico op uitspoeling van PFOA naar het grondwater kan niet geclassificeerd worden, maar is vermoedelijk laag doordat de grond niet sterk verontreinigd is en met name PFOS aanwezig is en deze stof minder uitloogt dan andere PFAS-stoffen. Uitspoeling is verder te beperken door een slecht doorlatende laag (zoals klei of leem) te gebruiken als afdeklaag.
5/5
Kenmerk
N002-1291303ESM-V02-sss-NL
Bijlage 1
Bijlagen bij het omgevingsplan
Bijlage I bij artikel 1.1, tweede lid, van dit omgevingsplan, begripsbepalingen Voor de toepassing van dit omgevingsplan wordt verstaan onder: baggerspecie: baggerspecie als bedoeld in artikel 1 van het Besluit bodemkwaliteit; grond: grond als bedoeld in artikel 1 van het Besluit bodemkwaliteit; partij: hoeveelheid materiaal die volgens de bij of krachtens het Besluit bodemkwaliteit gestelde regels als partij wordt aangemerkt; Bijlage II bij hoofdstuk 4 van dit omgevingsplan (verwijzing naar bestanden voor werkingsgebieden) Artikel
Noemer Indicatief/exact GIO-id
4.6, eerste lid, aanhef en onder a
Geometrische begrenzing ’herkomstgebieden grond en baggerspecie’ voor het toepassen op grond van artikel 4.1273 Bal. Exact pm Geometrische begrenzing ’toepassingsgebieden grond en baggerspecie’ voor het toepassen op grond van artikel 4.1273 Bal. Exact pm
4.6, eerste lid, aanhef en onder b
Geometrische begrenzing ’herkomstgebieden grond en baggerspecie’ voor het toepassen op grond van artikel 4.1275 Bal. Exact pm Geometrische begrenzing ’toepassingsgebieden grond en baggerspecie’ voor het toepassen op grond van artikel 4.1275 Bal. Exact pm
4.7, aanhef en onder a
Geometrische begrenzing locaties die zijn ingedeeld in de bodemfunctieklasse landbouw/natuur Exact pm
4.7, aanhef en onder b
Geometrische begrenzing locaties die zijn ingedeeld in de bodemfunctieklasse wonen Exact pm
Kenmerk
4.7, aanhef en onder c
N002-1291303ESM-V02-sss-NL Geometrische begrenzing locaties die zijn ingedeeld in de bodemfunctieklasse industrie Exact pm
Bijlage II bevat de bestandcodes die behoren bij de geometrische begrenzing van de in hoofdstuk 4 opgenomen locaties. Een locatie kan zowel een ‘punt op de kaart’ 18 betreffen als een gebied of zone of een deel van de gemeente. Elke locatie kent een unieke bestandcode, die gekoppeld is aan een kaartbeeld voor die specifieke locatie. De verwijzing naar deze begrenzing dient met een GIO-id in bovenstaande tabel opgenomen te worden.