2. Definitieve Reglement van Orde 2026
Tekst van het document
door hem voorbereide voorstel kan intrekken indien het college van oordeel is dat verdere behandeling van het voorstel niet wenselijk is. De raad moet hier toestemming voor geven.
Indien de raad van oordeel is dat een voorstel voor een verordening of een ander voorstel niet voldoende is voorbereid, kan de raad het voorstel voor een verordening of een ander voorstel op grond van het tweede lid nogmaals voor advies aan het college zenden. De raad kan het
college bijvoorbeeld verzoeken het voorstel voor een verordening of ander voorstel nader te onderbouwen. De raad bepaalt echter wanneer het voorstel voor een verordening of ander
voorstel, dat door het college verder voorbereid is, opnieuw behandeld wordt. De raad kan dit in dezelfde raadsvergadering regelen, maar de raad kan dit ook aan de agendacommissie overlaten (zie artikel 10, lid 1).
Artikel 38 Interpellatie
Dit artikel stelt de nadere regels als bedoeld in artikel 155, lid 2, van de Gemeentewet.
Het interpellatierecht ligt in het verlengde van het mondelinge vragenrecht. Het gaat om een
recht van een volksvertegenwoordiger om tijdens een vergadering over een niet-geagendeerd
onderwerp inlichtingen aan het college of de burgemeester te vragen. Daarvoor is verlof van de
raad voor nodig.
Interpellatie moet plaatsvinden voor behandeling van de hamerstukken.
Artikel 39 Schriftelijke vragen
Dit artikel vormt een nadere invulling van artikel 155, eerste lid, van de Gemeentewet, voor zover daarin wordt bepaald, dat een lid van de raad het college of de burgemeester schriftelijk vragen kan stellen.
Op grond van deze bepaling kan een raadslid schriftelijke vragen stellen aan het college of de burgemeester, al naar gelang wie verantwoordelijk is, over aangelegenheden die tot hun
bevoegdheid behoren. Het karakter van deze vragen is primair van informatieve strekking. Het verantwoordelijk collegelid dient de vragensteller gemotiveerd schriftelijk in kennis te stellen,
indien de beantwoording niet binnen de gestelde termijnen kan plaatsvinden. Hierbij wordt de
termijn aangegeven, waarbinnen beantwoording plaats zal vinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord.
Dit collegelid deelt ook de schriftelijke antwoorden aan de leden van de raad mee (via actieve informatieplicht).
In de hier aangegeven procedure wordt de vragensteller in de gelegenheid gesteld nadere
inlichtingen over het antwoord te vragen aan degene die het antwoord heeft gegeven. Indien
de vragensteller van mening is, dat de beantwoording van de vragen tot een besluit van de raad moet leiden, kan hij het recht van initiatief of het interpellatierecht benutten om het
onderwerp of het voorstel op de agenda van de raad te krijgen. Artikel 40 Actuele vragenronde
Deze bepaling vormt een nadere invulling van artikel 155, eerste lid, van de Gemeentewet voor
zover daarin wordt bepaald, dat een lid van de raad het college of de burgemeester mondeling
vragen kan stellen.
Bewust is gekozen voor een algemene regeling aan het begin van iedere reguliere vergadering
van de raad. In het oude (monistische) stelsel fungeerde de rondvraag in de raadsvergadering
als een mogelijkheid tot het stellen van vragen. In een dualistisch stelsel is het echter niet meer
vanzelfsprekend dat de ter zake kundige wethouder aanwezig is. Om die reden en omdat het de herkenbaarheid van de controlerende taak van de raad ten goede komt, is hiervoor een
aparte gelegenheid gecreëerd. De vragen dienen te gaan over acute actuele aangelegenheden,
die niet kunnen wachten tot de eerstkomende oordeelsvormende ronde, niet schriftelijk
kunnen worden behandeld en/of niet bij de rondvraag aan de orde kunnen worden gesteld. Tevens is afgesproken geen vragen te stellen door individuele fracties over zaken waarbij menselijk leed aan de orde is.
Artikel 41 Inlichtingen
Met dit artikel wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 169, lid 2, en artikel 180, lid 2, van de Gemeentewet, waarin wordt bepaald, dat het college en elk van zijn leden afzonderlijk, respectievelijk de burgemeester, de raad alle inlichtingen geven die de raad voor de
uitoefening van zijn taak nodig heeft.
Artikel 42 en 43 Procedure begroting en Procedure jaarrekening
Deze artikelen behoeven geen toelichting. De desbetreffende procedure kan jaarlijks of in zijn algemeenheid voor een langere periode worden bepaald. Hoofdstuk VI Besloten vergadering Artikel 44 Algemeen
Een besloten vergadering van de raad is een officiële vergadering, waarbij de vergaderregels
van het reglement van orde in acht genomen dienen te worden, voorzover de bepalingen niet strijdig zijn met het besloten karakter van de vergadering. Zo zullen er bijvoorbeeld geen
beeld- en geluidsregistraties voor openbaar gebruik gemaakt kunnen worden. In artikel 23 van de Gemeentewet zijn procedurevoorschriften opgenomen voor ‘het sluiten van de deuren’, de wijze waarop een vergadering een besloten vergadering wordt. Artikel 45 Besluitenlijst
In dit artikel wordt uitwerking gegeven aan artikel 23, vierde lid, van de Gemeentewet. Artikel 46 Geheimhouding
Hetgeen besproken wordt in een besloten vergadering, valt niet van rechtswege onder de geheimhoudingsplicht. Daarvoor is toepassing van de procedure volgens
hoofdstuk Va van de Gemeentewet nodig. Artikel 47 Opheffing geheimhouding
In de aangehaalde artikelen wordt aan de raad de mogelijkheid geboden de geheimhouding van stukken op te heffen; stukken die niet per se aan hem behoeven te zijn overgelegd.
Het kan dus (zie bij voorbeeld artikel 88 derde lid, van de Gemeentewet) gaan om de situatie
dat de burgemeester geheimhouding heeft opgelegd ten aanzien van stukken die hij aan de
raadscommissie heeft overgelegd. De raadscommissie kan dan aan de raad verzoeken de geheimhouding op te heffen (indien de burgemeester daar niet toe bereid is). In het
onderhavige artikel is nu ter zake een overlegverplichting opgenomen waardoor recht wordt gedaan aan het principe van hoor en wederhoor.
Hoofdstuk VII Toehoorders en pers Artikel 48 Toehoorders en pers
De in artikel 25 aangegeven bepalingen worden wat betreft het handhaven van de orde aangevuld door artikel 26 van de Gemeentewet. De voorzitter heeft de bevoegdheid om toehoorders die de orde verstoren te doen vertrekken en bij volharding in hun gedrag de toegang te ontzeggen.
Artikel 49 Geluid- en beeldregistraties
Aangezien de vergaderingen van de raad in principe openbaar zijn, kunnen radio- en tv-stations
geluid- en beeldregistraties maken. Dit is uiteraard niet het geval als het een besloten vergadering betreft. Wel dient rekening gehouden te worden met de privacy van insprekers of publiek.
Raadsleden daarentegen hebben een publieke functie. Het is mogelijk om een aanwijzing te geven dat publiek slechts vanaf een bepaalde afstand in beeld mag worden gebracht. Ook kan een
aanwijzing zijn dat burgers die inspreken niet gefilmd mogen worden, uiteraard in overleg met de insprekers. Mogelijk hebben zij geen probleem met beeldregistraties. Hoofdstuk VIII Slotbepalingen Artikel 50 Uitleg reglement
Dit artikel behoeft geen toelichting. Artikel 51 Aanhalingstitel en in werking treden
Dit artikel behoeft geen toelichting.