Zomernota 2026 Definitief.pdf
Tekst van het document
Zomernota 2026
Inhoudsopgave
Aanbiedingsbrief .......................................................................................................................................................
3
1 Samenvatting financieel beeld 2026 - 2030 ..........................................................................................................
5
2 Financiële mutaties ................................................................................................................................................ 7 2.1 Programma Bestuur en burgerzaken ................................................................................................................ 9 2.2 Programma Veiligheid ....................................................................................................................................... 11 2.3 Programma Openbare ruimte ............................................................................................................................ 13 2.4 Programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen ................................................................................. 15 2.5 Programma Zorg, jeugd en participatie ............................................................................................................. 17 2.6 Programma Onderwijs, sport en cultuur ............................................................................................................ 23 2.7 Algemene dekkingsmiddelen ............................................................................................................................
25 2.8 Overhead ........................................................................................................................................................... 29 2.9 Invulling taakstellingen ...................................................................................................................................... 31 2.10 Investeringen ................................................................................................................................................... 37 2.11 Post onvoorziene uitgaven .............................................................................................................................. 47 3 Kadernota 2027 - 2030 ............................................................................................................................................ 49 3.1 Uitgangspunten Programmabegroting 2027 ..................................................................................................... 51 3.2 Lokale heffingen ................................................................................................................................................ 55 3.3 Weerstandsvermogen en risicobeheersing .......................................................................................................
61 3.4 Meerjaren Perspectief Grondexploitaties .......................................................................................................... 67
1
2
Aanbiedingsbrief
Hierbij bieden wij u de Zomernota 2026 aan. Deze Zomernota is een samenvoeging van de Voorjaarsnota 2026 en de Kadernota 2027. De Voorjaarsnota 2026 is een voortgangsrapportage over de lopende begroting 2026. De Kadernota 2027 is een vooruitblik naar de meerjarenraming 2027 – 2030, waarbij ook de uitgangspunten voor het opstellen van de Programmabegroting 2027 worden voorgesteld. In het hoofdstuk Samenvatting financieel beeld 2026-2030 is een overzicht opgenomen van de saldi van de Zomernota 2026. Vervolgens worden in het hoofdstuk Financiële mutaties per programma alle mutaties in beeld gebracht en toegelicht. Ook is een overzicht opgenomen van de post onvoorziene uitgaven 2026. In de Programmabegroting 2026 zijn diverse maatregelen opgenomen om te komen tot een sluitende begroting. Onderdeel van deze maatregelen is een taakstelling op de organisatiekosten, een taakstelling op de programmakosten en een taakstelling optimalisatie subsidiemogelijkheden. In paragraaf 2.9 is een voorstel opgenomen voor de concrete invulling van de taakstellingen. Bij het opstellen van de Zomernota zijn alle lopende investeringskredieten en het Investeringsprogramma 2026-2029 geactualiseerd waarbij gekeken is naar de verwachte kosten en de haalbare planning. In paragaaf 2.10 zijn alle bijstellingen van de investeringen weergegeven en toegelicht.
In het hoofdstuk Kadernota 2027-2030 wordt ten eerste ingegaan op de voorgestelde uitgangspunten voor de opstelling van de Programmabegroting 2027. Vervolgens wordt nader ingegaan op de uitgangspunten voor de lokale heffingen en het weerstandsvermogen. Ten slotte is een samenvatting opgenomen van het Meerjaren Perspectief Grondexploitaties.
3
4
Samenvatting financieel beeld 2026 - 2030
In onderstaand overzicht is een samenvatting opgenomen van de financiële bijstellingen voor de jaren 2026 - 2030 (x € 1.000). De mutaties ten opzichte van de huidige meerjarenraming 2026 - 2029 zijn onder te verdelen in de volgende onderdelen: 1. Stand meerjarenbegroting 2026 - 2030 2. Vastgestelde begrotingswijzigingen 3. Mutaties Zomernota 2026 4. Mutaties invulling taakstellingen 5. Mutaties investeringen In de volgende hoofdstukken worden alle mutaties nader in beeld gebracht en toegelicht. Samenvatting financieel beeld
2026
2027
2028
2029
2030
Saldo meerjarenraming Programmabegroting 2026
296
593
-229
1.279
1.279
Vastgestelde begrotingswijzigingen
-164
-478
-473
-427
-859
Stand meerjarenbegroting 2026 - 2030
132
115
-703
853
421
Mutaties Zomernota 2026 - 2030
-249
-430
76
-17
1.806
Mutaties invulling taakstellingen
-115
0
0
0
0
Mutaties investeringen
312
-41
-61
7
-10
Saldo Zomernota 2026 - 2030
80
-355
-688
843
2.216
5
Vastgestelde begrotingswijzigingen Na vaststelling van de Programmabegroting 2026 heeft de gemeenteraad diverse besluiten genomen die een structureel effect hebben op de meerjarenraming. Dit betreft de volgende besluiten: Vastgestelde begrotingswijzigingen
2026
2027
2028
2029
2030
13 november 2025: Programmabegroting 2026, amendement mantelzorgcompliment
-52
0
-52
0
0
11 december 2025: Realisatie biljartvoorziening dorpshuis Hoeven
0
-10
-10
-10
-10
21 mei 2026: Beleidsplan wegen 2027-2031
0
-178
-156
-134
-134
21 mei 2026: Herinrichting kop van de haven Oudenbosch
0
-15
-14
-14
-14
21 mei 2026: Aanvullend krediet Molenstraat
0
-54
-13
-13
-13
-107
-193
-168
-173
-173
18 juni 2026: Herinrichting kerkplein Hoeven
0
-16
-16
-16
-16
18 juni 2026: Beleidsplan openbare verlichting 2027-2031
0
0
-17
-20
-20
9 juli 2026: Integraal Huisvestingsplan onderwijs
-5
-12
-28
-47
-479
-164
-478
-473
-427
-859
21 mei 2026: Leerlingenvervoer
Totaal
Mutaties Zomernota 2026-2030 Op basis van de huidige meerjarenraming zijn de mutaties op basis van bestaand beleid doorgerekend. In het volgende hoofdstuk zijn per programma alle mutaties weergegeven en toegelicht. Mutaties invulling taakstellingen In de Programmabegroting 2026 zijn diverse maatregelen opgenomen om te komen tot een sluitende begroting. Onderdeel van deze maatregelen is een taakstelling op de organisatiekosten, een taakstelling op de programmakosten en een taakstelling optimalisatie subsidiemogelijkheden. In paragraaf 2.9 is een voorstel opgenomen voor de concrete invulling van de taakstellingen. Mutaties investeringen Bij het opstellen van de Zomernota zijn alle lopende investeringskredieten en het Investeringsprogramma 2026-2029 geactualiseerd waarbij gekeken is naar de verwachte kosten en de haalbare planning. In paragaaf 2.10 zijn alle bijstellingen van de investeringen weergegeven en toegelicht. Saldo Zomernota Het saldo van de Zomernota bedraagt voor het jaar 2026 € 80.103 positief. De meerjarenraming 2027-2030 sluit met een negatief saldo voor 2027 en 2028 en een positief saldo voor 2029 en 2030. Hierbij moet wel worden aangetekend dat het jaar 2030 nog geen onderdeel uitmaakte van de huidige meerjarenraming. Bij de opstelling van de Begroting 2027 wordt de jaarschijf 2030 opnieuw opgebouwd, hetgeen nog tot aanpassingen kan leiden.
Het jaar 2030 kan dan ook als indicatief worden beschouwd. De saldi van de Zomernota zijn als volgt: 2026: € 80.103 positief 2027: € 355.084 negatief 2028: € 688.061 negatief 2029: € 842.643 positief 2030: € 2.216.327 positief
6
Financiële mutaties
7
8
Programma Bestuur en burgerzaken
2.1.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Bestuur en burgerzaken opgenomen (x € 1.000). Bestuur en burgerzaken
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
Formatie raadsadviseur
-130
-130
-130
-130
-130
N
Formatie college
14
25
26
27
27
V
Bijdrage Regio West-Brabant (excl. deeltaxi)
38
0
-1
0
-13
V/N
Producten burgerzaken
16
8
6
1
-6
V/N
Totaal Mutaties Bestuur en burgerzaken
-63
-98
-98
-102
-122
2.1.2 Toelichting Formatie raadsadviseur Conform het raadsbesluit van 25 september 2025 is de formatie van de griffie per 1 januari 2026 uitgebreid met een raadsadviseur. Dit betekent een structurele stijging van de salarislasten van de griffie met ca. € 130.000 per jaar. Formatie college Op 4 juni 2026 is het nieuwe college geïnstalleerd. De formatie van het nieuwe college bedraagt 3,8 fte, een afname van de formatie met 0,2 fte. Dit betekent een structurele daling van de salarislasten van het college met ca. € 25.000 per jaar. Bijdrage Regio West-Brabant (excl. deeltaxi) Op basis van de conceptbegroting 2027 van de Regio West-Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 18 juni 2026, wordt de bijdrage meerjarig bijgesteld. Producten Burgerzaken Op basis van de meest actuele gegevens van de diverse producten van Burgerzaken zijn de ramingen bijgesteld.
9
10
Programma Veiligheid
2.2.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Veiligheid opgenomen (x € 1.000). Veiligheid
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
Bijdrage Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant
0
3
-8
3
-78
V/N
Onderhoud brandkranen
30
31
32
33
33
V
Cameratoezicht milieuparkjes
-10
PM
PM
PM
PM
N
Procedures Bibob
-15
-5
-5
-5
-5
N
Uitrusting BOA's
-6
-6
-6
-7
-7
N
Totaal Mutaties Veiligheid
-1
23
13
24
-57
2.2.2 Toelichting Bijdrage Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant Op basis van de conceptbegroting 2027 van de Veiligheidregio Midden en West-Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 18 juni 2026, wordt de bijdrage meerjarig bijgesteld. Onderhoud brandkranen Het totaal geraamde budget van € 55.000 per jaar is gebaseerd op een volledig onderhoud aan alle brandkranen op jaarbasis. Dit bedrag was door Brabant Water gebaseerd op normbedragen per brandkraan. Inmiddels is duidelijk dat de brandkranen binnen de gemeente van een dermate goed kwaliteitsniveau zijn dat de jaarlijkse onderhoudskosten een stuk lager uitkomen. Cameratoezicht milieuparkjes In 2024 is opdracht gegeven aan een extern bureau opdracht om uit te zoeken/verkennen hoe om te gaan met het mogelijk inzetten van cameratoezicht in de gemeente Halderberge vanuit een juridisch maar ook maatschappelijk perspectief. Het onderzoek en de inventarisatie is afgerond. We zijn op dit moment aan het onderzoeken wat dit betekent voor de huidige openbare orde camera’s. Inmiddels zijn we gestart met het gemeenschappelijke aanbestedingsproces omtrent cameratoezicht, andere apparatuur en een verbinding met de politie uitkijkpost in Roosendaal. Dit proces doen we met de vier gemeenten uit het basisteam. Voor nu hebben we een pilot lopen met de inhuur van een remote camera met de specificaties die de politie ook heeft met haar camera's.
De camera zal worden ingezet op verschillende locaties. Voor de definitieve aanbesteding van camera's geldt dat we verwachten na de zomer concreet aan te kunnen geven wat het in gaat houden, vandaar dat er op dit moment nog een PM post is opgenomen voor de komende jaren. Procedures Bibob De kosten voor Bibob‑procedures nemen toe. Dit hangt samen met een stijging van het aantal procedures en de juridische complexiteit ervan. Besluiten worden vaker aangevochten, wat leidt tot hogere kosten voor juridische ondersteuning en proceskostenvergoedingen. Daarnaast draagt de intensievere inzet van het Bibob-instrument in het kader van de aanpak van ondermijning bij aan deze kostenstijging. Uitrusting BOA's Nu het voltallige team staat, is het in de praktijk ook gebleken dat de professionele uitrustingen vaker vernieuwd dan wel gerepareerd dienen te worden.
11
12
Programma Openbare ruimte
2.3.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Openbare ruimte opgenomen (x € 1.000). Openbare ruimte
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
-12
-12
-13
-13
-14
N
Onderhoud civieltechnische kunstwerken
0
50
50
50
50
V
Bodemonderzoek parkeerplaats Julianalaan
-20
0
0
0
0
N
Stortrecht
0
-168
0
0
0
N
Onkruidbestrijding
20
21
21
22
22
V
Onderhoud openbaar groen
-58
-74
-76
-78
-81
N
Onderhoud begraafplaats
-7
-7
-7
-7
-7
N
Uitvoering werkplan VVN
0
-11
-12
-12
-13
N
Verkoop en verhuur gronden
117
0
0
0
0
V
Btw component rioolheffing
-1
0
0
0
13
V/N
Buitendienst
-37
-15
-15
-16
-16
N
3
-216
-52
-55
-46
Beveiliging gebouwen
Totaal Mutaties Openbare ruimte 2.3.2 Toelichting
Beveiliging gebouwen In de afgelopen periode is de verantwoordelijkheid voor de beveiliging van een aantal gebouwen, waaronder de kapel Sint Anna en de kapel St. Louis, verschoven van projecten naar het reguliere beheer. Hierdoor zijn ook de bijbehorende kosten structureel onderdeel geworden van dit budget. Met name bij de kapel St. Louis is sprake van toenemend vandalisme. Dit leidt ertoe dat de beveiliging vaker moet uitrukken, wat resulteert in hogere kosten. Gezien deze ontwikkelingen is het huidige budget niet langer toereikend en is een structurele ophoging van € 12.000 noodzakelijk. Onderhoud civieltechnische kunstwerken Begin 2026 is de laatste inspectie aan de civieltechnische kunstwerken uitgevoerd. Toen is geconstateerd dat de staat van het onderhoud van de civieltechnische kunstwerken naar behoren is. Gelet op de bevindingen kunnen de middelen voor de civiele kunstwerken € 50.000 worden afgeraamd vanaf 2027. In 2030 volgt een nieuwe herziening van het gehele areaal. Dan zal blijken welke middelen er voor de volgende beleidsperiode nodig zijn. Bodemonderzoek parkeerplaats Julianalaan Op 3 juli 2025 heeft de gemeenteraad de motie Herinrichting parkeerplaats Julianalaan Oudenbosch vastgesteld. In vervolg hierop wordt de gemeenteraad in september gevraagd akkoord te gaan met de herinrichting van het parkeerterrein en hiervoor een krediet beschikbaar te stellen.
Om het benodigde bodemonderzoek tijdig te kunnen uitvoeren, wordt nu een incidenteel bedrag van € 20.000 gevraagd voor de voorbereiding.
13
Stortrecht Op 13 mei 2026 heeft het Waterschap Brabantse Delta kenbaar gemaakt dat het Waterschap voornemens is om een aantal waterlopen in beheer en eigendom bij het Waterschap begin 2027 te gaan baggeren. Overeenkomstig de regelgeving is, met betrekking tot het vrijkomende slib, de gemeente Halderberge ontvangstplichtige van dit vrijkomend slib. Er wordt uitgegaan van het verwijderen van ca. 6.000 kuub. De incidentele kosten voor afvoer van dit vrijkomend slib worden geraamd op € 168.000. In september wordt een voorstel aan de gemeenteraad voorgelegd voor het uitvoeringsplan baggeren dat naar aanleiding van het koersplan is opgesteld. De verwachting is dat dit tevens leidt tot structureel hogere kosten voor het stortrecht. De exacte omvang van deze kosten is op dit moment nog niet bekend. Onkruidbestrijding Bij het opstellen van de begroting 2026 is voor de jaren 2026 en 2027 reeds een aframing van € 50.000 toegepast op het budget voor onkruidbestrijding. Inmiddels zijn de totale kosten opnieuw doorgerekend. Op basis hiervan kan aanvullend € 20.000 worden afgeraamd zonder dat dit gevolgen heeft voor de uitvoering van de werkzaamheden. Onderhoud openbaar groen Het budget voor openbaar groen is ontoereikend als gevolg van verschillende ontwikkelingen.
Voor 2027 is sprake van uitbreiding van het te onderhouden areaal, onder andere door de woonwijk De Bovendonken in Hoeven en de overloopruimte Groene Vaart in Oudenbosch. Dit resulteert in extra werkzaamheden en structurele kosten van € 29.500. Daarnaast is het huidige budget voor het maaien van gazons en bermen onvoldoende om het gewenste onderhoudsniveau te realiseren. Door tegenvallende aanbestedingsresultaten en aanvullende werkzaamheden is sprake van een structureel tekort van circa € 43.000. Ook bij het onderhoud van landschappelijke elementen is sprake van een incidenteel tekort van € 15.000. Dit komt door onvoorziene snoeiwerkzaamheden langs het spoor (in afstemming met ProRail) en hogere kosten voor werkzaamheden langs een provinciale weg. Op basis van het bovenstaande is een verhoging van het budget noodzakelijk. Voor 2026 betreft dit een extra bedrag van € 58.000, oplopend tot € 74.000 in 2027. Onderhoud begraafplaats Uit de nacalculatie blijkt dat het budget voor het onderhoud van de begraafplaatsen, gezien de uit te voeren werkzaamheden, onvoldoende is. Daarom is een structurele verhoging met € 6.500 noodzakelijk. Uitvoering werkplan VVN Met ingang van 2027 moet voor de fietsexamens een beroep worden gedaan op de landelijke professionele afdeling van VVN in plaats van lokale vrijwilligers.
Hierdoor wordt een budget van € 10.000 geraamd voor de uitvoering van de fietsexamens vanaf 2027. Verkoop en verhuur gronden Voor 2026 wordt een voordeel van € 117.000 verwacht op de verkoop en verhuur van gronden. Het grootste aandeel betreft de verkoop van gronden. Dit jaar zijn vier percelen verkocht en wordt verwacht dat nog twee snippergroenpercelen en gronden ten behoeve van de plaatsing van transformatorhuisjes worden verkocht. Dit leidt tot een geraamd voordeel van ca. € 98.000. Daarnaast is sprake van hogere pachtopbrengsten als gevolg van een nieuwe inschrijving bij opbod voor twee percelen. De huuropbrengsten uit gronden vallen daarentegen lager uit, doordat een aantal verhuurde percelen inmiddels is verkocht. Verder is er een voordeel van € 12.750 op overige huuropbrengsten, bestaande uit inkomsten uit diverse gronden (niet zijnde snippergroen) en retributies uit opstalrechten. Tot slot wordt een voordeel van € 2.500 verwacht doordat niet alle kadasterkosten volledig voor rekening van de gemeente komen. Per saldo leiden deze ontwikkelingen tot een voordeel van € 117.000 in 2026. Btw component rioolheffing Doordat de kosten die betrekking hebben op de rioolheffing per saldo iets dalen in 2026 (incidenteel) en in 2030 stijgen (geïndexeerd), stijgt ook de btw component die kan worden meegerekend bij het bepalen van de tarieven voor de rioolheffing.
Buitendienst Het beschikbare budget voor de buitendienst is in 2026 ontoereikend als gevolg van externe ontwikkelingen en hogere onderhoudskosten. Stijgende brandstofprijzen, mede als gevolg van geopolitieke ontwikkelingen in het Midden-Oosten, leiden tot hogere exploitatiekosten. De extra kosten voor 2026 worden geraamd op € 27.000. De verwachting is dat deze prijsontwikkeling grotendeels aanhoudt, waardoor vanaf 2027 structureel € 15.000 wordt bijgeraamd. Daarnaast is sprake van hogere kosten voor het onderhoud van het materieel. Zo was het noodzakelijk een accupakket van een elektrisch voertuig te vervangen en zijn er diverse onvoorziene en hoger dan begrote uitgaven, waaronder stijgende kosten voor onderdelen en uurlonen. Hierdoor is het beschikbare budget onvoldoende en wordt een incidenteel aanvullend budget van € 10.000 noodzakelijk geacht.
14
Programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen
2.4.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen opgenomen (x € 1.000). Ruimtelijke en economische ontwikkelingen
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
Baggeren haven Oudenbosch
-10
0
0
0
0
N
Advieskosten exploitatie haven Oudenbosch
-10
0
0
0
0
N
Btw component afvalstoffenheffing
7
8
8
8
44
V
Bijdrage Omgevingsdienst Middenen West-Brabant
117
12
11
7
-34
V/N
Leges omgevingsvergunningen
-100
-103
-106
-109
-113
N
Geluidswerende maatregelen
-28
0
0
0
0
N
Ongediertebestrijding
-15
-15
-16
-16
-17
N
Bijdrage Stedelijke Regio West-Brabant
0
PM
PM
PM
PM
Opstellen Omgevingsplan
0
PM
PM
PM
PM
-39
-99
-103
-110
-119
Totaal Mutaties Ruimtelijke en economische ontwikkelingen 2.4.2 Toelichting
Baggeren haven Oudenbosch Voor het onderhoud van de haven van Oudenbosch (baggerwerkzaamheden) is een actualisatie van de kostenraming doorgevoerd. Hieruit blijkt dat de benodigde middelen in 2026 € 10.000 hoger liggen dan eerder voorzien. Voorgesteld wordt om dit bedrag incidenteel bij te ramen. Advieskosten exploitatie haven Oudenbosch De recente investeringen en ontwikkelingen in de haven van Oudenbosch maken het noodzakelijk om de huidige exploitatie en beheerstructuur te herijken. Voor het in kaart brengen van de structurele exploitatie, de rolverdeling (onder andere tussen gemeente en havenorganisatie) en de bijbehorende financiële consequenties wordt externe expertise ingezet. De kosten hiervoor worden incidenteel geraamd op € 10.000 in 2026. Btw component afvalstoffenheffing Doordat de kosten die betrekking hebben op de afvalstoffenheffing stijgen in 2026 en verder (structureel), stijgt ook de btw component die kan worden meegerekend bij het bepalen van de tarieven voor de afvalstoffenheffing. Bijdrage Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant Op basis van de conceptbegroting 2027 van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 18 juni 2026, wordt de bijdrage meerjarig bijgesteld.
15
Leges omgevingsvergunningen De geraamde leges voor omgevingsvergunningen zijn gebaseerd op de aantallen woningen uit het woningbouwprogramma 2026 – 2029, waarin twee groepen zijn te onderscheiden: reguliere omgevingsvergunningen en omgevingsvergunningen voor bouwprojecten. De laatste is met name bedoeld voor projectmatige bouw (onder andere complete nieuwbouw woningen >2). Voorafgaand hieraan wordt er vaak een verkennend traject afgelegd voor bijvoorbeeld een ruimtelijk en/of maatschappelijk initiatief, waarbij er leges worden geheven die een relatief laag tarief kennen. Met het opstellen van de begroting zijn deze aantallen aanvragen niet goed ingeschat waardoor we deze op basis van een nieuwe extrapolatie naar beneden moeten bijstellen. Geluidswerende maatregelen In 2017 is er een subsidie "Voorbereiding, begeleiding en toezicht Geluidsanering Halderberge" toegekend, deze gelden zijn met het verstrijken van de tijd niet ingezet en uiteindelijk teruggevloeid naar de algemene middelen. De noodzaak om deze maatregelen alsnog uit te voeren is altijd gebleven en deze gaan in 2026 ingezet worden, met als gevolg dat het budget opnieuw opgenomen dient te worden. Ongediertebestrijding Ten opzichte van het begrotingsjaar 2025 wordt een beperkte stijging van de lasten verwacht, met name als gevolg van een intensivering van de bestrijding van de eikenprocessierups.
Deze ontwikkeling sluit aan bij de landelijke trend waarin de beheersing van deze plaagsoort structureel hogere inzet vraagt. Op basis van de huidige inzichten wordt rekening gehouden met een minimaal structureel tekort van € 15.000 op deze budgetpost. Dit tekort hangt samen met de toenemende structurele beheerslasten, met name voor de bestrijding van de Aziatische hoornaar. Binnen de reguliere P&C-cyclus zal de ontwikkeling van deze kosten nauwlettend worden gemonitord en, indien nodig, bijgesteld. Bijdrage Stedelijke Regio West-Brabant De Stedelijke Regio West-Brabant (SRWB) ontwikkelt zich door. Om dit te ondersteunen is een kwartiermaker voor de governance aangesteld. Voor het uitvoeren van de opgestelde Regionale Investeringsagenda (RIA) is een werkplan 2025/2026 opgesteld en zijn er hiervoor ook budgetten opgenomen. In de raadsinformtiebrief van 13 mei 2026 bent u geïnformeerd over de voorgenomen ontvlechting van de economie- en arbeidsmarkttaken van de Regio West-Brabant (RWB) en de overdracht van een deel van deze taken naar de SRWB. Doel van deze ontvlechting is te komen tot een toekomstbestendige inrichting van de economische samenwerking. Gemeenten krijgen binnen de Stedelijke Regio West-Brabant meer regie op de uitvoering van economische taken, met behoud van regionale samenhang. De middelen die momenteel via de RWB worden ingezet vloeien terug naar de gemeenten.
Deze worden deels binnen de Stedelijke Regio West-Brabant opnieuw ingezet in samenhang met de taakoverdracht. Of er hiermee voldoende middelen beschikbaar komen voor alle taken van de SRWB is op dit moment nog niet duidelijk. Voor 2027 en volgende jaren is er daarom een PM post opgenomen. Opstellen Omgevingsplan Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft elke gemeente automatisch een omgevingsplan voor hun grondgebied. Het omgevingsplan bevat de gemeentelijke regels voor de fysieke leefomgeving en bestaat uit de oude bestemmingsplannen, (gemeentelijke) verordeningen en rijksregels (de zogenaamde bruidsschat). Op deze wijze kan medewerking worden verleend aan initiatieven. Dit omgevingsplan is tijdelijk, de gemeente zet dit gefaseerd om tot een volledig omgevingsplan. Er is tot eind 2031 de tijd om dit om te zetten. Hiervoor is een transitieplan opgesteld en is gestart met een eerste wijziging van het Omgevingsplan. Gebleken is dat dit een omvangrijke, complexe en tijdrovende klus is die gemeenten niet zelfstandig kunnen uitvoeren. We zullen hierbij moeten worden ondersteund door externe adviesbureaus en gaan waar mogelijk de samenwerking aan met andere partijen. Hoe hoog de kosten gaan worden is nog niet duidelijk, vandaar dat er een PM-post is opgenomen. Voor de implementatie van de Omgevingswet ontvangt de gemeente ook bijdragen vanuit het Rijk.
Verder is het mogelijk dat een deel van de kosten hieruit gedekt kunnen worden. Om deze reden wordt voor de komende jaren een PM-post opgenomen.
16
Programma Zorg, jeugd en participatie
2.5.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Zorg, jeugd en participatie opgenomen (x € 1.000). Zorg, jeugd en participatie
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
Exploitatie Dorshuis Oud Gastel
-55
-57
-58
-60
-62
N
Dorpshuis St. Jan Hoeven
-22
0
0
0
0
N
Exploitatie De Vossenberg
-36
0
0
0
0
N
Bijdrage GGD Midden- en West-Brabant
25
-18
-31
-45
-113
V/N
Inzet mentale gezondheid (suïcidepreventie)
-14
-14
-14
-15
-15
N
Kosten opvang Oekraïense vluchtelingen
-3.676
0
0
0
0
N
Rijksbijdrage en eigen bijdragen opvang Oekraïense vluchtelingen
3.676
0
0
0
0
V
Kosten jeugdzorg - voorgaande jaren
-41
0
0
0
0
N
Arrangementen jeugdzorg - nieuwe methodiek
245
248
256
264
284
V
Jeugdprofessionals
-37
-39
-40
-41
-42
N
Onderwijs-zorgarrangementen
-60
-61
0
0
0
N
Overige kosten jeugdzorg
-82
-81
-85
-89
-94
N
Subtotaal jeugdzorg
25
67
131
134
148
Maatwerkvoorzieningen Wmo
-141
-146
-150
-154
-159
N
Bijdrage Regio West-Brabant (deeltaxi)
-26
-13
-12
-28
-48
N
Overige kosten Wmo
-52
-23
-23
-23
-24
N
Subtotaal Wmo
-218
-182
-185
-206
-231
17
Zorg, jeugd en participatie
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
Bijdrage bedrijfsvoeringskosten Werkplein Hart van West-Brabant
121
27
4
-12
-133
V/N
Bijdrage programmakosten Werkplein Hart van West-Brabant
-488
-860
-834
-820
-972
N
Bijdrage programmakosten Werkplein Hart van West-Brabant, bijstelling aantal bijstandsontvangers
300
300
300
300
300
V
Rijksbijdrage BUIG
-35
104
75
196
455
V/N
Bijdrage WVS-Groep
32
-24
156
284
328
V/N
Bijdrage WVS-Groep, bijstelling rijksbijdrage
0
50
50
50
50
V
Subtotaal participatie
-70
-403
-249
-1
27
Totaal Mutaties Zorg, jeugd en participatie
-364
-606
-406
-193
-246
2.5.2 Toelichting Exploitatie Dorpshuis Oud Gastel Het exploitatiebudget voor Dorpshuis Oud Gastel is ontoereikend door hogere onderhouds- en energiekosten. Voor onder andere brandmeldinstallatie, schoonmaak, glasbewassing en onderhoud van de cv-installatie is een aanvullend budget van € 10.000 nodig. Daarnaast zijn kosten gemaakt voor aardgas en elektriciteit, terwijl hiervoor geen budget is geraamd. De kosten worden geraamd op € 45.000 en kunnen deels worden doorbelast aan de huurder van de bovenverdieping. De exacte opbrengst is echter nog onzeker. Voorzichtheidshalve worden op dit moment alleen de kosten geraamd. Zodra er meer inzicht is in de toekomstige baten, zullen deze eveneens worden geraamd. Voor de onderhouds- en energiekosten samen is een bijraming van € 55.000 noodzakelijk. Dorpshuis St. Jan Hoeven Uit een beoordeling bij Dorpshuis St. Jan in Hoeven is gebleken dat de nieuw gerealiseerde aanbouw, waarin SVH en Surplus zijn gehuisvest, in de praktijk te kampen heeft met overmatige opwarming en hinderlijke zoninstraling. Dit leidt tot verminderd comfort voor bezoekers en gebruikers van de diensten van SVH en Surplus. Door de aannemer is vastgesteld dat, gezien de bouwkundige eigenschappen van het gebouw, buitenzonwering niet realistisch toepasbaar is.
Binnenzonwering wordt daarom aangemerkt als de enige haalbare maatregel om de zoninstraling en warmtebelasting in het vertrek te beperken en het binnenklimaat te verbeteren. Daarnaast is bij de entree van het dorpshuis onkruid ontstaan, wat zorgt voor een onverzorgde en verwilderde uitstraling. De definitieve herinrichting van het kerkplein staat later dit jaar gepland, maar tot die tijd wordt ervoor gekozen om het gebied bij de entree van het dorpshuis tijdelijk te voorzien van beplanting. Exploitatie De Vossenberg Doordat het gebouw De Vossenberg langer in gebruik is dan vooraf voorzien, zijn zowel kosten als opbrengsten niet in de begroting opgenomen. Dit leidt tot een bijstelling van het exploitatiebudget. De totale energiekosten worden geraamd op ca. € 50.000 en worden deels doorbelast aan de Borgesiusstichting en De Dwergjes, waarbij de exacte opbrengst nog onzeker is. Voorzichtheidshalve worden op dit moment alleen de kosten geraamd. Zodra er meer inzicht is in de toekomstige baten, zullen deze eveneens worden geraamd. Daarnaast is sprake van extra huuropbrengsten van circa € 13.400. Per saldo leidt dit tot een incidentele bijraming van € 36.000. Bijdrage GGD Midden- en West-Brabant Op basis van de conceptbegroting 2027 van de GGD Midden- en West-Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 18 juni 2026, wordt de bijdrage meerjarig bijgesteld.
18
Inzet mentale gezondheid (suïcidepreventie) Vanaf 1 januari 2026 hebben gemeenten de wettelijke taak om in te zetten op suïcidepreventie. In dit kader is door de GGD West-Brabant een Regionaal actieplan Suïcidepreventie opgesteld. Dit plan geeft aan op welke manier de inzet op suïcidepreventie vorm te geven. Voor de concrete uitwerking dient nog een uitvoeringsprogramma te worden opgesteld, waarin de regionale en lokale inzet en de daarbij benodigde middelen geconcretiseerd wordt. De GGD werkt op dit moment aan een uitvoeringsplan dat medio 2026 opnieuw zal worden voorgelegd aan het AB van de GGD. Opvang Oekraïense vluchtelingen In de Begroting 2026 zijn geen baten en lasten opgenomen voor de opvang van de Oekraïense vluchtelingen. Bij het opstellen van de Begroting 2026 was in verband met een uitbreiding van het aantal opvangplaatsen in 2026 nog te weinig zicht op de lasten en baten om dat goed in te kunnen schatten en het was onduidelijk hoe lang de opvang zou gaan duren. Hoewel dat laatste ook nu nog niet is te beantwoorden, zijn er inmiddels ramingen opgesteld tot en met 31 december 2026. Op basis van de werkelijke kosten van 2025, zijn de kosten voor 2026 ingeschat. Op basis van de huidige ramingen is er sprake van een tekort van ca. € 615.180.
Dit wordt met name veroorzaakt door een algemene stijging van de kosten en het gelijkblijven van het normbedrag van € 44 per dag per opvangplek. De rijksregeling biedt de mogelijkheid om via de SISA-verantwoording bij de jaarrekening aanvullende compensatie bij het Rijk aan te vragen voor de hogere kosten van de opvang. Het dient dan wel te gaan om materiele verschillen. Gezien het tekort, gaat inderdaad om een materieel verschil. Bij de Jaarrekening 2026 zal op basis van de werkelijke kosten bepaald worden wat aan aanvullende compensatie wordt aangevraagd. Kosten jeugdzorg - voorgaande jaren Er zijn diverse facturen over voorgaande jaren ontvangen. Het betreft onder andere facturen voor laagcomplex jeugdzorgarrangementen, pleegzorg en jeugdbescherming. Om facturen over voorgaande jaren zo veel mogelijk te vookomen zijn diverse beheersmaatregelen genomen zodat deze facturen als verplichting bij het opstellen van de jaarrekening worden meegenomen. We blijven daarbij echter ook afhankelijk van juiste en tijdige aanlevering van informatie en facturen door de zorgaanbieders. Het zal dan ook nooit helemaal voorkomen kunnen worden dat er nog facturen over oude jaren komen. Arrangementen jeugdzorg - nieuwe methodiek Bij de Jaarrekening 2024 is naar aanleiding van het jaarrekeningresultaat een uitgebreide analyse gedaan naar de oorzaken van het tekort op jeugdzorg.
De memo met deze analyse is als bijlage bijgevoegd bij de Jaarrekening 2024. Naar aanleiding van de uitgevoerde analyse was in eerste instantie als uitgangspunt gekozen om de ramingen voor 2025 te baseren op de jaarrekeningcijfers 2024 inclusief 3% indexering. Deze nieuwe methodiek is ook besproken in de auditcommissie van 3 juni 2025. De auditcommissie was akkoord met deze nieuwe manier van ramen. Het streven was om bij de Zomernota 2025 op basis van een combinatie van werkelijke cijfers (voor zover bekend) in 2025 in combinatie met bovengenoemd uitgangspunt te komen tot een bijgestelde raming voor 2025 en meerjarenraming. Door de complexiteit en hoeveelheid van factoren waar de bedragen door worden beïnvloed, was het in de Zomernota 2025 nog niet mogelijk om de volledige integrale impact van de prognose te verwerken. De begroting 2026 is op basis van de nieuwe methodiek opgesteld. Daarbij zijn maatregelen en bezuinigingsopties geïnventariseerd en meerjarig doorgerekend. Aangezien de jaarrekeningcijfers van 2025 bij het opstellen van de begroting 2026 nog niet bekend waren zijn daarom de cijfers van de jaarrekening 2024 als uitgangspunt genomen en zijn deze verhoogd met zowel een indexering voor 2025 en 2026 om op die manier te komen tot het juiste basisbedrag voor 2026. Conform de nieuwe methodiek zijn de begroting en meerjarenraming voor o.a.
de jeugdzorgarrangementen, maatwerk, LTA en pleegzorg nu bij de Zomernota 2026 op basis van de jaarrekeningcijfers van 2025 bijgesteld. In de bijstellingen zijn tevens de maatregelen en bezuinigingsopties verwerkt. Jeugdprofessionals De tarieven voor de inzet van jeugdprofessionals worden jaarlijks geïndexeerd. In 2026 is deze indexering hoger dan begroot. Dit werkt ook structureel door in de kosten voor de inzet van de jeugdprofessionals. In de meerjarenraming wordt voor de indexering van deze kosten uitgegaan van het inflatiepercentage.
19
Onderwijs-zorgarrangementen De middelen voor OZA BSVZ en Delta betreffen onderwijs‑zorgarrangementen (OZA) voor jongeren die (tijdelijk) niet kunnen deelnemen aan regulier onderwijs, bijvoorbeeld door complexe problematiek of uitval. Binnen deze voorzieningen wordt met inzet van jeugdhulp gewerkt aan het herstellen van belastbaarheid en het toeleiden naar (gedeeltelijke) terugkeer naar school. In november 2025 is regionaal besloten deze voorzieningen met twee jaar te verlengen tot en met 31 december 2027. De verlenging is nodig omdat de doelgroep nog steeds specialistische ondersteuning vraagt en het regulier onderwijs deze ondersteuning nog niet volledig kan bieden. Overige kosten jeugdzorg De overige kosten jeugdzorg nemen toe als gevolg van meerdere ontwikkelingen. De hogere bijdrage aan GIA Veilig Thuis (deel Jeugd) hangt samen met een toename van het aantal meldingen en adviesvragen, complexere casuïstiek en de benodigde inzet om de uitvoering van de wettelijke taken op niveau te houden. Daarnaast is sprake van hogere lasten voor onder andere taxivervoer in het kader van de Jeugdwet, de bijdrage aan het Meldpunt Crisiszorg (vanaf 2027) en de verhoging van PGB als gevolg van de nieuwe verordening. Deze ontwikkelingen leiden tot een bijstelling van de begroting en meerjarenraming.
Maatwerkvoorzieningen Wmo De budgetten voor de maatwerkvoorzieningen zijn bijgesteld op basis van de volumegroei en werkelijke kosten van de afgelopen jaren. Op deze manier sluiten de ramingen aan bij het werkelijke verbruik over de afgelopen jaren. Het betreft de budgetten voor de vervoersvergoeding, rolstoelen, hulpmiddelen, installatie en onderhoud van trapliften, onderhoud aan woonvoorzieningen, WMO huishoudelijke ondersteuning en WMO begeleiding. Bijdrage Regio West-Brabant (deeltaxi) Op basis van de begroting 2027 van de Regio West-Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 28 juni 2026, wordt de geraamde bijdrage voor de deeltaxi aangepast. Overige kosten Wmo De overige kosten WMO nemen toe als gevolg van meerdere ontwikkelingen. De hogere bijdrage aan GIA Veilig Thuis (deel WMO) hangt samen met een toename van het aantal meldingen en adviesvragen, complexere casuïstiek en de benodigde inzet om de uitvoering van de wettelijke taken op niveau te houden. Daarnaast is sprake van hogere kosten voor het waspunt en een verhoging van het budget voor externe juridische advisering. Bijdrage Werkplein Hart van West-Brabant Op basis van de conceptbegroting 2027 van het Werkplein Hart van West-Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 18 juni 2026, wordt de bijdrage voor zowel de bedrijfsvoeringskosten als de programmakosten meerjarig bijgesteld.
Voor het jaar 2026 heeft het Werkplein een prognose opgesteld. Hieruit volgt een begrotingswijziging 2026. Deze wordt na de zomer, samen met de 2e bestuursrapportage van het Werkplein, voor een zienswijze aan uw raad voorgelegd. Op basis van de prognose van het Werkplein zijn de financiële gevolgen voor de gemeente Halderberge, vooruitlopend op de begrotingswijziging, in deze Zomernota verwerkt. Bijdrage Werkplein Hart van West-Brabant, bijstelling aantal bijstandontvangers De raming van de lasten voor bijstandverlening in de prognose 2026 en de conceptbegroting 2027 van het Werkplein Hart van West-Brabant is gebaseerd op de aantallen bijstandontvangers per 1 januari 2026 en de (landelijke) prognose van een stijging van het bestand met 1,4% in 2026. Het actuele aantal bijstandontvangers per 1 mei 2026 laat voor Halderberge een daling zien van 1,9% ten opzichte van de stand van 1 januari 2026. Op basis hiervan zullen de kosten voor bijstandverlening voor Halderberge naar verwachting ca. € 300.000 lager uitkomen dan in de prognose 2026 en de conceptbegroting 2027 is opgenomen. Rijksbijdrage BUIG Op basis van het nader voorlopig budget 2026 en de (landelijk) verwachte ontwikkelingen in aantallen bijstandsontvangers en minimumloon is een inschatting gemaakt van de BUIG-uitkering in de jaren 2026-2030. Op basis hiervan neemt de BUIG-uitkering in de komende jaren toe.
Bijdrage WVS-Groep Op basis van de conceptbegroting 2027 van de WVS-Groep, behandeld in de raadsvergadering van 18 juni 2026, wordt de bijdrage meerjarig bijgesteld.
20
Bijdrage WVS-Groep, bijstelling rijksbijdrage In de meicirculaire 2026 is de nieuwe rijksbijdrage WSW voor de jaren 2026-2030 bekend gemaakt. Deze bijdrage wordt door de deelnemende gemeenten doorbetaald aan WVS-Groep. In de conceptbegroting 2027, behandeld in de raadsvergadering van 18 juni 2026, kon nog geen rekening worden gehouden met de bijgestelde rijksbijdrage. De totale rijksbijdrage is voor 2027 en volgende jaren ca. € 0,5 miljoen hoger dan in de conceptbegroting 2027 van WVS-Groep is opgenomen (voor de 9 deelnemende gemeenten bij elkaar). WVS-Groep verwerkt dit in de herziene begroting 2027 die in het najaar wordt opgesteld. Als gevolg van de hogere rijksbijdrage zal de gemeentelijke bijdrage in de herziene begroting lager uitkomen. Voor Halderberge verwachten wij dat de gemeentelijke bijdrage aan WVS-Groep ca. € 50.000 lager wordt, dan in de conceptbegroting 2027 is opgenomen.
21
22
Programma Onderwijs, sport en cultuur
2.6.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Onderwijs, sport en cultuur opgenomen (x € 1.000). Onderwijs, sport en cultuur
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
-12
0
-13
0
-14
N
Welzijnssubsidies
0
-37
-38
-39
-40
N
Subsidie steunpunten
0
-36
-44
-52
-61
N
Subsidie bibliotheek
16
0
0
0
0
V
Subsidie peuterspeelzalen
72
74
76
79
79
V
Subsidie lees media consulent kinderopvang
40
40
40
40
40
V
Visie op cultuur
-15
-15
-15
-15
-15
N
Totaal Mutaties Onderwijs, sport en cultuur
101
26
7
13
-10
Keuring kunstgrasvelden
2.6.2 Toelichting Keuring kunstgrasvelden De keuring van kunstgrasvelden dient eens per twee jaar plaats te vinden. In 2024 is hiervoor voor het laatst budget opgenomen. Aangezien de keuringen opnieuw in 2026 moeten worden uitgevoerd, is het noodzakelijk om hiervoor budget beschikbaar te stellen. Daarom wordt een bijraming van € 12.000 voorgesteld die eens in de twee jaar in de begroting wordt opgenomen. Welzijnssubsidies Het ontwerp-overzicht te verlenen subsidies 2026 heeft ter inzage gelegen van 22 oktober 2025 tot en met 3 december 2025. In totaal zijn 10 zienswijzen ontvangen. Op basis hiervan worden de subsidietoekenningen aangepast voor Seniorenvereniging Oud Gastel, Turnvereniging Vlug en Lenig, Seniorenvereniging Hoeven, Heemkundekring Broeder Christofoor Oudenbosch, Stichting Groenhuysen, Surplus Welzijn en Bibliotheek West-Brabant. Subsidie steunpunten Door de overdracht van de steunpunten in Oudenbosch, Stampersgat en Bosschenhoofd van Groenhuysen naar Surplus per 1 januari 2026, verschuiven de bijbehorende subsidies. Surplus ontvangt een hogere subsidie om de continuïteit van dagactiviteiten, vrijwilligersinzet en ontmoetingsvoorzieningen te waarborgen, terwijl de subsidie van Groenhuysen vervalt. Hierdoor ontstaat per saldo een structureel hogere subsidiebehoefte van € 36.000 vanaf 2027.
Subisidie bibliotheek Tijdens het bestuurlijk overleg met de bibliotheek is geconstateerd dat onvoldoende informatie beschikbaar was om een onderbouwd besluit te nemen over de indexatie van het basisbedrag voor 2026. Om die reden is in gezamenlijkheid besloten de indexatie voor 2026 niet door te voeren. Voor de subsidieraming betekent dit dat de indexatie wordt verlaagd, resulterend in een aframing van € 16.302.
23
Subsidie peuterspeelzalen De subsidie voor peuterspeelzalen kon de afgelopen jaren volledig worden gedekt uit de middelen die zijn ontvangen in het kader van onderwijsachterstandenbeleid (OAB). Hierdoor is het jaarlijkse budget dat in de begroting voor deze subsidie is opgenomen, onbenut gebleven. De verwachting is dat de subsidie voor de peuterspeelzalen ook de komende jaren uit de OAB-middelen kan worden gedekt. Het budget voor 2026 en verder kan derhalve worden afgeraamd. Subsidie lees media consulent kinderopvang In aanvulling op de subsidies peuterspeelzalen kan ook de subsidie voor inzet van de lees media consulent kinderopvang gedekt worden uit de OAB-middelen. Visie op cultuur Bij de Zomernota 2025 is het werkbudget voor de Visie op Cultuur afgeraamd op basis van de uitgaven in 2023 en 2024. Gezien de start van de uitvoering in 2024, wordt het budget vanaf 2026 bijgesteld naar het budget zoals opgenomen in de Visie op Cultuur. Dit resulteert in een verhoging van € 15.000.
24
Algemene dekkingsmiddelen
2.7.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in de Algemene dekkingsmiddelen opgenomen (x € 1.000). Algemene dekkingsmiddelen
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
Uitkeringen gemeentefonds
-43
399
571
216
1.929
V/N
Opbrengst OZB
193
215
221
260
591
V
6
31
30
27
-8
V/N
Dividenduitkering BNG Bank
-19
0
0
0
0
N
Totaal Mutaties Algemene dekkingsmiddelen
138
645
822
503
2.513
Bijdrage Belastingsamenwerking West-Brabant
2.7.2 Toelichting Uitkeringen gemeentefonds De meicirculaire 2026 geeft een actueel beeld van de uitkeringen uit het gemeentefonds voor de jaren 2025 tot en met 2030. De uitkeringen uit het gemeentefonds omvatten de algemene uitkering, integratie-uitkeringen en decentralisatieuitkeringen. In onderstaande tabel treft u de mutaties van de uitkeringen uit het gemeentefonds ten opzichte van de begroting 2026 (x € 1.000). De decentralisatie- en integratie-uitkeringen zijn in beginsel vrij besteedbaar, maar in de praktijk staan daar wel lasten (van ongeveer vergelijkbare omvang) tegenover elders in de begroting. Vervolgens worden een aantal aspecten uit de meicirculaire nader toegelicht. 2026
2027
2028
2029
2030
Algemene uitkering
129
956
741
-1.265
2.271
Overige uitkeringen
430
1.293
238
292
-43
Totaal Gemeentefonds
559
2.249
980
-973
2.228
Verwachte onderuitputting Btw-compensatiefonds
-235
-235
-235
-235
-235
Extra lasten agv taakmutaties en toegenomen decentralisatie- en integratie-uitkeringen
-368
-1.253
-196
-245
117
Stelpost huishoudelijke hulp uit de Wmo
2.347
2.347
Stelpost vangnet huishoudelijk hulp uit de Wmo
-701
-701
23
23
Stelpost eigen bijdrage wmo
-362
23
Compensatie loon- en prijsindex 2030 Totaal mutaties uitkeringen gemeentefonds
-1.850 -43
399
571
216
1.929
25
Omvang algemene uitkering (normeringssystematiek) Sinds 2024 wordt de algemene uitkering geïndexeerd op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). De volumegroei wordt bepaald op basis van een achtjarig historisch gemiddelde, terwijl de prijsontwikkeling jaarlijks wordt vastgesteld. In de meicirculaire 2026 zijn zowel de volume- als prijsontwikkelingen geactualiseerd. Met name door hogere prijsramingen zijn de accressen vanaf 2026 opwaarts bijgesteld. Dit leidt tot een hogere uitkeringsfactor en daarmee tot hogere uitkeringen voor gemeenten. Ontwikkeling uitkeringsbasis Veranderingen in de aantallen verdeelmaatstaven beïnvloeden de uitkeringsfactor. Een stijging van het aantal eenheden leidt doorgaans tot een lagere factor, en omgekeerd. Voor de OZB-maatstaven geldt het tegenovergestelde effect. Op basis van nieuwe landelijke ramingen is de uitkeringsfactor per saldo verhoogd, met name door bijstellingen in de WOZ-capaciteit. Ten opzichte van de septembercirculaire 2025 stijgt deze vanaf 2027. BTW-compensatiefonds (BCF) De onderuitputting van het BCF over 2025 is lager dan eerder geraamd. Dit leidt tot een negatieve bijstelling van de algemene uitkering in 2026 en een neerwaartse correctie van de structurele stelpost. Voor onze gemeente betekent dit een verlaging van € 235.000.
Taakmutaties algemene uitkering Naast algemene mutaties worden er in de meicirculaire 2025 ook diverse taakmutaties gemeld. Bij taakmutaties worden de middelen verdeeld via de bedragen per eenheid van de van toepassing zijnde verdeelmaatstaven. De belangrijkste taakmutaties worden hieronder kort toegelicht. Uitstel vervanging abonnementstarief Wmo De beheerders van het Gemeentefonds melden in de meicirculaire 2026 dat de invoering van de inkomens- en vermogensafhankelijke bijdrage in de Wmo 2015 met een jaar is uitgesteld. De invoering is nu voorzien op 1 januari 2028. Dat betekent dat de besparing (onttrekking aan het Gemeentefonds) van € 225 miljoen voor het jaar 2027 (eenmalige mutatie) komt te vervallen. Voor onze gemeente gaat het om zo’n € 385.000 in het jaar 2027. Tegenover deze (eenmalige) toevoeging aan de algemene uitkering staat het vervallen van de lagere verwachte opbrengst eigen bijdrage Wmo. Huishoudelijke hulp uit de Wmo In het coalitieakkoord van het kabinet Jetten wordt huishoudelijk hulp als maatwerkvoorziening binnen de Wmo geschrapt met ingang van 1 januari 2029. Mensen, die dat kunnen, gaan zelf betalen voor hun huishoudelijke hulp. Als gevolg hiervan hebben gemeenten jaarlijks minder uitgaven en daarom vindt er een onttrekking aan het gemeentefonds plaats. Voor de mensen die de hulp niet zelf kunnen regelen blijft de gemeente daarin voorzien.
Daartoe wordt vanaf 2029 jaarlijks een bedrag toegevoegd aan het gemeentefonds. Voor onze gemeente gaat het per saldo om -/- € 1,7 miljoen aan lagere algemene uitkering vanaf 2029. Echter tegenover deze lagere rijksmiddelen staan ook lagere Wmo-uitgaven voor huishoudelijke hulp. Integratie- en decentralisatie-uitkeringen De qua omvang belangrijkste nieuwe decentralisatie-uitkering betreft de decentralisatie-uitkering CDOKE (capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid). De gemeente ontvangen deze middelen om uitvoering te kunnen geven aan hun taken op het gebied van klimaat- en energiebeleid. Over 2027 ontvangt de gemeente Halderberge hiervoor extra middelen van het Rijk van ruim € 1 miljoen. Daarnaast ontvangt de gemeente Halderberge in 2026 extra (eenmalige) middelen voor:
• alleenverdienersproblematiek (€ 66.000) • vroegsignalering van problematische schulden (€ 28.000) • de subsidiëring van decentrale politieke partijen (€ 11.000)
Tegenover deze extra middelen staan ook extra lasten, per saldo zijn deze mutaties budgettair neutraal opgenomen. Verder zijn er nog wat wijzigingen in bestaande decentralisatie-uitkeringen die qua omvang beperkt zijn en hier niet verder toegelicht worden. De integratie-uitkering Participatie wordt structureel verhoogd, onder andere door loon- en prijsbijstelling en een nieuwe verdeelsleutel. Voor onze gemeente betekent dit een gemiddelde stijging van circa € 255.000 per jaar (2026–2029), grotendeels bestemd voor WVS.
26
Verdeelmaatstaven Naar aanleiding van de meicirculaire 2026 en de laatste specificaties van de algemene uitkering zijn de aantallen eenheden van diverse verdeelmaatstaven geactualiseerd. Daarnaast zijn de aantallen inwoners, jongeren, ouderen en bijstandontvangers bijgesteld op basis van onze eigen acutele gegevens. WOZ-waarden en opbrengst OZB De WOZ-waarden over 2026 zullen naar verwachting wat hoger uitvallen dan waarmee rekening is gehouden bij de begroting. Dat resulteert enerzijds in een neerwaartse bijstelling van de algemene uitkering, maar anderzijds in hogere OZB-opbrengsten. In de meerjarenraming van de algemene uitkering is verder ook rekening gehouden met een verwachte landelijke ontwikkeling voor woningen en niet-woningen en de prijsontwikkeling zoals gemeld in de meicirculaire 2026. Bijdrage Belastingsamenwerking West-Brabant Op basis van de conceptbegroting 2027 van de Belastingsamenwerking West-Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 18 juni 2026, wordt de bijdrage meerjarig bijgesteld. Dividenduitkering BNG Bank In 2026 is de dividenduitkering over 2025 van de BNG ontvangen. Deze is ca. € 19.000 lager uitgevallen dan waar rekening mee was gehouden. Het incidentele nadeel komt ten laste van de exploitatie 2026.
27
28
Overhead
2.8.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in de Overhead opgenomen (x € 1.000). Overhead
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
Generatiepact
35
0
0
0
0
V
Kosten schoonmaak
-35
-36
-37
-38
-39
N
Informatie- en archiefbeheer
0
-57
-57
-45
-40
N
Bijdrage West-Brabants Archief
0
-5
-6
-7
-19
N
Overige mutaties (< € 5.000)
-24
-7
-6
-7
-8
N
Totaal Mutaties Overhead
-24
-105
-106
-97
-106
2.8.2 Toelichting Generatiepact In 2026 is minder gebruik gemaakt van het generatiepact dan werd verwacht. De totale kosten van het generatiepact komen hierdoor lager uit. Voor het egaliseren van de kosten van het generatiepact is een reserve gevormd. De storting in deze reserve kan met € 35.000 worden verlaagd. Kosten schoonmaak Van het budget schoonmaak worden de facturen voor het reinigen van de werkplekken (toetsenborden, schermen, laptops, e.d.), sanitaire voorzieningen en de schoonmaak door de WVS van de gemeentelijke gebouwen betaald. Door onder andere stijgende personeelskosten en stijgende kosten van schoonmaakartikelen is het huidige budget niet meer toereikend en dient het opgehoogd te worden met € 35.000. Informatie- en archiefbeheer De gemeente heeft aanzienlijke archiefachterstanden binnen het analoog en dynamisch archief. Het betreft 395 strekkende meter archiefmateriaal, waaronder het archiefblok 1997–2009 dat uiterlijk in 2029 wettelijk verplicht moet worden overgebracht naar het West-Brabants Archief op grond van artikel 13.1 van de Archiefwet. Ook het archiefblok 2010–2019 dient op termijn te worden bewerkt en overgebracht. Door onvoldoende capaciteit en middelen binnen team Informatiebeheer bestaat het risico dat de gemeente niet voldoet aan de Archiefwet, Woo en AVG en dat informatie niet tijdig, volledig en betrouwbaar beschikbaar is.
Om deze achterstanden in te lopen zijn nu en de komende jaren middelen noodzakelijk. Bijdrage West-Brabants Archief Op basis van de conceptbegroting 2027 van het WBA, behandeld in de raadsvergadering van 18 juni 2026, wordt de bijdrage meerjarig bijgesteld. Overige mutaties (< € 5.000) Binnen de verschillende programma's zijn diverse kleine financiële mutaties (< € 5.000). Voor het overzicht en de leesbaarheid van deze Zomernota zijn deze posten niet afzonderlijk opgenomen en toegelicht.
29
30
Invulling taakstellingen
2.9.1 Taakstellingen Programmabegroting 2026 In de Programmabegroting 2026 zijn diverse maatregelen opgenomen om te komen tot een sluitende begroting. Onderdeel van deze maatregelen is een taakstelling op de organisatiekosten, een taakstelling op de programmakosten en een taakstelling optimalisatie subsidiemogelijkheden. In de begroting is aangegeven dat in de Zomernota 2026 een voorstel wordt opgenomen voor de concrete invulling van de taakstellingen. De volgende bedragen zijn als taakstelling in de begroting opgenomen: Taakstelling
2026
2027
2028
2029
Organisatiekosten
€ 270.000
€ 270.000
€ 360.000
€ 450.000
Programmakosten
€ 200.000
€ 350.000
€ 350.000
€ 350.000
Optimalisatie subsidiemogelijkheden
€ 300.000
€ 200.000
€ 200.000
€ 200.000
Hierna is per taakstelling een voorstel opgenomen voor de invulling van de taakstellingen. De taakstellingen zijn op dit moment nog niet volledig ingevuld. Het resterende deel wordt als taakstelling meegenomen naar de Programmabegroting 2027. Bij het opstellen van het collegewerkprogramma en de Programmabegroting 2027 zullen verdere afwegingen en keuzes worden gemaakt, in samenhang en op basis van de ambities en afspraken uit het bestuursakkoord. Het uitgangspunt is dat de opgenomen taakstellingen bij de Programmabegroting 2027 volledig en integraal zijn ingevuld.
31
2.9.2 Taakstelling organisatiekosten In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de taakstelling op de organisatiekosten en de voorgestelde maatregelen om de taakstelling concreet in te vullen. Hieronder worden de verschillende maatregelen toegelicht. Mutaties Taakstelling organisatiekosten
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
Taakstelling organisatiekosten Programmabegroting 2026
-270
-270
-360
-450
-450
N
Brandverzekering
50
52
53
55
55
V
Opleidingsbudget
20
20
20
20
20
V
Wet Open Overheid
15
15
15
15
15
V
Boeken en abonnementen
10
20
21
21
21
V
Communicatie
28
28
28
28
28
V
Fiscaal advies
10
10
11
11
11
V
Vervallen 0,14 fte medewerker informatiedesk
8
9
9
9
9
V
Vervallen 0,67 fte tijdelijke formatie frontoffice medewerker burgerzaken
44
48
48
0
0
V
Vervallen 0,11 fte formatie regisseur beheer openbare ruimte
13
14
14
14
14
V
Vervallen 0,06 fte formatie beleidsmedewerker juridische en algemene zaken
6
7
7
7
7
V
Vervallen 0,23 fte formatie jurist
0
37
37
37
37
V
Tijdelijk vervallen 0,61 fte formatie managementsecretaresse
44
0
0
0
0
V
Tijdelijk vervallen 0,67 fte formatie regiefunctionaris
57
0
0
0
0
V
Subtotaal invulling taakstelling organisatiekosten
305
260
263
217
217
Taakstelling organisatiekosten nog in te vullen
0
10
97
233
233
Totaal Mutaties Invulling taakstelling organisatiekosten
35
0
0
0
0
V
Brandverzekering De brandverzekering voor alle gemeentelijke gebouwen is opnieuw aanbesteed. De totale premie komt ca. € 50.000 per jaar lager uit dan de raming die in de begroting 2026 is opgenomen. Opleidingsbudget Voorgesteld wordt het opleidingsbudget te verlagen van 2,0% van de loonsom naar 1,9% van de loonsom. Dit levert een besparing op van ca. € 20.000 per jaar. Het opleidingsbudget blijft hiermee nog steeds boven de VNG-norm (1,7% van de loonsom) en vergelijkbare gemeenten (1,6% van de loonsom).
32
Wet Open Overheid Via de algemene uitkering uit het gemeentefonds heeft de gemeente structureel budget van het Rijk ontvangen voor uitvoering van de Wet Open Overheid (Woo). Dit budget is grotendeels ingezet voor extra formatie en een anonimiseringstool. Het resterende budget van € 15.000 per jaar is hiervoor niet nodig en kan worden ingezet voor het invullen van de taakstelling op de organisatiekosten. Boeken en abonnementen Het budget voor boeken en abonnementen is in de loop van 2025 structureel met € 8.500 verhoogd i.v.m. nieuwe abonnementen. Het jaar 2025 werd echter afgesloten met een voordeel van circa € 7.500. Hieruit kan geconcludeerd worden dat de bijraming niet noodzakelijk was. In 2026 vindt een nieuwe aanbesteding voor boeken en abonnementen plaats. Door de abonnementen kritisch te bekijken is de verwachting dat hierop bespaard kan worden en/of dat kosten voor een abonnement/eenmalige aanschaf van boeken gedekt kunnen worden uit andere budgetten. Voorgesteld wordt om het budget in 2026 af te ramen met € 10.000 en vanaf 2027 structureel met € 20.000 te verlagen. Communicatie In 2025 zijn er minder grote communicatiecampagnes ingezet. Deze campagnes hangen aan de speerpunten in het collegewerkprogramma 2022 - 2026 (CWP). De meeste punten uit het CWP zijn afgerond en daarmee ook de communicatie.
Veel zaken zijn intern opgepakt en het budget wat hiervoor structureel in het CWP was opgenomen is grotendeels ingezet voor extra formatie. Het resterende budget van € 28.000 per jaar is hiervoor niet nodig en kan worden ingezet voor het invullen van de taakstelling op de organisatiekosten. Fiscaal advies In de begroting is een structureel budget van € 25.000 opgenomen voor externe fiscale advisering. Afgelopen jaren is gebleken dat dit budget niet volledig nodig is. De gemiddelde kosten voor externe fiscale advisering bedragen ca. € 15.000 per jaar. Voorgesteld wordt het budget structureel met € 10.000 af te ramen. Indien incidentele hogere advieskosten gemaakt moeten worden, dan zal dit mee worden genomen in de reguliere P&C cyclus. Vervallen formatie Een deel van de vaste formatie binnen de gemeente Halderberge is momenteel niet ingevuld. Dit zijn openstaande vacatures en snipperformatie.
De volgende (snipper-)formatie komt te vervallen en wordt ingezet om de taakstelling in te vullen: • 0,14 fte formatie medewerker informatiedesk • 0,67 fte tijdelijke formatie frontoffice medewerker burgerzaken • 0,11 fte formatie regisseur beheer openbare ruimte • 0,06 fte formatie beleidsmedewerker juridische en algemene zaken • 0,23 fte formatie jurist • 0,61 fte formatie managementsecretaresse (incidenteel voor 2026) • 0,67 fte formatie regiefunctionaris (incidenteel voor 2026) Nog in te vullen Met bovenstaand voorstel is de taakstelling organisatiekosten voor 2026 volledig ingevuld. Voor 2027 resteert nog een taakstelling van € 10.000, voor 2028 € 97.000 en voor 2029 en volgende jaren resteert nog een taakstelling van € 233.000.
33
2.9.3 Taakstelling programmakosten In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de taakstelling op de programmakosten en de voorgestelde maatregelen om de taakstelling concreet in te vullen. Hieronder worden de verschillende maatregelen toegelicht. Mutaties Taakstelling programmakosten
2026
2027
2028
2029
2030
V/N
Taakstelling programmakosten Programmabegroting 2026
-200
-350
-350
-350
-350
N
Budget economische samenwerking
40
0
0
0
0
V
Subsidie klimaatbestendige maatregelen
50
50
50
50
50
V
Ambulantisering GGZ
27
27
27
27
27
V
Beschermd wonen
30
30
30
30
30
V
Subtotaal invulling taakstelling organisatiekosten
147
107
107
107
107
Taakstelling programmakosten nog in te vullen
53
243
243
243
243
Totaal Mutaties Invulling taakstelling programmakosten
0
0
0
0
0
V
Budget economische samenwerking In de begroting is een structureel budget van € 80.000 opgenomen voor de Economische Samenwerking Halderberge (ESH) waarvan de Economische Koepel Halderberge de voorloper was. Het budget is al 3 keer op rij niet volledig nodig gebleken door uitblijven van activiteiten om dit samenwerkingsverband vorm te geven. Voorgesteld wordt voor 2026 de helft van het budget incidenteel te laten vervallen. Er wordt een nieuwe economische visienota opgesteld, waarbij duidelijk wordt welke middelen hiervoor structureel nodig zijn. Subsidie klimaatbestendige maatregelen De vergoeding voor klimaatbestendige maatregelen wordt in de praktijk gestuurd en beheerd vanuit het bestaande budget voor riolering en waterzuivering. Op basis van het (oude) CWP is binnen het taakveld duurzaamheid ook een structureel budget van € 50.000 opgenomen voor klimaatbestendige maatregelen. In de praktijk wordt op dit budget dan ook geen aanspraak gemaakt en kan dit structureel vervallen. Ambulantisering GGZ Voor ambulantisering GGZ zijn de afgelopen jaren geen kosten gemaakt. Om die reden wordt voorgesteld het budget van € 27.000 structureel af te ramen. Indien incidentele kosten gemaakt moeten worden, dan zal dit mee worden genomen in de reguliere P&C cyclus. Wel blijft er budget beschikbaar voor de Inloopfunctie GGZ, Wet verplichte GGZ en de Wijk GGZ.
Beschermd wonen De regiogemeenten hebben in 2017 afgesproken dat de extra middelen voor de mensen met een licht verstandelijke beperking die een beschermde woonomgeving nodig hebben (LVB-middelen) die aan lokale gemeenten worden uitgekeerd, worden toegevoegd aan de regionale middelen. Op basis van de prognose wordt ieder jaar opnieuw bekeken of dit nog nodig is. Voor 2025 zijn de LVB-middelen niet nodig geweest voor de regionale uitvoering van maatschappelijke opvang en OGGZ. Bij de Zomernota 2025 is het budget voor Beschermd wonen van € 130.000 afgeraamd naar € 30.000. De Rijksmiddelen voor beschermd wonen worden sinds een aantal jaar via de gemeente Bergen op Zoom ontvangen. Hiervoor ontving de gemeente zelf deze middelen van het Rijk. Er is voor gekozen om het beschikbare budget voor beschermd wonen bij de wijziging van financieringssytematiek niet af te ramen. Aangezien de afgelopen jaren geen kosten gemaakt zijn, wordt voorgesteld nu ook het restantbudget van € 30.000 af te ramen. Indien incidentele kosten gemaakt moeten worden, dan zal dit mee worden genomen in de reguliere P&C cyclus. Nog in te vullen Met bovenstaand voorstel is de taakstelling programmakosten gedeeltelijk ingevuld. Er resteert voor 2026 nog een taakstelling van € 53.000. Voor 2027 en volgende jaren resteert nog een taakstelling van € 243.000.