Raadsvoorstel Programmabegroting 2025.pdf
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Zaaknummer
903902
Contactpersoon
Niek Oostvogels
Raadsvergadering d.d. 14-11-2024
Commissie
SM&V (samenleving, middelen en veiligheid) 31 oktober 2024
Portefeuillehouder
Telefoonnummer
0165-390421
Patrick Schouw, wethouder
Onderwerp Programmabegroting 2025 Samenvatting De Programmabegroting 2025 laat een positieve ontwikkeling zien. Ten opzichte van de Zomernota 2024 zijn de begrotingssaldi voor de jaren 2025 - 2027 verbeterd. Zowel het begrotingsjaar 2025 als het laatste jaar van de meerjarenraming, 2028, sluiten met een positief saldo. Voor de jaren 2026 en 2027 resteert nog een negatief saldo. De ambities uit het collegewerkprogramma 2022-2026, Samen aan de slag! zijn financieel vertaald in de begroting en er is voor zover mogelijk rekening gehouden met de stijgende kosten als gevolg van loon- en prijsstijgingen. Het overzicht incidentele baten en lasten laat zien dat het begrotingsjaar 2025 ook reëel en structureel sluitend is en het weerstandsvermogen blijft in de categorie hoog. Het OZB-tarief stijgt enkel met het inflatiepercentage en de tariefstijging van de rioolheffing wordt beperkt door het inzetten van de voorziening die afgelopen jaren is opgebouwd. De stijging van de totale lastendruk voor de inwoners blijft hierdoor in 2025 beperkt tot maximaal 6,6%.
Inleiding & beeldvorming Hierbij bieden wij u de Programmabegroting 2025 en de meerjarenraming 2026 – 2028 aan. In deze Programmabegroting geven wij de beleidskaders en de financiële kaders voor het komende begrotingsjaar aan. Aan de basis voor de Begroting 2025 staan het Collegewerkprogramma 2022 – 2026, Samen aan de slag! en de Zomernota 2024. Doelstelling Met de vaststelling van de Programmabegroting 2025 worden de programma’s door de raad vastgesteld. Hiermee geeft de raad aan wat de speerpunten zijn voor het jaar 2025. Ook worden de budgetten per programma geautoriseerd voor het college.
1 van 7
Overwegingen Programma’s en paragrafen In het programmaplan zijn per programma de genoemde prioriteiten uit het collegewerkprogramma met daarbij het maatschappelijk effect opgenomen. Voor het jaar 2025 is aangegeven welke activiteiten ondernomen worden om bij te dragen aan deze doelstellingen en maatschappelijke effecten. De beleidslijnen van een aantal aspecten van het beheersproces treft u aan in de paragrafen. Lastendruk inwoners In de paragraaf Lokale heffingen wordt uitgebreid ingegaan op de verschillende lokale lasten en de lastendruk voor de inwoners. • De tarieven van de OZB stijgen met het inflatiepercentage van 3%, waarna bij het opstellen van de verordening voor 2025 een correctie plaatsvindt voor de waardeontwikkeling. • De afvalstoffenheffing is gebaseerd op het in april 2024 vastgestelde Afvalbeleidsplan 2024-2028. o Er is uitgegaan van 100% kostendekkendheid. o Het tarief voor de afvalstoffenheffing bestaat uit een vast en een variabel deel: het vaste deel is voor iedere belastingplichtige gelijk, het variabele deel van het tarief wordt bepaald door de wijze van aanbieding van het afval, via een container of via inworp in een ondergrondse container, en het volume van de container, 140 of 240 liter.
o De tarieven van de afvalstoffenheffing zijn gebaseerd op het gemiddeld aantal van 10 ledigingen per jaar voor een 140-liter container en 12 ledigingen per jaar voor een 240-liter container. Voor het aantal inworpen in een ondergrondse container is uitgegaan van 38. • De rioolheffing is gebaseerd op het in september 2023 vastgestelde Gemeentelijk Waterprogramma 2024 – 2027 (GWP). o Er is uitgegaan van 100% kostendekkendheid. o In de jaren 2025 tot en met 2027 wordt een onttrekking aan de voorziening overschotten riolering gedaan om de tariefstijging van de rioolheffing te beperken. Deze voorziening is in de afgelopen jaren opgebouwd uit overschotten op de rioolheffing en vrijval van de spaarvoorziening en voorziening kapitaallasten, zoals opgenomen in het nieuwe GWP. Met het inzetten van de voorziening om de tariefstijging te beperking, worden deze middelen teruggegeven aan de inwoners. In 2025 stijgen de woonlasten ten opzichte van 2024 met 6,6% voor meerpersoonshuishoudens met een huurwoning en met 5,4% voor meerpersoonshuishouden met een eigen woning. Voor eenpersoonshuishouden stijgen de woonlasten met respectievelijk 6,6% en 5,2%. Risico's In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing worden de risico’s afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit.
Zoals in de Zomernota 2024 is aangegeven, heeft er naast een inventarisatie van nieuwe risico’s ook een herijking van de bestaande risico’s plaatsgevonden. Het weerstandsvermogen is nagenoeg gelijk gebleven ten opzichte van de Begroting 2024 en blijft in de categorie hoog. De ratio van het weerstandsvermogen is voor 2025 berekend op 4,46.
2 van 7
Financiële gevolgen Financiële middelen Hieronder is samenvattend de opbouw van de begrotingssaldi opgenomen. Begroting
Stand meerjarenbegroting 2024 - 2027 Vastgestelde begrotingswijzigingen voor Zomernota 2024 Mutaties Zomernota 2024 Saldo Zomernota periode 2025 - 2028 Mutaties Begroting 2025 Saldo Begroting 2025 - 2028
2025
2026
2027
2.817.000
-1.038.000
92.000
-715.000
-728.000
-732.000
-708.000
-415.000
183.000
1.394.000
-1.351.000
-458.000
343.000
329.000
374.000
1.737.000
-1.022.000
-84.000
2028 92.000
1.493.000
284.000
Op 4 juli 2024 heeft de gemeenteraad de Zomernota 2024, met daarin de Kadernota 2025, vastgesteld. Bij de Zomernota 2024 werd voor de jaren 2025 en 2028 een positief sluitende begroting verwacht en werd voor de jaren 2026 en 2027 een negatief sluitende begroting verwacht. Na de vaststelling van de Zomernota 2024 heeft zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan, waardoor het financieel beeld voor de jaren 2025 - 2028 is gewijzigd ten opzichte van de Zomernota 2024. In de uiteenzetting financiële positie zijn alle mutaties ten opzichte van de Zomernota 2024 toegelicht. Hierbij is ook een aantal onzekerheden uit de Zomernota verder geconcretiseerd. Enkele onderwerpen worden nog verder uitgewerkt en zijn als PM-post opgenomen. In de voorliggende Programmabegroting 2025 sluiten zowel het begrotingsjaar 2025 als het laatste jaar van de meerjarenraming, 2028, met een positief saldo. Voor de jaren 2026 en 2027 resteert nog een negatief saldo. Samenvattend ontstaat voor de jaren 2025 – 2028 het volgende beeld. 2025: € 1.737.000 positief 2026: € 1.022.000 negatief 2027: € 84.000 negatief 2028: € 284.000 positief Het begrotingssaldo voor het jaar 2025 bedraagt € 1.736.786 positief. Wij stellen u voor om het begrotingssaldo op dit moment nog niet te bestemmen.
De kostenstijging door indexering van lonen en prijzen blijft lastig in te schatten voor de komende jaren en wordt indien nodig bij de Zomernota 2025 bijgesteld. Ook is nog onzeker of het kabinet nog maatregelen neemt die van invloed zijn op de meerjarenraming van gemeenten.
3 van 7
Daarnaast is in de begroting een aantal onderwerpen benoemd waarvoor nog een (raads)besluit nodig is om hier mee verder te kunnen in de uitvoering. Hierbij kan ook sprake zijn van een keuzemogelijkheid iets wel of niet te doen en de manier waarop iets te doen. Omdat dit nog niet duidelijk is of afhankelijk is van verdere besluitvorming door de gemeenteraad wordt hiervoor een PM post opgenomen (zie uiteenzetting financiële positie in de Programmabegroting 2025), waardoor het in de P&C cyclus wel in beeld blijft. Bij de verdere uitwerking kan dan, in een voorstel aan uw raad, ook een beroep worden gedaan op het begrotingssaldo voor het jaar 2025 en de meerjarenraming 2026-2028. Uiteraard kan het begrotingssaldo alleen worden ingezet nadat uw raad hierover een besluit heeft genomen. Gedurende het begrotingsjaar 2025 wordt via de P&C cyclus inzicht gegeven in de ontwikkeling van het begrotingssaldo en kan hierop worden (bij)gestuurd. Indien er gedurende het jaar 2025 een positief saldo blijft, kan dit worden toegevoegd aan de algemene reserve ter verbetering van de vermogenspositie. Via de P&C-cyclus zal hiervoor dan in 2025 een voorstel aan uw raad worden voorgelegd. Begrotingsjaar 2028 Het saldo voor het begrotingsjaar 2028 is bij de Zomernota indicatief ingeschat. Dit saldo was in de Zomernota € 1.493.000 positief. De huidige stand geeft een beeld van € 284.000 positief.
Dit is een nadelig verschil van € 1.209.000. In de Zomernota is aangegeven dat 2028 is gebaseerd op 2027 en dat deze bij de opstelling van de begroting opnieuw wordt opgebouwd. Aangezien de positieve effecten vanuit de meicirculaire 2024 voor het jaar 2028 zijn meegenomen in de Zomernota, maar de stijging in de loonkosten (ca. € 775.000) en de stijging door het jaarlijks indexeren van de budgetten (ca. € 500.000) gelijk zijn gehouden aan het jaar 2027 is er een scheef beeld ontstaan. Hierdoor komt het saldo voor het jaar 2028 nu lager uit dan in de Zomernota werd verwacht. Financiële kengetallen In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt uitgebreid ingegaan op de volgende wettelijk verplichte kengetallen. • netto schuldquote & de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; • solvabiliteitsratio; • structurele exploitatieruimte; • grondexploitaties; • belastingcapaciteit. Zoals in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing is opgenomen, geven deze kengetallen een beeld dat vergelijkbaar is met voorgaande jaren. De gemeente Halderberge is qua financiële vermogenspositie nog niet op het gewenste punt. Conclusie financiële positie De Programmabegroting 2025 laat een positieve ontwikkeling zien. Ten opzichte van de Zomernota 2024 zijn de begrotingssaldi voor de jaren 2025 - 2027 verbeterd.
Zowel het begrotingsjaar 2025 als het laatste jaar van de meerjarenraming, 2028, sluiten met een positief saldo. Voor de jaren 2026 en 2027 resteert nog een negatief saldo. De ambities uit het collegewerkprogramma 2022-2026, Samen aan de slag! zijn financieel vertaald in de begroting en er is voor zover mogelijk rekening gehouden met de stijgende kosten door indexering van lonen en prijzen. Het overzicht incidentele baten en lasten laat zien dat het begrotingsjaar 2025 ook reëel en structureel sluitend is en het weerstandsvermogen blijft in de categorie hoog.
4 van 7
Het OZB-tarief stijgt enkel met het inflatiepercentage en de tariefstijging van de rioolheffing wordt beperkt door het inzetten van de voorziening die afgelopen jaren is opgebouwd. De stijging van de totale lastendruk voor de inwoners blijft hierdoor in 2025 beperkt tot maximaal 6,6%. Het begrotingsjaar 2025 is reëel sluitend (rekening houdend met incidentele baten en lasten), waarmee dan ook voldaan wordt aan de voorwaarde van de provincie voor repressief toezicht. De meerjarenraming heeft een negatief saldo voor 2026 en 2027 en het saldo voor het jaar 2028 is € 284.000 positief. Dit betekent dat er op dit moment weinig tot geen ruimte meer is in de meerjarenraming om eventuele tegenvallers binnen de exploitatie op te kunnen vangen. Overigens wordt dit financieel beeld bij veel andere gemeenten ook verwacht. De VNG is dan ook al langere tijd druk bezig om hiervoor aandacht te vragen bij het kabinet. Het college zal deze ontwikkelingen van de rijksoverheid dan ook nadrukkelijk volgen. De inzet van de VNG en ook van het college is dan ook om na het ravijnjaar 2026 vanaf 2027/2028 te komen tot een structureel sluitende meerjarenraming. In het collegewerkprogramma 2022-2026, Samen aan de slag! is als doelstelling opgenomen dat de gemeente streeft naar een solvabiliteit van minimaal 20%. In de Begroting 2025 is de solvabiliteitsratio geraamd op 16,7%.
Tweemaal per jaar, bij de jaarrekening en bij de begroting, wordt de voortgang getoetst door middel van de financiële kengetallen. De kengetallen schuldquote en solvabiliteit worden in grote mate beïnvloed door het investeringsprogramma. Dat is de komende jaren nog omvangrijk, waardoor er vooralsnog geen verbetering ontstaat in de ontwikkeling van de kengetallen. Duurzaamheid n.v.t. Burger-& overheidsparticipatie n.v.t. Communicatie Naar aanleiding van de Programmabegroting 2025 is een persbericht verstuurd. Verder is voor externe publicatie een infographic (begroting in één oogopslag) gemaakt. Deze infographic wordt na vaststelling van de Programmabegroting door de gemeenteraad gepubliceerd in de Halderbergse Bode. Daarnaast wordt de vastgestelde Programmabegroting en de infographic op de website geplaatst en wordt de infographic gedeeld via social media. Op deze manier wordt bekendheid gegeven aan de Programmabegroting 2025. De Programmabegroting 2025 wordt digitaal beschikbaar gesteld via het financieel portaal op onze website: https://financieelportaal.halderberge.nl. Via dit portaal zijn alle financiële documenten van onze gemeente te zien. Dit staat overzichtelijk bij elkaar voor u als raadsleden en voor inwoners en andere belangstellenden.
In de Programmabegroting kan via het menu of de zoekfunctie gemakkelijk en snel naar het juiste onderdeel digitale ‘gebladerd’ worden. Vervolg Via de reguliere P&C cyclus wordt uw raad op diverse momenten in het jaar geïnformeerd over de voortgang van de programma’s en de financiële ontwikkelingen.
5 van 7
Voorstel Wij stellen u voor: 1. De Programmabegroting 2025 vast te stellen; Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge.
Bijlage:
Programmabegroting 2025 Concept infographic: begroting in één oogopslag (wordt nog toegezonden)
6 van 7
RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Halderberge; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 15 oktober 2024; gelet op de Gemeentewet en het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten; BESLUIT: 1. De Programmabegroting 2025 vast te stellen; Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Halderberge op 14 november 2024,
de griffier,
de voorzitter,
drs. A. Koenen
drs. B.J.A. Roks
7 van 7