Raadsvoorstel Delegatiebesluit omgevingsplan.pdf
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Zaaknummer
285949
Contactpersoon
Chantal van den Heuvel
Raadsvergadering d.d. 10 februari 2022
Commissie
B&O (beheer en ontwikkeling) 26 januari 2022
Portefeuillehouder
Telefoonnummer
140165
Hans Wierikx, wethouder
Onderwerp Delegatiebesluit Omgevingsplan
Samenvatting Door de inwerkingtreding van de Omgevingswet verandert er veel in het fysieke domein. De bestaande bestemmingsplannen worden van rechtswege het gemeentelijk omgevingsplan. De bestaande regelingen voor het delegeren van onderdelen van het bestemmingsplan komen te vervallen. Een delegatiebevoegdheid die we nu kennen in het bestemmingsplan is bijvoorbeeld de wijzigingsbevoegdheid. De wetgever kiest ervoor om geen mogelijkheid voor wijzigingsbevoegdheden meer in het omgevingsplan op te nemen. In plaats daarvan komt een algemene delegatiemogelijkheid: de gemeenteraad kan een delegatiebesluit nemen waarmee het college de bevoegdheid krijgt om delen van het omgevingsplan te wijzigen (artikel 2.8 Omgevingswet). Door dit delegatiebesluit kan de gemeenteraad besluiten onder voorwaarden het vaststellen van een omgevingsplan te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders. Het gaat hierbij over de volgende onderwerpen: 1. 2. 3. 4. 5.
bestaande wijzigingsbevoegdheden onder de Omgevingswet; het vertalen van verleende omgevingsvergunningen in afwijking van het omgevingsplan; het vertalen van beleidsregels van de gemeenteraad in het omgevingsplan; nieuwe ontwikkelingen onder voorwaarden; het nemen van een voorbereidingsbesluit.
Inleiding & beeldvorming De aankomende inwerkingtreding van de Omgevingswet maakt het noodzakelijk om de delegatiebevoegdheden te heroverwegen. De bestaande wijzigingsbevoegdheden in bestemmingsplannen vervallen van rechtswege bij inwerkingtreding van de Omgevingswet. Hiernaast maakt de Omgevingswet het mogelijk om nieuwe bevoegdheden te delegeren van de raad naar het college.
1 van 5
Binnen de huidige Wet ruimtelijke ordening (Wro) is het beperkt mogelijk onderdelen van het bestemmingsplan te delegeren aan het college. Alle bestemmingsplannen moeten worden vastgesteld door de raad. De Omgevingswet brengt hier verandering in vanuit het doel te komen tot snellere en betere besluitvorming en dienstverlening. De Omgevingswet geeft de raad hierdoor meer ruimte om een kaderstellende rol in te nemen. Samen met het betrekken van de omgeving door middel van participatie verandert de positie van de overheid en de rollen van de raad en het college. Deze moeten meer aansluiten bij de veranderende maatschappelijke verhoudingen: werken op basis van vertrouwen. De gedachte van de Omgevingswet is dat de gemeenteraad stuurt op hoofdlijnen waar het college verantwoordelijk is voor de uitvoering hiervan. Tijdens 2 masterclasses over de Omgevingswet en een beeldvormende raadsbijeenkomst bent u in 2021 geïnformeerd over de processen van de Omgevingswet. Daarnaast is dit onderwerp besproken in de raadswerkgroep Omgevingswet.
Doelstelling De Omgevingswet streeft naar betere en snellere besluitvorming. Daar waar de raad haar kaderstellende rol heeft vervuld, kan het college aan de slag met de concrete uitvoering daarvan.
Overwegingen 1.1 De gemeenteraad bepaalt het beleid over de fysieke leefomgeving Dit beleid staat, nadat de Omgevingswet is gaan gelden, in het omgevingsplan. Het omgevingsplan is op datum van inwerkingtreding van de wet een verzameling van alle geldende bestemmingsplannen. 1.2 De gemeenteraad kan het college de bevoegdheid geven om delen van het omgevingsplan te wijzigen Door dit te doen kan de gemeente met een relatief eenvoudige procedure er voor zorgen dat de regels in het omgevingsplan aangepast worden. Met deze procedure kunnen alleen delen van het omgevingsplan worden gewijzigd. Met dit besluit wordt bepaald welke onderdelen gedelegeerd worden. 1.3 Delegatie van bestaande wijzigingsbevoegdheden past binnen bestaande kaders Onder de Wro kan de raad in het bestemmingsplan een wijzigingsbevoegdheid opnemen waarmee het college door middel van een wijzigingsplan een beoogde ontwikkeling mogelijk kan maken. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet kan geen gebruik meer worden gemaakt van bestaande wijzigingsbevoegdheden aangezien er onder de Omgevingswet juridisch geen bestemmingsplan meer kan worden opgesteld. Het doel van de wijzigingsbevoegdheden blijft wel overeind.
Het is een middel om de besluitvorming te versnellen en, met vooraf gestelde kaders in het omgevingsplan van rechtswege duidelijkheid te scheppen en rechtszekerheid te geven aan zowel initiatiefnemers als de directe omgeving van een ontwikkeling. Je anticipeert als het ware op voorzienbare, toegestane en gewenste ontwikkelruimte om deze sneller mogelijk te maken. Het omgevingsplan maakt het mogelijk door een delegatiebesluit de methodiek van de wijzigingsbevoegdheid te continueren. De raad wordt voorgesteld om omgevingsplannen die voldoen aan de regels van een wijzigingsbevoegdheid te delegeren aan het college. 1.4 Delegatie van het verwerken van de reeds verleende buitenplanse Omgevingslanactiviteiten in het omgevingsplan is een uitvoeringstaak De Buitenplanse Omgevingsplanactiviteiten (BOPA’s) dienen binnen maximaal 5 jaar (te rekenen vanaf 2029) te worden verwerkt in het Omgevingsplan. Aangezien er reeds besluitvorming heeft plaatsgevonden over deze BOPA’s wordt bij het integreren van deze BOPA’s geen nieuwe ontwikkeling mogelijk gemaakt en worden er geen nieuwe rechten toegekend aan de locatie. Om deze reden is een nieuw raadsbesluit niet noodzakelijk en is het
2 van 5
voor een snellere besluitvorming wenselijk dit (deel van het) omgevingsplan door het college te laten vaststellen. 1.5 Het delegeren van het vertalen van beleidsregels van de raad in het omgevingsplan geeft sneller een actueel omgevingsplan Nieuw vastgesteld beleid dient vaak nog verwerkt te worden in concrete regels in het omgevingsplan. Pas wanneer deze regels in het omgevingsplan zijn opgenomen kunnen ontwikkelingen aan het nieuwe beleid worden getoetst. Om de besluitvorming en integratie van het vertalen van nieuw beleid in het omgevingsplan te versnellen, is het wenselijk om de vaststelling van het omgevingsplan bij de integratie van nieuwe besluit te delegeren van de gemeenteraad naar het college. 1.6 Delegatie van nieuwe ontwikkelingen past in de geest van de Omgevingswet De Omgevingswet maakt het mogelijk onder voorwaarden nieuwe ontwikkelingen te delegeren aan het college. Een nieuwe ontwikkeling dient te voorzien in de realisatie van een nieuwbouwplan of de wijziging van het gebruik van het perceel. Op deze manier kan de besluitvorming bij stedelijke ontwikkelingen versneld worden. Het voorstel is om onder onderstaande voorwaarden het vaststellen van een nieuwe ontwikkeling te delegeren van de gemeenteraad naar het college; 1. Het voeren van een zorgvuldige omgevingsdialoog. 2. Er geen zienswijze(n) is ingediend op een ontwikkelplan. 3.
De ontwikkeling is passend binnen het gemeentelijk beleid 1.7 Delegatie van het nemen van een voorbereidingsbesluit past in de geest van de Omgevingswet Het nemen van een voorbereidingsbesluit beperkt de rechten van een persoon of bedrijf direct. Door het nemen van een voorbereidingsbesluit worden de planologische rechten op een locatie (tijdelijk) bevroren omdat er een nieuwe ontwikkeling op deze locatie wordt voorzien waarbij de huidige planologische rechten een bedreiging vormen, ofwel een fout in de planologische regeling zit. Door het nemen van een voorbereidingsbesluit kan voorkomen worden dat op deze locatie ongewenste ontwikkelingen plaatsvinden. Onder de huidige Wro kan alleen de raad een voorbereidingsbesluit nemen. De doorlooptijd van een soortgelijk besluit is dusdanig lang dat in de tussentijd wellicht al ongewenste ontwikkelingen zijn opgetreden. De Omgevingswet maakt het mogelijk het voorbereidingsbesluit te delegeren aan het college om op deze manier de besluitvorming te versnellen. Het voorstel is om onder onderstaande voorwaarden het nemen van een voorbereidingsbesluit te delegeren van de gemeenteraad naar het college; 1. Het voeren van een zorgvuldige omgevingsdialoog. 2. Er geen zienswijze(n) is ingediend op een ontwikkelplan. 3.
De ontwikkeling is passend binnen het gemeentelijk beleid 1.8 De raad kan ook een delegatiebesluit nemen over het kunnen wijzigen van de omgevingsvisie Het college stelt de raad niet voor om het wijzigen van de omgevingsvisie te delegeren aan het college. In de omgevingsvisie stelt de raad de kaders vast. Mocht de omgevingsvisie aangepast moeten worden, dan zal het college daartoe een voorstel aanbieden aan de raad waarop de raad een besluit neemt. Hiermee houden we de rolverdeling tussen raad en college zo zuiver mogelijk. Risico's Op dit moment worden geen risico’s voorzien. 1 jaar na inwerkingtreding van dit voorstel wordt de nieuwe werkwijze geëvalueerd. Daarbij is specifiek aandacht voor de onderdelen die nu voor het eerst gedelegeerd worden aan het college. De evaluatie wordt opgesteld door de raadswerkgroep Omgevingswet. Mocht uw raad geen delegatiebesluit nemen, worden planologische procedures naar verwachting langer door de extra processtap.
3 van 5
Financiële gevolgen Er zijn geen financiële gevolgen van dit besluit. Duurzaamheid Niet van toepassing. Burger-& overheidsparticipatie Over dit procesvoorstel heeft geen burger-& overheidsparticipatie plaatsgevonden. Communicatie Het delegatiebesluit wordt conform de bepalingen in de Gemeentewet bekend gemaakt via Overheid.nl. Vervolg Het besluit treedt in werking op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt. In de ambtelijke werkprocessen kan het besluit worden ingevoerd. Mochten er concrete initiatieven komen, kunnen de initiatiefnemers geïnformeerd worden over de processtappen in de planologische procedure. Voorstel Wij stellen u voor: Het wijzigen van het omgevingsplan te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders voor het vaststellen van: 1. een wijziging van het Omgevingsplan: a. die voldoet aan de eisen van de wijzigingsbevoegdheden uit het Omgevingsplan van rechtswege; b. dat voorziet in het opnemen van een onherroepelijke buitenplanse Omgevingsplanactiviteit; c. dat voorziet in het uitwerken van reeds vastgesteld beleid. d. dat voorziet in een ontwikkeling onder de volgende voorwaarden: I. er is een zorgvuldige omgevingsdialoog gevoerd; II. de ontwikkeling past binnen het gemeentelijk beleid; III. er zijn geen zienswijze(n) ingediend op het betreffende plan. 2. een voorbereidingsbesluit onder de volgende voorwaarden: I.
er is een zorgvuldige omgevingsdialoog gevoerd; II. de ontwikkeling past binnen het gemeentelijk beleid; III. er zijn geen zienswijze(n) ingediend op het betreffende plan. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge.
Bijlage: -
4 van 5
RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Halderberge; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 21 december 2021; gelet op de artikelen 2.8 en 4.14, vijfde lid Omgevingswet; BESLUIT: Het wijzigen van het omgevingsplan te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders voor het vaststellen van: 1. een wijziging van het Omgevingsplan: a. die voldoet aan de eisen van de wijzigingsbevoegdheden uit het Omgevingsplan van rechtswege; b. dat voorziet in het opnemen van een onherroepelijke buitenplanse Omgevingsplanactiviteit; c. dat voorziet in het uitwerken van reeds vastgesteld beleid. d. dat voorziet in een ontwikkeling onder de volgende voorwaarden: I. er is een zorgvuldige omgevingsdialoog gevoerd; II. de ontwikkeling past binnen het gemeentelijk beleid; III. er zijn geen zienswijze(n) ingediend op het betreffende plan. 2. een voorbereidingsbesluit onder de volgende voorwaarden: I. er is een zorgvuldige omgevingsdialoog gevoerd; II. de ontwikkeling past binnen het gemeentelijk beleid; III. er zijn geen zienswijze(n) ingediend op het betreffende plan. Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Halderberge op 10 februari 2022, de griffier,
de voorzitter,
drs. A. Koenen
drs. B.J.A. Roks
5 van 5