Raadsvoorstel Beleidsplan wegen 2027 - 2031 (2).pdf
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Zaaknummer
1399601
Contactpersoon
Raadsvergadering d.d. 21-05-2026
Commissie
Portefeuillehouder
Telefoonnummer
Thomas Melisse, wethouder
Jac Borghouts
0165-390500
Onderwerp Beleidsplan wegen 2027 - 2031 Samenvatting De huidige beleidsperiode voor het beheer en onderhoud aan wegen loopt van 2022 tot en met 2026. Op basis van de wegeninspectie 2025, met aanvullend in 2026 een inspectie speciaal voor trottoirs, voet- en fietspaden, is een nieuw ontwerp-beleidsplan opgesteld, waarin de staat van onderhoud van alle verhardingen is weergegeven. In het rapport zijn voor de meeste vervolgscenario’s de beide ambities uit het collegewerkprogramma 2022-2026 meegenomen, namelijk niveau B CROW voor de trottoirs, voet- en fietspaden en niveau C CROW voor de overige verhardingen als ook de (financiële) maatregelen die hiervoor nodig zijn. In alle scenario’s verschuift de grootschalig aanpak van asfalt naar elementen.
Een bijkomend voordeel is hiermee dat, doordat de elementen voornamelijk liggen binnen de bebouwde kom waar dus ook veel riool, kabels en leidingen liggen, er vanzelfsprekend nog meer afstemming moet zijn met interne en externe stakeholders, zoals voor de aanpak van het riool en de energietransitie, Het college stelt de gemeenteraad voor om te kiezen voor scenario 2 (omvormen verharding aansluitend op de Mobiliteitsvisie), waarbij er meer aandacht zal zijn voor de grootschalige aanpak van elementenverhardingen en de passende inrichting gelet op de verhardingssoort in relatie tot de gewenste snelheid op een weg of straat, zoals opgenomen in het Mobiliteitsplan van de gemeente Halderberge.
Inleiding & beeldvorming Op 3 juni 2021 stelde de raad het Beleidsplan voor wegen 2022-2026 vast. Met het vaststellen van het collegewerkprogramma 2022-2026 is speciaal aandacht gevraagd voor het verhogen van de kwaliteit van trottoirs, voet- en fietspaden en zijn ook door de gemeenteraad extra middelen beschikbaar gesteld. Begin 2025 is er een nieuwe wegeninspectie uitgevoerd wat inzicht geeft in de staat van onderhoud van de verschillende verhardingen. Aanvullend is begin 2026 een inspectie gedaan speciaal op de onderhoudstoestand van de trottoirs, voet- en fietspaden. Op basis van de genoemde inspecties is een ontwerp-beleidsplan opgesteld, waarin de staat van onderhoud van alle wegverhardingen is weergegeven. In het rapport wordt ingegaan op de te behalen gemiddelde onderhoudsniveau ’s en de (financiële) maatregelen die hiervoor nodig zijn. Hierbij wordt benadrukt dat vanuit de staat van onderhoud aan de wegen CROW-niveau C het laagst landelijk geaccepteerde onderhoudsniveau is. De kwaliteitsniveaus zijn beschreven in CROW-publicaties 146 en 147. Landelijk heeft de energietransitie veel impact op de ontwikkelingen in de openbare ruimte, maar 1 van 9
er zijn meer ambities, zoals de aanpak van het riool, de waterleiding en de mogelijke uitrol van warmtenetten. Ook in Halderberge geeft dit meer complexiteit in het afstemmen van plannen en de invulling van de kwaliteitsambities. Doelstelling Het huidige beleid voor het beheer en onderhoud aan wegen (2022-2026) herijken naar aanleiding van de uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden in de genoemde periode en de tweejaarlijkse wegeninspectie die begin 2025 is uitgevoerd met aanvullend een extra inspectie op de staat van onderhoud van trottoirs, voet- en fietspaden, uitgevoerd begin 2026. Op basis van de resultaten kan de gemeenteraad middelen toewijzen voor het groot onderhoud/ voorziening, de reconstructies (IP) en het klein onderhoud aan wegen. Overwegingen - Nieuw beleidsplan 2027-2031. De huidige beleidsperiode loopt eind 2026 af. De toekomstige middelen voor het beheer en onderhoud van wegen, trottoirs, voet- en fietspaden zijn voor de jaren 2027 en verder, nog niet onderbouwd en moeten nodig worden herzien. Scenario 1, 2 en 3 zijn opgesteld met als referentie de huidige ambities (gemiddeld CROW-B niveau voor trottoirs, voet- en fietspaden, gemiddeld CROW-C niveau voor de overige verhardingen). - Het voorleggen van de opties. In het nieuwe beleidsplan zijn 5 scenario’s opgenomen.
Voor alle scenario’s is van toepassing dat het zwaartepunt voor het uitvoeren van onderhoud moet worden gelegd op de grootschalige aanpak van elementenverhardingen. Het asfaltonderhoud is onder controle en heeft de komende jaren relatief weinig middelen nodig. Aandachtspunt hierbij is wel de wegen die zijn gelegen in de polder ten noorden van Hoeven. Door de minder draagkrachtige ondergrond is het moment van ingrijpen minder tastbaar en de mate van (groot) onderhoud / reconstructie lastiger in te schatten. Deze wegen moeten ook vaker worden geïnspecteerd. Als ondergrens voor alle scenario’s is het kwaliteitsniveau CROW-C aangehouden. Alles onder beeldniveau C wordt gezien als achterstallig onderhoud waarbij niet meer wordt voldaan aan weten regelgeving. Door het laten oplopen van schadebeelden in de verhardingen (wat bij een niveau CROW tot een bepaalde marge mag, wordt het risico op aansprakelijkheidsstellingen groter. In de Wegenwet (artikel 15) en de Wegenverkeerswet (artikel 2) is geregeld dat de gemeente een zorgplicht (goed rentmeesterschap) heeft voor de verhardingen binnen de gemeente. Een andere optie lager dan niveau C heeft het risico in zich dat niet meer wordt voldaan aan de wettelijke zorgplicht. - De keuze voor scenario 2. De 5 beschreven scenario’s in het nieuwe beleidsplan streven naar het behalen en behouden van het kwaliteitsniveau C of hoger.
De keuze om het gehele areaal naar niveau B te krijgen is zeer lastig, zeker omdat er steeds meer factoren een rol spelen en invloed uitoefenen op de kwaliteit van de openbare ruimte. Met name de energietransitie maakt dit voor de komende vijf jaar bijna onmogelijk. Immers, planningen van de gemeente, de NUTS- partijen en in beperkte mate telecombedrijven moeten steeds meer en vaker op elkaar worden afgestemd, werkzaamheden worden steeds complexer. De doorlooptijd wordt langer en de start van werkzaamheden, zoals de gemeente graag zou willen, moet vaker (logischerwijs) verschuiven om werk met werk te kunnen maken en om maatschappelijke overlast te beperken. In de keuze van de verhardingssoort ontstaat er steeds meer een spagaat tussen comfort en de passende inrichting, vooral bij lagere snelheden. Daar waar vanuit verkeerveiligheid drempels en een elementenverharding gewenst zijn kan dit ook weer zorgdragen voor discomfort, trillingen en het gevoel van geluidsoverlast. (We spreken hierbij van een gevoel van geluidsoverlast, omdat vaak de mate van geluid binnen de gestelde landelijke marges blijft). In het verleden zijn in de gemeente Halderberge bepaalde wegen binnen de bebouwde kom in 2 van 9
asfalt uitgevoerd. Binnen de bebouwde kom is er meer en meer vraag naar lagere snelheden (30 km/u) en meer verkeersveiligheid. De inrichting met elementen is dan passender. Daar staat tegenover dat buiten de bebouwde kom nog wegen zijn uitgevoerd in elementenverhardingen met gebrek aan comfort voor met name fietsers en het risico op trillingen bij zwaarder verkeer. Bij hogere snelheden (60 km/u) is het aanbrengen van asfalt weer passender. In scenario 2 wordt nog meer gekeken naar de Mobiliteitsvisie 2023 - 2027 (vastgesteld door de raad op 25 mei 2023) en de voorgeschreven richtlijnen in relatie tot de bestaande wegen. Hierbij wordt onderhoud aan de bestaande verharding niet uitgevoerd, maar wordt de verharding aangepast naar de gewenste inrichting. Deze nieuwe inrichting geeft meer handvaten voor handhaving en geven de weggebruikers en aanwonenden meer gevoel van verkeersveiligheid. Als bijlage is een lijst gevoegd van welke wegen hiervoor in aanmerking komen. Echter, de locatie van de weg kan ook redenen geven om het niet te doen. Dit moet zorgvuldig met bewoners en andere stakeholders worden onderzocht. Het moment van het aanpassen van de verhardingen zal met name ook afhangen van het einde van de (technische) levensduur van materialen, zodat er geen sprake is van kapitaalsvernietiging. - Scenario 1, 3, 4 en 5.
Scenario 1 waarin de huidige ambities zijn opgenomen en scenario 3 blijven een andere mogelijkheid. Bij scenario 3 wordt nog een extra impuls gegeven aan innovatie en mogelijke proeflocaties voor ontwikkelingen in de wegenbouw. Gelet op alle ambities in de openbare ruimte is scenario 4, waarbij alle verhardingen op het onderhoudsniveau CROW-B voor de komende beleidsperiode worden gebracht, niet haalbaar. In de komende jaren moet er in de openbare ruimte heel veel gebeuren, waarbij vele planningen (ook van externen partijen waar we als gemeente geen vat op hebben qua organisatie en beschikbaarheid van middelen) over elkaar heen moeten worden gelegd ter voorkoming van zoveel mogelijk maatschappelijke overlast. Dit maakt het onmogelijk om de middelen zo te besteden dat na 5 jaar het gewenste niveau is bereikt. Het scenario is echter wel uitgewerkt om zichtbaar te maken welke middelen hiervoor nodig zouden zijn en een vergelijking te hebben in de verschillende kwaliteitsniveaus met de daarbij behorende middelen. Scenario 5 laat alle ambities los en gaat uit van het gemiddelde CROW-C niveau; de (juridische) ondergrens. Risico's - Het niet beschikbaar stellen van de benodigde middelen. Een wegeninspectie blijft een momentopname, die op het moment van inspecteren een realistisch beeld geeft van de staat van onderhoud van wegen.
In de voorgaande beleidsperiodes, en ook het huidige, zijn er keuzes gemaakt om met name de asfaltwegen goed te onderhouden. Dit heeft een positief effect gehad op de huidige staat van onderhoud van asfaltwegen. Deze is onder controle en behoeft de komende jaren relatief weinig onderhoud met minder kosten. Voor de wegen in het poldergebied van Hoeven blijft extra aandacht qua monitoring en inspecties. Overigens heeft de staat van de fietspaden geprofiteerd van de aanpak van asfaltwegen. Veel fietspaden in Halderberge zijn uitgevoerd in asfalt. In de afgelopen jaren is echter te weinig aandacht geweest voor de aanpak van elementen, zoals betonklinkers, gebakken materialen en tegels in het trottoir. Voor specifiek de aanpak van trottoirs, voet- en fietspaden is dit vanaf 2024 deels gecompenseerd en is er ook resultaat behaald. Het gemiddelde onderhoudsniveau van de wegen en straten uitgevoerd in elementen is ondermaats. Dat het gemiddelde onderhoudsniveau van alle wegen binnen de gemeente wel op CROW-C niveau zijn, is met name door de goede staat van onderhoud van asfaltwegen. Er moet meer aandacht komen voor de grootschalige aanpak van elementenverhardingen. Kenmerkend is dat met name binnen de bebouwde kom deze elementenverhardingen 3 van 9
aanwezig zijn en voor veel bewoners de aanpak voor een positieve beleving van de buitenruimte kan zorgen. - Werk met werk maken, ofwel afstemming op andere ambities Er zijn veel andere ambities die van invloed zijn op de kwaliteit van de openbare ruimte. Zo zijn er de werkzaamheden aan het riool, maar meer nog de uitrol van de energietransitie waardoor energiekabels worden verzwaard en/of verdeelstations en transformatorhuisjes worden vergroot. Ook andere kabel- en leidingbeheerders voeren de reguliere onderhoudswerkzaamheden uit, waarbij Brabant Water een behoorlijke ambitie heeft op het vervangen van de waterleidingen. Al deze ambities zouden in 1 planning gegoten moeten worden, wat echter haast onmogelijk is. Het is aan de gemeente om vanuit haar coördinatieplicht hierin overzicht te houden en afstemming te zoeken. De uitrol van andere ambities kan en zal in een vrij hoge mate van zekerheid een vertragende werking hebben op de ambitie van de gemeente Halderberge voor de verschillende verhardingen. Het te kiezen scenario en daarbij het beschikbaar stellen van middelen moet dan ook een reëel scenario zijn passend in de andere ambities. Scenario 4 zou dan geen reëel scenario zijn.
- De keuze voor scenario 2 In dit scenario wordt de relatie gelegd met de Mobiliteitsvisie; een passende verharding in relatie tot de gewenste snelheid op deze weg, met name ook op de bestaande wegen. Dat maakt dat een aantal asfaltwegen, met name gelegen binnen de bebouwde kom, in elementenverhardingen (dus betonklinkers of gebakken klinkers) moet worden uitgevoerd of in het buitengebied juist dat elementen in asfalt moeten worden uitgevoerd. Echter, asfalt geeft minder of ander geluid van de verschillende deelnemers in het verkeer. Met name het “rolgeluid” van auto’s en vrachtwagens is op asfalt minder hoorbaar. De aanwezigheid van elementen in de weg heeft als grote voordeel dat de snelheid van verkeer vaak omlaag gaat en ook verkeersdrempels in elementenverhardingen hebben een beter snelheid vertragend effect. Het onderhoud aan elementen is goedkoper dan aan asfalt. Per locatie moet de keuze op de gewenste verharding goed worden afgewogen, wel of niet in overleg met bewoners en evt. andere stakeholders. - Scenario 1, 3 en 5 De aanpak van de verhardingen gaat in scenario 1 niet verder dan het onderhouden van de bestaande verhardingen Scenario 3 heeft nog een extra component voor wat betreft de ontwikkelingen in de markt, alleen zal dit ook consequenties hebben voor de inzet van financiële middelen, mocht het resultaat van de innovatie tegenvallen.
De keuze voor scenario 5, alles op CROW C niveau is natuurlijk ook nog een mogelijkheid. In dit scenario ligt een terugval op achterstallig onderhoud wel op de loer. We zitten in dit scenario op de ondergrens van wat juridisch (en landelijk) nog acceptabel is. De ambitie om trottoirs, voet- en fietspaden op het kwaliteitsniveau CROW B te hebben en te houden, wordt in scenario 5 los gelaten. - Ontwikkelingen in de wereld Momenteel zijn er veel ontwikkelingen in de wereld die invloed (kunnen) uitoefenen op de benodigde middelen in relatie tot het scenario wat de raad kan kiezen. Deze ontwikkelingen die zorgen voor o.a. hogere energie- en brandstofprijzen en schaarste van grondstoffen, maar ook andere marktwerkingen zoals personeelsgebrek en inzetbaarheid van aannemers zijn van invloed op alle scenario’s. Met het bereiken van de volgende beleidsperiode zal duidelijk worden hoeveel invloed dit heeft gehad. Op voorhand is hiervoor geen doorrekening van te maken. Deels ook omdat binnen de uitvoeringsplanning er ook nog mogelijkheden zijn om hierop te anticiperen en we als gemeente ook nog te maken hebben met de andere ambities van andere stakeholders.
4 van 9
Benodigde formatie. In het beleidsplan is in hoofdstuk 7 de beschikbare formatie in onze gemeente vergeleken met een landelijke benchmark. Geconcludeerd kan worden dat de huidige formatie voor wegenbeheer in de gemeente Halderberge aan de krappe kant is. De huidige formatie bestaat nu uit 4 fte en zou op basis van het huidige areaal en zeker ook gelet op alle andere ontwikkelingen in de openbare ruimte, naar minimaal 5 moeten. Immers, door de vele ambities van de verschillende stakeholders staat de kwaliteit van de openbare ruimte onder druk, met name door de energietransitie. Het afstemmen van werkzaamheden vraagt steeds meer tijd. Het behoud van kwaliteit in de openbare ruimte van de verschillende verhardingen en het minimaliseren van de maatschappelijke overlast vraagt om meer toezicht en afstemming. Met het behandelen van de zomernota zal er, mede ook in relatie tot de energietransitie, organisatie-breed worden gekeken naar passende oplossingen. Financiële gevolgen In het Beleidsplan Wegen 2027-2031 worden vijf scenario’s beschreven met ieder financiële consequenties voor verschillende onderdelen van de begroting. Hieronder is per onderdeel beschreven wat de gevolgen bedragen: Exploitatiebudget: het exploitatiebudget wordt gebruikt voor klein onderhoud aan wegen. Per scenario is berekend welk bedrag hiervoor nodig is.
Het verschil tussen de huidige begroting en de benodigde middelen leidt tot een saldo per scenario. De financiële gevolgen van scenario 1 zijn beperkt. Scenario 2 en 4 resulteren in een positief saldo, terwijl scenario 3 en 5 juist leiden tot een negatief saldo. Groot onderhoud: de kosten voor groot onderhoud worden gedekt uit de voorziening groot onderhoud. De huidige jaarlijkse dotatie bedraagt € 716.000. In alle scenario’s vallen de geraamde kosten hoger uit dan de huidige dotatie van € 716.000 waardoor een verhoging van de dotatie noodzakelijk is. Investeringen: in het huidige investeringsprogramma (op basis van het Beleidsplan Wegen 2022-2026) zijn jaarlijkse investeringen opgenomen. De nieuwe ramingen wijzen uit dat in alle scenario’s minder hoeft te worden geïnvesteerd dan eerder geraamd. Kapitaallasten: de kapitaallasten op de investeringen worden berekend over het totaalbedrag van de kredieten (inclusief 3% personele lasten). De investeringen worden in 40 jaar afgeschreven. Doordat de geraamde investeringsbedragen lager uitvallen, nemen ook de jaarlijkse kapitaallasten af. Dit zorgt in alle scenario’s voor een financieel voordeel. Voor een compleet overzicht van de berekening per onderdeel wordt verwezen naar bijlage 4 – Berekening financiële gevolgen diverse scenario’s. In onderstaande tabel zijn de totale gevolgen van de verschillende scenario’s weergegeven:
Saldo scenario 1 Saldo scenario 2 Saldo scenario 3 Saldo scenario 4 Saldo scenario 5
2027 € -15.539 € -178.074 € -228.939 € -248.587 € -220.517
2028 € 19.645 € -156.202 € -212.062 € -232.685 € -201.018
2029 € 57.349 € -133.902 € -194.868 € -216.476 € -181.173
Voorstel scenario Om de verkeersveiligheid te vergroten en de inrichting van de wegen beter te laten aansluiten bij de uitgangspunten van de Mobiliteitsvisie, wordt voorgesteld om te kiezen voor scenario 2. Samenvattend zijn de financiële gevolgen van scenario 2 als volgt. -
Het benodigde exploitatiebudget ligt in 2027 € 13.329 lager dan in de begroting is opgenomen en loopt af naar € 8.293 in 2029.
5 van 9
-
De jaarlijkse kosten voor groot onderhoud wegen vallen in scenario 2 hoger uit dan geraamd. Daarom wordt voorgesteld de jaarlijkse dotatie in de voorziening groot onderhoud wegen te verhogen met € 191.403. Het bedrag aan investeringen (inclusief 3% personele lasten) neemt met € 551.137 af in 2027 en loopt op naar € 584.700 in 2029. Door het lagere investeringsbedrag nemen ook de kapitaallasten af. Dit leidt tot een voordeel van € 24.353 in 2028 en € 49.208 in 2029.
Dekking en gevolgen begroting Voorgesteld wordt om de additionele kosten van scenario 2 te dekken uit het begrotingssaldo 2026 en de meerjarenraming. Hierbij dient te worden opgemerkt dat in 2028 al sprake is van een negatief begrotingssaldo. Het negatieve saldo voor 2028 neemt als gevolg van dit voorstel toe. In de volgende tabel zijn de gevolgen van scenario 2 voor de begroting in beeld gebracht. In de tabel zijn ook de verdere voorstellen meegenomen die geagendeerd staan voor de raadsvergadering van 21 mei 2026 om het begroting saldo zo volledig mogelijk te kunnen tonen.
Duurzaamheid Bij het uitvoeren van onderhoud ontstaan er kansen op het gebied van klimaatadaptatie en duurzaamheid. Gedacht kan worden aan het aanbrengen van bijvoorbeeld waterbergende funderingen onder parkeervakken, aanvullende gunningseisen op het gebied van duurzaamheid (circulair, CO2-reductie) of het gebruik van andere (mogelijk vrijkomende) materialen. Gelet op de komende voorbereidingen op het opstellen van het nieuwe collegewerkprogramma wordt nu niet voorgesteld extra middelen vrij te geven en dit nu eerst verder uit te weken, mogelijk in combinatie met andere programma’s. Burger- & overheidsparticipatie Naar aanleiding van de keuze van de raad en de beschikbaar gestelde middelen wordt er een vijfjarenplanning (2027-2031) opgesteld. Bewoners, perceeleigenaren en andere stakeholders worden betrokken bij het inplannen van de juiste onderhoudsmaatregelen in de planning van opgevoerde wegen. Hierbij gaan we uit van informeren. Communicatie
6 van 9
Het besluit wordt samen met de tekst onder samenvatting op de openbare besluitenlijst geplaatst en door de portefeuillehouder in het wekelijkse persgesprek toegelicht. Voorafgaand aan de uitvoering van werkzaamheden zal aan bewoners en andere stakeholders worden gevraagd aanvullingen en of opmerkingen te maken over de voorgenomen maatregelen en onderhoudswerkzaamheden. Normaliter zijn dit reguliere onderhoudswerkzaamheden die niet gaan over een andere inrichting. Mocht de inrichting van de weg wel wijzigen dan worden bewoners hierover geïnformeerd en gevraagd naar hun zienswijzen. Vervolg Naar aanleiding van de door de raad gekozen optie wordt de vijfjarenplanning (2027-2031) opgesteld. Met het opstellen van deze planning wordt afstemming en rekening gehouden met andere plannen van andere stakeholders zoals de kabel- en leiding beheerders. Intern worden de voorgenomen werkzaamheden afgestemd zodat bij aanpak zoveel mogelijk werk met werk wordt gemaakt. Voorafgaand aan de uitvoering worden direct omwonenden meegenomen in de mogelijke omleidingen en planning van de werkzaamheden. Het streven blijft om tijdens de uitvoering van werkzaamheden de bereikbaarheid van percelen zo goed mogelijk te faciliteren.
Jaarlijks wordt de planning voor dat jaar in het college gebracht, vaak gekoppeld aan het beschikbaar stellen van de middelen voor de verschillende reconstructies (Investeringsplan IP). Om de twee jaar volgt er een evaluatie over de bevindingen uit de dan uitgevoerde wegeninspectie die mogelijk van invloed kunnen zijn op de volgende jaarplanning van de aanpak van wegverhardingen. De volgende wegeninspectie is gepland eind 2026- begin 2027. Het college wordt jaarlijks op de hoogte gebracht van de uitgevoerde werkzaamheden en ook in de najaarsnota wordt een update gegeven van de vorderingen aan de raad. Tijdens de uitvoering van de verschillende werkzaamheden zijn er bouwvergaderingen waarin de voortgang wordt besproken met de uitvoerende partij en indien van toepassing met de andere stakeholders die ambities hebben in de openbare ruimte. Voorstel Wij stellen u voor: 1. het beleidsplan voor wegen 2027-2031 vast te stellen; 2. te kiezen voor scenario 2: omvormen verharding aansluitend op de Mobiliteitsvisie; 3. de financiële gevolgen van scenario 2 te dekken uit het begrotingssaldo 2026 en de meerjarenraming; 4. de 6e begrotingswijziging 2026 vast te stellen. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge.
Bijlagen: 1. Beleidsplan Wegen, 2027 – 2031, d.d. 17 maart 2026 2. Huidige plan 3. Lijst met wegen met een afwijkende verharding dan is voorgeschreven in de Mobiliteitsvisie.
7 van 9
4. Berekening financiële gevolgen diverse scenario’s.
8 van 9
RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Halderberge; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 7 april 2026;
BESLUIT:
1. het beleidsplan voor wegen 2027-2031 vast te stellen; 2. te kiezen voor scenario 2: omvormen verharding aansluitend op de Mobiliteitsvisie; 3. de financiële gevolgen van scenario 2 te dekken uit het begrotingssaldo 2026 en de meerjarenraming; 4. de 6e begrotingswijziging 2026 vast te stellen.
Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Halderberge op 21 mei 2026,
de griffier,
de voorzitter,
Ari Koenen
Anne Mulder
9 van 9