CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2023 DEFINITIEF.pdf

Gemeenteraad 3 november 2022, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 5: Programmabegroting 202333.679 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Niet gevonden in dit document.

Beleidsvoornemens:Voor 2023 is geen specifiek beleid aangegeven. Richtlijnen 2024

Niet van toepassing

32

Brabant Water N.V. Doel of belang dat wordt behartigd:

De levering van drinkwater van hoge kwaliteit, water op maat en water gerelateerde producten en diensten.

Beleidsvoornemens:Voor 2023 is geen specifiek beleid aangegeven. Richtlijnen 2024

Niet van toepassing

Samenwerkingsverband Reinigingsdiensten N.V. (SAVER) Doel of belang dat wordt behartigd:

Uitvoering van de wettelijke en autonome taken op het gebied van reiniging en afvalverwijdering.

Beleidsvoornemens:Verdere reductie van het restafval (Van Afval Naar Grondstof – VANG doelstellingen). Deze doelstellingen zijn 75% afvalscheiding en 100 kg restafval per inwoner per jaar in 2025 Opstellen nieuw Afvalbeleidsplan. Richtlijnen 2024

Niet van toepassing

REWIN NV Doel of belang dat wordt behartigd:

De regionale ontwikkelingsmaatschappij REWIN West-Brabant is actief voor een economisch veerkrachtig West-Brabant. REWIN voert daarbij de Economische Agenda uit; de visie voor de regio zoals vastgesteld door de Economic Board West-Brabant, door overheid, onderwijs en bedrijfsleven samen. Met de inzet van regionale programma’s gericht op het versterken en vernieuwen van de sectoren maintenance, logistiek en agrofood/biobased. En door het bevorderen van startups & innovatief mkb en het aantrekken van nieuwe vestigers die een meerwaarde vormen voor de West-Brabantse economie.

Beleidsvoornemens Voor 2023 is geen specifiek beleid afgegeven. Richtlijnen 2024

Niet van toepassing

1.4.8 Wat mag het kosten? Programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen

2022

2023

2024

2025

2026

2.3 Recreatieve havens

29.000

65.000

173.000

172.000

171.000

3.1 Economische ontwikkeling

660.000

593.000

635.000

598.000

609.000

3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur

240.000

241.000

241.000

241.000

241.000

3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen

16.000

47.000

18.000

18.000

19.000

3.4 Economische promotie

216.000

270.000

263.000

269.000

274.000

Lasten per taakveld

33

Programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen

2022

2023

2024

2025

2026

3.679.000

3.824.000

4.049.000

4.285.000

4.536.000

875.000

877.000

943.000

961.000

974.000

8.1 Ruimte en leefomgeving

1.190.000

1.335.000

1.236.000

1.662.000

1.244.000

8.2 Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen)

8.966.000

5.864.000

7.956.000

4.181.000

2.181.000

8.3 Wonen en bouwen

1.390.000

1.480.000

1.501.000

1.521.000

1.546.000

Totaal lasten Ruimtelijke en economische ontwikkelingen

17.261.000

14.596.000

17.015.000

13.908.000

11.795.000

39.000

117.000

117.000

116.000

111.000

0

0

61.000

60.000

60.000

Kapitaallasten grondexploitaties

78.000

49.000

21.000

28.000

5.000

Direct toe te rekenen salarislasten

2.966.000

3.100.000

3.203.000

3.256.000

3.309.000

2.3 Recreatieve havens

21.000

21.000

22.000

23.000

24.000

3.1 Economische ontwikkeling

6.000

6.000

6.000

6.000

6.000

0

0

0

0

0

3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen

19.000

20.000

21.000

22.000

22.000

3.4 Economische promotie

568.000

660.000

661.000

663.000

664.000

4.640.000

4.747.000

5.119.000

5.405.000

5.710.000

6.000

6.000

6.000

7.000

7.000

8.1 Ruimte en leefomgeving

191.000

153.000

155.000

157.000

159.000

8.2 Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen)

9.023.000

6.043.000

8.465.000

4.318.000

4.556.000

648.000

516.000

448.000

351.000

312.000

Totaal baten Ruimtelijke en economische ontwikkelingen

15.122.000

12.172.000

14.903.000

10.952.000

11.460.000

Saldo

-2.139.000

-2.424.000

-2.112.000

-2.956.000

-335.000

7.3 Afval 7.4 Milieubeheer

Waarvan: Kapitaallasten bestaande activa Kapitaallasten Investeringsprogramma 2023 - 2026

Baten per taakveld

3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur

7.3 Afval 7.4 Milieubeheer

8.3 Wonen en bouwen

34

Programma Zorg, jeugd en participatie

1.5.1 Inleiding Het uitgangspunt voor zorg, jeugd en participatie in het bestuursakkoord Samen aan de Slag is dat het huidige beleid wordt voortgezet. De uitgangspunten hierin zijn: de mens centraal, de kracht van samen, de touwtjes zelf in handen hebben en preventie. Veel mensen kunnen goed meedoen in de huidige samenleving. Voor wie dit niet vanzelfsprekend is, bieden we samen met inwoners en regionale en maatschappelijke partners ondersteuning waar dat nodig is. 1.5.2 Wat willen we bereiken (speerpunten)? Inwoners van Halderberge zijn zo gezond mogelijk. De inwoners van Halderberge doen mee naar vermogen en zijn financieel gezond. De inwoners van Halderberge ondersteunen elkaar en zetten zich actief in voor hun omgeving. Halderbergse kinderen kunnen opgroeien tot zelfredzame volwassenen.

1.5.3 Wat doen we al? Huidig beleid (wat voortgezet wordt): • Beleidsplan sociaal domein “de kracht van samen” • Verordeningen Jeugdwet, Wmo en Participatiewet • Regiovisie jeugd • Beleidsplan Wmo Gemeente Halderberge • Beleidsplan hulp bij financiële zorgen • Regionale nota ‘Integraal Armoede- en schuldenbeleid’ • Regionaal beleidsplan inburgering ‘Iedereen doet mee’ • Regionaal Beleidsplan Aanpak Laaggeletterdheid • Beleidskader Geweld in afhankelijkheidsrelatie en meldpunt crisiszorg Huidige werkzaamheden: Samen met partners organiseren we passende ondersteuning voor en met inwoners, wanneer zij het zelf niet redden. We werken dichtbij onze inwoners en zetten in op preventie. We luisteren naar de vraag en kijken met een brede blik samen met de inwoner naar wat nodig is. Ook voeren we de regie op uitvoeringsorganisaties en werken in de regio intensief samen. Hierbij geven we kaders mee voor de uitvoering. We leven in onzekere tijden. De pandemie en de oorlog dichtbij huis versterken de toenemende tweedeling in de samenleving, de druk op de zorg en financiële draagkracht. Ook staan de budgetten voor het Sociaal Domein onder druk. We zetten daarom alle zeilen bij om de gestelde doelen op een efficiënte manier uit te voeren. Jaarlijks bepalen we in het uitvoeringsprogramma Sociaal Domein ‘De kracht van samen’, waar we dat jaar op inzetten. Deze werkwijze blijven we voortzetten.

1.5.4 Kritische succesfactoren Medewerking van externe partners kunnen we niet afdwingen zoals bijvoorbeeld bij het Bravis/Medisch Centrum Oudenbosch.

35

1.5.5 Beleidsindicatoren Lokale indicatoren In het beleidsplan van het sociaal domein "de kracht van samen" zijn een aantal doelen gesteld. Het wel of niet behalen van deze doelen worden met een specifieke set aan indicatoren gemonitord door middel van de monitor sociaal domein. Deze monitor wordt jaarlijks opgesteld en via de reguliere P&C cyclus bij de jaarrekening aan uw raad aangeboden. BBV-indicatoren De onderstaande verplichte indicatoren vallen onder het programma Zorg, jeugd en participatie (bron: www.waarstaatjegemeente.nl; d.d. 14 september 2022). Indicator Banen1

Jongeren met een delict voor de rechter2

Kinderen in uitkeringsgezin3

Netto arbeidsparticipatie4

Werkloze jongeren5

Personen met een bijstandsuitkering6

Lopende re-integratievoorzieningen7

Jongeren met jeugdhulp8

Jongeren met jeugdbescherming9

Jongeren met jeugdreclassering10

2019

2020

2021

2022

Halderberge

547,7

510,0

517,1

-

Vergelijkbare gemeenten

584,0

582,9

586,6

-

Halderberge

1,0%

1,0%

-

-

Vergelijkbare gemeenten

1,0%

1,0%

-

-

Halderberge

6,0%

6,0%

-

-

Vergelijkbare gemeenten

4,0%

4,0%

-

-

Halderberge

70,0%

69,5%

70,5%

-

Vergelijkbare gemeenten

69,1%

68,9%

71,0%

-

Halderberge

1,0%

2,0%

-

-

Vergelijkbare gemeenten

1,0%

2,0%

-

-

Halderberge

225,8

337,8

269,1

-

Vergelijkbare gemeenten

253,3

324,4

277,1

-

Halderberge

106,1

-

-

-

Vergelijkbare gemeenten

199,1

-

-

-

Halderberge

11,2%

10,4%

-

-

Vergelijkbare gemeenten

12,0%

11,7%

-

-

Halderberge

0,8%

0,9%

-

-

Vergelijkbare gemeenten

1,2%

1,2%

-

-

Halderberge

-

-

-

-

Vergelijkbare gemeenten

0,3%

0,3%

-

-

36

Indicator

2019

Cliënten met een maatwerkarrangement WMO11

2020

2021

2022

Halderberge

730,0

740,0

770,0

-

Vergelijkbare gemeenten

632,0

667,0

686,0

-

1 Het aantal banen, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar. 2 Het percentage jongeren (12-21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen. 3 Het percentage kinderen tot 18 jaar dat in een gezin leeft dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. 4 Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking. 5 Het percentage werkeloze jongeren (16-22 jaar). 6 Het aantal personen met een bijstandsuitkering, per 10.000 inwoners. 7 Het aantal re-integratievoorzieningen, per 10.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar. 8 Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzicht van alle jongeren tot 18 jaar. 9 Het percentage jongeren tot 18 jaar met een jeugdbeschermingsmaatregel ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar. 10Het percentage jongeren (12 tot 23 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (12 tot 23 jaar). 11 Aantal per 10.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroep. Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmo gegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 327 deelnemende gemeenten.

1.5.6 Wat gaan we daarvoor doen in 2023? Op 13 december 2018 is het beleidsplan sociaal domein “de kracht van samen” vastgesteld. Dit beleidsplan bepaalt de koers en kaders voor de komende jaren. Jaarlijks wordt samen met partners bepaald wat er gedaan wordt om aan de doelen uit het beleidsplan te werken. Dit wordt opgenomen, samen met alle acties uit het collegewerkprogramma, in een jaarlijks uitvoeringsprogramma. Eind 2022 wordt het uitvoeringsprogramma 2022 geëvalueerd en wordt een nieuw uitvoeringsprogramma 2023 opgesteld, wat ter informatie aan de gemeenteraad wordt verzonden. De verantwoording van (de hoofdlijnen van) het uitvoeringsprogramma vindt plaats in de monitor sociaal domein en bij de jaarrekening. Er worden daarom nu geen concrete acties/activiteiten opgenomen. Voor acties/activiteiten die extra middelen nodig hebben en die bijdragen aan de doelstellingen van het beleidsplan, wordt in eerste instantie de reserve Innovatie- en knelpunten sociaal domein ingezet. Als deze reserve is uitgeput, zal in de Zomernota 2023 een voorstel worden gedaan voor extra middelen. 1.5.7 Verbonden partijen Gemeenschappelijke regeling GGD West-Brabant Doel of belang dat wordt behartigd:

Het behartigen van de belangen van de gemeenten op het gebied van de publieke gezondheid. Het samenwerkingsverband beheert de GGD West-Brabant.

Beleidsvoornemens:De GGD wil de strategische doelen in 2023 realiseren in het licht van de ambities uit de vier landelijke Position Papers die door de 25 Directeuren Publieke Gezondheid (GGD) medio 2021 zijn vastgesteld. Zij hebben aan het kabinet een extra landelijke investering van 600 miljoen euro gevraagd voor herstel én versteviging van het fundament van de publieke gezondheidszorg. De GGD pleit voor een gezonde en veilige leefomgeving, wil de preventie verbreden en verdiepen en streeft naar gelijke gezondheidskansen voor iedereen. Er wordt ingezet op veilig, gezond en veerkrachtig opgroeien (vanaf -9 maanden). Covid-19 zal voor langere tijd onderdeel van onze samenleving zijn en de bestrijding hiervan moet ingebed worden in de GGD-organisatie.

Richtlijnen 2024

Beleidsmatige richtlijnen: 1. De GGD voert in West-Brabant de in de Wet Publieke gezondheid (Wpg) aan de gemeenten opgedragen taken uit. Op onderdelen betreft dit ook taken die vallen onder de Jeugdwet, Omgevingswet, wet op de Kinderopvang en de wet op de Veiligheidsregio’s. Leidraad in het handelen van de GGD is het bewaken, beschermen en bevorderen van de publieke gezondheid.

37

Gemeenschappelijke regeling GGD West-Brabant 2. De GGD geeft in de kaders en Beleidsbegroting 2024 duidelijk weer op welke wijze invulling gegeven gaat worden aan de in het Meerjarenbeleidskader 2023 – 2026 opgenomen ambities. Daarbij dient u goed notie te nemen van: - de door de VNG uitgebrachte propositie ‘De winst van het sociaal domein’ (met als uitgangspunten o.a. ‘kansengelijkheid’ en ‘gezond leven makkelijker maken’) en het VNG-Koersdocument ‘Met daadkracht naar veerkracht’. - de Gezamenlijke gezondheidsambitie ‘Vooruitzien naar een Gezonder Nederland’ van VNG en de zorgverzekeraars. In West-Brabant bent u bij de regionale uitwerking van deze ambitie partij. - ontwikkelingen op lokaal niveau, zoals lokale preventieakkoorden en -aanpakken, JOGG en gemeentelijke gezondheidsvisies en – nota’s. Samen met gemeenten en lokale partners werkt u hierbij aan de uitwerking en realisering van doelen en ambities. 3. Met behulp van prestatie-indicatoren brengt de GGD de resultaten in beeld die zij bereikt op de diverse door haar uit te voeren taken. Door de noodgedwongen grootschalige inzet vanuit de GGD ter beteugeling van de Coronacrisis heeft het actualiseringstraject van de prestatieindicatoren vertraging opgelopen. In de loop van 2022 heeft de GGD samen met een ambtelijke werkgroep de optimalisering van deze indicatoren weer ter hand genomen.

Wij gaan ervan uit dat de GGD de geactualiseerde indicatoren opneemt in de Beleidsbegroting 2024. 4. In eendrachtige samenwerking met de landelijke overheid, RIVM en GGD GHOR Nederland behoren de GGD’ en goed toegerust en voorbereid te zijn op mogelijke oplevingen van COVID-19 dan wel op een door een andere zoönose/virus veroorzaakte gezondheidscrisis. De raad verwacht dat de GGD West-Brabant in afstemming met de Veiligheidsregio Midden en West-Brabant en omringende GGD’en werkt aan een robuustere organisatie die het makkelijker maakt om snel en adequaat in te spelen op grote crisissituaties in de regio. Wij gaan ervan uit dat u: - iin de kaders en daaropvolgende Beleidsbegroting 2024 een beschrijving geeft van hoe deze robuustere organisatie eruit gaat zien. - de raad informeert over de stand van zaken rond de samenwerking tussen de GGD’en in Brabant, Zeeland en Limburg bij door infectieziekten veroorzaakte gezondheidscrises. Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2024 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen.

Gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulancevoorziening Brabant, Midden-West-Noord (RAV) Doel of belang dat wordt behartigd:

Regionaal ambulancevervoer.

Beleidsvoornemens:De RAV wil kwalitatief hoogwaardige ambulancezorg leveren, die tijdig ter plaatse is en binnen de budgettaire kaders wordt gerealiseerd. Het acute zorglandschap verandert door technologische en zorginhoudelijke ontwikkelingen. De RAV speelt hierop in door meer samen te werken op het gebied van zorgcoördinatie en om het personeelstekort te bestrijden. Landelijk heeft de ambulancesector een kwaliteitskader ontwikkeld dat 26 indicatoren bevat, waaronder tijdigheid van het spoedvervoer. De RAV neemt in 2023 deel aan een landelijk kwaliteitsonderzoek en zal ook zelf de klanttevredenheid onderzoeken.

Richtlijnen 2024

Beleidsmatige richtlijnen: 1. De RAV waarborgt onder de nieuwe wet ambulancezorg de kwaliteit en continuïteit van de ambulancezorg in heel haar werkgebied. De ambulancezorg dient blijvend te worden uitgevoerd zonder gemeentelijke financiële bijdragen.

38

Gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulancevoorziening Brabant, Midden-West-Noord (RAV) 2. Het Landelijk Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 bevat 26 indicatoren waarmee daadwerkelijk het niveau van de geleverde zorg wordt gemeten. Tijdigheid in het spoedvervoer is er hier één van. De indicatoren zijn onderverdeeld in zeven segmenten: Bereikbare en beschikbare zorg, Patiënt centraal, Veilige zorg, Professionaliteit, Samenwerken, Continue verbeteren en Basis op orde. De RAV informeert de gemeenten hoe zij voldoet aan het landelijke kwaliteitskader. 3. In haar begroting geeft de RAV aan hoe zij de paraatheidsuitbreidingen conform het landelijk referentiekader Spreiding & Beschikbaarheid in 2024 verwacht te realiseren. Uitgangspunt dient te zijn dat in het hele werkgebied de responstijd voor A1 ritten niet meer dan 5% wordt overschreden (melding-aankomst meer dan 15 minuten). 4. In haar begroting geeft de RAV aan op welke wijze zij invulling geeft aan de aanbevelingen uit het in 2023 uitgevoerde landelijke klanttevredenheidsonderzoek door NIVEL en het klanttevredenheidsonderzoek door middel van direct contact met de patiënt. Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2024 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen.

Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningschap Westelijk Noord-Brabant (WVS) Doel of belang dat wordt behartigd:

In het rechtsgebied uitvoeren van de Wet sociale werkvoorziening door een op zo doelmatige wijze taken en bevoegdheden op het terrein van gesubsidieerde arbeid en arbeidsre-integratie te behartigen en het bieden van leerwerktrajecten en overige ondersteuningsdiensten voor de doelgroepen uit de Participatiewet.

Beleidsvoornemens:WVS voert de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en het onderdeel beschut werken binnen de Participatiewet uit. Daarnaast draagt WVS met haar kennis en ervaring bij aan de re-integratie van mensen die onder de Participatiewet vallen en dan met name voor de voor de Werkpleinen nieuwe doelgroepen. WVS ontwikkelt zich als regionaal leerwerkbedrijf/ontwikkelbedrijf. WVS werkt samen met het Werkplein Hart van West-Brabant en de ISD Brabantse Wal aan de doorontwikkeling van het gezamenlijke ‘ontwikkelbedrijf’, waar inwoners die vallen onder de Participatiewet optimaal worden ondersteund in hun ontwikkeling naar een betaalde baan of als dat niet haalbaar is betaalde detachering of vrijwilligerswerk.

Richtlijnen 2024

Beleidsmatige richtlijnen: 1. WVS houdt inzichtelijk welke activiteiten en risico’s verbonden zijn aan de afbouw van het huidige SW-bestand in combinatie met de opdrachtportefeuille en stelt maatregelen voor om nadelige financiële gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken. 2. WVS besteedt in de begroting aandacht aan de visie en ambitie rondom de doorontwikkeling van het leerwerkbedrijf. Daarbij verwachten we dat de gemaakte keuzes rond de verschillende PMC’s en leerroutes vertaald worden in concrete interne doelstellingen en acties die bijdragen aan het realiseren van de ketensamenwerking. 3. De begroting 2024 van WVS is opgesteld in lijn met de in 2023 te formuleren ambities en doelstellingen van de integrale ketensamenwerking met het Werkplein Hart van WestBrabant en de ISD Brabantse Wal. De ketenpartners dienen hun activiteiten en inspanningen in samenhang te bezien, waarbij het resultaat van de organisaties tezamen optimaal dient te zijn. Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2024 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen.

39

Gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant (HvWB) Doel of belang dat wordt behartigd:

Het Werkplein Hart van West-Brabant (hierna: het Werkplein) ondersteunt inwoners waarvan het (tijdelijk) niet lukt om deel te nemen aan de arbeidsmarkt. Zo ondersteunt het Werkplein inwoners bij het vinden van een plek op de arbeidsmarkt. Wanneer dit niet direct mogelijk is helpt het Werkplein inwoners middels begeleiding, bemiddeling en scholing (kort, vakgericht) bij de groei en ontwikkeling naar de arbeidsmarkt. Dit met als doel om inwoners weer financieel zelfredzaam te laten zijn. Inwoners die niet economisch zelfredzaam zijn, biedt het Werkplein een financieel vangnet in de vorm van een uitkering. Wie echt niet kan werken, wordt ondersteund bij de groei en ontwikkeling zodat zij naar vermogen mee kunnen doen aan de samenleving. Daarnaast voert het Werkplein per 2022 regie op de uitvoering van de nieuwe Wet Inburgering met het doel om inburgeraars zich tot het hoogst mogelijke niveau te laten ontwikkelen, zodat zij maximaal kunnen deelnemen aan de samenleving.

Beleidsvoornemens:Het Werkplein zet zich in 2023 in om zoveel mogelijk inwoners naar vermogen te laten participeren op de reguliere arbeidsmarkt of, indien dit niet mogelijk is, in de samenleving. Ook in 2023 zal het Werkplein de ‘groene ontwikkeling’ verder doorzetten. Dit houdt in dat de ondersteuningsbehoefte van de inwoner en niet de regels leidend zijn. Om de ondersteuning aan de inwoners te optimaliseren wordt de samenwerking met de partners in het sociaal domein verder versterkt en is het ‘gewoon’ dat de dienstverlening aan de inwoners in hun eigen gemeente plaats vindt. Het Werkplein werkt samen met de WVS en de ISD Brabantse Wal aan de doorontwikkeling van het gezamenlijke ‘ontwikkelbedrijf’, waar inwoners die vallen onder de Participatiewet optimaal worden ondersteund in hun ontwikkeling naar een betaalde baan of als dat niet haalbaar is betaalde detachering of vrijwilligerswerk

Richtlijnen 2024

Beleidsmatige richtlijnen: 1. Het Werkplein HvWB stelt een begroting voor het jaar 2024 op waarin de ambities van de deelnemende gemeenten tot duurzame uitstroom van uitkeringsgerechtigden en het beperken van uitkeringslasten tot uitdrukking komt. 2. Het Werkplein HvWB gaat voorafgaand aan het opstelling van de begroting 2024 met de deelnemende gemeenten in gesprek over de concrete ambities van de gemeenten voor 2024 op het terrein van werk, inkomensondersteuning en inburgering. 3. De begroting 2024 dient een duidelijke onderbouwing te bevatten van de manier waarop het Werkplein HvWb de hiervoor genoemde ambities gaat realiseren, alsmede de lasten die daarmee gepaard gaan. 4. De onderbouwing bevat concrete maatregelen die afdoende zijn om aanspraak te kunnen maken op een uitkering in het kader van de vangnetregeling mocht er voor 2024 uiteindelijk onverhoopt toch sprake zijn van een overschrijding van de BUIG-budgetten. 5. De begroting 2024 van het Werkplein HvWB is opgesteld in lijn met de in 2023 te formuleren ambities en doelstellingen van de integrale ketensamenwerking met WVS en de ISD Brabantse Wal. De ketenpartners dienen hun activiteiten en inspanningen in samenhang te bezien, waarbij het resultaat van de organisaties tezamen optimaal dient te zijn. Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2024 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen.

40

Gemeenschappelijke regeling inzake Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg WestBrabant (Veilig Thuis) Doel of belang dat wordt behartigd:

Met Veilig Thuis is er één advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling voor de regio West-Brabant. De missie van Veilig Thuis is om huiselijk geweld en kindermishandeling te stoppen, terug te dringen en de schade ervan te beperken en zo de cirkel van geweld, de overdracht van generatie op generatie te doorbreken. Ook heeft Veilig Thuis de taak sinds 2019 om te zorgen voor één Meldpunt Crisiszorg in de regio West-Brabant.

Beleidsvoornemens De ambitie blijft (net als de afgelopen jaren) het voorkomen, stoppen en blijvend oplossen van huiselijk geweld en kindermishandeling. Iedereen in West-Brabant verdient het om zich thuis veilig te voelen. Alleen dan zijn kinderen en volwassenen in staat zich te ontwikkelen, om mee te doen in de samenleving en om eigen keuzes te maken, nu en in de toekomst. Hiervoor is passende ondersteuning, hulp of behandeling, bescherming en toezicht nodig. Dichtbij, zo vroeg mogelijk en zo lang als nodig is. Om dit te bereiken wordt er verder gewerkt aan de doelen die gesteld zijn bij de start van het regionale programma Geweld Hoort Nergens Thuis wat we vanaf het jaar 2019 uitvoeren. Het gaat om dezelfde doelen / actielijnen die het landelijk programma Geweld Hoort Nergens Thuis had geformuleerd en waar goede resultaten mee geboekt zijn: • Eerder en beter in beeld • Stoppen en duurzaam oplossen • Specifieke groepen beter bedienen

Richtlijnen 2024

Niet van toepassing.

41

1.5.8 Wat mag het kosten? Programma Zorg, jeugd en participatie

2022

2023

2024

2025

2026

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie

2.839.000

3.783.000

3.961.000

4.211.000

4.292.000

6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen

2.570.000

3.208.000

3.357.000

3.488.000

3.620.000

6.3 Inkomensregelingen

10.855.000

11.192.000

11.570.000

11.885.000

12.186.000

6.4 WSW en beschut werk

5.418.000

5.448.000

5.373.000

5.163.000

4.924.000

6.5 Arbeidsparticipatie

956.000

729.000

753.000

781.000

809.000

6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)

674.000

1.311.000

1.477.000

1.489.000

1.502.000

6.71 Maatwerkdienstverlening 18+

6.801.000

0

0

0

0

6.71a Huishoudelijke hulp (WMO)

0

2.954.000

3.016.000

3.078.000

3.143.000

6.71b Begeleiding (WMO)

0

2.850.000

2.897.000

2.944.000

2.992.000

6.71c Dagbesteding (WMO)

0

84.000

84.000

84.000

84.000

5.286.000

0

0

0

0

6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig

0

4.937.000

4.932.000

4.933.000

4.935.000

6.73a Pleegzorg

0

561.000

561.000

561.000

561.000

6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZverblijf

0

161.000

165.000

168.000

172.000

6.74c Gesloten plaatsing

0

222.000

222.000

222.000

222.000

287.000

0

0

0

0

6.81a Beschermd wonen (WMO)

0

130.000

130.000

130.000

130.000

6.81b Maatschappelijke- en vrouwenopvang

0

129.000

155.000

155.000

155.000

6.82 Geëscaleerde zorg 18-

698.000

0

0

0

0

6.82a Jeugdbescherming

0

439.000

453.000

470.000

487.000

6.82b Jeugdreclassering

0

32.000

33.000

35.000

36.000

7.1 Volksgezondheid

1.235.000

1.345.000

1.375.000

1.398.000

1.422.000

Totaal lasten Zorg, jeugd en participatie

37.619.000

39.515.000

40.514.000

41.195.000

41.672.000

53.000

77.000

243.000

287.000

277.000

0

0

123.000

385.000

395.000

2.368.000

2.691.000

2.698.000

2.756.000

2.810.000

Lasten per taakveld

6.72 Maatwerkdienstverlening 18-

6.81 Geëscaleerde zorg 18+

Waarvan: Kapitaallasten bestaande activa Kapitaallasten Investeringsprogramma 2023 - 2026 Direct toe te rekenen salarislasten

42

Programma Zorg, jeugd en participatie

2022

2023

2024

2025

2026

250.000

516.000

461.000

875.000

514.000

6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen

0

0

0

0

0

6.3 Inkomensregelingen

7.489.000

7.037.000

7.162.000

7.472.000

7.606.000

0

0

0

0

0

134.000

0

0

0

0

6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)

0

295.000

302.000

302.000

303.000

6.71 Maatwerkdienstverlening 18+

274.000

0

0

0

0

6.71a Huishoudelijke hulp (WMO)

0

0

0

0

0

6.71b Begeleiding (WMO)

0

0

0

0

0

6.71c Dagbesteding (WMO)

0

0

0

0

0

6.72 Maatwerkdienstverlening 18-

0

0

0

0

0

6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig

0

0

0

0

0

6.73a Pleegzorg

0

0

0

0

0

6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZverblijf

0

0

0

0

0

6.74c Gesloten plaatsing

0

0

0

0

0

6.81 Geëscaleerde zorg 18+

0

0

0

0

0

6.81a Beschermd wonen (WMO)

0

0

0

0

0

6.81b Maatschappelijke- en vrouwenopvang

0

0

0

0

0

6.82 Geëscaleerde zorg 18-

0

0

0

0

0

6.82a Jeugdbescherming

0

0

0

0

0

6.82b Jeugdreclassering

0

0

0

0

0

15.000

8.000

8.000

8.000

8.000

8.162.000

7.856.000

7.933.000

8.657.000

8.431.000

-29.457.000

-31.659.000

-32.581.000

-32.538.000

-33.241.000

Baten per taakveld 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie

6.4 WSW en beschut werk 6.5 Arbeidsparticipatie

7.1 Volksgezondheid Totaal baten Zorg, jeugd en participatie

Saldo

43

44

Programma Onderwijs, sport en cultuur

1.6.1 Inleiding Het programma Onderwijs, sport en cultuur is gericht op het bieden van goed onderwijs in aantrekkelijke schoolgebouwen. Vanuit dit programma worden activiteiten op het gebied van sport en bewegen mogelijk gemaakt. Ook wordt de beleving van kunst, cultuur en cultuurhistorie aangemoedigd. 1.6.2 Wat willen we bereiken (speerpunten)? We voeren de plannen uit, zoals die zijn vastgelegd in het Integraal Huisvestingsplan (IHP) Opvang en onderwijshuisvesting. In dit plan nemen we ook onderwijs & spelen en de vergroening van schoolpleinen mee. Verdere ontwikkeling van de integrale kindcentra; hierin werken kinderopvang en (basis)onderwijs zoveel mogelijk samen. Sportverenigingen kunnen gebruik maken van goede voorzieningen. Er zijn betaalbare sportvoorzieningen binnen de hele gemeente. Inwoners kunnen sporten en bewegen bij sportvoorzieningen en ook in de openbare ruimte. De belevingswaarde vergroten van wat we hebben aan kunst, cultuur en cultuurhistorie. We willen samen met de inwoners zorgen dat er meer kunst in de openbare ruimte komt.

1.6.3 Wat doen we al? Huidig beleid (wat voortgezet wordt): • Beleidsplan sociaal domein • Integraal huisvestingsplan onderwijs • Visiedocument Kindcentra • Verordening leerlingenvervoer • Oriëntatienota culturele speelveld • Cultuurkompas • Beleidsnota archeologie • Beleidsnota Cultureel erfgoed • Kadernotitie Buitensportaccommodaties Huidige werkzaamheden: We voeren uit: Leerlingenvervoer, leerplicht, onderwijshuisvesting, coördinatie integrale kindcentra, beheer, onderhoud van sportvelden en huisvesting sportgebouwen (kleedlokalen en technische ruimtes), buurt- en schoolsportsportcoaches activiteiten, archeologie- en monumenten(subsidies), Lokale educatieve agenda, culturele activiteiten (bijvoorbeeld Cultuurmaand en Open Monumentendag), uitvoeringsregeling muziekeducatie en beeldende vorming, ONS WestBrabant, de Marktplaats Halderberge, welzijnssubsidies, heemkundekringen en musea, onderhoud aan kunst in de openbare ruimte. We voeren onderwijsachterstanden beleid uit. Dit doen we in afstemming met kinderopvang, basisonderwijs en voortgezet onderwijs het. Het gaat onder andere om voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Daarnaast bieden we ondersteuning aan het Nationaal Programma Onderwijs.

45

1.6.4 Kritische succesfactoren De bereidheid van partners om samen te werken met de gemeente, de groei of krimp van het aantal leerlingen, en wisselende bouwkosten zijn bepalend voor het uitvoeren van de speerpunten. 1.6.5 Uitvoering subsidiebeleid 2023 In maart 2020 heeft de raad de Algemene Subsidieverordening en de bijbehorende subsidieregelingen vastgesteld. Zo sluiten de subsidies beter aan op de doelen van de gemeente in het sociaal domein. Daarnaast is het subsidieproces vereenvoudigd. Er is een onderscheid gemaakt tussen de budgetsubsidies (maatwerkafspraken voor organisaties die belangrijke taken uitvoeren, waarbij we sturen op gemeentelijke doelen) en de basissubsidies (een vast bedrag en weinig administratieve lasten, ter waardering van vrijwilligersorganisaties. Het overzicht beleidsregels welzijnssubsidie is het uitvoeringsinstrument van het college. Na vaststelling van de begroting zullen door het college de subsidiebeschikkingen aan de afzonderlijke instellingen worden afgegeven. Het totaalvolume van de subsidieplafond voor 2023 is ten opzichte van het subsidiebudget 2022 met € 172.114 gestegen en bedraagt € 2.215.702. De volgende toelichting kan hierbij worden gegeven: Subsidieplafond 2022

2.043.588

Mutaties Indexering 4 % budgetsubsidies

42.047

Indexering huisvestingscomponent 2022, 2023 + verhoging i.v.m. stijging huisvestingskosten

7.385

Mutaties basissubsidies vrijwilligersorganisaties

14.238

Tegemoetkoming eHerkenning

3.050

Stichting Goed Ontmoet

5.000

Kringloper

64.000

Stichting Bibliotheek West – Brabant

31.416

Natuurhistorisch en Volkenkundig museum

2.500

Slachtofferhulp en Radar

2.478

Totaal subsidieplafond 2023

2.215.702

46

1.6.6 Beleidsindicatoren Lokale indicatoren Voor programma 6 zijn geen cijfers beschikbaar, welke één op één aansluiten bij de speerpunten van het collegewerkprogramma. Indien deze alsnog beschikbaar komen, dan zullen deze worden toegevoegd aan de basisset met beleidsindicatoren. BBV-indicatoren De onderstaande verplichte indicatoren vallen onder het programma Onderwijs, sport en cultuur (bron: www.waarstaatjegemeente.nl; d.d. 14 september 2022). Indicator Absoluut verzuim1

Relatief verzuim2

Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie3

Niet-sporters4

2019

2020

2021

2022

Halderberge

4,0

3,2

2,5

-

Vergelijkbare gemeenten

1,8

2,1

1,9

-

Halderberge

13,0

12,0

10,0

-

Vergelijkbare gemeenten

22,0

16,0

16,0

-

Halderberge

1,6%

1,4%

1,5%

-

Vergelijkbare gemeenten

1,7%

1,4%

1,6%

-

Halderberge

-

46,4%

-

-

Vergelijkbare gemeenten

-

50,6%

-

-

1 Het aantal leer- of kwalificatieplichtigen jongeren dat absoluut verzuimer is (geweest) gedurende het schooljaar: de jongeren is niet ingeschreven bij een onderwijsinstelling en beshcikt niet over een vrijstellingl; per 1.000 leerlingen. 2 Het relatieve aantal leer- of kwalificatieplichtige jongeren zonder vrijstelling dat langer dan 4 opeenvolgende weken niet ingeschreven was op school; per 1.000 leerlingen. 3 Vsv'ers zijn jongeren van 12 tot 23 jaar die zonder startkwalificatie het onderwijs verlaten (havo, vwo of minimaal mbo-2 diplome). Het vsv-percentage staat voor het aantal vsvérs asl percentage van het aantal onderwijsdeelnemers die aan het begin van het schooljaar ingeschreven staan; per 1,000 leerlingen. 4 Het percentage niet-wekelijks sporters t.o.v. bevolking van 19 jaar en ouder. Bevolking van 19 jaar en ouder dat niet minstens één keer per week aan sport doet.

47

1.6.7 Wat gaan we daarvoor doen in 2023? Doel

Wat gaan we daarvoor doen

Participatie

Wanneer

Onderwijshuisvesting

Knelpunten in de huisvesting bij de basisscholen (de Klinkert; De Regenboog; de Bukehof; Uniek; ’t Bossche Hart; Futura) en het voortgezet onderwijs (Markland College) worden opgelost. Hierbij wordt ook gezorgd voor de benodigde tijdelijke huisvesting.

Faciliteren

2022-2025

Het duurzamer maken van schoolpleinen en ze klimaatadaptief maken. Schoolpleinen aanpassen op de risico’s van een klimaat dat verandert. Denk aan: betere opvang van regenwater bij zware regenbuien.

Co-Creatie

2023-2026

De coördinator kindcentra na 1 jan 2023 behouden om het uitvoeren van de visie structureel te versterken.

Co-creatie

Doorlopend

Er is samen met het onderwijs en JGZ en GGZ aandacht voor de geestelijke gezondheid van leerlingen. We koppelen het gedrag van kinderen aan de leeftijd, ontwikkeling, omgeving en de verantwoordelijkheid van de ouders voor de opvoeding. We zetten ook in op het verstevigen van sociale vaardigheden.

Faciliteren

2022-2023

Jongerenwerkers en buurtsportcoaches werken samen met scholen aan voorlichtingsactiviteiten over gezondheid en welzijn. De jongerenwerkers gaan ook meer de wijken in.

Co-creatie (met onderwijs)

Doorlopend

Passend, flexibel inspelen op plotselinge instroom van kinderen, zowel nu als in de toekomst (zoals groep vluchtelingenkinderen). Dat doen we samen met het onderwijs.

Co-creatie (met onderwijs)

2022-2023

We geven extra aandacht aan het op tijd signaleren van (verhoogd) ziekteverzuim binnen het onderwijs. Zo voorkomen we dat jeugd thuis komt te zitten. We starten hiervoor de pilot M@zl binnen basisscholen. Dat doen we samen met scholen en zorgpartners.

Co-creatie (met partners)

2022-2026

Voor de kinderen uit het basisonderwijs wordt met ingang van 2022 het educatieve doeprogramma ‘Democracity’ ingezet. Hierin leren kinderen om actief deel te nemen aan de maatschappij (burgerschap). Ook doen we het voortgezet onderwijs het aanbod voor gastlessen over dit thema.

Faciliteren

2022-2026

Verdere ontwikkeling van de integrale kindcentra

Co-creatie (met onderwijs, JGZ en GGZ)

48

Doel

Wat gaan we daarvoor doen

Participatie

Wanneer

Sport

Het behouden van het huidige basisaanbod van sportvoorzieningen. Waar mogelijk willen we dit verbeteren en verduurzamen. Hierbij is aandacht voor monitoring van de kwaliteit van de accommodaties en bijvoorbeeld het gebruik van LED verlichting. De harmonisatie van de buitensport accommodaties (inclusief het rekenmodel) wordt geëvalueerd.

Faciliteren

Doorlopend

Er wordt een plan geschreven dat rekening houdt met een toekomstbestendige en duurzame zwembadaccommodatie. Dit gebeurt onder begeleiding van een onafhankelijke partij samen met het bestuur van zwembad Blankershove.

Advies vragen

2023

Door het bundelen van activiteiten, geld en mensen willen we zoveel mogelijk mensen de kans geven om mee te doen aan sportactiviteiten bij een reguliere sportvereniging. Of aan speciaal opgezette sport- en beweegactiviteiten. Ook als zij te maken hebben met een lichamelijke en/of verstandelijke beperking of als zij chronisch ziek zijn. We zorgen dat tenminste één speelplek per kern inclusief is.

Co-creatie

Doorlopend

Bij de inrichtingsplannen voor openbare ruimte spelen we in op bijzondere cultuurhistorische waarde (zoals de waterput Oud Gastel).

Faciliteren

2022-2026

Er wordt een integrale visie opgesteld over cultuur. Dat doen we in samenspraak met de betrokken plaatselijke organisaties.

Adviseren

2023: visie

De visie op de musea wordt afgerond. Aandachtspunten binnen de visie zijn gezamenlijke huisvesting van de musea en het creëren van een aantrekkelijker aanbod voor de bezoekers waardoor er meer betalende bezoekers komen.

Co- creatie

Q1 2023

Er wordt samen met plaatselijke kunstenaars een actieplan ‘Kunst in de Openbare Ruimte’ opgesteld, met aandacht voor o.a. kunst op rotondes, langs routes, en teksten op gevels, en bestickeren van stroomhuisjes ed. Hierbij betrekken we inwoners (waaronder jongeren) en ondernemers zoveel mogelijk met onder andere prijsvragen.

Co creatie

2023: opstellen actieplan

De belevingswaarde vergroten van wat we hebben aan kunst, cultuur en cultuurhistorie

Kunst in de openbare ruimte

49

1.6.8 Verbonden partijen Gemeenschappelijke regeling Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten (RBL) Doel of belang dat wordt behartigd:

De gemeenschappelijke regeling is aangegaan met als doel het behartigen van de belangen van de deelnemende gemeenten op het gebied van de Leerplichtwet 1969 en de Regionale Meld en Coördinatiefunctie.

Beleidsvoornemens:In de begroting 2023 van het Regionaal Bureau Leerplicht West-Brabant zijn de onderstaande beleidsvoornemens opgenomen: • Via een ‘thuiszitterspact’ zijn we verbonden aan de landelijke ambitie dat geen enkel kind langer dan drie maanden thuis zit zonder een passend aanbod van onderwijs en/of zorg. • Sluitend regionaal vangnet voor jongeren van 12 tot 23 jaar. • Overstap onderwijs (aansluiting po en vo, aansluiting vo en mbo en overstap mbo-mbo). • Het aantal oud-VSV’ers zonder werk verminderen en daarmee jeugdwerkloosheid voorkomen. Richtlijnen 2024

Beleidsmatige richtlijnen: Er zijn voor 2024 geen beleidsmatige richtlijnen voor het RBL opgesteld. Dit omdat Halderberge, samen met de gemeenten Bergen op Zoom, Roosendaal, Woensdrecht en Steenbergen, de beleidstaken uitvoert op het niveau van 5 West-Brabant West gemeenten (netwerksamenwerking WBW) en deze niet van het RBL afneemt. Deze netwerkgemeenten zijn de zgn. “Niveau 1 gemeenten”, die slechts de leerlingenadministratie van het RBL afnemen. De vijf gemeenten hebben hun beleidsvoornemens rond de aanpak van schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten in het LMC Uitvoeringsplan West-Brabant West 2021-2025 verwoord. Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2024 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen.

50

1.6.9 Wat mag het kosten? Programma Onderwijs, sport en cultuur

2022

2023

2024

2025

2026

4.2 Onderwijshuisvesting

1.314.000

2.664.000

1.733.000

2.051.000

2.053.000

4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

2.685.000

2.701.000

2.646.000

2.737.000

2.830.000

5.1 Sportbeleid en activering

228.000

227.000

245.000

239.000

242.000

5.2 Sportaccommodaties

941.000

1.064.000

1.117.000

1.139.000

1.166.000

5.3 Cultuurpresentatie, -productie en participatie

218.000

232.000

227.000

237.000

240.000

5.4 Musea

76.000

82.000

81.000

79.000

78.000

5.5 Cultureel erfgoed

84.000

86.000

88.000

89.000

89.000

5.6 Media

520.000

552.000

574.000

595.000

617.000

6.066.000

7.608.000

6.711.000

7.166.000

7.315.000

1.012.000

1.293.000

1.511.000

1.895.000

1.877.000

Kapitaallasten Investeringsprogramma 2023 - 2026

48.000

0

46.000

45.000

45.000

Direct toe te rekenen salarislasten

567.000

618.000

645.000

659.000

669.000

40.000

122.000

207.000

210.000

212.000

1.317.000

1.266.000

1.142.000

1.186.000

1.233.000

5.1 Sportbeleid en activering

10.000

10.000

10.000

10.000

10.000

5.2 Sportaccommodaties

111.000

117.000

128.000

133.000

137.000

5.3 Cultuurpresentatie, -productie en participatie

14.000

14.000

14.000

14.000

14.000

5.4 Musea

22.000

22.000

22.000

22.000

22.000

0

0

0

0

0

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

Totaal baten Onderwijs, sport en cultuur

1.515.000

1.552.000

1.524.000

1.576.000

1.629.000

Saldo

-4.551.000

-6.056.000

-5.187.000

-5.590.000

-5.686.000

Lasten per taakveld

Totaal lasten Onderwijs, sport en cultuur

Waarvan: Kapitaallasten bestaande activa

Baten per taakveld 4.2 Onderwijshuisvesting 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

5.5 Cultureel erfgoed 5.6 Media

51

52

Algemene dekkingsmiddelen

1.7.1 Inleiding Ambities en financiële mogelijkheden moeten met elkaar in evenwicht zijn. Met het financiële beleid van de gemeente Halderberge bewaken we dit evenwicht en zorgen we voor de juiste verantwoording van de uitgaven en inkomsten van de gemeente. Om de ambities op het terrein van woningbouw, (ruimtelijke) projecten en verkeersveiligheid uit te voeren, zorgt het college voor voldoende capaciteit en flexibiliteit in de organisatie. We streven ernaar om één van de goedkopere gemeenten in de regio te zijn door een lage lastendruk voor inwoners en ondernemers. 1.7.2 Wat willen we bereiken (speerpunten): De begroting is reëel en structureel sluitend. We streven naar een solvabiliteit van minimaal 20%. Dit doen we door het eigen vermogen te vergroten en de groei van de schulden zo beperkt mogelijk te houden. We streven naar een weerstandsvermogen dat minimaal ‘voldoende’ is. Dit doen we door het eigen vermogen te vergroten en de risico’s goed in beeld te houden. We zorgen voor meer flexibiliteit in de organisatie om projecten op het gebied van woningbouw en openbare ruimte goed uit te kunnen voeren. Hierbij zorgen we voor capaciteit die meebeweegt met het aantal en de omvang van de projecten. Een gezonde bedrijfsvoering staat hierbij voorop. We streven ernaar om één van de goedkopere gemeenten in de regio te zijn door een lage lastendruk voor inwoners en ondernemers.

1.7.3 Wat doen we al? Huidig beleid (wat voortgezet wordt): De begroting van de gemeente Halderberge is reëel en structureel sluitend. Dat willen we zo houden. Ook het weerstandsvermogen, de verhouding tussen de risico’s die de gemeente loopt en de financiële middelen die beschikbaar zijn om die op te vangen, willen we op peil houden. We gaan door met het verbeteren van de solvabiliteit: de verhouding tussen het eigen en het totale vermogen. Reguliere werkzaamheden: • Vastleggen van alle financiële handelingen in de financiële administratie • Adviseren over en toetsen van voorstellen aan het college en de raad op financiële haalbaarheid; • Adviseren over de juiste inzet van de beschikbare middelen. Via de bestuursrapportages melden we geplande activiteiten en projecten, voortgang, behaalde doelen en inzet van beschikbare middelen. 1.7.4 Beleidsindicatoren Lokale beleidsindicatoren Conform de regelgeving BBV worden de verplichte indicatoren in diverse paragrafen van de P&C documenten opgenomen. BBV-indicatoren Voor het programma Algemene dekkingsmiddelen zijn in het BBV geen verplichte beleidsindicatoren opgenomen.

53

1.7.5 Wat gaan we daarvoor doen in 2023? Doel

Wat gaan we daarvoor doen

Wanneer

De begroting is reëel en structureel sluitend

Streven naar behoud van het repressief toezicht door de toezichthouder (de provincie Noord-Brabant).

Jaarlijks

Structurele lasten dekken met structurele baten.

Jaarlijks

Eigen vermogen vergroten door positieve rekeningresultaten, begrotingsoverschotten en positieve resultaten van grondexploitaties toe te voegen aan de algemene reserves.

Doorlopend

Beperking van de schulden door terughoudend te zijn met nieuwe investeringen.

Doorlopend

Het budget voor flexibele vervanging bij ziekte verhogen naar € 200.000 per jaar.

Vanaf 2023 ev.

De ambtelijke kosten die aan projecten worden toegerekend zoveel mogelijk inzetten voor de vorming van de jaarlijkse flexibele schil.

Vanaf 2023 ev.

Bij nieuwe taken gevolgen meenemen voor ambtelijke capaciteit.

Vanaf 2022 ev.

Benchmark over de lastendruk bij het opstellen van de begroting.

Jaarlijks

De afvalstoffenheffing en rioolheffing zijn 100% kostendekkend.

Jaarlijks

Door middel van het tarief voor de onroerendezaakbelasting sturing geven aan de positie in regio.

Jaarlijks

We streven naar een solvabiliteit van minimaal 20%

Realiseren van meer flexibiliteit in de organisatie

De gemeente Halderberge is voor wat betreft de lastendruk voor burgers en bedrijven in de regio één van de goedkopere gemeenten

1.7.6 Algemene dekkingsmiddelen De gemeente heeft een aantal algemene dekkingsmiddelen die de gemeente naar eigen inzicht mag aanwenden. Deze inkomsten zijn voor een belangrijk deel niet beïnvloedbaar. Daarbij kan worden gedacht aan de uitkeringen uit het Gemeentefonds. Voor een deel kan de gemeente de omvang zelf bepalen. Dit gedeelte wordt afgebakend door het eigen belastinggebied. De gemeentelijke belastingen kennen in tegenstelling tot de retributies, zoals het rioolrecht en de afvalstoffenheffing, geen vooraf bepaald bestedingsdoel. In de Gemeentewet is vastgelegd welke belastingen een gemeente mag heffen. Hieronder zijn in een overzicht de algemene dekkingsmiddelen van de gemeente Halderberge opgenomen. Algemene dekkingsmiddelen

Begroting 2023

1. Onroerende zaakbelastingen

7.706.000

2. Uitkeringen gemeentefonds

56.320.000

3. Treasury/dividend

157.000

4. Post onvoorzien

-100.000

Totaal

64.083.000 54

Hieronder worden de verschillende onderdelen verder toegelicht. Onroerende zaakbelastingen De geraamde opbrengst van de onroerende zaakbelastingen bedraag voor 2023 € 7.706.000. Voor een verdere toelichting wordt verwezen naar de paragraaf lokale heffingen. Uitkeringen Gemeentefonds Algemeen In de Zomernota 2022 is als uitgangspunt voor de Begroting 2023 en de meerjarenraming 2024 - 2026 onder meer opgenomen dat de uitkomsten van de septembercirculaire 2022 meegenomen worden voor zover dat mogelijk is. Traditiegetrouw verschijnt de septembercirculaire gemeentefonds op of direct na Prinsjesdag. De septembercirculaire geeft een actueel beeld van de (meerjaren)raming van de uitkeringen uit het gemeentefonds, waarvan de algemene uitkering qua omvang de belangrijkste is. De rijksbegroting 2023 (Miljoenennota) vormt de basis van de meerjarenraming van de algemene uitkering in de septembercirculaire 2022. De Macro Economische Verkenning (hierna: MEV) van het Centraal Planbureau, die een actueel overzicht geeft van de economische verwachtingen c.q. kerncijfers van de Nederlandse economie, staat op zijn beurt weer aan de basis van de rijksbegroting.

Akkoord bevriezing volume accres 2022 - 2025 Na het verschijnen van de meicirculaire 2022 hebben de beheerders van het gemeentefonds (de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de staatssecretaris voor Fiscaliteit en Belastingdienst) in het bestuurlijk overleg financiële verhoudingen van 8 juni 2022 aan de VNG (en het IPO) voorgesteld om het volume-accres van het gemeentefonds (en het provinciefonds) voor de jaren 2022 tot en met 2025 te bevriezen op de stand van de Voorjaarsnota 2022 ofwel de stand van de meicirculaire 2022 (Zomernota 2022). In tegenstelling tot het IPO heeft de VNG ingestemd met het voorstel, wat betekent dat het volumedeel van het accres in de jaren 2022 tot en met 2025 niet meer wijzigt ten opzichte van de stand meicirculaire 2022. Kortom, de normeringssystematiek, de trap-op-trap-af-systematiek, is voor deze jaren, behoudens een correctie voor nominale ontwikkelingen buiten werking gesteld. De omvang van het gemeentefonds groeit vanaf 2022 niet meer mee met de (accresrelevante) rijksuitgaven. Er vindt alleen een correctie plaats voor nominale ontwikkelingen, de ontwikkeling van de lonen en prijzen op basis van actuele ramingen van het Centraal Planbureau (hierna: CPB). Met deze bevriezing van het volumedeel van het accres wordt beoogd de stabiliteit van de algemene uitkering uit gemeentefonds voor gemeenten te verbeteren.

Algemene mutaties septembercirculaire In de septembercirculaire is de accresraming voor het jaar 2022 en verder opgesplitst in een volumedeel en een loonprijsdeel (naar aanleiding van de afspraken tussen het Rijk en de VNG, zie hiervoor). Zoals vermeld in de Zomernota 2022, hebben de beheerders van het gemeentefonds op basis van het Coalitieakkoord van kabinet Rutte IV, en vooruitlopend op een voorziene aanpassing van de normeringsystematiek, voor het jaar 2026 (en verder) de trap-optrap-af-systematiek buiten werking gesteld. Het accres (jaarlijkse mutatie van de omvang van het Gemeentefonds) wordt vanaf 2026 enkel nog aangepast voor de (verwachte) loon- en prijsontwikkeling. Omdat gemeenten na het verschijnen van de meicirculaire 2022 geconfronteerd werden met een forse terugval van rijksmiddelen uit het gemeentefonds vanaf het jaar 2026 en de VNG hier nadrukkelijk aandacht voor gevraagd heeft bij de beheerders van het gemeentefonds, heeft het kabinet (Rijk) besloten om voor het jaar 2026 eenmalig ca. € 1 miljard extra aan het gemeentefonds toe te voegen. Daarnaast is in de septembercirculaire 2022 het loon-prijsdeel van het accres voor de jaren 2023 tot en met 2025 geactualiseerd op basis van de actuele ramingen van het CPB (op basis van de MEV).

De verwachte loon- en prijsontwikkeling voor het jaar 2023 valt hoger uit dan geraamd in het Centraal Economisch Plan (hierna: CEP) waarop de accresramingen in de meicirculaire 2022 zijn gebaseerd. Omdat een accresmutatie structureel doorwerkt, vallen de accressen voor de jaren 2023 - 2025 hoger uit dan geraamd in de meicirculaire 2022. Voor het jaar 2023 gaat om circa € 389 dat oploopt naar € 583 miljoen in 2026. Het loon- en prijsdeel van het accres wordt voor het jaar 2023 vastgezet in de meicirculaire 2023. Mocht de loon- en prijsontwikkeling in de meicirculaire 2023 lager uitvallen dan nu geraamd, dan kan het negatieve verschil (deels) worden gedekt uit de behoedzaamheidsreserve voor het jaar 2023 van € 300.000. Taakmutaties septembercirculaire Het kabinet heeft tijdens de augustusbesluitvorming besloten extra geld beschikbaar te stellen voor onder andere de energietoelage en de inburgering van asielzoekers. De belangrijkste mutaties in de septembercirculaire 2022 worden hieronder toegelicht.

55

De energietoeslag bedraagt voor het jaar 2022 in totaal € 1.300 voor mensen die leven van 120% van het sociaal minimum. Tijdens de augustusbesluitvorming is besloten om in 2023 nogmaals € 1.300 aan deze doelgroep uit te keren. Om huishoudens in 2022 nog beter te ondersteunen, wordt gemeenten de mogelijkheid geboden om € 500 hiervan al in 2022 uit te keren. De begroting voor het gemeentefonds wordt hier nog op aangepast. Voor het jaar 2022 ontvangen de gemeenten extra rijksmiddelen (€ 550 miljoen boven de eerder verstrekte € 854 miljoen) ter compensatie van de gestegen energiekosten van de huishoudens die leven van 120% van het sociaal minimum. De rijksmiddelen worden gestort in het gemeentefonds en via een aantal verdeelmaatstaven van de algemene uitkering over de gemeenten verdeeld. In deze rijksmiddelen zit overigens ook een bedrag ter compensatie van de apparaatslasten verdisconteerd. Voor de gemeente Halderberge gaat om een extra rijksbijdrage in 2022 van ca. € 564.000. Dit bedrag zal worden verstrekt aan het Werkplein Hart van West-Brabant, die de energietoelage voor onze gemeente uitvoert (budgettair neutraal voor de gemeente). De bedragen (baten en lasten) zullen worden meegenomen in de Slotwijziging 2022.

In het bestuurlijk akkoord met betrekking tot de opvang van asielzoekers op 26 augustus jongstleden is afgesproken dat het Rijk voldoende financiële middelen beschikbaar stelt voor integratie. Als gevolg van een hogere instroom van inburgeraars is afgesproken het "budget" voor de inburgering voor de jaren 2022 tot en met 2024 op te hogen met respect respectievelijk € 20, € 40 en € 30 miljoen. Deze rijksmiddelen worden aan het Gemeentefonds toegevoegd en verdeeld via een aantal verdeelmaatstaven van de algemene uitkering. De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (hierna: Wkb) treedt naar verwachting vanaf 1 januari 2023 gefaseerd in werking. Gemeenten ontvangen voor de noodzakelijke voorbereidingen die de gemeenten moeten treffen tot de werking van de Wkb in 2022 eenmalig een rijksbijdrage (€ 25 miljoen in aanvulling op de € 10 miljoen die eerder in 2021 verstrekt). Daarnaast ontvangen de gemeenten na inwerkingtreding een jaarlijkse bijdrage (tot en met 2026) van € 10 miljoen voor het uitvoeren van de Wkb-taken. De rijksmiddelen worden via een decentralisatie-uitkering aan de gemeenten verstrekt. Het structurele bedrag dat de gemeente Halderberge ontvangt in de jaren 2023 - 2026 bedraagt afgerond zo'n € 20.000. In het jaar 2022 ontvangt de gemeente zo'n € 50.000 extra. Laatstgenoemd bedrag zal worden meegenomen in Slotwijziging 2022.

De gemeenten ontvangen in 2022 in aanloop naar de invoering van de Omgevingswet een eenmalige bijdrage van het Rijk van in totaal € 150 miljoen ter compensatie van de transitiekosten. De rijksmiddelen worden via een decentralisatieuitkering aan de gemeenten verstrekt. Voor de gemeente Halderberge gaat het om een bedrag van afgerond € 308.000, dat zal worden meegenomen in de Slotwijziging 2022. Tegenover de extra rijksmiddelen staan overigens ook extra lasten voor onze gemeente, zodat het bedrag niet of niet volledig ten gunste komt van de vrije beschikbare begrotingsruimte. BTW-compensatiefonds (2022) De fondsbeheerders maken, zoals gebruikelijk, in de septembercirculaire de verwachte onderuitputting op het BTWcompensatiefonds bekend. De verwachte onderuitputting voor het jaar 2022 bedraagt naar verwachting zo'n € 321 miljoen. In de meicirculaire 2023 volgt de definitieve afrekening. De gemeente Halderberge houdt bij de meerjarenraming van de algemene uitkering geen rekening met een eventuele onderuitputting op het BTWcompensatiefonds, zodat bij een eventeule onderuitputting dit resulteert in een, in beginsel, eenmalige meevaller. Het voorgaande houdt in dat de algemene uitkering voor de gemeente Halderberge in 2022 (eenmalig) ruim € 470.000 hoger uitvalt. De hogere algemene uitkering voor het jaar 2022 zal worden meegenomen in de Slotwijziging 2022.

Mocht de definitieve afrekening in de meicirculaire 2023 lager uitvallen, dan kan het negatieve verschil (deels) gedekt worden uit de reeds gevormde behoedzaamheidsreserve van € 300.000. Behoedzaamheidsreserve Nu het volume-deel van het accres voor de jaren 2022 - 2025 naar aanleiding van bestuurlijk overleg is vastgezet en de onderuitputting op het BTW-compensatiefonds in 2022 naar verwachting zo'n € 321 miljoen bedraagt, zal de behoedzaamheidsreserve voor het jaar 2022, € 300.000, naar verwachting geheel of deels vrijvallen. De vrijval zal geheel of deels worden meegenomen in de Slotwijziging 2022 (deels om eventueel rekening te houden met onvoorziene ontwikkelingen die bijvoorbeeld pas in de decembercirculaire 2022 bekend worden gemaakt). Correctie WOZ-waarden Wij hebben het vermoeden dat de WOZ-waarden van woningen (mogelijk) door het Rijk niet goed is ingeschat in de meerjarenraming van de algemene uitkering (te hoog), waardoor de uitkeringsfactor (mogelijk) nog neerwaarts wordt bijgesteld. Het maximale nadelige effect voor onze gemeente schatten wij in op ca. -/- € 450.000 structureel. Op het moment bestaat hierover echter nog geen duidelijkheid c.q. zekerheid. Uit het oogpunt van voorzichtigheid hebben wij in de meerjarenraming van de uitkering uit het gemeentefonds rekening gehouden met een verlaging van € 450.000 per jaar.

56

Totaaloverzicht gemeentefonds In onderstaande tabel treft u voor de jaren 2023 tot en met 2026 de mutaties van de algemene uitkering en de overige uitkeringen uit het gemeentefonds (ten opzichte van de stand Zomernota 2022) voor onze gemeente aan: bedragen x € 1.000

2023

2024

2025

2026

Algemene uitkering

1.338

1.311

1.229

2.622

Correctie WOZ-waarden

-450

-450

-450

-450

Overige uitkeringen

21

21

21

20

Totaal Gemeentefonds

909

882

800

2.192

Extra lasten nav taakmutaties

-21

-21

-21

-20

Totaal

888

861

779

2.172

Treasury/dividend De gemeente Halderberge bezit aandelen in diverse ondernemingen, waarvan twee jaarlijks dividend uitkeren, nl. BNG Bank NV en Saver NV. De volgende bedragen zijn in de begroting 2023 opgenomen. • Dividend BNG: € 80.000 • Dividend Saver: € 76.500 Een toelichting op het onderdeel Treasury treft u aan in de paragraaf Financiering. Post onvoorzien Vanaf de begroting 2021 is de post onvoorzien structrueel verhoogd naar € 100.000 per jaar.

57

1.7.7 Verbonden partijen Gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB) Doel of belang dat wordt behartigd:

De BWB verzorgt de heffing en de inning van de belastingen voor de gemeenten, Bergen op Zoom, Breda, Etten-Leur, Halderberge, Oosterhout, Roosendaal, Woensdrecht, Dongen, Moerdijk, Zundert, Rucphen en het waterschap Brabantse Delta. Voor de gemeenten wordt ook de uitvoering van de Wet onroerende zaken verzorgd. De GR BWB biedt de mogelijkheid tot de uitvoering van de Wet Basisregistraties Adressen en Gebouwen (hierna BAG). Voor de gemeente Moerdijk wordt de BAG uitgevoerd.

Beleidsvoornemens:In de begroting zijn geen nieuwe beleidsvoornemens opgenomen. Wel volgt de BWB nauwgezet de landelijke ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op de werkzaamheden van de BWB, zoals de verruiming en/of verschuiving van de lokale belastingen en de komst van de Omgevingswet. Richtlijnen 2024

Beleidsmatige richtlijnen: 1. We verwachten van de BWB dat zij -in overleg met de deelnemers- de bestaande kritische prestatie indicatoren (kpi’s) beziet op relevantie, deze waar nodig aanscherpt en nieuwe kpi’s ontwikkelt. Het doel is om bij de begroting 2024 over een volledige set van kpi’s te beschikken, waarover tussen BWB en deelnemers overeenstemming is. 2. De medewerkers zijn het belangrijkste kapitaal van de BWB. Daarom achten de deelnemers het van belang, zeker nu er sprake is van een hoog ziekteverzuim en uitzicht op met pensioen gaan van medewerkers in spilfuncties, dat er uiterlijk per 1 januari 2023 een strategisch personeelsplan beschikbaar komt en de gevolgen daarvan te verwerken in de begroting 2024. Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2024 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen.

N.V. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Doel of belang dat wordt behartigd:

De Bank Nederlandse Gemeenten is de bank van en voor overheden en instellingen voor maatschappelijk belang. Met gespecialiseerde financiële dienstverlening draagt de BNG bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Daarmee is de bank essentieel voor de publieke taak.

Beleidsvoornemens:Er zijn geen beleidsvoornemens voor 2023 bekend. Richtlijnen 2024

Niet van toepassing

1.7.8 Wat mag het kosten? Algemene dekkingsmiddelen

2022

2023

2024

2025

2026

0.5 Treasury

129.000

-29.000

132.000

253.000

256.000

0.61 OZB woningen

372.000

451.000

458.000

468.000

478.000

0.62 OZB niet-woningen

46.000

51.000

51.000

52.000

54.000

0.64 Belastingen overig

60.000

60.000

60.000

60.000

60.000

Lasten per taakveld

58

Algemene dekkingsmiddelen

2022

2023

2024

2025

2026

0

0

0

0

0

75.000

175.000

300.000

375.000

375.000

0

0

0

0

0

4.153.000

2.080.000

1.121.000

581.000

2.791.000

0

0

0

0

0

4.835.000

2.788.000

2.122.000

1.789.000

4.014.000

14.000

29.000

29.000

29.000

28.000

Kapitaallasten Investeringsprogramma 2023 - 2026

0

0

0

0

0

Direct toe te rekenen salarislasten

0

0

0

0

0

0.5 Treasury

2.446.000

167.000

167.000

166.000

165.000

0.61 OZB woningen

3.971.000

3.918.000

4.102.000

4.308.000

4.524.000

0.62 OZB niet-woningen

3.706.000

3.788.000

3.939.000

4.097.000

4.261.000

0.64 Belastingen overig

68.000

68.000

68.000

68.000

68.000

51.255.000

56.320.000

58.992.000

61.469.000

59.332.000

0.8 Overige baten en lasten

0

0

0

0

0

0.9 Vennootschapsbelasting (Vpb)

0

0

0

0

0

2.097.000

3.007.000

972.000

869.000

830.000

0

0

0

0

0

Totaal baten Algemene dekkingsmiddelen

63.543.000

67.268.000

68.240.000

70.977.000

69.180.000

Saldo

58.708.000

64.480.000

66.118.000

69.188.000

65.166.000

0.7 Algemene uitk. en overige uitk. gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting (Vpb) 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten Totaal lasten Algemene dekkingsmiddelen

Waarvan: Kapitaallasten bestaande activa

Baten per taakveld

0.7 Algemene uitk. en overige uitk. gemeentefonds

0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten

59

60

Overhead

1.8.1 Inleiding Eén van de wijzigingen in het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) heeft betrekking op overhead. Vanaf 1 januari 2017 geldt er een algemene definitie van overhead. De definitie luidt: alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Uitgangspunt van deze definitie is dat kosten zoveel mogelijk moeten worden toegerekend aan het primaire proces. Kosten die niet kunnen worden toegerekend, moeten worden verantwoord op een apart taakveld en worden niet meer verdeeld op basis van allerlei verdelingsprincipes (fte, m2, aantal werkplekken, etc.). In de notitie worden de diverse onderdelen van de overhead toegelicht, waardoor duidelijkheid is ontstaan over de kosten die wel en die niet tot de overhead gerekend moeten worden. Wij sluiten aan bij de notitie en de definitie die de commissie BBV hiervoor heeft opgesteld. Het gevolg van deze wijziging is dat u bij de programma’s geen kosten van overhead meer aantreft. In dit hoofdstuk treft u een toelichting aan op de kosten van de overhead. 1.8.2 Overzicht overhead In onderstaand overzicht zijn de totale lasten van de overhead weergegeven voor de jaren 2023 tot en met 2026. Overhead

2023

2024

2025

2026

Directie en management

1.169.462

1.137.824

1.158.956

1.178.400

Ondersteunende teams

4.004.765

4.176.518

4.215.325

4.251.320

Overige personeelskosten (geen salarislasten)

1.856.943

1.606.381

1.528.816

1.552.396

Huisvesting

867.244

877.011

887.188

897.792

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/539/documents/15752