CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6c WVS Begroting 2025.pdf

Gemeenteraad 19 juni 2024, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 6: Werkvoorzieningsschap Westelijk Noord-Brabant (WVS)8.273 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ontwerp begroting 2025 Meerjarenraming 2026 - 2028

Inhoudsopgave

1. Voorwoord Algemeen Directeur

3

2. Financiële begroting en meerjarenraming

6

2.1 Uitgangspunten begroting 2025 en meerjarenraming 2.2 Samenwerking met Werkplein en ISD 2.3 Overzicht van baten en lasten 2023 - 2028 2.4 Financiële positie 2.5 Risicoparagraaf

6 9 11 12 13

3. Overige begrotingsinformatie

17

3.1 Weerstandsvermogen 3.2 Wet Open Overheid

17 17

Bijlagen 1. Resultatenrekening 2025 - 2028 Overhead 2. Balans per ultimo 2023 - 2028 3. Overzicht lang- en kortlopende leningen 4. Overzicht reserves en voorzieningen 5. Overzicht van investeringen in vaste activa 6. Gemeentelijke bijdrage 2025 7. Specificatie Rijksbijdrage per gemeente 2025

18 19 20 21 22 23 24

WVS - Begroting 2025

2

1. Voorwoord Algemeen Directeur WVS WVS werkt als sociaal ontwikkelbedrijf van West-Brabant er, samen met de ISD Brabantse Wal en het Werkplein, aan om een steeds groter wordende groep inwoners die aan de zijlijn staan weer een betere toekomst te bieden. Gezamenlijk gaan we de uitdaging aan om zoveel als mogelijk de groep inwoners die al langer dan 2 jaar aan de zijlijn staan, te laten participeren en te ontwikkelen naar liefst loonvormende arbeid. Wij geloven dat we door meer samen te werken, in staat zijn om de maatschappelijke kosten te laten dalen en het maatschappelijke rendement te laten stijgen. Voor u ligt de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026 tot en met 2028 van WVS. Deze begroting is gebaseerd op de gegevens die we weten vanuit de mei-, september- en decembercirculaire 2023. Omdat we moeten begroten met cijfers uit 2023 zal, na de nieuwe cijfers uit de mei- en septembercirculaire 2024, dit najaar weer een aangepaste begroting worden gemaakt. De acties voortkomend uit het gezamenlijke jaarplan van de samenwerking met de ISD en het Werkplein zijn, voor zo ver als mogelijk, meegenomen in deze begroting en is met beide partijen afgestemd. De begroting moet dan ook in samenhang worden bekeken met de begrotingen van de ISD en het Werkplein. WVS voert vanuit de Participatiewet, de Wet sociale werkvoorziening en het beschut werken uit.

Daarnaast ontwikkelt WVS mensen die de route naar werk niet zelfstandig kunnen maken. Het gezamenlijke doel van de samenwerking met de ISD en het Werkplein voor 2025 en de meerjarenraming 2026 tot en met 2028, is om meer inwoners in ontwikkeling te zetten. Om onze inwoners te ondersteunen in hun ontwikkeling is vanaf 2024 ‘Startpunt’, het centrum voor een verdiepende diagnose, opgericht om inwoners gerichter te kunnen ontwikkelen op basis van hun skills. Hierdoor kunnen we gerichter bijstandsgerechtigde inwoners, jongeren en statushouders in hun kracht zetten. WVS heeft vanuit het verleden te maken met hogere loonkosten t.o.v. het landelijk gemiddelde terwijl de bedrijfskosten en de verhouding reguliere medewerkers versus doelgroepmedewerkers lager liggen. Het inverdienvermogen ligt echter weer hoger t.o.v. het landelijk gemiddelde. WVS zit daarmee in de top van best presterende sociale ontwikkelbedrijven in Nederland zoals blijkt uit het onderzoek dat door Berenschot is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van SZW en de benchmark van de branchevereniging Cedris. We zetten al onze energie op de ontwikkeling van de eigenwaarde van onze inwoners. Werk is uiteindelijk de beste zorg. ( x € 1.000)

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Operationeel resultaat

6.004

5.235

2.014

2.028

2.161

2.899

Incidentele baten en lasten

2.273

713

4.140

1.833

-879

-248

Gemeentelijke bijdrage

6.427

8.182

8.058

5.593

7.532

7.700

Subsidieresultaat*

-11.962

-11.529

-10.076

-8.740

-7.746

-7.634

Totaal resultaat

2.742

2.601

4.136

714

1.068

2.717

* Het subsidieresultaat is het verschil tussen de rijksbijdrage en de SW-loonkosten. In 2020, 2021 en 2022 heeft WVS te kampen gehad met Covid-19. De compensatie vanuit het Rijk is verantwoord onder de incidentele baten en lasten.

3

WVS - Begroting 2025

Factoren die een bepalende rol spelen bij het al dan niet realiseren van de begroting van 2025 zijn: 1. Subsidies 2. Kostenbeheersing 3. Algemene economische situatie 4. Opbrengsten, toegevoegde waarde 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door de gemeenten 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen 7. Uitstroom SW en leidinggevend SW-kader 8. (Fiscale) Wetgeving 9. Cao Aan de Slag (Wet Arbeidsmarkt in Balans) 10. Cao SW Ad 1. Subsidies De begroting is gebaseerd op het voorlopig toegekende Wsw-participatiebudget voor 2025 o.b.v. de septembercirculaire 2023 zijnde € 35.209,- en met 3 % LPO € 36.265,-. Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Naast de hoogte van het bedrag speelt ook de toekenning van de (fictieve) taakstelling een steeds belangrijkere rol. In 2021 en 2022 was de uitstroom van de SW hoger dan voorspeld. In 2023 lager en was er een overrealisatie. Door het Rijk is besloten om de begeleidingsvergoeding beschut werk per 2024 te verhogen met € 2.157 per persoon.

In december heeft minister Schouten in een kamerbrief aangegeven dat er meerjarig extra geld is vrij gemaakt ter ondersteuning van de bekostiging van de infrastructuur van de sociaal ontwikkelbedrijven. Deze extra subsidie is opgenomen in deze begroting. In 2024 is besloten om een gedeelte van dit geld vrij te maken voor de financiering van de extra Cao-verhoging SW/Aan de Slag. Dit is niet het doel van deze middelen. Daarnaast is er nog geen zicht op de structurele financiering van de extra personeelslasten. Ad 2. Kostenbeheersing WVS scoort in de benchmark goed in kostenbeheersing. Echter, met de invoering van de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) zijn de kosten voor het begeleidend en ondersteunend regulier personeel flink gestegen. De flinke stijging van het WML zorgt voor een verhoging van de loonkosten van de doelgroep PW. Hierdoor is het steeds lastiger om binnen de kostprijs de producten te leveren en dit heeft dan ook effect op het operationeel resultaat. Daarnaast zijn er positieve effecten van de arbeidsontwikkeling van de doelgroep voor de werkpleinen. Deze zijn niet opgenomen in de begroting van WVS. De financiële effecten hiervan zie je terug bij de ISD en het Werkplein. Daarom moeten de resultaten in samenhang worden gezien met die van het Werkplein en de ISD. Hiervoor kan verwezen worden naar de ketenbegroting. Ad 3.

Algemene economische situatie De economische groei lijkt gestagneerd te zijn. Dit heeft gevolgen voor de orderportefeuille. Ad 4. Opbrengsten, toegevoegde waarde In de huidige economische ontwikkeling is het zaak om het nivo van de opbrengsten en toegevoegde waarde per medewerker te behouden. Het inrichten van de organisatie op basis van lean en het realiseren van een betere prijsvorming is de basis voor een gezonde toekomst. Ad 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door gemeenten Een goede samenwerking met de gemeenten, ISD en Werkplein zorgt er voor dat meer mensen aan loonvormende arbeid kunnen deelnemen. Door opdrachten vanuit gemeenten te verstrekken voor werkzaamheden die bij de doelgroep passen, kunnen mensen op basis van hun ontwikkelmogelijkheden getraind worden binnen deze werkzaamheden. De druk op de financiële situatie bij de gemeenten is merkbaar in de opdrachtverstrekkingen. Dit heeft impact op het resultaat. Bij geschiktheid vindt er doorstroom plaats naar reguliere arbeid, maar inmiddels is er ook een vangnet voor WVS - Begroting 2025

4

die groep die deze stap niet kan maken. We zijn gestart met een pilot t.b.v. de ontwikkeling van statushouders. Samen met de ISD en het Werkplein is de afgelopen jaren een nieuwe werkwijze geïmplementeerd waarbij de ontwikkeling van de inwoner centraal staat. De komende jaren wordt er geïnvesteerd in mensen die meer begeleiding nodig hebben en het zelfstandig niet redden om in ontwikkeling te komen. Mocht het niet haalbaar zijn dat onze inwoners uit het Landelijk Doelgroep Register (LDR) kunnen aansluiten op de arbeidsmarkt, dan biedt WVS de mogelijkheid voor een (tijdelijk) dienstverband. Ad 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen en het RPA De uitvoering van de Participatiewet vraagt om intensieve samenwerking met de werkpleinen en het werkgeversveld. Op arbeidsmarktregioniveau komen vanuit het Rijk participatiegelden beschikbaar voor de regio, t.b.v. de ontwikkeling van de doelgroep. Hoe deze gelden kunnen worden ingezet is op dit moment nog niet helder. Ad 7. Uitstroom SW personeel en leidinggevend SW kader In de begroting is opgenomen dat leidinggevend kader in SW-dienstverband wordt vervangen door reguliere krachten. Hierin is echter niet de volledige vervanging meegenomen die door uitstroom vanwege pensioenleeftijd is ingeschat. Door de invoering van de RVU regeling voor SW-personeel, is er een snellere uitstroom van SW-leidinggegevenden.

In deze begroting is het aantal reguliere krachten bijgesteld, daar de uitstroom van SW-leidinggevend en ‘-kaderpersoneel sneller gaat dan was voorzien, mede door de RVU-regeling in de Cao SW en de Cao SGO. Ad 8. (Fiscale) wetgeving Het Lage Inkomens Voordeel (LIV) is per 2025 vervallen. Onduidelijk is nog of er een vervangende regeling komt en of WVS er dan voordeel aan heeft. Ad 9. Cao Aan de Slag (WAB) Per 1 januari 2020 is de Wet Arbeidsmarkt in Balans in werking getreden. Met de WAB zijn maatregelen getroffen om te voorkomen dat er bij payroll wordt geconcurreerd op arbeidsvoorwaarden. Het kabinet vindt het belangrijk dat voor iedereen, dus ook voor mensen die alleen met ondersteuning de arbeidsmarkt kunnen betreden, het beginsel van gelijke beloning voor hetzelfde werk geldt. Voor de SW-medewerkers was bij invoering van de WAB al een uitzondering gemaakt. Sinds 1 juli 2021 is er een nieuwe Cao Aan de Slag gaan gelden voor de medewerkers uit de PW met een beschut werk indicatie en deze Cao geldt ook voor inwoners met een LDR-verklaring, die een dienstverband krijgen bij WVS. De Cao loopt af per 31-12-24. Ad. 10. Cao SW De Cao SW volgt de stijgingen van het WML en de LPO ontwikkeling van het IUSD-WSW. De Cao loopt nog tot eind 2025.

5

WVS - Begroting 2025

2. Financiële begroting en meerjarenraming 2.1 Uitgangspunten begroting 2025 Bij het opstellen van de begroting zijn naast de werkelijke resultaten over 2023, de interne werkbudgetten voor 2024 als uitgangspunt gehanteerd. De begrotingen van de ISD, het Werkplein en WVS vormen gezamenlijk de basis voor de ketenbegroting. Toegevoegde waarde Voor de berekening van de toegevoegde waarde (TW) zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: •

• •

De TW voor WVS is uit verschillende zaken opgebouwd. De TW per fte SW wordt constant verondersteld. Daarnaast is rekening gehouden met de TW voor de nieuwe beschut werk-medewerkers. Voor nieuwe medewerkers met structurele loonkostensubsidie wordt een TW nivo van de huidige SW-populatie verwacht. Hierbij gaan we uit van een loonwaarde van gemiddeld 50 %. Daarnaast zullen er ontwikkeltrajecten voor de ISD en het Werkplein uitgevoerd worden. Voor mensen in een ontwikkeltraject wordt geen toegevoegde waarde meegenomen omdat de focus ligt op leren i.p.v. werken. De formatie SW is gebaseerd op de prognose komende uit de mei- en septembercirculaire 2023. Per type contract (SW, beschut werk, participatie) wordt een andere inzetbaarheid over de verschillende werksoorten zoals groen, postbezorging en industriële activiteiten verwacht. In de begroting is rekening gehouden met een omzet van de deelnemende gemeenten ten opzichte van de werkelijke omzet 2023 met een afname i.v.m. daling fte SW.

Rijksbijdrage WSW Begroting 2025

Werkelijk 2023

Herz. begr. 2024

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Aantal SE

1.535

1.463

1.377

1.298

1.205

1.134

Rijksbijdrage per SE

33.596

34.260

35.209

36.259

37.419

38.537

3,5 %

3,0 %

3,0 %

3,0 %

3,0 %

51.862

49.937

49.938

49.260

49.211

Rijksbijdrage (€ x 1.000) incl. LPO

51.561

Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Rijksbijdrage infrastructuur Begroting 2025

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Aantal SE

1.481

1.395

1.315

1.221

Rijksbijdrage per SE

1.090

1.196

1.307

1.466

Rijksbijdrage (€ x 1.000)

1.615

1.669

1.719

1.790

In de kamerbrief van 21 december 2023 heeft minister Schouten aangegeven dat er een extra bijdrage komt vanuit het Rijk ter behoud van de infrastructuur van de sociaal ontwikkelbedrijven. Deze bijdrage zal via de IUSD-WSW worden uitgekeerd. Voor de begroting 2025 is uitgegaan van dezelfde verdeelsystematiek als de rijkbijdrage Wsw. Waarschijnlijk zal deze erin worden opgenomen.

WVS - Begroting 2025

6

Bijdrage deelnemende gemeenten Basis is het aantal geplaatste doelgroep medewerkers (SW + participatie) op 1 januari van het voorafgaande jaar aan het rapportagejaar (Bijlage 6 per gemeente). Begroting 2025

Werkelijk 2023

Aantal SW/participatie-medewerkers

Herz. begr. 2024

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

1.961

1.912

1.837

1.744

1.676

Gem. bijdrage per SW/participant in €

3.769

4.148

3.887

4.410

4.941

5.320

Gem. bijdr. (€ x 1.000)

7.700

8.135

7.431

8.102

8.617

8.916

Overige subsidies overheid Beschut Werk In de begroting is opgenomen dat er beschut werk wordt ingezet en dat deze zal worden uitgevoerd door WVS conform gemaakte afspraken. Voor deze doelgroep is uitgegaan van 70 % loonkostensubsidie en gemiddeld 28 uur per persoon. De begeleidingsvergoeding voor beschut werk wordt vanuit het ministerie BZK geraamd. In de begroting 2025 is een bedrag opgenomen van € 8.600,- plus € 2.157,- per traject. Het landelijk onderzoek (het rapport “Het sociaal ontwikkelbedrijf: werkvormen, kosten en baten”) toont aan dat de € 8.600,- per traject onvoldoende is om de begeleidingskosten te dekken. In dat onderzoek wordt aangegeven dat bij interne plaatsing de extra kosten € 11.000,- per persoon per jaar zijn. Vanuit de overheid is dit gedeeltelijk onderkend. Vanuit het Rijk is een extra begeleidingsvergoeding van € 2.157 toegekend via de septembercirculaire 2023 vanaf 2024.

Ontwikkeltrajecten Er zijn in de ketenbegroting aannames gemaakt m.b.t. afname ontwikkeltrajecten door de ISD en het Werkplein. In de begroting en de meerjarenraming is uitgegaan van de aangereikte cijfers vanuit de ketenbegroting. De tariefstelling van de trajecten is o.b.v. het gemiddelde van afgelopen jaren met een indexering conform afspraak. Er wordt gerekend met een gemiddelde looptijd van een traject van 4 maanden. Overige bedrijfsopbrengsten Dit betreft de doorberekening van de kosten van dienstverlening van WVS aan de verbonden partijen, zoals Flexkompaan BV, WVS Schoonmaak Vof en Propeople Holding BV, alsmede derdenpartijen zoals Stichting Werkwijs West-Brabant en Stichting Op Weg Naar Werk. In de begroting is verondersteld dat de dienstverlening op hetzelfde niveau gehandhaafd blijft. De aanpassing zit hem in het aantal fte’s dat gedetacheerd wordt. Personeelskosten SW Voor de berekening van de indexering van de lonen SW is rekening gehouden met de huidige loonafspraken. De LPO op het participatiebudget SW wordt verondersteld op 3 % voor 2025. De loonsverhoging voor de SW is op 4 % gesteld. Voor de jaren 2025 e.v. is 4 % stijging aangehouden. Door uitstroom van in verhouding duurdere werknemers wordt daarnaast een algemene daling van de loonkosten per SW-fte verondersteld, die de loonkosten in positieve zin beïnvloedt.

Vanaf 2025 is er geen tegemoetkoming loondomein meer vanuit het Rijk genaamd LIV. Er zijn nog geen vervangende subsidies c.q. tegemoedkomingen bekend. Overige personeelskosten SW De overige personeelskosten zijn gebaseerd op de gerealiseerde kosten 2023 en het budget 2024. Tevens is hier rekening gehouden met de uitstroom van SW-medewerkers conform de prognose vanuit de rijksoverheid. Loonkostensubsidie Begeleid Werken Het aantal BW-plaatsingen wordt constant verondersteld.

7

WVS - Begroting 2025

Salariskosten regulier personeel Leidinggevende SW-medewerkers worden vanwege uitstroom gedeeltelijk vervangen door regulier Flexkompaan personeel. Verder wordt uitstromend leidinggevend kader ambtelijk en Flexkompaan vervangen door nieuwe Flexkompaan krachten. De omvorming tot ontwikkelbedrijf heeft tot gevolg dat er ook nieuwe functies ontstaan die met regulier personeel moeten worden ingevuld. Werkelijk 2023

Herz. begr. 2024

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Fte ambt. pers.

45,1

38,8

36,0

35,0

34,0

33,0

Gem. loonsom (€)

86.618

100.772

94.417

98.886

103.588

108.515

Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)

3.903

3.914

3.399

3.461

3.522

3.581

Fte Flexkompaan

153,2

157,0

167,0

168,0

169,0

170,0

Gem. loonsom (€)

78.396

81.637

85.115

90.221

95.633

101.371

Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)

12.011

12.817

14.215

15.158

16.163

17.234

Totaal Fte regulier

198,3

195,8

203,0

203,0

203,0

203,0

Totaal Sal. kst. regulier (€ x 1.000)

15.914

16.731

17.614

18.619

19.685

20.815

Voor de berekening van de salarissen ambtelijk personeel is rekening gehouden met de verhoging van 4 % van de kosten voor 2026 en verder. Dit is voor Cao-stijgingen en wijzigingen in werkgeverslasten. Met de invoering van de WAB zijn de personeelsleden in Flexkompaan qua salariëring gelijk getrokken met de ambtelijke collega’s. Flexkompaan personeel is korter in dienst en heeft daardoor vaak nog periodieken in het vooruitzicht. De extra stijging hierdoor is 2 %. Loonkosten beschut werk In de Cao is sprake van een 37-urige werkweek, een pensioenvoorziening en extra secundaire arbeisvoorwaarden zoals bijv. reiskosten. De Cao Aan de Slag is voor alle schalen gekoppeld aan het nivo van het WML. Op 1-1-24 is het wettelijk minimum uurloon ingegaan o.b.v. 36 uur. Hierdoor is er een flinke kostenstijging per fte ontstaan. Loonkosten Participanten In de begroting wordt uitgegaan van dezelfde kostenstructuur als bij beschut werk. Afschrijvingen De afschrijvingskosten in 2025 zijn gebaseerd op een behoudend investeringsbeleid. Overige bedrijfskosten Deze zijn min of meer constant verondersteld, m.u.v. de energiekosten en indexeringen.

WVS - Begroting 2025

8

2.2 Samenwerking met Werkplein en ISD De intensieve samenwerking binnen de keten van ISD Brabantse Wal (ISD), Werkplein en WVS gaat onverminderd door. De doelstelling voor 2024 binnen de samenwerking is dan ook ‘Samen werken aan Participatie’. Meer dan 70 % van de inwoners met een bijstandsuitkering in West-Brabant is langer dan 2 jaar afhankelijk van deze uitkering. Het is onze opdracht om inwoners die ondersteuning te bieden die nodig is. We geloven dat door samenwerking met de bundeling van kennis en kunde, meer inwoners ontwikkeld kunnen worden naar werk of een andere vorm van participeren. Focuspunten 2024 Voor 2024 hebben we 3 focuspunten: 1. Blijvende aandacht voor doelgroep C ondanks economische voor- of tegenspoed. Inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt verdienen meer aandacht. De ontwikkeling van eigenwaarde en zelfredzaamheid zal op termijn leiden tot een hoger maatschappelijk rendement. Het project ‘gecombineerde aanpak’ (zoals voortgekomen uit de maatregelen bestandsbeheersing Werkplein) zal ook in gezamenlijkheid verder uitgewerkt worden. 2. Proeftuin gezamenlijke diagnose. In 2024 wordt de in 2023 ontwikkelde verdiepende diagnose op gebied van arbeidsmogelijkheden, -belemmeringen en benodigde ondersteuningsbehoefte toegepast in de keten.

Dit is een verdiepende analyse die vraaggericht ingezet kan worden aanvullend op de intake diagnose bij Werkplein en ISD. Ook kan een verdiepende analyse toegepast worden tijdens het ontwikkeltraject. Deze ondersteuning kunnen we alleen bieden als we met elkaar (ISD, Werkplein en WVS) en in de volle breedte onze expertise inzetten en daarbij werken volgens de uitgangspunten: • De mens centraal (niet geld, processen en procedures) • Werken vanuit vertrouwen • Ieder zijn eigen oplossing (maatwerk) • Nabij (inwoners en bedrijven) • Samen met partners (sociaal domein, werkgevers, opleiders etc.) • Leren en ontwikkelen • Werken met data In 2024 onderzoeken we hoe we gezamenlijk eenduidig invulling kunnen geven aan deze diagnose/analyse fase door Werkplein, ISD en WVS. En willen we beter inzicht krijgen waar de intakediagnose en de verdiepende diagnose elkaar versterken om beter maatwerk te kunnen leveren aan de inwoner. 3. Communicatie als onderdeel van onze samenwerking. Communicatie draagt bij aan het laten slagen van onze gezamenlijke opdracht. Net als in de afgelopen jaren zal ook in 2024 veel aandacht besteed worden aan communicatie met het bestuur, de samenwerkende organisaties en met de inwoners. De ontwikkeling van onze inwoners staat voorop met als ontwikkeling naar werk als hoogste doel.

In onze samenwerking streven we ernaar om 380 inwoners (255 Werkplein en 125 ISD) te ondersteunen met een ontwikkeltraject. Een leerroute zoals groen, logistiek, schoonmaak, productie, catering of post kan daar onderdeel van uitmaken. Uitbreiding naar nieuwe werkgebieden wordt onderzocht. Net als in voorgaande jaren ligt ook nu het accent op de kwaliteit en minder op de kwantiteit.

9

WVS - Begroting 2025

Begroting Ketensamenwerking 2025 Bestaand

WVS

Werkplein

ISD BW

Totaal

Ontwikkeltrajecten

898

440

1338

Loonwaardemetingen

64

32

96

Jobcaoching

112

11

123

6

0

6

1076

483

1559

Praktijk- en persoonlijkheidsonderzoek

Ontwikkeling

Ontwikkelbudget

20

20

10

50

Bedrijfsvoering

Manager / aansturing

48

48

24

120

Totaal

68

1148

517

1733

Aantallen activiteiten 2025

Werkplein

ISD BW

Totaal

Ontwikkeltrajecten

255

125

380

Loonwaardemetingen

100

50

150

Jobcoaching

30

5

35

WVS - Begroting 2025

10

2.3 Overzicht van baten en lasten 2023 - 2028 Het overzicht baten en lasten voor de jaren 2023 - 2028 laat met name het exploitatieresultaat vóór gemeentelijke bijdrage zien. Ook wordt het totaal exploitatieresultaat gesplitst in het subsidieresultaat (rijksbijdrage minus alle personeelskosten SW personeel) en het operationele resultaat. Conform de eisen zoals gesteld in het Besluit Begroting en Verantwoording, is WVS verplicht inzicht te geven in de overheadkosten zoals gedefineerd in de BBV. Deze opstelling vindt u in bijlage 1. bedragen x € 1.000 Begroting 2025 Netto omzet derden

Werkelijk 2023

Herz. begr. 2024

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

23.746

25.932

27.088

26.694

26.394

26.563

Netto omzet deelnemende gemeenten

9.647

9.500

9.250

9.000

8.750

8.500

Grond- en hulpstof uitbesteed werk

-9.824

-11.924

-12.229

-12.012

-11.827

-11.800

Toegevoegde waarde

23.569

23.508

24.109

23.682

23.317

23.263

Rijksbijdrage Wsw

51.621

51.862

49.937

49.938

49.260

49.211

1.615

1.669

1.719

1.790

Loonkostensubsidie

2.296

3.489

4.259

4.822

5.423

5.990

Overige subs. overheid

3.053

2.833

3.046

3.266

3.485

3.681

Totaal bijdr. overheden

56.970

58.184

58.857

59.695

59.887

60.672

Rijksbijdrage infrastructuur

Overige bedrijfsopbr.

3.083

2.420

2.814

2.671

2.578

2.525

Totaal baten

83.622

84.112

85.780

86.048

85.782

86.460

Loonkosten SW

-54.827

-56.699

-54.717

-53.651

-51.782

-50.717

Overige pers. kstn SW

-2.081

-2.334

-2.147

-2.078

-1.993

-1.929

Verstrekte subsidies

-227

-225

-225

-225

-225

-225

Totaal pers. kstn SW

-57.135

-59.258

-57.089

-55.954

-54.000

-52.871

Kosten regulier pers.

-18.209

-17.641

-18.674

-19.679

-20.745

-21.875

Kosten beschut werk

-4.306

-5.240

-6.396

-7.306

-8.278

-9.193

-138

-1.152

-1.406

-1.462

-1.520

-1.581

Afschrijvingskosten

-1.964

-1.910

-2.130

-2.130

-2.130

-2.130

Overige bedr. kosten

-6.599

-6.571

-6.929

-6.979

-7.036

-7.036

Financieringskosten

-254

-475

-587

-640

-690

-690

Sub-totaal overige bedr. kstn

-31.470

-32.989

-36.122

-38.196

-40.399

-42.505

Totaal bedrijfskosten

-88.605

-92.247

-93.211

-94.150

-94.399

-95.376

Result. voor gem. bijdr. en dividend

-4.983

-8.135

-7.431

-8.102

-8.617

-8.916

Gem. bijdrage

7.700

8.135

7.431

8.102

8.617

8.916

Totaal expl. result.

2.717

0

0

0

0

0

Subsidieresultaat Doelgroep

-7.663

-10.300

-10.696

-9.963

-9.116

-8.445

Kosten participanten LDR Kosten participanten

11

WVS - Begroting 2025

2.4 Financiële positie De afgelopen jaren is een bijdrage van de gemeenten noodzakelijk om een negatief eigen vermogen te voorkomen. In bijlage 6 is een overzicht opgenomen van de gemeentelijke bijdragen voor 2025. In bijlage 2 is de balans per ultimo opgenomen voor de jaren 2023 - 2028. In paragraaf 3.1. Weerstandsvermogen is een overzicht gegeven van ‘jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen’. Deze verplichtingen hebben een nadelige invloed op de financiële positie van WVS. Door het negatieve resultaat in de totale planperiode zal de financieringsbehoefte toenemen. Dit wordt gecompenseerd door stortingen van de gemeentelijke bijdragen. Ultimo 2023 bedroegen de langlopende leningen € 9.944.000,-. In 2024 wordt hierop € 2.363.000,- afgelost. In 2024 is het afsluiten van een langlopende lening gepland van € 4.000.000,- met een looptijd van 10 jaar. Om aan haar financieringsbehoefte te kunnen voldoen sluit WVS rekening-courantkredieten en kasgeldleningen af. De behoefte aan krediet neemt toe vanwege de jaarlijkse aflossingen op de leningen. Het rentepercentage voor de langlopende leningen bedraagt voor 2025 3,89 %. Voor rekening-courantkrediet is dit percentage begroot op 2 % en voor kasgeldleningen op 3 %. Met deze financieringswijze voldoet WVS zowel aan de kasgeldlimiet als aan de norm voor het renterisico.

In bijlage 3 is een overzicht van de langlopende en de kortlopende leningen gegeven voor de jaren 2023 - 2025. De voorzieningen die WVS heeft gevormd hebben het karakter van een toekomstige financiële verplichting. Sinds 2018 wordt er een voorziening gecreëerd voor het 3e WW-jaar ambtelijk. Dit is een verplichting. Deze wordt gevormd uit een bijdrage van het ambtelijk personeel zelf. In 2022 is de voorziening spaarverlof gecreëerd voor de tegoeden die vanuit de Cao-regelingen SW en SGO worden gespaard. De toevoegingen aan en opnames uit deze voorziening hebben een onvoorspelbaar karakter. In bijlage 4 is een overzicht gegeven van het verloop van de reserves en de voorzieningen voor de jaren 2023 - 2028.

WVS - Begroting 2025

12

2.5 Risicoparagraaf Als risico’s worden beschouwd alle redelijke voorzienbare risico’s die niet in de begroting zijn verwerkt en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de omvang van de exploitatie, het exploitatieresultaat en het eigen vermogen van WVS. Ondernemersrisico WVS opereert op de commerciële markt door producten en diensten aan derden te leveren. Hierdoor heeft WVS te maken met het normale ondernemersrisico zoals het debiteuren- en voorraadrisico. Door de turbulente economische omstandigheden, mede dankzij corona, is dit risico niet te onderschatten. Omvang: Het achterblijven van de TW van bijvoorbeeld 5 % levert direct een verlies op aan exploitatieresultaat van ruim € 1.200.000,-. Maatregelen: Via de interne P&C cyclus, waardoor snel achterblijvende resultaten zichtbaar zijn, spreiden van risico’s o.b.v. werksoorten, klanten en branches. Tevens werk blijven acquireren ook al is er geen stilstand. Dit vangt leegstand op, of biedt mogelijkheden voor betere rendementen. Opdrachten van deelnemende gemeenten De deelnemende gemeenten zijn belangrijke opdrachtgevers voor WVS. De gemeentelijke opdrachten vormen voor WVS ook een belangrijke inkomstenbron, maar belangrijker nog is dat gemeenten veel werk hebben waar mensen uit de doelgroep op zijn aangewezen.

Door een jaarlijkse krimp in het aantal SW-medewerkers en de beperkte instroom, komt de uitvoering van gemeentelijke opdrachten onder druk te staan. Een tijdelijke plaatsing van inwoners met een LDR-indicatie kan hier een oplossing in bieden. Omvang: De gemeentelijk omzet beslaat om en nabij een derde van de omzet van WVS. Als er door de financiële druk op de begrotingen van de gemeenten, wellicht bezuinigd wordt op opdrachten m.b.t. detacheringen en groenvoorziening, verdwijnen hierdoor banen en werk voor de doelgroep. 5 % Van de omzet van de gemeenten staat voor een bedrag van € 500.000,-. Met de geplande indienstname van inwoners uit het LDR hebben we het werk hard nodig. Maatregelen: Samen met de gemeenten bekijken waar de mogelijkheden liggen. Zorgen dat er een goede orderportefeuille is. Risico rijksbijdrage Wsw In de begroting is uitgegaan van de afbouw SW zoals het Rijk die voorziet. Voorspellen wat de ontwikkeling van de rijksbijdrage gaat doen, is lastig. Er zijn veel landelijke factoren die van invloed zijn op de rijksbijdrage per SE. Indien er grote afwijkingen zijn t.o.v. de begroting zal dit worden gemeld, en indien nodig zal een herziene begroting worden ingediend. In de begroting is uitgegaan van een compensatie van LPO van 3 %. Indien deze niet wordt ontvangen heeft dat impact op de begroting.

Door de koppeling met de Cao SW (op dit moment) is de impact beperkt. Omvang: WVS ontvangt vanuit de gemeenten de volledige subsidie Wsw. Bij overschrijding van de taakstelling is het financiële risico geheel voor WVS. Bij 10 SE is dit een risico van € 350.000,-. Maatregelen: Dit ligt buiten de invloedssfeer van WVS. Risico rijksbijdrage infrastructuur Er is door het ministerie SZW een structureel budget vastgesteld van € 63,9 miljoen voor het behoud van de infrastructuur en het realiseren van 10.000 banen extra. De definitieve besluitvorming vindt plaats in het voorjaar van 2024, waarna 13

WVS - Begroting 2025

we pas de structurele beschikbaarheid van middelen weten. De landelijke groei van 10.000 banen extra vertaalt zich naar ca. 300 banen voor onze arbeidsmarktregio. Hiervan zijn ca. 150 tot 175 bannen voor onze 9 gemeenten bestemd. Er moeten waarschijnlijk plannen voor een toekomstbestendige infrastructuur worden gemaakt en de definitieve toekenning van gelden moet dan worden afgewacht. Het is nog niet duidelijk of de gelden via de gemeenten lopen of via de Arbeidsmarktregio. Omvang: WVS heeft berekend dat het om een bedrag van € 1.600.000,- gaat. Indien deze niet wordt ingezet voor WVS, heeft dit een directe impact op het resultaat. Maatregelen: Dit ligt buiten de invloedssfeer van WVS. Rente risico’s De totale activa bedragen ultimo 2023 € 28.057.000,-. Hiervan is ruim 75 % gefinancierd met vreemd vermogen. Een groot deel van dit vreemde vermogen is rentedragend. De aan het vreemde vermogen verbonden rentelasten leggen een claim op de exploitatiebegroting. Alle langlopende leningen hebben een vast rentepercentage over de gehele looptijd van de lening. Derhalve is het renterisico met betrekking tot de langlopende leningen nihil. Wijzigingen in de rentestand hebben derhalve geen gevolgen voor het exploitatieresultaat. Anders ligt dit voor de kortlopende leningen. De rente hierop is variabel en de kosten hiervan fluctueren met wijzigingen in de rentestand.

Momenteel is de rente stijgende. Omvang: Het renterisico op korte termijn ligt vooral bij de kasgeldleningen. Er is ultimo 2023 € 4.000.000,- aangetrokken. Daarnaast moet i.v.m. de aflossingsverplichting elk jaar € 2.000.000,- geherfinancierd worden. Stijging van het rentepercentage met 1 % heeft een impact van € 50.000,- op de exploitatie per jaar. Maatregelen: Zorgen dat het werkkapitaal op orde is. Het aanhouden van een eigen vermogen binnen WVS verlaagt de behoefte aan vreemd vermogen. Daarnaast is het goed om de renterisiconorm en wetgeving vanuit Fido te bewaken. RVU-regeling Cao SW In de Cao SW is een RVU-regeling opgenomen. Twee jaar vóór pensioen kan een SW-medewerker ervoor kiezen om te stoppen met werken. De medewerker ontvangt dan een aangepast salaris ter hoogte van ongeveer € 1.800 bruto per maand (bij fulltime dienstverband). De medewerker is dan vrijgesteld van werk tot de pensioendatum en blijft in dienst zodat de aanspraak op de rijksbijdrage blijft bestaan. Er is echter geen inverdienvermogen. Gezien de vergrijzing binnen de SW is het mogelijk dat een steeds groter wordende groep hier gebruik van gaat maken. Omvang: Bij deelname van 20 fte zal de daling in toegevoegde waarde (o.b.v. gemiddelde TW per fte) € 200.000,bedragen. Maatregelen: WVS heeft hier geen invloed op.

Natuurlijk zal WVS de gevolgen zoveel mogelijk proberen te compenseren door productie efficiëncy. RVU-regeling Cao SGO In de Cao SGO is een nieuwe regeling opgenomen. Onder bepaalde voorwaarden kan een SGO-medewerker ervoor kiezen om net voor de pensioendatum te stoppen met werken. De medewerker ontvangt dan een aangepast salaris ter hoogte van ongeveer € 1.800 bruto per maand (bij fulltime dienstverband). De medewerker is dan vrijgesteld van werk tot de pensioendatum. WVS zal deze medewerker moeten vervangen terwijl er nog wel kosten doorlopen m.b.t. de vertrekkende medewerker. Omvang: Bij deelname van 5 fte zullen de extra kosten € 50.000 bedragen. Maatregelen: WVS heeft hier geen invloed op. WVS - Begroting 2025

14

Jaarlijks terugkerende aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Volgens het BBV dienen de verplichtingen die gerelateerd zijn aan de jaarlijks terugkerende arbeidskosten niet als verplichting in de balans te worden opgenomen. Bij de beoordeling van het weerstandsvermogen van WVS dienen ze wel te worden meegenomen. Deze verplichtingen worden in de begroting opgenomen op het moment dat ze tot betaling leiden. Het risico m.b.t. het oplopen van de verlofsaldi is dat er bij het einde van een dienstverband veel verlof wordt opgenomen, en er dan vervanging moet worden aangenomen, voor de uitdienst datum. Omvang: Het betreffen de volgende verplichtingen: • Vakantiegeldverplichtingen (waarde per ultimo 2023 € 3.484.000,-) • Verloftegoeden (waarde per ultimo 2023: € 2.089.000,-) Maatregelen: Gezien de daling van het aantal personeelsleden, zal ook deze post dalen in hoeveelheid verlofuren. Dit geldt tevens voor de vakantiegeldverplichting. De loonsom daalt en daarmee ook de verplichting. M.b.t. de verloftegoeden, gelden ook binnen WVS de reguliere regels vanuit de cao’s. Binnen de Cao SW en de Cao SGO bestaat een regeling “spaarverlof”. Hierdoor kunnen medewerkers verlofuren sparen. Hierdoor loopt op persoonsnivo het saldo op. De omvang van de spaarverlof regeling is te vinden onder de voorziening spaarverlof.

Uitstroom van SW-kader De capaciteiten van de SW-instroom is sinds 1998 (invoering nieuwe Wet sociale werkvoorziening) minder dan de gemiddelde SW-populatie van vóór 1998. Dit betekent dat kaderfuncties die momenteel zijn ingevuld door SWmedewerkers in geval van vervanging door pensionering of anderszins, niet meer door SW-medewerkers kunnen worden ingevuld omdat bij de huidige instroom de benodigde capaciteiten hiervoor ontbreken. Dit betekent dat extra regulier personeel moet worden aangetrokken om deze opengevallen plaatsen in te nemen. Omvang: Bij vervanging van een SW-medewerker door een reguliere kracht missen we de rijksbijdrage voor die plaats. Dit is voor 2025 een bedrag van € 36.265,- per fte inclusief LPO. Maatregelen: Uiteraard wordt getracht eventuele vacatures op een andere wijze in te vullen door herverdeling van taken en het niet vervangen van uitstroom van indirecte functies, maar dit is niet altijd mogelijk. Indien een SW-medewerker 1 op 1 vervangen moet worden, is het verschil in kosten, de rijkssubsidie. Natuurlijk wordt gekeken naar kostenreductie door een 1 op 1 vervanging proberen te vermijden. Vergoeding begeleidingskosten beschut werk De uitvoering van beschut werk ligt volledig bij WVS. De aanmelding voor een indicatie beschut werken loopt via de ISD en het Werkplein. De indicatie wordt afgegeven door het UWV.

Vanaf 1 januari 2017 mogen burgers zich rechtstreeks melden bij het UWV voor het aanvragen van een indicatie beschut werk. Dit leidt tot wat meer indicaties beschut werk. De realisatie van de instroom is opgenomen conform de planning afgegeven door het Rijk. De feitelijke instroom is afhankelijk van het aantal door het UWV geindiceerde kandidaten die via de ISD en het Werkplein kunnen worden aangeleverd. Omvang: De aantallen ‘beschut werk’-plaatsingen kunnen achterblijven op de fictieve taakstellingen. WVS heeft haar begeleidingsorganisatie zo ingericht dat zij conform de fictieve taakstellingen personen in dat jaar kunnen plaatsen. Indien er niet of minder geplaatst wordt, heeft WVS wel de kosten, maar niet de vergoeding hiervoor. Maatregelen: I.o.m. de werkpleinen zorgen voor een goede instroom, zodat de dekking geregeld is, of kijken naar afspraken m.b.t. minimale afname van ontwikkeltrajecten.

15

WVS - Begroting 2025

Ontwikkeltrajecten De inschattingen voor afname ontwikkeltrajecten voor de jaren 2025-2028 zijn gebaseerd op de meerjaren afspraken. Indien de aantallen naar beneden worden bijgesteld, zal dit invloed hebben op het resultaat van WVS. Indien de ontwikkeltrajecten niet worden ingevuld mist WVS dekking voor de begeleidingsorganisatie. Omvang: De aantallen of de gemiddelde duur van ontwikkeltrajecten kunnen achterblijven op de afgesproken aantallen. WVS heeft haar begeleidingsorganisatie zo ingericht dat zij de personen in dat jaar kunnen plaatsen. Indien er niet wordt geplaatst mist WVS de dekking voor de begeleidingsorganisatie. Maatregelen: In overleg met de werkpleinen zorgen voor een goede geleidelijke instroom en zo mogelijk volledige instroom van de afspraken. Academie In het kader van de ontwikkeling van inwoners die geen arbeidskwalificatie hebben heeft WVS de ‘Academie’ opgezet om inwoners via de praktijkroute op te leiden richting een branche waar voldoende werkgelegenheid is om een duurzame inzet mogelijk te maken. Middels praktijkcertificaten, die erkend worden door het MBO en werkgevers, kan een kandidaat aantoonbaar maken dat hij/zij beschikt over kwalificaties om bepaalde werkzaamheden uit te kunnen voeren. Omvang: De aantallen kunnen achterblijven op de verwachte aantallen terwijl de begeleidingsorganisatie hierop ingericht is.

Indien er niet wordt geplaatst mist WVS dekking voor de begeleidingsorganisatie. Maatregelen: In overleg met met werkpleinen, onderwijsinstellingen en werkgevers zorgen voor een geleidelijke in- en doorstroom van de kandidaten zodat voldoende dekking is om de praktijkopleiding te financieren. Stijging WML De Cao Aan de Slag heeft een basis van 37 uur per week. Het Rijk heeft besloten om per 1-1-24 het WML te gaan baseren op een basis WML uurloon van 36 uur. Deze extra kosten worden nog niet gedekt (m.u.v. de LKS) vanuit het Rijk. Omvang: 1 % stijging van de loonkosten voor de medewerkers Cao Aan De Slag heeft een stijging van de loonkosten van ruim € 700.000 tot gevolg. Er is nog geen duidelijkheid m.b.t. de compensatie vanuit het Rijk. Maatregelen: Hier heeft WVS geen invloed op. Er is geen extra vergoeding vanuit het Rijk opgenomen in de begroting. Wet Waadi (Wet allocatie arbeid door intermediairs) Er zijn voornemens om de Wet Waadi aan te passen. In de basis dienen de medewerkers die worden ingezet via uitzending of detachering betaald te worden volgens de Cao van de inlenende partij. Voor de medewerkers werkend onder de Cao’s SW en Aan de Slag geldt er momenteel een vrijstelling. In de mogelijke wetswijziging kan dit komen te vervallen. Dit heeft grote impact op de organisatie van WVS.

Voor de gedetacheerden moet dan worden bepaald of er een vergelijkbare functie van toepassing is (vaak is jobcarving van toepassing) en WVS moet dan kennis vergaren van alle Cao’s die van toepassing zijn. Ook heeft WVS haar medewerkers onder Cao Aan de Slag werkzaam via Flexkompaan BV. Bij een detachering naar WVS zouden zij dan wellicht volgens de Cao SGO of SW verloond dienen te gaan worden. Omvang: WVS heeft deze nieuwe ontwikkeling nog niet doorgerekend, maar gedacht moet worden aan fikse loonstijgingen. Ook de impact van sociale verzekeringen is nog onduidelijk. Maatregelen: WVS heeft hier geen invloed op. Vanuit Cedris loopt een lobby om deze vrijstelling weer terug in het nieuwe wetsvoorstel op te laten nemen. WVS gaat zich verder beraden over eventueel te nemen maatregelen. WVS - Begroting 2025

16

3. Overige begrotingsinformatie 3.1 Weerstandsvermogen In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in het vermogen van WVS om risico’s (zie paragraaf 2.4) die niet in de begroting zijn verwerkt op te vangen door middel van financiële buffers, genoemd weerstandscapaciteit. De relatie tussen weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen, wordt weerstandsvermogen genoemd. In verband met de invoering van het BBV (2004) is het niet meer toegestaan de vakantiegeldverplichting als zodanig onder de schulden op te nemen. Deze verplichting (ultimo 2023 € 2.089.000,-) wordt niet in de balans opgenomen. Als financiële buffer voor het opvangen van tegenvallers voortvloeiende uit de hiervoor genoemde risico’s dienen de reserves (eigen vermogen). Deze bedroegen per ultimo 2023 € 3.000.000,- exclusief bestemmingsreserves. Daarnaast fungeren de deelnemende gemeenten als vangnet voor WVS, doordat ze uiteindelijk - voor zover de reserves ontoereikend zijn - het exploitatietekort voor hun rekening nemen. In een bestuursbesluit in 2011 is vastgelegd dat de bandbreedte voor de reserves is vervallen en dat de bestemmingsreserve is toegevoegd aan de algemene reserve. Exploitatieverliezen moeten van de algemene reserve worden afgeboekt.

Gelet op de (grote) commerciële risico’s die WVS loopt en de groeiende behoefte aan liquiditeit zou een ruimer weerstandsvermogen zeer wenselijk zijn. Deloitte heeft onderzoek gedaan naar het meest passende nivo van het weerstandsvermogen. Dit is op dit moment een bedrag van € 7 miljoen. In de nieuwe Nota Verbonden Partijen is er ruimte gekomen om afspraken te maken m.b.t. de hoogte van de algemene reserve. Een algemene reserve van € 7 miljoen is nodig als buffer. Ten opzichte van de begrote lasten in de begroting 2025 is dit een percentage van 7 %.

3.2 Wet Open Overheid Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid De Wet open overheid (Woo) is per 1 mei 2022 in werking getreden en is de opvolger van de Wet openbaarheid bestuur (Wob). In deze paragraaf wordt beschreven hoe WVS invulling geeft en gaat geven aan de Woo. Passieve openbaarmaking In 2023 heeft WVS de rol van Woo-contactfunctionaris ingevuld. Contactgegevens zijn opgenomen op de website en intern gecommuniceerd. De Woo-contactfunctionaris is het eerste aanspreekpunt om vragen te beantwoorden over de beschikbaarheid van publieke informatie en om eventuele Woo-verzoeken te behandelen. Actieve openbaarmaking De Woo stelt de verplichting om 11 benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. Deze verplichting geldt niet voor alle 11 categorieën tegelijk. WVS zorgt ervoor dat de verplichte informatiecategorieën actief gepubliceerd worden conform de daarvoor geldende regels. Zodra dit mogelijk is, wordt WVS aangesloten op het landelijke platform, zoals de Woo voorschrijft. Zolang er nog geen verplichting c.q. mogelijkheid is om bepaalde categorieën documenten te publiceren op het landelijke platform zal WVS openbare stukken blijven publiceren op de eigen website. Informatiehuishouding op orde De Woo verplicht dat de digitale informatiehuishouding op orde wordt gebracht. Dit is een randvoorwaarde om uitvoering te geven aan openbaarheid.

Dit betekent dat er maatregelen moeten worden genomen om informatiebestanden duurzaam toegankelijk te maken en te houden. WVS is bezig met het optimaliseren van de digitale informatiehuishouding.

17

WVS - Begroting 2025

Bijlage 1. Overhead 2025 en meerjarenraming 2026-2028 Baten

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Netto omzet

0

0

0

0

Mutatie voorraad GP en OHW

0

0

0

0

Grond- en hulpstoffen uitbesteed werk

0

0

0

0

Toegevoegde waarde

0

0

0

0

Bijdrage overheden

2.900

2.800

2.700

2.600

Overige opbrengsten

609

624

640

656

Subtotaal

3.509

3.424

3.340

3.256

Totaal Baten

3.509

3.424

3.340

3.256

Lasten Personeelskosten

-9.630

-9.336

-9.230

-9.199

Overige bedrijfskosten

-2.650

-2.716

-2.784

-2.854

Totaal bedrijfskosten

-12.280

-12.052

-12.014

-12.053

Rentebaten- en lasten

-587

-640

-690

-690

Totaal lasten

-12.867

-12.692

-12.704

-12.743

Resultaat

-9.358

-9.268

-9.364

-9.487

WVS - Begroting 2025

18

Bijlage 2. Balans 2023 - 2028 (x € 1.000)

Activa

2023

Prognose 2024

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Materiële activa

16.260

16.500

16.500

16.500

16.500

16.500

Financiële activa

18

18

18

18

18

18

Totaal vaste activa

16.278

16.518

16.518

16.518

16.518

16.518

Voorraden

1.018

1.100

1.100

1.100

1.100

1.100

Vorderingen

6.700

6.200

6.200

6.200

6.200

6.200

Overlopende activa

1.318

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

stand per ultimo

Vaste activa

Vlottende activa

Liquide middelen

2.743

0

0

110

110

610

Totaal vlottende activa

11.779

8.405

8.300

8.410

8.410

8.910

Totaal activa

28.057

24.923

24.818

24.928

24.928

25.428

Algemene reserve

3.000

6.267

4.300

4.000

4.000

4.000

Bestemmingsreserve

850

250

0

0

0

0

Storting gemeenten

7.700

8.135

7.431

8.102

8.617

8.916

Passiva Eigen vermogen

0

-2.267

0

0

0

0

Nog te bestemmen resultaat

Onttrekking gemeenten

-4.983

-8.135

-7.731

-8.102

-8.617

-8.916

Totaal eigen vermogen

6.567

4.250

4.000

4.000

4.000

4.000

Voorzieningen

1.674

1.728

1.728

1.728

1.728

1.728

Langlopende leningen

9.945

11.581

9.800

12.200

10.200

12.700

2.485

3.000

3.000

3.000

3.000

3.000

Kortlopende schulden Crediteuren Rekeningcourantkrediet Kasgeldleningen

19

0

259

290

0

0

0

4.000

2.000

3.000

1.000

3.000

1.000

Overlopende passiva

3.386

3.000

3.000

3.000

3.000

3.000

Totaal kortlopende schulden

9.871

8.259

9.290

7.000

9.000

7.000

Totaal passiva

28.057

25.318

24.818

24.928

24.928

25.428

Eigen vermogen in % van totaal vermogen

23,4

16,5

16,1

16,0

16,0

15,7

Werkkapitaal

5.233

4.300

4.300

4.300

4.300

4.300

WVS - Begroting 2025

Bijlage 3. Overzicht van langlopende leningen en RC-krediet

Leningen o/g (in € x 1.000) Verstrekt door

Omschrijving

Hoofdsom

Looptijd

Rente %

BNG

Lening 90545

4.538

1999/2024

6,09

BNG

Lening 91109

4.538

2001/2025

6,05

BNG

Lening 95110

2.700

2002/2023

5,33

BNG

Lening 111105

5.000

2017/2027

0,84

BNG

Lening 112899

4.000

2019/2024

-0,20

BNG

Lening 115893

4.000

2022-2032

1,88

BNG

Lening 116610

3.000

2023-2033

3,31

Sub-totaal

27.776

Werkelijk 2023

Budget 2024

Raming 2025

9.945

11.581

9.800

4.000

2.000

3.000

0

0

290

13.945

13.581

14.090

Leningen o/g

-176

-375

-381

Kasgeldleningen

-133

-100

-200

0

0

-6

-309

-475

-587

Leningen o/g

-1,77

-3,24

-3,89

Kasgeldleningen

-3,33

-1,35

-3,00

Leningen o/g Stand per ultimo Kasgeldleningen Stand per ultimo Rekening courant-krediet Stand per ultimo Saldo geleend - uitgeleend Rentebaten en -kosten

RC-krediet Rente lasten totaal Rente %

RC-krediet

0,00

0,70

-2,00

Totaal gemiddelde rente %

-2,22

-3,50

-4,16

WVS - Begroting 2025

20

Bijlage 4. Overzicht reserves en voorzieningen (x € 1.000)

Omschrijving

2023

2024

2025

2026

2027

2028

3.000

6.267

4.300

4.000

4.000

4.000

50 jr. WVS

250

300

kst. SGO

600 7.431

8.102

8.617

8.916

Reserves Algemene reserve Bestemmingsreserves Storting gemeente

7.700

8.135 -2.267

0

0

0

0

Nog te bestemmen resultaat

-4.983

-8.135

-7.731

-8.102

-8.617

-8.916

Totaal reserves

6.567

4.300

4.000

4.000

4.000

4.000

18

18

18

18

18

18

Onttrekking gemeente

Voorziening rijkssubsidies 3e WW-jaar ambtelijk Spaarverlof SW en Ambt.

1.656

1.710

1.710

1.710

1.710

1.710

Totaal voorzieningen

1.674

1.728

1.728

1.728

1.728

1.728

Bestemmingsreserves: * Vanaf 2018 zal er jaarlijks € 50.000,- worden gestort in een bestemmingsreserve ten bate van WVS 50 jarig bestaan in 2024. Voorziening: Per 1-1-2024 vervalt de dotatie aan het 3e WW-jaar voor ambtenaren.

21

WVS - Begroting 2025

Bijlage 5. Overzicht van investeringen in vaste activa

(in € x 1.000) Werkelijk 2023

Herz. Begr. 2024

Begroting 2025

Grond

0

0

0

Voorzieningen aan terreinen

0

0

0

Gebouwen

496

900

900

Installaties

97

200

200

Machines

146

150

150

Automatisering

18

100

100

Inventarissen

178

200

200

Vervoermiddelen

1.265

1.250

1.250

Projecten in uitvoering

36

0

0

Overige

0

0

0

Totaal investeringen

2.236

2.800

2.800

PM Afschrijvingskosten

-1.964

--1.910

-2.130

WVS - Begroting 2025

22

Bijlage 6. Gemeentelijke bijdrage 2025

Het verlies van WVS bedraagt in 2025 ­€ 7.431.000,-. Een overzicht van de bijdrage per gemeente in dit resultaat: SW aantal 01-01-2024

beschut werken aantal

Participanten aantal

Totaal

Bergen op Zoom

357

35

1

393

Etten-Leur

189

29

2

220

Halderberge

171

13

1

185

Moerdijk

89

14

0

103

Roosendaal

469

76

2

547

Rucphen

200

16

0

216

Steenbergen

86

10

0

96

Woensdrecht

76

13

0

89

Zundert

57

6

0

63

1.694

212

6

1.912

Per doelgroeper

Doelgroep 01-01-2024

Begroting Raming 2026 2025

Raming 2027

Raming 2028

Bergen op Zoom

393

€ 1.527.397

€ 1.665.317

€ 1.771.172

€ 1.832.630

Etten-Leur

220

€ 855.031

€ 932.238

€ 991.496

€ 1.025.900

Halderberge

185

€ 719.004

€ 783.928

€ 833.758

€ 862.688

Moerdijk

103

€ 400.310

€ 436.457

€ 464.200

€ 480.308

Roosendaal

547

€ 2.125.919

€ 2.317.884

€ 2.465.219

€ 2.550.759

Rucphen

216

€ 839.485

€ 915.289

€ 973.469

€ 1.007.247

Steenbergen

96

€ 373.105

€ 406.795

€ 432.653

€ 447.665

Woensdrecht

89

€ 345.899

€ 377.133

€ 401.105

€ 415.023

Zundert

63

€ 244.850

€ 266.959

€ 283.928

€ 293.780

1.912

€ 7.431.000

€ 8.102.000

€ 8.617.000

€ 8.916.000

aantal doelgroepers

1.912

1.837

1.744

1.676

per doelgroeper

€ 3.887

€ 4.410

€ 4.941

€ 5.320

De meerjarenraming per gemeente is gebaseeerd op de verhouding van de doelgroepers per 1-1-2024.

23

WVS - Begroting 2025

Bijlage 7. Specificatie Rijksbijdrage per gemeente

In de mei- septembercirculaire 2023 zijn de volgende Participatiebudgetten SW per gemeente voor 2025 opgenomen. In de begroting is tevens 3 % correctie LPO opgenomen. Begroting 2025

2025 excl. LPO

2025 incl. LPO

Bergen op Zoom

€ 10.175.562

€ 10.480.829

Etten-Leur

€ 5.350.958

€ 5.511.487

Halderberge

€ 4.782.355

€ 4.925.825

Moerdijk

€ 2.371.468

€ 2.442.612

Roosendaal

€ 13.680.885

€ 14.091.311

Rucphen

€ 5.752.484

€ 5.925.059

Steenbergen

€ 2.450.823

€ 2.524.347

Woensdrecht

€ 2.107.631

€ 2.170.860

Zundert

€ 1.809.924

€ 1.864.221

Totaal

€ 48.482.088

€ 51.391.014

Per SE

€ 35.209

€ 36.265

WVS - Begroting 2025

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/583/documents/17120