Bijlage 6 Nota Verbonden Partijen reacties op zienswijzen verbonden partijen versie 31 januari 2024.pdf
Tekst van het document
REWIN is de centrale spelverdeler die het triple helix werkveld bij elkaar brengt, om de Economische Agenda en strategie te concretiseren én om daar gezamenlijk uitvoering aan te geven. Nota verbonden partijen De concept nota verbonden partijen lezend, naar de gehanteerde definities en omschrijvingen van privaatrechtelijke organisaties in hoofdstuk 3, valt ook onze organisatie REWIN onder de werking van dit hoofdstuk in de nota. Echter inhoudelijk kijkend naar de opdracht, activiteiten en rol van REWIN is sprake van een ander karakter. Kort gezegd: de inhoudelijke koers en opdracht aan REWIN wordt gegeven door de Economic Board WestBrabant (triple helix) en de financiering van het systeem verloopt door de 16 gemeenten gezamenlijk (publiekrechtelijk) via de RWB. Uiteraard onderschrijven wij het belang van het opnemen van gezamenlijke uitgangspunten, afspraken en spelregels. Deze zijn sinds 2018 dan ook vastgelegd in een separate subsidieovereenkomst met de RWB. Tevens beschrijft de subsidieovereenkomst de bijbehorende verplichtingen bij de financiering.
Met deze mail willen wij u verzoeken om, in afwijking van de geformuleerde uitgangspunten en spelregels in hoofdstuk 3 van de Nota, recht te doen aan deze huidige positie en rol van REWIN, hiermee verwijzend naar de bestaande situatie, subsidieovereenkomst en afspraken met de RWB en dit als zodanig ook te verwoorden in de geactualiseerde nota verbonden partijen. Uiteraard zijn wij altijd bereid om een nadere toelichting te geven.
Reactie: Het klopt dat voor het eerst in de Nota Verbonden Partijen spelregels worden opgenomen voor privaatrechtelijke verbonden partijen en dat deze spelregels derhalve ook betrekking hebben op REWIN B.V. U geeft aan dat een aantal voorgestelde afspraken zich slecht verhoudt tot de afspraken die de RWB in regionaal verband over het aansturen en financieren van REWIN heeft gemaakt. Wij realiseren ons dat de Economic Board, het strategisch beraad RWB en de gezamenlijke portefeuillehouders economie daarbij een positie hebben. Echter constateren wij wel dat de individuele gemeenten alsmede de RWB aandeelhouder van REWIN B.V. zijn. Naar ons oordeel kunnen de meeste spelregels voor privaatrechtelijke verbonden partijen één op één ook gelden voor REWIN B.V. Wel zijn we met u van mening dat bij de volgende spelregels enige nuancering van toepassing is gezien de structuur en werkwijze van REWIN B.V. Naar ons oordeel betreft dat de volgende afspraken: •
Afspraak 3.3. Benoemen, schorsen en ontslaan bestuurders De gemeenten streven naar evenwichtig samengestelde Raden van Bestuur (en directies) en Raden van Commissarissen (en raden van toezicht). De colleges van B&W beoordelen de kandidaten op basis van hun kennis, vaardigheden, karaktereigenschappen, maatschappelijke betrokkenheid en politiek-bestuurlijke ervaring. De colleges van B&W informeren de gemeenteraden hierover Uiteraard zijn de colleges van B&W bij REWIN B.V. maar één van de partijen die invloed hebben op de benoeming, de schorsing en het ontslag van raden van bestuur en directies. Naar ons oordeel zijn de genoemde beoordelingscriteria ook onverkort van toepassing voor de directie van REWIN B.V.
•
Afspraak 3.6. Strategie De colleges van B&W wensen betrokken te zijn bij de totstandkoming en wijziging van de strategie die een verbonden partij volgt om de afgesproken maatschappelijke effecten te realiseren. Eens in de 4 jaar evalueren de verbonden partijen hun strategie en doen ze waar nodig voorstellen voor wijziging van de strategie. Wanneer de wijziging van de strategie impact heeft op de bijdragen van de gemeenten en daarmee het budgetrecht van de gemeenteraden, wordt de gemeenteraden op basis van artikel 169 lid 4 van de Gemeentewet de mogelijkheid geboden hun wensen en bedenkingen over de strategie kenbaar te maken aan de colleges van B&W. Wanneer de wijziging van de strategie geen impact heeft het budgetrecht van de gemeenteraad informeert het college de gemeenteraad over de gewijzigde strategie. Uiteraard zijn de colleges van B&W bij REWIN BV maar één van de partijen die betrokken zijn bij de totstandkoming en eventuele wijziging van de strategie van REWIN BV. Wij geven met dit afwegingskader transparant weer hoe er vanuit de colleges zoveel mogelijk uniform zal worden omgegaan met ontwikkelingen. Naar ons oordeel is voor het overige de bovenstaande beschrijving van overeenkomstige toepassing op REWIN BV.
Wij stellen voor met in acht name van bovenstaande nuanceringen de afspraken zoals weergegeven in hoofdstuk 3 van overeenkomstige toepassing te verklaren op REWIN B.V.
Wel stellen wij een ingroeimodel voor waardoor privaatrechtelijke verbonden partijen, waaronder REWIN B.V. de mogelijkheid krijgen de afspraken de incorporeren.
Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Aan de nota voegen we toe dat voor bestaande privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden wordt voorgesteld een overgangstermijn te hanteren. De lengte van de overgangstermijn vraagt om maatwerk per privaatrechtelijke verbonden partij.
Bijlage reactie van de Veiligheidsregio op bijlage 1 van de nota
Aanpassingen in gemeenschappelijke regelingen (Bijlage 1) Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant heeft in haar vergadering van 20 april 2023 reeds de conceptwijziging vastgesteld die in augustus 2023 naar de gemeenten is gestuurd. In het ontwerp hebben wij rekening gehouden met het regionale kader dat in samenspraak met de burgemeesters van Tilburg en Breda is opgesteld. In de ontwerp wijziging GR VRMWB hebben wij helaas geen rekening meer kunnen houden met de oplevering van de nieuwe nota verbonden partijen. Dat zal ook gelden voor (een deel van) de andere gemeenschappelijke regelingen. Uw afwijkende adviezen die direct betrekking hebben op de wijziging van de gemeenschappelijke regeling kunnen eventueel alsnog worden verwerkt indien de zienswijzeprocedure die via de gemeenteraden wordt gevoerd daar voldoende redenen voor geven. Wij zullen de inbreng van de gemeenteraden kritisch doch welwillend bekijken. Overigens hebben wij de eerste reactie op het zienswijzeverzoek al binnen met de mededeling dat de betreffende gemeenteraad geen zienswijze indient tegen het ontwerp gewijzigde GR VRMWB Hieronder hebben wij in de tabel onze opmerkingen gemaakt over uw voorstellen tot aanpassing in de gemeenschappelijke regeling: WIJZIGINGEN DIE IN EEN GR OPGENOMEN MOETEN WORDEN Zienswijze bij treffen of wijzigen regeling Zienswijze voor besluiten
IS SPRAKE VAN KEUZEVRIJHEID EN ZO JA IN WELKE MATE
Nee Ja In de regeling moet bepaald worden voor welke besluiten een zienswijze van de raden wordt gevraagd. Advies: over de volgende typen besluiten wordt een zienswijze gevraagd: • besluiten met een aanzienlijk financieel belang • politiek gevoelige besluiten • meerjarenbeleidsplannen en tussentijdse wijzigingen hiervan (geldt uiteraard alleen voor de gemeenschappelijke regelingen die werken met een meerjarenbeleidsplan). Concept VRMVVB: geen zienswijzen opgenomen Concept VRMWB; geen zienswijzen opgenomen Besluiten met een aanzienlijk financieel belang: er is al een zienwijzenprocedure voor de begroting waarin
uitgaven voor dit soort besluiten zijn opgenomen. Bovendien is niet duidelijk te maken wanneer een besluit een aanzienlijk financieel belang heeft en wie dit bepaalt. Politiek gevoelige besluiten: niet duidelijk te maken is wat politiek gevoelige besluiten zijn en wie dit bepaalt? Meerjarenbeleidsplannen: veiligheidsregio kent op grond van de Wvr een beleidsplan dat tenminste eenmaal in de vier jaar wordt vastgesteld. Hiervoor geldt een wettelijke zienwijzeprocedure op grond van de Wvr en kan dus niet op grond van de Wgr in de Gr worden opgenomen.
Instellen gemeenschappelijke adviescommissie
Ja Wanneer alle raden dat willen moet het AB van een GR een gemeenschappelijke adviescommissie instellen. Advies: adviescommissie instellen bij gemeenschappelijk regelingen die beleidsrijk zijn. Voor de te maken afweging wordt verwezen naar bijlage 2 bij deze nota. Omdat de Wgr niet gedualiseerd is, is het advies dat de adviescommissie met het bestuur overlegt en op basis hiervan de gemeenteraden van de deelnemers adviseert (en niet het bestuur van de gemeenschappelijke regeling) Keuze VRMWB: geen gemeenschappelijke adviescommissie Het algemeen bestuur heeft op 20 april jl. uitgesproken dat er geen aanleiding is om een gemeenschappelijke adviescommissie voor de veiligheidsregio in te stellen. Voornaamste argument is dat VRMWB beleidsarm is. We voeren enkel en alleen de taken van artikel 10 Wvr uit. Het beleidsplan is niet meer dan een beschrijving van de in artikelen 14 van de Wvr aangedragen items.
Afspraken over participatie
Ja Er kan ook gekozen worden voor geen participatie van inwoners en belanghebbenden. Advies: Daar waar de gemeenschappelijke regeling gaat over onderwerpen waar inspraak van inwoners en belanghebbenden gewenst is, de participatie via de gemeenschappelijke regeling regelen. Gaat het om een taak die gericht is op de uitvoering van door de gemeente vastgesteld beleid, dan de participatie via de deelnemende gemeenten laten verlopen. Concept VRMWB: geen participatie opgenomen.
Actieve informatieplicht
Ook een GR die slechts wettelijke regels uitvoert zou af moeten zien van participatie. VRMWB voert enkel en alleen wettelijk taken uit en is beleidsarm. Participatie biedt weinig meerwaarde. Voor het beleidsplan bestaat wettelijke regels voor vaststelling en zienswijze. Daarnaast blijft er weinig over voor participatie. Nee De Wgr schrijft voor dat het bestuur van de gemeenschappelijke regeling de raad alle inlichtingen geeft die de raad voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. Advies: Bepaal als raden gezamenlijk in overleg met de gemeenschappelijke regelingen welke inlichtingen nodig zijn en op welke wijze de raden deze inlichtingen willen ontvangen. De resultaten van dit overleg, leg je vast in een door het bestuur vast te stellen document. Concept VRMWB; opgenomen dat informatieverstrekking schriftelijk of mondeling in bijeenkomsten zal plaatsvinden. Geen specifieke documenten opgenomen.
Extra vergoeding voor lidmaatschap nieuwe gemeenschappelijke commissies
VRMVVB: wel afspraken maken, maar niet vastleggen in de GR zelf. Nee De wet geeft aan dat de leden van een gemeenschappelijke adviescommissie een vergoeding kunnen krijgen. Enige wat je af moet spreken is de hoogte van de vergoeding. Advies: Sluit voor de vergoeding aan bij het rechtpositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers (toelage lid bijzondere commissie) Keuze VRMVVB: geen gemeenschappelijke adviescommissie volgens criterium beleidsarm. Indien toch bij unanimiteit verzocht, geen vergoedingen uit te keren, tenzij de gemeenten de financiële consequenties daar zelf voor dragen.
Recht van onderzoek of recht van enquête Onderzoeksmogelijkheden lokale rekenkamers Afspraken over evaluatie
Nee Dit recht ligt vast in artikel 155a Gemeentewet. Nee Dit ligt vast in hoofdstuk XIa Gemeentewet. Ja In de gemeenschappelijke regeling moet worden aangegeven of er wel of geen evaluatie plaatsvindt en zo ja met welke frequentie die evaluatie uitgevoerd moet worden. Advies: In beginsel eenmaal per raadsperiode (dus iedere vier jaar) een evaluatie naar de werkwijze en de bereikte effecten van een gemeenschappelijke regeling uitvoeren. Indien een meerderheid van de raden van de deelnemende gemeenten geen behoefte heeft aan een evaluatie kan van een evaluatie worden afgezien.
Aanpassing begrotingscyclus
Concept VRMWB. Wij stellen in de concept GR voor om te evalueren naar behoefte indien tenminste een aantal te bepalen gemeenten daarom verzoekt. Volgens artikel 11a wet gemeenschappelijke regelingen en de memorie van toelichting betreft het een evaluatie van de regeling zelf, de GR zelf dus. Wij rekken in de concept GR de reikwijdte van het evalueren op door de werkwijzen van de GR daarbij te betrekken. Nee De uiterlijke termijnen liggen vast in de Wgr. Advies: De termijnen niet op te nemen in de gemeenschappelijke regelingen maar te volstaan met de afspraken die in deze nota zijn vastgelegd. In een aantal gevallen (met name bij het aanbieden van de ontwerpbegroting voor een zienswijze en bij het aanbieden van de kaderbrief) is in deze nota de termijn naar 1 februari (voor de kaderbrief) en 15 april (voor de ontwerpbegroting) naar voren gehaald. Omdat het aanpassen van een GR een tijdrovend proces is stellen we voor te volstaan met de termijnen zoals in deze nota vastgelegd.
Afspraken over uittreden opnemen in de GR
Concept GR In het concept zijn de data van de Wgr genoemd. Ne Deze moeten worden opgenomen in de GR. Afspraken over uittreden opnemen in de GR Advies: leg de
bepalingen over uittreding vast op basis van staande jurisprudentie
Concept VRMWB: Uittreden uit een veiligheidsregio is alleen mogelijk indien de Wet veiligheidsregio daartoe wordt aangepast. De jurisprudentie geeft daarvoor geen passende oplossing. We hebben in het uittredingsbepaling daarom verwezen naar de geldende verdeelsleutels die gaan gelden bij uittreden van een gemeente.