CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5c Werkplein Begroting 2025.pdf

Gemeenteraad 19 juni 2024, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 5: Intergemeentelijke Sociale Dienst Werkplein Hart van West-Brabant20.350 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

1

1. Inleiding .............................................................................................................................................. 4 2. Het werkplein in 2024 ........................................................................................................................ 7 2.1 Visie en strategische doelstellingen .................................................................................................. 7 2.2 Het Werkplein in 2025 ....................................................................................................................... 7 2.3 Ketensamenwerking .......................................................................................................................... 8 2.4 Bestandsbeheersing .......................................................................................................................... 8 3. Werk en participatie ........................................................................................................................ 10 3.1 Inleiding ........................................................................................................................................... 10 3.2 Wat gaan we doen in 2025? ............................................................................................................

10 3.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam .......................................................................................... 10 3.2.2 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning ................................................................. 11 3.2.3 We werken meer samen in het sociaal domein ................................................................... 12 3.2.4 Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners ................................. 13 3.3 Ketensamenwerking ........................................................................................................................ 13 3.4 Focuspunten 2024 ........................................................................................................................... 13 3.5 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 14 3.6 Analyse begroting 2025 t.o.v. begroting 2024 ................................................................................. 15 4. Programma inkomen ....................................................................................................................... 18 4.1 Inleiding ...........................................................................................................................................

18 4.2 Wat gaan we doen in 2025? ............................................................................................................ 18 4.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam .......................................................................................... 18 4.2.2 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning ................................................................. 18 4.3 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 19 4.4 Analyse begroting 2025 t.o.v. jaarrekening 2023 ............................................................................ 19 5. Programma inkomensondersteuning ............................................................................................ 21 5.1 Inleiding ........................................................................................................................................... 21 5.2 Wat gaan we doen in 2025? ............................................................................................................ 23 5.2.1 Minder inwoners leven in armoede ...................................................................................... 23 5.3 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 23 6.

Programma inburgering.................................................................................................................. 25 6.1 Inleiding ........................................................................................................................................... 25 6.2.1 Doorontwikkeling.................................................................................................................. 25 6.2.2. Instroom .............................................................................................................................. 25 6.3 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 26

2

7. Begroting .......................................................................................................................................... 29 7.1 Paragraaf financiering ..................................................................................................................... 30 7.2 Paragraaf bedrijfsvoering ................................................................................................................ 31 7.3 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheer ........................................................................... 33 8. Financiële begroting ....................................................................................................................... 36 8.1 Staat van baten en lasten per programma ...................................................................................... 36 8.2 Meerjarenprognose per programma ................................................................................................ 39 8.3 Incidentele baten en lasten.............................................................................................................. 40 8.4 Verantwoording taakvelden begroting 2025 ....................................................................................

40 8.5 Financiële richtlijnen begroting 2025 ............................................................................................... 41 8.6 Beleidsmatige richtlijnen begroting 2025 ......................................................................................... 44 8.7 Gemeentelijke bijdrage programma- en bedrijfsvoeringskosten 2025-2028................................... 48 8.8 Beleidsindicatoren ........................................................................................................................... 52 8.9 (Meerjaren) balans 2025-2028 ........................................................................................................ 53

3

1. Inleiding

Wij leggen u de begroting 2025 en de meerjarenbegroting 2026-2028 van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West-Brabant voor; kortweg de Programmabegroting Werkplein Hart van West-Brabant 2025-2028. Veranderende sociale zekerheid Er gebeurt veel in de sociale zekerheid. Een fragiel samenspel waarbij economie, sociale samenhang, arbeidsmarkt, bestaanszekerheid maar ook de onrust in de wereld (en dan met name Europa) een rol spelen. Alles grijpt in elkaar en heeft in meerdere of mindere mate invloed op het leven van ons allemaal. Dit heeft grote invloed op de bestaanszekerheid van vele inwoners. Maar we zien bijvoorbeeld ook door de vergrijzing een krappe arbeidsmarkt waardoor er veel kansen zijn voor veel mensen. Maar waarbij ook pijnlijk duidelijk wordt dat er nog een wereld te winnen is om te zorgen dat iedereen mee kan doen, met of zonder beperking. Iedereen is nodig op de arbeidsmarkt dus moeten we ook met z’n allen zorgen dat iedereen mee kàn doen!

Bestaanszekerheid voor iedereen Met alle onzekerheden om ons heen komt iets basaals als de bestaanszekerheid in het geding. Het fundament van onze samenleving bestaat uit gelijkwaardige kansen voor iedereen, een vangnet waar nodig en dat werken loont. Dit zorgt voor perspectief in het leven bij ons allemaal. We willen dat iedereen mee kàn doen. Tegelijkertijd zien we al jaren een steeds complexer wordende doelgroep bij het Werkplein. Inwoners hebben complexe problemen op vaak meerdere terreinen. Hierdoor zijn mensen niet in staat om te participeren of uit te stromen naar werk. Een stabiele leefsituatie is nodig om uiteindelijk actief mee te doen in de samenleving. Dit vraagt veel inzet en een lange weg van ontwikkeling. We zien dat bijna 85% va de uitkeringsgerechtigden meer dan 2 jaar afhankelijk is van een uitkering. Deze constateringen en ervaringen bij het Werkplein worden ondersteund door een aantal landelijke rapporten die onlangs zijn verschenen. 1 De rijksoverheid anticipeert op deze conclusies met de voorbereiding van de Participatiewet in Balans. Door de huidige Participatiewet blijven bepaalde structuren in stand. Denk hierbij aan de financiële prikkel voor gemeenten bij uitstroom van inwoners naar werk. Hierdoor komt juist de grootste doelgroep, die veel ondersteuning en ontwikkeling nodig heeft, op nog grotere afstand van participatie te staan.

Het gevolg hiervan is dat problemen alleen maar groter. Duidelijk is dat een herziening van de Participatiewet nodig is waardoor er ruimte is voor de menselijke maat en waardoor we kunnen zorgen voor bestaanszekerheid voor iedereen.

O.a. Commissie Sociaal Minimum, ‘Een zeker bestaan. Naar een toekomstbestendig stelsel van het sociaal minimum’, rapport II. Ministerie SZW, ‘Programmaplan Participatiewet in Balans’, december 2023. SCP, ‘Een brede blik op bijstand’, juni 2023. 1

4

Eenvoudiger, menselijker en toekomstbestendig De Participatiewet in Balans staat voor eenvoud, vertrouwen en de menselijke maat. Het is de bedoeling dat dit via 3 sporen wordt uitgewerkt en geïmplementeerd: •

• •

Spoor 1; Op redelijk korte termijn (2025) komt het rijk met een pakket van ruim twintig wetswijzigingen dat verandering gaat brengen: mensen krijgen meer rechtszekerheid en inkomenszekerheid. Spoor 2; Naast deze wetswijzigingen komt het Rijk met een meer fundamentele herziening van de Participatiewet waarbij de menselijke maat, vertrouwen en eenvoud centraal staan. Spoor 3; In dit spoor staat de cultuuromslag centraal. Het verschil wordt uiteindelijk gemaakt in het contact met mensen.

Daarnaast wordt met het wetsvoorstel Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) en het concept wetsvoorstel Wet proactieve dienstverlening SZW beoogd om door onderlinge gegevensuitwisseling door UWV, SVB en gemeenten het gebruik van armoede -en minimaregelingen te vergroten. En lokaal wordt de voorzieningenwijzer geïmplementeerd door het Werkplein en de gemeenten. Dit zijn allemaal instrumenten die bijdragen aan de bestaanszekerheid van onze inwoners. De ontwikkeling die het Werkplein de afgelopen jaren ingezet heeft sluiten hier naadloos bij aan. Of anders gezegd de beoogde landelijke wijzigingen sluiten perfect bij de nieuwe manier van werken van het Werkplein aan. Het Werkplein is wat dat betreft landelijk echt een voorbeeld. Het lezen van het programmaplan Participatiewet in balans is een feest der herkenning! Wij juichen deze ontwikkeling uiteraard alleen maar toe.

Vlieguren maken Gezien het vorenstaande zijn wij alleen maar meer overtuigd van de juiste koers van het Werkplein. Het Werkplein zit inmiddels in de fase van de cultuuromslag. Dit is niet van de een op de andere dag gerealiseerd. In 2024 staat het maken van vlieguren dan ook voorop. Hiervoor maken we gebruik van de tools die we de afgelopen jaren hebben ontwikkeld. Denk hierbij aan écht communiceren, leidende principes en leren en ontwikkelen (Leerplein). We zijn uitgevlogen naar de werkgebieden. Maar om hier echt te landen is tijd nodig. Iedereen moet z'n plekje vinden en nog belangrijker de contacten in de gebieden worden gelegd. Het adagium blijft leer elkaar en elkaars werk kennen. Op deze manier kunnen de verschillende domeinen elkaar versterken wat de inwoner uiteindelijk ten goede komt.

Programma’s Werkplein De afgelopen jaren hebben het Werkplein en de gemeenten gezamenlijk geïnvesteerd in het programmatisch werken. Hieraan gekoppeld hebben we gezamenlijk een programmaplaat opgesteld met daarin de visie, strategische doelen en indicatoren. De gemeenten en het Werkplein bepalen jaarlijks de inspanningen die een bijdrage leveren aan deze doelstellingen. In deze begroting 2025 en meerjarenbegroting 2026-2028 geven wij aan wat het Werkplein in de komende jaren wil realiseren. De begroting is opgesteld langs de vier programma’s van dienstverlening aan onze inwoners: •

•

In het programma Werk en Participatie staat de ontwikkeling en participatie van onze inwoners centraal. Waar kunnen we onze inwoners ondersteunen in hun ontwikkeling. Zowel in hun ontwikkeling naar werk en/of participatie als in ondersteuning en/of doorverwijzing in hun zorgvraag op welk terrein dan ook. Het programma Inkomen focust zich op het verstrekken van uitkeringen, terugvordering en verhaal, handhaving e.d. Een inkomen is van essentieel belang voor onze inwoners om uiteindelijk te kunnen groeien richting werk en/of participatie. 5

• •

Het programma Inkomensondersteuning kan met de inkomensondersteunende regelingen bijdragen aan de ontwikkeling van onze inwoners. Het programma Inburgering richt zich op de nieuwkomers in de D6 gemeenten. Vanaf 1 januari 2022 voert het Werkplein de nieuwe Wet Inburgering uit voor de zes gemeenten.

Naast deze inhoudelijke programma’s geven we een doorkijk van de bedrijfsvoeringskosten. Onze insteek is om deze kosten zo beperkt mogelijk te houden door efficiënt om te gaan met de beschikbare middelen.

Opbouw begroting 2025 De opbouw is als volgt: Na de inleiding in hoofdstuk 1 lichten we in hoofdstuk 2 toe hoe we het Werkplein in 2025 zien. In de daaropvolgende hoofdstukken gaan we zowel inhoudelijk als financieel in op de vier programma’s (Werk en Participatie, Inkomen, Inkomensondersteuning en Inburgering). De afsluitende hoofstukken 7 tot en met 10 zijn voor het grootste deel financieel ingestoken met verplichte onderdelen voor een begroting.

Begrotingsrichtlijnen De gemeenteraden hebben voor het jaar 2025 een aantal begrotingsrichtlijnen meegegeven. Hoe wij daar vorm aan hebben gegeven, is terug te lezen in de tabellen hoofdstuk 8.5 (financiële richtlijnen) en 8.6 (beleidsmatige richtlijnen).

6

2. Het werkplein in 2024

2.1 Visie en strategische doelstellingen Eind 2021 hebben gemeenten en het Werkplein een gezamenlijke visie vastgelegd voor het Werkplein. In het werkprogramma 2024 wordt deze als volgt omschreven:

“Wij vertrouwen in de talenten en kwaliteiten van onze inwoners. Daarom stimuleren wij iedereen om deze te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat (nog) niet lukt, wel meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk.”

Deze visie is vertaald naar vijf strategische doelstellingen voor de periode 2022-2024: 1. 2. 3. 4. 5.

Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; We werken meer samen in het sociaal domein; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.

De visie en strategische doelstellingen hebben we voor de periode 2022-2024 afgesproken. In 2024 gaan gemeenten en het Werkplein samen kijken of de doelstellingen en visie nog passend zijn bij de huidige koers van het Werkplein. De inhoudelijke afzonderlijke programma’s in de volgende hoofdstukken zijn opgebouwd aan de hand van bovenstaande doelstellingen. Jaarlijks spreken gemeenten en het Werkplein af welke inspanningen gemeenten en Werkplein leveren om de resultaten te behalen. In de bestuursrapportage rapporteert het Werkplein ieder kwartaal over de behaalde resultaten.

2.2 Het Werkplein in 2025 2024 staat in het teken van het bestendigen van de organisatieontwikkelingen. De koers en richting van het nieuwe Werkplein staat. Het is nu zaak om deze nieuwe koers vast te houden en vlieguren te maken. We hebben ons netwerk in de werkgebieden en zoeken onze collega’s in het sociaal domein en de keten als vanzelfsprekend op. De inwoner staat centraal en ondersteunen we waar nodig in de route naar een glimlach. We zijn daar waar de hulpvraag van onze inwoners is. Op deze manier leveren we onder andere een bijdrage aan de bestaanszekerheid van onze inwoners. Als Werkplein hebben we oog voor wat écht telt. In 2024 ontwikkelen we ons verder door:

7

• •

•

• •

Echt communiceren; dit is een manier om een prettig gesprek aan te gaan met collega’s, inwoners en samenwerkingspartners. Leidende principes; we hebben vijf leidende principes geformuleerd die richting geven aan ons dagelijks handelen. o Samenwerken is de basis; o We houden het helder en simpel; o We zeggen wat we doen en doen wat we zeggen; o Talenten en kwaliteiten worden optimaal ontwikkeld; o Iedereen is verantwoordelijk voor (een gedeelte van) de route. Datagestuurd werken; we gaan door met de ontwikkeling van dashboards per team en op medewerkersniveau. Hierdoor is er meer inzicht in de caseloads en de ontwikkelbehoefte van de inwoner. Leren en ontwikkelen via het Leerplein. Aandacht voor het primaire proces. Denk hierbij aan het poortproces, ontwikkeling, Werkpunt en Inburgering.

In 2024 kijken we waar we staan en evalueren we de nieuwe werkwijze. De insteek van deze eerste evaluatie zal een tussentijdse check zijn met een blik op de toekomst.

2.3 Ketensamenwerking In het ketenjaarplan bepalen WVS, ISD Brabantse Wal en het Werkplein Hart van West-Brabant de doelstellingen voor de ketensamenwerking. Het doel is om als een gezamenlijk ontwikkelbedrijf, waar inwoners die binnen ons werkgebied wonen en vallen onder de Participatiewet, optimaal worden ondersteund bij hun ontwikkeling naar een betaalde baan of als dat niet haalbaar is betaalde detachering óf vrijwilligerswerk. In 2024 zijn 3 focuspunten waarop de ketensamenwerking zich richt. Dat is blijvende aandacht voor de groep inwoners met een langere afstand tot de arbeidsmarkt. Specifiek voor statushouders en jongeren is extra aandacht. Een tweede focuspunt is een proeftuin gezamenlijke diagnose. In 2024 onderzoeken we hoe er gezamenlijk eenduidig invulling gegeven van worden aan de diagnose/analysefase door Werkplein, ISD en WVS. We willen een beter inzicht krijgen waar de intakediagnose en de verdiepende diagnose elkaar versterken om beter maatwerk te kunnen leveren aan de inwoner. Als derde pijler blijft communicatie belangrijk. Zowel gericht op het bestuur, de samenwerkende organisaties als met inwoners. Ook het gezamenlijk organiseren van evenementen is hier een onderdeel van.

2.4 Bestandsbeheersing We zetten in 2024 en 2025 in op een aantal extra projecten gericht op bestandsbeheersing. Hiermee zetten we extra in op ontwikkeling van onze inwoners. Onze inwoners hebben een lange weg naar uitkeringsonafhankelijkheid te gaan, als dit al haalbaar is. Een deel van deze projecten heeft een doorloop in 2025. We verwachten in 2025 dus ook extra ontwikkeling, participatie en uitstroom te realiseren. We hebben ervoor gekozen om dit niet concreet in de prognoses te verwerken.

Prognose bijstandsvolume In de begroting hanteren we voor de ontwikkeling van ons bestand de CPB prognose. Voor de begroting van 2024 was dat de prognose van maart 2023 (voor 2024 1,4% toename bestand).

8

Inmiddels zijn de ramingen in februari 2024 bijgesteld door het CPB. In de laatste macro-economische verkenningen is de tendens dat het bestand in 2024 toeneemt met 2,0% en 2025 met 0%.

Actualisatie CPB MEV februari 2024 Bijstand (WWB/IOAW/IOAZ) Stijging/daling per jaar Stijging/daling cumulatief

2023 353.000

2024 360.000

2025 360.000

2026 365.000

2027 365.000

2028 365.000

2,0%

0,0% 0,0%

1,4% 1,4%

0,0% 1,4%

0,0% 1,4%

Hoewel voor het jaar 2025 er zeker onzekerheden blijven bestaan (economie kan stagneren) geven wij de richting aan voor een blijvende inzet op de ontwikkeling van onze inwoners. Daar is tenslotte waar we dit alles voor doen!

Hoogachtend,

Hoogachtend,

Marko Does

René van Ginderen

Secretaris/Directeur

Voorzitter

9

3. Werk en participatie

3.1 Inleiding Met de invoering van de Participatiewet zijn er steeds meer inwoners met complexe problematieken die gebruik maken van de dienstverlening van het Werkplein. Ruim 70% van de inwoners die bij het Werkplein terecht komen hebben een grote afstand tot de arbeidsmarkt en een brede hulpvraag. We merken dat deze groep inwoners vraagt om een andere, bredere kijk op dienstverlening. Juist voor deze groep is het belangrijk dat de professionals binnen het sociaal domein en de lokale netwerken elkaar weten te vinden en samenwerken. Als nieuw Werkplein hebben we oog voor wat écht telt. Daarom stimuleren wij iedereen om zich te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat (nog) niet lukt, meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk. Dit is de kern van het nieuwe Werkplein dat in 2025 staat. Opgave voor het Werkplein is om cultuur en structuur van de organisatie hierop in te richten. Proces en inhoud van de ondersteuning zijn maatwerk. Onze medewerkers hebben veel regelruimte om met de inwoner de best passende keuzes te maken. Samenwerking met collega’s in het sociaal domein wordt de norm. Door beter het effect te meten van wat we doen en een continue dialoog hierover (intervisie) verwachten we dat de kwaliteit van onze dienstverlening zal toenemen, en meer inwoners naar vermogen mee kunnen doen in de samenleving.

3.2 Wat gaan we doen in 2025? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2024. De resultaatafspraken voor 2025 zullen eind 2024 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en inspanningen. 1. 2. 3. 4. 5.

Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; We werken meer samen in het sociaal domein; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.

Voor de overzichtelijkheid gaan we per programma in op de strategische doelstellingen waarvoor het programma de grootste bijdrage levert. In de praktijk zien we dat we vanuit elk programma inspanningen leveren die aan elke doelstelling bijdragen. De hieronder genoemde instrumenten en aanpakken zijn niet uitputtend voor de werkwijze van het Werkplein.

3.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam In 2024 zetten we extra in de ontwikkeling van onze inwoners. Dit doen we met verschillende projecten. De projecten ‘Inhaalslag gecombineerde aanpak Werkpunt en Ontwikkeling’ en het ‘naar 10

werk project’ zijn gericht op zelfredzaamheid van onze inwoners. Hier hebben we een aantal doelstellingen aan gekoppeld. Hierbij kan zelfredzaamheid dus zijn uitstroom naar betaald werk maar net zo goed vrijwilligerswerk of een traject dat gericht is op ontwikkeling naar een stabiele leefsituatie. Met het project ‘Inhaalslag gecombineerde aanpak Werkpunt en Ontwikkeling’ willen we in 2024 zo’n 750 inwoners extra in ontwikkeling zetten.

3.2.2 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning We zien dat de doelgroep die het Werkplein ondersteunt steeds grotere en complexere problemen heeft. Dit betekent dat er aandacht nodig is op meerdere leefgebieden en er regelmatig meerdere (zorg)partijen betrokken zijn rondom een inwoner. Dit heeft tot gevolg dat trajecten die voor deze inwoners ingezet worden ook intensiever zijn en een langere doorlooptijd hebben. Dit heeft ook gevolgen voor de kosten. Het prijskaartje dat aan deze trajecten hangt is nou eenmaal hoger. Daarnaast hebben we financiële verplichtingen binnen de ketensamenwerking. Het is belangrijk om scherp te zijn op de budgetten binnen het programma Werk en Participatie. Het is en blijft belangrijk om alle doelgroepen die dat nodig hebben te kunnen bedienen. De ondersteuning van inwoners is steeds meer gericht op maatwerk. Hierdoor is het belangrijk om meer kennis te krijgen van welke interventies bij welke doelgroep tot de beste resultaten leiden. Dit doen we onder andere door succesverhalen te delen. Hierdoor kunnen professionals van elkaar leren. Het Leerplein en intervisie dragen hier ook aan bij.

Frequente Intensieve Aanpak oud-inburgeraars Er is een grote groep inburgeraars die niet aan het werk kan of kan participeren maar die het Werkplein onvoldoende in beeld heeft of te weinig aandacht kan geven. Hierin zit nog ontwikkelpotentieel. Daarom zetten we in 2024 en 2025 in op het project ‘Frequente Intensieve Aanpak oud-inburgeraars’. 80 inwoners worden intensief begeleid met als gevolg dat inwoners actief participeren en uitstroom naar werk.

Ontwikkeltrajecten Vanuit de ketensamenwerking blijven we inzetten op de ontwikkeltrajecten. Daarin is de ontwikkeling naar betaald werk het hoogste doel. We streven ernaar om gezamenlijk 380 inwoners te ontwikkelen. 255 inwoners hiervan komen uit de Werkpleingemeenten. Net als in voorgaande jaren ligt het accent op kwaliteit en niet op kwantiteit. Doordat we blijven werken als ware we één organisatie zijn, is het ontwikkeltraject een vanzelfsprekend instrument om voor de inwoner in te zetten.

Ontwikkelplekken We willen de ontwikkelmogelijkheden van onze inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt versterken. De lokale netwerken zijn hierbij van groot belang en dus ook de lokale samenwerking. We willen dat er voldoende verscheidenheid aan ontwikkelplekken is voor onze inwoners. De lijnen tussen de ontwikkelaars en bemiddelaars worden steeds korter waardoor arbeidsgerichte oriëntatie eerder in beeld is. Voor 2024 hebben we een aantal aandachtspunten. Enerzijds de vervolgstap die inwoners vanuit vrijwilligerswerk kunnen maken. Anderzijds het aantal plekken voor vrijwilligersactiviteiten. We hebben steeds meer inwoners waarvoor vrijwilligerswerk een eerste stap is. Om deze opwaartse lijn vast te houden is het nodig dat er voldoende plekken zijn. Hierin kunnen gemeenten een mooie faciliterende rol hebben in hun contacten met lokale organisaties.

11

Werkgerichte trajecten Naast ontwikkelplekken bieden we onze inwoners ook werkgerichte trajecten. Het kan hierbij gaan om individuele maatwerktrajecten, ontwikkeltrajecten via WVS, taalaanbod, opleidingen of ondersteuning door onze ontwikkelaars. Een inwoner die een indicatie banenafspraak krijgt kan bij het Werkplein terecht voor ondersteuning richting werk bij een reguliere werkgever. Als dit (nog) niet mogelijk is dan wordt ingezet op het jobready maken van een kandidaat. Daarnaast wordt ingezet op nazorg om uitval en verdere terugval te voorkomen, de werkgever te ontzorgen en uiteindelijk zoveel mogelijk duurzame plaatsingen te realiseren. Iedereen met een indicatie beschut werk die jobready is plaatsen we op een betaalde baan bij een werkgever of bij WVS zolang dit binnen de begroting passend is. We gaan de totale taakstelling overschrijden. Dit betekent dat er meer inwoners een beschutte werkplek nodig hebben dan dat we daarvoor financiering vanuit het Rijk ontvangen in de vorm van begeleidingsvergoeding. In 2024 bekijken we of dit in de toekomst financieel haalbaar blijft. Beschut werk is voor de groep mensen met een blijvende arbeidsbeperking die dusdanige begeleiding nodig heeft dat dit niet van een reguliere werkgever verwacht kan worden.

Jongeren De jongeren zijn een kwetsbare doelgroep. We willen dat er een vanzelfsprekende samenwerking is tussen het Werkplein en het onderwijsveld zodat jongeren in beeld zijn. We zien in de regio dat de samenwerking tussen de Pro/Vso-scholen en het Werkplein heel goed loopt. Vanuit het Werkplein is er nauw contact en indien nodig worden bijvoorbeeld informatiebijeenkomsten georganiseerd. Dit willen we vasthouden.

3.2.3 We werken meer samen in het sociaal domein Integrale ondersteuning In 2024 bestendigen we de manier van werken zoals we die eerder ingezet hebben. We werken vanuit de werkgebieden. Door deze manier van werken leren we als vanzelf onze collega’s uit het sociaal domein en andere gemeentelijke samenwerkingspartners kennen. Dit is belangrijk omdat veel inwoners die bij het Werkplein komen ook een ondersteuningsbehoefte op andere onderdelen van het sociaal domein kunnen hebben. Het is dus zowel voor gemeentelijke professionals als de Werkplein professionals belangrijk om de lokale netwerken te kennen en te gebruiken. Om onze inwoners optimaal te ondersteunen kijken we naar de vraag achter de vraag en werken we intensief samen met onze partners. In 2024 wordt het nieuwe poortproces met de brede intake gemeengoed voor de diagnosemedewerkers bij het Werkplein. Door deze brede uitvraag leggen we in een vroeg stadium de lijntjes met andere organisaties als dat nodig is.

Doelstellingen sociaal domein De domeinen Jeugd, Wmo en Participatiewet (Werkplein) hebben alle drie een eigen jaarlijks werkprogramma. Er zijn natuurlijk thema’s die het brede sociaal domein raken. Om dit daadwerkelijk zichtbaar te maken zijn drie domeinbrede inspanningen opgenomen in de programmaplaat 2024. Het gaat hierbij om de implementatie van de Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams), integrale invulling toekomstscenario kind en gezinsbescherming en de inzet op ontwikkelgerichte dagbesteding (Wmo) versus participatiemogelijkheden (Participatiewet).

12

3.2.4 Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners In 2025 blijven we onverminderd inzetten op werkgeversbenadering. Het kost steeds meer moeite om inwoners naar een betaalde baan te bemiddelen door de belemmeringen die zij met zich mee brengen. Net als in voorgaande jaren laten we werkgevers kennis maken met onze doelgroep. Bijvoorbeeld in MAP training voor inburgeraars, werkgeversevents en bedrijfsbezoeken/rondleidingen. Binnen de doelgroep van het Werkplein zien we een toenemende problematiek. Door de Prakrijkroute in te zetten, bieden we inwoners extra mogelijkheden om aan het werk te gaan. Wanneer het niet lukt om via de reguliere weg aan het werk te komen of werk behouden, is de Praktijkroute een snellere weg naar werk. Een loonwaardemeting op de werkplek wijst uit of iemand een verminderde loonwaarde heeft. Zo ja, dan wordt iemand opgenomen in het doelgroepregister. De werkgever kan zo gebruik maken van instrumenten die deze groep met zich meebrengt. Bijvoorbeeld de structurele loonkostensubsidie, jobcoaching en de no-risk polis.

3.3 Ketensamenwerking De intensieve samenwerking binnen de keten van ISD Brabantse Wal (ISD), Werkplein HvWB en WVS gaat onverminderd door. De doelstelling voor 2024 en verdere jaren binnen de ketensamenwerking is dan ook 'Samen werken aan Participatie'. Meer dan 70% van de inwoners van onze doelgroep in West-Brabant is langer dan 2 jaar afhankelijk van een bijstandsuitkering. Het is onze opdracht om inwoners die ondersteuning te bieden die nodig is. We geloven dat door samenwerking met de bundeling van kennis en kunde, meer inwoners ontwikkeld kunnen worden naar werk of een andere vorm van participeren.

3.4 Focuspunten 2024 Voor 2024 hebben we 3 focuspunten: 1.

2.

Blijvend aandacht voor doelgroep C ondanks economische voor -of tegenspoed. Inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt verdienen meer aandacht. De ontwikkeling van eigenwaarde en zelfredzaamheid zal op termijn leiden tot een hoger maatschappelijk rendement. Het project 'gecombineerde aanpak' (zoals voortgekomen uit de maatregelen bestandsbeheersing Werkplein) zal ook in gezamenlijkheid verder uitgewerkt worden. Proeftuin gezamenlijke diagnose. In 2024 wordt de in 2023 ontwikkelde verdiepende diagnose op gebied van arbeidsmogelijkheden, -belemmeringen en benodigde ondersteuningsbehoefte toegepast in de keten. Dit is een verdiepende analyse die vraaggericht ingezet kan worden aanvullend op de intake diagnose bij Werkplein en ISD. Ook kan een verdiepende analyse toegepast worden tijdens het ontwikkeltraject.

Deze ondersteuning kunnen we alleen bieden als we met elkaar (ISD, Werkplein en WVS) en in de volle breedte onze expertise inzetten en daarbij werken volgens de uitgangspunten: • • • • • • •

De mens centraal (niet geld, processen en procedures) Werken vanuit vertrouwen Ieder zijn eigen oplossing (maatwerk) Nabij (inwoners en bedrijven) Samen met partners (sociaal domein, werkgevers, opleiders etc.) Leren en ontwikkelen Werken met data

13

In 2024 onderzoeken we hoe we gezamenlijk eenduidig invulling kunnen geven aan deze diagnose/analyse fase door Werkplein, ISD en WVS. En willen we beter inzicht krijgen waar de intakediagnose en de verdiepende diagnose elkaar versterken om beter maatwerk te kunnen leveren aan de inwoner. 3.

Communicatie als onderdeel van onze samenwerking. Communicatie draagt bij aan het laten slagen van onze gezamenlijke opdracht. Net als in de afgelopen jaren zal ook in 2024 veel aandacht besteed worden aan communicatie met het bestuur, de samenwerkende organisaties en met de inwoners.

In principe zetten we bovenstaande lijn door in 2025. In het laatste kwartaal van 2024 zullen we als ketenpartners, samen met de gemeenten, de focuspunten evalueren en bezien of bijstelling voor 2025 nodig is.

Aantallen De ontwikkeling van onze inwoners staat voorop met als ontwikkeling naar werk als hoogste doel. In onze samenwerking streven we ernaar om 380 inwoners (255 HvWB en 125 ISD) te ondersteunen met een ontwikkeltraject. Een leerroute zoals groen, logistiek, schoonmaak, productie, catering of post kan daar onderdeel van uitmaken. Uitbreiding naar nieuwe werkgebieden wordt onderzocht. Net als in voorgaande jaren ligt ook nu het accent op de kwaliteit en minder op de kwantiteit.

Begroting ketensamenwerking 2025 WVS, Werkplein HvWB en ISD BW Bestaande activiteiten ontwikkeling inwoners

Begroting 2025 x € 1.000 WVS HVWB ISD BW

- ontwikkeltrajecten - loonwaardemetingen WVS - jobcoaching - praktijk- en persoonlijkheidsonderzoek

Totaal

1.080

483

1.563

898 64 112 6

440 32 11

1.338 96 123 6

Ontwikkeling ketensamenwerking: - Ontwikkelbudget/projectkosten

20 20

20 20

10 10

50 50

Bedrijfsvoering: Manager/aansturing proeftuinen

48 48

48 48

24 24

120 120

Totaal

68

1.148

517

1.733

3.5 Wat mag het kosten? De inzet binnen het programma Werk en Participatie wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit de algemene uitkering cluster Participatie. De bijdrage van de gemeente is van oudsher gebaseerd op het Participatiebudget (re-integratiebudget) dat door het Rijk beschikbaar werd gesteld. Inmiddels is dat, evenals begeleiding nieuw beschut, onderdeel geworden van de algemene uitkering van gemeenten. Dat maakt dat de middelen voor reintegratie niet meer te herleiden zijn. Het Werkplein gaat in de begroting voortaan uit van wat nodig is voor de re-integratie en ontwikkeling van de inwoners.

14

Programma Werk & Participatie Bijdrage aan bedrijfsvoering: Werkpunt Ontwikkeling Inzet instrumenten: Diagnostische tool en matchcare Szeebra Individuele trajecten/Maatwerk Ontwikkeltrajecten WVS Ketensamenwerking Praktijkervaringsplekpolis Extra inzet fraudepreventie Beschut werken Beschut werken reiskosten Jobcoaching Loonwaardemetingen Intensivering nazorg Project bestandsbeheersing Totaal lasten Baten

Jaarrekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

1.274.867 961.616

1.274.867 961.616

1.274.867 961.616

128.182 982.347 524.356 54.568 7.626

132.136 500.000 841.500 68.000 7.688 190.000 1.255.500 62.000 439.250 82.500 94.830

Mutaties

3.984 450.000 56.381 313 -190.000 583.947 10.350 -189.250 67.500 264.000 1.057.225

46.186 5.553.534

5.909.886

136.120 950.000 897.881 68.000 8.000 1.839.447 72.350 250.000 150.000 94.830 264.000 6.967.111

0 5.553.534

0 5.909.886

0 6.967.111

0 1.057.225

857.679 614.288 510.179 2.833.529 573.714 164.146 5.553.534

915.441 654.815 549.028 3.002.813 608.718 179.070 5.909.886

1.079.205 771.956 647.245 3.539.989 717.612 211.103 6.967.111

163.764 117.141 98.217 537.176 108.894 32.033 1.057.225

1.236.533 53.572 209.824 73.856

Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten

3.6 Analyse begroting 2025 t.o.v. begroting 2024 De begroting is gebaseerd op staand beleid en met de huidige inzichten en kaders opgesteld. Omdat er sprake is van een begroting die gebaseerd is op het werkprogramma 2024 kunnen er nog de nodige zaken veranderen.

Werkpunt en Ontwikkeling Het betreft hier personeelslasten, zowel inhuur als in loondienst voor de inzet van het werkgeversservicepunt en klantmanagers. Dit bedrag wordt jaarlijks gelijk gehouden.

Individuele trajecten/maatwerk Deze kosten zijn in 2023 flink gestegen. We verwachten dat dit een blijvende ontwikkeling is. Door de inzet van extra projecten gaan meer inwoners stappen zetten in hun ontwikkeling. Hier zijn kosten voor trajecten aan gekoppeld. Door de complexere doelgroep en de actievere inzet op deze groep inwoners kopen we veelal duurdere trajecten in. Daarnaast nemen door de toename van het aantal inburgeraars de kosten voor de buspassen voor statushouders toe. Evenals de inzet voor participatietrajecten voor inburgeraars.

Ontwikkeltrajecten WVS Binnen de ketensamenwerking is afgestemd dat er 380 ontwikkeltrajecten worden ingezet bij WVS. Daarvan zijn 255 trajecten voor rekening van het Werkplein. Deze aantallen zijn puur rekenkundig 15

voor de begroting. We leggen de focus op kwaliteit in plaats van kwantiteit. De extra kosten (€ 56.381) betreft indexatie.

Proeftuinen ketensamenwerking Het betreft hier gedeeltelijk de kosten voor externe inhuur voor de projectleider en anderzijds een klein deel ontwikkelbudget.

Extra inzet fraudepreventie We zetten niet meer extra in op fraudepreventie. Deze kosten worden benut voor de post Project bestandsbeheersing.

Beschut werk De raming voor 2025 is € 583.947 hoger dan in 2024. Dit komt omdat raming 2024 gebaseerd was op tarief van € 8.100 en 155 beschut werkers. Tarief voor 2025 is € 8.600 plus € 2.157 met 171 beschut werkers. Dit betreft de kosten voor de begeleidingsvergoeding aan de organisatie waar deze inwoner gaat werken. In de praktijk is dit meestal WVS. Dit tarief betreft 8.600 per plaatsing plus een extra Rijksbijdrage van € 2.157 (vanaf 2024). De minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen (APP) heeft aangekondigd voornemens te zijn per extra middelen beschikbaar te stellen voor de financiering van beschut werk. Deze extra Rijksbijdrage (€ 2.157 per beschut werker) wordt te zijner tijd structureel verwerkt in de Rijksbegroting (meicirculaire 2024). In deze post is uitgegaan van de taakstelling van 171 voor 2025. Wanneer we blijven plaatsen bovenop de taakstelling en de kosten de begroting overschrijden dan kan dit eventueel middels een latere begrotingswijziging verwerkt worden.

Beschut werk reiskosten Een verhoging van de reiskosten is een logisch gevolg van de stijging van het aantal beschut werkplekken.

Jobcoaching Ten opzichte van de jaarrekening 2023 zijn de kosten hoger begroot. Het aantal plaatsingen van inwoners met een indicatie Banenafspraak blijft toenemen. Mede door een actievere inzet op de Praktijkroute verwachten we een hoger aantal plaatsingen en daarmee dat het instrument jobcoaching vaker wordt ingezet in 2025.

Loonwaardemetingen Onder deze post vallen de loonwaardemetingen die WVS uitvoert ten behoeve van de doelgroep indicatie Banenafspraak. In tegenstelling tot eerdere jaren zijn nu ook de loonwaardemetingen die UWV uitvoert ten behoeve van de doelgroep beschut werk onder deze post opgenomen.

Intensivering nazorg Op basis van de notitie nieuwe doelgroepen is structureel 1 fte nazorg in de begroting opgenomen. Inwoners met een indicatie Banenafspraak die gaan werken in een betaalde baan worden nadien gevolgd door het Werkplein. In eerste instantie om uitval te voorkomen en in tweede instantie om de werkgeverszaken zoals de structurele loonkostensubsidie en loonwaardemetingen goed te organiseren. 16

Project bestandsbeheersing In 2023 zijn er tijdelijke extra maatregelen voorgesteld om opgelopen ‘achterstanden in de coronaperiode’ in te lopen. De looptijd van deze projecten zit met name in 2024 en 2025. In deze kostenpost vallen een projectaanjager, bemiddelaars en ontwikkelaars m.b.t. de FIA aanpak statushouders en project ‘gecombineerde aanpak’.

17

4. Programma inkomen

4.1 Inleiding Het verstrekken van uitkeringen is het grootste onderdeel van de begroting van het Werkplein. Als mensen zich melden met een vraagstuk op het gebied van inkomen, dan zien we steeds meer de bredere problemen die iemand heeft. Hiervoor zoeken we de bredere samenwerking op in het sociale domein.

4.2 Wat gaan we doen in 2025? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2023. De resultaatafspraken voor 2024 zullen eind 2023 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en inspanningen. 1. 2. 3. 4. 5.

Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; We werken meer samen in het sociaal domein; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.

Voor de overzichtelijkheid gaan we per programma in op de strategische doelstellingen waarvoor het programma de grootste bijdrage levert. In de praktijk zien we dat we vanuit elk programma inspanningen leveren die aan elke doelstelling bijdragen.

4.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam Wij verstrekken uitkeringen Veruit het grootste deel van onze begroting wordt gebruikt voor het betalen van uitkeringen. Dit doen wij op tijd en rechtmatig waardoor kwetsbare inwoners in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Een groot deel van de medewerkers houdt zich bezig met het toekennen, wijzigen en betalen van deze uitkeringen.

4.2.2 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning De brede intake In 2023 zijn we gestart met de brede intake wat deel uitmaakt van het nieuwe poortproces. Hierbij werken we zoveel mogelijk op locatie. Tijdens de brede intake wordt er ingegaan op meerdere leefgebieden. Hierbij worden al vroegtijdig eventuele problemen gesignaleerd. Denk daarbij aan problemen op het gebied van schulden, jeugd en de WMO.

18

4.3 Wat mag het kosten? Onze inzet binnen het programma Inkomen wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit de BUIG-middelen. Deze laatste kosten worden 1-op-1 op klantniveau verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten gemaakt worden c.q. wiens inwoners het betreffen. Programma inkomen Lasten Pwet BBZ BBZ (declarabel) IOA Onderzoekskosten Invorderings- en externe controlekosten Externe controlekosten Loonkostensubsidie Studietoeslag Totaal lasten Baten Ontvangsten debiteuren Buig Ontvangsten debiteuren Ioaw/Ioaz Ontvangsten debiteuren BBZ Ontvangsten debiteuren BBZ (declarabel) Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten

Jaarrekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Mutaties

64.171.108 247.822 0 3.587.299 55.049 12.433 214.446 3.675.335 180.666 72.144.157

62.361.337 500.000

70.729.506 350.000

3.400.000 100.000 25.000 200.000 3.789.805 16.500 70.392.642

3.100.000 100.000 25.000 200.000 4.689.005 191.853 79.385.364

8.368.169 -150.000 0 -300.000 0 0 0 899.200 175.353 8.992.722

816.098 4.566 11.359 43.556

935.420 29.542 25.000 25.000

1.060.943 25.000 25.000 25.000

125.523 -4.542 0 0

875.579 71.268.578

1.014.962 69.377.680

1.135.943 78.249.421

120.981 8.871.741

12.609.081 8.211.349 8.998.578 31.971.116 5.771.142 3.707.312 71.268.578

12.309.154 7.938.445 8.602.349 31.324.064 5.565.756 3.637.911 69.377.679

14.046.219 8.840.947 9.989.455 35.043.166 6.405.962 3.923.672 78.249.421

1.737.065 902.502 1.387.106 3.719.102 840.206 285.761 8.871.741

4.4 Analyse begroting 2025 t.o.v. jaarrekening 2023 Voor de begroting voor 2025 wordt uitgegaan van de werkelijke Buig-uitgaven over 2023 gecorrigeerd met de verwachtingen qua ontwikkeling van de prijsontwikkeling van het BBP. Actualisatie CPB MEV februari 2024 Bijstand (WWB/IOAW/IOAZ) Stijging/daling per jaar Stijging/daling cumulatief

2023 353.000

2024 360.000

2025 360.000

2026 365.000

2027 365.000

2028 365.000

2,0%

0,0% 0,0%

1,4% 1,4%

0,0% 1,4%

0,0% 1,4%

Participatiewet In het afgelopen jaar hebben een stijgingen in het uitkeringsbestand gezien. Op basis van de prognose van het CPB verwachten we over 2024 nog een toename (2,0%). Over 2025 wordt een kleine stijging (+0%) verwacht. De uitkeringslasten stijgen doordat het minimumloon en de daaraan gekoppelde uitkeringen in 2024 met 3,3% en 2025 2,8% worden geïndexeerd.

IOA(W/Z) De IOA laat de afgelopen jaren een dalende lijn zijn. De verwachting is dat dit ook in 2025 door zal zetten. De instroom in de IOAW neemt af door de specifieke doelgroep die voor deze regeling in 19

aanmerking komt. Het gaat om inwoners die voor 1 januari 1965 geboren zijn, tussen hun 50e en 60e werkloos zijn geworden de volledige WW hebben doorlopen. Een deel van deze doelgroep gaat inmiddels met pensioen en de instroom neemt af. De IOAZ valt ook onder deze post maar die doelgroep is nog veel kleiner.

BBZ De BBZ laat in de jaarrekening 2022 een piek zien. Deze piek ontstaat doordat in de eerste drie maanden van de 2022 de BBZ versoepeld was in verband met de Coronapandemie. In de jaarrekening zien we dat de BBZ achter blijft ten opzichte van de begroting. Daarom wordt deze post in de komende jaren iets lager geschat.

Loonkostensubsidie Dit is een post die jaarlijks stijgt door de taakstelling beschut werk en de garantiebanen. Door die twee vormen van werk komen er jaarlijks mensen bij die loonkostensubsidie ontvangen. Het is de verwachting dat dit de komende jaren alleen maar toe zal nemen en dat de uitgaven dus ook zullen stijgen. Dat is op zichzelf een positieve ontwikkeling omdat hierdoor mensen aan het werk gaan. Werkplein Hart van West-Brabant Doelstelling plaatsingen beschut werk Beschut werk toename per jaar

2024 158

2025 171 13

2026 182 11

2027 195 13

2028 206 24

Doelstelling plaatsing garantiebanen

80

80

80

80

80

20

5. Programma inkomensondersteuning

5.1 Inleiding Om onze inwoners te kunnen laten groeien in hun ontwikkeling en mee te laten doen in de maatschappij is inkomensondersteuning heel belangrijk. Zeker gezien de sterk gestegen inflatie en hoge kosten van levensonderhoud (energie, boodschappen, uitstapjes e.d.). In het Centraal Economisch Plan 2024 van februari 2024 voorziet het Centraal Planbureau (CPB) dat in 2025: • •

de werkloosheid langzaam oploopt naar 3,9% (in 2023: 3,5%), het aantal personen in armoede stijgt licht tot 4,9% van de bevolking (in 2023: 4,8%). Het aantal kinderen in armoede daalt naar 5,3% (in 2023: 6,1%) De reden hiervan is dat de koopkracht in 2024 sterker is dan verwacht omdat de inflatie sneller daalt. De koopkracht herstelt hiermee bijna van de klap in 2022 en 2023. Er zijn echter grote verschillen tussen inkomensgroepen te zien: lage inkomens zijn erop vooruitgegaan door een aantal structurele beleidsmaatregelen: een hoger minimumloon, hogere huurtoeslag en meer kindgebonden budget. Voor lagere inkomens zijn enkele tijdelijke maatregelen weggevallen, zoals verhoging van de zorgtoeslag en de energietoeslag. Tegelijkertijd ondersteunen de maatregelen uit de miljoenennota van afgelopen jaar (onder andere structureel verhogen van het kindgebonden budget en de huurtoeslag) vooral de koopkracht van lagere inkomens.

Ontwikkelingen die op termijn zonder twijfel effect op dit programma zullen hebben zijn: • • •

het nieuwe Werkplein waarbij de inwoner/het gezin centraal staat, de doorontwikkeling van het sociaal domein incl. integrale klantbenadering, de ambities in het werkprogramma 2024 van het Werkplein en gemeenten (minder inwoners leven in armoede: inzet op maximaal gebruik van maatregelen inkomensondersteuning en implementatie van de Voorzieningenwijzer in het voorjaar 2024).

Door de uitvoering van de energietoeslag 2022 en 2023 zijn er inmiddels circa 11.000 huishoudens bij het Werkplein in beeld met een inkomen tot 120% (sommige gemeenten 130%) van de bijstandsnorm. In onderstaande tabel is weergegeven hoe het gebruik van de door het Werkplein verstrekte armoede -en minimaregelingen in de loop der jaren is geweest. Die aantallen liggen substantieel lager dan de ± 11.000 huishoudens die de energietoeslag 2022 en 2023 hebben gekregen. Afhankelijk van hoeveel inspanning gemeenten en Werkplein daadwerkelijk willen besteden aan het vergroten van het gebruik valt hier nog veel te winnen. Vanaf het 2e kwartaal 2024 voert het Werkplein voor de gemeenten ook de Voorzieningenwijzer uit. Omdat dit een nieuw instrument is om het gebruik van landelijke -en lokale minimaregelingen te vergroten, moet afgewacht worden welk effect dit heeft op het toekomstig gebruik. Al deze ontwikkelingen leiden ertoe dat het heel lastig is om voor 2025 nu al een reële inschatting te kunnen maken van de omvang van al die ontwikkelingen en de financiële impact daarvan op de uitgaven 2025 voor het programma inkomensondersteuning.

21

De historische ontwikkeling van het aantal verstrekte minimaregelingen en de gemaakte uitkeringskosten in de afgelopen jaren vormen de basis voor de begroting 2025 van het programma inkomensondersteuning.

Weergave bijzondere bijstand en overig minimabeleid is op gezinsniveau.

22

5.2 Wat gaan we doen in 2025? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2024. De resultaatafspraken voor 2025 zullen eind 2024 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en inspanningen. 1. 2. 3. 4. 5.

Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; We werken meer samen in het sociaal domein; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.

Voor de overzichtelijkheid gaan we per programma in op de strategische doelstellingen waarvoor het programma de grootste bijdrage levert. In de praktijk zien we dat we vanuit elk programma inspanningen leveren die aan elke doelstelling bijdragen.

5.2.1 Minder inwoners leven in armoede In het programma inkomensondersteuning dragen we vooral bij aan de doelstelling dat minder inwoners in armoede leven. Dit doen we door de uitvoering van de minimaregelingen en bijzondere bijstand en de implementatie van de voorzieningenwijzer vanaf het voorjaar 2024.

Vergroten gebruik armoede -en minimaregelingen Gemeenten en Werkplein spannen zich gezamenlijk in om het gebruik van landelijke -en lokale armoede -en minimaregelingen te vergroten. Hiermee beogen we dat de groep huishoudens die in armoede leeft kleiner wordt. Op deze wijze vergroten wij de bestaanszekerheid van onze inwoners. Gemeenten en Werkplein willen dit op de volgende wijze realiseren: • •

via regionale communicatie willen de gemeenten meer bekendheid geven aan de diverse regelingen voor huishoudens die moeten rondkomen van een laag inkomen, inzet van het instrument Voorzieningenwijzer: Gemeenten en Werkplein zijn in het 1e helft 2024 operationeel gestart met het instrument Voorzieningenwijzer. Op basis van persoonlijke adviesgesprekken en met behulp van een softwareapplicatie wordt gecheckt op welke landelijke en lokale armoede- en minimaregelingen inwoners aanspraak kunnen maken. Er wordt gecheckt op zes thema's: regelingen en fondsen van een gemeente, toeslagen Rijksoverheid, aangifte inkomstenbelasting, energieleverancier, zorgverzekering en regelingen van de woningcorporaties. In vervolg op het advies vanuit de Voorzieningenwijzer worden inwoners ook geholpen en ondersteund bij het feitelijk indienen van de betreffende aanvragen. Dit voorkomt onnodige armoede en schulden en zorgt voor meer rust en ruimte bij inwoners.

5.3 Wat mag het kosten? Onze inzet binnen het Programma Inkomensondersteuning wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (personele inzet) als vanuit de voorzieningen en overdrachten. Deze laatste kosten worden 1-op-1 verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten worden gemaakt. Het benodigde budget waarover het Werkplein moet beschikken, is weergegeven in onderstaande tabel.

23

Programma inkomensondersteuning Lasten Bijzondere bijstand Minimabeleid (webshop) * Collectieve zvw premie Externe adviezen Totaal lasten Baten Ontvangsten debiteuren bijz. bijstand Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten

Jaarrekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Mutaties

6.132.582 617.163 3.007.546 13.742 9.771.033

5.500.679 650.000 3.086.180 13.496 9.250.354

6.500.000 650.000 3.082.734 14.500 10.247.234

999.321 0 -3.446 1.004 996.880

787.781 787.781 8.983.252

618.705 618.705 8.631.649

715.000 715.000 9.532.234

-96.295 -96.295 900.585

2.079.495 1.095.546 1.043.287 3.622.146 696.659 446.119 8.983.252

2.034.112 1.117.667 1.012.507 3.451.623 590.039 425.701 8.631.649

2.194.867 1.145.616 1.126.991 3.821.057 740.250 503.454 9.532.234

160.755 27.949 114.484 369.434 150.211 77.753 900.585

Tabel: Geraamde kosten voor Inkomensondersteuning 2025

Analyse begroting 2025 t.o.v. begroting 2024 Bijzondere bijstand De raming voor 2025 is gebaseerd op de jaarrekening 2023 verhoogd met een prijsindexering van 3,3% voor 2023 en 2,8% voor 2025. Dit is op zowel de lasten als de baten toegepast. Op basis hiervan wordt voor 2025 een stijging ten opzichte van de begroting 2024 voorzien van € 999.321. Van de totale jaarlijkse bijzondere bijstandskosten heeft 81% betrekking op slechts drie kostensoorten t.w.: bewindvoering (39%), individuele inkomenstoeslag (21%) en huisraad-woninginrichting (21%). Minimabeleid inclusief webwinkel Sinds het einde van de coronapandemie in het voorjaar 2022 zien we dat onze inwoners weer meer maatschappelijk zijn gaan participeren. De hiermee samenhangende uitgaven voor minimabeleid zijn tussen 2021 en eind 2023 dan ook behoorlijk opgelopen. Uitgaven 2022 waren € 71.200 hoger dan in 2021. In 2023 bedroeg de stijging € 64.000. Met verwijzing naar § 5.2.1 gaan de gemeenten en het Werkplein zich medio 2024 gezamenlijk inspannen om het gebruik van landelijke -en lokale armoede -en minimaregelingen te vergroten. Voor wat betreft de lokale regelingen is de inschatting dat deze inspanningen vooral tot een stijging van de uitgaven minimabeleid (webshop) leiden. Omdat ervaringscijfers ontbreken is de omvang van die stijging voor de jaren 2024 en 2025 op voorhand heel lastig te becijferen.

We hebben daarom besloten een rond bedrag van 650.000 te begroten, zowel voor 2024 als voor 2025. Eind 2024 zullen we beter beeld krijgen of dit een juiste schatting is voor 2025 en de jaren daarna. Premiebijdrage collectieve zorgverzekering In de raming 2025 gaan wij er van uit dat de gemeenten hun gemeentelijke premiebijdragen handhaven op het niveau 2024: bijdrage van € 17,00 p/mnd bij de polis gemeente extra en € 42,50 (inwoners Etten-Leur € 48,25) p/mnd bij de polis gemeente extra uitgebreid. Het budget voor de Collectieve ziektekostenverzekering 2025 is gebaseerd op het aantal premieplichtige deelnemers per maart 2024 (7.289) en de gemeentelijke premiebijdrage 2024. Kansen en risico Alle hiervoor beschreven inspanningen van de gemeenten en het Werkplein (zie § 5.1 en § 5.2) bieden nieuwe kansen om de armoedeproblematiek bij onze inwoners te verkleinen en de bestaanszekerheid te vergroten. Het stimuleren en vergroten van het gebruik van landelijke -en lokale armoede-en minimaregelingen leidt uiteraard tot verhoogde lasten. Op dit moment is nog niet te voorspellen hoe hoog die extra lasten zullen gaan worden.

24

6.1 Inleiding De uitvoering van de Wet inburgering 2021 is sinds 2022 een nieuwe taak voor het Werkplein. De toestroom van vluchtelingen naar Nederland en vervolgens de taakstelling huisvesting van gemeenten is bepalend voor de Werkpleinbegroting. Deze cijfers zijn op dit moment nog niet inzichtelijk voor 2025.

6.2.1 Doorontwikkeling In 2024 focussen we ons onder andere op de klantreis van de inburgeraar. Dit betekent dat we werken met vaste aanspreekpunten binnen het sociaal domein. Nog meer kijken we naar lokale mogelijkheden voor inburgeraars om te participeren. Met name doordat we geconstateerd hebben dat de maatschappij dit een lastige doelgroep vindt om op te nemen om bijvoorbeeld vrijwilligerswerk te doen. Dit is een gezamenlijk vraagstuk waar gemeenten en het Werkplein voor staan. Dit geldt ook zo voor werkgeversbenadering. Door de onbekendheid bij werkgevers met deze groep inwoners is het een uitdaging om hen naar betaald werk te bemiddelen. De taalbarrière bij de groep in de Z-route met een lage leerbaarheid helpt hier niet aan mee. In 2025 willen we een netwerk van werkgevers opgebouwd hebben die open staat voor de doelgroep statushouders. In 2025 zien we dat inburgeraars snel doorstromen naar een participatietraject en er actief ingezet wordt op betaald werk. In 2024 lopen er 3 aanbestedingen rondom inburgering: het taalonderwijs voor de B1-route en de Zroute. En de maatschappelijke begeleiding en verdere taken die Vluchtelingenwerk momenteel voor ons uitvoert. Daarnaast is er een gezamenlijke aanbesteding in de arbeidsmarktregio voor de Prebachelor en HBO als onderdeel van de Onderwijsroute.

In 2025 hebben we met alle partners (hernieuwde) afspraken gemaakt en dit komt de dienstverlening aan de doelgroep ten goede. De brede ambities voor inburgering zijn gericht op meer inburgeraars nemen deel aan de maatschappij, behalen B1-taalniveau en zijn zelfstandig.

6.2.2. Instroom Het Werkplein begeleid onder de inburgeringswet 2021 twee groepen inburgeraars; de statushouders en gezins- en overige migranten. De eerste groep valt onder de taakstelling huisvesting die gemeenten opgelegd krijgen. De tweede groep gaat om inburgeraars die bij een Nederlandse partner gaan wonen of om geestelijk dienaren. Het Werkplein heeft de volgende gemeentelijke taken voor inburgeraars: brede intake, PIP, begeleiding en voortgang van het inburgeringstraject, participatieverklaringstraject (PVT), module arbeidsmarkt en participatie (MAP), leerroute zowel gericht op taal als participatie (alleen voor statushouders), maatschappelijke begeleiding (alleen voor statushouders) en handhaving gedurende het inburgeringstraject. Wat betreft het financieel ontzorgen passen we maatwerk toe voor bijstandsgerechtigde statushouders. 25

De spreidingswet Vanaf 1 februari 2024 is de spreidingswet van kracht. Dit betekent dat gemeenten een wettelijke taak hebben gekregen om opvangplekken te realiseren voor asielzoekers. Diverse gemeenten onderzoeken de mogelijkheden om lokaal een AZC te openen. Met daarbij de intentie dat deze statushouders vervolgens een woning toegewezen krijgen in deze gemeente of één van de buurgemeenten. De intentie van de Wet inburgering 2021 is om statushouders zo snel mogelijk te laten starten met hun inburgering en hen zo snel mogelijk op te nemen in de maatschappij. Dit biedt ons de mogelijkheid om statushouders al te laten inburgeren op het moment dat zij nog in het (lokale) AZC verblijven. In 2024 onderzoeken Werkplein en gemeenten deze kansen met elkaar. Doordat deze inwoners sneller bij het Werkplein terecht zouden kunnen komen, is het belangrijk om de huidige formatie regiehouders in het oog te houden. De formatie zoals die gekoppeld is aan het aantal in te zetten regiehouders in de voorbereiding van de uitvoering van de wet is op dit moment volledig benut.

Aantal inburgeraars In deze begroting gaan we uit van 414 nieuw in te stromen inburgeraars in 2025. Deze aanname in aantallen is gebaseerd op de taakstelling huisvesting die gemeenten jaarlijks opgelegd krijgen vanuit het Rijk. De verwachting is dat de aantallen iets oplopen t.o.v. het jaar 2023. In de jaren hierna gaan we uit van een stabilisatie zoals het jaar 2023. We rekenen met 70% van de taakstelling omdat ongeveer 30% niet-inburgeringsplichtigen betreft (bijvoorbeeld kinderen). Hiernaast vestigen zich ook gezins- en overige migranten. In deze begroting gaan we uit van 50 instromers op jaarbasis. Dit is gebaseerd op ervaringscijfers.

Tabel: prognose instroom inburgeraars

6.3 Wat mag het kosten? Onze inzet binnen het Programma Inburgering wordt gefinancierd vanuit een bijdrage vanuit de zes deelnemende gemeenten. Deze bijdrage behelsd het doorsluizen van de vergoedingen die van het Rijk voor de uitvoering van de Wet inburgering wordt verstrekt. Het benodigde budget waarover het Werkplein moet beschikken, is weergegeven in de tabel op de volgende pagina.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/583/documents/17115