Bijlage 4 Zienswijze begroting 2022 Werkplein.pdf
Tekst van het document
SJABLOON VOOR ZIENSWIJZEN BIJ GR-BEGROTINGEN WEST-BRABANT Gemeenschappelijke regeling: Werkplein Hart van West-Brabant 1. Zijn de stukken tijdig ingediend door de GR bij de gemeente? • Kaderbrief 2022: Ja, de Kaderbrief 2022 is vóór 1 februari 2021 ontvangen. • Ontwerpbegroting 2022: Ja, de ontwerpbegroting 2022 is op 14 april 2021 ontvangen. • Jaarrekening 2020: Ja, de jaarrekening 2020 is op 14 april 2021 ontvangen. 2.
Is voldaan aan de BBV-voorschriften? In de begroting 2022 van het werkplein, paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing, zijn enkele financiële kengetallen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing opgenomen. Kengetallen voegen bij het werkplein weinig toe. Er is immers geen sprake van grondexploitatie, belastingcapaciteit, geldleningen of eigen vermogen. De gemeenten staan garant. De overige BBV-voorschriften zijn in de begroting doorgevoerd.
3. Inhoudelijke aandachtspunten, beleidsontwikkelingen e.d. Begroting: •
In 2020 hebben de De6-gemeenten in overleg met het Werkplein de opdracht van het Werkplein herijkt, waarbij een grotere nadruk is komen te liggen op het te bereiken maatschappelijke effect. Om dit te bereiken zetten de De6-gemeenten meer in op een integrale ondersteuning aan de inwoners, staat de inwoner centraal in plaats van de systeemwereld en sturen de De6-gemeenten meer op de kwaliteit van de dienstverlening.
•
De doelgroep van het Werkplein groeit mede door de coronacrisis en zal de komende jaren blijven groeien. Als gevolg van de coronacrisis is het percentage bemiddelbare inwoners ten opzichte van het percentage niet bemiddelbare inwoners gestegen. Het Werkplein ontwikkelt in samenwerking met de gemeenten een aanpak om extra in te zetten op het ondersteunen van inwoners naar werk. Voor deze aanpak is in de begroting een budget van € 340.000,- opgenomen (zie ‘Maatregelen bestandsbeheersing in Programma Werk en Participatie p.13 en 14). Met deze aanpak zorgen we dat het aantal bijstandsgerechtigden niet meer stijgt dan het landelijk gemiddelde.
•
Binnen het programma Werk en Participatie is het budget voor de Werkgeversbenadering met € 545.000 verlaagd. Dit is het gevolg van het besluit, dat het Werkplein begin 2020 heeft genomen om met ingang van 1 februari 2021 de PPS (publiek private samenwerking) met Randstad te beëindigen. De meerwaarde van deze samenwerking nam af, doordat het netwerk en de werkwijze van Randstad in de afgelopen vijf jaar steeds meer geïntegreerd is in de werkwijze van het Werkgeversservicepunt. Bijna alle medewerkers van Randstad zijn nu in dienst van het Werkplein gekomen.
•
De positie van inwoners met een garantiebaan is kwetsbaar. Wanneer het economisch slechter gaat, is dit een groep waarbij mensen sneller hun baan verliezen. Daarnaast zien we dat mensen met een garantiebaan regelmatig uitvallen. Door de jobcoaching te intensiveren en meer in te zetten op nazorg wil het Werkplein uitval voorkomen en zorgen dat inwoners met een verminderde loonwaarde via een garantiebaan toch kunnen werken. Hierbij is het wenselijk om de (maatschappelijke) effecten te monitoren en te evalueren.
•
Het Werkplein geeft aan dat er een specifieke aanpak gericht op jongeren is. De toelichting op en financiële specificatie van deze aanpak ontbreekt in de begroting 2022.
•
De ketensamenwerking staat sinds 2020 in het teken van het versnellen en concretiseren. Zo gaan de WVS, het Werkplein en de ISD Brabantse Wal op inhoud meer en beter samenwerken om zo de ondersteuning bij de ontwikkeling van inwoners te optimaliseren. Onderdeel van de ketensamenwerking zijn een drietal gezamenlijke proeftuinen, waarbinnen wordt onderzocht op welke manier de ondersteuning van de inwoners richting werk kan worden versterkt.
•
Het Werkplein heeft als streven om in 2024 inwoners integraal te ondersteunen. Op het gebied van armoede en schuldhulpverlening is de samenwerking tussen het Werkplein en gemeenten gestart. Zo geeft het Werkplein samen met de gemeenten uitvoering aan het regionaal armoede- en schuldenbeleid. Dit uit zich in één integraal plan van aanpak bij multi-problematiek, een regelingen check en onderzoek naar het terugdringen van de kosten rondom bewindvoering.
•
Op 1 januari treedt de nieuwe Wet Inburgering in werking. Het Werkplein en De6gemeenten zijn volop aan de slag met de voorbereidingen op deze nieuwe taak. Vanaf 2022 voert het Werkplein de Wet Inburgering uit voor de De6-gemeenten. De kosten van de uitvoering van deze nieuwe wet is nog niet opgenomen in de begroting. Voorheen voerde het Werkplein de inburgering uit via een separate projectbegroting van € 370.000. Dit gaat vanaf 2022 via de reguliere begroting lopen.
Lokale aanvullingen: •
•
•
De ‘vergroening’ van het Werkplein loopt als rode draad door de begroting. Het is duidelijk dat deze ontwikkeling een grote impact heeft op de organisatie en haar dienstverlening. Daarnaast zien we het aantal inwoners, dat een beroep doet op de ondersteuning van het Werkplein mede door corona toeneemt. De gemeente Halderberge vind het belangrijk dat deze organisatie ontwikkeling niet ten koste gaat van de ondersteuning van het Werkplein aan onze inwoners in hun ontwikkeling naar werk. De koerswijziging van het Werkplein naar een groene organisatie vraagt om een flinke investering (zowel personele inzet als financiële middelen). We zien dan ook graag wat hiervan het maatschappelijke effect is. Binnen de vergroening van de organisatie wordt uitgegaan van vertrouwen. De schaduwkant hiervan is dat inwoners (on)bewust langer misbruik kunnen maken van de voorzieningen die de Participatiewet biedt, met als gevolg dat deze inwoners hogere schulden opbouwen waardoor hun situatie verder verslechtert.
•
Het aantal werkplekken (excl. projectplekken) van 134 ten opzichte van het aantal vaste personeelsleden, te weten 155, is fors. We denken dat dit efficienter kan.
4. Financiële aandachtspunten Hoofdpunten (ontleend aan de kadernota Verbonden partijen West-Brabant): • Jaarlijkse indexering van loon- en prijsontwikkeling Het Werkplein houdt voor de prijsontwikkeling rekening met het prijsindexcijfer van de algemene prijsontwikkeling Bruto Binnenlands Product uit de Septembercirculaire 2020. Voor 2022 t/m 2025 is dat resp. 1,4%, 1,2%, 1,3% en 1,4%. Dit is conform de richtlijnen. De loonkosten zijn in de begroting 2022 geïndexeerd met 1,5% (septembercirculaire 2020-gemiddelde loonvoetontwikkeling sector overheid). Mocht het percentage lager uitvallen (CAO onderhandelingen lopen nog) dan wordt dit verwerkt in een bijgestelde begroting. Voor de jaren daarna is rekening gehouden met indexatie van de loonkosten voor 2023, 2024 en 2025 met respectievelijk 1,9%, 1,9% en 2,2%. Dit is conform de richtlijnen. In de ontwerpbegroting staan abusievelijk andere percentages vermeld. • Prognose bijstandsuitgaven De prognose van de bijstandsuitgaven is gebaseerd op de verwachte bestandsontwikkeling volgens het CPB. Het CPB verwacht een stijging van het bijstandsvolume vanaf 2021. De prognose is dat het uitkeringenbestand in 2021 met circa 6% en 2022 met 4% toeneemt. Deze prognose is van maart 2021. Conform de Kaderbrief 2022 heeft het Werkplein de nieuwe inzichten van het CPB van eind maart 2021 nog in de begroting 2022 meegenomen.
In afwijking met de Kaderbrief gaat de begroting niet meer uit van een stijging met 8% voor 2021 en 6% voor 2022 maar van 6% voor 2021 en 4% voor 2022. Voor 2023 is een stijging van 2,5% voorzien. Daarna wordt het aantal bijstandsgerechtigden in de lijn van de prognose van het CPB bevroren. • Algemene en bestemmingsreserve Het Werkplein beschikt niet over reserves. • Risico’s en de beheersing ervan In hoofdstuk 7 van de begroting is een paragraaf opgenomen over het weerstandsvermogen en risicobeheer. In deze paragraaf is een tabel te vinden waarin risico’s en beheersing ervan worden belicht. Belangrijke risico’s zijn: - Hogere kosten als gevolg van een hoger ziekteverzuim dan geraamd (risico hoog); - Een boete of naamschade als gevolg van een datalek (risico hoog); - Hogere programmakosten als gevolg van sneller oplopende klantenaantallen dan geraamd (risico beperkt); - Hogere uitvoeringskosten als gevolg van sneller oplopende klantenaantallen dan geraamd (risico hoog).
5. Financieel overzicht Bijdragen gemeenten Werkplein Hart van West Brabant
Inkomen Inkomensondersteuning Werk & Participatie Bedrijfsvoering Totaal bijdragen
Gewijzigde Begroting Resultaat 2020 2020 60.060.564 1.048.118 (V) 8.087.442 57.534 (V) 5.081.441 863.112 (V) 13.607.832 4.523.679 (V) 86.837.280 6.492.442 (V)
Begroting Begroting 2021 2022 60.843.228 67.571.076 8.238.133 7.909.110 5.147.040 5.455.743 14.191.188 15.170.684 88.419.589 96.106.613
Aan het Algemeen bestuur van het Werkplein wordt voorgesteld € 1.248.260 van het voordelig resultaat 2020 op de bedrijfsvoering te bestemmen, waardoor uiteindelijk € 3.275.419 aan de gemeenten zal worden terugbetaald.
Bijdrage gemeente Halderberge Werkplein Hart van West Brabant
Inkomen Inkomensondersteuning Werk & Participatie Bedrijfsvoering Totaal bijdragen
Gewijzigde Begroting 2020 6.554.652 929.135 557.598 1.545.013 9.586.398
Resultaat 2020
Begroting Begroting 2021 2022 6.625.382 7.375.755 960.238 997.742 565.733 602.945 1.594.178 1.723.698 9.745.531 10.700.140
6. Overige aandachtspunten •
Coronacrisis Een belangrijke ontwikkeling waar het Werkplein in 2022 de effecten van merkt, is de Corona crisis. Bij het opstellen van deze begroting is de verwachting dat Nederland door de strenge RIVM maatregelen en het vaccinatieprogramma in 2021 uit de lockdown komt. Daarmee kan worden gewerkt aan economisch herstel. Onzeker is wat gebeurt wanneer de steunpakketten die van Rijkswege worden verstrekt afnemen, en uiteindelijk stop worden gezet. Een ander risico is dat mutaties van het COVID-19 virus nog voor lange tijd de economie zullen gijzelen.
•
Begrotingsrichtlijnen van gemeenteraden: De begroting 2022 is opgesteld conform de beleidsmatige en financiële richtlijnen die de gemeenteraden voor het jaar 2022 hebben meegegeven. In de bijlage bij de begroting heeft het Werkplein aangegeven hoe daar vorm aan gegeven is. Indien een richtlijn niet (volledig) is toegepast in de begroting 2022, wordt de motivatie hiervoor aangegeven.
7. De zienswijze 1. Wij verwachten van het Werkplein dat het plan van aanpak bestandsbeheersing in de begrotingswijziging 2022 wordt opgenomen, waarbij inzicht wordt gegeven op welke manier de inzet van de middelen bijdraagt aan de financiële zelfredzaamheid van onze inwoners (lees uitstroom). 2. In de begroting is het budget voor jobcoaching en nazorg bij inwoners met een garantiebaan verdubbeld. Gezien de forse extra inzet op deze doelgroep verwachten we dat het Werkplein de inzet en resultaten op dit vlak goed monitort en evalueert. We verwachten dat het Werkplein deze intensieve werkwijze na twee jaar heroverweegt. 3. Jongeren zijn door de coronasituatie zwaar getroffen. In de begroting geeft het Werkplein aan dat zij een specifieke aanpak heeft voor jongeren, maar deze wordt niet nader omschreven. In de begrotingswijziging 2022 verwachten we dat deze ondersteuning aan jongeren nader is gespecificeerd. 4. In de huidige begroting zijn de kosten als gevolg van de Nieuwe Wet Inburgering niet opgenomen. We verwachten van het Werkplein dat deze kosten in de begrotingswijziging 2022 zijn opgenomen. 5. In de begroting wordt beperkt ingegaan op de ketensamenwerking.
Graag zien we in de begrotingswijziging 2022 een nadere beschrijving van de maatschappelijke doelen / resultaten die het Werkplein in de samenwerking met de WVS en ISD Brabantse Wal beoogt, hoe deze doelen te bereiken en welke middelen daarvoor worden ingezet. Daarnaast verwachten we dat het Werkplein in de herziene begroting inzicht geeft in de mogelijkheden om synergievoordelen te realiseren door het samenvoegen van bedrijfsvoeringstaken binnen de ketensamenwerking. 6. Het Werkplein sluit met de organisatie ontwikkeling aan bij de transformatie in het Sociaal Domein. Op dit moment is niet duidelijk wat de structurele financiële effecten hiervan zijn. Wij verwachten van het Werkplein dat eventuele structurele financiële effecten in de herziene begroting van 2022 worden opgenomen. Lokale aanvullingen:
7. In 2021 en 2022 zet het Werkplein fors in op de ontwikkeling naar een meer groene organisatie. Daarnaast heeft het Werkplein, mede door de gevolgen van corona, te maken met een grotere groep inwoners, die behoefte heeft aan ondersteuning van het Werkplein. Wij verwachten van het Werkplein dat zij een goede balans weet te vinden tussen de inzet op de vergroening van haar organisatie als op de ondersteuning aan onze inwoners.
8. De koerswijziging van het Werkplein naar een groene organisatie vraagt om een flinke investering (zowel personele inzet als financiële middelen). We verwachten van het Werkplein dat zij inzicht geeft in het maatschappelijk effect van deze koerswijziging. 9. Binnen de vergroening van de organisatie wordt uitgegaan van vertrouwen. Wij verwachten van het Werkplein dat zij inspeelt op de beheersbare risico’s van uitgaan van vertrouwen en een evenwicht ( hoe broos ook) weet te vinden in het geven van vertrouwen en voorkomen dat de positie van inwoners verslechterd als gevolg van (on) bewuste fraude. 10. De verhouding tussen het aantal werkplekken en het aantal personeelsleden kan efficienter. Wij verwachten van het Werkplein dat zij in haar begroting van 2023 aangeeft op welke manier deze efficiency slag gaat realiseren. 11. Tenslotte: de raad gaat er vanuit dat het bestuur de begroting vaststelt met
inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd, met daarbij een verantwoording aan welke onderdelen van zijn zienswijze is tegemoetgekomen en aan welke onderdelen niet en waarom.