CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Vergelijking wetsvoorstel Wgr.pdf

Gemeenteraad 22 april 2021, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 10: Evaluatie Nota verbonden partijen1.692 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BIJLAGE 6: VERGELIJKING MET WETSVOORSTEL WIJZIGING WGR In deze bijlage wordt onderzocht wat voor impact de voorgenomen wijziging van de Wgr op de nota kan hebben. Wellicht worden een aantal van de bevindingen van het onderzoek (deels) ondervangen door deze wetswijziging.

VOORGESCHIEDENIS Op 29 juni 2018 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties aangekondigd met een voorstel tot wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) te komen. Na de fase van internetconsultatie (26 augustus tot 12 oktober 2019) heeft de ministerraad er op 10 januari 2020 mee ingestemd het wetsvoorstel voor advies aan de Raad van State te zenden. Op 1 juli 2020 is de definitieve tekst van het wetsvoorstel, samen met het advies van de Raad van State aan de Tweede Kamer aangeboden. Behandeling van het wetsvoorstel volgt in het najaar van 2020. Het doel van het wetsvoorstel is de democratische legitimiteit van gemeenschappelijke regelingen te versterken, onder meer door het vergroten van de controlerende en kaderstellende rol van de gemeenteraden. Bij deze evaluatie kan daarom slechts beperkt rekening worden gehouden met de voorgenomen wijzigingen. In het uiteindelijke raadsvoorstel ter vaststelling van deze evaluatie zullen de voorgenomen wijzigingen worden verwerkt. Desondanks worden kort de belangrijkste elementen toegelicht.

UITGANGSPUNT WETSVOORSTEL Het wetsvoorstel bevat enerzijds nieuwe bevoegdheden voor gemeenteraden en anderzijds verplichtingen om in een gemeenschappelijke regeling (GR) afspraken te maken over bepaalde onderwerpen. De nieuwe wet verplicht de deelnemers om bepaalde onderwerpen te regelen in de GR maar laat partijen vrij in de keuze waaróp zij deze dingen regelen. Op deze manier ontstaat meer bewustzijn bij de raden en is er tegelijkertijd ruimte voor maatwerk per regeling.

BELANGRIJKSTE WIJZIGINGSVOORSTELLEN OP EEN RIJ Hieronder volgen de belangrijkste wijzigingen van de Wgr met daarbij een korte toelichting: 1. Invoering zienswijze procedure bij treffen regeling: de raden krijgen het recht bij het treffen van een regeling door colleges en/of burgemeesters een zienswijze naar voren te brengen op de ontwerpregeling. Burgemeester en colleges dienen schriftelijk en gemotiveerd te reageren op deze zienswijze. 2. Verplichting om in de GR afspraken te maken over besluiten die voor een zienswijze worden voorgelegd aan de raden van de deelnemers: op dit moment bestaat alleen een verplichte zienswijzeprocedure bij de begroting maar het is mogelijk om de procedure ook bij andere besluiten toe te passen. In de nieuwe Wgr is het verplicht om iets te regelen over de zienswijzeprocedure.

3. Mogelijkheid regionale gemeenschappelijke raadscommissie in te stellen bij een openbaar lichaam: de raden gezamenlijk kunnen het voorstel doen een dergelijke commissie in te stellen, het algemeen bestuur is vervolgens verplicht de commissie in te stellen. Taak van de commissie is het adviseren van het bestuur van de GR en het voorbereiden van de besluitvorming van de raden. 4. Meer mogelijkheden samenstelling bestuur openbaar lichaam: bij een collegeregeling kunnen de deelnemers ervoor kiezen ook raadsleden in het algemeen bestuur te benoemen. 5. Mogelijkheid tot participatie (inspraak) bij besluiten GR: in de regeling moet een bepaling staan over het al dan niet toepassen van participatie. 6. Opnemen van een actieve informatieplicht: het bestuur van een GR krijgt een actieve informatieplicht richting raden over alles wat in de GR speelt. De regeling moet een bepaling bevatten over de wijze van verstrekking van deze informatie. 7. Introductie gemeenschappelijk recht van enquête: als sprake is van unanimiteit onder de raden, dan kunnen zij een gemeenschappelijke enquêtecommissie instellen in de vorm van een gemeenschappelijk orgaan. Deze commissie kan onderzoek doen naar eventuele missstanden bij een GR als geheel. 8.

Verduidelijking van de controle mogelijkheid van rekenkamers: omdat onder de huidige wet onduidelijk is of lokale en gemeenschappelijke rekenkamers onderzoek kunnen doen naar het gevoerde bestuur binnen een GR, volgt op dit punt een verduidelijking. 9. Extra vergoeding lidmaatschap nieuwe gemeenschappelijke commissies: het is mogelijk om een extra vergoeding in te stellen voor raadsleden die lid zijn van een gemeenschappelijke raadscommissie of onderzoekscommissie. 10. Afspraken over evaluatie in de GR: het is verplicht in de GR afspraken op te nemen over het evalueren van de GR. De inhoud van deze afspraken is ter vrije invulling van de deelnemers. Desgewenst is het mogelijk af te zien van evaluatie en dat in de GR te vermelden. 11. Aanpassen regels uittreden uit een GR: in de GR moeten afspraken worden gemaakt over de uittreedvoorwaarden, het is niet meer mogelijk te volstaan met een bepaling dat het algemeen bestuur de gevolgen van uittreding regelt. Deze verplichting gaat ook gelden voor tijdelijke regelingen. 12. Veranderingen in de begrotingscyclus: er komt een aanpassing van de termijnen voor het indienen van de kadernota, de ontwerpbegroting en de begroting. Hierdoor sluit de begrotingscyclus van gemeenschappelijke regelingen beter aan op die van gemeenten.

Door deze betere afstemming is het voor de gemeenteraden makkelijker om te overzien wat de gevolgen zijn van uitgaven in een GR op de begroting van de eigen gemeente.

WAT BETEKENT DIT VOOR DE NOTA? Hieronder wordt puntsgewijs aangegeven hoe een verbinding gemaakt kan worden tussen de evaluatie van de nota verbonden partijen en het voorstel voor wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen: 1. De invoering van een zienswijze procedure bij het treffen van een regeling door colleges en/of burgemeesters, betekent dat de raden meer invloed krijgen. Burgemeester en colleges dienen schriftelijk en gemotiveerd te reageren op deze zienswijze.

2. De verplichting om in de GR afspraken te maken over besluiten die voor een zienswijze worden voorgelegd aan de raden van de deelnemer betekent ook dat de raden meer invloed krijgen. op dit moment bestaat alleen een verplichte zienswijzeprocedure bij de begroting maar het is mogelijk om de procedure ook bij andere besluiten toe te passen. In de nieuwe Wgr is het verplicht om iets te regelen over de zienswijzeprocedure. 3. De mogelijkheid om een regionale gemeenschappelijke raadscommissie in te stellen bij een openbaar lichaam vergroot wederom de invloed van de raden. In de evaluatie bleek dat het intergemeentelijk samenwerken op het onderwerp verbonden partijen in de regio West-Brabant een groeimodel is. Deze regionale raadscommissie met als taak het adviseren van het bestuur van de GR en het voorbereiden van de besluitvorming van de raden kan hieraan een impuls geven. Overigens adviseert de griffierskring in haar reactie op de internetconsultatie d.d. 10 oktober 2019 terecht geen raadscommissie in te stellen voor een regeling die uitsluitend door raden is opgericht. Zo ontstaat immers een dubbelrol voor de raadsleden die zowel in het algemeen bestuur als in de raadscommissie zitting hebben. 4. Meer mogelijkheden samenstelling bestuur openbaar lichaam: bij een collegeregeling kunnen de deelnemers ervoor kiezen ook raadsleden in het algemeen bestuur te benoemen.

Op zich versterkt dit de directe betrokkenheid van gemeenteraden en zorgt ervoor dat de aangewezen gemeenteraadsleden het dagelijks bestuur directer kunnen controleren. Echter het zitting laten nemen van raadsleden in een algemeen bestuur is strijdig met de taakverdeling tussen gemeenteraad en college zoals deze is opgenomen in de Gemeentewet. Daarom heeft de griffierskring in haar reactie d.d. 10 oktober 2019 op de internetconsultatie ervoor gepleit om raadsleden geen zitting te laten nemen in een algemeen bestuur. Immers wanneer raadsleden wel zitting zouden nemen in een algemeen bestuur, stellen zij als lid van hun gemeenteraad kaders die ze zelf als lid van het algemeen bestuur mee moeten uitvoeren. Tevens moeten ze als lid van hun gemeenteraad zichzelf controleren over het door henzelf in het algemeen bestuur gevoerde bestuur. De vraag is of dit onderdeel van het wetsvoorstel in de definitieve versie gehandhaafd blijft. 5. Mogelijkheid tot participatie (inspraak) bij besluiten GR: in de regeling moet een bepaling staan over het al dan niet toepassen van participatie. Dit voorstel lijkt goed overeen te komen met de uitkomsten van de evaluatie. Immers, de deelnemers geven aan graag meer aan de voorkant invloed te willen hebben op verbonden partijen. 6. Opnemen van een actieve informatieplicht.

Dit onderdeel is in West-Brabant reeds actief opgepakt door het vaststellen van de nota verbonden partijen. Deze praktijk wordt nu meer gemeengoed doordat het ook wordt opgenomen in de Wgr. Deze toevoegingen leiden dan ook tot het versterken van de informatiepositie van de raad. 7. Introductie gemeenschappelijk recht van enquête. Ook dit lijkt in het licht van deze evaluatie een nuttig toevoeging. Raden geven aan graag meer inzicht te willen hebben in de activiteiten en effectiviteit van verbonden partijen. Een recht van enquête is een, zij het zwaar, instrument om dit te meten. 8. Verduidelijking van de controle mogelijkheid van rekenkamers. Voor dit onderdeel geldt hetzelfde als voor het vorige. Dit draagt eveneens bij aan het vergroten van de invloed van deelnemers op verbonden partijen.

9. Extra vergoeding lidmaatschap nieuwe gemeenschappelijke commissies. In de evaluatie is meermalen aangegeven dat de belasting van raadsleden zwaar is. Het lijkt dan ook logisch dat tegenover een lastenverzwaring indien een raadslid deel gaat uitmaken van een gemeenschappelijke commissie, een vergoeding staat. Dit draagt bij aan de professionalisering van het raadslidmaatschap. Ook dit onderdeel van het wetsvoorstel ligt in de lijn van de uitkomsten van deze evaluatie. 10. Afspraken over evaluatie in de GR. De uitkomsten van de evaluatie duiden maken heel duidelijk dat evaluatie van verbonden partijen een breed gedragen wens is. Het is alleen maar goed als dit een wettelijke verankering krijgt. De inhoud van deze afspraken is ter vrije invulling van de deelnemers; hiervoor kan de nota verbonden partijen worden gebruikt. 11. Aanpassen regels uittreden uit een GR: in de GR moeten afspraken worden gemaakt over de uittreedvoorwaarden, het is niet meer mogelijk te volstaan met een bepaling dat het algemeen bestuur de gevolgen van uittreding regelt. Ook deze toevoeging sluit aan bij de evaluatie. Bij de evaluatie van spelregel 1 wordt namelijk reeds gepleit over het opstellen van een checklist met regels voor uittreding. 12. Veranderingen in de begrotingscyclus: er komt een aanpassing van de termijnen voor het indienen van de kadernota, de ontwerpbegroting en de begroting.

In de reactie van de griffierskring op de Internetconsultatie wordt op deze voorstellen uitgebreid ingegaan. De griffierskring constateert dat deze aanpassingen wellicht een verbetering lijken, maar dit in de praktijk nauwelijks zijn. De griffierskring adviseert daarom aan te sluiten bij de termijnen zoals nu opgenomen in de nota verbonden partijen. Ook dit lijkt voor deze evaluatie werkbaar. De termijnen zijn namelijk in deze evaluatie nauwelijks punt van kritiek.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/487/documents/14725