bijlage 3; Reactie op ingebrachte zienswijzen.pdf
Tekst van het document
Commentaarnota zienswijzen GR Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten regio West-Brabant Gemeente
Zienswijze raad
Reactie op zienswijze
Alphen-Chaam
Geen zienswijzen ingediend
n.v.t.
Altena
Geen zienswijzen ingediend
n.v.t.
Baarle-Nassau
Geen zienswijzen ingediend
n.v.t.
Bergen op Zoom
Geen zienswijzen ingediend
n.v.t.
Breda
Artikel 25, eerste lid (burgerparticipatie) luidt: Bij besluitvorming op grond van deze regeling wordt geen gebruik gemaakt van (burger)participatie.
Het voorstel wordt overgenomen en artikel 25 wordt gewijzigd.
Aandachtspunt: Dit artikel voldoet niet aan het bepaalde in artikel 10, zevende lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Het is wettelijk niet mogelijk om te bepalen dat participatie niet mogelijk is. Ook op regionaal niveau moeten inwoners in de gelegenheid worden gesteld om hun mening over beleid of de uitvoering daarvan kenbaar te kunnen maken. Burgerparticipatie moet in gemeenschappelijke regelingen een vaste plek krijgen. Voorgesteld wordt om het artikel in overeenstemming te
Hoewel de nieuwe bepaling aan de Wet gemeenschappelijke regelingen voldoet, bestaat er binnen het bestuur van de regeling de wens om te bezien of burgerparticipatie op een andere wijze binnen het Regionaal Bureau Leren kan worden vormgegeven. Dit wordt komend jaar verder vormgegeven voor 2 bestuurders in overleg met het RBL. De uitwerking hiervan zal worden meegenomen in de aangepaste tekst die naar aanleiding van de doorontwikkeling zal worden opgesteld.
Verwerking in gemeenschappelijke regeling
Artikel 25 wordt gewijzigd in: Artikel 25 Burgerparticipatie Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen via reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid in het kader van deze regeling.
1
brengen met het bepaalde in artikel 10, zevende lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Drimmelen
Het ambtelijk advies is om de raad voor te stellen een zienswijze af te geven. In die zienswijze wordt de RBL: ex artikel lid 5 en 6 van de Wgr gevraagd om in de regeling een bepaling op te nemen waarin de raden een zienswijze naar voren kunnen brengen over bestuursbesluiten met een aanzienlijk financieel belang, politiek gevoelige bestuursbesluiten en bestuursbesluiten over meerjarenbeleidsplannen en tussentijdse wijzigingen hiervan;
Het voorstel wordt overgenomen en verwerkt in een nieuw artikel 26.
ex artikel 9 lid 1 van de Wgr gevraagd om in de regeling een bepaling op te nemen over de voorwaarden waaronder kan worden uitgetreden, de gevolgen van uittreding waaronder de gevolgen van voor het vermogen van de rechtspersoon en de deelnemende gemeenten;
Vanwege het proces van de doortontwikkeling dat nu gaande is, is er expliciet voor gekozen om de huidige uittredingsbepaling niet te wijzigen. We beseffen dat hiermee niet volledig aan de wettelijke bepalingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen wordt voldaan.
Artikel 26 wordt gewijzigd in: Artikel 26 Zienswijzen op besluiten Naast in de wettelijk verplichte gevallen, wordt besluitvorming op grond van deze regeling aan de raden voorgelegd voor het indienen van een zienswijze bij: a. meerjarenbeleidsplannen (artikel 10, eerste lid); en b. resultaatbestemmingen (artikel 10, zevende lid), voor zover het toevoegingen aan reserves betreft.
Het streven is uiteraard om na de doorontwikkeling de gemeenschappelijke regeling zo snel mogelijk aan te passen zodat deze weer geheel aan de wet voldoet. Te zijner tijd 2
zal de aangepaste tekst van de gemeenschappelijke regeling wederom via colleges en raden met de deelnemende gemeenten worden gedeeld. ex artikel 10 lid 7 en 8 van de Wgr een bepaling op te nemen over de wijze waarop ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid worden betrokken;
Het voorstel wordt overgenomen en artikel 25 wordt gewijzigd.
ex artikel 17 lid 2 en 3 van de Wgr gevraagd om in de regeling een bepaling op te nemen dat het bestuur de raden van de deelnemende gemeenten alle inlichtingen geeft die de raden nodig hebben voor de uitoefening van hun taken.
Het voorstel wordt overgenomen en het tweede lid van artikel 7 wordt gewijzigd.
Hoewel de nieuwe bepaling aan de Wet gemeenschappelijke regelingen voldoet, bestaat er binnen het bestuur van de regeling de wens om te bezien of burgerparticipatie op een andere wijze binnen het Regionaal Bureau Leren kan worden vormgegeven. Dit wordt komend jaar verder vormgegeven voor 2 bestuurders in overleg met het RBL. De uitwerking hiervan zal worden meegenomen in de aangepaste tekst die naar aanleiding van de doorontwikkeling zal worden opgesteld.
Artikel 25 wordt gewijzigd in: Artikel 25 Burgerparticipatie Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen via reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid in het kader van deze regeling.
Artikel 7, tweede lid, wordt gewijzigd in: 2. Het gemeenschappelijk orgaan geeft de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. Deze inlichtingen zullen schriftelijk worden 3
Etten-Leur
- Zienswijze op voorgenomen besluiten Voorstel om een bepaling aan de gemeenschappelijke regeling toe te voegen die regelt dat besluiten van het gemeenschappelijk orgaan bestuur tot het vaststellen van meerjarenbeleidsplannen vooraf voor een zienswijze aan de raden voorgelegd worden.
Het voorstel wordt overgenomen en verwerkt in een nieuw artikel 26.
- Participatie (artikel 25, lid 1 GR) Voorstel: Ingezetenen van de gemeenten en belanghebbenden kunnen via reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid.
Het voorstel wordt overgenomen en artikel 25 wordt gewijzigd.
toegezonden of mondeling worden overgebracht tijdens bijeenkomsten die voor de raden worden georganiseerd. Artikel 26 wordt gewijzigd in: Artikel 26 Zienswijzen op besluiten Naast in de wettelijk verplichte gevallen, wordt besluitvorming op grond van deze regeling aan de raden voorgelegd voor het indienen van een zienswijze bij: c. meerjarenbeleidsplannen (artikel 10, eerste lid); en d. resultaatbestemmingen (artikel 10, zevende lid), voor zover het toevoegingen aan reserves betreft.
Hoewel de nieuwe bepaling aan de Wet gemeenschappelijke regelingen voldoet, bestaat er binnen het bestuur van de regeling de wens om te bezien of burgerparticipatie op een andere wijze binnen het Regionaal Bureau Leren kan worden vormgegeven. Dit wordt komend jaar verder vormgegeven voor 2 bestuurders in overleg met het RBL. De uitwerking hiervan zal worden meegenomen in de aangepaste tekst die
Artikel 25 wordt gewijzigd in: Artikel 25 Burgerparticipatie Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen via reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid in het kader van deze regeling.
4
Geertruidenberg
Geen zienswijzen ingediend
Halderberge
Geen zienswijzen ingediend. Wel zijn er kanttekeningengeplaatst bij de volgende voorgestelde wijzigingen: Volgens de wettelijke uitgangspunten moeten artikel 20 en artikel 24 concreter de voorwaarden beschrijven waaronder kan worden uitgetreden. Vanwege de huidige situatie rondom de Doorontwikkeling GR is ervoor gekozen dit artikel nu inhoudelijk niet aan te passen. Hiermee voldoet de GR niet geheel aan de nieuwe Wgr.
In artikel 10 ontbreekt de schakel in de procedure van de vaststelling van de begroting uit artikel 35, vierde lid, Wgr. Onder de nieuwe Wgr is het niet meer voldoende dat zienswijzen worden opgehaald bij de raden van de deelnemende gemeenten, maar ook dat
naar aanleiding van de doorontwikkeling zal worden opgesteld. n.v.t. Vanwege het proces van de doortontwikkeling dat nu gaande is, is er expliciet voor gekozen om de huidige uittredingsbepaling niet te wijzigen. We beseffen dat hiermee niet volledig aan de wettelijke bepalingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen wordt voldaan. Het streven is uiteraard om na de doorontwikkeling de gemeenschappelijke regeling zo snel mogelijk aan te passen zodat deze weer geheel aan de wet voldoet. Te zijner tijd zal de aangepaste tekst van de gemeenschappelijke regeling wederom via colleges en raden met de deelnemende gemeenten worden gedeeld. Het voorstel wordt overgenomen en het vijfde lid van artikel 10 wordt gewijzigd.
Artikel 10, vijfde lid, wordt gewijzigd in: 5. De raden van de deelnemende gemeenten kunnen bij het gemeenschappelijk orgaan hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren brengen. Het bestuur van 5
wordt teruggekoppeld wat met deze zienswijzen wordt gedaan.
Moerdijk
het gemeenschappelijk orgaan stelt de betreffende raden schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijzen.
- Actuele informatieplicht (artikel 17, lid 2 en 3 Wgr)-> Het college van burgemeester en wethouders stelt voor de tekst van artikel 7 lid 2 te vervangen door de volgende tekst: 2. Het gemeenschappelijk orgaan geeft de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. Deze inlichtingen zullen schriftelijk worden toegezonden of mondeling worden overgebracht tijdens bijeenkomsten die voor de raden worden georganiseerd.
Het voorstel wordt overgenomen en het tweede lid van artikel 7 wordt gewijzigd.
- Extra zienswijzen (artikel 10, lid 5 en 6 Wgr) -> Het college van burgemeester en wethouders stelt voor artikel 25, lid 2 te laten vervallen en een nieuw artikel 26 toe te voegen met de volgende tekst: Artikel 26 Zienswijzen op besluiten Naast in de wettelijk verplichte gevallen, dient besluitvorming op grond van deze regeling aan de raden voorgelegd te worden voor het indienen van een
Het voorstel wordt overgenomen en verwerkt in een nieuw artikel 26.
Artikel 7, tweede lid, wordt gewijzigd in: 2. Het gemeenschappelijk orgaan geeft de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. Deze inlichtingen zullen schriftelijk worden toegezonden of mondeling worden overgebracht tijdens bijeenkomsten die voor de raden worden georganiseerd.
Artikel 26 wordt gewijzigd in: Artikel 26 Zienswijzen op besluiten Naast in de wettelijk verplichte gevallen, wordt besluitvorming op grond van deze regeling aan de raden voorgelegd voor het indienen van een zienswijze bij: a. meerjarenbeleidsplannen (artikel 10, eerste lid); en
6
Oosterhout
zienswijze bij: a. meerjarenbeleidsplannen (art. 10 lid 1); en b. de resultaatbestemmingen (art. 10 lid 7), voor zover het toevoegingen aan reserves betreft. Het college stelt daarom ook voor de aanhef van artikel 25 “Burgerparticipatie en zienswijzen op besluiten” te wijzigingen in “Burgerparticipatie”. - Zorg dat de regeling zo snel als mogelijk aan de wet voldoet en koppel dit terug aan de deelnemende gemeenten
- Geef een ruimere invulling in de regeling aan (burger)participatie en de zienswijzemogelijkheid -> raden moeten ook op andere besluiten een zienswijze kunnen uitbrengen, zoals op een meerjarenbeleidsplan of op de besluiten die volgen uit het ontwikkelingstraject waarin de RBL zich momenteel bevindt
b. resultaatbestemmingen (artikel 10, zevende lid), voor zover het toevoegingen aan reserves betreft.
Het streven is uiteraard om na de doorontwikkeling de gemeenschappelijke regeling zo snel mogelijk aan te passen zodat deze weer geheel aan de wet te voldoen. Te zijner tijd zal de aangepaste tekst van de gemeenschappelijke regeling wederom via colleges en raden met de deelnemende gemeenten worden gedeeld. Het voorstel wordt overgenomen en verwerkt. Artikel 25 wordt aangepast en er wordt een nieuw artikel 26 ingevoegd. Hoewel de nieuwe bepaling aan de Wet gemeenschappelijke regelingen voldoet, bestaat er binnen het bestuur van de regeling de wens om te bezien of burgerparticipatie op een andere wijze binnen het Regionaal Bureau Leren kan
Artikel 25 wordt gewijzigd in: Artikel 25 Burgerparticipatie Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen via reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid in het kader van deze regeling. 7
worden vormgegeven. Dit wordt komend jaar verder vormgegeven voor 2 bestuurders in overleg met het RBL. De uitwerking hiervan zal worden meegenomen in de aangepaste tekst die naar aanleiding van de doorontwikkeling zal worden opgesteld.
- Publiceer relevante besluiten op een manier die voor alle (inwoners van) deelnemende gemeenten toegankelijk is.
Artikel 26 wordt gewijzigd in: Artikel 26 Zienswijzen op besluiten Naast in de wettelijk verplichte gevallen, wordt besluitvorming op grond van deze regeling aan de raden voorgelegd voor het indienen van een zienswijze bij: a. meerjarenbeleidsplannen (artikel 10, eerste lid); en b. resultaatbestemmingen (artikel 10, zevende lid), voor zover het toevoegingen aan reserves betreft.
Het is wettelijk verplicht om (wijzigingen van) gemeenschappelijke regelingen bekend te maken in het gemeenteblad van de gemeente die daartoe is aangewezen. In dit geval is dat Breda. Het is mogelijk om bij de verwerking van bekendmakingen zogeheten gebiedsmarkeringen toe te voegen zodat via ‘Berichten over uw buurt’ ook inwoners van de andere deelnemende gemeenten een bericht over de bekendmaking ontvangen. Wij zullen burgemeester en wethouders van Breda verzoeken om deze gebiedsmarkeringen toe te voegen aan bekendmakingen van (wijzigingen van) de gemeenschappelijke regeling.
8
Roosendaal
- Actuele informatieplicht (artikel 17, lid 2 en 3 Wgr) -> De raad is van mening dat deze tekst (art 6 lid 2) geen betrekking heeft op de actuele informatieplicht. Als een extra bijdrage van de deelnemende gemeenten wordt gevraagd moet dit altijd voor een zienswijze worden voorgelegd aan de raden. De raad stelt voor de tekst van artikel 6 lid 2 te vervangen door de volgende tekst: 2. Het gemeenschappelijk orgaan geeft de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. Deze inlichtingen zullen schriftelijk worden toegezonden of mondeling worden overgebracht tijden bijeenkomsten die voor de raden worden georganiseerd. - Participatie (artikel 25 lid 1)-> De raad stelt voor ten aanzien van participatie de tekst te vervangen door: Ingezetenen van de gemeenten en belanghebbenden kunnen via reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid.
Het voorstel wordt overgenomen en het tweede lid van artikel 7 wordt gewijzigd. Abusievelijk is in de zienswijze artikel 6 genoemd, waar artikel 7 werd bedoeld.
Het voorstel wordt overgenomen en artikel 25 wordt gewijzigd. Hoewel de nieuwe bepaling aan de Wet gemeenschappelijke regelingen voldoet, bestaat er binnen het bestuur van de regeling de wens om te bezien of burgerparticipatie op een andere wijze binnen het Regionaal Bureau Leren kan worden vormgegeven. Dit wordt komend jaar verder vormgegeven voor 2 bestuurders in overleg met het RBL. De uitwerking hiervan zal worden
Artikel 7, tweede lid, wordt gewijzigd in: 2. Het gemeenschappelijk orgaan geeft de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. Deze inlichtingen zullen schriftelijk worden toegezonden of mondeling worden overgebracht tijdens bijeenkomsten die voor de raden worden georganiseerd.
Artikel 25 wordt gewijzigd in: Artikel 25 Burgerparticipatie Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen via reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid in het kader van deze regeling.
9
meegenomen in de aangepaste tekst die naar aanleiding van de doorontwikkeling zal worden opgesteld. Het voorstel wordt overgenomen en verwerkt in een nieuw artikel 26.
Rucphen
- Extra zienswijzen (artikel 10, lid 5 en 6 Wgr)-> De raad stelt voor artikel 25, lid 2 te laten vervallen en een nieuw artikel toe te voegen met de volgende tekst: Artikel 26 Zienswijzen op besluiten 1. Het college van burgemeesters en wethouders van de gemeente Roosendaal stelt voor om meerjarenbeleidsplannen (art. 10, lid 1) voor te leggen aan de gemeenteraad voor een zienswijze. 2. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal stelt voor om resultaatbestemmingen (art. 10, lid 7), voor zover het toevoegingen aan reserves betreft, voor te leggen aan de gemeenteraad voor een zienswijze. Geen zienswijzen ingediend
Steenbergen
Geen zienswijzen ingediend
n.v.t.
Woensdrecht
Geen zienswijzen ingediend.
Het voorstel wordt overgenomen en artikel 25 wordt gewijzigd.
Wel een aantal kanttekeningen: Wij verzoeken u expliciet in de regeling op te nemen hoe invulling gegeven wordt aan burgerparticipatie.
Artikel 26 wordt gewijzigd in: Artikel 26 Zienswijzen op besluiten Naast in de wettelijk verplichte gevallen, wordt besluitvorming op grond van deze regeling aan de raden voorgelegd voor het indienen van een zienswijze bij: a. meerjarenbeleidsplannen (artikel 10, eerste lid); en b. resultaatbestemmingen (artikel 10, zevende lid), voor zover het toevoegingen aan reserves betreft.
n.v.t.
Hoewel de nieuwe bepaling aan de Wet gemeenschappelijke regelingen voldoet, bestaat er binnen het bestuur van de regeling de wens om te bezien of
Artikel 25 wordt gewijzigd in: Artikel 25 Burgerparticipatie Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen via reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten 10
Uit een oogpunt van transparantie en een deugdelijk juridisch verloop verzoeken we u om te kiezen voor een wijzigingsbesluit opdat de regeling zelf in stand blijft waarbij duidelijk wordt aangegeven dat hier sprake is van een herziene tekst. Dit kan door bijvoorbeeld toevoeging van de versie of toevoeging van het jaar 2024. Het is evident dat hier geen nieuwe GR wordt opgericht, maar dat zou ook uit de tekst moeten blijken. Zundert
Actieve informatieplicht (artikel 17, lid 2 en 3 Wet gemeenschappelijke regelingen): In de regeling moet een bepaling worden opgenomen over de wijze waarop de raden de inlichtingen krijgen die zij nodig hebben. Als een extra bijdrage van de deelnemende gemeenten wordt gevraagd moet dit altijd voor een zienswijze worden voorgelegd aan de
burgerparticipatie op een andere wijze binnen het Regionaal Bureau Leren kan worden vormgegeven. Dit wordt komend jaar verder vormgegeven voor 2 bestuurders in overleg met het RBL. De uitwerking hiervan zal worden meegenomen in de aangepaste tekst die naar aanleiding van de doorontwikkeling zal worden opgesteld. Aan dit verzoek wordt gehoor gegeven.
betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid in het kader van deze regeling.
In de aanhef wordt aangegeven dat de regeling gewijzigd wordt vastgesteld. Artikel 26 (intrekking) komt hiermee te vervallen. Dit artikel wordt naar aanleidingen van zienswijzen van andere raden gewijzigd in een artikel dat handelt over zienswijzen. Zie elders in dit document.
Het voorstel wordt overgenomen en het tweede lid van artikel 7 wordt gewijzigd.
Artikel 7, tweede lid, wordt gewijzigd in: 2. Het gemeenschappelijk orgaan geeft de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. Deze inlichtingen zullen schriftelijk worden toegezonden of mondeling worden overgebracht tijdens bijeenkomsten
11
raden. Daarom stellen wij voor de tekst van artikel 7 lid 2 te vervangen door de volgende tekst: Het gemeenschappelijk orgaan geeft de raden alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. Deze inlichtingen zullen schriftelijk worden toegezonden of mondeling worden overgebracht tijdens bijeenkomsten die voor de raden worden georganiseerd. Extra zienswijzen (artikel 10, lid 5 en 6 Wet gemeenschappelijke regelingen): In de regeling moet een bepaling worden opgenomen over besluiten waarover de raden voorafgaand een zienswijze naar voren kunnen brengen. In artikel 25 lid 2 is opgenomen dat het indienen van een zienswijze alleen mogelijk is in de wettelijk verplichte gevallen. Wij stellen voor deze bepaling te laten vervallen en een nieuw artikel toe te voegen waarin wordt geregeld dat meerjarenbeleidsplannen (artikel 10, lid 1 ontwerpwijziging) worden voorgelegd aan de gemeenteraad voor een zienswijze en tevens dat resultaatbestemmingen (artikel 10, lid 7 ontwerpwijziging), voor zover het toevoegingen aan reserves betreft,
die voor de raden worden georganiseerd.
Het voorstel wordt overgenomen en verwerkt in een nieuw artikel 26.
Artikel 26 wordt gewijzigd in: Artikel 26 Zienswijzen op besluiten Naast in de wettelijk verplichte gevallen, wordt besluitvorming op grond van deze regeling aan de raden voorgelegd voor het indienen van een zienswijze bij: a. meerjarenbeleidsplannen (artikel 10, eerste lid); en b. resultaatbestemmingen (artikel 10, zevende lid), voor zover het toevoegingen aan reserves betreft.
12
worden voorgelegd aan de gemeenteraad voor een zienswijze. Participatie (artikel 10 lid 7 Wet gemeenschappelijke regelingen): Wij hebben geconstateerd dat aan de verplichting om invulling te geven aan participatie zoals voorgeschreven in artikel 10 lid 7 Wet gemeenschappelijke regelingen, in artikel 25 lid 1 van de ontwerpwijziging niet de juiste invulling is gegeven.
Het voorstel wordt overgenomen en artikel 25 wordt gewijzigd. Hoewel de nieuwe bepaling aan de Wet gemeenschappelijke regelingen voldoet, bestaat er binnen het bestuur van de regeling de wens om te bezien of burgerparticipatie op een andere wijze binnen het Regionaal Bureau Leren kan worden vormgegeven. Dit wordt komend jaar verder vormgegeven voor 2 bestuurders in overleg met het RBL. De uitwerking hiervan zal worden meegenomen in de aangepaste tekst die naar aanleiding van de doorontwikkeling zal worden opgesteld.
Artikel 25 wordt gewijzigd in: Artikel 25 Burgerparticipatie Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden kunnen via reguliere procedures bij de colleges en de raden van de gemeenten betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid in het kader van deze regeling.
13