Bijlage 1 samenvatting jaarstukken WVS.pdf
Tekst van het document
Bijlage 1: Samenvatting jaarstukken van WVS: Jaarrekening 2020: De jaarrekening 2020 is door de accountant gecontroleerd voorzien van een ongeclausuleerde goedkeurende verklaring. De jaarrekening 2020 sluit met een voordelig exploitatieresultaat van € 4.136.000 (in 2019 was het resultaat € 2.601.000 positief). Het positieve resultaat is vooral te danken aan niet-bedrijfsvoeringsgerelateerde zaken. Hierbij moet worden gedacht aan de onderrealisatie SW als gevolg van een hogere uitstroom, de hogere rijksbijdrage Wsw per SE over 2020 en de toegekende compensatie van het Rijk voor de gevolgen van de Covid 19 pandemie. Een toelichting volgt hierna. Het totale resultaat van WVS komt tot stand uit drie hoofdactiviteiten: • Het subsidieresultaat. • Het operationeel resultaat. • De incidentele baten en lasten. Het subsidieresultaat Het subsidieresultaat (de rijkssubsidie Wsw minus de personeelskosten Wsw) was in 2020 € 3.483.000 voordeliger dan begroot. Het subsidieresultaat is met name positief beïnvloed door de hogere rijksbijdrage Wsw per SE als gevolg van een herverdeling van het macrobudget die positief uitviel door een hogere uitstroom landelijk dan in de ramingen meegenomen. Het operationeel resultaat: Het operationeel resultaat is € 3.487.000 lager dan begroot. Dit is met name te wijten aan: • de hogere uitstroom in de SW in 2020; • de Covid 19 pandemie.
Deze pandemie heeft met name forse gevolgen bij de Detacheringen (er zijn veel detacheringscontracten ‘on hold’ gezet als gevolg van de pandemie) en bij de Industrie (met name als gevolg van problemen in de aanvoer van producten uit het buitenland). Daar waar mogelijk werden medewerkers tijdelijk bij andere bedrijfsonderdelen ingezet. • Als gevolg van de pandemie moesten met name de risicogroepen tijdelijk thuis blijven. Anderzijds was het druk bij de trappenafdeling van WVS Industrie Bergen op Zoom als gevolg van de gestegen vraag naar huishoudtrappen en ook bij de post- en pakketbezorging was het heel druk. Voor het opvangen van de piekdrukten heeft inzet van uitzendkrachten plaatsgevonden. • een lagere toegevoegde waarde: de toegevoegde waarde is in 2020 € 1.183.000 lager dan begroot. In verband met de Covid 19 pandemie zijn in 2020 veel minder leerwerktrajecten gestart en vonden plaatsingen van beschut werkers pas later in het jaar plaats. Het tekort op de begrote begeleidingsvergoeding beschut werk is € 378.000. Aan vergoedingen voor leerwerktrajecten is € 270.000 minder ontvangen. Het totale verlies aan omzet en extra kosten (onder meer voor werkplekaanpassingen) als gevolg van de Covid 19 pandemie bedraagt over 2020 2,6 miljoen euro. De incidentele baten en lasten: De incidentele baten en lasten bedroegen in 2020 € 4.740.000 positief .
De voornaamste incidentele meevallers zijn: • de door het Rijk toegekende compensatie voor de gevolgen van Covid 19 van in totaal € 3.880.000; • de meevaller als gevolg van de onderrealisatie SW als gevolg van een hogere uitstroom (€ 527.000). Bij de incidentele baten en lasten is tevens rekening gehouden met de extra kosten ten behoeve van de implementatie van het nieuwe automatiseringssysteem Afas (€ 300.000,-). Deze zijn gedekt door de vrijval van de bestemmingsreserve. Het DB van WVS stelt voor om: a. ten laste van het voordelig saldo een bedrag van € 2.000.000 toe te voegen aan de algemene reserve (en aan te wenden voor de exploitatie 2021 zoals eerder besloten); b. ten laste van het voordelig saldo een bedrag van € 1.880.000 toe te voegen aan de algemene reserve (restant compensatie Covid 19);
c. ten laste van het voordelig saldo een bedrag van € 50.000 te reserveren in een bestemmingsreserve ‘viering 50 jaar WVS’; d. ten laste van het voordelig saldo een bedrag van € 206.000 uit te betalen aan de deelnemende gemeenten naar rato van het aantal Wsw-werknemers dat uit iedere gemeente afkomstig is per 1 januari 2019; e. een bedrag van € 2.336.000 (bestemmingsreserve compensatie transitievergoedingen) uit te betalen aan de deelnemende gemeenten naar rato van het aantal Wsw-werknemers dat uit iedere gemeente afkomstig is per 1 januari 2019. Als onderbouwing voor deze voorstellen geldt het volgende: Met betrekking tot het gestelde onder a.: Bij de vaststelling van de herziene begroting 2021 is besloten om ten laste van het resultaat 2020 een bedrag van 2 miljoen euro (een deel van de Covid 19 compensatie) te reserveren en dit bedrag aan te wenden voor de exploitatie van 2021. De gemeentelijke bijdrage in de herziene begroting 2021 is hiermee eenmalig met 2 miljoen euro verlaagd. Met betrekking tot het gestelde onder b.: De resultaten tot en met februari 2021 laten bij WVS, als gevolg van Covid 19, eenzelfde patroon zien als over het jaar 2020. De omzet, met name bij Detacheringen en Industrie, staat fors onder druk en WVS wordt nog steeds geconfronteerd met extra kosten en verliezen als gevolg van de pandemie.
Begin 2021 is WVS qua aantal besmettingen onder de medewerkers harder geraakt dan tijdens de 1e en de 2e golf in 2020. De gevolgen hiervan zijn nu niet te overzien. Of er in 2021 opnieuw een compensatie wordt toegekend door het Rijk zal pas bekend zijn bij de publicatie van de meicirculaire. Gelet op de uiterst onzekere situatie wordt voorgesteld om het restant van de in 2020 toegekende compensatie Covid 19 van € 1.880.000 toe te voegen aan de algemene reserve. Bij de besluitvorming binnen het AB op 12 juli aanstaande zal vanuit de gemeente Halderberge worden aangegeven dat bij de jaarrekening 2021 een eventueel restant van deze middelen terug moet vloeien naar de gemeenten. Met betrekking tot het gestelde onder c. In 2024 bestaat WVS officieel 50 jaar. Het ligt in de bedoeling om hier in 2024 op gepaste wijze bij stil te staan bij. Hierbij wordt gedacht aan het organiseren van een speciaal seminar waarvoor ook landelijke prominenten kunnen worden uitgenodigd, alsmede het organiseren van (feestelijke) evenementen voor relaties / opdrachtgevers en de eigen medewerkers. Vanaf de jaarrekening 2018 is besloten om jaarlijks (tot en met 2023) een bedrag van € 50.000 te reserveren ten laste van het resultaat zodat hiervoor in 2024 voldoende middelen beschikbaar zijn.
Voorgesteld wordt dan ook om ten laste van het resultaat 2020 opnieuw € 50.000 te reserveren in een bestemmingsreserve ‘Viering 50 jaar WVS’. Ter oriëntatie: op het totale werknemersbestand van WVS betekent dit een jaarlijkse reservering van plusminus € 20 per medewerker. Met betrekking tot het gestelde onder d. Na aftrek van de vorengenoemde reserveringen en bestemmingen resteert er nog een positief saldo van € 206.000. Voorgesteld wordt dit bedrag uit te keren aan de deelnemende gemeenten naar rato van het aantal Wsw-werknemers dat uit iedere gemeente afkomstig is per 1 januari 2019 (dit is conform de berekening van de gemeentelijke bijdrage 2020). In de GR WVS is met ingang van 1 januari 2021 een nieuwe verdeelsleutel afgesproken voor de gemeentelijke bijdrage. Deze nieuwe verdeling is per 1 januari 2021 van toepassing, dus voor de verdeling van het voordelig saldo 2020 geldt deze nieuwe verdeling niet. Met betrekking tot het gestelde onder e. Sinds 1 juli 2015 geldt de verplichting dat WVS, bij het beëindigen van dienstverbanden, in de meeste gevallen verplicht is een transitievergoeding te betalen aan de ex werknemer. In de meeste gevallen gaat het hierbij om ontslagen wegens langdurige ziekte. Inmiddels is bepaald dat werkgevers, als een transitievergoeding is betaald bij een ontslag wegens langdurige ziekte, deze transitievergoeding kunnen terug ontvangen van het UWV.
Aan deze compensatie is terugwerkende kracht verleend tot 1 juli 2015. In het verleden heeft WVS de betaalde transitievergoedingen gereserveerd in een bestemmingsreserve. In 2020 is door het UWV de totale compensatie transitievergoedingen 2015 2019 van € 2.336.000 aan WVS toegekend. Dit bedrag wordt bij de vaststelling van de jaarrekening 2020 betaalbaar gesteld aan de deelnemende gemeenten naar rato van het aantal Wsw-werknemers dat uit iedere gemeente afkomstig is in het jaar t-1 (1 januari 2019).
Na instemming met de besluiten zal aan onze gemeente respectievelijk € 20.582 en € 233.393 worden uitgekeerd. Dit zal worden meegenomen bij de Zomernota. Ontwerpbegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025: De ontwerpbegroting is gebaseerd op de (voorlopige) cijfers (o.a. voorlopige Participatiebudgetten) uit de mei- en septembercirculaire van 2020. De aannames voor het jaar 2022 zullen ongetwijfeld nog wijzigen. Dit zal blijken uit de mei- en september circulaire van 2021. Daarom wordt in het najaar van 2021 een herziene begroting 2022 opgesteld. De ontwerpbegroting is gebaseerd op de volgende pijlers: • een (verdere) daling van het aantal Wsw-dienstverbanden omdat door de in werking treding van de Participatiewet geen nieuwe instroom meer plaatsvindt van Wsw-dienstverbanden per 1 januari 2015; • de aan de deelnemende gemeenten toe te kennen Particpatiebudgetten / Wsw 2022 waarbij er vanuit wordt gegaan dat deze budgetten volledig aan WVS zullen worden overgemaakt.
In de begroting is uitgegaan van de gemiddelde rijksbijdrage SW van € 28.850 per arbeidsjaar (SE), inclusief de door het Rijk te verstrekken loonprijscompensatie (2,5 %); • het door het Rijk toe te kennen lage inkomens voordeel (LIV); dit is een financieel voordeel voor de loonkosten SW; • instroom van medewerkers / cliënten vanuit de Participatiewet (met behoud van uitkering en met loonkostensubsidie (ten behoeve van het groen), alsmede instroom van beschut werk conform de landelijke berekeningen); • een lichte stijging van het aantal regulier personeel omdat WVS enkele medewerkers heeft overgenomen in verband met de ontmanteling van de Stichting SamenWerken; de kosten van 2 medewerkers worden volledig vergoed en de overige extra kosten worden gedekt door de overgenomen activiteiten; voor wat betreft het regulier personeel dient ook rekening te worden gehouden met een gedeeltelijke vervanging vanwege de uitstroom van leidinggevend SW-kader, het feit dat de nieuwe instroom van beschut werkers is aangewezen op een intensievere begeleiding en de omvorming tot leerwerkbedrijf dat nieuwe taken met zich meebrengt; • de betaling van zogenaamde transitievergoedingen aan personeel met een private aanstelling, voor zover men daarop wettelijk recht heeft, alsmede de toe te kennen compensatie voor transitievergoedingen die betaald worden aan werknemers die wegens langdurige ziekte uit
dienst gaan; • een consolidatie van de omzet / toegevoegde waarde van derden; hierbij wordt rekening gehouden met een daling van het SW-personeel en een instroom van medewerkers / cliënten vanuit de Participatiewet (met behoud van uitkering en met loonkostensubsidie, alsmede beschut werkers); de gemeentelijke omzet daalt enigszins als gevolg van de uitstroom van SW-medewerkers; • een zeer behoudend investeringsbeleid en voortgaande kostenbesparingen / bezuinigingen; • in de begroting 2022 is ook een meerjarenraming t/m 2025 opgenomen; in deze meerjarenraming zijn de aantallen medewerkers / cliënten vanuit de Participatiewet gebaseerd op de aantallen die zijn opgenomen in de ketenbegroting (= gecomprimeerd overzicht van de begrotingen van de ISD Brabantse Wal, het Werkplein Hart van West-Brabant en WVS); het aantal onzekere factoren doet afbreuk aan de reële ‘waarde’ van de meerjarenramingen; • in de begroting is rekening gehouden met de betaling van transitievergoedingen tot een bedrag van € 700.000; verwacht wordt dat hiervan € 650.000 terug komt van het UWV in de vorm van compensatie transitievergoedingen. De begroting 2022 sluit met een tekort van € 8.015.000. De toename van het tekort kan volledig worden toegeschreven aan de langere termijn effecten van de Covid 19 pandemie.
Het (negatieve) resultaat van WVS moet beoordeeld worden tegen het totale financiële resultaat wat in de ketensamenwerking (met het Werkplein Hart van West-Brabant en de ISD Brabantse Wal) wordt behaald. WVS heeft zich ontwikkeld tot een leerwerkbedrijf voor de ketenpartners. Mede dankzij de activiteiten die WVS voor het Werkplein en de ISD uitvoert is in 2020 in ons werkgebied een besparing (schadelastbeperking) gerealiseerd van ruim 2 miljoen euro. Gemeentelijke bijdrage: In de begroting wordt uitgegaan van één bedrag aan gemeentelijke bijdrage. Het verlies in de onwerp-
begroting 2022 van € 8.015.000 zal gedekt moeten worden uit de gemeentelijke bijdragen. Deze bijdrage is voor 2022 € 3.634 per geplaatste Wsw-medewerker, beschut werker en participant. Voor onze gemeente is dit een totaalbedrag van € 748.573. Ketenontwikkeling WVS geeft aan dat er alles aan wordt gedaan om de verliezen zoveel mogelijk te beperken. Hierbij geldt dat de deelnemende gemeenten ook zelf kunnen bijdragen in het terugdringen van het verlies door de mogelijkheden van inbesteding optimaal te benutten en te kijken naar nog betere afstemming in de samenwerking met de deelnemende gemeenten. De uitvoering van de Participatiewet biedt bij uitstek kansen en mogelijkheden om de know how en infrastructuur van WVS optimaal te benutten (WVS inzetten als leerwerkbedrijf) en het vergroten van de kansen en mogelijkheden op betaald werk voor de mensen die zijn aangewezen op de Participatiewet. Binnen de ketensamenwerking met de ISD en het Werkplein is dit continue een punt van aandacht en wordt er volop ingezet om de ketensamenwerking zo optimaal mogelijk te maken. Zo is er intensief contact tussen partijen en wordt gekeken naar hoeveel ‘winst’ er nog te behalen is o.a. door meer kansen te benutten om mensen (bij of via WVS) in trajecten te zetten.
Door hierin slim te opereren kunnen de gemeenten, de ISD Brabantse Wal, het Werkplein Hart van West-Brabant en WVS zorgen voor het behoud van vooral laaggeschoold werk voor de (grootste) doelgroep van de Participatiewet. Coronacrisis Sinds maart 2020 is ook WVS geconfronteerd met de gevolgen van het Covid 19 virus. WVS volgt hierbij de richtlijnen op van het RIVM. Primair hierbij is de bescherming van de gezondheid van alle personen die binnen de vestigingen van WVS verblijven. WVS heeft er voor gekozen om tijdens de pandemie, zij het met veel aanpassingen en restricties, te blijven doorwerken. De medewerkers stellen dit ook op prijs omdat op deze manier voorkomen wordt dat mensen in een sociaal isolement terecht komen. In 2020 bedroeg het totale verlies aan omzet en extra kosten als gevolg van de Covid 19 pandemie 2,6 miljoen euro. Het is buitengewoon moeilijk om een reële inschatting te maken van de nog komende (financiële) gevolgen van de pandemie. Wellicht kan hierover in het najaar (wanneer de herziene begroting 2022 wordt gepresenteerd) meer over worden gezegd.