CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Brief RWB ontwerp 4e Wijziging GRRWB met bijlagen.pdf

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 13: Wijziging gemeenschappelijke regeling Regio West-Brabant (RWB)11.335 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Paragraaf 3.4 Adviescommissies, bestuurscommissies en participatie. Artikel 16 Dit artikel gaat over de instelling van adviescommissies. Zij brengen advies uit aan het strategisch be‐ raad of aan de voorzitter. In de regeling is bepaald dat er in ieder geval commissies van advies worden ingesteld voor de beleidsterreinen Economie, Arbeidsmarkt, Mobiliteit en Ruimte. Gemeenschappelijke radenadviescommissie? De gewijzigde Wgr biedt ruimte voor de instelling van een gemeenschappelijke, door raadsleden ge‐ vormde, adviescommissie. Dit nieuwe instrument heeft als doel de raden eerder te betrekken bij be‐ sluitvorming, hen met elkaar te laten overleggen en hen de mogelijkheid te geven gemeenschappelijk adviezen uit te brengen aan de gemeenschappelijke regeling of aan de raden. Het is aan gemeentera‐ den zelf om te bepalen of instelling van een adviescommissie gewenst is. In dit wijzigingsvoorstel voorziet het strategisch beraad daarom niet in instelling van een gemeenschappelijke adviescommis‐ sie. Het strategisch beraad hecht aan meer wederzijdse inhoudelijke betrokkenheid. Het strategisch be‐ raad stelt een combinatie voor van periodieke informele uitwisseling tussen de gemeenschappelijke regeling en raadsleden en de formele zienswijzeprocedures.

Wat dit laatste betreft voorziet de ge‐ meenschappelijke regeling RWB al in een zienswijzeprocedure op inhoud: het meerjarenbeleids‐ plan/actieprogramma RWB. Als aanvulling hierop staat het strategisch beraad een informeel gesprek tussen bestuurders, directie van RWB en raadsleden voor, met een minimum van 2 keer per jaar. Hierin kunnen de voortgang van de uitvoering van het actieprogramma en actuele ontwikkelingen over en weer besproken worden. Ontwerp 4e Wijziging Gemeenschappelijke regeling Regio West-Brabant, beoogde invoeringsdatum 1 juli 2024. Versie vastgesteld door het algemeen bestuur RWB op 5 juli 2023

Inbreng inwoners en belanghebbenden De wijziging van de Wgr houdt ook in dat in elke gemeenschappelijke regeling wordt beschreven of en hoe om te gaan met participatie. Of het nodig of geëigend is participatie van burgers en belang‐ hebbenden via het samenwerkingsverband te laten lopen is afhankelijk van de taken en bevoegdhe‐ den. De bevoegdheden van RWB zijn zeer beperkt en dat geldt ook voor de directe impact van de ac‐ tiviteiten van RWB op burgers en anderen. Daarom is het voorstel om op te nemen dat participatie voor burgers en anderen bij RWB niet aan de orde is. Dit is toegevoegd als artikel 17a. HOOFDSTUK 4 INLICHTINGEN EN VERANTWOORDING Artikel 19 Dit artikel regelt het verstrekken van inlichtingen en het afleggen van verantwoording van het open‐ baar lichaam RWB naar gemeenteraden. Het voorstel is dit artikel uit te breiden, waarbij met name een rol wordt weggelegd bij het strategisch beraad om de raden van de nodige informatie te voorzien en met hen het gesprek aan te gaan over de voortgang van de uitvoering van het meerjarenbeleids‐ programma en nieuwe strategisch relevante ontwikkelingen.

Voorzien wordt in: • Actief informeren van de raden over de agenda van het algemeen bestuur en de genomen besluiten; • Minimaal 2 keer per jaar de raden schriftelijk informeren over de stand van zaken realisatie uitvoeringsprogramma en actuele strategisch relevante ontwikkelingen (bijvoorbeeld door verspreiding van een actualiteitenoverzicht); • Minimaal 2 keer per jaar organiseren van mondeling overleg met een vaste groep van raads‐ leden over voortgang en relevante ontwikkelingen. Dit kunnen de raadsadoptanten/‐ambas‐ sadeurs zijn die in een aantal raden zijn aangewezen, maar desgewenst ook een bredere af‐ vaardiging vanuit raden. • Minimaal 2 keer per jaar worden op thema’s verdiepende bijeenkomsten georganiseerd. Dit zijn op dit moment de zogenaamde themacafés, waaraan naast raadsleden vertegenwoordi‐ gers van het onderwijs en ondernemers deelnemen. Deze aanvulling laat de verantwoordingslijnen tussen het lid van het algemeen bestuur richting ove‐ rige collegeleden en raden intact (artikel 20 en 21). HOOFDSTUK 6 FINANCIELE BEPALINGEN Artikel 28 Het proces van meerjarenbeleidsplan, kaderbrief, en begroting blijft in essentie ongewijzigd. Wel is sprake van nieuwe termijnen voor de zienswijzeprocedure op de begroting. Raden krijgen 12 weken in plaats van 8 weken de tijd om een zienswijze in te sturen.

Tegelijkertijd is de deadline voor indie‐ ning van de vastgestelde begroting aan Gedeputeerde Staten opgeschoven naar 15 september. Het afronden van de begrotingsprocedure voor het zomerreces is gewenst omdat de vaststelling van de definitieve jaarrekening dan in ieder geval plaats moet vinden. We voorkomen graag dat we een extra vergadering van het algemeen bestuur moeten beleggen. Het doorvoeren van de nieuwe wette‐ lijke termijnen betekent dan dat verzending van de ontwerpbegroting aan de raden voor 1 april moet (zie lid 4). Lid 8 regelt de zienswijzetermijn van 12 weken. Hoewel de Wgr ruimte biedt om de kadernota ook pas voor 1 april toe te sturen, handhaven we daar‐ voor de datum van 1 februari (zie lid 3). Ontwerp 4e Wijziging Gemeenschappelijke regeling Regio West-Brabant, beoogde invoeringsdatum 1 juli 2024. Versie vastgesteld door het algemeen bestuur RWB op 5 juli 2023

De gewijzigde Wgr verplicht de dagelijkse besturen van de regelingen om de ontvangen zienswijzen, voorzien van een reactie voor vaststelling van de begroting toe te sturen aan de raden. Dit is in deze 4e wijziging in lid 9 verwerkt. Van de gelegenheid wordt gebruik gemaakt om ook de veranderde juridische status van REWIN, eerst NV nu BV, op te nemen‐ in lid 5. Vanzelfsprekend vervalt de bepaling over de bijzondere financiële po‐ sitie van Tholen (het oude lid 8). Artikel 29 In de gemeenschappelijke regeling kunnen categorieën van wijzigingen van de begroting benoemd worden, waarvoor een besluit van het algemeen bestuur niet voorafgegaan hoeft te worden door een zienswijzeprocedure. Dat is zo al vastgelegd voor begrotingswijzigingen die niet leiden tot wijziging van de algemene bijdrage per inwoner (oud lid 2, nieuw lid 3). In het nieuwe lid 2 wordt een aanvulling hierop voorgesteld voor onvoorziene en onvermijdelijke loon‐ en prijsontwikkelingen. De aannamen in de primaire begroting worden nu (conform de Nota Verbonden Partijen) gebaseerd op de septembercirculaire die 15 maanden voor ingang van het be‐ treffende begrotingsjaar wordt gepubliceerd.

Als de werkelijke cao‐ en algemene prijsindexontwikke‐ ling in een dusdanige mate afwijkt van die aannamen, dat inpassing in de begroting niet haalbaar is, leidt dit tot een begrotingswijziging waarbij een verhoging van de algemene bijdrage per inwoner aan de orde is. Om te voorkomen dat raden in een dergelijke situatie geconfronteerd worden met een zienswijzeprocedure van de verschillende gemeenschappelijke regelingen, wordt voorgesteld in deze situatie af te zien van deze procedure. Een dergelijk besluit van het algemeen bestuur over een verho‐ ging van het bedrag per inwoner wordt uiteraard gecommuniceerd met de raden. Ook via de be‐ stuursrapportage worden de raden hiervan op de hoogte gesteld. Desgewenst kunnen zij hun verte‐ genwoordiger in het algemeen bestuur vragen om uitleg. Met deze aanpassing wordt beoogd de ad‐ ministratieve last aan de kant van de raden en de gemeenschappelijke regeling te beperken. Artikel 31 De termijnen voor de vaststelling van de (voorlopige) jaarrekening zijn niet gewijzigd. Omdat het wenselijk is om deze niet later dan de ontwerpbegroting aan de raden toe te sturen, is de datum van verzending gelijkgetrokken met die van de ontwerpbegroting.

HOOFDSTUK 9 TOETREDING, UITTREDING, WIJZIGING EN OPHEFFING Artikel 42 De Wgr schrijft voor dat er in de gemeenschappelijke regeling bepalingen worden opgenomen over de rechten en plichten die bij uittreding van de regeling van toepassing zijn. De afspraken die rond de uittreding van de gemeente Tholen zijn gemaakt, zijn in dit artikel opgenomen. Deze gaan over een afbouwschema van de algemene bijdrage per inwoner, de positie van de betreffende gemeente ten aanzien van aangegane verplichtingen, facultatieve taken en ten aanzien van opgebouwde (bestem‐ mings)reserves en rekeningresultaat. Het afbouwschema (5 jaar) is destijds gebaseerd op jurisprudentie. Denk bij aangegane verplichtingen aan bijvoorbeeld het vervoerscontract dat het openbaar lichaam RWB op grond van besluiten per gemeente is aangegaan voor het vervoer van Wmo‐gerechtigden. Het ligt in de rede dat de uittredende gemeente hieraan (en aan de bijbehorende beheerskosten) vol‐ ledig mee blijft betalen tot het moment van beëindiging van de verplichtingen. Mocht de uittredende Ontwerp 4e Wijziging Gemeenschappelijke regeling Regio West-Brabant, beoogde invoeringsdatum 1 juli 2024. Versie vastgesteld door het algemeen bestuur RWB op 5 juli 2023

gemeente prijs stellen op een eerdere beëindiging, dan gaat de gemeenschappelijke regeling hierover in overleg met de contractpartner. Het kan zijn dat de betreffende gemeente diensten wil blijven afnemen op het gebied van de uitvoe‐ ringsgerichte taken: werving en selectie personeel (mobiliteitscentrum) en/of regioarcheologie. Daar‐ voor kunnen afspraken gemaakt worden, waarbij het gebruikelijk is dat niet‐deelnemers aan de rege‐ ling een risico‐opslag betalen. Mocht voortzetting van de dienstverlening niet gewenst zijn, dan gel‐ den de bepalingen uit de dienstverleningsovereenkomst. De gemeenschappelijke regeling RWB kent een aantal bestemmingsreserves. Het ligt in de aard van deze reserves dat er doelen aan gekoppeld zijn. Daarom is het van belang dat deze in stand gehouden worden. Een uittredende gemeente kan er daarom geen aanspraak op maken. De uittreding vindt effectief minimaal 1 jaar na het door de betreffende gemeente genomen uittre‐ dingsbesluit plaats. Besluiten over een rekeningresultaat over het laatste boekjaar waarin participatie aan de orde is, vindt plaats na uittreding. De betreffende gemeente heeft hier dan geen zeggenschap over en zal zich naar verwachting in dit laatste boekjaar terughoudend opstellen ten aanzien van te nemen besluiten.

Het ligt in de rede dat de uitredende gemeente dan geen aanspraak kan maken op, maar ook niet aangesproken kan worden op, een positief dan wel negatief rekeningresultaat. Het algemeen bestuur kan afwijken van de voorgestelde bepalingen, voor zover daar overeenstem‐ ming met de uittredende gemeente over bestaat.

HOOFDSTUK 11

OVERGANGS-EN SLOTBEPALINGEN

Artikel 47 De Wgr schrijft voor dat er in gemeenschappelijke regelingen evaluatiebepalingen opgenomen wor‐ den. Wij stellen voor onderscheid te maken tussen een evaluatie op inhoud en een evaluatie op de werkwijze en het functioneren van de gemeenschappelijke regeling. In lid 1 wordt aangesloten op de huidige praktijk: iedere 4 jaar vindt er een evaluatie plaats op inhoud. Deze evaluatie dient ter voor‐ bereiding van de opstelling van het meerjarige beleidsprogramma, dat ook steeds een periode van 4 jaar bestrijkt. Een evaluatie van het functioneren van de gemeenschappelijke regeling kent geen duidelijk koppel‐ moment. De vraag is ook met welke frequentie en diepgang gemeenten behoefte hebben aan een dergelijke evaluatie. Daarom wordt voorgesteld hier geen termijn voor op te nemen, maar het aan het algemeen bestuur te laten om het evaluatiemoment en de ‐vraagstelling te bepalen. Een derge‐ lijke evaluatie vindt daarnaast zonder meer plaats als een aantal gemeenten daar gezamenlijk om vraagt. In aansluiting op het vereiste ten aanzien van besluiten over begroting en jaarrekening (artikel 7, lid 2) geldt hiervoor de voorwaarde van de helft van de gemeenten plus 1, die tenminste de helft van het aantal inwoners plus 1 vertegenwoordigen.

Ontwerp 4e Wijziging Gemeenschappelijke regeling Regio West-Brabant, beoogde invoeringsdatum 1 juli 2024. Versie vastgesteld door het algemeen bestuur RWB op 5 juli 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/569/documents/16583