CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Havendijk Kom Noord, Oudenbosch vastgesteld Regels.pdf

Gemeenteraad 8 februari 2024, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 7: Vaststelling bestemmingsplan Havendijk Kom Noord, deelgebieden 3, 4 en 5, Oudenbosch10.526 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

35

Artikel 17 17.1

Overige regels

Beeldkwaliteitsplan

Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen tot de situering, de afmeting en de vormgeving van bebouwing, bouwwerken, geen gebouwen zijnde en erfafscheidingen, indien dit naar hun oordeel noodzakelijk is in verband met: a. het realiseren van de met het plan beoogde stedenbouwkundige beeldkwaliteit, zoals vastgelegd in het beeldkwaliteitsplan 'Havendijk Kom Noord', welke is opgenomen in Bijlage 1 bij de regels; b. de bebouwingskarakteristiek van de omgeving; c. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken; d. nadere eisen zoals bedoeld in dit lid onder a kunnen ook worden gesteld ten behoeve van het verkrijgen van een harmonieuze ruimtelijke opbouw van het plangebied.

17.2

Duurzame ontwikkeling

17.2.1 Laadpalen openbaar De realisatie en gebruik van laadpalen en het gebruik van laadkabels in de openbare ruimte is toegestaan, met dien verstande dat: a. ter plaatse een parkeerplaats aanwezig is; b. de elektrische kabel om het elektrische voertuig van stroom te voorzien moet in goede staat zijn; c. er mag geen elektrische kabel over de openbare weg (rijbaan/fietspad) gelegd worden; d. de elektrische kabel mag maximaal 3 meter over het trottoir liggen, waarbij de afstand wordt gerekend vanaf de laadpaal tot aan het elektrische voertuig; e. de elektrische kabel moet, voor zover en zoveel mogelijk, langs het trottoir liggen; f. de elektrische kabel moet, als deze op het trottoir wordt gelegd, op een deugdelijke wijze afgedekt zijn met een kabelmat ter voorkoming van hinder en/ of mogelijke ongevallen voor andere gebruikers van het trottoir.

17.2.2 Laadpalen eigen terrein De realisatie en het gebruik van laadpalen op eigen terrein en het gebruik van laadkabels (in de openbare ruimte) is toegestaan, met dien verstande dat: a. de openbare parkeerplaats moet direct grenzen aan het trottoir of eigen perceel; b. de openbare parkeerplaats kan niet geclaimd worden en blijft te allen tijde beschikbaar als openbare parkeerplaats; c. de elektrische kabel om het elektrische voertuig van stroom te voorzien moet in goede staat zijn; d. er mag geen elektrische kabel over de openbare weg (rijbaan/fietspad) gelegd worden; e. de elektrische kabel mag maximaal 10 meter over het trottoir liggen, waarbij de afstand wordt gerekend vanaf de grens van het eigen terrein tot aan het elektrische voertuig; f. de elektrische kabel moet, voor zover en zoveel mogelijk, langs het trottoir liggen; g. de elektrische kabel moet op een deugdelijke wijze afgedekt zijn met een kabelmat ter voorkoming van hinder en/ of mogelijke ongevallen voor andere gebruikers van het trottoir; h. de realisatie van laadpalen en het gebruik van laadkabels is toegestaan, mits ter plaatse een parkeerplaats aanwezig is.

36

17.2.3 Opwekking en levering van duurzame energie In de bestemmingen zijn de bouw en het gebruik van installaties voor de opwekking en levering van duurzame energie waaronder warmte-koude-opslag als ondergeschikte functie begrepen, onder de voorwaarde dat deze niet zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. Met ondergeschikte functie wordt bedoeld dat de duurzame energieopwekking zowel wat betreft het gebruik van de percelen en gebouwen als wat betreft ruimtelijke uitstraling niet de boventoon mag gaan voeren en het karakter van de hoofdbestemming niet mag gaan bepalen. Voor de realisatie van installaties voor de opwekking en levering van duurzame energie, dient bij het bevoegd gezag een melding te worden ingediend. Voor de realisatie gelden de volgende regels: a. de voorziening levert geen beperkingen op voor natuur en milieu; b. de voorziening levert geen negatieve effecten op voor de waterhuishouding of de bodemkwaliteit; c. de voorziening kevert geen beperkingen op voor nabijgelegen voorzieningen.

17.2.4 Innovaties duurzaamheid en klimaat Bij omgevingsvergunning zijn in afwijking van de bouwregels in hoofdstuk 2, bouwwerken toegestaan die innovatieve duurzaamheid en klimaatadaptatie bevorderen, met dien verstande dat: a. de bouwwerken geen beperkingen opleveren voor natuur en milieu; b. de bouwwerken geen negatieve effecten opleveren voor de waterhuishouding en bodemkwaliteit; c. de bouwwerken geen beperkingen opleveren voor nabijgelegen woningen en voorzieningen.

17.3

Parkeren

17.3.1 Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik wordt in ieder geval gerekend het gebruik van gronden of bouwwerken waarbij niet op eigen terrein wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid volgens de normering zoals deze hiervoor is opgenomen in de Kadernota Parkeren 2023 2027, zoals vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Halderberge.

17.3.2 Voorwaardelijke verplichting Een omgevingsvergunning voor het bouwen, het uitbreiden en het wijzigen van de functie van gebouwen en gronden wordt slechts verleend, indien bij de aanvraag wordt aangetoond dat wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid volgens de normering zoals deze hiervoor is opgenomen in de kadernota parkeren, geldend op het moment van ontvangst van de ontvankelijke aanvraag.

17.3.3 Afwijken Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in de leden 17.3.1 en 17.3.2 en toestaan dat: a. parkeergelegenheid niet op eigen terrein bij de ontwikkeling wordt gerealiseerd, mits dit geen onevenredige afbreuk doet aan de parkeersituatie ter plaatse en wordt voldaan aan de in de kadernota parkeren daarvoor gestelde voorwaarden; b. met maximaal 10% wordt afgeweken van de toe te passen parkeernorm in gevallen waarin de toepassing van de parkeernormering conform de kadernota parkeren naar hun oordeel in individuele gevallen tot niet bedoelde en onaanvaardbare normen leidt.

37

17.3.4 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen in die zin dat bij herziening van de kadernota parkeren de verwijzing in artikel 1 en lid 17.3.1, 17.3.2 en 17.3.3 naar de normering in de kadernota parkeren wordt gewijzigd naar de normering in de vastgestelde herziene kadernota parkeren of diens wettelijke opvolger daarvan.

17.4

Voorwaardelijke verplichting Wet natuurbescherming

Een omgevingsvergunning voor het bouwen, het uitbreiden en het wijzigen van de functie van gebouwen en gronden wordt slechts verleend, indien bij de aanvraag wordt aangetoond dat uit nader ecologisch onderzoek is gebleken dat mitigerende maatregelen niet nodig zijn, dan wel dat uit dat onderzoek voortvloeiende noodzakelijk mitigerende maatregelen zijn gerealiseerd.

17.5

Kwaliteitsverbetering van het landschap

Ten behoeve van de uitvoering van dit bestemmingsplan, dient toepassing te worden gegeven aan de verplichte investering in de kwaliteitsverbetering van het landschap, zoals opgenomen in Bijlage 3.

38

Hoofdstuk 4 Artikel 18 18.1

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken

a. een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in lid a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid a met maximaal 10%. c. lid a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

18.2

Overgangsrecht gebruik

a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. indien het gebruik, bedoeld in lid a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. lid a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

39

Artikel 19

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Havendijk Kom Noord, Oudenbosch'.

40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/572/documents/16697