CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

260506 en 260507 VRAGEN-TOEZEGGINGEN CIES tbv raad 21-05-26 (per 200526).pdf

Gemeenteraad 21 mei 2026, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 0: N.A.V. COMMISSIES B&O 6-5 EN SM&V 7-5-20262.332 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht vragen en toezeggingen commissie B&O 6.5.26 en SM&V 7.5.26 t.b.v. raadsvergadering 21.5.26 Zie HAL-net voor de actuele stand van zaken Onderwerp BO Ag.3 1A

antwoord

Uitgangspunten Havendijk Kom Noord Oudenbosch, deelgebied 5 mail aan raad 13-05-26: Namens wethouder Wierikx hierbij aanvullende informatie voor de raad over het agendapunt Uitgangspunten Havendijk Kom Noord Oudenbosch, deelgebied 5 welke in de commissie B&O is besproken op 6 mei jl. Tijdens de commissiebehandeling kwam duidelijk naar voren dat er behoefte was aan meer uitleg hoe er wordt geborgd dat de juiste doelgroep op de locatie gehuisvest wordt. Afbakening doelgroepen deelgebied 5 (paardenweide) Vanuit de raad is tijdens de commissie B&O duidelijk naar voren gekomen dat het op de juiste manier afbakenen van de beoogde doelgroep voor de woonzorg ontwikkeling in deelgebied 5 van Havendijk Kom Noord belangrijk is. In de omgevingsvergunning kan niet zondermeer worden opgenomen dat de locatie alleen gebruikt mag worden voor 'mensen met een beperking of ontwikkelachterstand'. In de omgevingsvergunning wordt het 'gebruik' benoemd. Door hier de juiste beschrijving op te nemen wordt de doelgroep al zeer beperkt. In het geval van deze ontwikkeling gaan het om een 'woonzorg functie met begeleiding in onzelfstandige wooneenheden en dagbesteding'. Doelgroepen zoals arbeidsmigranten, asielzoekers of statushouders passen dan al niet meer binnen deze functiebeschrijving. Dit zijn namelijk logies, of een maatschappelijke functie of regulier wonen. Dit past dus niet binnen zorgwonen.

Door in de omgevingsvergunning ook voorschriften op te nemen is het mogelijk om nog verder te sturen op de doelgroep. Bijvoorbeeld door op te nemen dat de woonzorgvoorziening alleen gebruikt mag worden indien aan bewoners structureel zorg of begeleiding wordt verleen door één professionele zorgaanbieder. Het aantal zorgunits kan worden opgenomen, de aanwezigheid van gezamenlijke ruimtes, etc. Dit alles is bestuursrechtelijk en kan dus ook middels handhaving worden gecontroleerd. Wanneer een initiatiefnemer dus andere plannen heeft met de locatie is dat in strijd met de verleende vergunning en zal daar opnieuw een besluit over genomen moeten worden door het college in de vorm van een nieuwe omgevingsvergunning. Vanwege het adviesrecht dat de raad heeft bij 'huisvestigingslocaties voor bijzondere doelgroepen waaronder in ieder geval asielzoekers, statushouders en centrale huisvesting arbeidsmigranten' wordt de raad in de gelegenheid gesteld om iets van het nieuwe verzoek te vinden. Dit kan in de vorm van het vaststellen van nieuwe uitgangspunten of door het geven van een bindend advies. Naast het bestuursrechtelijke spoor biedt ook de anterieure overeenkomst de gemeente houvast om op het juiste gebruik toe te zien. Andere vormen van woonzorg zijn in de overeenkomst niet toegestaan.

De initiatiefnemer moet dan ook aan het college toestemming vragen als ze hiervan af willen wijken. Bovendien heeft de overeenkomst een boeteclausule waarbij er boetes opgelegd kunnen worden als het gebruik niet aansluit bij datgene wat is afgesproken.

BO Ag.4

Herinrichting Molenstraat Oudenbosch Mevrouw Oosthoek stelt een aantal vragen die technisch van aard zijn.

20.5.26: beantwoording 1 t/m 8.

1.

2. 3.

4.

5.

De heer Melisse zegt toe dat hij deze vragen uiterlijk voor de komende raadsvergadering schriftelijk zal beantwoorden: Zijn er voorafgaand aan dit raadsvoorstel objectieve De laatste verkeerstellingen in de Molenstraat zijn uitgevoerd in juni/juli 2023 (ter snelheidsmetingen uitgevoerd in de Molenstraat? Zo ja, wanneer, voorbereiding van de Verkeersvisie centrum Oudenbosch). Er is gemeten op twee waar en wat waren de uitkomsten? locaties: halverwege het wegvak Zandeweg-Spuilaan (telpunt 1), en halverwege het wegvak Spuilaan-Parklaan (telpunt 2). Op telpunt 1 was de gemiddelde snelheid van het gemotoriseerde verkeer 38 km/uur, en de V85 (snelheid die door 85% van het gemotoriseerde verkeer niet wordt overschreden) bedroeg 45 km/uur. Op telpunt 2 was de gemiddelde snelheid van het gemotoriseerde verkeer 41 km/uur, en de V85 bedroeg 49 km/uur. De hoogst gereden snelheden zijn niet bekend, omdat deze niet worden opgenomen in de meetrapportages. Dit heeft te maken met het gegeven dat deze hoogste snelheid veelal wordt gereden door hulpdiensten bij hoge prio-meldingen. Wat waren de gemiddelde snelheid, de V85-snelheid en de hoogste Zie antwoord op vraag 1.

gemeten snelheden op de verschillende meetlocaties? Indien er geen voorafgaande snelheidsmetingen zijn uitgevoerd: op Hoewel de V85-snelheid tijdens de meting lager uitkwam dan de huidige basis waarvan concludeert het college dat snelheid een zodanig maximumsnelheid van 50 km/uur, is de huidige situatie voor fietsers niet probleem vormt dat deze herinrichting noodzakelijk is? verkeersveilig. Dit blijkt ook uit de Ongevalsrisicokaart die in het kader van het Strategisch Plan Verkeersveiligheid in onze gemeente is opgesteld. De Molenstraat kwam daarbij naar voren als een van de straten met het meeste ongevalsrisico. Een gebiedsontsluitingsweg (GOW) binnen de bebouwde kom heeft normaal gesproken een maximumsnelheid van 50 km/uur en bestaat uit een rijbaan met vrijliggende fietspaden. Toch zijn er gebiedsontsluitingswegen waar geen ruimte is om vrijliggende fietspaden aan te leggen, zoals ook hier in de Molenstraat. Fietsers maken dus ook gebruik van de rijbaan. Precies hierom is de nieuwe categorie GOW30 (inclusief inrichtingsuitgangspunten) door het CROW in het leven geroepen, en hebben we de Molenstraat in onze Mobiliteitsvisie gecategoriseerd als GOW30. Met deze herinrichting geven we uitvoering aan het landelijke beleid.

Hoeveel geregistreerde verkeersongevallen hebben er in de In de afgelopen vijf jaar zijn er 12 ongevallen in de Molenstraat geregistreerd, afgelopen vijf jaar plaatsgevonden in de Molenstraat, uitgesplitst naar gelukkig allemaal met uitsluitend materiële schade. De ongevallen zijn gebeurd ter type ongeval en locatie? hoogte van het kruispunt met de Zandeweg-Markt (3x), wegvak tussen Zandeweg en Spuilaan (2x), wegvak tussen Spuilaan en Parklaan (3x), en kruispunt met de Parklaan-Industrieweg (4x). Daarvan waren er 3 eenzijdige ongevallen en zijn bij 2 ongevallen geen voertuigklassen bekend/geregistreerd. Bij de overige 7 ongevallen waren de volgende voertuigsoorten betrokken: auto-auto (2x), bus-bromfiets (1x), auto-auto-bromfiets (1x), auto-bromfiets (1x), auto-auto-fiets (1x) en fiets-fiets (1x). Zijn er meldingen bekend van bijna-ongevallen of gevaarlijke We krijgen regelmatig meldingen/telefoontjes over verkeersonveilige situaties in de verkeerssituaties in de Molenstraat? Zo ja, hoeveel meldingen zijn Molenstraat, maar we kunnen niet precies achterhalen hoeveel dat er zijn geweest. hierover ontvangen en op welke locaties of situaties hadden deze Tijdens het participatietraject voor de actualisatie van onze Mobiliteitsvisie hebben betrekking? we op de knelpuntenkaart 34 reacties ontvangen die betrekking hadden op de Molenstraat.

De reacties hadden over het algemeen betrekking op te hoge snelheid van het verkeer en verkeersonveiligheid voor het langzaam verkeer. Bewoners beschreven ook dat fietsers gebruikmaken van het trottoir, omdat zij niet op de rijbaan durven te rijden. Op het voetpad leidt dit tot hinder voor voetgangers.

6.

Op welke concrete gegevens baseert het college de verwachting dat de voorgestelde maatregelen de verkeersveiligheid aantoonbaar verbeteren?

7.

Welke twee locaties zijn voorzien voor de verkeersmetingen drie maanden na uitvoering, en waarom is juist voor deze locaties gekozen?

8.

Wordt na uitvoering ook gemeten of verkeer zich verplaatst naar omliggende straten, zoals Spuilaan? Zo nee, waarom niet?

9.

Mevrouw Dam geeft aan het jammer is dat het filmpje waarmee inzichtelijk gemaakt is hoe de Molenstraat eruit zou komen te zien niet is toegevoegd aan de stukken bij het raadsvoorstel. (link: https://bit.ly/4q9MmtT?r=qr ) De heer Melisse zegt toe dat deze visualisatie alsnog beschikbaar komt voor de gemeenteraad.

BO Ag.5

Beleidsplan wegen 2027 - 2031 --

BO Ag.6

Afrondende werkzaamheden uitvoeringsprogramma visie waterrecreatie haven Oudenbosch

Het nieuwe ontwerp is gebaseerd op de landelijke CROW-uitgangspunten voor een GOW30-inrichting. Ten opzichte van de huidige situatie wordt het wegprofiel versmald, wordt er streetprint aangebracht op de rijbaan en worden de rode fietsstroken verbreed. Daarnaast worden er op vijf locaties snelheidsremmende plateaus aangelegd. Met de nieuwe GOW30-inrichting van de weg zorgen we ervoor dat de toegestane maximumsnelheid van 30 km/uur geloofwaardig is. Dit leidt tot een verhoging van de verkeersveiligheid, oversteekbaarheid en leefbaarheid. Ongeveer drie maanden na oplevering van de werkzaamheden gaan we verkeerstellingen houden op twee locaties in de Molenstraat. Dit zijn dezelfde locaties als bij de vorige meting. We meten zowel halverwege het wegvak ParklaanSpuilaan als halverwege het wegvak Spuilaan-Markt. Door halverwege de wegvakken te meten, krijgen we de gegevens van de locaties waar normaal gesproken de snelheid het hoogste ligt. Naarmate je dichter bij een aansluiting/kruispunt wordt de snelheid van het verkeer lager. Hoewel we niet verwachten dat het verkeer zich naar omliggende straten zal verplaatsen, zullen we de Spuilaan en de Parklaan meenemen als tellocatie. We gaan in juni een ‘nulmeting’ uitvoeren (huidige situatie), en ook hier gaan we drie maanden na oplevering van de werkzaamheden opnieuw tellen.

Bijgevoegd het kaartje met daarop de QR code voor het filmpje van de Molenstraat.

10.

Mevrouw De Jong vraagt of het voorstel van de waterpoort naar Rome voorziet in het waterpaviljoen en of er nog een kostenplaatje verborgen zit in dat voorstel. De heer Melisse zegt toe dat hij voor de zomer een update zal geven over de stand van zaken over het waterpaviljoen.

SMV Ag.3

Kostenontwikkeling en wijziging Verordening leerlingenvervoer 12.5.25: namens het college een aanpassing in het raadsvoorstel (blz 14/15): bij artikel 24 en 26 verwijzing naar juiste artikelnummers, geen inhoudelijke aanpassingen.

11.

Mevrouw Pot-Broos vraagt naar aanvullende kosten, bijvoorbeeld voor aanschaf en reparatie van de fiets. Zijn hier regelingen voor om deze kosten te dekken, bijvoorbeeld bijzondere bijstand? Wethouder Schouw zegt schriftelijke beantwoording toe.

Wanneer ouders of verzorgers een aanvraag voor leerlingenvervoer doen vanuit financiële nood, kan deze aanvraag niet worden behandeld op basis van de Verordening leerlingenvervoer. Deze verordening kent namelijk uitsluitend criteria die samenhangen met de afstand tot school, de schoolsoort en eventuele beperkingen van de leerling, en biedt geen grondslag om financiële problematiek als zelfstandig criterium mee te wegen. Indien bij een aanvraag blijkt dat financiële omstandigheden de aanleiding vormen, zorgt de gemeente altijd voor een warme overdracht naar het juiste loket binnen het sociaal domein, zodat ouders niet van het kastje naar de muur worden gestuurd en passend wordt gekeken welke ondersteuning mogelijk is. Ten aanzien van de vraag of er regelingen zijn voor aanvullende kosten, zoals de aanschaf of reparatie van een fiets, kan worden aangegeven dat inwoners van de gemeente Halderberge hiervoor een beroep kunnen doen op Stichting Leergeld, mits zij voldoen aan de daarvoor geldende voorwaarden. Ouders en verzorgers kunnen via de website www.leergeldnoordwestbrabant.nl een aanvraag indienen. Een intermediair komt bij de aanvrager thuis voor een intakegesprek. Tijdens dit gesprek wordt breed gekeken of er eventueel ook nog andere regelingen zijn waarvoor de aanvrager in aanmerking komt.

10e Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB)

SMV Ag.4 -SMV Ag.5

Definitief normenkader 2025 en voorlopig normenkader 2026 --

SMV

Rondvraag

Ag.6 12.

De heer Van Aalst verwijst naar zijn eerdere vraag over een fatbikeverbod. In een artikel in de krant staat dat 9 Brabantse gemeenten overwegen om een fatbike-verbod in het centrum te gaan handhaven of te gaan regelen. Hij stelt voor om als gemeente een proef te doen met een fatbike-verbod en met de andere gemeentes hierin mee te gaan. Kan dit onderzocht worden? Wethouder Schouw antwoordt dat de vraag schriftelijk beantwoord wordt omdat de portefeuillehouder niet aanwezig is.

18.5.26: Het college is bekend met de zorgen die de heer Van Aalst heeft geuit over overlast en verkeersonveiligheid door fatbikes in (delen van) het centrum. Deze zorgen zijn eerder besproken, onder meer in de commissievergadering van 9 oktober 2025, en toegelicht in de raadsinformatiebrief van 15 december 2025. Juridisch kader Fatbikes vallen op grond van landelijke regelgeving onder de categorie elektrische fietsen, mits zij voldoen aan de wettelijke eisen (trapondersteuning tot maximaal 25 km/u, maximaal 250 watt en geen gashendel). Indien een fatbike hier niet aan voldoet, wordt deze aangemerkt als bromfiets en gelden andere wettelijke verplichtingen, zoals een kenteken- en helmplicht. Een lokaal verbod via de APV is juridisch niet uitgesloten, maar stelt hoge eisen. Daarbij moet: • • • •

een heldere en handhaafbare definitie worden opgenomen; het verbod proportioneel en noodzakelijk zijn; sprake zijn van rechtsgelijkheid en rechtszekerheid; het verbod niet in strijd zijn met (hogere) regelgeving of grondrechten.

Uit de eerdere raadsinformatiebrief blijkt al dat het onderscheid tussen fatbikes en reguliere (elektrische) fietsen in de praktijk lastig vast te stellen is, wat de handhaafbaarheid aanzienlijk bemoeilijkt. Landelijke en regionale ontwikkelingen Binnen het regionaal APV-overleg van 23 maart 2026 is dit onderwerp eveneens aan de orde geweest. Daaruit komt naar voren dat gemeenten het voorbeeld en de ontwikkelingen van Enschede volgen, waar een fatbike-verbod via de APV wordt voorbereid. Tegelijkertijd is gewezen op de juridische risico’s, het ontbreken van steun vanuit politie en Openbaar Ministerie en het feit dat inmiddels ook juridische procedures lopen tegen deze aanpak. Andere regiogemeenten hebben op dit moment geen concrete stappen gezet richting een verbod, maar volgen de ontwikkelingen nadrukkelijk. Ook landelijk ontbreekt vooralsnog specifieke regelgeving voor fatbikes. Zolang die ontbreekt, blijft de juridische basis voor lokale verboden kwetsbaar en de handhaafbaarheid onzeker. Proef met een verbod Het college begrijpt de wens om via een proef ervaring op te doen. Tegelijkertijd is een proef met een fatbike-verbod juridisch niet wezenlijk anders te beoordelen dan een definitieve regeling: ook een tijdelijke of experimentele regeling moet voldoen aan de eisen van proportionaliteit, rechtszekerheid en handhaafbaarheid.

De genoemde knelpunten blijven daarbij onverminderd bestaan.

Afweging en conclusie Gelet op: • de huidige juridische onzekerheid; • de beperkte handhaafbaarheid; • het ontbreken van landelijke kaders; • en de nog lopende ontwikkelingen en procedures elders in het land, ziet het college op dit moment geen aanleiding om een (proef met een) fatbike-verbod in te stellen in Halderberge. Het college kiest ervoor om in te zetten op: • handhaving van bestaande verkeersregels; • optreden tegen feitelijk gevaarlijk of hinderlijk gedrag (ongeacht het type fiets); • en het nauwgezet volgen van landelijke en gemeentelijke ontwikkelingen, waaronder de ervaringen in andere gemeenten. Zodra er meer duidelijkheid ontstaat over de juridische houdbaarheid en handhaafbaarheid van specifieke maatregelen ten aanzien van fatbikes, zal het college bezien of heroverweging wenselijk is en de raad daarover informeren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/5184/documents/75274