CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

210111 TECHNISCHE VRAGEN BO (per 13-01-21).pdf

Gemeenteraad 14 januari 2021, gemeente HalderbergeBij agendapunt: N.A.V. COMMISSIE B&O 11-01-20211.063 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht technische vragen EN vragen/toezeggingen commissie B&O 11 januari 2021 (per 12-01-21) Zie HAL-net voor de actuele stand van zaken NR. Ag. 1 -Ag. 2 -Ag. 3

VRAAG Opening en vaststelling van de agenda en besluitenlijst B&O 25 november 2020

STELLER ANTWOORD

Vast agendapunt: regionale samenwerking Religieus erfgoed Oudenbosch (randvoorwaarden)

en Ag. 4

Realisatie alternatief voor cultuurcluster Oudenbosch 1. met ZAB B.V. heeft de gemeente een CDA samenwerkingsovereenkomst gesloten voor de herontwikkeling van St.Anna. In dit contract is een ontwikkelrecht (een exclusieve aanspraak verkrijgen om …) toegekend aan ZAB B.V. met een aantal voorwaarden waaraan de ontwikkeling moet voldoen. ZAB B.V. heeft echter afgezien van dit recht om ze geen kans ziet een voor de ontwikkelaar rendabel project te komen. Ze kon niet voldoen aan de voorwaarden met een reden: wel voldoen aan dan geen winst. Deze mededeling kwam voor de raad op 15 oktober ’20 aangaf andere voorwaarden te maken voor ontwikkeling St. Anna. In mijn beleving had de gemeente op het moment dat ZAB aangeeft af te zien van ontwikkelrecht de samenwerking met ZAB formeel en onmiddelijk op moeten zeggen. Immers ZAB maakt duidelijk dat het doel van de samenwerking, het herontwikkelen van St. Anna, niet kan worden bereikt. Wat is de reden dat het college dat niet heeft gedaan? Het had het college de kans gegeven om toen al verder te kijken naar andere partijen?

De overeenkomst is een samenwerkingsovereenkomst. Dat betekent dat voor het opzeggen van de overeenkomst een unaniem besluit nodig is. Als een van de partijen een voorstel daarvoor doet en over dat voorstel wordt geen unanimiteit bereikt, dan treedt de geschillenregeling in werking. En als dat niet lukt, dan is er een terugval op de gewone rechter maar alleen in die volgorde. In zoverre is er dus een afwijkende regeling in de overeenkomst opgenomen ten opzichte van de normale situatie van een contract waarbij de bepalingen van ontbinding, verzuim en wanprestatie gelden. Ook de gevolgen van het laten vervallen van een project voor de samenwerking als geheel zijn dan onderdeel hiervan. De gemeente heeft formeel de mogelijkheid de overeenkomst op te zeggen maar dat moet dan wel gebeuren binnen de regels van de overeenkomst. Dat betekent onder meer dat er overeenstemming moet zijn over de gevolgen daarvan. Een tweede reactie op het onderstaande is het volgende. Er is in de samenwerkingsovereenkomst een ontwikkelrecht onder voorwaarden. ZAB heeft aangegeven dat onder de voorwaarden die toen golden (prijs van 1,8 miljoen en de ruimtelijke randvoorwaarden van transformatie van het totale gebouw tbc woningbouw inclusief kapel) er geen businesscase kan worden ontwikkeld.

Thans is de situatie aan de orde dat de randvoorwaarden worden gewijzigd en dat er dus een aanmerkelijk gunstiger businesscase zou kunnen worden ontwikkeld. In die situatie zijn we verplicht om ZAB opnieuw in de gelegenheid te stellen een aanbod te doen. Het is eigenlijk hetzelfde als de situatie waarin de gemeente aan iemand het aanbod doet om een kavel te kopen voor een bedrag van € 100.000,— en de mogelijkheid biedt hierop 5 woningen te bouwen. Een ontwikkelaar zou kunnen zeggen dat dat voor die prijs niet lukt. Vervolgens gaat de gemeente naar een ander en zegt dat voor die € 100.000,— ook wel 10 woningen kunnen worden gebouwd. In die situatie is het natuurlijk veel gunstiger voor een ontwikkelaar. Als je dan de eerdere ontwikkelaar aan wie je een optie hebt verstrekt, niet opnieuw benadert, dan is dat onrechtmatig. Ons advies daarin gesteund door twee advocatenkantoren is dat het aanbieden van de locatie aan een ander onrechtmatig is en dat we de ZAB nog een kans moeten geven.

1

2. Extra informatie panelonderzoek religieus WOS erfgoed door Citisens. Is te achterhalen hoe de reacties van het panelonderzoek m.b.t. het religieus erfgoed zijn verdeeld over de kernen?

TOEZ Op een vraag van de heer Harteveld zegt de D66 heer Mollen toe de raad uiterlijk voor de komende raadsvergadering schriftelijk te informeren over het aspect duurzaamheid bij dit voorstel.

Het onderzoeksbureau wat het onderzoek heeft uitgevoerd, geeft aan dat 49% van de invullers van de vragenlijst uit Oudenbosch komt. Dat is te verklaren doordat de meeste mensen in onze gemeente (42%) in Oudenbosch wonen en dat het een onderwerp is wat over Oudenbosch gaat. Als je gaat kijken naar de percentages inwoners verdeeld over de kernen in vergelijking met de respondenten en hun verdeling over de kernen, dan zit dit in dezelfde lijn. De antwoorden van de respondenten van de andere kernen liggen in dezelfde lijn als we eerder hebben gezien in de rapportage. De heer Harteveld heeft tijdens de commissievergadering een opmerking gemaakt over het feit dat de normen van duurzaamheid bij de uitgiftevoorwaarden voor het plandeel Sint Anna niet van toepassing zouden zijn. In het raadsvoorstel is onder het kopje “duurzaamheid” de tekst “n.v.t". toegepast. De reden hiervoor is dat de uitgiftevoorwaarden betrekking hebben op stedenbouwkundige en financiële aspecten en hier geen specifieke aandacht is besteed aan andere onderwerpen. Uiteraard zal bij de uitwerking van de plannen moeten worden voldaan aan de wettelijke normen voor duurzaamheid. Door de eis te stellen dat het grootste deel van het huidige complex moet worden gehandhaafd, is impliciet een belangrijke voorwaarde voor duurzaamheid opgenomen.

Immers, het transformeren van bestaande bebouwing in de omvang zoals ter plaatse aanwezig is een belangrijke voorwaarde voor duurzaamheid. Daarnaast geldt dat bij verbouw van het pand dient te worden voldaan aan de strenge eisen die gelden in het Bouwbesluit voor duurzaamheid (vooral energieprestatie). In de situatie van de toevoeging van nieuwbouw zullen de allerscherpste normen op het gebied van duurzaamheid toegepast moeten worden. Op dit moment zijn dat de zogenaamde BENG-normen. De verwachting is dat op het moment dat de aanvraag om omgevingsvergunning voor de nieuwbouw wordt aangevraagd, de normen nog meer zullen zijn aangescherpt en gaan naar volledig energie-neutraal. Dit is voldoende geregeld in het Bouwbesluit. Daarnaast leveren de stedenbouwkundige voorwaarde ook op het gebied van duurzaamheid extra eisen op. Zo wordt de toevoeging van een hoeveelheid groen en water voorgeschreven. Daarmee wordt een bijdrage geleverd aan de doelstellingen voor klimaatadaptatie, voorkoming warmtestress en wordt ook een extra opgave bereikt voor waterberging en vertraagde afvoer. Met de gestelde stedenbouwkundige voorwaarden is het dus beslist niet zo dat niet aan de duurzaamheidsaspecten wordt voldaan, integendeel. Het niet invullen van het kopje duurzaamheid heeft dus een andere reden.

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/475/documents/14467