20240905 BP Hoeven-Zuid Bijlagen regels Bijlage 1 Beeldkwaliteitsplan Hoeven Zuid.pdf
Tekst van het document
GEMEENTE
HALDERBERGE
BEELDKWALITEITSPLAN BOSVENNE HOEVEN ZUID
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
INHOUDSOPGAVE 1.
INLEIDING
4
1.1. Regie op kwaliteit........................................................................................................................5 1.2. Aansluiting op ander beleid.........................................................................................................5
2.
STEDENBOUWKUNDIG PLAN
6
2.1. Pijlers van hoeven zuid...............................................................................................................7 2.2. Gebiedseigenschappen...............................................................................................................9 2.3. Leidende principes Donkenlandschap......................................................................................11 2.4. Verkaveling................................................................................................................................13
3.
KWALITEITSCRITERIA - ALGEMEEN
14
3.1. Eén met het Donkenlandschap.................................................................................................15
4.
KWALITEITSCRITERIA GEBOUWEN
16
4.1. Variatie per donk.......................................................................................................................17 4.2. Accenten en hoeken..................................................................................................................21 4.3. Kleur en textuur.........................................................................................................................25 4.4. Houtbeleving.............................................................................................................................27 4.5. Kapvorm....................................................................................................................................29 4.6. Bijgebouwen..............................................................................................................................29 4.7. Appartementen .........................................................................................................................31 4.8. Bijzondere woonvormen............................................................................................................35
5.
KWALITEITSCRITERIA GROEN EN WATER
38
5.1. Natuurinclusief...........................................................................................................................39 5.2. Donkranden...............................................................................................................................41 5.3. Erfafscheidingen........................................................................................................................43 5.4. Inrichting eigenterrein................................................................................................................45
COLOFON
5.5. Infiltreren en oppervlakkig afvoeren..........................................................................................47
6. Opdrachtgever:
Gemeente Halderberge
KWALITEITSCRITERIA ENERGIE
48
6.1. Zonnepanelen en installaties.....................................................................................................49 Bijlage I Kleurenpallet........................................................................................................................50
Documentnaam:
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid
Wijzigingsdatum:
30 augustus 2024
Bijlage II Beeldverantwoording.........................................................................................................54
Gemeente Halderberge Parklaan 15 4731 GJ Oudenbosch 14 0165
2
3
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
1.1. REGIE OP KWALITEIT Voor u ligt het beeldkwaliteitsplan voor de woningbouwontwikkeling Bosvenne in Hoeven Zuid, gemeente Halderberge. Het beeldkwaliteitsplan richt zich op de verschijningsvorm, het beeld en de sfeer van gebouwen, tuinen en de openbare ruimte in de nieuwe buurt. De insteek is om met heldere regels een buurt te verwezenlijken met een dorps-landelijk karakter en een natuurlijke en ruige openbare ruimte. Het beeldkwaliteitsplan is het toetsings- en inspiratiekader voor de uitwerking van de woningen, tuinen en voor de inrichting van de openbare ruimte. Het beeldkwaliteitsplan wordt daarvoor vastgesteld en krijgt het een bindende werking voor alle partijen. Op basis van dit kwaliteitskader weten initiatiefnemers op voorhand welke kwaliteitseisen worden gesteld. Bouwplannen zullen worden getoetst aan dit kader.
1. INLEIDING
Dit kader geeft aan hoe de sfeer en kwaliteit, die met het stedenbouwkundig plan wordt beoogd, op een vanzelfsprekende manier kunnen worden doorvertaald in de architectuur en de openbare ruimte. Dit plan is bedoeld ter inspiratie voor iedereen die bij het verdere ontwerp- en ontwikkelingsproces betrokken is. Voor de ontwikkeling wordt gestreefd naar een effectief en vooral ook gezamenlijk proces. Er wordt gewerkt met kwaliteitscriteria met betrekking tot de architectuur en de openbare ruimte. Zo blijft de beeldkwaliteit gewaarborgd, maar is ook de nodige flexibiliteit mogelijk. Het beeldkwaliteitsplan moet dus worden gezien als een inspiratiebron die bij de bouwplanontwikkeling zal worden toegepast om de ambitie, sfeer en intentie van de beeldkwaliteit te realiseren. Supervisor Voor de planontwikkeling is gekozen voor een opzet met flexibiliteit en criteria over meer dan alleen gebouwen. Daarom wordt een supervisor aangesteld door de gemeente om de kwaliteit en samenhang van de beeldkwaliteit in Bosvenne ook over langere termijn te waarborgen. Afwijkingen van de criteria zijn voorstelbaar met instemming van de supervisor.
1.2. AANSLUITING OP ANDER BELEID Naast het beeldkwaliteitsplan zijn er ook andere uitgangspunten en regels die van invloed zijn op de beeldkwaliteit waaraan (bouw)plannen worden getoetst. Daarbij is vooral de relatie met het bestemmingsplan voor de locatie en de relatie met de welstandsnota van belang: •
Bestemmingsplan:
Het bestemmingsplan regelt de ruimtelijke ordening van onder meer functie en ruimtebeslag van bouwwerken. Wat door het bestemmingsplan wordt mogelijk gemaakt kan niet door het beeldkwaliteitsplan worden tegengehouden. Architectonische vormgeving valt buiten de reikwijdte van het bestemmingsplan. Het beeldkwaliteitsplan vult de ruimte in die het bestemmingsplan biedt ten behoeve van de ruimtelijke kwaliteit. •
Welstandsnota
Voor wat betreft de beeldkwaliteit is dit beeldkwaliteitsplan het welstandskader (conform artikel 12a Woningwet). Voor zaken die niet omgevingsvergunningsplichtig (en daarmee dus ook niet welstandsplichtig zijn), fungeert dit plan als gemeentelijke beleidsnota en inspiratie aan initiatiefnemers. Het beeldkwaliteitsplan moet worden beschouwd als een aanvulling op de welstandsnota van de gemeente Halderberge. Daar waar in dit kwaliteitsplan richtlijnen zijn opgenomen prevaleren deze boven de richtlijnen in de vigerende welstandsnota; daar waar de richtlijnen in dit kwaliteitsplan ontbreken, kan teruggevallen worden op de reguliere welstandsnota.
4
5
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
2.1. PIJLERS VAN HOEVEN ZUID In het stedenbouwkundig plan vormen gebiedseigenschappen de basis voor de nieuw te ontwikkelen omgevingskwaliteit en ruimtelijke structuur. Bodem en water zijn leidend in de landschappelijke en stedenbouwkundige vertaling naar een klimaatrobuust, gezond, veilig en biodivers woonmilieu met een gebiedseigen karakter. Hoeven Zuid ligt op de overgang van hoger gelegen cultuurhistorische rijke grond naar een lager gelegen beekdal. Een gebied met uitdagingen op het gebied van verdroging, wateroverlast, hittestress, biodiversiteit en ruimtelijke kwaliteit. Een omgeving met veel hoogteverschillen en een lemige ondergrond, waardoor regenwater snel weg stroomt en beperkt het grondwater aanvult. Tegelijkertijd liggen er kansen in het gebied om middels de stedenbouwkundige ontwikkeling deze uitdagingen op te lossen. Door de humus- en reliëfrijke bodem slim in te
2. STEDENBOUWKUNDIG PLAN
zetten voor waterinfiltratie, berging, ecologische en ruimtelijke kwaliteit dat aansluit om de omgevingskwaliteit wordt er gewerkt aan systeemherstel. Hierdoor ontstaat er een van de meest duurzame en robuuste woonmilieus in Brabant. maximaal gebruik makend van de context op de Naad van Brabant. De visie en het stedenbouwkundige concept voor de bouw van circa 370 woningen wordt doorvertaald naar steden- en landschapsbouwkundige uitwerkingen met bijbehorende gebiedsprofielen, materialisatie, beplantingen biotopenplannen. Voor Bosvenne spelen de volgende vier pijlers de hoofdrol. Ze fungeren hiermee als dragers voor een ruimtelijk interessante en duurzame ontwikkeling. Bodem en water sturend. Met het woningbouwinitiatief wordt vanuit het bodem en watersysteem een robuust, veilig en gezond woonklimaat ontwikkeld en de gebiedseigen identiteit versterkt. Dit gebeurt door de gebiedseigenschappen van de drie landschapstypen, donken, velden en watergangen te versterken en te verrijken. Donkenlandschap Het donkenlandschap vormt het fundament van de buurt. De architectuur van de woningen, tuinen en openbare ruimte staan ten dienste van het donkenlandschap en zullen dit in verschijningsvorm ondersteunen. Schakels van plekken en doorzichten naar het omliggende landschap en bijzonder ruimtelijke elementen.
Fijn verblijfsklimaat De landschappelijke inrichting en buitenruimte van de woning bevordert een fijn verblijfsklimaat door onder andere dicht bij elke woning een aantal bomen, vanuit de woning veel zicht op groen en een gevarieerd microklimaat met aandacht voor zon, schaduw, koelte, wind. Bij de bouw van woningen wordt aandacht besteed aan een duurzaam binnenklimaat; isolatie, ventilatie en licht. Een omgeving die voortdurend aanzet tot beweging en ontmoeten Mensen gaan in een groene omgeving eerder naar buiten, krijgen meer beweging en komen elkaar vaker tegen. Een omgeving met natuur en biodiversiteit zorgt zo voor een betere gezondheid, sociale verbinding en een groter welzijn.
6
7
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
Rood: hoogste punt Geel: overgang hoog naar laag Groen: laagste punt
Relief plangebied
2.2. GEBIEDSEIGENSCHAPPEN Hoeven zuid ligt tussen het beekdal van de Zwarte sloot / Kibbelvaart en de noordelijk gelegen lage natte zeeklei
Het verschil tussen groen en geel ligt gemiddeld tussen de 10 en 40 cm.
polders. Aan de zijde van het beekdal loopt het gebied sterk af terwijl richting de polders het gebied geleidelijk
Het verschil tussen geel en rood ligt gemiddeld tussen de 60 en 100 cm.
aan afloopt. Dit heet een asymmetrisch profiel en zorgt voor een sterke afwatering aan de steile zijde en een
Conclusie: In het plangebied zijn een aantal afgevlakte heuvels aanwezig. Met een maximaal verschil van ongeveer 1 meter tussen groen en rood.
zwakke afwatering aan flauwe zijde. Dit zien we terug in het grondwaterprofiel die grote mate van schommelingen aan de zuidzijde vertoont. Dit vertaalt zich in meer droogte aan de zuidzijde dan aan de noordzijde, zie ook
1.2 Relief en bodem
de Klimaateffectenatlas.
De heuvel waarop Hoeven Zuid is gelegen is een in cultuur gebrachte struifduinen landschap zoals dat in de bossen ten westen van Hoeven Zuid nog terug te vinden is. Een heuvelrijke, droog, schraal en voedselarme zandgrond. Hoeven Zuid is in de loop der eeuwen in cultuur gebracht. De heuvels zijn vereffend en de bodem verrijkt met heideplaggen. Dit herkennen we als de humusrijke eerdgronden. Een vruchtbare bodem met een goede sponswerking. Humus houdt immers water vast. Echter met het glad strijken van het heuvellandschap kwam de leemhoudende ondergrond ook meer aan het oppervlak. Hierdoor is het gebied gevoeliger geworden voor water dat op het land blijft staan en slecht in de bodem dringt.
elief en bodem bodem
1.3 Water
4
Wat er is ontstaan is een naar het noorden getrapt afhellend gebied. De Bovenstraat, Bosstraat en Haspelstraat
1.3tussen Water vormen de overgang deze naar het noorden toe hellende akkers.
water
Op de bodemkaart van is teZuid. zien dat van hethoogtekaart plangebied bekijken zien we een De aarde blijft doorklinken, zo ook in1:50000 Hoeven Alshet wenoorden de relatieve een zandbodem heeft. In het zuiden van het plangebied zijn enkeerdgronden
landschap bestaande uit: aanwezig.
1. Donken; dit zijn hoger gelegen humusrijke bulten in het landschap.
De zandbodem kan water goed laten infiltreren (vaak gelegen op een heuvel).
zijn veel humusrijker, hierdoor hebben deze bodems een 2. Velden; dit zijnEnkeerdgronden de leemhoudende zandlaagten tussen de donken.
grote sponswerking. Dit betekent dat het water wordt opgeslagen in de bodem
3. Watergangen;en deze stromen in noordelijke richting af en gelegen begrenzen hetflank). gecultiveerde land met het langzaam aangetrapt de ondergrond wordt afgegeven (vaak op de De enkeerdgronden hebben daarom een verkoelende werking. Daarnaast heuvelrijke boslandschap aan de westzijde en de bestaande woonwijk aan de oostzijde. kan groen er goed op groeien. In het beekdal is leem aanwezig (ook wel dal genoemd).
West
Oost
Van afwateren naar vasthouden West-Oost principedoorsnede
Noord-Zuid De afwatering loopt in Zuid-Noord richting.
Links boven:Bossfeer en akkers odemkaart van 1:50000 is te zien dat het noorden van het plangebied Rechtsboven: Natuurlijke hoogteverschillen dbodem heeft. In het zuiden van het plangebied zijn enkeerdgronden Noord-Zuid ig. Linksonder: Bodemtype zand en enkeerdgronden De afwatering loopt in Zuid-Noord richting.
Rechtsonder: dbodem kan water goed Huidig laten watersysteem infiltreren (vaak gelegen op een heuvel). dgronden zijn veel humusrijker, hierdoor hebben Zuiddeze bodems een ponswerking. Dit betekent dat het water wordt opgeslagen in de bodem zaam aan de ondergrond wordt afgegeven (vaak gelegen op de flank). eerdgronden hebben daarom een verkoelende werking. Daarnaast en er goed op groeien. In het beekdal is leem aanwezig (ook wel dal md). 8
Oost
Van afwateren naar vasthouden
Noord
5
Zuid
Noord
Zuid-Noord principedoorsnede
West-Oost De afwatering loopt in West-Oost richting.
West
Oost
9
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
Water 2.3. LEIDENDE PRINCIPES DONKENLANDSCHAP Daarvoor is een set aan leidende principes per landschapstypen en de overgangen opgesteld. Legenda Infiltratie donken Afstroomrichting donken Afstroomrichting velden Laagtes in velden Wadi's
Leidende principes Donk: 1. Herkenbare bolling en stijlranden op de overgang van Donk naar de Velden. 2. Bovenkant steilrand gelegen erfgrenzen voorzien van privacy creërende beplanting. 3. Voorkomen van schuttingen en bouwkundige erfafscheidingen anders dan gevels van hoofd en bijgebouwen. 4. Hergebruik en verrijken van de humusrijke bodem. 5. Sponswerking van de humusrijke bodem maximaal benutten door regenwater binnen de donken te infiltreren. 6. Klimaatrobuuste groenstructuren op de Donken (koeling, schaduw, luwte/wind)
A-Watergangen met stroomrichting Velden
Leidende principes Velden 1. Laagten tussen de Donken verdiepen en vrijkomende grond gebruiken om Donken op te hogen. 2. Komvormige laagten creëren waar water kan worden verzameld en geïnfiltreerd. 3. Kruidenrijk open gebied met beheerde ruimte voor spelen, wandelen en bewegen. 4. Op enkele plekken compacte hoger gelegen eilanden met gestapelde bouw. 5. Bebouwing omringt met robuuste groenstructuur. 6. Benutten van gevel en dakdelen als ecologisch casco. Leidende principes watergangen en waterpartijen 1. Omvormen van een water afvoerend naar een water vasthoudend en infiltrerend systeem. 2. Afvoer van water op zowel gebieds- als gebouwniveau vertragen. 3. Diepe ligging van het water benutten voor creëren van een variatie aan steilere en flauwere oevers ten behoeve van biodiversiteit en landschapsvariatie. 4. Binnen het profiel ruimte laten voor landschapsvormende processen als erosie en sedimentatie. Laat het water zoveel mogelijk zijn eigen weg zoeken. 5. Stuur op ontwikkeling van stromende ondiepten en luwere diepere en bredere watergangen.
De leidende principes zijn uitgewerkt in een verkaveling, zie paragraaf 2.4. De ingetekende typologie is indicatief. Per woonveld wordt door een ontwikkelaar en architect een uitgewerkt bouwplan gemaakt dat past binnen de criteria van dit beeldkwliteitsplan. De openbare ruimte en het landschap wordt uitgewerkt in een Inrichtingsplan openbare ruimte. Omdat het donkenlandschap bestaat uit verschillende hoogten wordt voor het plan een peilenplan opgesteld als onderdeel van het inrichtingsplan openbare ruimte die bepalend is voor het bouwpeil van de woningen en de niveaus van de openbare ruimte. Op basis van de bevindingen uit het inrichtingsplan openbare ruimte wordt bepaald of en op welke wijze de peilen van de woningen worden geborgd. In de volgende hoofdstukken wordt dieper ingegaan op de relatie tussen landschapskarakteristieken en de vertaling naar architectuur en materialisatie. Afbeelding leidende principes donkenlandschap
10
11
Bovendonk sestraat
denbouwkundig plan
50
4
48 46
54 44 7
42
38/001
40 8
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
9
11 3
58
56 60
64 62
66
10
68
9
12 13
Joha
nnap
ark
14
15
5
16
7
18
17
20
12 21
22
78
9
24
19
9
76
8
26
17
11
74
2.4. VERKAVELING
13
28
5
72 70 21
4
16
80 30
32
1
Ericalaan
13
34
30/52
VerkeerOp basis van de gebiedseigenschappen en leidende Stedenbouwkundige principes vanaccenten het donkenlandschap is een verkaveling
38 36 42 40
84
44 86
82
88
90
23
30/53
gemaakt. De hoofdstructuur ligt vast maar de exacte indeling van de woningen is indicatief en kan nog wijzigen.
8a
8b
13
H 2557 I
8c 25
27
I I I I
8d
6.60
29
I
6.30
I I I I
8e
I I I I 6.60
30/54
I
31 8f
33
I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I 6.30
35
C
18
C
7.20
A
P 37
16
20
10
5.70
22
22 24
9
Boterbloemlaan
7.20
mlaan
14
39
8
B
7.20
A
8h
12
5.40
6.60
A
Boterbloe
7.20
5.40
C
6.30
6.60
A
5.70
C
6.30
6.30
30/55
15 8g
20
41
B laan Korenbloem
43
6.00
18 4
5.10 4.80 4.80 4.80 4.80
C
aan
laan
B
5.40 5.10 5.10
B
11
1
7.20
P
12
an Zonnebloemla
17
E E
P
8
14
E
6
19
16
7.20
P
4
6.60
E
15
P
laan
E6.60 E E E 6.60 E E 6.60 E E
E
P
17
Korenbloem
E E E
7.20
A
c c
7.20
E E E E
A
E E E
6.60
5.10
15
6.90
c c
5.10
9
10
3
E E
E
c
5.40
Korenbloem
5.10 4.80 4.80 4.80 4.80 4.80 5.10
6.00
6.00
A
B
13
12
10
6.00
I
c
laan
mlaan
I
I I
6.00
7
Zonnebloem
8
5.10
B
14
B
4.80
I
P
5
2
B
6.60
7.20
P
B
4.80
I
B
3
Boterbloe
I I
I
estraat
C I
I I
P
Bovendonks
C
I
6.60
7.20
P
Krokus
4.80
6.00
A
7
6
4.80
6.00
A
9
5
5.10
7.20
A
A
16
7
H 1376
5.10
5.10
C
I I
7.20
A
5
5.10
6.00
A B B
3
Krokus
A A
bloeml
B I I I
5.40
6.00
A
B
4 1
B
H 2558
B
6.00
A
H 798 B
1
Zonne
B
B
7.20
A
B
13
E6.90E
11
Madelie
2
E
P
flaan
P
12 9
A
A
10
A
7.20
02.7
P
2
6
P
8
7.20
6
P
7
4 2
5
3
1
2
Madelie
flaan
P
4
P
13
P
11 9
6 7 Pioenroos
5 3
21-53
P
1
8
Wilgenr
H 943
10
5.40 4.80 4.80 4.80 4.80 4.80
I
4.80
6.30
I I
16
B B
A
H 947
18
B
4.80
4.80
4.80
4.80
5.40
5.40
4.80
4.80
4.80
4.80
5.40
6.30
5.40
Klaproo
Woningbouwprogramma
s
02.7 12
A
5.70
6.00
6.00
6.00
6.00
B
P
20 3-125
estraat
I
Groen
1
3
5.70
B
B
A
P
14
5.40
7.20
I
4.80
5.40
7.20
I
6.00
6.00 7.20
I oos
I
C
C
Pioenr
I
P
Bovendonks
I
C
I
5.70
I C
C
C
C
C
C
C C
C C
C
I
5.70
A
I
C
C
C
I
5.40
C C C
I
I
I
P
12
55-97
5.40
I
C
C C C
2
7.20
I
5.40
4.80
4.80
5.40
C
C
A
I
C
C
C
C
5.70
5.40
5.40
5.40
5.40
4.80
A
6.30
5.70
7.20
4.80
7.20
A
5.40
6
4
5.40
4.80
4.80
4.80
4.80
A
6.00
4.80
A
A
A
A 5.40
oos
10 8 6
Verkeer
Stedenbouwkundige accenten - appartementen
4
5.40 5.10
C
5.10
C
5.10
C
5.10
C
5.40
C
127-1
93
A 6.60
6.30
6.30
5.10 4.80 4.80 4.80 4.80 5.10 5.10 4.80
02.7
B
4.80 4.80 4.80 4.80 5.10 5.40 5.10 5.10
4.80
I
4.80
I
4.80
I
4.80
I
4.80
I
4.80
5.40
4.80
4.80
4.80
4.80
5.40
I
C C C
6.30
B B
B
7.20
6.00
6.00
6.00
5.40 5.10 5.10
5.10 5.10
C
5.40
C
6.00
6.00
7.20
6.30
C C C
7.50
7.20
7.20
5.70
5.40
5.40
C
C
C
A
n
6.30 6.00 6.00 6.00
6.00
L
C C
6.00
7.20
7.50
7.20
L
L
C
C
6.30
7.20
L
L
C
A
7.20
C
A
A
E 8.50 E E E E E E
C7.50 7.50
7.20
C
C
5.40
C
A
5.70
C
H 2561
84
A
C7.20 7.20
C
C
C7.20 7.20
C
C
7.20 7.20
7.20
7.20
5.40
7.20
C
A
A
A
A
A
A
7.20
5.40
C
A
7.20
C
7.20
7.20
C
7.20
A
C
C
C
C
C7.20
C7.20
A
7.20
C 7.50
7.20
7.20
7.50
5.70
C7.20
7.50
C7.20
C7.50
E E E E
E
L
A
82c
82d
E E E E
E 8.50 E
A7.20
7.20
7.20
8.50
L A
E 8.50 E E E
E 8.50 E
A
C
6.60
L
6.60
15
L
L L
L
A
A
A
A
A
02.7
5.70 5.70
0 2 .7
7.20
5.40
C
7.20
moo
7.20
C
7.20
5.70
ane
B
5.40
7.20
5.70
Bos
13
B
B
5.70
B
11
A
A A
6.00
6.00
C
7.20
A
5.70
B
7.20
5.70
B
B
7.20
6.00
C
6.00
7.50
7.20
F
F
A
B
A
A F
6.30
F
A
7.20
7.20
C
5.70
B
A
88
H 2563
F F
02.7
5.70
B
A
A
A
7.20
A
F F 9.00 F
A A
7.20 7.20
7.20
C
7.20
H 2562
A
6.00
B
6.00
A 7
9.00
C
B
7.20
6.00
C
F F 9.00 F
9
A
B
B
C
F
F
A
F
14
A
C
F
B
B
6.00
7.20
C
F
9.00
7.20
C
A
F 9.00
7.20
C
C
C7.20
9.00
F
7.20
7.20
7.20
C
C7.20
estraat
C7.20
C7.20
9.00
F
F
5.70
6.00
F F
B
5.70
B
9.00
6.00
7.20
loem
A
F
02.7
5.70
telb
B
B
A
5.70
Sleu
B
B
I
5.40
6.00
6.30
C
7.20 7.20
6.30 6.00 6.00
7.20
5.10 5.40
7.20
7.20 7.20
5.10 4.80
7.20
6.30
6.00
B
5.40 4.80
5.70
B 5.40 4.80
I
7.50
02.7
B
4.80
5.70
6.00
4.80
7.20
I
6.00
6.00 7.20
C
C
5.40
I
A
15
C
7.50
7.20
7.20
A
6.30
I
C
C C
C C
C
5.40
I C
C
C
C
C
I
C
C
5.40
A
10
I
A
C
C C C
5.40
on
I
A
A
A
5.40
4.80
4.80
4.80
5.70
nemo
4.80
C C C
I
5.70
on
Bosa
4.80
5.40
5.40
I
6.30
I
7.20
I
6.00
4.80
I
7.20
6.00
6.00
7.20
6.00
A
6.00
E6.90E
E
7.20
6.00
6.60
E
A
6.00
A
6.30
A
7.20
6.60
7.20
E6.60 E E E 6.60 E E 6.60 E E
E
C
3
Bovendonks
7.20
6.60
C
H 2564
7.20
6.60
7.20
A
6.90
7.20
5.10
7.20
4.80
7.20
5.10
4.80
4.80
4.80
4.80
I
C
C
C
13
C nemo
7.20
B
5.40
4.80
0 2 .7
A B
4.80
5.70
5.40
5.40
C
C
C
A
5.40
5.40
5.70
7.20
5
A
E E E
7.20
A 5.40
A
B
7.50
c
5.40
11
7.20
C
7.20
E E E E
E E
A
A
C7.20 C7.20 7.20 H 2565 7.20 C C
E E E
E
8
C
7.50
7.50
E c c c
c c
9
E
C
C
B
6.00
7
Bosa
L
5.10
C
B
6.00
E E
6
E 8.50 E E E E E
C7.50
C7.50
I
E E E E
E
7.20
7.20
C
E E E E
E 8.50 E
A7.20
A
em
7.20
A
C
B
elblo
H 2560 A
B
5
8.50
A
I
Sleut
A
C
4
5.10
A A
A
12
L
I I I
6.60
A L
I I I
6.60
L
L
C C C C I
I I I
7.20
L
L
6.00
080711-T008-00.dwg
1
L
6.00
080711-T008-00.dwg
A
E 8.50 E E E
E 8.50 E
L
L
I I I
I I I
7.20
2
3
H 1750
L
B
6.00
A
1
A
A
7.20
A
C
C
C
C
C
5.70
5.40
5.40
5.40
5.40
6.00
B
B
A
6.00
6.00
7.20
5.40
B
A
6.00
C
A
237
B
B
5.40
B
L
A
239
B
5.70
A
235
A
5.40
B
B
B B
A
5.40
B A
aan
7.20
A
rbloeml
7.20
A
A
B
C
5.40
B
5.70
B
A
B
5.40
B
A
C
A
C
7.20
5.40
A
7.20
6.00
C
Pinkste
A
A
7.20
F
6.00
9.00
F F
7.20
6.00
F
F F
02.7
A
9.00
F
A
7.20
A
A
A
5.40
3
6.60
1-23
6.30
I
5.70
6.30
A
F
6.30
F 9.00 F F
9.00
I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I
3 1
7.20
6.60
F
B
6.60
F
F
B
roos
7.20
C
B
6.00
Pioen
6.00
B
B
B
B
B
B
6.00
9.00
9.00
A
F
5.70
F
F
B
F F 9.00
F
7.20
A
F
F
7.20
F F
5.70
B
9.00
B
6.00
A
6.00
7.20
2
7.20
86
90
5.40
C
5.40
C
C
5.40
C
5.40
C
5.40
5.70
5.70
94
C
C
A
5.70
C
A
A 7.20
61
5.70
5.40
7.20
C
H 1837
7.20
5.70
90a
Groen
65
C
5.40
5.40
5.40
5.70
Woningbouwprogramma C
C
C
C
C
61a
H 1839
98b
96
67
98
98a
et
69a
69
73
12
63
75
67a
71
13
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
3.1. EÉN MET HET DONKENLANDSCHAP Het donkenlandschap vormt het fundament van de ontwikkeling. De architectuur van de woningen en openbare ruimte staan ten dienste van het donkenlandschap en zullen dit in verschijningsvorm ondersteunen . De dorpse en landelijke architectuur van de woningen die in vorm, kleur en materialen aansluiten op het donkenlandschap. Alle woningen dragen bij aan deze gebiedsidentiteit, in vorm en tint zijn er verschillen, maar gezamenlijk beleven we het als een homogeen ‘landschap’. Om een goede balans te vinden in de gewenste rust in de architectuur en de gewenste keuzevrijheid voor ontwikkelaars en kopers is een sterk thema gedefinieerd en geldt de opdracht aan de verschillende deelnemers om hun ontwerpen af te stemmen op dat thema. Het thema donkenlandschap kenmert zich in de volgende sferen die doorvertaald worden naar beeldkwaliteit. Onderstaande algemene criteria vormen de basis en worden in de volgende hoofdstukken 4,5 en 6 verder uitgewerkt.
3. KWALITEITSCRITERIA - ALGEMEEN
Algemene criteria 1. Architectuur en landschap als een integrale opgave voor de donken en de velden: woningen, de overgangen van tuinen naar openbaar gebied en het parkeren vormen samen een sterk ensemble waardoor er een logische samenhang ontstaat tussen de bebouwing en het omliggende landschap. 2. Architectonische eenvoud die opgaat in het donkenlandschap. Nostalgische en historiserende architectuur heeft niet de voorkeur. 3. Materialen en kleur van woningen geïnspireerd op de bossen (hout) en de enkeerdgronden (aarde). 4. Architectuur en landschap hebben een natuurlijke ruwheid en variatie. 5. Speciale aandacht voor de overgang binnen-buiten. De natuurlijke omgeving van dit woonmilieu is tevens aanleiding om een aantal duurzame maatregelen toe te passen zoals oppervlakkige hemelwaterafvoer, beperkte of halfopen verharding op eigen terrein maar ook natuurinclusieve maatregelen in het dak en de gevel: bijvoorbeeld groene daken of nestkasten. De kwaliteitscriteria van deze onderwerpen worden tevens in de volgende hoofdstukken 4,5 en 6 behandeld. De betreffende maatregelen zijn onderverdeeld in ‘harde’ criteria en inspiratie om ontwikkelaars en toekomstige bewoners te enthousiasmeren duurzame maatregelen op te pakken.
bebouwing gaat op in het omliggende donkenlandschap
14
15
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024 Legenda
4.1. VARIATIE PER DONK
*
Stedenbouwkundig accent Blikvanger Hoekaccent donk Hoekaccent straat
De beoogde dorpse en landelijke architectuur geïnspireerd op de natuur hangt sterk samen met een gevarieerd Zichtlijnen / ontsluiting
straatbeeld. De variatie kan bereikt worden op verschillende manieren en met verschillende elementen. Ten overgang veld naar donk
eerste is er onderscheid in wonen op de donken of in de velden. In de buurt komen op 3 markante locaties een op de donk
appartementenblok in het veld te staan, criteria hiervoor staan in paragraaf 4.7. Op de donken worden verschillende typologieën gerealiseerd, van rijwoningen, vrijstaande woningen tot twee-onder-één-kap woningen en een Appartementen in het veld
Appartementen op de donk
aantal bijzondere woonvormen. Alleen op de noordoostelijke donk kan een appartementengebouw gerealiseerd Veld
worden. Er gelden een aantal spelregels ten behoeve van variatie die van toepassing zijn op iedere woning ongeacht de typologie. De combinatie van spelregels zorgt voor variatie zonder de samenhang van de donk te Schuren
verliezen.
4. KWALITEITSCRITERIA GEBOUWEN
Tiny houses Verandawoningen
Variatie per donk
Appartementen eigen architectuurstijl Appartementen eigen architectuurstijl Appartementen eigen architectuurstijl Mix architectuurstijlen per donk
080711-T007-00.dwg
variatie per donk
16
080711-T007-00.dwg
17
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
Critria 1. Grondgebonden woning op de donk is een variatie op het principe van één en twee bouwlagen met een eenvoudige kap. 2. Een eenduidige gevellijn die de ortogonale structuur van de straten van de donken begeleidt en versterkt. •
Per straat is de gevellijn op elkaar afgestemd.
•
Afstand perceelsgrens tot aan de woning minimaal 3 meter bij kavels kleiner dan 250 m2.
•
Afstand perceelsgrens tot aan de woning minimaal 5 meter: bij kavels groter dan 250 m2.
•
Afstand perceelsgrens tot aan de woning maximaal 1,5 meter: bij rij woningen in segment sociale/betaalbare huur en betaalbare koop .
•
Afwijkende afstanden zijn toegestaan om eenduidige gevellijn te realiseren en ter plaatste van de hoeken, zie paragraaf 4.2. Hier is maatwerk vereist.
Links: Toe te voegen element (pergola)
3. Om variatie per donk te kunnen realiseren, met een gedifferentieerd straatbeeld wordt als algemene regel
Rechts: Kapverdraaing in combi met rooilijnsprong
gehanteerd dat architecten per donk niet meer dan 2 bouwblokken direct naast elkaar mogen ontwerpen in
Onder:variatie in materiaal, verticale parcellering door hout
dezelfde stijl. Een architectuurstijl mag wel terug komen op een andere donk. 4. Daarnaast wordt door middel van de onderstaande elementen de variatie op straatniveau of bouwblok nog eens vergroot. Tenminste 3 van onderstaande elementen moeten per bouwblok worden toegepast. •
Gevelsprongen; Subtiele gevelsprong heeft betrekking op het bouwblok zelf. Bijvoorbeeld door het vooruitsteken van een dwarskapwoning. Met name bij langer blok helpt dit de diversiteit en reliëf in de gevel te vergroten en het dorpse karakter te versterken.
•
Hoogtesprong: Ook kan er worden gevarieerd met de hoogte van de woningen. Door op specifieke plekken een kap of goot te verhogen, of juist te verlagen, ontstaat een meer afwisselend straatbeeld.
•
Kapverdraaiing: Veelal hebben rijen een langskap. Om een eentonig straatbeeld te voorkomen helpt het om af en toe een dwarskap toe te passen.
•
Toe te voegen elementen; Voor meer variatie in het straatbeeld kunnen ook elementen aan de woningen worden toegevoegd. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om erkers, dakkapellen, pergola, veranda of luifels/ lammelen/luiken. Deze elementen zijn altijd meeontworpen met het hoofdvolume.
•
Variatie in materiaal en kleur: subtiele diversiteit in materiaal en kleurgebruik per woonveld en in de verschillende bouwblokken.
•
Variatie in textuur; de materialen worden toegepast in verschillende grofheid, plasticiteit, metselverbanden en formaat.
5. Het parkeren is landschappelijk ingepast en zoveel mogelijk uit het zicht van de openbare ruimte door middel van kleine parkeerkoffers tussen de woningen en grotere parkeerhoven achter de woningen. 6. Criteria apartementengebouw op de donk, zie paragraaf 4.7.
Definitie architectuurstijl: Het geheel van de kenmerken waardoor de gebouwen van een bepaalde architect en of stijl zich van andere onderscheiden. Variatie: verschil in kenmerken binnen een architectuurstijl Rechts: rooilijnsprong in gevel Links: Afwisselende goothoogte
18
Definitie bouwblok: aaneengesloten hoofdgebouwen Definitie woonweld: een aaneengesloten terrein met bij elkaar behorende bebouwing Gevellijn: De denkbeeldige lijn op een bouwperceel die in het verlengde ligt van de gevel van het hoofdgebouw
19
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
Accenten en hoeken
4.2. ACCENTEN EN HOEKEN In het stedenbouwkundige plan wordt gestreefd naar een diverse beeldcompositie en goede oriëntatie moge-
Legenda
*
Stedenbouwkundig accent Blikvanger
lijkheden in de buurt. Dus geen serie woningen die allen gelijk zijn aan elkaar, maar een opbouw met hiërarchie
Hoekaccent donk
door het realiseren van accenten op verschillende niveaus. Er zijn accenten die van belang zijn voor de uitstraling
Hoekaccent straat
van de hele buurt of het kan gaan om woningen met bijzondere gevels of kappen die in het oog springen.In
Zichtlijnen / ontsluiting
overgang veld naar donk op de donk
onderstaande criteria wordt dit verder geconcretiseerd. Criteria buurtniveau In het stedenbouwkundig ontwerp komen accenten voor op buurtniveau. Dit zijn bijvoorbeeld woningen die
Appartementen in het veld
in zichtassen of op hoekpunten van bijzondere openbare ruimte zijn gesitueerd. Daarom worden deze woningen
Appartementen op de donk
vormgegeven als stedenbouwkundig accent bij de appartementengebouwen en blikvanger bij grondgebonden
Veld
*
Schuren
gemaakt door de architect afhankelijk van type woning en locatie in de buurt:
Tiny houses
1. Alzijdige oriëntatie
Verandawoningen
2. Bijzondere hoekoplossing
Appartementen eigen architectuurstijl Appartementen eigen architectuurstijl Appartementen eigen architectuurstijl
*
woningen. Voor het realiseren van het accent kunnen de volgende elementen worden toegepast. De keuze wordt
Mix architectuurstijlen per donk
3. Markante beëindiging van een kopgevel 4. Een hoger bouwvolume, geheel of gedeeltelijk 5. Gedraaide of hogere kap bij grondgebonden woningen
080711-T007-00.dwg
*
Afbeelding accenten en hoeken
20
Bijzondere hoekoplossing met hoger bouwvolume met overhoeks gevelontwerp
21
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
Criteria gebouwniveau De kleinste schaal van accenten zijn de hoeken op volumeniveau. Deze komen veelvuldig voor en zijn van groot belang voor de diversiteit van de buurt. Er is onderscheid tussen twee verschillende hoeken; de hoeken van woningen aan de straat en aan de donkrand. Hoeken hebben een tweezijdige oriëntatie op zowel de begange grond als de verdiepingen. Blinde gevels zijn niet toegestaan. Bij de hoeken van woningen aan de donkrand is er speciale aandacht voor de overgang binnen-buiten. Dit zijn de plekken aan de donkrand waar de woning direct in contact staan met de natuur van de velden. Voor de hoeken op de donkranden gelden daarom aanvullende criteria om de relatie binnen-buiten te versterken. Voor het realiseren van de hoeken kunnen de volgende elementen worden toegepast. Tenminste 3 van onderstaande elementen (of vergelijkbaar) moeten per hoek worden toegepast. De keuze wordt gemaakt door de architect afhankelijk van type woning en locatie in de buurt: 1. Ramen 2. Entree 3. Erkers 4. Luifels 5. Dakkapellen 6. Aan- en uitbouwen Aanvullende criteria hoek-donkranden: 7. Speciale aandacht voor de overgang binnen-buiten: een open relatie met het donkenlandschap 8. Interieur- en landschapsbeleving door grote openingen in het volume bij ruimten zoals de woonkamer/keuken.
Links: Hoekaccent met raampartijen
9. Een hoek met een overhoekse oriëntatie, overhoeks ontwerp kan doorlopend over meerdere verdiepingen
Rechts: hoekaccent met pergola
10.Het terras als verlengstuk van de woonkamer/keuken.
Onder: Overhoeks ontwerp meeontworpen aanbouw
Hoeken donkranden grote openingen naar het donkenlandschap Aan- en bijgebowen met raamopeningen Grote raamopeningen op hoeken Overkaping/veranda op hoeken
22
Accenten en hoeken
23
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
4.3. KLEUR EN TEXTUUR Natuurlijke materialen en overgangen zorgen voor een zorgvuldige inpassing. De combinatie van natuurlijke materialen en kleuren in zowel de bebouwing als de terreininrichting versterken de samenhang tussen de woningen en het landschap. De kleuren, texturen en materialen refereren naar de leidende principes van het donkenlandschap die in basis bestaat uit de enkeerdgronden van de donken en de bosclusters in het veld. Criteria 1. Materiaalgebruik geïnspireerd door de natuur met een ‘aardse’ oorsprong, zoals klei, leem, natuursteen en Inspiratie voor kleur en textuur
hout. Van het gebruik van natuurlijke materialen kan alleen gemotiveerd worden afgeweken na goedkeuring
Links: Enkeerdgronden(aarde)
van de supervisor. 2. Kleurstelling gevels en kozijnen: passend binnen de twee identiteiten enkeerdgronden en bos, die zich laten
Rechts: Bossen (hout)
vertalen naar een houtachtige en aardse kleurenpallet in een variatie van grijstinten (vergrijsd hout), zand,
Onder: Textuur boomschors
lichtere bruine -herfstige- houtkleuren of meer donkere -schors- houtkleuren of aardetinten. Geen spierwitte tinten of felle (verzadigde) kleuren. In bijlage I is een kleurenpalet opgenomen. 3. De kleur van het dak is een herfst- of leikleur in een mix, genuanceerd of monochroom. Dakpannen zijn mat uitgevoerd, hoogglans is niet toegestaan. Rieten en houten daken zijn toegestaan. Het dak sluit hiermee aan op de kleur van de gevels en de omgeving. In bijlage I is een kleurenpalet opgenomen. 4. Textuur: Hierbij is sprake van robuuste materialen en grove texturen die een reliëf en natuurlijke ruwheid geven aan het huis, een gevel met structuur en tactiliteit. Voorbeelden hiervan zijn houten delen en of handgevormde baksteen. De materialen worden toegepast in verschillende verbanden, plasticiteit, formaat en textuur. Stucgevels zijn toegestaan mits ondergeschikt.
Boven: kleur en materiaal van het dak
24
Linksboven: stuc
Rechtsboven: baksteen met kleurverloop in metselwerk
Liksonder: handgevormde bakstenen met reliëf
Rechtsonder: ruwheid gevel door ander metselverband
Rechts: houtenplanken
en verspringende bakstenen
25
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
4.4. HOUTBELEVING De materialisering van de woning staat dichtbij de bosbeleving door de toepassing van hout en houten accenten in de gevel. Criteria 1. Toepassing van echt hout heeft de voorkeur: kunststof is alleen toegestaan van hoge kwaliteit ‘op hout lijkend met nerf’. 2. Houten gevels of houten gevelvullingen: transparant/semitransparant te behandelen. Lichte pigmentering, oliecoating,verduurzamingsbehandelingen, of shou sugi ban (Japanse houtbewerkingstechniek waarbij het hout wordt verduurzaamd door het een koolstoflaag te geven, meestal door verbranding) zijn mogelijk of vergelijkbaar in kleurstelling. 3. Voor houten deuren en kozijnen zijn dekkende kleuren toegestaan in afstemming met de houten gevels of houten gevelvullingen. 4. Toepassing van hout als accent(en) in de architectonische vormgeving, bijvoorbeeld door het benadrukken van de horizonaliteit, verticaliteit of de overgang van binnen naar buiten. Inspiratie 5. Volledige houtbouw inclusief constructie, kap/setback of volledig houten gevels zijn mogelijk.
Boven:Houtbeleving accent verdieping
26
Links:Houtbeleving met hoekaccent begane grond Bijschrift
Verschillende kleurtoepassingen van hout: Links:hout gebeitst in natuurlijke bruine kleur
Rechtsboven: Houetbeleving volledige verdieping Bijschrift
Rechtsboven: hout natuurlijke vergrijzing
Rechtsonder: volledig houtbouw Bijschrift
Rechtsonder: hout met shou sugi ban behandeling
27
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
4.5. KAPVORM Voor de kapvorm maken we onderscheid tussen de woningen op de donken en in de velden. De grondgebonden woningen en appartementen op de donken zijn voorzien van een kap. De appartementencomplexen in het veld hebben een platte dakafwerking. Criteria donk 1. De hoofdvorm van de grondgebonden woning is bescheiden en bestaat uit één en twee bouwlagen met een kap. 2. Een kap is eenvoudig en kan uitgevoerd worden als een overstekende kap of een niet-overstekende kap. 3. Verschillende kapvormen en hellingshoeken zijn mogelijk. Gebogen, afgetopte en symmetrische gebroken (mansardedak) kappen zijn niet mogelijk. De kapvorm heeft ten minste 1 hellend vlak. 4. Platte daken zijn mogelijk maar zijn ondergeschikt. Voor platte daken gelden aanvullende inspiratie m.b.t. natuurinclusief, zie paragraaf 5.1. 5. Voor patiowoningen en/of levensloopbestendige woningen is het mogelijk dat de eerste (en verdere) verdieping ondergeschikt zijn ten opzichte van de begane grond. De verdieping is voorzien van een kap. Criteria veld 1. De platte dakafwerking zorgt voor eenheid van de appartementencomplexen en onderscheiden zich op deze manier van de woningen op de donken. Voor platte daken gelden aanvullende inspiratie m.b.t. natuurinclusief, Boven: ongelijk zadeldak
zie paragraaf 5.1.
4.6. BIJGEBOUWEN Bijgebouwen (bijkeukens, bergingen, schuurtjes, tuinkasten) in het zicht van de openbare ruimte zijn als onderdeel van het bouwplan meeontworpen en passend bij de architectonische stijl van de woning. Criteria 1. Voor een aantrekkelijk beeld van bebouwing en buitenruimte dienen de beeldbepalende zijgevels, aanbouwen en of hoeken van de woningen verbijzonderd te worden. Dit zijn de koppen van de woningen, grenzend aan de straat en de hoeken van woningen, grenzend aan openbaar groen. 2. Aan- en bijgebouwen in het zicht van de openbare ruimte worden zorgvuldig vormgegeven in aansluiting op de architectuur. 3. Bijgebouwen die met een zijde naar het openbaargebied is gekeerd, zijn ontworpen in samenhang met de erfscheiding en niet zichtbaar vanuit de openbare ruimte. 4. Voor aan- en bijgebouwen die in de zone van de donkrand staan gelden aanvullende criteria m.b.t. landschappelijke inpassing, zie paragraaf 5.2 donkranden. Boven: bijgebouw onderdeel van architectuur Bijschrift Rechtsboven: appartement met platte afdekking Bijschrift
Inspiratie 1. Vergunnigsvrije delen zoals een carport zijn ook passend bij de architectuur van de woning.
Rechtsonder:ongelijk zadeldak Bijschrift
28
29
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
Legenda
*
Appartementen
Stedenbouwkundig accent Blikvanger Hoekaccent donk Hoekaccent straat Zichtlijnen / ontsluiting
overgang veld naar donk op de donk
4.7. APPARTEMENTEN In de buurt komen op 3 markante locaties een appartementenblok in het veld te staan, twee aan de entree van de buurt en een centraal in de buurt tussen de donken. De appartementenblokken zijn landschappelijk ingepast
Appartementen in het veld
1
Appartementen op de donk Veld
Schuren
in het landschap. tussen de 4 en 5 bouwlagen. Criteria appartementen in het veld
Tiny houses
1. De appartementenblokken hebben ieder hun eigen architectuurstijl.
Verandawoningen
2. Sculpturale massa met een alzijdige uitstraling.
Appartementen eigen architectuurstijl Appartementen eigen architectuurstijl Appartementen eigen architectuurstijl Mix architectuurstijlen per donk
080711-T007-00.dwg
door middel van een boscluster en hebben een eigen identiteit. Elk gebouw vormt een stedenbouwkundig accent
3. De sculpturaal ontworpen appartementenblokken vormen een helder en levendig silhouet tussen de bomen 4. Grote raampartijen in combinatie met geïntegreerde terrassen verbindt de woningen met de bomen en het landschap. 5. De appartementenblokken zijn voorzien van een plat dak 6. De bovenste verdieping is bij appartementengebouw 2 en 3 altijd vormgegeven door middel van een setback. 7. Ingebed in het landschap waarbij glooiende lijnen en afgeronde vormen van het landschap terug komen in de gebouwen. De keuze voor de glooiende lijnen is per appartementengebouw verschillend en afhankelijk van het lijnenspel van het landschap ter plaatste van het gebouw. 8. De afgeronde vormen en de gloeiende lijnen verzachten de contouren van het gebouw, waardoor het groen op een ontspannen wijze langs en tussen de gebouwen door kan gaan. 9. Afgeronde vormen en efficiency in bouwen en bruikbaarheid plattegronden worden in samenhang met elkaar afgewogen. 10.Voor de inrichting van het veld wordt aangesloten op het Inrichtingsplan openbare ruimte van Hoeven Zuid,
2
waarbij de velden van openbaar naar privé soepel in elkaar overlopen. 11. Het terras als bijzondere buitenkamer de ultieme schakel vormt tussen de woning en de natuur. 12.Bij de appartementengebouwen (1,2,3) zijn de bergingen passend in de volumes opgenomen en wordt verrommeling voorkomen. Alleen bij appartementengebouwen (1) is een gezamenlijke fietsenstalling buiten het
3
Afbeelding appartementen
30
appartementenblok toegstaan mits landschappelijk ingepast.
appartementen in het veld met afgeronde hoeken
31
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
13.Bij de dure koopappartementen (2) is het parkeren minimaal halfverdiept onder het appartementenblok opgelost. Bij de middeldure koopappartementen (3) is het voor meer dan 50% opgelost middels een gebouwde W
N
Z
O
parkeervoorziening op het maaiveld. De overige parkeerplaatsen worden op het maaiveld landschappelijk ingepast in het veld. Bij sociale huur is een gezamenlijke fietsenstalling buiten het appartementenblok toegstaan mits landschappelijk ingepast. Criteria appartementen op de donk 1. Het appartementenblok is stedenbouwkundig onderdeel van de woningen op de donk. 2. De hoofdbouwmassa van de appartementen wordt gebouwd in twee lagen met een kap. Stedenbouwkundig en architectonisch accent op de hoek.
20
3. Een eenduidige gevellijn die de ortogonale structuur van de straten van de donken begeleidt en versterkt. Per straat is de gevellijn op elkaar afgestemd. 4. Het appartementenblok heeft een langskap met een hellingshoek tussen de 30 en 80 graden. 5. Voor de appartementen op de donk gelden tevens de criteria met betrekking tot de variatie op straatniveau of bouwblok. Zie hiervoor paragraaf 4.1 Variatie per donk criteria 4. 6. De representatieve gevels zijn gesitueerd aan de belangrijkste openbare ruimte, de watergang/wadi, met hun gevelopeningen gericht naar de openbare ruimte.
Boven: appartement met afgeronde hoeken Rechtsboven: Sculpturaal gebouw met afgronde hoeken
7. Hoekappartementen hebben een dubbele gerichtheid naar beide openbare zijden.
Rechtsonder: Alzijdig gebouw met relief in gevel
8. Balkons/loggia’s zijn zorgvuldig vormgegeven en zijn onderdeel van de architectuur. 9. Parkeren is landschappelijk ingepast en zoveel mogelijk uit het zicht van de openbare ruimte.
Linksboven:appartementengebouw in boscluster Linksonder: gebouwd parkeren landschappelijk ingepast Rechts:verdiept parkeren landschappelijk ingepast
32
appartementengebouw op de donk
33
*
Blikvanger Hoekaccent donk Hoekaccent straat
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
Zichtlijnen / ontsluiting
Woonvormen
overgang veld naar donk op de donk
Appartementen in het veld Appartementen op de donk Veld
Schuren Tiny houses Vrijstaand compact Verandawoningen
Appartementen eigen architectuurstijl Appartementen eigen architectuurstijl Appartementen eigen architectuurstijl Mix architectuurstijlen per donk
080711-T007-00.dwg
4.8. BIJZONDERE WOONVORMEN In het zuiden van het plan komen verschillende typen van bijzondere woonvormen voor waar duurzaamheid en collectiviteit een belangrijke rol spelen. De typologie van de schuren en verandawoningen passen binnen de sfeer van het agrarisch lint van de Bovenstraat. De Tiny houses en vrijstaand compact vormen een onderdeel van de donk. Tiny House-vrijstaand compact Een Tiny House ien vrjstaand compact zijn woonvormen die inspelen op een maatschappelijke vraag naar betaalbaar, klein, vrijstaand en duurzaam wonen. Deze woonvorm resulteert in afwijkingen op traditionele woonen bouwwijzen. De locatie deze typologie zijn aangewezen in het stedenbouwkundig plan door middel van het woonveld Tiny Houses met 8 woningen en compact vrijstaand met 4 woningen. Criteria Tiny House 1. Een TH is esthetisch vormgegeven en sluit aan op het donkenlandschap, zie algemene criteria paragraaf 3.1. De te realiseren TH spreken meteen tot de verbeelding omdat ze met vakmanschap, oog voor detail en veel aandacht voor het ontwerp zijn uitgevoerd. 2. De woningen staan in de orthogonale structuur van de donk en hebben aan de openbare straat een eenduidige rooilijn van minimaal 3 meter. 3. Verrommeling met aanbouwen moet worden voorkomen. Aanbouwen en of veranda’s behoren bij de maximale oppervlaktemaat conform het geldende bestemmingsplan van het TH. 4.
Een TH moet aan esthetische en duurzame eisen voldoen conform de regels van het bouwbesluit 2012 (of opvolgende wetgeving) voor woningen, dan wel middels gelijkwaardige oplossingen, inclusief actuele en toekomstige wijzigingen. 5. Kampeermiddelen zoals een stacaravan, caravan of camper zijn uitgesloten. 6. De kleur en materialen sluiten aan op de criteria van de gehele buurt, zie de criteria van paragraaf 4.3 en 4.4. 7. Voor de TH geldt een kapverplichting met minimaal één hellend vlak, zie verder criteria 4.5 kapvorm. 8. Voor TH is ‘groen wonen’ het uitgangspunt. Ze zijn landschappelijk ingepast in aansluiting op het inrichtingsplan openbare ruimte. Voor de inrichting van het woonveld wordt verharding tot een minimum beperkt, en een collectieve tuin of plek wordt gestimuleerd, zie ook criteria hoofdstuk 5 over groen en water. 9. Erfafscheidingen zijn natuurlijk en hiervoor gelden de criteria zoals opgesteld in paragraaf 5.2 en 5.3. 10.De energieopwekking en alle overige zichtbare technische installaties vormen een integraal onderdeel van de TH en/of bijgebouw. Zie verder de criteria van paragraaf 6.1. Criteria vrijstaand compact 1. Deze typologie is een woonvorm die inspeelt op de categorie vrijstaand in het betaalbare segemt. Deze woonvorm sluit aan op de criteria van de gehele buurt als onderdeel van een donk. 2.
Het bouwvolume van de woning en de grote van het kavel moeten met elkaar in verhouding zijn, de maximale m3 van de woning is circa 400m3 bij een kavel van circa 300m2.
Afbeelding bijzondere woonvormen
34
35
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
Criteria schuur woningen 1. De schuurwoningen worden vormgegeven als een rug aan rug woning 2. Het woongebouw is eenvoudig en staafvormig en is geïnspireerd op een boeren schuur 3. De schuurwoningen hebben overwegend een lage goothoogte op de overgang van begane grond naar 1e verdieping. 4. Hoewel er in het woongebouw meerdere wooneenheden komen, komt dit in de architectuur niet nadrukkelijk tot uitdrukking. Het wordt als geheel vormgegeven 5. De kopgevel aan de Bovendonksestraat is een representatieve gevel 6. Het materiaal van de schuren bestaat bij voorkeur voornamelijk uit hout in combinatie met baksteen 7. De schuurwoning is afgedekt met een zadeldak 8. Dakkapellen zijn toegestaan maar ondergeschikt aan het hoofdvolume en onderdeel van de architectuur, bv ter plaatse van een hogere goot. 9. De dakramen dienen bescheiden van omvang te zijn, zij mogen niet groter zijn dan de ramen in de gevel 10.Uitbouwen zijn niet toegestaan aan de hoofdvolumes, zij tasten de karakteristiek van de schuur aan. 11. Er worden lage erfafscheidingen toegepast grenzend aan het openbaar gebied, zie paragraaf 5.3. Hogere erfafscheidingen ten behoeve van privacy zijn onderdeel van de architectuur. Criteria veranda woningen 1. De woningen worden ontworpen met een collectieve tuin. 2. De woningen hebben overwegend een lage goothoogte op de overgang van begane grond naar 1e verdieping.
Boven: tiny house Rechtsboven: tiny house Rechts collectieve tuin
3. De collectieve tuin versterkt het collectieve karakter van de woningen. 4. Aan de woning wordt een bouwkundig element toegevoegd dat de relatie legt tussen de woning en collectieve binnentuin en tevens zorgt voor maximale beleving van de tuin. 5. Het bouwkundig element is het verlengde van de leefruimte en loopt op een natuurlijke manier over in de collectieve tuin. 6. De bouwblokken vormen architectonisch een ensemble. 7. Dakkapellen zijn toegestaan maar ondergeschikt aan het hoofdvolume. 8. De dakramen dienen bescheiden van omvang te zijn, zij mogen niet groter zijn dan de ramen in de gevel. 9. Uitbouwen zijn alleen toegestaan als hiermee het collectieve karakter van de woning behouden blijft. 10.Er worden lage erfafscheidngen toegepast, zie paragraaf 5.3. Hogere erfafscheidingen ten behoeve van privacy zijn onderdeel van de architectuur.
Boven: schuurwoning Rechtsboven: veranda aan de woning Rechtsonder: terras met maximale tuinbeleving
36
37
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
5.1. NATUURINCLUSIEF De drager van de buurt is de robuuste water- en groenstructuur bestaande uit de donken, velden en watergangen met ieder hun eigen kenmerken in aansluiting op de omgeving. De inrichting van het groen is biodivers en de oevers zijn ruig en natuurlijk. Dit wordt verder uitgewerkt in het Inrichtingsplan Openbare Ruimte dat is opgesteld door de gemeente. Zowel vanuit de woningen als voor de passant door de buurt is water en groen telkens te beleven. Doel is dus om dit maximaal te benutten als kwaliteit voor mens en milieu. Criteria 1. Voor het maken van de juiste keuzes voor natuurinclusieve maatregelen zoals nestkasten en groene gevels voor de woningen is het van belang om in een vroeg stadium een ecoloog te betrekken bij het ontwerp.
5. KWALITEITSCRITERIA GROEN EN WATER
De gemeente stelt daarom een ecologisch plan op als onderdeel van het inrichtingsplan openbare ruimte met daarbij criteria voor de woningen en inspiratie voor de tuinen. Hierbij wordt rekening gehouden met het wooncomfort van de bewoners. 2. Natuurinclusieve maatregelen zijn een geïntegreerd onderdeel van de architectuur. 3. De juiste oriëntatie en kleur van verlichting om lichtvervuiling en ecologische schade te voorkomen. 4. Ook wordt er ruimte vrij gehouden voor avontuurlijke speelplaatsen in een groene setting. Hier kunnen kinderen op een actieve manier de natuur ontdekken. Voor de speeltoestellen worden natuurlijke materialen gebruikt. Inspiratie 5. Groene ruimte (tuin) tussen de woningen in een straat en groene daken wordt gestimuleerd. 6. Toepassen van biobased en circulaire materialen wordt gestimuleerd.
Links boven: biobased isolatie d.m.v. stro Links onder: groene gevels Rechts boven: nestkasten Rechtsonder: natuurlijk spelen
38
39
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
Donkranden Legenda
*
Stedenbouwkundig accent Blikvanger Hoekaccent donk Hoekaccent straat Zichtlijnen / ontsluiting
overgang veld naar donk
5.2. DONKRANDEN Het stedenbouwkundig plan voorziet in donken met een naar binnen gekeerde ontsluiting waardoor achterkanten- en of zijkanten van kavels naar de velden en laagtes zijn gesitueerd met uitzondering van een aantal accenten, zie paragraaf 4.4.
op de donk
Criteria Appartementen in het veld Appartementen op de donk Veld
1. Op de grens van de donken met de velden/laagtes, de zogenaamde donkranden, is er een natuurlijke scheiding tussen wat openbaar en wat privé is. Vanuit de woningen als voor de passant door de buurt is water en groen telkens beleefbaar.
Schuren Tiny houses Verandawoningen
Appartementen eigen architectuurstijl Appartementen eigen architectuurstijl Appartementen eigen architectuurstijl Mix architectuurstijlen per donk
080711-T007-00.dwg
Afbeelding donkranden
40
2. De donkrand bestaat uit een beplantingszone in het openbaar gebied grenzend aan het privé kavel. 3. Het openbare deel van de donkrand bestaat uit de overgang van veld naar donk. De donkrand vormt een integraal ontwerp als onderdeel van het inrichtingsplan openbare ruimte 4. De donkrand en het hoogteverschil tussen velden en donken zorgen voor privacy van de privé kavels 5. In de donkrand worden de hoogteverschillen tussen de donken en de velden/laagtes zorgvuldig ontworpen. 6. De overgang van openbare donkrand naar kavel wordt zorgvuldig op elkaar afgestemd. De criteria en inspiratie voor de particuliere erfafscheidingen en inrichting eigenterrein staan toegelicht in paragraaf 5.3 en 5.4.
Donkrand: hoogteverschil tussen het veld en de donk met kwlitatieve overgang
41
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
5.3. ERFAFSCHEIDINGEN Natuurlijke erfafscheidingen kunnen bereikt worden met een houten erfafscheiding, maar er zijn ook veel mogelijkheden als er wordt gekozen voor een groene erfafscheiding. Dit zorgt niet alleen voor voldoende privacy, maar het kan de tuin ook omtoveren tot een mooie natuurlijke plek waar bijvoorbeeld vogels, egels en eekhoorns graag onderdeel van uit maken. Hiermee wordt er bijgedragen aan een natuurinclusieve buurt waar verschillende plant- en diersoorten zich thuis kunnen voelen. Criteria erfafscheidingen aan de straat en plantsoenen 1. Aansluitend bij de dorpse en ruige uitstraling die de buurt moet krijgen wordt op de plekken die grenzen aan de openbare ruimte natuurlijke erfafscheidingen gerealiseerd. Combinatie met transparant hekwerk is mogelijk. De type beplanting en toepassingen van hout is opgenomen in het beplantingspaspoort van het inrichtingsplan openbare ruimte. 2. Aan de voorzijde zijn deze erfscheidingen maximaal 1 meter hoog. 3. Aan de zij- en achterzijde zijn, in verband met de privacy, hoge erfafscheidingen van maximaal 2 meter toegestaan. Muren en dichte schuttingen zijn niet toegestaan. Boven: erfafscheidingen, hout takkenril, beplanting
4. Voor de overgang bij zijtuinen op hoekpercelen van de lage naar de hoge erfafscheiding geldt in principe dat de lage erfafscheiding (minimaal) 1/3 van de zijgevel van de woning beslaat en de hoge erfafscheiding (maximaal) 2/3. Het karakter van de zijgevel als voorgevel (entree, raampartijen) is daarbij medebepalend. 5. Bij sociale woningbouw een privé stoep begrenst door een openbare haag of beplantingsstrook. Aanvullende criteria erfafscheidingen als onderdeel van de donkrand 1. Zij- en achtererfgrenzen die liggen in de donkrand dienen met grote zorgvuldigheid ontworpen te worden. Bij deze erfafscheidingen wordt er gekeken naar goede aanvulling op de biodiversiteit en passende overgang van openbaar naar prive. Denk hierbij aan bijvoorbeeld een takkenril, schapenhek, struweel en het toepassen van zoom- en ruigtevegetatie in aansluiting op het juiste natuurdoeltype. 2. Eventele bergingen/bijgebouwen staan niet direct op de achter of zijerfgrens, de erfafscheiding staat op de erfgrens waardoor de gevels van de bijgebouwen niet volledig zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte en de erfafscheidingen een continu beeld vormt 3. Daarnaast verdienen deze erfafscheidingen extra aandacht in verband met de passeerbaarheid voor dieren tussen de tuin en de velden.
Dit kan door het toepassen van beplanting of het maken van een onderdoorgang en ruimte om voedsel en nestgelegenheid te vinden. Inspiratie Het inrichtingsplan voor de openbare ruimte wordt in overleg met een ecoloog opgesteld. Dit inrichtingsplan openbare ruimte geeft advies en inspiratie over de beplantingskeuze van erfafscheidingen: 1. De keuze voor beplanting passend bij de locatie-specifieke natuurdoeltype van het bos, donken, velden en watergangen. 2. Aangezien het hoogteverschil van de donken voor een groot deel al zorgen voor privacy is het ter plekke van
Boven: privestoep met collectieve afscheiding beplanting Rechts: parkeren landschappelijk ingepast
42
de donkrand niet essentieel om hoge erfafscheidingen te plaatsen. Lagere begroeiing zoals zoombeplanting past hier ecologisch gezien beter. Waardoor je vanuit je woning en tuin vrij uitzicht hebt op groen.
43
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
5.4. INRICHTING EIGENTERREIN Naast de openbare ruimte en de erfafscheidingen wordt er ook zoveel mogelijk aan de tuinen een natuurlijk karakter gegeven. Tuinen zijn gelegen op de donk of (deels) in de donkrand. Het inrichtingsplan voor de openbare ruimte wordt in overleg met een ecoloog opgesteld. Dit inrichtingsplan openbare ruimte geeft advies en inspiratie over materiaalgebruik en de beplantingskeuze voor tuinen. Een natuurlijk tuinontwerp maakt van je tuin een plek waar mensen, dieren en planten in harmonie samen kunnen leven. Met een natuurvriendelijke tuin help je de natuur een handje en kun je zelf genieten van een heerlijke tuin met veel belevingswaarde. Daarnaast draagt een natuurlijke tuin bij aan de klimaatbestendigheid en is ook onderhoudsvriendelijk. Boven: natuurlijke tuin Onder: open bestratingsmaterialen
Inspiratie tuin 1. Tuinbeplanting bij voorkeur met verwantschap met de vegetatie van de omgeving in aansluiting op het inrichtingsplan openbare ruimte passend bij de locatie specifieke natuurdoeltype van het bos, donken, velden en watergangen. 2. De bestrating op eigen terrein sluit in maatvoering en grondtoon aan op het karakter van de bestrating in het openbaar gebied. 3. Om de infiltratiedonken goed te kunnen laten functioneren en water zo lang mogelijk in de donk vast te houden wordt verharding op eigen terrein bij voorkeur terughoudend toegepast en in een opengewerkt bestratingsverband en of grastegels aangelegd.
Boven: beplanting voor insecten Rechts: tuingrind voor goede infiltratie
44
45
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
5.5. INFILTREREN EN OPPERVLAKKIG AFVOEREN Voor Hoeven Zuid is een watersysteem ontworpen gericht op vasthouden en infiltreren. De openbare ruimte speelt hierbij een belangrijke rol maar ook de particuliere kavels. Het principe van het watersysteem bestaat uit de infiltratiedonken, velden en laagtes. Het watersysteem wordt uitgewerkt middels een inrichtingsplan voor de openbare ruimte en een waterhuishoudkundig plan. Criteria 1. De donken fungeren als infiltratiedonken. Om de infiltratiedonken goed te kunnen laten functioneren/infiltreren wordt verharding in de openbare ruimte en op eigen terrein bij voorkeur terughoudend toegepast en in een opengewerkt bestratingsverband en of grastegels aangelegd. 2. Op eigen terrein wordt conform de criteria in het GemeentelijkWaterPlan de vereiste hoeveelheid mm waterberging geïnfiltreerd. 3. Het regenwater van de daken en kavels wat niet infiltreert dient afgekoppeld te worden naar het openbaar gebied. 4. Aan de voorzijde van de woning wordt het regenwater van het dakvlak en terras afgekoppeld op eigen terrein. 5. Gootstroken in het openbaar gebied voeren het regenwater af naar de velden en de watergangen.
verschillende vormen van open bestrating overgang van boom naar trottoir of rijbaan is diffuus
waterbergen, infiltreren en afvoeren op eigen terrein met b.v. regentonnen, wadi, molgoten
46
Infiltratie d.m.v wadi’s in de velden en laagtes
47
Beeldkwaliteitsplan Bosvenne Hoeven Zuid, augustus 2024
6.1. ZONNEPANELEN EN INSTALLATIES Bij het ontwerp van woningen en inrichting van kavels wordt rekening gehouden met de huidige eisen op het gebied van energieprestatie en duurzaamheid. Hiermee is gestreefd naar een optimale oriëntatie van dakvlakken met zonnepanelen en zonnecollectoren. Zonnepanelen en warmtepompen worden onderdeel van de architectuur. Installaties en toebehoren anders dan zonnepanelen staan buiten het zicht van de openbare ruimte. Criteria 1. Zonnepanelen en installaties zoals warmtepompen worden onderdeel van de architectuur. 2. De toepassing van zonnepanelen dient de uitstraling van de woning ten goede te komen door deze te integreren in het ontwerp, zodanig dat de panelen geen afbreuk doen aan het aanzicht van de woning.
6. KWALITEITSCRITERIA ENERGIE
3. Installaties en toebehoren anders dan zonnepanelen zijn zoveel mogelijk gesitueerd buiten het zicht van de openbare ruimte en zijn indien zichtbaar vanaf de openbare ruimte bouwkundig en/of landschappelijk ingepast. Inspiratie 1. Bij de toepassing van zonnepanelen (PV-panelen) dient rekening gehouden te worden met de bomenontwikkeling door de panelen strategisch te plaatsen ten opzichte van de zon én bomen. Op een aantal plekken zullen de nieuwe bomen pas na enige tijd schaduw geven op de kavel. Bij de plaatsing van zonnepanelen dient hier rekening mee gehouden te worden. 2. Toepassen van nieuwe technologische ontwikkelingen op het gebied van energie.