CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Raadssessie RV Jong in Haarlemmermeer opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg), 11 februari 2021.pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 11 februari 2021, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: Verslagen van deze vergadering9.083 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VERSLAG VAN DE SESSIE VAN DE RAAD DER GEMEENTE HAARLEMMERMEER OP DONDERDAG 11 FEBRUARI 2021 Onderwerp:

RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (2020.0003103)

Voorzitter:

dhr. J.C. Koomen

De leden: dhr. R. Ahmed Khatab, dhr. M.L. Beusenberg, dhr. E. Boscher, mw. A.E. Gumbert, dhr. C. el Idrissi, mw. J.B. Kamsteeg, dhr. R. Kenselaar, mw. A.P. Maat, mw. C.F.M. van der Meij, dhr. P.C.I. Meijer, mw. T.M.H. Reesink, dhr. J.P.H. de Vries Griffier: dhr. P. van Heesewijk Portefeuillehouders: mw. M. Steffens-van de Water Insprekers: Geen

De VOORZITTER: Goedenavond allemaal, ik heropen met een hamerslag het vervolg op de sessie van 21 januari jl. over het raadsvoorstel Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden – allebei niet eenvoudig – wat u al heeft kunnen bespreken met elkaar, maar u had graag meer tijd voor zo'n belangrijk onderwerp. Die tijd hebben we vanavond. En wel een uur. Ik wil er ook nog even op wijzen dat u afgelopen week twee brieven heeft ontvangen. Wie de mailbox in de gaten heeft gehouden, heeft ze allebei kunnen zien. Een brief met antwoorden op de openstaande vragen uit de vorige sessie, die is bijgevoegd in iBabs, en een brief van afgelopen dinsdag waarin specifiek wordt ingegaan op de coronaperiode nu en wat we doen voor onze jongeren nu en in de komende periode. Ik hoop dat u daarvan kennis heeft kunnen nemen. We hebben nu vrij debat dus het is in principe aan degenen die het woord als eerste willen voeren. Ik stel voor dat u in de chat meldt wanneer u het woord wilt voeren en het handje gebruikt voor interrupties om op korte termijn te reageren. Dan stelt er nog iemand een technische vraag, waar we op zullen reageren. Misschien moeten we even beginnen met de vraag of de brief voldoende helder is voor u. Dan kijk ik even in de chat wie als eerste het woord wil voeren om af te trappen. Ja, mevrouw Van der Meij, u staat bovenaan.

Mevrouw VAN DER MEIJ: Voorzitter, ik sta misschien bovenaan maar mijnheer Boscher had zich eerder gemeld dus ik sta mijn plaats af aan mijnheer Boscher. De VOORZITTER: Wat beleefd. Mijnheer Boscher gaat uw gang. De heer BOSCHER: Dank u wel voorzitter, vorige keer hadden we een leuke discussie over jeugd en corona. Soms is het ook wel eens mooi dat een debat eventjes kan rijpen, om het zo maar te zeggen. Nu, twee brieven verder en nadat we er onderling als woordvoerders een beetje over hebben gesproken met de brief van het college met de antwoorden op de vragen die waren gesteld en de brief over de coronamaatregelen. Die schetsen een goed beeld en daar zijn we erg tevreden mee. Bij mij, en ik weet ook bij andere partijen, blijft nog wel hangen dat veel maatregelen natuurlijk op de korte termijn zijn en wij hebben ook wel behoefte om bijvoorbeeld over een jaar eens met een evaluatie terug te kijken en even een stand van zaken te geven op dit onderwerp, de coronaeffecten op onze jeugd, om dat dan weer aan de orde te stellen. Ik hoor graag van de wethouder of zij dat een goed idee vindt en ik kan me haast niet voorstellen dat ze dat niet vindt, en of andere raadsleden er ook behoefte aan

Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

1

hebben om toch over een jaar weer goed daarover te worden geïnformeerd en dan te kijken of er misschien nog meer nodig is bijvoorbeeld. Dank u wel. De VOORZITTER: Dat is een concrete vraag. Dan lijkt het me goed die als eerste op te pakken om het te kunnen volgen. Mijnheer Boscher vraagt of u het een goed idee vindt om hier binnen een jaar weer over te spreken, als ik het goed zeg. Wie wil daarop reageren? Dat kunt u doen door een handje op te steken. Mevrouw Van der Meij. Mevrouw VAN DER MEIJ: Dank u wel voorzitter, vandaar dat ik mijnheer Boscher als eerste het woord gaf want dat was iets wat we onderling al een beetje met elkaar hadden afgesproken. Voor een groot deel sluiten we daar zeker bij aan. Het blijft zo dat het jeugdbeleid zoals dat nu voorligt, waar we over moeten stemmen, onze instemming wel kan wegdragen maar dat het stukje corona daar niet in meegenomen is. Het is lastig om dat toe te voegen, maar dat blijft knagen en dat blijft ook knagen doordat er iedere dag weer dingen wijzigen; vandaag of net weer een bericht over de eindexamens en er wordt verzocht een deltaplan voor de jeugd op te stellen. D66 blijft zich een beetje zorgen maken over de groep jeugd die niet bereikt wordt door de maatregelen die nu al ingezet zijn.

Wat bedoel ik daarmee? Naar een jeugdsoos gaat niet iedereen en de groep kwetsbare kinderen is natuurlijk vele malen groter geworden dan die in het verleden was. Het gaat om een heel ander type. Het gaat niet om de jongere die geen beschikking heeft over een iPad om de les te volgen, ook de jongere die wel die iPad heeft om die les te volgen, heeft inmiddels echt wel problemen met de coronacrisis die er is. Over die groep zouden we ook op de hoogte willen worden gehouden. Dus wat betreft het voorstel van mijnheer Boscher om daar over een jaar met elkaar over te spreken, graag. Ik hoop dat de toezegging van de wethouder komt. Daarnaast willen we graag aan de hand meegenomen worden op het moment dat zo'n deltaplan bijvoorbeeld zich ontwikkelt. Hoe gaan we dat dan bij ons in de gemeente vormgeven? Dus ik hoop dat we het nog iets kunnen preciseren en wellicht nog wat meer uitbreiden dan alleen over een jaar terugkijken. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel, dan kijk ik naar andere raadsleden die daarop willen reageren. Zowel op de vraag van mijnheer Boscher als de aanvulling van mevrouw Van der Meij. Mevrouw Reesink. Mevrouw REESINK: Dank u wel voorzitter. We vinden het ook zonde dat een grote groep jongeren een beetje niet genoemd wordt, die slaan we over. Bijvoorbeeld kinderen met obesitas, kinderen met echt heel veel problemen thuis, dat zijn wel dingen die ik hier mis.

De VOORZITTER: Sorry, ik werd even afgeleid, maar dat hoort erbij. Mevrouw Gumbert, gaat uw gang. Mevrouw GUMBERT: Dank u wel voorzitter. GroenLinks is het helemaal eens met een verzoek om specifiek de coronagevolgen voor jongeren eerder te evalueren, bijvoorbeeld over een jaar. En inderdaad, zoals mevrouw Van der Meij zegt, ook moet dan duidelijk zijn wat er eventueel voor structurele maatregelen nodig zijn want de maatregelen die genoemd staan in de brief van deze week, gaan heel erg over wat er nu gebeurt en wat er de komende weken gebeurt. Dit is echt wel een groter probleem dus we willen heel graag voorkomen dat er structurele problemen ontstaan. Daarom willen we ook graag snel kunnen reageren op wat er nodig is. Dus we sluiten aan bij het verzoek om daar op korte termijn op terug te komen. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel. mevrouw Kamsteeg gaat uw gang. Mevrouw KAMSTEEG: Dank u wel. ik kan me helemaal aansluiten bij mijnheer Boscher en D66. Mevrouw Van der Meij maaide al het gras voor mijn voeten weg. Eergisteren kwam er een bericht naar Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

2

buiten dat acht op de tien jongeren inmiddels tegen een burn-out aanzit. Dus het lijkt me heel belangrijk om deze groep goed in de gaten te houden. Ik zie het ook bij mijn eigen kinderen, iedere keer als er toch weer wat verslechtert, de moedeloosheid begint er goed in te komen. Zo van 'wanneer houdt het nou eens op?' Daar moeten we zeker aandacht voor hebben. Ik ben zeker voor een eerdere evaluatie en ik las dat dat ook het advies van de Participatieraad was dus het lijkt me heel nuttig en ik hoop net als mijnheer Boscher dat de wethouder dat gaat toezeggen. De VOORZITTER: Dank u wel. Nog een vraag om een toezegging, die telt de wethouder vast op, dan gaan we naar mevrouw Maat van het CDA. Mevrouw MAAT: Dank u wel voorzitter. Mevrouw Van der Meij zei het al, we hebben het hierover gehad en ook het CDA kan zich hierbij aansluiten. Wij vinden het een goed plan om vooral jongeren in coronatijd te blijven monitoren want zoals al eerder gezegd, er komen steeds meer berichten naar buiten en het ziet er niet goed uit. Het CDA vindt het belangrijk dat we niet vergeten dat er heel veel verschillende groepen jongeren zijn. Als we de brief lezen, doet de gemeente ook al heel erg veel, maar ik kan jullie vertellen, er is een ding dat de jeugd wil en dat is gewoon weer bij elkaar komen, een feestje kunnen houden, met elkaar wijntjes kunnen drinken, het gezellig hebben.

Dat gaat nu gewoon niet omdat we in een crisis zitten. Dus ik wil daarbij ook zeggen: het is super wat de gemeente allemaal doet, maar aan ons in een Zoommeeting zetten met vreemden hebben we geen behoefte. We zijn inderdaad gewoon moe en we zijn het zat, maar zoals Hugo de Jonge het ook zegt, er is licht aan het eind van de tunnel en we kijken daar als jeugd ook echt enorm naar uit. Ik denk dat het heel goed is om te blijven monitoren en vooral ook in te zetten op de communicatiemiddelen 'voel ik een burn-out aankomen, zijn we eenzaam, waar kan ik dan terecht?' We moeten als gemeente ook wel kijken wat we dan concreet kunnen doen en wat er dan nut heeft. Dat wil ik nog even meegeven. De VOORZITTER: Dank u wel. Als iemand wil interrumperen, moet u dat even duidelijk maken, anders ga ik gewoon uit van de spreekvolgorde. Mijnheer El Idrissi, gaat uw gang. De heer EL IDRISSI: Dank voorzitter, ik hoor alle geluiden en ik denk dat we allemaal, met alle partijen en de woordvoerders die hier zitten, dezelfde zorgen hebben: de zorgen over onze jongeren, dat het psychisch niet goed gaat met een heel groot deel van ze. Dat heeft gewoonweg ook te maken, en mevrouw Maat geeft goed aan, met de crisis waarin we ons nu bevinden. Dat is ook een heel logische beredenering.

De vraag is: hoe gaan we daar nu mee om? Mijnheer Boscher gaf aan' evalueren' en het lijkt me sowieso goed om na een bepaalde periode een evaluatie te doen 'hoe staat het nu met onze jeugd?' Dat lijkt me een prima plan en volgens mij kan niemand daarop tegen zijn. HAP dus ook niet. Ik heb een aantal dingen gehoord. Mevrouw Reesink zei 'groepen die niet genoemd worden'. Dan vraag ik me af welke groepen dat zijn. Obesitasgroepen noemde u die, ik heb dat nergens terug kunnen lezen mevrouw Reesink, ik zou graag willen weten als het ergens staat, dan hoor ik dat graag en dan kan ik dat even zelf teruglezen. Dus ik denk: evaluatie prima. Ik had het graag in deze sessie willen hebben over het jeugdbeleid dat nu voorligt. Het gaat nu vooralsnog over corona en de gevolgen van corona. Ik had gevraagd dat separaat te behandelen maar dat doen we vooralsnog niet, dus ik vind het prima om dat nu ook zo te doen. De VOORZITTER: Ik onderbreek u even want er is een interruptie, voordat u doorgaat, anders zijn we dat kwijt. Mevrouw Reesink wil graag reageren. Mevrouw REESINK: Dank u wel voorzitter, ik wil heel graag reageren op mijnheer El Idrissi. Het document begint ermee dat 90% van onze kinderen gezond zijn en een gezond gewicht hebben en dat betekent 10% niet.

Die worden een beetje vergeten in het stuk, heb ik het idee en bovendien heb ik maar een keer de woorden 'huiselijk geweld' terug zien komen. Ik heb wel in de beantwoording van de Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

3

vragen van de portefeuillehouder daar een reactie op gekregen, maar dat neemt niet weg dat ik het hierin mis. De VOORZITTER: Dank u wel. Mijnheer El Idrissi, gaat u verder of reageert u daarop. De heer EL IDRISSI: Dat kan, dat gevoel kunt u hebben en er komt inderdaad een visie aan over huiselijk geweld. Die komt onze kant op en daar zal beleid in komen en volgens mij wordt u daarmee geholpen. En inderdaad, u zegt dat geen rekening mee wordt gehouden met die 10%, maar daar ben ik het niet helemaal mee eens. Dit gaat over onze jeugd, de algehele groep, het jeugdbeleid dat voor ons ligt. Dus daar ben ik het niet helemaal mee eens. De VOORZITTER: Wilt u daar nog op reageren? Anders ga ik naar mijnheer Boscher. Mevrouw Reesink? Mevrouw REESINK: Ja, daar wil ik wel op reageren. Het klopt dat we op onze wenken worden bediend wat betreft huiselijk geweld en dat heb ik net ook aangegeven, maar ik vind het niet helemaal kunnen dat als je een document begint met het feit dat 90% van onze jeugd gezond leeft, die 10% dan niet zo heel veel meer terug komt in het stuk. Maar daarover kunnen we van mening verschillen. De VOORZITTER: Dank u wel. Mijnheer Boscher ook op dit punt? De heer BOSCHER: Ja. Het viel me in het vorige debat ook op dat mijnheer El Idrissi de dingen heel erg gescheiden ziet, het jeugdbeleid en corona, terwijl als ik het stuk lees, ik dat niet meer los van elkaar kan zien.

Ook voor de komende jaren denk ik niet dat we het los van elkaar kunnen zien en dat dat helemaal in elkaar vervlochten zit. Dat is geen waardeoordeel over het jeugdbeleid dat voorligt want dat is goed. Maar ik denk dat er aspecten zijn die met corona te maken hebben waar gewoon extra aandacht voor nodig is en dat blijkt wel uit de brief van het college. Maar ik denk ook dat dat niet iets is dat binnen een maand is opgelost, dat zal de komende jaren nog na-ijlen. Dus in die zin vind ik het wel onderdeel van het jeugdbeleid. De VOORZITTER: Helder, dank u wel. Mijnheer Meijer, wilt u ook op dit punt reageren of sluit u zich aan bij de sprekersvolgorde? De heer MEIJER: Ik sluit me even aan, voorzitter. De VOORZITTER: Helder, genoteerd. Dan gaan we terug naar mijnheer El Idrissi op dit punt. De heer EL IDRISSI: Daar verschillen we van mening, mijnheer Boscher. Het is niet zo dat ik denk… Als je het inhoudelijk goed ergens over wilt hebben, en dat moet je doen, vooral als het gaat om dit soort belangrijke vraagstukken zoals de jeugd, dan zie ik dat wel als separaat onderdeel. Dus als je het echt wilt hebben over de gevolgen van corona op de jeugd, zou je daar een volle sessie voor vrij moeten maken. Net zoals we bij alle andere programma's doen, op het gebied van financiën doen we dat, op het gebied van noem maar op.

De gevolgen van corona komen altijd separaat aan de orde en dan kun je grondig kijken 'wat kunnen we nu effectief en efficiënt voor onze jeugd doen?' Dan kun je echt tot iets komen en daar zitten we hier denk ik voor, om echt met maatregelen te komen die onze jeugd uit de crisis gaat helpen. Dat was ook mijn punt de vorige keer. Als we dat met z'n allen goed willen doen, laten we dat dan op die manier doen en dat was enigszins onduidelijk voor mij, dat was waarom ik er ook naar vroeg, waar gaan we het precies over hebben? De VOORZITTER: Mevrouw Maat, wilt u reageren op dit punt? Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

4

Mevrouw MAAT: Graag, voorzitter. Het CDA vindt het jeugdbeleid goed, daar is niets mis mee, maar we hebben deze sessie aangevraagd omdat we een stuk misten over jeugd in coronatijd en daar hebben we het nu over. U zegt 'we moeten met elkaar kijken wat voor maatregelen we willen nemen'. Volgens mij hebben we een prachtige brief gehad met al heel veel dingen die de gemeente doet. Ik zit zelf na te denken wat ik dan als 24-jarige, om dat maar even erin te gooien, verder nog zou willen. Dan kom ik eigenlijk tot niets. Dan denk ik 'monitoren is denk ik nu wat we kunnen doen nu', en wat we heel erg goed moeten doen. Ik neem aan dat wethouder Steffens dat ook heel erg ter harte neemt en dat ook superbelangrijk vindt. Dus volgens mij zijn we er al. De VOORZITTER: Nog anderen op dit punt? Anders gaan we naar mijnheer El Idrissi om dit verder af te ronden en kunnen we naar een volgende spreker. De heer EL IDRISSI: Ik was klaar voorzitter. Dank. De VOORZITTER: Oké. Dan kijk ik naar de volgende op mijn lijstje, mijnheer De Vries van ChristenUnie-SGP. De heer DE VRIES: Dank u wel voorzitter, we zijn al een hele tijd bezig dus ik mag nog reageren op het allereerste voorstel. Het lijkt me een goed idee die evaluatie te krijgen over een jaar. Er gebeurt ontzettend veel en van dag tot dag, zoals eerdere sprekers al hebben gezegd, word je weer geconfronteerd met andere dingen.

Ik wil ook aansluiten bij wat mevrouw Maat zei. Zij had het over licht aan het eind van de tunnel en toen dacht ik, 'dat horen we ook al een heel aantal maanden', sinds de vaccins er waren. Ik heb het gevoel dat je in de tunnel loopt en dat je elke keer denkt 'nog 100 meter', en dan heb je 75 meter gelopen en dan denk je 'o, het is toch nog iets verder, het is toch nog weer 100 meter'. En je blijft maar lopen en je blijft maar lopen en het einde van de tunnel schuift elke keer een stuk naar achteren. Dat is een van de meest frustrerende zaken op dit moment, denk ik, dat je elke keer denkt 'zijn we er nu nog niet?' En 'hoe lang duurt die vaccinatie?' Ik denk dat dat wel aangeeft dat die behoefte aan evaluatie met betrekking tot de jeugd er is – voor volwassenen zou het evengoed zo zijn want ook wij zitten met de gebakken peren – en dat inderdaad van belang is de vinger goed aan de pols te houden. De VOORZITTER: Dank u wel. Geen interrupties volgens mij, of mevrouw Gumbert een interruptie? Mevrouw GUMBERT: Ja, dank u wel. Ik wil daarop aanvullen. Natuurlijk is het voor volwassenen ook moeilijk, maar het omgaan met die frustratie dat dat licht aan het eind van de tunnel steeds toch verder weg blijkt, is wel een stuk moeilijker als je twintig bent dan als je zeventig bent, want je ervaring van hoe lang iets duurt, verandert.

Dus ik vind het heel erg belangrijk om juist voor de jongeren daar toch extra aandacht aan te besteden. Ik zag ook net dat er een manifest is van de burgemeester van Amsterdam over 'zorg dat er eerder meer ruimte komt voor jongeren'. Het lijkt me dat we daar in onze gemeente ook naar moeten kijken; wat is er mogelijk en wat kunnen we doen? En dat begint met kijken naar wat de maatregelen die er nu al zijn, doen. De VOORZITTER: Dank u wel. Nog interrupties op mijnheer De Vries? Mijnheer Beusenberg, gaat uw gang. De heer BEUSENBERG: Ja voorzitter. Ik hoor constant over evaluaties en volgend jaar, maar tegelijkertijd hebben we het erover dat acht van de tien jeugdigen tegen een burn-out aan zitten. Wat kunnen we daar op korte termijn aan doen en hoe monitort het college, of de wethouder dat en waar kunnen we de wethouder op dat gebied steunen? Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

5

De VOORZITTER: Mijnheer Beusenberg, het is een vraag aan mijnheer De Vries, begrijp ik? Want u komt dadelijk nog aan de beurt voor uw eigen bijdrage. De heer BEUSENBERG: Nou ja, dan hebben we het gelijk maar gehad. De VOORZITTER: Maar u mag niet voordringen, dat kan natuurlijk niet dus dan geef ik het woord aan mijnheer De Vries. De heer BEUSENBERG: Maar ik had al vijftien keer mijn vingertje opgestoken. De VOORZITTER: Ik weet het, maar er zijn er meerderen, ik ga toch even terug naar mijnheer De Vries. U komt echt aan de beurt. De heer DE VRIES: Dat is een lastige vraag van mijnheer Beusenberg, als jongeren op een punt staan in een burn-out terecht te komen, wat kan de gemeente dan doen? Ik vond de opmerking van mevrouw Maat vrij nuchter. Waar zit de jeugd op te wachten? Dat ze eindelijk weer eens een keer samen kunnen komen en samen leuke dingen kunnen doen. De vraag is inderdaad, zoals mevrouw Maat ook zei, 'wat helpt er nou echt wat je als gemeente kunt doen?' Het zou me niet verbazen dat je ook op een moment komt dat je als gemeente met de handen in het haar zit omdat je gewoon opbokst tegen een onzichtbare vijand die je gewoon niet aan kunt. Dus niet alles is maakbaar maar we moeten in ieder geval doen wat we kunnen en wat verstandig is. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan heb ik drie mensen die hebben aangegeven te willen reageren op mijnheer De Vries.

Mevrouw Reesink, wilt u dat nu doen? Nee, mijnheer Meijer wilt u reageren op mijnheer De Vries of wilt u gewoon zelf het woord voeren? Dan ga ik gauw door en dan komt u nog aan de beurt. De heer MEIJER: Ik wil best reageren op mijnheer De Vries en mevrouw Reesink. We praten hier over maatregelen voor jongeren, maar we zijn het er ook over eens dat het landelijk beleid is dus wat willen wij dan als gemeenteraad Haarlemmermeer daaraan veranderen? Dat is een vraag die ik even neer wil leggen bij mijn collega's. De VOORZITTER: Ja, maar hij is in eerste instantie aan mijnheer De Vries en daarna komt u nog aan de beurt voor vragen aan uw collega's. Wilt u daarop reageren, mijnheer De Vries? De heer DE VRIES: Ja, het is voor een belangrijk deel natuurlijk landelijk beleid, maar er zijn natuurlijk wel dingen die we hier voor jongeren kunnen organiseren. Dus dat is wel iets waar je over kunt nadenken 'wat kun je doen en wat is nuttig?' Dat is wat ik erover wil zeggen. De VOORZITTER: Dank u wel. Mevrouw Van der Meij een vraag aan mijnheer De Vries? Mevrouw VAN DER MEIJ: Een opmerking richting mijnheer De Vries en mevrouw Maat en ook in zekere zin mijnheer Meijer want nu vernauwt de discussie zich heel erg tot jongeren en het samenkomen en een feestje vieren en een wijntje drinken. Dat doet onrecht aan de problematiek waar we het over hebben. Het gaat ook over leerachterstanden.

Je zou als gemeente ook kunnen kijken als je het daarover hebt 'kunnen we in onze buurthuizen et cetera bijvoorbeeld plekken creëren waar jongeren met elkaar kunnen studeren?' Want jongeren tot en met achttien jaar hoeven niet die anderhalve meter afstand te houden. En kunnen we daarbij bijvoorbeeld een student invliegen die helpt bij het studeren of het wegwerken van de achterstanden? Daar vang je ook vliegen mee en niet alleen die van een Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

6

wijntje drinken met elkaar, maar wel de vliegen van de achterstanden en ondertussen maakt het denk ik wel uit of je in je eentje thuis zit achter je pc op je kamer, of dat je toch enige nabijheid hebt van medeleerlingen. Ik wil oppassen dat we de discussie niet te veel vernauwen naar dat we met onze handen op onze rug staan 'want er mogen geen feestjes'. Dat lijkt me niet terecht. De VOORZITTER: Mijnheer De Vries nog tot slot en dan gaan we echt naar de volgende spreker want iedereen wil natuurlijk ook graag het woord voeren. De heer DE VRIES: Dat laatste bedoel ik ook niet, ik bedoel niet 'we willen alleen maar feestjes'. Ik kan me dat wel voorstellen bij jongeren, zoals mevrouw Maat aangaf, en ik kan me ook voorstellen dat jongeren veel meer baat hebben bij allerlei andere zaken. Ik denk dat we als gemeente ook goed na moeten denken over wat er kan. Maar ik kan me ook voorstellen dat je dingen wilt organiseren die uiteindelijk helemaal niet helpen. En als je het over de leerachterstanden hebt, daar wordt landelijk over nagedacht hoe we daarmee omgaan. Mogelijk komt de afspraak dat je een onvoldoende meer mag hebben, las ik vandaag, zo kunnen er meer zaken zijn.

Je kunt natuurlijk buurthuizen openstellen voor onderwijs maar de vraag is – ik vraag me dat af – 'zitten jongeren daar nu op te wachten, op dit moment, met burn-out in aantocht, op het inhalen van leerachterstanden in hun vrije tijd?' Het zou kunnen maar ik denk dat er goed over nagedacht moet worden wat jongeren nu echt helpt om door deze tijd heen te komen. De VOORZITTER: Dank u wel. U stelt vragen waar mensen op willen reageren, maar toch ga ik eerst even de volgorde af want er zitten ook nog andere mensen te wachten tot ze ook kunnen reageren. U bent redelijk vaak geïnterrumpeerd, maar met uw goedvinden ga ik nu naar mijnheer Kenselaar van GEZOND Haarlemmermeer om ook te reageren op de oorspronkelijke vraag. Gaat uw gang. De heer KENSELAAR: Ik sluit me sowieso aan bij het voorstel van mevrouw Van der Meij en mijnheer Boscher aan het begin van dit uurtje. Het is natuurlijk heel makkelijk om elkaar te vinden op dit punt. We willen allemaal het beste voor onze jeugd, maar ik wil me zeker ook aansluiten bij de vergeten groepen van mevrouw Reesink.

Zowel zij, als ik hebben dat tijdens het vorige sessiedebat ook al even aangestipt en ik denk echt dat ze wel een punt heeft omdat van die 90% die in het stuk wordt genoemd als gezonde, goed etende en bewegende kinderen, de coronaproblemen belicht worden in het stuk en er is inderdaad een groep van 10% die al problemen had en die de corona er nog eens bij krijgt. Het kan zomaar zijn – ik ben geen specialist – dat die groep ten opzichte van de groep die binnen de coronatijd in zo'n vergeten groep terecht is gekomen, toch een wat andere aanpak nodig heeft. Ik hoop en ik verwacht ook wel – maar laten we dat in ieder geval met elkaar bespreken – dat we ook oog blijven houden voor die andere 10%, die dus buiten het hele verhaal van die 90% gezonde kinderen met problemen valt. Dat wil ik even aanstippen. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan gaan we naar mijnheer Beusenberg. De heer BEUSENBERG: Sorry voorzitter, ik kom straks even. De VOORZITTER: Uw handje stond nog omhoog, maar dat is geen probleem. Dan heb ik mijnheer Khatab staan. Gaat uw gang. De heer KHATAB: Hartelijk dank voorzitter, ook wij zijn voorstander van het voorstel. We kijken ook graag naar de ontwikkelingen, vooral die zijn beïnvloed door corona. Over een jaar lijkt me wel lang want over drie weken zitten we al een jaar in de crisis. Dus een zomersessie zou misschien wat beter passen.

We sluiten ons ook graag aan bij wat HAP heeft voorgesteld om een mogelijk apart verslag te ontvangen over deze ontwikkelingen en bovendien zien we graag wat meer kwalitatieve informatie Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

7

daarin terug; hoe groot is de impact en waar kunnen we op prioriteren met betrekking tot de jeugd en jongeren? Ik wil eigenlijk ook een nieuw onderwerp starten, mag dat? De VOORZITTER: Dat mag straks, maar nu nog niet, dus ik schrijf u op. De heer KHATAB: Tot zover dan. De VOORZITTER: Dan kom ik straks bij u terug, maar we maken eerst even dit punt af en de wethouder wil vast ook nog reageren. Dus ik ga eerst nog even wie nog niet gesproken heeft het woord geven, los van de interrupties. Mevrouw Gumbert, mevrouw Van der Meij en mijnheer Meijer. Mevrouw GUMBERT: Dank u wel voorzitter, maar ik heb eigenlijk niet de behoefte een eigen punt in te brengen want ik wil me vooral aansluiten bij het verzoek om een eerdere evaluatie met daarbij natuurlijk ook het eventueel maken van structurele plannen, als blijkt dat dat nodig is, bij de op dit moment bekende plannen. Dat is het enige wat mijn inbreng eigenlijk verder nog is. Want voor de rest vind ik het raadsvoorstel goed. De VOORZITTER: Dank u wel en voor de helderheid, we zitten eigenlijk nog in de bespreking van wat mijnheer Boscher opperde en waar mevrouw Van der Meij op aanvulde. Daar kunt u nu op reageren en daarna is er weer ruimte voor een nieuw punt. Mevrouw Reesink, volgens mij was u al geweest. Dan ga ik naar mevrouw Van der Meij, u was ook al geweest.

Volgens mij ben ik dan rond en dan wil ik naar het college gaan, de wethouder. Wilt u reageren op het punt van de heer Boscher? Wethouder STEFFENS: Ja voorzitter, en als ik alleen iets over het punt van mijnheer Boscher zou mogen zeggen, doe ik heel veel mensen echt tekort. Maar om daar wel mee te beginnen: ik ben blij met hoe concreet u het heeft gemaakt, met uw collega's, begrijp ik, die daarover met u van gedachten hebben gewisseld. Ik denk dat het heel verstandig is om na een jaar zeker te evalueren. Ik zou dat in een separate vorm willen doen. Ik heb daar ook een aantal mensen over gehoord. Door bijvoorbeeld een raadsbrief voor u te maken over 'hoe staat het nu met onze jongeren?' en die dan aan u voor te leggen. U kunt die agenderen als u dat wenst. Een ander ding wil ik ook nog zeggen voorzitter, want dat heeft u in de antwoorden op de vragen ook meegekregen. Mijn toevoeging aan wat u had gevraagd, was dat de GGD op dit moment een onderzoek doet specifiek naar jongeren in coronatijd. We gaan natuurlijk zorgen dat u op termijn de uitkomsten daarvan krijgt en ik wil dan ook over een jaar kijken 'waar staan we nu?' Ik denk dat dat heel belangrijk is. Dan een paar andere dingen.

U mag van mij natuurlijk een heel proactieve houding verwachten want terecht zegt een aantal van u 'het jeugdbeleid is het jeugdbeleid, in 2019 een onderzoek, in 2020 geformuleerd met die Partners in preventie, dat moet gewoon verdergaan, maar hier moeten we het speciaal over hebben'. En dat hebben we. U heeft de brief gehad over wat we op dit moment doen en een van de dingen die daar ook in staat bijvoorbeeld is, dat is een organisatie die samen met de gemeente nu specifiek ingaat op waar u het over had, op sociale media jongeren uitnodigen tussen de 16 en 26 jaar die zich onbegrepen, depressief of eenzaam voelen of last hebben van coronamaatregelen om gewoon in gesprek te gaan met hen. Daar zit een QR-code bij, dat gaat dus allemaal echt op de plekken waar jongeren zijn op dit moment. We hopen natuurlijk dat ze daar veel gebruik van maken. Niet omdat het fijn is als het niet goed met je gaat, maar wel omdat ze dan vroegtijdig aan de bel trekken zodat we er ook iets mee kunnen doen en ze dan ook minder kans hebben op die langetermijneffecten waar een aantal van u het ook over heeft gehad. Ik hoorde dat ook van mevrouw Gumbert: blijf daarop letten. Dat doen we absoluut. Dan zei mevrouw Maat een paar mooie dingen want ze zei 'we moeten die signalen wel opvangen', en dat is natuurlijk wat we doen.

We gaan monitoren, we vangen die signalen op, en wie doet dat met Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

8

name voor ons? Want ja, wij zijn de gemeente, maar we hebben natuurlijk heel veel partners in preventie. Ik heb ze in de nota de 'supporters van de jeugd' genoemd en dat zijn ze absoluut op dit moment. Ze zetten zich maximaal in en we geven ze ook de mogelijkheid om dat nog meer te doen als dat nodig is. Daarover rapporteren we u zeker. Dus ook als er tussentijds reden is om u op de hoogte te brengen van veranderingen die we zien, of dat nu ten positieve is of ten negatieve, mag u van mij verwachten dat ik u daar proactief over informeer. Ik wil nog een ding toevoegen, dat is het onderwijs. Dat is een punt dat ook apart is aangehaald, maar niet hoort bij het jeugdbeleid, maar natuurlijk wel enorm belangrijk is op dit moment want we zien allemaal de effecten van het feit dat kinderen niet naar school kunnen. Los nog van al die sociale effecten die dat heeft, heeft dat ook cognitief effecten. Leerachterstanden is dan misschien het eerste woord waar u aan denkt, maar ook in leertijd en lestijd. Ik hoorde een aantal van u, maar ik dacht mevrouw Van der Meij, in eerste instantie daarover praten. Ik wil u aangeven dat de gemeente daar zeer actief op inzet. We zijn in gesprek met de schoolbesturen. Ik kan u in die zin misschien ook geruststellen.

U deed een of twee voorstellen 'zouden we dit of dat niet kunnen doen?' We laten dat in eerste instantie bij de schoolbesturen omdat we weten dat die bezig zijn een passend aanbod daarop te organiseren. Dat doet elk schoolbestuur in eerste instantie voor de eigen kinderen, om het maar even zo te zeggen, en dan zijn ze natuurlijk met elkaar in gesprek over de vraag of dat ergens lacunes veroorzaakt. Dan gaan we natuurlijk als gemeente kijken hoe we daar het beste hand- en spandiensten kunnen verrichten, maar ook concrete ondersteuning kunnen bieden vanuit het onderwijsachterstandenbeleid. Ik heb u dat eerder gezegd, als er financiële middelen nodig zijn, als de schoolbesturen er niet uitkomen, als het gaat om bijvoorbeeld locaties, we hebben dorpshuizen en we hebben wijkcentra. Die hebben we eerder al aangeboden en tot op heden hebben we niet het verzoek gehad om die ook in te zetten. Er blijft nog een ding over, want het staat los van het jeugdbeleid maar heeft wel zeker een relatie met de mentale gesteldheid van jonge mensen en kinderen of anderszins, dat is de fysieke veiligheid. Er is gesproken over de 10% die we niet benoemen. Dat zijn de kinderen die we in de jeugdzorg hebben zitten, dat zijn dus de kinderen waar onze extra aandacht in zorg en hulp al naartoe gaat. Dan wil ik daarnaast nog zeggen: ik hoorde iemand spreken over vergeten groepen.

Ik hoop niet dat dat een eigen leven gaat leiden. Er zijn geen vergeten groepen, maar er zijn wel groepen kinderen die met andere middelen, met andere mogelijkheden, door andere mensen opgevangen worden dan waar we het nu over hebben. Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel, ik zie nog drie handjes omhoog staan. Even checken of u nog op dit punt het woord wilt voeren of nog een aanvullende vraag heeft. Mevrouw Reesink en mijnheer Meijer. Mevrouw Reesink, wilt u nog op dit punt het woord voeren? Mevrouw REESINK: Ja, dank u wel voorzitter, ik wil de portefeuillehouder wel vragen hoe zij die doelen die ze wil bereiken dan concreter kan neerzetten en hoe ze dat mee kan nemen in de evaluaties die komen. Want ik vind in het stuk de doelen nogal globaal beschreven. Wethouder STEFFENS: Wilt u antwoord, voorzitter? De VOORZITTER: Ja, maar even kijken of mijnheer Meijer ook nog een vraag heeft, want dan kunt u dat meteen meenemen in de beantwoording. Mijnheer Meijer, heeft u ook nog een vraag aan het college? De heer MEIJER: Dank u wel voorzitter, complimenten voor uw voorzitterschap, maar ik heb überhaupt het woord nog niet mogen voeren. Ik hoor nu weer allerlei berichten van mevrouw Reesink en ik heb een vraag gesteld: het is landelijk beleid. Hoe gaan we daar dan hier mee om? Ik hoor er helemaal niets over.

We kunnen allemaal dingen gaan bedenken met z'n allen over hoe we het gaan doen Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

9

voor onze jongeren, maar daar gaan we met z'n allen niet over. Ik accepteer en respecteer ook het antwoord van mevrouw Steffens natuurlijk, maar wij kunnen hier verder heel weinig mee. Ik heb zelf ook twee jonge kinderen die in dit dilemma zitten maar als gemeente gaan we daar niet over, voorzitter. Dus dat is mijn vraag aan mijn collega's. De VOORZITTER: Excuus dat ik u dan net vergeten was. Daar kan dadelijk ook nog op worden gereageerd door de collega's uiteraard. We gaan eerst even naar de wethouder om de beantwoording af te ronden en dan gaan we terug naar de collega's. Wethouder STEFFENS: Dank u voorzitter. Ik vind het een beetje lastig wat mevrouw Reesink nu beweert want volgens mij hebben we u een stuk voorgelegd waarin ten eerste de resultaten van de actualisatie uit 2016 concreet benoemd zijn, gewoon 'wat hadden we u beloofd en wat hebben we bereikt?' En vervolgens hebben we elk thema apart concreet ingevuld. Dus ik herken niet wat u zegt. Ik kan het niet anders vertellen, voorzitter, dit is volgens mij zeer concreet geformuleerd en dat is dan ook precies waar u mij op mag afrekenen, mevrouw Reesink. Als u het specifiek heeft over wat ik u heb voorgelegd aan activiteiten voor jeugd en extra zorg voor degenen die het moeilijk hebben in coronatijd, hoop ik dat u begrijpt dat het voor ons in die zin ook nog steeds een beetje roeien met de riemen die we hebben is.

We wachten op de onderzoeken, we gaan monitoren, we vangen signalen op en dat doen we met de supporters van de jeugd en u bent de eerste die het hoort als ik daar meer over weet. De VOORZITTER: Dank u wel. Mevrouw Reesink, ik wil eigenlijk naar een afronding toe anders blijven we bij dit punt hangen. Heeft u nog een nieuw punt of een nieuwe vraag, anders gaan we echt dit punt afronden want anders gaan we door de tijd heen. Mevrouw REESINK: Ik heb niet echt een nieuw punt, maar ik zie heel erg uit naar het evaluatiestuk dat we krijgen. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan heb ik genoteerd dat een brief gevraagd is en toegezegd, maar er is nog niet helemaal duidelijk op welke termijn want daar is verschillend over gesproken. Wethouder STEFFENS: Ja, dat kan ik beantwoorden voorzitter. Ik bedoelde dat ik u de gevraagde evaluatie doe toekomen in de vorm van een raadsbrief die gaat over corona en jongeren, jonge mensen. Ik verwacht dat ik u dat met een jaar moet rapporteren, dat is de vraag die er was. Daarnaast probeer ik te kijken of ik de resultaten van de onderzoeken van de GGD en mogelijke andere onderzoeksresultaten die ik nu nog niet kan voorspellen, daarin kan meenemen.

En natuurlijk heb ik gezegd, als er tussentijds reden is om meer te doen, dan kom ik bij u terug, De VOORZITTER: Helder, dus de toezegging is voor over een jaar en als de raadsleden dat anders willen, moeten ze dat aangeven. We gaan nog naar de volgende ronde, zijn er nog collega's die willen reageren op de oproep van mijnheer Meijer? Anders gaan we naar mijnheer Khatab voor een nieuw punt. Ja, mijnheer Boscher, gaat uw gang. De heer BOSCHER: Dank u wel voorzitter. Ik wil allereerst nog even de wethouder bedanken. Ik ben echt blij met die toezegging. Voor mijnheer Meijer, ik weet niet precies waar hij op doelt, maar er zijn heel veel dingen waar we wel over gaan. Als het bijvoorbeeld gaat over leerplichtambtenaren, MeerWaarde, Maatvast, ik noem maar wat dingen, aanpak eenzaamheid, jeugd en straatcoaches. Dus er zijn heel veel facetten waar we wel over gaan als gemeente. Maar ik weet niet of hij misschien iets heel anders bedoelt.

Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

10

De VOORZITTER: We gaan het horen, mijnheer Meijer, wilt u daarop reageren? De heer MEIJER: Dank voorzitter, nee, volgens mij heeft mijnheer Boscher mij niet zo goed begrepen. Het gaat mij om de algehele coronamaatregelen die gelden voor iedereen, dus ook voor jongeren. En ik snap niet zo goed waarom mijnheer Boscher daar zo op reageert, maar goed, dat is zijn goed recht. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan stel ik voor dat we naar een nieuw punt gaan, van mijnheer Khatab. Gaat uw gang. De heer KHATAB: Dank u wel voorzitter, dat heeft een beetje te maken met wat Forza! al heeft genoemd. Wij van EEN Haarlemmermeer willen eigenlijk een stap nemen voor het signaleren. In termen van de opvoedingsondersteuning zijn jeugd/jongeren toch eerder geneigd om bijvoorbeeld te zoeken naar een oplossing voor hun mentale worsteling en achterstanden, et cetera, dan daadwerkelijk toe te geven dat ze ook slachtoffer zijn van een probleem. Hier kan de gemeente een beetje op inspelen. Vooral nu alles online loopt, kan het online ook makkelijker zijn om ze te benaderen. De gemeente moet eigenlijk meer doen aan voorlichting door middel van workshops of trainingen. Het is niet per se een landelijk beleid, zoals mijnheer Meijer zegt.

Dit beantwoordt ook de vragen van mevrouw Maat die zegt 'wat kan ik er nou zelf aan doen?' en HAP zegt 'hoe gaan we daarmee om?' en mevrouw Gumbert zegt 'we moeten eigenlijk kijken naar de mogelijkheden', want waar zitten jongeren nu echt op te wachten? Dat zijn onderwerpen en trainingen zoals 'hoe word je succesvol? Hoe ga je om met geld? Wat is geluk? Hoe belangrijk is gezondheid? Hoe belangrijk is tijd?', et cetera. Die zie je vooral terug in het bedrijfsleven waar de werknemers er een beetje mee opschieten, maar ook op universiteiten, vooral in het zuiden van het land. Mijn vraag is meer: moet de gemeente dit doen? Zo ja, hoe? En zo nee, wie wel? Want daar kunnen we het onlinegedeelte wel een beetje voor inzetten. Ik ben benieuwd. De VOORZITTER: We gaan het horen, ik zie twee mensen die willen reageren. Als eerste mijnheer Meijer en daarna mijnheer El Idrissi. De heer MEIJER: Ja, dank u voorzitter, dank mijnheer Khatab. Ten eerste wonen wij niet in het zuiden van het land en ten tweede wil ik u vragen wat u bedoelt met 'niet landelijke maatregelen'. De VOORZITTER: Ja, we maken even het rondje af en dan kunt u reageren, we gaan eerst naar mijnheer El Idrissi. De heer EL IDRISSI: Dank voorzitter, ik denk dat het een heel goed idee is en een heel goed voorstel wat u doet.

Hoe kunnen we achterhalen wat jongeren echt nodig hebben? Ik denk dat dat echt de hamvraag is waarvoor we nu bij elkaar zijn gekomen. Ik moet zeggen dat er al heel veel onderzoeken zijn. Ik werk zelf in het onderwijs en heel veel schoolbesturen zetten zelf enquêtes uit waarin ze jongeren vragen 'hoe ga je met stress om, hoe is het emotioneel?' Daar zetten ze vervolgens weer acties op. Dus we moeten niet vergeten dat er op heel veel fronten, dus ook in het onderwijs, al heel veel dingen gebeuren. Als gemeente kunnen we daar natuurlijk aanvullend op zijn. Dus zeker een goed idee, mijnheer Khatab, absoluut. De VOORZITTER: Dank u wel. Even kijken, ik kan niet zien wie de volgende is. Een momentje mensen. Mevrouw Kamsteeg, gaat uw gang. Mevrouw KAMSTEEG: Dank u wel voorzitter. Ik vind het een heel mooi voorstel van mijnheer Khatab. Ik had het niet begrepen zoals mijnheer El Idrissi dat begreep, dat u een enquête bedoelt, maar misschien heb ik het dan verkeerd begrepen. Volgens mij bedoelt u gewoon een soort empowerment, Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

11

weerbaarheid bijvoorbeeld, in workshops. Zo lees ik het en dat lijkt me best iets voor de gemeente om te doen. In het kader van preventie zou dat heel goed zijn. Ik weet niet zeker – maar daar mag de wethouder dan misschien nog even op reageren – of er niet bij jongerenwerk al dergelijke dingen gedaan worden. Er staat me iets van bij dat daar wat dingen voor lopen, maar aanvullend kan geen kwaad volgens mij. De VOORZITTER: De wethouder kan zeker nog reageren, maar we gaan even de volgorde af en dan is eerst nog mevrouw Reesink. Mevrouw REESINK: Dank u wel voorzitter. Ik wil mijnheer Khatab bedanken. De vorige keer dat we bijeen waren voor dit punt waren er ook twee insprekers uit de Jongerengemeenteraad. Die gaven aan dat ze liever met een volwassene wilden sparren over de problemen die zij ervaarden. Ik heb toen aangegeven dat schoolmaatschappelijk werk daarvoor is, waarop de jongeren reageerden met 'die weten we niet te vinden'. Dus waarschijnlijk is het wel een punt voor onze middelbare scholen om te zorgen dat iedereen die er is voor onze jongeren ook laagdrempelig te benaderen is. En dat dat ook makkelijk terug te vinden is voor onze jongeren want er is al zoveel. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel, dan heb ik nog twee mensen staan die aangeven te willen reageren. Mijnheer El Idrissi nog op dit punt een reactie? De heer EL IDRISSI: Ja voorzitter, als dat mag.

De VOORZITTER: Ja, dan kijken we daarna even bij de wethouder en dan terug naar mijnheer Khatab. De heer EL IDRISSI: Een korte reactie op mevrouw Kamsteeg. Die haalde het punt aan dat het niet een-op-een zo terug te halen viel. De gedachte die mijnheer Khatab denk ik voor zich ziet, en waar ik ook een goed gevoel bij had, was 'hoe geven we die leerlingen of jonge mensen handvatten? Hoe maken we ze weerbaarder en hoe leren we ze omgaan met stress?', et cetera. Vooral in de tijden waarin we nu leven. Dat zijn elementen die heel belangrijk zijn voor mij en waarbij ik ook aangaf dat we dat niet alleen vanuit de gemeente hoeven te doen, maar dat zich dat op allerlei andere fronten ook afspeelt in de vorm van vragenlijsten en enquêtes. Met die enquêtes en vragenlijsten worden dan weer vervolgacties ingezet waardoor je leerlingen of jonge mensen weerbaarder maakt in het leven. Dat is volgens mij wat de heer Khatab als gedachtegang mee wil geven. De VOORZITTER: Dank u wel. Ik zie dat er nog een handje verdwenen is. Ze verdwijnen als sneeuw voor de zon, dan kunnen we volgens mij terug naar de wethouder en dan terug naar mijnheer Khatab. Gaat uw gang, mevrouw Steffens. Wethouder STEFFENS: Dank u wel voorzitter. Ik ben wel blij met wat mijnheer Khatab zegt. Wat hij zegt, is eigenlijk wat we doen. We doen dat nu nog meer vanuit die Partners in preventie, waar ik het net over had.

En terecht zegt mijnheer El Idrissi wat er ook nog gebeurt. We doen natuurlijk een aantal dingen, maar we doen dat aanvullend op wat er al op de scholen gebeurt. En ik ben blij dat mevrouw Reesink nog even aanhaalde wat er bij de Jongerengemeenteraad is gebeurd want dat wilde ik u nog heel graag vertellen, maar ik zocht een haakje en dat moet ik natuurlijk hebben want ik ben geen onderdeel van uw debat. Na de inspraak van de Jongerengemeenteraad was ik wel een beetje verbaasd en blij dat zij dat signaal aan mij gaven want, net als u, dacht ik 'dat is er toch allemaal al op de school en dat weten ze toch te vinden?' Ik heb daarover doorgedacht en ik heb toevallig afgelopen week al met een nieuwe bestuurder van Dunamare gesproken, een van de schoolbesturen, en dit signaal meegegeven. Ik heb gezegd dat ik het echt belangrijk vind dat de informatie voor jongeren vindbaar Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

12

en toegankelijk is als die vanuit de school kan worden gegeven, net als de zorg en de hulpvraag. Ze was blij met het signaal dat zij via mij hoorde, dat door de Jongerengemeenteraad bij u is gebracht en zij heeft mij gezegd dat ze daar direct actie op zou zetten. En mijn beleidsadviseur onderwijs heeft mij verzekerd dat zij ervoor zorgt dat dat ook al gebeurd is, of komende week gaat gebeuren, naar de andere schoolbesturen. Zij hebben middelen als bijvoorbeeld het systeem Magister, waarmee zij werken, waarin ze gewoon een bericht kunnen zetten zodat jongeren die nu natuurlijk niet door de school lopen en ook geen prikbord kunnen zien, of iemand even aan kunnen tikken die ze iets willen vragen, gewoon op een snelle en laagdrempelige manier kunnen vinden waar ze iemand kunnen vinden als ze dat nodig hebben. Dat is dus, naast wat ik net zei, waar onze 'supporters van de jeugd' actief mee bezig zijn, met onze jongerenwerkers voorop. Dank u voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel', dan gaan we terug naar mijnheer Khatab. De heer KHATAB: Dank u wel voorzitter, en bedankt wethouder en collega's dat jullie een reactie hebben gegeven. Het was inderdaad de bedoeling om te kijken hoe je nu sociaal, maar digitaal die jongeren kunt benaderen en kunt prikkelen met workshops die je niet op school krijgt, of kunt vinden.

Die enquêtes en vragenlijsten zijn inderdaad goede manieren om informatie op te halen, maar dat is wel minder persoonlijk en ik denk dat het er in dit geval meer om gaat hoe je jongeren inspireert en gemotiveerd krijgt om aan de slag te gaan met boeken bespreken, boeken lezen of kijken hoe je je tijd beter kunt indelen, et cetera. Dat kan heel breed gaan, ook over het omgaan met stress en, zoals mevrouw Kamsteeg zei, over empowerment. Dus het kan heel breed gaan en dan is mijn vraag: in hoeverre kan de gemeente dit organiseren en tot in hoeverre gaat dat dan slagen met die partnerinterventie? Maar het is inderdaad een interessant topic en misschien moeten we dat later uitwerken. Dus voor nu hebben we het wel goed besproken. De VOORZITTER: Ik zie nog twee handjes, zijn dat mensen die willen reageren op dit punt? Eerst mijnheer El Idrissi en dan mijnheer Meijer. De heer EL IDRISSI: Excuus, dat was een oud handje, neem me niet kwalijk. De VOORZITTER: Mijnheer Meijer, heeft u een oud of een vers handje? De heer MEIJER: Een vers handje, voorzitter. Ik hoor allemaal prachtige verhalen van mijnheer Khatab. Ik heb zelf twee kinderen van dertien en twaalf jaar oud en die zijn vooral heel erg druk, naast hun school, die ze dan digitaal moeten volgen helaas, op TikTok en weet ik wat voor media allemaal.

Ik denk dat ze daar juist hun energie kwijt kunnen en ik begrijp niet waarom we allerlei andere initiatieven moeten nemen, laat die kinderen juist kind zijn en laat ze hun vrijheid nemen in dit geval. En als ze willen schaatsen, of als ze met een sleetje willen glijden, laat ze dat vooral doen en laten we ze nu niet allerlei andere dingen opdringen zoals het verplicht lezen van boeken of iets dergelijks. Ik denk dat de jeugd juist nu zelf het eigen initiatief moet nemen. Dus bent u dat met mij eens, mijnheer Khatab? De VOORZITTER: Dat gaan we horen want ik zag een handje van mijnheer Khatab, gaat uw gang. De heer KHATAB: Dank u wel voorzitter. Nee, dat ben ik niet met u eens want ik zeg niet dat ze dat niet moeten doen door deze trainingen. Nee, deze trainingen zijn vrijwillig en stel dat de kinderen willen leren hoe ze met geld moeten omgaan, of hoe ze sociaal beter contact kunnen leggen of misschien verschillende vormen van ontwikkeling kunnen opzoeken, dan is dat alleen maar beter. Dat kan ik me ook voorstellen met kinderen van twaalf tot veertien jaar, voor die pubertijd, dat is alleen maar extra ontwikkeling die ze kunnen doen. Dan blijven ze ook op TikTok en op Snapchat en op InVerslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

13

stagram en blijven ze ook schaatsen. Maar dat zijn gewoon extra trainingen die de gemeente kan organiseren en misschien niet per se voor uw kinderen, maar wel voor andere kinderen. Tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel. Mijnheer Meijer nog een reactie? De heer MEIJER: Ja voorzitter. Ik weet niet hoe u het ervaart, maar laat kinderen vooral lekker kind blijven mijnheer Khatab, dat bent u ook ooit geweest. Dank u wel. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi nog op dit punt en dan stel ik voor dat we het afronden daarna. De heer EL IDRISSI: Nog een laatste punt om het nog een beetje inhoudelijk te houden. U heeft het over die financiële zelfredzaamheid, mijnheer Khatab. Ik geef het vak bedrijfseconomie op een middelbare school en daar wordt financiële zelfredzaamheid heel sterk aangeleerd en daar besteden we ook heel veel tijd aan. We hebben ook bepaalde workshops die we daarover doen. Dus leerlingen krijgen daar heel veel van mee omdat het zo belangrijk is en dat is precies wat u aangeeft. Dus er wordt heel veel gedaan. Daarop wil ik u best geruststellen en daar probeer ik mijn rol in te pakken, maar het is een goed onderwerp. Dank voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel, er hebben zich geen andere sprekers aangemeld voor nieuwe punten. We hebben nog vijf minuten, dus ik kijk voor de zekerheid nog even rond of er nog iemand het woord wil voeren. Daar lijkt het niet op.

Ja, mijnheer Meijer? Of is dat een oud handje? De heer MEIJER: Nee, sorry, oud handje. De VOORZITTER: Dat kan ook. Zo niet, dan gaan we deze sessie sluiten en dan dank ik iedereen voor de bijdragen de toezeggingen zijn genoteerd. Dan komt het voorstel als ik het goed begrijp terug op de stemmingen. Ik dank iedereen voor de bijdragen en wens u nog een fijne avond, wij gaan straks over naar de stemmingen.

Verslag Sessie RV Jong in Haarlemmermeer, opgroeien en opvoeden 2020-2024 (vervolg) 11 februari 2021

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=edbb494e-dc7e-41da-bad8-0ee668eeecf7