CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen, 20 mei 2021.pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 20 mei 2021, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: Verslagen Raadsplein 20 mei 20219.813 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VERSLAG VAN DE SESSIE VAN DE RAAD DER GEMEENTE HAARLEMMERMEER OP DONDERDAG 20 MEI 2021 Onderwerp:

Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen (2021.0000689)

Voorzitter:

dhr. P.J.M. Schouten

De leden: dhr. R. Ahmed Khatab, mw. M.E. Ballieux-Hamel, dhr. E. Boscher, mw. N.M. Elfers, mw. J.B. Kamsteeg, dhr. J.A. Kos, mw. C.F.M. van der Meij, dhr. K. Sulmann, mw. I.C. Vink-Albrecht, dhr. J.P.H. de Vries. Griffier: dhr. B. Heerema Portefeuillehouder: dhr. F. Sidali Insprekers: Geen

De VOORZITTER: Dames en heren, ik ben heel blij dat ik hier weer mag zitten en dat ik u weer in de ogen mag kijken. We gaan het hebben over bestuurszaken en regionale samenwerking. Het Regionale Samenwerkingsverband Beschermd Wonen. In 2022 gaat een andere samenwerkingsovereenkomst komen en daar gaan we het nu over hebben. Het is een kaderstellende nota, dus er zijn geen beslispunten. Spreektijden, de tweede termijn vrij debat. Wie mag ik als eerste het woord geven of zijn we allemaal zover dat we weer naar huis kunnen? Mijnheer De Vries, ChristenUnie-SGP? De heer DE VRIES: Prima. Dank u wel voorzitter. Voorzitter, doordat het rijk heeft besloten dat de financiering van het beschermd wonen op een andere manier moet gaan lopen, is het noodzakelijk om de samenwerking in de regio opnieuw in te richten. Uiteindelijk is na een zorgvuldige afweging van alle voors en tegens van de verschillende mogelijkheden, gekozen voor een gemeenschappelijk orgaan, GO zullen we maar zeggen. In de huidige situatie is er geen zeggenschap van de afzonderlijke gemeenteraden en in de nota wordt door het college gemeld dat dat bij een GO wel het geval is. Dat is een goede zaak. Wat we wel lastig vinden is de ingroeitijd van tien jaar, wat extra complicaties met zich meebrengt.

Het is niet anders, maar ik vind het altijd een lastig punt als een overgangssituatie zo lang moet duren, met alle extra inspanningen die dat levert. Goed, dat zijn de organisatorische kanten van deze aanpassing. Veel belangrijker is dat beschermd wonen een fijne plek wordt en blijft voor de inwoners waarvoor dat het meest schikt. En misschien kan er daarbij ook nog eens extra gekeken worden naar de mogelijkheden om deze inwoners meer te betrekken bij de inclusieve samenleving. Met andere woorden wat ons betreft gaat het niet zozeer om dit stuk maar om het uiteindelijke doel dat mensen een leven leiden op de manier zoals dat het beste is. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer De Vries. Als tweede spreker mevrouw Ballieux van GroenLinks. Gaat uw gang. Mevrouw BALLIEUX: Dank u wel voorzitter. Nou, eigenlijk kan ik mij heel erg aansluiten bij mijn buurman van ChristenUnie-SGP, ook in feite dat het een gemeenschappelijk orgaan moet worden. Daar is heel hard en heel breed en heel diep over nagedacht en daar gaan wij natuurlijk niet iets op aanmerken, dat is prima. Wel een paar dingen. Het gaat eigenlijk natuurlijk over: wat betekent dit nu voor mensen en wat betekent dit voor de gemeente. Nou, voor de gemeente is dit toch wel weer een klus erbij, terwijl er natuurlijk al van alles aan de hand is. Dan kijk ik naar de wethouder. Ik vind dat die er

Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

1

best moe uitziet, maar dat komt ook omdat er gewoon heel veel aan de hand is en dat geldt natuurlijk ook voor uw ambtenaren en ook voor alle organisaties die betrokken zijn hierbij. Maar goed, de gedachte hierachter is wel goed. Namelijk dat mensen in onze eigen gemeente kunnen gaan wonen, dat biedt ook kansen. We gaan 20.000 huizen bouwen. Dat betekent ook dat wij ook integraal en holistisch daarnaar moeten kijken. Waar wij naar op zoek zijn vanuit GroenLinks is ook nog wel de tijdlijn, want we gaan dit waarschijnlijk ook nog een keertje formeel vaststellen, dat gemeenschappelijk orgaan en ik heb ook begrepen dat er ook nog een regiovisie moet worden vastgesteld, dus misschien kan de wethouder daarop toelichten. Ik heb dat niet technisch gevraagd, maar ik hoop dat hij deze informatie misschien wel voorhanden heeft. En toch even weer rond maken richting de governance, wij vinden het heel erg belangrijk dat mensen om wie het gaat en ook de professionals, maar ook de clienten die daar wonen en hun familie in de governance ook echt een plekje krijgen, bijvoorbeeld als een Raad van Advies of in een medezeggenschapsraad en ik ben eigenlijk wel benieuwd wat de wethouder wellicht daarover te melden heeft en op welk moment we eventueel, als hij daar toevallig anders over zou denken, dat kan, op welk moment het een goed moment is om dat via een motie of amendement mee te geven.

Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Ballieux. Mijnheer Boscher van de VVD, gaat uw gang. De heer BOSCHER: Ja, dank u wel voorzitter. Een toch wel vrij taai en technisch stuk. Er zijn geen beslispunten, maar het college vraagt expliciet om onze input. En dat vind ik goed, want dikwijls roepen wij dat wij niet tijdig betrokken worden, maar dat is hier zeker niet het geval. Wel wil ik helder zijn dat op basis van de informatie die nu voorligt wij niet echt een definitief oordeel kunnen vormen of dit nu de beste weg is en ik zal u uitleggen waarom. Het is nog onbekend voor hoeveel geld wij straks beschermd wonen in onze gemeente moeten organiseren. Zal dit bijvoorbeeld meer of minder zijn of gelijk aan de € 40 miljoen die Haarlem nu ieder jaar voor die taak ontvangt. Ook is nog weinig bekend over de inhoud. Ja, wij zijn voorstander van dat mensen zo lokaal mogelijk beschermd moeten kunnen wonen. Dat klopt, zodat het ook wenselijk is dat zij in hun eigen sociale netwerk kunnen blijven en niet gedwongen worden om uit te wijken ver buiten de gemeentegrenzen. Maar het is nog te onduidelijk wat de nieuwe situatie voor deze mensen gaat betekenen en wat deze mensen daadwerkelijk nodig hebben.

Is het realistisch dat straks een groot deel van die mensen die aanspraak maken op beschermd wonen ook lokaal gehuisvest kan worden? Het komt dus hierop neer, in dit stuk gaan we het over de vorm van de samenwerking hebben tussen verschillende gemeenten, maar we hebben nog onvoldoende gevoel of dat type samenwerking ook het beste aan zal sluiten bij de praktijk op 1 januari 2022. Dat gezegd hebbende, wil de VVD wel een aantal kaders meegeven en eventueel bespreken in de tweede termijn met onze collega’s. Het eerste kader is: ga dit proces met de andere gemeenten behoudend in en bouw voort op de al bestaande infrastructuur en kennis. Geen directe grote wijzigingen en maar een geleidelijke beweging met verantwoord onderbouwde keuzes. We hebben immers tien jaar overgangstermijn. Gezien de precaire situatie van Haarlemmermeer en ik neem aan dat dit voor alle gemeenten geldt in de samenwerking, moet er een vorm gevonden worden om beschermd wonen lokaal te organiseren binnen de middelen die wij vanuit het rijk zullen ontvangen vanaf 2022. En het laatste kader dat ik mee wil geven is: kies voor een lean samenwerkingsvorm, waarbij de inzet van het ambtelijk apparaat en bestuurders tot een minimum kan worden beperkt. Het geld dat we te besteden hebben moet gaan naar de mensen die beschermd wonen en zo min mogelijk naar overleggen en rapporten.

Als laatste heb ik toch één vraag voor de wethouder. In het stuk vinden wij onvoldoende naar voren komen waarom niet is gekozen voor een convenant. Ik lees immers op pagina 14 dat bij een convenant er veel minder beroep wordt gedaan op bestuurlijke en ambtelijke capaciteit ten opzichte van het samenwerkingsverband waar wij nu naartoe werken, een gemeenschappelijk orgaan. Graag hoor ik daar een antwoord op. Dank u. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Boscher. U moet nog even wachten op het antwoord. We Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

2

gaan naar mevrouw Elfers van de HAP. Gaat uw gang. Mevrouw ELFERS: Dank u wel voorzitter. Het inloggen is weer gelukt en dat is toch altijd weer fijn. Maar goed, het rijk heeft de intentie om vanaf 1 januari 2023 de middelen voor beschermd wonen op basis van een nieuw verdeelmodel uit te keren aan alle gemeenten en het idee hierachter is, achter deze doordecentralisatie, is dat gemeenten individuele gevallen effectiever en efficiënter zouden kunnen oppakken. In dat idee kan de fractie van HAP meegaan, voorzitter. In het idee dat die taken dan ook voor minder geld kunnen worden uitgevoerd dan wanneer het rijk dit soort taken doet, kunnen wij niet meegaan. Voorzitter, ik benadruk het nogmaals: meer taken betekent ook meer knaken. En dan nu naar de inhoud. Het college heeft ingestemd met een verdere verkenning en uitwerking van de oprichting van een gemeenschappelijk orgaan Beschermd Wonen voor de regio Zuid-Kennemerland, IJmond en Haarlemmermeer. In de nota wordt duidelijk omschreven waarom een gemeenschappelijk orgaan de voorkeursvariant van het college is en de fractie van HAP kan zich in vinden in die voorkeursvariant en kijkt uit naar de verdere verkenning en uitwerking.

Voorzitter, de raad wordt ook gevraagd om aandachtspunten voor een verdere uitwerking van het gemeenschappelijk orgaan Na een rondje langs de velden zal ik mij beperken tot drie punten die HAP in deze fase mee wil brengen. De organisatieconstructie, participatie en communicatie en samenwerking. Punt 1, op dit moment werkt de huidige organisatieconstructie via de centrumgemeente goed en dat komt omdat sturing en uitvoering in een hand zijn belegd. Daardoor zijn taken eenduidig en kunnen die zo efficiënt mogelijk worden uitgevoerd. Omdat die constructie niet in lijn is met de bedoeling van de doordecentralisatie moeten we als regio en gemeente op zoek naar een andere constructie. Dit heb ik al eerder gehoord van mijn collega’s. Voor HAP is het belangrijk dat in de nieuwe constructie de sturing en uitvoering op taken eenduidig en efficiënt blijft. Kwetsbare inwoners mogen niet weer de dupe worden van in Den Haag bedachte beleidsveranderingen die ook nog eens even over de schutting van de gemeente worden gegooid. Wanneer een inwoner vanuit een andere gemeente binnen onze gemeente beschermd komt wonen of andersom, dan moet dat, wat HAP betreft, organisatorisch vlekkeloos en zonder extra ballast en stress voor deze inwoner verlopen.

En welke vorm en afspraken er uiteindelijk ook komen stroperigheid in de samenwerking tussen gemeenten en organisaties moet te allen tijde voorkomen worden. En dan participatie en communicatie. Wat betreft communicatie kunnen wij u op dit moment alleen maar complimenteren. Echter, is communiceren in de vorm van zenden echt iets anders dan participeren. Op dit moment wordt er nog weinig geparticipeerd en wellicht is het hier ook nog wel te vroeg voor. Maar omdat wij merken dat communicatie nog weleens verward wordt met participatie willen wij participatie als aandachtspunt meegeven. Met de kanttekening om tijdens de participatie de kleinere, wellicht minder bekende maatschappelijke organisaties of partners niet te vergeten. En tot slot voorzitter, de samenwerking. Door samen te werken worden niet alleen de financiële risico’s gedeeld. Dit is ook in het belang van de kwetsbare inwoners van onze gemeente. Samenwerking geeft namelijk een grotere kans op continuïteit van voorzieningen wat juist voor deze kwetsbare inwoners van essentieel belang is. En ook biedt het grotere kansen op een gedificeerd (gediversificeerd?) aanbod, wat de kans op maatwerk vergroot. Voorzitter, daar het gaat het blauwe HAP-hart sneller van kloppen, want ondanks overeenkomsten is ieder mens uniek.

Hoe beter de woonsituatie en zorg afgestemd wordt op de men,s hoe beter dit voor zijn of haar welzijn is, waar uiteindelijk de gehele maatschappij de vruchten van zal plukken. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Elfers. De volgende spreker, mevrouw Vink van het CDA. Gaat uw gang. Mevrouw VINK: Dank u wel voorzitter. Voor ons ligt de nota Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen. Een onderwerp dat betrekking heeft op onze kwetsbare inwoners, waarbij wij als gemeente de verplichting hebben goed voor deze mensen te zorgen. Het is een onderwerp waarover landelijk ook regelmatig het nieuws wordt gehaald en helaas regelmatig niet in positieve zin. Mijn fracVerslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

3

tie hoopt dan ook dat deze nieuwe samenwerking onze kwetsbare inwoners nog beter van dienst kan zijn. Het is goed te lezen dat er een termijn van tien jaar is uitgetrokken om dit goed van de grond te krijgen. Vanaf 1 januari 2022 zijn de gemeenten in hun regio wettelijk verplicht samen beslissingen te nemen over beschermd wonen en dit vast te leggen in regionale samenwerkingsafspraken. In de huidige constructie is Haarlem centrumgemeente en gemandateerd door de regiogemeenten. Alle beslissingen worden genomen door het college en de raad van de gemeente Haarlem. Besluiten worden vooraf wel voorgelegd aan de verantwoordelijke portefeuillehouders Sociaal Domein, maar de raden van de regiogemeenten hebben geen enkele invloed op het te volgen pad en voelen zich hierdoor soms minder betrokken. Dit vindt mijn fractie geen goede zaak. Hier is totaal geen sprake van een controlerende taak van de raad en in de nieuwe constructie gebeurt dit wel. Wij lezen dat alle deelnemende gemeenten als voorkeursvariant opteren voor een GO, een gemeenschappelijk orgaan, waarbij de bedrijfsvoering wordt belegd bij een van de deelnemende gemeenten. Wie zijn wij dan om niet akkoord te gaan met deze samenwerkingsvorm. In deze nieuwe constructie zijn de gemeenten dus zelf verantwoordelijk voor voldoende woonvoorzieningen in de gemeente. Wij vragen ons alleen af hoe dit in de praktijk gaat.

Wat als er niet voldoende locaties zijn voor onze inwoners, dan moeten ze toch naar een locatie buiten Haarlemmermeer. De insteek is toch, zoveel mogelijk beschermd wonen in de eigen vertrouwde omgeving met je eigen netwerk om je heen. Uiteraard zijn er uitzonderingen die om bepaalde redenen bewust uit de eigen vertrouwde omgeving gehaald dienen te worden. Regionale voorzieningen zullen uiteraard noodzakelijk blijven voor specialistische voorzieningen. Samenwerken levert ook voordelen op. We kunnen ervaringen delen en als regio sta je sterker als het gaat om aanbesteding richting zorgaanbieders, zorgverzekeraars, gezamenlijke inkoop, en daardoor als het goed is, lagere kosten. Mijn fractie wil het college meegeven er alert op te zijn dat de te maken afspraken aansluiten op het op het beleid van Haarlemmermeer. Zo veel mogelijk lokaal en waar niet anders kan regionaal. Wij zijn dan ook zeer benieuwd naar het definitieve voorstel uiteindelijk. Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Vink. De volgende spreker mevrouw Kamsteeg van de PvdA. Gaat uw gang. Mevrouw KAMSTEEG: Ja dank u wel voorzitter. Vanavond bespreken wij de nota Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen. Vanaf 1 januari 2023 gaat het rijk de middelen voor de financiering van beschermd wonen uitkeren aan de gemeenten. Tot die tijd verloopt deze via de centrumgemeente Haarlem.

Al vanaf 1 januari 2022 zijn gemeenten in een regio verplicht samen de beslissingen te nemen over beschermd wonen. In de nota worden vier verschillende samenwerkingsvormen toegelicht en aan de hand van de eisen waaraan de samenwerkingsvorm moet voldoen volgt de conclusie dat de voorkeur uitgaat naar een gemeenschappelijk orgaan, een GO, zoals meerdere collega’s al gezegd hebben. Vanwege de grote zeggenschap voor de raad, sturing op beleid en financiën en de gezamenlijke verantwoordelijkheid kan de PvdA instemmen met de keuze voor deze variant. De PvdA maakt zich wel zorgen over de ambtelijke inzet die bij deze variant nodig is. Kan ons huidige ambtelijke apparaat dit aan? We horen het graag van de portefeuillehouder. De verwachting is dat het voor 30% van de huidige bewoners van een beschermdwonenlocatie niet haalbaar is om bijvoorbeeld in de wijk te gaan wonen. Mijn fractie vindt het dan ook belangrijk dat er voldoende locaties voor beschermd wonen beschikbaar blijven. Tot slot voorzitter, de PvdA kan instemmen met de gekozen samenwerkingsvorm en kijkt uit naar het uitgewerkte voorstel tot het oprichten van een gemeenschappelijk orgaan. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Kamsteeg. De volgende spreker mevrouw Van der Meij van D66. Gaat uw gang. Mevrouw VAN DER MEIJ: Ja dank u wel voorzitter.

Allereerst mijn complimenten voor het stuk dat we Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

4

vandaag bespreken. Een helder stuk met daarin heldere keuzes over welke vorm er gekozen moet gaan worden in het kader van beschermd wonen, waarvoor dank. Het is natuurlijk niet zo dat wij dit onderwerp voor het eerst weliswaar bespreken in de raad, maar er wordt hier binnen deze gemeente al heel lang, en binnen alle gemeenten, over gesproken, want het is al een keer uitgesteld en het is allang duidelijk dat er een hoop gaat gebeuren op het gebied van beschermd wonen. Een aantal dingen is verplicht bij die overgang, bij die wijzigingen die er komen. Een van de verplichtingen is dat er sprake moet zijn van niet-vrijblijvende governance. Nou dat kunnen we alleen maar toejuichen en ik denk dat dit voor deze gehele raad geldt. Even aansluitend op mijn collega van de VVD, een van de verplichtingen is ook de beperking van de administratieve lasten. Dus dat is een uitgangspunt waar aan de voorkant al enorm over nagedacht moet worden en onze partij hoopt dat dat ook zal resulteren in daadwerkelijk minder administratieve lasten en dus meer geld over voor de kwetsbare bewoners waar het om gaat. Want waar hebben we het uiteindelijk over? Natuurlijk over een huis, een dak boven je hoofd. En dat is zo ongelooflijk ongekend belangrijk. Pas op het moment dat er een dak boven het hoofd is, komt er rust om aan eventuele andere problematiek te werken.

Als we kijken naar wat we willen met de samenwerking en waar we het belangrijk vinden dat er samengewerkt moet worden, ik moet ook zeggend dat ik dat ook heel mooi vond in dat stuk, waar moeten we samenwerken en waar willen we samenwerken en wat vinden we belangrijk bij die samenwerking? Een van die zaken is, belangrijk bij die samenwerking is de cliënt voorop. Ja, daar kan ook niemand het mee oneens zijn en in dat opzicht moet ik even mijn collega aan mijn linkerzijde bijvallen die aangeeft: als we die cliënt vooropstellen, dan moet die cliënt dan ook wel aan de voorkant betrokken worden. Er wordt nu gesproken over of tenminste daar waar we het nu over hebben is de juridische vorm, maar in het stuk zelf komen wel heel veel haakjes voor waar we ook al over nadenken. Dus ik hoop dat we dat nu al mee kunnen geven. Betrek die cliënt erbij en betrek die cliënt zo vroeg mogelijk. Een juridisch haakje dat ik ook nog mee wil geven, wat ergens tussen neus en lippen voorbijkomt, is het woonplaatsbeginsel. In de jeugdzorg is dat een draak van een constructie, waar ook al een wetswijziging op plaats gaat vinden. We hebben hier met veel gemeenten te maken die in deze structuur gaan samenwerken en dat woonplaatsbeginsel zou dus wel eens aan de orde kunnen komen.

Bij wie hoort die? Wie is er verantwoordelijk en wie gaat er dus uiteindelijk, want daar komt het altijd op neer, betalen? Nu er al zover van tevoren met zoveel partijen wordt gesproken is er dus absoluut ruimte om dat woonplaatsbeginsel goed met elkaar af te dekken en te zorgen dat ook daar waar er problemen ontstaan of waar er onduidelijkheden zijn het in ieder geval niet ten koste gaat van de cliënt. Wij zijn het eens met de gekozen structuur, dus de GO, en hopen en kijken uit naar het vervolg. Er zijn nog veel keuzemomenten, of in ieder geval veel keuzeonderdelen, maar we hebben er eigenlijk wel vertrouwen in zoals dat er nu uitziet op basis van dit stuk wat wij vandaag hebben besproken. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Van der Meij. Precies binnen de tijd. De volgende spreker, mijnheer Kos van Forza!. Gaat uw gang. De heer KOS: Ja, dank u wel voorzitter. De fractie van Forza! kan zich op hoofdlijnen vinden in de voorgenomen stappen om het Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen vorm te geven. We weten nog niet alles, maar het lijkt niet onlogisch om te kiezen voor een gemeenschappelijk orgaan. De vraag is wel welke status onze aanbevelingen hebben. We beslissen nu over het juridisch orgaan, maar hoe gaat de portefeuillehouder ons meenemen in de nadere invulling van de gekozen juridische vorm.

Forza! heeft voor het nog nader uit te werken oprichtingsvoorstel de volgende aandachtspunten: probeer te behouden wat nu al goed gaat in de samenwerking. Heb aandacht voor specialisatie, die bijvoorbeeld ook al in de Wlz gebeurt, met regionaal expertisecentra en dat gaat misschien met het woonbeginsel knellen, maar het is misschien leuk om het dadelijk met elkaar over te hebben. Maar voor mijn tijd op is, ga ik gauw verder. Oormerk budget, expertise en zeggenschap in een model, waarin de besluitvormingsstructuur duidelijk is. Inventariseer de voorliggende hulpvragen in kwalitatieve zin, in volume en maak duidelijk wie er verwijzen mogen opnemen en wie de wachtlijsVerslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

5

ten beheert. Werk met de uitwerking van nieuwe woonconcepten met hele korte lijntjes samen met VG en GGZ-zorgverlenende instanties. Maak de nieuwe woonconcepten niet te klein in volume, omdat je anders in financiële zin jarenlang achter de feiten aanloopt. Het karakter kan kleinschalig zijn maar zorg ervoor dat de woon- en zorgfinanciering eruit kan. Heb in de uitwerking veel aandacht voor het versterken van zelfstandig thuis wonen en voor voldoende uitstroommogelijkheden vanuit beschermd wonen. Misschien dat die 30% dat niet kan, maar we moeten wel iets verzinnen voor die andere 70%. Forza! voorziet een groot probleem bij de verantwoordelijkheid van Haarlemmermeer voor voldoende woonruimte voor de doelgroep beschermd wonen. Het kan niet zo zijn dat de gemeente Haarlem jaar in, jaar uit het overgrote deel van de woonruimte voor haar rekening blijft nemen. Meerdere doelgroepen kloppen op de deur van onze portefeuillehouder aan. Welke acties zijn en worden er uitgezet voor beschermd wonen. Zijn er specifieke subdoelgroepen waar wij ons op richten en zijn er partijen die ons kunnen helpen bij deze specifieke opgave. Kortom, wat zijn de vastgoedgerelateerde stappen die de portefeuillehouder wil nemen. Tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Kos. Dan heb ik nog twee aanwezigen die nog niet hebben aangegeven te willen spreken. Mijnheer Khatab gaat uw gang, EEN Haarlemmermeer.

De heer KHATAB: Ja, dank u wel voorzitter. Het maatschappelijk vraagstuk omtrent beschermd en begeleid wonen is natuurlijk cruciaal. Inwoners die niet meer zelfstandig kunnen wonen vanwege een ziekte, beperking of een aandoening kunnen in aanmerking komen voor dit begeleid en beschermd wonen. Voor nu kunnen de inwoners van Haarlemmermeer dus ook terecht in Haarlem. Maar dit zal veranderen. We lezen namelijk een samenwerkingsverband waarin dit maatschappelijk vraagstuk per gemeente wordt ingevuld. EEN Haarlemmermeer pleit ook voor een eigen invulling van beleid, organisatie en het op maat leveren van begeleiding. Het voorgestelde samenwerkingsverband klinkt daarom ook prima. Wel vragen we ons af of we in staat zijn om ook eigen beleid te maken zoals de PvdA ook noemde en ook tot in hoeverre de middelen die we krijgen van het rijk ook voldoende zijn. Het verdeelmodel is namelijk nog niet vastgesteld. We denken gelijk aan proces en verbetering. We ontvangen ook signalen dat er een tekort is of dat het overkomt dat er een tekort is aan woonplekken. Bovendien kan de tijdperiode tussen de aanvraag en de toewijzing best groot zijn. Men kan al in die periode in een slechtere positie zijn terechtgekomen. We horen graag wat de verwachtingen zijn van het proces van de portefeuillehouder en we kijken uit naar het vervolg. Dank u wel.

De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Khatab en als laatste, last but not least, de heer Sulmann van GEZOND Haarlemmermeer. Gaat uw gang. De heer SULMANN: Ja dank u wel voorzitter. Last but not least. Op dit moment heeft Haarlemmermeer een centrumregeling voor wat betreft beschermd wonen met Haarlem als centrumgemeente. Organisatorisch werkt de huidige constructie goed. Sturing en uitvoering zijn in een hand belegd, waardoor taken eenduidig en zo efficiënt mogelijk worden uitgevoerd. Ik hoorde het net ook al. Maar, lezen we dat is dus niet de bedoeling van doordecentralisatie. En dan begint het gelijk al een beetje te jeuken. De huidige situatie werkt goed en dan moeten we toch doordecentraliseren. Maar de vraag is niet of we wel moeten doordecentraliseren, maar hoe. Het college geeft aan dat er een aantal opties zijn om de nieuwe samenwerking vorm te geven en daarbij stelt het voor om te kiezen voor een gemeenschappelijk orgaan. De nota omschrijft het eigenlijk prima. De GO blijft dicht bij de huidige praktijk waarover we tevreden zijn. En als we dan toch iets moeten veranderen wat goed werkt, blijf dan zo dicht mogelijk bij het origineel. En dan wordt het ook nog flexibeler met maximale zeggenschap per gemeente, waarbij inwoners zoveel mogelijk beschermd kunnen wonen in hun eigen gemeente, in hun vertrouwde omgeving en in de buurt van hun eigen sociale netwerk. Prima dus.

En dan ligt het voor de hand dat de taken die uit een GO ontstaan bij Haarlem komen te liggen. Zij vult de rol als centrumgemeente op dit moment namelijk ook al in. Maar dan lezen we ook dat er toch nog onduidelijkheden zijn Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

6

over het nieuwe verdeelmodel, de effecten van de overgang van een deel van de cliënten naar de WLZ en het ingroeipad. Eigenlijk is onze enige vraag is, of het college verwacht dat als deze punten uitgewerkt zijn, dit de beslissing voor een GO in een ander licht zet. We horen het graag. Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Sulmann. De fracties van Sociaal Rechts Haarlemmermeer en Lid Meijer zijn niet aanwezig. Dan is het nu de beurt aan mijnheer Sidali. Gaat uw gang. Wethouder SIDALI: Ik weet niet of het systeem mij herkent. De VOORZITTER: Momentje alstublieft. (Er wordt een technisch probleem opgelost m.b.t. de microfoon.) De VOORZITTER: Helaas uw tijd is om. Nee hoor, gaat uw gang. Wethouder SIDALI: Dank u wel voorzitter. Fijn om met elkaar hierover te praten. We staan aan de vooravond van een hele doordecentralisatie, zullen we maar zeggen. Er is lang aan gewerkt maar we staan er nu echt voor en eventjes, het is al gevraagd hier en daar, die doorlooptijd is niet voor niets tien jaar. Omdat we het hier hebben over heel complexe zaken, die je lang niet in je eigen gemeente ook belegd hebt. Ik geef even een voorbeeld: er zijn kleinere gemeenten, die bijvoorbeeld niet de crisisopvang hebben voor beschermd wonen voor hele complexe zaken van mensen. Die zijn nu aangewezen op de centrumgemeente of op ons, als Haarlemmermeer.

Als het gaat om beschermd wonen dan hebben wij wel voorbeelden hier in Haarlemmermeer, wat straks een centrale voorziening is bijvoorbeeld. Wij hebben hier de Spaarnevleugels. Dat is bij het Spaarne Ziekenhuis (Gasthuis?). Hier wonen cliënten met complexe meervoudige problematiek. Die kunnen niet ergens anders in een wat kleinere gemeente terecht dus die zullen bij ons terechtkomen of bij Haarlemmermeer (Haarlem?). Maar daar heb je wel afspraken voor nodig en daar heb je dus die regionale afspraken met elkaar voor en dat doe je dus in een GO, in een gemeenschappelijk orgaan. En dan kom ik gelijk op de vraag en daar heb je ook de tijd voor nodig om met elkaar afspraken te maken. Die tien jaar hebben we echt nodig. En dan kom ik meteen op de vraag die gesteld is, maar waarom een gemeenschappelijk orgaan? Het zou ook wel een convenant kunnen zijn. Dat vroeg de VVD. Daar ben ik het mee eens, want een convenant is wat dat betreft… Een voordeel van een convenant is eigenlijk dat alle raden en colleges hun eigen verantwoordelijkheid houden en je als gemeente volledige zeggenschap houdt. Maar een convenant, als er omstandigheden veranderen en/of belangen uiteen gaan lopen kun je terechtkomen in een situatie waarin iedere gemeente besluitvorming of aanvullende afspraken kan tegenhouden en alsnog kan besluiten deels haar eigen koers te varen.

Dat lijkt, zeer gezien de grote financiële afhankelijkheid de komende jaren, niet wenselijk en het gaat ook om hele complexe zaken en daar moet je dus voor uitkijken, dat je dat wel even goed met elkaar blijft regelen. En een convenant is daar veel te los in. Je kan het zo strak invullen als je wilt, een convenant, maar dat gaat dan net iets te los voor zo'n complex onderwerp als beschermd wonen. Waarom kies je dan niet bijvoorbeeld voor een VRK. Dat je het echt hebt over een… wat nog echt doorgaat. Dan heb je bijna niets te zeggen. Ik durf het bijna niet te zeggen, maar als raad heb je dan echt véél minder te zeggen. En omdat we toch een regionale samenwerking hebben, en daar afspraken over moeten hebben, staat een gemeenschappelijk orgaan precies in het midden tussen een convenant en een soort GR als VRK. Dus vandaar dat wij nu kiezen voor een gemeenschappelijk orgaan, om dat verder uit te werken. Kun je dan ook nog kijken naar hoe je betrokkenen, cliënten, hun ouders of familieleden betrekken bij de governance. Dat is nog wel een ding, om daar eerlijk gezegd niet goed over na te denken, maar wel even kijken naar wat de mogelijkheden zouden kunnen zijn. Want daar sluit eigenlijk heel veel achter, want waarover zou je iemand inspraak willen geven. Bij wie, bij welke aanbieder, bij welke voorziening.

Als Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

7

je niet uitkijkt dan wordt het echt een woud aan inspraak. Ik hoor wat GroenLinks zegt. Ik denk dat er verschillende manieren zijn om cliënten in de governance mee te nemen, maar die zie ik op dit moment nog niet voor me. En u had het al over een motie of amendement of wat dan ook. Ik kijk er erg naar uit als u die oplossing heeft. Maar ik zie hem een- twee-drie op dit moment niet. De VOORZITTER: Mevrouw Ballieux heeft een interruptie. Gaat uw gang. Mevrouw BALLIEUX: Ja, dank u wel voorzitter. De reden dat ik het vraag is, omdat er bij VGinstellingen gewoon een familieraad, een cliëntenraad is. Dit is natuurlijk een iets ander verband en tegelijkertijd, u leest ook de krant, wat we met elkaar moeten constateren is dat eigenlijk de inwoner om wie het gaat uit beeld is verdwenen. En daar gaat het in dit vraagstuk natuurlijk ook om en de vraag is, als we dan toch iets nieuws gaan beginnen, hoe gaan we dat tackelen? En ik heb eigenlijk een vraag aan u. Ik ben zelf ook een beetje op zoek naar tijd en vorm. Ik kan u ook vragen stellen. Misschien willen de collega’s daar dan ook over meedenken. En dat het op die manier komt of zegt u, u helpt mij veel meer met een motie met de vraag om een en ander in kaart te brengen, zodat we dat in de governance kunnen uitzoeken.

Ik ben dus eigenlijk een beetje op zoek samen met u en hopelijk straks ook met mijn collega’s naar hoe we dit zouden kunnen doen. De VOORZITTER: Mijnheer Sidali Wethouder SIDALI: Ja, dank u wel voorzitter. Straks zijn er eigenlijk twee sporen. Je hebt de regionale samenwerking, maar straks hebben wij ook ons lokale eigen beleid als het gaat om beschermd wonen en ik zie dan veel meer op het gebied van lokaal beleid beschermd wonen en hoe we omgaan met beschut wonen, daar zie ik dan veel meer een haakje om iets met governance te doen in de zin van onze cliënten en onze inwoners, om daar iets mee te doen. Regionaal de samenwerking en daar iets doen met cliënten qua inspraak. Ik vind hem nog een beetje taai eerlijk gezegd en ik weet niet of we dat al in een GO zouden kunnen gaan opnemen. Maar dat is wel een onderwerp van gesprek, maar daar moeten we nog wel op terugkomen want 2022 is het overgangsjaar. In 2022 hebben we wel de regionale samenwerking, dat systeem staat dan, maar de begroting is nog van de centrumgemeente. Dus de eerste begroting is 2023. Dan kunnen we misschien wat meer met elkaar het komende jaar invulling gaan geven aan de vraag die u heeft, maar eerlijk gezegd, ik zie hem nu nog niet, maar ik ga daar graag over in discussie met u als raad. De VOORZITTER: Ik heb nog een interruptie voor u van mevrouw Van der Meij. Gaat uw gang.

Mevrouw VAN DER MEIJ: Dank u wel voorzitter. Ja, die ziet hier ook op. Wat ik al aangaf ook in mijn bijdrage was dat wat we zo belangrijk vinden bij samenwerking is de cliënt voorop. En die samenwerking zie ik nou juist op die regionale samenwerking. Dus daar zul je die klant toch op de een of andere manier aan de voorkant al bij moeten betrekken, en of dat nu specifiek bij de governance is, of hoe gaan we invulling geven aan die GO, maar ik zou ook daar graag op een ander moment en wellicht ook met de collega’s over van gedachten wisselen, maar eigenlijk kan het niet anders dan dat we die klant in een vroeg stadium meenemen, ook in het regionale, denk ik. Wat denkt u, wethouder? De VOORZITTER: Dank u wel. Mijnheer Sidali. Wethouder SIDALI: Ik hoorde een vraag inderdaad. Daar zij we het met elkaar over eens. Dat we ze erbij moeten betrekken, dat is evident. Zo gaan we dat ook doen. Maar alleen hoe dat dan vorm gaat krijgen, dat weet ik nu op dit moment nog niet. Daar antwoordde ik eigenlijk even op. Maar dat ze dus betrokken worden als cliënten, zowel in het regionale als in het lokale, dat is evident. Dat moeten we ook gewoon doen. Daar gaan we ook van uit, alleen dat moet nog wel handen en voeten gaan krijgen. Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

8

En daar moeten we het met elkaar nog even over hebben. Dus dat is eigenlijk het antwoord dat ik eerder wilde geven daarover. Participatie, we hadden het over communicatie en dat wordt weleens verward met participatie en het is, ik denk en ik overdrijf niet, maar het is de helft van het werk wat je straks voor elkaar moet gaan krijgen, want wij willen gewoon onze mensen zoveel als mogelijk gewoon in de wijken, in hun eigen netwerk, in hun eigen omgeving, kunnen laten wonen. En dat betekent dus gewoon dat wij echt heel goed moeten gaan communiceren in onze wijken, maar dat mensen daarin ook moeten participeren. En dat is ook wel iets dat we natuurlijk in ons eigen lokale beleid mee gaan nemen. Dat gaan wij dus niet regionaal beleggen in de GO. Dat gaan we gewoon zelf doen in de gemeente. Want dat is wel de andere kant die er is. Wij als Haarlemmermeer, zitten goed als het gaat om regionale voorzieningen. Ik noemde net al een aantal daarvan. Maar we zijn nog niet helemaal ingericht als het gaat om beschut wonen. Dan kom ik eigenlijk ook een beetje bij de opgave in het vastgoed. Daar zullen we echt nog wel wat tijd voor moeten uittrekken. En dan ben ik wel blij met die tien jaar. Want dat kunnen we niet even in een jaar of twee, je weet hoe dat gaat met wonen. Ik ben blij dat ik ook nog een deel woonbeleid heb als portefeuille.

Maar samen met mijn collega wonen zullen we daar echt over na moeten denken. We zijn daar ook mee bezig om te kijken: hoe gaat Haarlemmermeer zich ontwikkelen de komende twintig jaar als het gaat om dit soort vraagstukken? Ook met betrekking tot woonzorgvormen. Daar zullen we binnenkort ook de raad over informeren, hoe we daarvoor staan en wat we bedenken om dat vlot te trekken. Dus dat is wel een opgave inderdaad, het vastgoed, met name om beschut wonen in de wijken ook te hebben. Dus daar maak ik me wel een beetje zorgen over, maar gelukkig hebben we tien jaar. En dan heb je dus ook weer die regionale afspraken nodig, want op het moment dat je het zelf niet hebt, is het wel fijn dat het ergens anders bij een andere gemeente dan even wel lukt. Woonplaatsbeginsel, dat is dan de brug daarnaartoe. Het moet nog goed uitgezocht worden, maar we zijn het in ieder geval in Haarlemmermeer over eens dat onze inwoners of onze mensen moet ik dan gewoon zeggen, die bij ons ingeschreven staan en dan een plek hebben in Haarlem of ergens anders, dat wij daarvoor opdraaien. En dat vice versa natuurlijk ook. Als wij een plek hebben in een voorziening en iemand woont in Haarlem of in IJmond of waar dan ook in de regio, dan zal die gemeente daar dan ook voor op moeten draaien.

Dus dat is wel het uitgangspunt zoals we dat zouden willen gaan hanteren, het woonplaatsbeginsel en daar heb je dus ook weer die regionale afspraken voor nodig. Hoe kunnen we dat dan met elkaar regelen. Daar zit dan ook een begroting in. Want je hebt straks de begroting voor de regionale samenwerking voor de GO en een begroting die je gewoon zelf hebt voor lokaal. Dus dat is dan wel op het woonplaatsbeginsel waar we natuurlijk ook aan denken en op die manier zouden we dat willen regelen. Dan heeft… De VOORZITTER: Mijnheer Sidali, u bent een beetje aan uw tijd, maar gezien de tijd die we hebben en voelende dat we aardig op een lijn zitten, denk ik dat we het debat in de 2e termijn wat korter kunnen doen, dan mag u wat mij betreft nog wel een minuutje doorgaan, als u wilt. Wethouder SIDALI: Ja, ik zal het in een minuutje doen. De VOORZITTER: Ik zie een interruptie van mevrouw Ballieux, die wil iets zeggen. Mevrouw BALLIEUX: Ja dank u wel, voorzitter. Dan neem ik even de gelegenheid om de wethouder ergens op te bevragen. Het woonplaatsbeginsel. Er zijn altijd mensen die echt hele gespecialiseerde zorg nodig hebben. En het nadeel kan zijn als je dat zo strikt doet, dat die mensen eigenlijk een beetje speelbal worden.

Dus dat is wel een zorg die ik heb en ik hoop ook dat mensen die echt gespecialiseerde zorg nodig hebben, die moeten dat misschien wel regionaal of misschien wel bovenregionaal doen. Ik ben eigenlijk heel erg op zoek naar hoe borgen we nou dat die mensen eigenlijk niet het kind of de mens van de rekening worden.

Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

9

De VOORZITTER: Mijnheer Sidali. Wethouder SIDALI: Dat is inderdaad een kwestie van daar goed aan de voorkant afspraken over maken. Dus niet dat het al spelend gebeurt. Dat we elkaar dan aankijken: wat doen we hierover? Het is natuurlijk al gezegd, het is een doorgroei van tien jaar en daar zit ook een budget aan vast. Die verdeelsleutel die komt nog. Dus je hebt straks een budget dat je regionaal afstaat en een budget dat hou je bij je. En dat betekent dus ook dat je voor de mensen die ergens in een voorziening terecht moeten komen, dat je daar ook vanuit het rijk budget voor krijgt. Maar dat we wel in de regionale afspraken goed gaan kijken naar die verdeelsleutel, want het kan niet zo zijn dat dan de gemeenten helemaal, omdat ze wat minder krijgen, want die tarieven zijn wel hetzelfde, laten we wel wezen en dan ben je heel snel aan de beurt als kleine gemeente, want dan ben je snel door je budget heen. Want daar zullen we wel gewoon afspraken over gemaakt moeten worden. Maar het is wel goed om in ieder geval wel af te spreken dat als het gaat om je eigen inwoners je daar in ieder geval in eerste instantie voor aan de lat staat. Heb je problemen of loop je ergens tegen een probleem aan dan gaan we dat in de regio met elkaar bespreken en dan gaan we kijken hoe we dat dan zouden kunnen oplossen. Maar de verdeelsleutel is daar wel op aangepast.

De VOORZITTER: Mevrouw Van der Meij heeft ook nog een vraag. Mevrouw VAN DER MEIJ: Ja, dank u wel voorzitter. Inderdaad ook nog even aanvullend op dat woonplaatsbeginsel. Want waarom ik het in eerste instantie noemde was, wij hebben Schiphol in onze regio. En veel mensen die gebruikmaken van beschermd wonen zijn mensen die uit een dak- of een thuisloze situatie komen en die via die route in beschermd wonen komen. En op Schiphol worden nog wel eens, daar verblijven mensen soms en die verblijven dan op dat moment dus in de gemeente Haarlemmermeer en zouden op die manier dus voor rekening van de gemeente Haarlemmermeer kunnen komen. Daar zat eigenlijk mijn vraag op. Is er ook rekening mee gehouden dat wij Schiphol in onze regio hebben en dat dat een aanzuigende werking heeft en wordt er in dat regioverband ook al daarover gesproken, dat die lasten zeg maar een soort eerlijk verdeeld worden. Dat was eigenlijk ook een vraag. De VOORZITTER: Mijnheer Sidali. Wethouder SIDALI: In Schiphol gaat het vaak om crisisgevallen die op dat moment ook even een plek nodig hebben om te slapen en je ziet wat er dan gebeurt. Na een dag of twee, drie dan staan ze natuurlijk wel voor Haarlemmermeer. Daar hebben we dus ook een bepaalde afspraak over, ook met het rijk. Daar hebben we voor de komende twee of drie jaar, maar dat moet ik even goed nakijken, een potje voor gekregen.

Maar daarna gaan ze weer heel snel door naar Haarlem. Omdat het ook vaak niet altijd mensen zijn die daadwerkelijk ook uit Haarlem komen, maar ze moeten dan wel wat langer beschermd wonen en dan gaan ze naar de crisissituatie in Haarlem en dan draaien wij er juist niet voor op. Dus waar het hier daadwerkelijk over gaat het is je eigen mensen die een voorziening nodig hebben die je nu niet in je eigen gemeente hebt, maar bijvoorbeeld wel in een andere gemeente, dan betaal je er echt als gemeente zelf voor. De VOORZITTER: Mevrouw Ballieux wil nog een vraag stellen. Mevrouw BALLIEUX: Ja dank u wel voorzitter. Ik pak toch even het eerdere draadje, dat gaat over woonplaatsbeginsel, maar gaat nu ook even in aanvulling op wat u zei, de gespecialiseerde gevallen zal ik maar zeggen, de mensen die echt gespecialiseerde zorg nodig hebben, we weten ook nu in de jeugdzorg, dat is vaak de groep die vaak op de wachtlijst komt. Gewoon omdat dat ingewikkeld is. Dat risico is hier ook. En als ik het dan heb over governance dan denk ik ook dan moet je misschien goed Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

10

nadenken over wat voor rechten je mensen geeft. En wat voor bezwaarprocedures er zijn en wanneer ze kunnen escaleren ook, dus dat het niet… Dat als je hulp nodig hebt je deze ook moet krijgen en dan moet je niet omdat je dan toevallig in een kleine, wat minder fortuinlijke gemeente woont in de problemen komen. Gewoon omdat jouw gemeente dat geld niet heeft. Dus ik ben wel heel erg op zoek in de governance naar de rechten van mensen, omdat we misschien toch wel moeten constateren dat het daar ook landelijk op een aantal dossiers heel erg fout is gegaan. De VOORZITTER: Mijnheer Sidali. Wethouder SIDALI: Voorzitter, ik ben heel blij met deze aanvulling, want daar gaat deze avond over. Dus dat je ook gewoon als raad meegeeft: wat vinden wij nou belangrijk dat in die GO meegenomen kan worden. Waarvan akte. Ik neem dit mee onder mijn arm en ik kijk wat we daarvoor kunnen gaan betekenen. Dank je wel voor deze suggestie. Dan nog even heel snel over, de PvdA had het over kunnen we dit allemaal wel rooien, want we moeten meer gaan doen. Dat klopt, we moeten veel meer gaan doen, maar ook dat zit in het budget dat wij vanuit het rijk krijgen.

We moeten daar straks voor vastgoed gaan zorgen, maar in het budget zit dus ook dat we daarvoor meer mensen, ambtenaren aan het werk hebben en we moeten ook nog op zoek naar hoe we het gaan doen als het gaat om de regionale samenwerking, want het is dan niet net zoals een VRK, waar een hele horde aan ambtenaren zit met een manager of tien, vijftien... Nee, dat mag ik niet zeggen. Het gaat erom dat we dat zoveel mogelijk zelf gaan doen, maar er komt wel een bedrijfsvoeringsbureau en daar moeten we dan gaan kijken welke gemeente gaat dat doen. Of een aantal gemeenten die dat gaan doen op het gebied van de regio. Lokaal doe je het zelf, maar regionaal hebben we daar wel onze eigen mensen voor, maar daar moet wel een bedrijfsvoeringbureau komen en daar zal natuurlijk ook nog een deel van het budget voor gereserveerd moeten worden. Dus we doen het met de middelen die we vanuit het rijk daarvoor krijgen. Ik denk dat ik het meeste zo een beetje gehad heb. Vastgoed heb ik inderdaad gehad. Tekorten aan woonplekken, daar heb ik het al over gehad. EEN Haarlemmermeer had het daarover, met name beschut wonen, dus daar moeten we goed naar kijken. Cliënten aan de voorkant hebben we ook gehad. Het gaat ook om hoe we gaan doordecentraliseren, had GEZOND Haarlemmermeer het over. Niet het feit dat we gaan doordecentraliseren, maar hoe.

Nou ja, dat denken we dus met een gemeenschappelijk orgaan te gaan doen en zeker de komende tijd, maar het moet nog uitgewerkt worden. Dus ik kom nog bij u terug met de uitwerking en de aankleding van een gemeenschappelijk orgaan en hoe dat er dan uitziet en niet dat u dat dan moet vaststellen maar wel: kunnen wij ons daarin vinden en hoe ziet dat er dan werkelijk uit. De VOORZITTER: Mijnheer Sulmann wil hier nog wat over zeggen. De heer SULMANN: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, dat was me wel bekend, maar het ging er mij meer om dat we eigenlijk een hele goede regeling hebben staan, en die moeten we gaan aanpassen. Dat was ook mijn punt. De vraag is niet of we het moeten doen, maar we moeten het doen en we gaan het ook doen. En dan een gemeenschappelijk orgaan lijkt ons dus ook de beste manier om het te doen. Ook uit het stuk dat we hebben gekregen konden we dat distilleren. Maar daar stonden ook wat onduidelijkheden in en dat is meer, want als u zegt: ‘we gaan het meer concreet maken, dat gemeenschappelijk orgaan’, dan gaan wij ervan uit dat die onduidelijkheden die er nog zijn, onder andere het verdeelmodel en het ingroeipad, er allemaal in naar voren komen, dan zijn wij weer gelukkig. De VOORZITTER: Dat is goed om te horen. Mijnheer Sidali.

Wethouder SIDALI: Ja, dat is het precies voorzitter, want we hebben nu gekozen voor een gemeenschappelijk orgaan, maar dat moet uitgewerkt worden, want hoe zwaar maak je hem of hoe licht maak je hem? Dat is een kwestie van onderhandelen en wat belangrijk is wat we vandaag meekrijgen en ieVerslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

11

dere gemeente meekrijgt vanuit de raden, om daar dus een gezamenlijkheid in te vinden. Dus dat is het voorzitter. En dan denk ik dat ik met het CDA inderdaad eindig, zoveel mogelijk lokaal en anders regionaal. Dat is precies in de geest van waar wij aan willen gaan werken. Dus dank inderdaad voor dat u hier nog een keer de nadruk op legt. De VOORZITTER: Nou, ook weer precies binnen de tijd, dank u wel. We kunnen nu starten als daar behoefte aan is, aan vrij debat. Zijn er mensen die het nog ergens over willen hebben? Dan hebben wij hier nu de gelegenheid voor. Mijnheer Boscher, gaat uw gang. De heer BOSCHER: Ik wil het wel ergens over hebben en dat is dat ik me toch, zorgen maak is misschien een groot woord, maar ik wil gewoon voorkomen dat we heel veel ambtelijke capaciteit hiervoor gaan inschakelen of externe partijen gaan inschakelen, externe adviseurs, wat we volgens mij wel een beetje hebben gezien bij de decentralisaties in het Sociaal Domein. Ik vroeg me af hoe andere partijen hier tegenaan kijken om het zo lean mogelijk in te richten. Want ik hoor een bedrijfsbureau, maar ik hoor ook adviseurs, overleggen en natuurlijk, wat nodig is dat moet. Maar ik zou ook heel graag aan de voorkant regelen dat we ook dat als kader meegeven dat het zo efficiënt mogelijk moet.

Omdat iedere euro die we krijgen volgens mij hard nodig is om beschermd wonen ook daadwerkelijk mogelijk te maken. De VOORZITTER: Dank u wel. Ik denk dat iedereen het daar wel mee eens is, maar mijnheer Sulmann wil daar wat over zeggen. De heer SULMANN: Ja dank u wel voorzitter. Ja, wij kunnen het er in ieder geval mee eens zijn. Lean als je het kan doen, waarom niet. Waarom zou je het moeilijker maken dan het is. Maar ik vroeg me ook af, we hebben nu Haarlem als centrumgemeente. En daar zitten natuurlijk al mensen en een organisatie die het nu al regelt als centrumgemeente. Dus ik vroeg me af of we deze mensen en die ervaring en die specialismes die daar zitten, niet kunnen gebruiken voor het eventuele bedrijfsbureau. Dus laten we ook gebruikmaken van de organisatie, voor zover wij die nu al hebben om het ook zo lean mogelijk te maken. Dat zou mijn advies zijn en ik weet niet of, de wethouder kan daar nu even niets over zeggen. maar als we dat mee zouden kunnen geven, dan zou ik dat wel willen meegeven. Maak gebruik van de ervaring en de specialismes die we nu al hebben in Haarlem als centrumgemeente. De VOORZITTER: Nou dat is ongetwijfeld aangekomen. Mijnheer Kos. De heer KOS: Ja voorzitter, dank u wel. Ik zit ook een beetje, net wat GroenLinks zegt, en nu de VVD, ik denk dat het ook een beetje met de keuzes te maken heeft die wij dan gaan maken.

Waar gaan wij voor? Je zit met het woonplaatsbeginsel. Ik denk niet dat je in alle gemeenten alle specialisaties, dat kan zo complex zijn wat er gevraagd wordt, ik denk niet dat dit lukt in iedere gemeente dat op te tuigen. En als dat lukt, dan denk ik inderdaad dat je heel veel bureaus nodig hebt of managers, crisismanagers, die mijnheer Sidali zo waardeert. Dus ik denk, je moet bij die inrichting en daarom zit ik ook een beetje te denken aan in welke vorm dat dan moet en in welk overleg. Je moet vooraf bijna keuzes maken, want anders ga je een doolhof in waar je heel lang in gaat zitten en heel veel geld kwijt gaat raken. Dat is nog even los van waar wij als fractie ons ook zorgen over maken. Je moet ook gewoon vastgoed tegen die tijd hebben en tien jaar is erg lang maar in de vastgoedwereld is tien jaar eigenlijk gewoon kort. De VOORZITTER: Dank u wel, mijnheer Kos. Mevrouw Van der Meij. Mevrouw VAN DER MEIJ: Ja, ik wil daar ook nog wel even op reageren, want iedereen is het er denk Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

12

ik mee eens dat je iedere euro die je aan zorg of aan het beschermd wonen uit kunt geven ook daadwerkelijk daaraan uit moet geven. Maar het is natuurlijk niet zo, mijnheer Kos, dat alles wat nu staat, a. dat dat verdwijnt. Dat gaf de wethouder zelfs al aan. Wij zullen zelfs een regiofunctie gaan vervullen op onderdelen in deze nieuwe constructie. Dat doen we nu al, maar dat blijft. En volgens mij is juist, tenminste dat lees ik wel uit het stuk, juist die reden om tot die regionale samenwerking over te gaan, het feit omdat je het alleen niet kunt bieden, dat er te gespecialiseerde zaken zijn waarvoor je als gemeente alleen niet op kunt draaien, omdat dat onbetaalbaar is en omdat de expertise elders zit. Dus ik maak me daar minder zorgen over. En lean, ja groot voorstander, maar ik zou wel graag horen, heeft u daar dan ideeën over? Specifiek. De VOORZITTER: Ik ga eerst even naar mijnheer Kos. De heer KOS: Ja voorzitter, dank u wel. Ik denk dat we het wel redelijk eens zijn, dat dat een deel van de oplossing zou moeten zijn en ik zou dan heel graag willen dat wij als raad meegenomen worden in welke stukjes wij dan voor onze rekening nemen, want dan kun je gewoon budget naast specialisatie gaan leggen en dan hebben we misschien minder bureaus nodig. Dat hoop ik in ieder geval.

De VOORZITTER: Mijnheer Boscher, wilt u reageren op mevrouw Van der Meij? De heer BOSCHER: Ja, dat wil ik zeker. Het is eigenlijk wat GEZOND Haarlemmermeer ook net zei, dat heb ik ook al gezegd in mijn bijdrage, namelijk, wat had ik gezegd, ja bouw voort op de bestaande infrastructuur en kennis. En ga niet proberen overal het wiel opnieuw uit te vinden en natuurlijk, iedereen is het daarmee eens, dat moet zo lean mogelijk, maar het gaat er ook om hoe belangrijk vind je dat en hoe prominent zet je dat naar voren. En voor de VVD is dat gewoon een heel belangrijk kader, omdat we in de decentralisaties hebben gezien dat er ook verschrikkelijk veel overhead was. En allerlei externe partijen werden ingehuurd om allemaal expertise te leveren die de gemeente niet in huis had. Nou, dan denk ik als er in Haarlem allemaal slimme mensen zitten, die hier goed over kunnen adviseren, waarom zouden we die dan niet gewoon inschakelen. Wellicht een open deur, maar ik vind dat gewoon een heel belangrijk uitgangspunt. En ik zou als we dan toch het debat voeren, dan zou ik dat graag als belangrijkste punt naar voren willen brengen. De VOORZITTER: Mevrouw Ballieux. Gaat uw gang. Mevrouw BALLIEUX: Ja, ik denk dat er één ding ook nog is, wij kunnen ook de komende tijd nog een heleboel gaan leren, van wat er eigenlijk gebeurd is in de jeugdzorg. Wij hebben een rekenkameronderzoek.

Er is van alles aan de hand. Wat me heel erg heeft geïntrigeerd is, ik vond op LinkedIn een verhaal. Ik weet dus niet of het echt waar is, maar ik geloof het wel. Er was een mevrouw die voorheen bij de provincie de jeugdzorg deed en die vertelde: wij werkten met subsidies en werkte met 5 fte of zo, ik weet niet of het echt helemaal zo strikt was, maar goed, we zien dus dat elke gemeente enorm veel geld uitgeeft en dat is still counting, het gaat alleen maar omhoog. Dus ik hoop ook eigenlijk dat we in het inregelen ook van de financiële grip, gewoon goed lessen trekken op wat ons nu met zijn allen is overkomen. Want daar zitten ook dingen in. We hebben al eerder vragen gesteld vanuit GroenLinks over moet je ook altijd aanbesteden. Misschien hoeft dat wel helemaal niet. Misschien kun je beter met subsidierelaties werken, omdat je dan meer grip daarop kan hebben en je ook gezamenlijke verantwoordelijkheid kan nemen op iets. Dat zijn allemaal dingen. Ja, we gaan nog heel veel hierover spreken, want we zijn er nog helemaal niet over uit hoe we dit goed in de vingers kunnen krijgen, maar één ding, laten we in elk geval dan heel erg bewust zijn van dat we gaan leren en dat als we het nieuwe beschermd wonen gaan inrichten, dat we in elk geval niet pontificaal in dezelfde valkuilen vallen. Ik denk dat en daar steun ik mijn collega’s ook in. Dat is zonde. Dat hoeft helemaal niet.

Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

13

De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Ballieux. Mevrouw Elfers wil ook nog iets zeggen. Mevrouw ELFERS: Ja, dank u wel voorzitter. Nog even reagerende op de stelling of de vraag vanuit de VVD voor wat betreft hoe wij daarin staan. Dat lean, ik wilde lean bouwen zeggen, maar dat is iets anders. Daar kunnen wij zeker in mee gaan. Want wij zijn ook groot voorstander om de budgetten te laten gaan naar de mensen, in dit geval de kwetsbare mensen, die het nodig hebben. Echter, zou ik daar wel een kanttekening bij willen maken, want ondanks dat dat misschien een open deur is, is het goed om het met elkaar uit te spreken, want anders wals je misschien ergens overheen omdat je denkt, het is vanzelfsprekend, het wordt wel gedaan. Zonder een goed fundament kan er ook niet goed gebouwd worden. Dus wat dat betreft, laten we niet te veel bezuinigen op datgene wat er bijvoorbeeld georganiseerd moet worden. Leer van Haarlem of gebruik daar de expertise, leer van het verleden, dingen die verkeerd zijn gegaan en zorg dat er een goed fundament staat waarop we verder kunnen bouwen. Dat is wat ik namens HAP graag wil zeggen op dat punt lean. De VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Elfers. Mijnheer Sidali aan de linkerkant van mij staat te trappelen om nog iets te mogen zeggen. Dus ik wil hem die gelegenheid graag bieden. Gaat uw gang.

Wethouder SIDALI: Nou dat is heel fijn, want ik heb misschien gezegd over een bedrijfsvoeringbureau. U moet niet denken dat er een nieuw bureau komt of wat dan ook. Het gaat om bedrijfsvoeringstaken die worden uitgevoerd voor het gemeenschappelijk orgaan en dit moet nog uitgewerkt worden. Mogelijk blijft Haarlem deze rol vervullen. Ja, me dunkt, want daar zit de deskundigheid en de expertise. Je zou wel gek zijn als we daar een bureautje voor gaan inhuren. Zo is het natuurlijk niet. Dus daar gaan we nog naar kijken. Daarom zei ik, misschien moet Haarlem dat nog blijven doen, of gaan verschillende gemeenten dat doen, want wij hebben ook bepaalde expertise opgebouwd in Haarlemmermeer, die anderen dus ook weer goed... Je moet jezelf niet wegcijferen zullen we maar zeggen. We hebben heel veel ervaring op het gebied van beschermd wonen en die kunnen we ook inzetten voor anderen. Alleen is het wel zo dat als mensen vanuit Haarlem deze taken gaan doen, het niet gaat dubbelen met de taken die zij dan hebben voor Haarlem zelf en voor het GO. Dan moet je dus goed kijken dat daar geen verstrengeling komt. Dat is even een puntje van hoe je dat technisch regelt. Maar er komt geen nieuw bureau, er komen geen nieuwe mensen. Het is gewoon puur met de expertise en de mensen die we nu al hebben. De VOORZITTER: Dat is helder.

Dan kijk ik even rond en dan denk ik dat we er een eind aan kunnen maken. Ik heb een motie gehoord van GroenLinks. Wellicht dat daar nog iets moois uit komt als input voor de portefeuillehouder. En dan wil ik nu hartelijk danken voor het kaderstellende debat en ik zie u graag een volgende keer. Dank u wel.

Verslag Raadssessie Regionaal Samenwerkingsverband Beschermd Wonen 20 mei 2021

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=f86157e5-d1e0-49e8-9e02-bf388609c81a