CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Raadssessie Nota Reactie op plan van aanpak transitie Metropoolregio 22 april 2021.pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 22 april 2021, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: Verslagen Raadsplein 22 april14.143 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

16

minder als we het over de MRA hebben, zodat we niet honderden – dat is wat overdreven – of talloze groepen en tafels krijgen die worden opgericht en allemaal langs elkaar heen gaan werken in plaats van samen te werken, wat we juist zoeken. De VOORZITTER: Mevrouw Van 't Hull in reactie op mijnheer Schaap en dan mevrouw Van der Meij want die zat ook te popelen. Mevrouw VAN 'T HULL: Mijnheer Schaap vraagt zich iets af over de democratische legitimiteit van de Raadtafel. Ik zou de Raadtafel liever willen zien als middel om de democratische legitimiteit te vergroten, zeer zeker niet als democratische legitimiteit zelf. De VOORZITTER: Mevrouw Van der Meij op ditzelfde punt? Mevrouw VAN DER MEIJ: Niet helemaal en ik zag dat mijnheer Schaap ook wil reageren. De VOORZITTER: O ja, mijnheer Schaap, over legitimiteit versterken of afdragen, daar ging het om volgens mij. De heer SCHAAP: Ik snap wat mevrouw Van 't Hull zegt en ik kan voor de beantwoording op mijn vraag wel aansluiten bij de woorden van mevrouw Van 't Hull. Dank u wel daarvoor. De VOORZITTER: Dan mevrouw Van der Meij nog over het onderwerp Raadtafel. Mevrouw VAN DER MEIJ: Ja, ik was hem ook begonnen dus ik dacht 'dan is het ook leuk als ik het afsluit misschien'.

Ik ben heel blij te horen dat er een kanteling in zit bij collega's en dat we volgens mij met elkaar kunnen gaan kijken naar hoe we die Raadtafel in positie kunnen brengen. En als we het hebben over de vorm, denk ik dat er een heel duidelijk voorstel ligt. Ik sluit ook erg aan bij u voorzitter, als u aangeeft 'we kunnen het hier ook met 39 mensen', dus dat zou daar ook succesvol moeten kunnen plaatsvinden'. De VOORZITTER: Ik weet niet of we wat hier gebeurt altijd succesvol kunnen noemen, maar daar hebben we het vanavond niet over, denk ik. Mevrouw VAN DER MEIJ: In ieder geval democratisch De VOORZITTER: In ieder geval democratisch, dat kunnen we zeker zeggen. Kan ik iemand anders het woord geven over een ander deel van dit voorstel? Mevrouw Van 't Hull? Mevrouw VAN 'T HULL: Ik heb nog een ander voorstel wat ik in mijn inbreng ook heb genoemd, dat is hoe we onze bestuurders wat vaker kunnen laten vertellen over wat er in de MRA gebeurt. We hebben als werkgroep eens in de twee weken de mogelijkheid om te vertellen wat voor nieuws er is uit de regio, maar die gelegenheid geven we onze bestuurders eigenlijk ook niet. Ik hoorde mevrouw Schuurmans ook zeggen 'dat is misschien wel een goed onderwerp om met elkaar te bespreken, juist om wat dichter op de MRA te komen', dus ik vroeg me af hoe mijn collega-raadsleden daarover denken. De VOORZITTER: De vraag is gesteld.

Wie kan ik daar het woord over geven? Mijnheer Schaap? De heer SCHAAP: Ja, ik wil wel reageren. Ik snap dit standpunt van de VVD heel goed van mevrouw Van 't Hull en ik sta er wel voor open dat we ook bestuurders aan het woord laten, maar ik vraag me Verslag Raadssessie Nota Reactie op plan van aanpak transitie Metropoolregio Amsterdam 22 april 2021

17

alleen af hoe we dat doen. Want inderdaad, eens in de twee weken krijgt het platform de gelegenheid in de raad ons te informeren na het vragenuur. Daar ben ik op zich wel blij mee, dat we zo op de hoogte blijven, maar ik zie bestuurders het niet doen om daar die ruimte voor te reserveren. Dus ik ben ervoor zo veel mogelijk informatie te krijgen en op de hoogte te blijven, maar ik denk dat dat digitaal via een mail of maandelijkse of tweewekelijkse nieuwsbrief moet. Ik denk dat dat de oplossing is waar we dan naar moeten kijken. Maar misschien dat mevrouw Van 't Hull er andere ideeën over heeft. De VOORZITTER: Ik wilde het eerst nog even vragen aan de rest van de vergadering, zijn er andere leden die andere ideeën hebben over hoe we op de hoogte kunnen blijven? Ik zie mevrouw Kerkhoff namens de PvdA. Mevrouw KERKHOFF: Dank u wel voorzitter, het is een interessante vraag over welke onderwerpen de wethouders dan moeten rapporteren want ze zitten op regionaal niveau natuurlijk, op AM-niveau hebben we ook overleggen lopen. We hebben vier platforms binnen de MRA waar de wethouders ook in zitten. Ze rapporteren ook terug op hun eigen portefeuilles via voortgangsrapportages. Dus ik denk dat we eerst helder moeten krijgen wat we dan precies willen horen van ze en op welk moment. Even terug naar mijn vorige baan als raadslid in een andere gemeente.

Daar hadden we afgesproken dat de wethouders maandelijks terug rapporteren wanneer ze overleg hadden gehad met de andere partners en dan kregen we gewoon een briefje ter informatie. Als je dat wilde, kon je daar nog vragen over stellen. Dat was gewoon ingebakken in het systeem. We kregen elke maand een briefje 'die overleggen hebben we gehad en dat is eruit voortgekomen'. Dat is maar een voorbeeld, maar ik denk dat we het ook bij de wethouders neer moeten leggen hoe zij denken dat ze dat kunnen terug rapporteren. Maar dat ze het vaker gaan doen, is wel handig want je merkt toch dat voor veel raadsleden de MRA ver weg is en pas in beeld komt als er een actualiteit is. Verder is het ver weg en dat moeten we dichterbij halen, dat is wel belangrijk. De VOORZITTER: Helder. Voor ik de vraag bij het college neerleg, leg ik hem eerst bij de raadsleden neer. Mevrouw KERKHOFF: Dat is prima. De VOORZITTER: Dat lijkt mij ook, en u was klaar toch? Mevrouw Ballieux had nog een idee hierbij, denk ik? Mevrouw BALLIEUX: Een reactie want ik vind het een goede vraag. Tegelijkertijd zie ik ook dat er heel regelmatig nieuwsbrieven komen uit de MRA en ik herken ook wat mevrouw Kerkhoff zegt dat dingen niet altijd aanslaan. We krijgen heel veel mail en dan denk je 'dat ga ik nog een keer lezen' en dan ligt de volgende er alweer.

Dus ik denk dat het aanhaken van onze raadsleden bij dit platform belangrijk is, maar ik weet niet of het noodzakelijkerwijs een rol is voor het college of de portefeuillehouder. Ik ga er ook van uit dat het college het proactief meldt als er echt nieuws te melden is. En dat dat ook op tijd gebeurt en dat gebeurt ook nu al. Dat kan ik ook constateren. Ook omdat het soms work in progress is en je kunt natuurlijk niet van alle tussenstadia als wethouder verslag uitbrengen. We zijn ontzettend voor transparantie, maar soms moeten dingen ook uitkristalliseren en dan moet je ook de wethouder wat vertrouwen en ruimte geven. Dus dat vind ik wel lastig, maar misschien wil de wethouder zelf nog reageren en misschien heeft het college briljante ideeën en dan kunnen we daar ons voordeel mee doen. De VOORZITTER: Dat horen we dan na de vergadering. Mijnheer Den Butter namens ChristenUnieSGP. Verslag Raadssessie Nota Reactie op plan van aanpak transitie Metropoolregio Amsterdam 22 april 2021

18

De heer DEN BUTTER: Ik ben niet zo'n voorstander van al te veel nieuwsbrieven en terugkoppelingen en dergelijke omdat er al behoorlijk veel terugkomt. Het is volgens mij belangrijker dat ons college, de wethouders die bezig zijn met die regionale samenwerking, ons eigen beleid in de gaten houden en via ons eigen beleid ook terugkoppelen en dan zeggen 'dit en dat hebben we in de regio besproken', bijvoorbeeld in een voortgangsrapportage, 'en dit en dat zijn daarvan de consequenties, vinden we dat wat als raad?' Daar gaan we dan de besluiten op nemen. Dat is volgens mij hoe het moet gaan. Ik kom daar toch steeds op terug. Dan is er een verstedelijkingsstrategie maar dat moet een resultante van de verstedelijkingstrategieën van de omliggende gemeenten zijn en onze wethouder moet verantwoording afleggen over waarom ze dacht dat te kunnen toezeggen in zo'n regio. Dan hebben we volgens mij de goede volgorde. Dan is een nieuwsbrief best interessant, maar je kunt toch niet van de raad verwachten dat we al die nieuwsbrieven van al die gremia gaan lezen want dat lukt gewoon fysiek niet. De VOORZITTER: Maar de vraag ging volgens mij vooral over het verantwoording afleggen en hoe dat dan gebeuren moet.

Of begrijp ik het dan verkeerd? De heer DEN BUTTER: Nou, ik ben ook wel ingewikkeld, ik weet het, maar het gaat erom dat het college altijd verantwoording moet afleggen van het door het college gevoerde beleid, ook als het dat in de regio doet. Dus er moet gewoon op een verstandige manier worden teruggekoppeld en dat kan bijvoorbeeld door een voortgangsrapportage. Laat ik dan mobiliteit als voorbeeld nemen, waar ik zelf wat dieper in zit, dan verwacht ik van wethouder Ruigrok dat ze ook wat zegt, en dat doet ze meestal ook wel in die terugkoppelingen, over wat er regionaal is bereikt. Daar is laatst ook nog een leuk succesje gehaald met de Noord/Zuidlijn dus dan zijn we allemaal blij. Dat is volgens mij hoe het moet gaan en zo krijgt het waarde. En anders, als wij van alles moeten gaan ophalen daar, zie ik dat gewoon niet gebeuren. De VOORZITTER: Helder, mevrouw Bink van het CDA op dit onderwerp. Mevrouw VINK: Dank u wel voorzitter, Ik vind het ook heel goed wat mevrouw Van 't Hull aanhaalde, om terugkoppeling te krijgen, maar misschien is het een idee om een verzoek bij het college neer te leggen om met een voorstel te komen hoe ze dat zo praktisch mogelijk kunnen doen. Misschien is het mogelijk dat zaken gebundeld worden en dat we in plaats van heel veel mails, er gewoon veel minder krijgen en dat iedereen het dan ook rustig kan lezen.

Maar misschien heeft het college zelf wel een goed voorstel hierover. De VOORZITTER: Dat gaan we dan zo toch nog even vragen, maar eerst geef ik mevrouw Van der Meij het woord. Mevrouw VAN DER MEIJ: Dank u wel voorzitter, ik vind mijnheer Den Butter helemaal niet zo ingewikkeld want verantwoording gebeurt volgens mij inderdaad in de raad en daar ging het ook mijns inziens niet over. Maar over terugkoppeling en informatievoorziening zouden we wellicht in Werkgroep MRA-verband met elkaar nog wel even kunnen spreken want ik ben het eens met mevrouw Ballieux dat zo'n proces moet kunnen lopen zoals het loopt. Dat moet ook niet doorsneden worden door in een vroegtijdig stadium al allerlei informatie te moeten delen en lezen. En we hebben inderdaad al genoeg te lezen dus ik denk dat het mooi is, ook voor onze inwoners trouwens, als daar in een bepaalde vorm een mondelinge terugkoppeling komt eens in de zo veel tijd. Als er daadwerkelijk iets terug te koppelen valt. Maar hoe en in welke vorm? Ik ben het eens met mevrouw Van 't Hull dat het interessant is om daar nog even met elkaar over te spreken, maar juist in de Werkgroep MRA lijkt mij een uitgelezen plek daarvoor te zijn. Verslag Raadssessie Nota Reactie op plan van aanpak transitie Metropoolregio Amsterdam 22 april 2021

19

De VOORZITTER: Mevrouw Van 't Hull. Gaat u het dan afronden? Mevrouw VAN 'T HULL: Ik wil het even afronden. Dat bedacht ik ook toen ik iedereen hoorde spreken, ik denk ook dat het een goed onderwerp is om het in de Werkgroep MRA over te hebben en dat we daar de link met het college kunnen leggen en bekijken hoe dat handig zou zijn. Het is echt niet bedoeld om ter verantwoording te roepen, dat gebeurt, zoals mijnheer Den Butter ook zei, wel bij de verschillende onderwerpen en verschillende beleidsstukken, maar het is juist de bedoeling dat je eens in de zo veel tijd mogelijkheid geeft om een terugkoppeling te kunnen doen. Daar is nu niet een natuurlijk moment voor dus daar kunnen we het zeker over hebben. De VOORZITTER: Ik heb ook een aantal portefeuillehouders gezien in de sessie en ik neem aan dat die ook goed geluisterd hebben en dat daar een goed voorstel voor zal komen. Dank. Ik sluit dit onderwerp af. Zijn er nog andere onderwerpen die iemand aan de orde wil stellen? Dat betekent dat we dit debat kunnen afronden? De heer EL IDRISSI: We kunnen het toch nog even hebben over – ik gooi er maar even wat in… De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi, namens HAP, gooit u het maar in de groep. De heer EL IDRISSI: Ja, we hebben nog een kwartiertje en we kunnen voortijdig stoppen, maar we kunnen ook dit kwartiertje goed benutten.

Bijvoorbeeld over de gemeenschappelijke identiteit en het gegeven dat die het succes van de samenwerking tot stand moet brengen. We moeten er wel bij nadenken dat die samenwerking iets moois gaat opleveren voor onze regio. Die gemeenschappelijke identiteit wordt heel vaak genoemd; waarin hebben we nu raakvlakken met andere gemeenten? Zijn die er überhaupt wel? Tijdens de State of the Region is gezegd door burgemeester Halsema 'als die identiteit er niet is, hebben we het succes van die samenwerking niet'. Dus we moeten als eerste elkaar vinden in raakvlakken, in gemeenschappelijkheid en dan komt het succes van de regio vanzelf. De vraag is of dat ons gaat lukken. De VOORZITTER: Hoe denkt u daar zelf over? De heer EL IDRISSI: Ik stel de vraag even aan de andere raadsleden. De VOORZITTER: Prima, wie kan ik daarover het woord geven? Mevrouw Van der Meij. Mevrouw VAN DER MEIJ: Heel kort, misschien gaat het niet zozeer om een gemeenschappelijke identiteit, maar wel om een gemeenschappelijke problematiek en die is op dit moment zo enorm en ligt bij bijna elke gemeente op dezelfde vlakken, namelijk wonen, milieu/natuur, vergroening, de energietransitie, noem maar op.

Dus ik denk dat we juist in de gezamenlijke problematiek elkaar heel erg kunnen vinden en elkaar ook ontzettend hard nodig hebben, al was het maar, zoals de burgemeester inderdaad net ook aangaf, om ons een gezicht te geven op plekken waar geld te halen valt om tot oplossingen te komen. De VOORZITTER: Dank u. Ik zag mijnheer Beusenberg ook al een tijdje. De heer BEUSENBERG: Dank u wel voorzitter, om even antwoord te geven op de vraag van mijnheer El Idrissi: wat we natuurlijk allemaal willen, dat wil elke gemeente, is het beste voor de eigen inwoners en daar zit de grootste overeenkomst. Uiteindelijk proberen we met deze samenwerking die overeenkomst te behalen want uiteindelijk ga je hem aan om er een win-winsituatie van te maken voor de anVerslag Raadssessie Nota Reactie op plan van aanpak transitie Metropoolregio Amsterdam 22 april 2021

20

dere gemeenten en zeker ook voor onze gemeente, dus ik denk dat dat het grootste belang en de grootste overeenkomst is. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi hierop. De heer EL IDRISSI: Ja voorzitter. Mijnheer Beusenberg, ik begrijp wat u zegt, maar dat is nu net het verschil. Elke gemeente kijkt naar de eigen inwoners en dat is het verschil dat al die gemeenten met elkaar hebben. Als je de gemeenschappelijkheid wilt vinden, moet je dat durven loslaten ergens, denk ik, in de loop der tijd. Daar zit volgens mij de grootste zorg, of je moet die hele gemeenschappelijke identiteitsdiscussie loslaten. Maar het is een feit dat heel veel gemeenten zeggen 'onze inwoners, daar gaat het om', dat doen alle gemeenten. Dan krijg je dus niets van de grond in de regio en daar maak ik me wel een beetje zorgen over. De VOORZITTER: Mevrouw Ballieux, deelt u die zorgen? Mevrouw BALLIEUX: Ik deel vooral de inzichten dat er heel veel kansen zijn. Sowieso zijn er grote uitdagingen, mevrouw Van der Meij zei dat ook al, en dat is al een ding dat ons zou moeten binden, bijvoorbeeld de arbeidsmarktregio. We zullen op een andere manier moeten omgaan met toerisme bijvoorbeeld, en daar zit een uitdaging. Onze werkgelegenheid zal moeten veranderen en daar moeten we het met elkaar over hebben. Dat is al een ding dat ons echt bindt.

En een ander ding is ook dat er een enorme diversiteit is, Hilversum is een heel ander stukje dan Amsterdam-Centrum. Dus de kunst wordt vooral ook in Haarlemmermeer om zelfbewust te zijn over wat we kernwaarden vinden, bijvoorbeeld ons kernenbeleid, en dat we daar ook diversiteit in hebben – de ene kern is de andere niet – en het Ringvaartbeleid. Dat zijn allemaal dingen die we, als we ons heel erg bewust zijn van kernwaarden die we zelf belangrijk vinden, goed kunnen inbrengen in dat gesprek vanuit de gedeelde opgave. Ik weet niet of identiteit nu de eerste vraag is die gesteld moet worden, of dat het gaat om de opgaven die we met elkaar te doen hebben en de kansen die het biedt om die via de regio op te vangen. De VOORZITTER: Het gemeenschappelijke in ieder geval. Mevrouw Van 't Hull hierover. Mevrouw VAN 'T HULL: Het gemeenschappelijke. Wat dacht u van de economische situatie waar we nu in zitten? Daar hebben we ook een enorme verbinding met juist deze regio. Ik deel de zorgen dat er zo veel verschillende onderwerpen zijn en zo veel verschillende eigen belangen en daarom ben ik juist zo blij dat er focus wordt aangebracht nu in thema's, juist om samen verder te komen en krachtiger vooruit te kunnen. Toen ik dat voorstel las, was dat voor mij echt iets waarvan ik dacht 'hè hè, nu kunnen we weer gewoon vooruit'. Daar ligt echt de kans, focus.

De VOORZITTER: Mijnheer Schaap, Forza! De heer SCHAAP: Dank u wel voorzitter. Mijnheer El Idrissi vond het een zorg, maar ik vind het wel een punt om gewoon los te laten. Het is al door anderen gezegd, maar ik herhaal toch kort, de werkelijkheid ligt namelijk ook anders. Op hoofdlijnen zouden we inderdaad kunnen verbinden, maar we moeten blijven focussen op wat mevrouw Van 't Hull al zei, de economische punten en het oplossen van economische problemen, waar we met elkaar de gezamenlijke moeilijkheden hebben. Daar moeten we gezamenlijk een oplossing voor vinden als het gaat om de gemeenten, Haarlemmermeer is geen Amsterdam en Zandvoort is geen Almere, om maar wat te zeggen. Alles over een kam scheren, gaat niet werken, maar als het gaat om grote draagvlakken, zouden we elkaar daar wel op moeten vinden. Dat is een cultuur die gevonden moet worden en eigenlijk had die al gevonden moeten worden. Verslag Raadssessie Nota Reactie op plan van aanpak transitie Metropoolregio Amsterdam 22 april 2021

21

De VOORZITTER: Ik zie mijnheer Den Butter een hand opsteken. De heer DEN BUTTER: Dank u wel voorzitter. Ook wij zijn niet zo van de gemeenschappelijke identiteit. Die zal in deze regio niet gevonden worden, denk ik, op die manier, en we voelen ons meer thuis bij de opmerkingen van mevrouw Van der Meij en mevrouw Ballieux over de gemeenschappelijke uitdagingen die we hebben, maar ook de gemeenschappelijke kansen die we dan door met elkaar samen te werken kunnen pakken. Dat is de richting die we op willen en op moeten, denk ik. Een gemeenschappelijke identiteit is, denk ik, niet wat we in de MRA-regio nastreven. De VOORZITTER: Ik zag een handje van mevrouw Vink, maar nu niet meer? Mevrouw VINK: Ja, dank u wel voorzitter. We verschillen natuurlijk, maar we hebben ook gezamenlijke thema's en zoals mevrouw Van 't Hull ook zei, denk ik ook dat je juist moet focussen op die thema's waar die verschillen niet zo groot zijn. De VOORZITTER: En dan mevrouw Kerkhoff, PvdA, op dit punt. Mevrouw KERKHOFF: Dank u wel voorzitter. Gemeenschappelijke identiteit is er omdat we in dezelfde regio zitten en dat is de MRA-regio. Dat is een heel groot gebied. Het mooie is dat het heel divers is en dat moeten we juist vasthouden en uitstralen. Maar de problematiek waar we tegenaan lopen, moeten we wel met elkaar delen en daarop samenwerken en dat bespreken.

Of we het nu over de woningnood hebben, of over de stikstof of het milieu. Het maakt niet uit, we hebben heel veel gezamenlijke thema's en daar kunnen we elkaar prima op vinden en elkaar versterken. Dat is ook de kracht van de MRA, zeker als je praat richting Brussel of Den Haag. Dan kun je mooi een vuist maken op de gemeenschappelijke thema's, maar je laat de dorpen en steden wel hun eigen identiteit houden en hun eigen kiezers en eigen stemrecht. Maar de identiteit is juist dat we zo mooi groot zijn, met zo veel mooie verschillende elementen. Dat is onze identiteit en die moeten we vasthouden. De VOORZITTER: Helder. Ik denk dat ik dit punt ook naar een afronding kan brengen. Mijnheer El Idrissi, wilt u nog een laatste woord over identiteit of over het gemeenschappelijke? De heer EL IDRISSI: Ja inderdaad, ik sluit het af voorzitter. Volgens mij – het zijn niet mijn woorden, maar het waren de woorden van burgemeester van Amsterdam die dat bij de State of the Region aangaf – 'wil je dit tot een succes maken, dan moet je naar die gemeenschappelijke identiteit zoeken'. Daar hebben we vervolgens een presentatie over gehad en dat ging terug in de geschiedenis van Haarlemmermeer en allerlei ontwikkelende gemeenten. Inderdaad, het ligt in de prioritering en we hebben een opgave in de energietransitie en in de woningopgave en de klimaatadaptatie en daarin moeten we elkaar vinden.

Dat zijn behoorlijke thema's die we met elkaar moeten oppakken. Daar heeft volgens mij iedereen en alle gemeenten in deze regio baat bij. Dus dat als laatste. De VOORZITTER: Dank u, dat ook als laatste van het debat denk ik. Ik denk dat we kunnen afronden, het loopt tegen 20.30 uur. Ik vat even samen. Er is net veel gesproken over het gemeenschappelijke, en daarvoor is er veel gesproken over de Raadtafel. Er komt nog een mogelijk aangepast voorstel onze kant op en er is veel gesproken over hoe de bestuurders ons als raad informeren en daarbij is het verzoek gedaan aan het college. Zo vat ik het samen, dank voor de aanwezigheid en ik zie u allen later weer.

Verslag Raadssessie Nota Reactie op plan van aanpak transitie Metropoolregio Amsterdam 22 april 2021

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=d4d41a69-b604-420e-9ace-2b650d5f76b5