CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag 2024-10-10 Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 10 oktober 2024, gemeente Haarlemmermeer7.840 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VERSLAG VAN DE SESSIE VAN DE RAAD DER GEMEENTE HAARLEMMERMEER OP DONDERDAG 10 OKTOBER 2024 Onderwerp:

RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie (11385463)

Voorzitter:

mw. G.D.W. van 't Hull-Bettink

De leden: mw. K. van Goethem, dhr. C.L. Klaassen, mw. G. Knikker, dhr. H.C.M. Koning, mw. A.N. Mees-Marhe, mw. M.C.M. Roos, dhr. J.J. Schaap, dhr. F. Sidali, dhr. J.C. Soellaart Griffier: mw. H. Khairouni Portefeuillehouders: dhr. C. El Idrissi Insprekers: Geen

De VOORZITTER: Welkom allemaal. Ga lekker zitten. We gaan beginnen met het volgende sessiedebat. Het is de sessie over het Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie. De Rekenkamer van de gemeente Haarlemmermeer heeft onderzocht of de raad en het college de aanbevelingen uit het Rekenkameronderzoek uit 2020 Werk boven uitkering hebben opgevolgd. De Rekenkamer doet in het opvolgonderzoek twee nieuwe aanbevelingen. Er hebben zich geen insprekers gemeld en er zijn informatieve vragen gesteld door de VVD. Deze zijn vandaag binnengekomen. We starten zo met de eerste termijn waarvoor u allen spreektijd heeft en ter afronding van de eerste termijn zal het college reageren op de gestelde vragen. Technische vragen hebben horen niet tot de mogelijkheid. In de tweede termijn is er ruimte voor debat. Het is een sessiedebat, dus ik wil iedereen uitnodigen om bij het spreekgestoelte de eerste inbreng te doen en te interrumperen bij de microfoons in de arena. Wie mag ik als eerste het woord geven? De heer Koning. De heer KONING: Dank u wel voorzitter. De Rekenkamer heeft een vervolgonderzoek gedaan naar de re-integratie van, wat ik maar even noem, bijstandsklanten. Een vervolg op het onderzoek van juli 2020 genaamd Werk boven uitkering. Hierin waren vier aanbevelingen geformuleerd, waarvan nu is vastgesteld dat er twee zijn uitgevoerd en twee deels.

Van die laatste twee komt er nog een voor rekening van de raad. Deze uitkomst zal dus niet rechtvaardigen dat het tot een motie van wantrouwen komt voor de heer El Idrissi, integendeel. Ik heb dit werk vroeger zelf gedaan. Wat ik me herinner, is dat je met die mensen overal over kon praten, behalve over werken. Dat kan aan mij gelegen hebben, maar ik zie nu dat dertig mensen uit de groep 'grote afstand tot de arbeidsmarkt' toch naar betaald werk zijn uitgestroomd. Ook zijn er vijf casemanagers Activering & Participatie aangesteld die zich uitsluitend richten op ondersteuning van inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Dat is de helft van de bijstandsontvangers. En ja, aanbeveling 3 is deels opgevolgd maar het CDA vindt het wel moeilijk. Moet je blijven investeren in meer professionals die werken voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt omdat ze niet kunnen of niet willen? Voor deze mensen is betaald werk, zelfs op lange termijn, niet haalbaar. De professionals geven nu al aan dat ze een te grote caseload hebben. Het is goed dat voor inwoners voor wie betaald werk geen realistisch doel is, dit wordt losgelaten. Er komen wel activeringstrajecten gericht op zelfredzaamheid en meedoen in de samenleving, waaronder vrijwilligerswerk. Voor iedereen dus een passende plek.

We zien een beeld van het Team Werk dat sterk in ontwikkeling is en diverse maatregelen neemt om de inwoner beter en persoonlijker te begeleiden. Het CDA is dus tevreden met de huidige stand van Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

1

zaken. En ziet uit naar de aanpassing van de nieuwe Participatiewet. Hopelijk gaat staatssecretaris Nobel niet te veel afwijken van de uitgangspunten van het vorige kabinet. Ten slotte voorzitter, wij kunnen instemmen met de twee nieuwe aanbevelingen en hebben kennisgenomen van de mededeling van het college dat de raad jaarlijks wordt geïnformeerd over de wijze van opvolging van de aanbevelingen. Tot zover. De VOORZITTER: Helder, dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan de heer Klaassen van de HAP. De heer KLAASSEN: Voorzitter, dank u wel voor het woord. De Rekenkamer heeft een opvolgend onderzoek gedaan, op verzoek van de raad, naar de opvolging van de aanbevelingen van de Rekenkamer en brengt hierin ook een nieuw advies uit met twee aanbevelingen. Fijn dat we al een bestuurlijke reactie hadden. Complimenten hiervoor. Zo kunnen we meteen door. Dat bevordert onze vergaderefficiëntie. En met alle stukken in handen kunnen we ons vinden in het voorstel dat het college ons informeert over de wijzigingen als de Participatiewet is aangenomen door het rijk en vertaald is naar de gemeenten, zodat wij in lijn zijn met de nieuwe wetgeving in ons nieuwe voorstel. Ook lezen wij dat waar het al kan, het beleid al wordt aangepast en dat hebben we dus ook al gedaan op sommige punten. Dat is ook wel fijn, dat we dat niet meer hoeven te doen.

En voor de juiste cultuurverandering binnen dit huis zijn er ook al stappen gezet met een wijzigingstraject gericht op de ambtenaren. Dit voor het versterken van de vakkundigheid in verband met de komst van de herziene Participatiewet. Maatwerk is belangrijk en wij zijn blij dat we naar aanleiding van informatieve vragen van de VVD zien dat de workload onder de casemanagers is verdeeld. En inwoners die meer aandacht nodig hebben, krijgen meer aandacht, zo veel als mogelijk. Voorzitter, nog even over de aanbevelingen uit het oorspronkelijke Rekenkameronderzoek, namelijk aanbeveling 1. Een debat te voeren over de ambitie voor de inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en het college opdracht te geven deze ambitie te expliciteren. Hierop schrijft het college dat wel te herkennen en stelt dit in het beleid mee te nemen, maar dat er geen debat in de raad geweest is. Voor de HAP is het dus duidelijk dat, als men de ambitie om mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt uiteenzetten wil zetten in het voeren van beleid, we daar het debat over moeten aangaan met elkaar, over dit gevoelige onderwerp. Voorzitter, we horen straks graag of de collega's het met ons eens zijn en we inderdaad het debat moeten aangaan over deze ambitie. Voorzitter, we bedanken de Rekenkamer nogmaals voor doen van het vervolgonderzoek. We danken het college voor de heldere reactie hierop.

De Rekenkameronderzoeken gaan soms hand in hand met onze controlerende taken als raadsleden en uitvoerende taken van het college. Wat HAP betreft, sluiten we af met de drie punten waarin we de menselijke maat terug kunnen vinden die HAP zo belangrijk vindt: blijf koersvast, blijf maatwerk leveren waar nodig en blijf kritisch kijken en denken in mogelijkheden. Dank u wel. De VOORZITTER: Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Van Goethem, GroenLinks. Mevrouw VAN GOETHEM: Bedankt voorzitter, en u ook gefeliciteerd met uw 'maiden optreden' als voorzitter. Ook hartelijk dank aan het college en de Rekenkamer zelf voor het opleveren van dit mooie en heldere rapport en inderdaad de beantwoording van het college die daar spoedig op volgde. We zijn als GroenLinks heel erg blij met het rapport en ook met de opvolging. Maar we hebben natuurlijk nog wel wat kritische kanttekeningen waar we wat vragen over willen stellen en ook over van gedachten willen wisselen. Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

2

Allereerst zijn we heel erg blij om te zien dat in het rapport eigenlijk wordt aangegeven dat er op dit moment meer wordt gekeken naar mensen met een grotere afstand. We zijn ook blij dat met de uitrol van de nieuwe Participatiewet zo meteen, de grote verwachting is dat dit ook meer wordt gedaan. We zijn nog wel benieuwd, ook in relatie tot wat het wat het college zelf aangaf in de beantwoording, hoe die participatiewetgeving dan zo meteen naar de raad komt. Wat GroenLinks betreft, hoeft dat niet een hapklaar stuk of een hapklare verordening te zijn, maar zouden we het met de raad – ik hoorde het de heer Klaassen van de HAP ook al zeggen – vaker moeten hebben over dit belangrijke onderwerp en welke kaders we als raad meegeven. Ook zagen we in het Rekenkamerrapport dat er een grote caseload is en het college gaf aan dat er weinig capaciteit is om dit uit te breiden. Dan vragen wij ons natuurlijk wel af waar die € 10 miljoen voor ambtenaren precies naartoe is gegaan, die twee jaar geleden is toegezegd door de raad. En we vragen ons daarna af welke keuzes dan worden gemaakt bij het inzetten van integratie. Kan bijvoorbeeld de samenwerking met AM Match niet beter of slimmer worden ingezet? En is de caseload ook zwaar als we het vergelijken met andere gemeenten bijvoorbeeld? We zien geen toename van het aantal mensen dat op dit moment wordt toegeleid naar werk.

Dus waar komt die zwaarte van die caseload precies vandaan? Dat missen we nog in de beantwoording van het college. Ik hoop dat de wethouder daar zo meteen meer tekst en uitleg over kan geven. Dan wil ik eigenlijk door naar mijn laatste punt en mijn laatste punt is dat we nergens in het stuk terug zien dat er dwarsverbanden zijn tussen de Participatiewet, schuldhulpverlening en andere sociale domeinen. En dat kan natuurlijk liggen aan het feit dat dit een Rekenkamerrapport is dat sec inzoomt op die participatiewetgeving en op de re-integratie. Maar ik vroeg me toch af, en daarom wilde ik die vraag toch neerleggen bij de wethouder, hoe die dwarsverbanden zijn en of die er zijn. Ik wacht het antwoord af. Maar ik ben vooral benieuwd naar hoe de raad voor de rest kijkt naar de Participatiewet en de nieuwe regelingen die eraan komen. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel. Mevrouw Mees van de VVD heeft nu het woord. Mevrouw MEES: Dank u wel voorzitter en eveneens mijn dank aan de Rekenkamer. De manier waarop een samenleving zorgdraagt voor degenen die het moeilijkst voor zichzelf kunnen zorgen, bepaalt haar morele waarden. Dat doen wij in Haarlemmermeer gelukkig goed. We hebben in vergelijking met de rest van Nederland minder mensen in de bijstand. Het programma Werk boven uitkering heeft zijn vruchten afgeworpen en we zijn inmiddels bezig met het vervolg daarop.

De aanbeveling van de Rekenkamer uit 2020 zijn grotendeels opgevolgd en dat is terug te zien in de cijfers. Tussen 2019 en 2023 is het aantal bijstandsgerechtigden met 17% gedaald. En mijn collega, mijnheer Koning, heeft het ook al gezegd, zelfs uit categorie D 'mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt', zijn er mensen uitgestroomd naar betaald werk. Dit is een indrukwekkende prestatie van onze gemeente en geeft blijk van de succesvolle inzet van onze casemanagers. En tegelijkertijd hebben we ook kennisgenomen van de zorg over de werkdruk van deze casemanagers. Helaas is het niet voor iedereen mogelijk om uit te stromen naar werk. Voor deze personen is het belangrijk dat ze op een passende manier, een hun passende manier, kunnen deelnemen aan de samenleving, zodat ook zij het gevoel van zingeving ervaren en meedoen naar hun kunnen. Als VVD Haarlemmermeer zijn we verheugd dat de aanbeveling om het gebruik, de ervaringen en de effecten van re-integratieondersteuning beter te registreren, is opgevolgd. Ook de bijdrage van de Duisenbergwerkgroep Zorg & Werk heeft hierbij geholpen. Dan de eerste aanbeveling uit het vervolgonderzoek van de Rekenkamer betreft het vastleggen van wijzigingen in beleid. De bestuurlijke reactie stelt dat werkwijzen soms eerst worden getest voordat wordt besloten of deze succesvol zijn. Dit ondersteunen wij als VVD Haarlemmermeer van harte.

Wij geven graag de ruimte aan professionals om te onderzoeken wat wel en niet werkt, waarna het kan worden vastgelegd in beleid. En we zien het dan graag tegemoet als werkwijzen geschikt zijn bevonden, om ze in beleid omgezet te zien worden. Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

3

De tweede aanbeveling van de Rekenkamer gaat over het beter positioneren van ons als raadsleden, zodat we ons kunnen uitspreken over de lokale invulling van landelijke wijzigingen in de Participatiewet. We zien in de bestuurlijke reactie enige terughoudendheid op dit punt. Hoewel er nog veel onduidelijkheid is vanuit Den Haag – maar inderdaad, we hebben een kort lijntje op dit moment, dus laten we daar gebruik van maken – zou een tussentijdse update van het college over de stand van zaken binnen onze gemeente misschien wel tot de mogelijkheid behoren. We zouden graag van het college horen hoe het daarnaar kijkt. En een debat daarover, zoals de HAP voorstelt, ondersteunen wij van harte. Tot slot willen we als VVD Haarlemmermeer benadrukken dat dit vervolgonderzoek een waardevolle aanvulling is. Het zorgt voor een verdere verfijning van ons beleid met als doel betere resultaten te behalen, zowel voor de inwoners die weer aan het werk kunnen, als voor diegene voor wie dit helaas niet mogelijk is. Voor deze laatste groep is het van belang dat ze betrokken blijven en niet aan de zijlijn komen te staan. De gemeenschap toont haar ware kracht in hoe ze omgaat met haar kwetsbare leden en die betrokkenheid maakt Haarlemmermeer tot een bijzondere en moreel sterke gemeente. Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel.

Ik heb hierna op mijn lijstje de heer Sidali staan en daarna de heer Soellaart en mevrouw Knikker mag daarna. En mijnheer Schaap daar weer na. En mevrouw Roos daarna. De heer SIDALI: Dank u wel voorzitter. Dank ook aan de Rekenkamer voor het opvolgonderzoek. We hebben uiteraard ook kennisgenomen van de bestuurlijke reactie, ook daar dank voor. Voorzitter, we hebben het over de re-integratie van inwoners met een bijstandsuitkering. Ik zou het graag willen hebben over de re-integratie van inwoners met een talent. Want zolang wij deze mensen aan de kant laten staan, missen wij heel veel talent in onze gemeente. En gelukkig ziet dit college dat ook en probeert het er zo veel mogelijk aan te doen om deze mensen zo snel mogelijk weer bij ons en onder ons te houden. Voorzitter, voordat ik met de vinger ga wijzen, vind ik ook dat ik hier naar mezelf moet wijzen. Dat zegt de Rekenkamer eigenlijk ook. Wij hebben een aanbeveling gekregen en we hebben het er niet over gehad. Ja, nu wordt dan het voorstel gedaan om het debat te voeren. Natuurlijk moeten we dat doen, maar we hadden dit veel eerder met elkaar moeten doen. We hadden gewoon structureel op de agenda moeten houden hoe belangrijk het is dat wij talenten niet vergeten in onze gemeente. Dus eerst even de hand in eigen boezem steken voordat ik ook maar een vinger uitsteek naar anderen.

Maar ik zal niet echt een vinger uitsteken naar anderen. Ik zou nog wel wat willen weten van het college. Het gaat met name om aanbeveling 3, waar toch gezegd wordt dat gebleken is dat de mensen met een talent niet altijd mee kunnen bepalen over hun eigen ondersteuning en hoe die eruitziet. Het antwoord van het college daarop is dat het wel een werkwijze is en dat het ook zo gezien wordt. Maar de PvdA zegt dan 'als het een werkwijze is, laat het dan ook gewoon beleid zijn'. Laten we het gewoon opnemen in beleid zoals de Rekenkamer dat ook voorstelt. Dus als het een werkwijze is, neem het gewoon op in je beleid en dan kunnen we daar ook mee aan de slag. Dan is het niet afhankelijk van de werkwijze. Maar dan is het afhankelijk van 'zo gaan we het doen en zo regelen we het met elkaar'. Ik zie ook wel dat het college dan zegt 'ja, maar dat is soms niet te doen, want de caseload, et cetera.' Daar zegt de Rekenkamer ook iets over. 'En om nu meer casemanagers aan te nemen, daar hebben we het geld niet voor. GroenLinks heeft er al aan gerefereerd'.

Ik zou het college willen vragen: wat kost het eigenlijk als je minder talenten aan de slag krijgt ten opzichte van meer casemanagers aannemen? Ik zou dat wel tegen elkaar willen afwegen om te kijken als raad 'wat vinden we belangrijk?' En tot slot voorzitter, zou ik daar een antwoord op willen hebben van het college en we zijn natuurlijk ongelooflijk benieuwd naar de nieuwe Participatiewet en hoe die zijn beslag krijgt in de gemeente Haarlemmermeer. Dank u wel voorzitter.

Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

4

De VOORZITTER: Dank u wel. De heer Soellaart van ChristenUnie-SGP. De heer SOELLAART: Dank u voorzitter en dank ook aan de Rekenkamer. Goed dat het opvolgonderzoek is gedaan en mooi dat de meeste aanbevelingen zijn opgevolgd. Het gaat hier over mensen. Door de cijfers heen zien we mensen voor wie het goed is om weer aan het werk te komen en structuur in hun leven te krijgen. Dit vergroot hun eigenwaarde. Ze kunnen hun talenten, zoals ook door mijnheer Sidali al werd genoemd, ook weer op deze manier inzetten in de samenleving. ChristenUnie-SGP is dankbaar dat onze gemeente grote inspanningen verricht om dit voor elkaar te krijgen. Wat mooi dat de cijfers positief zijn. We maken ons evenals meerdere andere meerdere andere partijen wel zorgen over de werkdruk van de casemanagers, zoals ook al in het rapport benoemd. Dit is een punt van aandacht, wat ons betreft. Het is goed om te zien en te lezen dat het aantal mensen dat bijstand ontvangt, daalt. We zien echter een enorme stijging in het aantal mensen van wie onbekend is hoe kansrijk het is om een baan te vinden. In 2022 waren dat nog 149 mensen, in 2023 306. Dit kan duiden op een achterstand bij het in kaart brengen van de nieuwe bijstandsgerechtigden. Dit kan betekenen dat er niet aan hun zaak gewerkt wordt. Graag horen we van de portefeuillehouder of in 2024 het aantal stijgt of daalt.

Ook zijn we benieuwd om te horen of er voor die mensen van wie niet in kaart is gebracht hoe kansrijk het is om een baan te vinden, nu wel begeleiding is naar werk. We nemen de twee aanbevelingen wat betreft de Participatiewet zeker over. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel, netjes binnen de tijd. Mevrouw Knikker, D66. Mevrouw KNIKKER: Dank u wel voorzitter. Dank ook aan de Rekenkamercommissie voor dit opvolgonderzoek en dank aan het college voor de bestuurlijke reactie daarop. Ik begin met de belangrijkste boodschap uit het opvolgonderzoek, het aantal bijstandsgerechtigden, ongeacht hun afstand tot de arbeidsmarkt in Haarlemmermeer, is sinds het onderzoek van de Rekenkamer gedaald met 17%. Deze trend komt overeen met de ontwikkeling in andere, vergelijkbare gemeenten. Prima, hartstikke goed. Als gemeente zitten wij dus op de goede weg. En dat ondanks het feit dat we niet alle aanbevelingen uit het Rekenkameronderzoek hebben opgevolgd. Je zou ook kunnen zeggen dat niets doen, door de raad in dit geval, soms ook resultaat oplevert. Niet echt natuurlijk, want er is ondertussen wel veel gedaan om bijstandsgerechtigde inwoners te begeleiden naar betaald werk. En dat zien we duidelijk terug in de cijfers. Het valt op dat de groep moeilijk bemiddelbare bijstandsgerechtigden, groep D, ruim de helft uitmaakt van de totale groep bijstandsgerechtigden op zoek naar werk.

Daar zit toch nog wel wat weinig progressie in, ondanks het feit dat we hier al speciale aandacht aan geven. Dat roept de vraag op hoe we in de toekomst deze groep mensen het beste kunnen ondersteunen en begeleiden met de middelen die we hiervoor beschikbaar hebben. Goede registratie en meer datagestuurd werken binnen de gemeente gaan hier ongetwijfeld bij helpen. Maar de hamvraag blijft hoe we deze groep mensen met al hun talenten op een passende wijze kunnen laten participeren en deelnemen aan onze samenleving. Daar horen we graag nog een reactie op van het college. De werkdruk is al door meerdere collega's genoemd. Dat vinden wij ook een aandachtspunt. En ik vond het een interessante suggestie die mijn collega van de PvdA deed. Ik ben benieuwd naar de reactie van het college op dat onderwerp. Ten slotte voorzitter, de nieuwe Participatiewet. Het kabinet gaat in de dienstverlening aan mensen met een bijstandsuitkering meer uit van vertrouwen en de uitvoering voor gemeenten moet makkelijker worden. Professionals mogen meer rekening houden met wat er speelt in iemands leven. Dat zijn heel goede uitgangspunten wat D66 betreft. We staan nu aan de vooravond van de invoering hiervan. En de grote vraag is natuurlijk, zoals de Rekenkamer al terecht opmerkt, wat de gevolgen zullen zijn van deze wet voor ons eigen re-integratiebeleid.

Wij als D66 gaan ervan uit dat het college ons hier actief en tijdig

Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

5

bij gaat betrekken en wij steunen ook zeker het voorstel van HAP om hierover met elkaar nader in debat te gaan. Tot zover voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan mijnheer Schaap, Forza! De heer SCHAAP: Dank u wel voorzitter. Forza! dankt de RKC voor haar rapport en de aanbevelingen en het college voor zijn reactie. We lezen dat van de vier aanbevelingen de nummer 2 en 4 volledig zijn opgevolgd. 2 door meer aandacht in het beleid inzake uitvoering voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en 4 door het verbeteren van de registratie. Van punt 1 en 3 lezen we weer terug dat deze deels zijn uitgevoerd en dat we die ook nog eens terugzien in het participatieproces. De Rekenkamer constateert bij punt 1 dat de raad niet zelf een debat heeft geïnitieerd. Terwijl we dit hadden moeten doen. Dan moeten we onszelf even in de spiegel aankijken dat we dit nog hebben laten liggen. Ik hoorde mijnheer Sidali het ook zeggen. En ik kan al antwoorden op de heer Klaassen dat wij het ermee eens zijn dat hierover het woord nog moet worden gevoerd en we steunen dan ook zijn voorstel. Punt 3. Daar wordt geconcludeerd dat er geen aanwijzingen zijn dat in het beleid is vastgelegd dat bijstandsgerechtigden zelf invloed op hun ondersteuning hebben. Dit staat haaks op de werkwijze in de praktijk.

Professionals geven aan dat de persoonlijke aandacht voor bijstandsgerechtigden juist is toegenomen en we maken ons daarom wel zorgen over de hoge caseloads van de casemanagers. Efficiëntie kan hier de sleutel zijn door bijvoorbeeld samen te werken met private partners en te investeren in innovatie en technologie om de werkdruk te verlagen. Minder regels, meer maatwerk. Daarnaast wil Forza! aandacht vragen voor de persoonlijke verantwoordelijkheid van de bijstandsgerechtigden. Het rapport suggereert dat mensen meer inspraak moeten krijgen in trajecten en dat vinden wij positief, mits dat samengaat met heldere afspraken en actieve inzet van de mensen zelf. Ook Forza! wil benadrukken dat wij het belang van het werk boven uitkering volledig onderschrijven. Werk is meer dan alleen inkomen. Het biedt mensen zelfstandigheid, sociale integratie en zelfvertrouwen. Wij erkennen dat sommige inwoners een grote afstand hebben tot de arbeidsmarkt, maar de focus moet altijd blijven liggen op het bevorderen van economische zelfstandigheid. Sociale activering en participatie zijn belangrijke stappen, maar mogen geen einddoelen zijn. Uiteindelijk willen we zo veel mogelijk mensen richting werk helpen. De aanbevelingen over datagestuurd werken en de verbetering van de registratie van de reintegratietrajecten juichen wij toe.

Dit stelt ons als raad in staat om beter inzicht te krijgen in de resultaten van het beleid. Het is echter van cruciaal belang dat deze gegevens gericht zijn op uitstroom naar werk. We moeten meten wat telt: hoeveel mensen komen daadwerkelijk aan de slag? Dit helpt ons om het beleid bij te sturen en ervoor te zorgen dat de beschikbare middelen effectief worden ingezet. Tot slot voorzitter, vinden wij het van groot belang dat het college de raad actief informeert over en betrokken houdt bij de gevolgen van aankomende wijzigingen in de Participatiewet. Tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel en nu als laatste spreker voor de eerste termijn, mevrouw Roos, FVD. Mevrouw ROOS: Dank u voorzitter. Als je als laatste bent, dan is het gras aardig weggemaaid natuurlijk. Geen bomen deze keer, maar gras. Wij kunnen de nieuwe aanbevelingen goed volgen, zeker als het gaat om de aanbeveling om de raad actiever te informeren over de uitvoeringskeuzes en de invulling van de Participatiewet. Het was goed te lezen dat we zulke bevlogen casemanagers hebben, want dat zijn toch de mensen die het moeten uitvoeren. Ik vind dat echt mooi werk dat wordt gedaan. Dan komen we op het volgende. In totaal is dus in 2023 het aantal bijstandsgerechtigden inderdaad afgenomen met 17%. Wat natuurlijk heel mooi is. Een mooi resultaat. Het is wel zo dat de caseload hoog is.

Dan is de vraag: is dit beleid dan ook op termijn houdbaar? Moeten er inderdaad meer mensen Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

6

bij? En dan ga ik toch de heer Sidali ook volgen, ik ben benieuwd naar het antwoord van het college over het afwegen daarvan. Ik houd het hierbij want alles is zo'n beetje gezegd en ik zie uit naar debat. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan merk ik op voor de notulen dat de fracties van EEN Haarlemmermeer, GEZOND Haarlemmermeer, SRH en BVNL niet aanwezig zijn. Ik heb de portefeuillehouder El Idrissi al naarstig zien meeschrijven met alle vragen, dus aan u het woord. Wethouder EL IDRISSI: Dank voor het woord en dank voor de bijdragen van alle fracties. Ontzettend positief ook en ontzettend trots om een mooi geluid te laten horen over het toeleiden van onze bijstandsgerechtigden richting de arbeidsmarkt. We zijn hier dus eindelijk aan het praten over het Rekenkamer opvolgonderzoek re-integratie en dat is iets dat mij ook ontzettend trots maakt. En ik hoor dat het de raad dus ook trots maakt. Over de medewerkers. Die zetten zich echt dagelijks in om onze inwoners te ondersteunen op hun weg naar een passende baan. Het gaat uiteindelijk echt om een passende baan. Of juist maatschappelijke participatie. Dat is die groep D waar we het over hebben. Ik ben niet echt van het categoriseren van mensen, maar helaas kunnen we niet anders dan categoriseren om routes te kunnen bepalen.

Maar de categorie D proberen we zo veel als kan toe te leiden naar maatschappelijke participatie, zelfredzaamheid – ik heb het CDA horen zeggen – en meedoen in de samenleving, of het nu vrijwilligerswerk is of dagbesteding. Uit het rapport van de Rekenkamer blijkt dat we goed bezig zijn en dat we dus mooie stappen hebben gezet. We kijken breder naar verschillende doelgroepen binnen de bijstand. Voorheen richtten we ons voornamelijk op mensen die kansrijk waren met beperkte of juist intensievere ondersteuning. Dat zijn de groepen B en C. Maar nu is er dus ook heel veel aandacht voor die groep D, dus mensen die ontzettend veel belemmeringen hebben in hun leven. Even een praktisch voorbeeld dat u eventjes in uw hoofd kunt houden als voorbeeld. Een alleenstaande moeder met kinderen onder de vijf jaar, van wie een ook nog gehandicapt is en die ook nog mantelzorger is voor de ouders, waar ook nog psychische problemen zijn bij de persoon in kwestie vanwege hetgeen die persoon allemaal heeft meegemaakt. Die belemmeringen zijn bij zo'n huishouden eigenlijk normaal en daar moeten wij ook mee omgaan. Dus daar kun je niet zozeer direct bemiddelen naar werk. Dat heeft tijd nodig. Dat heeft de ruimte nodig. Daar gaan vaak goede gesprekken aan vooraf en dat vraagt gewoon tijd en energie.

De vraag is inderdaad, die is ook gesteld door de PvdA, hoe je met deze groep om wilt gaan; wil je juist tijd en energie investeren in deze groep en hen toeleiden naar een onderdeel in die samenleving? Daar ben ik ontzettend voorstander van, want ik ben er voorstander van, en het college met mij, dat iedereen in onze samenleving, in onze gemeente meedoet. Of dat nu betaald werk is, vrijwilligerswerk of dagbesteding. Je moet het gevoel hebben 'ik doe mee, ik tel mee'. Die eigenwaarde is eigenlijk niet in geld uit te drukken. Dat is iets waar dit college ook voor staat. Wij zijn ook bereid om ook in die groep te blijven investeren. Ik hoop dat de raad dat met ons eens is. Die casemanagers en re-integratiepartners zijn ook benoemd. Die spelen echt een cruciale rol en de resultaten laten ook zien dat die maatgerichte aanpak echt vruchten afwerpt. Dit alles doen we eigenlijk in een tijd waarin de arbeidsmarkt ontzettend krap is, wat onze inspanningen en resultaten echt waardevol maakt. De Rekenkamer heeft ook enkele waardevolle aanbevelingen gedaan. We zijn bezig om belangrijke keuzes te maken en werkwijzen nog beter vast te leggen in ons beleid. We zullen de raad te allen tijde nauw betrekken bij alles wat wij doen. Vooral ook met de veranderingen die op komst zijn als het gaat om de herziening van de Participatiewet en de drie verschillende sporen.

Spoor 1 is – even voor onszelf – het laaghangend fruit; wat kun je nu al doen om mensen beter toe te leiden naar werk of naar maatschappelijke participatie? Spoor 2 is echt wel de lange adem; hoe kun je beleid echt vastleggen als het gaat om de herziening van die Participatiewet? En spoor 3 is de mindshift of de

Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

7

cultuurverandering bij ambtenaren, hoe ermee om te gaan en meer te denken vanuit vertrouwen in plaats van wantrouwen? De VOORZITTER: U krijgt een interruptie van GroenLinks, mevrouw Van Goethem. Mevrouw VAN GOETHEM: Ja, dank u wel voorzitter en misschien ben ik voor mijn beurt aan het spreken. Ik hoorde net de wethouder zeggen dat hij ons als raad meeneemt in alles wat het college gaat doen bij het uitvoeren van de nieuwe Participatiewet. Maar waar ik naar vroeg in mijn bijdrage ging meer over waar wij als raad iets over mogen vinden en over mogen doen. Dus ik ben vooral benieuwd of de wethouder nog een toelichting kan geven op wanneer wij worden betrokken. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Goede vraag, ik wilde daar inderdaad ook op komen, maar ik zal daar nu al antwoord op geven. Er zijn natuurlijk beleidsregels en een verordening. Voor de beleidsregels is het college bevoegd om dat vast te stellen. En een veroordeling, daar is de raad toe bevoegd. Waar beleidsregels vanuit de herziening van de Participatiewet al kunnen worden vastgesteld, kunnen we dat natuurlijk gewoon doen. Denk eventjes aan waar we echt op vooruitlopen als het gaat om de herziening van de Participatiewet. Dan kan ik twee voorbeelden noemen. Eén is de vrijlating van giften richting die € 1.800,00. Dat is nog helemaal niet vastgelegd. Daar willen ze wel heen.

Wij hebben gezegd 'dat gaan we gewoon doen'. Dat is het één. En ook wordt het goede gesprek voeren vanuit de Participatiewet ontzettend gestimuleerd. Dat doen we al jaren. Dat doen we bewust. Dat heeft voornamelijk te maken met het feit dat tegen mensen die hier binnenkomen en die bijvoorbeeld met een schoonmaakdiploma binnenkomen, maar toch nog een bijstandsuitkering hebben, in 2015 volgens Participatiewet werd gezegd 'u heeft een schoonmaakdiploma, dus u gaat ook in de schoonmaak aan de slag'. Wij hebben altijd gezegd 'we gaan het goede gesprek aan. Wellicht liggen de kwaliteiten en talenten, waar de PvdA het over heeft, ergens anders en moet er waarschijnlijk een opleiding of een ander traject worden ingezet. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi, ik zoek een beetje naar het punt. U krijgt een interruptie van mevrouw Van Goethem. Mevrouw VAN GOETHEM: Dank u wel voorzitter, ik hoor de wethouder nu aangeven dat de beleidsregels van het college zijn en dat begrijp ik heel erg goed. Maar vervolgens noemt hij een voorbeeld dat eigenlijk met behulp van een motie van GroenLinks en PvdA tot stand is gekomen, namelijk een verandering van en vooruitlopen op die uitvoering van de Participatiewet door de giften voor bijstandsgerechtigden omhoog te mogen doen.

Dus mijn vraag is meer: hoe gaan we uiteindelijk zorgen dat die beleidskaders die het college mag vaststellen, wel worden ingegeven door de kaders die de raad mag zetten? De VOORZITTER: Het woord is weer aan de wethouder. Dit was het laatste stukje tijd. Wethouder EL IDRISSI: Dat is inderdaad een motie geweest van GroenLinks en PvdA en die is aangenomen door het college. Ik zie dat als een samenwerking. Ik zie dat niet als iets van de raad of van het college zelf. Ik zie dat als een samenspel. Wij hebben erop gereageerd door te zeggen 'dat moeten wij ook gewoon doen'. We vinden dat belangrijk. Daardoor is die ook meegenomen in beleidsregels. Die veegronde. In 2025 komen we met een veegronde, dus van beleidsregels die we al mee gaan nemen vooruitlopend op de Participatiewet. Dat komt ook in 2025 richting de raad. De verordening waarin alle beleidsregels worden meegenomen, de 'was-wordtlijst', is u volgens mij ook wel bekend. Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

8

Daarin staan de regels die we ook veranderen en daar kunt u natuurlijk uw oordeel over vellen en accepteren ja of nee. Dus u wordt te allen tijde meegenomen. Wat ik als laatste toch echt wil benadrukken is die gezamenlijke inspanning. En dat we het inderdaad echt samen doen om die inclusieve samenleving met elkaar vorm te geven. Er is een aantal vragen. Dan moet ik wel eventjes…. Ik heb een aantal vragen eigenlijk bij elkaar proberen te pakken. Die caseload en die caseloadtoename. Er is geloof ik, eventjes uit mijn hoofd, door de PvdA, nee, GroenLinks, gevraagd 'waar is die € 10 miljoen van Berenschot gebleven?' U gaf dat aan. Ik heb al eerder gezegd, dan moet ik mijn pet opzetten van wethouder van Personeel. Die € 10 miljoen was natuurlijk de minimale variant. Dat betekent niet dat je overal de kloof tussen ambities en menskracht kunt dichten. Die kloof zal er altijd zijn. Die gap zal er altijd zijn. Dat ga je niet overbruggen met € 10 miljoen. Dat was echt een minimale variant. Dus als u de illusie heeft dat die € 10 miljoen alles zou dichttimmeren, dan wil ik u daar uithalen. Dat gaat hem niet worden. Hoe is de caseload in andere gemeenten? Dat vroeg GroenLinks ook. Iedere gemeente maakt zijn eigen keuzes, dus dat is ook echt niet een-op-een te vergelijken. De grootte van de caseload is bij ons echt afhankelijk van de intensiteit van de begeleiding.

U kunt zich voorstellen dat er bij Groep D gewoon veel meer begeleiding moet plaatsvinden. Er moet veel meer energie en veel meer tijd in gestopt worden om mensen toe te leiden naar een participatie in de samenleving, of eventueel naar een passende baan. En toch, ik werd net onderbroken, maar ik wil dat toch echt afmaken, is die passende baan ontzettend belangrijk. Want we willen namelijk geen draaideurklanten hebben. Dus hoe minder tijd en hoe minder energie je stopt in de begeleiding, hoe sneller je mensen weer terugkrijgt aan je loket. Dat wil je niet. En dat is ook de herziening van die Participatiewet; ga uit van vertrouwen en niet van wantrouwen. Zorg ervoor dat mensen een passende, duurzame baan kunnen hebben zodat ze niet zo snel binnen zes maanden weer terugkomen aan je loket. Dat was het hele verhaal vanuit 2015. Dat puur en alleen activeren van onze inwoners heeft ertoe geleid dat ontzettend veel mensen weer aan het loket komen binnen afzienbare tijd. Dat is iets dat je juist niet wilt hebben. Over de caseload hebben we het denk ik gehad. De VVD had het over 'kunnen we nog meer informatie krijgen over de huidige stand van de Participatiewet?' Daarover heb ik al gezegd 'nieuwe ontwikkelingen komen echt tot ons en zodra ik ze heb, probeer ik ze ook echt richting de raad te brengen'. Het korte lijntje is er.

Met de heer Nobel heb ik echt nauw contact en het is goed dat we iemand uit Haarlemmermeer hebben die nu in Den Haag zit en ook gaat over de Participatiewet. Het is ontzettend belangrijk dat we die korte lijntjes hebben en ook houden. Ik zit te kijken of ik nog specifieke vragen heb gehad die ik niet heb beantwoord. De VOORZITTER: Zijn er nog vragen die niet beantwoord zijn? Mijnheer Sidali en de heer Soellaart. Volgens mij wil de heer El Idrissi even worden herinnerd welke vraag er was? De heer SIDALI: Het was de vraag of het college beleid wil opnemen als het gaat om het traject van de mensen met een talent in plaats van dat het hoort bij de werkwijze. Dat het opgenomen wordt in het beleid. De VOORZITTER: Het antwoord daarop is? Wethouder EL IDRISSI: U doelde op die aanbeveling 3 toch? Als ik het goed begrijp? Ja. Dat is een terechte vraag. De aanbeveling 3, of de derde aanbeveling gaat erom samen met de inwoners te bekijken hoe dat re-integratietraject vorm te geven. Dat hebben we gezegd. Dat hebben we deels opgevolgd, maar eigenlijk hebben we dat in de praktijk natuurlijk van het begin af aan gedaan. Wij zijn de gemeente die eigenlijk zonder de herziening van de Participatiewet altijd het goede gesprek heeft gevoerd.

Dus ongeacht hoe mensen binnenkwamen, met welk diploma, of het nu groen, schoonmaak of whatever was, was er altijd een gesprek om te kijken 'waar ligt uw talent?' En als dat ergens anders ligt dan het diploma dat diegene heeft, werd daar ook op die manier richting aangegeven. Het is Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

9

inderdaad ook vastgelegd in beleid. Dat is echt… Dat staat ook in onze bestuurlijke reactie in de brief dat er een toezegging gedaan is dat we hier ook echt een beleidsregel voor gaan maken. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi, u krijgt nog een verhelderende vraag. De heer SIDALI: Dus het is geen onderdeel van een werkwijze, maar het is vastgelegd in beleid, zegt u? Dat is waar de Rekenkamer u om vraagt en u begint uw zin in de bestuurlijke reactie door te zeggen 'ja, het is onderdeel van de werkwijze'. Dus wat is het nu? Zit het vast in het beleid? Zo ja, dan ontvang ik dat graag en dan zie ik dat graag. Of is het werkwijze? En tot slot: wilt u het dan alsnog in beleid opnemen als het geen beleid is? De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: Nogmaals, het staat ook in de bestuurlijke reactie. De toezegging die we hebben gedaan is dat we hier een beleidsregel van gaan maken. De VOORZITTER: Dat is duidelijk en is helder welke vraag de heer Soellaart nog had? Of moet hij die verduidelijken? Wethouder EL IDRISSI: Dat was geloof ik een technische. Hij was technisch van aard, geloof ik, mijnheer Soellaart? Wilt u dat ik daar antwoord op geef? Ik heb hem wel opgeschreven. De VOORZITTER: Nee, technische vragen worden niet beantwoord tijdens het debat. Daar mag u schriftelijk op terugkomen.

Wethouder EL IDRISSI: Het was ook iets van in de glazen bol kijken of de aantallen zouden gaan stijgen of dalen in 2024. En het is ergens ook… Maar ik kan u wel vertellen, de taakstelling van onze statushouders is gestegen de afgelopen jaren. Je ziet dat statushouders ook in de eerste paar jaar ook ruimte nodig hebben om in de samenleving een plekje te vinden en vaak ook wat langer gebruikmaken van een bijstandsuitkering. Zolang die taakstelling stijgt, zul je ook zien dat het aantal bijstandsgerechtigden stijgt. Dus de vraag of het in 2025 gaat stijgen of dalen? Ik schat in dat dat gaat stijgen. De VOORZITTER: Dank u wel. Ik ben wat coulanter geweest met tijd voor u, maar we zijn in principe door de tijd heen. En nog een verduidelijkende vraag? Want in principe bent u door uw tijd heen. Mevrouw VAN GOETHEM: Ja, ik weet dat ik door mijn tijd heen ben voorzitter, maar u vroeg net 'zijn er nog vragen die de wethouder niet had beantwoord?' Er zijn inderdaad twee vragen uit mijn originele betoog die niet zijn beantwoord. Namelijk: hoe zit de samenwerking met AM Match en kan die niet beter of slimmer worden ingezet als het gaat om de mensen die in categorie D vallen? De VOORZITTER: Het is een technische vraag, dus ik wil de wethouder verzoeken daar schriftelijk op terug te komen. Dank u wel. We zijn nu toegekomen aan de tweede termijn.

Ik heb twee onderwerpen genoteerd daarvoor en wil eventjes checken of dat klopt. De HAP, de heer Klaassen, wilde het graag nog hebben over ambities. Het was me niet helemaal duidelijk of dat voor vandaag was of voor een andere keer. Dat mag u eventjes zeggen. En het andere onderwerp was van GroenLinks; hoe kijkt de raad aan tegen de Participatiewet. Zijn er nog meer onderwerpen? Dan houden we het nu even bij deze twee. U mag meteen introduceren, dus dat mag dan van hier.

Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

10

De heer KLAASSEN: Voorzitter, het was mijn idee om dat door te zetten naar een andere keer. Maar als de collega's het er vandaag over willen hebben, dan moeten we even kijken. Maar ik denk dat dat nog iets aan voorbereiding behoeft, voor de collega's ook. De VOORZITTER: Oké ik, kijk even rond en ik zie allemaal geknik, dus dan denk ik dat dat naar een volgende keer gaat. Dan mevrouw Van Goethem. U mag het onderwerp introduceren. Daar bij het spreekgestoelte. Mevrouw VAN GOETHEM: Dank u wel voorzitter, zoals u misschien net al merkte aan mijn aanvullende vragen die ik aan de wethouder stelde, ben ik heel erg benieuwd hoe wij als raad zo meteen in positie worden gebracht om die veranderingen van de participatiewetgeving zo goed mogelijk en zo passend mogelijk bij de Haarlemmermeer te implementeren. Ik begrijp uiteraard dat beleidsregels vaststellen iets is van het college en dat dan vervolgens de verordening onze kant op komt om daar een klap op te geven. Maar ik zou zo graag meer willen doen dan die klap geven. Ik denk dat je, voordat je beleidsregels opstelt, als raad wel degelijk kaders meegeeft aan je college over hoe je die Participatiewet of die die vernieuwing van de Participatiewet uiteindelijk gaat implementeren en over wat je daarmee belangrijk vindt.

En daarmee loop ik misschien ook wel heel erg vooruit op het debat van de heer Klaassen en vind ik het ook eigenlijk heel erg jammer dat mijn vraag over AM Match niet beantwoord is. Want AM Match is juist de partij waar het communicerende vaten zijn als we het hebben over mensen die in de bijstand zitten en mensen die op zoek zijn naar voldoening vanuit een maatschappelijke activiteit. Dus ik stel eigenlijk misschien een heel brede vraag aan mijn collegaraadsleden, maar ik hoop dat ze me begrijpen en er misschien mee uit de voeten kunnen. Dank u wel. De VOORZITTER: Is dit een duidelijke vraag aan de raad, is de vraag. Ik zie nog… De heer Koning komt naar voren. De heer KONING: Ik ben misschien ouderwets, dat zou best kunnen. Maar als het erom gaat hoe wij betrokken worden en meedoen aan de vormgeving van de veranderingen in de Participatiewet, de nieuwe Participatiewet, vind ik dat ik eerst moet weten wat die veranderingen zijn voordat ik daarop kan ingaan en daar antwoord op kan geven. Dus ik zie het zo. Als die nieuwe Participatiewet eenmaal uit is, ga ik die heel nadrukkelijk bestuderen en vervolgens proberen het college kaders mee te geven. Dat zou mijn volgorde zijn. De VOORZITTER: Mevrouw Knikker. Mevrouw KNIKKER: Dank u wel voorzitter.

Ik zit te denken, voordat we zo'n debat kunnen hebben, zou een informatieve bijeenkomst, misschien met experts op dit gebied, best handig kunnen zijn voor ons als raad zodat we ook de juiste kaders kunnen meegeven, zodat we wat meer in die materie zitten en daardoor het goede gesprek met elkaar kunnen hebben. En ook de rol van AM Match zou ik zeker willen betrekken bij zo'n informatieve bijeenkomst, zodat we op vlieghoogte zijn en weten wat er speelt. De VOORZITTER: Mijnheer Sidali. De heer SIDALI: Ja voorzitter. Het weinige gras wordt onder mijn voeten vandaan gemaaid. Maar ik ben het er zeer, zeer, zeer mee eens. Maar ik denk ook dat we het college best mogen vragen als raad om ons een spiegel voor te houden. 'Dit is de nieuwe Participatiewet. Dit is hoe wij het doen in Haarlemmermeer en hier ligt de ruimte om als gemeente nog wat aan te doen'. En dat we dan met elkaar daarover in discussie gaan. Dan zou zo'n voorinformatiesessie welkom zijn. Maar ik verwacht ook van het college dat wij hier niet moties hoeven te gaan samenstellen met elkaar, maar dat het

Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

11

college ook zegt 'hier ziet u de beleidsruimte in en hier gaan wij de beleidsruimte wel pakken of niet pakken'. En dan hebben we ergens met elkaar een discussie over. De VOORZITTER: Een aantal mooie procesvoorstellen. Mevrouw Mees. Mevrouw MEES: Volgens mij is het gras nu helemaal weg, maar daarom wil ik alleen maar uitspreken dat ik het ermee eens ben. Ik krijg ook graag wat meer informatie zodat we daar goed naar kunnen kijken en ons in kunnen lezen en op niveau mee kunnen praten. En dan kunnen we bepalen wat we daar als raad mee kunnen doen. De VOORZITTER: De heer Klaassen van HAP. De heer KLAASSEN: Voorzitter, ja, dank u wel. HAP zal wat gras gaan zaaien, zodat we binnenkort weer wat kunnen oogsten. De Participatiewet ligt natuurlijk nu in de Tweede Kamer ter discussie. Daar hebben we al op vooruitgelopen, zo te zeggen, door de motie die zowel door D66, als HAP, als GroenLinks, als PvdA en SRH is ingediend. Ik dacht, ik noem het toch maar eventjes, want u noemde maar twee partijen, maar de rest was u vergeten, denk ik. Maar in ieder geval, het doorvoeren en de betaalbaarheid zijn nog punten van discussie in de Tweede Kamer. Dus zodra de wet erdoor is, komen alle punten terug en dan denk ik dat we met zijn allen inderdaad over het stukje haalbaarheid en betaalbaarheid nog een flinke discussie en debat kunnen voeren. De VOORZITTER: Mevrouw Van Goethem, u mag hem afsluiten.

Mevrouw VAN GOETHEM: Ja, hartelijk dank voorzitter en ook hartelijk dank aan mijn collegaraadsleden. Ik sta hier als een heel tevreden mens, want volgens mij hebben we hem samen heel erg scherp gemaakt en hebben we onszelf ook bij dezen eigenlijk al een opdracht te geven en misschien ook zelfs wel het college een opdracht te geven, om ons dus een informatieve sessie te geven zodra er meer bekend is over het vaststellen van de Participatiewet in de Tweede Kamer en hoe die uitgerold wordt naar de gemeenten. Dank u wel. De VOORZITTER: Dan is dit onderwerp afgerond. Ik kijk nog eventjes rond of er nog een ander onderwerp zou kunnen zijn voor de tweede termijn. Ik zie een hoop geschud. Dan denk ik dat dit raadsvoorstel, als er geen nieuwe onderwerpen meer zijn, voldoende is besproken en gereed is voor de stemming over twee weken. O, met een oproep voor de informatiesessie. Dank u wel. En volgens mij zag ik ook een hoop geknik naast mij over een informatieve sessie voor als er meer bekend is over de Participatiewet, dus dat is mooi. Dan sluit ik nu deze vergadering.

Verslag Sessiedebat RV Opvolgonderzoek Rekenkamer Re-integratie 10 oktober 2024

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=188fa47a-35b0-4c98-8b67-3c3538d77a0c