CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag 2024-02-15 Raadssessie Gebiedssessie nav Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 15 februari 2024, gemeente Haarlemmermeer23.911 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

VERSLAG VAN DE SESSIE VAN DE RAAD DER GEMEENTE HAARLEMMERMEER OP DONDERDAG 15 FEBRUARI 2024 Onderwerp:

Raadsbezoek aan Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest

Voorzitter:

dhr. F. Sidali

De leden: mw. H.J. van den Berg, dhr. S. Blankestein, dhr. T.M. Blom, dhr. M.F. Boels, dhr. P.J. Boerman, mw. M.K. Denie, mw. N.M. Elfers, mw. K. van Goethem, mw. G.D.W. van 't Hull-Bettink, mw. J.M. Hup, mw. J.B. Kamsteeg, mw. G. Knikker, mw. A.P. Maat, mw. S. van de Meeberg, mw. A.N. Mees-Marhe, dhr. P.C.I. Meijer, dhr. E.J. van der Peet, dhr. J.G. Rip, mw. M.C.M. Roos, dhr. J.J. Schaap, mw. C.R. Smand, mw. B.C. van Straten-van Diepenbeek, mw. D.E. van der Veldt, dhr. E. Vermeulen Griffier: mevrouw E.H.M. Ouwehand-Brussel Portefeuillehouders: dhr. C. El Idrissi, mw. C.F.M. van der Meij, dhr. J.N.J. Nobel, mw. M.H. Ruigrok, mw. M.H.F. Schuurmans-Wijdeven, mw. M.L. Sedee-Schuitemaker, mw. M. Steffens-van de Water Insprekers: Geen

De VOORZITTER: Dames en heren. Welkom bij het vervolg van de geschorste Gebiedssessie naar aanleiding van de bijzondere raadsvergadering in Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest. Helaas hebben wij op 25 januari jl. de sessie moeten schorsen vanwege technische problemen en mede daarom een speciaal welkom aan iedereen op de publieke tribune. Ik constateer dat de techniek het doet en dat de namen ook goed verschijnen, dus wat dat betreft hebben we daar geen last meer van. Dank ook aan de technici die dit mogelijk maken. Er is bericht ontvangen van de fracties van SRH, EEN Haarlemmermeer en GEZOND Haarlemmermeer dat zij vanavond niet aanwezig kunnen zijn. U heeft voor deze sessie een bericht ontvangen over de orde van deze vergadering. Tevens heeft u van het college een schriftelijke reactie ontvangen. En deze kunt u terugvinden op iBabs bij deze vergadering. Dan de invulling van het debat. Voor deze gebiedssessie is in totaal 2,5 uur uitgetrokken. We komen straks nog even terug op hoe het zit met de tijd. Zoals in de agenda is aangegeven wordt door middel van loting fracties gevraagd onderwerpen uit het raadsbezoek voor debat in te brengen. En voor elk door een fractie ingebracht onderwerp is zeven minuten debattijd beschikbaar. Omdat er nu een aantal fracties niet aanwezig is, zou ik u kunnen voorstellen dat we de zeven minuten debattijd echt voor de debattijd houden.

Want eigenlijk was het inclusief de reactie van het college binnen die zeven minuten, maar we zouden kunnen zeggen 'we doen zeven minuten debattijd en twee minuten geven we nog even extra aan het debat om het college te laten reageren'. Dat is een voorstel van mijn kant. Als u zegt 'zeven minuten inclusief college, vinden we wel genoeg', of 'zeven minuten echt debat en twee minuten extra', kunnen we dat doen. Ik zie allemaal knikkend instemmen. Helemaal goed, dan gaan we dat zo doen. Het woord wordt gevoerd vanaf het spreekgestoelte en onderwerpen worden slechts eenmaal besproken. Als het goed is, heeft u daar in uw voorbereiding rekening mee gehouden. De focus van vanavond ligt op het debat over de verschillende onderwerpen vanuit het raadsbezoek. Mocht er meer tijd beschikbaar zijn, dan zal dit worden verdeeld over de fracties uiteraard. Ik zal daarop toezien. Wanneer alle fracties aan bod zijn geweest, zal ik kort schorsen om de fracties de kans te geven te bespreken op welke manier zij de resterende tijd willen gebruiken. U kunt bijvoorbeeld terugkomen op Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

1

de onderwerpen die in de eerste termijn zijn besproken. Dus als u in de eerste termijn eigenlijk een debat over een onderwerp had willen voeren, maar dat was al gevoerd, dan kunt u er nog altijd in tweede termijn op terugkomen. Bij interrupties wordt u verzocht gebruik te maken van de interruptiemicrofoons. Daar zijn er drie van. Dan gaan we nu over tot het debat en geef ik als eerste het woord aan – dan ga ik even in de vissenkom graaien, het lijkt de FIFA wel, eindelijk – Forza! Ik nodig u uit om naar het spreekgestoelte te komen. De heer VERMEULEN: Voorzitter, dan ga ik de spits afbijten. We zijn natuurlijk niet allemaal op dezelfde plek geweest en een van de plekken waar ik wel geweest ben, samen met mijn collega Paul Vermeulen, is bij de wijkraad van Pax in Bornholm. Het gaat eigenlijk over de oudere wijken. Je ziet iets wat eigenlijk ook aansluit bij wat Forza! graag wil, dat er een oudere wijk is waar mensen de wijk als grauw en nietgroen ervaren, maar ook enorm aangegeven hebben dat ze de wens hebben om daar zelf aan deel te nemen, dat ze zelf graag mee willen werken om hun wijk groener te maken en dat ze eigenlijk de verbinding zoeken met de gemeente voor hoe we dat het beste kunnen doen. Dat is natuurlijk iets dat niet alleen in Pax speelt, maar ik denk dat er heel veel inwoners zijn in onze gemeente die best willen participeren.

Dat hebben we ook kunnen zien in het onderzoek van de Rekenkamer waar de inwoners ook hebben aangegeven dat ze heel graag willen. Wat ik nu eigenlijk zou willen bespreken vanavond met elkaar is: hoe gaan we die verbinding leggen met onze inwoners die zo graag mee willen werken aan het verbeteren van hun eigen wijk? De VOORZITTER: Mijnheer Vermeulen, ik stop de tijd even. Zou u mij kunnen helpen door even aan te geven om welke metrolijnen het gaat en welk onderwerp dat dan is? Want dan kunnen we kijken of iets behandeld is of niet. Of vraag ik u nu te veel? De heer VERMEULEN: U vraagt mij zeker te veel, want ik ben uiteraard, zoals u me kent, op het laatste nippertje in een bus gerold en met een open mind mee gaan rijden. Het gaat in ieder geval om de wijkraad van de wijk Pax, een wijk die inmiddels sterk verouderd is, met 47% sociale huur, waardoor je eigenlijk ook een klein beetje kunt zien – dat is meteen een leermoment voor ons als raad – dat als je te veel vraagt – metrolijn 2, krijg ik door – als je te veel sociale huurwoningen hebt en te veel mensen met een laag inkomen, je uiteindelijk na verloop van tijd je voorzieningen kwijtraakt. Dus dat is misschien een leermoment voor ons als raad. Maar wat ik graag met jullie wil bespreken, is: hoe gaan wij de verbinding leggen met al die wijken die graag zelf willen participeren? De VOORZITTER: Mevrouw Van Straten, gaat uw gang.

Mevrouw VAN STRATEN: Dank u wel voorzitter. Ik hoorde de heer Vermeulen met name spreken over participatie met betrekking tot vergroening als ik het goed heb. Nu hebben we heel goed in het coalitieakkoord staan dat we waar we kunnen, gaan vergroenen de komende jaren. Dus dat zal uitgevoerd worden. We hebben in Vijfhuizen een heel mooie pilot uitgevoerd, waarbij mensen ook digitaal konden stemmen over mogelijke vergroening en dan werd aan de hand van het aantal stemmen bepaald wat als eerste aangepakt zou worden. Wat mij betreft, volgens mij wordt die pilot binnenkort een keer geëvalueerd, is dat een handige manier om op die manier mensen betrokken te laten zijn. De VOORZITTER: Mijnheer Vermeulen, vindt u het fijn als we even verzamelen of heeft u liever dat u meteen kunt reageren? Ja dus, reageert u dan maar zo. De heer VERMEULEN: Wat ik graag zou willen doen… Mij gaat het erom dat mensen aangeven dat ze echt de handen uit de mouwen willen steken, dat ze zelf met ideeën komen. Dus niet dat wij het voor ze uitvoeren, maar dat wij samen met de inwoners zo'n wijk vergroenen. Ik denk dat dat mes aan twee kanten snijdt. Ten eerste denk ik dat je meer kunt doen omdat de inwoners meewerken, dat we binnen Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

2

het budget dat we hebben waarmee we toch al in de grote gemeente zo moeilijk uitkomen, meer kunnen doen. Dus mijn vraag is niet: welke pilots gaan we allemaal draaien? Maar: hoe gaan we samen met de inwoners dat doen? De VOORZITTER: Dank u. Mevrouw Van de Meeberg. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Dank u wel, voorzitter. Volgens mij bestaat er zoiets als buurtbudgetten en kunnen wijkraden, dorpen, kernen die allemaal aanvragen om zelf aan de slag te gaan met het vergroenen van hun wijk, als ze dat willen. En ik kijk even naar de wethouder. Volgens mij worden die buurtbudgetten niet altijd helemaal opgemaakt. Nee. Ik zie geen non-verbale… Ze worden dus niet altijd goed gevonden en aangevraagd, maar dat is beschikbaar en mensen kunnen, als ze dat willen, dat doen. Waarom gebeurt dat dan niet overal? Dat is misschien een onderwerp van gesprek waar we het over kunnen hebben: hoe kunnen we zorgen dat iedereen dat weet en hoe kunnen we de weg zo makkelijk mogelijk maken om die buurtbudgetten aan te spreken en in te zetten? Ik denk dat het een heel goed idee is. De VOORZITTER: Ja, dan mijnheer Rip namens HAP. De heer RIP: Ja. Mijnheer Vermeulen, ik had de gelukkige omstandigheid dat ik naast u zat in hetzelfde busje en ik heb het idee dat u het ook wat breder wilt trekken dan u nu schetst.

Want eigenlijk schetst u dat de wijken Pax, Bornholm en Overbos een enorme vergrijzingsslag doormaken, dat daardoor voorzieningen uit de wijken vertrekken en ze vervolgens ook nog de bereikbaarheid uit de wijken zien verdwijnen omdat bushaltes worden weggehaald. Vervolgens zijn er ideeën om de verbinding tussen Bornholm en Overbos – dat kwam juist van de wijkvoorzitter van Overbos en dat was juist een mooi idee – om de hoeve De Stad Zaandam bijvoorbeeld als een soort verbindingshuis/ontmoetingshuis in te richten om twee wijken weer levensvatbaar te maken. Dan kom je eigenlijk op een punt wat ik denk dat u ook wilt aanraken. Dat is best een heel ingewikkeld punt. Hoe kunnen we nou levensloopbestendige wijken houden? Vooral houden. We maken ze, want dat vinden we mooi. Maar hoe ziet vervolgens dertig jaar later onze wijk eruit? En die discussie is veel breder, denk ik, dan wat u nu vraagt in die zeven minuten. Maar als we het concreet even over de verbinding hebben, zou mijn voorstel zijn: laten we dat voorstel van de Wijkraad Overbos gewoon eens beetpakken, de hoeve De Stad Zaandam gaan we een verbindingshoeve maken voor twee wijken. Hoe vinden we dat? De VOORZITTER: Mijnheer Vermeulen. De heer VERMEULEN: Ja, u trekt het inderdaad heel breed en ik denk dat er een aantal dingen in zitten dat makkelijk op te pikken is en ook een aantal dingen dat moeilijker is.

Want uiteindelijk zit je met een derde partij die het openbaar vervoer daar vormgeeft. Nee, mijn vraag is echt: je merkt dat er inwoners zijn van die wijken die gewoon zelf de handen uit de mouwen willen steken. Dan zien we ook dat daar begeleiding is van de regiomanager die we daar hebben – de gebiedsmanager, heel goed – die eigenlijk juist die verbindende schakel zou moeten zijn, die eigenlijk de ruimte zou moeten hebben om de verbindende schakel te zijn tussen al die initiatieven die er in zo'n wijk leven en wat wij in de gemeente willen en hoe je dat samen vorm geeft. Ik hoop ook dat de wethouder inmiddels al meedenkt en daar straks ook een soort antwoord op kan formuleren hoe we dat gaan doen. De VOORZITTER: Mijnheer Boerman. De heer BOERMAN: Dank u voorzitter. Ik sta hier en ik ben meteen ook een beetje aan het denken, want ik ben het namelijk helemaal eens met de heer Vermeulen. Dus ik ben aan het denken 'wat zou Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

3

de vraag zijn?' Maar ik merk het zelf ook, en ik zat niet naast u in dat busje, ik hoor natuurlijk ook die signalen in de samenleving. Het gaat volgens mij vaak mis als de gemeente iets wil en inwoners zich daarbij overvallen voelen. Daar zouden we echt vanaf moeten, want die inwoners willen inderdaad heel graag meedenken. Dat gaat om hun eigen buurt. Dus die willen ook iets en dan gaat het volgens mij niet alleen om 'we willen ook meehelpen het groen te onderhouden', maar ook om meedenken over 'waar moet het groen dan komen?' Bijvoorbeeld. Dat speelt zeker in Pax, waar dan ineens een speeltuintje verdwijnt en ineens bomen ergens anders heen moeten dan waar ze stonden. Dat is allemaal niet handig. Dat moet je gewoon afstemmen. Dat kun je best... Laten we als gemeente de verbinding zoeken. Volgens mij zei mijnheer Vermeulen dat en als hij dat zei, dan kan ik dat van harte onderschrijven. De VOORZITTER: Zei u dat, mijnheer Vermeulen? De heer VERMEULEN: Nee, ik ben inderdaad op zoek naar de verbinding tussen inwoners en gemeente, maar vooral naar het samen doen. Dus niet alleen ophalen wat ze willen en het voor ze uitvoeren, maar als ze aangeven 'wij willen ook heel graag helpen daarin en participeren'… Participeren is meer dan meepraten.

Als jij de handen uit de mouwen wilt steken, maak daar vooral dankbaar gebruik van, dat zorgt voor verbinding in de wijk, dat mensen gewoon met elkaar op straat iets doen. De VOORZITTER: Helder, we gaan naar een afronding van dit onderwerp. Eerst nog even de heer Rip in reactie op de heer Boerman. De heer RIP: Ja, maar ook op mijnheer Vermeulen want hij zoekt natuurlijk naar een haakje voor een voor een oplossing. Is het misschien een idee om dit als een pilot neer te leggen bij een burgerberaad? Bent u daar zo een voorstander van? Want ik zie u eigenlijk... Ik heb het idee dat u dat ook wel heel fijn vindt. De VOORZITTER: Mijnheer Vermeulen. De heer VERMEULEN: Ja, ik geloof niet dat ik sta te springen om een burgerberaad. We hebben een heel format waarmee we de wijken in gaan en vanuit de wijken krijgen we een heel duidelijk signaal mee 'wij hebben ideeën. Wij denken erover na, wij willen graag meedoen. Wij willen dat samen met de gemeente aanpakken'. Ik denk dat we eerst daar eens moeten beginnen voordat we een heel burgerberaad optuigen. De VOORZITTER: Maar goed. Mijnheer Boerman? Wat wil u nog zeggen? De heer BOERMAN: We gaan vanavond vele thema's behandelen. Het lijkt mij heel goed om elk thema af te sluiten met 'is dat niet een goed idee voor een pilot voor een burgerberaad?' De VOORZITTER: Helemaal goed. Dan ronden we dit onderwerp af, dank u mijnheer Vermeulen.

We gaan door naar de volgende. De volgende is het college op wat hier ingebracht is door mijnheer Vermeulen en anderen. Heeft u iets concreets meegekregen? Jawel toch? Wethouder STEFFENS: Ja, dank u voorzitter. Ik heb zelf zitten meeschrijven en meedoen en ook meedenken om maar even in te gaan op mijnheer Vermeulen. Om even met het met het tweede te beginnen, participatie. Want daarna moet ik natuurlijk ook een reactie geven op mevrouw Van de Meeberg die iets wilde weten over de eventuele onderuitputting van wijkbudgetten. Maar ik begin even met u, mijnheer Vermeulen. Ik hoorde u eigenlijk zeggen – en ik vond het wel heel mooi hoe u dat verwoordde – participatie is natuurlijk meer dan meepraten. Het is vooral ook zelf je handen uit de Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

4

mouwen steken. En als u mij vraagt wat ik daarvan vind, dan zeg ik als wethouder B&O bijvoorbeeld 'nou, daar zijn we niet alleen blij mee, we zijn er de afgelopen jaren mee bezig om dat steeds meer mogelijk te maken voor mensen'. We hebben steeds meer inwoners die bijvoorbeeld een buurttuin willen, die daar ook van alles onderhouden en met elkaar in die sociale samenhang investeren. Dat is volgens mij ook wat u bedoelt. Niet alleen maar zeggen 'ik vind dit, ik wil dit, gaat u het even regelen?' Maar dat wij ook aangeven 'u kunt best een hoop en u mag het ook zelf en daar staan we achter'. Dus niet alleen vanuit B&O, maar vooral vanuit B&O zie ik dat ook echt in de praktijk gebracht worden. Ik ben het met u eens. We zijn natuurlijk met u in gesprek om het een en ander qua participatie opnieuw te gaan inrichten. En dan hoor ik uiteraard graag ook hoe de raad daarin staat. De VOORZITTER: Mevrouw Steffens,… Wethouder STEFFENS: Voorzitter, mag ik eerst even… De VOORZITTER: Nee, ik ga u eerst even interrumperen en ik ga u vragen om toch even achter het spreekgestoelte te gaan staan. Ja, ik moet er zelf ook even inkomen. Ik moet even warmdraaien. Dus het is mijn fout. Dank u wel. Wethouder STEFFENS: Ja voorzitter, ik moest al warmdraaien met dat we meteen al moesten reageren. Dat had ik helemaal niet zo in mijn hoofd zitten.

Maar dan even het tweede antwoord aan mevrouw Van de Meeberg die dacht dat er nog onderuitputting was op de wijkbudgetten. Ik zou willen dat het zo was. Met een laatste bezuinigingsronde zijn die namelijk gehalveerd, als een van de onderdelen om wat geld – dat inderdaad op dat moment qua onderuitputting niet gebruikt werd, daar heeft u gelijk in – ook niet meer beschikbaar te stellen. Maar er zijn nog dingen mogelijk, maar niet meer zoveel als we in het verleden met u hadden afgesproken. De VOORZITTER: Ja, dat was het voor het college. Verder geen vragen meer. Dan gaan we echt naar de volgende spreker en dat is BVNL. De heer MEIJER: Ja voorzitter, ik geef mijn tijd graag door aan een ander. Ik was bij deze schouw niet aanwezig, dus ik luister graag mee naar wat anderen te melden hebben. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan ga ik door naar de volgende. Dat is het CDA. De heer BLOM: Voorzitter. Ik kan helaas niet een lijn melden waar ik dit onderwerp van opgehaald heb. Ik heb op het station Museumplein een gesprek aangehoord van een ondernemer die natuurbegraven wilde introduceren hier in de Haarlemmermeer. Ik wil graag over natuurbegraven spreken, kan dat? De VOORZITTER: Dat was een inspreker. De heer BLOM: Zeker. De VOORZITTER: Gaat uw gang, het is uw tijd. De heer BLOM: Dank u wel. Wij hebben een aantal aanmerkingen op dit op dit plan.

Het begraven in de natuur lijkt ons wat problemen op te leveren omdat een stoffelijk overschot ook restmaterialen oplevert, of reststoffen, die in een normale begraafplaats afgevangen worden door een drainagesysteem en op het riool weggewerkt worden. En nu komen die stoffen, als je in de natuur begraaft, in de natuur; het grondwater, het oppervlaktewater. En dit terwijl het Hoogheemraadschap Rijnland juist extra zijn best moet doen en grote investeringen moet doen om de medicijnresten uit het Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

5

grondwater en uit het oppervlaktewater te houden. Dat is het eerste punt waar we dus vraagtekens bij hebben. En het tweede punt: we leggen de bestemming op dat gebied voor meer dan honderd jaar vast. En dat in het meest dynamische deel van Nederland, waar een gemeentehuis na veertig jaar al afgebroken wordt, een kantoor na 25 jaar. Dus de bestemming leggen we vast voor honderd jaar, waarmee we dus duidelijk over ons graf heen regeren. En dan nog wat. De hele Haarlemmermeerse ondergrond bestaat uit een kleilaag. U zult de laatste tijden wel gehoord hebben in het nieuws dat agrariërs allerlei moeilijkheden hebben met het binnenhalen van hun producten. Als die al van oktober tot nu moeilijkheden hebben om hun producten te rooien, wat voor moeilijkheden krijgen we dan wel niet als wij in die tijd onze mensen willen begraven? Zodra je een gat graaft, krijg je een gat met water. Dat is wel bijzonder, om daar je overledene aan toe te... Dit zijn eigenlijk de drie punten waar het CDA vragen bij heeft. We willen daar graag over discussiëren. De VOORZITTER: Nou, dan gaan we daaraan beginnen en dan begin ik met de heer Boerman. De heer BOERMAN: Ja, dank u wel voorzitter. Ik vind het jammer dat de heer Blom vanmiddag niet mee was naar Geestmerloo want we hebben daar een prachtige rondleiding gehad.

Ik wil ook graag een beetje levendig debat en geen grafstemming hier, maar volgens mij hebben we daar heel wat gezien en ook gezien dat alle problemen die mijnheer Blom aanhaalt, daar in ieder geval niet spelen. Of ze dan hier niet spelen, weet ik natuurlijk niet. Maar volgens mij is dan de gewone gang van zaken 'een ondernemer doet een aanvraag en dan komt er een beslissing en dan komt die vanzelf een keer bij ons en dan gaan wij…' Maar ik heb niet gehoord dat ik… Het lijkt mij niet handig om als raad nu al te zeggen 'dat zouden we niet moeten willen', want volgens mij is er juist heel veel behoefte, ook in deze gemeente en zou het juist een heel goed idee zijn om daar hard over na te denken. De heer BLOM: Ik ontken zeker niet dat de behoefte er is. Het gaat er alleen om dat ik de problemen zie. De heer BOERMAN: Ja, maar u ziet nu al beren op de weg en u gaat nu al… De VOORZITTER: Via de voorzitter, mijnheer Boerman. De heer BOERMAN: Sorry. De VOORZITTER: Gaat uw gang. De heer BOERMAN: Ik had niet gezien dat u mijnheer Blom het woord gegeven had. U gaat nu al iets ten grave dragen wat u nog niet eens het levenslicht heeft laten zien. Daar spreek ik mijn zorgen over uit. De VOORZITTER: Mijnheer Blom. De heer BLOM: Als ik iets ten grave zou kunnen dragen, zou dit onderwerp mij zeker passen. De VOORZITTER: Dan gaan we naar de heer Schaap.

De heer SCHAAP: Ik zou even graag van het CDA willen weten wat nu precies de problemen zijn. Want de problemen die u benoemd heeft, u heeft drie punten opgenoemd. Het is jammer dat u er vanmiddag niet bij was, bij het werkbezoek. Ik ben er ook geweest. Mijnheer Boerman was er. We hebben onder andere gehoord dat de grond verhoogd wordt. Afval komt niet in het water terecht en er wordt ook op Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

6

getest door de aanwezige beheerder. Het water is zelfs daar in Geestmerloo schoon op dit moment. Over rooien, volgens mij worden lichamen niet gerooid, dus daar hoeft u al helemaal niet bang voor te zijn. En als het over gaat over kleigrond, dat is de keuze van de mensen. De mensen die daar komen te liggen, hebben daar zelf voor gekozen. Die worden ook in het traject meegenomen zodat ze van tevoren weten waar ze aan beginnen. De VOORZITTER: Mijnheer Blom, heeft u behoefte om hierop te reageren? De heer BLOM: Ja, natuurlijk wil ik reageren. Ik heb zeven minuten, voorzitter, of niet? Ik zou zeggen: maak eens een rondje in je eigen polder om deze tijd en zie wat de problemen zijn, ook in onze natuurgebieden, zoals Venneperhout waar de bomen eigenlijk omvallen omdat ze in een plas staan, of bij Beinsdorp waar hetzelfde eigenlijk gebeurt. Wij zitten hier met een ondergrond die anders is dan in Geestmerloo. De VOORZITTER: Geen reactie meer van mijnheer Schaap? Toch wel, mijnheer Schaap. De heer SCHAAP: Ik kan u zeggen, als u eens mee gaat de volgende keer naar Geestmerloo, dat het dezelfde grond is op dat terrein. Het is ook voornamelijk kleigrond en daar blijven de bomen wel staan. Dus dan doen zij daar iets beter dan wij het doen. De VOORZITTER: Mijnheer Boerman nog.

De heer BOERMAN: Ja, die was ik een beetje vergeten net, maar het gaat er natuurlijk niet alleen om dat er behoefte aan is onder de inwoners, maar er is ook behoefte onder de inwoners aan meer groen. Volgens mij is dit een uitgelezen kans. De heer Blom zei 'ja, dan hebben we dadelijk groen voor honderd jaar'. Volgens mij is dat precies de kans. Volgens mij zouden we dat juist moeten willen. We willen juist in deze gemeente meer groen inrichten en dit is een kans om dat te doen, zonder dat het heel erg ten laste komt van de financiën van de gemeente. Dus ik zie hier juist een kans in. Ik wil de heer Blom vragen waarom hij die kans op natuur niet met mij onderschrijft. De VOORZITTER: Mijnheer Blom. De heer BLOM: Ja, ik onderschrijf uw kansen voor groen. Als ik daar de mogelijkheden voor zie, dan wil ik dat zeker doen. Ik ben zeker een partij die het groen voorstaat. Neem mij niet kwalijk. Maar ik voorzie problemen die anderen waarschijnlijk niet zien, maar daarom meld ik ze ook hier. De VOORZITTER: Oké, dank u wel. Dan moeten wij dit alweer afronden. Ik heb een beetje meegeluisterd, heel veel meegeluisterd, en ik heb geen vraag gehoord aan het college. Dat hoeft ook niet hè? Dus dan kunnen we gewoon doorgaan naar de volgende. De heer BLOM: Voorzitter, ik heb geen vragen aan het college. De VOORZITTER: Dan is dat helder.

Dan kijk ik toch even naar het college of het behoefte heeft om te reageren. Nee, hè? Dan gaan we door. Ze werken al zo hard… Dan gaan we door naar GroenLinks. De heer BOERMAN: Moet ik hier mijn pasje hebben? Nou, ik wacht toch even, denk ik. De VOORZITTER: Daar komt mijnheer Boerman.

Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

7

De heer BOERMAN: Nu lijkt het me oké. Ja, we zijn in beeld. Voorzitter, dank voor het woord. Deze gebiedssessie was al in 2023 en ik heb ook een beetje het gevoel 'dit was al weer een hele tijd geleden'. Er zijn veel onderwerpen waar GroenLinks toch nog iets over wil zeggen, maar ik zeg toch graag eerst iets algemeens. Ik denk dat de raad daar ook wel iets van zal vinden, dus daarom zeg ik het toch maar, ook al is het niet aan één specifieke stop te linken. Want als je al die inwoners zo beluistert, die we daar gehoord hebben, komt er eigenlijk wel een rode draad uit. De rode draad van een gemeentebestuur dat vaak met zijn rug naar de inwoners staat. We hebben nu drie gebiedssessies gehad. Alle drie zeer waardevol en interessant en dank aan alle betrokkenen, zowel ambtelijk, als de inwoners voor hun inbreng. Maar we horen eigenlijk ook steeds hetzelfde verhaal. Het maatschappelijk middenveld dat heel graag wil, dat goede ideeën heeft, maar dat vraagt, nee, schreeuwt om aandacht, maar het elke keer maar niet krijgt. Of het nu gaat om jongeren die een plek willen om te chillen, om huisartsen die letterlijk van levensbelang zijn maar hier steeds voor een dichte deur lijken te staan, of om De Heimanshof in verval. Of sportverenigingen die om minimale faciliteiten vragen. Of om de revitalisering van wijken als Overbos en Pax.

Elke keer, steeds vaker krijgen wij de indruk dat het college veel meer aandacht heeft voor het nieuwe dan voor het bestaande en juist daardoor het essentiële, het sociale cement in onze samenleving, steeds verder onder druk komt te staan. Natuurlijk, wij snappen ook heel goed dat niet alles kan, dat geld en ruimte en capaciteit schaars zijn. En dat veel van de vragen van de insprekers toch daarop neerkomen en dat we ook heel veel mensen op deze avonden niet horen. Maar nu doemt toch te veel een beeld op van een overheid die eigenlijk ook niet wil, die verdraaid weinig integrale visie heeft op de centrale vraag: wat voor gemeente willen we nu eigenlijk zijn? En hoe betrekken we onze eigen inwoners daarbij? Als we het rapport van de Rekenkamer tot ons nemen, gaat het voor ons ook daarom, om hoe je samen een samenleving bouwt. Dat is niet door alleen de behoefte van enkele ondernemers tot in het oneindige te faciliteren, maar net zo goed de behoefte van de inwoners serieus te nemen en te kijken hoe je dat samen handen en voeten geeft. Inwoners die willen sporten, die willen samenkomen, die willen meedenken over hun wijk. Inwoners die een goed onderhouden en veilige buurt willen voor hen en hun kinderen, waar ze niet van hun sokken worden gereden, waar ze samen oud kunnen worden.

En dan past het dus niet om inwoners die hiervoor komen pleiten te verwijzen naar de actualisatie van de commerciële voorzieningen. Het gaat niet alleen om die supermarkt. Hoe belangrijk ook. De wereld is geen winkel. Haarlemmermeer is geen parkeerplaats of een landingsbaan met een aantal huizen erop. Laten we eens ophouden het ook zo te behandelen en proberen er iets meer een samenleving van te maken. De inwoners willen wel, geven ze aan. Nu nog ons gemeentebestuur. De VOORZITTER: Dank u wel, dan ga ik voor een interruptie naar de heer Vermeulen. De heer VERMEULEN: Ja voorzitter, dank u wel. Ik hoor eigenlijk een heel lang verhaal. Eigenlijk hoor ik 'laten we de maatschappij bottom-up organiseren, van onderaf aan, in plaats van vanuit de ivoren toren'. Ik geloof niet dat het een ivoren toren is, maar ik geloof wel dat we in een gemeente met zoveel dorpskernen en zoveel eigen culturen eigenlijk, wat moeite hebben om de aansluiting te vinden met de wensen die inwoners hebben en hoe we daar als gemeente mee omgaan.

En ik hoor heel goed wat u zegt, want dat is eigenlijk waar we bij Forza! ook naar op zoek zijn; hoe laten wij onze inwoners eigenlijk doen wat ze willen doen? Hoe laten we ze leven zonder dat we ze in de weg zitten, maar geven we ze juist de ruimte om dat te doen en waar nodig te ondersteunen? Als dat is wat u zegt, heeft u ons aan uw zijde want dat is waar wij ook naar op zoek zijn. Ik gaf net al aan – ik noemde het net verkeerd, maar dat bleek de gebiedsmanager te zijn – dat we gebiedsmanagers hebben en dat zijn eigenlijk de mensen bij uitstek die de verbinding zouden kunnen maken met hun gebied en met ons hier in de raad. Laten we die nu eens veel meer inzetten en veel meer de ruimte geven om samen met ons en met de mensen in wiens gebied ze zijn, zo'n gebied vorm te geven. De VOORZITTER: Dank u wel. Ik ga gewoon naar de heer Rip. Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

8

De heer RIP: Ja, ik moest er even over nadenken, want van alles wat u zegt kun je iets vinden. Het is erg hoog over. Maar dan verplaats ik me even in de mensen die op de tribune zitten. Wat zouden die nou meenemen van het betoog van GroenLinks? Want we gingen natuurlijk naar Bornholm en Pax en Overbos en daar komen gewoon concreet lokale voorbeelden voorbij. Dus ik wil aan mijnheer Boerman vragen, want daar gaat deze avond over, probeert u het te even te verkleinen tot een concreet voorbeeld dat we op die avond zagen, in welke metrolijn we ook zaten, om te kunnen bespreken. Want dit lijken de algemene beschouwingen wel. De VOORZITTER: Mijnheer Boerman. De heer BOERMAN: Ja voorzitter, dat zijn ze ook geworden. Dat geef ik meteen toe, maar dat komt ook omdat we deze avond twintig mensen gehoord hebben, twintig mensen die eigenlijk allemaal een verhaal hadden waar steeds hetzelfde in terugkwam. Daarom hebben wij ervoor gekozen het ook zo te benoemen. Natuurlijk kun je ingaan op de inwoners aan de Waddenweg of aan de Hoofdweg, of in Pax, of in Overbos. Maar het gaat erom dat we elke keer het signaal krijgen 'gemeente, ga nou met ons in overleg, ga nou met ons samen kijken hoe we het kunnen oplossen'.

Ik ben er heel blij mee dat we als raad gezegd hebben 'we gaan naar die inwoners toe', maar ik vind dat we te vaak horen van die inwoners 'we hebben het al zo vaak geprobeerd en we krijgen maar geen gehoor'. Dat signaal wil ik vanavond meegeven. De VOORZITTER: De heer Van der Peet. De heer VAN DER PEET: Ja, dank u wel voorzitter, want we hebben het over metrolijnen en ik denk dat het mooie is van een metrosysteem als het goed functioneert, dat er ook een goede informatievoorziening is. Dus je hebt mooie borden. Je ziet alle lijnen en je weet de weg te vinden. Als je die niet hebt, wordt het verdomd lastig. Wat wij eigenlijk elke keer ophalen, niet alleen uit deze sessie, maar uit andere sessies ook, is dat het vooral gaat over dat mensen of ondernemers of verenigingen de gemeente niet weten te bereiken, dat ze niet weten waar ze moeten aankloppen. Ik denk dat dat de basis is, de dienstverlening. Dat is de eerste ingang. Ik denk dat we daar nog wel wat te winnen hebben, met name om die toegankelijkheid te verbeteren. Dat gaan we misschien volgende week of over twee weken ook nog bespreken want het komt ook uit dat onderzoek naar voren. Maar een metrosysteem werkt alleen als de informatievoorziening op orde is. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Vermeulen. De heer VERMEULEN: Dan wil ik toch reageren, ook op wat mijnheer Rip zei.

Het zijn geen algemene beschouwingen. U heeft gewoon een rode draad ontdekt in de bezoeken die we tot nog toe hebben gedaan. Dat is dat we nog wat moeite hebben, ook als raad, hier in deze zaal in Hoofddorp, om de aansluiting te vinden met onze inwoners. Dat is wat mijnheer Van der Peet ook al zei. Ik denk dat dat echt iets is dat wij onszelf moeten aantrekken als raadsleden, dat het college zich moet aantrekken en dat de hele organisatie zich moet aantrekken. Want we zijn er tenslotte voor onze inwoners. Althans, zo heb ik het altijd ervaren. De VOORZITTER: Dank u wel. Mevrouw Van Straten. Mevrouw VAN STRATEN: Dank u wel voorzitter. Dat niet alles perfect gaat, is volgens mij normaal. Ik constateer toch iets anders dan wat hier neergezet wordt. Als je alle verhalen hoort, alle pitches die zijn gedaan, en daarna de reactie van het college daarop leest, zie je bij negen of acht van de tien 'daar zijn we al mee bezig, we zijn in overleg'. Dus er wordt wel degelijk geluisterd. Soms weten participerende Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

9

groepen niet eens van elkaar dat er ook naar anderen wordt geluisterd en niet alleen naar hen en dat het daarom iets langer duurt dan ze zouden willen. Maar ik heb toch wel moeite met het beeld dat hier geschetst wordt, want het is gewoon niet zo. Dat kunt u zelf lezen. Dat kan mijnheer Boerman zelf lezen in de reactie van het college. De VOORZITTER: Mijnheer Boerman. De heer BOERMAN: Ik kan vrij goed lezen, moet ik eerlijk zeggen. Ik kan niet altijd heel goed spreken, maar dit kan ik wel. Volgens mij hebben we daar ook in gelezen, en dat lezen we ook heel vaak, 'ja, we zijn er al mee bezig', maar dat lezen we in een reactie op. Ik zou zo graag willen dat we er al mee bezig waren. We hebben vanavond een vraag gesteld over de Spieringweg. Dat is een punt dat echt al vaker terugkomt. En dan kunnen we elke keer lezen 'we zijn er al mee bezig', maar dat is dan op een gegeven moment niet meer voldoende. Voor deze raad zou dat ook niet meer voldoende moeten zijn 'we zijn er al mee bezig'. We willen dat concreet hebben en dan lijkt het me logisch dat we daar… Dan moeten we onszelf ook aankijken. Dat geef ik meteen toe, maar dat hebben we ook gedaan door die gebiedssessies te gaan organiseren. Volgens mij is dat een manier waarop de raad het gaat ophalen, maar ik denk nog steeds dat er meer nodig is. Voor ons allen hè? Ook voor ons.

De VOORZITTER: Mevrouw Van Straten, wilt u daar nog op reageren? Mevrouw VAN STRATEN: Ja, dank u wel voorzitter. Onze wetgeving heeft mijnheer Boerman ook een instrument gegeven als volksvertegenwoordiger. Als hij het op een gegeven moment genoeg vindt en hij wil een doorbraak forceren, dan heeft hij daar instrumenten voor. Dus die zou ik inzetten, als ik u was. De VOORZITTER: Helder. Mevrouw Van de Meeberg. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Dank u wel, voorzitter. Ik ben het wel eens met mevrouw Van Straten dat er heel veel al wel gebeurt en dat er ook heel veel dingen wel goed gaan en tegelijkertijd snap ik ook het signaal dat mijnheer Boerman geeft. We hebben ook meegemaakt bij een van die gebiedssessies dat een inwoner naar ons toe kwam en vroeg 'ik wil graag meer leden voor mijn club. Kunnen jullie mij daarbij helpen?' Dus wij krijgen soms ook vragen waarvan wij ook denken 'ja, dat moet je gewoon zelf doen'. Dus mijn handreiking aan mijnheer Boerman is, ik snap wat u zegt, want heel veel mensen weten niet altijd wat er speelt. Dus misschien – er gebeurt al heel erg veel – kunnen we iets doen aan de manier waarop we daarover communiceren met onze inwoners? Heel veel mensen komen niet stemmen. Waarom niet? We kunnen er alleen maar naar gissen.

Ik begreep ook dat we binnenkort beginnen met huis-aan-huisbezoeken in sommige wijken om informatie op te halen, maar je kunt ook iets brengen. Misschien – daar hebben we het net ook al over gehad toen het ging over wijkbudgetten, niet iedereen weet daarvan – gaat het niet zozeer om de daadkracht van het college en alle ambtenaren die aan het werk zijn voor al onze inwoners, maar moeten we anders communiceren en moeten we het daar eens over hebben met elkaar. De VOORZITTER: Dan gaan we dit zo afronden. Ik zie de heer Rip toch nog even? Gaat uw gang. De heer RIP: Ja graag, want het gaat natuurlijk om de essentie van je dienstverlening en mevrouw Van Straten zegt het ook terecht, er gaan ook heel veel dingen goed hier. Dat moeten we vooral niet vergeten. Maar waar het in de essentie om gaat, wat mijnheer Boerman schetst, in al die drie sessies die we tot nu toe gehad hebben, en het zal in de vierde op 21 maart a.s. niet anders zijn, denk ik, is het nakomen van afspraken. We horen te veel dat er gebeld wordt en dan krijg je een reactie 'wij bellen u terug' en dan wordt er niet teruggebeld. Het zijn details, maar o, zo waardevol voor mensen die zich Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

10

vrijwillig inzetten voor hun eigen leefomgeving. Dus ik denk dat we best wat dingen mee kunnen nemen. Maar ik had liever wat concreter punten gehad in de wijken zelf die we kunnen bespreken. Maar goed, ik mag zo meteen ook nog aan de beurt komen, dus dat komt wel goed. De VOORZITTER: Daar gaan we voor zorgen en ik denk dat u elkaar misschien in de schorsing nog zult opzoeken en het misschien in tweede termijn daar nog over kunt hebben. Ik dank u hartelijk, mijnheer Boerman. Dan kijk ik even naar het college. U wijst naar het college, maar er is niet echt een vraag gesteld. U heeft ook geen behoefte toch? Nee? Dan gaan we gewoon door. Even kijken. U wordt op uw wenken bediend, mijnheer Rip. HAP is aan de beurt. De heer RIP: Voorzitter, dank. Gelukkig heeft mijn voorganger, mijnheer Boerman dat ook al meegegeven, maar ik wil ook vanuit mijn fractie in ieder geval de organisatie enorm bedanken voor de leuke manier waarop we het veld ingaan om met inwoners en ondernemers te spreken. Aan de organisatie daarachter een waar compliment. Daar wilde ik mee beginnen. Er is al veel gezegd en het raakt eigenlijk heel veel onderwerpen. Mijn fractie is vooral metrolijn 3 bijgebleven. Dan gaat het vooral over de ondernemers in Graan voor Visch-Zuid. Daar zitten dingen waarvan ik toch wel een beetje geschrokken ben. Dat heeft ook alles te maken met communicatie, communicatie, communicatie.

We hebben daar een Wet voorkeursrecht gemeenten opgelegd, terecht. Daar zijn we met zijn allen bij geweest. Maar we merken dat er bij ondernemers ongelooflijke onzekerheid insluipt. Je ziet dan, en met name bij een ondernemer – ik zal zijn naam niet noemen – wiens nazaten nog wel eens op een racebaan racen. Die hebben wij gesproken en dat gaat door merg en been. Dat is een familie die hier geboren en getogen is en al eens een keer heeft moeten verhuizen vanwege het algemeen belang van onze samenleving. Nu dreigt die weer in een verdomhoekje terecht te komen. Het gaat mij erom dat wij horen dat men gewoon op communicatief vlak niets hoort. Dus die onzekerheid wordt groter. Je weet niet of je in aanmerking komt voor de Wet voorkeursrecht gemeenten en je weet ook niet je planning voor de toekomst als ondernemer, moet ik wel of niet investeren? Kortom, ik hoop dat we daar iets meer concreet dingen kunnen verbeteren, want 'nee' is ook een antwoord, maar als je niets hoort… Er is niets ergers dan dat je niets hoort en de onzekerheid maar groter wordt. Dus ik hoop dat we in het kader van die ondernemers iets kunnen betekenen.

Dat neemt niet weg dat we daar ook inspiratie hebben opgehaald, met name in Graan voor Visch-Zuid en ook in Hoofddorp-Noord, want het idee is al gelanceerd dat we woon-werken op bedrijventerreinen wat meer moeten onderzoeken en daar met zijn allen een initiatiefvoorstel voor moeten maken. Er zijn partijen die daar al mee bezig zijn. Maar een woon-werkcombinatie op die bedrijventerreinen die erg verouderd zijn, zou misschien een heel grote win-win kunnen betekenen voor iedereen. Een lang verhaal, maar uiteindelijk gaat het om de ondernemers, de lokale ondernemers bij wie de onzekerheid op dit moment erg groot is. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan ga ik naar mijnheer Vermeulen. De heer VERMEULEN: Dank u wel voorzitter. ik heb eigenlijk twee dingen gehoord. Volgens mij een vraag aan het college 'kunt u die mensen duidelijkheid verschaffen, zodat ze weten 'ben ik iemand die uitgekocht gaat worden, of ben ik dat niet?' En het tweede, heel terechte punt dat mijnheer Rip aanhaalt, is dat als wij op een gegeven moment zeggen 'we willen ergens wonen', we dat wonen daar ook mogelijk moeten maken. Ik denk dat we niet in één keer naar een gebiedsontwikkeling kunnen waar zoveel belangen zijn dat je daar in een keer plat kunt gooien en nieuw kunt bouwen.

Ik denk dat dat organisch moet groeien, maar dan moet je ook de ruimte geven - denk ik, en ik hoor graag hoe anderen daarover denken – om ondernemers die daar zitten, die daar ruimte hebben, waar misschien zelfs al mensen wonen, om daar een legale status aan te geven, als je graag wilt daar wordt gewoond. Ik denk dat we eens na moeten gaan denken op welke manier we dat vorm moeten geven.

Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

11

De VOORZITTER: Dat was niet zozeer een reactie op mijnheer Rip. Dan ga ik naar mevrouw Van 't Hull. Mevrouw VAN 'T HULL: Ik ben natuurlijk altijd van het ruimte geven. Niet voor niets hebben we aan het begin van deze avond een motie ingediend met de hele raad om meer ruimte te geven voor werk. Als ik de heer Rip zo hoor kunnen we wel met elkaar concluderen dat wij een heel groot hart hebben voor ondernemers, onze lokale ondernemers die een belangrijke zorgtaak hebben in onze gemeente om ons voorzieningenniveau hoog te houden. Ik ben ook heel erg blij dat we nu met een werkcoöperatie aan de slag kunnen, als we inderdaad met zijn allen voorstemmen, om te kijken hoe we ruimte kunnen bieden voor werk. Een vraag terug aan mijnheer Rip. U gaat van de communicatie over naar 'ik wil ruimte geven voor die ondernemers', maar ik begrijp niet helemaal zozeer de sprong naar woningen. De VOORZITTER: Mijnheer Rip. De heer RIP: De gezamenlijke ondernemers die namens Graan voor Visch-Zuid ons te woord stonden, vanuit de BIZ, werd er ook heel nadrukkelijk gevraagd 'hoe worden de ondernemers zelf betrokken bij de toekomstplannen van Hoofddorp?' Dat was gewoon de centrale vraag. En de ondernemer die ik specifiek belicht van wie ik de naam niet zal noemen, kwam apart en die zei 'ja, luister ik heb brieven gestuurd en ik krijg gewoon geen antwoord'.

Dat is de combinatie die ik probeer te maken met de kansen die zich voordoen op die bedrijventerreinen waar het lastig is met een Wet voorkeursrecht gemeenten en de dienstverlening en de communicatie. Dat heeft allemaal met elkaar te maken. Dat is de combinatie die ik zoek. Dus uw motie hebben we niet voor niets mede ingediend. Maar ik denk dat de woningbouw of de woon-werkcombinatie ook heel belangrijk is. Wij denken dat we dan een ongelooflijke win-win maken, dus daarmee kunnen we, denk ik, iedereen helpen. De VOORZITTER: Mijnheer Boerman. De heer BOERMAN: Voorzitter, mijnheer Rip vraagt om duidelijkheid, maar volgens mij is dat nu juist het moeilijke in dit gebied. Want we hebben met zijn allen gezegd 'we willen die transformatie naar woningbouw'. Dat moeten we ook niet uit het oog verliezen, en dan gaan we niet zeggen 'ja, dan gaan we ook heel veel ruimte voor werk maken', want als we een transformatie doen, dan doen we een transformatie. Dan moet je daar ook wel duidelijk in zijn en zo duidelijk mogelijk, maar zeker de ene ondernemer waar u het over heeft, wiens naam ik hier niet zal noemen – het wordt een soort voorbeeld maar dat moet het helemaal niet zijn, het is juist een heel fijne ondernemer – moeten we de duidelijkheid bieden die we kunnen bieden. Maar als dat niet kan, dan weet ik niet precies wat de vraag van mijnheer Rip is.

De VOORZITTER: U wilt reageren op mijnheer Boerman? Zullen we eerst even mijnheer Rip laten reageren, dan kom ik zo bij u. De heer RIP: Ik zal het wat concreter maken. Als je als ondernemer een brief stuurt naar de gemeente met de vraag 'beste gemeente, komt mijn bedrijf in aanmerking voor de Wet voorkeursrecht gemeenten?' en je krijgt geen antwoord, maar je leest een dag later in de krant dat je toevallig wel in de plannen voorkomt, heb je een probleem. Daar zit het punt. Daarom zei ik ook 'nee is ook een antwoord', maar als ondernemers een brief sturen en ze krijgen geen antwoord en vervolgens in de krant lezen dat wel in de tekening staat dat ze weg moeten, dan is er iets mis. Ik probeer… Er zal ongetwijfeld een reden voor zijn, maar we moeten proberen dat tot nul te krijgen, alhoewel iedereen wel fouten maakt, dus het zal altijd wel een keer gebeuren, maar we moeten er aandacht voor vragen.

Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

12

De VOORZITTER: Houdt u de antwoorden wel een beetje kort, we moeten de tijd goed benutten en we zitten eigenlijk al over de tijd heen maar ik heb mijnheer Vermeulen, dat hij nog op mijnheer Boerman mag reageren en dan sluit ik af met mijnheer Van der Peet. De heer VERMEULEN: Dank u wel. Ik wil aan mijnheer Boerman meegeven, en dan hoop ik dat hij dat met mij eens is, dat de fractie van Forza! het heel belangrijk vindt… De gemeente heeft een bepaalde strategie. De gemeente kent een strategie en wil daar bepaalde aankopen doen en de gemeente wil uiteindelijk in het hele gebied woningbouw. Dus wat ondernemers willen weten: ben ik degene voor wie u de Wet voorkeursrecht gemeenten gaat inzetten, of ben ik niet degene maar wilt u uiteindelijk wel op mijn terrein woningbouw? En als er op mijn terrein woningbouw moet, mag ik dat dan zelf doen? Hoe ziet u dat voor zich? Bent u het met mij eens dat we de ondernemers daar gewoon de zekerheid moeten bieden wat we van ze verwachten en wat we met ze gaan doen en dat je niet zomaar een strategie kunt uitstippelen zonder dat je dat precies bekendmaakt aan de ondernemers ter plekke? De VOORZITTER: Bent u het daarmee eens, mijnheer Boerman? De heer BOERMAN: Voorzitter, als we hier een kaart zien en we nemen daar een besluit over, dan is dat besluit genomen en dan moeten we dat ook aan de inwoners meedelen. Dat lijkt me aan alle kanten helder.

Waar ik een beetje tegen ageer, is dat er elke keer gesproken wordt over 'de gemeente wil', maar het is ook wat wij hier afspreken hè? Wij willen. De VOORZITTER: Dan ga ik naar mijnheer Van der Peet. De heer VAN DER PEET: Dank u wel voorzitter. Mijnheer Rip had het over communicatie maar ik denk dat het ook om informatie gaat, want voor zover wij hebben begrepen, hoef je als je gewoon wilt blijven ondernemen, niet weg. Het is alleen op het moment dat je het pand wilt verkopen dat de gemeente als eerste een bod mag doen. Maar dat heeft dus ook te maken met informatie over 'hoe werkt die wet nu eigenlijk en is die op mij van toepassing en zo ja, wanneer?' En dan ook nog even het tweede puntje dat mijnheer Rip aanraakt, de combinatie wonen en werk. Volgens mij zitten daar ontzettend veel haken en ogen aan en creëren we daarmee een heel groot probleem, zeker ook voor ondernemers die daar zitten en moeten we daar zeker niet aan, maar we gaan er vast en zeker nog een keer over spreken. De VOORZITTER: Ja, mijnheer Meijer, 'ter afronding mijnheer Van der Peet', zei ik. De heer MEIJER: Ja, sorry voorzitter, maar ik wil toch even naar mijnheer Van der Peet duidelijk maken dat dat voorkeursrecht ook inhoudt dat een ondernemer niet mag uitbreiden. Dus dat is ook erg… Ze zitten gewoon klem en dat is natuurlijk wel een groot probleem. De VOORZITTER: Waarvan akte. Mijnheer Rip.

Ik durf het bijna niet meer te vragen aan het college. Ik kijk ze wel even aan. Ja? Mijnheer Nobel. Wethouder NOBEL: Voorzitter, dank u wel. Allereerst zou ik aan mijnheer Rip willen vragen om na afloop gewoon even de naam van de specifieke ondernemer te delen. Ik vind het chic van u dat u dat niet in de zaal doet, want als iemand een brief stuurt en daar geen antwoord op krijgt, is dat hoe dan ook niet goed gegaan. Maar ik weet één ding zeker, u heeft mij de opdracht gegeven om ook met die ondernemers in gesprek te gaan en te blijven. Dat heb ik ook gedaan en ik ben ook op een aantal BIZ-vergaderingen geweest. Daar hebben alle ondernemers die daarbij zijn aangesloten ook vragen kunnen stellen zoals 'wat betekent het voor mij? Wat betekent dit nu voor mijn onderneming? Wat als ik wil uitbreiden? Wat als de gemeente toch niet mijn pand of perceel koopt? Hoe gaat het dan verder in zijn werk?' Dat is eigenlijk Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

13

heel eenvoudig, als een ondernemer daar zit en niet van plan is te verkopen, dan is er niets aan de hand. Wil een ondernemer uitbreiden, dan is er op dit moment wel iets aan de hand want we hebben tegen elkaar gezegd 'we moeten eerst met elkaar de ruimtelijke plannen goed vaststellen'. Want stel er zit nu een ondernemer die – ik noem maar iets – in potentie bijvoorbeeld een grotere milieucirkel nodig heeft, dan is dat heel erg onhandig als je bij wijze van spreken na afloop daar met elkaar woningen wilt realiseren. Dus daar gaan we nu niet in mee. Dus als er een ondernemer komt met een aanvraag 'ik wil iets uitbreiden bij mijn bedrijf', dan houden we die boot nu af, dat hebben we overigens ook gewoon eerlijk en open gecommuniceerd, totdat we die randvoorwaarden met elkaar geschapen hebben, waaronder het ontwikkelkader, maar ook het verder uitwerken van omgevingsplannen. Maar als een ondernemer aan ons zijn of haar pand aanbiedt, want dat moet vanuit de Wet voorkeursrecht gemeenten, is hij of zij op het moment dat wij het niet kopen vrij het aan een ander te verkopen. Dat is in principe hoe het werkt. Dus ik hoor ervan op dat er blijkbaar een ondernemer is die iets wil verkopen en geen antwoord krijgt, want we zijn ook wettelijk verplicht om binnen een bepaalde termijn antwoord te geven en doen we dat niet, dan mag hij alsnog verkopen.

Dus ik denk dat de vraag van de ondernemer niet zit op verkoop maar op iets anders. Alsnog wil ik het graag weten en vind ik dat die ondernemer namens het college een antwoord moet krijgen. Juist omdat het zo complex is, ben ik ook bij een aantal van die avonden geweest. Als er weer een avond wordt georganiseerd en er wordt mij gevraagd te komen, en dan gaan we er gemakshalve van uit dat het in de agenda past, kom ik daar gewoon wederom naartoe. Er is al een aantal van die avonden geweest, ook trouwens georganiseerd door de gemeente, niet alleen door de BIZ. Dus er zijn echt volop gelegenheden geweest, maar ik vind het vervelend te horen dat er blijkbaar toch een ondernemer is die geen reactie krijgt. De VOORZITTER: Dank u wel. Ik denk dat u elkaar weet te vinden over concrete… U mag nog een laatste reactie geven. De heer RIP: Het laatste woord. Natuurlijk weet ik dat het college, bij monde van wethouder Nobel, heel veel inspanningen doet om dat in goede banen te leiden. Mijn punt is dat we op metrolijn 3 dit soort signalen krijgen en het is onze taak om vandaag die verbinding te leggen met het college en deze signalen over te brengen. En de inhoud van de brief ken ik helemaal niet, het viel ons op en vandaar dat we er aandacht op vestigen, maar ik zal u na afloop vertellen over wie het ging. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan gaan we door naar de volgende, dat is D66.

Aan het woord is mevrouw Van de Meeberg namens D66. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Dank u wel voorzitter. Ik had eigenlijk verwacht dat dit onderwerp dat wij nu willen inbrengen, al aangekondigd zou zijn, dus ik ben blij verrast dat wij nu de eer hebben. Wij hebben op De Heimanshof een vurig betoog gehoord, ruim buiten de tijd, van mijnheer Heimerikx, die daar ook aanwezig was, die dat vol vuur heeft verteld. Het was een mooi verhaal over nut en noodzaak van maatschappelijke voorzieningen. Hij stelde daar voor om een soort laddertoets te doen om te kijken bij hoeveel inwoners je welke voorzieningen moet hebben. En dat kan je natuurlijk doen voor nieuwbouwwijken. Maar misschien zou je dat ook met terugwerkende kracht voor oude wijken kunnen doen. Wij hebben daar verloskundigen gesproken en we hebben huisartsen gesproken die allemaal aangeven 'joh, wij kunnen het eigenlijk niet meer betalen, ons zorgsysteem zorgt ervoor dat wij een bepaalde prijs wel of niet vergoed krijgen voor de huur van een praktijk. We zitten klem.' We horen steeds vaker van mensen dat zij geen huisarts kunnen vinden in onze gemeente. Dat willen we ook niet, volgens mij. Nu heb ik nog vers in mijn herinnering dat net voor de laatste verkiezingen wij een motie hebben ingediend…. Nee, ik moet het goed zeggen, een amendement hebben ingediend. Samen met GroenLinks toen.

Het ging toevallig over Graan voor Visch-Zuid, als ik het me goed herinner. Wij hebben Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

14

daarin aandacht gevraagd voor altijd rekening houden met maatschappelijke voorzieningen bij nieuwbouwwijken. Gek genoeg heeft toen de fractie waar mijnheer Heimerikx toen in zat, tegengestemd. Dat amendement heeft het dus toen niet gehaald, dus ik dacht 'ik ga van deze gelegenheid gebruik maken om dat weer onder de aandacht te brengen'. Wij hebben het echt goed uitgelegd gekregen. Er moet rekening gehouden worden met maatschappelijke voorzieningen en dat gaat dus over huisartsen, verloskundigen, maar ook een buurthuis en een gymzaal en dat soort dingen, voor nieuwbouwwijken, maar ook met terugwerkende kracht voor oude wijken. Dus het voorstel is, ik zou het college willen vragen, en ik wil eerst ook vragen aan de raad wat men ervan vindt, vinden wij het een goed idee om het college te vragen met een voorstel te komen om gewoon standaard bij elke wijk aan te geven 'als je zoveel inwoners hebt, heb je toch minstens zoveel vierkante meters voor huisartsen nodig'. Dus om een soort laddertoets, zoals dat dan heet, waar de heer Heimerikx het over had te ontwikkelen voor maatschappelijke voorzieningen. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Vermeulen.

De heer VERMEULEN: Nou, om de een of andere reden sta ik hier elke keer als eerste, maar ik ben in ieder geval blij dat we wat betreft die eerstelijnszorg vorige week al een motie hebben aangenomen om daar echt met voorrang naar te kijken. Wat dan het andere betreft, ik heb de indruk dat dat iets is wat we in deze gemeente al doen, dat er vaak ook wordt gekeken of misschien een sporthal of sportzaal die net buiten de wijk valt, nog capaciteit over heeft en dat er echt wel gekeken wordt naar wat nodig is. Dus ik zou dan van het college willen horen: wordt er nu om iets totaal nieuws gevraagd en zo ja, hoe gaan we dat dan doen? Maar ik had eigenlijk het gevoel dat we waar u om vraagt al wel doen. De VOORZITTER: Mevrouw Van de Meeberg. Mevrouw VAN DE MEEBERG: Ja, dat zou ik ook best willen, maar wij hebben toen, in 2021 volgens mij, een amendement ingediend omdat daar juist werd aangegeven 'dat gaan we niet meer zo duidelijk doen. We gaan gebruik maken van andere wijken'. We zien ook met elkaar – en dat is gewoon een feit dat we met elkaar kunnen constateren – dat er te weinig huisartsen in Haarlemmermeer zijn. Er is te weinig plek in de wijk voor praktijken en voor verloskundigen, fysio's en dat soort dingen allemaal. Dus we moeten daar wel iets mee. De VOORZITTER: Dan ga ik verder met mijn lijstje, de heer Boerman. De heer BOERMAN: Ja, dank voorzitter.

Volgens mij raakt ditzelfde punt heel erg aan de discussie die we hebben als het gaat over de zogeheten areaalsystematiek. Dat gaat ook over 'wanneer is dan de volgende drempel dat we bepaalde voorzieningen moeten hebben?' Het zou mij heel wat waard zijn als we dat niet alleen beperken tot zorgvoorzieningen, maar ook, zoals mevrouw Van de Meeberg zegt, bekijken waar het gaat om sportvoorzieningen, waar het gaat om culturele voorzieningen. Ik zou het heel fijn vinden als we een soort graadmeter zouden hebben, zodat we kunnen zeggen 'wat dat betreft doen wij het beter dan andere gemeenten', of 'niet slechter dan andere gemeenten', zodat we in ieder geval weten 'per wijk kun je rekenen op zoveel voorzieningen'. Niemand kan daar rechten aan ontlenen, maar het zou wel heel goed zijn om daar een soort benchmark voor te hebben. De VOORZITTER: Ik wil even tussendoor vragen om toch iets meer aandacht voor degene die spreekt. Ik hoor wat geroezemoes hier en daar, links en rechts bent u met elkaar in gesprek. Dat is allemaal goed. Maar houd het even binnen de perken, want we moeten ons wel kunnen concentreren op hetgeen gezegd wordt. Even kijken. Mevrouw Van de Meeberg, dat is gewoon een toelichting van de mijnheer Boerman. Dan ga ik naar mijnheer Rip.

Verslag Raadssessie Gebiedssessie n.a.v. Raadsbezoek Hoofddorp-Centrum en Hoofddorp-Zuidwest 15 februari 2024

15

De heer RIP: Mevrouw Van de Meeberg, u snijdt een punt aan. Ik zat toevallig ook in het lijntje bij mijnheer Heimerikx en De Heimanshof. Ik sluit me wel een beetje aan bij mijnheer Vermeulen. Volgens mij doen we al heel veel. Ik zou dan de opdracht niet aan het college mee willen geven, maar aan onszelf. Want het college heeft het heel druk, daar horen we elke keer over personeelstekort, dus ik wil ze ook niet te veel belasten. Maar laten we zelf die opdracht geven, laten we een initiatiefvoorstel maken en dan kijken we hoe ver we komen. Als het gaat om de kant van de HAP, dan willen wij heel graag levensloopbestendige wijken proberen te creëren voor in de toekomst. En hoe kom je daar dan? Wat als je daar eenmaal bent en wat heb je er in die tussentijd voor nodig? Dus dat soort initiatiefvoorstellen. Dan komen die voorzieningen vanzelf. De VOORZITTER: Helder. Dan ga ik naar mevrouw Kamsteeg. Mevrouw KAMSTEEG: Ja, dank u wel. Ik kan het helemaal eens zijn met mevrouw Van de Meeberg met dat plan. Ik wil haar wel vragen of het concreter kan. Ik weet niet of dat bestaat, maar zou je het niet kunnen specificeren tot een aantal vierkante meters per inwoner? Dat we niet zomaar zeggen 'het moet er komen', maar dat je echt concreet in het plan aangeeft om hoeveel vierkante meters het dan gaat? De VOORZITTER: Mevrouw Van de Meeberg. mevrouw VAN DE MEEBERG: Dat was precies mijn voorstel.

Daarom dacht ik ook… En ik begrijp mijnheer Rip dat hij iets met een initiatiefvoorstel wil doen. Dat vind ik ook een heel goed idee. Laten we dan ook kijken naar oude wijken, want ik heb het idee dat we daar wat achterstand in hebben als het gaat over dit soort onderwerpen. Misschien niet alleen over dit soort onderwerpen, maar ook op dit soort onderwerpen. Maar ikzelf, en ik denk ook de meeste mensen in de raad, hebben niet echt de expertise in huis om te zeggen 'als er zoveel inwoners zijn, moet je zoveel huisartsen hebben'. Daarom... Ja, mijnheer Heimerikx steekt achter in de zaal zijn hand op. Dat is mooi, maar daarom dacht ik ook 'laat ik nu voorleggen in dit gesprek om het college te vragen om met een voorstel te komen, zodat wij. daar zelf verder mee aan de slag kunnen'. De VOORZITTER: Helder, dan kijk ik naar mevrouw Mees. Mevrouw MEES: Ja dank u wel voorzitter. Wij kunnen het eigenlijk ook steunen. Wij zijn ook continu op zoek naar 'wat kunnen we nou doen om te zorgen dat die maatschappelijke voorzieningen op orde komen?' We denken dat we al een paar stappen hebben gezet. We hebben vorige keer een motie aangenomen waarin we informatie hebben gevraagd. Ik heb wel de vraag aan het college als het gaat om bestaande wijken, wat daar eventueel nog mogelijk zou zijn. De VOORZITTER: Die vraag nemen we mee, dan kijk ik naar de heer Van der Peet.

De heer VAN DER PEET: Ja voorzitter, dank u wel. Ik denk dat er verschil zit tussen de bestaande wijken en de ontwikkelingen. Er zijn al heel wat nieuwe plannen die we voorbij hebben zien komen en eigenlijk hoor je altijd wel 'er wordt nagedacht over een medisch centrum, er zijn fysiotherapeuten bij betrokken, huisartsen die al een plan hebben om daar te gaan zitten'. Volgens mij hebben we ook normen vastgesteld. Die zijn, denk ik, zelfs wettelijk, dus ik denk dat de lijst waar u om vraagt voor een groot deel al bestaat en dat het vooral gaat om de bestaande wijken. Waar hebben we in het verleden toen dat misschien nog niet bestond, te weinig gecreëerd? Maar ik hoor graag van het college of ik het bij het verkeerde eind heb, of bij het rechte eind, dat die normen waar mevrouw Van de Meeberg om vraagt eigenlijk al bestaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=9296c93b-7292-45d8-859e-c5fb35d7e263