RV Woonruimteverdeling en afhandeling bezwaarschriften-1 (2022.0002383)
Tekst van het document
gemeente Haarlemmermeer
raadsvoorstel Onderwerp
Portefeuillehouders Steller Collegevergadering
Woonruimteverdeling en afhandeling bezwaarschriften mr. Charlotte van der Meij, Marjolein Steffens-van de Water Peter Klaver 29 november 2022
Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer
2022.0002383
1. Voorstel Collegebesluit(en) Het college heeft besloten om: 1. de afhandeling van bezwaar- en (hoger) beroepschriften in het kader van de woonruimteverdeling met ingang van 16 januari 2023 te laten uitvoeren door de regionale commissie bezwaarschriften bij de gemeente Amsterdam; 2. daartoe aan te gaan de 'Samenwerkingsovereenkomst Regiogemeente Haarlemmermeer met Gemeente Amsterdam'; 3. met ingang van 16 januari 2023 mandaat te verlenen met de mogelijkheid van ondermandaat aan Stichting Het Vierde Huis voor het nemen van besluiten met betrekking tot het verlenen, weigeren of verlengen van een verklaring situatiepunten; 4. met ingang van 16 januari 2023 mandaat te verlenen met de mogelijkheid van ondermandaat aan woningcorporaties werkzaam binnen de gemeente Haarlemmermeer voor het nemen van besluiten met betrekking tot de intrekking van zoekpunten en situatiepunten; 5. met ingang van 16 januari 2023 mandaat te verlenen met de mogelijkheid van ondermandaat aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam voor afhandeling van bezwaar en (hoger) beroep met betrekking tot besluiten op grond van de woonruimteverdeling regio Amsterdam; 6. de in bijlage 2 opgenomen mandaten vast te stellen (aanpassingen en intrekken van bestaande mandaten); 7.
in te stemmen met de Nadere regels voor de nieuwe woonruimteverdeling bij de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022; 8. voor het uitwerken van de woonruimteruimteverdeling een bedrag van € 297.028 in 2023 en € 286.252 in 2024, alsook de extra lasten vanaf 2025 te verwerken in de Voorjaarsrapportage 2023. Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. de Verordening adviescommissie bezwaarschriften (inclusief eerste wijziging) te wijzigen in die zin dat de afhandeling van bezwaarschriften in het kader van de woonruimteverdeling wordt uitgezonderd van de verordening, en daartoe de bijgevoegde wijzigingsverordening vast te stellen;
Woonruimteverdeling en afhandeling bezwaarschriften
pagina 2
2. de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 te wijzigen en daartoe de bijgevoegde wijzigingsverordening vast te stellen. 2. Samenvatting Sinds 2018 werken veertien gemeenten en veertien woningcorporaties in de regio's AmstellandMeerlanden, Amsterdam en Zaanstreek-Waterland (RAP-regio) samen aan nieuwe afspraken over de woonruimteverdeling. De raad heeft op 18 maart 2021 het beleidsvoorstel 'een sociale huurwoning zoeken verandert' (2021.0000184) aangenomen. Daarmee kan de woonruimteverdeling worden aangepast. Een onderdeel van het implementatieproces rondom het nieuwe (regionale) systeem van woonruimteverdeling is de afhandeling van bezwaar en (hoger) beroep. Voorgesteld wordt om de afhandeling regionaal te laten uitvoeren vanuit de gemeente Amsterdam. Wij sluiten daarvoor een samenwerkingsovereenkomst met de gemeente Amsterdam. Ook moet onze verordening adviescommissie bezwaarschriften worden (2021.0000744) aangepast. Daarnaast wordt ook de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 (2022.000004) op enkele punten aangepast. Het betreft technische wijzigingen naar aanleiding van de nieuwe woonruimteverdeling die noodzakelijk zijn in verband met de implementatie, met name om het ICT-technisch eenvoudiger te maken; en een kleine verzachting van de sanctiemaatregelen (binnen de kaders van het eerdere beleidsvoorstel).
Tevens moet een Mandaatbesluit (bijlage 1) worden genomen om deze werkzaamheden rechtmatig te kunnen laten uitvoeren. Als laatste moeten enkele mandaten worden aangepast en komen enkele mandaten te vervallen die betrekking hebben op de verstrekking van urgenties (bijlage 2). 3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken? In 2021 heeft de raad het beleidsvoorstel 'een sociale huurwoning zoeken verandert' aangenomen. Daarmee kan de woonruimteverdeling worden aangepast, zodat bij de toewijzing van betaalbare huurwoningen rekening kan worden gehouden met wie de woning het hardst nodig heeft. Een onderdeel van het implementatieproces rondom het nieuwe (regionale) systeem van woonruimteverdeling is de afhandeling van bezwaar en (hoger) beroep. Voorgesteld wordt om de afhandeling regionaal te laten uitvoeren vanuit de gemeente Amsterdam. Wij sluiten daarvoor een samenwerkingsovereenkomst af met de gemeente Amsterdam. Er is bezwaar en beroep mogelijk tegen een aantal besluiten: het nemen van besluiten op aanvragen van situatiepunten; het intrekken van toegekende zoek-, situatie- en startpunten; eventuele bezwaren rond de overgang/ invoering van de nieuwe woonruimteverdeling. Regionaal is geconstateerd dat centrale afhandeling van bezwaar en (hoger) beroep de voorkeur verdient boven afdoening door onze eigen commissie bezwaar. Daarbij is het volgende overwogen: 1.
de primaire besluitvorming wordt voor alle regiogemeenten straks in mandaat gedaan door Stichting Het Vierde Huis (dienstverlener online balie situatiepunten) en woningcorporaties (intrekken alle zoek- en situatiepunten als sanctie bij weigeringen of no-show). Omdat de primaire besluitvorming centraal wordt afgehandeld, zou lokale afhandeling van bezwaren betekenen dat voor bovengenoemde taken communicatielijnen moeten worden ingericht vanuit Het Vierde Huis en woningcorporaties naar alle veertien gemeenten. Dit zal veel vergen van de inrichting van systemen en betrokken medewerkers.
Woonruimteverdeling en afhandeling bezwaarschriften
2.
3.
pagina 3
een centrale afhandeling is efficiënter: de behandelaars (van Amsterdam) zijn gespecialiseerd en onderhouden nauw en rechtstreeks contacten met Het Vierde Huis, WoningNet en de woningcorporaties waar de primaire besluiten worden genomen, voor Het Vierde Huis en woningcorporaties is het ingewikkelder om met veertien gemeentes contact te moeten onderhouden dan met één regionaal bureau; als iedere gemeente dit zelf uitvoert, is dit bij de meeste gemeenten een taak die er 'bij' wordt gedaan en ontstaat er geen routine in de afhandeling en bestaat de kans op regionale verschillen in de afhandeling; wij houden zicht op de uitvoering en de uitwerking van het nieuwe systeem via een jaarlijkse verantwoordingsrapportage en evaluatie. Voorstellen voor bijsturing, waar dit nodig mocht blijken, worden uiteraard regionaal besproken en besloten.
3.2 Wat gaan we daarvoor doen? Voor de werkzaamheden wordt een eenhoofdige ambtelijke bezwaarschriftencommissie ingericht in plaats van een meerhoofdige commissie. Dit is passend omdat de verwachte bezwaren repeterend zijn en van relatief eenvoudige aard. Daarbij wordt iedere beslissing op bezwaar getoetst middels het vier-ogen-principe. Het horen vindt in principe telefonisch of digitaal via Teams plaats. Indien een inwoner fysiek gehoord wil worden is dat ook mogelijk. Punt van aandacht is het blijven bieden van voldoende rechtszekerheid aan de inwoner. Daarom wordt er in het primaire proces gestuurd op het zoveel mogelijk voorkomen van bezwaren. Iedere woningzoekende kan zien hoeveel punten van welk type hij of zij heeft, of er punten worden bijgeteld of worden afgetrokken. Als een wijziging betwist of niet begrepen wordt, kan men contact opnemen. Dat - informele - gesprek wordt benut om de woningzoekende te horen, vragen te beantwoorden en, als blijkt dat een fout is gemaakt, worden fouten gecorrigeerd. Hiermee worden bezwaren zoveel mogelijk voorkomen. Wij sluiten ons aan bij de regionale afhandeling van bezwaar en (hoger) beroep. Daarvoor moet een mandaatbesluit worden genomen, en is ook een aanpassing in de verordening adviescommissie bezwaarschriften nodig.
Binnen dit kader zullen complexe bezwaren, als ook politiek gevoelige bezwaren, nog steeds door de eigen commissie bezwaarschriften kunnen worden behandeld. Bij het voorbereiden op de nieuwe woonruimteverdeling is eveneens een actualisatie uitgevoerd van de bestaande mandaten op het gebied van wonen. Die heeft geleid tot de aanpassing van enkele mandaten die betrekking hebben op het verlenen van urgentie. Eén van de redenen tot actualisatie is het feit dat er inmiddels meer woningcorporaties dan Ymere in onze gemeente actief zijn, die eveneens dezelfde mandaten moeten hebben. Tevens komen enkele mandaten te vervallen nu die in de praktijk niet meer worden gebruikt. De Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 wordt op een paar onderdelen aangepast. Dit betreft technische wijzigingen naar aanleiding van de nieuwe woonruimteverdeling die noodzakelijk zijn in verband met de implementatie, met name om het ICT-technisch eenvoudiger te maken; en een kleine verzachting van de sanctiemaatregelen (binnen de kaders van het eerdere beleidsvoorstel). Als laatste stellen wij nadere regels vast, waarin wordt beschreven hoe wij uitvoering geven aan de bevoegdheid tot het beslissen op een aanvraag om een verklaring opbouw situatiepunten en een verklaring opbouw situatiepunten voor jongeren.
3.3 Wat mag het kosten? De kosten voor de uitvoering van het nieuwe woonruimteverdeelsysteem zijn geraamd op € 297.000 incidenteel in 2023, € 286.300 incidenteel in 2024 en € 141.500 structureel vanaf 2025. Met deze kosten is geen rekening gehouden in de Programmabegroting 2023-2026.
pagina 4
Woonruimteverdeling en afhandeling bezwaarschriften
Voorgesteld wordt deze (extra) lasten te verwerken in de Voorjaarsrapportage 2023. Een deel van de kosten is al vermeld bij de vaststelling van het nieuwe woonruimteverdeelbeleid in 2021. Afgesproken is destijds dat de kosten voor de toetsing van situatiepunten, het digitale loket voor het aanvragen van situatiepunten en de communicatiecampagne (€ 40.800) worden gedekt uit de middelen van het programma Wonen. En dat voor de kosten voor bezwaar en beroep dekking wordt gevonden binnen de beschikbare ambtelijke capaciteit. Het blijkt echter toch niet mogelijk deze kosten binnen de begroting en capaciteit op te vangen. De kosten voor het nieuwe woonruimteverdeelsysteem bestaan uit twee delen: • Projectkosten: dit zijn de uitvoeringskosten (digitaal loket, toetsing situatiepunten en handmatige werkwijze Basisregistratie Personen), de communicatiecampagne en regionale capaciteit • Regionale afhandeling van bezwaar en (hoger) beroep De kosten voor de regionale afhandeling van bezwaar en (hoger) beroep zijn gebaseerd op een in de gehele regio verwacht aantal van 2.543 bezwaar- en 254 beroepszaken per jaar in 2023 en 2024 en 942 bezwaar- en 94 beroepszaken vanaf 2025 en een bijdrage in de implementatiekosten en kosten voor de coördinator.
De eerste twee jaren is het aantal bezwaren naar verwachting twee keer zo groot als daarna, daarna zal voor de meeste woningzoekenden met bezwaren de situatie al rechtgezet zijn. Het regionaal projectteam vraagt een bevoorschotting per gemeente. Er wordt jaarlijks achteraf afgerekend op basis van het aantal voor de gemeente behandelde zaken. De bijdrage voor Haarlemmermeer is gebaseerd op het inwonertal (10%). Aangezien slechts 5% van de inwoners van Haarlemmermeer staan ingeschreven als woningzoekende bij WoningNet verwachten wij uiteindelijk minder bezwaar- en beroepszaken in onze gemeente dan nu berekend. Na het eerste jaar past het regionaal team de rekensystematiek voor de voorschotten aan op basis van de werkelijke kosten. 2024
2025
2026
€916.757
€747.367 €509.751
€509.751
Haarlemmermeer projectkosten
€78.249
€67.473
€51.154
€51.154
Haarlemmermeer: meerkosten handmatige werkwijze BRP
€ 15.268
€ 15.268
€9.042
€9.042
€2.027.987 €810.621
€810.621
2023 Projectbegroting: regionaal
Bezwaar en beroep: regionaal Haarlemmermeer: afhandeling bezwaar en beroep (ca 10% op basis van inwonertal)
Totaal Haarlemmermeer
€2.027.987
€203.511
€203.511
€81.347
€81.347
€ 297.028
€ 286.252 € 141.543
€ 141.543
Wat zijn de financiële risico's? Bij de uitvoering van dit voorstel moet rekening worden gehouden met het volgende significante risico, dat de kosten hoger uitvallen dan nu vooraf geraamd. Dit nieuwe woonruimteverdeelsysteem is nieuw in Nederland. Om de kans van het voordoen of het gevolg van dit risico te beperken worden de volgende beheersmaatregelen getroffen: het soort en aantal bezwaar- en beroepzaken wordt gemonitord op de noodzaak tot beleidsmatig bijsturen.
Woonruimteverdeling en afhandeling bezwaarschriften
pagina 5
Anderzijds is niet uit te sluiten dat het aantal bezwaarschriften lager zal uitvallen dan nu geschat. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk? De raad is verantwoordelijk voor de vaststelling van verordeningen. Binnen het college is de portefeuillehouder juridische zaken het eerste aanspreekpunt voor de behandeling van bezwaarschriften en de portefeuillehouder woonbeleid eerste aanspreekpunt voor het nieuwe woonruimteverdeelsysteem. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar? De wijzigingsverordeningen en de geconsolideerde teksten worden op de gebruikelijke wijze bekend gemaakt in het gemeenteblad en gepubliceerd via Overheid.nl. 3.6 Wanneer en hoe zal de raad over de voortgang worden geïnformeerd? Vanaf de inwerkingtreding wordt jaarlijks een regionale rapportage gemaakt van de effecten van de nieuwe woonruimteverdeling. De raad wordt jaarlijks geïnformeerd over de woonruimteverdeling via de Bestuurlijke Voortgangsrapportage Wonen. Daarnaast schrijft de commissie voor de bezwaarschriften elk jaar een jaarverslag over de activiteiten van de commissie, dat aan de raad en het college wordt gezonden. 4. Ondertekening
A
Ev-T, Bijlagen • bijlage 1 mandaatbesluit • bijlage 2 wijziging overige mandaten • wijzigingsverordening Verordening adviescommissie bezwaarschriften • geconsolideerde tekst Verordening adviescommissie bezwaarschriften • wijzigingsverordening Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 • geconsolideerde tekst Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 • Samenwerkingsovereenkomst regiogemeente Haarlemmermeer met Gemeente Amsterdam • Nadere regels bij de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022
BIJLAGE 1 Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer houdende regels omtrent mandaatverlening aan Het Vierde Huis voor besluiten op grond van de woonruimteverdeling regio Amsterdam (Mandaatbesluit Het Vierde Huis gemeente Haarlemmermeer) Intitulé Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer houdende regels omtrent mandaatverlening aan Stichting Het Vierde Huis voor het nemen van besluiten met betrekking tot het verlenen, weigeren of verlengen van een verklaring situatiepunten (Mandaatbesluit Het Vierde Huis gemeente Haarlemmermeer).
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, gelet op artikel 4 van de Huisvestingswet 2014, artikelen 10:3, 10:4 en 10:9 van de Algemene wet bestuursrecht en artikelen 2.5.1 en 2.6.1 van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022, besluit de volgende regeling vast te stellen: Mandaatbesluit Het Vierde Huis gemeente Haarlemmermeer Artikel 1 Mandatering verklaring situatiepunten, situatiepunten voor jongeren en startpunten 1.
2.
3.
4.
De aan het college van burgemeester en wethouders toekomende bevoegdheid om te beslissen op een aanvraag verklaring situatiepunten, situatiepunten voor jongeren of startpunten en een aanvraag voor verlenging daarvan als bedoeld in de artikelen 2.5.1, 2.5.4 en 2.6.1 van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022, wordt gemandateerd aan de bestuurder van Stichting Het Vierde Huis (kvk-nummer: 41187483), gevestigd te Utrecht. De aan het college van burgemeester en wethouders toekomende bevoegdheid om besluiten te nemen met toepassing van artikel 2.5.5, derde lid of 2.6.4, derde lid, van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022, de zogenaamde hardheidsclausule, wordt gemandateerd aan de bestuurder van Stichting Het Vierde Huis, met de beperking dat vooraf afstemming met de gemeente heeft plaatsgevonden. Het mandaat om te beslissen op aanvragen ingevolge het eerste lid heeft mede betrekking op alle handelingen die binnen het kader van de uitoefening van de bevoegdheid moet worden verricht. De bestuurder van Stichting Het Vierde Huis kan met betrekking tot de bevoegdheden in het eerste en tweede lid ondermandaat en ondermachtiging verlenen aan onder hem ressorterende functionarissen.
Artikel 2 Ondertekening van stukken 1. 2. 3.
(Onder)mandaat en (onder)machtiging krachtens dit besluit behelst tevens de ondertekening van stukken. In de ondertekening dient tot uitdrukking te worden gebracht dat het besluit is genomen krachtens mandaat. Stukken worden als volgt ondertekend: Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, (Naam van de gemandateerde) (Functieaanduiding)
Artikel 3 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van 16 januari 2023. Artikel 4 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als Mandaatbesluit Het Vierde Huis gemeente Haarlemmermeer.
Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer houdende regels omtrent mandaatverlening aan woningcorporaties voor besluiten op grond van de woonruimteverdeling regio Amsterdam. (Mandaatbesluit woningcorporaties gemeente Haarlemmermeer) Intitulé Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer houdende regels omtrent mandaatverlening aan woningcorporaties voor het nemen van besluiten met betrekking tot de intrekking van zoekpunten en situatiepunten (Mandaatbesluit woningcorporaties gemeente Haarlemmermeer).
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, gelet op artikel 4 van de Huisvestingswet 2014, gelet op artikelen 2.4.8, 2.5.3 en 2.6.3 van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022, gelet op artikelen 10:3, 10:4 en 10:9 van de Algemene wet bestuursrecht, besluit de volgende regeling vast te stellen: Mandaatbesluit woningcorporaties gemeente Haarlemmermeer Artikel 1 Mandatering besluiten intrekken zoekpunten, situatiepunten, situatiepunten voor jongeren en startpunten 1.
2.
3.
De aan het college van burgemeester en wethouders toekomende bevoegdheid om te beslissen tot intrekking van zoekpunten, situatiepunten, situatiepunten voor jongeren of startpunten als bedoeld in de artikelen 2.4.8, 2.5.3 en 2.6.3 van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022, wordt gemandateerd aan de directeur-bestuurders van de hieronder vermelde woningcorporaties, bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de Woningwet, die werkzaam zijn in de woningmarktregio Amsterdam: De Alliantie, te Amsterdam; Woningstichting Eigen Haard te Amsterdam; Intermaris, te Purmerend; Woonstichting de Key, te Amsterdam; Parteon, te Wormerveer; Woningstichting Rochdale, te Amsterdam; Stadgenoot, te Amsterdam; Ymere, te Amsterdam; Wormerwonen, te Wormer; Wooncompagnie te Hoorn; Woonzorg Nederland, te Amstelveen; Woningbouwverenigng Oostzaanse Volkshuisvesting, te Oostzaan; Woningcorporatie ZVH te Zaandam. Het mandaat om te beslissen op aanvragen ingevolge het eerste lid heeft mede betrekking op alle handelingen die binnen het kader van de uitoefening van de bevoegdheid moet worden verricht. De directeur-bestuurders van woningcorporaties kunnen met betrekking tot de bevoegdheden in het eerste en tweede lid ondermandaat en ondermachtiging verlenen aan onder hen ressorterende functionarissen en aan functionarissen van WoningNet en Woonmatch.
Artikel 2 Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van 16 januari 2023. Artikel 3 Ondertekening van stukken 1. 2. 3.
(Onder)mandaat en (onder)machtiging krachtens dit besluit behelst tevens de ondertekening van stukken. In de ondertekening dient tot uitdrukking te worden gebracht dat het besluit is genomen krachtens mandaat. Stukken worden als volgt ondertekend: Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, (Naam van de gemandateerde) (Functieaanduiding)
Artikel 4 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als Mandaatbesluit woningcorporaties gemeente Haarlemmermeer.
Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer houdende mandaat voor afhandeling van bezwaar en beroep met betrekking tot besluiten op grond van de woonruimteverdeling regio Amsterdam aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam (Mandaatbesluit afhandeling bezwaar en beroep woonruimteverdeling regio Amsterdam gemeente Haarlemmermeer) Intitulé Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer houdende mandaat voor afhandeling van bezwaar en beroep met betrekking tot besluiten op grond van de woonruimteverdeling regio Amsterdam aan het college van burgemeester en wethouder van de gemeente Amsterdam (Mandaatbesluit afhandeling bezwaar en beroep inzake woonruimteverdeling regio Amsterdam gemeente Haarlemmermeer).
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, gelet op artikel 4 van de Huisvestingswet 2014 en hoofdstuk 6,7 en 8 van de Algemene wet bestuursrecht, besluit de volgende regeling vast te stellen: Mandaatbesluit afhandeling bezwaar en beroep woonruimteverdeling regio Amsterdam gemeente Haarlemmermeer Artikel 1 Mandatering afhandeling bezwaar en beroep woonruimteverdeling regio Amsterdam 1.
2.
3.
4.
5.
De aan het college van burgemeester en wethouders toekomende bevoegdheid om te beslissen op bezwaarschriften die betrekking hebben op zoekpunten en situatiepunten voor jongeren en startpunten als bedoeld in de paragrafen 2.4, 2.5 en 2.6 van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022, wordt gemandateerd aan het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam. Voor de aan het college van burgemeester en wethouders toekomende bevoegdheid om machtigingen te verlenen om het (betreffende) college te vertegenwoordigen en bij te staan in bestuursrechtelijke procedures bij de rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State die betrekking hebben op zoekpunten, situatiepunten, situatiepunten voor jongeren en startpunten als bedoeld in de paragrafen 2.4, 2.5 en 2.6 van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022, wordt het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam gemachtigd. Onder het tweede lid wordt ook de bevoegdheid verstaan, in hoger beroep te gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dit behelst, maar niet uitsluitend, het instellen van hoger beroep, incidenteel hoger beroep en het indienen van een verzoek om een voorlopige voorziening te treffen. Daarbij geldt de beperking dat vooraf afstemming met de gemeente heeft plaatsgevonden.
Het mandaat om te beslissen op bezwaarschriften en de vertegenwoordiging en bijstandverlening in bestuursrechtelijke procedures ingevolge het eerste en tweede lid heeft mede betrekking op alle handelingen die binnen het kader van de uitoefening van de bevoegdheid moet worden verricht. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam kan met betrekking tot de bevoegdheden in het eerste en tweede lid ondermandaat en ondermachtiging verlenen aan onder hen ressorterende functionarissen.
Artikel 2 Ondertekening van stukken 1.
(Onder)mandaat en (onder)machtiging krachtens dit besluit behelst tevens de ondertekening van stukken.
2. 3.
In de ondertekening dient tot uitdrukking te worden gebracht dat het besluit is genomen krachtens mandaat. Stukken worden als volgt ondertekend: Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, (Naam van de gemandateerde) (Functieaanduiding)
Artikel 3 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van 16 januari 2023. Artikel 4 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als Mandaatbesluit afhandeling bezwaar en beroep inzake woonruimteverdeling regio Amsterdam gemeente Haarlemmermeer.
Bijlage 2. Mandaten
Afkortingen B B&W
Burgemeester het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer
Mandaatregister cluster SSC Taak
Regelgeving
Mandaat te verlenen voor het besluiten op een aanvraag om huisvestingsvergunning (de bevoegdheid als bedoeld in artikel 2.1.2 van de HVV 2022) Het voordragen van vergunninghouders als kandidaten voor directe bemiddeling als bedoeld in artikel 2.7.6 van de HVV 2022. Verlenen van een urgentieverklaring aan, uitstromers uit instellingen (de bevoegdheid als bedoeld in artikel 2.9.7 lid 1 van de HVV 2022 Besluit tot aanwijzen van complexen waar bewoners in geval van sloop of renovatie stadsvernieuwingsurgentie kunnen krijgen, zoals bedoeld in artikel 2.9.8 lid 2 van de HVV 2022 Verstrekken van de SVurgenties aan bewoners van complexen die gesloopt of langdurige gerenoveerd zullen worden, zoals bedoeld in artikel 2.9.8 lid 1c van de HVV 2022
Huisvestingswet Huisvestingsverordening en huisvestingsbeleidsregels
Bevoegd orgaan B&W
Bijzondere bepaling Alleen in bijzondere gevallen of bij spoedgevallen
Ondermandaat aan: Clustermanager Teammanagers
Huisvestingswet B&W Huisvestingsverordening en huisvestingsbeleidsregels
Clustermanager Teammanagers Beleidsadviseur 2
Huisvestingswet B&W Huisvestingsverordening en huisvestingsbeleidsregels
Clustermanager Teammanagers
Huisvestingswet B&W Huisvestingsverordening en huisvestingsbeleidsregels
Clustermanager Teammanagers
Clustermanager Teammanagers
Besluiten op een aanvraag om een urgentieverklaring van urgenten uit een Blijfvan-mijn-lijfhuis, mantelzorgverleners/ontvangers, calamiteitsurgenten en sociaal-medische urgenten – de bevoegdheid als bedoeld in artikel 2.9.6 lid 1, sub a. en b. en artikel 2.9.8 lid 1, sub a. en b. van de HVV 2022.
Alleen bij spoed
Clustermanager Teammanagers
Mandaatregister cluster SDV Taak
Regelgeving
Het voordragen van vergunninghouders als kandidaten voor directe bemiddeling als bedoeld in artikel 2.7.6 lid 1 sub a van de HVV 2022.
Huisvestingswet Huisvestingsverordening en huisvestingsbeleidsregels
Bevoegd orgaan B&W
Bijzondere bepaling
Ondermandaat aan: Clustermanager Teammanagers Medewerker dienstverlening 4
Mandaatregister Extern Taak
Regelgeving
Mandaat te verlenen voor het besluiten op een aanvraag om huisvestingsvergunning (de bevoegdheid als bedoeld in artikel 2.1.2 van de HVV 2022)
Huisvestingswet Huisvestingsverordening en huisvestingsbeleidsregels
Bevoegd Bijzondere orgaan bepaling B&W
Ondermandaat aan: Regiomanager van woningcorporaties (toegelaten instellingen op grond van het Besluit Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting) actief in Haarlemmermeer, met de mogelijkheid van ondermandaat aan ondergeschikten.
Verstrekken van de SVurgenties aan bewoners van complexen die gesloopt of langdurige gerenoveerd zullen worden, zoals bedoeld in artikel 2.9.8 lid 1c van de HVV 2022 Besluiten op een aanvraag om een urgentieverklaring van urgenten uit een Blijfvan-mijn-lijfhuis, mantelzorgverleners/ontvangers, calamiteitsurgenten en sociaal-medische urgenten – de bevoegdheid als bedoeld in artikel 2.9.6 lid 1, sub a. en b. en artikel 2.9.8 lid 1, sub a. en b. van de HVV 2022. Verlenen van een urgentieverklaring aan, uitstromers uit instellingen (de bevoegdheid als bedoeld in artikel 2.9.7 lid 1 van de HVV 2022
Het betreft hier corporatiegebouwen
Huisvestingswet B&W Huisvestingsverordening en huisvestingsbeleidsregels
Regiomanager van woningcorporaties (toegelaten instellingen op grond van het Besluit Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting) actief in Haarlemmermeer Juridisch medewerkers Woonservice
Regiomanager van woningcorporaties (toegelaten instellingen op grond van het Besluit Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting) actief in Haarlemmermeer
Vervallen mandaten Mandaatregister Extern Taak
Regelgeving
Verlenen van een machtiging als bedoeld in artikel 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht voor het verrichten van alle handelingen die nog
Abw
Bevoegd orgaan B&W
Bijzondere bepaling
Ondermandaat aan: De regiomanager Haarlemmermeer, in dienst bij woningcorporatie Ymere met de mogelijkheid van ondermandaat aan ondergeschikten
een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn, voor zover deze handelingen nodig zijn ter voorbereiding van of ter uit voering van de besluitvorming als bedoeld in de hierboven bedoelde kolom (besluiten op aanvragen om een huisvestingsvergunnin g) Verlenen van een machtiging als bedoeld in artikel 10:12 van de algemene wet bestuursrecht voor het verrichten van alle handelingen die nog een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn, voor zover deze handelingen nodig zijn ter voorbereiding van of ter uit voering van de besluitvorming als bedoeld in de hierboven bedoelde kolom. De bevoegdheid voor het besluiten op een aanvraag om huisvestingsvergunnin g als bedoeld in artikel 2.1.2 van de HVV 2022
Verlenen van een machtiging als bedoeld in artikel 10:12 van de
voor zover zij woonmakelaar zijn en juridisch medewerkers van Woonservice
Awb
B&W
Geldende huisvestingsverordening
B&W
Awb
B&W
De regiomanager Haarlemmermeer, in dienst bij woningcorporatie Ymere met de mogelijkheid van ondermandaat aan ondergeschikten voor zover zij woonmakelaar zijn en juridisch medewerkers van Woonservice
Met de mogelijkheid van ondermandaa t aan medewerkers van Eigen Haard, die bevoegd zijn tot het tekenen van een huurovereenk omst. Met de mogelijkheid van ondermandaa
De bestuurder van Woningstichting Eigen Haard
De bestuurder van Woningstichting Eigen Haard
algemene wet bestuursrecht voor het verrichten van alle handelingen die nog een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn, voor zover deze handelingen nodig zijn ter voorbereiding van of ter uit voering van de besluitvorming voor zover het nodig is voor het besluiten op een aanvraag om huisvestingsvergunnin g.
t van medewerkers van Eigen Haard, die bevoegd zijn tot het tekenen van een huurovereenk omst.
Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Haarlemmermeer tot wijziging van de Verordening houdende regels omtrent bezwaarschriften (Verordening adviescommissie bezwaarschriften, tweede wijziging) De raad van de gemeente Haarlemmermeer; gezien het voorstel van het college van B&W d.d. 29 november 2022, kenmerk 2022.0002383; gelet op de bepalingen van artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 149 van de Gemeentewet; overwegende dat het wenselijk is de Verordening houdende regels omtrent bezwaarschriften (Verordening adviescommissie bezwaarschriften) te wijzigen in verband met de wens om bepaalde (categorieën van) bezwaarschriften niet door de commissie te laten behandelen; besluiten: vast te stellen de volgende: Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Haarlemmermeer tot wijziging van de Verordening houdende regels omtrent bezwaarschriften. Artikel I. Wijziging verordening 1. Onder verlettering van artikel 2, tweede lid c naar d, een nieuwe letter c in te voegen, luidende: “c. aanvragen op basis van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 om situatiepunten, het intrekken van toegekende zoek-, en situatiepunten en de overgang/invoering van de nieuwe woonruimteverdeling;” 2.
Artikel 2, derde lid komt als volgt te luiden: “Het college is bevoegd om in afwijking van een aanwijzing op grond van het in lid 2, aanhef en onder c en d, van deze Verordening bepaalde, besluiten desondanks aan de commissie voor te leggen. De commissie signaleert omstandigheden die naar haar oordeel het ontstaan van bezwaarschriften in de hand werken en doet aanbevelingen om hierin verbetering aan te brengen.” Artikel II. Slot en overgangsbepalingen 1. Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die van bekendmaking en werkt terug tot en met 16 januari 2023. 2. Bezwaarschriften die zijn ontvangen uiterlijk op de dag voor inwerkingtreding van deze verordening, worden behandeld met toepassing van de Verordening houdende regels omtrent bezwaarschriften zoals die luidde voor die datum, tenzij de indiener ervoor kiest om het bezwaarschrift te laten behandelen op basis van de gewijzigde verordening. Artikel III. Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening adviescommissie bezwaarschriften, tweede wijziging”. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van: [datum] de griffier,
de voorzitter,
John van der Rhee, B.Ha
Marianne Schuurmans-Wijdeven
Verordening adviescommissie bezwaarschriften (Geconsolideerde tekst na opname Verordening adviescommissie bezwaarschriften, tweede wijziging). De raad van de gemeente Haarlemmermeer; overwegende dat het wenselijk is kenbaar te maken op welke wijze bezwaarschriften worden behandeld; besluiten: vast te stellen de volgende Verordening adviescommissie bezwaarschriften. HOOFDSTUK I BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: a. commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften; b. hoorcommissie: commissie van drie leden afkomstig uit de vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften aan wie het houden van een hoorzitting is opgedragen; c. Wet: de Algemene wet bestuursrecht; d. verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen. HOOFDSTUK II BEHANDELING VAN DE BEZWAARSCHRIFTEN Paragraaf l De commissie Artikel 2 Taak 1. Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester. 2. De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van: a. een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken; b. geschillen inzake ambtenarenrecht; c.
aanvragen op basis van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 om situatiepunten, het intrekken van toegekende zoek-, en situatiepunten en de overgang/invoering van de nieuwe woonruimteverdeling; d. voor zover het gaat om bevoegdheden van het college, door het college aangewezen (categorieën van) besluiten. 3. Het college is bevoegd om in afwijking van een aanwijzing op grond van het in lid 2, aanhef en onder c en d, van deze Verordening bepaalde, besluiten desondanks aan de commissie voor te leggen. De commissie signaleert omstandigheden die naar haar oordeel het ontstaan van bezwaarschriften in de hand werken en doet aanbevelingen om hierin verbetering aan te brengen.”
Artikel 3 Samenstelling van de commissie 1. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden. 2. De voorzitter en de leden kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan van de gemeenten Haarlemmermeer en Haarlemmerliede en Spaarnwoude of van een door de gemeente Haarlemmermeer en Haarlemmerliede en Spaarnwoude verzelfstandigde dienst of verzelfstandigd dienstonderdeel, noch deel uitmaken van een commissie of instelling die betrokken is bij de voorbereiding, de advisering dan wel de vorming van het gemeentelijke beleid, de gemeentelijke besluitvorming en de uitvoering daarvan. 3. De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.
4.
De vergoeding aan de voorzitter en leden van de commissie als bedoeld in het eerste lid van dit artikel wijkt naar boven af van het bepaalde in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. De hoogte van de vergoeding wordt door het college vastgesteld.
Artikel 4 Instellen van kamers 1. De commissie kan kamers instellen, die belast worden met de voorbereiding van de adviezen van de commissie over de op het bezwaar te nemen beslissingen. 2. De commissie bepaalt het aantal kamers en stelt voor elke kamer vast welke categorie bezwaarschriften door haar zal worden behandeld. 3. Met betrekking tot de werkwijze van de kamers is het bepaalde in deze verordening zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Artikel 5 Secretaris Het college wijst ambtenaren aan als secretarissen van de commissie. Artikel 6 Zittingsduur 1. De voorzitter en de leden worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen. 2. Benoeming vindt plaats voor een periode van 4 jaar. 3. De voorzitter en de leden kunnen éénmaal worden herbenoemd. 4. De voorzitter en de leden kunnen op eigen verzoek ontslag nemen. 5. De aftredende voorzitter en de aftredende leden blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. Paragraaf 2 Procedure Artikel 7 Ingediend bezwaarschrift 1. Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend. 2. Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld. Artikel 8 Overdracht bevoegdheden De bevoegdheden ingevolge de volgende artikelen van de Wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter: a.
artikel 2:1, tweede lid; b. artikel 6:6, wat betreft het aan de indiener stellen van een termijn, waarbinnen het verzuim in de zin van het niet voldoen aan de vereisten als gesteld in artikel 6:5 van de Wet kan worden hersteld; c. artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; d. artikel 7:4, tweede lid; e. artikel 7:6, vierde lid. Artikel 9 Vooronderzoek De voorzitter is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist. Artikel 10 1. De voorzitter bepaalt de plaats en het tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen en het verwerende bestuursorgaan in de gelegenheid wordt gesteld een toelichting te geven op het standpunt van het bestuursorgaan. 2. De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Wet. 3. Het houden van de zitting kan worden opgedragen aan een hoorcommissie. Artikel 11 Uitnodiging zitting 1. De voorzitter nodigt de belanghebbenden en de vertegenwoordiger van het bestuursorgaan ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit.
2. 3. 4.
De commissie stelt regels vast betreffende de termijn en de voorwaarden, waarbinnen belanghebbenden kunnen verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de in het tweede lid bedoelde regels. De beslissing op het verzoek tot wijziging van het tijdstip van de zitting wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden meegedeeld.
Artikel 12 Quorum Voor het houden van een hoorzitting is vereist dat ten minste twee leden aanwezig zijn. Artikel 13 Niet deelneming aan de behandeling De leden van de hoorcommissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift, indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Artikel 14 Openbaarheid hoorzitting 1. De zitting van de hoorcommissie is openbaar. 2. De deuren worden gesloten indien een van de aanwezige leden van de hoorcommissie het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. 3. Indien de hoorcommissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats met gesloten deuren. Artikel 15 Nader onderzoek 1. Indien tijdens de zitting nader onderzoek wenselijk blijkt, kan de hoorcommissie dit onderzoek laten houden. 2. Indien aan het in het eerste lid kosten genoemde onderzoek kosten zijn verbonden, is een machtiging van het college vereist. 3. De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden. 4. Naar aanleiding van de in het eerste lid bedoelde nadere informatie kan de voorzitter van de hoorcommissie, al dan niet op verzoek, besluiten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. Artikel 16 Raadkamer en advies 1.
De hoorcommissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies. 2. De hoorcommissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. 3. Het advies is gemotiveerd en omvat een advies over de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. 4. Het advies wordt door de voorzitter van de hoorcommissie en de secretaris ondertekend. Artikel 17 Het advies wordt, met eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie, uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen. HOOFDSTUK III VEREENVOUDIGDE BEHANDELING VAN DE BEZWAARSCHRIFTEN Paragraaf I Bevoegdheid Artikel 18 Dit hoofdstuk is van toepassing op alle bezwaarschriften met uitzondering van: a. Raadsbesluiten. b. Bezwaarschriften die op grond van een door het betrokken bestuursorgaan vastgestelde beleidsregel zijn voorbehouden voor behandeling conform hoofdstuk II van deze verordening. Paragraaf II De commissie Artikel 19 Overeenkomstige toepassing De in hoofdstuk I en II opgenomen artikelen zijn zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing, voor zover hierna niet anders is bepaald. Artikel 20 Samenstelling van de commissie
1. 2.
3. 4.
5. 6. 7.
De commissie bestaat bij toepassing van dit hoofdstuk uit een voorzitter en ten minste twee ambtelijke leden. De voorzitter kan geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan van de gemeente Haarlemmermeer of van een door de gemeente Haarlemmermeer verzelfstandigde dienst of verzelfstandigd dienstonderdeel, noch deel uitmaken van een commissie of instelling die betrokken is bij de voorbereiding, de advisering dan wel de vorming van het gemeentelijke beleid, de gemeentelijke besluitvorming en de uitvoering daarvan. De voorzitter en de leden van de commissie als bedoeld in artikel 3 zijn voor de toepassing van dit hoofdstuk voor de duur van hun benoeming tevens lid van de commissie. Ook personen die op enigerlei wijze werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan kunnen voor de toepassing van dit hoofdstuk worden benoemd tot lid van de commissie. Artikel 6, leden 2, 3 en 5 zijn niet van toepassing op de in lid 4 bedoelde leden. De commissie regelt de vervanging van de voorzitter. In afwijking van artikel 16, lid 4, wordt het advies van de hoorcommissie slechts ondertekend door de voorzitter van de hoorcommissie ingeval dit hoofdstuk van toepassing is.
Artikel 21 Horen 1. De voorzitter bepaalt de plaats en het tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden in de gelegenheid worden gesteld zich te laten horen en de vertegenwoordiger van het bestuursorgaan in de gelegenheid wordt gesteld een toelichting te geven op het standpunt van het bestuursorgaan. 2. Het houden van de zitting kan worden opgedragen aan een hoorcommissie. 3. De leden van de hoorcommissie mogen niet betrokken zijn geweest bij de voorbereiding van het bestreden besluit. 4. Indien de hoorcommissie uit minder dan drie leden heeft bestaan, wordt het advies mede bepaald door zoveel leden van de commissie, waarvan de meerderheid niet betrokken is geweest bij de voorbereiding van het bestreden besluit. HOOFDSTUK IV SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN Artikel 22 Overgangsbepaling 1. Bezwaarschriften die zijn ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening worden behandeld op de wijze zoals voor de inwerkingtreding van deze verordening was voorgeschreven. 2. Beleidsregels en nadere regels die zijn vastgesteld onder de werking van voorgaande verordening worden geacht beleidsregels en nadere regels te zijn als bedoeld in deze verordening totdat nieuwe beleidsregels of nadere regels zijn vastgesteld. 3. Commissieleden benoemd op basis van de voorgaande verordening behouden hun functie voor de duur van hun benoeming.
Artikel 23 Jaarverslag Jaarlijks stelt de commissie een jaarverslag van haar werkzaamheden vast. Artikel 24 Inwerkingtreding 1. De verordening adviescommissie bezwaarschriften gemeente Haarlemmermeer zoals vastgesteld op 26 april 2012 wordt ingetrokken met ingang van de dag waarop de Verordening adviescommissie bezwaarschriften in werking treedt. 2. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2018. Artikel 25 Citeerartikel Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening adviescommissie bezwaarschriften.
Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Haarlemmermeer tot wijziging van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 (Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022, eerste wijziging) De raad van de gemeente Haarlemmermeer; gezien het voorstel van het college van B&W d.d. 29 november 2022, kenmerk 2022.0002383; gelet op de bepalingen van artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 149 van de Gemeentewet; overwegende dat het wenselijk is de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 op enkele onderdelen te wijzigen; besluiten: vast te stellen de volgende: Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Haarlemmermeer tot wijziging van de Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022. Artikel I. Wijziging verordening 1. Artikel 2.4.8, lid 2 sub c. komt als volgt te luiden: “c. Bij afmelding van een afgesproken bezichtiging vóór het tijdstip van de bezichtiging of het intrekken van de interesse voor de woning na het tijdstip van de bezichtiging, volgt één punt aftrek;” 2. Artikel 2.4.8, lid 2 sub e. komt als volgt te luiden: “e. Bij niet op komen dagen bij een bezichtiging na aanvaarding van een uitnodiging door een woningzoekende volgt één punt aftrek;” 3. Artikel 2.4.8, lid 2 sub f. komt als volgt te luiden: “f. Bij herhaling door woningzoekende van het genoemde onder sub d. of sub e.
binnen twee jaar trekken burgemeester en wethouders alle zoekpunten in.” 4. Artikel 2.5.3 lid 1 komt als volgt te luiden: “1. Situatiepunten worden opgebouwd met één punt per maand vanaf de eerste van de kalendermaand volgend op de datum toekenning verklaring opbouw situatiepunten, met een maximum van twaalf situatiepunten;” 5. Artikel 2.5.3 lid 2 komt als volgt te luiden: “2. Als op grond van artikel 2.4.8 tweede lid onder f. alle zoekpunten worden ingetrokken, trekken burgemeester en wethouders tevens alle opgebouwde situatiepunten in.” 6. In artikel 2.6.3 komt het tweede lid te vervallen; tevens komt de aanduiding 1. voor het eerste lid te vervallen. Artikel II. Slot en overgangsbepalingen Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die van bekendmaking en werkt terug tot en met 16 januari 2023. Artikel III. Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als “Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022, eerste wijziging”. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van: [datum] de griffier,
de voorzitter,
John van der Rhee, B.Ha
Marianne Schuurmans-Wijdeven
Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 (geconsolideerde tekst na opname Huisvestingsverordening, eerste wijziging). De Raad van de gemeente Haarlemmermeer; Gelet op de artikelen 108, 147 en 149 van de Gemeentewet; Gelet op de artikelen 4 en 5 van de Huisvestingswet 2014; besluit vast te stellen de: Huisvestingsverordening gemeente Haarlemmermeer 2022 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. Aanbodinstrument: een aanbodinstrument als bedoeld in artikel 2.4.4, eerste lid, waarop door corporaties woonruimte, aangewezen in artikel 2.1.1 te huur wordt aangeboden; b. Basisadministratie: de basisadministratie bedoeld in artikel 1.2 van de Wet basisregistratie personen; c. Bezettingsnormen: de in artikel 2.3.3 bedoelde voorrangsregels; d. Bindingscriterium: bindingscriterium op grond van artikel 2.7.2 gesteld aan woningzoekenden, om in aanmerking te komen voor voorrang bij de verlening van een huisvestingsvergunning; e. Burgemeester en wethouders: het College van burgemeester en wethouders; f. Complex: een aaneengesloten groep woonruimten die door burgemeester en wethouders is aangewezen; g. COA-voorziening: een voorziening als bedoeld in artikel 2 van de Wet Centraal orgaan opvang asielzoekers; h.
Corporaties: toegelaten instellingen als bedoeld in artikel 19, eerste lid van de Woningwet die werkzaam zijn in één of meer gemeenten van de voormalige Stadsregio Amsterdam; i. DAEB-norm: de inkomensgrens bedoeld in artikel 48, eerste lid, van de Woningwet; j. Directe bemiddeling: het rechtstreeks aan een woningzoekende aanbieden van woonruimte zonder dat die woonruimte via het aanbodinstrument te huur is aangeboden; k. Gebouw: elk bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; l. Huishouden: een alleenstaande dan wel twee personen met of zonder kinderen, die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren of wensen te voeren; m. Huisvestingsvergunning: de vergunning, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Wet; n. Huurprijs: de prijs die bij huur of verhuur is verschuldigd voor het enkele gebruik van een woonruimte of standplaats voor een woonwagen, uitgedrukt in een bedrag per maand berekend volgens het woningwaarderingstelsel behorende bij het Besluit huurprijzen woonruimte; o. Indicatie: een beoordeling van de medische beperkingen van een woningzoekende, afgegeven door burgemeester en wethouders of een door hen aan te wijzen adviseur en overeenkomstig eventueel door hen vast te stellen wijze, ter voorbereiding van een door hen te nemen beslissing op een aanvraag om een huisvestingsvergunning; p.
Inkomen: rekeninkomen als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder i van de Wet op de huurtoeslag; q. Inschrijving: het ingeschreven staan als woningzoekende; r. Instelling voor maatschappelijke opvang: een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
s. Jongere: een volwassene tot een leeftijd van 28 jaar; t. Liberalisatiegrens: het huurbedrag genoemd in artikel 13, eerste lid, aanhef en onder a van de Wet op de huurtoeslag; u. Mantelzorg: mantelzorg als bedoeld in artikel 1, lid 1, onderdeel b van de Wet maatschappelijke ondersteuning; v. Ontvangende regiogemeente: de regiogemeente waarnaar een houder van een urgentieverklaring wil verhuizen, als bedoeld in artikel 2.9.4, derde lid; w. Onzelfstandige woonruimte: woonruimte, niet-zijnde woonruimte bestemd voor inwoning, welke geen eigen toegang heeft of welke niet door een huishouden zelfstandig kan worden bewoond, zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte, waarbij als wezenlijke voorzieningen worden aangemerkt: keuken en toilet. x. Passende woonruimte: woonruimte die voldoet aan het in artikel 2.7.3, eerste lid, bedoelde zoekprofiel; y. Passendheidscriterium: passendheidscriterium op grond van artikel 2.7.1, tweede lid of vierde lid gesteld aan woningzoekenden, om in aanmerking te komen voor voorrang bij de verlening van een huisvestingsvergunning; z. Rangordecriterium: een rangordecriterium als bedoeld in artikel 2.7.5; aa. Regiogemeenten: de gemeenten die deel uitmaken van de woningmarktregio; bb.
Rekenhuur: de prijs die bij huur en verhuur per maand is verschuldigd voor het enkele gebruik van een woonruimte zoals omschreven in artikel 5 van de Wet op de huurtoeslag; cc. Student: studenten als bedoeld in artikel 7:274d lid 2 van het Burgerlijk Wetboek bij hogescholen of universiteiten gevestigd binnen het gebied van de woningmarktregio alsmede voltijdspromovendi bij binnen het gebied van de woningmarktregio gevestigde universiteiten; dd. Studentenwoning: woonruimte krachtens de daarop betrekking hebbende huurovereenkomst bestemd voor studenten indien: i. in de huurovereenkomst is bepaald dat de woonruimte na beëindiging van de huurovereenkomst opnieuw aan een student zal worden verhuurd; en, ii. die woonruimte door het college van burgemeester en wethouders in de regiogemeente waarin de woonruimte is gelegen na overleg met de eigenaar is erkend als studentenwoning; ee. Stuurgroep Wonen: het overleg bestaande uit een vertegenwoordiging van burgemeester en wethouders van de regiogemeenten en de binnen de woningmarktregio actieve corporaties; ff. SV-urgentieverklaring: een urgentieverklaring waarmee een woningzoekende is ingedeeld in de in artikel 2.9.8, eerste lid aanhef en onder c bedoelde urgentiecategorie; gg.
Traditionele doelgroep: de groep (degenen) die volgens de bepalingen in artikel 18 van de voormalige Woonwagenwet voor een bewonersverklaring in aanmerking kon (konden) komen; hh. Urgentieverklaring: de beschikking, verleend door burgemeester en wethouders van een tot de woningmarktregio behorende gemeente, waarmee een woningzoekenden in een urgentiecategorie als bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de Wet wordt ingedeeld; ii. Vergunninghouders: de vergunninghouders als bedoeld in artikel 28 van de Wet; jj. Voorliggende voorziening: een voorziening die gelet op haar aard en doel, wordt geacht voor het oplossen van het huisvestingsprobleem van belanghebbende toereikend en passend te zijn; kk. Wet: de Huisvestingswet 2014; ll. Woning: zelfstandige woonruimte; mm. Woningmarktregio: Woningmarktregio: het gebied waarbinnen de gemeente Haarlemmermeer een evenwichtige regionale verdeling van woonruimten afstemt als bedoeld in artikel 1 van de Wet, in 2020 bestaande uit de gemeenten: Aalsmeer, Amstelveen, Amsterdam, Beemster, Edam-Volendam, Diemen, Haarlemmermeer, Landsmeer, Oostzaan, Ouder-Amstel, Purmerend, Uithoorn, Waterland, Wormerland en Zaanstad; nn. Woningruil: ruil waarbij twee of meer huishoudens zich daadwerkelijk vestigen in elkaars woning;
oo. Woningtype: de ingevolge het bepaalde in artikel 2.9.3, tweede lid, in het zoekprofiel van een urgentieverklaring op te nemen categorie woonruimte; pp. Woonpunten: het totaal van punten dat door een woningzoekende wordt opgebouwd, bestaande uit maximaal drie soorten punten: wachtpunten, zoekpunten en situatiepunten; qq. Woonruimte: besloten ruimte die, al dan niet tezamen met een of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door een huishouden; rr. Woonwagen: een voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst; ss. Zelfstandige woonruimte: woonruimte die een eigen toegang heeft en welke door een huishouden kan worden bewoond zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten de woonruimte; tt. Zelfstandige huurwoning: zelfstandige woonruimte, welke verhuurd wordt; uu. Zoekgebied: het zoekgebied als bedoeld in artikel 2.9.3, derde lid en artikel 2.9.4; vv. Zoekprofiel: het zoekprofiel als bedoeld in artikel 2.9.3, eerste lid.
Hoofdstuk 2 Verdeling van woonruimte AFDELING I WOONRUIMTEVERDELING Paragraaf 2.1 Werkingsgebied Artikel 2.1.1 Werkingsgebied 1. Het bepaalde in deze afdeling is van toepassing in de gemeente Haarlemmermeer. 2. In het gebied bedoeld in het eerste lid worden als woonruimten als bedoeld in artikel 7, eerste lid van de wet aangewezen alle zelfstandige huurwoningen met een rekenhuur tot de liberalisatiegrens. 3. In afwijking van het tweede lid is het bepaalde in deze afdeling niet van toepassing op: a. onzelfstandige woonruimte en woonruimte gebruikt voor inwoning; b. woonschepen; c. woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, onder a tot en met c, van de Leegstandwet; d. studentenwoningen; e. bij besluit van burgemeester en wethouders aan te wijzen complexen. 4. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid worden zelfstandige huurwoningen welke geen eigendom zijn van corporaties en voor de tweede en volgende malen verhuurd worden, niet aangewezen. Artikel 2.1.2 Reikwijdte vergunningplicht 1. Het is verboden om woonruimte die is aangewezen krachtens artikel 2.1.1 voor bewoning in gebruik te nemen zonder huisvestingsvergunning. 2. Het is verboden om woonruimte die is aangewezen krachtens artikel 2.1.1 voor bewoning in gebruik te geven aan een persoon die niet beschikt over een huisvestingsvergunning.
Paragraaf 2.2 Toelating tot het aangewezen deel van de woningmarkt Artikel 2.2.1 Toelatingscriteria Om in aanmerking te komen voor een huisvestingsvergunning dient de woningzoekende te voldoen aan de volgende voorwaarden: a. ten minste één van de leden van het huishouden van de woningzoekende is niet minderjarig als bedoeld in artikel 1:233 van het Burgerlijk Wetboek;
b. de leden van het huishouden van de woningzoekende bezitten de Nederlandse nationaliteit of worden op grond van een wettelijke bepaling als Nederlander behandeld of zijn vreemdeling en verblijven rechtmatig in Nederland als bedoeld in artikel 8, a t/m e en l van de Vreemdelingenwet 2000. Artikel 2.2.2 Aanvullend toelatingscriterium particuliere huurvoorraad 1. In aanvulling op de voorwaarden genoemd in artikel 2.2.1 geldt om toegelaten te worden tot de woonruimten welke geen eigendom zijn van een corporatie, is de volgende voorwaarde: het inkomen van het huishouden bedraagt maximaal € 45.014,-1. 2. Het in het eerste lid genoemde bedrag wordt bij aanvang van het kalenderjaar 2023 en elk daaropvolgend kalenderjaar aangepast conform artikel 16 van het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015. Artikel 2.2.3 Aanvraag vergunning en in te dienen bescheiden 1. Op een aanvraag om een huisvestingsvergunning beslissen burgemeester en wethouders. 2. De aanvraag gaat vergezeld van de volgende bewijsstukken: a. meest recente inkomensgegevens van de woningzoekende, verstrekt door diens werkgever, uitkeringsinstantie of pensioeninstantie dan wel de meest recente aanslag inkomstenbelasting of een accountantsverklaring indien aanvrager zelfstandig werkzaam is; b. een uittreksel uit de basisadministratie van de woonplaats van aanvrager. 3.
De aanvrager kan gevraagd worden een geldig identiteitsbewijs van alle leden van het huishouden waarop de aanvraag betrekking heeft, te tonen. 4. Indien aanvrager een huisvestingsvergunning aanvraagt voor woonruimte als bedoeld in artikel 2.7.1, tweede lid, eerste kolom, zevende rij, dient de aanvraag tevens vergezeld te gaan van een indicatie op basis waarvan beoordeeld kan worden of de specifieke eigenschappen van de woonruimte tegemoetkomen aan de geïndiceerde medische beperkingen van één of meerdere leden van het huishouden. 5. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om nadere gegevens te vragen die nodig zijn om de aanvraag te beoordelen. Artikel 2.2.4 Beslistermijn 1. Burgemeester en wethouders beslissen binnen acht weken na datum van indiening op de aanvraag voor een huisvestingsvergunning. 2. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de beslistermijn eenmalig te verlengen met vier weken. Artikel 2.2.5 Gegevens op vergunning 1. De beschikking op de aanvraag bevat ten minste: a. de persoonsgegevens van de aanvrager; b. de samenstelling van het huishouden dat de woonruimte wil betrekken; c. het adres van de woonruimte waar de aanvraag betrekking op heeft; d. het voorschrift houdende dat binnen vier weken na verlening van de vergunning de woonruimte in gebruik wordt genomen. 2.
Burgemeester en wethouders kunnen in de beschikking tevens opnemen dat de vergunning slechts geldig is indien het gehele huishouden waarvoor de vergunning is verleend, de woonruimte betrekt. Paragraaf 2.3 Vergunningverlening particuliere huurvoorraad Artikel 2.3.1 Reikwijdte paragraaf 2.3 1
Prijspeil 2022
Het bepaalde in deze paragraaf is niet van toepassing op ingevolge artikel 2.1.1 aangewezen woonruimte die eigendom is van een corporatie. Artikel 2.3.2 Weigeringsgronden van de huisvestingsvergunning 1. Burgemeester en wethouders weigeren de huisvestingsvergunning indien: a. het huishouden niet voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 2.2.1 en artikel 2.2.2; b. het huishouden al in het bezit is van een geldige huisvestingsvergunning; c. het huishouden op grond van artikel 2.7.3 niet voor de huisvestingsvergunning in aanmerking komt; of, d. niet aannemelijk is dat het huishouden de woonruimte in gebruik zal nemen. 2. Burgemeester en wethouders verlenen de huisvestingsvergunning indien geen van de in het eerste lid genoemde weigeringsgronden zich voordoen. Artikel 2.3.3 Bezettingsnormen Bij het verlenen van een huisvestingsvergunning wordt op basis van onderstaande tabel voorrang verleend. Woning met aantal kamers Huishouden dat minimaal bestaat uit 1 1 persoon 2 1 persoon 3 1 persoon 4 1 minderjarig persoon 5 2 minderjarige personen Artikel 2.3.4 Intrekken vergunning Burgemeester en wethouders kunnen een huisvestingsvergunning intrekken, indien: a. het huishouden de in de vergunning vermelde woonruimte niet binnen de genoemde termijn in gebruik heeft genomen; b.