CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Verordening onroerendezaakbelastingen 2023 (2022.0002322).pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 22 december 2022, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: RV Verordening onroerendezaakbelastingen 2023 (2022.0002322)3.485 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente Haarlemmermeer

raadsvoorstel Onderwerp

Portefeuillehouder Steller Collegevergadering

Verordening onroerendezaakbelastingen 2023 drs. Jurgen Nobel Marian Jak 22 november 2022

Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer

2022.0002322 1. Voorstel Collegebesluit(en)

Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. de Verordening op de heffing en invordering van onroerendezaakbelastingen gemeente Haarlemmermeer 2023 vast te stellen; 2. de hogere meeropbrengst van de areaaluitbreiding en het nadeel op de algemene uitkering uit het gemeentefonds te verwerken in de Voorjaarsrapportage 2023. 2. Samenvatting

Jaarlijks worden de gemeentelijke belastingverordeningen geactualiseerd. Tijdens de raadsvergadering van 10 november jl. is het grootste deel van de belastingverordeningen 2023 reeds behandeld (2022.0001937). Door de vaststelling van dit raadsvoorstel heeft de raad bij beslispunt l.a. besloten de geraamde opbrengst 2023 van de onroerendezaakbelastingen (OZB) voor het bestaande areaal vast te stellen op € 84.893.700. Met dit voorstel wordt beoogd de Verordening op de heffing en invordering van onroerendezaakbelastingen gemeente Haarlemmermeer 2023 vast te stellen met daarin opgenomen de OZB-tarieven aangepast naar de waardeontwikkeling in de periode 1 januari 2021 en 1 januari 2022, om zodoende de begrote OZB-opbrengst van het bestaande areaal ad € 84.893.700 te realiseren. De totale opbrengst van de OZB van het bestaande areaal stijgt niet behoudens met inflatie. Net als in 2021 zorgde de onduidelijkheid over de invloed van de coronacrisis op de waarde van de objecten in het luchthavengebied ervoor dat waardeverschillen konden oplopen tot honderden miljoenen euro's. In de prognose van november 2021 is uitgegaan van een minimale waarde. Onlangs is door Cocensus bekend gemaakt dat op basis van marktgegevens de vastgestelde Waardering Onroerende Zaken (WOZ)-waarde 2022 € 1.050 miljoen boven de waarde ligt die in november 2021 bij de tariefberekening is aangehouden.

Door deze hogere waarde stijgt de OZB-opbrengst nietwoningen en ontstaat voor het begrotingsjaar 2022 een voordeel van ongeveer € 5,3 miljoen. Bij de berekening van dit voordeel is er rekening mee gehouden dat de algemene uitkering uit het gemeentefonds lager wordt, omdat één van de maatstaven van de algemene uitkering de WOZ-waarde is. Op basis van de WOZ-waarde wordt een negatieve correctie toegepast op de hoogte van de algemene uitkering. Bij de Najaarsrapportage 2022 (2022.0002246) wordt, net als vorig jaar, voorgesteld dit incidentele voordeel te verrekenen met de OZB-tarieven nietwoningen 2023. De geraamde opbrengst van het bestaande areaal komt hierdoor op €79.593.700.

pagina 2

Verordening onroerendezaakbelastingen 2023

3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken?

Voor de verordening op de heffing en invordering van onroerendezaakbelastingen is de grondslag de waarde van een onroerende zaak. Jaarlijks worden de onroerende zaken (woning, bedrijfspand of grond) opnieuw gewaardeerd. De waarde die uit deze taxatie komt, is de WOZwaarde. Voor belastingjaar 2023 wordt gekeken naar de waarde van de onroerende zaak op de waardepeildatum 1 januari 2022. Van Cocensus hebben wij op 10 november 2022 de waardeprognoses en de gegevens over de geraamde leegstand per 1 januari 2022 ontvangen. De totale opbrengst van de OZB van het bestaande areaal stijgt niet behoudens met inflatie. De consequenties voor de berekening van de percentages worden hieronder toegelicht. Ontwikkeling woninfien en niet-woningen De waardeontwikkeling laat in onze gemeente in de periode tussen 1 januari 2021 en 1 januari 2022 een gemiddelde waardestijging zien van 18,9% bij woningen en een gemiddelde waardestijging van 6,1% bij de niet-woningen. Dit is een gemiddelde waarbij zich per individueel object afwijkingen naar boven of beneden kunnen voordoen. De WOZ-waardebepaling is een continu proces. Waarden kunnen veranderen als gevolg van bezwaar, beroep, aanbouw of verbouw, nieuwbouw en wijzigingen van bestemming.

Ten tijde van het schrijven van dit voorstel (en berekening van de tarieven) is een gedeelte van de geprognosticeerde waarde gebaseerd op marktontwikkelingen en nog niet op de daadwerkelijke getaxeerde waarde. Percentages van de WOZ-waarde De OZB-percentages zijn een resultante van twee variabelen, te weten de gewenste OZB opbrengst (€ 79.593.700) gebaseerd op het bestaande areaal en de totale WOZ-waarden van het bestaande areaal. De percentages zijn een afgeleide hiervan. De percentages zeggen niets over de lastendruk. Het is onder andere afhankelijk van de waardeontwikkeling van een pand. Gemiddeld stijgen de OZB-aanslagen echter wel met 2,4%. Op basis van de ontvangen waardeprognoses, gegevens over nieuwbouw, leegstand en correcties door bezwaar worden de volgende percentages voorgesteld: Omschrijving

a. Waarde

b. Geraamde OZB-opbrengst

Tarief 2022

c. Tarief 2023 (b./a.)

Eigenaren woning

€31.526.684.500

€ 20.026.300 0,07386%

0,06352%

Eigenaren niet-woning

€ 12.743.834.990

€33.606.100 0,31307%

0,26370%

Gebruikers niet-woning

€ 12.643.665.980

€25.961.300 0,28140%

0,23147%

Met deze tarieven komt de opbrengst voor 2023 op € 79.593.000. Dit is als gevolg van afrondingen € 700 lager dan de opbrengst die voor het bestaande areaal in de programmabegroting, inclusief de voorgestelde mutaties in de Najaarsrapportage 2022, voor 2023 is geraamd. In verband met de areaaluitbreidingen van woningen en niet-woningen is in de programmabegroting rekening gehouden met een extra opbrengst van € 553.000. Op basis van de geleverde prognoses van Cocensus en de voor 2023 berekende tarieven, is de opbrengst van de areaaluitbreiding € 2.192.400, een meeropbrengst van € 1.639.400. De areaaluitbreiding bij de woningen is hoger dan geraamd door de hogere waardestijging dan eerder geraamd en doordat er meer woningen in aanbouw zijn. Bij de niet-woningen is de areaaluitbreiding fors hoger. De areaaluitbreiding voor de niet-woningen is zeer lastig te ramen en wordt daarom altijd voorzichtig in de voorjaarsrapportage geraamd.

Verordening onroerendezaakbelastingen 2023

pagina 3

De hoogte van de WOZ-waarde heeft ook consequenties voor de hoogte van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Dit betreft de negatieve inkomstenmaatstaf OZB. Op deze maatstaf is naast de areaaluitbreiding, ook de waardestijging tussen 1 januari 2021 en 1 januari 2022 van invloed. De Waarderingskamer heeft deze stijging landelijk ingeschat op 13,5% voor woningen. In Haarlemmermeer is de stijging 18,9%. Als gevolg van de waardeontwikkeling daalt de algemene uitkering met € 1.036.000. Door de invoering van het nieuwe verdeelstelsel van het gemeentefonds per 2023 werkt de waardestijging van de niet-woningen voor onze gemeente niet meer door in de hoogte van de algemene uitkering. In het nieuwe verdeelstelsel wordt de waarde van de niet-woningen waarmee gerekend wordt gemaximeerd op € 35.000 per inwoner. Met name door het luchthavengebied in onze gemeente is deze maximering voor Haarlemmermeer van toepassing. Per saldo ontstaat het volgende resultaat: Omschrijving

€

Meeropbrengst (inclusief afronding)

1.638.700

Nadeel algemene uitkering

-1.036.000

Totaal

602.700

Voorgesteld wordt dit voordeel structureel te verwerken als extra opbrengst in de Voorjaarsrapportage 2023. 3.2 Wat gaan we daarvoor doen?

Wij gaan de Verordening op de heffing en invordering van onroerendezaakbelastingen 2023 vaststellen met de berekende tarieven. De gewenste begroting wordt hiermee gerealiseerd. Voorgesteld worden de volgende percentages: a. voor de gebruikersbelasting 0,23147%; b. bij de eigenarenbelasting: • voor onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen 0,06352%; • voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen 0,26370%. 3.3 Wat mag het kosten?

Aan de uitvoering van dit voorstel zijn, naast de beschikbare ambtelijke capaciteit, geen kosten verbonden. Met de baten is rekening gehouden in de Programmabegroting 2023-2026 in het overzicht Algemene dekkingsmiddelen, onderdeel belastingen, taakvelden 0.61 en 0.62. Wat zijn de financiële risico's?

Nu de coronacrisis onder controle is, gaan wij ervan uit dat de situatie in het luchthavengebied bij de waardebepaling voor de tariefberekening voor het belastingjaar 2023 niet meer voorkomt. Met Schiphol is afgesproken dat de waarde van 2022 als basis zal dienen voor die van 2023. Mede door deze afspraak zijn de prognoses van de ontwikkeling van de WOZ-waarden die gebruikt worden voor de tariefberekening 2023 ook beter onderbouwd. Als gevolg van bezwaar- en beroepschriften blijft het risico bestaan dat de opbrengst van de OZB hoger of lager wordt dan nu geraamd. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?

De gemeenteraad is verantwoordelijk voor het vaststellen van de verordening. Het college is verantwoordelijk voor de voorbereiding, besluitvorming en uitvoering van besluiten. Voor de benoemde onderdelen is de portefeuillehouder Financiën het eerste aanspreekpunt binnen het

pagina 4

Verordening onroerendezaakbelastingen 2023

college. De heffing en inning van de OZB is uitbesteed aan de gemeenschappelijke regeling Cocensus. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar?

De Verordening op de heffing en de invordering van onroerendezaakbelastingen 2023 treedt in werking na publicatie. De verordening wordt bekend gemaakt op www.officiëlebekendmakingen.nl. 3.6 Wanneer en hoe zal de raad/het college over de voortgang worden geïnformeerd?

Eventuele wijzigingen in de WOZ-waarden of in de wet- en regelgeving, die consequenties hebben voor de verordening, worden afzonderlijk aan de raad voorgelegd. Via de voorjaars- en najaarsrapportage wordt de raad geïnformeerd over de ontwikkeling van de opbrengsten. 4. Ondertekening

rmans-Wijdeven

•

Verordening op de heffing en de invordering van onroerendezaakbelastingen gemeente Haarlemmermeer 2023 //

De raad van de gemeente Haarlemmermeer; gelezen het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 22 november 2022 nummer 2022.0002322. gelet op artikelen 220 tot en met 220h van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van onroerende zaakbelastingen gemeente Haarlemmermeer 2023 (" Verordening onroerende zaakbelastingen 2023"). Artikel 1 Belastingplicht 1. Onder de naam 'onroerende zaakbelastingen' worden voor binnen de gemeente Haarlemmermeer gelegen onroerende zaken twee directe belastingen geheven: a. een belasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient, al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht, gebruikt, verder te noemen: gebruikersbelasting; b. een belasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, verder te noemen: eigenarenbelasting. 2. Bij de gebruikersbelasting wordt: a. gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven (verder: de gebruiker), aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven (verder: de gebruikgever); de gebruikgever is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op de gebruiker; b.

het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie die zaak ter beschikking is gesteld. 3. Voor de eigenarenbelasting wordt als genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de Basisregistratie Kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is. Artikel 2 Voorwerp van de belasting 1. Voorwerp van de belasting is een onroerende zaak. 2. Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken. 3. Een onroerende zaak dient in hoofdzaak tot woning indien de waarde die op grond van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld voor die onroerende zaak in hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van die onroerende zaak die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 3 Maatstaf van heffing 1. De heffingsmaatstaf is de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde voor het kalenderjaar, bedoeld in artikel 1.

Verordening Onroerende zaakbelastingen 2023

2.

Pagina 2 van 4

Als voor een onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken.

Artikel 4 Vrijstellingen 1. In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet al is gebeurd bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van: a. voor de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden die bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te gebruiken; b. glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde grond; c. onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; d. één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 8, van het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928, met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen; e.

natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden; f. openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken; g. waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; h. werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; i. werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigendommen zijn aan te merken; j. onroerende zaken voor zover die bestemd zijn te worden gebruikt voor de publieke dienst van de gemeente, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die bestemd zijn te worden gebruikt voor het geven van onderwijs; k.

straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen - niet zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst voor het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen;

Verordening Onroerende zaakbelastingen 2023

Pagina 3 van 4

l.

plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; m. begraafplaatsen en urnentuinen, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning. 2. De vrijstelling voor de in onderdeel j van het eerste lid bedoelde onroerende zaken voor de eigenarenbelasting geldt niet voor zover de gemeente van die zaken niet het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht. 3. In afwijking van artikel 3 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de gebruikersbelasting buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 5 Belastingtarieven 1. Het tarief van de belasting bedraagt een percentage van de heffingsmaatstaf. Het percentage bedraagt voor: a. de gebruikersbelasting 0,23147%; b. de eigenarenbelasting voor onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen 0,06352%; voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen 0,26370%. 2. Voor belastingbedragen tot € 10,00 vindt geen invordering plaats.

Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op een aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen onroerende zaakbelastingen of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag. Artikel 6 Wijze van heffing De belasting wordt geheven bij wege van aanslag. Artikel 7 Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald binnen twee maanden na dagtekening van het aanslagbiljet. 2. In afwijking van het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet één aanslag bevat, het bedrag daarvan meer is dan € 100,00 en minder is dan € 5.000,00 en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in negen gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de tweede maand volgend op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens één maand later. 3. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 8 Overgangsrecht De "Verordening onroerende zaakbelastingen 2022", vastgesteld bij raadsbesluit van 16 december 2021, nummer 2021.0002739 wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2023, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Verordening Onroerende zaakbelastingen 2023

Pagina 4 van 4

Artikel 9 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023. Artikel 10 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: "Verordening onroerende zaakbelastingen 2023". Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 15 december 2022. De griffier,

De voorzitter,

J. van der Rhee, B. Ha

M. Schuurmans - Wijdeven

Prognose WOZ-waarde en berekening tarieven OZB 2023 Gemeente:

Haarlemmermeer Onroerende-zaakbelastingen

berekening tarieven 2023 eigenaar woning eigenaar niet-woning gebruiker niet-woning

Waarde 31.589.107.000 12.911.995.002 12.911.995.002

Begroting 2023* eigenaar woning eigenaar niet-woning gebruiker niet-woning

Accres +/+

Bezwaren -/Vrijstelling -/62.422.500 0 98.142.500 70.017.512 98.142.500 70.017.512

correctie oninbaar*1

20.026.300 33.606.100 25.961.300 79.593.700

0 0 0 0

Bruto opbrengst

Eindwaarde

20.026.300 31.526.684.500 33.606.100 12.743.834.990 25.961.300 12.643.665.980 79.593.700

de Pater -/-

100.169.010

Leegstand-geen gebruik -/-

1.427.612.000

Eindwaarde 31.526.684.500 12.743.834.990 12.643.665.980

Heffingsgrondslag

Voorstel Ter vergelijk tarieven 2023 tarieven 2022 31.526.684.500 0,06352% 0,07386% 12.743.834.990 0,26370% 0,31307% 11.216.053.980 0,23147% 0,28140%

*Opgave gemeente

Accres

eigenaar woning eigenaar niet-woning gebruiker niet-woning

Totaal raming begroting

Begroting 2023* 196.000 169.000 188.000 553.000

geraamd accres in waarde 265.980.000 60.000.000 60.000.000

Accres +/+ 337.306.000 399.471.000 399.471.000

verschil in Voorstel Tarieven accres 2023 71.326.000 0,06352% 339.471.000 0,26370% 339.471.000 0,23147%

80.146.700

Mutatie algemene uitkering afgerond was verschil effect maatstaf AU Saldo Waarde woningen t.b.v. algemene uitkering 31.863.990.500 31.863.500.000 30.451.000.000 1.412.500.000 1.130.000.000 Waarde niet-won t.b.v. algemene uitkering 13.143.305.990 13.143.000.000 10.846.500.000 2.296.500.000 n.v.t. Waarde niet-won t.b.v. algemene uitkering wordt vanaf 2023 afgetopt op € 35.000 per inwoner. Daardoor geeft de hogere waarde niet-woningen in Haarlemmermeer geen effect op de AU aantal inwoners 161.400 35.000 5.649.000.000 3.954.300.000 *1 toegepast percentage:

0,0%

Aandachtspunten m.b.t. de waardeprognose 2023 Door de levering begin november is een deel van de geprognosticeerde waarden gebaseerd op marktontwikkeling per marktsegment en gebied en niet op daadwerkelijk vastgestelde waarden. Dit kan een risico vormen voor de totale WOZ-waarden. Momenteel vindt onderhandeling plaats over de WOZ-waarde van Schiphol. Op een aantal punten is nog onduidelijkheid en/of geen overeenstemming. Dit gaat dan met name over in aanbouw zijnde objecten waaronder de A-pier, de hoogte van de milieukorting, de waarde van parkeren, eventuele aftrek inzake stikstofproblematiek en een aantal kleinere discussiepunten. De waarde is defensief ingeschat, echter wel realistisch. In het accres is opgenomen de objecten in aanbouw voor zowel woningen als niet woningen. Van een aantal projecten is de staat op 1 januari a.s. nog onzeker. De onzekerheid zit hem in de bestemming, bouwvoortgang en wat er precies gerealiseerd gaat worden. Dit beïnvloedt direct het accres.

Bij de categorie incourante objecten en niet-woningen in aanbouw kan de BTW-toepassing jaarlijks wijzigen en is nu nog niet alti jd bekend. Dit heeft te maken met de fiscale positie van de eigenaar, het bouwjaar van het object, de ingebruikname en leegstand. Jaarlijks laat Cocensus een luchtfotobestandsvergelijk doen op basis van de luchtfoto van het lopende jaar, in dit geval maart 2022. Hierbij worden ondelen van woningen gevonden die worden meegenomen in de WOZ-waarde voor belastingjaar 2023. Deze werkzaamheden zijn echter niet afgerond voor de aanlevering va n de prognosewaarde. Deze extra waarde moet daarom worden ingeschat en kan daarom afwijken van de werkelijke te beschikken waarde.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=6e1dedba-54b0-4d3c-bd36-1cbb75aee23d