CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Verklaring van geen bedenkingen voor het vergroten van het parkeerterrein en nieuwe toegangsweg te Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag (2022.0002466)

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 22 december 2022, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: RV Verklaring van geen bedenkingen voor het vergroten van het parkeerterrein en nieuwe toegangsweg te Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag (2022.0002466)26.432 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Haarlemmermeer

raadsvoorstel Onderwerp

Portefeuillehouder Steller Collegevergadering

Verklaring van geen bedenkingen voor het vergroten van het parkeerterrein en nieuwe toegangsweg te Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag drs. Jurgen Nobel Jan Beelen 6 december 2022

Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer

2022.0002466 1. Voorstel Collegebesluit(en) Het college heeft besloten om: 1. het raadsvoorstel 'Verklaring van geen bedenkingen voor het vergroten van het parkeerterrein en nieuwe toegangsweg te Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag '(2020.0001978) van 4 oktober 2022 in te trekken; Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. de nota van zienswijzen Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag vast te stellen; 2. een verklaring van geen bedenkingen af te geven voor het uitbreiden van de parkeerplaats van Van Lent te Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag, onder de voorwaarde dat het inrichtingsplan wordt uitgevoerd en het groen daarna in stand wordt gehouden. 2. Samenvatting Er is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend om de bestaande parkeerplaats van Van Lent aan de Leidsemeerstraat 10 in Buitenkaag uit te breiden en te voorzien van een nieuwe toegangsweg (10563173 - OLO-6283683). De parkeerplaats wordt uitgebreid met circa 220 parkeerplaatsen. De nieuwe toegangsweg loopt naar de Hoofdweg Oostzijde, achter het dorp langs. De oude toegangsweg aan de Leidsemeerstraat wordt afgesloten voor auto's. De oude en nieuwe parkeerplaatsen krijgen groen en bomen. De omgevingsvergunning kan alleen verleend worden als de gemeenteraad verklaart daar geen bedenkingen tegen te hebben. De gemeenteraad heeft op 28 april 2022 besloten een ontwerpverklaring van geen bedenkingen af te geven (2022.0000575).

Daarop is één zienswijze ingediend. Deze leidt niet tot een aanpassing van het plan. Een zelfde voorstel is eerder ter behandeling aangeboden aan de gemeenteraad (2022.0001978), maar dit voorstel wordt teruggetrokken. Door de uitspraak van de Raad van State d.d. 2 november 2022 moest eerst de stikstofuitstoot van de bouwfase onderzocht worden. Dat is inmiddels gedaan en er blijkt geen belemmering te zijn.

Verklaring van geen bedenkingen voor het vergroten van het parkeerterrein en nieuwe toegangsweg

pagina 2

te Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag

3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken? Aanleiding en het plan

Er is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend. De aanvraag omvat de aanleg van een nieuwe toegangsweg en de uitbreiding van het bestaande parkeerterrein. De parkeerplaats wordt uitgebreid met circa 220 parkeerplaatsen. De nieuwe toegangsweg loopt naar de Hoofdweg Oostzijde, achter het dorp langs. De oude wordt afgesloten. De oude en nieuwe parkeerplaats krijgen groen en bomen. Het plan past niet binnen de geldende bestemming Agrarisch-Glastuinbouw in het bestemmingsplan Buitengebied Zuid.

Figuur 1: locatie parkeerterrein en toegangsweg (blauw is bestaand, rood is nieuw)

UilJ

Figuur 2: inrichtingstekening

Welk doel wordt nagestreefd?

Door uitbreiding van het parkeerterrein vermindert de parkeerdruk van Van Lent op de openbare weg in Buitenkaag met circa 220 parkeerplaatsen.

Verklaring van geen bedenkingen voor het vergroten van het parkeerterrein en nieuwe toegangsweg

pagina 3

te Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag

3.2 Wat gaan we daarvoor doen?

Als de gemeenteraad verklaart geen bedenkingen te hebben tegen deze aanvraag, kan de omgevingsvergunning worden verleend. De verklaring en de omgevingsvergunning worden ter inzage gelegd. Belanghebbenden kunnen dan beroep instellen. Wat zijn de argumenten? •

•

•

•

•

«

•

door uitbreiding van het parkeerterrein vermindert de parkeerdruk in Buitenkaag; door de nieuwe toegangsweg en afsluiting van de oude blijft het autoverkeer buiten Buitenkaag. Dat heeft positieve effecten op verkeersafwikkeling, geluid en luchtkwaliteit in het dorp; deze uitbreiding past binnen Visie Buitenkaag (2 september 2021, 2021.0001233), zowel qua functie als qua vormgeving. Zowel de uitbreiding als het bestaande parkeerterrein wordt vergroend. Daarbij is schaduwwerking op de aangrenzende kassen zoveel mogelijk voorkomen; in het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn de noodzakelijke onderzoeken uitgevoerd. Hieruit blijkt dat er voornamelijk positieve effecten voor het dorp zijn. Het enige nadelige effect is een lichte toename van geluid op de gevels van de aangrenzende woningen (Hoofdweg Oostzijde 1964 en 1972) aan weerszijden van de toegangsweg. Deze toename blijft onder de normen. Er zijn daarom geen belemmeringen; het plan past in de provinciale Omgevingsverordening NH2020. Dat was bij de ontwerpverklaring nog niet het geval, maar inmiddels is de Omgevingsverordening op 21 juni 2022 aangepast. Er is nu geen strijdigheid meer. Paragraaf 3.2.2 is daarom geactualiseerd; de ingediende zienswijze betreft de vraag of dit plan past binnen de Visie Buitenkaag. En of de toegangsweg past binnen de beoogde wegenstructuur.

Dat is het geval, zodat de zienswijze niet leidt tot een aanpassing van het plan. de bouwfase levert geen strijdigheid op met de Wet natuurbescherming. Naar aanleiding van de uitspraak van de Raad van State d.d. 02-11-2022 is deze fase alsnog onderzocht. Paragraaf 4.7 en bijlage V zijn geactualiseerd.

3.3 Wat mag het kosten?

Aan de uitvoering van dit voorstel zijn, naast de beschikbare ambtelijke capaciteit, geen kosten verbonden voor de gemeente Wat zijn de financiële risico's?

Onze gemeente loopt geen vermeldenswaardige financiële risico's bij de uitvoering van dit voorstel. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?

Het college is bevoegd gezag voor het besluit over de omgevingsvergunning. Het eerste aanspreekpunt binnen het college is de portefeuillehouder Ruimtelijke Ordening. De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied is voor de afhandeling gemandateerd. De gemeenteraad is verantwoordelijk voor het besluit over de verklaring van geen bedenkingen. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar? Wettelijk kader

De aanvraag valt onder artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). In artikel 2.27, eerste lid Wabo is bepaald dat een verklaring van geen bedenkingen van de

Verklaring van geen bedenkingen voor het vergroten van het parkeerterrein en nieuwe toegangsweg

pagina 4

te Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag

gemeenteraad nodig is. Deze aanvraag past niet in de door de gemeenteraad op basis van artikel 6.5 Besluit omgevingsrecht (Bor) aangewezen categorieën (3 oktober 2019, 2019.0040560), zodat een verklaring nodig is. De verklaring maakt onderdeel uit van de omgevingsvergunning. Vooroverleg en inspraak

Er heeft vooroverleg met provincie Noord-Holland plaatsgevonden. De provincie heeft aangegeven akkoord te zijn met het plan. In het kader van watercompensatie is overleg gevoerd met het hoogheemraadschap van Rijnland. Het hoogheemraadschap heeft aangegeven akkoord te zijn. De ontwerpverklaring en - omgevingsvergunning zijn op 27 juli 2022 bekendgemaakt en hebben van 28 juli tot en met 7 september 2022 ter inzage gelegen. Er is één zienswijze binnengekomen. Paragraaf 5.2 is geactualiseerd door vermelding van de terinzageligging en het resultaat daarvan. Dit voorstel is eerder ter behandeling aangeboden aan de gemeenteraad (2022.0001978), maar wordt teruggetrokken naar aanleiding van het vervallen van de vrijstelling voor de bouwfase wat betreft stikstof door de uitspraak van de Raad van State d.d. 2 november 2022. Inmiddels is de bouwfase onderzocht en er blijkt geen belemmering te zijn. Beroep

Na het besluit over de verklaring zal deze tezamen met de vergunning zes weken ter inzage gelegd worden. Dit wordt bekendgemaakt in het Gemeenteblad (te vinden op officiëlebekendmakingen.nl). In deze periode kunnen belanghebbenden beroep instellen. 3.6 Wanneer en hoe zal de raad over de voortgang worden geïnformeerd?

Als er beroep wordt ingesteld, wordt de raad daarover geïnformeerd.

Bijlage(n): • Nota van zienswijzen VVGB Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag • Ruimtelijke onderbouwing parkeerterrein Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag

1

Nota van zienswijzen behoort tot het raadsvoorstel tot het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen voor het uitbreiden van de parkeerplaats van Van Lent te Leidsemeerstraat 10 Buitenkaag, A. Procedure B. Beoordeling zienswijzen A. Procedure De ontwerpverklaring en -omgevingsvergunning zijn op 27 juli 2022 bekendgemaakt en hebben vanaf 28 juli 2022 gedurende zes weken ter visie gelegen. In deze periode kon iedereen zienswijzen indienen. Er is één zienswijze binnengekomen. De raadsleden zijn de nodige gegevens van de zienswijze-indiener (hierna: reclamant) verstrekt. In deze nota van zienswijzen is de reclamant geanonimiseerd. Dat is gedaan om te voldoen aan de regelgeving over privacy. De zienswijze is binnen de termijn ingediend en is daarom ontvankelijk. B. Beoordeling zienswijzen Reclamant 1 Reclamant geeft aan het een positieve ontwikkeling te vinden dat op deze wijze een begin gemaakt wordt met het oplossen van de verkeersproblematiek in Buitenkaag. Reclamant constateert dat de toegangsweg een 15km/uur weg is en op dezelfde locatie ligt als de beoogde ontsluitingsweg zoals die in Visie Buitenkaag staat. Reclamant stelt voor het ontwerp aan te passen zodat er nu al rekening wordt gehouden met het verkeer dat in de toekomst van deze weg gebruik wil maken. Dan hoeft dit deel van de weg niet meer aangepast te worden. Reactie Visie Buitenkaag is een lange termijn visie.

Het is het beeld waar de gemeente uiteindelijk naar toe zou willen. De gemeente beoordeelt plannen en staat een plan toe als dat past in de visie. In dit geval is er een plan om de parkeerproblematiek in Buitenkaag (door werknemers van Van Lent) op te lossen en daarbij ook het verkeer zoveel mogelijk buiten Buitenkaag te houden. Beide zijn wat de gemeente betreft een goede ontwikkeling. De toegangsweg en het parkeerterrein liggen op dezelfde plek als waar in de visie ook een weg en een parkeerterrein bedacht zijn. Het plan past dus goed in de visie. Deze weg dient eerst alleen voor het parkeerterrein. Op de afbeelding is te zien dat het parkeerterrein zo ontworpen dat de weg doorgetrokken kan worden, zonder dat er parkeerplaatsen verloren gaan of verplaatst moeten worden. De weg is ook zo breed dat twee auto’s elkaar kunnen passeren. Het plan is afgestemd op de gewenste toekomstige ontwikkeling en blokkeert deze niet. Als de weg doorgetrokken wordt, kan ook bekeken worden welke maatregelen er nog nodig zijn op dit deel van de weg door toegenomen drukte of in verband met de verkeersveiligheid. Het is niet mogelijk een initiatiefnemer te belasten met extra kosten voor de rondweg, die niet bij zijn initiatief horen. Om de volledige ontsluitingsweg te kunnen realiseren is bovendien nodig dat alle grondeigenaren medewerking willen verlenen.

Conclusies reclamant 1: De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.

Parkeerterrein met toegangsweg voor Royal Van Lent Shipyard B.V. Ruimtelijke onderbouwing

Opdrachtgever Royal Van Lent Shipyard B.V. Contactpersoon de heer W. Rook Kenmerk R058895ad.202LSL1.id Versie 08_001 Datum 29 november 2022 Auteur J.C (Jos) Wiegman MSc dr. H.A.E. (Dirk-Jan) Simons

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Inhoudsopgave

1

Inleiding ................................................................................................................................. 4 Aanleiding ..................................................................................................................... 4 Ligging besluitgebied ..................................................................................................... 4 Vigerend bestemmingsplan ........................................................................................... 5 Procedure ..................................................................................................................... 6 Leeswijzer ..................................................................................................................... 6

2

Planbeschrijving ................................................................................................................... 7 Huidige situatie.............................................................................................................. 7 Toekomstige situatie ..................................................................................................... 7

3

Beleidskader ........................................................................................................................ 11 Rijksbeleid ................................................................................................................... 11 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening ............................................................................. 11 3.1.2 Luchthavenindelingbesluit Schiphol (LIB) ........................................................ 12 Provinciaal beleid ........................................................................................................ 12 3.2.1 Omgevingsvisie NH2050 ................................................................................ 12 3.2.2 Omgevingsverordening NH2020. .................................................................... 13 Regionaal beleid ......................................................................................................... 13 Gemeentelijk beleid ..................................................................................................... 14 3.4.1 Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 ............................................................. 14 3.4.2 Visie Buitenkaag 2040 .................................................................................... 14

4

Milieu- en omgevingsaspecten........................................................................................... 17 Algemeen .................................................................................................................... 17 Verkeer en parkeren .................................................................................................... 17 Geluid ......................................................................................................................... 18 Water .......................................................................................................................... 20 4.4.1 Keur Rijnland .................................................................................................. 20 4.4.2 Oppervlakteverharding en waterberging ......................................................... 21 Bodemkwaliteit ............................................................................................................ 22 Milieuzonering ............................................................................................................. 24 Natuur ......................................................................................................................... 25 Archeologie en cultuurhistorie .....................................................................................

26 Luchtkwaliteit............................................................................................................... 27 Externe veiligheid ........................................................................................................ 28

5

Economische uitvoerbaarheid ........................................................................................... 29 5.1.1 Grondexploitatie.............................................................................................. 29 5.1.2 Conclusie ........................................................................................................ 29 Maatschappelijke uitvoerbaarheid ............................................................................... 29

6

Conclusie ............................................................................................................................. 30

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Bijlagen Bijlage I Bijlage II Bijlage III Bijlage IV Bijlage V

Beplantingsvoorstel Situatietekening Verkennend (water)bodemonderzoek Quick scan ecologie Stikstofdepositie

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

1

Inleiding Aanleiding

Aanleiding voor het opstellen van deze ruimtelijke onderbouwing is het voornemen van Royal van Lent Shipyard BV (hierna: RVLS) om een parkeerterrein aan te leggen. RVLS is gevestigd aan de Julianalaan 3 in Kaag. Werknemers en bezoekers die met de auto naar het bedrijf rijden zijn genoodzaakt om hun auto te parkeren in Buitenkaag, alvorens zij met de veerpont naar de overzijde varen. Dit zorgt in Buitenkaag voor parkeeroverlast op de openbare parkeerplaatsen. Tijdens de werkuren van RVLS zijn er nauwelijks openbare parkeerplaatsen beschikbaar. Om de parkeeroverlast te verminderen en de werknemers een vaste parkeerplaats te bieden heeft RVLS het voornemen om de bestaande parkeerplaats aan de Leidsemeerstraat uit te breiden aan de noordzijde, zodat de totale parkeerplaats plaats gaat bieden aan circa 300 auto’s. Het beoogde perceel heeft in het vigerende bestemmingsplan ‘Buitengebied Zuid’ de bestemming ‘Agrarisch – Glastuinbouw’. De huidige bestemming voorziet niet in de mogelijkheid tot deze ontwikkeling. Om de ontwikkeling mogelijk te maken wordt op grond van artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 3 van de Wabo een omgevingsvergunning aangevraagd om af te wijken van het bestemmingsplan. Bij de vergunningsaanvraag moet een ruimtelijke onderbouwing worden aangeleverd. Onderliggende rapportage voorziet hierin.

Ligging besluitgebied De beoogde locatie van het parkeerterrein betreft delen van de percelen kadastraal bekend als gemeente Haarlemmermeer, sectie O, nummers 3019 en 3152 en sectie AO, nummer 913. De locatie wordt bijna volledig omsloten door kassen. Het bestaande parkeerterrein is al toegestaan op basis van het vigerende bestemmingsplan en maakt daarom geen onderdeel uit van deze aanvraag. Aan de zuidzijde sluit het aan op het bestaande parkeerterrein aan de Leidsemeerstraat. De uitbreiding van het parkeerterrein krijgt een toegangsweg die ontsloten wordt vanaf de Hoofdweg. De toegangsweg komt ook tussen de kassen te liggen. Op figuur 1.1 is de ligging van het beoogde parkeerterrein weergegeven.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Figuur 1.1 Ligging perceel

Vigerend bestemmingsplan Het perceel ligt in het bestemmingsplan ‘Buitengebied Zuid’ (vastgesteld door de gemeente Haarlemmermeer op 4 juli 2013). Het perceel heeft de bestemming ‘agrarisch – glastuinbouw’. Verder heeft het perceel aanduiding ‘luchtvaartverkeerzone – lib’, wat inhoudt dat er bouwbeperkingen gelden voor gevoelige bestemmingen en dat er beperkingen zijn met betrekking tot de hoogte van gebouwen, andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Voor een uitsnede van het bestemmingsplan wordt verwezen naar figuur 1.2. De kassen die nu nog op de locatie aanwezig zijn worden gesloopt. Verder is het bestemmingsplan ‘Parapluplan parkeerregels’ van toepassing. Dit bestemmingsplan is vastgesteld op 4 oktober 2018. In dit bestemmingsplan zijn de gemeentelijke regels omtrent parkeren vastgelegd. Nieuwe ontwikkelingen moeten aan de gemeentelijke parkeernormen voldoen. Er wordt geen nieuw beleid mee geïntroduceerd. Ook het bestemmingsplan ‘Parapluplan datacenters’ is van toepassing. Dit bestemmingsplan is vastgesteld op 22 oktober 2020. De planologische regelingen in dit bestemmingsplan zijn echter niet relevant voor het onderhavige plan, en wordt daarom niet verder behandeld.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Figuur 1.2 Uitsnede bestemmingsplan (perceel rood omkaderd)

Procedure De voorgenomen ontwikkeling is niet toegestaan binnen de regels van het vigerende bestemmingsplan. Het gebruik van het perceel ten behoeve van een parkeerterrein is niet toegestaan. Gelet op het bepaalde in artikel 2.10 lid 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo), moet beoordeeld worden of vergunningverlening onder toepassing van artikel 2.12 van de Wabo mogelijk is. In dit geval wordt afgeweken van het geldende bestemmingsplan. Medewerking kan alleen worden verleend door toepassing van artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 3 van de Wabo. Dit document, de ruimtelijke onderbouwing, maakt onderdeel uit van de aanvraag voor de omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan.

Leeswijzer In hoofdstuk 2 van deze ruimtelijke onderbouwing wordt een planbeschrijving van het besluitgebied gegeven. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het vigerend beleid waarbij het beleid op verschillende bestuursniveaus aan bod komt. Vervolgens wordt in hoofdstuk 4 ingegaan op de verschillende milieu- en omgevingsaspecten. Hoofdstuk 5 zal vervolgens ingaan op de financiële uitvoerbaarheid. Tenslotte wordt in hoofdstuk 6 de wettelijke procedure beschreven.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

2

Planbeschrijving Huidige situatie

De locatie ligt in het glastuinbouwgebied van Buitenkaag. De omgeving wordt dan ook gekenmerkt door kassen. De gronden waar het nieuwe parkeerterrein en de bijbehorende toegangsweg voorzien zijn hebben een oppervlakte van circa 4.500 m2 en zijn in de bestaande situatie bebouwd met kassen. Bij de entree van de toegangsweg aan de Hoofdweg ligt een waterbassin. De kern van Buitenkaag ligt hemelsbreed op circa 250 meter afstand. Aantal bestaande parkeerplaatsen Het bestaande parkeerterrein van RVLS, op de percelen achter de Leidsemeerstraat 10, biedt plaats aan 143 auto’s. Tevens zijn er op het eiland waar RVLS gevestigd is nog 76 parkeerplaatsen aanwezig. In totaal heeft RVLS dus 219 parkeerplaatsen tot haar beschikking. Aantal benodigde parkeerplaatsen In 2019 werkten er bij RVLS in totaal 1.072 personen. Dit aantal bevat alle werknemers, waaronder vaste medewerkers, inhuurkrachten en tijdelijk personeel. Maximaal 60% van de werknemers is tegelijk op de werf. Dat betekent dat er maximaal ca. 640 werknemers tegelijk op de werf aanwezig zijn. Het aantal werknemers neemt naar verwachting niet af in de komende jaren, en ook het aantal bezoekers stijgt naar verwachting. Per dag komen circa 100 personeelsleden met de fiets/bromfiets. In totaal heeft RVLS dus ca. 540 parkeerplaatsen nodig.

Dat betekent dat er een tekort is van circa 321 parkeerplaatsen, waardoor werknemers van RVLS een beroep doen op parkeerplaatsen in de omgeving. Beschikbare parkeerplaatsen in de omgeving In het dorp Buitenkaag zijn in de bestaande situatie circa 230 openbare parkeerplaatsen aanwezig. Op het moment dat de werknemers van RVLS ’s ochtends aankomen worden circa 65 van de 230 parkeerplekken bezet door bewoners. Dat zou betekent dat circa 165 parkeerplekken gebruikt zouden kunnen worden door werknemers van RVLS, zonder dat er parkeerproblemen op zouden kunnen treden. Samen met de parkeerplaatsen van RVLS zijn er momenteel dus circa 384 parkeerplaatsen beschikbaar voor werknemers van RVLS (165+143+76). Bij een parkeerbehoefte van ca. 540 parkeerplaatsen is er dus nog een tekort van 156 parkeerplaatsen. Dit veroorzaakt de parkeerproblematiek in de kern Buitenkaag.

Toekomstige situatie Toevoegen parkeerplaatsen Door de uitbreiding van het bestaande parkeerterrein aan de Leidsemeerstraat naar circa 300 parkeerplaatsen neemt het aantal eigen parkeerplaatsen toe met 157 naar circa 376 parkeerplaatsen. Deze parkeerplaatsen vangen grotendeels de totale parkeerbehoefte van RVLS op. Gezamenlijk met de 165 openbare parkeerplaatsen die gebruikt kunnen worden door werknemers van RVLS zijn er daarom in totaal 541 beschikbare parkeerplaatsen. Hiermee wordt in de volledige

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

parkeerbehoefte van RVLS voorzien, en blijft er voldoende parkeerruimte over voor de bewoners van Buitenkaag. Opgemerkt wordt dat de bovenstaande berekening uitgaat van het worst-case scenario, namelijk het moment dat alle werknemers van RVLS ‘s ochtends aankomen en de bewoners in Buitenkaag nog een deel van de parkeerplaatsen bezetten. In werkelijkheid komen niet alle RVLS werknemers op hetzelfde tijdstip aan, waardoor de parkeerbezetting op de beschikbare parkeerplaatsen nooit 100% zal zijn. Inrichting en inpassing parkeerterrein Het parkeerterrein wordt uitgevoerd op basis van een zogenaamd Wavicore systeem. Dit is een methode van waterinfiltratie voor verhardingen waarbij hemelwater wordt vastgehouden in holle ruimtes onder de verharding. Het is goed toepasbaar in situaties met hoge grondwaterstanden. In onderstaande figuur is het systeemontwerp geïllustreerd. Dit systeem van wateropslag onder verharding draagt op deze manier bij aan het klimaatadaptief inrichten en waterrobuust maken van het parkeerterrein.

Op het parkeerterrein worden tussen de parkeerplaatsen en op gepaste afstand van elkaar bomen geplant, ook op het bestaande parkeerterrein. De bomen zijn niet al te groot om te voorkomen dat de naastliggende kassen overlast ondervinden van schaduwwerking. Het betreft hier bomen die 6 12 meter hoog worden. De bomen zorgen voor schaduw en koelteplekken over het parkeerterrein en dragen daarmee aan het voorkomen van hittestress. Op het parkeerterrein wordt op de kopse kanten van de rijen parkeerplaatsen beplanting aangebracht. De beplanting is niet al te hoog om te voorkomen dat de naastliggende kassen overlast ondervinden van schaduwwerking. Langs de randen van het parkeerterrein en de toegangsweg worden groenstroken aangelegd waarin sierheesters geplant worden. Om het gehele terrein wordt een kokoshekwerk geplaatst die met Hedera begroeid wordt. Voor een overzicht van het te planten groen wordt verwezen naar het beplantingsvoorstel dat als bijlage I is bijgevoegd bij deze ruimtelijke onderbouwing. Langs de noordzijde van perceel 3019 en 3125 en de zuidzijde van perceel 913 wordt een toegangsweg van circa 200 meter aangelegd vanaf de Hoofdweg. Middels borden wordt aangegeven dat uitsluitend personeel van RVLS op deze locatie mag parkeren. Bij de inrit vanaf de Hoofdweg wordt een slagboom geplaatst, waarmee geborgd wordt dat enkel werknemers van

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

RVLS het parkeerterrein kunnen gebruiken. Op de toegangsweg wordt een snelheidsbeperking van 15 km/u opgelegd om de geluidemissie van de rijdende auto’s te beperken en de veiligheid optimaal te houden. Over de gehele lengte van de toegangsweg worden daarom vernauwingen aangebracht in de vorm van plantenbakken om te borgen dat er niet harder gereden kan worden. Auto’s die elkaar tegemoet rijden kunnen elkaar dan alsnog passeren in de ruimte tussen de vernauwingen. Aan de zijden van de toegangsweg zal een lage opstaande rand naast de verharding worden aangebracht. Dit om te voorkomen dat auto’s van het talud afrijden. Op het parkeerterrein worden verder laadzuilen voor 30 elektrische auto’s geplaatst. Een overzicht van de inrichting van het toekomstige parkeerterrein is in figuur 2.1 weergegeven. Een gedetailleerdere situatietekening is opgenomen in bijlage II. De indeling van het bestaande parkeerterrein blijft onveranderd, behalve dat ook hier op het terrein beplanting en langs dit terrein groenstroken worden aangelegd.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Figuur 2.1 Inrichting parkeerterrein

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

3

Beleidskader Rijksbeleid

3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is de Ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. De ladder is per 1 oktober 2012 ook als procesvereiste opgenomen in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Dat betekent dat overheden nieuwe stedelijke ontwikkelingen moeten motiveren met oog voor de onderliggende vraag in de regio, de beschikbare ruimte binnen het bestaande stedelijke gebied en een multimodale ontsluiting. Op 1 juli 2017 is een wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening in werking getreden, waarbij ook de Ladder voor duurzame verstedelijking aangepast is. Het doel van de Ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De Ladder geeft daarmee invulling aan het nationaal ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten. De definitie voor een stedelijke ontwikkeling (artikel 1.1.1, lid 1, Bro) luidt als volgt: Stedelijke ontwikkeling: ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Het doel van de ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving.

De ladder geeft daarmee invulling aan het nationaal ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten. Dit belang staat beschreven in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte binnen een breder kader van een goed systeem van ruimtelijke ordening. Met de ladder voor duurzame verstedelijking wordt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten nagestreefd. Conform het bepaalde in artikel 3.1.6, lid 2 Bro moet bij ruimtelijke ontwikkelingen sprake zijn van zorgvuldig ruimtegebruik en dient overprogrammering te worden voorkomen. Middels de 'ladder voor duurzame verstedelijking' vindt een toetsing door de gemeente plaats. In de Ladder voor duurzame verstedelijking wordt beschreven wat de behoefte aan de betreffende ontwikkeling is, en, indien de ontwikkeling mogelijk gemaakt wordt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Toetsing In het onderhavige plan is geen sprake van een stedelijke ontwikkeling conform artikel 1.1.1, lid 1, Bro. Uit jurisprudentie blijkt dat een parkeerterrein waarvan de behoefte afhankelijk is van de aanwezigheid van een bestaande voorziening niet aan te merken is als een stedelijke ontwikkeling (ECLI:NL:RVS:2017:943).

In dit geval is het parkeerterrein geen onderdeel van de inrichting van RVLS en de behoefte eraan is direct afhankelijk van de parkeerproblematiek in Buitenkaag, die voor een deel veroorzaakt wordt door de auto’s van de werknemers van RVLS. De parkeerplaats is geen zelfstandige parkeervoorziening voor bijvoorbeeld bewoners uit Buitenkaag. Dit wordt

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

geborgd door een slagboom bij de inrit van het terrein. Door het parkeerterrein wordt de parkeerproblematiek in Buitenkaag aangepakt en verbetert tevens ook de verkeersveiligheid. Conclusie Er is formeel geen toetsing aan de Ladder voor duurzame verstedelijking benodigd. Ondanks dat kan toch geconcludeerd worden dat er voorzien wordt in de behoefte naar parkeervoorzieningen voor werknemers van RVLS. 3.1.2 Luchthavenindelingbesluit Schiphol (LIB) Het Luchthavenindelingbesluit (LIB) bevat ruimtelijke maatregelen op rijksniveau die verband houden met het waarborgen van de veiligheid rond de luchthaven Schiphol. Het LIB legt behalve het luchthavengebied ook een beperkingengebied rondom het luchthavengebied vast. Het gaat daarbij om hoogtebeperkingen, beperkingen ten aanzien van het toelaten van nieuwe functies, het voorkomen van geluidhinder en het voorkomen van het aantrekken van vogels. Voor de onderhavige locatie is sprake van een beperking in bouwhoogte en een beperking voor het realiseren van gevoelige bestemmingen. In het onderhavige plan ontstaan geen situaties die strijdig zijn met deze beperkingen. De hoogtebeperking op deze locatie betreft 150 meter. Deze hoogte wordt niet overschreden. Er wordt tevens geen gevoelige bestemming (woningen, woonwagens, woonschepen, gebouwen met een gezondheidszorgfunctie en gebouwen met een onderwijsfunctie) gerealiseerd.

Dit plan is niet in strijd met het LIB Schiphol.

Provinciaal beleid 3.2.1

Omgevingsvisie NH2050

Op 19 november 2018 hebben de Provinciale Staten van Noord-Holland de Omgevingsvisie NH2050 vastgesteld. Hierin staat de visie op de fysieke leefomgeving beschreven en hoe deze visie gerealiseerd moet worden. De leidende hoofdambitie in de Omgevingsvisie NH2050 is de balans tussen economische groei en leefbaarheid. Een gezonde en veilige leefomgeving, die goed is voor mens, plant én dier, is een voorwaarde voor een goed economisch vestigingsklimaat. Tegelijkertijd is duurzame economische ontwikkeling een voorwaarde voor het kunnen investeren in een prettige leefomgeving, omdat het leefbaar houden van de provincie ook vraagt om investeringen in bijvoorbeeld het landschap, natuurontwikkeling en de transitie naar een duurzame energiehuishouding. De provincie wil een goede balans tussen leefbaarheid en economische ontwikkeling. Een belangrijk aspect van de leefbaarheid is een goede kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Daarmee doelt de provincie op aspecten die de fysieke leefomgeving gezond en veilig maken. Denk aan luchtkwaliteit, geur, bodem en ondergrond, waterkwaliteit, geluid, omgevingsveiligheid (gevaarlijke stoffen, brand en explosiegevaar), waterveiligheid en verkeersveiligheid. In samenhang met de bovengrondse verdichting verdient de ondergrond als extra ordeningsdimensie aandacht als nieuwe (leef)laag voor allerlei functies.

Dit speelt vooral in steden (denk aan parkeren, verkeersinfrastructuur, musea en winkels). Om een goede kwaliteit van de fysieke leefomgeving te borgen, hanteren we twee basisrandvoorwaarden. Daarnaast gelden vier generieke ontwikkelprincipes die op alle bewegingen van toepassing zijn. De basisrandvoorwaarden gaan over gezondheid, veiligheid en klimaatadaptatie. De vier generieke

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

ontwikkelprincipes gaan over landschap, natuurinclusiviteit, clustering van activiteiten en de samenhang tussen de bovengrond en de ondergrond. Toetsing Het realiseren van een parkeerterrein ten behoeve van de werknemers en bezoekers van RVLS zorgt er in eerste instantie voor dat de parkeeroverlast in Buitenkaag vermindert. Bijkomend effect is dat ook andere aspecten van de leefomgeving verbeteren. In de nieuwe situatie rijden de werknemers en bezoekers direct vanaf de Hoofdweg, via de toegangsweg naar het parkeerterrein. Hiermee wordt voorkomen dat de auto’s door de kern van Buitenkaag moeten rijden om RVLS te bereiken. Daardoor verbetert de verkeersveiligheid, de luchtkwaliteit en is er minder geluidhinder als gevolg van verkeer in Buitenkaag. De ontwikkeling van het parkeerterrein draagt in het geheel dus bij aan een gezonder en veiliger fysieke leefomgeving in Buitenkaag. Daarmee is de ontwikkeling in lijn met de provinciale Omgevingsvisie. 3.2.2 Omgevingsverordening NH2020. In de Omgevingsverordening NH2020 heeft Provinciale Staten in het kader van een goede ruimtelijke ordening een aantal algemene regels vastgesteld over de inhoud van en de toelichting op bestemmingsplannen over onderwerpen in zowel het landelijke als het bestaand bebouwd gebied van Noord-Holland, inclusief Amsterdam, waar een provinciaal belang mee gemoeid is.

Onderhavige locatie lag in een gebied dat in de Omgevingsverordening NH2020 (Ov NH2020) was aangeduid als glastuinbouwconcentratiegebied. De Ov NH20202 is op 21 juni 2022 aangepast waarmee deze aanduiding is komen te vervallen. Eventuele beperkingen die vanuit de functie glastuinbouwconcentratiegebied van toepassing zijn voor herinrichting gelden daarmee niet langer meer.

Regionaal beleid Op 12 februari 2015 is de ‘Ruimtelijke Visie Greenport Aalsmeer 2015 – 2025’ vastgesteld. In de visie is het glastuinbouwgebied aangeduid als bestaand ‘transformatiegebieden en verspreid glas’. Zie ook figuur 3.1. De gebieden in deze categorie vormen gezamenlijk ongeveer 270 hectare netto glasareaal, inclusief 160 hectare netto verspreid glas. Jaarlijks zou circa 25-30 hectare netto gefaseerd en gedoseerd van de markt moeten worden gehaald in de komende tien jaar. In enkele van deze gebieden is een transformatie gepland of reeds gestart. Voor de transformatiegebieden is het wenselijk dat de bij de Greenport Aalsmeer betrokken overheden in beeld brengen hoe de marktverwachtingen en de programmering is voor andere functies, waaronder ook agrarische, dan tuinbouwproductie. Een uitgangspunt kan zijn om te beginnen in de gebieden waar verdiencapaciteit voor andere functies aanwezig is. Inzet en afboekingen van waarderingen van glasopstanden van de eigenaren is nodig om realisatie van functiewijziging en sloop mogelijk te maken. Gegeven de ouderdom van veel opstanden, zouden de opstanden grotendeels afgeschreven moeten zijn. De economische glastuinbouwwaarde is laag. Relatief lage grondprijzen zijn te verwachten, hetgeen kansen biedt voor transformatie.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Figuur 3.1 Uitsnede Ruimtelijke Visie Greenport Aalsmeer 2015 – 2025 (in groen het glastuinbouwgebied in Buitenkaag omcirkeld) In de PRV (zie paragraaf 3.2) is vastgelegd dat functieverandering van een glastuinbouwlocatie mogelijk is als daarvoor afspraken zijn gemaakt door de Stuurgroep Greenport Aalsmeer. Deze ruimtelijke visie voorziet daarin. De provincie heeft ingestemd met de Ruimtelijke Visie Greenport Aalsmeer 2015 – 2025. Het plan is in lijn met het regionale beleid.

Gemeentelijk beleid 3.4.1 Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 In de Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 (juli 2012) is geen specifiek beleid opgenomen voor de onderhavige locatie in Buitenkaag. Opgemerkt wordt dat de locatie dus ook niet aangemerkt is voor nieuwbouw of herstructurering van glastuinbouw. Dit is in lijn met de Ruimtelijke Visie Greenport Aalsmeer. De ontwikkeling is niet in strijd met de gemeentelijke structuurvisie.

3.4.2 Visie Buitenkaag 2040 Op 2 februari 2021 is de concept Visie Buitenkaag 2040 gepubliceerd. De visie heeft tot doel een nieuw ruimtelijk perspectief voor Buitenkaag te ontwikkelen tot 2040. De visie moet een bijdrage leveren aan een leefbaar en vitaal Buitenkaag. Hierbij vormt de visie een toetsingskader voor reeds bekende plannen en toekomstige initiatieven. Belangrijke speerpunten in de visie zijn: een duurzame oplossing voor de parkeeroverlast, meer mogelijkheden bieden in het glastuinbouwgebied, het faciliteren van recreatie en toerisme en het behouden en versterken van de Ringdijk- en dorpskarakteristiek. De planning is om in de zomer van 2021 de definitieve visie vast te stellen. In de concept visie is de beoogde uitbreiding van het parkeerterrein ook aangeduid als mogelijke uitbreidingslocatie. Als toelichting op het speerpunt om de parkeerproblematiek aan te pakken is benoemd dat tijdens het visietraject een toekomstbestendige locatie voor een parkeerterrein in het glastuinbouwgebied is gevonden. Deze krijgt een nieuwe ontsluitingsweg, waardoor de verkeersoverlast wordt teruggedrongen. In figuur 3.2 is de nieuwe ontsluitingsweg aangegeven

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

met zwarte pijlen. Tevens is langs deze ontsluitingsweg een langzaam verkeersverbinding voorzien. De nieuwe ontsluitingsweg en langzaam verkeersverbinding zijn opgenomen in het eindbeeld van de visie. Als eerste stap wordt het onderhavige parkeerterrein van RVLS gerealiseerd, met een toegangsweg naar de Hoofdweg. Pas in een later stadium wordt de ontsluitingsroute ook verder doorgetrokken richting het oosten.

Figuur 3.2 Uitsnede concept Visie Buitenkaag 2040 In figuur 3.3 is een dwarsprofiel weergegeven van hoe de hoofdontsluiting van oost naar west eruit zou kunnen zien. Duidelijk is dat langs de ontsluitingsweg voldoende groen geambieerd wordt teneinde een goede landschappelijke inpassing te borgen. In het onderhavige plan wordt hiermee rekening gehouden door aan weerszijden van de toegangsweg naar het nieuwe parkeerterrein groen te planten en plantenbakken aan te leggen.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Figuur 3.3 Dwarsprofiel nieuwe ontsluitingsstructuur van oost naar west. Toetsing Onderhavige uitbreiding van het parkeerterrein is opgenomen in de concept Visie Buitenkaag 2040. Het plan voldoet aan de concept visie.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

4

Milieu- en omgevingsaspecten Algemeen

Onderdeel van de ruimtelijke onderbouwing vormt nader onderzoek naar de relevante milieuaspecten. In dit hoofdstuk wordt per aspect beschreven wat de gevolgen zijn van het aanleggen van een parkeerterrein.

Verkeer en parkeren Verkeer Onderhavige ontwikkeling van een parkeerterrein heeft uitsluitend als doel om de werknemers en bezoekers van RVLS een eigen parkeerplek te bieden, om daarmee de parkeerproblematiek en parkeerdruk in Buitenkaag te verminderen. Er is geen sprake van een uitbreiding van het bedrijf of een toename van werknemers en bezoekers. De verkeersintensiteit neemt dus niet toe. Wat betreft verkeersveiligheid is er een verbetering te verwachten. De auto’s hoeven in de nieuwe situatie niet meer door Buitenkaag te rijden op zoek naar een parkeerplek. Vanaf de Hoofdweg rijden de auto’s de toegangsweg op naar het parkeerterrein en vermijden daardoor de verkeersdrukte in Buitenkaag. Dit wordt gewaarborgd door het plaatsen van een slagboom bij de inrit naar het parkeerterrein. Hiermee worden tevens kruispunten, aansluitingen, fietspaden en voetgangersoversteekplaatsen vermeden. De ontwikkeling zorgt dus voor een verbetering van de verkeersveiligheid. Parkeren In het bestemmingsplan ‘Parapluplan parkeerregels’ is vastgelegd dat nieuwe ontwikkelingen moeten voldoen aan de gemeentelijke parkeernormen. In het ‘Handboek parkeernormen gemeente Haarlemmermeer 2018’ is het uitgangspunt dat parkeren zoveel mogelijk op eigen terrein of binnen de plangrenzen van een ontwikkeling moet worden opgelost.

Er moet voldoende parkeeraanbod gerealiseerd zijn om de reguliere parkeervraag te kunnen faciliteren. In de bestaande situatie is hier geen sprake van. Bij RVLS zijn niet genoeg parkeerplekken en ook de bestaande parkeerplaats aan de Leidsemeerstraat 10 voorziet niet in voldoende parkeerplekken. Dit zorgt ervoor dat er veel parkeerplekken in de openbare ruimte in Buitenkaag gebruikt worden. Onderhavige ontwikkeling draagt bij aan het oplossen van de parkeerproblematiek. In de toekomstige situatie kunnen alle werknemers en bezoekers van RVLS hun auto kwijt op één van de parkeerplaatsen van het bedrijf. Daarmee wordt voldaan aan het gemeentelijke parkeerbeleid. De aspecten verkeer en parkeren zorgen niet voor belemmeringen van het plan.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Geluid Wettelijk kader Voor onderhavige ontwikkeling hoeft niet getoetst te worden aan de normen uit de Wet geluidhinder om de volgende redenen: - Er wordt geen geluidgevoelige functie gerealiseerd; - De bestaande woningen aan de Hoofdweg 1964 en 1972 liggen niet in de zone van de nieuw te realiseren weg: 1. De toegangsweg betreft namelijk een eigen weg met slagboom die alleen toegankelijk is voor personeel. 2. De maximale snelheid op de weg bedraagt 15 km/h. Dit wordt geborgd door het realiseren van vernauwingen in de toegangsweg. Ter plaatse van de vernauwingen kan maar één auto tegelijk, met maximaal 15 km/u, de vernauwing passeren. Tussen de vernauwingen is ruimte voor tegemoetkomende auto’s om langs elkaar te rijden. Conform artikel 74 lid 2 van de Wet geluidhinder heeft een weg met een snelheid van 30 km/h, of op een woonerf (15 km/h), geen zone. Kwalitatieve beoordeling In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het geluid daarentegen toch kwantitatief beoordeeld1. Voor de woning op het terrein waar de toegangsweg komt te liggen (Hoofdweg 1964) is er een kleine toename van geluid (van 1 dB) op één gevel van de eerste verdieping. Dit komt door het verkeer over de toegangsweg. De toename is marginaal en het totale geluidsniveau is inpasbaar met een goede ruimtelijke ordening. Voor alle andere woningen neemt het geluid vanwege verkeersbewegingen af.

De redenen voor de verbetering zijn als volgt: - Het aantal verkeersbewegingen blijft gelijk, zie hiervoor ook paragraaf 4.2. Er is dus geen sprake van een toename in geluid. - De afstand van de woningen aan de Hoofdweg 1972 tot het midden van de doorgaande weg (de Hoofdweg) bedraagt minimaal 18 m. De afstand tot het midden van de beoogde toegangsweg naar het parkeerterrein bedraagt minimaal 22 m, zie ook figuur 4.1. De afstand tot het verkeer neemt dus toe. Dit betekent dat er een afname is van geluid. - In de bestaande situatie rijden de voertuigen op een afstand van circa 18 meter van de woning met een snelheid van 50 km/h over de Hoofdweg 1972. In de nieuwe situatie rijden de voertuigen over de eigen toegangsweg van en naar het parkeerterrein met een snelheid van maximaal 15 km/h. Dit betekent dat er een afname is van geluid. - Tussen de woning (Hoofdweg 1972) en de Hoofdweg liggen geen afschermende objecten. Tussen de beoogde toegangsweg en de woning liggen wel afschermende objecten. Dit betekent dat er een afname is van geluid. - De bestaande ingang van het parkeerterrein aan de Leidsemeerstraat wordt in de toekomstige situatie niet meer gebruikt. Langs deze ontsluitingsweg rijden in de toekomst dus geen auto’s meer. Dit zorgt voor een afname van geluid van auto’s op deze locatie.

- Doordat de werknemers van RVLS in de nieuwe situatie niet meer door de kern Buitenkaag hoeven te rijden om het parkeerterrein te bereiken, en er minder parkeerplekken in Buitenkaag door werknemers van RVLS worden gebruikt, neemt ook het geluid van auto’s in Buitenkaag af. 1

LBPSIGHT rapport V058895ad.21DARSY.ka. Onderzoek indirecte hinder parkeerplaats Buitenkaag, van 27 september 2021

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

23 meter

22 meter

18 meter

34 meter

Figuur 4.1 Afstand van de bestaande woning tot de Hoofdweg en de beoogde toegangsweg Uit het geluidonderzoek blijkt dat indirecte hinder vanwege alleen het verkeer op de toegangsweg 46 dB(A) bedraagt ter hoogte van de maatgevende woning (Hoofdweg 1964). De indirecte hinder vanwege het verkeer dat van en naar de parkeerplaats rijdt, op de toegangsweg en Hoofdweg samen, bedraagt circa 48 dB(A). Beide waarden liggen onder de voorkeurswaarde. Voor de maximale geluidniveaus (piekgeluiden) berekenen we ten hoogste 58 dB(A) op de gevels van de woning aan de Hoofdweg 1964 en ten hoogste 54 dB(A) op de gevels van de woning aan de Hoofdweg 1972. Er geldt geen wettelijke norm voor het piekgeluid dat optreedt bij indirecte hinder, maar we beschouwen dit wel in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Deze waarden liggen onder de richtwaarde van 60 dB(A) in de nachtperiode, die wordt genoemd in de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening. Hieruit wordt geconcludeerd dat het aspect geluid geen belemmeringen vormt voor onderhavig plan.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Water 4.4.1 Keur Rijnland De locatie ligt in het beheergebied van het Hoogheemraadschap Rijnland. Op figuur 4.2 is een uitsnede van de legger van het Hoogheemraadschap weergegeven. Langs de noordzijde van het beoogde parkeerterrein ligt een ‘overig water’ met een bijbehorende kernzone en beschermingszone (code 180-058-05699). Deze watergang met beschermingszone ligt langs een klein deel van het parkeerterrein en toegangsweg. Deze watergang heeft een breedte van 0,81 m en een lengte van 98 m op basis van de gegevens van het Hoogheemraadschap. Deze watergang moet over een lengte van 73 m gedempt worden ten behoeve van de toegangsweg. In de Keur 2020 van het Hoogheemraadschap is vastgelegd dat er geen vergunningplicht geldt voor het dempen van watergangen zolang de oppervlakte van de demping kleiner is dan 100 m2 (artikel 3.2, lid 2 onder a van de Keur). In dit geval is hier sprake van. In de praktijk zal er ca. 59 m2 gedempt worden. In dit geval is een meldplicht van toepassing. Het verdere ontwerp en de werkzaamheden worden gemeld voorafgaand aan de uitvoering, e.e.a. conform de Uitvoeringsregels van de Keur Rijnland van 1 juni 2020. Verder liggen er geen relevante oppervlaktewateren in of nabij het parkeerterrein.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Figuur 4.2 Uitsnede legger Hoogheemraadschap, met in rood aangegeven het nieuwe parkeerterrein Waterkering Er bevinden zich in de nabije omgeving geen primaire of regionale waterkeringen waarmee rekening moet worden gehouden.

4.4.2 Oppervlakteverharding en waterberging Het perceel is in de bestaande situatie volledig verhard en bebouwd. De kassen worden gesloopt, en in de plaats daarvan wordt het parkeerterrein aangelegd. Per saldo neemt de verharding dus niet toe. Met het aanleggen van de groenstroken langs de zijkanten van het parkeerterrein neemt de oppervlakteverharding juist af, en de capaciteit van de grond om hemelwater af te voeren en te bergen toe. Er is dus in beginsel sprake van een verbetering van de hemelwaterafvoer. Er zijn geen verdere maatregelen zoals compensatie nodig.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

In het Werkkader klimaatadaptatie heeft de gemeente Haarlemmermeer handvatten vastgelegd om nu al aan de slag te kunnen met klimaatbestendig inrichten, vooruitlopend op het nog vast te stellen gemeentelijk klimaatadaptatiebeleid. In het werkkader zijn basisveiligheidsniveaus met minimale normen om klimaatbestendig in te richten. Het werkkader is erom te oefenen met de normen. Door het werkkader kan er al met de normen geoefend worden. Al lerend kan de gemeente dan bekijken welke basisveiligheidsniveaus onvoorziene significante kosten met zich meebrengen, onverwachte conflicterende belangen hebben met andere beleidsdoelen en in welke mate de basisveiligheidsniveaus haalbaar zijn. Al deze input wordt meegenomen voor het op te stellen klimaatadaptatiebeleid, zodat het definitieve kader met basisveiligheidsniveaus realistisch en doelmatig is. In het onderhavige plan is sprake van een herstructurering in een centrum-dorps milieu.

Ambities die bij dit milieu horen en die van toepassing zijn op de onderhavige ontwikkeling zijn: - Om de 500 meter is een koelteplek aanwezig, bijvoorbeeld een boom van 1e grootte of overdekte openbare ruimte; - Er wordt gestreefd naar een gevoelstemperatuur die niet hoger wordt dan 41 graden PET; - 0-meting grondwater (hoogste en laagste stand), met maatwerk een kostenefficiënte oplossing bepalen; - 50% hemelwater afkoppelen bij herstructurering of uitbreiding; - 15% van maatgevende bui in het riool afvoeren, 85% eerst bergen in de openbare ruimte of op eigen terrein. Met de bovengenoemde ambities wordt rekening gehouden in het ontwerp van het parkeerterrein. Er wordt beplanting geplaatst op het parkeerterrein. Samen met de plantenvakken aan de randen van het terrein wordt daarmee gestreefd de gevoelstemperatuur onder de 41 graden te houden. Het parkeerterrein wordt uitgevoerd op basis van een zogenaamd Wavicore systeem. Dit is een methode van waterinfiltratie voor verhardingen waarbij hemelwater wordt vastgehouden in holle ruimtes onder de verharding. Dit systeem van wateropslag onder verharding draagt op deze manier bij aan het klimaatadaptief inrichten en waterrobuust maken van het parkeerterrein. De overige normen die behoren tot het centrum-dorps milieu zijn niet van toepassing op een parkeerterrein, en omdat het geen openbare ruimte betreft.

Waterkwaliteit Er vindt met het plan geen vervuiling van het grond- en oppervlaktewater plaats. Bij de ontwikkeling van het parkeerterrein wordt gebruikgemaakt van duurzame bouwmaterialen Uitspoelen van stoffen, en daarmee veranderingen van de grondwaterkwaliteit, wordt niet verwacht. Het aspect water vormt geen belemmeringen voor het plan.

Bodemkwaliteit In het kader van het plan is een verkennend (water)bodemonderzoek uitgevoerd (zie bijlage III). De conclusie uit het onderzoek is als volgt:

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Gedempte sloot De gestelde hypothese dat ter plaatse van de gedempte sloot in grond en grondwater lichte tot sterke verhogingen aan PAK, minerale olie en vluchtige aromaten kunnen worden verwacht is deels bevestigd. Zintuiglijk is geen carbolineumgeur waargenomen. In de grond zijn geen verhogingen aangetoond. In het grondwater van de bestaande peilbuis R2B uit 2013 zijn lichte tot sterke verhogingen aan PAK’s aangetroffen, de gehalten som xylenen en minerale olie zijn daarnaast licht verhoogd aangetoond. De verontreinigingen zijn vermoedelijk te relateren aan het toepassen van verontreinigd dempingsmateriaal. Middels het onderzoek uit 2013 en onderhavig onderzoek is de verontreiniging voldoende afgeperkt, het betreft een verontreiniging van beperkte omvang. Er is vermoedelijk geen sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging (<100 m3 grondwater is sterk verontreinigd). Overig terreindeel De gestelde hypothese, dat lichte verhogingen aan zware metalen en bestrijdingsmiddelen in de grond en lichte tot sterke verhogingen aan zware metalen in het grondwater worden verwacht, is bevestigd. In de bovengrond zijn lichte verhogingen aan kwik, molybdeen en som drins (een bestrijdingsmiddel) aangetoond. In het grondwater is nikkel sterk verhoogd aangetoond, zink matig verhoogd en diverse overige zware metalen licht verhoogd.

De sterke verhoging aan nikkel in het grondwater komt overeen met de resultaten uit voorgaande onderzoeken uit 1998 en 2013, en is te relateren aan de bemesting in de kassen. Ook de overige lichte tot matige verhogingen aan zware metalen zijn hieraan te relateren. Bekend is dat verhoogde gehalten zware metalen als gevolg van overbemesting op langere termijn zullen afnemen na herstel van het natuurlijk evenwicht. Asbestonderzoek De gestelde hypothese dat de bovengrond verdacht is op het voorkomen van asbest, is niet bevestigd. In de bovengrond is zowel visueel als analytisch geen asbest aangetroffen. Waterbodemonderzoek Er is één mengmonster van de sliblaag geanalyseerd op het standaardpakket voor regionale waterbodems, aangevuld met OCB. In het slib zijn lichte verhogingen aan zware metalen, minerale olie en PAK gemeten. De verwerkingsmogelijkheden van het slib zijn als volgt: - Niet toepasbaar op landbodem; - Toepasbaar onder water als klasse B; - Niet verspreidbaar op een aangrenzend perceel. Algemeen De gevolgde onderzoeksstrategie geeft in voldoende mate de situatie ter plaatse van de onderzoekslocatie weer. Er is geen aanleiding tot het uitvoeren van nader onderzoek. De onderzoeksresultaten vormen geen belemmeringen voor de beoogde bestemming als parkeerplaats.

Grondwerkzaamheden boven de grondwaterstand kunnen conform de CROW400 (‘Werken in en met verontreinigde bodem’) worden uitgevoerd zonder aanvullende veiligheidsmaatregelen ten opzichte van de basis hygiëne. Indien bij grondwerkzaamheden in het grondwater wordt gewerkt nabij peilbuis R2B, dan dient hier veiligheidsklasse rood vluchtig gehanteerd te worden in verband

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

met verhoogde gehalten naftaleen. De veiligheidsklasse dient formeel te worden bepaald door een veiligheidskundige. Bij werkzaamheden in sterk verontreinigd grondwater wordt geadviseerd om contact op te nemen met het bevoegd gezag (de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied) om de werkzaamheden af te stemmen. Aanbevolen wordt om de grond die tijdens de werkzaamheden vrijkomt te hergebruiken binnen de perceelsgrenzen. Indien dit niet mogelijk is kan de grond op basis van dit rapport worden afgevoerd naar een grondbank of -depot. Hiervoor kan het noodzakelijk zijn dat de grond nog onderzocht dient te worden op PFAS. Als de grond wordt afgevoerd voor hergebruik elders, is (normaliter) eerst een keuring nodig (doorgaans incl. PFAS) conform het Besluit Bodemkwaliteit. Afhankelijk van de bestemming van de baggerspecie, kan een meldingsplicht bestaan: - Het verspreiden over een aangrenzend perceel is meldingsvrij; - Voor het toepassen op een landbodem elders dan een aangrenzend perceel geldt een meldingsplicht bij het ‘Meldpunt bodemkwaliteit’. De toepassingsmogelijkheden zijn afhankelijk van de kwaliteit van de baggerspecie en van de kwaliteit van de ontvangende bodem. Bij het transport is een bewijs nodig waaruit de herkomst en kwaliteit van de baggerspecie blijkt. - Het afvoeren naar een slibdepot of grondbank is meldingsvrij ten aanzien van het ‘meldpunt bodemkwaliteit’.

Bij de ontvangstlocatie dient een afvalstroomnummer aangevraagd te worden. Tevens dienen bij het transport begeleidingsbrieven aanwezig te zijn.

Milieuzonering Een parkeerterrein wordt in de VNG-publicatie ‘bedrijven en milieuzonering’ gecategoriseerd onder milieucategorie 2 (SBI-codering 5221 ‘Autoparkeerterreinen, parkeergarages’), maar is zelf geen inrichting. Hiervoor geldt een richtafstand van 30 meter, waarbij het geluid het maatgevende aspect is. Omdat er hier sprake is van een gebied langs een relatief drukke ontsluitingsweg en waar veel verschillende (bedrijfs)functies aanwezig zijn kan het gebied aangemerkt worden als ‘gemengd gebied’. Conform de VNG-systematiek mag de richtafstand dan met één afstandsstap verlaagd worden. De richtafstand van 30 meter neemt dan af naar 10 meter. Binnen 10 meter van het parkeerterrein of de toegangsweg liggen geen hindergevoelige bestemmingen of functies. De dichtstbijzijnde hindergevoelige functie is de bedrijfswoning aan de Hoofdweg 1964, op circa 22 meter. Er wordt ruim voldaan aan de richtafstand. Het aspect milieuzonering vormt geen belemmeringen voor het plan.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Natuur In het kader van het plan is een quick scan ecologie opgesteld (zie ook bijlage IV). Uit de quick scan blijkt het volgende. Soortenbescherming Algemene broedvogels en de rugstreeppad (incidenteel) maken gebruik van de planlocatie als broedlocatie. De effecten van de voorgenomen werkzaamheden zijn verstoring van broedvogels en mogelijk het vernietigen van nesten van broedvogels wanneer binnen het broedseizoen gewerkt wordt. Ook het doden van eieren, larven of individuen van de rugstreeppad kan een effect zijn. Een aanvullend ecologisch onderzoek naar één of meerdere soorten is niet noodzakelijk. Wel moeten voorzorgsmaatregelen genomen worden om negatieve effecten op beschermde soorten te voorkomen. Deze staan benoemd in onderstaande tabel. Het is tevens niet noodzakelijk om een ontheffing van de Wnb aan te vragen voor de werkzaamheden.

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

Tabel 4.1 Overzicht benodigde voorzorgsmaatregelen Gebiedsbescherming Het plangebied ligt niet in of nabij een Natura 2000-gebied, binnen het NNN of binnen een belangrijk weidevogelgebied. Negatieve effecten op beschermde gebieden kunnen bij voorbaat worden uitgesloten. Er is geen toetsing aan de gebiedenbescherming noodzakelijk. Er is geen sprake van een houtopstand die valt onder de Wet natuurbescherming of het gemeentelijk beleid. Stikstofdepositie In het kader van het plan is een onderzoek uitgevoerd naar stikstofdepositie als gevolg van het plan (zie ook bijlage V). Uit het onderzoek blijkt dat de aanlegfase en de gebruiksfase van het parkeerterrein niet tot een toename van de stikstofdepositie leidt ter hoogte van stikstofgevoelige habitattypen van omliggende Natura 2000-gebieden. Hierdoor zijn significant negatieve effecten voor de natuur uit te sluiten tijdens de gebruiksfase, en is in het kader van de Wet natuurbescherming een vergunningplicht niet aan de orde. Het aspect natuur vormt geen belemmeringen voor deze ontwikkeling.

Archeologie en cultuurhistorie Archeologie In het vigerende bestemmingsplan zijn voor de planlocatie geen specifieke regels opgenomen ter bescherming van archeologische waarden in de grond. In de ‘Nota Cultureel Erfgoed Gemeente Haarlemmermeer’ en de bijbehorende archeologische beleidskaart is onderhavige locatie aangeduid als categorie 3. Daarvoor geldt een archeologische onderzoeksplicht bij bouwplannen

R058895ad.202LSL1.id | versie 08_001 | 29 november 2022

vanaf 10.000 m2. In onderhavig plan wordt er niet meer dan 10.000 m2 in de grond gebouwd of verharding aangelegd. Er is geen verder onderzoek of een vergunning benodigd. Cultuurhistorie Ter plaatse van de planlocatie bevinden zich geen monumenten of cultuurhistorisch waardevolle gebouwen en structuren. Cultuurhistorie is niet aan de orde. De aspecten archeologie en cultuurhistorie vormen geen belemmeringen voor het plan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=b9cfdfc3-74e4-4e94-9cfd-955cd4771722