CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Vaststelling bestemmingsplan 'Parapluplan Wonen' (2021.0002704).pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 23 december 2021, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: 15:30 tot 16:00: HOORZITTING: RV Vaststelling bestemmingsplan 'Parapluplan Wonen' (2021.0002704)5.436 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente Haarlemmermeer

raadsvoorstel

Onderwerp

Portefeuillehouder Steller Collegevergadering

Vaststelling bestemmingsplan 'Parapluplan Wonen' mr. Mariëtte Sedee-Schuitemaker Jolanda Dam, mr. Jeroen Oosterhof 23 november 2021

Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer

2021.0002704 1. Voorstel Collegebesluit(en)

Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. de ingediende zienswijzen ontvankelijk te verklaren; 2. alle zienswijzen ongegrond te achten; 3. het bestemmingsplan Parapluplan Wonen ambtshalve gewijzigd vast te stellen; 4. geen exploitatieplan vast te stellen voor het bestemmingsplan Parapluplan Wonen omdat er geen verhaalbare exploitatiebijdragen zijn als bedoeld in artikel 6.2.1a sub b van het Besluit ruimtelijke ordening; 5. het bestemmingsplan Parapluplan Wonen met planidentificatie NLIMR0.0394.BPGhlmppwonen-C001 vast te stellen, bestaande uit een verbeelding en bijbehorende regels, volgens de artikelen 1.2.1 tot en met 1.2.5. van het Besluit ruimtelijke ordening in elektronische vorm vast te leggen en in die vorm vast te stellen, één en ander overeenkomstig de bij dit besluit gevoegde stukken en op grond van de overwegingen genoemd in het voorstel van burgemeester en wethouders; 6. het college van burgemeester en wethouders te machtigen het verder nodige te verrichten. 2. Samenvatting

Haarlemmermeer wil een aantrekkelijke gemeente zijn om te wonen met een aangenaam woon- en leefklimaat. Wij zijn ons ervan bewust dat er spanning staat op de woningmarkt en er een grote vraag bestaat naar alle vormen van wonen zoals het kopen en huren van ééngezinswoningen en de huur van kamers. Wij zien een tendens om bestaande woningen professioneel te verhuren. Daarnaast zien wij dat bestaande woningen worden ingezet voor logiesfuncties. Deze ontwikkelingen blijken niet goed geregeld in onze bestemmingsplannen. Hierdoor is het niet goed mogelijk om te kunnen sturen op een goede balans tussen de verschillende vormen van wonen en logiesgebruik enerzijds en een goed woon- en leefklimaat anderzijds. Het bestemmingsplan 'Parapluplan Wonen' biedt mogelijkheden om hierop te sturen.

Vaststelling bestemmingsplan 'Parapluplan Wonen'

pagina 2

Wij hebben binnen de bestaande beleidskaders gezocht naar wat eenvoudig toegestaan kan worden zonder nadere ruimtelijke afweging en vergunning. Die grens ligt bij het toestaan van beperkte verhuur van maximaal twee kamers voor wonen per eengezinswoning (hospitaverhuur) en een regeling die borgt dat een woning door slechts één huishouden mag worden bewoond. Het zonder vergunning gebruiken van de woning voor een logiesfunctie of het uitoefenen van een bed & breakfast en het gebruik van de woning voor vakantieverhuur langer dan 30 dagen per jaar wordt uitgesloten. Door middel van het bestemmingsplan worden de begripsbepalingen en gebruiksregels van de bestemmingen die betrekking hebben op de functie wonen gewijzigd en aangevuld. 3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken?

Haarlemmermeer wil een goed woon- en leefklimaat in wijken borgen. Ongewenste woonsituaties waarbij sprake is van bedrijfsmatige kamergewijze verhuur van woningen, het zonder vergunning gebruiken van de woning voor een logiesfunctie en/of het uitoefenen van een bed & breakfast willen wij voorkomen. De regels en begripsbepalingen van de geldende bestemmingsplannen bieden onvoldoende handvatten om ongewenste ruimtelijke effecten tegen te gaan en handhavend te kunnen optreden. Dit willen wij aanpassen. Wat is de aanleiding, context?

In de meeste geldende bestemmingsplannen van onze gemeente is het begrip 'woning' gedefinieerd, maar het begrip 'wonen' niet. In de praktijk roept dit de vraag op of onder 'wonen' hetzelfde moet worden verstaan als onder 'woning'. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft duidelijkheid gegeven over deze vraag (bijvoorbeeld in de uitspraak van de Afdeling van 6 juni 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1882). Als het begrip 'wonen' niet is omschreven in het bestemmingsplan, dan mag geen aansluiting worden gezocht bij de in het bestemmingsplan gegeven definitie van het begrip 'woning'. In dat geval moet aansluiting worden gezocht bij het algemeen spraakgebruik. In het algemeen spraakgebruik worden onder 'wonen' volgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State diverse uiteenlopende vormen van huisvesting begrepen. Deze uitspraak leidt ertoe dat er zonder omschrijving van het begrip 'wonen' in situaties waarin woningen op een ongewenste manier bedrijfsmatig worden verhuurd, geen sprake is van strijdig gebruik en handhavend optreden hiertegen niet mogelijk is. 3.2 Wat gaan we daarvoor doen?

Het bestemmingsplan Parapluplan Wonen wijzigt de bestemmingsomschrijving van de bestemmingen die betrekking hebben op de functie wonen. Wonen is alleen nog het wonen in een woning. Vervolgens is geregeld dat een woning slechts door één huishouden bewoond mag worden, meervoudige bewoning wordt als strijdig gebruik aangemerkt. Hierdoor wordt het mogelijk handhavend op te treden bij ongewenste woonsituaties, waarbij sprake is van bedrijfsmatige verhuur van woningen aan meerdere personen die geen gezamenlijke huishouding vormen. Voor situaties van woningdelen in de vorm van hospitaverhuur, die wel ruimtelijk aanvaardbaar kan worden geacht op grond van het Woonbeleidsprogramma Haarlemmermeer 2019-2025 (2019.0058049), bevat het plan een set met nadere voorwaarden waaraan voldaan moet worden. Uitsluitend die vorm van kamerverhuur is toegestaan. Om een goed woon- en leefklimaat in de wijken te borgen, willen wij verder per situatie kunnen bepalen of de verhuur van woningen als logiesfunctie of het gebruik van woningen voor bed & breakfast aanvaardbaar is. Het bestemmingsplan Parapluplan Wonen bepaalt daartoe dat deze vormen van gebruik niet zijn toegestaan. Via een omgevingsvergunning waarbij wordt

Vaststelling bestemmingsplan 'Parapluplan Wonen'

pagina 3

afgeweken van het bestemmingsplan kan dan een bed & breakfast of logiesfunctie worden toegestaan. Het plan repareert de ontstane situatie en via de vergunningverlening kan hierop worden gestuurd. Op 28 januari 2021 is het 'Verblijfsaccommodatiebeleid 2020-2025' (2020.0002664) vastgesteld. Deze beleidsregels bieden handvatten om in concrete situaties de ruimtelijke aanvaardbaarheid te toetsen. Voor functies die niet passen in het bestemmingsplan, maar wel in overeenstemming zijn met de beleidsregels kan dan een omgevingsvergunning op grond van artikel 2.12 lid 1 sub a onder 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht worden verleend. In het bestemmingsplan regelen wij we! dat het onder voorwaarden is toegestaan de woning voor een korte periode beschikbaar te stellen voor vakantieverhuur. Het parapluplan bestaat uit een verbeelding, in dit geval de contour van de gemeente Haarlemmermeer met uitzondering van die gebieden waarvoor een beheersverordening geldt, een set regels die zien op de wijziging van de begripsbepalingen met betrekking tot de functie wonen en het toevoegen van gebruiksregels binnen de bestemmingen die betrekking hebben op de functie wonen. Milieu- en externe veiligheidseffecten Voor diverse aspecten, zoals bodem, luchtkwaliteit, geluid, flora en fauna, externe veiligheid en water is nagegaan of nader onderzoek nodig is.

Omdat het bestemmingsplan Parapluplan Wonen niet voorziet in nieuwe ontwikkelingen is dat niet het geval. Wettelijk vooroverleg Met de vaststelling van het plan is geen sprake van beleidswijzigingen. Er zijn geen provincialeof rijksbelangen, dan wel gemeentelijke of waterschapsbelangen in het geding. Daarom is van het vooroverleg afgezien. 3.3 Wat mag het kosten?

Artikel 6.12 lid 1 Wet ruimtelijke ordening (Wro) bepaalt dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt voor gronden waarop een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen. In vervolg op artikel 6.12 lid 1 wordt in artikel 6.12 lid 2 Wro bepaald dat de gemeenteraad geen exploitatieplan vaststelt als het verhaal van kosten anderszins is verzekerd. Omdat het bestemmingsplan Parapluplan Wonen niet voorziet in nieuwe ontwikkelingen, is geen sprake van een aangewezen bouwplan. Er hoeft geen exploitatieplan te worden vastgesteld. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?

Op grond van de Wet ruimtelijke ordening stelt de gemeenteraad het bestemmingsplan vast. De portefeuillehouder Ruimtelijke Ordening is verantwoordelijk voor het opstellen van het bestemmingsplan. Door ons college te machtigen het verder noodzakelijke te verrichten, zijn wij bevoegd op te treden in een eventuele beroepsprocedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar? Bestemmingsplanprocedure

Het ontwerpraadsvoorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan is op 7 december 2020 bekendgemaakt en heeft met de daarop betrekking hebbende stukken vanaf 8 december 2020 gedurende zes weken ter inzage gelegen. In deze periode zijn drie zienswijzen ingediend. Onderstaand is een samenvatting van de zienswijzen weergegeven en van een reactie voorzien.

Vaststelling bestemmingsplan 'Parapluplan Wonen'

pagina 4

Zienswijze 1 en 2 Zienswijzen 1 en 2 zijn identiek. Gezien de algemeenheid van het ontwerp bestemmingsplan Parapluplan Wonen willen reclamanten de raad wijzen op de mogelijke bestemmingsverandering van perceel AG 491. Mocht het plan leiden tot de wijziging van de huidige agrarische bestemming naar wonen dan zijn zij hierop tegen. Reclamanten melden ook tegen het plan te zijn om met een kruimelregeling parkeren voor Royal van Lent Shipyard mogelijk te maken. Reactie: Het bestemmingsplan Parapluplan Wonen wijzigt de bestemming van het agrarische perceel niet. Het plan wijzigt alleen de begripsbepalingen en/of de bestemmingen die de betrekking hebben op de functie wonen. Bezwaren tegen vergunningen die worden verleend, kunnen in de vergunningsprocedure kenbaar gemaakt worden. Conclusie: De zienswijzen geven geen aanleiding tot het aanpassen van het bestemmingsplan. Zienswijze 3 Gebroeders Heemskerk BV Reclamant heeft sinds 1959 een landbouwmechanisatie- las- en constructiebedrijf, aan de Uweg in Nieuw-Vennep. Reclamant meent dat de vaststelling van het bestemmingsplan van nadeel zou kunnen zijn op de bebouwing van het naastgelegen perceel dat kadastraal bekend staat als 3454 (HEM 03-AE-3454), gelegen tussen huisnummer 1612 en 1596. Als hier bijvoorbeeld woningen worden gebouwd zou dit de uitoefening van de huidige bedrijfsactiviteiten kunnen gaan belemmeren.

Reclamant heeft hierbij de volgende vragen, Wat de bedoeling is met het perceel zoals bovengenoemd. Blijven de voor het bedrijf afgegeven (milieu)vergunningen van kracht; Is er een mogelijkheid voor een oriënterend gesprek en wie is hiervoor het aanspraakpunt? Reactie: Het bestemmingsplan Parapluplan Wonen wijzigt de bestemming van percelen en de daarbij behorende bouwrechten niet. Het plan wijzigt alleen de begripsbepalingen en/of de bestemmingen die de betrekking hebben op de functie wonen. Mogelijke woningbouwplannen voor op de locatie tussen de huisnummers 1596 en 1612 wegen wij zorgvuldig af. Hierbij houden wij rekening met de milieubelasting op de locatie vanwege de omliggende categorie 3.1 en 3.2 bedrijven. Conclusie: De zienswijze geeft geen aanleiding tot het aanpassen van het bestemmingsplan. Ambtshalve wijzigingen Ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan Parapluplan Wonen zijn meerdere ambtshalve wijzigingen doorgevoerd. Recente ontwikkelingen in de jurisprudentie, nieuwe inzichten omtrent de juridische regeling (de plansystematiek) en nieuw beleid vormen daarvoor de aanleiding. In de begripsbepalingen zijn nieuwe dan wel gewijzigde omschrijvingen opgenomen voor de begrippen 'hoofdverblijf', 'hospitaverhuur', 'huishouden', 'logiesfunctie', 'vakantieverhuur'.

Vaststelling bestemmingsplan 'Parapluplan Wonen'

pagina 5

'woning' en 'zelfstandige woonruimte'. Verder zijn enkele begrippen die niet relevant zijn voor dit bestemmingsplan komen te vervallen. In artikel 3 is de opzet van de regeling aangepast. Zo is in artikel 3.1 opgenomen dat de oude bestemmingsomschrijving 'wonen' wordt vervangen door 'wonen in een woning'. In artikel 3.3 is beschreven welke vormen van gebruik als strijdig met het bestemmingsplan worden aangemerkt. In de artikelen 3.4 en 3.5 is bepaald onder welke voorwaarden hospitaverhuur en vakantieverhuur zijn toegestaan. In verband met de wijzigingen die in de planregels zijn doorgevoerd, is de plantoelichting eveneens op een aantal punten bijgewerkt. Afstemming Bij de vaststelling van het bestemmingsplan Parapluplan Wonen is de vertaling van de beleidsregels, het aspect goede ruimtelijke ordening en de handhaafbaarheid van het plan uitvoerig besproken. Dit heeft geleid tot bovenstaande ambtshalve wijzigingen. Ten aanzien van de vakantieverhuur wordt het nodig geacht dat zo spoedig mogelijk een registratieplicht wordt ingevoerd in de Huisvestingsverordening. Daarnaast is het wenselijk dat de effecten van dit bestemmingsplan met mogelijkheden voor hospitaverhuur en vakantieverhuur worden geëvalueerd. Juridische aspecten Na vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad wordt het vastgestelde plan gedurende zes weken ter inzage gelegd.

Na die inzagetermijn is het plan van kracht, tenzij beroep wordt ingesteld en voorlopige voorziening wordt gevraagd bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als tegen het plan wel beroep wordt ingesteld maar niet binnen de beroepstermijn een verzoek om voorlopige voorziening bij de Raad van State is gedaan, dan treedt het plan in werking direct na de beroepstermijn. Motie: Vreemd aan de orde van de dag. Ontruiming Cruquiusdijk, 16 september 2021

In de motie van 16 september 2021 verzoekt de raad ons zo spoedig mogelijk beleid op te stellen, waarmee het splitsen van woningen en onderverhuur wordt verruimd. Dit bestemmingsplan Parapluplan Wonen regelt niet de mogelijkheden voor het creëren van volledig zelfstandige wooneenheden binnen bestaande (legale) woningen en de onderverhuur van volledige zelfstandige woningen. Het plan maakt wel de verhuur van onzelfstandige wooneenheden (kamerverhuur) in de vorm van een hospitaregeling mogelijk. Deze regeling is de concrete vertaling van de beleidsregel uit het Woonbeleidsprogramma Haarlemmermeer. Of onderverhuur van de gehele woning mogelijk is, wordt niet bepaald door de regels van een bestemmingsplan. Op dit moment maken wij woningsplitsing, daar waar wij dit ruimtelijke aanvaardbaar achten, mogelijk met het huidige instrumentarium: een omgevingsvergunning voor planologisch strijdig gebruik, gekoppeld aan een omgevingsvergunning voor bouw. Voor de vergunningverlening geldt de reguliere procedure. Hiervoor ontvangen wij een beperkt aantal aanvragen omgevingsvergunning op jaarbasis. In de praktijk worden ook woningen gesplitst zonder vergunning en waarvoor wij een verzoek om handhaving ontvangen. Ook in deze situatie beoordelen wij of vergunningverlening alsnog mogelijk is.

De bestaande procedure borgt een zorgvuldige afweging tussen de belangen van degene die gaat splitsen (de eigenaar, dan wel belegger dan wel bewoner), de belangen van de

pagina 6

Vaststelling bestemmingsplan 'Parapluplan Wonen'

toekomstige bewoner(s) en de belangen van de omgeving (de inwoners rondom de te splitsen woning). Op basis van de door de raad aangenomen motie, onderzoeken wij nu of woningsplitsing eenvoudiger gemaakt kan worden. Van belang hierbij is hoe we de regeling kunnen vereenvoudigen én hoe geborgd kan worden dat een aanvaardbaar woon- en leefklimaat behouden blijft. Voor het splitsen van bestaande woningen in zelfstandige wooneenheden zal altijd een omgevingsvergunning voor bouw noodzakelijk blijven. Omdat het aantal woningen in de nieuwe situatie toeneemt, blijft ook toetsing aan hogere regelgeving zoals bijvoorbeeld het Luchthavenindelingbesluit, de Wet geluidhinder en de Wet milieubeheer noodzakelijk. Deze regelgeving kan woningsplitsing in de weg kan staan. Uiterlijk in het eerste kwartaal van 2022 zullen wij de raad schriftelijk informeren hoe wij denken te komen tot beleid voor woningsplitsing en op welke wijze het beleid verankerd kan worden binnen onze gemeente. Hierbij kan dan gedacht worden aan het opnemen van expliciete richtlijnen in het kruimelbeleid. Het uitgangpunt van het voorliggende Parapluplan Wonen is om met een herziening van de regels van de bestemming Wonen ongewenste bedrijfsmatige verhuur van woningen te voorkomen. Gelijktijdig maken wij de hospitaregeling en de vakantieverhuur van woningen mogelijk overeenkomstig de vastgestelde beleidskaders.

Wij stellen voor de vaststelling van het plan niet afhankelijk te maken van de beleidsregels die wij opstellen voor woningsplitsing, zodat de nieuwe regelgeving op korte termijn al kan ingaan en de bestemmingsplanprocedure niet opnieuw doorlopen hoeft te worden. 3.6 Wanneer en hoe zal de raad/het college over de voortgang worden geïnformeerd?

Met de vaststelling van het bestemmingsplan is het plan afgerond. Wel staat nog de mogelijkheid open van beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De raad zal in kennis worden gesteld van de uitspraak van de Raad van State in een eventuele beroepsprocedure. 4. Ondertekening

Burgemeester en wethouders van de gemeente Haar immermeer, de loco-secretaris, de pu gemeester,

£ Michiel Ruis

uc>s\ cio-

.

Marianne S^i\Jui\Q>a'RS-Wi^deven ftA •

Bijlage(n): • Bestemmingsplan: regels, verbeelding, toelichting

^

- v>.A.

3cJUc

‘Parapluplan Wonen’ Toelichting November 2021

1. Inleiding 1.1 Aanleiding en doel van het plan De Wet ruimtelijke ordening biedt de gemeente de mogelijkheid om bestemmingsplannen vast te stellen voor haar grondgebied. Het is hierbij gebruikelijk begripsbepalingen en regels op te nemen voor wonen en woningen. In de geldende plannen wordt op verschillende manieren omgegaan met het begrip wonen en de daaraan verwante begrippen. De huidige begripsbepalingen en bestemmingsomschrijvingen zijn onvoldoende duidelijk om ongewenst gebruik van woonruimte tegen te gaan. Dit paraplubestemmingplan is een gedeeltelijke herziening van de bestemmingsplannen (inclusief uitwerkingsen wijzigingsplannen) met als doel expliciet te regelen dat een woning door één huishouden wordt bewoond om zo de leefbaarheid te behouden, met uitzondering van de verhuur van maximaal twee kamers als hospitaverhuur. Daarnaast regelt het bestemmingsplan dat woningen niet gebruikt kunnen als een logiesfunctie of voor het uitoefenen van een bed & breakfast (B&B). Voor het gebruik van de woning voor andere woonvormen, voor een logiesfunctie en voor het uitoefenen van een B&B moet een vergunning worden aangevraagd. Passende ontwikkelingen kunnen vervolgens gefaciliteerd worden door middel van een omgevingsvergunning op grond van artikel 2.12 lid 1 sub a onder 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

Het nieuwe bestemmingsplan wijzigt de begripsbepalingen en/of de bestemmingen die de functie wonen, woningen, woongebouwen dan wel andere benamingen die zien op de functie wonen toelaten. Voor het overige blijven de oorspronkelijke plannen van kracht.

1.2 Paraplubestemmingsplan Vanuit efficiency is gekozen om niet alle bestemmingsplannen opnieuw vast te stellen, maar één parapluplan te maken voor het grondgebied van de gemeente Haarlemmermeer waar bestemmingsplannen en/of wijzigings- en uitwerkingsplannen gelden. Een parapluplan is een partiële herziening van meerdere bestemmingsplannen. Op één of meer aspecten worden diverse bestemmingsplannen met een paraplubestemmingsplan aangepast of aangevuld, voor het overige blijven de bestemmingsplannen van kracht.

1.3 Ligging en begrenzing plangebied Het plangebied van dit parapluplan omvat een partiële herziening van de bestemmingsplannen van de gehele Haarlemmermeer, met uitzondering van die gebieden waarvoor de Beheersverordening Haarlemmermeer 2014 van kracht is. Op afbeelding 1 is de begrenzing van het plangebied weergegeven.

Afbeelding 1 Begrenzing plangebied

1.4 Geldende ruimtelijke plannen Dit parapluplan wordt op de geldende bestemmingsplannen (inclusief uitwerkingsplannen en wijzigingsplannen) van toepassing verklaard. In al deze plannen wordt door middel van dit bestemmingsplan een aantal begripsbepalingen gewijzigd en aangevuld. Daarmee worden de geldende bestemmingsregelingen aangepast. Bovendien wordt een wijziging van de bestemmingsomschrijving doorgevoerd en is een aantal specifieke gebruiksregels opgenomen.

1.5 Planproces Voordat een bestemmingsplan rechtskracht verkrijgt, dient de procedure te zijn doorlopen, zoals vastgelegd in de 'Wet ruimtelijke ordening'. Dit betekent in het algemeen het volgende. a. Overleg met verschillende betrokken instanties over het voorontwerp en het verwerken van reacties in het ontwerpbestemmingsplan b. Terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan gedurende zes weken, met vooraf bekendmaking, ook van de mogelijkheid om zienswijzen in te dienen bij de gemeenteraad. c. Vaststelling van het plan door de gemeenteraad binnen 12 weken na afloop van de terinzagelegging, onder afweging van de ingediende zienswijzen. d. Terinzagelegging van het vastgestelde bestemmingsplan gedurende zes weken, met vermelding in de voorafgaande bekendmaking van de mogelijkheid in beroep te gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als het Rijk en/of de provincie van mening zijn dat het (gewijzigd) vastgestelde bestemmingsplan in strijd is met rijks- dan wel provinciaal belang, hebben zij – als ter zake door hen tevoren een zienswijze is ingediend de mogelijkheid om in te grijpen in de vorm van een reactieve aanwijzing, nog voordat de beroepstermijn ingaat. Het onderdeel waarop deze aanwijzing betrekking heeft, maakt dan geen onderdeel meer uit van het bestemmingsplan.

Na de terinzagelegging van het vastgestelde bestemmingsplan treedt het plan in werking, tenzij binnen de beroepstermijn bij een ingediend beroep ook een verzoek om voorlopige voorziening (schorsende werking) bij de Raad van State is ingediend. Het plan is onherroepelijk als de Raad van State een definitieve uitspraak heeft gedaan over de eventueel ingestelde beroepen.

1.6 Leeswijzer Deze toelichting bestaat uit vier hoofdstukken. Na de inleiding volgt hoofdstuk 2 met een beschrijving van de uitgangspunten (regelgeving en het beleid) van de wijziging van de regels. In hoofdstuk 3 worden de juridische aspecten beschreven. Hoofdstuk 4 bevat een beschrijving van de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid.

2. Uitgangspunten In de meeste geldende bestemmingsplannen in de gemeente Haarlemmermeer is het begrip ‘woning’ gedefinieerd maar het begrip ‘wonen’ niet. Onder woning wordt in de geldende plannen veelal verstaan: een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van één huishouden. De bestemming Wonen is volgens de bestemmingsomschrijving bestemd voor wonen. Dit roept de vraag op of onder ‘wonen’ hetzelfde moet worden verstaan als onder ‘woning’. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft duidelijkheid gegeven over deze vraag (zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van 6 juni 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1882. Als het begrip ‘wonen’ niet wordt omschreven in het bestemmingsplan, dan mag geen aansluiting worden gezocht bij de in het bestemmingsplan gegeven definitie van het begrip ‘woning’. In dat geval moet aansluiting worden gezocht bij het algemeen spraakgebruik. In het algemene spraakgebruik worden onder ‘wonen’ volgens de Raad van State diverse uiteenlopende vormen van huisvesting begrepen. Deze uitspraak leidt ertoe dat zonder omschrijving of regeling van het begrip ‘wonen’, in situaties waarin woningen op een ongewenste manier (bedrijfsmatig) worden verhuurd, geen sprake is van strijdig gebruik en handhavend optreden niet mogelijk is.

De gemeente Haarlemmermeer wil deze ongewenste woonsituaties waarbij sprake is van de vestiging van meerdere personen in woningen, die geen gezamenlijke huishouding vormen, voorkomen. Door regels te stellen wordt overbewoning voorkomen en blijven de schaarse zelfstandige woonruimten beschikbaar voor woningzoekenden in de gemeente. Daarnaast wil de gemeente regels stellen aan het gebruik van een woning voor een logiesfunctie of ten behoeve van het uitoefenen van een bed & breakfast. De verhuur van particuliere woningen als logiesfunctie of het gebruik van woningen voor bed & breakfast als beroep aan huis heeft impact op het woonkarakter van de wijk of buurt vanwege bijvoorbeeld het aantal kamers dat in gebruik genomen wordt, de verkeersaantrekkende werking en parkeerproblemen. De gemeente zoekt naar mogelijkheden regulerend op te treden. Haarlemmermeer kiest er voor de bestemmingsplanregels aan te passen en binnen de planregels alleen het gebruik van woningen door één huishouden toe te staan. Ondergeschikte niet professionele kamerverhuur (hospitaverhuur) waarbij maximaal twee kamers worden verhuurd is toegestaan. Daarnaast hebben wij het Verblijfsaccommodatiebeleid gemeente Haarlemmermeer 2021-2025 (28 januari 2021, 2020.0002664) opgesteld, dat regels stelt aan het gebruik van de woning voor onder andere het uitoefenen van een bed & breakfast en vakantieverhuur van de woning.

Op basis van de beleidsregels kunnen passende ontwikkelingen gefaciliteerd worden.

3. Juridische aspecten 3.1 Planmethodiek Met dit paraplubestemmingsplan worden de geldende ruimtelijke plannen binnen de gemeente Haarlemmermeer gedeeltelijk herzien. In de begripsbepalingen en de bestemmingsomschrijving is expliciet geregeld dat de gronden die zijn aangewezen voor de functie ‘wonen’ bestemd zijn voor het permanent verblijf houden en gebruiken van een woonruimte voor één huishouden. De herziening heeft betrekking op het wijzigen van de begripsbepalingen en/of de bestemmingen die de functie wonen, woningen, wonen – gestapeld dan wel andere benamingen die zien op de functie wonen toelaten. Overeenkomstig het Verblijfsaccommodatiebeleid gemeente Haarlemmermeer 2021-2025 en Woonbeleidsprogramma Haarlemmermeer 2019-2025: Het verschil maken worden regels gesteld voor particuliere vakantie- en kamerverhuur. Voor het overige blijven de oorspronkelijke plannen van kracht. De regels van alle geldende ruimtelijke plannen worden op deze manier in één keer en op uniforme wijze ten aanzien van het onderwerp wonen herzien.

3.2 Verbeelding Voor het verbeelden van de geometrisch bepaalde bestemmingen is een BGT-ondergrond gebruikt. Dit bestand is opgebouwd in coördinaten in het stelsel van de Rijksdriehoeksmeting, of kortweg Rijksdriehoekscoördinaten (ook wel: RD-coördinaten). Dit zijn de coördinaten die in Nederland worden gebruikt als grondslag voor onder meer geografische aanduidingen, waarbij de exacte locatie van een gebied wordt vastgelegd. Omdat dit plan een paraplubestemmingsplan betreft, is uitsluitend een begrenzing, een contour, opgenomen van de gebieden waarop dit plan betrekking heeft.

3.3 Regels De regels bestaan uit drie hoofdstukken: - Inleidende regels (hoofdstuk 1); - Bestemmingsregels (hoofdstuk 2); - Overgangs- en slotregels (hoofdstuk 3). Hoofdstuk 1 Inleidende regels In dit hoofdstuk zijn enkele begrippen opgenomen. Het betreft het begrip ‘plan’ en ‘bestemmingsplan’. Dit zijn begrippen die verplicht moeten worden verklaard; zij geven de naamgeving van het bestemmingsplan aan. Hier zijn ook de begripsbepalingen opgenomen voor bed & breakfast, huishouden, hospitaverhuur, logiesfunctie, vakantieverhuur en woning. Onder logiesfunctie vallen in elk geval hotels, recreatiewoningen, verhuur van particuliere woningen (gedeeltelijk of geheel) aan derden. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Allereerst wordt erop gewezen dat het paraplubestemmingsplan van toepassing is op de bestemmingsplannen inclusief uitwerkings- en wijzigingsplannen voor het grondgebied van Haarlemmermeer. Ook wordt aangegeven dat dit parapluplan voorziet in een wijziging van en/of aanvulling op de bestaande begripsbepalingen van bestemmingen die betrekking hebben op de functie wonen. “Wonen’ wordt vervangen door ‘wonen in een woning’. Voor het overige blijven de begrippen van de bestemmingsplannen van kracht. Specifieke gebruiksregels regelen dat het gebruik van de woning voor meer dan de huisvesting van één huishouden niet is toegelaten.

Dat geldt ook voor een logiesfunctie, het uitoefenen van een bed & breakfast of

voor vakantieverhuur voor meer dan 30 dagen per jaar. Hospitaverhuur van maximaal twee kamers is wel toegestaan (de zogenaamde hospitaregeling). De hoofdbewoner is de verhuurder van de kamer(s) en heeft zijn of haar vaste woon- of verblijfplaats in de woning. Verder is onder voorwaarden particuliere vakantieverhuur van de gehele woonruimte toegestaan. Hoofdstuk 3 Overgangs- en slotregels In het overgangsrecht is een regeling opgenomen voor bebouwing die en gebruik dat al bestond bij het in werking treden van het plan, maar dat strijdig is met de nieuwe regeling. Onder bepaalde voorwaarden mag die strijdige bebouwing blijven staan en/of dat strijdige gebruik worden voortgezet of binnen bepaalde marges gewijzigd. In de slotregel is de officiële naam van het plan bepaald. Onder deze naam kan het bestemmingsplan worden aangehaald.

4. Uitvoerbaarheid 4.1 Economische uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in de plantoelichting minimaal inzicht te worden gegeven in de economische uitvoerbaarheid van het plan. Tevens bestaat de verplichting om, indien sprake is van een zogeheten ‘aangewezen bouwplan’, plankosten te verhalen op de initiatiefnemer c.q. ontwikkelaar. In dit geval is geen sprake van een aangewezen bouwplan. Het vaststellen van een exploitatieplan is niet aan de orde. Feitelijk wordt vooral de bestaande situatie geconsolideerd. De conclusie is dat het plan financieel uitvoerbaar geacht wordt.

4.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Wettelijk vooroverleg en inspraak Op grond van artikel 3.1.1 van het Bro wordt vooroverleg gevoerd met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Het bestemmingsplan “Parapluplan Wonen” raakt geen belangen van andere instanties. Het bestemmingsplan ziet alleen op de wijziging van de begripsbepalingen en het toevoegen van een gebruiksregeling. Er is geen sprake van nieuw beleid, daarom is er geen wettelijk vooroverleg gevoerd. Zienswijzen Gedurende een periode van zes weken is eenieder in de gelegenheid gesteld om te reageren op het ontwerpbestemmingsplan. Er zijn drie zienswijzen ingekomen. Deze zienswijzen hebben niet geleid tot aanpassingen van het plan. Conclusie Gezien het voorgaande wordt het plan maatschappelijk uitvoerbaar geacht.

HOOFDSTUK 1 INLEIDENDE BEPALINGEN ARTIKEL 1 Begripsbepalingen plan: het bestemmingsplan ‘Parapluplan Wonen’ met identificatienummer NL.IMRO.0394.BPGhlmppwonen-C001 van de gemeente Haarlemmermeer bestemmingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen aan huis verbonden beroeps- en/of bedrijfsuitoefening: het in of aan huis uitoefenen van (vrije) beroepen en/of het in of aan huis ontplooien van bedrijfsmatige activiteiten door de bewoner(s) van dat huis en maximaal één werknemer, die door de beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen met overwegend behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend. bed & breakfast: een aan de woonfunctie ondergeschikte verblijfsvoorziening, bestaande uit het tegen betaling aanbieden van toeristisch en kortdurend verblijf in de woning en/of bijbehorende gebouwen. Een bed & breakfast wordt gerund door de hoofdbewoner(s) van de woning. De kamers ten behoeve van een bed & breakfast functioneren niet als zelfstandige wooneenheid. bedrijfswoning: een woning die gezien ligging en functie bedoeld is voor bewoning door één huishouden waarvan de aanwezigheid gelet op de bestemming van een gebouw of terrein noodzakelijk is.

hoofdverblijf: de plaats waar een persoon zijn vaste woon- of verblijfplaats heeft hospitaverhuur: de verhuur van kamers in een woning waar de eigenaar zelf zijn hoofdverblijf heeft huishouden: een alleenstaande dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren logiesfunctie: alle vormen van logies/ verhuur voor kortdurend recreatief verblijf aan derden met commerciële doeleinden. Die personen hebben elders hun hoofdverblijf vakantieverhuur: het verhuren van een (zelfstandige) woning of gedeelte daarvan voor toeristische doeleinden, waarbij geen van de bewoners aanwezig is woning: een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden zelfstandige woonruimte: woonruimte die een eigen toegang heeft en die door één huishouden kan worden bewoond zonder daarbij afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen (zoals badruimte, toilet en keuken) buiten de woonruimte

ARTIKEL 2 Reikwijdte 2.1 De regels van dit plan zijn van toepassing op alle bestemmingsplannen (inclusief uitwerkingsplannen, wijzigingsplannen) voor het grondgebied van de gemeente Haarlemmermeer. 2.2 De begripsbepalingen van de bestemmingsplannen worden, voor zover de begripsbepalingen al in die bestemmingsplannen aanwezig zijn, vervangen door de begripsbepalingen van artikel 1 van dit plan. Voor zover de begripsbepalingen nog niet aanwezig zijn, worden die aangevuld met de begripsbepalingen van artikel 1 van dit plan. 2.3 De regels van de bestemmingsplannen worden aangevuld en/of gewijzigd in die zin dat alle regels die betrekking hebben op wonen en/of woningen, woongebouwen dan wel andere benamingen die zien op de functie wonen, aangevuld en/of gewijzigd worden door de regels opgenomen in artikel 3 van dit plan.

HOOFDSTUK 2 BESTEMMINGSREGELS ARTIKEL 3 Partiële herziening Wonen 3.1 In de bestemmingsomschrijving van de bestemmingen die betrekking hebben op de functie wonen, zoals genoemd in artikel 2.3, wordt ‘wonen’ vervangen door: ‘wonen in een woning’. 3.2 Aan de specifieke gebruiksregels van de bestemmingen die betrekking hebben op de functie wonen, zoals genoemd in artikel 2.3, worden de volgende regels toegevoegd, voor zover nog niet aanwezig. 3.3. Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval begrepen: a. b. c.

het gebruik van de woning voor de huisvesting van meer dan één huishouden; het gebruik van de woning voor de uitoefening van een bed & breakfast of logiesfunctie; het gebruik van de woning voor vakantieverhuur.

3.4 In afwijking van het bepaalde in 3.3 sub a, is woningdelen door middel van hospitaverhuur toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. b. c. d.

de hoofdbewoner heeft zijn vaste woon- of verblijfplaats in de woning; de hoofdbewoner bewoont minimaal 60 % van het vloeroppervlak van de woning zelf; er worden maximaal twee kamers verhuurd; per verhuurde kamer is maximaal één bewoner toegestaan.

3.5 In afwijking van het bepaalde in 3.3 sub b en c is vakantieverhuur toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de woning betreft een zelfstandige woonruimte; b. de hoofdbewoner heeft zijn vaste woon- of verblijfplaats in de woning; c. er wordt aan niet meer dan zes personen per nacht onderdak verleend; d. de vakantieverhuur vindt maximaal 30 dagen per jaar plaats.

HOOFDSTUK 3 OVERGANGS- EN SLOTREGEL ARTIKEL 4 Overgangsrecht 4.1 Overgangsrecht bouwwerken 1.

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning, en afwijkt van dit plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan.

2. Het bevoegd gezag kan eenmalig bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 4.1 sub 1 voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 4.1 sub 1 met maximaal 10 %. 3. Het bepaalde in 4.1 sub 1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 4.2 Overgangsrecht gebruik 1.

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

2.

Het is verboden het met dit plan strijdige gebruik, bedoeld in 4.2 sub 1 te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.

3.

Indien het gebruik, bedoeld in 4.2 sub 1, na de inwerkingtreding van dit plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.

4.

Het bepaalde in 4.2 sub 1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

4.3 Hardheidsclausule Voor zover toepassing van het gebruik leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard jegens een of meer natuurlijke personen kunnen burgemeester en wethouders ten behoeve van die persoon of personen van dat overgangsrecht ontheffing verlenen.

ARTIKEL 5 Slotregel Deze regels kunnen worden aangehaald onder de titel: Regels van het bestemmingsplan 'Parapluplan Wonen’ van de gemeente Haarlemmermeer.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=65d2dda0-4b6f-47e1-b46f-cc012ca07b5e