RV RV Natuurvisie Haarlemmermeer 2040 ( 2021.0000462)
Tekst van het document
gemeente Haarlemmermeer
raadsvoorstel
Onderwerp
Portefeuillehouders Steller Collegevergadering
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040 mr. Mariëtte Sedee-Schuitemaker, Marjolein Steffens-van de Water Moniek van Leeuwen 16 maart 2021
Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer
2021.0000462
1. Voorstel Collegebesluit(en)
Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. de Natuurvisie Haarlemmermeer 2040 met daarin de volgende ambities vast te stellen; • biodiversiteit zichtbaar en beleefbaar te maken voor de inwoners en bezoekers van de gemeente; • bereiken dat iedereen in Haarlemmermeer zich mede-eigenaar voelt van de natuur en zich in wil zetten voor het behoud hiervan. Dit geldt voor inwoners, ondernemers, bezoekers en voor de gemeente; • behouden en realiseren van een grote variatie aan biotopen met daarin vitale populaties van planten- en diersoorten en verbindingen tussen de leefgebieden; • het aangrijpen van kansen om de biodiversiteit te vergroten waar zich mogelijkheden voordoen; • in al ons functioneren met zorg omgaan met de ecologische kwaliteiten van de stedelijke omgeving en het buitengebied; • het beheer van het eigen areaal richten op versterking van de biodiversiteit. 2. Samenvatting
In samenhang met het opstellen van de gemeentelijke Omgevingsvisie is de Natuurvisie Haarlemmermeer 2040 (hierna: Natuurvisie) opgesteld. De Natuurvisie stelt zich tot doel de biodiversiteit binnen onze gemeente te vergroten. In de Natuurvisie geven wij aan welke doelen en ambities wij ons stellen ten aanzien van natuur en biodiversiteit binnen de gemeentegrenzen. Hiertoe zijn streefbeelden opgesteld voor verschillende landschappelijke categorieën en voor het realiseren van een groen-blauwe structuur van ecologische verbindingen. Door uit te gaan van een aantal uitvoeringsprincipes wordt de komende jaren toegewerkt naar het bereiken van de streefbeelden. De streefbeelden en uitvoeringsprincipes tezamen bieden de basis voor ecologische keuzes in bestaande en toekomstige gemeentelijke processen en instrumenten zoals de formulering en herziening van beleid, het Omgevingsplan, visies met
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
pagina 2
samenhangende/gedeelde opgaven, gebiedsontwikkelingen en projecten. Ook geven deze beelden en principes handvatten voor samenwerking, educatie en participatie met gebiedspartners, -partijen en inwoners, ondernemers en instellingen. 3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken? Aanleiding
Natuur- en landschapswaarden staan wereldwijd onder druk. Het resulterende verlies aan biodiversiteit leidt mondiaal tot problemen. Niet alleen voor de natuur, maar ook voor de mens. Een afname van natuur en biodiversiteit leidt tot hogere kosten voor gezondheidszorg, sociaal maatschappelijke problemen en verminderde klimaatbestendigheid. De waarde van vastgoed neemt af bij afwezigheid van natuur in de omgeving en de landbouw is sterk afhankelijk van een gezond bodemleven, natuurlijke bestuivers zoals bijen en plaagbestrijding. Daarentegen loont investeren in natuur: de maatschappelijke baten overstijgen de kosten van aanleg en beheer met een factor 1,5 tot 2. De Omgevingswet vraagt om een integrale aanpak bij de beoordeling van omgevingsvraagstukken, waarbij 'natuur' één van de aspecten is die moet worden afgewogen. Onder andere de energietransitie en het klimaatbeleid leiden tot ingrijpende ontwikkelingen in de indeling van de beschikbare ruimte in de gemeente. Daarbij wordt het belang van natuur groter, bijvoorbeeld in de vorm van verkoelende parken en waterpartijen die hemelwater kunnen opvangen. Het opnemen van doelstellingen rondom natuur en biodiversiteit gebeurt in onze gemeente al decennia in structuurvisies, groenstructuurplannen en als onderdeel van beleid, maar niet eerder in een specifiek beleidsdocument waarin een overkoepelend beeld hiervan wordt beschreven.
Daarom hebben wij de Natuurvisie Haarlemmermeer 2040 opgesteld. Doel
De Omgevingswet vraagt om behoud én herstel van biodiversiteit. In onze Contourennota voor de Omgevingsvisie (2018.0030265) en de Structuurvisie Haarlemmermeer 2030 (2012.0033712) is het vergroten van de biodiversiteit binnen onze gemeente reeds als doelstelling benoemd. In de Natuurvisie is deze doelstelling verder uitgewerkt. Met deze Natuurvisie willen we bereiken dat: • de biodiversiteit zichtbaar en beleefbaar is voor de inwoners en bezoekers van de gemeente; • iedereen in Haarlemmermeer zich mede-eigenaar voelt van de natuur en zich in wil zetten voor het behoud hiervan. Dit geldt voor inwoners, ondernemers, bezoekers en voor de gemeente; • er een grote variatie aan biotopen aanwezig is met daarin vitale populaties van planten- en diersoorten en dat verbindingen tussen de leefgebieden aanwezig zijn; • waar zich mogelijkheden voordoen, kansen worden aangegrepen om de biodiversiteit te vergroten; • in al ons functioneren met zorg wordt omgegaan met de ecologische kwaliteiten van de stedelijke omgeving en het buitengebied; • wij het beheer van het eigen areaal richten op versterking van de biodiversiteit.
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
pagina 3
3.2 Wat gaan we daarvoor doen?
Wij hebben het 'streefbeeld 2040' opgesteld (Hoofdstuk 5). Het streefbeeld 2040 is het ideaalplaatje zoals de gemeente Haarlemmermeer er in 2040 uit zou kunnen zien. Hiertoe zijn vervolgens streefbeelden uitgewerkt van een biodiverse omgeving voor drie landschappelijke categorieën: stedelijk, agrarisch en natuur- en recreatiegebied. Daarnaast hebben we een streefbeeld opgesteld voor de realisatie van een groen-blauwe structuur van ecologische verbindingen. Door uit te gaan van een aantal uitvoeringsprincipes wordt de komende decennia toegewerkt naar de streefbeelden. De streefbeelden en uitvoeringsprincipes tezamen bieden de basis voor ecologische keuzes in bestaande en toekomstige gemeentelijke processen en instrumenten zoals de formulering en herziening van beleid, visies met samenhangende/gedeelde opgaven, gebiedsontwikkelingen en projecten en geven handvatten voor samenwerking, educatie en participatie met gebiedspartners, -partijen en inwoners.
Zodat: • er ruimte komt en blijft voor een verscheidenheid aan flora en fauna binnen onze gemeente waarbij de inzet is dat de biodiversiteit er ondanks alle ruimtelijke ontwikkelingen per saldo niet op achteruit, maar juist op vooruit gaat; • waar zich mogelijkheden voordoen, kansen worden gegrepen om de biodiversiteit te vergroten; • iedereen in de gemeente, van bewoner tot bezoeker zich (meer) bij de natuur betrokken voelt en zich in wil zetten voor behoud daarvan. De Natuurvisie is een beleidsvisie. Hiermee wordt wel inzichtelijk wat we willen bereiken, het streefbeeld, maar is het 'hoe' nog niet concreet ingevuld. De streefbeelden zoals beschreven in de Natuurvisie bieden een basis voor keuzes rondom thema's waarin natuur een plaats heeft. Keuzes bijvoorbeeld binnen de ontwikkeling van ruimtelijke plannen en inrichting van de openbare ruimte. De Natuurvisie beschrijft vooral de richting en mogelijkheden die hierin gezocht kunnen worden en is daarmee niet strikt kaderstellend. Wettelijke (planologische) kaders voor natuur zijn wel beschreven in de Natuurvisie maar zijn reeds geborgd: Onder andere in de Wet natuurbescherming waarin soort- en gebiedsbescherming is geregeld en via het Natuurnetwerk Nederland waarmee planologische bescherming wordt geboden aan een (toekomstig) netwerk van natuurgebieden en -verbindingen.
Toch willen we inzicht geven in concrete acties die in het verlengde van dit plan opgepakt kunnen worden om daadwerkelijk naar de streefbeelden toe te werken. Daartoe zijn uitvoeringsprincipes opgenomen. Bij ruimtelijke ontwikkelingen, ons dagelijks beheer van de openbare ruimte en in samenwerkingen met externe partijen bieden de uitvoeringsprincipes handvatten om tot concrete acties te komen met als oogpunt het behouden dan wel versterken van de biodiversiteit. Waar mogelijk worden deze acties gezamenlijk opgepakt met of in andere ruimtelijke processen zoals (herziening van) de Leidraad Duurzame Inrichting Openbare Ruimte (DIOR), bestemmingsplannen, projecten en het dagelijks beheer van de openbare ruimte. De uitvoeringsprincipes van de Natuurvisie worden hierbij afgewogen samen met en overeenkomstig de (toekomstige) visies Landschap en recreatie, Polderlinten en de andere onderwerpen die vallen onder de Omgevingsvisie en het ruimtelijk afwegingskader. Natuur wordt daarmee integraal onderdeel van het afwegingskader in omgevingsvraagstukken, zoals de Omgevingswet vereist.
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
pagina 4
3.3 Wat mag het kosten?
Aan de uitvoering van dit voorstel zijn, naast de beschikbare ambtelijke capaciteit, geen kosten verbonden. Er is momenteel geen uitvoeringsprogramma voorzien voor de Natuurvisie. Dekking voor concrete acties op basis van - en in lijn met - de uitvoeringsprincipes dient te worden gezocht in bestaande dekkingsmiddelen en reeds beschikbare middelen in het programma Fysieke leefomgeving. Zoals de in de programmabegroting in het programma Kwaliteit fysieke omgeving beschikbare budgetten voor het dagelijks beheer en subsidies van derden, dan wel via gebiedsprocessen of op projectbasis. Dergelijke processen lopen elk via hun afzonderlijke traject. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?
De raad is bevoegd om de Natuurvisie vast te stellen. De portefeuillehouder voor Ruimtelijke Ordening, Milieu en Agrarische Zaken is namens het college het eerste aanspreekpunt. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar? Participatie
In september 2019 hebben we een workshop georganiseerd voor inwoners en groene organisaties. Daar zijn veel ideeën ingebracht voor het herstel van de natuurkwaliteit en de biodiversiteit. Ideeën voor onder andere natuurvriendelijk maaibeheer, ecologische verbindingen en natuurinclusief bouwen zijn verwerkt in de streefbeelden en uitvoeringsprincipes. In bijlage 2 van de Natuurvisie is de inbreng samengevat. Hierbij is ook een verwijzing opgenomen naar het uitvoeringsprincipe in lijn waarmee (toekomstige) acties kunnen worden ondernomen om tot realisatie van genoemde ideeën te komen. In het voorjaar van 2020 is een concept van de Natuurvisie verspreid aan verschillende direct betrokkenen (Land- en Tuinbouw Organisatie Noord, hoogheemraadschap van Rijnland, provincie Noord-Holland, natuur- en milieuorganisaties) en is er gelegenheid geweest voor een schriftelijke reactie, alsook mondeling tijdens meerdere oniine bijeenkomsten. Inbreng uit deze bijeenkomsten is verwerkt in de Natuurvisie. Na vaststelling zullen direct betrokkenen de Natuurvisie digitaal ontvangen. Samenhangende visies
Tegelijk met het opstellen van de Natuurvisie zijn/worden parallel andere visies opgesteld in samenhang met de Omgevingsvisie, zoals de Visie Landschap en Recreatie en Polderlinten. In de totstandkoming van de Natuurvisie heeft afstemming plaatsgevonden over samenhang tussen de verschillende visies en het voorkomen van strijdigheden. Uitgangspunt is het combineren van mogelijkheden bij de opgaven waar we voor staan. Het versterken van een landschappelijk element gaat bijvoorbeeld heel goed samen met de ecologische functie door te kiezen voor een meer divers soortenassortiment. Of; het vergroten van recreatiemogelijkheden biedt direct kansen voor natuurontwikkeling. Het blijft uiteraard mogelijk dat vanuit de verschillende visies andere prioriteiten worden toegekend aan de opgaven waar we voor staan en de invulling en uitwerking die hieraan wordt gegeven. Conform het uitgangspunt van de Omgevingswet dient in dergelijke gevallen een integrale afweging te worden gemaakt, waarbij prioritering per geval kan verschillen.
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
pagina 5
3.6 Wanneer en hoe zal de raad over de voortgang worden geïnformeerd?
Er is momenteel geen sprake van een uitvoeringsprogramma, meetinstrument of monitoring verbonden aan de doelstelling van de Natuurvisie. Als de effecten van de Natuurvisie concreet inzichtelijk gemaakt dienen te worden dan dient hier nog instrumentarium voor te worden opgezet. Dit maakt geen onderdeel uit van dit raadsvoorstel. 3.7 Wat betekent dit voor de Metropoolregio Amsterdam (MRA)?
Gemeente Haarlemmermeer vormt een belangrijke schakel in de MRA wanneer het aankomt op verbindingen van het Natuurnetwerk Nederland. De Natuurvisie biedt handvatten om deze verbindingen maar ook het behoud en versterken van natuurwaarden te verweven met andere opgaven binnen de MRA, zoals de woningbouwopgave - bijvoorbeeld door het stimuleren van natuurinclusief bouwen. 4. Ondertekening
Bijlage(n): • Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040 Verbindingen maken voor meer biodiversiteit
Samenvatting Het belang van natuur en biodiversiteit
Opgaven waar we voor staan Een belangrijke opgave hiertoe is het afmaken
Natuur- en landschapswaarden staan wereldwijd
en uitbreiden van het Natuurnetwerk Nederland
onder druk. Het verlies aan biodiversiteit, een gevolg
zoals dat in onze gemeente gepland is. Parallel
daarvan, leidt mondiaal tot problemen. Niet alleen
daaraan is de opgave om de groengebieden
voor de natuur, maar ook voor de mens. Een afname
binnen onze gemeente, van groot tot klein, met
van natuur en biodiversiteit leidt tot hogere kosten
elkaar te verbinden voor zover het Natuurnetwerk
voor gezondheidszorg, sociaal-maatschappelijke
Nederland daar niet in voorziet. Daarnaast zullen
problemen en verminderde klimaatbestendigheid.
andere functies (economische bedrijvigheid,
De waarde van vastgoed neemt af bij afwezigheid
waterhuishouding, landschap, recreatie en wonen)
van natuur in de omgeving en de landbouw is sterk
het ecologisch netwerk moeten versterken en vice
afhankelijk van een gezond bodemleven, natuurlijke
versa. Dit leidt tot herstel van de biodiversiteit en een
bestuivers en plaagbestrijding.
duurzame leefomgeving voor mens en natuur.
Investeren in natuur loont, de maatschappelijke
Streefbeeld 2040
baten overstijgen de kosten van aanleg en beheer
Om inzichtelijk te maken hoe het vergroten van
met een factor 1,5 tot 2*. Ook wij zien het belang
biodiversiteit en maatschappelijke opgaven samen
van biodiversiteit voor onze samenleving en
kunnen gaan formuleren wij een streefbeeld; een
leefomgeving en hebben daarom besloten tot het
weergave van hoe onze leefomgeving er vanuit het
opstellen van deze Natuurvisie, mede als bouwsteen
perspectief van natuurinclusiviteit en verhoogde
voor de Omgevingsvisie.
biodiversiteit er uit zou kunnen zien in 2040, of eerder! Hierbij werken we streefbeelden uit voor verschillende
Biodiversiteit in de gemeente Haarlemmermeer?
landschappelijke categorieën en een groen-blauwe
Na een sterke afname van de natuurkwaliteit in
structuur van ecologische verbindingen die onze
de tweede helft van de vorige eeuw, treedt er
gemeente doorweeft.
een voorzichtig herstel op. Het verbinden van maatschappelijke activiteiten en opgaven met
Uitvoeringsprincipes
het investeren in de natuur kan deze trend verder
De Natuurvisie is een beleidsvisie. Hiermee wordt wel
versterken. De natuurwaarden binnen onze
duidelijk hoe het streefbeeld er uit ziet dat we willen
gemeente worden in hoge mate gestuurd door
bereiken maar wordt nog geen concrete uitwerking
de ontstaansgeschiedenis en de ruimte die de
gegeven aan de realisatie hiervan. Om inzicht te
economische functies binnen de gemeente geven.
geven in acties die de realisatie van het streefbeeld
De aanleg van natuur- en recreatiegebieden vanaf
kunnen verwezenlijken zijn uitvoeringsprincipes
de jaren ’70 heeft geleid tot een aantal waardevolle
opgesteld. Bij ruimtelijke ontwikkelingen, ons
gebieden maar het ontbreekt nog aan een
dagelijks beheer van de openbare ruimte en in
aaneengesloten netwerk van grote natuurgebieden,
samenwerkingen met externe partijen bieden de
verbindingszones en stedelijke natuur. Om dit
uitvoeringsprincipes handvatten om behoud en
netwerk te realiseren moeten ook de agrarische
versterking van de biodiversiteit te verweven in onze
gebieden, bedrijventerreinen en woongebieden een
samenleving en leefomgeving.
functionele schakel gaan vormen. *
2
Gemeente Haarlemmermeer
TEEB voor gebieden. Hendriks et al, Wageningen UR, 2014
Uitvoeren door verbinden Wij zijn de regisseur in het versterken van de biodiversiteit in onze gemeente. Het eigen gemeentelijk apparaat en beheerareaal wordt tot in de haarvaten gericht op het versterken van de biodiversiteit. Waar onze eigen invloed minder groot is zoeken wij verbinding met bedrijven, branche verenigingen en inwoners om naar het streefbeeld toe te werken. Doelen in het kader van biodiversiteit verbinden we aan andere maatschappelijke opgaven. Zodat we in alle opzichten, verbindingen maken voor meer biodiversiteit.
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
3
Inhoudsopgave Samenvatting ................................................................................................................................................. 2 1 Inleiding ....................................................................................................................................................... 6 1.1 Het belang van natuur met grote biodiversiteit ....................................................................... 6 1.2 Leeswijzer .................................................................................................................................................. 10 2 Doelstelling ................................................................................................................................................ 11 2.1 Waar staan we nu? .................................................................................................................................. 11 2.2 Het doel ....................................................................................................................................................... 12 2.3 Hoe kunnen we dat bereiken? .......................................................................................................... 12 3 Ontstaan en opbouw van de gemeente Haarlemmermeer ................................................
15 3.1 Geschiedenis ............................................................................................................................................... 15 3.2 Ondergrond ............................................................................................................................................... 15 3.3 De huidige biodiversiteit ...................................................................................................................... 18 4 Kansen, taken en opgaven voor biodiversiteit ......................................................................... 20 4.1 Kansen .......................................................................................................................................................... 20
4.1.1 Biodiversiteit bevorderende maatregelen ....................................................................... 20
4.1.2 Aanleg en behoud van een duurzaam, robuust ecologisch netwerk ................. 23
4.2 Wettelijke taken, kaders en beperkingen ................................................................................... 25
4.2.1 Natuurwetgeving ......................................................................................................................... 25
4.2.2 Ruimtelijke ordening .................................................................................................................. 25
4.3 Maatschappelijke opgaven .............................................................................................................. 26
4.3.1 Ontwikkeling van woningbouw, bedrijventerreinen en gebieden ........................ 26
4.3.2 Gezondheid ................................................................................................................................... 27
4.3.3 Sociale samenhang ................................................................................................................... 27
4.3.4 Klimaat ............................................................................................................................................. 28
4.3.5 Landbouw ...................................................................................................................................... 28
4.3.6 Waterhuishouding ...................................................................................................................... 29
5 Streefbeeld 2040 ................................................................................................................................... 30 5.1 Stedelijk gebied ........................................................................................................................................ 30
4
5.1.1 Streefbeeld hoogstedelijk ......................................................................................................... 30
5.1.2 Streefbeeld laagstedelijk ......................................................................................................... 32
5.1.3 Streefbeeld dorps ........................................................................................................................ 32
5.1.4 Beleid ................................................................................................................................................. 33
5.1.5 Inrichting .......................................................................................................................................... 34
5.1.6 Beheer ............................................................................................................................................... 34
Gemeente Haarlemmermeer
5.1.7 Educatie en participatie ........................................................................................................... 35
5.2 Agrarisch gebied ..................................................................................................................................... 36
5.2.1 Streefbeeld ..................................................................................................................................... 36
5.2.2 Beleid ................................................................................................................................................ 37
5.2.3 Inrichting ......................................................................................................................................... 37
5.2.4.Beheer .............................................................................................................................................. 38
5.2.5 Educatie en participatie ......................................................................................................... 38
5.3 Natuur- en recreatiegebieden ........................................................................................................ 39
5.3.1 Streefbeeld ..................................................................................................................................... 39
5.3.2 Beleid ................................................................................................................................................ 39
5.3.3 Inrichting ......................................................................................................................................... 39
5.3.4 Beheer .............................................................................................................................................. 42
5.3.5 Educatie en participatie ......................................................................................................... 42
5.4 Groen-blauwe structuur ..................................................................................................................... 43 6 Uitvoeringsprincipes ............................................................................................................................ 45 6.1 Natuurinclusief bouwen en ontwerp van de buitenruimte ................................................ 47 6.2 Groennormen ........................................................................................................................................... 48 6.3 Ontwikkeling dorpsbosjes en groenstructuren (kleine) kernen ....................................... 49 6.4 Tijdelijke natuur ....................................................................................................................................... 49 6.5 Vergroening buitengebied ................................................................................................................ 50 6.6 Vergroening akkers, sloten en erfbeplanting langs de polderwegen ........................... 51 6.7 Energieopwekking in agrarisch gebied ....................................................................................... 52 6.8 Realisatie NNN .........................................................................................................................................
52 6.9 Stimulering biodiversiteit .................................................................................................................... 53 6.10 Voorkomen en beperken knelpunten ......................................................................................... 54 6.11 Bosaanplant ............................................................................................................................................. 55 6.12 Realisatie en behoud groen-blauwe structuur ....................................................................... 55 6.13 Natuur in onderwijs .............................................................................................................................. 56 6.14 Vergroten kennisbevordering en draagvlak inwoners ........................................................ 56 6.15 Beheer gemeentelijk areaal ............................................................................................................ 57 6.16 Borging onderzoeksgegevens ........................................................................................................ 58 6.17 Natuur en biodiversiteit in gemeentelijke processen ..........................................................
59 Colofon ........................................................................................................................................................... 61 Referenties ..................................................................................................................................................... 63 Bijlage 1 Beleidsoverzicht ...................................................................................................................... 65 Bijlage 2 Input participatie ................................................................................................................... 68
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
5
1. Inleiding 1.1
Het belang van natuur met grote biodiversiteit
Berekend is dat de (bio)diversiteit in heel Nederland nog maar 15% is van wat er oorspronkelijk aanwezig was. Hoe meer we daarover te weten komen, hoe
Op wereldschaal en landsbreed
ernstiger de situatie blijkt te zijn. Het nieuws dat
Natuur- en landschapswaarden staan wereldwijd
de insectenfauna in de afgelopen decennia sterk
onder druk. Het verlies aan natuur en biodiversiteit,
is afgenomen, heeft niet alleen betrekking op de
een gevolg daarvan, leidt mondiaal tot problemen.
insecten zelf, maar op de toestand van het gehele
Niet alleen voor Ontwikkeling de natuur, maar soorten ook voor de ecosysteem. Insecten staan immers aan- de basis in mens. natuurgebieden en agrarisch gebied 1975 2005 Gepubliceerd op Compendium voor de Leefomgeving (https://www.clo.nl)
Dit besef dringt steeds meer door in alle lagen van
van de voedselketens. De hoeveelheid vogels in het
de samenleving, overheden, onderzoeksinstanties en
agrarisch gebied is als gevolg van deze afname
beheerders van de (openbare) ruimte.
ook drastisch gereduceerd. Andere factoren die
Ter illustratie toont onderstaande figuur landelijk
zijn de stikstofproblematiek (eutrofiëring), de door
Ontwikkeling soorten in natuurgebieden en agrarisch gebied van grote invloed zijn op de nationale biodiversiteit 1975 - 2005
Indicator | 2 in februari 2010 (in termen de af- en toename biodiversiteit alle andere ruimtevragen beperkte beschikbare U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met van doelsoorten) in het agrarisch gebied recentere gegevens kunt u via deze en link [1] bekijken.oppervlakte voor natuur, de versnippering als gevolg
natuurgebieden tussen 1975-1989 en 1990-2005.
van de infrastructuur en de beschikbare middelen
In het agrarisch gebied daalt het aantal doelsoorten van het natuurbeleid, terwijl deze binnen voor de aanleg en het beheer van de natuur. natuurgebieden vooral toenemen.
Figuur 1.1. Veranderingen in aantallen doelsoorten in natuur- en agrarisch gebied tussen 1975-1989 en 1990-2005.
Download figuur [2] Download data (xls) [3]
Doelstelling van het natuurbeleid 6
Nederlandse natuurbeleid heeft als doel om de biodiversiteit in ons land zeker te stellen door GemeenteHet Haarlemmermeer behoud, herstel, ontwikkeling en duurzaam gebruik van natuur. Daarvoor zijn zogenaamde
Figuur 1.2. Een kruidenrijke berm biedt leven aan insecten, kleine zoogdieren en zangvogels.
Een belangrijke reden voor de achteruitgang van de natuur is dat natuur en biodiversiteit worden beleefd als iets wat er altijd al is en waar dus wel iets van af kan. Economische functies, gebruik door en voor de mens, krijgen daarmee voorrang. Maar natuur
Waarom is biodiversiteit belangrijk? De wereld kan niet zonder biodiversiteit. Soorten en ecosystemen zorgen bijvoorbeeld voor de productie van zuurstof, afbraak van
heeft naast de intrinsieke waarde wel degelijk een
dode dieren en planten, bestuiving van planten
economische waarde. De aanwezigheid van natuur
(waaronder landbouwgewassen), waterzuivering
levert directe geldstromen op, bijvoorbeeld in de
en het beheersen van plagen. Biodiversiteit
vorm van hogere huizenprijzen en inkomsten uit
betekent voor de mens voedsel, bouwmateriaal,
toerisme en recreatie. De tweede manier waarop natuur met de economie verbonden is, is indirect via de maatschappelijke waarde: de bijdrage
brandstof (hout) en grondstoffen voor kleding (zoals katoen) en medicijnen. We noemen dit ecosysteemdiensten. Biodiversiteit is bij uitstek nodig om veranderingen op te vangen, wanneer
van de natuur aan de welvaart in bredere zin, de
bijvoorbeeld meer stikstof uit de lucht komt, of
waarde van de functies die de natuur vervult in en
fijnstof. Of wanneer grond wordt omgegraven.
voor de economie. Voorbeelden hiervan zijn een
Of klimaatverandering. Het functioneren en de
betere gezondheid in een natuurlijke omgeving.
gezondheid van lokale ecosystemen hebben
Maar ook een bijdrage aan het oplossen van de klimaatproblematiek door het vastleggen van CO2 en het bieden van mogelijkheden voor
direct en indirect effect op het mondiale systeem. Juist nu de mensen steeds meer veranderingen in de leefomgeving veroorzaken, is biodiversiteit daardoor nog belangrijker.
waterbuffering. Natuurlijke systemen kunnen immers meer water bufferen dan verharde pleinen en straten. biodiversiteit. Een gezonde bodem levert meer en Natuur en biodiversiteit hebben een hoge intrinsieke
kwalitatief betere producten. Een grote variatie
waarde. Maar ook de waarde van natuur en
aan natuurlijke bestuivers verdubbelt dit effect in de
biodiversiteit voor de mens en de leefomgeving
fruitteelt nog eens. Natuurlijke plaagbestrijding werkt
speelt in deze visie een belangrijke rol. Onze
kostenverlagend voor tuinders en akkerbouwers.
voedselproductie is sterk afhankelijk van ‘functionele’
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
7
De kwaliteit van onze leefomgeving is eveneens
de totale kosten van aanleg en beheer van groen
gebaat bij een rijke biodiversiteit, we wandelen
met een factor 1,5 tot 2 overtreffen. Daarmee is de
immers liever in een gevarieerd park dan in
economische waarde in termen van baten en kosten
een eentonig bos of stil weidelandschap.
van ecosysteemdiensten van natuur en biodiversiteit
Plaagorganismen zoals eikenprocessierups hebben
duidelijk aangetoond en is duidelijk dat investeren in
minder kans in rijke natuurlijke milieus door de
natuur loont!
aanwezigheid van natuurlijke vijanden. Daarnaast is biodiversiteit de menselijke schatkamer
Wat wil de overheid?
voor medicijnen. Het grootste deel van onze
Op allerlei niveaus worden plannen opgesteld om de
gereedschapskist aan medicijnen (bijvoorbeeld
achteruitgang van de natuur helemaal te stoppen.
antibiotica, taxol) is ofwel afgeleid van natuurlijke
‘Nederland kent in de toekomst meer ruimte voor
stoffen, ofwel ontdekt door goed naar de natuurlijke
natuur, door natuur- en landschapswaarden sterker
voorbeelden te kijken. Ook dient de natuur nog
te integreren met andere ontwikkelingen. Bij nieuwe
altijd als grote inspiratiebron voor toepasbare
bouw- en ontwikkelopgaven is natuurinclusieve
natuurkundige ontdekkingen.
ontwikkeling de norm, zowel in de stad als in het landelijk gebied. Dit wordt in de ontwerpopgave
Er zijn diverse studies geweest die de waarde van
standaard meegenomen. Het natuurareaal is
natuur en biodiversiteit hebben berekend.
vergroot en de water- en milieucondities zijn
ECORYS-NEI, het instituut voor milieuvraagstukken
verbeterd. In het stedelijk gebied is er in 2050
berekende dat de financiële baten van de natuur in
voldoende ruimte voor natuur en groen, om
Nederland tussen 12,9 en 21 miljard euro bedragen,
bijvoorbeeld insecten genoeg overlevingskansen te
ofwel 3,2 tot 5,2 procent van het bruto nationaal
geven.’ stelt de Nationale Omgevingsvisie⁵.
product (bnp)¹. De waarde van vastgoed stijgt 10-15% in een groene omgeving. Een natuurlijke
Op alle schaalniveaus wordt gewerkt aan herstel van
omgeving vermindert stress, verbetert de
de biodiversiteit. Het Rijk heeft een Rijksnatuurvisie
concentratie en nodigt bovendien uit tot bewegen².
(2014)⁶ opgesteld, de provincie Noord-Holland heeft
Uit ‘The economics of ecosystems & biodiversity’
het Programma Natuurontwikkeling (PNO) 2020-
studie van KPMG³ blijkt dat natuur, naast verlaging
2024⁷ opgesteld en in de Omgevingsvisie NH2050⁸ is
van de ziektekosten, ook een aanzienlijke verlaging
de ambitie uitgesproken om de biodiversiteit in de
van de kosten van arbeidsverzuim kan betekenen
provincie Noord-Holland te versterken. In juni 2019 is
(naar schatting 400 miljoen euro per jaar).
het Deltaplan Biodiversiteitsherstel gelanceerd, welke ook door ons is ondertekend. Hierin presenteert een
Landelijk onderzoek⁴ toont aan dat de totale
coalitie van maatschappelijke organisaties een plan
maatschappelijke baten van natuur, groen en
om het voor grondgebruikers aantrekkelijk te maken
recreatie (op het gebied van positieve gezondheid,
om een bijdrage te leveren aan het herstel van de
vastgoedwaarde, vestigingsklimaat, waterberging,
biodiversiteit.
milieuverbetering, biodiversiteit, citymarketing)
1 2 3 4 5 6
8
De verscholen baten van de natuur. ECORYS-NEI (2002). Health benefits of Nature. Van den Berg et al (2012). Groen, gezond en productief, The economics of ecosystems & biodiversity: natuur en gezondheid. KPMG advisory N.V. (2012). TEEB voor gebieden. Hendriks et al, Wageningen UR, 2014 Nationale Omgevingsvisie; Duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Ministerie van BZK (2020). Natuurlijk verder, Rijksnatuurvisie 2014. Ministerie van EZ (2014).
⁷
Programma Groen, programma natuurontwikkeling 2020-2024. Provincie Noord Holland (2019).
⁸
OMGEVINGSVISIE NH2050, Balans tussen economische groei en leefbaarheid. Provincie Noord Holland (2018).
Gemeente Haarlemmermeer
Figuur 1.3. Libel op lisdodde (bron: beeldbank Haarlemmermeer).
In de Rijksnatuurvisie beschrijft het kabinet in grote
openbare voorziening die wij aan onze inwoners
lijnen het natuurbeleid tot 2025. Belangrijkste punt
aanbieden om in te verblijven en recreëren. De
van deze visie is een omslag in het denken: natuur
Natuurvisie helpt het draagvlak onder bewoners en
hoort midden in de samenleving thuis, niet alleen
bedrijven voor natuur in de gemeente te vergroten.
in beschermde natuurgebieden. De Rijksnatuurvisie wil vooral inwoners, bedrijven, gemeenten en
Door de komst van de Omgevingswet is de
maatschappelijke organisaties meer kansen bieden
noodzaak voor deze Natuurvisie acuut geworden.
om natuur te beschermen en duurzaam te gebruiken.
De Omgevingsvisie en -wet vraagt om een integrale aanpak bij ontwikkeling en beheer van de ruimte,
Binnen de gemeente Haarlemmermeer
waarbij ‘natuur’ één van de aspecten is die moet worden afgewogen. Ook de energietransitie, veranderingen in de landbouw en de veranderingen
Dit alles vraagt om uitwerking van Europees, landelijk
in het klimaat leiden tot ingrijpende ontwikkelingen
en provinciaal beleid naar een visie op natuur op
in de toedeling van de beschikbare ruimte in de
gemeentelijk niveau. Wij hebben op dit moment
gemeente. Daarbij wordt het belang
geen actueel beleidsdocument waarin wij onze
van natuur steeds groter, bijvoorbeeld in de vorm van
visie op natuur en biodiversiteit hebben vastgelegd.
verkoelende parken, bewegingsruimte, waterpartijen
Beleidsmatig is er behoefte aan een gemeentelijke
die hemelwater kunnen opvangen en in de vorm van
Natuurvisie. Een Natuurvisie helpt ons om de juiste
functionele biodiversiteit voor de landbouw.
acties in te zetten om de bijzondere natuur te herstellen en te beschermen, met elkaar te verbinden
Omdat de natuur en biodiversiteit integraal
en waar mogelijk uit te breiden én om in die natuur
onderdeel vormen van de ruimtelijke inrichting en
een zo hoog mogelijke biodiversiteit te creëren. Een
keuzes die daarin worden gemaakt, is dit document
hoge biodiversiteit in de stad en in het buitengebied.
in samenwerking met onze maatschappelijke
Deze Natuurvisie helpt om richting te geven bij de
partners opgesteld. In deze gemeentelijke
aanstaande verstedelijkingsopgaven, om natuur
Natuurvisie zijn de hoofdlijnen van de RijksNatuurvisie
en groen daarin een goede plek te geven en in
op gemeentelijk niveau verwerkt, toegespitst op onze
te passen. Het groenareaal is immers de grootste
plaatselijke kenmerken en omstandigheden. De visie
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
9
richt zich op het versterken van de biodiversiteit in
1.2
Leeswijzer
de gehele gemeente Haarlemmermeer, zowel in ons
Hoofdstuk 2 geeft een overzicht van de
groenareaal als daarbuiten in stedelijk en landelijk
doelstellingen en methodische benadering van
gebied.
deze visie. Hoofdstuk 3 beschrijft de stand van zaken ten aanzien van natuur en biodiversiteit in
Groen, natuur en biodiversiteit zijn begrippen die
Haarlemmermeer. Hoofdstuk 4 beschouwt kansen
elkaar overlappen en vaak door elkaar worden
voor biodiversiteit en de samenhangende wettelijke
gebruikt. Om verwarring te voorkomen geven
en maatschappelijke opgaven en beperkingen.
we hieronder de definities van groen, natuur en
Hoofdstuk 5 schetst het streefbeeld in 2040 en
biodiversiteit zoals ze in deze visie gehanteerd zijn.
hoofdstuk 6 benoemt de uitvoeringsprincipes die we hanteren om tot dit streefbeeld te komen.
Groen: Groen omvat al het groen, al dan niet met natuurwaarde/natuurfunctie (al het onverharde oppervlak bedekt met planten, struiken en bomen, inclusief gazons, trapveldjes en heestervakken, groene gevels en groen op daken). Groen dient meerdere functies. Deze zijn vaak gerelateerd aan menselijk gebruik. Recreëren, sporten, het ommetje met de hond, maar ook de aankleding van de buitenruimte is hier een voorbeeld van.
Natuur: De term natuur wordt in deze visie gebruikt vanuit beleving, dát deel van het groen dat door de meeste mensen gezien wordt als natuur. Dit zijn in eerste instantie de aangewezen natuurgebieden, maar ook ecologische bermen en slootkanten of zelfs een goed ingericht groen dak. Sportvelden, zeker van kunstgras, gladgeschoren gazons, akkers met maar één soort gewas maken hier geen deel van uit. Ook binnen de stad, zelfs in een stenige omgeving, kan natuur aanwezig zijn, bijvoorbeeld in particuliere tuinen en ecologische bermen.
Biodiversiteit: Het geheel aan soorten die voorkomen in en soms buiten het groen areaal. Van alle levende wezens, dus van eencelligen tot planten, zoogdieren en vogels. In de natuurdelen is de biodiversiteit doorgaans hoger dan in het groen in het algemeen. Biodiversiteit is altijd gekoppeld aan de locatie: elke plek met specifieke omstandigheden kent zijn eigen (potentiële) biodiversiteit.
10
Gemeente Haarlemmermeer
2. Doelstelling 2.1
Waar staan we nu?
Tegelijk is vanaf de Tweede Wereldoorlog de
De gemeente Haarlemmermeer, van oorsprong een
biodiversiteit in de stedelijke gebieden toegenomen.
agrarische gemeente, kende in de eerste helft van
In de dorpen zijn nieuwe en heel gevarieerde
de 20
ste
eeuw waardevolle agrarische natuur, die
biotopen ontstaan in bermen en watergangen,
vooral op het platteland te vinden was. Akkerkruiden,
particuliere tuinen en parken. Op dit moment is het
insecten, kleine zoogdieren en kenmerkende
bebouwde gebied ecologisch van beduidend grotere
akkervogels kwamen algemeen voor. Na de Tweede
betekenis dan de intensief gebruikte agrarische
Wereldoorlog ontstond de roep om hervorming van
gebieden eromheen, ondanks de trend van
de agrarische sector met als uitgangspunt “nooit
toenemende verharding van tuinen. Toch is dat niet
meer honger”. Pas decennia later zou duidelijk
voldoende om over het hele grondgebied gerekend
worden hoe de hier uit voortkomende sterke focus
de achteruitgang te compenseren.
op opbrengst, de toename van monocultuur, de toegenomen mechanisatie en het toenemende
In het buitengebied nemen de recreatieve gebieden
gebruik van gewasbeschermingsmiddelen,
met het ouder worden in biodiversiteit toe. Bij
kunstmest en bestrijdingsmiddelen effect had op de
agrariërs vormt biodiversiteit steeds meer een
natuurwaarden op het platteland (in 30 jaar 80%
aandachtspunt, en met akkerranden, groenstroken
minder insecten).
en erfbeplanting neemt nu de biodiversiteit weer toe.
9
Figuur 2.1 geeft dit schematisch weer.
Figuur 2.1. Indicatief verloop van de biodiversiteit in de gemeente Haarlemmermeer 1945-2020
9
https://sicco-mansholt.hetnieuweinstituut.nl/nl
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
11
2.2
Het doel
2.3
Van oudsher werd in het natuurbeleid de nadruk
Hoe kunnen we dat bereiken?
gelegd op de scheiding van natuur en samenleving.
De Natuurvisie is een beleidsvisie waarin we onze
Natuur was iets wat los stond van de maatschappij
visie op natuur en biodiversiteit in onze gemeente
en er zelfs tegen beschermd moest worden. Natuur
presenteren. Het opnemen van algemene
mocht wel “genoten” worden, maar had geen echte
doelstellingen rondom natuur en biodiversiteit
maatschappelijke status.
gebeurt in onze gemeente al decennia in
Deze Natuurvisie gaat de focus verleggen: van
structuurvisies, groenstructuurplannen10 en beleid,
bescherming van natuur tegen de samenleving naar
maar niet eerder in een specifiek beleidsdocument
versterking van natuur dóór en mét de samenleving.
waarin een overkoepelend beeld wordt beschreven.
De geboden kansen in de dynamische gemeente
Hiermee vormt deze visie de basis voor keuzes in
Haarlemmermeer worden benut en waar dat
opgaven en taken waarin biodiversiteit en natuur
mogelijk is wordt binnen de natuur een hogere
een component vormen.
biodiversiteit gecreëerd. De Natuurvisie wordt geschreven voor het hele Wat willen we bereiken met deze Natuurvisie?
grondgebied van de gemeente Haarlemmermeer. In
• Dat de biodiversiteit zichtbaar en beleefbaar is
de visie worden natuur en biodiversiteit verbonden
voor de inwoners en bezoekers van de gemeente; • Dat iedereen in Haarlemmermeer zich mede-
met onze andere opgaven. De ruimtelijke, planologische en praktische uitwerking hiervan
eigenaar voelt van de natuur en zich in wil zetten
vindt plaats in de eigen integrale processen die
voor het behoud hiervan. Dit geldt voor inwoners,
wij hiervoor hanteren. De Omgevingsvisie, waar de
ondernemers, bezoekers en voor ons;
Natuurvisie onderdeel van uitmaakt, en onze visie
• Dat er een grote variatie aan biotopen aanwezig
Landschap en Recreatie zijn hiervoor belangrijke
is met daarin vitale populaties van planten-
producten. Maar ook sectorale programma’s
en diersoorten en dat verbindingen tussen de
als de woningbouwopgave zijn een belangrijk
leefgebieden aanwezig zijn;
middel voor het realiseren van de groen- en
• Dat, waar zich mogelijkheden voordoen, kansen
biodiversiteitsopgaven. Op dit moment11 zijn
worden aangegrepen om de biodiversiteit te
daarbij de afspraken (eisen en aanbevelingen) in
vergroten;
de Leidraad Duurzame Inrichting Openbare Ruimte
• Dat in al ons functioneren met zorg wordt
(DIOR) leidend.
omgegaan met de ecologische kwaliteiten van de stedelijke omgeving en het buitengebied. • Dat wij het beheer van het eigen areaal richten op versterking van de biodiversiteit.
De Natuurvisie bouwt voort op bestaande beleidsopgaven. Het wiel wordt niet opnieuw uitgevonden, maar bestaande opgaven en kennis zijn verbonden, geclusterd en vertaald naar de situatie in de gemeente Haarlemmermeer met een doorkijk naar 2040. We hebben hierbij gebruik gemaakt van: • Bestaande beleidsopgaven van het Rijk, de Provincie Noord-Holland en de twee voormalige gemeenten12;
10 11 12
12
Algemeen Groenstructuur Rapport (1991), Gemeente Haarlemmermeer.
Peiljaar 2020. Een overzicht van vigerend beleid en beleid in ontwikkeling is opgenomen in bijlage 1.
Gemeente Haarlemmermeer
• Input uit de samenleving. Met inwoners en groene
• De tweede cirkel is het terrein waar wij (in)
organisaties is op een bijeenkomst in het NMCX
direct invloed kunnen uitoefenen, zoals bij
Centrum voor Duurzaamheid overleg gepleegd
gebiedsontwikkelingen, uitgiften of verpachten
over de kansen voor het versterken van de
van gemeentelijke gronden. Ook de maatregelen
biodiversiteit ;
in de recreatiegebieden, waar wij via de
13
• Kennis van onze medewerkers. Met onze
Gemeenschappelijke Regeling aan deelnemen,
belangrijkste stakeholders is de concept visie
vallen hieronder. En ook de planologische
besproken op de consequenties voor onze
bevoegdheid valt hieronder: via vergunningen en
processen.
voorschriften. • De derde cirkel van invloed is het terrein waar
Op basis van informatie verkregen uit bovenstaande
wij geen formele rol hebben en alleen door
bronnen is een overkoepelend streefbeeld
overtuiging of stimuleringsmaatregelen iets
geformuleerd zoals de gemeente Haarlemmermeer
kunnen bereiken. Te denken valt aan privé-
er in 2040 uit zou kunnen zien. Dit ‘streefbeeld 2040’ is
eigendommen zoals tuinen, boerenerven en
uitgewerkt in verschillende onderdelen:
bedrijventerreinen, maar ook grote gebieden
• Drie landschapppelijke categorieën: stedelijk
bijvoorbeeld in beheer van derden zoals
gebied, agrarisch gebied en natuur- en
Staatsbosbeheer, Landschap Noord-Holland en
recreatiegebieden. Binnen deze categorieën zijn
Schiphol.
de thema’s streefbeeld(en), beleid, inrichting,
Per uitvoeringsprincipe is aangegeven wat onze rol is,
beheer en educatie & participatie uitgewerkt;
waarbij de mate van invloed uiteindelijk bepalend is
• Een groen-blauwe structuur van ecologische
voor onze (ambitie tot) toepassing van het principe.
verbindingen. Om inzicht te verschaffen in mogelijkheden om het v
en nd
gro
re
a al
in g e n
d
gem
gebie
n t e l ij k
en verpac
ee
r o e n) a
naar gelang het grondeigendom en -gebruik, in
nt wikkelin (g
Haarlemmermeer hebben verschilt onder andere
nw at er
g
De mate van invloed die wij binnen de gemeente
so
ht
echter niet uit dat wij hier (indirect) invloed op hebben.
l) e
en
onze bevoegdheden en verplichtingen, dat sluit
dbouw, Schipho
em st
uitgewerkt. Niet alle principes vallen (geheel) onder
an
( lan
sy
streefbeeld te realiseren zijn er uitvoeringsprincipes
d
n de er
figuur 2.2 verbeeld via de drie cirkels van invloed. De mate van invloed laat zich als volgt onderscheiden: • Ons eigen beheerareaal bevindt zich in de binnenste cirkel van invloed. Op dit areaal hebben wij direct invloed. Het gaat hierbij om
Figuur 2.2. Relatieve oppervlaktes van onze invloedsferen.
groen in eigen beheer (parken, wegbermen, perken).
13
Een overzicht van de verkregen input is opgenomen in bijlage 2.
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
13
Een concrete uitwerking van de uitvoeringsprincipes van dit plan worden waar van toepassing geïntegreerd in andere ruimtelijke processen zoals het Omgevingsplan, de DIOR, bestemmingsplannen, samenwerkingsverbanden met externe partijen et cetera. De uitvoeringsprincipes van de Natuurvisie worden hierbij afgewogen samen met en overeenkomstig de visies op landschap, recreatie, polderlinten en de andere onderwerpen die vallen onder de Omgevingsvisie. De Natuurvisie is daarmee integraal onderdeel van het afwegingskader in omgevingsvraagstukken.
14
Gemeente Haarlemmermeer
3. Ontstaan en opbouw
‘van de gemeente Haarlemmermeer’
3.1
Geschiedenis
De mechanisatie en intensivering in het landgebruik
De gemeente Haarlemmermeer bestaat uit een
van begin 20e eeuw, nog versterkt door de
aantal polders. De polder Haarlemmermeer is
schaalvergroting van de akkerbouw in de tweede
drooggemaakt in de periode 1848-1852, om het
helft van de eeuw14, hebben geleid tot een sterke
gevaar van een steeds groeiende binnenzee in te
afname van de biodiversiteit van het landelijk
dammen. Bij een doorbaak naar het IJ zou dit meer
gebied. Daarnaast heeft er in de gemeente in de 20e
zout water zijn geworden, met alle gevolgen van dien.
eeuw een sterke verandering van het grondgebruik
Ter wille van de financiering van de drooglegging en
plaatsgevonden. Wonen en economische
omdat de zeekleigronden uitermate geschikt waren
bedrijvigheid, inclusief de luchthaven Schiphol,
voor akkerbouw, is de Haarlemmermeerpolder– net
vormen nu de hoofdfuncties in de gemeente (zie
als de andere droogmakerijen in Noord-Holland –
figuur 3.1). De aanwezigheid van de luchthaven
op een strakke en rechthoekige manier verkaveld,
is sterk sturend op de ruimtelijke ordening en de
geheel gericht op de agrarische productie. Alleen de
inrichting en het beheer van de openbare ruimte.
oude bovenlanden aan de rand van de polder langs
De geluidscontouren bepalen de mogelijkheden
de ringdijk en ringvaart herinneren aan het oude
voor woningbouw en de vliegveiligheid beperkt
veen- en merenlandschap.
de ontwikkeling, inrichting en het beheer van
De scheiding tussen het IJ en de Haarlemmermeer
natuurgebieden.
werd gevormd door de Inlaagpolder en Vereenigde Binnenpolder, beide restanten van het oude veenweidelandschap. De Houtrakpolder is in 1873
3.2
Ondergrond
drooggelegd bij de aanleg van het Noordzeekanaal
De Haarlemmermeerpolder is niet helemaal vlak en
de Groote IJpolder in 1875. De zeeklei werd en
ook niet helemaal met zeeklei bedekt. In het reliëf
wordt in die polders ook vooral gebruikt voor de
van de polder zijn het de kreekruggen tussen Nieuw-
akkerbouw in een strakke verkaveling. Het oudere
Vennep en Hillegom en de voormalige eilandjes
veenweidelandschap leent zich meer voor de
Beinsdorp en Abbenes die opvallen. Deze zijn
veeteelt.
ontstaan in de tijd van het getijdengebied dat hier gelegen heeft, voordat er veenlagen overheen zijn
Het landbouwlandschap van omstreeks 1880
gegroeid. Die veenlagen zijn al in de middeleeuwen
kende een eigen biodiversiteit gekoppeld aan het
afgegraven waardoor er meren ontstonden, die
menselijk en agrarische gebruik. Bij gebrek aan
later samen het Haarlemmermeer zijn gaan vormen.
mechanisatie en kunstmest was er een grote variatie
Bij de inpoldering is de oude zeebodem weer
van intensief bewerkt land bij de boerderijen, tot
droog komen te liggen. Overgangen tussen zand
vrijwel geen beheer op de ver weg gelegen percelen.
en klei, kalkrijkdom en kalkarmoede en zoete en
Weidevogels, akkervogels, insecten en kleine
zilte bodems wisselen elkaar op geringe afstanden
zoogdieren kwamen veelvuldig voor vanwege het
af. Deze overgangen vormen het uitgangspunt
kleinschalige landgebruik.
voor de potentieel meest gevarieerde natuur in Haarlemmermeer. Daarnaast bieden de Geniedijk, Spoordijk en taluds van snelwegen kansen voor
14
https://sicco-mansholt.hetnieuweinstituut.nl/nl
'droge' natuurontwikkeling door de variatie in aangevoerd zand. Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
15
Figuur 3.1. De gemeente Haarlemmermeer in 2020 (bron: gemeentenatlas.nl). Wonen en economische bedrijvigheid (luchthaven, bedrijventerreinen en landbouw) vormen de hoofdvormen van grondgebruik in de gemeente.
In het noordelijke deel liggen zeekleipolders
waar een aantal oude natuurgebieden in het
gewonnen op het IJ en oude laagveenpolders met
veenweidegebied liggen. De veengebieden worden
riet en oeverlanden langs de Liede en de Mooie Nel.
gekenmerkt door een hoge grondwaterstand.
De bodem bestaat uit zowel zeeklei als veen.
Bijzonder is ook de oude eendenkooi van Vijfhuizen,
Bijzonder binnen de gemeente zijn verder de (veen)
die al uit de 18e eeuw stamt. Hierbij geldt; hoe ouder
bovenlanden (bijvoorbeeld omgeving Lisserbroek)
het land, des te groter de kans op hoge biodiversiteit.
en noordelijk veenweiden (omgeving Spaarndam),
16
Gemeente Haarlemmermeer
Figuur 3.2. Dat de bodem gevarieerd is toont de bovenstaande kaart uit 1949. De kaart toont de voormalige gemeente Haarlemmermeer.
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
17
3.3
De huidige biodiversiteit
Met die variatie aan biotopen is ook de hoeveelheid
De variatie van het landschap in de polder is sinds
plant- en diersoorten – de biodiversiteit – in delen
1970 toegenomen. Naast het wei- en akkerland
van de gemeente toegenomen. Wel ligt deze
(>50%) bestaat Haarlemmermeer tegenwoordig uit
nog lager dan vergelijkbare streken in Nederland.
oudere bossen, jonge bossen, stedelijke gebieden,
Onderstaande tabel (3.1) toont de waarde van de
recreatiegebieden, kantoorterreinen en rietvelden.
verschillende biotopen voor de biodiversiteit.
Tabel 3.1. Biodiversiteit in soorten terrein (biotoop). Biotoop
Oude bossen op
Bio-
Voorkomen in de
Voorbeelden van
diver-
gemeente
samenhangende
siteit
Haarlemmermeer
functies
++
--
Vastleggen koolstof
droge grond Oude bossen op
en stikstof, recreatie +++
Weinig
vochtige grond Jongere bossen op
Aanvullende informatie
Vastleggen koolstof en stikstof, recreatie
+
Redelijk veel
Recreatie
+
--
Recreatie
+
Overal (in bebouwde
Recreatie, sociale
kom)
cohesie
Weinig
Waterreiniging,
Biodiversiteit zeer
water vasthouden,
afhankelijk van beheer en
recreatie
helling.
Recreatie
Biodiversiteit afhankelijk
vochtige grond Jongere bossen op drogere grond Dorpsbosjes Natuurvriendelijke
+ tot ++
oevers Wateren
- tot +
Overal
van o.a.waterkwaliteit, beheer en inrichting. Ruige gronden en
++
Weinig
Waterretentie
Schrale bermen
+
Veel (in buitengebied)
Recreatie
Geklepelde
--
Veel (in buitengebied)
-
-
Veel (binnen bebouwde Recreatie
rietmoeras
bermen Gazon
kom) Veenweiden Akkers
0 tot + -- tot 0
Redelijk veel (noordelijk
Openheid land-
Biodiversiteit sterk
deel van de gemeente)
schap
afhankelijk van beheer.
Heel veel
Openheid landschap
Woongebieden en
- tot ++
Veel
bedrijventerreinen
Recreatie, sociale
Biodiversiteit afhankelijk
cohesie
van inrichting, gebruik en beheer.
Schipholgronden
-
Veel
Openheid land-
Bewust beleid gericht op
schap
voorkomen van risicovolle natuurwaarden i.r.t. de vliegveiligheid beperkt de biodiversiteit.
18
Gemeente Haarlemmermeer
Er zijn relatief weinig bossen, vooral oudere, die
is weinig open water en daardoor ook weinig variatie
de biodiversiteit omhoog brengen. Wat er is aan
aan oevers en moerassen. De bebouwde gebieden
recreatiebos is meestal nog in ontwikkeling en staat
zijn in biodiversiteit vergelijkbaar met de bebouwde
op voedselrijke bodem. Veel delen van dit type
gebieden elders, bij steden op kalkrijke klei. Toch zijn
gebied ontwikkelen zich nu door tot een gemengd
er in de gemeente al hotspots van biodiversiteit aan
bos, met voortdurend toenemende biodiversiteit. Er
te wijzen ( figuur 3.3).
Legenda Botanische Hotspots Soort
N
Hotspot bossen en bomen Hotspot planten: o.a. orchideeen Hotspot brakwatergebied Haarlemmermeer
2
1
0
2
4 Km
Esri Nederland, Community Map Contributors
Figuur 3.3. Ecologische hotspots in de gemeente Haarlemmermeer.
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
19
4. Kansen, taken en opgaven voor biodiversiteit 4.1
Kansen
agrarische productie in Haarlemmermeer15. Door het grote aandeel van de landbouw binnen het
4.1.1 Biodiversiteit bevorderende maatregelen Er zijn meerdere manieren om de biodiversiteit te
grondgebruik in onze gemeente (figuur 4.1) bieden dergelijke samenwerkingen kansen voor bevordering van de biodiversiteit en een duurzaam perspectief voor natuurinclusieve landbouw.
bevorderen: • Toename van het aantal biotopen; • Toename van de variatie binnen biotopen; • Onderling verbinden van biotopen; • Verbetering van beheer; • Toename van het areaal van biotopen met hoge biodiversiteit. Binnen ons areaal worden al jaren steeds meer gronden omgezet van gazon naar schraal gras, en geklepelde bermen naar schrale bermen. In stedelijk gebied en ook langs bermen en waterwegen is het beheer veel meer dan voorheen gericht op kleurrijke weiden en bermen. Andere kansen worden gevormd door de aanplant van veel meer bomen en bossen, zodat die op termijn de biodiversiteit een stuk kunnen verhogen. De Bossenstrategie die– voortkomend uit het Klimaatakkoord - door het ministerie van LNV in Figuur 4.1. Grondgebruik in de gemeente
samenwerking met de provincies wordt ontwikkeld
(bron: https:/ /gemeentehaarlemmermeer.nl). Verdere vergroening van
kan hierbij een belangrijk instrument vormen.
de landbouw kan gezien het grote areaal van grote betekenis zijn voor de biodiversiteit in de gemeente.
Ook door de boeren wordt de biodiversiteit steeds meer omarmd, bijvoorbeeld via het initiatief
Een voorbeeld van de mogelijkheden is het
GreenBASE waarin biodiversiteit in combinatie met
aanleggen van bloemrijke akkerranden waardoor
landbouw wordt versterkt in bermen, akkerranden,
de diversiteit en aantallen van insecten toenemen
sloten en erven. Het collectief Noord-Holland
en tegelijkertijd sprake is van natuurlijke
Zuid participeert in de pilot Akkerbelt binnen het
gewasbescherming (figuur 4.2).
Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB) waarin wordt gezocht naar een groenere methode van
15
Gebiedsplan GLB-pilot Akkerbelt, Deelgebied
Haarlemmermeer. Ministerie van LNV, Agrarisch collectief NHZ & Europees landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (2019).
20
Gemeente Haarlemmermeer
Figuur 4.2. Het Collectief Noord-Holland Zuid heeft in samenwerking met het project GreenBASE en de aangesloten boeren ruim 50 kilometer kruidenrijke akkerranden gerealiseerd. Er wordt daarnaast op circa 35 ha graan ingezaaid dat niet wordt geoogst en dat in de winter blijft staan als voedsel voor vinken, gorzen en patrijzen (bron: collectief NHZ, dec. 2020). In 2020-2022 wordt gestreefd naar 60 km extra akkerranden en de realisatie van vogelakkers met strokenteelt.
In het provinciaal Natuurbeheerplan wordt niet
worden. Het Collectief Noord-Holland Zuid is in de
alleen gestreefd naar natuur in natuurgebieden en
gemeente Haarlemmermeer de gebiedscoöperatie
verbindingszones. Er wordt ook gestreefd naar natuur
die de subsidieaanvraag organiseert (loketfunctie).
op agrarisch land. Figuur 4.3 toont de gebieden waar agrarische natuurpakketten aangevraagd kunnen
Natuurvisie Haarlemmermeer 2040
21
Figuur 4.3. Zoekgebieden waarvoor agrarische beheerpakketten aangevraagd kunnen worden (via het Collectief Noord-Holland Zuid) 16
16
Conform Gewijzigde Uitvoeringsregeling natuur- en landschapsbeheer Noord-Holland 2016-2021 (SVNL 2016-2021). Provincie Noord-Holland (2015).
22
Gemeente Haarlemmermeer
Er liggen echter nog veel meer kansen, zoals kleine
maken dan wel houden van de aanleg van het NNN
aanpassingen in inrichting en beheer binnen
via het bestemmingsplan.
stedelijke gebieden, infrastructuur passeerbaar maken voor dieren, natuurvriendelijk ontwikkelen
De realisatie van de NNN-verbindingen dient net
bij nieuwe wijken en verbetering van waterkwaliteit
zoals de NNN-gebieden plaats te kunnen vinden;
en aanleg van natuurvriendelijke oevers in
ruimtelijke ontwikkelingen mogen de (toekomstige)
samenwerking met het Hoogheemraadschap van
realisatie van de verbinding niet uitsluiten. Waar
Rijnland.
de huidige situatie onvoldoende ruimte biedt kan worden gekeken naar een andere, kwalitatieve
4.1.2 Aanleg en behoud van een duurzaam, robuust ecologisch netwerk
invulling, bijvoorbeeld door de inrichting van stapstenen (kleine gebieden met de vereiste biotopen en op een maximale afstand om de afstand tussen gebieden door doelsoorten te kunnen
Zowel een kans als een taak betreft de realisatie van
overbruggen) en met gebruik van faunapassages.