CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Nota Bodembeheer 2022 (2022.0001079).pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 14 juli 2022, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: Nota Bodembeheer 2022 (2022.0001079)38.469 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

gemeente Haarlemmermeer

raadsvoorstel Onderwerp

Portefeuillehouder Steller Collegevergadering

Nota Bodembeheer 2022 mr. Mariëtte Sedee-Schuitemaker Simone Beerkens en Maureen van Munster 31 mei 2022

Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer

2022.0001079 1. Voorstel Collegebesluit(en) Op grond van het voorgaande heeft het college besloten om: 1. de zienswijze op de ontwerp Nota Bodembeheer te beantwoorden met de bijgevoegde brief. Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. de Nota Bodembeheer gemeente Haarlemmermeer, beleidskader voor grond- en baggerverzet en de Bodemkwaliteitskaart gemeente Haarlemmermeer 2022 vast te stellen; 2. de Nota Bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer, beleidskader voor grond- en baggerverzet 2020 van 28 april 2020 (2020.0001031) en de nota Bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer, beleidskader voor grondverzet 2018 van 20 maart 2018 (2018.0014079) in te trekken. 2. Samenvatting Wij willen ons bodembeleid, vastgelegd in de Nota Bodembeheer 2020, op twee punten aanscherpen. Voor lood in tuinen en kinderspeelplaatsen stellen wij strengere normen vast dan op grond van het landelijke, generieke beleid is toegestaan. Hierbij volgen wij het advies van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Dit om met name kinderen extra bescherming te bieden tegen deze stof. Voor PARK21 willen wij ons gebiedsspecifieke beleid eveneens aanscherpen door hier grond toe te passen die voldoet aan de kwaliteit 'Achtergrondwaarde' of 'Wonen' in plaats van grond die mag voldoen aan de kwaliteit 'Industrie', zoals in de Nota Bodembeheer 2020 is opgenomen.

De reden hiervan is dat in het geactualiseerde Masterplan voor PARK21 de keuze is gemaakt om geen grond met de kwaliteit 'Industrie' te gebruiken op grond van het advies uit de Milieueffectrapportage (MER). De Nota Bodembeheer 2020 moet hierop worden aangepast. Deze aanpassing geldt alleen voor grond die afkomstig is uit het beheergebied van de gemeenten Haarlemmermeer en Amsterdam en de regio Amstelland en Meerlanden. De aanpassingen zijn verwerkt in de Nota Bodembeheer 2022.

pagina 2

Nota Bodembeheer 2022

3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken?

Op 24 mei 2018 heeft de raad de 'Nota Bodembeheer, beleidskader voor grondverzet' vastgesteld (2018.0014079, Nota Bodembeheer 2018). Op 28 april 2020 hebben wij de 'Geactualiseerde Nota Bodembeheer, beleidskader voor grond- en baggerverzet 2020' (2020.0001031, Nota Bodembeheer 2020) vastgesteld, waarin het gebied is uitgebreid met het grondgebied van de voormalige gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude. In de Nota Bodembeheer 2020 is ons bodembeleid vastgelegd, gericht op de specifieke Haarlemmermeerse situatie. Een onderdeel van de Nota Bodembeheer 2020 is de Bodemkwaliteitskaart, waarin de actuele kwaliteit van de bodem in Haarlemmermeer is vastgelegd. De kaart vormt samen met de bodemfunctieklassenkaart de basis voor ons grond­ en baggerstromenbeleid op grond van het Besluit bodemkwaliteit (Bbk). Wij willen ons bodembeleid ten opzichte van de Nota Bodembeheer 2020 op enkele punten aanscherpen om de kwaliteit van de bodem beter te kunnen beschermen. 3.2 Wat gaan we daarvoor doen?

Wij hebben de Nota Bodembeheer 2020 op twee punten aangepast. Verder is de Nota Bodembeheer 2022, op nog enkele kleine tekstuele wijzigingen na, gelijk aan de Nota Bodembeheer 2020. Ook de Bodemkwaliteitskaart is ongewijzigd gebleven. Voor de duidelijkheid gaan wij eerst in op bodembeleid in het algemeen. Algemeen bodembeleid In de bodemwetgeving wordt onderscheid gemaakt tussen het saneren van grond en het toepassen van grond. Voor het saneren van grond wordt de benodigde kwaliteit bepaald door de Wet bodembescherming (Wbb) in verband met de aanwezigheid van risico's voor mens of ecosysteem. Voor het toepassen van grond wordt de benodigde kwaliteit van de grond bepaald door het Bbk. In onderstaande tabel zijn deze verschillende kwaliteiten weergegeven. De linker kolom is de kwaliteit volgens de Wbb en de rechterkolom is de kwaliteit op grond van het Bbk. Wbb Achtergrond waarde (AW / 'schoon')* Licht verhoogd (> AW)**

Bbk Achtergrond waarde (AW / 'schoon') Wonen Industrie

Matig verhoogd (> tussenwaarde)** Niet toepasbaar Sterk verhoogd (> interventiewaarde)** * vastgesteld op basis van het gehalte aan stoffen zoals die voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland die zijn belast door lokale verontreinigingsbronnen. ** verhoogd: overschrijding van de waarde De Nota Bodembeheer 2022 gaat over het toepassen van grond op basis van het Bbk. Het betreft dan de kwaliteiten Achtergrond waarde. Wonen en Industrie zoals genoemd in bovenstaande tabel. Voor het saneren van verontreinigde grond op basis van de Wbb zijn wij geen bevoegd gezag. Deze verantwoordelijkheid ligt bij de provincie Noord-Holland. De kwaliteit van de Haarlemmermeerse bodem is vastgelegd in de Bodemkwaliteitskaart. Dit is een onderdeel van de Nota Bodembeheer. De grond in onze gemeente is overwegend schoon.

pagina 3

Nota Bodembeheer 2022

Volgens het landelijke generieke bodembeleid op grond van het Bbk mag bij ophoging alleen dezelfde kwaliteit grond (of beter) worden toegepast die reeds aanwezig is en die past bij de functieklasse. In onderstaand overzicht zijn de verschillende bodemfunctieklassen behorende bij de verschillende bodemfuncties weergegeven. Per bodemfunctie is bij het opstellen van landelijk beleid een keuze gemaakt in welke mate contact met de grond kan plaatsvinden en hoe groot de gewasconsumptie is uit eigen tuin. Ook bepaalt de bodemfunctie in welke mate het ecosysteem beschermd moet worden. Clustering bodemfuncties tot bodemfunctiekJassen) Bodemfuncties

Bodemfunctieklassen

1. Moes-envofcauinen

VoWoet aan Achtesgrondwaarden. schone grond

2. Natuur 3. landbouw

d Wonen met tuin

Wonen

5. Plaatsen waar kinderen speien 6. Groen met natuurwaarden

In afwijking van het generieke beleid kan de gemeenteraad gebiedsspecifiek beleid vaststellen. Dit zijn lokale waarden die passen bij de bodemfunctie ter plaatse, maar niet overeenkomen met de aanwezige bodemkwaliteit. Deze waarden kunnen, afhankelijk van het doel van het beleid, strenger of minder streng zijn dan het landelijke beleid. Met gebiedsspecifiek beleid kan lokaal maatwerk worden gerealiseerd. Aanscherpen lokaal beleid voor waarborgen bodemkwaliteit Om de bodemkwaliteit te waarborgen en de bodem te beschermen zijn in de Nota Bodembeheer 2018, geactualiseerd in 2020, strengere normen en regels opgenomen voor bepaalde stoffen, zoals asbest, organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB's) en chloride. Deze normen en regels wijken af van het landelijke, generieke beleid en zijn bedoeld om zoveel mogelijk risico's uit te sluiten. Aan dit lokale, gebiedsspecifieke, beleid willen wij in de Nota Bodembeer 2022 een strengere norm voor lood in tuinen en kinderspeelplaatsen toevoegen. Hiervoor zal een norm van maximaal 100 mg/kg gaan gelden. Hierbij volgen wij het advies van het RIVM en Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD), die op grond van nieuwe inzichten een bijstelling van de norm adviseren. Hiermee willen wij de kans dat met name kinderen worden blootgesteld aan lood in de bodem zoveel mogelijk beperken.

Aanpassen gebiedsspecifiek beleid PARK21 Vanuit het maatschappelijk belang en om voor de toekomst duurzaam bodembeheer beter mogelijk te maken, is in Nota Bodembeheer 2018, geactualiseerd in 2020, voor enkele deelgebieden in Haarlemmermeer gebiedsspecifiek beleid opgenomen. Voor deze gebieden hebben wij lokale waarden bepaald die afwijken van de landelijke, generieke normen van het Besluit Bodemkwaliteit behorende bij de huidige kwaliteit, maar die passen bij de bodemfunctie ter plaatse. Met deze waarden kunnen wij een betere afweging maken tussen de bescherming van de bodemkwaliteit en ruimte voor (maatschappelijke) ontwikkelingen. Dit maakt duurzaam hergebruik van grond beter mogelijk en zorgt voor de voortgang van deze projecten. Eén van deze gebieden is PARK21. Om de geplande verhogingen in het landschap te kunnen realiseren, is op basis van het generieke beleid niet voldoende grond beschikbaar. Daarom is in

Nota Bodembeheer 2022

pagina 4

de Nota Bodembeheer 2020 in gebiedsspecifiek beleid vastgelegd dat in de parklaag van PARK21 gebiedseigen grond mag worden toegepast 'waarvan de kwaliteit slechter is dan de ontvangende bodem' (2020.0001031). Concreet betekende dit dat gebiedseigen grond met kwaliteit 'Industrie' in de parklaag mocht worden toegepast, afgedekt met minimaal 0,5 meter grond met kwaliteit 'Achtergrondwaarde'. In verband met zorgen die geuit zijn in de raad en tijdens het participatieproces over het gebruik van grond met de kwaliteit 'industrie' en het advies uit de milieueffectrapportage (MER) hierover, is het Masterplan voor PARK21 aangepast (2021.0002522). Voor de aanleg van het park zal geen grond met de kwaliteit 'Industrie' worden toegepast. De parklaag moet straks worden opgebouwd uit gebiedseigen grond met kwaliteit 'Achtergrondwaarde' of 'Wonen' en dus niet meer uit grond met kwaliteit 'Industrie' met een afdeklaag. Dit betekent dat de norm voor de toe te passen grond strenger wordt. Door deze, bij de bodemfunctie passende, grond toe te passen in de aan te leggen verhoogde parklagen worden (ecologische) risico's klein dan wel verwaarloosbaar geacht. Een afdeklaag is hierdoor ook niet meer nodig. Vanwege deze wijziging van het masterplan moet ook het gebiedsspecifieke beleid in de Nota Bodembeheer 2022 worden aangepast.

Dit gebiedsspecifieke beleid geldt uitsluitend voor grond van binnen het beheergebied van de gemeenten Haarlemmermeer en Amsterdam en de regio Amstelland en Meerlanden. Grond van buiten het beheergebied moet voldoen aan de kwaliteit 'Achtergrondwaarde' (schone grond). Bovenstaande gebiedsspecifieke regels treden in werking gelijktijdig met het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan PARK21. Tot die tijd geldt het generieke kader. De vastgestelde gebiedsspecifieke regels komen bij inwerkingtreding van de Omgevingswet van rechtswege in het Omgevingsplan. Omdat het bestemmingsplan PARK21 naar verwachting in werking treedt voordat de Omgevingswet van kracht wordt, kan de nu voorgestelde wijziging van de Nota Bodembeheer niet wachten tot dat het Omgevingsplan wordt vastgesteld. Inwerkingtredinfi en looptijd De 'Nota Bodembeheer' en de Bodemkwaliteitskaart treden in werking nadat deze bekend zijn gemaakt in het digitale Gemeenteblad. Hierna geldt een bezwaartermijn van zes weken. De 'Nota Bodembeheer' is in beginsel opgesteld voor een periode van tien jaar, waarna wij bekijken of deze aangepast moet worden. De Bodemkwaliteitskaart wordt in principe elke vijf jaar opnieuw vastgesteld. Herziening kan eerder nodig zijn als wijziging in wetgeving, actualiteit of voortschrijdend inzicht hiertoe aanleiding geven.

Met de invoering van de Omgevingswet met ingang van 1 januari 2023 wordt de landelijke regelgeving ingrijpend gewijzigd. Dit betekent onder meer dat het gebiedsspecifieke beleid uit de Nota bodembeheer onderdeel wordt van het Omgevingsplan van onze gemeente. Met de ingang van de Omgevingswet krijgen wij ook bevoegdheden ten aanzien van het saneren en graven in verontreinigde grond. Dit geeft aanleiding om een geheel nieuw bodembeleidskader vast te stellen. Intrekken vorige nota Bodembeheer Na vaststelling van de definitieve Nota Bodembeheer 2022 zal de Nota Bodembeheer 2020 komen te vervallen. 3.3 Wat mag het kosten?

Aan de uitvoering van dit voorstel zijn, naast de beschikbare ambtelijke capaciteit, geen extra kosten verbonden.

Nota Bodembeheer 2022

pagina 5

Wat zijn de financiële risico's?

Onze gemeente loopt geen vermeldenswaardige financiële risico's bij de uitvoering van dit voorstel. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?

De raad is conform het Besluit bodemkwaliteit verantwoordelijk voor het vaststellen van de 'Nota Bodembeheer'. Binnen het college is de portefeuillehouder Milieu het eerste aanspreekpunt. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar?

Participatie en communicatie Wij hebben de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht gevolgd. De ontwerp Nota Bodembeheer 2022 heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen, waarbij voor belanghebbenden de mogelijkheid openstond om een zienswijze in te dienen. Hierop is één zienswijze binnengekomen. De indiener heeft de volgende zienswijze: 1. het is onduidelijk en het wordt niet onderbouwd waarom de kwaliteitsklasse van gebiedseigen grond bij een reguliere toepassing (niet zijnde Grootschalige Bodem Toepassingen (GBT) is aangescherpt van klasse 'Industrie' naar klasse 'Wonen'; 2. er is in de ontwerpnota niet vastgelegd dat de gronden van V.O.F. MeerGrond worden beschouwd als gebiedseigen grond. Reactie op zienswijze Ad 1. De herziening van de Nota Bodembeheer hangt grotendeels samen met de ontwikkeling van PARK21. Voor de ontwikkeling van PARK21 is een MER noodzakelijk. Dit MER gaat expliciet in op het masterplan uit 2011, de daarbij grote hoeveelheden noodzakelijke grond en het gebruik van hergebruiksgrond. Deze aspecten worden negatief beoordeeld op milieuaspecten als stikstof en CCh-emissies, trillingen langs de transportroutes en problemen met de groeiplaatsomstandigheden voor het nieuw te planten groen.

In het MER zijn nadrukkelijke aanbevelingen gedaan voor spelregels en voor de hoogte en het gebruik van hergebruiksgrond. Het MER adviseert om de maximale gemiddelde ophoging van 2 meter te reduceren naar gemiddeld 0,75 meter. Hiermee worden negatieve aanlegeffecten weggenomen, zoals minder verkeersbewegingen met bijbehorende milieuhinder. Door het beperken van de ophoging is minder grond nodig. Hierdoor kan het gebruik van grond met de klasse 'Industrie' vervallen. Dit heeft een positief effect omdat grond met klasse 'Industrie' minder wenselijk is. Deze grond sluit niet aan bij de beoogde functie (groen met natuurwaarden of park). Bovendien is bij de toepassing ervan het aanbrengen van een deklaag noodzakelijk en zijn de negatieve effecten van de toepassing moeilijk omkeerbaar. Om aan de aanbevelingen van het MER te voldoen hebben wij in de Nota Bodembeheer de keuze gemaakt voor PARK21 geen hergebruiksgrond van de klasse 'Industrie' toe te passen. Hiermee wordt een negatief effect op de bodemkwaliteit weggenomen. Grond met klasse 'Wonen' sluit aan op de landelijke normen voor de beoogde functie als groen en recreatie en heeft de voorkeur omdat daarmee slechts een beperkte verslechtering van de bestaande bodemkwaliteit wordt veroorzaakt en geen afdeklaag nodig is. Ad 2.

Gebiedseigen grond is grond afkomstig uit beheergebied van onze gemeente, zoals vastgelegd in de Nota Bodembeheer. De grond en bagger die aanwezig zijn op MeerGrond zijn voornamelijk afkomstig uit het beheergebied maar ook afkomstig van elders in Nederland. De partijen grond die niet afkomstig zijn uit het beheergebied liggen op een milieu-inrichting en zijn

pagina 6

Nota Bodembeheer 2022

daarmee niet als gebiedseigen te beschouwen. Die mogelijkheid bestaat ook niet voor andere verwerkers van partijen afkomstig van buiten het beheergebied. Dit zou leiden tot een ongelijk speelveld. Ook onder de Nota Bodembeheer 2020 waren de grond en de bagger van MeerGrond niet her te gebruiken in PARK21 op basis van het gebiedsspecifieke beleid. De reden dat de in MeerGrond opgeslagen grond niet is toegepast, is dat het gewijzigde bestemmingsplan voor PARK21 nog niet van kracht is, waardoor toepassing binnen het plangebied grotendeels nog niet mogelijk was. De ingediende zienswijze hebben wij met een reactie opgenomen in de definitieve Nota Bodembeheer 2022. De zienswijze heeft geen aanleiding gegeven om de Nota Bodembeheer aan te passen. Juridische aspecten Het Besluit bodemkwaliteit, de Wet bodembescherming en de Wet milieubeheer zijn het wettelijk kader voor de Nota Bodembeheer en Bodemkwaliteitskaart. 4. Ondertekening Burgemeester enj

ders van de gerpeente Haarlemmermeer, ster,

uurmans-Wijdeven

•

Nota Bodembeheer gemeente Haar emmermeerf2022, beleidskader voor grond- en baggerverzet en bijlagen, waaronder de Bodem^aliteitskaart

gemeente Haarlemmermeer

V.O.F. MeerGrond T.a.v. M. Breur Postbus 260 2130AG HOOFDDORP

Postbus 250 2130 AG Hoofddorp

Bezoekadres: Taurusavenue 100 Hoofddorp Telefoon 0900 1852 Faxnummer 023 563 95 50

Cluster Contactpersoon Doorki esnummer Uw brief Ons kenmerk Bijlage(n) Onderwerp

Beheer en Onderhoud mevrouw S.A.A. Beerkens +31235674398 5 april 2022 6033191 Geen Zienswijze ontwerp nota Bodembeheer 2022

Verzenddatum

Geachte heer Breur, Op 5 april 2022 ontvingen wij van u een zienswijze op de ontwerp Nota Bodembeheer 2022. U geeft twee redenen op voor uw zienswijze. Hieronder geven we onze reactie op beide redenen. Zienswijze 1 Voor PARK21 is de kwaliteitsklasse van gebiedseigen grond bij een reguliere toepassing (niet GBT) aangescherpt van klasse Industrie naar klasse Wonen. Het is onduidelijk en niet gemotiveerd waarom deze aanscherping is gemaakt. Reactie De herziening van de Nota Bodembeheer hangt grotendeels samen met de ontwikkeling van PARK21. Voor de ontwikkeling van PARK21 is een milieu effectrapport (MER) noodzakelijk. Dit MER gaat expliciet in op het masterplan uit 2011, de daarbij grote hoeveelheden noodzakelijke grond en het gebruik van hergebruiksgrond. Deze aspecten worden negatief beoordeeld op milieuaspecten als stikstof en C02-emissies, trillingen langs de transportroutes en problemen met de groeiplaatsomstandigheden voor het nieuw te planten groen. In het MER zijn nadrukkelijke aanbevelingen gedaan voor spelregels en voor de hoogte en het gebruik van hergebruiksgrond. Het MER adviseert om de maximale gemiddelde ophoging van 2,0 meter te reduceren naar gemiddeld 0,75 meter. Hiermee worden negatieve aanlegeffecten weggenomen, zoals minder verkeersbewegingen met bijbehorende milieuhinder. Door het beperken van de ophoging is minder grond nodig.

Hierdoor kan het gebruik van grond met de klasse 'Industrie' vervallen. Dit heeft een positief effect omdat grond met klasse 'Industrie' minder wenselijk is. Deze grond sluit niet aan bij de beoogde functie. Bovendien is bij de toepassing ervan het aanbrengen van een deklaag noodzakelijk en zijn de negatieve effecten van de toepassing moeilijk omkeerbaar. Om aan de aanbevelingen van het MER te voldoen hebben wij in de Nota Bodembeheer de

Ons kenmerk: 6033191

Pagina 2

keuze gemaakt voor PARK21 geen hergebruiksgrond van de klasse 'Industrie' toe te passen. Hiermee wordt een negatief effect op de bodemkwaliteit weggenomen. Grond met klasse 'Wonen' sluit aan op de landelijke normen voor de beoogde functie als groen en recreatie en heeft de voorkeur omdat daarmee slechts een beperkte verslechtering van de bestaande bodemkwaliteit wordt veroorzaakt en geen afdeklaag nodig is. Zienswijze 2 Er is in de ontwerpnota niet vastgelegd dat de gronden van V.O.F. MeerGrond worden beschouwd als gebiedseigen grond. Reactie Gebiedseigen grond is grond afkomstig uit beheergebied van onze gemeente, zoals vastgelegd in de Nota Bodembeheer. De grond en bagger die aanwezig zijn op MeerGrond zijn voornamelijk afkomstig uit het beheergebied maar ook afkomstig van elders in Nederland. De partijen grond die niet afkomstig zijn uit het beheergebied liggen op een milieu-inrichting en zijn daarmee niet als gebiedseigen te beschouwen. Die mogelijkheid bestaat ook niet voor andere verwerkers van partijen afkomstig van buiten het beheergebied. Dit zou leiden tot een ongelijk speelveld. Ook onder de nota Bodembeheer 2020 waren de grond en bagger van MeerGrond niet her te gebruiken in PARK21 op basis van het gebiedsspecifieke beleid.

Dat de in MeerGrond opgeslagen gronden niet zijn toegepast heeft als reden dat het gewijzigde bestemmingsplan voor PARK21 nog niet van kracht is, waardoor toepassing binnen het plangebied grotendeels nog niet mogelijk was. Uw zienswijze geeft geen aanleiding om de Nota Bodembeheer te herzien. Hoogachtend,

Nota Bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022 Beleidskader voor grond- en baggerverzet

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

Pagina 2 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

Nota Bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022 Beleidskader voor grond- en baggerverzet

April 2022

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Ebbehout 31 1507 EA Zaandam

www.odnzkg.nl

Pagina 3 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

Colofon Door B en W ingestemd met terinzagelegging op 15 februari 2022 Door B en W ingestemd met voordracht aan gemeenteraad op 31 mei 2022

Vastgesteld door de gemeenteraad op: (nader in te vullen) In werking getreden op (na besluitvorming in te vullen)

Opdrachtgever: Opdrachtnemer:

Gemeente Haarlemmermeer Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied

Pagina 4 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

Voorwoord De overheid streeft naar een balans tussen bescherming van de bodemkwaliteit en ruimte voor maatschappelijk gebruik. Het doel van het Nederlandse bodembeleid is enerzijds de bescherming van de gezondheid van mens, dier en plant die op en in de bodem leven en anderzijds het behoud van de functionele eigenschappen van de bodem, zodat deze geschikt blijft om te gebruiken. Het Besluit bodemkwaliteit en de bijbehorende Regeling bodemkwaliteit vormen een schakel in het duurzaam bodembeheer. Het besluit bevat gebruiksregels en -normen met een directe relatie tussen de chemische bodemkwaliteit en het gebruik van de bodem, gebaseerd op een risicobenadering. In situaties met een gering risico gelden daarom beperkte regels en minder strenge normen dan in situaties met meer risico’s.

Haarlemmermeer probeert zoveel mogelijk een afweging te maken op basis van feitelijke risico’s. Deze Nota Bodembeheer is een herziening en vervanging van de eerdere Nota van 8 mei 2020. De Nota bevat enkele aanscherpingen van het beleid. Aangegeven wordt waar en waarom het mogelijk is regels aan te scherpen om de bodem in bepaalde situaties nog meer te beschermen, of regels juist te versoepelen in deelgebieden waar het verruimen van normen verantwoord is. De Nota bodembeheer is in opdracht van de gemeente Haarlemmermeer opgesteld door de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied en is bedoeld als handvat voor aannemers, adviesbureaus, gemeenten, projectontwikkelaars, grondeigenaren/gebruikers en voor iedereen die iets te maken heeft met (her)gebruik van grond en/of baggerspecie, graafwerkzaamheden en bodemonderzoek in de gemeente. Na de uitbreiding van de gemeente Haarlemmermeer met Haarlemmerliede en Spaarnwoude zijn de bodemkwaliteitskaart en de bodemfunctiekaart aangepast. Hiertoe moest de Nota uit 2018 tekstueel worden aangepast. Deze herziening is (na eerdere mandatering van de gemeenteraad) op 8 mei 2020 door B&W vastgesteld. De Nota bestaat uit drie delen. De hoofdstukken 2 t/m 4 behandelen de beleidskeuzes en de gevolgen voor de toepassing van grond en baggerspecie met de toetsingskaders en beleidsregels voor iedereen die te maken heeft met grondverzet.

Daarna volgt een deel met achtergrondinformatie in de hoofdstukken 5 t/m 9. Hierin wordt niet alleen ingegaan op de totstandkoming van de bodemfunctiekaart en de bodemkwaliteitskaart, maar wordt ook duidelijkheid geschapen over procedures die niet direct met toepassing van grond te maken hebben. Het derde deel bestaat uit een apart document met bijlagen. De bijlagen bevatten kaartmateriaal, statistische kentallen en extra informatie over asbestonderzoek en het toepassen van baggerspecie. Deze herziene Nota bodembeheer vervangt de Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer, versie 1.1, van 8 mei 2020.

Pagina 5 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

Samenvatting Deze Nota Bodembeheer is een herziening en vervanging van de eerdere Nota van 8 mei 2020. De Nota bevat enkele aanscherpingen van het beleid ten aanzien van het loodgehalte in de toe te passen grond in tuinen van woningen of op kinderspeelplaatsen en de kwaliteit van de toe te passen grond in PARK21. Voor de rest bevat deze Nota geen beleidsmatige wijzigingen ten opzichte van de voorgaande versie uit 2020. De huidige bodemkwaliteitskaart is ongewijzigd gebleven ten opzichte van de kaart uit 2020. De Nota bestaat uit drie delen. Deel 1: Het beleidsmatige deel bestaat uit de hoofdstukken 2 t/m 4. Daarin staan de toetsingskaders en beleidsregels voor iedereen die te maken heeft met grond- en baggerverzet in de gemeente Haarlemmermeer. Deel 2: Daarna volgt een deel met achtergrondinformatie in de hoofdstukken 5 t/m 8. Daarin wordt dieper ingegaan op de bodemfunctiekaart, de bodemkwaliteitskaart, meldingsprocedures en het opvragen van bodeminformatie. Hoofdstuk 9 beschrijft de rol van het bevoegd gezag inzake toezicht en handhaving. Deel 3: Het derde deel bestaat uit een apart document met bijlagen. De bijlagen bevatten kaartmateriaal, statistische kentallen, extra informatie over asbestonderzoek en het toepassen van baggerspecie.

Doel van de Nota De gemeente Haarlemmermeer wil met deze Nota een praktische richtlijn bieden hoe in de gemeente met grond, vrijkomende grond en baggerspecie moet worden omgesprongen. Het document is primair gericht aan overheden die veel met grond werken, adviesbureaus, aannemers en andere bodemintermediairs. Daarnaast bevat de Nota ook enkele onderwerpen die direct of indirect raken aan het dagelijks leven van bewoners in de steden en op het platteland, zoals mensen die willen (ver)bouwen en daarmee de grond raken.

Stand-still principe De bodem in de regio wordt zeer intensief gebruikt. Het bodembeleid wil dan ook zoveel mogelijk ruimte geven aan maatschappelijke activiteiten op en in de bodem, zoals gebiedsontwikkeling en woningbouw, bedrijfsactiviteiten, de aanleg van wegen of het uitbaggeren van vaarwegen. Tegelijkertijd is het bodembeleid erop gericht om negatieve effecten op de bodemkwaliteit tegen te gaan, zodat deze ook op zeer lange termijn geschikt blijft om te gebruiken. Het hoofduitgangspunt van de gemeenten in de regio is dan ook dat de kwaliteit van de bodem binnen de regio niet verslechtert.

Generiek en gebiedsspecifiek bodembeleid Deze Nota is een vertaling van de bodemwetgeving en het landelijk ‘generiek’ beleid. Het generiek beleid past echter niet altijd op elke lokale situatie. Het Besluit bodemkwaliteit geeft gemeenten daarom de vrijheid om ook gebiedsspecifiek beleid te formuleren. Deze herziene Nota Bodembeheer geeft invulling aan de ruimte voor lokaal maatwerk en gebiedsspecifiek beleid. Hierbij wordt sterk rekening gehouden met de lokale situatie. Vooral de maatschappelijke functie van de ontvangende bodem is leidend. Hoe gevoeliger de functie, hoe strenger de eis die aan toe te passen grond wordt gesteld. Sinds de drooglegging van de Haarlemmermeer is de bodem vooral agrarisch gebruikt. Na 1950 heeft de polder door de snelle ontwikkeling van Schiphol en de aanleg van nieuwe ontsluitingswegen een ander karakter gekregen. De industrie kreeg een plaats in de polder. Sloten werden opgevuld met verdacht materiaal, erven raakten verontreinigd met koolas en verhardingsmateriaal. In sommige delen van de polder ontstonden stortplaatsen, vooral in het veengebied. Sloopafval uit de Randstad werd in toenemende mate toegepast als verhardingsmateriaal of bouwstof in oude polderwegen. Ook werd veel teerhoudend asfalt als wegverharding

Pagina 6 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

toegepast. Aan de zuidoostelijke kant van de polder vestigde zich de glastuinbouw, met bijbehorende stookinstallaties. Na 1970 is de bebouwing en bedrijvigheid in de polder in snel tempo toegenomen en is er ook sprake van “stadsrandverschijnselen”, waarbij in agrarisch gebied tal van nieuwe activiteiten startten. Momenteel wordt de bodem intensiever gebruikt dan ooit tevoren. De polders van Haarlemmerliede en Spaarnwoude, met uitzondering van het recreatiegebied Spaarnwoude, zijn voornamelijk agrarisch in gebruik. Bedrijvigheid is voornamelijk aanwezig in Halfweg en Spaarndam. Ondanks toegenomen bedrijvigheid in de polder voldoet de diffuse bodemkwaliteit in het grootste deel van het gebied wat betreft de stoffen uit het standaard stoffenpakket nog altijd aan de Achtergrondwaarde (schoon). Deze grond is in principe geschikt om - onder voorwaarden - overal zonder onderzoek te hergebruiken (zone 1). Een klein gedeelte van het gebied heeft een bodemkwaliteit die voldoet aan de kwaliteitsklasse Wonen (zone 2 en 3A) en Industrie (zone 3). In deze zones geldt in principe het generieke beleidskader. In enkele deelgebieden van Haarlemmermeer voldoet het generieke kader niet. Het gebied ‘Schiphol Trade Park’ is zo’n gebied. In dit gebied is een verhoogd gehalte aan organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB’s) gemeten.

Met het generieke beleid kan de beoogde doelstelling, namelijk het zonder bodemonderzoek (binnen de regels van het Besluit bodemkwaliteit) kunnen toepassen van gebiedseigen grond binnen de deelzone, niet worden bereikt. Gebiedsspecifieke toepassingseisen kunnen de mogelijkheden voor grondverzet vergroten, waardoor economische voordelen kunnen worden behaald, zonder dat daarbij onaanvaardbare risico’s optreden. Hetzelfde geldt voor de deelzone PARK21, een poldergebied van ruim 1000 hectare tussen Hoofddorp en NieuwVennep, dat de komende jaren ingericht gaat worden als recreatief parklandschap. Uit economisch oogpunt is de aanwending van niet alleen grond met kwaliteit Achtergrondwaarde gewenst, maar ook met kwaliteit Wonen. Door deze, bij de bodemfunctie passende, grond toe te passen in de aan te leggen verhoogde parklagen worden (ecologische) risico’s klein danwel verwaarloosbaar geacht. Voorts gelden bijzondere regels voor enkele specifieke stoffen, zoals asbest, lood, chloride en organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB’s) en wordt bij toepassen van grond/baggerspecie een beperking gesteld aan de hoeveelheid bodemvreemd materiaal dat toe te passen grond/baggerspecie mag bevatten. Voor bagger, afkomstig van watergangen in het stedelijk gebied waarbij het niet mogelijk is de baggerspecie over het aangrenzend perceel te verspreiden, is gebiedsspecifiek beleid opgesteld.

Hierbij wordt bagger dichtbij de plek van vrijkomen gedurende een jaar op een weilandperceel opgeslagen, waarna een partijkeuring uitwijst of de partij alsnog mag worden uitgespreid als nuttige toepassing of zal moeten worden afgevoerd naar een verwerker. Tevens heeft de gemeente Haarlemmermeer het begrip aangrenzend perceel nader gedefinieerd.

Grondverzet Het overgrote deel van alle werken in de grond betreft projectmatige ontgravingen, ophogingen, herschikkingen, werk aan kabels & leidingen en baggeren. Een groot deel van deze Nota (hoofdstuk 4) beschrijft de procedure voor het nuttig toepassen van ontgraven grond op een andere locatie in de gemeente. Hierbij kan in veel gevallen gebruik worden gemaakt van de bodemkwaliteitskaart, waarbij, na een toets op eventuele verdachte locaties (de zgn. puntbronnencheck) samengevat de volgende stappen worden doorlopen: 1. Aantonen wat de kwaliteitsklasse is van de vrijkomende grond (weergegeven op de ‘ontgravingskaart’, onderdeel van de bodemkwaliteitskaart, waarop de verschillende bodemkwaliteitsklassen bij ontgraven worden aangeduid); 2. Onderzoeken wat de kwaliteitsklasse is van de ontvangende bodem (af te lezen op de bodemkwaliteitskaart waarop de gemeente is ingedeeld in verschillende kwaliteitsklassen); 3. Bepalen of er een ‘match’ is tussen de vrijkomende grond en de ontvangende bodem. Deze stap bepaalt met behulp van de toepassingskaart en tabellen of de vrijkomende grond voldoet aan de functie en toepassingseisen van de ontvangende bodem.

Pagina 7 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

Bodemkwaliteitskaart De bodemkwaliteitskaart biedt een betrouwbaar beeld van de actuele bodemkwaliteit binnen de gemeente Haarlemmermeer. De kaart is opgebouwd uit 3 deelkaarten waarin verschillende zones met overeenkomstige bodemkwaliteiten zijn weergegeven. De kaart kan in combinatie met de gebruiksregels in deze Nota worden gebruikt om grond zo eenvoudig mogelijk elders toe te passen. Hiermee kan veel geld aan bodemonderzoek worden bespaard. De kaart uit 2020 is nog steeds geldig en zal uiterlijk in 2025 moeten worden geactualiseerd, of eerder, als ontwikkelingen daarom vragen.

Pagina 8 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

Inhoud Voorwoord

5

Samenvatting

6

1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 1.7 1.8

12 12 13 14 15 16 16 17 17

Inleiding Aanleiding Doelstelling en doelgroep Bevoegd gezag Vaststelling, geldigheidsduur en reikwijdte Verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid Afbakening Uitgangspunten nieuwe Nota Draagvlak gemeentelijke spelers

DEEL 1

HET GEBIEDSSPECIFIEKE BODEMBELEID IN DE GEMEENTE HAARLEMMERMEER

2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 2.9 2.10

Het bodembeleid in de gemeente Haarlemmermeer Keuze voor gebiedsspecifiek beleid Voorkomende verontreinigingen (buiten standaardpakket) De bodemfunctiekaart De bodemkwaliteit binnen de gemeente Haarlemmermeer Generiek beleid voor toepassen van grond in zone 1 Het gebiedsspecifieke toetsingskader in de zones 2, 3A en 3 Gebiedsspecifiek beleid in de zones 1A en 1B Beleidsregel en landelijk handelingskader PFAS Gebiedsspecifiek beleid voor OCB’s Wijzigingen in de Nota Bodembeheer 2022

19 19 20 21 22 24 24 25 28 29 29

3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10

Wanneer moet bodemonderzoek gedaan worden? Wanneer is bodemonderzoek noodzakelijk? (Historisch) vooronderzoek Verkennend onderzoek (NEN 5740) Asbest in bodem en partijen grond Bodemonderzoek bij omgevingsvergunningen voor de activiteit bouwen en voor milieu-inrichtingen Uitzonderingen op de bodemonderzoeksplicht Bodemonderzoek bij werken in de openbare weg Welk soort onderzoek is noodzakelijk in welke situatie Arbeidsomstandigheden Niet genormeerde stoffen

30 30 30 32 32 34 36 37 38 39 39

4 4.1 4.2

Toepassen van grond en bagger Milieuhygiënische kwaliteitsverklaring Toetsingsregels en omrekening naar standaardbodem

41 41 42

Pagina 9 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10

Toepassen van grond afkomstig vanuit het beheergebied Ontgraven en toepassen van grond met de bodemkwaliteitskaart gemeente Haarlemmermeer Toepassingsmatrix bodemkwaliteitskaart Haarlemmermeer Toepassen van grond afkomstig van buiten het beheergebied Niet-gezoneerde gebieden Toepassen van baggerspecie op de landbodem Toepassen chloridehoudende grond/baggerspecie Bijzondere situaties en afwijkingen

DEEL 2

43 43 48 50 50 51 54 56

ACHTERGRONDEN EN PROCEDURES

5 5.1 5.2

Situatie beheergebied en bodemgebruik Situatie beheergebied Huidig bodemgebruik

60 60 62

6 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6

Werkwijze opstellen bodemkwaliteitskaart Opstellen Programma van Eisen Onderscheidende gebiedskenmerken Uitgangspunten van de bodemfunctiekaart De bodemkwaliteitskaart Gegevensverzameling en -verwerking Definitieve gebiedsindeling

64 64 65 65 66 68 69

7 7.1 7.2 7.3 7.4

Meldingsprocedures ontgraven, transport en toepassen van grond Digitaal Loket Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Melden van toepassen van grond Melden van ontgraven in niet-sterk verontreinigde grond Melden van transport van grond en baggerspecie

70 70 70 71 72

8 8.1 8.2

Bodeminformatie en procedures Digitaal indienen van bodemonderzoeksrapporten Opvragen van bodeminformatie

73 73 73

9 9.1 9.2

Toezicht en handhaving Bestuurlijk toezicht en handhaving Strafrechtelijk handhaven

74 74 76

10

Terminologie

78

11

Literatuur

83

Pagina 10 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

DEEL 3

BIJLAGEN (apart document)

Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 2A Bijlage 3 3A 3B 3C 3D Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9

Risico’s gebiedsspecifiek beleid De bodemfunctiekaart Gevoelige gebieden De bodemkwaliteitskaart Zonekaart Bodemkwaliteitskaart (gemiddelde, 3 dieptetrajecten) Ontgravingskaart (P80, 3 dieptetrajecten) Toepassingskaart (3 dieptetrajecten) Lijst met uitgesloten locaties (puntbronnen), incl. kaart Berekende statistische kentallen Toepassen chloridehoudende grond Aardkundige waarden Asbest Beantwoording zienswijzen

Pagina 11 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

1 Inleiding 1.1

Aanleiding

De bodem in Nederland wordt intensief gebruikt. Het bodembeleid wil enerzijds ruimte scheppen voor woningbouw, transformatie, aanleg van wegen, onderhoud van vaarwegen, aanleg van parken etc. Anderzijds is het doel van het Nederlandse bodembeleid de bescherming van de gezondheid van mens, dier en plant die op en in de bodem leven en het behoud van de functionele eigenschappen van de bodem, zodat deze geschikt blijft om te gebruiken.

Aanscherping van het beleid op enkele onderdelen De praktische aanleiding voor de herziening van deze beleidsnota is het feit dat Haarlemmermeer de keuze maakt om gevoelige bodemfuncties extra te beschermen met een gebiedsspecifieke normering. Met name het zware metaal lood is een probleemstof, die diffuus verspreid voorkomt. Om deze reden wordt er een maximum van 100 mg/kg ds gesteld aan het gehalte aan lood in grond die mag worden toegepast op locaties met de bodemfunctie ‘Wonen met tuin’ en ‘Plaatsen waar kinderen spelen’. In de zone 1B (PARK21) is het toepassen van grond met de kwaliteit Industrie niet meer toegestaan. De maximaal toegestane kwaliteitsklasse van de toe te passen grond is Wonen. Met de vaststelling van voorliggende Nota en bodemkwaliteitskaart zullen deze aanscherpingen op het beleid van kracht worden. Hiermee zal de voorgaande versie van de Nota bodembeheer, vastgesteld op 8 mei 2020, komen te vervallen. Op andere beleidsonderwerpen is deze Nota ongewijzigd gebleven. Wel zijn de verwijzingen behorend bij het PFAS-beleid geactualiseerd. Het is echter goed te vermelden en te benadrukken waarom bepaalde (beleids)keuzes zijn gemaakt.

Bodemkwaliteitskaart Met de vaststelling van de Nota bodembeheer en de bodemkwaliteitskaart in mei 2018 is het gebiedsspecifieke beleidskader in werking getreden. De kaart vormt samen met de bodemfunctieklassenkaart de basis voor het grond- en baggerstromenbeleid dat de gemeente Haarlemmermeer sindsdien onder het Besluit bodemkwaliteit voert. Per 1 januari 2019 is de gemeente Haarlemmermeer gefuseerd met de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude. Hiertoe was het noodzakelijk de bodemkwaliteitskaart opnieuw te herzien en de Nota bodembeheer op deze wijziging aan te passen. De huidige versie van de bodemkwaliteitskaart is ongewijzigd gebleven ten opzichte van de kaart uit 2020.

Knelpunten generiek beleid Besluit bodemkwaliteit Het Besluit bodemkwaliteit, en de bijbehorende Regeling bodemkwaliteit, is onder meer gebaseerd op de Wet bodembescherming en stelt milieuhygiënische voorwaarden aan de toepassing van bouwstoffen, grond en baggerspecie. Gemeenten hebben daarbij de mogelijkheid gebiedsspecifiek beleid op te stellen als er behoefte is aan lokaal maatwerk. De gemeente Haarlemmermeer heeft hiervan gebruik gemaakt. Het generieke beleid onder het Besluit bodemkwaliteit levert knelpunten op voor het grondverzet: •

•

Sommige deelgebieden zijn verdacht op het voorkomen van specifieke stoffen die niet in het standaard stoffenpakket zijn opgenomen (zoals organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB’s)), waardoor grondverzet binnen de regels van het Besluit bodemkwaliteit met de bodemkwaliteitskaart niet mogelijk is; Er zijn gebieden waar toepassen van grote hoeveelheden grond gewenst is. Uit financieel oogpunt is, naast schone grond, in sommige gevallen ook het toepassen van grond met kwaliteit Wonen van belang.

Pagina 12 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

•

De generieke maximale waarde voor lood in grond met kwaliteitsklasse Wonen kan een gezondheidsrisico opleveren voor jonge kinderen, terwijl deze grond in sommige gevallen wel zou mogen worden toegepast in tuinen van woningen of op kinderspeelplaatsen.

Mogelijkheden gebiedsspecifiek beleid Om te bepalen of gebiedsspecifiek beleid een oplossing kan bieden voor de knelpunten zijn de volgende uitgangspunten in beschouwing genomen: • • • • • •

Hergebruik van grond in schone tot licht verontreinigde gebieden wordt mogelijk (zoveel mogelijk zonder bodemonderzoek); Streven naar een normering gericht op de bodemfuncties ter plaatse, zodat de bodemkwaliteit aansluit bij de bodemfunctie (strengere norm bij gevoelige functies); Aanwijzen van gebieden waarvan de gebiedskwaliteit uit economisch oogpunt mag verslechteren; Stand-still principe op gebiedsniveau handhaven, generieke beleidskader aanhouden voor aanvoer van grond van buiten het beheergebied; Grond met kwaliteit tot maximaal Industrie alleen op basis van organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB) kan toegepast worden binnen het beheergebied als de ontvangende bodem ook OCB bevat; Op bodemfuncties met kans op humane blootstelling aan lood in de bodem (Wonen met tuin en plaatsen waar kinderen spelen) moet het gezondheidsrisico worden beperkt.

Conclusie Als binnen de bodemkwaliteitskaart deelgebieden worden aangewezen waarvoor gebiedsspecifiek beleid wordt vastgesteld, kunnen de genoemde knelpunten worden verholpen. Als voor de aangewezen gebieden duidelijke regels worden vastgesteld voor toe te passen grond leidt gebiedsspecifiek beleid niet tot onaanvaardbare humane en/of ecologische risico’s. De nu voorgestelde aanscherpingen voor de stof lood gelden in de hele gemeente op de aangewezen bodemfuncties (tuinen van woningen en kinderspeelplaatsen). Dit wordt middels het vaststellen van deze Nota Bodembeheer gerealiseerd.

Bodem in de Omgevingswet De nieuwe integrale Omgevingswet treedt naar verwachting in 2021 in werking, waarbij 26 afzonderlijke milieuwetten komen te vervallen. De nieuwe wet bevordert de integrale afweging van ruimtelijke en milieubelangen, omdat binnen één wet de onderlinge samenhang beter tot zijn recht komt. Via de Aanvullingswet bodem Omgevingswet en het Aanvullingsbesluit bodem Omgevingswet worden bodemregels onderdeel gemaakt van de Omgevingswet en komt de aparte Wet bodembescherming te vervallen. Aangezien het Rijk meer bevoegdheden naar gemeenten sluist, zullen die bodemregels te zijner tijd worden opgenomen in het zogeheten Gemeentelijk Omgevingsplan - een instrument onder de Omgevingswet.

1.2

Doelstelling en doelgroep

Doelstelling Nota Het doel van de Nota bodembeheer is invulling geven aan de beschikbare beleidsruimte voor gebiedsspecifiek en functiegericht bodembeheer. Om optimaal gebruik te kunnen maken van de beleidsvrijheid die het Besluit bodemkwaliteit biedt, is het noodzakelijk om het bodembeleid vast te leggen in een Nota bodembeheer. In voorliggende Nota bodembeheer wordt beschreven waarom en hoe de gemeente Haarlemmermeer invulling geeft aan het gebiedsspecifieke beleidskader voor het toepassen van grond en worden de gemaakte keuzes onderbouwd. Door weloverwogen beheer van de bodem zal de bodem niet verder verslechteren en wordt zorgvuldig omgegaan met de functies die bodem heeft.

Pagina 13 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

Het gebiedsspecifieke beleid van Haarlemmermeer richt zich op enkele stoffen die niet in het standaard stoffenpakket voorkomen, maar die wel regelmatig in de bodem worden aangetroffen (asbest, OCB’s), waarvoor verslechtering van de kwaliteit ongewenst is (chloride) en waarvoor gezondheidskundige risico’s kunnen optreden (lood). Tevens is gebiedsspecifiek beleid ontwikkeld voor bagger afkomstig uit stedelijk gebied. Onder de Omgevingswet zal de Nota onderdeel worden van het Omgevingsplan van de gemeente. Binnen het Omgevingsplan worden sectorale onderwerpen meer in samenhang beschouwd. Waar wenselijk en mogelijk wordt daar in deze Nota al een voorschot op genomen.

Doelstelling bodemkwaliteitskaart De bodemkwaliteitskaart geeft een actueel en dekkend beeld van de diffuse bodemkwaliteit op het grondgebied van de gemeente Haarlemmermeer. De kaart faciliteert veelvoorkomend grondverzet bij werkzaamheden door: • • • • • • • •

Gebieden te tonen waar vrij grondverzet (zonder bodemonderzoek, maar wel met puntbronnencheck) onder bepaalde voorwaarden is toegestaan; Te laten zien waar grond en baggerspecie op en in de bodem kan worden toegepast; Te dienen als bewijsmiddel voor de kwaliteit van vrijkomende grond en de ontvangende bodem; Knelpunten weg te nemen bij grond- en/of baggerverzet; Afzetmogelijkheden van grond te vergroten door acceptatie van bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten, mits deze conform landelijke richtlijnen zijn opgesteld; Voor ARBO een indicatie te zijn van de te verwachten risico’s; Vereenvoudiging van het gebruik op regionaal niveau, omdat de vormgeving van de kaarten binnen de beheerregio op elkaar is afgestemd; Vereenvoudiging van het toezicht.

Doelgroep Doelgroepen voor de Nota Bodembeheer en de bodemkwaliteitskaart zijn het bevoegd gezag voor de Wet bodembescherming, maatschappelijke organisaties, burgers, marktpartijen en initiatiefnemers (zoals ontwikkelaars, bewoners) binnen het bodemwerkveld.

Toetsingskader grondverzet en bodemsanering Ter facilitering van de uitvoeringspraktijk voor bodemonderzoek en grondverzet is er binnen de gemeente Haarlemmmermeer behoefte aan een uniform toetsingskader voor zowel het bevoegde gezag Besluit bodemkwaliteit als de uitvoerende maatschappelijke partijen. Deze Nota Bodembeheer geeft het beleidskader voor de uitvoeringspraktijk binnen de gemeente.

1.3

Bevoegd gezag

Burgemeester en Wethouders van de gemeente Haarlemmermeer zijn het bevoegd gezag voor toepassingen van grond en bagger op de droge (land)bodem. Deze Nota gaat dan ook alleen over de landbodem in Haarlemmermeer. Voor waterbodembeheer is de waterkwaliteitsbeheerder het bevoegd gezag (natte bodem onder opppervlaktewater). Voor nadere informatie over bevoegde gezagen bij baggerwerkzaamheden wordt verwezen naar par. 4.8.

Pagina 14 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

1.4

Vaststelling, geldigheidsduur en reikwijdte

Bestuurlijke vaststelling Het beleid in deze Nota bodembeheer heeft betrekking op het grondgebied van de gemeente Haarlemmermeer. De Nota, met bijbehorende bodemkwaliteitskaart, treden in werking nadat deze door de gemeenteraad van voorgenoemde gemeente zijn vastgesteld, de termijn van terinzagelegging van de Algemene Wet Bestuursrecht is verstreken, en deze op de voorgeschreven wijze bekend zijn gemaakt (gepubliceerd): • • •

De Nota bodembeheer wordt in beginsel vastgesteld voor een periode van 10 jaar. Daarna wordt bekeken of de Nota wordt aangepast; De bodemkwaliteitskaart wordt in principe elke 5 jaar opnieuw vastgesteld; Tussentijdse herziening van de Nota, of de bodemkwaliteitskaart, kan eerder nodig zijn als wetswijzigingen, actuele ontwikkelingen of voortschrijdend inzicht daartoe aanleiding geven.

Met de invoering van de Omgevingswet wordt de landelijke regelgeving ingrijpend gewijzigd. Dit betekent onder meer dat onderwerpen uit de Nota bodembeheer onderdeel gaan worden van het Omgevingsplan en van het bodembeleidskader van de gemeente. Deze herziene Nota Bodembeheer, met de bodemkwaliteitskaart, vervangt de Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer van 8 mei 2020. Met de bestuurlijke vaststelling van deze nieuwe Nota komt de eerdere Nota uit 2020 te vervallen.

Beheergebied Om praktische redenen is de gemeenteraad al eerder voorgesteld de (toekomstige) vaststelling van beperkte aanpassingen met een uitvoerend karakter (bijvoorbeeld het tussentijds actualiseren van de bodemkwaliteitskaart als onderdeel van de Nota Bodembeheer, uitbreiding van het beheergebied, acceptatie van bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten of het toevoegen van data van nieuwe parameters) te delegeren naar het college van burgemeester en wethouders. De fusie van de gemeente Haarlemmermeer met de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude is een voorbeeld van zo’n beperkte aanpassing, het was aanleiding om de bodemkwaliteitskaart te herberekenen. Gelijktijdig met de vaststelling van voorgaande bodemkwaliteitskaarten en Nota bodembeheer, heeft de gemeenteraad ook ingestemd met een regionale samenwerking met de gemeente Amsterdam en de gemeenten Aalsmeer, Amstelveen, Diemen, Uithoorn en Ouder-Amstel (regio Amstelland en Meerlanden). Die samenwerking is uitgemond in een gezamenlijk beheergebied, wat de mogelijkheden voor actief bodembeheer (stand-still beginsel op gebiedsniveau) aanzienlijk vergroot. De gemeenteraad accepteert daartoe ook de bodemkwaliteitskaarten van deze gemeenten (Amsterdam en de regio Amstelland en Meerlanden) als bewijsmiddel voor de kwaliteit van grond die in deze gemeenten wordt ontgraven en in Haarlemmermeer wordt toegepast.

De gemeenteraad heeft de (toekomstige) uitbreiding van het beheergebied met meer gemeenten gedelegeerd aan het college van B&W.

Inspraak en zienswijzen De Nota Bodembeheer en de bodemkwaliteitskaart zijn na instemming door het college van burgemeester en wethouders gedurende zes weken ter inzage gelegd. Op de concept-Nota is 1 zienswijze binnengekomen. In bijlage 9 is beantwoording van deze zienswijze opgenomen.

Pagina 15 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

1.5

Verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid

De verantwoordelijkheid voor het naleven van de wet- en regelgeving bij het werken in/met, ontgraven en toepassen van grond en baggerspecie ligt bij de initiatiefnemer van deze handelingen. De initiatiefnemer is verplicht om de voorgenomen handeling te melden. Via een privaatrechtelijke machtiging kan deze verplichting ook bij de aannemer of andere betrokkenen worden gelegd. Er bestaan uitzonderingen op de meldingsplicht (zie par. 7.2). De wetgever gaat uit van ketenaansprakelijkheid: alle betrokken partijen zijn mede verantwoordelijk en dienen te werken volgens de wet- en regelgeving en het beleid in deze Nota. De bodemkwaliteitskaart en deze Nota Bodembeheer zijn zeer zorgvuldig opgesteld. Echter, de bodemkwaliteitskaart doet alleen uitspraken over de te verwachten algemene kwaliteit binnen een zone. Binnen een zone van herkomst is het dus denkbaar dat de kwaliteit van een individuele partij ontgraven grond afwijkt van het gemiddelde in die zone. De gemeente Haarlemmermeer is niet aansprakelijk voor schade als gevolg van die mogelijke afwijking tussen de algemene en de individuele kwaliteit. Als men vooraf meer zekerheid wil over de bodemkwaliteit van de te ontgraven grond, staat het de initiatiefnemer vrij om zelf een bodemonderzoek te laten doen. De verantwoordelijkheid voor het toepassen van grond/baggerspecie blijft altijd bij degene die de grond/baggerspecie toepast.

Diezelfde eindverantwoordelijkheid geldt ook als men gebruik maakt van de vrijstelling voor het doen van fysiek bodemonderzoek (zie par. 3.6).

1.6

Afbakening

Deze Nota Bodembeheer is een leidraad voor de uitvoeringspraktijk. Daarin wordt beschreven hoe de gemeente Haarlemmermeer de bodemregelgeving vertaalt naar regionale regels en beleid. Ook is beschreven wanneer gebruik kan worden gemaakt van de bodemkwaliteitskaart als wettig bewijsmiddel voor de milieuhygiënische kwaliteit van de toe te passen partij grond en/of de ontvangende bodem. Verder kan de kwaliteit voldoende indicatie zijn voor ARBO-gerelateerde risico’s. Opgemerkt dient nog te worden dat de Nota zich alleen richt op de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Of de grond civieltechnisch, fysisch, landbouwkundig of qua natuurwaarde geschikt is voor de beoogde toepassing blijft in deze Nota buiten beschouwing. Een uitzondering kan hierbij gelden voor grondtoepassingen in gebieden met ecologische en cultuurhistorische waarden, waarbij eisen aan de grondsoort kunnen worden gesteld. De Nota is niet van toepassing op de volgende situaties: • •

•

Toepassen van schone grond, zoals bedoeld in art. 4.2.2. lid 4 en 5 van de Regeling bodemkwaliteit. Deze grond is overal toepasbaar; Grootschalige bodemtoepassingen. Hiervoor is het landelijke kader van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing; de kwaliteit van de leeflaag moet voldoen aan de Lokale Maximale Waarden of de generieke eisen, afhankelijk van de zone waarbinnen de toepassing wordt gerealiseerd; Toepassen van grond of bagger in oppervlaktewater (hiervoor is de gemeente geen bevoegd gezag).

Voor de landelijk uniforme regels wordt verwezen naar het Besluit bodemkwaliteit en bijbehorende Regeling en Handreiking [Lit. 1 en 2]. Voor nieuwe bodemverontreinigingen, die zijn ontstaan op of na 1 januari 1987 (1 juli 1993 voor asbest) geldt de zorgplicht (artikel 13 Wbb).

Pagina 16 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

Voor het beleid rondom PFAS-verontreinigde grond zijn aparte beleidsregels geformuleerd (zie par 2.8 en Lit. 19, 21, 22, 23 en 24). Dit beleid is geen onderdeel van deze Nota vanwege het feit dat het PFAS-beleid nog aan veranderingen onderhevig is.

1.7

Uitgangspunten nieuwe Nota

Het bodembeleid van de gemeente Haarlemmermeer hanteert de volgende uitgangspunten: • De kwaliteit van de bodem moet zodanig zijn dat de activiteiten behorend bij de functies wonen, werken, infrastructuur, natuur en landbouw op een verantwoorde wijze uitgeoefend kunnen worden; • Milieuhygiënische risico's worden tot een aanvaardbaar niveau teruggebracht door het stellen van een helder toetsingskader in combinatie met de eigen verantwoordelijkheid van burgers en bedrijven; • De kwaliteit van de bodem binnen de gemeente is voldoende bekend om gebiedsspecifiek beleid te kunnen formuleren; • Het beleid maakt het mogelijk om kosteneffectief en duurzaam om te gaan met de bodemkwaliteit en grondverzet; • Vanuit de duurzaamheidsgedachte worden hergebruiksmogelijkheden van vrijkomende grond optimaal gefaciliteerd; • Het is wenselijk procedures en spelregels zoveel mogelijk te vereenvoudigen opdat het bodembeleid uitlegbaar blijft, draagvlak houdt en de regeldruk vermindert; • Gezien de statistische onderbouwing kan de ontgravingskaart gebruikt worden om af te zien van bodemonderzoek in de schone en licht verontreinigde zones (zone 1, 2, 3A en 3).

1.8

Draagvlak gemeentelijke spelers

Om draagvlak te creëren voor de keuzes in de Nota bodembeheer is overleg gevoerd met een aantal partijen: • Gemeente Haarlemmermeer, afdelingen Beheer en Onderhoud en Projecten; • Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, directie Regulering & Expertise, team Bodem en Bouwexpertise; • Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, directie Toezicht en Handhaving, team Bodem en Ondergrond; • Hoogheemraadschap van Rijnland. Deze partijen onderschrijven de Nota. Opmerkingen zijn in de Nota verwerkt.

Pagina 17 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

DEEL 1 HET GEBIEDSSPECIFIEKE BODEMBELEID IN DE GEMEENTE HAARLEMMERMEER

Pagina 18 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

2 Het bodembeleid in de gemeente Haarlemmermeer 2.1

Keuze voor gebiedsspecifiek beleid

Het Besluit bodemkwaliteit biedt gemeenten de ruimte af te wijken van het generieke – landelijke – beleid om gebiedsspecifiek maatwerk te ontwikkelen in situaties die daarom vragen. Het gebiedsspecifiek beleid in de gemeente Haarlemmermeer gaat uit van het - waar nodig - beschermen van de bodemkwaliteit en het - waar mogelijk - juist verruimen van de gebruiksmogelijkheden. In de beleidsvorming over gebiedsspecifiek maatwerk kwamen de volgende behoeften naar voren: • • • • • •

Eenduidig beleid, zo eenvoudig mogelijk, uitlegbaar en werkbaar, met duidelijke spelregels; Het beleid moet waar mogelijk faciliterend zijn voor de dagelijkse uitvoeringspraktijk; Deregulering en vermindering van de lasten voor bedrijven en burgers; Vrijstelling van fysiek bodemonderzoek waar mogelijk en verantwoord; Mogelijkheden bieden voor hergebruik (zonder onderzoek) van licht verontreinigde grond, waardoor veel geld wordt bespaard op onnodig onderzoek en transport; Vrijkomende, toepasbare grond en baggerspecie moet in principe binnen het beheergebied kunnen worden afgezet.

Uitgaande van het standaard stoffenpakket voldoet het overgrote deel van de bodem van Haarlemmermeer aan de Achtergrondwaarde. Wanneer de grond verdacht is op het voorkomen van een of meer stoffen die niet in het standaard stoffenpakket zijn opgenomen, is aanvullend onderzoek naar de betreffende stof(fen) nodig als aanvulling op de toepassing van grond middels de bodemkwaliteitskaart. In de Haarlemmermeer zijn nog veel akkerbouwgronden aanwezig. Zoals hierboven al genoemd zijn deze gronden verdacht op het voorkomen van OCB’s. Ook is diffuus PFOS en PFOA aanwezig (stoffen behorende tot de PFAS-groep). Met generiek beleid kan de beoogde doelstelling (namelijk binnen de regels van het Besluit bodemkwaliteit toepassen van gebiedseigen grond) niet worden bereikt. Om een werkzame situatie te bereiken is voor een aantal gebieden waar veel grondverzet verwacht wordt en waar stoffen anders dan die uit het standaardpakket bekend zijn (of verwacht worden) gebiedsspecifiek beleid opgesteld. Het gebiedsspecifieke beleid van de gemeente Haarlemmermeer is op enkele punten strenger dan het generieke beleid, in deze situaties ligt de nadruk op het zorgvuldig omgaan met en het beschermen van de gevoelige bodemfuncties. Strenger – op gevoelige bodemfuncties •

Op gevoelige functies (natuur, landbouw, moestuin/volkstuin) is de toepassingseis en de kwaliteit van de aanvulgrond/leeflaag altijd Achtergrondwaarde (AW); Op bodemfuncties met kans op humane blootstelling aan lood in de bodem (wonen met tuin en plaatsen waar kinderen spelen) en waar grond met de kwaliteit Wonen volgens de regels mag worden toegepast, mits het loodgehalte maximaal 100 mg/kg bedraagt;1

•

Deze loodnorm komt voort uit de Toetsingsregel Achtergrondwaarde (Regeling bodemkwaliteit, art 4.2.2.). Volgens die regel behoudt grond de formele kwaliteit van Achtergrondwaarde als hoogstens 2 stoffen verhoogde gehalten laten zien (bij meting van 7-15 stoffen). De verhoging mag in dat geval maximaal 2x de Achtergrondwaarde (voor lood is dat 50 mg/kg) voor die stof bedragen. Het maximum voor lood is in dit geval dus 2 x 50 = 100 mg/kg grond. 1

Pagina 19 van 83

Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Nota bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022, versie 2.0

•

Voor asbest geldt een ‘nulnorm’ bij het toepassen van grond op locaties met een gevoelige functie en/of met veel bodemcontact (kinderspeelplaatsen, moes- en volkstuinen): asbest mag analytisch niet aantoonbaar in de grond aanwezig zijn (dit moet met onderzoek zijn aangetoond);

Strenger – bodemvreemd materiaal Bij toepassen van grond/baggerspecie wordt een beperking gesteld aan de hoeveelheid bodemvreemd materiaal en materiaal dat op zichzelf beschouwd niet in aanmerking zou komen als bouwstof. Toe te passen grond/baggerspecie mag niet meer dan 5 gewichtsprocenten bodemvreemd materiaal bevatten voor zover het steenachtig materiaal of hout2 betreft (bakstenen, puin enzovoort). Overige bodemvreemde materialen (dus anders dan steenachtig materiaal of hout), zoals bijvoorbeeld plastic en piepschuim, mag alleen sporadisch voorkomen als dat al voorafgaand aan het ontgraven of bewerken in de grond of baggerspecie aanwezig was, voor zover redelijkerwijs niet kan worden gevraagd dat het uit de grond of baggerspecie wordt verwijderd voordat het wordt toegepast. Hiermee wordt bijmenging bedoeld die voor de ontgraving al in (water)bodem aanwezig was en niet door transport, vermenging, samenvoeging of anderszins aan de grond of baggerspecie is toegevoegd. Dit laatste is uiteraard niet toegestaan. Ruimer – op minder gevoelige bodemfuncties en ter vermindering regeldruk Het is uit financieel oogpunt niet haalbaar om voor de realisatie van grote projecten zeer grote hoeveelheden schone (AW)grond aan te kopen. De aanleg van deze projecten (waarbij zeer veel grond nodig is) zou wel te realiseren zijn als grond met slechtere kwaliteit zou kunnen worden toegepast.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=edb38f7b-c2f3-4e5d-bb3c-2cadb9a98392