RV aanpassing Verordening adviescommissie bezwaarschriften (2021.0000744)
Tekst van het document
gemeente Haarlemmermeer
raadsvoorstel
Onderwerp
Portefeuillehouder Steller Collegevergadering
Aanpassing Verordening adviescommissie bezwaarschriften Marianne Schuurmans-Wijdeven Martin van der Plaats (023 - 5676256) 20 april 2021
Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer
2021.0000744 1. Voorstel Collegebesluit(en)
Het college heeft besloten om, onder voorbehoud van instemming met de aanpassing van de Verordening adviescommissie bezwaarschriften door de raad: 1. het aanwijzingsbesluit 'uitgezonderde (categorieën van) besluiten Verordening adviescommissie bezwaarschriften 2021' vast te stellen; 2. mandaat te verlenen aan de directie voor de toepassing van de artikelen artikel 2:1, tweede lid, artikel 6:6, artikel 6:14, artikel 6:17, artikel 7:4, tweede lid 7:5, tweede lid en artikel 7:6, vierde lid van de Algemene wet bestuursrecht in verband met de in artikel 2, lid 2, onder c, van de (concept) verordening bedoelde besluiten, en ondermandaat toe te staan aan de clustermanager inkoop en juridische zaken en/of de teammanager juridische zaken; 3. mandaat te verlenen aan de directie om te besluiten op bezwaren tegen besluiten als bedoeld in artikel 2, tweede lid, aanhef en onder c, van de (concept)verordening en ondermandaat toe te staan aan de clustermanager Inkoop en juridische zaken en/of de teammanager juridische zaken; 4. mandaat te verlenen aan de directie om te besluiten toepassing te geven aan het bepaalde in artikel 2, derde lid, van de (concept)verordening en ondermandaat toe te staan aan de clustermanager inkoop en juridische zaken en/of de teammanager juridische zaken. Het college besluit de raad voor te stellen om: 1.
de Verordening adviescommissie bezwaarschriften te wijzigen in die zin dat er een mogelijkheid komt voor het college om (categorieën van) besluiten aan te wijzen die zijn uitgezonderd van de werking van de verordening en daartoe bijgevoegde wijzigingsverordening vast te stellen.
Aanpassing Verordening adviescommissie bezwaarschriften
pagina 2
2. Samenvatting
We worden geconfronteerd met een groot aantal extra besluiten op basis van de maatregelen van de Rijksoverheid in het kader van de coronacrisis. Tegen al die besluiten is in beginsel bezwaar mogelijk. Per 1 maart 2021 zijn er 329 bezwaarschriften tegen deze besluiten ingediend. Er is onvoldoende ambtelijke capaciteit en capaciteit bij de commissie voor de bezwaarschriften beschikbaar om die extra bezwaren te behandelen. Daardoor dreigt de behandeling van alle bezwaarschriften te vertragen. Dat is niet goed voor het vertrouwen van de inwoner in de overheid en verhoogt het risico op het moeten betalen van dwangsommen en schadevergoedingen wegens te laat besluiten op bezwaren. Daarom stellen we voor een uitzondering mogelijk te maken op de behandeling van bezwaarschriften door de commissie voor de bezwaarschriften. 3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken? Wat is de aanleiding, context?
Mede door de coronamaatregelen worden er door en -vooral- namens ons veel meer besluiten genomen dan gebruikelijk, waar bezwaar en beroep tegen openstaat. Een voorbeeld hiervan zijn de besluiten in het kader van de lijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO). Er zijn tot op heden ruim 300 bezwaarschriften ingediend tegen TOZO-besluiten. Er volgen waarschijnlijk nog veel meer, nu er naast TOZO 1, 2, 3 en 4 rekening moet worden gehouden met nog wel meer bezwaren. Voorbeelden zijn besluiten op verzoeken om bijzondere bijstand (inclusief verzoeken om bijzondere bijstand in het kader van de ontwerp-beleidsregels Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK), maar ook besluiten naar aanleiding van verzoeken om urgentie in het kader van de Huisvestingsverordening. Naar redelijke verwachting zal tegen een deel van deze besluiten bezwaar worden gemaakt. Er is een wettelijke termijn waarbinnen bezwaren tegen besluiten moeten zijn afgehandeld. Wij beschikken over onvoldoende ambtelijke capaciteit om deze bezwaren tijdig te kunnen behandelen binnen de context van de verordening. Daardoor lopen de behandeltijden van alle bezwaarschriften op en lopen we een toenemend risico op het moeten betalen van dwangsommen en schadevergoedingen wegens niet tijdig besluiten. Het niet nemen van de voorliggende besluiten heeft dus mogelijk financiële consequenties.
Welk doel wordt nagestreefd?
Wij streven ernaar alle bezwaren tegen besluiten tijdig, dat wil zeggen binnen de wettelijke termijn, te kunnen behandelen. 3.2 Wat gaan we daarvoor doen? Wat zijn de argumenten?
Over ingediende bezwaren ontvangen wij op grond van de Verordening adviescommissie bezwaarschriften een advies van de commissie voor de bezwaarschriften. Naast drie (of één bij vereenvoudigde behandeling) onafhankelijke leden van de commissie zijn ook altijd tenminste twee (secretaris en vertegenwoordiger vakdienst) respectievelijk (bij vereenvoudigde behandeling) drie of meer (twee (ambtelijke) leden van de commissie en vertegenwoordiger vakdienst) ambtenaren betrokken bij het horen van de bezwaarde en het opstellen van het advies van de commissie. Met name het horen van de bezwaarde kost nu veel tijd, omdat er bij het houden van de hoorzittingen veel capaciteit, zowel ambtelijk als van de leden van de commissie, wordt ingezet, terwijl de Awb dat niet per sé voorschrijft. Het is wettelijk gezien mogelijk om een bezwaarde te horen door (ten minste) één, niet bij de voorbereiding van het bestreden besluit betrokken, ambtenaar, zonder daarbij een (aparte) vertegenwoordiger van de vakdienst te betrekken (artikel 7:5 Awb),
Aanpassing Verordening adviescommissie bezwaarschriften
pagina 3
waarna direct besloten wordt op het bezwaar zonder dat eerst een advies moet worden opgesteld. Daarmee kan de ambtelijke inzet worden beperkt en besparen we op de inzet van (onafhankelijke) leden van de commissie. Dat hoeft niet ten koste te gaan van de kwaliteit van de besluiten op bezwaar. Wat zijn de kanttekeningen?
Het horen van een bezwaarde wordt door de wetgever gezien als een essentieel onderdeel van de bezwaarschriftenprocedure. Met name als er sprake is van afweging van verschillende belangen en wettelijke bepalingen die het betrokken bestuursorgaan veel beleids- en afwegingsruimte laten over het te nemen besluit. Ook politiek gezien wordt onafhankelijke advisering over ingediende bezwaren op prijs gesteld, omdat dit niet alleen de kwaliteit van de besluiten op bezwaar verhoogt, maar ook de acceptatie van besluiten op bezwaar door de burger verbetert. Desondanks zijn er (categorieën van) besluiten die in hoge mate technisch van aard zijn en waarbij geen of slechts minimaal belangen van anderen dan de aanvrager bij zijn betrokken en weinig beleids- en afwegingsruimte een rol speelt. Daarvoor kan een uitzondering worden gemaakt op het uitgangspunt van de Verordening adviescommissie bezwaarschriften dat bezwaarden door een (semi-) onafhankelijke commissie worden gehoord, die een advies uitbrengt over het op het bezwaar te nemen besluit. Het niet moeten voorleggen van een bezwaar aan een (semi-) onafhankelijke commissie betekent wel dat de termijn waarbinnen op een bezwaar moet worden beslist zes weken na het einde van de bezwaartermijn bedraagt, in plaats van twaalf weken als een commissie is voorgeschreven.
Wij zijn van mening dat een kortere beslistermijn op zichzelf ook goed is voor de bezwaarmaker, terwijl wij ook verwachten dat wij binnen die termijn in staat zijn om op de ingediende bezwaren te besluiten, door de aanzienlijk beperkter noodzakelijke ambtelijke inzet, het makkelijker kunnen maken van afspraken over het horen, zonder dat daarvoor een capaciteitsuitbreiding nodig is. Omdat het gaat om in hoge mate technische besluiten, is er geen reden om aan te nemen dat de kwaliteit van de besluiten op bezwaar daarmee te veel afneemt. Overigens is het mogelijk gemaakt om, als dat wenselijk wordt geacht, een bezwaar in een dergelijke procedure alsnog aan de commissie voor te leggen voor het maken van een advies. 3.3 Wat mag het kosten?
Aan de uitvoering van deze nota zijn, naast de beschikbare ambtelijke capaciteit, geen kosten verbonden. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?
De raad is verantwoordelijk voor de vaststelling van verordeningen. Binnen het college is de burgemeester, als portefeuillehouder juridische zaken, het eerste aanspreekpunt voor de behandeling van bezwaarschriften. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar?
De wijzigingsverordening, de geconsolideerde tekst en het aanwijzingsbesluit worden op de gebruikelijke wijze bekend gemaakt in het gemeenteblad en gepubliceerd via Overheid.nl. 3.6 Wanneer en hoe zal de raad/het college over de voortgang worden geïnformeerd?
Wij worden via de burgemeester als portefeuillehouder juridische zaken op de hoogte gehouden van de afhandeling van bezwaarschriften in het algemeen.
pagina 4
Aanpassing Verordening adviescommissie bezwaarschriften
Daarnaast schrijft de commissie elk jaar een jaarverslag over de activiteiten van de commissie, dat aan de raad en het college wordt gezonden. Wij zullen er zorg voor dragen dat bij het jaarverslag van de commissie een nota/memo worden gevoegd die ziet op de afhandeling van de bezwaarzaken betreffende de in artikel 2 onder c aangewezen (categorieën van) besluiten. 4. Ondertekening
Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, de burgemeester, de secretaris, .
O,
drs. Carel Brugman
rirv
__-——■—"
Marianne Schuurmans-Wijdeven
De burgemeester van de gemeente Haarlemmermeer, de burgemeester,
Marianne Schuurmans-Wijdeven
Bijlage(n): • aanwijzingsbesluit B&W • concept aanpassingsverordening • geconsolideerde tekst verordening
gemeente Haarlemmermeer
Aanwijzingsbesluit uitgezonderde (categorieën van) besluiten Verordening adviescommissie bezwaarschriften 2021 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer; gelet op artikel 2, aanhef en onder c, van de Verordening adviescommissie bezwaarschriften van de gemeente Haarlemmermeer en het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht; overwegende dat een laagdrempelige afhandeling van bezwaarschriften wordt voorgestaan voor besluiten op grond van: - de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO); - artikel 35 Participatiewet (bijzondere bijstand (inclusief verzoeken om bijzondere bijstand in het kader van de ontwerp-beleidsregels Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke kosten (TONK); - artikel 2.5.1 en verder van de Huisvestingsverordening Haarlemmermeer 2018, eerste wijziging (verzoeken om urgentieverklaring). BESLUIT VAST TE STELLEN: het Aanwijzingsbesluit uitgezonderde (categorieën van) besluiten Verordening adviescommissie bezwaarschriften 2021. Artikel 1. Begrippen
In dit besluit wordt verstaan onder: a. Verordening: Verordening adviescommissie bezwaarschriften gemeente Haarlemmermeer; b. College: College van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer; c. Commissie: de vaste commissie van advies als bedoeld in artikel [...] van de Verordening; d. De wet: De Algemene wet bestuursrecht; e. Regelingen: - De Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO); - artikel 35 Participatiewet (verzoeken om bijzondere bijstand, inclusief verzoeken om bijzondere bijstand in het kader van de ontwerp-beleidsregels Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK); - artikel 2.5.1. en verder van de Huisvestingsverordening Haarlemmermeer 2018, eerste wijziging (verzoeken om een urgentieverklaring). Artikel 2. Aanwijzing
In afwijking van artikel 2, eerste lid, van de Verordening, vraagt het college geen advies aan de commissie over bij het college ingediende bezwaarschriften die zijn gericht tegen de besluiten op grond van de Regelingen. Artikel 3. Ambtelijk horen
1.
2. 3.
De belanghebbende(n) wordt (worden) in de gelegenheid gesteld om bij een ingediend bezwaar tegen een besluit op grond van de Regelingen, namens het college te worden gehoord overeenkomstig de eisen van artikel 7:5 van de Wet door tenminste één medewerker van het team Juridische zaken. Het horen als bedoeld in dit artikel geschiedt in een niet-openbare hoorzitting. Indien de bezwaarde daarmee instemt kan ook telefonisch of anderszins met elektronische hulpmiddelen worden gehoord. Indien artikel 7:3 van de Wet wordt toegepast, wordt daarvan mededeling gedaan aan de belanghebbende(n).
Artikel 4. Verslaglegging
Van de hoorzitting als bedoeld in artikel 4 van dit besluit, wordt een verslag gemaakt. Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat er door alle aanwezigen over en weer is gevraagd en geantwoord en wat verder ter zitting is voorgevallen. Het verslag wordt bij het besluit op bezwaar gevoegd. Artikel 5. Overgangsrecht
1. 2.
Dit besluit is van toepassing op bezwaarschriften die door het college zijn ontvangen na de datum van inwerkingtreding als bedoeld in artikel 7 van dit besluit. Indien een belanghebbende vóór de inwerkingtreding van dit besluit reeds een bezwaarschrift heeft ingediend tegen een besluit op grond van de regelingen, dan zal het bezwaarschrift door de bezwarencommissie worden afgehandeld, tenzij bezwaarde kiest voor de afdoening van het bezwaar op basis van deze aanwijzing.
Artikel 6. Citeerartikel en inwerkingtreding
Dit besluit kan worden aangehaald als "Uitgezonderde (categorieën van) besluiten Verordening adviescommissie bezwaarschriften 2021" en treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking in het Gemeenteblad. Aldus vastgesteld in de vergadering van college van de gemeente Haarlemmermeer van [datum] Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, de secretaris.
drs. Carel Brugman
Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Haarlemmermeer tot wijziging van de Verordening houdende regels omtrent bezwaarschriften (Verordening adviescommissie bezwaarschriften, eerste wijziging) De raad van de gemeente Haarlemmermeer; gezien het voorstel van het college van B&W d.d. 20 april 2021, kenmerk 2021.0000744; gelet op de bepalingen van artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 149 van de Gemeentewet; overwegende dat het wenselijk is de Verordening houdende regels omtrent bezwaarschriften (Verordening adviescommissie bezwaarschriften) te wijzigen in verband met de wens om bepaalde (categorieën van) bezwaarschriften niet door de commissie te laten behandelen; besluiten: vast te stellen de volgende: Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Haarlemmermeer tot wijziging van de Verordening houdende regels omtrent bezwaarschriften. Artikel I. Wijziging verordening 1. De punt aan het einde van artikel 2, tweede lid, van de Verordening houdende regels omtrent bezwaarschriften wordt vervangen door een puntkomma en aan dit artikel wordt een onderdeel c. toegevoegd, luidende: “c. voor zover het gaat om bevoegdheden van het college, door het college aangewezen (categorieën van) besluiten.” 2. Aan artikel 2 wordt een derde lid toegevoegd, luidende: “3.
Het college is bevoegd om in afwijking van een aanwijzing op grond van het in lid 2, aanhef en onder c, van deze Verordening bepaalde, besluiten desondanks aan de commissie voor te leggen.” Artikel II. Slot en overgangsbepalingen 1. Deze verordening treedt in werking op de dag nadat de verordening op de wettelijk voorgeschreven wijze is gepubliceerd. 2. Bezwaarschriften die zijn ontvangen uiterlijk op de dag voor inwerkingtreding van deze verordening, worden behandeld met toepassing van de Verordening houdende regels omtrent bezwaarschriften zoals die luidde voor die datum, tenzij de indiener ervoor kiest om het bezwaarschrift te laten behandelen op basis van de gewijzigde verordening. Artikel III. Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening adviescommissie bezwaarschriften, eerste wijziging”. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van: [datum] de griffier, de voorzitter,
John van der Rhee, B.Ha
Marianne Schuurmans-Wijdeven
Verordening adviescommissie bezwaarschriften (Geconsolideerde tekst na opname Verordening adviescommissie bezwaarschriften, eerste wijziging). De raad van de gemeente Haarlemmermeer; overwegende dat het wenselijk is kenbaar te maken op welke wijze bezwaarschriften worden behandeld; besluiten: vast te stellen de volgende Verordening adviescommissie bezwaarschriften. HOOFDSTUK I BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: a. commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften; b. hoorcommissie: commissie van drie leden afkomstig uit de vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften aan wie het houden van een hoorzitting is opgedragen; c. Wet: de Algemene wet bestuursrecht; d. verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen. HOOFDSTUK II BEHANDELING VAN DE BEZWAARSCHRIFTEN Paragraaf l De commissie Artikel 2 Taak 1. Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester. 2. De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van: a. een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken; b. geschillen inzake ambtenarenrecht; c. voor zover het gaat om bevoegdheden van het college, door het college aangewezen (categorieën van) besluiten. 3.
Het college is bevoegd om in afwijking van een aanwijzing op grond van het in lid 2, aanhef en onder c, van deze Verordening, bepaalde besluiten desondanks aan de commissie voor te leggen. De commissie signaleert omstandigheden die naar haar oordeel het ontstaan van bezwaarschriften in de hand werken en doet aanbevelingen om hierin verbetering aan te brengen. Artikel 3 Samenstelling van de commissie 1. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden. 2. De voorzitter en de leden kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan van de gemeenten Haarlemmermeer en Haarlemmerliede en Spaarnwoude of van een door de gemeente Haarlemmermeer en Haarlemmerliede en Spaarnwoude verzelfstandigde dienst of verzelfstandigd dienstonderdeel, noch deel uitmaken van een commissie of instelling die betrokken is bij de voorbereiding, de advisering dan wel de vorming van het gemeentelijke beleid, de gemeentelijke besluitvorming en de uitvoering daarvan. 3. De commissie regelt de vervanging van de voorzitter. 4. De vergoeding aan de voorzitter en leden van de commissie als bedoeld in het eerste lid van dit artikel wijkt naar boven af van het bepaalde in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. De hoogte van de vergoeding wordt door het college vastgesteld.
Artikel 4 Instellen van kamers 1. De commissie kan kamers instellen, die belast worden met de voorbereiding van de adviezen van de commissie over de op het bezwaar te nemen beslissingen. 2. De commissie bepaalt het aantal kamers en stelt voor elke kamer vast welke categorie bezwaarschriften door haar zal worden behandeld. 3. Met betrekking tot de werkwijze van de kamers is het bepaalde in deze verordening zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Artikel 5 Secretaris Het college wijst ambtenaren aan als secretarissen van de commissie. Artikel 6 Zittingsduur 1. De voorzitter en de leden worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen. 2. Benoeming vindt plaats voor een periode van 4 jaar. 3. De voorzitter en de leden kunnen éénmaal worden herbenoemd. 4. De voorzitter en de leden kunnen op eigen verzoek ontslag nemen. 5. De aftredende voorzitter en de aftredende leden blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. Paragraaf 2 Procedure Artikel 7 Ingediend bezwaarschrift 1. Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend. 2. Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld. Artikel 8 Overdracht bevoegdheden De bevoegdheden ingevolge de volgende artikelen van de Wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter: a.
artikel 2:1, tweede lid; b. artikel 6:6, wat betreft het aan de indiener stellen van een termijn, waarbinnen het verzuim in de zin van het niet voldoen aan de vereisten als gesteld in artikel 6:5 van de Wet kan worden hersteld; c. artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; d. artikel 7:4, tweede lid; e. artikel 7:6, vierde lid. Artikel 9 Vooronderzoek De voorzitter is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist. Artikel 10 1. De voorzitter bepaalt de plaats en het tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen en het verwerende bestuursorgaan in de gelegenheid wordt gesteld een toelichting te geven op het standpunt van het bestuursorgaan. 2. De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Wet. 3. Het houden van de zitting kan worden opgedragen aan een hoorcommissie. Artikel 11 Uitnodiging zitting 1. De voorzitter nodigt de belanghebbenden en de vertegenwoordiger van het bestuursorgaan ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit. 2. De commissie stelt regels vast betreffende de termijn en de voorwaarden, waarbinnen belanghebbenden kunnen verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. 3.
De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de in het tweede lid bedoelde regels.
4.
De beslissing op het verzoek tot wijziging van het tijdstip van de zitting wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden meegedeeld.
Artikel 12 Quorum Voor het houden van een hoorzitting is vereist dat ten minste twee leden aanwezig zijn. Artikel 13 Niet deelneming aan de behandeling De leden van de hoorcommissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift, indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Artikel 14 Openbaarheid hoorzitting 1. De zitting van de hoorcommissie is openbaar. 2. De deuren worden gesloten indien een van de aanwezige leden van de hoorcommissie het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. 3. Indien de hoorcommissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats met gesloten deuren. Artikel 15 Nader onderzoek 1. Indien tijdens de zitting nader onderzoek wenselijk blijkt, kan de hoorcommissie dit onderzoek laten houden. 2. Indien aan het in het eerste lid kosten genoemde onderzoek kosten zijn verbonden, is een machtiging van het college vereist. 3. De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden. 4. Naar aanleiding van de in het eerste lid bedoelde nadere informatie kan de voorzitter van de hoorcommissie, al dan niet op verzoek, besluiten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. Artikel 16 Raadkamer en advies 1.
De hoorcommissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies. 2. De hoorcommissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. 3. Het advies is gemotiveerd en omvat een advies over de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. 4. Het advies wordt door de voorzitter van de hoorcommissie en de secretaris ondertekend. Artikel 17 Het advies wordt, met eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie, uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen. HOOFDSTUK III VEREENVOUDIGDE BEHANDELING VAN DE BEZWAARSCHRIFTEN Paragraaf I Bevoegdheid Artikel 18 Dit hoofdstuk is van toepassing op alle bezwaarschriften met uitzondering van: a. Raadsbesluiten. b. Bezwaarschriften die op grond van een door het betrokken bestuursorgaan vastgestelde beleidsregel zijn voorbehouden voor behandeling conform hoofdstuk II van deze verordening. Paragraaf II De commissie Artikel 19 Overeenkomstige toepassing De in hoofdstuk I en II opgenomen artikelen zijn zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing, voor zover hierna niet anders is bepaald. Artikel 20 Samenstelling van de commissie 1. De commissie bestaat bij toepassing van dit hoofdstuk uit een voorzitter en ten minste twee ambtelijke leden. 2.
De voorzitter kan geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan van de gemeente Haarlemmermeer of van een door de gemeente
3. 4.
5. 6. 7.
Haarlemmermeer verzelfstandigde dienst of verzelfstandigd dienstonderdeel, noch deel uitmaken van een commissie of instelling die betrokken is bij de voorbereiding, de advisering dan wel de vorming van het gemeentelijke beleid, de gemeentelijke besluitvorming en de uitvoering daarvan. De voorzitter en de leden van de commissie als bedoeld in artikel 3 zijn voor de toepassing van dit hoofdstuk voor de duur van hun benoeming tevens lid van de commissie. Ook personen die op enigerlei wijze werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan kunnen voor de toepassing van dit hoofdstuk worden benoemd tot lid van de commissie. Artikel 6, leden 2, 3 en 5 zijn niet van toepassing op de in lid 4 bedoelde leden. De commissie regelt de vervanging van de voorzitter. In afwijking van artikel 16, lid 4, wordt het advies van de hoorcommissie slechts ondertekend door de voorzitter van de hoorcommissie ingeval dit hoofdstuk van toepassing is.
Artikel 21 Horen 1. De voorzitter bepaalt de plaats en het tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden in de gelegenheid worden gesteld zich te laten horen en de vertegenwoordiger van het bestuursorgaan in de gelegenheid wordt gesteld een toelichting te geven op het standpunt van het bestuursorgaan. 2. Het houden van de zitting kan worden opgedragen aan een hoorcommissie. 3. De leden van de hoorcommissie mogen niet betrokken zijn geweest bij de voorbereiding van het bestreden besluit. 4. Indien de hoorcommissie uit minder dan drie leden heeft bestaan, wordt het advies mede bepaald door zoveel leden van de commissie, waarvan de meerderheid niet betrokken is geweest bij de voorbereiding van het bestreden besluit. HOOFDSTUK IV SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN Artikel 22 Overgangsbepaling 1. Bezwaarschriften die zijn ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening worden behandeld op de wijze zoals voor de inwerkingtreding van deze verordening was voorgeschreven. 2. Beleidsregels en nadere regels die zijn vastgesteld onder de werking van voorgaande verordening worden geacht beleidsregels en nadere regels te zijn als bedoeld in deze verordening totdat nieuwe beleidsregels of nadere regels zijn vastgesteld. 3. Commissieleden benoemd op basis van de voorgaande verordening behouden hun functie voor de duur van hun benoeming.
Artikel 23 Jaarverslag Jaarlijks stelt de commissie een jaarverslag van haar werkzaamheden vast. Artikel 24 Inwerkingtreding 1. De verordening adviescommissie bezwaarschriften gemeente Haarlemmermeer zoals vastgesteld op 26 april 2012 wordt ingetrokken met ingang van de dag waarop de Verordening adviescommissie bezwaarschriften in werking treedt. 2. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2018. Artikel 25 Citeerartikel Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening adviescommissie bezwaarschriften.