Ontwerpbegroting 2022-2025 en concept-Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 Vervoerregio Amsterdam.pdf
Tekst van het document
gemeente Haarlemmermeer
raadsvoorstel
Onderwerp
Portefeuillehouder Steller Collegevergadering
Ontwerpbegroting 2022-2025 en concept-Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 Vervoerregio Amsterdam drs. Marja Ruigrok Jolien Prins 6 juli 2021
Raadsvergadering Raadsvoorstelnummer
2021.0001797 1. Voorstel Collegebesluit(en)
Het college besluit de raad voor te stellen om: 1. Geen zienswijze in te dienen op de Ontwerpbegroting 2022; 2. De volgende zienswijze in te dienen op het concept Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 van de Vervoerregio Amsterdam: "Wij maken ons zorgen over de mogelijke verschraling van het openbaarvervoeraanbod en daardoor oplopende Wmo-kosten in de gemeente Haarlemmermeer door de consequenties van de Covid-19 crisis. We vragen de Vervoerregio Amsterdam om aandacht te houden dat de mogelijke verschraling van het openbaarvervoeraanbod ook in de toekomst niet leidt tot een toename van het aantal aanvragen van WMO-vervoer in de gemeente Haarlemmermeer." 2. Samenvatting
De Vervoerregio Amsterdam (VRA) stelt jaarlijks een begroting en een uitvoeringsprogramma (voorheen Investeringsagenda) vast om uitvoering te geven aan de taken die we als gemeente bij de VRA belegd hebben. De Regioraad van de VRA besluit in oktober 2021 over de begroting 2022 (bijlage 2) en het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 (bijlage 3). Voor die tijd worden gemeenten in de gelegenheid gesteld om uiterlijk 8 september 2021 een zienswijze in te dienen op de Ontwerpbegroting 2022 en het concept Uitvoeringsprogramma 2022-2030. Niet alle ontwikkelingen zoals opgenomen in de Kaderbrief 2022 (bijlage 4) zijn in de Ontwerpbegroting 2022-2025 verwerkt. Daar waar de financiële consequenties concreet en kwantificeerbaar zijn, zijn deze verwerkt. Hierdoor zijn ook de effecten als gevolg van de coronacrisis nog niet opgenomen. Op 25 juni jongstleden is er een brief verzonden (lenW/BSK-2021/176406 ) door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat waarin zij heeft aangekondigd de huidige beschikbaarheidsvergoeding Openbaar Vervoer (OV) ongewijzigd te verlengen tot 1 september 2022. Wij gaan ervan uit dat dit in de definitieve begroting verwerkt zal worden.
Ontwerpbegroting 2022-2025 en concept-Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 Vervoerregio
pagina 2
Amsterdam
Het proces om het Herstelplan OV en het Transitieprogramma Mobiliteit op te stellen, wordt in zorgvuldige afstemming en samenwerking met de gemeenten en andere partijen in de regio, waaronder de provincie Noord-Holland, vormgegeven. Ook worden tussentijds regelmatig de gemeenten hierbij betrokken. Beide documenten sluiten aan bij de projecten die we in Haarlemmermeer het komende jaar willen uitvoeren. Het uitvoeringsprogramma staat niet tot 2030 vast. Er is ieder jaar opnieuw, en ook tussentijds, gelegenheid om projecten aan te dragen. Wij zien geen aanleiding om daarover een zienswijze in te dienen. Gezien de onzekerheid over de consequenties van het Herstelplan OV stellen wij voor om wel een zienswijze in te dienen over de consequenties van de mogelijke verschraling van het OV voor de Wmo-vervoersvoorzieningen. We stellen voor om in de zienswijze de VRA te verzoeken om aandacht te houden dat een mogelijke verschraling van het OV door de Covid-19 crisis ook in de toekomst niet leidt tot een toename van aanvragen van Wmo-vervoersvoorzieningen. En om dit vóór 8 september 2021 kenbaar te maken aan de VRA via bijgevoegde reactiebrief (bijlage 5). 3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken?
Wij werken op het gebied van mobiliteit, verkeer en vervoer samen in de Vervoerregio Amsterdam (VRA). Deze samenwerking is op basis van een Gemeenschappelijke Regeling Vervoerregio Amsterdam en wordt gefinancierd met middelen vanuit de Brede Doel Uitkering (BDU) van het Rijk. Voor dat geld heeft de VRA als taak om de belangen te behartigen die verband houden met de verkeers- en vervoerstaak op de gemeentegrond van de vijftien deelnemende gemeenten. Op 9 juni 2021 heeft het Dagelijks Bestuur (DB) van de VRA de Ontwerpbegroting 2022 en het concept Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2020-2028 goedgekeurd en vrijgegeven voor inspraak. Vlak voor het zomerreces hebben wij de Ontwerpbegroting en het concept Uitvoeringsprogramma Mobiliteit van de VRA ontvangen. Wij moeten een eventuele zienswijze vóór 8 september 2021 aan de VRA kenbaar maken. De Ontwerpbegroting 2022 geeft een inhoudelijke uitwerking van de activiteiten van de VRA en programmering voor 2022. In het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 zijn de projecten en activiteiten opgenomen waarmee de Vervoerregio de komende jaren uitvoering aan haar ambities wil geven. Op grond van artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) stelt de VRA de gemeenteraad in staat een zienswijze over de Ontwerpbegroting 2022 en het concept Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2020-2028 naar voren te brengen.
De zienswijzen worden door de VRA voorzien van een reactie en deze worden gebundeld in een Reactienota. Alle ingezonden zienswijzen van de deelnemende gemeenten, de Reactienota én een Nota van Wijzigingen worden geagendeerd voor de Regioraad van de VRA op 26 oktober 2021. In deze Regioraad, waarin zeven leden namens Haarlemmermeer zitting hebben, worden de begroting 2022 en het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 ter vaststelling aangeboden. De Regioraad besluit in oktober 2021 over de definitieve Begroting 2022 en Uitvoeringsprogamma 2022-2030 van de VRA.
Ontwerpbegroting 2022-2025 en concept-üitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 Vervoerregio
pagina 3
Amsterdam
3.2 Wat gaan ive daarvoor doen?
Wat staat er in het Uitvoeringsprogramma 2022-2030? De VRA heeft een Ontwerpbegroting 2022 opgesteld in samenhang met het concept Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2020-2028. In de begroting zijn de beschikbare budgetten opgenomen en het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit geeft een meerjarig beeld van de ambitie die daarvoor uitgevoerd kan worden. Sinds 2019 maakt de VRA één Uitvoeringsprogramma (vorig jaar heette het Investeringsagenda) voor mobiliteit, waardoor effectiever wordt geïnvesteerd in mobiliteit door de ontschotting van budgetten voor fiets, openbaar vervoer, weg en verkeersveiligheid. Het Uitvoeringsprogramma is het document waarin de VRA aangeeft hoe ze uitvoering willen geven aan het Beleidskader Mobiliteit. Het is de optelsom van projecten die een bijdrage leveren aan de vijf strategische opgaven die we aan de VRA opgelegd hebben: Van modaliteit naar mobiliteit Naar een C02-neutraal mobiliteitssysteem Veilig en prettig van deur tot deur Mobiliteit en omgeving passen bij elkaar Nabijheid van dagelijkse activiteiten Wij zijn tevreden dat voor Haarlemmermeer een aantal belangrijke projecten, studies en campagnes is opgenomen in de begroting en uitvoeringsprogramma van de VRA.
Dit geldt voor onder andere hoogwaardig openbaar vervoer verbindingen, verkenning naar de aanleg van de verlenging van de Noord-Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp, de vervanging van de Cruquiusbrug en Sloterbrug, de Nieuwe Bennebroekerweg, snelfietsroutes en tal van andere verbindingen. Daarnaast staan er ook bijdragen gereserveerd voor gezamenlijke studies, zoals de Kruiswegcorridor. En voor campagnes, zoals campagnes voor verkeersveiligheid, inclusieve mobiliteit en werkgeversaanpak. Naar ons idee ontbreken er geen projecten in het conceptUitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 van de VRA. Wat is er veranderd? Een globaal overzicht staat op pagina 21 van het Concept-Uitvoeringsprogramma (bijlage 3) en een compleet overzicht in de tabellen vanaf pagina 23 (bijlage 3). Nieuw in de Investeringsagenda zijn bijvoorbeeld de Nieuwe Bennebroekerweg, het afwaarderen van de N232 Schipholweg en een fietsroute ten noorden van de N200 langs de Oude Notweg. Impact door Corona Niet alle ontwikkelingen zoals opgenomen in de Kaderbrief 2022 (bijlage 4) zijn in deze Ontwerpbegroting 2022-2025 verwerkt. Daar waar de financiële consequenties concreet en kwantificeerbaar zijn, zijn deze verwerkt. Hierdoor zijn ook de effecten als gevolg van de coronacrisis nog niet opgenomen.
Op dit moment werkt de VRA aan een Herstelplan voor het OV in 2022 en aan een Transitieprogramma Mobiliteit dat een aangepast kader vormt voor toekomstige afwegingen. Daarbij was bij het opstellen van de Ontwerpbegroting van de VRA nog onduidelijk in hoeverre het Rijk vanaf 2022 bijdraagt aan het financieel tekort dat veroorzaakt wordt door teruglopende reizigersaantallen. Daardoor is dit nog niet verwerkt in de Ontwerpbegroting van de VRA. Op 25 juni jongstleden is er een brief verzonden (lenW/BSK-2021/176406 ) door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat waarin zij heeft aangekondigd de huidige beschikbaarheidsvergoeding OV ongewijzigd te verlengen tot 1 september 2022. Wij gaan ervan uit dat dit in de definitieve begroting verwerkt zal worden.
Ontwerpbegroting 2022-2025 en concept-Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 Vervoerregio
pagina 4
Amsterdam
Het proces om het Herstelplan OV en het Transitieprogramma Mobiliteit op te stellen, wordt in zorgvuldige afstemming en samenwerking met de gemeenten en andere partijen in de regio, waaronder de provincie Noord-Holland, vormgegeven. Ook worden tussentijds regelmatig de gemeenten hierbij betrokken. Zienswijze Beide documenten sluiten aan bij de projecten die we in Haarlemmermeer het komende jaar willen uitvoeren. Wij zien geen aanleiding om daarover een zienswijze in te dienen op de Ontwerpbegroting 2022. Gezien de onzekerheid over de consequenties van het Herstelplan OV stellen wij voor om wel een zienswijze in te dienen op het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 over de consequenties van de mogelijke verschraling van het OV voor de Wmo-vervoersvoorzieningen. We stellen voor om in de zienswijze de VRA te verzoeken om aandacht te houden dat een mogelijke verschraling van het OV door de Covid-19 crisis ook in de toekomst niet leidt tot een toename van aanvragen van Wmo-vervoersvoorzieningen. En om dit vóór 8 september 2021 kenbaar te maken aan de VRA via bijgevoegde reactiebrief (bijlage 5). 3.3 Wat mag het kosten?
Aan de uitvoering van deze nota zijn, naast de beschikbare ambtelijke capaciteit, geen kosten verbonden. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?
De deelnemende gemeenten worden door de VRA in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen op de Ontwerpbegroting 2022 en het concept Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2020-2028 die door de VRA is opgesteld. De gemeenteraad is verantwoordelijk voor het al dan niet indienen van een zienswijze. Binnen het college is de wethouder Verkeer en Vervoer het eerste aanspreekpunt. Binnen de VRA is de Regioraad van de VRA verantwoordelijk voor het vaststellen van de kaders voor de VRA. Een afvaardiging van de gemeenteraad heeft zitting in de Regioraad. Vaststelling van de begroting en investeringsagenda van de VRA is één van die kaders. De Regioraad van de VRA is dus verantwoordelijk voor het vaststellen van de begroting en investeringsagenda. Het Dagelijks Bestuur van de VRA is verantwoordelijk voor het opstellen van de begroting en het uitvoeringsprogramma en is verantwoordelijk voor het uitvoeren van het door de Regioraad vastgestelde beleid, zoals het Beleidskader Mobiliteit (2017). 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar?
De Ontwerpbegroting 2022 en het concept Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2020-2028 geven invulling aan het door de Regioraad vastgesteld beleid, zoals het Beleidskader Mobiliteit (2017). Op 29 juni 2021 heeft het college van B&W de Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040 vastgesteld (2021.0001681). Het DB van de VRA zal hier op 8 juli 2021 over besluiten. Daarmee is er beleidsafstemming over het nut en noodzaak van oplossingen voor de komende Uitvoeringsprogramma's van de VRA.
Ontwerpbegroting 2022-2025 en concept-Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 Vervoerregio
pagina 5
Amsterdam
3.6 Wanneer en hoe zal de raad/het college over de voortgang worden geïnformeerd?
De VRA rapporteert aan zowel de Regioraad als de individuele gemeenten via de planning en control cyclus. 4. Ondertekening
Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmerm de secretaris,___ de burgemees
drs. CarcéLBrtAgthaiV^'^
u
MarianneS,
T. Bijlage(n): • 1. Aanbiedingsbrief VRA • 2. Ontwerpbegroting 2022-2025 • 3. Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 • 4. Kaderbrief 2022 • 5. Reactiebrief aan VRA
Postbus 626 1000 AP Amsterdam Jodenbreestraat 25 1011 NH Amsterdam
Gemeenteraden en Colleges van B&W van de gemeenten van de Vervoerregio Amsterdam
T 020 527 37 00 E info@vervoerregio.nl W www.vervoerregio.nl KvK: 34374879000 IBAN: NL46BNGH0285168274 BIC: BNGHNL2G
Datum
17 juni 2021
Onderwerp
Uw kenmerk Ons kenmerk
Inlichtingen
2021/15701/RS René Schollaart, 020 – 5273 790 r.schollaart@vervoerregio.nl
Bijlagen
Ontwerpbegroting 2022-2025 en Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 1. Ontwerpbegroting 2022-2025 2. concept Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030
Geachte leden van de gemeenteraad, geacht college, Het Dagelijks Bestuur van de Vervoerregio Amsterdam heeft op 9 juni 2021 de Ontwerpbegroting 20222025 en het concept Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2022-2030 goedgekeurd. De Ontwerpbegroting 2022-2025 geeft een inhoudelijke uitwerking van onze activiteiten en programmering voor 2022 met een meerjarendoorkijk naar de begrotingen 2023 tot en met 2025. Het UItvoeringsprogramma Mobiliteit geeft, na uitgebreide consultatie bij gemeenten, inzicht in de projecten en activiteiten waarmee de Vervoerregio in de komende jaren uitvoering aan haar ambities wil geven. Graag bieden wij u beide producten aan en stellen u, op grond van artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr), in staat een zienswijze over beide bestuursdocumenten naar voren te brengen. We stellen het op prijs een eventuele zienswijze uiterlijk 8 september 2021 per mail (bestuurszaken@vervoerregio.nl) van u te ontvangen. In de termijnen voor deze zienswijzeprocedure is geen ruimte om alle effecten op de begroting van de Coronacrisis volgens de formele procedure met de gemeenten te delen. Zo zal het rijk op zijn vroegst begin juli 2021 uitsluitsel geven over de wijze waarop zij het openbaar vervoer vanaf 2022 wil ondersteunen.
Daarmee wordt het erg krap om de uitwerking van het Herstelplan OV 2022 volledig in de formeel vast te stellen Begroting 2022-2025 op te nemen.
Ons kenmerk
2021/15701/RS
Pagina
2 van 2
De Vervoerregio hecht aan een goede afstemming met de gemeenten, dus zullen de gemeenten tijdig worden geïnformeerd over voorgestelde wijzigingen in de begroting, hetzij wijzigingen die in de defintief vast te stellen Begroting 2022-2025 worden opgenomen, dan wel wijzigingen die na vaststelling van de formele begroting tot stand komen in een begrotingswijziging. Indien een wijziging plaats vindt, zal een proces worden gevolgd analoog aan het proces zoals dat vorig jaar bij de 1e Begrotingswijziging 2021 heeft plaatsgevonden. In alle gevallen worden de reacties van de gemeenten bij de behandeling in de regioraad meegenomen in een reactienota. De ingezonden zienswijzen van de deelnemende gemeenten en de Reactienota worden geagendeerd voor de regioraad van 26 oktober 2021. In deze raad worden de Begroting 2022-2025 en het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit ter vaststelling aangeboden.
Hoogachtend, Namens het Dagelijks Bestuur van de Vervoerregio Amsterdam
Drs. M. Ruigrok Portefeuillehouder Financiën
Dit document is digitaal ondertekend en bevat daarom geen zichtbare handtekening. Zie akte van ondertekening.
ONTWERPBEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025 Aangeboden door het dagelijks bestuur ter bespreking in de regioraad op 6 juli 2021
INHOUD INLEIDING
4
ALGEMEEN
4
PROGRAMMABEGROTING
10
Programma Verkeer en Vervoer
11
Investeringsagenda Mobiliteit
11
Grote Projecten: Amsteltram en Doortrekken Noord/Zuidlijn
13
Concessies
14
Beheer en Onderhoud RailInfrastructuur
16
Activa GVB
17
Onderzoek, Studie en Samenwerking
19
Apparaatskosten
20
Programma Overhead
21
Programma Algemene dekkingsmiddelen
21
Paragrafen
23
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
23
Paragraaf Financiering
30
Paragraaf Bedrijfsvoering
34
Paragraaf Verbonden partijen
37
BEGROTING IN CIJFERS
38
Overzicht Baten en Lasten 2022
38
Overzicht Incidentele baten en lasten
39
Ontwikkeling BDU-saldo 2022-2025 en meerjarenperspectief 2022-2031
40
Overzicht baten en lasten per taakveld
40
Uiteenzetting financiële positie
41
pagina 2 van 49
BIJLAGEN
42
Bijlage 1: Organogram
43
Bijlage 2: Indicatoren
44
Bijlage 3 : Meerjarenperspectief 2019-2032
45
Bijlage 4 : Grafische weergave meerjarenperspectief 2019-2032
47
Bijlage 5 : EMU-Saldo 2021-2025
48
Bijlage 6 : Afkortingenlijst
49
pagina 3 van 49
INLEIDING Voor u ligt de Ontwerpbegroting 2022 van de Vervoerregio Amsterdam. Met deze begroting geeft de Vervoerregio inzicht in haar doelstellingen, de activiteiten die worden uitgevoerd om deze doelen te bereiken en de hiermee gepaard gaande kosten. De begroting bestaat uit een algemeen deel, de programmabegroting met de paragrafen en de financiële begroting. In het algemene deel gaan we in op de achtergronden en uitgangspunten die aan de basis liggen van de begroting 2022. Ook gaan we in op het financieel meerjarenperspectief. Het onderdeel programmabegroting bevat de beleidsmatige toelichting op het programma Verkeer & Vervoer. Daarnaast zijn de programma’s overhead en algemene dekkingsmiddelen opgenomen. De programmabegroting wordt aangevuld met enkele (verplichte) paragrafen; in deze paragrafen geven we op thematisch vlak een doorsnee-inzicht in de begroting. De thema’s zijn financiering, weerstandsvermogen & risicobeheersing en bedrijfsvoering. De financiële begroting bevat op detailniveau de financiële gegevens en het meerjarenperspectief. Als bijlage bij de begroting is een 10-jarige doorkijk van het financieel perspectief opgenomen.
ALGEMEEN Deze Ontwerpbegroting schetst de vertaling in doelstellingen en financiën van de huidige stand van de ontwikkelingen. Na bespreking in de regioraad van 6 juli 2021 geeft het dagelijks bestuur de gemeenten gelegenheid hun zienswijzen op de begroting 2022 in te dienen aan de hand van deze Ontwerpbegroting. In het najaar 2020 hebben wij als reactie op de gevolgen van Covid-19 voor de exploitatie van het Openbaar Vervoer (OV) een aantal maatregelen getroffen waarmee op korte termijn de negatieve gevolgen in de OV-exploitatie konden worden verminderd. Voorbeelden hiervan zijn het opheffen van spitslijnen en aanpassingen in het nachtnet. Ook is de basis gelegd voor een pakket van 235 miljoen euro aan extra anticyclische investeringen om het OV weer aantrekkelijk maken en de economie te stimuleren. Op 15 december 2020 heeft de regioraad de 1e Begrotingswijziging 2021 vastgesteld, waarin deze maatregelen zijn verwerkt. In het voorjaar 2021 is overeenstemming met het Rijk over het pakket maatregelen voor het OV voor 2021 bereikt en heeft het Rijk aangegeven dat zij mee wil denken over oplossingen voor herstelplannen voor het Openbaar Vervoer in 2022. Daartoe heeft het Rijk op 9 april 2021 aangegeven dat de beschikbaarheids-vergoeding voor het OV tot en met het 4e kwartaal 2021 wordt verlengd.
Voor de periode daarna wil het Rijk werken aan een regeling om toe te werken naar een nieuw financieel evenwicht binnen de concessies, rekening houdend met de ontwikkeling rond COVID-19 en de beperkende maatregelen. Deze toezegging verlicht de opgave op korte termijn en geeft ons iets meer tijd om aan een structurele oplossing te werken. Inmiddels wordt ambtelijk het Herstelplan OV 2022 samen met vervoerders en gemeenten vorm gegeven. Daarnaast is een Transitieprogramma Mobiliteit in de maak. Dit transitieprogramma kent een langere doorlooptijd dan het Herstelplan OV en heeft een bredere scope. Het Herstelplan 2022 is vooral bedoeld om voor 2022 een goede balans tussen de vraag naar en aanbod van OV binnen de financiële mogelijkheden te zoeken., Het doel van het Transitieprogramma Mobiliteit is om het toekomstige mobiliteitsaanbod in de regio Amsterdam in balans te brengen met de (veranderde) mobiliteitsvraag richting 2030. Op dit moment bespreken we met vervoerders en gemeenten aan welke criteria het programma moet voldoen. Eén van de eerste stappen is ook de ontwikkeling van prognoses voor de verdere toekomst: ‘hoe reizen we in 2023-2030?’. De Vervoerregio realiseert zich dat de gemeenten door de COVID-19 pandemie ook grote financiële opgaven hebben. De mogelijkheid bestaat dat infrastructurele projecten naar achter worden geschoven of geen doorgang kunnen vinden.
Daarom is het belangrijk dat de Vervoerregio bij het uitwerken de plannen intensief contact houdt met de gemeenten om planning en mogelijkheden op elkaar af te stemmen. Daarnaast is op 9 april 2021 bekend geworden dat het Rijk (onder voorbehoud) € 1,5 miljard uit het Groeifonds bijdraagt voor de verlenging van de Noord/Zuidlijn. Dit betekent dat we in 2022 binnen de begroting 2022 een bedrag van € 10 mln als onderdeel BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 4 van 49
van de toegezegde meerjarige bijdrage van € 225 mln in de aanleg van de verlenging van de Noord/Zuidlijn beschikbaar hebben voor de voorbereiding.
BESTUURLIJKE SPEERPUNTEN Het is inmiddels alweer meer dan een jaar geleden dat Nederland werd geconfronteerd met de COVID-19 pandemie. Deze pandemie heeft grote gevolgen voor onze mobiliteit, in het bijzonder op het gebruik van het OV. Het aantal ov-reizigers nam enorm af, terwijl de kosten voor de vervoerders op hetzelfde niveau bleven. Intussen kiezen mensen vaker voor alternatieven zoals de fiets en de auto. Daarnaast zien we dat steeds meer thuis wordt gewerkt en dat goederen meer en meer aan huis bezorgd worden. Het is duidelijk dat onze samenleving nog lang met de gevolgen van de pandemie moet leven. Ook de impact op de mobiliteit en het OV zal de komende jaren gevoeld blijven worden. Ons doel is het herstel van de kostendekkingsgraad van het OV, zodat we toewerken naar een basis van waaruit ontwikkeling en groei mogelijk blijft. We willen het OV-netwerk vooruitlopend op de reizigersvraag opbouwen, en wel zodanig dat het aanbod past bij de toekomstige vraag en ontwikkeling. Daar zetten we een hele reeks maatregelen voor in. Hiermee houden we de bereikbaarheid op peil en stimuleren we de reizigersgroei om zo het dekkingstekort verkleinen. We doen investeringen die het OV beter laten functioneren, schoner maken en zorgen voor meer comfort. Daarnaast zorgen we dat alternatieven zoals het fietsverkeer verder gestimuleerd worden met gerichte investeringen.
Werken aan verkeersveiligheid De afgelopen jaren stagneerde de daling van het aantal verkeersslachtoffers in Nederland. In 2018 zagen we landelijk zelfs voor het eerst sinds lange tijd weer een stijging van het aantal verkeersdoden, gevolgd door een beperkte daling in het afgelopen jaar. In december vorig jaar hebben we een akkoord gesloten tussen bestuurders van het Rijk, de provincies, vervoerregio’s en gemeenten ontstaat er nu een aanpak die erop gericht is om gevaarlijke wegen, fietspaden, kruispunten en rotondes aan te pakken. In totaal stelt de minister van Infrastructuur en Waterstaat (I&W) vanuit het ‘Strategisch Plan Verkeersveiligheid’ (SPV) de komende tien jaar een half miljard euro beschikbaar als cofinanciering voor deze verkeersveiligheidsmaatregelen. De Vervoerregio en haar gemeenten zijn zelf al begonnen met een strategisch plan voor onze regio. Het Rijk heeft eind 2020 € 8 mln aan cofinanciering toegezegd voor extra verkeersveiligheidsmaatregelen in onze regio. Schone mobiliteit Vanuit de doelstelling om in onze regio in 2050 over een volledig CO2 vrij vervoerssysteem te beschikken is het beleid op dit punt in voorgaande jaren nader uitgewerkt. Daarbij is een voorzichtige inschatting gemaakt wat hiervoor nodig is en welke kosten hiermee gemoeid zouden zijn.
We zijn al enige tijd bezig met de elektrificatie van de busvloot en het verzorgen van voldoende laadlocaties. De ambitie wordt uitgebreid met het verduurzamen van de infrastructuur, schone logistiek en de samenwerking rond de maatregelen vanuit het landelijke klimaatakkoord. We kijken daarbij ook goed naar de kansen die er liggen bij de samenwerking met gemeentelijke programma’s rond luchtkwaliteit en de autoluwe stad. Ook rond deelmobiliteit, fiets (hoogwaardige fietsroutes, fietsparkeren bij het OV) en Mobility as a Service (MaaS) zijn en worden projecten ontwikkeld die schone mobiliteit bevorderen. Denk hierbij aan deelfietsoplossingen bij het openbaar vervoer en de MaaS-pilots op Schiphol en de Zuidas.
Samen Bouwen aan Bereikbaarheid (Sbab) In het programma ‘Samen Bouwen aan Bereikbaarheid’ werken overheden en andere organisaties in de Metropoolregio Amsterdam samen met het Rijk aan de bereikbaarheid van de Metropool tegen de achtergrond van de verdere groei met ruim 250.000 woningen tot 2040. Dat doen we met korte termijnmaatregelen, zoals maatregelen die zorgen voor gespreid reizen over de dag, het verbeteren van toe- en afritten, een fietsaanpak op Schiphol, slimme logistiek en de
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 5 van 49
samenwerking met werkgevers. Tegelijk worden de opgaven waar we op de langere termijn voor staan samen in beeld gebracht. Om die bereikbaarheidsopgaven scherper in beeld te krijgen vinden er momenteel MIRT-studies en uitwerkingen plaats in gebieden en corridors zoals Amsterdam-Hoorn, Amsterdam en Almere (‘Amsterdam Bay Area’), en die tussen Zuidwest Amsterdam, Schiphol en Hoofddorp. Nieuw is dat we in een regionaal mobiliteitsplan de maatregelen vanuit het landelijk gesloten Klimaatakkoord uitwerken. Dit biedt nieuwe samenwerkings- en financieringskansen tussen Rijk en regio. Inclusieve Mobiliteit In mei 2020 stelde de regioraad het beleidskader Inclusieve Mobiliteit vast. Met dit beleid wil de Vervoerregio ervoor zorgen dat zoveel mogelijk mensen zelfstandig kunnen reizen en daarmee meer vrijheid hebben in hun mobiliteit. Meer zelfredzaamheid betekent voor veel mensen dat zij beter kunnen deelnemen aan de maatschappij. Voorbeelden van acties die hieruit voorkomen, zijn het realiseren van toegankelijke haltes, het aanbrengen van liften op knooppunten, duidelijke reisinformatie en de inzet van de OV-coach, die mensen helpt bij het zelfstandig reizen met het OV. Deze acties zijn ook in de Uitvoeringsagenda Mobiliteit opgenomen. Financieel perspectief: De Vervoerregio heeft in de komende jaren een opgave om de ambities in lijn te brengen met de beschikbare middelen.
Dit beeld monitoren we continu. Door gedegen financieel beleid, een goede agendering en programmering en openheid naar de partners, zorgt de Vervoerregio ervoor dat de beschikbare middelen op een efficiënte en effectieve manier worden ingezet.
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 6 van 49
FINANCIEEL MEERJARENPERSPECTIEF De middelen die voor het werk en taken van de Vervoerregio beschikbaar zijn, wijzigen niet substantieel. Er is wel sprake van een jaarlijkse indexatie van de rijksbijdrage Brede Doeluitkering Verkeer & Vervoer (BDU V&V of kortweg BDU). Met als basis het prijspeil 2022 gaan we uit van een structurele bijdrage van € 426 mln per jaar. In deze bedragen is (nog) geen rekening gehouden met de, door het Rijk toegezegde, Beschikbaarheidsvergoeding Openbaar Vervoer (BVOV) voor het jaar 2021 en andere ondersteunende maatregelen vanaf 2022 om het OV in stand te houden. Tabel 1 Saldo Baten & Lasten (bedragen x € 1.000) (Sub-)Programma
Gewijzigde begroting 2021 (na 1e Bestuursrapportage 2021)
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
691
566
522
458
404
10.961
10.139
10.089
10.089
10.089
197.180
LASTEN Algemende dekkingsmiddelen Overhead Verkeer & Vervoer: Investeringsagenda Mobiliteit
103.921
103.577
100.211
110.227
Bijdrage aanleg verlenging Noord/Zuidlijn en sluiten metroring Amsteltram
0
10.000
10.000
25.000
30.000
27.736
43.888
30.601
25.844
0
Concessies
116.214
88.096
84.656
78.260
76.660
BORI/MVP
138.496
147.011
116.855
127.228
118.596
Acitva GVB
41.750
29.220
24.040
29.903
42.380
Onderzoek, Studie en Samenwerking
9.850
8.999
8.940
8.940
8.940
Apparaatskosten
9.437
8.834
8.834
8.834
8.834
Totaal Verkeer & Vervoer
540.662
439.969
387.503
404.219
395.636
TOTAAL LASTEN
552.315
450.674
398.114
414.766
406.130
BDU jaarbijdrage
426.483
427.633
427.633
427.633
427.633
BDU saldo voorgaande jaren
102.477
-13.060
-41.955
-22.175
-30.758
2.111
2.036
1.992
1.928
1.874
0
0
0
0
0
531.071
416.609
387.671
407.387
398.750
140
140
140
140
140
0
BATEN Algemene dekkingsmiddelen:
Rentebaten Overige baten Totaal Algemene dekkingsmiddelen Overhead Verkeer & Vervoer: Investeringsagenda Mobiliteit
12.112
0
0
0
Amsteltram
587
26.626
3.064
0
0
Concessies
5.300
5.300
5.300
5.300
5.300
BORI/MVP
0
0
0
0
0
Acitva GVB
0
0
0
0
0
1.850
1.999
1.940
1.940
1.940
Onderzoek, Studie en Samenwerking Apparaatskosten
95
0
0
0
0
Totaal Verkeer & Vervoer
19.943
33.925
10.303
7.240
7.240
TOTAAL BATEN
551.155
450.674
398.114
414.766
406.130
-1.160
0
0
0
0
Toevoeging aan reserves
0
0
0
0
0
Onttrekking van reserves
1.160
0
0
0
0
TOTAAL MUTATIES RESERVES
1.160
0
0
0
0
0
0
0
0
0
RESULTAAT VOOR BESTEMMING
MUTATIES RESERVES
RESULTAAT
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 7 van 49
1.
2. 3. 4.
De piek in de begroting Investeringsagenda Mobiliteit in 2021 is het gevolg van de investeringsimpuls ad € 30 mln uit 2020 doorgeschoven budgetten ad € 23 mln en uitgaven ad € 12 mln waar extra inkomsten tegenover staan. Daarnaast was al eerder tot een afname van de begroting vanaf 2022 tot het niveau van circa € 100 mln per jaar besloten; In de uitgaven van de concessies is rekening gehouden met een jaarlijkse groei van de reizigersopbrengsten en het niveau van de reizigersopbrengsten zoals vastgesteld voor de COVID-19 pandemie; De baten Amsteltram in 2022 betreft de bijdrage van het Ministerie van I&W De begrote lasten van de Amsteltram bedroegen bij de 1e Begrotingswijziging 2021 € 79 mln voor het jaar 2022 en € 6 resp. € 4 mln voor de jaren 2023 en 2024. In deze meerjarenraming zijn deze bedragen vermeerderd met € 12 mln doorschuif uit 2020 en gelijkmatiger verdeeld over de jaren 2022 tot en met 2024.
In de jaren tot en met 2021 was sprake van de inzet van het ‘BDU-saldo voorgaande jaren’ om de begrote kosten te kunnen dekken. Deze inzet had betrekking op onder andere mobiliteitsprojecten, extra maatregelen in het kader van de eind 2020 geformuleerde versnelling van projecten en het project Amsteltram. Vanaf 2022 is er geen inzet vanuit het BDU-saldo voorgaande jaren nodig om de lasten te dekken: er is financiële ruimte. Deze financiële ruimte is toegevoegd aan het BDU-saldo voorgaande jaren waardoor er een sluitende begroting ontstaat. De toename van het BDU-saldo vanaf 2022 (tabel 2 en grafiek 1) wordt veroorzaakt door de toevoeging van deze financiële begrotingsruimte. De toename is ook noodzakelijk om enige buffer te hebben om risico’s op te kunnen vangen. Het saldo BDU is namelijk de voornaamste bron van het weerstandsvermogen dat nodig is om risico’s op te kunnen vangen. De COVID-19 pandemie heeft aangetoond dat niet alle risico’s voorzienbaar zijn, daarnaast verschuift het risicoprofiel van de Vervoerregio van vrijwel risicoloos naar een profiel waarin de Vervoerregio op enkele onderdelen vanuit een meer sturende rol meer risico’s draagt. In de paragraaf Weerstandvermogen en risicobeheersing wordt hier nader op ingegaan. Tabel 2 Ontwikkeling saldo BDU (bedragen x € 1.000)
Ontwikkeling saldo BDU Begi ns ta nd s a l do BDU Bes chi kte ja a rbi jdra ge Totaal Beschikbare BDU begin van het jaar Inzet BDU i n begroti ngs ja a r Stand saldo BDU ultimo jaar
Gewijzigde begroting 2021 (na 1e Bestuursrapportage 2021) 159.979
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
57.502
70.562
112.516
134.691
426.483
427.633
427.633
427.633
427.633
586.462
485.135
498.195
540.150
562.324
-528.960
-414.573
-385.679
-405.459
-396.876
57.502
70.562
112.516
134.691
165.448
Grafiek 1 Ontwikkeling saldo BDU (bedragen x € 1.000)
Stand saldo BDU ultimo jaar 200.000 180.000 160.000 140.000 120.000 100.000 80.000 60.000 40.000 20.000 0 Jaarrekening 2019
Jaarrekening 2020
Gewijzigde begroting 2021 (na 1e Bestuursrapportage 2021)
Begroting 2022
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
pagina 8 van 49
De ontwikkeling van het saldo BDU laat een gestage groei zien. In deze ontwikkeling zijn echter de volgende risico’s en ontwikkelingen nog niet opgenomen: 1.
2.
3.
In de begroting is rekening gehouden met dalende kosten als gevolg van de ontwikkeling van de reizigersopbrengsten zoals deze pré-COVID-19 waren geraamd, inclusief een trendmatig stijgende ontwikkeling. Met de gevolgen van de pandemie is het onwaarschijnlijk dat de concessie Amsterdam gerealiseerd kan worden tegen de huidige budgetten. De voor concessie Amsterdam opgenomen kostendaling op basis van de voor de pandemie opgenomen ontwikkeling van de reizigersopbrengsten; Opbouw weerstandsvermogen vanuit het zich wijzigende risicoprofiel van de Vervoerregio (vaker opdrachtgeversrol nemen bij grote projecten, OV-governance); Effecten van het Herstelplan OV 2022 en het Transitieprogramma Mobiliteit.
Dat betekent dat een deel van het verwachte toekomstige saldo BDU niet ingezet kan worden omdat er een buffer noodzakelijk is voor als deze risico’s zich voordoen. Op dit moment is, onder meer vanwege de onzekere toekomstige ontwikkelingen rond het OV, niet te kwantificeren hoe groot deze buffer moet zijn. Zodra meer zicht is op de toekomstige ontwikkeling van het OV en de mate waarin het Rijk vanaf 2022 bijdraagt aan het in stand houden van het OV-aanbod, worden de risico’s gekwantificeerd en kan daarmee een onderbouwde hoogte van de noodzakelijke buffer in het saldo BDU worden bepaald. Vooralsnog gelden de uitgangspunten dat (1) de vervoerders verantwoordelijk zijn voor het realiseren van de reizigersopbrengsten en dragen de daarmee samenhangende risico’s en (2) de risico’s voor grote projecten en OV-governance vanuit de bestaande budgetten gedekt moeten worden, dus buffers ook binnen die bestaande budgetten opgebouwd moeten zijn of worden. Pas als daarmee de voorzieningen onvoldoende gerealiseerd kunnen worden, zou de bestaande ruimte binnen de BDU aangesproken kunnen worden.
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 9 van 49
PROGRAMMABEGROTING De begroting van de Vervoerregio bestaat uit drie programma’s. Deze programma’s zijn Verkeer & Vervoer, Overhead en Algemene Dekkingsmiddelen. Binnen het programma Verkeer & Vervoer kent de Vervoerregio diverse subprogramma’s. Deze dragen allen bij aan de strategische doelstellingen van het Beleidskader Mobiliteit. In het Beleidskader Mobiliteit worden vijf strategische opgaven onderkend.
Van modaliteit naar mobiliteit: een betere integratie van bestaande vervoerwijzen Naar een CO2-neutraal mobiliteitssysteem: meer aandacht voor duurzaamheid en leefbaarheid Veilig en prettig van deur tot deur: meer aandacht voor comfort, beleving, veiligheid en informatie Mobiliteit en omgeving passen bij elkaar: meer aandacht voor inpassing en ruimtelijke kwaliteit Nabijheid van dagelijkse activiteiten: ondersteuning van verdichtingsopgaven
De activiteiten die binnen de subprogramma’s worden ondernomen, dragen bij aan de realisatie van deze strategische opgaven.
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 10 van 49
PROGRAMMA VERKEER EN VERVOER Het programma Verkeer & Vervoer bestaat uit meerdere subprogramma’s en de daarbij horende kosten van personele inzet (de apparaatskosten). Per subprogramma wordt aangegeven wat de Vervoerregio wil bereiken in 2022, wat we daarvoor gaan doen en welke kosten daarmee gemoeid zijn.
INVESTERINGSAGENDA MOBILITEIT Wat willen we bereiken in 2022? Het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit van de Vervoerregio Amsterdam is het programma waarin al onze voorgenomen mobiliteitsmaatregelen in samenhang staan beschreven. Het is de nadere uitwerking van het Beleidskader Mobiliteit. We laten zien waarin de Vervoerregio investeert, wanneer dat gebeurt en wat dat oplevert. Belangrijke thema’s in dit Uitvoeringsprogramma zijn onder andere de transitie waarmee we ons OV ook in de toekomst financieel gezond houden, het mijden van de spits, grote schaalsprongprojecten voor het regionale OV, soepel overstappen op knooppunten, verkeersveiligheid, voor iedereen toegankelijke mobiliteit en zero emissie OV. Het programma voorziet ook in verbeteringen in de doorstroming van het OV, hoogwaardige fietsroutes en -stallingen bij stations en het verhelpen van knelpunten in het wegennet. De bereikbaarheidsmaatregelen worden in samenhang afgewogen om niet de modaliteit, maar de mobiliteit (de reis van deur tot deur) centraal te stellen. Bij het beoordelen van de juiste oplossingen kijken we nadrukkelijk naar de CO2-balans, de aangename beleving van de reis en hoe een vervoerwijze passend is bij de omgeving. Binnen het Uitvoeringsprogramma verzorgt de Vervoerregio het programmamanagement en start samen met de partners nieuwe projecten.
De Vervoerregio voert ook zelf verkenningen en planstudies uit. Dit doen we in afstemming met het Transitieprogramma Mobiliteit dat nu wordt opgesteld.. Dat kan betekenen dat zich andere accenten of prioriteiten in onze meerjarenbegroting, uitvoeringsprogramma en beleid kunnen aftekenen. De Vervoerregio neemt hierbij de regie om dit samen met gemeenten en vervoerders zorgvuldig af te wegen, zodat maatregelen een maximale bijdrage leveren aan de transitie naar een passend vervoeraanbod. Wat gaan we daarvoor doen? Alle mobiliteitsprojecten waarvan de Vervoerregio het voornemen heeft om bij te dragen, staan in het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit opgenomen. Dit programma presenteert daarmee de totale ambitie, waarbij het subprogramma ‘Investeringsagenda Mobiliteit’ vooral de beschikbare budgetten presenteert die niet onder de Amsteltram, BORI/MVP (Beheer en Onderhoud Rail Infrastructuur / Meerjaren Vervangingsprogramma metro), Activa GVB of OSS (Onderzoek, Studies en Samenwerking) vallen. Binnen dit subprogramma Investeringsagenda Mobiliteit tellen alle initiatieven, projecten en activiteiten op tot een investeringsvolume van meer dan € 150 mln per jaar in de periode tot en met 2025.
Veel van de belangrijke projecten die nu en in de komende tijd in uitvoer gaan zijn mobiliteitsprojecten die zowel de doorstroming van het OV en/of de weg verbeteren, verbeteringen voor de fiets (zoals tunnels en fietsparkeervoorzieningen) en verkeersveiligheidsmaatregelen bevatten en het vervoerssysteem voor meer mensen goed toegankelijk maken. Al deze elementen komen bijvoorbeeld terug bij projecten als de aanleg van het HOVASZ-project in Uithoorn, Aalsmeer en de Haarlemmermeer waarbij een busbaan en snelfietsroute tegelijk worden gerealiseerd en de verkeersveiligheid bij oversteken wordt aangepakt. Maar ook bij de ongelijkvloerse oplossingen bij het spoor in Diemen en Zaanstad (Guisweg) en op knooppunten zoals Amsterdam Lelylaan. Het vergroten van de verkeersveiligheid kan onder meer door het verbeteren van de infrastructuur (Duurzaam Veilig), en dat doen we door het financieren van projecten in de regio. Denk daarbij aan schoolzones, drempels en verkeerslichten, 30km zones en veilige oversteekplekken. Hiervoor is in 2021 en 2022 bovendien een extra verkregen rijksimpuls Verkeersveiligheid uit het SPV van € 8 mln beschikbaar. De Vervoerregio werkt aan het verduurzamen van alle onderdelen van ons mobiliteitssysteem, onder meer met de inzet op schonere energie, schonere voertuigen, infrastructuur & productie en door duurzame inkoop en opdrachtgeverschap.
Eén van belangrijkere punten daarbij is het verschonen van het OV met de Zero Emissie-deal, waarmee we onze vervoerders ondersteunen. Op dit moment is ongeveer veertig procent van het busvervoer in de Vervoerregio emissievrij. Dit moet in 2025 naar 95% en uiteindelijk naar 100% in 2030. Het behalen van deze doelen staat momenteel onder druk als gevolg van de negatieve ontwikkelingen in het afgelopen jaar. De Vervoerregio gaat daarom extra investeren in zero emissiebussen en de bijbehorende laadinfrastructuur. Dankzij de afspraken die we afgelopen december hebben gemaakt met het GVB en de gemeente Amsterdam kunnen er volgend jaar 32 nieuwe zero emissie bussen instromen en wordt er bijbehorende laadinfrastructuur
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 11 van 49
gerealiseerd op het busplatform bij Amsterdam CS. Voor Zaanstreek en Waterland onderzoeken we hoe, we vanuit de ambitie van de Regioraad, gelijk bij start van de nieuwe concessie al met een 100% Zero-emissie-vloot kunnen laten rijden. Met ons inclusiviteitsbeleid wil de Vervoerregio ervoor zorgen dat zoveel mogelijk mensen zelfstandig kunnen reizen en daarmee meer vrijheid hebben in hun mobiliteit. Voorbeelden van acties die hieruit voorkomen en in het Uitvoeringsprogramma hun plek krijgen, zijn het realiseren van toegankelijke haltes, het aanbrengen van liften op knooppunten, duidelijke reisinformatie en de inzet van de OV-coach, die mensen helpt bij het zelfstandig reizen met het OV. In het programma ‘Samen Bouwen aan Bereikbaarheid’ werken overheden en andere organisaties in de Metropoolregio Amsterdam samen met het Rijk aan de bereikbaarheid van de Metropool tegen de achtergrond van de verdere groei met ruim 250.000 woningen tot 2040. Belangrijk onderdeel is het voorstel Schaalsprong Regionaal OV-systeem, waarmee de samenwerkende partijen in de Metropoolregio investeren in een aantal cruciale OV-opgaven. Het gaat daarbij om het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp en het sluiten van de metroring in Amsterdam. De studiefase hiervan is inmiddels van start.
Ieder jaar wordt verslag uitgebracht en verantwoording afgelegd over de realisatie van alle projecten en maatregelen van het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit en tot welke effecten dit heeft geleid. Deze Voortgangsrapportage en monitor wordt tegelijk met de jaarstukken aan de regioraad voorgelegd. Wat mag dat kosten? Tabel 3: Investeringsagenda Mobiliteit | Baten & Lasten (bedragen x € 1.000) Investeringsagenda Mobiliteit
Gewijzigde begroting 2021
begroting 2022
begroting 2023
begroting 2024
begroting 2025
Investeringsagenda mobiliteit Uitvoeringsbudgetten en studies
197.180
103.921
103.577
100.211
110.227
Totaal lasten
197.180
103.921
103.577
100.211
110.227
Bijdragen derden BDU Absoluut
8.133 3.978
-
-
-
-
Totaal baten Saldo Investeringsagenda Mobiliteit
12.112
-
-
-
-
-185.069
-103.921
-103.577
-100.211
-110.227
Toelichting op tabel In de cijfers zoals opgenomen in de begroting 2022, is uitgegaan van de volgende grondslagen: Voor kleine projecten en mutaties (< € 5 mln) ramen we een jaarbudget van € 30 mln en voor projectstudies in verkenningen of planstudiefase € 4 mln. Deze bedragen zijn gebaseerd op de inschatting vanuit het programma en de ervaringscijfers van de afgelopen jaren. Voor de overige bedragen is gekeken naar de projecten die een beslag gaan leggen op de beschikbare middelen van de Vervoerregio. Het gaat daarbij om projecten die – voor zover we nu kunnen inschatten - nu of in de komende maanden via een promotiebesluit naar realisatiefase gaan. In de raming van de begroting is rekening gehouden met een bepaalde mate van over- en onderbesteding. Deze keuze is eveneens gemaakt op basis van eerder opgedane ervaring. We weten dat niet alle projecten binnen de vooraf gestelde planning en budgetten ten uitvoer zullen komen. Het is daarmee het saldo van projecten die sneller worden uitgevoerd dan verwacht en projecten die tussentijds sneuvelen, waardoor eerder gereserveerde middelen vrijkomen. De Vervoerregio monitort dit beeld continu en stuurt actief op deze programmering. Ter vergelijking: de realisatie over 2019 en 2020 was circa 80%-85% en viel daarmee hoger uit dan de jaren ervoor.
Deze realisatiegraad is ook iets hoger dan vergelijkbare programma’s vanuit het Rijk of van het Stedelijke Mobiliteitsfonds van Amsterdam. De totale omvang van de ambitie en daarbij horende investeringen in dit subprogramma laat opnieuw zien dat de Vervoerregio keuzes moet maken ten aanzien van het beschikbare budget. Het kan ertoe leiden dat we sommige opgaven later in de tijd moeten uitvoeren. Het Transitieprogramma Mobiliteit dat we nu gaan opstellen is van invloed op die keuzes: met de
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 12 van 49
uitgangspunten van dit transitieprogramma kunnen we de eerder door de Regioraad vastgestelde prioriteringsmethodiek bijstellen. Daarmee ontstaat een instrument om goede afwegingen te maken. Samen met de partners kijken we ook naar het vergroten van de rijksbijdragen en andere inkomstenbronnen, zoals de eerder genoemde Verkeersveiligheidsimpuls, de klimaatgelden en Europese Fondsen. Om ervoor te zorgen dat er op een adequate manier wordt omgegaan met de beschikbare middelen, treedt de Vervoerregio, waar nodig, in gesprek met de deelnemende gemeenten en andere regionale partijen, waaronder de provincie Noord-Holland.
GROTE PROJECTEN: AMSTELTRAM EN DOORTREKKEN NOORD/ZUIDLIJN Amsteltram - Wat willen we bereiken in 2022? De Vervoerregio is bestuurlijk en ambtelijke opdrachtgever voor (de realisatiefasen van) de Amsteltram: de Ombouw Amstelveenlijn en de verlenging naar Uithoorn (Uithoornlijn). De Amsteltram zorgt voor kortere reistijden van deur tot deur en een verbetering van de kwaliteit en veiligheid van het OV. Het versterken van het OV-netwerk levert een bijdrage aan het reduceren van de CO2-uitstoot. Aandacht is er voor beleving en inpassing in de omgeving. De Amsteltram vergroot de nabijheid van het zuiden van de regio en zorgt voor een kosten efficiënter mobiliteitssysteem. Amsteltram - Wat gaan we daarvoor doen? Ombouw Amstelveenlijn: Tot het beschikbaar komen van de definitieve eindhalte aan de Arnold Schönberglaan, is de huidige aansluiting van lijn 25 bij Station Zuid met een lange overstap afstand op de trein en metro verre van optimaal. Om die overstap op korte termijn te verbeteren wordt een tijdelijke eindhalte gerealiseerd op de Eduard van Beinumstraat direct naast de ingang van de OV terminal, die wordt weer opgeheven op het moment waarop Zuidasdok met de realisatie van de noordelijke A10 tunnel start. Uithoornlijn: Na afronding van de DO (definitief ontwerp) fase in 2021, zal in 2022 worden gestart met de uitvoering van het werk.
Dit zal naar verwachting ook het eerste helft van 2023 in beslag nemen. Medio 2023 zal worden begonnen met het testen van het integraal werkend vervoersysteem, waarna begin 2024 het GVB met de OTO-fase (het proefbedrijf voor Opleiden, Trainen en Oefenen) zal volgen. De ingebruikname van de lijn staat gepland in de zomer van 2024. Amsteltram - Wat mag dat kosten? Tabel 4 Amsteltram | Baten & Lasten (bedragen x € 1.000) Amsteltram
Gewijzigde begroting 2021
begroting 2022
begroting 2023
begroting 2024
begroting 2025
Amstelveenlijn Uithoornlijn
12.229 15.507
1.500 42.388
30.601
25.844
-
Totaal lasten
27.736
43.888
30.601
25.844
-
Bijdragen derden BDU Absoluut
587 -
26.626 -
3.064 -
-
-
Totaal baten Saldo Amsteltram
587
26.626
3.064
-
-
-27.149
-17.262
-27.538
-25.844
-
Toelichting op tabel Amstelveenlijn: De kosten die in 2022 geraamd zijn, betreffen de helft van de totale kosten voor de aanleg van de tijdelijke eindhalte. De andere helft van de kosten komt voor rekening van de projectorganisatie Zuidasdok.
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 13 van 49
Uithoornlijn: Conform de huidige vigerende planning is het budget herverdeeld, waarbij het zwaartepunt ligt in 2022, het startjaar van de uitvoeringswerkzaamheden.
Doortrekken Noord/Zuidlijn en sluiten metroring - Wat mag dat kosten? Een nationale alliantie van zeven partijen (Vervoerregio Amsterdam, gemeente Amsterdam, gemeente Haarlemmermeer, Provincie Noord-Holland, KLM, NS en Schiphol) hebben het voornemen om een substantiële gezamenlijke bijdrage van € 1,025 miljard te doen voor het realiseren van twee nieuwe metrolijnen: het doortrekken van de Noord/Zuidlijn richting Schiphol en Hoofddorp en het sluiten van de Ringlijn. De beoogde bijdrage vanuit de Vervoerregio is € 225 miljoen uit de Investeringsbegroting voor de aanleg. Daarnaast staat de Vervoerregio garant voor een bedrag van € 300 miljoen voor de aanschaf van het benodigde metromaterieel. Met dat laatste bedrag neemt de Vervoerregio het exploitatierisico voor de dekking van deze lasten en onderstreept de Vervoerregio haar lange termijn commitment aan de metrolijnen. De Vervoerregio heeft de bijdrage van € 225 mln over de periode 2022 tot en met 2030 in de begroting gereserveerd. In 2022 is een bedrag van € 10 mln opgenomen waarmee financiële ruimte is gemaakt om voorbereidingen voor dit project te kunnen treffen. Tabel 5 Doortrekken Noord/Zuidlijn | Baten & Lasten (bedragen x € 1.000) Doortrekken NZL en sluiten Metroring
Gewijzigde begroting 2021
begroting 2022
begroting 2023
begroting 2024
begroting 2025
Bijdrage aanleg Exploitatiekosten
-
10.000 -
10.000 -
25.000 -
30.000 -
Totaal lasten
-
10.000
10.000
25.000
30.000
Bijdragen derden BDU Absoluut
-
-
-
-
-
Totaal baten
-
-
-
-
-
Saldo NZL en Metroring
-
-10.000
-10.000
-25.000
-30.000
CONCESSIES Wat willen we bereiken in 2022? De Vervoerregio Amsterdam is opdrachtgever voor het OV in de vier concessies in en rondom Amsterdam. In de concessies monitoren we via diverse informatiebronnen of de vervoerder zich houdt aan de afspraken zoals opgenomen in de concessiedocumenten. Tevens geven we binnen de bestaande concessies waar mogelijk invulling aan de ambities uit het Beleidskader Mobiliteit. De Vervoerregio zet samen met de vervoerders de schouders onder het opstellen van een herstelplan waarin zij met ondersteuning van het Rijk de reizigers een passend en betaalbaar OV bieden. Door invulling te geven aan de ambities uit het Beleidskader Mobiliteit en scherp te sturen op de concessies, dragen we bij aan de ambitie om de regio Amsterdam de best bereikbare stedelijke regio van Nederland te laten worden. Overbrugging concessie Zaanstreek – Waterland (ZaWa) Vanwege de coronapandemie is de aanbesteding ZaWa 2022 medio 2020 stil gelegd. De huidige concessies lopen december 2021 af. De Vervoerregio Amsterdam is begonnen met de voorbereiding van de nieuwe concessie ZaWa 2024. Voor de tussenliggende periode bereiden we voor Zaanstreek en Waterland noodconcessies voor. Deze concessies gaan op 12 december 2021 in en duren twee jaar tot december 2023. Vanaf december 2023 start de nieuwe concessie Zaanstreek-Waterland.
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 14 van 49
CONCESSIEMANAGEMENT REGULIER Amsterdam: Naast de concessievergoeding verstrekt de Vervoerregio een vergoeding voor de sociale veiligheid. Met de huidige structurele subsidie van ongeveer € 20 mln jaarlijks borgt GVB samen met partners als politie, gemeente en andere vervoerders de sociale veiligheid binnen het openbaar vervoer in en rondom Amsterdam. De sociale veiligheidsbeleving kent sinds een aantal jaar een opgaande lijn. De reorganisatie bij de politie brengt voor GVB en daarmee de Vervoerregio een risico met zich mee. In 2021 zijn de Vervoerregio en GVB in overleg met de politie en de gemeente Amsterdam om de gevolgen van deze reorganisatie in beeld te brengen. Amstelland-Meerlanden (AML): Bij de start van lockdown maart 2020 verdween zo'n 85% van de reizigers. Dat heeft zich richting eind 2020 ontwikkeld naar een bezetting van ongeveer 35%. Op dit moment is het aantal reizigers al enige tijd stabiel op ongeveer 42% (percentages t.o.v. precorona 2019). Het contact met de vervoerder was ook voor COVID-19 al goed en dat heeft in de hectische en onzekere coronatijden geholpen om met elkaar in gesprek te blijven. In goede samenwerking met Connexxion zijn vervoerkundige scenario's uitgewerkt en zelfs al verwerkt in vervoerplannen die een volledig adviestraject hebben doorlopen. Die solide basis zal de hoofd input zijn en worden voor het herstelplan 2022 traject.
Zaanstreek en Waterland: Evenals bij de concessie AML, was ook bij de concessies Zaanstreek en Waterland ten tijde van de start van de lockdown maart 2020 sprake van een forse daling van het aantal reizigers (-85%) ten opzichte van 2019. Aan het eind van 2020 was het aantal reizigers op 39% ten opzichte van 2019. Echter, vanwege een nieuwe lockdown en de avondklok daalde het aantal reizigers begin 2020 naar 30%. De afgelopen maanden zien we echter langzaam weer een voorzichtige stijgende lijn waarbij zowel in Zaanstreek als Waterland het aantal reizigers weer op 45-50% van het normale niveau zitten. Voor 2022 is in beide concessies een vervoerplan opgesteld waarover de adviescommissie en de Reizigers Adviesraad (RAR) februari 2021 advies hebben uitgebracht. De vervoerplannen kunnen als basis gebruikt worden voor het herstelplan 2022. Naast het herstelplan worden, vanwege het einde van de lopende concessie komende december, op dit moment ook afspraken gemaakt met beide vervoerders voor de noodconcessie.
Wat gaan we daarvoor doen? Binnen de concessies zorgt de Vervoerregio voor de uitrol van Zero-Emissie-bussen en de daarbij horende laadinfrastructuur. Het regionale bestuursakkoord Zero-Emissie schetst hiervoor de benodigde kaders. De Vervoerregio treedt hier voornamelijk op als regisseur en financier. Voor de concessie Zaanstreek & Waterland maken we in 2022 verder werk van de voorbereidende werkzaamheden die nodig zijn voor het aanleggen van laadinfrastructuur.
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 15 van 49
Wat mag dat kosten? Tabel 6 Concessies | Baten & Lasten (bedragen x € 1.000) Gewijzigde begroting 2021
begroting 2022
begroting 2023
begroting 2024
begroting 2025
Amstelland Meerlanden Amsterdam (Exploitatie) Waterland Zaanstreek CVV en buurtbussen Steunbudget Voorfinanciering laadinfrastructuur concessie Zanstreek-Waterland R-net Uitvoeringskosten
47.493 19.362 22.820 14.961 125 10.000
46.093 8.697 19.820 13.161 125 -
45.537 5.857 19.820 13.161 125 -
45.537 1.017 19.820 13.161 125 -
45.537 -1.983 19.820 13.161 125 -
1.260 193
200
156
-1.400 -
-
Totaal lasten
116.214
88.096
84.656
78.260
76.660
Bijdragen derden BDU Absoluut
5.300 -
5.300 -
5.300 -
5.300 -
5.300 -
Concessies
Totaal baten
5.300
5.300
5.300
5.300
5.300
Saldo Concessies
-110.914
-82.796
-79.356
-72.960
-71.360
BEHEER EN ONDERHOUD RAILINFRASTRUCTUUR Wat willen we bereiken in 2022? De beschikbaarheid van een goede functionele en veilige infrastructuur voor metro en tram is essentieel voor het vervoer van reizigers. Over het algemeen zijn de prestaties van het tram- en metronetwerk goed waardoor dit subprogramma bijdraagt aan de beleidsdoelen zoals opgenomen in het beleidskader van de Vervoerregio. Goed beheer en onderhoud van de railinfra draagt met name bij aan de strategische doelen, van modaliteit naar mobiliteit en een prettige en veilige reis. De Vervoerregio is samen met GVB en gemeente bezig met het verbeteren van de governance van de concessie Amsterdam. Naar verwachting wordt de Vervoerregio in 2022 opdrachtgever van GVB Railinfrabedrijf voor de activiteiten voor het beheer en onderhoud van de railinfra. Dit is een andere rol dan de Vervoerregio in voorgaande jaren bekleedde. Vóór 2022 verleende de Vervoerregio namelijk subsidie aan de gemeente Amsterdam voor deze activiteiten en was de gemeente opdrachtgever van GVB. In 2022 wil de Vervoerregio groeien in deze nieuwe rol om zo de reiziger binnen het OV-systeem Amsterdam beter te kunnen bedienen.
Wat gaan we in daarvoor doen? De Vervoerregio gaat een aantal activiteiten verrichten om deze nieuwe samenwerkingsvorm te laten slagen. Kern van de nieuwe afspraken met GVB is: assetmanagement conform de internationaal erkende ISO 55.000 norm. Dit is een professionele manier van asset management gebaseerd op goede asset informatie waarbij kosten, risico's en prestaties zo goed mogelijk worden afgewogen. Op basis van deze methodiek is een heldere verdeling van rollen en taken van de verschillende organisaties binnen het beheer en onderhoud, en ook de aanleg, van infrastructuur mogelijk. Binnen dit principe vervult de Vervoerregio de rol van asset owner. De Vervoerregio zal samen met GVB gaan sturen op prestaties betreft, betrouwbaarheid, beschikbaarheid, veiligheid, duurzaamheid, betaalbaarheid, toekomstvastheid, compliance en beleving. Meer grip krijgen op deze prestaties, in combinatie met de bijbehorende kosten en risico’s, is speerpunt van de ontwikkeling in 2022. Voor de Regioraad is het verder van belang dat het beheer en onderhoud voor rekening en risico van de Vervoerregio uitgevoerd gaat worden. Dit heeft onder meer de maken met het feit dat onze rol verandert van subsidieverlener naar opdrachtgever. De Regioraad wordt in de komende kwartalen hierover verder geïnformeerd.
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 16 van 49
Wat mag dat kosten? Tabel 7 BORI/MVP | Baten & Lasten (bedragen x € 1.000) Gewijzigde begroting 2021
begroting 2022
begroting 2023
begroting 2024
begroting 2025
Beheer & Onderhoud (BORI) en Meerjaren Vervangingsprogramma (MVP)
138.496
147.011
116.855
127.228
118.596
Totaal lasten
138.496
147.011
116.855
127.228
118.596
Bijdragen derden BDU Absoluut
-
-
-
-
-
BORI/MVP
Totaal baten
-
-
-
-
-
Saldo BORI/MVP
-138.496
-147.011
-116.855
-127.228
-118.596
In het kader van de nieuwe governance wordt een tien-jaarsbudget overeengekomen met GVB Railinfrabedrijf. De bedragen zoals die tot nu toe in de meerjarenbegroting zijn opgenomen vormen hiervoor het kader. Het totaalbudget voor de komende tien jaar voor het dagelijks en meerjarenvervangingsonderhoud bedraagt circa € 1,1 miljard. Dit bedrag zal verdeeld worden over de periode 2022-2031. Uit de nieuwe beheerplannen van het GVB Railinfrabedrijf kunnen afwijkende kasritmes voortkomen. Deze zullen, waar nodig, via een begrotingswijziging aan de Regioraad ter goedkeuring worden voorgelegd. Vooralsnog zijn in de huidige begroting de bedragen opgenomen zoals die door de gemeente bij de subsidieaanvraag 2021 zijn geprognotiseerd. Hierin zijn de budgetoverhevelingen van MVP naar BORI voor wat betreft indienststellingskosten Noord/Zuidlijn en grote contracten Noord/Zuidlijn opgenomen. Voor 2022 betreft dit een raming van € 121 mln. Bovenop dit bedrag zijn twee begrotingsposten ad € 26 mln in deze begroting opgenomen: (1) een naar verwachting lagere afrekening over 2020 ad € 18 mln, die in 2021 wordt vastgesteld en daarmee een voordeel in 2021 betekent. Bij de aanvraag 2022 zal duidelijk worden welk bedrag daadwerkelijk in 2022 zal worden beschikt. (2) de technische post facturatie-onzekerheid ad € 8 mln.
Deze post facturatie-onzekerheid bedraagt 5% en wordt in de jaarlijkse beschikking opgenomen, opdat mogelijke activiteiten die in latere jaren zijn begroot, naar voren gehaald kunnen worden zonder afzonderlijk besluitvormingstraject. Indien gebruik hiervan wordt gemaakt, worden deze kosten ten laste van de begroting 2022 gebracht bij de afrekening van de kosten voor BORI/MVP over 2021. Al deze mutaties betreffen verschuivingen in het kasritme over de convenantsperiode. In het budget is nog geen rekening gehouden met eventuele gevolgen van de COVID-19 pandemie.
ACTIVA GVB Wat willen we bereiken in 2022? De reizigersaantallen in het Amsterdamse OV zijn de laatste jaren gestaag gegroeid, waardoor het OV-systeem op steeds meer plekken tegen capaciteitsgrenzen aan dreigde te lopen. Door Covid-19 is daarin een trendbreuk ontstaan. Er is sprake van krimp en het zal een flinke tijd duren voordat het aantal reizigers weer op het niveau van 2019 is. Desondanks zet de Vervoerregio de in gang gezette investeringen zoals die in de nieuwe M7-metro en de nieuwe 15G-tram voort. Dit zijn subsidies die reeds beschikt zijn en op basis waarvan GVB contracten met leveranciers heeft afgesloten. Bovendien zijn dit voertuigen die 30 jaar meegaan. Daarnaast staat er voor de komende jaren een aantal ontwikkelingen op stapel in de vorm van verbeterde en nieuwe lijnen (de reeds in gebruik genomen Amstelveenlijn en de nog aan te leggen Uithoornlijn), zijn er toekomstige woningbouwlocaties (o.a. IJburg en Havenstad) en liggen er diverse ontwikkelingen in de stad in het verschiet (autoluwe binnenstad). Ook blijft de Vervoerregio inzetten op de transitie naar elektrisch vervoer die grote impact heeft op het busvervoer: voor elektrische bussen zijn extra investeringen in materieel en laadinfrastructuur nodig.
BEGROTING 2022 EN MEERJARENRAMING 2023-2025
pagina 17 van 49
Op dit moment voorziet de Vervoerregio niet dat er behoefte is om de vloot te laten groeien, maar we zullen wel doorlopend investeringen blijven doen in vervangingen van verouderd materieel. De Vervoerregio draagt bij aan de investeringen die GVB hierin doet. Het gaat om subsidies die variëren van tientallen tot honderden miljoenen en die via kapitaallastenvergoeding (afschrijvingskosten en rente) beschikbaar worden gesteld. Deze subsidie wordt verstrekt gedurende de levensduur van de voertuigen. Bij tram en metro is dat bijvoorbeeld 30 jaar. Op deze wijze wordt de belasting op de begroting van de Vervoerregio gespreid.