Bijlage 6 - Memo in aanvulling op verkeersrapport
Tekst van het document
Toelichting Verkeersplannen PARK21 Nadere toelichting naar aanleiding van het advies Stichting Advisering Bestuursrechtspraak
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
1
C
Colofon Opdrachtgever(s) Gemeente Haarlemmermeer Titel rapport Toelichting verkeersplan PARK21 Kenmerk 017709.20240524.N1.03 Datum publicatie 31 Mei 2024 Projectteam Haarlemmermeer Jeroen de Pijper, Just Verhoeven en Lianne Brinkman Projectteam Goudappel Coffeng Martijn Stevens en Tim Bunschoten
Status Definitief Niets uit deze rapportage mag worden overgenomen zonder bronvermelding. Aan de inhoud van de rapportage kunnen © Copyright Goudappel geen rechten worden ontleend. Eventuele rechthebbenden op gebruikt beeldmateriaal dienen contact op te nemen met de uitgever.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
2
Inhoudsopgave Blz.
1.
Aanleiding
4
2.
Verkeersmodel en –netwerkeffect toegelicht
6
3.
Opgaan in heersende verkeersbeeld toegelicht
13
4.
Verkeersgeneratie evenementen toegelicht
16
5.
Capaciteit erftoegangswegen toegelicht
27
6.
De nieuwe regeling
35
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
3
1. Aanleiding Advies Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (STAB) inzake bestemmingsplan PARK21
Toelichting verkeersplan PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
4
Verkeersonderzoeken bestemmingsplan PARK21 Gemeente Haarlemmermeer werkt aan de ontwikkeling van PARK21: een park met een omvang van 1.000. PARK21 wordt een park voor mensen uit Haarlemmermeer, de regio en verder. In het algemene verkeersonderzoek ‘verkeersonderzoek PARK21’ is een eerste inzicht verkregen in de verkeerkundige consequenties van PARK21 op de omliggende infrastructuur. Dit onderzoek diende als input voor het milieu effect rapport (MER). Het MER beschrijft de milieu effecten van het masterplan en is daarmee verankert aan de regels van het bestemmingsplan. In het MER en bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt. Een van de keuzes is om de leisurelaag te reduceren ten opzichte van het oorspronkelijke Masterplan, omdat de oorspronkelijke verdeling te veel
belasting oplevert voor het beoogde landschap. De leisurelaag betreft nu 20%. In het algemene verkeersonderzoek is de verkeersgeneratie van het evenementenverkeer meegenomen. Daarbij is uitgegaan van een jaargemiddelde per dag. Oftewel alle jaarlijkse bezoekers van het terrein zijn uitgesmeerd over alle dagen van het jaar. Dit is de wettelijke aanpak voor MER berekeningen. Echter komt hiermee niet de piekbelasting in beeld wat rond een evenement plaatsvindt. Voor deze piekbelasting is voor de aanvulling op het MER een
aanvullend onderzoek evenementenverkeer gedaan op basis van een worst case evenement. In het kader van het bestemmingsplanproces heeft de Gemeente Goudappel verzocht om een aantal aspecten te verduidelijken. In voorliggende memo wordt eerst ingegaan op de overschatting van de verkeersgeneratie in het verkeersonderzoek. Daarna wordt het opgaan in het heersende verkeersbeeld nader besproken. Vervolgens wordt meer gedetailleerd ingegaan op de vragen rondom het worst case evenementenverkeer. Tot slot wordt de
erftoegangsweg, met name de Rijnlanderweg, nader toegelicht.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
5
2. Verkeersmodel ennetwerkeffect toelichting Het verkeersrapport, de effecten door gemaakte keuzes en de impact op netwerkniveau
Toelichting verkeersplan PARK21
- vrijdag 31 mei 2024
6
Programma PARK21 Algemeen verkeersonderzoek PARK21 is een organische gebiedsontwikkeling. Welke functie precies waar komt, is daarmee niet op voorhand gestuurd vanuit de ruimtelijke ordening. Het algemene verkeersrapport heeft als doel om inzicht te krijgen in de verkeerskundige consequenties van PARK21 op het omliggende wegennet. Om dit in beeld te brengen is in dit onderzoek gerekend met het gemeentelijk verkeersmodel Noord-Holland Zuid. Met behulp van het verkeersmodel is een prognose opgesteld van de verkeersintensiteiten op het netwerk in 2040, waarbij rekening wordt gehouden met alle ruimtelijke ontwikkelingen die tot dan plaatsvinden. PARK21 is daar een van de ontwikkelingen van. Het verkeersonderzoek met bijbehorende model geeft zo een voorspelling van de impact op het wegennet van alle geprognotiseerde ruimtelijke ontwikkelingen tot 2040 met als tussenmeetpunt 2030.
De uitgangspunten van PARK21 gingen uit van 1/3 openbaar park (parklaag), 1/3 polderlaag (blijvend agrarische functie) en 1/3 leisurelaag (vrijetijdsvoorzieningen). • Voor de polderlaag is het model uitgegaan van 100% blijvend agrarisch gebied. De huidige situatie is op deze manier in het model meegenomen voor het planjaar 2040 vanwege de onzekerheid rondom de invulling van de polderlaag. Het reduceren van de het agrarische gebied door de realisatie van de parklaag en leisurelaag is niet in het model opgenomen, waardoor er gerekend wordt met worst-case verkeersaantallen. Het (beperkte) verkeer van de polderlaag is daarmee overschat in het model. • Binnen de parklaag wordt de basisstructuur benoemd. Met de basisstructuur wordt minimaal invulling gegeven aan de doelstellingen achter PARK21. De basisstructuur vormt een uitnodigende basis voor een verdere doorgroei naar het eindbeeld met (private) initiatieven. Deze doorgroei kan ontstaan als de basisstructuur een aaneengesloten gebied is met voldoende kwaliteit, voorzieningen en gebruikers. Bezoekers moeten er willen en kunnen komen. Daarom kent de basisstructuur ook icoonprojecten. Icoonprojecten zijn voorzieningen die in de basisstructuur worden gerealiseerd. Belangrijke trekkers van bezoekers zijn een recreatieplas met parkhart en het gebruik van het park als evenemententerrein.
Het recreatief gebruik van de parklaag is ingeschat op ca. 500.000 bezoekers per jaar in de toelichting van het bestemmingsplan.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
7
Programma PARK21 • Om het verkeer van en naar PARK21 goed te kunnen modelleren voor de leisurelaag is gekeken naar haalbare en realistische functies die zich kunnen vestigen in PARK21. Op basis van deze realistische functies die zich kunnen vestigen in PARK21 is berekend hoeveel verkeer de functies zullen genereren. Dit is gebeurd aan de hand van de gangbare kencijfers parkeren en verkeersgeneratie voor voorzieningen van het CROW. Voor de parklaag, en de ingeschatte 500.000 bezoekers, is het parkhart als openbare functie meegenomen in de berekening van de leisurelaag. Voor het evenementenverkeer is op deze wijze ook een inschatting gemaakt. Op basis van het mogelijke programma, is een reëel kengetal gebruikt vanuit CROW 305 op basis van het maximum aantal bezoekers. Voor de modelberekeningen zijn we uitgegaan van een worst case benadering van het jaargemiddelde in deze studie (alle evenementen met maximaal aantal bezoekers en leveranciers treden op conform CROW 305). Daarmee is een realistische inschatting voor
het gebruik van het Park 21 evenemententerrein ontstaan voor het bepalen van een jaargemiddelde weekdag om te gebruiken voor de berekening van de milieu-effecten in het kader van het MER. In het rapport is tevens aangegeven dat evenementen voor extreme pieken in verkeersgeneratie zorgen tijdens evenementen, dit effect is in een nadere studie op basis van ervaringscijfers van grootschalige evenementen zoals Lowlands en Mysteryland onderzocht voor het worst case evenement. Ook hiervoor zijn reële kencijfers gebruikt vanuit CROW 305. Dit onderzoek is opgenomen in bijlage 10, aanvulling MER. Op geschetste wijze is al het verkeer op het niveau van PARK21 gemodelleerd voor het planjaar 2040. Om de maximale situatie te creëren wordt in het model
uitgegaan dat 110% van het eindbeeld wordt gerealiseerd. Er wordt daarmee een extra 10% verkeer meegenomen als worst case benadering.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
8
Aangepast programma PARK21 Toelichting strategische bijsturing MER Het algemene verkeersonderzoek met bijbehorend model diende als basis voor de te onderzoeken milieu effecten in het kader van het Milieu Effect Rapport. Het MER is als strategisch instrument gebruikt om de ontwikkeling bij te sturen waar nodig of wenselijk. Deel C van het MER richt zich hierop. In relatie tot het ‘algemene’ verkeersrapport worden twee constateringen gedaan in deel C van het MER: • Hoofdstuk 17 gaat in op de verdeling park-polder-leisure. Daarbij wordt het uitgangspunt van 1/3 leisurelaag, als basis voor het ‘algemene’ verkeersplan teruggebracht naar maximaal 1/5 leisurelaag. In het bestemmingsplan wordt de totale oppervlakte aan ontwikkelruimte voor leisure initiatieven beperkt tot
maximaal 1/5 van PARK21. • Hoofdstuk 14 gaat in op de omgang met de verkeersruimte. In het MER wordt geconcludeerd dat uit het verkeersonderzoek blijkt dat monitoring van de restruimte voor PARK21 noodzakelijk is om een goede verkeersafwikkeling in de toekomst te borgen. Deze monitoring is opgenomen in het bestemmingsplan om zo ten alle tijden grip te houden op de verkeersontwikkeling vanuit PARK21, mede in relatie tot de andere ruimtelijke ontwikkelingen buiten PARK21 zoals de woningbouw.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
9
Aangepast programma PARK21
Parkkamer: Functie:
Toelichting effect bijsturing MER op verkeersmodel Het ‘algemene’ verkeersrapport heeft een overschatting van het verkeer onderzocht. Het verkeersonderzoek en bijbehorende model gaat uit van 1/3 leisurefuncties. Planologisch is maximaal 1/5 leisurelaag mogelijk gemaakt. Naast deze overschatting is in het algemene verkeersrapport nog een extra onzekerheidsbandbreedte van 10%. De strategische keuzes vanuit het MER heeft niet geleid tot een noodzaak om het verkeermodel aan te passen. Het advies van Stichting Advisering Bestuursrechtspraak gaat niet in op de aanzienlijke overschatting van het verkeer in het verkeersrapport en bijbehorende model. Dit is wel relevant voor verschillende conclusies die de Stichting trekt. Goudappel is gevraagd de overschatting van het verkeersmodel inzichtelijk te maken en te kwantificeren. Om een indicatie van de overschatting van het verkeer te berekenen, zijn tabellen 3.20 en 3.21 uit het algemene verkeersrapport gebruikt. Hiernaast zijn de tabellen gecombineerd om een overzicht te geven van het aantal auto’s per week conform het oorspronkelijke uitgangspunt 1/3 polderlaag, 1/3 parklaag en 1/3 leisurelaag. Om een indicatie te kunnen geven van de overschatting van het verkeer, wordt het verkeer van en naar PARK21 onderverdeeld naar laag:
*)De parklaag wordt vertegenwoordigd door het parkhart als openbare trekkende functie. Het parkhart kent ca. 4891 auto’s per week op een totaal voor PARK21 van 37.767 auto’s per week (zie tabel links op de pagina). Daarmee is de parklaag 13% van het verkeer in het model dat gekoppeld is aan PARK21. De overige leisurefuncties, die de leisurelaag vertegenwoordigen zijn daarmee 87%
1 2 3 4 5 5 6 7 8 9 10 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 L3 L4 L5 L6 L7 L8 L9 L10 L11 L12 Totaal:
Gemiddelde (zie verkeersrapport) Buitensport Gemiddelde (zie verkeersrapport) Wellness Horecavoorziening Maatschappelijke vereniging Durfsport Gemiddelde (zie verkeersrapport) Gemiddelde (zie verkeersrapport) Watergebonden durfsport Watergebonden durfsport Parkhart Gemiddelde (zie verkeersrapport) Gemiddelde (zie verkeersrapport) Gemiddelde (zie verkeersrapport) Educatieve proeftuin Kenniscentrum Themapark Natuurbegraafplaats Museum Evenementenlocatie Themapark Manage Horeca Vergaderlocatie Gemiddelde (zie verkeersrapport) Gemiddelde (zie verkeersrapport) Gemiddelde (zie verkeersrapport) Gemiddelde (zie verkeersrapport) Gemiddelde (zie verkeersrapport) Gemiddelde (zie verkeersrapport) Gemiddelde (zie verkeersrapport)
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
Auto’s/ week
747 659 747 1.785 173 19 96 747 747 993 132 4.891 747 941 941 1.797 86 6.951 141 596 2.914 6.951 128 630 401 401 401 401 401 401 401 401 37.767 10
Aangepast programma PARK21 Het algemene verkeersrapport gaat uit van het oorspronkelijke idee van 1/3 leisurelaag. In de planologische kaders is de leisurelaag echter op basis van het MER gemaximaliseerd op 1/5.
In het verkeermodel wordt 87% van het verkeer door PARK21 veroorzaakt door de 1/3 leisurelaag. Dit deel van het verkeer kent een overschatting ten opzichte van de nieuwe vastgestelde uitgangspunten van maximaal 1/5 leisurelaag. Om zicht te geven op de omvang van de overschatting zijn de omslagfactoren berekend: • Het verschil tussen 1/5 leisurelaag en 1/3 leisurelaag kent een factor van 0,333 / 0,2 = 1,667. • Op het verkeer is een opslag van 10% gezet, daarmee komt de factor op: 1,667 + (0,1x1,667) = 1,833 Het model met 1/3 leisurelaag heeft een overschatting van 83% van het leisureverkeer ten opzichte van een model met 1/5 leisurelaag. Om de uitkomsten van het verkeersmodel terug te rekenen naar 1/5 leisurelaag, worden de volgende factoren berekend: • Het verschil tussen 1/3 leisurelaag en 1/5 leisurelaag kent een factor van 0,2/ 0,333 = 0,60
• Op het verkeer is een opslag van 10% gezet in het model. Die moeten we in mindering brengen: 0,6 – (0,1*0,6) = 0,54. 54% van het leisureverkeer in het model wordt veroorzaakt bij een maximale omvang van 1/5 leisurelaag. • Het leisureverkeer uit het model zal met 46% gereduceerd worden bij het uitgangspunt max. 1/5 leisurelaag. Als de verkeersintensiteiten uit het model van de leisurelaag terug willen brengen naar een leisurelaag van maximaal 1/5 moeten deze verkeersintensiteit gereduceerd worden met 46%.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
11
Voorbeeldberekening effect bijsturing MER Bevindingen toegelicht in een voorbeeld:
Kruispunt Noordelijke Randweg - Drie Merenweg:
In het verkeersmodel is het kruispunt Noordelijke Randweg – Drie Merenweg nader beschouwd. In het verkeersmodel is een totale intensiteitsplot voor 2040 en een plot met het aandeel verkeer PARK21 gegeven op basis van het oorspronkelijke uitgangspunt 1/3 leisurelaag. De uitsnedes zijn rechts boven op deze pagina weergegeven. Het aandeel verkeer vanuit PARK21 is te verdelen in een verkeerstroom vanuit de parklaag (13%) en vanuit de leisurelaag (87%). De verkeerstroom vanuit de leisurelaag wordt gereduceerd van 1/3 naar 1/5
Afbeelding: Links de verschil plot met aandeel PARK21 verkeer, rechts de totale intensiteiten in 2040 Op basis van model met 1/3 leisure: locatie
door de reductiefactor van 0,54 toe te passen.
De reductie van het verkeer wordt ook gecorrigeerd op het totaal. De berekening is hiernaast voor dit kruispunt als voorbeeld weergegeven op alle
Driemerenweg zuidelijke wegdeel
Driemerenweg noordelijke wegdeel
verbonden wegen in de tabel hiernaast. Zo ontstaat een beeld van de intensiteiten en de aanzienlijke reductie van het PARK21 verkeer bij het toepassen van de planologisch vastgestelde kaders van 1/5 leisurelaag.
Noordelijke randweg oostzijde
Op basis van maximaal 1/5 leisure:
Totaal
verkeer PARK21
% PARK21
totaal**
Parklaag Leisurelaag (87% x 0,54) (13%)
% aandeel P21*
4778
277
5,80%
4667
36
130
3,56%
4629
285
6,20%
4515
37
134
3,79%
11348
228
2,00%
11257
30
107
1,21%
10898
204
1,90%
10816
27
96
1,13%
7205
65
0,90%
7179
8
31
0,54%
7506
98
1,30%
7467
13
46
0,79%
** Het totale verkeer op basis van 1/3 leisure met in mindering het gereduceerde verkeer door het nieuwe kader van max. 1/5 leisurelaag Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
12
3. Opgaan in heersend verkeersbeeld Beschrijving van de motivatie wanneer het verkeer als opgegaan in het heersende verkeersbeeld is beschouwd.
Toelichting verkeersplan PARK21
- vrijdag 31 mei 2024
13
Effect gaat op in heersend verkeersbeeld Beschouwing opgaan in heersende verkeersbeeld De instructie gegevensinvoer van AERIUS geeft het volgende aan: Een algemeen criterium voor verkeer van en naar inrichtingen is dat de gevolgen niet meer aan de inrichting worden toegerekend wanneer het verkeer is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Dit is het geval op het moment dat het aan- en afvoerende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg kan bevinden. Hierbij weegt ook mee hoe de verhouding is tussen de hoeveelheid verkeer dat door de voorgenomen ontwikkeling wordt aangetrokken en het reeds op de weg aanwezige verkeer. In de regel wordt het verkeer meegenomen tot het zich verdund heeft tot enkele procenten van het totale aanwezige verkeer. Op basis van de voorgenoemde criteria, veronderstellen wij dat het verkeer is opgegaan op een rotonde en /of kruispunt van enig formaat of na enkele honderden meters op een weg van enig formaat. Op dat moment en daarna rijden alle voertuigen een gelijke snelheid. Na dit punt is het verkeer vanaf PARK21 qua rij- en stopgedrag niet meer te onderscheiden van het overige verkeer. Deze redenatie heeft geleidt tot de ‘netwerkinvoer’ in AERIUS zoals hiernaast weergegeven op het linkerdeel van de pagina.
Naast deze criteria is ook de verdunning tot enkele procenten van het totale aanwezige verkeer relevant. Voor de AERIUS invoer is conform de instructie het verkeer meegenomen tot de grotere kruispunten waarna het verkeer qua snelheid en rij- en stopgedrag niet meer te onderscheiden is van het overige verkeer. Ook is aan de randen van het ingevoerde netwerk inzichtelijk gemaakt via de modelplots dat het verkeer ook opgaat in heersende verkeersbeeld als enkele percentage van
totale verkeer of door het absoluut aantal auto’s dat zeer beperkt is (in totaal en aandeel PARK21). Dit laatste aspect is inzichtelijk gemaakt op de volgende pagina.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
14
Bijdrage randen In de tabel hiernaast is voor de kruispunten aan de
Verkeer op maatgevende tak (mvt/etm)
randen van het onderzochte netwerk de verkeerstoename op de maatgevende kruispunttakken en wegvakken weergegeven. In de kolom ‘% effect
Kruispunt
maatgevende tak
Noordelijke Randweg - Drie Merenweg:
N205 Zuid
Bennebroekerweg - Drie Merenweg:
N205 Zuid
Aansluiting A4:
A4
Rotonde Operaweg -Noordelijke Randweg
N Randweg Oost
Rotonde Noordelijke Randweg - Spoorlaan
Spoorlaan Zuid
Spoorlaan - Venneperweg
Venneperweg Oost
Venneperweg - Rijnlanderweg
Rijnlandweg Zuid
N207 vlak voor A44
N207
PARK21’ is de procentuele toename weergegeven als gevolg van de Parklaag en Leisurelaag. Hieruit blijkt dat voor bijna alle beschouwde punten in het netwerk de
bijdrage beperkt wordt tot enkele procenten, waarmee deze toenames opgaan in het heersende verkeersbeeld. Deze delen van het netwerk scoren dan ook ‘groen’. Voor de Rijnlandweg is de toename hiervoor procentueel te groot (gemiddeld groter dan 20% op RijnlandwegZuid), en scoort daarom oranje. Echter is dit relatief grote
procentuele effect het gevolg van de geringe totale verkeersomvang op dit deel van de Rijnlandweg (zonder uit te gaan van het park. Ondanks de hoge relatieve toename neemt de intensiteit hier zeer licht toe door PARK21 met enkele honderden motorvoertuigen op
Parklaag
Leisurelaag
Totaal
% effect PARK21
vertrekkend
36
130
4667
3,6%
aankomend
37
134
4515
3,8%
vertrekkend
30
107
11257
1,2%
aankomend
27
96
10816
1,1%
A4 ri. Zuid
286
1034
43217
3,1%
A4 ri. Noord
272
982
43362
2,9%
aankomend
57
207
7051
3,8%
vertrekkend
53
192
7479
3,3%
vertrekkend
45
164
8044
2,6%
aankomend
66
237
8103
3,7%
aankomend
67
241
5581
5,5%
vertrekkend
47
168
5492
3,9%
vertrekkend
36
129
996
16,6%
aankomend
73
263
1265
26,6%
N207 ri. West
60
218
20045
1,4%
N207 ri. Oost
63
227
20383
1,4%
etmaalbasis. Gezien het beperkte absolute effect gaat ook op dit wegvak het effect op in het heersend verkeersbeeld.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
15
4. Verkeersgeneratie evenementen toegelicht Bevindingen uit advies Stichting Advisering Bestuursrechtspraak inzake Evenementenverkeer onderschatting
Toelichting verkeersplan PARK21
- vrijdag 31 mei 2024
16
Inleiding en bevindingen STAB Maatgevende verkeersgeneratie evenementen In Park 21 wordt een evenemententerrein gerealiseerd. Op dit terrein zijn meerdaagse festivals, maar ook kleine concerten mogelijk. Het terrein komt te liggen in het gebied tussen de spoorbaan en de Rijnlanderweg. Grote delen van het jaar is het een regulier park, een beperkt aantal keer per jaar zijn evenementen mogelijk. In de verkeersgeneratie van het MER is het evenementenverkeer meegenomen in de
berekeningen, daarbij is uitgegaan van een jaargemiddelde per dag. Echter komt hiermee niet de piekbelasting in beeld wat rond een evenement plaatsvindt. Het onderzoek naar de piekbelasting bij een worstcase evenement is opgenomen in de aanvulling bij het MER. STAB merkt in zijn advies op dat in het indicatieve verkeersplan met een foutieve maatgevende verkeersgeneratie voor meerdaagse festivals rekent.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
17
Verkeersgeneratie evenementen Evenementenverkeer in het algemene verkeersonderzoek STAB komt in hun advies tot een maatgevende verkeersgeneratie van 22.124 mvt /jr voor een meerdaags festival. In totaal gaat het dan om 44.248 vervoersbewegingen voor bezoekers van het festival. Alle vervoersbewegingen rondom evenementen gezamenlijk leiden tot een verkeersgeneratie van 167.808 mvt/ jr en inclusief afwijkingsmogelijkheden tot 185.170
mvt/jr. Dit wijkt af van de in het algemene verkeersonderzoek PARK21 berekende 151.880 mvt/jr. STAB constateert een afwijking tussen het algemene verkeersonderzoek en het indicatieve verkeersonderzoek naar evenementen. Beide dienen, zoals door STAB erkent, een ander doel. In het algemene verkeersonderzoek is een worst case benadering gehanteerd voor het evenemententerrein, terwijl voor het indicatieve verkeeronderzoek een worst case evenement is beschouwd. In het algemene verkeersonderzoek is conform de CROW uitgegaan van 151.880 mvt/jaar. Als worst case benadering wordt daar nog 10% extra verkeer
meegenomen. Voor het evenemententerrein zit daarmee in het algemene verkeersonderzoek een verkeersgeneratie van 151.880 x 1,1 = 167.268,35 motorvoertuigen/ jaar. De herberekende verkeersgeneratie door STAB op basis van het indicatieve verkeersonderzoek naar evenementen komt uit op 167.808 motorvoertuigen/ jaar (zonder de ruimte die geboden is in de afwijkingsmogelijkheden). De basis van het evenemententerrein is daarmee in beide onderzoek gelijkwaardig meegenomen.
Eerder in deze memo hebben we reeds toegelicht dat het algemene verkeeronderzoek met bijbehorende verkeermodel een aanzienlijke overschatting kent. In het algemene verkeersonderzoek is sprake van een overschatting van het verkeer, ook als de afwijkingsmogelijkheden worden beschouwd.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
18
Verkeersgeneratie evenementen Verkeersonderzoek evenementen met indicatief verkeersplan evenementen STAB heeft geconstateerd dat de verkeersgeneratie in de stikstofberekeningen voor het evenemententerrein zijn onderschat. STAB geeft aan dat voor een meerdaags festival er uitgaan zou moeten worden van 44.248 motorvoertuigbewegingen bij 22.124 motorvoertuigen. Bij de drie meerdaagse festivals leidt dit tot 132.744 motorvoertuigbewegingen van het bezoekende autoverkeer .
STAB constateert dat ook het leveranciersverkeer beschreven is als motorvoertuigen en verdubbeld moet worden om te komen tot motorvoertuigbewegingen. In plaats van 59.000 motorvoertuigbewegingen is er sprake van 118.000 motorvoertuigbewegingen bij 59.000 motorvoertuigen (inclusief de 19.730 vervoersbewegingen voor het personeel/ werkverkeer tijdens de evenementen). In totaal leidt dit tot 352.882 motorvoertuigbewegingen. STAB constateert dat de opgenomen afwijkingsmogelijkheden daarbij niet zijn meegerekend. Als die betrokken worden groeit het aantal motorvoertuigbewegingen tot 387.606. In de stikstofberekeningen is rekening gehouden met 211.238 voertuigbewegingen. In navolgende paragraaf wordt het verkeer nader bekeken aan de hand van de bevindingen van STAB.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
19
Verkeersgeneratie evenementen Indicatief verkeersonderzoek en AERIUS Het indicatieve verkeersonderzoek geeft de aantallen motorvoertuigen bij een meerdaags evenement voor de volgende 4 scenario’s:
In de tabel rechtsboven zijn de aantallen motorvoertuigen weergegeven bij de meerdaagse evenementen. Voor meerdaagse evenementen zijn deze aantallen motorvoertuigen verduidelijkt met een in- en uitstroom in het onderste figuur. De conclusie van STAB dat het aantal voertuigbewegingen bij een worst case evenement
gelijk is aan 44.200 (44.248) wordt onderschreven. Binnen het verkeersmodel ronden we berekende voertuigbewegingen af op honderdtallen.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
20
Verkeersgeneratie evenementen Binnen het bestemmingsplan zijn verschillende evenementen mogelijk gemaakt. In het totaal overzicht levert dit de aantallen motorvoertuigbewegingen op zoals in het figuur rechts boven aangegeven. Voor evenementenverkeer moet rekening worden gehouden met 214.700 voertuigbewegingen per jaar. STAB komt op 215.152. Binnen het verkeersmodel en verkeersonderzoek is het gebruikelijk af te
ronden op honderdtallen. Daardoor ontstaat het geringe verschil. Als de afwijkingsmogelijkheden worden meegenomen, eerder door Goudappel op expert judgement beschouwd voor de verkeersafwikking, dan ontstaan er 249.300 vervoersbewegingen.
Afbeelding: voertuigbewegingen
Afbeelding: voertuigbewegingen inclusief afwijkingsmogelijkheden Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
21
Verkeersgeneratie evenementen Pendelbussen OV Voor de inschatting van de aantallen pendelbussen is in het indicatieve verkeersonderzoek een berekening gemaakt. De tabel rechts op de pagina geeft het aantal benodigde bussen per scenario weer, zonder dat hier de pendelbussen zijn meegenomen vanaf de auto parkeerlocaties.
De tabel is verder gedetailleerd per evenementendag. Dit levert onderstaande tabel op. Het totaal aantal pendelbussen komt dan op 1246.
*uitstroom is gelijk aan de maximale instroom. ** scenario 3 is maatgevend voor aantal autobewegingen. Daarmee vraagt deze ook de meeste pendelbussen voor parkeren
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
22
Verkeersgeneratie evenementen toegelicht Evenement:
Totaal pendeldienst
Aantal busvoertuigbewegingen:
Aantal evenementen per jaar:
Totaal busvoertuigbeweging en per jaar
bezoekers naar het evenemententerrein om vervolgens leeg terug te rijden
Meerdaags
716
1432
3
4.296
om de volgende bezoekers op te halen. Daarmee het aantal
Eendaags
458
916
2
1.832
voertuigbewegingen voor de pendelbus voor de instroom dubbel en voor
Concert
48
96
4
384
Klein concert
24
48
3
144
De pendeldienst rijdt met bussen van de station naar de evenementenlocatie en weer terug. Bij de instroom rijdt de bus met
de uitstroom ook. De uitkomsten zijn weergegeven in de tabel rechts.
De pendeldienst tussen Evenementen- en parkeerterrein Bezoekers die komen met de auto, en op een grotere afstand dan 2,5
Totaal: Evenement:
kilometer parkeren, kunnen over het algemeen gebruik maken van een
6.656 Beschikbaar binnen 2,5km
Bron:
pendeldienst. De pendeldienst van bussen naar de parkeerplaats is
Veld 1C
27.000 m2
Pag. 41 bijlage bij aanvulling MER
gebaseerd op het aantal bezoekers per auto. aangenomen is dat
Veld 1D
64.800 m2
Pag. 41 bijlage bij aanvulling MER
gemiddeld 55 bezoekers per bus vervoerd kunnen worden. Als worst case
Veld 1E
100.000 m2
Pag. 41 bijlage bij aanvulling MER
wordt uitgegaan van een bezetting van 2,7 personen per auto (behorend
Totaal:
191.800 m2
bij maatgevende scenario).
Evenement:
Een pendeldienst tussen de parkeerplaats en de evenementenlocatie is
Meerdaags
736.700 m2
Camping 270.000+ fiets 8.700+ brommer 4.000+ auto 454.000
nodig bij een afstand van meer dan 2,5km. Daarom is het goed om te
Eendaags
218.694 m2
Pag. 34 bijlage bij aanvulling MER
kijken naar het noodzakelijke ‘ruimte gebruik’ per type evenement en de
Concert
146.551 m2
Pag. 35 bijlage bij aanvulling MER
‘geboden ruimte’ binnen de 2,5 kilometer. Binnen de 2,5 kilometer liggen
Klein concert
73.276 m2
De helft van een groot concert aangenomen
de ‘velden’ 1C, 1 en 1E (en als reservelocatie 4B) die ruimte bieden aan voorzieningen zoals parkeren.
Noodzakelijke ruimte:
Bron:
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
23
Verkeersgeneratie evenementen toegelicht Voor het pendelen tussen de parkeerplaats en de locatie wordt rekening gehouden met 22.100 + 815 = 22.915 auto’s. Er wordt hier gerekend met 815 auto’s die niet op loopafstand geparkeerd kunnen worden Evenement: bij eendaagse evenementen. Dit is gebaseerd op de benodigde ruimte voor eendaagse evenementen die de beschikbare ruimte binnen loopafstand overschrijdt waardoor er 26.892 m2 nodig is voor parkeren buiten loopafstand. Met 33 m2 per auto aan benodigde parkeerruimte komen we uit op 815 auto’s. Er is als bovengrens een bezetting van 2,7 personen per auto opgenomen in het indicatieve
verkeersonderzoek voor daggasten van evenementen. We gaan daarom uit van een bezetting van 2,7
Meerdaags Eendaags Totaal:
Totaal pendeldienst
1085x2= 2.170 40x2= 80
Aantal busvoertuigbewegingen:
Aantal evenementen per jaar:
Totaal busvoertuigbewegingen per jaar
4340
3
13.020
160
2
320 13.340
personen per auto.* Daarnaast gaan we uit van een bezetting van 55 bezoekers per bus. •
Meerdaags: 22.100 * 2,7 = 59.670 bezoekers, gedeeld door 55 levert 1085 pendelbussen tussen parkeren en evenemententerrein, want alle auto’s buiten loopafstand.
•
Eendaags: 815 * 2,7 = 2.200 bezoekers, gedeeld door 55 levert 40 pendelbussen tussen parkeren en evenemententerrein, want 815 auto’s parkeren buiten loopafstand.
Net als met de pendeldienst van het OV maakt het aantal bussen 4 bewegingen. In de tabel hiernaast leidt dat tot volgende totaal aan busbewegingen voor de pendeldienst naar de parkeerplaatsen.
Samenvattend voor alle pendelbussen: •
Pendelbusbewegingen tussen OV en locatie bedraagt: 6.656
•
Pendelbusbewegingen tussen parkeerplaats en locatie bedraagt: 13.340
Het totaal voor alle evenementen wordt daarmee 19.996 heen en weer bewegingen met bussen per jaar. Eerder waren deze aantallen onderschat in de verkeersberekening.
*) Deze getallen zijn afgeleid van pagina 9 van de bijlage bij de aanvulling MER.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
24
Verkeersgeneratie evenementen toegelicht Leveranciersverkeer: Goudappel onderschrijft de conclusie in het advies van STAB dat het leveranciersverkeer beschreven is als motorvoertuigen en verdubbeld moet worden om te komen tot motorvoertuigbewegingen. Er is sprake van 118.000 motorvoertuigbewegingen bij 59.000 motorvoertuigen (inclusief de
vervoersbewegingen voor het personeel/ werkverkeer tijdens de evenementen). Uitgangspunt voor leveranciersverkeer is Mysteryland 2019 geweest. Een driedaags festival met 55.000 bezoekers per dag. Dit is een worst case benadering van het leveranciersverkeer. Verwachte verkeersgeneratie door leveranciers zal lager liggen (zoals gebleken is uit andere referentie-evenementen van Mojo/ ID&T). Op basis van de andere referentie-evenementen is de verdeling tussen licht, middel en zwaar verkeer als volgt ingeschat: Licht verkeer:
70%
Middel verkeer :
12%
Zwaar verkeer:
18%
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
25
Verkeersgeneratie evenementen toegelicht Conclusies Voor de stikstofberekeningen bij worst case evenementen dienen de verkeersgegevens te worden gehanteerd zoals hiernaast weergegeven in de tabellen. Op pagina 19 is reeds aangehaald dat in de bevindingen van STAB op een totaal aantal van
352.882 mvt wordt uitgekomen, zonder afwijkingsmogelijkheden. Volgens onze berekeningen komen we met de aantallen zoals hiernaast weergegeven in de tabellen uit op een totaal van 214.700 + 6.656 + 13.340 + 118.000 = 352.696 mvt. Hiermee zijn de resultaten nagenoeg gelijk met een verwaarloosbaar verschil van ca. 0,05%.
Leveranciersverkeer Meerdaags Eendaags Concert Klein concert Totaal:
motorvoertuigen 33.000 11.000 11.000 4.0000 59.000
voertuigbewegingen 66.000 22.000 22.000 4.000 118.000
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
26
5. Capaciteit erftoegangswegen toegelicht Capaciteit erftoegangswegen nader belicht
Toelichting verkeersplan PARK21
- vrijdag 31 mei 2024
27
Capaciteit erftoegangswegen toegelicht Bevindingen STAB Er zijn vragen gesteld rondom de capaciteit Rijnlanderweg als erftoegangsweg. Er wordt daarbij verwezen naar de tabel 6.4 van de CROW 328. De tabel geeft de relatie aan tussen bermschade en intensiteiten. In CROW 328 staat in paragraaf 6.5.1, waar tabel 6.4 onderdeel van is, de volgende toelichting: •
In de praktijk kennen erftoegangswegen in Nederland een verscheidenheid aan verschijningsvormen. Erftoegangswegen type 2 zijn smalle plattelandsweggetjes die hoofdzakelijk dienen om enkele landbouwgronden te ontsluiten. Erftoegangswegen type 1 ontsluiten relatief grote gebieden, bijvoorbeeld een kern of een bedrijventerrein. De typen verschillen duidelijk qua allure en functie (gebruik). In de praktijk variëren de verkeersintensiteiten van enkele honderden voertuigen tot 5.000 à 6.000 voertuigen per dag. Bij een hoge intensiteit is vaak sprake van een (gemeentelijke) verbindingsweg tussen woonkernen.
De CROW 328 stelt ook het volgende:
•
Naar de relatie tussen verhardingsbreedte en intensiteit is slechts beperkt onderzoek gedaan. In tabel 6.4 staan enkele indicatieve intensiteitsgrenzen.
Beschrijving van intensiteiten tot 6.000 voertuigen per dag (hoge intensiteiten) gebeurt vaak als er sprake is van verbindingswegen tussen woonkernen. De Rijnlanderweg vervult zo’n functie tussen Nieuw Vennep en Hoofddorp, alsmede is het een bekende route als alternatief voor de A4. Hoge intensiteiten zijn daarmee niet onlogisch op dit wegvak.
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
28
Capaciteit erftoegangswegen toegelicht Erftoegangsweg Rijnlanderweg in beeld De erftoegangsweg Rijnlanderweg voldoet aan hetgeen gesteld is in CROW 328. De feitelijke situatie buiten is als volgt gemeten (zie afbeelding op navolgende pagina): Totale breedte: Asfaltbreedte: Grastegel oost: Grastegel west: Locatie 1 ter hoogte van 1185:
5,85
4,60
0,4
0,8
Locatie 2 ter hoogte van 1239-A
6,05
4,80
0,4
0,8
Locatie 3 ter hoogte van 1265.
6,00
4,70
0,4
0,8
Gemiddelde:
5,95m
4,70
0,4
0,8
De weg is geschikt voor hoge intensiteit en om bermschade te voorkomen is er gemiddeld 5,95 meter verharding aanwezig op de Rijnlanderweg. Daarmee is de weg ingericht conform het handboek: een brede verharding, zonder dat de indruk van twee rijstroken wordt gewekt. Dit beeld wijkt af van het beeld dat STAB schetst als bestaande situatie in het rapport in 2.3.1.
Conclusies en bevindingen toegelicht Samenvattend concluderen we dat de Rijnlanderweg ingericht is als een erftoegangsweg voor hoge intensiteiten. Dit los van het aspect dat wegen niet gedimensioneerd worden op evenementenverkeer. Dit zou leiden tot een over dimensionering in de reguliere spits en juist een onveiliger wegbeeld welke af wijkt van CROW 328. Bij evenementen worden veelal specifieke maatregelen voorgeschreven om verkeersproblemen te voorkomen op de piekmomenten. Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
29
Capaciteit erftoegangswegen toegelicht
Afbeelding: foto’s van meeting Rijnlanderweg ter hoogte van locatie Park Evenemententerrein
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
30
Capaciteit erftoegangswegen toegelicht Onderbouwing capaciteit De capaciteit van het netwerk kan worden bepaald door verschillende aspecten van het netwerk. Bij capaciteit spreken we vaak van 'hoeveel auto's er zijn af te wikkelen per tijdseenheid'. In dit geval gaat het om verkeersafwikkeling. De afwikkelcapaciteit van een netwerk wordt in stedelijke omgevingen voornamelijk bepaald door de kruispunten. Op rijkswegen wordt de afwikkelcapaciteit bepaald door bijvoorbeeld het aantal rijstroken en het aantal discontinuïteiten in de vormgeving van de weg. Op wegvakniveau kan de capaciteit van een weg daarnaast ook worden bepaald door inrichtingskenmerken. Hierbij spreken we eerder over 'maximaal wenselijke capaciteit' en niet over afwikkelcapaciteit. De maximaal wenselijke capaciteit kan bijvoorbeeld worden gegeven door grenzen aan de verkeersaantallen opgelegd vanuit verkeersveiligheid, leefbaarheid, natuur (bermschade) en omgevingshinder (trillingen). Afhankelijk van de inrichting en functie van de weg kunnen verschillende aspecten een maatgevende rol spelen. Bij smalle profielen is het aannemelijk dat bermschade een van de maatgevende aspecten is. Voor wegvakken is het dus zaak dat de functie en de inrichting van de weg in lijn zijn met het gebruik. In andere woorden, de intensiteit op de weg dient onder de maximaal wenselijke intensiteit te blijven.
Tijdelijke maatregelen bij evenementen De capaciteit van een weg kan aanzienlijk worden vergroot bij een evenement door tijdelijke maatregelen te plaatsen, bijvoorbeeld verkeersregelaars op de kruispunten, tijdelijke éénrichtingsverkeer in te stellen of een weg volledig uit het reguliere verkeer te halen en sec te gebruiken voor het evenement. De capaciteit van de wegvakken in ‘normaal’ verkeer conform de gangbare vuistregels in de verkeerskunde is weergegeven in de tabel op navolgende pagina. Daarnaast is ook de maximale capaciteit weergegeven bij evenementen (door verkeersmaatregelen, met als extreemste variant de weg tijdelijk af te sluiten voor regulier verkeer (en dat om te leiden), zoals gebeurt bij Mysteryland op de Drie Merenweg ter hoogte van het Haarlemmermeerse Bos). De ontvlechtingsroutes zijn indicatief aangenomen en bepaald. Daarbij is gekeken naar een goede ontvlechting en beperking van de (om)rijkilometers. De ‘ontvlechting’ is daarbij ook op hoofdlijn afgestemd op grote van de indicatieve parkeervelden en de capaciteit, al dan niet met verkeersmaatregelen, van de routes. In praktijk is het aan de organisator van de evenementen om aan te tonen hoe met het verkeer wordt omgegaan binnen de evenementenvergunning. Uit berekeningen blijkt dat de Rijnlanderweg met de huidige breedte de verkeersaantallen aan kan.
Hierbij zijn pieksituaties rondom evenementen niet meegerekend. Tijdelijke verkeersmaatregelen kunnen ervoor zorgen dat de maximaal wenselijke intensiteit tijdens evenementen tijdelijk verhoogt wordt. Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
31
Ontvlechtingsroutes evenementen Ontvlechtingsroutes doelgroepen bij evenementen Door het evenementenverkeer zoveel mogelijk te ontvlechten van regulier verkeer, kan het verkeerseffect worden beperkt. Voor de verschillende type doelgroepen verkeer is daarom gekeken naar ontvlechtingsroutes. Deze staan in de figuur hiernaast weergegeven. Elke kleur bedient een andere route. In onderstaande tabel zijn de doelgroepen verkeer voor evenementen op basis van de verwachte herkomst toebedeeld aan de ontvlechtingsroutes.
Herkomst/bestemming Kleur
A4 Noord VIP
N201/N205
N208
A4 Zuid VIP
A4 Noord
A4 noord2
A4 zuid3
A4 noord4
paars
oranje
groen
rood
geel
bruin
zwart
roze
Leveranciers
100%
Meerdaags festival*
10%
5%
5%
10%
10%
25%
35%
Eendaags festival*
10%
5%
5%
10%
10%
25%
35%
Grote concerten**
70%
10%
10%
10%
0%
0%
0%
Kleine concerten**
70%
10%
10%
10%
0%
0%
0% Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
32
Verkeer op ontvlechtingsroutes Vertaling naar verkeersaantallen Met behulp van de percentages uit de vorige pagina en de totale verkeersgeneratie is een vertaling gemaakt naar bijdrage in aantallen verkeersbewegingen op de ontvlechtingsroutes. Dit is uitgesplitst naar type evenement en tevens is een totaalrij toegevoegd om het totaalaantal verkeersbewegingen op de routes als gevolg van evenementen in beeld te brengen.
Herkomst/bestemming
A4 Noord VIP
N201/N205
N208
A4 Zuid VIP
A4 Noord
A4 noord2
A4 zuid3
paars
oranje
groen
rood
geel
bruin
zwart
Werkverkeer
0
0
0
0
0
0
0
Leveranciers
0
0
0
0
0
0
0
Meerdaags festival*
4425
2212
2212
4425
4425
11062
15487
Eendaags festival*
3489
1744
1744
3489
3489
8722
12211
Grote concerten**
12096
1728
1728
1728
0
0
0
Kleine concerten**
9072
1296
1296
1296
0
0
0
Totaal mvt per route
29082
6981
6981
10938
7914
19784
27698
Kleur
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
33
Toets aan restcapaciteit Restruimte op netwerk Allereerst hebben we de te verwachten verkeersaantallen op de ontvlechtingsroutes omgerekend naar motorvoertuigbewegingen per uur in de volgende stappen: • Verkeersaantallen van de vorige pagina hebben omgerekend naar verkeer per dag door te delen door het aantal evenementen per jaar volgens de nieuwe regeling (verder uitgesplitst op pagina 37). • Vervolgens hebben we de etmaalintensiteiten omgerekend naar maatgevende piekbelasting door voor festivals te vermenigvuldigen met 13,4% en voor concerten met 25%. • Voor de ontvlechtingsroutes is vervolgens bepaald wat de beschikbare restcapaciteit is uitgedrukt is verkeersaantallen. Dit is verder toegelicht in het aanvullende verkeersonderzoek evenementenverkeer. • Door de verkeersaantallen af te zetten tegen de beschikbare restcapaciteit is in beeld gebracht waar de aandachtspunten bij een evenementvergunning zich bevinden in het netwerk. Conclusie: Op de route A4 Noord VIP (paars), de Nieuwe Bennebroekerweg (geel, bruin) en de Noordelijke Randweg (zwart) bevinden zich aandachtspunten bij vergunning voor evenementen omdat de verkeersbijdrage als gevolg van evenementen de restcapaciteit benadert of overschrijdt. Uit de vergunningen voor de evenementen moet blijken welke specifieke maatregelen op kruispunten nodig zijn.
Met deze maatregelen kan de restcapaciteit plaatslijk worden verhoogd waardoor de verkeersaantallen binnen de restcapaciteit vallen en hier geen problemen ontstaan.
Evenement
maatgevend moment
A4 Noord piek VIP aandeel evenepaars menten
N201/ N205
N208
A4 Zuid VIP
A4 Noord
A4 noord2
A4 zuid3
oranje
groen
rood
geel
bruin
zwart
Meerdaags festival*
weekend middag
13,4%
593
296
296
593
593
1482
2075
Eendaags festival*
weekend middag
13,4%
234
117
117
234
234
584
818
Restcapaciteit (mvt/uur)
weekend middag
1510
940
1290
1510
500
500
1080
25%
1512
216
216
216
0
0
0
25%
756
108
108
108
0
0
0
1550
960
1330
1550
810
810
1120
Grote concerten** rand spits werkdag Kleine concerten** Restcapaciteit (mvt/uur)
rand spits werkdag rand spits werkdag
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
34
6. Nieuwe regeling Naar aanleiding van het advies van STAB is de regeling aangepast. Dit geeft een ander verkeersbeeld.
Toelichting verkeersplan PARK21
- vrijdag 31 mei 2024
35
Nieuwe regeling Evenementenverkeer gereduceerd 2
In de nieuwe regeling is het aantal meerdaagse festivals gereduceerd tot 1 per jaar. Daarnaast zijn grote concerten gereduceerd naar 2 per jaar. Tot slot is de afwijkingsmogelijkheid om meer bezoekers toe te staan, verwijderd. Bij deze nieuwe regeling hoort het volgende verkeersbeeld:
1
Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
36
Nieuwe regeling De nieuwe regeling leidt tot de volgende voertuigbewegingen: 109.100 voor bezoekers + 63.000 voor leveranciers De nieuwe regeling leidt tot de volgende busbewegingen: 3.504 vanaf OV + 4.660 vanaf P-plaatsen
= 172.100 motorvoertuigbewegingen. = 8.164 busbewegingen.
Totaal:
= 180.264 voertuigbewegingen per jaar
Evenement:
Aantal busvoertuigbewegingen:
Aantal evenementen per jaar:
Totaal busvoertuigbewegingen per jaar
Bezoekersverkeer
Voertuigbeweging en per evenement*
Aantal evenementen per jaar
Totaal voertuigbewegingen per jaar
Meerdaags
1432
1
1.432
Meerdaags
44.200
1
44.200
Eendaags
916
2
1.832
Eendaags
17.400
2
34.800
Concert
96
2
192
Concert
8.600
2
17.200
Klein concert
48
3
144
Klein concert
4.300
3
12.900
3.600
Totaal:
OV pendelbus
Totaal:
109.100
Getallen worden afgerond op honderdtallen per evenement. Parkeer pendelbus
Aantal busvoertuigbewegingen:
Aantal evenementen per jaar:
Totaal busvoertuigbewegingen per jaar
Leveranciersverkeer Meerdaags Eendaags Concert Klein concert Totaal:
motorvoertuigen voertuigbewegingen 11.000 22.000 11.000 22.000 5.500 11.000 4.000 8.000 31.500 63.000
Evenement: Meerdaags 4340 1 4.340 Eendaags 160 2 320 Totaal: 4.660 *) Per evenement is een verkeersplan nodig voor de evenementenvergunning. Daarin worden te nemen maatregelen en borging van de doorstroming van het overige verkeer in uitgewerkt als incidentele verkeersgebeurtenis (max. 12 dagen per jaar). Het evenemententerrein is vanuit verkeer als ruimtelijk aanvaardbaar beoordeeld in het kader van het bestemmingsplan en het bijbehorende milieu effect rapport. Toelichting verkeersplannen PARK21 - vrijdag 31 mei 2024
37
MOBILITEIT BEWEEGT ONS