Bijlage 3 - Voorlopig Ontwerp Park-Evenemententerrein
Tekst van het document
Landschapsontwerp Locatie park/ evenemententerrein PARK21 Haarlemmermeer 25 april 2024
colofon
projectnaam Landschapsontwerp Locatie park/ evenemententerrein PARK21 Haarlemmermeer datum 25 april 2024 projectnummer P05913 opdrachtgever Gemeente Haarlemmermeer BRO projectleider RT projectteam IB, JC en TN bron kaft BRO vrijgave: RT Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel +31 (0)411 850 400 info@bro.nl www.bro.nl
Inhoudsopgave 1
Inleiding
4
2
Locatie en context
6
3
Voorlopig Ontwerp
9
1.1 1.2 1.3 1.4
2.1 2.2 2.3
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7
Aanleiding en achtergrond Doel en opgave Ontwerpvoorwaarden en resultaat Aanpak en proces
Huidige situatie plangebied Masterplan PARK21 Schetsontwerp
Opbouw reliëf Watersysteem Beplanting Infrastructuur Evenementen Ontwerpopgaven/ nadere onderzoeken Geraadpleegde bronnen
4 4 4 5
6 7 8
13 15 18 22 24 28 29
Bijlage 1 - Landschapsontwerp - plankaart Bijlage 2 - Landschapsontwerp - dwarsprofielen Bijlage 3 - 3D visualisatie
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
3
1
Inleiding
1.1
Aanleiding en achtergrond
PARK21 is een gebied van circa 1000 hectare, gelegen tussen de kernen Hoofddorp en Nieuw-Vennep in de gemeente Haarlemmermeer. De gronden worden de komende jaren getransformeerd tot een grootschalig groen- en recreatiegebied.
bestemmingsplan en MER PARK21 die in april 2023 zijn vastgesteld door de gemeenteraad. Om de locatie te kunnen omvormen is een landschapsontwerp nodig. Al in 2008 zijn de eerste ideeën voor PARK21 en deze locatie uitgewerkt. Hierin zou de locatie omgevormd worden tot een evenemententerrein met een imposante zichtheuvel (circa 18 meter hoog) en een wandel-fietsviaduct over de Kagertocht, spoorlijn en de Spoorlaan.
In PARK21 ligt de locatie park/ evenemententerrein, een voormalig baggerdepot van ca. 26 hectare. Binnen PARK21 wordt het terrein getransformeerd tot park, dat ook gebruikt kan worden als (grootschalig) evenemententerrein. Deze ontwikkeling is mogelijk gemaakt door het
Door vertraging in de planologische procedure voor heel PARK21 is de transformatie van de locatie park/evenemententerrein eveneens vertraagd. Nu het bestemmingsplan is vastgesteld, willen alle betrokken partijen de plannen concreet gaan uitwerken.
PARK21 - Masterplan
1.2
Doel en opgave
De gemeente Haarlemmermeer heeft als doel het opstellen van een landschapsontwerp voor de locatie park/evenemententerrein, waarbij: • Het ruimtelijk ontwerp met en zonder evenementenfunctie gelijk is. • Alle aanwezige (geschikt bevonden en gerijpte) baggerspecie is verwerkt in een grootschalige bodemtoepassing (GBT) als onderdeel van het ontwerp. • Bij het opstellen van het landschapsontwerp dient gebruik te worden gemaakt van de eerder opgestelde ontwerpen. Dit betreffen het ‘Basisinrichtingsplan gronddepot MeerGrond’ uit 2012 en ‘Evenemententerrein MeerGrond (2021), beide van Vista landschapsarchitecten. • Het landschapsontwerp moet inzicht geven in de onderzoeken die in de DO-fase uitgevoerd moeten worden. Het resultaat is een schetsontwerp (SO) gevolgd door een voorlopig ontwerp (VO) voor de locatie park/ evenemententerrein. Het landschapsontwerp is tot stand gekomen in samenwerking met het gemeentelijk projectteam, MeerGrond en is afgestemd met de omgeving en de supervisor van PARK21.
HOOFDDORP
1.3
Ontwerpvoorwaarden en resultaat
R IJ N L A N D E R W E G
SPOORLAAN
HOOFDWEG
IJ W E G
Het landschapsontwerp houdt in beginsel rekening met de uitgangspunten vanuit het Masterplan PARK21 en de actualisatie daarvan (2021), het bestemmingsplan PARK21 (vastgesteld op 6 april 2023), de beeldkwaliteitsplannen Openbare Ruimte, Polderlaag, Leisurelaag, de Leidraad Groene Bouwstenen en het gemeentelijk DIOR. Het landschapsontwerp dient flexibel om te kunnen gaan met hoeveelheid beschikbare (verontreinigde) grond en de eventuele noodzakelijke grond als leeflaag.
NIEUW - VENNEP N
Figuur 1: Aanduiding locatie binnen PARK21 (zwart omlijnd). bron: VISTA
Legenda Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21 verharding Bestaande Parklaag met parkbos Bestaand water Parkkamers
0m
500m
Nieuwe Bennebroekerweg Parkweg
1000m
4
beeldk
walite
plan r e t s Ma Park21
openba itsplan re ruimte
versie
3.0 -
april
1.4
Leisurelaag
PT CE 022 N CO .02.2 04 MBER 2
020
De gemeente heeft de wens om een robuust watersysteem te realiseren binnen de Haarlemmermeer. Dit is het Verbeterd Droogmakerijsysteem (VDS). In samenwerking met Hoogheemraadschap Rijnland is onderzocht hoe dit in het landschapsontwerp een plaats kan krijgen.
2011
plan Beeldkwaliteits
DECE
De wens voor een hoge zichtheuvel met een imposant kunstwerk in het ontwerp is door de gemeente losgelaten. Enige hoogte is in het ontwerp wel nodig om met een landhoofd de benodigde brugverbinding over het spoor te kunnen realiseren.
PARK 2 LEIDR 1 AAD GROE NE
BOUW
STEN
EN
Figuur 2: Een greep uit de beleidsdocumenten en ontwerpen die aan de basis liggen van het nieuwe landschapsontwerp
Aanpak en proces
Opbouwen van de ondergrond De letterlijke basis van het landschapsontwerp is de ondergrond. Om deze binnen de richtlijnen van een grootschalige bodemtoepassing (GBT) te kunnen opbouwen, is onderzocht wat de omvang en kwaliteit van de aanwezige gronden zijn in het depot. De hoeveelheid toepasbare grond geeft namelijk richting aan de mogelijkheden voor de vormgeving van het landschapsontwerp. Het hanteren van een gesloten grondbalans is hierin gewenst. Hoeveel grond is er beschikbaar voor de opbouw van reliëf? Welke hoogte is nodig voor een brugverbinding? Hoe verhouden de vormgevingseisen vanuit beeldkwaliteit zich tot het nieuwe reliëf? Schetsontwerp Het schetsontwerp geeft op structuurniveau aan hoe de ontwerpopgaven en principes zijn vertaald naar ruimtelijke elementen en structuren. Het ontwerp geeft schetsmatig richting aan de positionering en omvang van de ontwerponderdelen en bepaalt op hoofdlijnen het gewenste eindbeeld. Om tot een schetsontwerp te kunnen komen, zijn eerst de ontwerpopgaven en uitgangspunten vastgesteld. Dit heeft betrekking tot het functionele programma (evenementen en park- functies), ruimtelijke aspecten
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
(ontwerpen Vista, Masterplan en beeldkwaliteitplannen), beleidskaders (bestemmingsplan, mer) en technische aspecten (bodem en water). Vanuit deze uitgangspunten is een visie gegeven op de ontwerpopgaven die bepalend zijn voor de structuur van het ontwerp. In een presentatie aan het gemeentelijk projectteam is deze visie gepresenteerd met daarbij de afwegingen en ontwerpkeuzes. Na dit overleg is een eerste schetsontwerp opgesteld, dat met het gemeentelijk projectteam, Q-team en verschillende stakeholders is besproken in een ronde van vooroverleg. Dit heeft in de periode februari tot april 2023 plaatsgevonden. Op basis van de reacties is het schetsontwerp aangepast en definitief opgeleverd begin juni 2023. Participatie Op 14 juni 2023 heeft een participatie- en informatiebijeenkomst plaatsgevonden over het schetsontwerp voor het Park-Evenemententerrein in PARK21. Alle vragen, opmerkingen en suggesties zijn verzameld. In de uitwerking naar een Voorlopig Ontwerp wordt onderzocht of, en zo ja op welke manier ingebrachte ideeën kunnen worden verwerkt. Voorlopig ontwerp Het Voorlopig Ontwerp (VO) vormt de verdere uitwerking van het ruimtelijk ontwerp (SO), waarin de koppeling is gemaakt met het beeldkwaliteitsplan en nadere voorwaarden vanuit stakeholders. In deze fase is onderzocht of en hoe de ideeën uit het SO binnen de kaders passend kunnen worden gemaakt.
Het VO geeft richting aan de landschappelijke- en technische uitwerking van de buitenruimte en de aansluiting op de directe omgeving. De maat en schaal van de inrichtingsmaatregelen zijn hierin bepaald en vastgelegd. Bestrating, beplanting, verlichting, vormgeving van hoogteverschillen, straatmeubilair en verkeerskundige maatregelen zijn onderdelen die in het inrichtingsplan zijn uitgewerkt. Er is een keuze gemaakt voor de materialisatie, het type beplanting en inrichtingselementen.
5
Postbus 250 2130 AG Hoofddorp Bezoekadres:
2
Locatie en context
2.1
Huidige situatie plangebied
Taurusavenue 100 Hoofddorp Telefoon 0900 1852
Cluster
Projecten
Verzenddatum
De locatie park/ evemententerrein ligt ingeklemd tussen de Rijnlander12 mei 2023 Contactpersoon Arthur van Leeuwen Doorkiesnummer 0900 1852 weg en de Kagertocht. Het baggerdepot is toegankelijk vanaf de RijnUw brief landerweg. Het plangebied betreft de kadastrale percelen HLM03 numOns kenmerk mer 1755, 1757 en 1023 in de gemeente Haarlemmermeer. In de huidi- Bijlage(n) Geen Onderwerp Resultaten metingen MeerGrond ge situatie is het plangebied sterk omringd door het polderlandschap. Het polderlandschap typeert zich door een rechtlijnige strokenverkaveBeste mevrouw, meneer, ling, waarbij polderlinten en veelal laanstructuren het landschap doorOp 11 november 2022 ontving u van de gemeente en MeerGrond een brief over het onderzoek kruisen. Hoewel het gebied rondom de planlocatie nu open en weids is, naar de kwaliteit van de grond op het terrein van baggerdepot MeerGrond aan de Rijnlanderweg. zal dat in de toekomst veranderen. In het masterplan voor PARK21 zijn Hierin stonden toen de eerste resultaten. Inmiddels is het onderzoek afgerond en alle resultaten hier grootschalige parkbossen met daarin open parkkamers voorzien. zijn bekend. In deze brief leest u meer over deze resultaten. Het baggerdepot is onderverdeeld in verschillende bassins, waar men baggerspecie kan storten. De bassins zijn omsloten door kades met een hoogte van ca. 2,5-3,0 m.
Een groot deel van de bassins zijn voorzien van een waterdichte folie in de taluds en op de bodem. Dit betreft een bodembeschermende maatregel die ter plaatse op ca. 40% van het terrein aanwezig is. Boven de folie zijn de bassins voorzien van drains om percolerend water en neerslag af te voeren. Dit water wordt geloosd in bassins van waar het water wordt afgevoerd naar de naast gelegen tocht d.m.v. stuwen (Fugro 2014). Op het terrein liggen onverharde paden, waarmee de verschillende bassins toegankelijk worden gemaakt. Daarnaast hebben zich in de loop der jaren spontaan beplantingen ontwikkeld, waardoor het terrein enigszins groen aandoet.
De resultaten In tabel 1. staan de resultaten van de keuringen op het terrein van MeerGrond. Op basis van de keuringsresultaten en de geldende wet- en regelgeving kunnen we bijna 90% van de aanwezige grond gebruiken voor de nieuwe inrichting van het terrein als park met wandel- en fietspaden. Dit gebeurt in afstemming met de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied. Ongeveer 10% van de aanwezige grond kan op basis van de geldende wet- en regelgeving helaas niet op de locatie blijven. Deze grond zal afgevoerd worden. Conclusie Toepasbaar in een grootschalige toepassing Niet toepasbaar op basis van Asbest Niet toepasbaar op basis van PFAS (gehalte > 3 µg/kg droge stof)[1] Niet toepasbaar op basis van OCB[2] Niet toepasbaar op basis van zink en PAK[3] Reeds toegepast (kades) TOTALE HOEVEELHEID BAGGERSPECIE EN GROND OP MEERGROND
Hoeveelheid 403.358 ton 1.680 ton 67.615 ton 319 ton 3.560 ton 233.555 ton 710.087 ton
Tabel 1. Resultaten keuringen aanwezige grond op terrein MeerGrond
Figuur 3: (boven) Huidige indeling van het baggerdepot Figuur 4: (onder) Resultaten keuringen aanwezige grond
Hoeveelheid toepasbare grond De wens voor de herontwikkeling is dat alle toepasbare grond op de locatie functioneel wordt toegepast in het nieuwe ontwerp. Op basis van de onderzoeksresultaten van de partij- of verificatiekeuringen van 12 sept. 2022 en aanvullende keuringen (‘Ontmantelen baggerdepot te Hoofddorp - Samenvatting en bundeling van de rapportages van de
[1] [2]
Per- en polyfluoralkylstoffen zijn chemische stoffen die door de mens zijn gemaakt.
OCB staat voor organochloorbestrijdingsmiddelen. ‘Partijkeuringen’ uitgevoerd door Certicon Kwaliteitskeuringen B.V. in de [3] Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen is een groep organische stoffen die ontstaan door onvolledige verbranding. periode mei-juni 2022) is 636.913 ton toepasbaar (toepasbaar + reeds toegepast). Dit staat gelijk aan ca. 439.250 m3. Vanuit de wens voor een gesloten grondbalans biedt het landschapsontwerp voldoende ruimte voor deze hoeveelheid grond.
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
6
2.2
Masterplan PARK21
Het Masterplan PARK21 beslaat een gebied van 1.000 hectare tussen de kernen Hoofddorp en Nieuw-Vennep. De akkerlanden zullen in de toekomst worden ontwikkeld tot een nieuw parklandschap met regionale, landelijke en internationale betekenis. Er wordt ruimte geboden aan sport en ontspanning, landbouw, innovatie, educatie en veel groen. Binnen het masterplan kunnen drie lagen en sferen worden onderscheiden, namelijk: • de polderlaag; • de parklaag; • de leisurelaag. De lagen lopen dwars door het park, vullen elkaar aan, maar verschillen ook heel duidelijk. De contrasten in het landschap en activiteiten maken PARK21 een spannende belevenis.
Doorwerking locatie De ambities van PARK21 komen zichtbaar terug in de verschillende lagen. De volgende aspecten zijn binnen de locatie park- evenementen aan de orde: 1. Polderlaag: aansluiting op de erven langs de Rijnlanderweg en de infrastructuur. 2. Parklaag: onderdeel van de basis-parkstructuur: verbinding Hoofdfietsroute over spoor, toevoegen van reliëf. 3. Leisurelaag: medegebruik voor grootschalige evenementen.
• •
Vasthouden water. Zichtlijnen naar het polderlandschap.
Leisurelaag • Parkweg rondom het terrein. • Afsluitbaar gebied ten tijde van evenementen: hekwerken met entrees. • Wens voor een amfitheater, beschutting. • Vlak terrein voor evenementen.
Binnen het plangebied zijn met name de park- en leisurelaag van belang. De parklaag is de openbaar toegankelijke recreatieve groenstructuur en zorgt voor samenhang en verbinding. Het heeft een golvend reliëf met vloeiende lijnen en is duidelijk een tegenhanger van de rationele en geometrische inrichting van de polderlaag. De leisurelaag biedt duurzame educatieve en of recreatieve voorzieningen (evenementen). Hieronder is per laag aangegeven wat de uitgangspunten zijn voor het landschapsontwerp.
SPOORLAAN
R IJ N L A N D E R W E G
Polderlaag • Agrarisch lint met boerenerven en erfbeplantingen zichtbaar houden. Parklaag • De drager van de recreatieve infrastructuur met een dwaalstructuur en beplanting, zodat variatie in uitzichten ontstaat. • Recreatielandschap. • Meanderende lijnen met samenhangend reliëf. • Open en besloten gebieden. • Aanlanding Hoofdfietsroute – aansluiting Rijnlanderweg. • Hoofdontsluiting langs het spoor. • Entreegebied via de nieuwe Parkweg (zijde Kagertocht). • Openbaar gebied.
Figuur 5: Plangebied binnen het Matersplan PARK21
Figuur 6: Lagen binnen het Masterplan PARK21
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21 N
7
Schetsontwerp
Parkweg parallel aan Kagertocht
Het doel van het landschapsontwerp is dat de hoofdinfrastructuur en de evenementenfunctie worden geïntegreerd in een integraal landschap. Park en leisure zijn daarbij in balans, waarbij het parkreliëf voor samenhang zorgt tussen water, beplanting, paden en evenementen. Voor het (park)reliëf wordt zo veel mogelijk grond vanuit het baggerdepot toegepast. Het schetsontwerp geeft de beoogde structuur op hoofdlijnen voor het nieuwe park. In het schetsontwerp is gekozen voor de integratie van parklaag met evenementen. Om voldoende ruimte te houden voor zowel een robuust park en medegebruik voor (grootschalige) evenementen, is het reliëf met de hoofdfietsroute aan de zuidwestzijde gelegd. Dit is een duidelijke ontwerpkeuze, waarbij aan de noordoostzijde ruimte ontstaat voor grootschalige evenementen. In het schetsontwerp is gebruik gemaakt van een glooiend en samenhangend reliëf, waarbij paden en parkheuvels in samenhang zijn ontworpen. De meanderende heuvels begeleiden de fietsroute en wandelpaden van oost naar west.
Sp
ht
oo
r
Sp oo rla an
mogelijkheid bushalte
rto c
2.3
Br
Ka
ge
Parkbos bestaande uit onderbegroeiing en bomen
ug
Evenemententerrein Mainstage
Drain
Solitaire parkbomen Hoofdentree
Vrij zicht over het polderlandschap
Parkweg (halfverhard) met laanbeplanting Entreegebied
Zaksloot Rondweg langs plangrens als secundaire ontsluiting voor: backstage voorzieningen en hulpdiensten/vluchtroutes
Kleine podia
Greppel
we g
Hoofdfietsroute met aan eenzijde een bomenrij
Ri
jn la
nd er
Door de afwisseling van open en meer besloten gebieden ontstaat er een gevarieerd parklandschap. Parkbos, laanbeplantingen en solitaire bomen zorgen voor beschutting en een aantrekkelijk gebied om doorheen te wandelen of te fietsen. De open parkkamer aan de noordoostzijde vormt een geschikte locatie voor medegebruik door grootschalige evenementen, waarbij het talud van de heuvel kan worden ingezet als tribune. Naast het hoofdveld zijn er kleinere velden aanwezig, die elk een eigen sfeer en uitstraling hebben. Zo liggen kleine velden op de heuvels, maar ook in het open veld. Daarnaast zijn duidelijk entreegebieden ontworpen, waarop de belangrijkste routing aantakt. Voetpaden maken de verbindingen tussen de velden onderling en de entree’s.
Figuur 7: Schetsontwerp juni 2023 Schetsontwerp MeerGrond Park 21 Gemeente Haarlemmermeer Movares - BRO
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
datum
getekend
projectnr.
pagina
formaat
schaal
30-05-2023
IB
P05913
1/1
A0
1:1.000
8
3
Voorlopig Ontwerp
Het Voorlopig Ontwerp vormt de verdere uitwerking van het schetsontwerp. Hierin is onderzocht of en hoe de gewenste ideeën uit het schetsontwerp passend kunnen worden gemaakt op de locatie en haalbaar zijn. De ontwerpafwegingen en keuzes uit het SO zijn vertaald naar inrichtingsmaatregelen en materialen (watersyteem, beplantingsplan, materialenstaat, referentiebeelden). Het landschapsplan is onderverdeeld in een aantal thema’s: • opbouw van het reliëf; • watersysteem; • beplanting; • infrastructuur; • evenementen; • inrichtingselementen. Per thema is de doorvertaling van het schetsontwerp toegelicht en is aangegeven welke keuzes zijn gemaakt met betrekking tot inrichting, materialisatie en maatvoering.
Figuur 8: Voorlopig Ontwerp
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
9
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
10
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
11
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
12
3.1
Opbouw reliëf
Nieuw maaiveld Voor het gehele Masterplan PARK21 is een verhoogde ligging van de parklaag wenselijk voor het maken van golvend reliëf (Actualisatie Masterplan 2021). De reliëfrijke parklaag levert ook bij hogere polderpeilen (VDS) een voldoende drooglegging en daarmee een goede basis voor duurzame beplanting met bomen. De mate van ophoging is daardoor afhankelijk van o.a. de waterhuishouding en de beoogde vegetatie. Vanuit drooglegging is geen noodzaak tot ophoging van het bestaande maaiveld bij de omvorming tot park. De evenemententerreinen en de omliggende vlakke terreinen waar geen bomen staan blijven daarom op het peil van het oorspronkelijk maaiveld: -4,5NAP. Bodemverbetering is hier wel gewenst voor voldoende stabiliteit en infiltratie/ afwatering. Voor de gedeelten waar wel bomen wenselijk zijn, zoals de randwegen met laanbeplantingen moet het terrein een goede basis bieden voor een duurzame beplanting. Hiervoor is in het landschapsontwerp een toekomstig maaiveldpeil aangehouden van -3.5NAP. Parkheuvels De nieuwe parkheuvels zijn gesitueerd langs de zijde van het spoor en de zuidelijke rand van het plangebied. De hoogste heuvel is ruim 12m hoger dan de omgeving en dient voor een goede inpassing van de aanlanding van de brug. Op basis van de hoogteligging bovenkant spoor op -3.75NAP (aanname) zal de onderkant van de brug op minimaal +4.5NAP moeten liggen.
Dit is de minimale hoogte onderkant brug bij een kruising met een portaal. Op basis van het ranke brugsysteem dat wordt voorgeschreven in het Beeldkwaliteitplan Openbare Ruimte (2013) zal het brugdek + onderconstructie ca. 0,5m bedragen. In het VO is de aanlanding (bovenkant dek) op ca. +5.5NAP, zodat nog enige marge zit in de uiteindelijke uitwerking van de hoogte (zie ook dwarsdoorsnede 2).
Voor de opbouw van de bodem wordt het zogenaamde sandwich-principe gehanteerd, zoals ook in eerder onderzoek is geadviseerd (Fugro/ BWZ 2014). Dit gaat uit van een kernlaag van gerijpte baggerspecie/ humusrijk materiaal, waarop ophooglagen (max. 4m) worden afgewisseld met drainagelagen.
concept relief (SO)
De grondopbouw is mogelijk met een maximale helling van 1:3, zonder technische ingrepen. Het geheel wordt afgedekt met een leeflaag van minimaal 0,5m. Aan de randen van de parkheuvels stellen we een dikkere leeflaag voor ten behoeve van de beplanting van ca. 1m. Aan de teen van de heuvel is een randsloot of greppel nodig voor de opvang van hemelwater. De inhoud van de parkheuvels is (indicatief) gemodelleerd op ca. 375.000m3, gebaseerd op een onderkant heuvel op -4,5 m NAP. Afhankelijk van de zetting en inklinking van de grond zal blijken in welke mate aanvullende grond nodig is om de beoogde hoogtepeilen te bereiken. Dit wordt mede bepaald door de omvang en frequentie van de benodigde drainagelagen die tussen de ophooglagen worden aangebracht en de mate van zetting. toepassen laag bentoniet op ca. 1- 2m onder toekomstig maaiveld
max. 1:3
randsloot/ greppel
randsloot/ greppel
Figuur 9: Principe bodemopbouw o.b.v. Fugro 2014
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
13
Bentoniet Op twee locaties worden in de opbouw van de parkheuvels een laag bentoniet verwerkt. Bentoniet is aanwezig in het gronddepot en heeft een hoge waterkerende werking. Door dit materiaal ca. 1 á 2m onder het toekomstige maaiveld te verwerken, draagt het bij aan de haalbaarheid van de beplanting op de heuvels.
Folie Waar de heuvels komen, kunnen de aanwezige folie en drains van de voormalige baggerbassins blijven liggen. In de kaart is aangegeven waar huidige folie, bakken en fundaties verwijderd moeten worden als gevolg van het ontwerp.
Randwegen De randwegen worden aangelegd op een peil van -3,5NAP, ca. 1m hoger dan het huidige maaiveld. Het volume van de grond onder de randweg is ca. 45.000m3.
Figuur 10: Detailprofiel met indicatie aanlandingbrug i.r.t. het spoor
Figuur 11: Te handhaven en te verwijderen folie, drainage, funderingen.
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
14
3.2
Watersysteem
concept watersysteem (SO)
In het landschapsontwerp is het zo lang mogelijk vasthouden van het hemelwater dat valt op de locatie een streven. Niet alleen om de afstroom van water naar het omliggende gebied te verminderen, maar ook om de beplanting een goede groeiplaats te bieden. Hiervoor zijn een aantal maatregelen getroffen. Toepassing VDS Een flexibele peilverhoging in het gebied tot -5.87NAP als gevolg van de invoering VDS is mogelijk door de voldoende drooglegging van het plangebied. De invoering van deze maatregel zal waarschijnlijk in dit gebied niet op korte termijn worden doorgevoerd, omdat de aansluiting op de polderboezem technisch complex is en zeer beperkte toegevoegde waarde heeft voor de beperkte omvang van het plangebied. Droge greppels Het terrein rondom de nieuwe parkheuvels zal worden voorzien van greppels die het hemelwater bij (hevige) buien opvangen. De greppels zijn 7m breed en 1m diep. Het meeste van de tijd zullen deze greppels droogstaan. In het zuidelijke punt van het plangebied is een stuw voorzien die de afstroom van water naar de naastgelegen zaksloot kan regelen. Drains De randen van het grote evenementenveld worden voorzien van een verzameldrain. Hierdoor kan het talud van de heuvel worden ingezet als tribune bij grootschalige evenementen, zonder dat een waterelement de betreedbaarheid beperkt.
Hoewel in het Beeldkwaliteitsplan (BKP) randsloten de voorkeur hebben, wijkt het landschapsontwerp bij het grote evenementenveld hiervan af. Voor het kleine evenementenveld is wel grotendeels een (droge) greppel toegepast. Bovendien zal het evenementenveld grote delen van het jaar gebruikt worden als openbaar park, waarbij een ringsloot niet nodig is. Figuur 12: Watersysteem park/ evenemententerrein
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
15
De drains ter plaatse van de evenementenvelden liggen 10m uit elkaar (hart-op-hart). Advies voor de uitwerking is om de evenementenvelden enigzins bol te leggen ten behoeve van de afstroom van water. Wadi De greppels komen uit in een brede wadi langs de noordzijde van het terrein. Deze heeft een breedte van ca. 14,2 meter en dient voor de opvang van water vanuit de greppels en drains. Een gedeelte van deze wadi zal worden voorzien van oeverbeplanting. Dit is wenselijk vanuit ecologisch perspectief en daarnaast zorgt deze wadi voor een fysieke barrière tussen de randweg en het evenemententerrein. Ter aansluiting op de Kagertocht is aan de westzijde van deze wadi een stuw aangebracht, waarmee de water aan- en afvoer kan worden geregeld.
Waterberging Een bergingseis vanuit de Keur is dat alle nieuwe verharding voor 15% als nieuw oppervlaktewater moet worden gerealiseerd of in de vorm van een alternatieve waterberging (55 mm, Uitvoeringsregels KEUR juni 2022). Hoogheemraadschap Rijnland (HHR) heeft aangegeven de nieuwe heuvels voor 50% als nieuwe verharding te zien in de berekening voor de compensatieopgave. Vanwege het risico van zoute kwel, wordt in het gebied geen water gegraven. Vanwege deze omstandigheden maakt Rijnland een uitzondering op de regel dat minimaal 80% van de compensatie als waterberging gerealiseerd moet worden. Het totale volume voor waterberging mag in een alternatieve berging worden gerealiseerd. Dit betekent dat het gebied dus deel uit blijft maken van het peilvak waarin het nu ook al ligt (GH-140.05.1). Dit peilgebied heeft de volgende kenmerken: • acceptabele peilstijging 0,9 m (dit is de peilstijging die als berging gerekend mag worden bij nieuw te graven water) • berging bestaand watersysteem: 40 mm (dit is de berging die in het huidige watersysteem beschikbaar is)
Wanneer 80% als oppervlaktewater wordt gecompenseerd, levert dat de volgende bergingseis op: • Toename directe verharding door wegen, paden en pleintjes: 37.207 m2; • 50% oppervlak van de nieuwe heuvels: 36.741,5 m2; • Totale toename verharding: 73948,5 m2; • Bergingseis= 0,8 x 73948,5 x 0,15 x 0,9 = 7986,4 m3; • 20% mag als alternatieve berging worden worden aangelegd, dit geeft een berging van 0,2 x 73948,5 x 0,055 = 813,4 m3; De totale bergingseis betreft hiermee 7986,4 + 813,4 = 8800 m3. Het Hoogheemraadschap Rijnland gaat daarnaast in zijn nieuwe waterschapsverordening klimaatregels invoeren (2023). Volgens deze regels dient het ontwerp te voorzien in de berging van 90mm/ m2. • Over het gehele plangebied van 26 ha betreft dit 34 mm (8800/26ha); • Samen met de bodemberging in de huidige situatie (40mm) betreft dit 74mm. Er moet nog min.16 mm in de bodem worden geborgen om aan de gestelde 90mm te kunnen voldoen, omdat ca. 71% van het plangebied onverhard blijft, kan er theoretisch 23 mm in de bodem worden geborgen. Er is door het waterschap bevestigt dat dit mogelijk is. In het ontwerp zijn de wadi aan de noordzijde en de greppels rondom het plangebied goed voor 8.314 m3. Samen met de laagte op de heuvel betreft de totale bergingscapaciteit 9.870 m3. Met de voorgenomen inrichting kan geheel worden voldaan aan de eisen van de watercompensatie.
Figuur 13: Watersysteem schematisch *Resultaten uit onderzoek naar de effecten van (zoute) kwel kunnen invloed hebben op de profilering en diepteligging van de wadi. Wanneer de resulaten bekend zijn zal samen met HHR worden bekeken in welke mate er aanpassingen van het landschapsontwerp nodig zijn.
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
16
Bergingscapaciteit Wadi - berging 3.5 m3/m1 - Totale berging over 734m = 2.569 m3
Greppels - 1330 x 4.00 m3 = 5.320 m3 - 340 x 1.25 m3 = 425 m3
Subtotaal = 8.314 m3 Totaal = 8.314 m3 + 1.556 m3 (laagte) = 9870 m3 Figuur 14: Watercompensatie
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
17
3.3
Beplanting
concept beplanting (SO)
De variatie van beplantingsoorten maakt de parklaag sfeervol en ecologisch aantrekkelijk. De lanenstructuur langs de rand van het plangebied refereren sterk naar de oorspronkelijke verkaveling en de rechtlijnigheid van de polders. In het schetsontwerp is ingezet op het zo veel mogelijk vergroenen van het plangebied, waarbij de nieuwe parkheuvels zijn voorzien van bos en de hoofdfietsroute wordt begeleid door een kenmerkende bomenrij. Beplantingsstrategie In deelgebied 1 van PARK21 zijn in 2015-2016 de eerste plantwerkzaamheden uitgevoerd. Hier is, net als in de situatie van het park/- evenemententerrein, gewerkt op grondlichamen van klei. Dit is een situatie die onder natuurlijke omstandigheden niet voorkomt in Nederland. Klei heeft van nature een nat karakter, maar verwerkt in grondlichamen geeft het de zomerperiode juist kans op erg droge omstandigheden. Deze onnatuurlijke situatie met grote seizoensverschillen in het vochtleverend vermogen legt een beperking op aan de beplantingsmogelijkheden. Lang niet alle boomsoorten zijn immers geschikt voor een kleibodem. Van de soorten die daarvoor wel geschikt zijn, zijn lang niet alle soorten bestand tegen een combinatie van zeer natte en droge perioden. Dit blijkt ook uit de ontwikkeling van de beplanting in deelgebied 1: een significant deel van de aanplant is niet aangeslagen of tot wasdom gekomen.
Om een dergelijke situatie te vermijden met de uitvoering van dit ontwerp is het nodig om een andere beplantingsstrategie te volgen. Uitgaande van het gegeven dat er geen groeiplaatsen mogelijk zijn voor bomen op (hoge)grondlichamen van klei is gekozen voor de volgende beplantingsstrategie: • Bomen zijn toepasbaar tot +1,5m ophoging. • Struiken zijn toepasbaar tot +4 tot +5m ophoging.. • Verder kijken dan inheemse beplanting: eerder soorten toepassen die bestand zijn tegen hele natte en hele droge omstandigheden. Uitgangspunt hiervoor is Europees sortiment.
Figuur 15: Beplantingsstrategie
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
18
Voor een zo groen mogelijk ontwerp zijn bomen en struiken toegepast langs de randen van de parkheuvels. De bomen worden enkel tot op een hoogte aangeplant van +1.5 meter t.o.v. huidige maaiveld. De struiklaag rijkt verder tot +4 - +5 meter. Alles boven de 5 meter zal bestaan uit ruigtevegetatie (grassen, braam). De bomenrij langs het fietspad volgt deze opbouw. Voor de parkheuvels boven de 5 meter wordt in aanvulling op bovenstaande een experimentele aanplant toegepast. Deze bestaat uit een breed spectrum aan soorten (resistent droogte en nat) -ook Europees inheems. De tijd zal uitwijzen waar wel of geen beplanting het overleefd. Wanneer de hoger gelegen delen kaal blijven, ontstaan hier ruigtevegetaties. Het toepassen van een laag bentoniet (waterkerend) draagt bij aan de haalbaarheid. Beplantingsplan De beplantingselementen in het landschapsontwerp bestaan uit: • Een dubbele laanbeplanting van 1 soort langs de Parkpark. • Een dubbele laanbeplanting van meerdere soorten langs de randwegen (steepjescode). • Het gebied tot +1,5m ophoging (laaggelegen gebied) geschikt maken voor parkbos (donkergroen). • Tot +4/5 meter wordt een struiklaag toegevoegd (groen). • Boven de 5 meter ophoging vormen ruigtevegetaties het beplantingsbeeld (lichtgroen). Binnen deze gebieden wordt door maaibeheer variatie aangebracht in korte en langere vegetaties.
Wanneer de experimentele aanpak wordt gehanteerd, kunnen in deze zone ook sporadisch bomen voorkomen. Met name in de gebieden die worden voorzien van een laag bentoniet in de ondergrond is meer opgaande beplanting te verwachten. • De evenementenvelden worden voorzien van gras dat bestand is tegen intensieve betreding.
• • •
Parkbomen op strategische plekken langs evenemententerrein kaderen de zichten over de open velden. Langs de hoofdfietsroute is een enkele bomenrij toegepast tot aan de voet van de parkheuvel. Het vlakke terrein tussen de evenemententerreinen is in potentie geschikt voor bos. Om evenementen niet onmogelijk te maken, is het voorstel hier te werken met parkbomen in plaats van parkbos.
Beheer Parkbos Overhangende takken kunnen gedurende het gehele jaar worden teruggesnoeid. Het selectief kappen van bomen in het bos om gewenste boomsoorten meer vrij te stellen door opschot. Het bos wordt voor 80% beheerd als bos met opgaande beplantingen. Het struweel mag deels worden afgezet wanneer dat noodzakelijk wordt geacht. Snoeiwerkzaamheden worden uitgevoerd in de periode tussen 1 november en 15 maart. Bomenrijen en lanen De bomen worden maximaal éénmaal per jaar gesnoeid. Na het snoeien beslaat de kroonhoogte minimaal 50% van de hoogte van de boom. Overhangende takken die een gevaar voor de verkeersveiligheid zijn mogen het gehele jaar worden teruggesnoeid. Solitaire bomen De solitaire bomen worden periodiek gesnoeid, richtlijn hiervoor is 1x per jaar in de periode begin januari tot eind maart. Ruigten Op diverse plaatsen op de heuvel zal ruigtevegetatie ontstaan door een extensief beheerbeleid. Een ruigte kan bestaan uit kruidachtige planten die groter worden dan een meter. Ruigtebeheer houdt in dat het niet elk jaar gemaaid wordt.
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
Figuur 16:
Beplantingsprincipes
19
Extensief grasland Het gewas wordt min. jaarlijks 1x gemaaid. Bij grazige vegetatie wordt 2x per jaar gemaaid. Wanneer de vegetatie zich verder ontwikkelt tot kruidachtige vegetatie wordt er 1x per jaar na zaadzetting gemaaid. Bij alle maaibeurten blijft 25% staan. In de winterperiode blijft 25% van de vegetatie over. Zo blijft altijd voedsel beschikbaar voor doelsoorten. De gemaaide vegetatie wordt na minimaal 24 uur pas afgevoerd. Tijdens het vogelbroedseizoen wordt niet gemaaid. Intensief grasland Intensief gebruikt grasgebied, zoals de evenementenvelden en de 2 meter zone langs infrastructuur, zal regelmatig worden gemaaid. Dit kan 20-30 keer per jaar. Hierdoor blijft het gras goed begaanbaar en functioneel. Sinus-beheer langs paden Parallel aan diverse infrastructuren zal de eerste 2 meter intensief worden beheerd. De tweede 2 meter zal aan de hand van sinusbeheer worden bijgehouden. Dit houdt in dat deze strook 2 keer per jaar zal worden gemaaid. Door gefaseerd te maaien en 15 tot 30% van de vegetatie te laten staan wordt rekening gehouden met blijvende schuilgelegenheid voor de aanwezige fauna. Greppels Om dichtgroeien van de greppels te voorkomen worden de greppels 6 keer per jaar gemaaid. Natuurvriendelijke oever De oever wordt in een cyclus van minimaal éénmaal per 2 jaar en maximaal éénmaal per jaar gemaaid.
Maaiwerkzaamheden worden verricht in de periode tussen 1 oktober en 1 maart. Maximaal 20% van de oppervlakte van het element bestaat uit bomen en struiken. Teveel aan bomen en struiken worden verwijderd. Figuur 17:
Beplantingsplan
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
20
Ecologische waarden Voor het plangebied is een ecologisch onderzoek uitgevoerd (Quickscan vergunde inrichting bagger- en gronddepot te Nieuw-Vennep, concept 10-3-2023). Hieruit blijkt dat het plangebied mogelijk functies heeft voor marterachtigen, de rugstreeppad, vleermuizen en de waterspitsmuis. Of en waar deze zich in het gebied bevinden is nog onbekend en dient nader te worden onderzocht. Daarnaast zijn er waarnemingen gedaan van bunzing en vos. Omdat het onbekend is of vleermuizen, waterspitsmuis en rugstreeppad hier voorkomen kan nog niet worden voorgesorteerd op een benodigd in te richten biotoop. Van bunzing is er naar verwachting een vaste rust- en voortplantingsplaats aanwezig in het gebied plangebied, waarbij het (en eventueel omliggend gebied) dient als foerageergebied. Hoewel de toekomstige inrichting van het plangebied veel opgaande begroeiing bevat in allerlei vormen, is deze begroeiing aan alle kanten omgeven door mogelijkheden voor recreatief gebruik (paden en velden). Dit gaat naar verwachting niet goed samen met de benodigde compensatie als inderdaad sprake is van een verblijfplaats van bunzing (en/ of andere beschermde soorten). Het lijkt daarom op voorhand lastig om eventueel compensatie van leefgebied volledig binnenplans te realiseren.
De exacte bepaling van compensatie en invulling daarvan zal daarom in een latere fase plaatsvinden zodra de onderzoeksresultaten bekend zijn.
Figuur 18:
Open- en beslotenheid
Figuur 19: Referenties ruigtes en struiken op de flanken/ paden en extensief grasland
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
21
3.4
Infrastructuur
concept infrastructuur (SO)
Binnen het Masterplan van PARK21 zijn verschillende soorten infrastructuur opgenomen, waaronder de hoofdfietsroute. De hoofdfietsroute vormt in de toekomst een verbinding tussen alle parkdelen binnen het landschapspark. De route vormt een verbinding tussen het Groene Hart en de Duin- en Bollenstreek en de kustzone. De hoofdfietsroute is geïntegreerd in het reliëf en geposiotineerd aan de zuidwestzijde van het plangebied. Aan de oostzijde sluit het pad aan op de Rijnlanderweg. Op termijn zal deze aansluiting verlegd worden naar de ingang van Park-Polderlanden. Aan de westzijde sluit het fietspad aan op de Parkweg. Aan de zijde van de Kagertocht is een nieuwe Parkweg voorzien, die op termijn wordt aangesloten op de Bennebroekerweg. Aan de zijde van de Parkweg zijn 20 parkeerplaatsen (waarvan 2 mindervaliden parkeerplaatsen) voorzien voor bezoekers van het park. Het parkeren ten tijde van evenementen wordt per situatie bekeken en vergund. Voor de afwikkeling van bussen en bevoorrading is in de noordhoek een verkeerslus voorzien die aansluit op de Parkweg. Rondom het plangebied ligt een randweg. De randweg zal enkel toegankelijk zijn voor hulpdiensten, beheer en onderhoud en tijdens evenementen worden gebruikt voor bevoorrading.
De randweg heeft dan ook een afwijkend profiel ten opzichte van de Parkweg (BKP) en biedt in vergelijking met de Parkweg geen toegang voor gemotoriseerd verkeer. In het ontwerp is een extra calamiteitenroute (zuidwestzijde randweg) aangebracht om vanuit het zuiden direct op hoogste parkheuvel te kunnen komen. Deze toegang gaat uit van een profiel van 4 meter. De verschillende wandel- en fietspaden meanderen door de parklaag en hebben een eigen uitstraling en materialisatie. In combinatie met de locatie van beplantingen ontstaat een samenspel tussen open en meer besloten gebieden, die doorkruist worden of juist begeleid door paden en wegen. Omdat de afstanden binnen het plangebied beperkt zijn en
Figuur 20: Infrastructuur
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
22
er ook geen aansluitingen zijn met routes uit de omgeving, is gekozen om mountainbikers niet speciaal te faciliteren op het terrein. Mountainbikers zijn welkom op de fietspaden, maar mogen geen gebruik te maken van de paden over heuvels die bedoeld zijn voor wandelaars.
• • •
Ook is een ruiterpad voorzien in het landschapsontwerp, dat het mogelijk maakt om vanuit de westzijde van het spoor naar de Rijnlanderweg te rijden of via de Parkweg richting de Bennebroekerweg te gaan. De wegen en paden in het gebied zijn openbaar toegankelijk. Ten tijde van een evenement kunnen gedeeltes worden afgesloten, afhankelijk van de omvang van het evenement. Uitgangspunt is dat de hoofdfietsroute vanaf de brug naar de Parkweg en een verbinding naar de Rijnlanderweg openbaar toegankelijk blijven tijdens evenenementen. Deze laatste kan gedeeltelijk ook over de randweg plaatsvinden. De volgende uitgangspunten zijn gehanteerd voor de vormgeving van infrastructuur o.b.v. het Beeldkwaliteitsplan Openbare Ruimte en de gemeentelijke DIOR. Rijwegen • Parkweg (4.60 m) met een rammelstrook en een dubbele laanbeplanting aan één zijde van de weg (conform BKP). • Randweg rondom plangebied (4.60 m) + aan weerszijden enkele laanbeplanting (afwijkend van BKP). • Ringwegen langs de binnenzijde van evenemententerreinen zijn 4 m breed. Fietspaden • De hoofdfietsroute is 6 meter breed (4 meter fietspad, 2 meter wandelpad) met een enkelzijdige laanbeplanting (BKP). • De lengte van de hoofdfietsroute wordt bepaald door hellingspercentage fiets: comfortabel (1:20).
De fietsroute is gepositioneerd op zuidwest met aftakking noordzijde Parkweg. Om de 250 meter is een zitplek voorzien waar het profiel zich verbreedt tot 7 meter (BKP). Fietsparkeren is mogelijk nabij knooppunten van wandel-en fietsverkeer (pleintjes) waar fietsnietjes zijn voorzien.
Voetpaden • Wandelpaden zijn 1.50 meter breed (BKP). • Wandelpaden liggen 0.15 meter hoger t.o.v. de naastgelegen grond (BKP).
Figuur 21:
Profiel hoofdfietsroute + wandelpad
Ruiterpad • Gekoppeld aan de hoofdfietsroute. • 3,5 m breed bestaande uit onverhard pad of maaipad. Entrees • Entrees in PARK21 krijgen een duidelijke markering met een informatiebord en een ontmoetingsplek (parkbank van 2x8 meter) (BKP). • Entrees zijn gekoppeld aan hoofdfietsnetwerk en/ of één of meer parkeerkamers (BKP). • Er is een duidelijke hoofdentree met een entreegebied.
Figuur 22: Profiel Parkweg
Verhardingen • De Park- en ringwegen worden uitgevoerd in asfalt. • De randweg wordt in halfverharding uitgevoerd (afwijking BKP), keuze uit dolomiet of padvast. • De oversteekplaatsen van wandelpaden en fietspaden worden aangelegd op een plateau, zodat het autoverkeer ter hoogte van de oversteek wordt afgeremd (BKP). • De wandelstrook en wandelpaden onderscheiden zich in kleur en hebben een toplaag (25 mm) van schelpen-asfalt (BKP). • Het hoofdfietsstructuur voor fietsen is van glad asfalt: Dicht Asfaltbeton (BKP).
Figuur 23:
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
Profiel randweg
23
3.5
Evenementen
concept evenementen (SO)
Het landschapsontwerp maakt het medegebruik voor (grootschalige) evenementen mogelijk. De open velden en entreegebieden kunnen desgewenst worden ingezet voor evenementen. De volgende onderdelen in het landschapsontwerp zijn hiervoor ingezet: • Entreegebied aan de zijde van de Parkweg (ca. 3.500 m2 incl. ontsluiting). • Entreegebied centraal (3.500 m2). • Zone tussen de entreegebieden is vlak terrein met enkele parkbomen zodat dit ook ingezet kan worden voor de organisatie van evenementen. • Ringwegen maken de positionering van voorzieningen rondom evenementen mogelijk. • Randwegen in combinatie met ringwegen maken de evenementenlocaties bereikbaar. • Een vast horecapunt op het hoogste punt is mogelijk op vlak terrein (ca. 500 m2). • Tribunefunctie op de helling (max. 15 graden) geeft extra ruimte voor bezoekers. • Evenementenvelden zijn vrij van bos (m.u.v. parkbomen) en liggen op vlak terrein (maximaal verloop 5 graden). De evenementenvelden zijn binnen het landschapsontwerp opgesplitst in verschillende zones. Door het middengebied niet te doorkruisen met de parkstructuur en hoofdinfrastructuur onstaat ca. 7,5 ha ruimte voor het dubbelgebruik voor evenementen.
Figuur 24: Evenementen
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
24
Openbaar gebied vs. periodiek afsluitbaar Afhankelijk van de omvang van het evenement kan worden bepaald welk deel van het terrein zal worden afgezet. Een permanent en ingepast hekwerk op de noordelijke heuvel draagt bij aan een efficiente en korte opbouwperiode. Aandachtspunt hierbij is, dat men altijd toegang moet hebben tot een deel van de hoofdfietsroute, zodat bezoekers en omwonende altijd hun weg kunnen vervolgen door het park. Permanente voorzieningen Binnen het landschapsontwerp worden enkele permanente voorzieningen geplaatst. Denk hierbij aan verlichting, nutsaansluitingen en kabelsen leidingen. In heel PARK 21 worden de Parkweg en de hoofdfietsroute verlicht. Nabij hoekpunten en entrees worden langs de rondgang eveneens armaturen geplaatst (zie het figuur hiernaast). De Parkweg en de hoofdfietsroute zal worden verlicht middels armaturen (Schreder Citea LED) van ca. 7-9 meter hoog. De armaturen langs de Parkweg hebben een onderlinge afstand van 50 meter. Langs het fietspad zal deze worden teruggebracht naar 25 meter hart op hart. De armaturen en masten binnen het plan behoren tot een familie, waarbij diverse lichtsferen kunnen worden gecreëerd. Daarnaast dienen op locatie kabels- en leidingen te worden aangelegd. De kabels- en leidingen zullen met name langs Parkweg, rondgang en hoofdfietsroute volgen.
Vanuit dit hoofdnetwerk dienen aantakkingen te worden gemaakt voor bijvoorbeeld permanente nutsvoorzieningen. De exacte ligging en locaties hiervan zullen in de DO/TO fase nader worden uitgewerkt.
Figuur 25: Inrichtingselementen
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
25
Asfalt
Inrichtingselementen In het landschapsontwerp zijn een aantal inrichtingselementen toegepast en zijn voorwaarden gesteld aan de materialisatie. In dit onderdeel is een inschatting gemaakt van de aantallen en eenheden op basis van het VO (versie juli 2023). Uiteindelijk zal dit in een latere fase technisch moeten worden uitgewerkt.
Dolomiet
Schelpen
Grastegels Eenhedenstaat Park 21: Locatie Meergrond Inrichtingselementen
Onderdeel
Extensief versus intensief omvang
totaal
m1 m1
536 1103
Leveren en aanbrengen drainage 'vlak terrein' groot evenementenveld tussen evenemententerrein in m1 (om de 10 meter een drainage buis)
3391
Leveren en aanbrengen duikers Leveren en aanbrengen stuw
m1 st.
93 2
m2 m2 m2 m3 m2 m2 m2 m2 m2 m2 m2 m2
4928 5918 852 2844 7084 7544 1788 40 80 385 2405 1124
Aanplanten soliltaire parkbomen (stamomtrek 30-35) st Aanplanten laanbeplantingen langs parkwegen (15-20 cm gemeten op 1 meter hoogte) st Landschapsontwerp Locatie park/ evenemententerrein PARK21 Aanplanten laanbeplantingen langs rondweg (15-20 cm gemeten op 1 meter hoogte) st Aanplanten laanbeplanting langs hoofdfietsroute (15-20 cm gemeten op 1 meter hoogte) st
19 46 315 65
grasbeheer
Drainage & duikers Leveren en aanbrengen drainage evenemententerrein groot Leveren en aanbrengen drainage 'vlak terrein' klein evenementenveld tussen evenemententerrein in (om de 10 meter een drainage buis)
Verhardingen
Aanbrengen asfalt steenmastiekasfalt (SMA) parkweg Aanbrengen asfalt (dicht asfaltbeton DAB) Hoofdfietsroute (HFR) Aanbrengen asfalt (dicht asfaltbeton DAB) calamiteitenroute zuid Aanbrengen halverharding wandelpaden (schelpen AC 16 -25 mm, geel) Aanbrengen halfverharding ringwegen evenementen- dolomiet Aanbrengen halfverharding randweg - dolomiet Aanbrengen asfalt steenmastiekasfalt (SMA) busbaan Aanbrengen asfalt verharding zitplaatsen langs HFR (8x1 m) Aanbrengen asfalt verharding entreepunt met bankje en infobord (8x2 m) Aanbrengen grastegels t.b.v. parkeren Aanbrengen ruiterpaden onverhard Aanbrengen wandelpad onverhard
Bomen en struiken
Ruigtes
Heuvel
Parkbomen
26
Aanbrengen asfalt verharding entreepunt met bankje en infobord (8x2 m) Aanbrengen grastegels t.b.v. parkeren Aanbrengen ruiterpaden onverhard Aanbrengen wandelpad onverhard
Bomen en struiken
Aanplanten soliltaire parkbomen (stamomtrek 30-35) Aanplanten laanbeplantingen langs parkwegen (15-20 cm gemeten op 1 meter hoogte) Aanplanten laanbeplantingen langs rondweg (15-20 cm gemeten op 1 meter hoogte) Aanplanten laanbeplanting langs hoofdfietsroute (15-20 cm gemeten op 1 meter hoogte)
m2 m2 m2 m2
80 385 2405 1124
st st st st
19 46 315 65
st. m2
16574 6012
m2 m2 m2 m2
28000 57331 25733 38194
st st
5 5
m1
263
st.
53
st.
18
st.
15
st st.
1 2
Referenties brug (conform BKP)nsief
Bosplantsoen Aanplanten bosplantsoen parkbos (5000 st./ ha- leidraad groene bouwstenen) Ruigte vegetatie op de toppen
Grassen Extensief grasland Inzaaien gazon evenementen regime (evenementenvelden en pleintjes) Sinus beheer tweede 2 meter langs ontsluiting Evenementen regime eerste 2 meter langs ontsluiting
Straatmeubilair Leveren en aanbrengen buitenbank (om de 250 m); Erdi Dubbele Canapé L: 3100 mm Leveren en aanbrengen buitenbank Enkele bank: Erdi Canapé, model CA 2200 A0-B2-C2
Hekwerken Leveren en plaatsen spijlen hekwerken 2m hoog
Verlichting** Leveren en aanbrengen verlichtingsobject HFS (Schreder Citea LED/ 7000 mm) 25 m tussenafstand (aan een zijde van de weg) Leveren en aanbrengen verlichtingsobject Parkweg/randweg (Schreder Citea LED/8000 mm) 50 m tussenafstand (aan een zijde van de weg)
Afvalbakken*** Leveren en plaatsen prullenbakken Constructo 100/Column 140 (permanent)
Kunstwerken
Brug ThorcaBridge® systeem Leveren en plaatsen kunstwerk/signing/landmark park 21 **De afstand tussen de openbare verlichtingsarmaturen betreft een aanname *** Het aantal afvalbakken betreft een aanname o.b.v. afstanden en loop- en fietspaden/entrees
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
27
3.6
Ontwerpopgaven/ nadere onderzoeken
Vanuit het ontwerpproces zijn een aantal aspecten opgehaald die verder gaan dan de VO-fase of als aanvullend onderzoek kunnen worden gezien: • Onderzoek naar zetting en inklinking. • Onderzoek naar wel- en kwelvorming. • Onderzoek naar opwaatse druk en opbarsting. • Onderzoek naar afschuiving: In verband met de gladheid van de folie. Met name voor de heuvels op een voorziene hoogte van NAP +7,5 m. • Onderzoek naar geotechnische kwaliteit. Dit kan door Fugro de rapportage van 2014, mét het daarvoor benodigde terreinonderzoek en laboratoriumonderzoek, te laten updaten tot een DO-ontwerpniveau. • Onderzoek naar drainagesysteem: er zijn waarschijnlijk 2 verschillende drainagesystemen nodig; één voor de ondergrond met folie, en één voor de ondergrond zonder folie. • Monitoring: Het in par. 6.6. voorgestelde monitoringsplan uit het Fugro rapport 2014 bij het ophoogwerk concreet te laten maken (type metingen, locaties, frequentie metingen). • Inzicht in de toekomstige grondopbouw van de heuvel. • Inzicht in grondverzet/ aan- en afvoer van gronden, uitvoeringsprogramma realisatie. • Uitwerking Parkweg in aansluiting op de Bennebroekerweg. • Aansluiting op de Rijnlanderweg verfijnen/ ontwerpen i.r.t. aan te kopen gronden. • Geschiktheid materialen van inrichtingselementen. • Ecologisch vervolgonderzoek naar materachtigen, rugstreeppad, waterspitsmuis en vleermuizen.
• Beplantingsplan uitwerken in soorten, aantallen e.d. • Uitwerking aansluiting infrastructuur omliggend wegennet (zie volgende pagina). Figuur 26: Ontwerpopgaven/ onderzoeken
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
28
3.7
Geraadpleegde bronnen
Voor het landschapsontwerp zijn de volgende (beleids)documenten geraadpleegd: • Bestemmingsplan PARK21 (06-04-2023). • Beeldkwaliteitsplan Openbare Ruimte (2013). • Masterplan PARK21 (2011). • Actualisatie Masterplan PARK21 (2021). • Ontwerp ‘Evenemententerrein MeerGrond’ (Vista, 2021). • Ontwerp ‘Basisinrichtingsplan Gronddepot ‘MeerGrond’ (Vista 2012). • Overleg wensen evenementenbranche (januari 2023). • Geotechnisch en geohydrologisch advies Fugro (2014). • Resultaten partij-of verificatiekeuringen (2022- 2023). Vrijgave Omgevingsdienst april 2023. • Overleg Hoogheemraadschap (HHR) over toepassing VDS (november 2011). • Aanvulling MER PARK21 (2022). • Leidraad Groene Bouwstenen (2020). • Quickscan vergunde inrichting bagger- en gronddepot te Nieuw-Vennep 2023 - Concept.
Figuur 27: Aansluitingen omliggend wegennet
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
29
Bijlage 1 - Landschapsontwerp - plankaart
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
PA R
K
21
stuw+ duiker PA RK 21
Sp oo rla an
parkweg parallel aan Kagertocht
i
-3.5 -4.5
20 parkeerplaatsen
(in
di
ca
ti ef )
permanent hekwerk
ruiterpaden
1
Ka ge rto ch t
ug
-3.5
P 121K2KRRAAP
Sp oo r
Br
fietsparkeren
-2
2 3
-0.5
bushaltes
4
Entreegebied
-3.5
5
hoofdentree
-2
2
-0.5 +0.5
+1.5 +0.5 i
+2.5 -0.5
+2.5 +3.5
+4.5 i
-2 +0.5
-3.5
-4.5
+0.5
+5.5
Evenemententerrein Mainstage
-0.5
+6.5
solitaire parkbomen drain
+7.5
12KRAP
PARK21
+8.5
+1.5
vrij zicht over het polderlandschap
-3.5
+2.5
1
secundaire entree
-4.5
-2
+3.5
i
parkweg (halfverhard: dolomiet) met laanbeplanting
Entreegebied
-0.5
+0.5
+0.5 +0.5 +1.5
3
-4.5 -4.5
struikenlaag/heesters rondweg langs plangrens als secundaire ontsluiting voor: backstage voorzieningen en hulpdiensten/vluchtroutes
i
wadi
-3.5 -3.5
-3.5
-4.5 -3.5
parkbos
Kleine podia
bentonietlaag 3m onder toplaag heuvel
ringweg evenementenveld -4.5 i
-3.5
greppel
hoofdfietsroute
-3.5
-4.5
-3.5
Ri jn
la
nd
er we
g
4
-2.5
Voorlopig ontwerp MeerGrond Park 21 Gemeente Haarlemmermeer Movares - BRO
datum
getekend
projectnr.
pagina
formaat
schaal
23-04-2024
IB
P05913
1/1
A0
1:1.000
Bijlage 2 - Landschapsontwerp - dwarsprofielen
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
+8.5 NAP +6.5 NAP +4.5 NAP eigendomsgrens
+2.5 NAP
-0.5 NAP
calamiteiten route randweg
1
-3.5 NAP
-4.5 NAP
-4.5 NAP
6m
6m
3m
4.60m
3m
3m
7m
4m
+5.5 NAP
+5.5 NAP
+4.5 NAP
bovenkant brugdek
bovenkant brugdek min. onderkant brugdek +2.5 NAP
min. onderkant brugdek bij kruising portaal 8.25m
-0.5 NAP parkeren
parkweg
2
-2.5 NAP
droge greppel
-3.5 NAP
-3.75 NAP
-4.5 NAP
+4.5 NAP
1:3
bovenkant spoor (aanname) 5m 0.5m 4.60m 0.5m 3m
3m
10.5m
+2.5 NAP
ruigte vegetaties
7m
4m
+3.5 NAP +2.5 NAP
+1.5 NAP +0.5 NAP -0.5 NAP
calamiteiten route
3
bentonietlaag
randweg
-3.5 NAP
-2.0 NAP -3.5 NAP
-4.5 NAP
3m
4.60m
3m
3m
7m
ringweg -4.5 NAP
groot evenemententerrein
4m
randweg
4
-3.5 NAP
droge greppel
-4.5 NAP
-3.5 NAP
hoofdfietsroute + wandelpad
ringweg
droge greppel
-4.5 NAP
klein evenementenveld -4.5 NAP
droge greppel
ringweg
-3.5 NAP -5.00 NAP
-4.70 NAP
-5.30 NAP
bestaande sloot
randweg
Wadi
-4.5 NAP akkerland
1:3 VDS peil - 5.78 NAP
3m
4.60m
3m
3m
7m
1m
3m
4m
2m
4m
Dwarsprofielen
4m
1m
7m
Voorlopig ontwerp PARK 21 - locatie MeerGrond Movares - BRO
7m
1m
4m
14.2m
3m
3m
4.60m
3m
datum
getekend
projectnr.
pagina
formaat
schaal
22-04-2024
IB
P05913
1/1
A2
1:400
Bijlage 3 - 3D visualisatie
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
Landschapsontwerp in vogelvlucht Park/ evenemententerrein PARK21 Gemeente Haarlemmermeer
datum
getekend
projectnr.
pagina
formaat
schaal
20-12-2022
BC
P05913
1
A1
1:1000
Landschapsontwerp in vogelvlucht Park/ evenemententerrein PARK21 Gemeente Haarlemmermeer
datum
getekend
projectnr.
pagina
formaat
schaal
20-12-2022
BC
P05913
1
A1
1:1000
4
Hoofdstuk
Tekst
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
35
5
Hoofdstuk
Tekst
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
36
6
Hoofdstuk
Tekst
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
37
7
Hoofdstuk
Tekst
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
38
8
Hoofdstuk
Tekst
Landschapsontwerp - Locatie park/ evenemententerrein PARK21
39
Amsterdam Rhijnspoorplein 38 1018 TX Amsterdam +31 (0)20 506 19 99
Boxtel Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel +31 (0)411 850 400
Venlo Industriestraat 94 5931 PK Tegelen +31 (0)77 373 06 01 info@bro.nl www.bro.nl