CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Nota van zienswijzen

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 11 april 2024, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: VERVALLEN SESSIEDEBAT 2- Heijezaal 19.00- 20.30 uur RV Verklaring van geen bedenkingen Aarbergerweg 22 Rijsenhout (10475398)2.261 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1

Nota van zienswijzen behoort tot het raadsvoorstel tot het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen Aarbergerweg 22 te Rijsenhout. A. Procedure B. Beoordeling zienswijzen Bijlage: geanonimiseerde zienswijzen A. Procedure De ontwerpomgevingsvergunning en de ontwerpverklaring van geen bedenkingen (vvgb) zijn op 27 december 2023 bekendgemaakt en hebben vanaf 28 december 2023 gedurende zes weken ter visie gelegen. Tevens is Provincie Noord-Holland geïnformeerd. In deze periode kon iedereen zienswijzen indienen bij de omgevingsdienst. Er zijn drie zienswijzen binnengekomen. Omdat deze alle drie betrekking hebben op het aspect goede ruimtelijke ordening, worden deze bij de behandeling van de definitieve vvgb betrokken en wordt de beantwoording ervan door de gemeenteraad vastgesteld. De raadsleden hebben een overzicht gekregen met de gegevens van de zienswijze-indieners (hierna: reclamanten). In deze nota van zienswijzen zijn de reclamanten met een nummer aangeduid dat correspondeert met de nummering in dat overzicht. Van de natuurlijke personen zijn geen persoonsgegevens vermeld. Dat is gedaan om te voldoen aan de regelgeving over privacy. Wij zullen individueel de reclamanten meedelen welke onderstaande tekstonderdelen over hun eigen zienswijze gaan. De zienswijzen zijn alle binnen de termijn ingediend. Ze zijn daarom alle ontvankelijk. B.

Beoordeling zienswijzen

Reclamant 1 Tussen haakjes ( ) is de nummering die de reclamant hanteert in zijn de zienswijze aangegeven. 1.1 Strijdig met het bestemmingsplan (1 en 6) Het plan is strijdig met het bestemmingsplan. Er is niet voor niets een bestemmingsplan. Reactie Strijdigheid met het bestemmingsplan is op zichzelf geen reden om een vergunning te weigeren. Een vergunning kan toch verleend worden als het bevoegd gezag van oordeel is dat het plan niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening, zie artikel 2.12 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). In dit geval heeft de gemeenteraad op 21 december geoordeeld dat er geen strijd is met een goede ruimtelijke ordening door de ontwerp-vvgb af te geven. 1.2 Het plan is in strijd met de REVR (2, 6 , 7 en 12) Het plan past niet binnen de kaders van de Ruimtelijke Economische Visie Rijsenhout (REVR). Daarin staat: “Vanuit de participatie voor cluster 1CD wordt de nadruk gelegd op het ontwikkelen van nieuwe economische functies in het gebied waaronder duurzame bedrijvigheid (zoals een algenkwekerij) en stille opslag, alsmede het versterken van de woonfunctie langs de Heermanszwet. Er wordt aangegeven dat een combinatie van wonen in het lint met lichte bedrijvigheid op het achterterrein als passend wordt beschouwd.

Ook zijn het behoud van doorzichten in het lint en onbebouwd laten van bepaalde gebieden van belang voor het versterken van het woongenot. Ook wordt een kleinschalig zonnepanelenpark met een groenstructuur gezien als een mogelijkheid. Daarnaast zijn er diverse ideeën geuit voor een meer recreatieve invulling. Hierbij wordt gedacht aan een kinderboerderij, kunstkas of parkachtig recreatiegebied. Daarnaast zijn er ook ideeën geweest voor alternatieve landbouw zoals moestuin of een kweekkas voor scholieren en studenten, een natuurbegraafplaats en een boomgaard.” Die visie is in 2018 tot stand gekomen na een uitgebreid participatietraject. Met dit besluit wordt een lang en zorgvuldig participatietraject genegeerd. Door onvoorspelbaar te handelen is daarmee onterecht de participatie en de vastgestelde REVR terzijde geschoven en lijkt van geen waarde te zijn. Er wordt aangegeven

2

dat er met enkele grondeigenaren is gesproken ten einde dit initiatief mogelijk te maken. Dat negeert de belangen van omwonenden als ook het participatieproces (REVR) en versterkt het beeld van de willekeur. Reactie De geciteerde tekst is het verslag van de participatie (paragraaf 4.2). Dat is echter niet de visie voor het gebied. Op 19 april 2018 is de REVR vastgesteld door de gemeenteraad (2018.0012822). Voor 1CD, waar dit plan in ligt, is een functiewijziging naar lichte bedrijvigheid (categorie 1 en 2) gewenst. In paragraaf 5.3 (blz. 45) staat: “Alleen in cluster 1CD wordt in een zone achter het woonlint lichte bedrijvigheid met een beperkte verkeer aantrekkende werking (max. categorie 2) toegestaan.” Dit is ook zo aangeduid op de Visiekaart (blz. 44):

In paragraaf 6.3 staat dit nogmaals: “Daarnaast is in cluster 1CD ook ruimte voor lichte bedrijvigheid (waaronder glas gelieerde functies) achter het woonlint (maximaal milieucategorie 2) met een zeer beperkte verkeer aantrekkende werking, zoals opslag.” Het plan betreft een functiewijziging naar lichte bedrijvigheid. Het bedrijf is beoordeeld als milieucategorie 2 of daaraan gelijk te stellen. De nieuwe functie past dus binnen de kaders van de REVR. Op basis van resultaten van gevoerde gesprekken met grondeigenaren heeft de gemeenteraad op 2 juni 2022 besloten dat (Vervolgaanpak deelgebied 1CD Rijsenhout, 2022.0000461) ‘het uitgangspunt van een gezamenlijke wijze van ontsluiting van het gebied vervalt, maar er wel een beperking van de verkeersaantrekkende werking geldt welke wordt vastgelegd in de vergunning’. De gemeenteraad heeft op 21 december 2023 in het amendement verdere uitleg gegeven aan wanneer sprake is van een beperkte verkeersaantrekkende werking. De gemeenteraad motiveert dat een verkeersaantrekkende werking van 52 motorvoertuigen per etmaal (mvt/etm) voor dit perceel van 0,25 ha valt onder een beperkte verkeersaantrekkende werking. Hiermee komt de gemeenteraad tot het oordeel dat medewerking aan het plan kan worden verleend, omdat het past binnen de door de gemeenteraad vastgestelde uitgangspunten in de REVR en het besluit van 2 juni 2022.

Omdat het plan past binnen de voor 1CD beoogde functiewijziging is geen sprake van het negeren van het participatietraject. De gevolgde procedure biedt aan iedereen de gelegenheid een zienswijze in te dienen, zodat ook hierin ruimte is om gehoord te worden. 1.3 Het college heeft negatief geadviseerd (3) Het college heeft negatief geadviseerd. Reactie Het college adviseert de gemeenteraad en motiveert zijn advies. Het is echter de gemeenteraad die als bevoegd besluit over zijn eigen vvgb besluit. Dat mag en kan ook in afwijking van het voorstel van het college zijn, mits gemotiveerd. De raad heeft in zijn amendement gemotiveerd waarom hij van mening is dat de (ontwerp)vvgb afgegeven kan worden. Deze (ontwerp)vvgb is bindend voor het college. 1.4 Onbehoorlijk en onbetrouwbaar bestuur (4 en 5)

3

De gemeenteraad heeft in afwijking van collegeadvies, bestemmingsplan en REVR per amendement besloten een ontwerp-vvgb te verlenen. Het amendement van de (partijen van de) gemeenteraad is niet overeenkomstig de beginselen van behoorlijk bestuur, het draagt niet bij aan de voorspelbaarheid en betrouwbaarheid. Het beeld van een gemeente(bestuur) dat voorspelbaar, betrouwbaar en zonder willekeur handelt wordt ondermijnt. Reactie Zie ook onder 1.1, 1.2 en 1.3. Er wordt niet onderbouwd waarom geen sprake zou zijn van behoorlijk bestuur, voorspelbaarheid of betrouwbaarheid. De gemeenteraad is het bevoegd gezag over de vraag of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Dat de gemeenteraad een ander oordeel heeft dan het college, maakt niet dat geen sprake is van behoorlijk bestuur. 1.5 De procedure had het wijzigingen van het bestemmingsplan en de REVR moeten zijn (6) Wanneer met afwijkende initiatieven van een dergelijke (precedent)impact de ruimte moet worden gegeven dan heeft de wetgever daar een koninklijke route voor bepaald, te weten wijzigen van het BP en het aanpassen van de REVR. Dat heeft nu niet plaatsgevonden en dat is onzorgvuldig. Reactie Dit is onjuist. De wet bepaalt dat via een omgevingsvergunning afgeweken kan worden van het bestemmingsplan. Een bestemmingsplanwijziging is niet noodzakelijk.

De procedure voor het verlenen van de omgevingsvergunning volgt een voorbereidingsprocedure met ruimte voor zienswijzen. Het afwijken van de REVR is een beleidsmatig oordeel van de gemeenteraad. 1.6 Ongelijkheid en willekeur ten opzichte van andere plannen (8 en 13) Andere voorstellen die wel passen in REVR worden afgewezen: het realiseren van woonaanbod c.q. het versterken van de linten door lintbebouwing. De schijn die het openbaar bestuur hiermee opwekt is die van ongelijkheid, onvoorspelbaarheid, onbetrouwbaarheid en de schijn van willekeur in de zin van ongelijkheid, die de wetgever heeft verboden. Het amendement heeft de schijn van een individuele uitzondering mogelijk maken voor een ondernemer. Reactie Woningbouw in Rijsenhout ligt erg moeilijk en stuit af op het Luchthavenindelingsbesluit. Dat is regelgeving over woningbouw rondom Schiphol. In dit plan gaat het om een bedrijfsgebouw. Daarom is er geen sprake van gelijke gevallen of willekeur. Ieder plan wordt op zijn eigen merites beoordeeld. 1.7 Aantasting woongenot Rijsenhout (9) Door geen initiatieven die woningen mogelijk maken, maar wel bedrijven die niet passen in de REVR wordt het woon- en leefgenot, wat beoogd is voor Rijsenhout en zo ook vastgesteld in de REVR, aangetast. Reactie Zie 1.2 en 1.6. De bedrijvigheid past binnen de REVR. Onduidelijk is waarom dit plan het woon- en leefgenot zou aantasten.

Het gaat om een relatief kleine bebouwde oppervlakte en het parkeerterrein wordt groen ingericht. 1.8 Onzorgvuldige onderbouwing (10) Het amendement is niet zorgvuldig onderbouwd, wat strijdig is met (de algemene beginselen van) behoorlijk bestuur. Zo is er niet voldaan aan de juridische motivering. Er wordt wel verwezen dat raadsleden juridische expertise hebben ingewonnen, maar deze is schijnbaar anders en mogelijk in strijd met die van het gemeentebestuur/gemeente Haarlemmermeer/OD en de juridische onderbouwing is ook niet bijgesloten zodat een zorgvuldige toetsing van dit amendement aan de rechtens juistheid niet kan plaatsvinden, zelfs niet door het gemeentebestuur. Reactie Het amendement en de beraadslagen van 14 december 2023 zijn de motivering van het besluit. Het amendement was bijgesloten bij het ontwerpbesluit. De beraadslagingen zijn openbaar. Het verslag van de

4

raadssessie zal ook bijgesloten worden. Hiermee is het amendement, en dus het besluit, voldoende onderbouwd. 1.9 Verkeersaantrekkende werking (11) Naast het gebrek aan een zorgvuldige juridische motivering gaat het amendement voorbij aan de verkeersaantrekkende werking. De opstellers van het amendement hebben dit niet praktisch aangepast. In de praktijk kan dit totaal niet meer gehandhaafd worden, wegens prioriteit, capaciteit etc. De toename van het verkeer is niet te handhaven, er is geen enkele garantie dat dit binnen deze aantallen blijft en aldus wordt het woon- en leefgenot van omwonenden op de Aarbergerweg, waaronder ondergetekende aangetast. Reactie Om de verkeersaantrekkende werking te beperken heeft de gemeenteraad voorwaarden aan de vvgb gesteld. Deze worden als voorschrift in de omgevingsvergunning verbonden. De vergunning is dan de juridische grondslag om publiekrechtelijk te handhaven als niet aan de voorwaarden voldaan wordt. Daarmee is de beperkte verkeersaantrekkende werking geborgd. De voorschriften zijn voldoende concreet en zijn daarmee handhaafbaar. 1.10 Ongewenste precedentwerking (14) Er wordt een ongewenst precedent voor dit gebied gecreëerd hetgeen strijdig is met de bedoeling van de REVR, het doorlopen participatieproces en opbrengsten en het woon- en leefgenot.

De zorg is dat afwijkende initiatieven, zoals deze meer en meer ruimte krijgen waardoor het bouwen voor wonen, recreëren en andere mogelijkheden uit de REVR geen ruimte meer krijgen, het verkeer toeneemt en het (woon)gebied verkleurt naar een ongewenste invulling van hetgeen het oogmerk is. Reactie Zie 1.2 en 1.6. De bedrijvigheid past binnen de REVR. Er is dus geen sprake van een ongewenste functie in dit gebied. De gemeenteraad is van oordeel dat enige verkeersaantrekkende acceptabel is, omdat de wegen in dit gebied nog restruimte hebben. Er zal door dit plan geen sprake zijn van een onaanvaardbare verkeersbelasting van de wegen. Conclusies reclamant 1: De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan. Het verslag van de raadssessie van 14 december 2023 wordt toegevoegd aan de stukken. Reclamant 2, MEERvastgoed BV Reclamant heeft op zich geen bezwaar tegen de komst van een bedrijfsgebouw op deze locatie. 2.1 Willekeur De reclamant heeft bezwaar tegen de willekeur, die lijkt te zijn toegepast. In diverse stukken wordt aangegeven dat de REVR het geldende beleidskader is. Reclamant heeft een planinitiatief ingediend voor woningen in het lint op gronden nabij deze locatie. Dat initiatief was conform REVR. Reclamant begrijpt niet waarom dat initiatief niet in behandeling wordt genomen, terwijl deze aanvraag wel wordt goedgekeurd.

Reactie Het genoemde initiatief betreft een woningbouwplan in strijd met het Luchthavenindelingbesluit Schiphol. Omdat het plan in strijd is met de wet, kan geen medewerking verleend worden. Op 12 september 2023 is reclamant daarover geïnformeerd door het ondernemersplein. Omdat er sprake is van verschillende aanvragen (woningbouw versus bedrijf), is geen sprake van willekeur. Ieder plan wordt op zijn eigen merites beoordeeld. 2.2 Geen anterieure overeenkomst Reclamant vraagt zich af hoe de plankosten gedekt zijn, nu geen sprake is van een anterieure overeenkomst.

5

Reactie Zie raadsvoorstel. 2.3 Gronden van ontwerp-vvgb Reclamant verneemt graag op welke gronden is overgegaan tot afgifte van de ontwerp-vvgb. Reactie De motivering van het afgeven van de ontwerp-vvgb staan in de beraadslagingen en het amendement, dat door de gemeenteraad is aangenomen. Dit amendement is onderdeel van het ontwerpbesluit en is bekendgemaakt op ruimtelijkeplannen.nl. Conclusies reclamant 2: De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan. Reclamant 3, Blenheim Advocaten B.V., namens de aanvrager 3.1 Aantal parkeerplaatsen te hoog In het ontwerpbesluit is een voorschrift opgenomen dat er 26 parkeerplaatsen aangelegd en in stand gehouden moeten worden. Dat aantal is gebaseerd op 96 motorvoertuigen/etmaal (mvt/etm). Aangezien in de voorschriften ook de verkeersgeneratie is beperkt tot 52 mvt/etm moet het aantal parkeerplaatsen overeenkomstig verminderd worden tot 13 parkeerplaatsen. Verzocht wordt dit aan te passen. Reactie De zienswijze gaat er vanuit dat het aantal parkeerplaatsen gebaseerd is op het aantal mvt/etmaal. Dat is onjuist. Het aantal parkeerplaatsen is gebaseerd op de beleidsregels in het Handboek Parkeernormen gemeente Haarlemmermeer 2018 (2018.0005796). Dat handboek is ook door de aanvrager in de ruimtelijke onderbouwing gehanteerd (blz. 22 en 23) met als conclusies dat 26 parkeerplaatsen nodig zijn.

Dat de gemeenteraad een voorwaarde heeft gesteld ten aanzien van de verkeersaantrekkende werking, betekent niet dat de gemeenteraad de beleidsregels ten aanzien van parkeren ter zijde heeft geschoven. Conclusies reclamant 3: De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvergunning.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=3c53b8fb-02c6-4950-ac50-dba1d96a348d