CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2-13 Achtergrondrapport MER Duurzaamheid

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 6 april 2023, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: RV (GEHEIME BIJLAGE) PARK21 Bestemmingsplan en Milieueffectrapportage (MER) (7225811)14.317 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21

projectnummer 0417636.107 definitief 10 december 2021

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21

projectnummer 0417636.107 definitief 10 december 2021

Auteurs A.C. Oerlemans H.H.L. Robben

Opdrachtgever Gemeente Haarlemmermeer Raadhuisplein 1 2132 TX Hoofddorp

datum vrijgave 23-4-2021

beschrijving revisie definitief

gecontroleerd A.C. Oerlemans

vrijgave J.J. Verhoeven

Inhoudsopgave

Blz.

1

Inleiding

1

1.1 1.2 1.3

Aanleiding Plangebied Leeswijzer

1 1 1

2

Voorgenomen ontwikkeling

3

2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

Voorgeschiedenis Algemene beschrijving voornemen Doelstellingen PARK21 Referentiesituatie Te onderzoeken varianten

3 5 6 8 11

3

Analyse

23

4

Kansen voor duurzame energie

25

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6

PV Windenergie Biomassa Water (TEO, TEA, TED & hydro) Geothermie Restbronnen

26 28 30 32 34 35

5

Energiesysteem voor en na de transformatie

38

5.1 5.2 5.3

Energiesysteem vóór transformatie Energiesysteem na de transformatie Energiescenario’s

38 39 42

6

Kansen voor circulaire economie

44

6.1 6.2 6.3

Watersysteem Bodem en grond Materiaal en materieel

44 44 45

7

Haalbaarheidstoets voor mogelijke innovaties

46

7.1

Toelichting innovaties

47

8

Conclusie en aanbevelingen

50

9

Bijlage A

51

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

1

Inleiding

1.1

Aanleiding Gemeente Haarlemmermeer werkt aan de ontwikkeling van PARK21: een park voor iedereen, met ruimte voor sport, recreatie, ontspanning, groen en landbouw. Het park met een omvang van 1.000 hectare ligt tussen Hoofddorp en Nieuw-Vennep en wordt een groot en gevarieerd parklandschap, openbaar toegankelijk voor publiek. Er is ruimte voor activiteiten bij de boer, allerlei soorten sport en spel, cultuur, ontspanning, een recreatieplas, groen en weides, wandel- fiets- en skatepaden, horeca, evenementen en dagrecreatie. PARK21 wordt een park voor mensen uit Haarlemmermeer, de regio en verder. Een deel van PARK21 is al vastgelegd in een bestemmingsplan en gerealiseerd. Voor de verdere ontwikkeling van PARK21 is een nieuw bestemmingsplan noodzakelijk. Dat bestemmingsplan vormt de formele, juridisch-planologische vertaling om de ambities en kaders uit het Masterplan PARK21 mogelijk te maken. Vanwege de omvang van deze ontwikkeling heeft de gemeente Haarlemmermeer besloten de procedure van de milieueffectrapportage (m.e.r. met kleine letters) te doorlopen. Voor de m.e.r. worden diverse milieu- en gebiedsonderzoeken uitgevoerd. Dit rapport richt zich op het thema duurzaamheid.

1.2

Plangebied Het plangebied voor PARK21 ligt tussen Hoofddorp en Nieuw-Vennep. Het gebied wordt aan de zuidzijde begrensd door de Noordelijke Randweg, aan de oostzijde door de A4, aan de noordzijde door de Bennebroekerweg en aan de westzijde door de Drie Merenweg. Het gebied is ten behoeve van de oriëntatie ingedeeld in zes zones, die op onderstaande figuur zijn aangeduid. Een gedeelte van zone 1 en 2 is reeds gerealiseerd. In hoofdstuk 2 wordt de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied nader toegelicht.

Figuur 1.1: Plangebied PARK21

1.3

Leeswijzer In dit rapport zijn de onderzoeksresultaten van de aan duurzaamheid gerelateerde aspecten beschreven. Het rapport is als volgt opgebouwd:

Blad 1 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

•

Hoofdstuk 2: Voorgenomen ontwikkeling, inclusief beschrijving referentiesituatie en te onderzoeken alternatieven. • Hoofdstuk 3: Toelichting op de analyse. • Hoofdstuk 4: Kansen voor duurzame energie. • Hoofdstuk 5: Energiesysteem voor en na de transformatie. • Hoofdstuk 6: Kansen voor circulaire economie. • Hoofdstuk 7: Haalbaarheidstoets voor mogelijke innovaties. Elk hoofdstuk wordt besloten met een conclusie en aanbevelingen voor de verdere planvorming. Dit rapport vormt met de achtergrondrapportages Milieu en gezondheid, Groenblauw en Ondergrond en het verkeersonderzoek de inhoudelijke basis voor het milieueffectrapport PARK21.

Blad 2 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

2

Voorgenomen ontwikkeling

2.1

Masterplan PARK21 wordt al aan het eind van de vorige eeuw in beleidsstukken genoemd. In 2011 is een masterplan opgesteld, waarvan in 2016 de uitvoeringsstrategie herijkt is.

Figuur 2.1: Masterplan PARK21, beeld 2016

Masterplan In het Masterplan en de Herijking uitvoeringsstrategie PARK21 zijn de hoofdstructuren van de gebiedsontwikkeling beschreven en de kaders voor de ontwikkeling en de strategie voor de realisering opgenomen. PARK21 is een organische gebiedsontwikkeling, die ruimte geeft aan afzonderlijke initiatiefnemers waarbij het kan gaan om zowel tijdelijke als permanente vormen van gebruik en ontwikkeling. Er is sprake van een landschappelijke ‘stip op de horizon’ waarin de hoofdstructuren van de ontwikkeling zijn bepaald. Ontwikkeling vindt plaats per kavel op initiatief van de gebruiker, de eigenaar of andere private partijen. De initiatiefnemers ontwikkelen en creëren binnen de kaders van het Masterplan het uiteindelijke eindbeeld. De gemeente geeft haar visie, ambities, randvoorwaarden en kaders (ruimtelijk, functioneel en financieel) bij de planologische uitnodiging mee via het bestemmingsplan (uitnodigingsplanologie). Tevens zet de gemeente met de beschikbare en gereserveerde publieke middelen zich in op het realiseren van de basisstructuur. De basisstructuur bestaat uit de hoofdontsluiting(en), een deel van de waterplas, met aanliggend parkhart, en een retentiebekken als onderdeel van het duurzame watersysteem. Deze basisstructuur is een vliegwiel voor verdere investeringen uit de markt.

De ontsluiting maakt dat functies hier op kunnen aanhaken, laat zien dat de transformatie daadwerkelijk vorm krijgt en creëert een geconcentreerde stroom van gebruikers. Deze basisstructuur wordt de prioritaire structuur genoemd en zal minimaal 175-180 hectare omvatten als parklaag met parkkamers (bijvoorbeeld voor het Parkhart als icoonproject).

Blad 3 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Figuur 2.2: Prioritaire structuur (conform herijking Masterplan)

Botsproeven In het kader van de planvorming is een aantal “botsproeven” uitgevoerd in voorbereiding op het opstellen van het MER en het bestemmingsplan. In deze botsproeven is de haalbaarheid van het masterplan onderzocht door middel van globale berekeningen voor verschillende milieuthema’s. Hieruit kwam naar voren dat de initiële voorgenomen ontwikkeling tot grote (lastig oplosbare) knelpunten leidt. De botsproeven hebben aangetoond dat de voorgestane ontwikkeling verkeerstechnisch niet haalbaar was en de doorgang van andere gebiedsontwikkelingen in de gemeente onevenredig zou belemmeren. Naar aanleiding van deze botsproeven heeft in 2020 een ambtelijke verdieping plaatsgevonden op de initiële voorgenomen ontwikkelingen binnen de kaders voor de planvorming conform de herijking 2016. Enerzijds om een aantal knelpunten te voorkomen en anderzijds om het plan van andere accenten en een aangepaste transformatiestrategie te voorzien, die beter aansluiten bij de actuele ambities van de gemeente Haarlemmermeer. De grootschalige leisure waarvan in eerdere plannen sprake was en het totale programma voor PARK21 zijn daarbij afgeschaald.

De nadruk is komen te liggen op een groen-recreatieve basisinrichting waarin opgenomen, met daarin de wenselijke groenblauwe dooradering van het gebied en de recreatieve verbindingen voor langzaam verkeer tussen de kernen Hoofddorp en Nieuw-Vennep en een recreatieve langzaam verkeer verbinding oost-west. Daarin hebben icoon onderdelen als het parkhart en recreatieplas, retentiebekken (ook polderuiterwaarden genoemd) en VDS een plaats. Daarnaast wordt ruimte geboden voor leisure voorzieningen die het park versterken zonder het verkeersnetwerk te overbelasten of voor een onevenredig grote milieu-impact zorgen. De aspecten van het herijkte masterplan - de drie lagen, de prioritaire structuur, de uitgangspunten met betrekking tot organische ontwikkeling en de brede doelstellingen - zijn overeind gebleven. In het vervolg van dit hoofdstuk wordt het actuele planvoornemen beschreven, dat dient als uitgangspunt voor het MER en de bijbehorende onderzoeken. Dit planvoornemen bevat een grote mate van flexibiliteit, zodat er ruimte is voor optimalisatie gedurende de planvorming en realisatie van deelprojecten. Deze optimalisatie wordt gezocht door het MER strategisch in te zetten en nadrukkelijk te gebruiken om randvoorwaarden en spelregels te ontwikkelen voor de transformatie van het gebied.

Deze randvoorwaarden en spelregels zullen worden vertaald in een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte (hierna: bestemmingsplan), dat zowel de realisatie van een prioritaire

Blad 4 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

structuur van 175-180 hectare op korte termijn als de verdere organische groei van PARK21 zal begeleiden.

2.2

Algemene beschrijving voornemen Met PARK21 maakt Haarlemmermeer een groot en gevarieerd landschap om te recreëren, te verblijven en te ondernemen, voor nu en in de toekomst. PARK21 is de nieuwe achtertuin voor bewoners, een bijzondere schakel in de regionale groenstructuur, een nieuw landschap, een manier om Haarlemmermeer en haar cultuurhistorie méér gezicht te geven. Realisatie gebeurt ten dele traditioneel door de gemeente en voor een belangrijk deel in samenwerking met initiatiefnemers. De overheid faciliteert, geeft kaders mee en nodigt initiatiefnemers uit om met concrete plannen te komen. Zo groeit het park organisch richting het indicatieve eindbeeld. Het park wordt opgebouwd uit drie lagen: de polderlaag, de parklaag en de leisurelaag. De lagen vullen elkaar aan, lopen in elkaar over, maar verschillen ook duidelijk. • De polderlaag houdt het bestaande open polderlandschap met zijn linten zichtbaar en herkenbaar, het verankert het park in de cultuurhistorie. Tevens biedt het ruimte voor transformatie naar kringlooplandbouw en verbrede stadslandbouw. • De parklaag is een toegankelijke recreatieve groenstructuur die zorgt voor samenhang en verbinding in PARK21.

Hier ligt het recreatieve netwerk van wandel-, fiets-, skate- en ruiterpaden en is ruimte voor sport, spel en voorzieningen, maar vormt ook de groen/blauwe verbinding die gelegd wordt tussen gebieden en draagt bij aan de biodiversiteit. • De leisurelaag biedt (commerciële) duurzame educatieve en/of recreatieve voorzieningen. Deze voorzieningen worden landschappelijk ingepast in de groene omgeving en versterken, verbreden en vergroten de parklaag. Drie sferen PARK21 bestaat uit drie sferen die van west naar oost verschillen. In het westelijk deel overheerst de parksfeer rondom de recreatieplas en het parkhart; in het middendeel rondom de Hoofdvaart bepaalt de landbouw de sfeer en in het oostelijk deel zijn de vrijetijdsvoorzieningen (de leisure) en polderlaag prominent aanwezig. Binnen het park verkleurt de verhouding tussen de drie lagen van west naar oost. In zone 1 en 2 ligt de nadruk op de parklaag met daarbinnen kleinere parkkamers en een centrumgebied rondom de recreatieplas en het parkhart. De nadruk ligt op (water)sport en ontspanning en recreatie met een lokaal/regionaal bezoekersprofiel. In zone 3 en 4 is de polderlaag omvangrijker en ligt in de leisurelaag de nadruk op innovatie, educatie, ontspanning en cultuur. Verder naar het oosten worden de parkkamers groter en vergroot het verzorgingsgebied steeds verder van lokaal naar nationaal.

In zone 5 is ook ruimte voor leisurefuncties met een groot nationaal verzorgingsgebied. Deze functies kunnen ook in deeltijd aanwezig zijn, zoals bij een evenementenlocatie. In zone 6 is met name landbouw in de polderlaag aanwezig.

Blad 5 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Figuur 2.3: Streven zonetypering PARK21

Prioritaire structuur PARK21 is als park een verbindende groenstructuur met de prioritaire structuur van minimaal 175180 hectare als groen/blauwe ruggengraat met een ambitie om door te groeien tot een parklaag van circa 360 hectare. De prioritaire structuur geeft invulling aan de minimale doelstellingen en ambities achter PARK21. Het realiseert de groenblauwe oost-west verbinding en een kwalitatief verblijfsgebied dat Nieuw Vennep en Hoofddorp verbindt. Het nodigt uit om vanuit de kernen het park en polderland te verkennen en biedt plaats aan een robuust toekomstbestendig watersysteem. Dit komt alleen tot wasdom als de prioritaire structuur als aaneengesloten gebied wordt gerealiseerd van voldoende kwaliteit. Door het inrichten van de prioritaire structuur wordt een vrij openbaar toegankelijke, recreatieve, parkomgeving gecreëerd met voldoende aantrekkingskracht en belevingswaarde. Er ontstaat dynamiek omdat mensen uit Haarlemmermeer er graag recreëren. De dynamiek vormt een potentieel voor nieuwe ondernemers (zowel profit als non-profit). Met de komst van de ondernemers ontstaat de basis voor een verdere versterking en groei van het park. De prioritaire structuur verbindt op deze wijze de parklaag met de leisurelaag. In de onderstaande figuren is de prioritaire structuur indicatief weergegeven.

Om deze in samenhang en aaneengesloten te kunnen ontwikkelen heeft de gemeente Haarlemmermeer diverse posities minnelijk verworven, namelijk: • zone 1 (reeds gerealiseerde deelgebied 1), • zone 3 (locatie Groot Vennep), • zone 5 (locatie MeerGrond) • zone 6 (locatie PARKlanden). Grote ontbrekende schakels zijn zones 2 en 4, waar nog noordelijke en zuidelijke opties mogelijk zijn. Afhankelijk van de invulling van deze schakels, zouden er nog kleinere verbindende schakels tussen de deelgebieden ontstaan die op dit moment nog onduidelijk zijn.

Blad 6 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Figuur 2.4: Indicatieve prioritaire structuur (boven), met opties voor zone 2 (links, boven optie 2A, onder optie 2B) en zone 4 (rechts, boven optie 4A, onder optie 4B)

2.3

Doelstellingen PARK21 Met PARK21 is het de ambitie om te voorzien in: • de lokale behoefte aan recreatiemogelijkheden, kwantitatief, maar ook kwalitatief. Het verbindt de kernen Hoofddorp en Nieuw-Vennep en zorgt voor een krachtige, groene en recreatieve oost-west verbinding door de polder; • het samenbrengen van stad en platteland, burgers en boeren. Gebruikmakend van de ligging in een dichtbevolkt gebied en de recreatieve aantrekkingskracht van het park ontstaan zo nieuwe perspectieven voor de landbouw;

Blad 7 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

•

het tot ontwikkeling brengen van recreatieve en toeristische functies, voor inwoners uit Haarlemmermeer, maar ook voor regionale, nationale en wellicht internationale bezoekers; • een voorbeeld project op gebied van duurzaamheid met o.a. als belangrijke inzet het streven naar verduurzaming van het watersysteem in het gebied om klimaatveranderingen, verzilting en voldoende zoetwater het hoofd te kunnen blijven bieden in de toekomst. De ambitie en de opgave om park-, polder-, en leisurelaag te realiseren zijn vertaald in nadere doelstellingen als richtkader voor onder andere het MER-onderzoek. De doelstellingen zijn in de volgende alinea’s verwoord, waarbij onderscheid is gemaakt in een hoofddoelstelling en nevendoelstellingen. De hoofddoelstelling voor PARK21 is: PARK21 realiseert een parklaag als grootschalige groenvoorziening tussen Hoofddorp en NieuwVennep, die bestaat uit minimaal 175-180 hectare prioritaire, openbaar vrij toegankelijke groenstructuur. Dit hoofddoel van PARK21 verbindt een tweetal nevendoelstellingen die randvoorwaardelijk zijn voor een evenwichtige, toekomstbestendige en volwaardige transformatie naar een multifunctioneel recreatief gebied. Deze nevendoelstellingen zijn: • De polderlaag biedt perspectief voor transitie van de landbouw zodat de landbouwsector in PARK21 ook op de lange termijn een belangrijke plek kan behouden.

• De leisurelaag biedt een duurzame stimulans voor het doorgroeien van PARK21. De volledige doelstellingen zijn opgenomen in het hoofdrapport van het MER.

2.4

Referentiesituatie In het milieueffectrapport wordt de plansituatie (inclusief ontwikkeling) vergeleken met de referentiesituatie. De plansituatie is de situatie na uitvoering van de plannen in een vooraf bepaald referentiejaar. De referentiesituatie is de situatie zonder planontwikkeling, in dat jaar. Die wordt bepaald door de huidige situatie inclusief de trends en ontwikkelingen, die plaats zullen vinden gedurende de planperiode, zonder dat daarvoor nieuwe ruimtelijke besluiten noodzakelijk zijn. Door de plansituatie en referentiesituatie met elkaar te vergelijken ontstaat een duidelijk beeld van de effecten die ook daadwerkelijk het gevolg zijn van het plan. In deze paragraaf wordt de referentiesituatie samengevat, een uitgebreide toelichting is opgenomen in het hoofdrapport. De plansituatie wordt in twee scenario’s, te weten de basisvariant en de maximale variant onderzocht. Er is gekozen voor deze twee varianten omdat beide het uiterste beschrijven van de ontwikkelingsmogelijkheden binnen de gegeven doelstellingen en kaders. De twee varianten beschrijven daarmee de twee uitersten van de ontwikkeling van PARK21. Omvang transformatiegebied Een deel van PARK21 in zones 1 en 2 is al opgenomen in het bestemmingsplan “Nieuw-Vennep PARK21 deelgebied 1” (2012) en de beheersverordening “Haarlemmermeer 2014” (2014) . Dit deel van het park is ook al aangelegd en in gebruik genomen.

In het milieueffectrapport worden de effecten van de realisatie van het resterende deel van PARK21 onderzocht, omdat deelgebied 1 tot de autonome situatie behoort. De doelstellingen voor PARK21 en de beoogde verdeling tussen de park-, polder- en leisurelaag gelden echter voor het gehele gebied.

Blad 8 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

De totale oppervlakte van het plangebied is 1019 hectare. Daarvan beslaat aanwezige infrastructuur (spoorwegen, wegen en vaarten) in totaal 57 hectare. De omvang van het reeds getransformeerde gedeelte is 84 hectare. Het plangebied waar het MER direct betrekking op heeft is de resterende 878 hectare.

Figuur 2.5: Schets huidige situatie (noordelijk deel zone 1 en 2)

Planjaar De plantermijn van het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte dat voor PARK21 wordt opgesteld is 20 jaar. De ontwikkeling van de basisvariant (zie paragraaf 3.4 voor een nadere beschrijving van de te onderzoeken varianten) wordt echter voorzien voor 2030. Als planjaar voor de basisvariant wordt daarom 2030 gehanteerd. Voor de ontwikkeling van de maximale variant is in principe 2040 het planjaar. Vanwege de onzekerheid over (onder andere) maatschappelijke, technologische en klimatologische trends is het lastig om voor een dergelijke lange plantermijn concrete uitspraken over milieueffecten te willen doen. Bovendien speelt mee dat de exacte ontwikkeling van PARK21 nog onzeker is en daarmee ook de effecten. Het is goed denkbaar dat de transformatie van PARK21 eerder “afgerond” is dan het eindjaar 2040. Een dergelijk eindbeeld bevindt zich tussen de varianten in, ook qua milieueffecten. Voor het MER staat het op hoofdlijnen in beeld brengen van worst case effecten en het bepalen van noodzakelijke randvoorwaarden en spelregels centraal. Verkeersstructuur Haarlemmermeer is een dynamische gemeente met vele vraagstukken en opgaven die in samenhang gerealiseerd worden. Wonen, verkeer en recreëren moeten hand in hand oplopen, zonder elkaar daarbij te belemmeren.

Het is een opgave gebleken om in het bestaande verkeersnetwerk toekomstige woningbouwopgaven én PARK21 gezamenlijk inpasbaar te maken tot 2030 en tussen 2030 en 2040. Uit de in 2020 uitgevoerde verkeersonderzoeken is gebleken dat tot 2030, met een aantal autonome, kleinschalige verkeersnetwerkaanpassingen, voldoende verkeersruimte voor de start van PARK21 ontstaat, naast de beoogde woningbouw en bedrijventerreinenontwikkelingen. Na 2030 is een structurele uitbreiding van de infrastructuur noodzakelijk om de toename van verkeer in de toekomst te kunnen faciliteren. De autonome verkeersmaatregelen voor 2030 zijn zonder ruimtelijke procedures toe te passen. Voor de grote aanpassingen richting 2040 moeten nog wel besluiten worden genomen. Dit is een van de redenen dat in het MER een basisvariant wordt onderzocht, met planjaar 2030, en een maximale variant met planjaar 2040. Van deze maximale variant is op voorhand duidelijk dat de uitvoerbaarheid afhankelijkheid is van de infrastructurele maatregelen, die in feite een raakvlakproject vormen. Dit vraagt om een goede voorwaardelijke regeling in het bestemmingsplan verbrede reikwijdte PARK21. Dit sluit echter goed aan bij de voorgenomen

Blad 9 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

organische ontwikkeling van PARK21, waarbij naast de initiatieven die zich aandienen, ook de ontwikkelruimte die op een gegeven moment beschikbaar is bepalend is voor de snelheid van transformatie. Referentiesituatie 2030 Voor de autonome situatie 2030 wordt uitgegaan van de ontwikkeling van een deel van de voorgenomen ruimtelijke ontwikkelingen in Haarlemmermeer. Om rekening te houden met een ontwikkelingen in verschillende planfasen, sommige zeker en sommige minder zeker, mee te wegen is ter indicatie een globaal programma opgenomen. Hoewel deze nog niet allen juridischplanologisch zijn vastgelegd, is er voor PARK21 voor gekozen om in alle gevallen rekening te houden met het doorgaan van deze ontwikkelingen. Op deze wijze wordt voorkomen dat PARK21 op voorhand de ontwikkeling van woningbouw en bedrijventerreinen beperkt. Referentiesituatie 2040 Voor de effectbeoordeling van de maximale variant wordt uitgegaan van de realisatie van een aantal infrastructurele maatregelen zoals hiervoor beschreven. Een tweede uitgangspunt is dat de ontwikkeling van de prioritaire structuur heeft plaatsgevonden voor 2030. Daarnaast wordt rekening gehouden met de realisatie van diverse ruimtelijke ontwikkelingen.

Raakvlakprojecten en relevante trends Naast de hiervoor genoemde projecten, die onderdeel uitmaken van de referentiesituatie voor 2030 respectievelijk 2040, zijn de volgende raakvlakprojecten voor PARK21 relevant: • Opwaardering van de Nieuwe Bennebroekerweg en andere infrastructurele ingrepen in gemeente Haarlemmermeer (zie ook 3.3.1); • Luchthavenindelingbesluit Schiphol / herverdeling luchtruim; • Mogelijkheid tot doortrekken van de Noord-Zuidlijn in de Haarlemmermeer; Belangrijke trends met impact op (de milieueffecten van) PARK21 zijn onder meer: • Klimaatverandering; • De energietransitie en het landelijke en regionale beleid dat daarvoor ontwikkeld is en wordt; • Demografische ontwikkelingen, zoals vergrijzing en veranderende huishoudensomvang; • De ontwikkelingen en mogelijke transitie in de landbouwsector; • De achteruitgang van biodiversiteit en ecologische waarden; • Technologische ontwikkelingen, met gevolgen voor emissies, grondstofgebruik en afvalproductie; • Mobiliteitsontwikkelingen (deelvoertuigen, zelfrijdende voertuigen etc.); • Verandering van de maatschappelijke behoefte aan (specifieke typen) recreatiegebieden, bijvoorbeeld de groei van het aantal evenementen en de behoefte aan meer sporten en bewegen in de buitenlucht; • De (maatschappelijke) impact van de Covid-19 pandemie.

2.5

Te onderzoeken varianten De doelstellingen, voorgeschiedenis, eigendomsverhoudingen en interne botsproeven met specialisten hebben invulling gegeven aan een uitwerking van het planvoornemen op hoofdlijnen. De totale omvang van PARK21, exclusief infrastructuur, is ca. 960 hectare. Op basis van de doelstellingen in paragraaf 3.2 is het streefeindbeeld een verdeling van 1/3 – 1/3 – 1/3, maar geldt

Blad 10 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

dat dit voor de polderlaag en parklaag een minimum is en voor de leisurelaag een maximum. Er is dan ook een bandbreedte aan eindsituaties mogelijk, die voldoen aan dit streven. Er worden twee planvarianten onderscheiden die in het MER worden onderzocht: een basisvariant en een maximale variant. De basisvariant bestaat uit de prioritaire structuur inclusief ontwikkelruimte voor initiatieven. De realisatie van dit deel van het voornemen is voor 2030 voorzien en wordt in het bestemmingsplan direct mogelijk gemaakt (met flexibiliteit). Omdat de transformatie, los van de prioritaire structuur, nog onzeker is, zowel qua verloop als qua invulling, zijn er tal van eindbeelden mogelijk. Met de maximale variant wordt een indicatieve maximale invulling van PARK21 in 2040 onderzocht die aansluit bij de nu voorziene kaders voor PARK21, te denken valt bijvoorbeeld aan een zone-indeling voor functies, de doelstellingen per laag en de complete ontwikkeling volgens de verdeling 1/3 parklaag, 1/3 leisurelaag en 1/3 polderlaag. Met deze hypothetische invulling worden de worst case milieueffecten onderzocht. In de volgende paragrafen worden eerst de uitgangspunten beschreven die voor beide varianten gelden. Vervolgens worden de programmatische en ruimtelijke kaders per variant behandeld.

2.5.1

Algemene uitgangspunten De ontwikkelstrategie van PARK21 draait om samenwerking van partijen. De gemeente creëert condities, stimuleert en begeleidt. Publiek/private samenwerking is noodzakelijk voor het waarmaken van de recreatieve ambities. Speciale doelgroep hierbij zijn de huidige agrariërs die mogelijkheden krijgen geboden en gefaciliteerd worden door de gemeente om in de polderlaag te komen tot agrarische transformatie met kansen op verbreding in relatie tot de stad en de omringende parkontwikkelingen (productverkoop, bed&breakfast, zorg, etc). Een belangrijke voorwaarde voor het welslagen is dat de ontwikkeling niet alleen van buiten wordt geïnitieerd, maar ook door de sector zelf gedragen wordt. Wegens de focus op ontwikkeling op basis van private initiatieven vormt de kavelgewijze ontwikkeling het uitgangspunt (in plaats van een ontwikkelingsstrategie per deelgebied), waarbij het niet zeker is welke kavel op welk moment transformeert. Parkkamers Omsloten door de parklaag worden parkkamers gerealiseerd, waar ruimte is voor initiatieven die verenigbaar zijn met de doelen van PARK21. De invulling van een deel van deze parkkamers is al concreter uitgewerkt. Nabij de toekomstige HOV-halte op de Zuidtangent worden, in zone 2 een parkhart en een recreatieplas aangelegd.

Ten oosten van de Zuidtangent, in zone 3, wordt verwacht dat een educatieve proeftuin kan worden gerealiseerd en ten zuiden daarvan een polderuiterwaarde. In de overige zones worden eveneens parkkamers gerealiseerd, waar verschillende typen initiatieven een plek kunnen krijgen. Parkhart Het Parkhart is een drager van de recreatieontwikkeling, welke ontwikkeld kan worden tot een centrum voor buitenrecreatie en outdoor activiteiten, gecombineerd met horeca en indoor voorzieningen nabij de recreatieplas. Recreatieplas In PARK21 is een recreatieplas voorzien. De plas krijgt een recreatieve (zwemwater)functie. Over de randvoorwaarden en ontwerpuitgangspunten is overeenstemming tussen gemeente en

Blad 11 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

hoogheemraadschap. De wijze waarop de plas wordt gevoed (regenwater, boezem of VDS) wordt op basis van de resultaten in het MER bepaald. De plas krijgt een eigen peil en mag onder reguliere omstandigheden 50 cm fluctueren (seizoensfluctuatie). Ontwikkelingen in de linten In PARK21 wordt in ontwikkelruimte in de linten voorzien als onderdeel van de polderlaag. De ontwikkelruimte is verspreid over de agrarische erven in het plangebied. De ontwikkelruimte gaat gepaard met de transformatie van het agrarisch gebied naar polderlaag conform de doelstellingen die voor deze laag gelden. Op de erven wordt ruimte geboden voor verbreding van de agrarische bedrijven, met bijvoorbeeld een vergadercentrum, B&B of kleinschalige horeca en detailhandel. Verbeterd droogmakerij systeem Het VDS is een vorm van flexibel peilbeheer. Het gebied krijgt een waterpeil met een bandbreedte tussen het peil van de polderboezem en het oorspronkelijke zomerpeil van de vakbemaling.. Als het water boven het maximale peil komt stroomt het water het gebied uit, de polderboezem in. Uitgangspunt voor PARK21 is dat het VDS wordt toegepast in de park- en leisurelaag en op vrijwillige basis in de polderlaag. Meer informatie over het VDS is te vinden in het achtergrondrapport Groenblauw en hoofdstukken 8 en 15 van het MER.

Retentiebekken (polderuiterwaarde) In het plangebied van PARK21 bestaat de wens om ten behoeve van een robuust watersysteem dat water kan bergen ten tijde van piekbuien extra waterbergend oppervlak nodig. Deze extra compensatie kan gedeeltelijk worden gezocht in de toename van het wateroppervlak en het bewust aanleggen of gebruiken van reeds lage delen die door onderlopen bij een peilstijging een bijdrage levert aan de bergingscapaciteit. In zone 3 wordt hiervoor een polderuiterwaarde (retentiebekken) ingericht. Het retentiebekken is geprojecteerd in het zuiden van zone 3 op een deel met laag maaiveld op een actuele hoogte van ca NAP -5,67 m. Ophoging en inrichting Zowel de parklaag als de parkkamers worden gedeeltelijk opgehoogd. Voor de ophoging wordt uitgegaan van een ophoging ten opzichte van het bestaande maaiveld van gemiddeld 2 meter voor de parklaag en 0,25 meter voor de parkkamers. De parklaag varieert van 0 tot 4 meter in hoogte. In het plangebied is een baggerslibdepot aanwezig (in zone 5), waar afgeweken zal worden van deze hoogtes. Aan deze locatie wordt een landschappelijke invulling gegeven met een landmark op een heuvel, waarmee tevens de verbinding over het spoor kan worden gemaakt. De verbindende parklaag heeft een variabele breedte van 65 tot 115 meter. Hieronder zijn principeprofielen opgenomen van de beoogde inrichting van de prioritaire structuur.

Voor de parklaag is een concept beplantingsstrategie opgesteld, de ‘Leidraad groene bouwsteen’. Deze vormt een belangrijke leidraad bij de inrichting van de parklaag.

Blad 12 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Figuur 2.6: Principe oplossing voor dwarsdoorsnedes prioritaire structuur (parklaag)

Infrastructuur In de prioritaire structuur wordt infrastructuur gerealiseerd in de vorm van de parkweg en fiets-, wandel- en ruiterpaden. De parkweg ontsluit de parkkamers in het westelijk deel op het omliggende wegennet. De parkweg is voorzien vanaf het honkbalstadion in zone 1 (waar het eerste stuk al is gerealiseerd) en loopt door zone 1 en 2 naar het oosten, aan de oostzijde van de Nieuwekerkertocht naar het zuiden en sluit ter hoogte van de Operaweg aan op de Noordelijke Randweg Nieuw-Vennep. Met deze weg ontstaat een ontsluitingsroute voor de parkkamers in de prioritaire structuur in zone 1, 2 en 3, zodat deze niet op de polderlinten (IJweg en Hoofdweg) hoeven te worden aangesloten. Met de bestaande ontsluitingsweg van het baggerdepot langs het spoor van noord naar zuid in zone 5 wordt ook in die zone voorkomen dat regulier verkeer vanuit de parkkamers wordt afgewikkeld op het polderlint (Rijnlanderweg). Deze bestaande parallelweg langs het spoor maakt in de toekomst in zone 5 ook een lus om het huidige baggerdepot heen, om als dienstweg te kunnen worden ingezet bij evenementen. De hoofdroute voor het langzaam verkeer slingert vanaf de Drie Merenweg door de zes zones tot de verzorgingsplaats langs de A4, waar deze aansluit op de bestaande parallelstructuur langs de A4 naar het noordoosten. In deze route worden een wandelpad, fietspad en ruiterpad gebundeld.

Op de bestaande HOV-baan tussen Hoofddorp en Nieuw-Vennep door PARK21, wordt een nieuwe halte gerealiseerd ter hoogte van het parkhart.

2.5.2

Basisvariant De basisvariant bestaat uit circa 180 hectare prioritaire structuur in de vorm van parklaag met parkkamers, die in aanvulling op het reeds aangelegde deelgebied 1 als een verbinding tussen oost en west en tussen noord en zuid door PARK21 wordt gerealiseerd. Deze prioritaire structuur bestaat uit een parklaag die gedeeltelijk wordt opgehoogd en waarbinnen parkkamers worden

Blad 13 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

gerealiseerd. Onderdeel van de basisvariant zijn een recreatieplas in zone 2 en een polderuiterwaarde in zone 3, alsmede de totale verbinding tussen oost (Westeinderplassen) en west (duingebied). Ook wordt binnen de prioritaire structuur het verbeterd droogmakerij systeem (VDS) toegepast. Voor de ontwikkeling van de basisvariant, zal ook een gedeeltelijke transitie van het huidige landbouwgebied kavelgewijs plaats vinden. Naast verandering van landbouw naar park en leisure (parkkamers) is er ook sprake van transitie van huidige landbouw naar multifunctionele landbouw. Als voorbeeld wordt de boerderij ‘Kleine Vennep’ genoemd die reeds transformeert naar een landgoed met verbrede mogelijkheden. In totaal, inclusief deelgebied 1 en de getransformeerde polderlaag, ontstaat een ontwikkeling van meer dan 300 hectare binnen PARK21 door het realiseren van de basisvariant. In de onderstaande figuur is een indicatieve uitwerking van de prioritaire structuur opgenomen, waarbij zowel in zone 2 als zone 4 een zuidelijke optie is gekozen. Dit is de worst case invulling van de prioritaire structuur, doordat in de zuidelijke varianten landschappelijk meer ruimte mogelijk wordt geacht aan leisure activiteiten. Door rekening te houden met de maximale invulling van parkkamers met leisurevoorzieningen, wordt er rekening gehouden met de maximaal te verwachten milieueffecten.

Figuur 2.6: Indicatieve prioritaire structuur (zuidelijke variant in zone 2 en 4)

Parkkamers Naast het parkhart en een mogelijke educatieve proeftuin kan er nog ca. 80 hectare aan parkkamer gecreëerd waar leisurevoorzieningen een plek kunnen krijgen. In totaal gaat het om maximaal 100 hectare als worst case voor de milieueffectbeoordeling. De invulling van de parkkamers moet passen bij en liefst bijdragen aan de doelstellingen van PARK21. De thematische typering per zone is een streven voor het eindbeeld. In de onderstaande tabel zijn de uitgangspunten voor de basisvariant per zone opgenomen. Met de uitgangspunten uit de tabel worden per gebiedsonderzoek (luchtkwaliteit, geluid, verkeer, etc.) worst case aannames gedaan over enerzijds de landinrichting (grondbalans en benodigde werkzaamheden) en anderzijds de emissies in de plansituatie, wanneer in alle parkkamers initiatieven zijn gerealiseerd. Er wordt bijvoorbeeld uitgegaan van de aanleg van minimaal 180 hectare prioritaire structuur, in plaats van 175 hectare, omdat nog niet zeker is hoe groot deze

Blad 14 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

exact wordt. Voor de parkkamers wordt een maximaal oppervlak aan ontwikkelruimte aangehouden. Tabel 2.2: Uitgangspunten basisvariant (totale nieuwe ontwikkeling)

Zone 1

Zone 2

Zone 3

Zone 4

Zone 5

Zone 6

Typering zone

Sport en recreatie

Watersport en recreatie

20 ha

55 ha, inclusief ca. 25 ha recreatieplas

Landbouw, cultuur en educatie 25 ha

Landbouw en grootschalige recreatie 25 ha

Landbouw en park

Te realiseren prioritaire structuur Ruimte voor functies Indicatie nieuwe functies

Landbouw, innovatie en educatie 50 ha

Totaal

5 ha

180 ha

17 ha

37 ha

6 ha

20 ha

20 ha

-

100 ha

Buitensportvoorzieninge n

Proeftuin met hotel, kenniscentrum

(openlucht)museum.

Evenementenlocatie

-

Ontwikkel ruimte in de linten Indicatie nieuwe functies in de linten

1,5 ha

Watersport, vakantieresort, parkhart 3 ha

1,5 ha

1,5 ha

1,5 ha

3 ha

12 ha

Verbrede agrarische activiteiten, zoals horeca, bed & breakfast, vergadercentra.

Wanneer een parkkamer niet of niet geheel wordt ontwikkeld, zal deze (gedeeltelijk) openbaar toegankelijk en daarmee onderdeel van de parklaag blijven. Wordt een parkkamer wel ontwikkeld, dan kan de parkkamer groter zijn dan sec de ontwikkelruimte, omdat bijvoorbeeld de landschappelijke afscheiding, ondersteunende voorzieningen en de infrastructuur om ruimte vragen. Circa 700 hectare van het plangebied (878 hectare minus 175-180 hectare prioritaire structuur) blijft in de basisvariant dezelfde functie behouden als dit nu heeft.

2.5.3

Maximale variant In de maximale variant wordt een indicatief eindbeeld van PARK21 gebruikt om de gevolgen voor de fysieke leefomgeving te onderzoeken. In dit eindbeeld is geheel PARK21 getransformeerd, wat

Blad 15 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

betekent dat het park bestaat uit een parklaag, een polderlaag en een leisurelaag in een 1/3-1/31/3 verhouding. In totaal is ca. 360 hectare aan recreatief groen gerealiseerd, inclusief de prioritaire structuur en deelgebied 1, dat tot de autonome situatie behoort. De polderlaag omvat minimaal 1/3 van het gebied, waar landbouw de hoofdfunctie blijft. Maximaal 1/3 wordt in parkkamers als leisurelaag met diverse recreatieve voorzieningen ingericht. De onderstaande tabel geeft de te onderzoeken variant weer voor de situatie zonder en met het reeds gerealiseerde gedeelte van PARK21. De omvang van de polderlaag en de parklaag is groter dan 1/3 per laag, van de leisurelaag is de omvang flink kleiner dan 1/3. De gehanteerde 175 hectare is het uitgangspunt voor de totale ontwikkelruimte voor functies in parkkamers. Wanneer een parkkamer niet of niet geheel wordt ontwikkeld, zal deze (gedeeltelijk) openbaar toegankelijk en daarmee onderdeel van de parklaag blijven. Wordt een parkkamer wel ontwikkeld, dan kan de parkkamer groter zijn dan sec de ontwikkelruimte, omdat bijvoorbeeld de landschappelijke inpassing, ringwater als afscheiding en compensatie, ondersteunende voorzieningen en de infrastructuur om ruimte vragen. Voor de worst case benadering wordt uitgegaan van de aangegeven of ingeschatte indicatieve ontwikkelruimte per functie. Tabel 2.3: Verdeling lagen in maximale variant

Maximale variant Parklaag Polderlaag Leisurelaag Totaal

350 350 175 875

Inclusief deelgebied 1 400 370 190 960

In de bovenstaande tabel zijn de uitgangspunten per zone voor de maximale variant beschreven. Hierin wordt in totaal rekening gehouden met 350 hectare nieuw te realiseren parklaag, bovenop de bestaande 51 hectare in deelgebied 1, die deel uit maakt van de referentiesituatie. Hiermee wordt ruim voldaan aan het streven om meer dan 1/3 parklaag te realiseren. Er wordt rekening gehouden met in totaal 175 hectare aan ontwikkelruimte voor leisure in de parkkamers, in aanvulling op de 15 hectare die tot de referentiesituatie behoort. De rest van de beschikbare ruimte voor de leisurelaag (max 1/3 van het totaal) kan worden benut voor de ontsluiting en landschappelijke inpassing en de afscheiding middels water op het snijvlak van de leisure- en parklaag. De polderlaag zal met deze uitgangspunten nog circa 370 hectare beslaan. Afhankelijk van het verloop van de transformatie kan de polderlaag echter kleiner zijn. Voor enkele thema’s en in het bijzonder voor de landbouwsector is het van belang om naar de effecten te kijken wanneer de omvang van het totale agrarische gebied (polderlaag en/of voortzetting van de bestaande agrarische activiteiten) wordt teruggebracht tot 320 hectare, 1/3 van de totale 960 hectare. In de

Blad 16 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

polderlaag wordt in totaal 21,5 hectare aan ontwikkelruimte voorzien voor verbrede agrarische activiteiten. Tabel 2.4: Uitgangspunten maximale variant

Uitgangspunt verdeling lagen, maximale variant 100% 80% 60% 40% 20% 0% zone 1

zone 2

zone 3 Parklaag

zone 4

zone 5

Leisurelaag

Polderlaag

zone 6

Totaal

Zone 1

Zone 2

Zone 3

Zone 4

Zone 5

Zone 6

Typering zone

Sport en recreatie

Watersport en recreatie

39,5 ha

49 ha

Landbouw, cultuur en educatie 25 ha

Landbouw en grootschalige recreatie 45 ha

Landbouw en park

Ruimte voor functies Indicatie nieuwe functies

Landbouw, innovatie en educatie 16,5 ha

Wellness, horeca, scouting

Watersport, vakantieresort

Themapark/ experience

Grootschalige leisure

-

Ontwikkelruimte in de linten Indicatie nieuwe

5,5 ha

3 ha

Proeftuin met hotel, kenniscentrum 1,5 ha

7 ha

1,5 ha

3 ha

• •

-

Verbrede agrarische activiteiten, zoals horeca, bed & breakfast, vergadercentra. Paardenpension in zone 4

Blad 17 van 43

Totaal

175 ha

21,5 ha

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

functies in de linten

In totaal wordt 525 hectare ingericht als parklaag of leisurelaag, met veel groen, water in de vorm van watergangen, polderuiterwaarde en recreatieplas(sen). Als worst case benadering wordt aangehouden dat 350 hectare wordt ingericht als groene parklaag met een significante ophoging, 135 hectare als parkkamer met een beperkte ophoging en 40 hectare als recreatieplas. Hiervan wordt de eerste 180 hectare aangelegd conform de uitgangspunten voor de basisvariant/prioritaire structuur in de periode tot 2030. De overige ontwikkelingen hebben een looptijd tot 2040.

Blad 18 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

3

Analyse Het creëren van een duurzame samenleving is nauw verbonden met de ontwikkeling van PARK21. De visie voor de duurzame toekomst van PARK21 is uitgewerkt in de brochure “Visie Duurzaamheid PARK21” (Gemeente Haarlemmermeer, 2015). De voornaamste boodschap van de visie is dat duurzaamheid samen bereikt moet worden: alle partijen die werken in en aan PARK21 worden daarom uitgedaagd om te verduurzamen. In de duurzaamheidsvisie zijn drie hoofdpijlers uitgewerkt, die allen drie subthema’s bevatten. De pijlers en thema’s zijn hieronder beschreven. A. Circulair ondernemen 1 Energie: PARK21 produceert in 2030 méér hernieuwbare energie dan zij verbruikt, het park wordt hiermee niet energieneutraal maar energieproductief. Daarbij kiest de gemeente ervoor dat initiatiefnemers/kavels in PARK21 op zichzelf wel energieneutraal dienen te zijn. 2 Biomassa: in 2030 worden de biomassa reststromen vanuit PARK21 als grondstof voor nieuwe producten of energie gebruikt. 3 Grondstoffen: in PARK2 worden in 2030 kringlopen van materialen volledig gesloten, waardoor het afval wordt hergebruikt of benut voor energieopwekking. B. Beleven en verbinden 1 Ontmoeting: PARK21 wordt aantrekkelijk, bruikbaar en beleefbaar voor iedereen. 2 Participatie: in 2030 is PARK21 een sociale duurzame motor die substantieel bijdraagt aan geborgenheid en eigenaarschap van de inwoners van Haarlemmermeer en daarbuiten.

3 Ondernemerschap: in 2030 draagt PARK21 actief bij aan ondernemerschap van inwoners en ondernemers van Haarlemmermeer en de regio. C.

Wortels in de polder 1 Voedsel; in 2030 richt de landbouw in PARK21 zich op verkorting van de voedselketens en de lokale productie van voedsel. 2 Water; PARK21 heeft in 2030 ten opzichte van heden 70% minder aanvoer nodig van zoet water en benut het afvalwater als grondstof van schoon water, energie, biogas en nutriënten. 3 Biodiversiteit; PARK21 geeft in 2030 een habitatuitbreiding voor droge en natte soorten van circa 300 hectare.

In deze analyse zijn de genoemde pijlers en thema’s meegenomen als uitgangspunt. Daarbij is ervoor gekozen om sommige thema’s verder uit te diepen en op andere thema’s meer in andere achtergrondrapporten te concentreren (zoals water en biodiversiteit in het rapport groenblauw). De analyse richt zich ten eerste op alle mogelijke duurzame toepasbare bronnen (wind, zon, biomassa, geothermie, warmte uit water) en weergeeft een potentiële bandbreedte van minimaleen maximale potentie. Minimale en maximale potentie is de bandbreedte waarbinnen de energiewaarde per bron is berekend. Dit geeft een overzicht van de energie potentie in de gehele breedte. Daarna wordt dit toegespitst naar een energie potentie op basis van de (ruimtelijke) uitgangspunten.

Blad 19 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Samengevat gaat deze analyse in op onderstaande thema’s, die in de volgende hoofdstukken worden behandeld: 1 Kansen voor duurzame energie en potentiële bronnen en locaties voor opwek van duurzame (elektrische) energie en warmte. 2 Energiesysteem en energiemix voor en na de transformatie. 3 Kansen voor circulaire economie gericht op materialen, water, energie en bodem. 4 Haalbaarheidstoets voor mogelijke innovaties.

Blad 20 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

4

Kansen voor duurzame energie De kansen voor duurzame energie in PARK21 zijn zeer divers. Het park biedt een grootschalig oppervlak dat potentie biedt voor uiteenlopende bronnen en locaties voor de opwek van duurzame energie en warmte. De volgende bronnen bieden potentiële opwekkansen in PARK21: • PV(T) (Photo Voltaic) energie • PVT (Photo Voltaic Thermal) energie • Biomassa energie • Energie uit water (TEO, TEA, TED) • Geothermie • Restbronnen (grootverbruikers, datacentra etc.) Om de kansen in beeld te brengen is in deze analyse per bron en locatie gekeken naar een aantal aspecten, namelijk: • Is de energiebron passend in het PARK conform het gemeentelijke beleid en de Regionale Energiestrategie (RES)? • Wat is de primaire energie uitvoer voor de bron (elektriciteit of warmte)? • Is de energiebron haalbaar qua locatie en ruimtelijke inpassing? • Wat zijn de omliggende bronnen waarop kan worden aangesloten, gebruik van kan worden gemaakt of kan worden uitgebreid voor voorziening in de energiebehoefte? In de volgende deelhoofdstukken gaan we per bron in op de genoemde aspecten en tonen we de haalbaarheid van de bron in PARK21 aan. Daarbij gaan we uit van de voorgenomen invulling/het indicatieve eindbeeld van het plangebied in de maximale variant in 2040 (zie hoofdstuk 2) met energieontwikkelingen toegepast binnen- en in de omgeving van PARK21.

Omdat dit een hypothetisch eindbeeld betreft, zijn alle locaties en de genoemde cijfers indicatief. Op figuur 4.1 zijn alle potentiële bronnen en de locaties ervan opgenomen. Zoals eerder benoemd zijn dit indicatieve locaties, waarvan we de geschiktheid in dit hoofdstuk toelichten. In dit hoofdstuk wordt per bron en locatie een bandbreedte van de potentiële energie opwek in GJ per jaar weergegeven.

Figuur 4.1: Locaties potentiële bronnen op indicatieve kaart maximale situatie, de eindsituatie is nog onbekend.

Blad 21 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Een aandachtspunt waar in dit rapport niet dieper op wordt ingegaan is het gebrek aan netcapaciteit. In vrijwel heel Haarlemmermeer is de limiet van netcapaciteit nagenoeg bereikt. Hierdoor moet rekening worden gehouden met de potentiële hoeveelheid opgewekte duurzame energie versus de locatie (gemeentelijke) afname van het net.

4.1

PV Algemeen Fotovoltaïsche cellen (PV), ook wel bekend als zonnepanelen, wekken elektriciteit op door middel van zonlicht. Zonnepanelen zijn bekend in diverse verschijningsvormen. Bekende vormen zijn panelen op daken, zonnevelden op akkers en panelen langs rand- en rijkswegen, maar de panelen worden ook geïntegreerd in lantaarnpalen en geplaatst op carports. Voor PARK21 ligt de focus op zon op daken, zonnevelden- en akkers en carports.

Figuur 4.2: verschijningsvormen van PV

Zonnepanelen hebben een aantal voordelen: een deel van de energie kan worden opgewekt waar deze ook gebruikt wordt én de ruimte kan efficiënt worden gebruikt indien dubbel ruimte gebruik toegepast wordt. Dubbel ruimtegebruik geldt voor panelen op daken, maar ook onder zonnevelden kan innovatieve teelt plaatsvinden waardoor de grond onder de panelen ook benut wordt. Zonnepanelen zijn makkelijk te verwijderen en de milieu-impact is relatief klein. Beleidskader Om Haarlemmermeer energieneutraal te maken is onder andere zonne-energie benodigd. De opwek van zon op daken is daarbij logisch, maar is niet toereikend om aan de volledige opgave te voldoen. Gemeente Haarlemmermeer heeft daarom in 2020 het Beleidskader Zonneakkers Haarlemmermeer (2020) vastgesteld. In dit beleidskader wordt uiteengezet waar en onder welke voorwaarden zonneakkers mogelijk zijn in Haarlemmermeer. Hierbij geldt dat deze ondergeschikt moeten zijn aan PARK21 en dubbelfunctie moeten hebben (bijvoorbeeld bij retentiebekken, en als overkapping bij parkeerplaatsen) en niet als reguliere zonneakkers. Afgaande op het vooringenomen ontwerp is bij een volledige benutting van de ruimte circa 1 ha beschikbaar voor zon op daken, 25 ha voor zon op parkeerplaatsen en 200 ha zonne-akkers. De potentiële locaties zijn in onderstaande figuur 4.3 weergegeven.

Het Beleidskader Zonneakkers Haarlemmermeer (2020) staat echter maximaal een zonneakker van beperkte omvang (maximaal 20 hectare) toe in PARK21. Voorwaarde daarbij is dat het past binnen de ontwerpprincipes van PAR21 en een meerwaarde vormt op het gebied van educatie, recreatie en natuurontwikkeling. Dit betekent dat niet alle in figuur 4.3 geel gearceerde gebieden kunnen worden volgebouwd met zonnepanelen. Binnen deze ruimte kan een zonneakker van 20 hectare worden gerealiseerd.

Blad 22 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Figuur 4.3: Locatie zonnepanelen

Primaire energie uitvoer Voor PARK21 wordt gefocust op een volledige inzet van PV met als primaire energie uitvoer elektriciteit, in plaats van een mix van PV en PVT, waarbij de primaire energievorm warmte is. PVT is namelijk een energieoplossing voor toepassingen op lage schaal (met name op woningniveau) dat benut kan worden specifieke oplossingsrichtingen. Daarnaast maakt PVT gebruik van een vloeistof om de warmte te geleiden dat kostbaar is en op grote schaal economisch niet rendabel. Deze analyse richt zich daarom enkel op PV. Opwekpotentie PV Met behulp van kengetallen is een inschatting gemaakt van de opwekpotentie van duurzame energie in PARK21. Op basis van een oppervlakte berekening voor de verschillende PV-oplossingen is de energie potentie op jaarbasis berekend. Hierbij is rekening gehouden met de densiteit van zonnepanelen, die voor daken en geluidswallen hoger is (meer cellen per vierkante meter) dan voor carports en zonneakkers. De volgende uitgangspunten zijn gehanteerd: • • • •

1 zonnepaneel in Nederland wekt gemiddeld 225kwh (0.8 GJ) op 1. 1 ha PV parkeren staat gelijk aan circa 1000 panelen (800 GJ, 0.8 TJ) 1 ha PV zonne-akkers staat gelijk aan circa 2500 panelen (2000 GJ, 2TJ) 1 ha PV dak staat gelijk aan 3000 panelen (2400 GJ, 2,4TJ)

In onderstaande tabellen is de opwekpotentie van de diverse PV oplossingssoorten weergegeven. Hierbij is inzicht gegeven in energie potentie minimum en maximum. Het verschil is het minimum houdt rekening met een minimale inzet in energie opwek en oppervlakte voor de inzet van zonnepanelen. Minimum is circa 0% van het beschikbare oppervlakte benut, en maximum is circa 100%. De genoemde potentie voldoet aan het beleid, waardoor voor zonne-akkers maximaal 20 hectare in PARK21 kan worden gerealiseerd. 1

Energieleveranciers.com “ Per jaar levert een zonnepaneel gemiddeld 225 kWh zonnestroom op”

Blad 23 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Tabel 4.1: Opwekpotentie PV masterplan en directe omgeving

PV zonne-akkers PV parkeren PV op dak Totaal bandbreedte

PARK21 (masterplan en directe omgeving) Inschatting energie potentie minimum Inschatting energie potentie maximum 0 TJ (0 ha) 40 TJ (20 ha) 1,6 TJ (2 ha) 20 TJ (25 ha) 0,5 TJ (0,2 ha) 2,4 TJ (1 ha) 2,1 TJ (2,2 ha) 62,4 (46 ha)

Tabel 4.2: Opwekpotentie PV prioritaire structuur

PV zonne-akkers PV parkeren PV op dak Totaal

4.2

PARK21 (prioritaire structuur) Inschatting energie potentie minimum 0 0,16 TJ (0.2 ha) 0,5 TJ (0.2 ha) 0,56 TJ

Inschatting energie potentie maximum 0 0,8 TJ (1 ha) 1 TJ (0.4 ha) 1,8 TJ

Windenergie Algemeen Windturbines wekken elektriciteit op met behulp van windenergie. Windenergie kan een belangrijke bijdrage leveren aan de duurzame energie omdat één windturbine, die relatief weinig grondoppervlak claimt, een grote opwekpotentie heeft. Zo genereert een kleine windturbine van 2 MW een jaarlijkse opwek van circa 4000 MWh (14 TJ) en een iets grote windturbine van 3MW 6000 MWh (22 TJ) bij 2000 vollast uren. Het nadeel van windturbines is dat ze doorgaans een grote milieu- en landschappelijke impact hebben. Windturbines veroorzaken slagschaduw, produceren geluid en zijn imposante verschijningen in het landschap. Beleidskader Het beleid voor windturbines is vastgelegd in de conceptversie van de Regionale Energie Strategie (RES) van Noord-Holland-Zuid. Het plaatsen van windturbines wil de gemeente zoveel mogelijk beperken tot één grote zoekgebied in het zuiden van Haarlemmermeer. Het plaatsen van windturbines in PARK21 wordt daarmee uitgesloten. We gaan daarom in deze analyse niet in op de mogelijkheid om windturbines in PARK21 te realiseren. Microwindturbines bieden wel kansen, daar gaan we in hoofdstuk 7 “Haalbaarheidstoets voor innovaties” nader op in.

4.3

Biomassa Algemeen Biomassa is afval uit organisch materiaal. Dit bestaat uit bijvoorbeeld groente-, fruit-, en tuinafval (GFT), maar ook koeienmest, rioolslib en houtafval. Biomassa kan gebruikt worden als energiebron. Het afval wordt verzameld uit verschillende afvalstromen zoals huishoudelijke-, bio-industriële afvalstromen of biomassa. Vaak moet de biomassa eerst vergast of vergist worden tot een biobrandstof voor de verbranding in een biomassa verwerking centrale. Biomassa is verantwoordelijk voor ruim 60 procent van de duurzame energie geproduceerd in Nederland. Niet alle biomassa is duurzaam geproduceerd en

Blad 24 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

deze is derhalve schaars. Biomassa wordt gezien als een transitiebron die fossiele brandstoffen (deels) kan vervangen tot er volledig schone alternatieven op grote schaal worden toegepast. Beleidskader De gemeente Haarlemmermeer heeft nog geen beleid voor biomassa. In het Programma Energietransitie wordt benoemd dat dit beleid tot 2022 in ontwikkeling is. In de Concept-RES voor Noord-Holland-Zuid is aangegeven dat de potentie van duurzame biomassa naar de toekomst nog onduidelijk is. Er is ruimte in het plangebied om een biomassavergistingscentrale en biomassateelt te realiseren. Bij de ruimtelijke inpassing moet rekening worden gehouden met schadelijke emissies die vrijkomen bij de verbranding en vergisting van biomassa. Net als bij windturbines is het daarom noodzakelijk een biomassacentrale (groot of klein) uit de buurt van woningen te realiseren (met name in de west-oostelijke windrichting). Een biomassacentrale is een industriële functie, die mogelijk niet direct passend is in de ambities voor PARK21. Daarentegen is het wel zo dat de potentie van hoeveelheid biomassa gunstig is voor een traditionele biomassa centrale, dan wel een biomassavergistingscentrale (vergisting van groengras voor biofuels). Derhalve is enkel naar de energie potentie gekeken van de bestaande vrijkomende biomassa van PARK21.

Opwekpotentie De berekening van de opwekpotentie voor biomassa vindt plaats op basis van expert judgement. In figuur 4.4 zijn in groen geschikte locaties voor biomassateelt aangegeven. Met deze locaties wordt voldoende biomassa geteeld om een kleine centrale te voorzien van input om bio-energie te produceren. Dit betreft de Parklaag (hout, gras voor vergisting, plantaardig materiaal) met een totale oppervlakte van 402 hectare. Daarnaast kan B-hout, dunningshout en pallets komend uit activiteiten in en rondom het plangebied worden ingezet voor opwek van biomassa energie. De verwachting is dat er gemiddeld maandelijks 10 ton biomassa vrijkomt dat kan worden ingezet.

Figuur 4.4: Biomassa locatie en bronnen

Blad 25 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

Voor de inschatting van energiepotentie van biomassa wordt uitgegaan van volledige circulariteit van de vrijgekomen biomassa binnen het plangebied, er is dus geen sprake van import van biomassa. De hoeveelheid geproduceerde energie hangt af van het soort en de hoeveelheid beschikbare biomassa die geteeld wordt. De volgende uitgangspunten worden gehanteerd: • Snoei- en dunningshout ca. 9 GJ/ton • houtpellets ca. 17GJ/ton • B-hout ca. 13 GJ/ton. • Gemiddelde (ongeacht soort) 13 GJ/ton Op basis van deze uitgangspunten is er voor PARK21 jaarlijks ca. 50 tot 100 ton biomassa beschikbaar is. De beschikbare verwachte biomassa potentie opbrengst is zeer minimaal. Uiteraard kan een biomassa centrale meer energie opwekken, echter dient dan te worden gekeken naar biomassa import. Door de minimale energie opbrengst is het niet economisch rendabel biomassa als energiebron te hanteren voor PARK21. Tabel 4.3: Opwekpotentie biomassa masterplan en directe omgeving

Biomassa centrale Totaal bandbreedte

PARK21 (masterplan en directe omgeving) Inschatting energie potentie minimum Inschatting energie potentie maximum 0,65 TJ 1,3 TJ 0,65 TJ 1,3 TJ

Tabel 4.4: Opwekpotentie biomassa prioritaire structuur

Biomassa centrale Totaal

4.4

PARK21 (prioritaire structuur) Inschatting energie potentie minimum 0 n.v.t

Inschatting energie potentie maximum 0 n.v.t

Water (TEO, TEA, TED & hydro) Algemeen Door de realisatie van nieuwe en reeds operationele watersystemen kan energie opgewekt worden door toepassing van TEO (Thermische Energie uit Oppervlaktewater), TEA (Thermische Energie uit Afvalwater) en TED (Thermische Energie uit Drinkwater). De toepassing van TEO, TEA en TED is doorgaans enkel financieel haalbaar als er gekozen wordt voor een collectieve oplossing voor de voorziening van één of meerdere bedrijven of voorzieningen. Bij Thermische Energie uit Afvalwater gaat het om energie uit riolering, rioolgemalen, rioolpersleidingen en het effluent van rioolwaterzuiveringsinstallaties. Thermische Energie uit Oppervlaktewater betreft de benutting van warmte en koude uit oppervlaktewater om gebouwen te verwarmen en te koelen. Bij Thermische Energie uit Drinkwater kan warmte en koude worden gewonnen om gebouwen te verwarmen of te koelen. Op basis van nationale kengetallen wordt

Blad 26 van 43

Achtergrondrapport Duurzaamheid MER PARK21 projectnummer 0417636.107 10 december 2021 Gemeente Haarlemmermeer

de nationale energiepotentie voor TEO ingeschat op ongeveer 150 PJ per jaar, voor TEA op circa 56 PJ per jaar en voor TED op circa 4-6 PJ per jaar2. Primaire energie uitvoer De primaire energie uitvoer van water (TEO, TEA, TED & hydro) is warmte en wordt vervoerd via warmteleidingen op een temperatuur van circa >70 graden. Opwekpotentie De opwekpotentie van TEA, TEO en TED in PARK21 is afhankelijk van de benodigde hoeveelheid water per uur in relatie tot beschikbare hoeveelheid water, van de benodigde temperatuur, de beschikbare bronnen in de regio en van de afstand van de bron tot aan de voorziening. Omdat PARK21 te maken heeft met een zelfregulerend watersysteem waardoor delen in de zomermaanden kunnen droogvallen, is TEO geen realistische mogelijkheid voor waterlichamen in het plangebied. Indien gekozen wordt om de centrale plas in PARK21 gedurende de droogtemaanden van constant water te voorzien dan kan deze plas worden ingezet voor TEOoplossing. De potentie voor TEO in de plas is afhankelijk van de hoeveelheid beschikbare water in m3/uur. We gaan uit dat de centrale plas in PARK21 een energie potentie heeft dat gelijk staat aan het onderstaande referentieproject ‘Hardeweide’ van 8 tot 12 TJ. De Toolenburgerplas (noordelijk van het plangebied) en de Westeinderplassen zijn geschikte bronnen voor TEO.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=2424a558-f2f4-4733-9752-91de7e2257a8